Raadsinformatiebrief_Checklist gelijke behandeling_toegang EU burgers Wmo_15juli-24-def.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 15 juli 2024 Opvang Rutger Groot Wassink Directie JZD (bestuurszaken.ojz@amsterdam.nl) Informatie over de ontwikkelingen over de toegang van dakloze EU-burgers tot de Wmo en maatschappelijke opvang
Geachte leden van de gemeenteraad, Juni jl. bent u geïnformeerd over de voortgang van de aanpak van dakloosheid. Binnen deze aanpak zetten we onder meer in op extra opvang en ondersteuning van dakloze EU-burgers. Deze groep groeit al langere tijd. Naar een recente schatting van het outreachend team van Veldwerk bestaat zelfs 80-90% van alle buitenslapers in Amsterdam inmiddels uit dakloze EU-burgers. Een deel van de dakloze EU-burgers blijkt recht te hebben op Wmo-voorzieningen en, wanneer ook sprake is van kwetsbaarheid, toegang tot de maatschappelijke opvang. Met de komst van de nationale ´Checklist gelijke behandeling´ is meer duidelijkheid1 ontstaan over de manier waarop dit recht bepaald kan worden. In deze brief wordt u geïnformeerd over de checklist en de testfase die is uitgevoerd om de werkbaarheid van de checklist in de praktijk te toetsen. Daarnaast informeren we u over de bevindingen van een onderzoek naar de omvang van de doelgroep dakloze EUburgers in Amsterdam, waarbij ook de groep met recht op gelijke behandeling en kwetsbaarheid in kaart is gebracht. En tenslotte over een impactanalyse van het verwachte effect die toegang van EU-burgers tot de maatschappelijke opvang vanuit de Wmo heeft op de zorgketen.
Samenvatting De belangrijkste conclusie uit het EU-doelgroepenonderzoek is dat er in Amsterdam op dit moment naar schatting zo’n 160 kwetsbare dakloze EU-burgers zijn die recht hebben op maatschappelijke opvang vanuit de Wmo. Naar verwachting komen hier ieder jaar ongeveer 50 mensen bij. Deze groep verblijft vaak al langere periode in Nederland. Als college vinden we het belangrijk dat deze groep EU-burgers krijgt waar ze recht op hebben. Wel zien we risico’s zoals extra druk op de huidige opvangketen die reeds overbelast is, en extra druk op de voorraad omslagwoningen. Deze groep kan niet zomaar binnen de bestaande middelen en mogelijkheden worden bijgevoegd. Dat maakt dat we in gesprek zijn met het Rijk en gedurende de ontwikkeling naar vast beleid een tijdelijke werkwijze implementeren voor het bepalen van toegang van EU-burgers tot de maatschappelijke opvang in de stad.
1 Zie uitzending Pointer 1 juni 2024: https://pointer.kro-ncrv.nl/straks-wel-ruimte-voor-dakloze-arbeidsmigranten-
in-de-opvang
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 15 juli 2024 Pagina 2 van 7
Achtergrond ´Checklist gelijke behandeling´ EU-burgers mogen binnen de EU vrij bewegen, werken en zich vestigen. Dit betekent niet dat iemand ook altijd toegang heeft tot de sociale voorzieningen in een land. Hiervoor kom je pas in aanmerking na een periode van betaalde arbeid. De afgelopen tien jaar is arbeidsmigratie naar Nederland vanuit met name Oost-Europese landen aanzienlijk toegenomen. We zien – mede door de kwetsbare positie waarin deze arbeidsmigranten zich vaak bevinden – veel dak- en thuisloosheid ontstaan onder deze groep. Regelmatig gaat dit gepaard met aanvullende kwetsbaarheden zoals verslaving of psychische problematiek. Het was lang onduidelijk wanneer iemand in aanmerking komt voor zorg, ondersteuning en maatschappelijke opvang en hoe je dat recht moest bepalen. De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Justitie en Veiligheid (J&V) en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) hebben de ‘Checklist gelijke behandeling’ ontwikkeld waarmee gemeenten kunnen bepalen of een EU-burger recht heeft op gelijke behandeling en dus recht op een beoordeling tot de maatschappelijke opvang. Het Rijk heeft in het kader van het nationale ‘Plan van Aanpak kwetsbare dakloze EU-burgers’2 gevraagd of de G4-steden, Venlo en Eindhoven een testfase wilden doen met een concept van de checklist.
Amsterdam heeft deze testfase gedurende januari – maart 2024 uitgevoerd. Inmiddels is de checklist definitief en publiekelijk toegankelijk op de website Arbeidsmigratie in goede banen3 van het ministerie van SZW. Voor wie relevant? De afdeling Zorg en de GGD zijn tijdens de ontwikkeling van de checklist steeds actief in gesprek geweest met het Rijk. Ook lokale veldpartijen als de Regenboog Groep en belangenbehartigers zijn bij de ontwikkelingen betrokken. De ‘Checklist gelijke behandeling’ is relevant voor EUburgers met verblijfsrecht die (nog) geen duurzame verblijfsstatus hebben. De checklist-criteria zijn naast een geldig identiteitsbewijs en een minimumverblijf van drie maanden in Nederland gericht op inkomen, werk en werkverleden. Globaal geldt dat de EU-burger werk in Nederland of voldoende middelen van bestaan dient te hebben om recht te hebben op gelijke behandeling en dus toegang tot een Wmo-beoordeling. Als hieraan niet wordt voldaan kan alsnog sprake zijn van dit recht als de EU-burger recent onvrijwillig werkloos is geraakt in Nederland, als de werkperiode lang genoeg was, óf als er een reële kans is op het binnen afzienbare tijd vinden van werk. Of een EU-burger met recht op gelijke behandeling ook daadwerkelijk aanspraak kan maken op maatschappelijke opvang hangt o.a. af van de zorgvraag en diens kwetsbaarheid.
Deze beoordeling doet de GGD in Amsterdam en is inhoudelijk gelijk aan de beoordeling van alle andere aanvragen voor maatschappelijke opvang.
2 https://open.overheid.nl/documenten/ronl-037a767f9d2edf9eb7a45837ca08767d6139c561/pdf 3 https://www.arbeidsmigratieingoedebanen.nl/documenten/publicaties/2024/06/25/checklist-gelijke-behandeling
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 15 juli 2024 Pagina 3 van 7
Testfase In Amsterdam is in de eerder genoemde testfase betrokken professionals gevraagd om EUburgers aan te dragen van wie zij vermoedden dat zij aanspraak zouden kunnen maken op maatschappelijke opvang. In totaal zijn toen 35 cases aangedragen, waarvan voor twaalf personen de checklist uitwees dat er sprake was van gelijke behandeling. Voor negen van de twaalf volgde na een toets op de zorgvraag en binding met Amsterdam ook daadwerkelijk toegang tot de maatschappelijke opvang vanuit de Wmo. De testfase wees uit dat de checklist zowel hier als in andere steden een werkbaar instrument is. We hebben vervolgens in mei een doelgroep- en impactanalyse gedaan om de omvang van het potentieel aantal dakloze EU-burgers met recht op toegang tot de Wmo en maatschappelijke opvang in kaart te brengen. Doelgroeponderzoek en impactanalyse dakloze EU-burgers De GGD, de Regenboog Groep en de afdeling Zorg hebben dit onderzoek samen gedaan door een ruime random steekproef te nemen van 176 dakloze EU-burgers die tussen 1 oktober 2023 en 1 april 2024 bij de Regenboog Groep in beeld zijn geweest. De onderzoeksgroep is daarmee representatief voor de gehele actieve doelgroep dakloze EU-burgers bij de Regenboog Groep. Middels interviews met alle maatschappelijk werkers en het doorlopen van caseloads zijn data m.b.t. registratie, demografie, werkgeschiedenis, huisvesting en kwetsbaarheid verzameld.
De resultaten zijn indicatief en voorlopig: eind augustus volgt het eindrapport inclusief een verdieping op bepaalde punten. Deze zal het college u in Q3 toesturen. De hoofdpunten kunnen we nu al met u delen en luiden als volgt: Doelgroep dakloze EU-burgers bij de Regenboog Groep: • In het laatste half jaar hielp de Regenboog Groep 1463 unieke EU-burgers waarvan 526 (36%) nieuw in registratie. De groep dakloze EU-burgers in beeld bij de Regenboog Groep blijft gestaag toenemen. We zien een grotere aanwas van registraties in de wintermaanden (okt-mrt) dan in de zomermaanden (apr-sep), o.a. omdat ’s winters minder werk te vinden is en/of de doelgroep zichzelf in deze tijd minder goed zonder hulp kan redden op straat. • Onder de testgroep zijn 21 nationaliteiten. De grootste groep is Pools (35%) gevolgd door Roemenen (26%) en Hongaren (7%). De grote meerderheid (86%) is man en de groep heeft een gemiddelde leeftijd van 40 jaar. Doelgroep dakloze EU-burgers met recht op gelijke behandeling in Amsterdam4 • Uit cijfers van o.a. de winteropvang 2023-2024 valt af te leiden dat de Regenboog Groep tussen 62,5% - 80% van de gehele doelgroep in Amsterdam in beeld heeft. De totale groep dakloze EU-burgers in Amsterdam is daarmee naar schatting maximaal 2400 personen.
4 Beperkingen onderzoek: betreft voorlopige cijfers. Er wordt steeds gerekend met de maximale marges, waardoor
het potentieel maximaal mogelijke beeld wordt weergegeven. Niet-UWV ingeschrevenen zijn wel meegenomen, omdat deze inschrijving in de praktijk een relatief laagdrempelige handeling is. Inschatting kwetsbaarheid is gedaan door maatschappelijk werkers van de Regenboog Groep; in de praktijk doet de GGD deze beoordeling.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
•
•
•
•
•
Datum 15 juli 2024 Pagina 4 van 7
De verwachting is dat op dit moment ongeveer 600 dakloze EU-burgers in Amsterdam recht hebben op gelijke behandeling (dit is inclusief de EU-burgers die de Regenboog Groep niet in beeld heeft) Naar schatting zouden 160 van deze 600 personen toegang tot maatschappelijke opvang vanuit de Wmo kunnen krijgen, omdat zij naast dakloos ook kwetsbaar zijn. Dit betreft de gehele actuele groep EU-burgers die korte of al langere tijd- zelfs tot 40 jaar- in Nederland verblijven. Op basis van de huidige ontwikkeling van de doelgroep wordt verwacht dat er jaarlijks naar schatting ongeveer 225 dakloze EU-burgers bijkomen met recht op gelijke behandeling. Hiervan zijn zo’n 50 personen kwetsbaar, en hebben daarmee recht op toegang tot de maatschappelijke opvang. Het grootste deel (60%) van de gehele dakloze EU-doelgroep verblijft tot vijf jaar in Nederland; een derde tot drie jaar en een kwart tot één jaar. Deze laatste groep heeft relatief minder vaak recht op gelijke behandeling. Binnen de groep die tot één jaar in Nederland verblijft is een zeer klein deel (2% in de steekproef) rechthebbend én kwetsbaar. Voor de groep die tot vijf jaar verblijft in Nederland is 15% rechthebbend en 6% ook kwetsbaar. Van de genoemde huidige groep van 160 EU-burgers met recht op toegang tot maatschappelijke opvang is naar verwachting de helft korter dan vijf jaar in Nederland en de helft langer.
Impactanalyse op hoofdlijnen Het beeld dat uit dit onderzoek naar voren komt is een groep van naar schatting 2400 dakloze EUburgers in Amsterdam. Deze groep zal naar alle waarschijnlijkheid blijven groeien. Het aandeel EU-burgers met potentieel recht op toegang tot de maatschappelijke opvang is voor de gehele groep zo’n 7% (160 personen), maar dit aandeel ligt voor wie bijvoorbeeld tot één jaar in Nederland verblijft veel lager (enkele procenten). Jaarlijks groeit de potentiële maatschappelijke opvang-doelgroep onder de EU-burgers in Amsterdam met circa 50 personen. De omvang van arbeidsmigratie naar Nederland lijkt veelal van het bedrijfsleven en de staat van de economie af te hangen. Vooralsnog groeit deze vorm van migratie. Het duurt naar verwachting nog jaren voordat de invloed van bijvoorbeeld maatregelen uit het rapport Geen tweederangsburgers van Roemer5 (2020), die tot doel hebben om arbeidsmigranten uit een kwetsbare en/of dakloze positie te houden, in de praktijk gemerkt worden. Daarmee is de verwachting dat voorlopig ook de groep dakloze en/of kwetsbare EU-burgers in Amsterdam blijft toenemen. Hieronder wordt kort de verwachte impact van gebruik van de ‘Checklist gelijke behandeling’ op o.a. de zorgketen beschreven. 1.
Toename van wachtlijsten en druk op opvangtrajecten in zorgketen Vanaf de start van het gebruik van de checklist wordt vanuit de cijfers een eenmalige grote toestroom (van maximaal 160 mensen) verwacht. Dit staat in contrast met de testfase begin 2024, waarbij het veld na herhaaldelijk verzoek 35 cases kon aandragen – waarvan er negen toegang 5
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/12/01/szw-jaarrapportage-arbeidsmigranten-2023
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 15 juli 2024 Pagina 5 van 7
hebben gekregen tot een maatschappelijk opvangtraject. Redenen voor dit verschil kunnen o.a. zijn dat de doelgroep deels buiten beeld is van zorgaanbieders of dat er bij doelgroep en zorgaanbieders voorzichtigheid heerst omdat een beroep op sociale voorzieningen -indien dit onrechtmatig blijkt- kan leiden tot intrekken van verblijfsrecht. Wanneer we toch uitgaan van de huidige cijfers kan na een grotere toestroom in het begin, op zo’n 50 nieuwe opvang-trajecten per jaar worden gerekend. Hiermee zou op de korte termijn de wachtlijst voor een maatschappelijk opvangtraject (nu totaal 580 wachtenden) kunnen stijgen met een kwart, en de wachtduur (nu gemiddeld 12 maanden) met twee maanden. Voor de langere termijn betekent het een wachtlijsttoename van 9%, en wachtduurtoename van enkele weken. De druk op beschikbare opvangtrajecten - nu in totaal ruim 3000 - neemt ook toe. De instroom van EU-burgers leidt daarmee bij gelijke capaciteit tot een verder toenemende belasting van de zorgketen. 2. Toenemende druk op omslagwoningen Volgens huidig lokaal beleid stroomt ook de rechthebbende EU-burger in een maatschappelijk opvangtraject door naar een procedure voor een omslagwoning. Ook met inachtneming van de huisvestingsverordening geldt in principe dat een indicatie tot maatschappelijke opvang voldoende is voor toegang tot een omslagwoning.
De instroom van EU-burgers in de maatschappelijke opvang leidt, gezien de duur van het traject in de maatschappelijke opvang, – gemiddeld zo’n drie jaar - op langere termijn tot extra druk op de omslagwoningenvoorraad (nu ongeveer 600). 3. Impact op capaciteit en zorg bij de CT, WPI en zorgaanbieders Er moet een samenwerking worden ontwikkeld bij de centrale toegang voor dakloze mensen, waarbij WPI de checklist afneemt wanneer een EU-burger zich meldt. De gemiddelde tijd voor het doorlopen van de checklist is twintig minuten tot één uur. Zorgaanbieders moeten voor de EUdoelgroep wellicht extra specialistische zorg inzetten bijvoorbeeld gericht op taal en culturele achtergrond. Hoewel dit meer capaciteit vergt worden naar aanleiding hiervan geen grote risico’s of onwerkbare situaties verwacht. 4. Risico voor buitenproportionele belasting in Amsterdam t.o.v. Nederland De verwachting is dat dakloze EU-burgers in Amsterdam, met een indicatie tot maatschappelijke opvang, doorgaans ook in Amsterdam geholpen willen worden. Zonder heldere landelijke samenwerking bestaat het risico dat Amsterdam, en andere grote steden, aan de lat staan voor maatschappelijk opvang van EU-burgers die elders in Nederland hebben gewerkt en dakloos en kwetsbaar zijn geraakt. Eerder genoemd vervolgonderzoek m.b.t.
achtergrond van de doelgroep, voorafgaand aan dakloosheid in Amsterdam, kan verduidelijken of het beeld van ‘Amsterdam die de lasten draagt voor de problematiek die elders is ontstaan’ klopt.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 15 juli 2024 Pagina 6 van 7
5. Risico op aanzuigende werking Er heerst zorg over het risico op ongewenste ontwikkelingen zoals aanzuigende werking en/of juridische routes gericht op misbruik van het systeem. Met name wanneer een indicatie tot maatschappelijke opvang tot een omslagwoning leidt voor deze groep en Amsterdam hierin op zichzelf staat (wat op dit moment het geval lijkt te zijn). Vooralsnog is het lastig om het risico en de impact op dit punt in te schatten. We verkennen hoe we hierin meer inzicht kunnen krijgen. 6. Principe van gelijke behandeling heeft potentieel ook impact op andere beleidsterreinen dan Wmo De ‘Checklist gelijke behandeling’ heeft een brede toepassing. Dus ook breder binnen de Wmo en op beleidsterreinen buiten de Wmo, zoals de Participatiewet, de Wet langdurige zorg en lokale regelingen - bijvoorbeeld rond toegang tot passantenpensions voor economisch dakloze personen. De impact bij brede toepassing van de checklist is nog niet in beeld gebracht. De ministeries van J&V, SZW en VWS verkennen dit verder. Vervolgstappen Amsterdam signaleert al langere tijd een groei van het aantal dakloze EU-burgers en vraagt aandacht bij het Rijk, ook in G4 verband. Nu er beter cijfermatig inzicht is in de doelgroep, omvang en verwachte impact in Amsterdam kunnen we weloverwogen toewerken naar beleid dat recht doet aan rechten van EU-burgers en werkbaar is in de praktijk.
Aanvullende (financiële) maatregelen vanuit het Rijk zijn daarbij van groot belang. Concreet zijn aanvullende, structurele middelen nodig om ook deze doelgroep in de Wmo te kunnen ondersteunen en landelijke afspraken over breed gebruik van de checklist en overname van personen tussen gemeenten onderling. Amsterdam pleit hier ook voor bij het nieuwe kabinet waar mogelijk in samenwerking met de andere pilotgemeenten van het ‘Plan van Aanpak kwetsbare dakloze EU-burgers’... Het onderwerp staat verder op de agenda van de bestuurlijke klankbordgroep van de VNG en relevante bestuurlijke overleggen. Ondertussen wordt voor EU-burgers in Amsterdam een werkwijze geïmplementeerd met een route naar maatschappelijke opvang binnen de Wmo. Dit gebeurt via de EU-veldtafel waar velden zorgpartijen onder regie van de GGD casuïstiek behandelen. We gaan daarnaast volop door met de zorg- en opvangmaatregelen binnen de aanpak van dakloosheid gericht op alle, ook nietrechthebbende dakloze EU-burgers, samen met zorgpartijen en belangenbehartigers. Tot slot werkt de brede interne werkgroep Arbeidsmigranten aan een integrale aanpak rond de doelgroep arbeidsmigranten. Een aanpak die aansluit op de landelijke aanbevelingen uit het eerder genoemde rapport Roemer en die gericht is op de lokale uitdagingen..
In deze werkgroep zijn directies Wonen, EZC, JZD (Zorg), WPI inclusief programma Migratie Asiel en Ongedocumenteerden, Dienstverlening en OOV vertegenwoordigd. Doel is om de kwetsbare positie van arbeidsmigranten te verbeteren en daarmee dakloosheid en verder afglijden ten gevolge van een leven op straat te voorkomen. Over de ontwikkeling van deze aanpak wordt u eind van dit jaar uitgebreider op de hoogte gesteld.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 15 juli 2024 Pagina 7 van 7
Ik hoop u middels deze brief goed geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Rutger Groot Wassink Wethouder Opvang