Raadsinformatiebrief - HVV per 1 januari 2027.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 12 mei 2026 Volkshuisvesting Zita Pels Directie Wonen (bestuurszaken.wonen@amsterdam.nl) Vrijgeven inspraak wijzigingsvoorstellen Huisvestingsverordening 2024 per 1 januari 2027
Geachte leden van de gemeenteraad, Amsterdam wil een stad zijn waarin iedereen in alle delen van de stad kan wonen met voldoende betaalbare en goede woningen. Er is een grote schaarste aan woningen, terwijl Amsterdam als woon- en vestigingsstad onverminderd populair blijft. Het recht op wonen staat daardoor sterk onder druk. In de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (hierna: AAV) heeft uw raad doelen en maatregelen gesteld die gericht zijn op onze gezamenlijke missie: Voldoende betaalbare en goede woningen in een ongedeelde stad. De Amsterdamse Huisvestingsverordening is een van de instrumenten om deze missie te realiseren. De Huisvestingsverordening is er om de woningvoorraad en de leefbaarheid in de Amsterdamse buurten te beschermen en te zorgen voor een eerlijke verdeling en toewijzing van sociale en middeldure huurwoningen. Het college stelt voor de Huisvestingsverordening op een aantal punten aan te passen. In de periode van 15 mei tot en met 26 juni 2026 legt het college deze beleidsvoorstellen ter inspraak voor aan de inwoners van Amsterdam. De stadsdelen, stadsgebied Weesp en de provincie worden formeel om advies gevraagd. In deze brief wil ik u informeren over de belangrijkste door het college voorgestelde wijzigingen. Na verwerking van de wijzigingen op basis van de inspraak, legt het college de wijzigingsvoorstellen dit najaar aan u voor ter vaststelling.
De gewijzigde Huisvestingsverordening zal daarna per 1 januari 2027 in werking treden. Hieronder worden de belangrijkste voorstellen per onderwerp kort toegelicht en aan welk doel uit de AAV hiermee wordt bijgedragen: a. Doel 1 Meer woningen - Wijziging B&B-beleid Het huidige vergunningenstelsel voor Bed & Breakfast (hierna: B&B) is opgenomen in de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020. De eerste vergunningen zijn op 1 juli 2020 ingegaan en lopen allemaal af op 1 juli 2028. Per wijk geldt een wijkquotum, wat inhoudt dat er een maximaal aantal vergunningen worden afgegeven per wijk. Er worden opnieuw vergunningen afgegeven die acht jaar geldig zijn. Als er meer aanmeldingen zijn dan beschikbare vergunningen wordt er
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 mei 2026 Pagina 2 van 5
geloot. De regels hiervoor staan in de Huisvestingsverordening en de Nadere regels bij de Huisvestingsverordening. Het college stelt voor om de regelgeving tijdig aan te passen, zodat de loting en beoordeling van nieuwe aanvragen al vanaf begin 2027 kunnen starten. Op deze manier worden wijken in tijdvakken worden ingedeeld en wordt op tijd begonnen met loten. Hiermee voorkomen we dat in 2028 een hoge piek aanvragen ontstaat, die niet binnen de maximale termijn kan worden afgehandeld. Hiernaast stelt het college beleidswijzigingen en verduidelijkingen voor: • Verlengen zelfbewoningsplicht: Voor een nieuwe vergunning moeten bewoners minimaal één jaar woonachtig zijn in de woning in plaats van minimaal een half jaar zoals de regel nu is. Hiermee blijft het voor bewoners die al lang ergens wonen mogelijk een B&B te starten, maar worden schaarse woningen voor gezinnen beter beschermd tegen nieuwe bewoners die een te grote woning kopen of huren om een B&B in te beginnen. • Juridisch verankeren van het toestaan van een aansluitpunt voor elektra in B&B ruimtes: Er zijn B&B ruimtes die cumulatief een eigen opgang hebben, sanitaire voorzieningen, een wasbak, aanrecht en een stopcontact. De vraag is dan of deze ruimte een zelfstandige woning betreft (ook als er verder geen kooktoestel aanwezig is om te koken) en dus niet gebruikt mag worden als B&B.
B&B-ruimtes moeten namelijk altijd in de woning plaatsvinden van de exploitant en kunnen geen zelfstandige woning betreffen. Exploitanten hebben aangegeven het belangrijk te vinden om een waterkoker of magnetron om eten op te warmen aan te bieden aan hun gasten. Om dit mogelijk te maken werd hier in de praktijk al soepeler mee omgegaan. Met het voorstel wordt dit ook juridisch verankerd voor B&B’s. De regel blijft dat de B&B geen eigen zelfstandige woning mag betreffen, maar als dat alleen afhankelijk is van het wel of niet aanwezig zijn van een stopcontact geldt hier een vrijstelling voor. - Verlenging geldigheid vergunningen vakantieverhuur naar maximaal twee jaar Op dit moment zijn vergunningen voor vakantieverhuur maximaal 1 jaar en 3 maanden geldig. Met een vergunning voor vakantieverhuur is het mogelijk om een woning 30, of in sommige wijken 15, nachten te verhuren aan toeristen als de eigenaar of huurder zelf op vakantie is. Het college heeft in de nota van beantwoording van 14 oktober 2025 voor wijziging van de huisvestingsverordening aangegeven de mogelijkheden voor een tweejarige looptijd te onderzoeken. Vanuit de belangenvereniging voor B&B's en vakantieverhuurders (Amsterdam Gastvrij) is namelijk gevraagd om de looptijd van de vergunningen te verlengen, bijvoorbeeld door deze te laten aansluiten bij de toetsmomenten van de Escalatieladder vakantieverhuur.
Elke twee jaar kijken we in de escalatieladder of er strengere maatregelen nodig zijn. Dit maakt het logisch om ook de vergunningsperiode hierop aan te laten sluiten en vergunningen voor twee jaar af te geven en ze telkens af te laten lopen aan het einde van het kalenderjaar van het toetsmoment. Het verlengen van de looptijd naar maximaal twee jaar scheelt intern bij de gemeente ook in de werkzaamheden die komen kijken bij vergunningen. Het voordeel voor de aanvrager is dat maar één keer per twee jaar een vergunning hoeft te worden aangevraagd en dus leges hoeven te worden betaald. Het voorstel is daarom om de looptijd van de vergunningen te verlengen naar maximaal twee jaar.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 mei 2026 Pagina 3 van 5
b. Doel 3 Meer woningen voor hen die ze het hardst nodig hebben - Herziening toewijzingsregels woonwagens Op 20 september 2023 heeft de gemeenteraad het beleidskader ‘Standplaatsen en woonwagens 2023’ aangenomen waarin een herziening van de toewijzingsregels is meegenomen als onderdeel van de onderzoeksagenda. De voorstellen van het college zijn hier een uitwerking van. De voorstellen zijn uitvoerig besproken met de gemeenschap. Het college stelt voor om het doorgeven van standplaatsen aan kinderen, kleinkinderen of achterkleinkinderen mogelijk te maken bij overlijden, of na verhuizing naar een verzorgingstehuis. Dat is een koerswijziging ten opzichte van het huidige beleid waarmee het college een stap naar voren doet om de cultuur van de woonwagengemeenschap bij de toewijzing van standplaatsen nog meer te faciliteren. De gemeenschap heeft in een onafhankelijk onderzoek en de participatie aangegeven graag standplaatsen te willen doorgeven. Zij zien het als een onrecht dat dit nu niet mogelijk is. Uit de gesprekken met de gemeenschap blijkt dan ook dat veel mensen van deze regel gebruik willen maken. Dat betekent dat de meeste standplaatsen naar verwachting in de toekomst dus op deze manier worden doorgegeven. Daarnaast stelt het college voor om de groep mensen die tot de categorie starters hoort te verruimen.
Ook kinderen die niet meer bij hun ouders kunnen of willen wonen horen erbij. Door deze nieuwe regel mogen starters ergens anders wonen, zonder hun plek op de wachtlijst kwijt te raken. Verder wil het college de inkomenseis voor kermis- en circusexploitantenlocaties versoepelen. Het doel van dit voorstel is om de regels voor het toewijzen van standplaatsen voor kermis- en circusexploitanten beter aan te laten sluiten bij de veranderende inkomensbronnen van deze groep. Ook stelt het college voor de nieuwe categorie repatrianten toe te voegen. Dat zijn mensen die door overmacht niet meer in een woonwagen wonen. Zij vallen nu nog onder dezelfde categorie in de rangorde als spijtoptanten. Daarnaast wordt de bestaande regelgeving opnieuw gestructureerd, herschreven en vereenvoudigd. - Bezit van koopwoning toevoegen als weigeringsgrond voor verlenen huisvestingsvergunning Begin 2026 heeft het Centraal Planbureau gepubliceerd dat bijna 12.000 corporatiehuurders ook eigenaar zijn van één of meerdere woningen. Mede naar aanleiding van deze signalen acht het college het wenselijk om in de Huisvestingsverordening een expliciete weigeringsgrond op te nemen voor woningzoekenden die één of meerdere koopwoningen in eigendom hebben. De gemeente wil voorkomen dat sociale huurwoningen worden bewoond door huishoudens die ook eigenaar zijn van een koopwoning.
Het college stelt daarom voor om per 1 januari 2027 te regelen dat woningzoekenden met een koopwoning in beginsel geen huisvestingsvergunning krijgen voor een sociale huurwoning. Hiermee wordt benadrukt dat sociale huurwoningen bedoeld zijn voor huishoudens die daarop het meest zijn aangewezen. In bijzondere situaties, zoals bij echtscheiding of een recent geërfde woning, blijft maatwerk mogelijk. c. Doel 4 Passender wonen - Aanpassing labels jongerenwoningen i.r.t. huurtoeslag
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 mei 2026 Pagina 4 van 5
Er zijn sociale huurwoningen speciaal voor jongeren van 18 tot en met 27 jaar. Jongeren krijgen voorrang op deze woningen, zodat zij makkelijker een plek kunnen vinden om te wonen. Voor deze woningen zijn er twee labels: een voor jongeren van 18 tot en met 22 jaar en een voor 23 tot en met 27 jaar. De onderverdeling was gebaseerd op het mogelijke recht op huurtoeslag. Per 1 januari 2026 is de Wet vereenvoudiging huurtoeslag in werking getreden. Door deze wetswijziging is de huidige koppeling in de Huisvestingsverordening tussen de labels voor jongerenwoningen en de huurtoeslaggrenzen niet langer passend. Het college stelt daarom voor om deze koppeling vanaf 2027 los te laten. Daarbij blijft het onderscheid tussen jongeren van 18 tot en met 22 jaar en jongeren van 23 tot en met 27 jaar behouden. Deze leeftijdsgroepen blijven inhoudelijk ongewijzigd en vormen ook de basis voor de voorrangslabels. Het college stelt voor deze groepen niet meer te definiëren aan de hand van de huurtoeslaggrenzen, maar op basis van verschillen in woonfase en positie op de woningmarkt. d. Doel 5 Duurzame woningen van goede kwaliteit - Herziening splitsingsbeleid in relatie tot de kwaliteit van de woningen In de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV) is opgenomen dat het splitsingsbeleid wordt geactualiseerd om de kwaliteit van kadastraal te splitsen woningen beter te waarborgen.
Het splitsingsbeleid ziet toe op het splitsen van bestaande gebouwen in appartementsrechten, zodat woningen individueel overdraagbaar worden. Deze woningen kunnen daarna los verkocht worden. Door kadastraal splitsen ontstaan geen nieuwe woningen, het betreft een administratieve handeling ter verdeling van eigendom via appartementsrechten. Het verbouwen van één woning naar meerdere woningen valt onder het woningvormingsbeleid. Het woningvormingsbeleid in Amsterdam zorgt er al voor dat aan het verbouwen van een grote woning naar meerdere kleinere woningen strenge voorwaarden worden verbonden. Daarmee wordt nu al voorkomen dat er te kleine en kwalitatief slechte woningen worden gevormd. Over het woningvormingsbeleid gaat deze beleidswijziging niet. Dit voorstel gaat uitsluitend over het kadastraal afsplitsen van (gevormde) woonruimte. Een eerste stap in de herziening van het splitsingsbeleid is gezet met de wijziging van de Huisvestingsverordening per 1 januari 2026. Toen is aangekondigd dat per 1 januari 2027 een grotere beleidswijziging volgt. Het splitsingsbeleid wordt gewijzigd om bij oudere gebouwen die gesplitst worden een kwaliteitsslag te maken.
Daarmee zorgt de gemeente ervoor dat de nieuwe VvE niet voor onverwachte kosten komt te staan, kopers bij recent gesplitste woningen geen achterstallig onderhoud hebben en de aanwezige huurders in een goed onderhouden gebouw wonen. Het college stelt voor om het werkingsgebied van het splitsingsbeleid uit te breiden naar de gehele gemeente, zodat het beleid overal van toepassing is. Daarnaast wordt ook voorgesteld om de leeftijdsgrens van vergunningsplichtige gebouwen te wijzigen en dynamisch te maken. In plaats van een vergunningsplicht voor gebouwen van vóór 1940, is het voorstel om de vergunningplicht te laten gelden voor gebouwen die op 1 januari van het lopende jaar 30 jaar of ouder zijn. Ook is het voornemen om het splitsingscontingent voor particuliere sociale huurwoningen te laten vervallen in de gebieden waar dit nu geldt. In deze gebieden was het contigent vrijwel overal vol en zorgt het voor onduidelijkheid. In plaats daarvan
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 mei 2026 Pagina 5 van 5
komt er een algeheel verbod op het splitsen van particuliere sociale huurwoningen in de gehele gemeente. Verder worden de regels voor ondersplitsing verduidelijkt. De verplichting tot het aangaan van de gedragscode splitsen met huurders van vastgoedbelang vervalt en wordt vervangen door een vergunningsvoorwaarde en –voorschrift om de rechten van huurders te borgen. Tot slot komt er een minimale eis voor energielabels: woonruimten moeten energielabel C hebben om gesplitst te mogen worden. Vooruitblik Volgend jaar wordt de Huisvestingsverordening opnieuw vastgesteld. Dit gebeurt eens in de vier jaar, omdat een Huisvestingsverordening een geldigheidstermijn heeft van ten hoogste vier jaar. In de nieuwe Huisvestingsverordening zal het college opnieuw verschillende wijzigingen voorstellen. Dit omvat onder andere aanpassingen naar aanleiding van de evaluatie voorrangsregelingen, waar u in de raadsinformatiebrief van 4 november 2025 over bent geïnformeerd en op 7 januari 2026 in de raadscommissie is besproken. De wijzigingen van dit jaar komen te vroeg om de aanpassingen van de voorrangsregelingen mee te nemen. Voor deze wijzigingen is meer tijd nodig, omdat we hierover zorgvuldig willen afstemmen met woningcorporaties en huurderskoepels. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Zita Pels Wethouder Volkshuisvesting
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl