CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbrief Investeringsagenda 2021-2022.pdf

Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs 7 april 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsbrief Corona-offensief armoede en schulden: investeringsagenda 2021 en 2022 (ZD2021-002808)3.475 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl

Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam

Aan de leden van de raadscommissie Werk, Inkomen en Onderwijs

Datum

16 februari 2021

Behandeld door S. Havermans Onderwerp

Corona-offensief aanpak armoede en schulden: investeringsagenda 2021-2022

Geachte commissieleden, De effecten van de coronacrisis trekken een zware wissel op de veerkracht van onze stad. Veel Amsterdammers hebben het afgelopen jaar te maken gekregen met een terugval in inkomen, het verlies van hun baan of zorgen over de bestendigheid van hun onderneming. Daarbij zien we dat de crisis ongelijkheid in de stad vergroot: Amsterdammers in een kwetsbare positie, zoals flexwerkers, waaronder veel jongeren en huishoudens met een wankele bestaanszekerheid, zijn het meest getroffen1. Sinds maart 2020 werkt het college er hard aan om de effecten van de coronacrisis te verzachten en voor al deze groepen perspectief te behouden. Inzet om mensen die hun baan hebben verloren zo snel mogelijk weer te begeleiden richting de arbeidsmarkt, is hierin heel belangrijk. Tegelijkertijd is het nodig om extra te investeren om het effect van de crisis op armoede te verminderen voor kwetsbare groepen en om te zorgen voor goede schuldhulpverlening bij toenemende vraag. Alle scenario’s voor de economische impact2 van de coronacrisis gaan uit van krimp van de economie en daarmee een stijging van de werkloosheid en de bijstand3. Op het gebied van schulden wordt een groei voorzien van het aantal huishoudens dat hiermee te maken heeft, maar de onzekerheid is groot.

Waar het in 2019 nog 1,3 miljoen huishoudens betrof, stijgt dit aantal naar tussen de 1,5 en 2,6 miljoen in 2021, waarvan 41% met problematische schulden4. Op basis van eerdere crises lijkt het uitgangspunt dat er sprake zal zijn van een vertragend effect en dat de piek zich pas later zal voordoen realistisch, zeker ook vanwege het dempende effect van landelijke en lokale steunmaatregelen. Het college heeft u sinds het uitbreken van de coronacrisis telkens geïnformeerd over onze extra inzet op het gebied van armoede en schulden. In de brieven Intensivering vroegsignalering (Corona1

SCP: ‘Maatschappelijke gevolgen coronamaatregelen’, 2020. SEO: ‘De economische impact van het coronavirus in de MRA en Groot Amsterdam’, 2020. 3 OIS: ‘Ontwikkeling bijstand in tijden van corona’, 2020. 4 SchuldenlabNL/Deloitte: ‘COVID-19 en schuldenproblematiek in Nederland’, 2020. 2

Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl.

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 2 van 8

offensief) en Armoedemonitor 2019 en de aanpak van armoede en schulden in de coronacrisis heeft u een overzicht ontvangen van onze extra inzet in 2020. Ook bent u in de raadscommissie Werk, Inkomen en Onderwijs van 11 november 2020 via de brief Schuldenrust in tijden van corona geïnformeerd over onze aangescherpte schuldhulpverlening in crisistijd. Onder de noemer ‘schuldenrust’ vallen verschillende maatregelen waarmee we het perspectief op een schuldenvrije toekomst vergroten. In deze brief ontvangt u een overzicht van onze brede inzet op de middellange termijn. Met de investeringsagenda voor 2021 en 2022 zet het college de komende jaren vanuit het Herstelplan “Samen sterker uit de crisis” €5,6 miljoen per jaar extra in om te voorkomen dat de coronacrisis een armoede- en schuldencrisis wordt. In deze brief geef ik eerst op hoofdlijnen aan op welke manier we investeren, alvorens het pakket aan extra maatregelen aan de hand van vier onderdelen toe te lichten. Deze extra investeringen komen bovenop het bestaande beleid vanuit de Amsterdamse Agenda armoede en schulden 2019-2022, waar we als gevolg van een groei van het bereik van regelingen ook meer aan uitgeven.

Corona-offensief: extra investeren in armoedebestrijding en schuldhulpverlening Het doel van onze armoede- en schuldenaanpak is het verkleinen van het aantal Amsterdammers met een laag inkomen dat problematische schulden heeft en/of moeite heeft om rond te komen. We willen de kansen voor deze Amsterdammers zoveel mogelijk vergroten. Het realiseren van deze doelstelling uit de Amsterdamse Agenda armoede en schulden 2019-2022 wordt door de coronacrisis bemoeilijkt. In 2020 hebben we aan een aantal voorspellers kunnen zien dat de armoede- en schuldenproblematiek de komende jaren naar verwachting zal stijgen in onze stad. Het grote aantal Tozo-aanvragen, de stijging van het aantal Amsterdammers dat een beroep doet op de Voedselbank (ongeveer 42% gestegen sinds de start van de coronacrisis), de toename van zo’n 16% in de dienstverlening van sociaal raadslieden en de stijging van het aantal gestarte schuldhulpdossiers van 12% tonen aan dat 2020 voor veel Amsterdammers een zwaar financieel jaar is geweest. Dit is ook de verwachting voor 2021.5 Omdat veel afhangt van de ontwikkelingen van de pandemie en omdat we weten dat de effecten van een economische crisis vertraagd en verspreid over een aantal jaar optreden, verwachten we een heel grillig jaar, met een doorloop in de jaren daarna. In nauwe samenwerking met partners in de stad houdt het college de ontwikkelingen goed in de gaten.

Het vergroten van perspectief voor kwetsbare Amsterdammers blijft ons uitgangspunt. Met het vaststellen van de Begroting 2021 heeft de raad voor de komende jaren extra middelen vrijgemaakt voor armoede en schulden.6 Ook het Rijk stelde extra middelen beschikbaar voor investeringen in het gemeentelijk schuldenbeleid vanuit het derde steun- en herstelpakket7. Hieronder beschrijven we hoe we de extra middelen in 2021 inzetten. Over de inzet in 2022

5

NIBUD: ‘2021 financieel zwaar jaar’, 2020. Herstelplan “Samen sterker uit de crisis”. 7 Kamerbrief ‘Steun- en herstelpakket’, 28 augustus 2020. 6

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 3 van 8

beslissen we op een later moment, vanwege de onvoorspelbaarheid van ontwikkelingen in deze crisistijd. Inzet van extra middelen voor armoede en schulden in 2021  Opvangen coronagroei (€3,1 miljoen): vanwege de crisis doen Amsterdammers een groter beroep op de bestaande armoederegelingen en dienstverlening. Bovendien zijn er nieuwe groepen Amsterdammers die gebruik moeten maken van de voorzieningen. Het kost de komende jaren dus meer geld om hetzelfde pakket aan regelingen en dienstverlening te blijven bieden.  Nieuwe investeringen (€3,1 miljoen): vanwege de crisis zijn een aantal nieuwe maatregelen nodig. Hierbij is ons doel steeds om zo te investeren, dat we voorkomen dat problemen oplopen en escaleren.  Reserveren (€2,6 miljoen): het effect van de crisis zal naar verwachting ook op de lange termijn doorwerken. Een deel van de extra middelen reserveren we daarom voor de jaren na 2022. Zo voorkomen we dat we door een krimpend armoedebudget en groeiende populatie het niveau van ondersteuning moeten afbouwen, terwijl Amsterdammers nog steeds met de gevolgen van de crisis te maken hebben. We investeren op deze manier om de kwetsbaarste Amsterdammers te ondersteunen in de huidige en toekomstige zware periode. Het pakket aan extra maatregelen en intensiveringen bestaat uit vier onderdelen, die we hieronder toelichten. 1.

Preventie en vroegsignalering In tijden van economische tegenslag is het van groot belang om te zorgen dat we Amsterdammers met geldproblemen vroeg in beeld krijgen. We moeten voorkomen dat betalingsachterstanden escaleren en problematische schulden ontstaan, huisuitzettingen en afsluitingen dreigen en incassokosten almaar oplopen. Want dan zijn het individueel leed en de kosten voor de maatschappij niet meer te overzien. Het college heeft daarom al op 30 juni 2020 besloten om de aanpak vroegsignalering per direct te intensiveren. Dit corona-offensief richtte zich primair op het in beeld krijgen van betalingsproblemen rond de meest essentiële vaste lasten. De maatschappelijk dienstverlening gaat nu eerder op meldingen van vaste lastenpartners af en blijft langer proberen om in contact te komen met Amsterdammers. Schuldeisers passen maatwerk en coulance toe. De eerste resultaten van de intensivering zijn al zichtbaar: het aantal meldingen van partners steeg in 2020 met ruim 5%, terwijl ook het bereik toenam van 55% in 2019 tot 65% in 2020. In de investeringsagenda 2021-2022 continueren we de intensivering van de aanpak vroegsignalering. Deze extra inzet blijft de komende tijd hard nodig om beginnende problemen snel op te sporen.

We werken daarvoor in verschillende stadsdelen en ontwikkelbuurten steeds nauwer samen met sleutelfiguren en ervaringsdeskundigen om contact te leggen met Amsterdammers die zelf de weg naar de hulp niet (meer) vinden. Tegelijkertijd gebruiken we de wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) per 1 januari 2021 om de samenwerkingsrelaties op het terrein van vroegsignalering uit te breiden met particuliere verhuurders en hypotheekverstrekkers, evenals belangrijke overheidsschuldeisers zoals de Belastingdienst en DUO. Door deze uitbreiding in partners komen we met nieuwe groepen Amsterdammers met geldproblemen in contact.

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 4 van 8

Een andere investering die we doen is gericht op de dienstverlening van de sociaal raadslieden in de stad. We signaleren dat de vraag naar hun ondersteuning sinds de crisis met zo’n 16% is toegenomen. Sociaal raadslieden zijn vaak één van de eerste professionals waar Amsterdammers met beginnende geldproblemen zich melden met een hulpvraag. Ze voorkomen dat problemen verergeren en helpen mensen met een lichte interventie weer op weg. Ook hebben ze een signaalfunctie en zijn ze een belangrijke toeleider naar schuldhulpverlening, waar dat nodig is. We zorgen ook op andere manieren voor extra aanbod van laagdrempelige ondersteuning. Enerzijds door te investeren in maatjes- en buddyprojecten, waarmee kwetsbare Amsterdammers eerder adequate hulp kunnen krijgen die zij nodig hebben. Anderzijds door de mogelijkheden voor digitale dienstverlening uit te breiden. Traditioneel wordt binnen de schuldhulpverlening gefocust op persoonlijk contact tussen klant en hulpverlener. Toch is er ook een groep die goed is geholpen via digitale kanalen. Ons uitgangspunt is dat digitale hulp niet in plaats van persoonlijke ondersteuning komt, maar een aanvulling is op het bestaande hulpaanbod voor wie het kan en wil. Digitale dienstverlening kan bijdragen aan een efficiëntere werkwijze en helpen om capaciteit vrij te spelen om hulpverlening in te zetten waar dat het hardst nodig is.

Zeker wanneer de druk op schuldhulpverlening de komende jaren toeneemt, is het van belang de basis op orde te hebben. Tot slot geven we de zogeheten pilot pauzeknop verdere opvolging in de investeringsagenda 2021-2022. Eind 2020 startten we deze pilot in samenwerking met de Kredietbank als onderdeel van het programma Schuldenrust. De pilot richt zich onder andere op Amsterdammers die door de coronacrisis in de problemen zijn gekomen. Het centrale doel van de pauzeknop is om oplopende (incasso)kosten en boetes zoveel mogelijk te voorkomen. Daarvoor bieden we Amsterdammers met beginnende betalingsachterstanden renteloze sociale leningen. Via deze zogeheten Schuldenrustleningen krijgen ze in een zo vroeg mogelijk stadium hulp om de opstapeling van financiële problemen te voorkomen. In 2021 zetten we extra in op het betrekken van meer schuldeisers en het bereiken van meer kwetsbare Amsterdammers. 2. Ondernemers en werkenden De groep werkende minima had al bijzondere aandacht van het college. Vorig jaar lanceerden we daarom al het plan van aanpak Meer kansen voor werkende minima. De impact van de coronacrisis op met name Amsterdamse ondernemers is nu ongekend. Ruim 50% van alle zelfstandigen in Amsterdam heeft een beroep gedaan op de Tozo-regeling (tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers).

Als we willen voorkomen dat de coronacrisis een armoede- en schuldencrisis wordt, dan moet de ondersteuning aan ondernemers de hoogste prioriteit krijgen. Dit is niet alleen belangrijk voor de ondernemers zelf, maar ook essentieel voor het herstel van de Amsterdamse economie. Vanuit het actieplan Veerkracht zorgen we dat zelfstandig ondernemers die financieel zijn getroffen door de coronacrisis zo snel en duurzaam mogelijk weer in het eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Hiertoe benaderen we alle ondernemers die een beroep hebben gedaan actief en bieden begeleiding naar een baan in loondienst of bij het verhogen van hun inkomen uit de onderneming. Ook is er aandacht voor beginnende geldproblemen door de vroegsignaleringsaanpak bedrijfsonroerendgoed en hebben we de schuldhulp voor ondernemers uitgebreid, zodat we klaarstaan voor de groep die deze hulpverlening nodig heeft.

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 5 van 8

Om de verwachte toename van complexe schuldhulp aan ondernemers op te kunnen vangen, hebben we afspraken gemaakt met twee gespecialiseerde schuldhulpbureaus. De ondersteuning aan ondernemers vanuit de gemeente is uitgebreid met vijf medewerkers en met de maatschappelijke dienstverleners (Madi’s) is afgesproken dat elk schuldhulploket in de stad twee in ondernemers gespecialiseerde medewerkers heeft. De impact van de economische achteruitgang raakt naast ondernemers ook andere werkenden hevig. Naar schatting zijn tussen de 2200 en 3000 Amsterdammers op dit moment economisch dakloos. Het gaat hierbij om mensen die door financiële beperkingen geen huis meer hebben, zonder dat hier psychiatrische problemen of verslavingsproblematiek aan ten grondslag ligt. De omvang van deze groep neemt toe, met de coronacrisis als belangrijke oorzaak. Om economisch daklozen goed te kunnen helpen – en opstapeling van problemen te voorkomen – investeren we extra in schuldhulpverlening specifiek voor deze groep. Tot slot zet het college extra in op het aanpakken van schulden op de werkvloer. Dat doen we omdat ook Amsterdammers met een baan worden geraakt door de coronacrisis. Het gaat hierbij in het bijzonder om Amsterdammers met een flexibel- of een nulurencontract. Werkgevers zijn door loonbeslagen relatief snel op de hoogte van betalingsproblemen onder hun medewerkers.

Door extra te investeren in de samenwerking met werkgevers, onder andere de werkgevers waar we via het Amsterdamse Taalakkoord contact mee hebben, geven we een extra impuls aan het voorkomen van schuldenproblematiek onder werkenden. 3. Kinderen en jongeren De bestrijding van kinderarmoede is een grote uitdaging in ons armoedebeleid. Voor kinderen is opgroeien in armoede op geen enkele wijze een eigen keuze, terwijl het veel effect heeft op hun latere kansen in het leven. Ondanks een stijgend bereik van onze voorzieningen voor kinderen, blijft het vergroten hiervan een aandachtspunt. Deels omdat we nog niet alle kwetsbare kinderen weten te vinden8, deels omdat ze niet allemaal voor voorzieningen in aanmerking komen. Bijvoorbeeld doordat het inkomen van hun ouders net te hoog is of doordat ze geen verblijfsstatus hebben. Om alle Amsterdamse kinderen in knellende situaties toch mee te kunnen laten doen in de stad en ze gelijke kansen te bieden, werken we samen met maatschappelijke initiatieven die noodzakelijke ondersteuning wel kunnen bieden. Samenwerkingspartners wijzen ons erop dat het aantal kwetsbare kinderen door de coronacrisis groter wordt. Daarom stellen we in 2021 extra middelen beschikbaar voor maatschappelijke partners die kwetsbare kinderen in uiteenlopende situaties ondersteunen. Zo zorgen we dat alle Amsterdamse kinderen de hulp krijgen die ze nodig hebben.

Ook de kinderen uit gezinnen met een inkomen net boven de armoedegrens of zonder verblijfsstatus. Daarnaast zetten we door de fysieke beperkingen van de corona-lockdown extra in op dat alle kinderen in onze stad kunnen deelnemen aan de digitale wereld. We zorgen ervoor dat zoveel

8

Ongeveer 12% (bron: Armoedemonitor 2019)

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 6 van 8

mogelijk PO- en VO-scholieren van de Pc-regelingen gebruik kunnen blijven maken en we houden de bijbehorende internetvergoeding in stand. 4. Maatschappelijke voedselinitiatieven Een ingrijpend gevolg van de coronacrisis is dat sinds maart 2020 veel mensen in de stad plotseling zonder inkomen zaten en voor voedsel afhankelijk werden van noodhulp. Een deel van deze Amsterdammers deed een beroep op de Voedselbank en een ander groot deel werd geholpen via lokale maatschappelijke initiatieven. Deze initiatieven spraken in eerste instantie eigen netwerken aan voor voedselverschaffing, maar bij tekorten of andere organisatorische beperkingen kregen ze ondersteuning van instanties zoals het Rode Kruis, vermogensfondsen of Human Aid Now (HAN). Vanwege de geldende coronamaatregelen verwacht het college dat de noodzaak van voedselhulp voorlopig niet afneemt. Daarom investeren we in elk geval tot juli 2021 extra in lokale initiatieven die deze hulp verzorgen. Ter beantwoording van de moties van Taimounti (986 accent) en Flentge (1278) bent u medio februari per brief geïnformeerd over onze ondersteuning aan voedselinitiatieven in 2021. We continueren de samenwerking met het Rode Kruis en de vermogensfondsen, met HAN als belangrijke partner. Het Rode Kruis en HAN helpen de lokale initiatieven in buurten waar dat het hardste nodig is met o.a.

het verkrijgen van voedselpakketten, andere essentiële levensmiddelen en logistieke ondersteuning. Uitgangspunten van het college zijn dat niemand in de stad honger lijdt en dat mensen zo kort mogelijk afhankelijk zijn van voedselnoodhulp. We stimuleren dat de ontvangers zoveel mogelijk worden ondersteund door de Voedselbank en de Madi’s. We maken afspraken met de initiatieven dat Madi’s intakes op hun locaties kunnen uitvoeren, zodat mensen zo snel mogelijk in beeld komen bij de reguliere hulpverlening en minder afhankelijk worden van noodhulp. De extra middelen die we in voedselnoodhulp investeren zijn beschikbaar dankzij het amendement ‘7,5 ton voor informele voedselhulp in de stad’, van de leden Flentge, N.T. Bakker, Roosma, Mbarki, Van Dantzig en Taimounti9. Deze middelen gebruiken we reeds in het eerste half jaar van 2021, omdat we verwachten dat de behoefte aan voedselhulp dan nog het grootst is. In overleg met de partners bepalen we welke inzet in latere periodes nodig is. In hoeverre we de noodhulp kunnen afschalen is afhankelijk van de ontwikkeling van de coronacrisis en de economie.

Financiële onderbouwing De in deze brief genoemde investeringen, de verwachte corona-effecten op bestaande regelingen en de voortzetting van het bestaande beleid kunnen we in 2021 dekken vanuit de beschikbare middelen binnen de begroting en de aanvullende rijksmiddelen vanuit het derde steun- en herstelpakket.10 Voor de opvolgende jaren blijft het een punt van aandacht dat er mogelijk sprake is van een flinke groei van het aantal Amsterdammers dat een beroep doet op minimaregelingen en schuldhulpverlening. Tegelijkertijd laat het armoedebudget op termijn een structurele daling zien. Het incidentele deel van het budget bedraagt dit jaar €12,9 miljoen en voor 2022 en 2023

9

Amendement ingediend bij de behandeling van de Begroting 2021 in de Gemeenteraad op 16 en 17 december 2020. 10 Kamerbrief ‘Steun- en herstelpakket’, 28 augustus 2020.

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 7 van 8

liggen er structurele taakstellingen van €1,5 en €5,6 miljoen. Daarom kiezen we ervoor om nu zoveel mogelijk te investeren in incidentele en stuurbare kosten en schuiven een deel van de middelen door naar latere jaren. De overheveling naar toekomstige jaren vindt plaats middels de reeds bestaande reserve ‘incidentele coalitieakkoord middelen’. U ontvangt hiervoor een voorstel als onderdeel van de voorjaarsnota 2021. Vanuit het Rijk zijn extra middelen beschikbaar gesteld voor de verwachte groei van de bijzondere bijstand en voor de intensivering van schuldhulpverlening (€5,45 miljoen voor 2020 en 2021). De besluitvorming over de toekenning van deze middelen vindt integraal door U plaats bij de behandeling van de voorjaarsnota. Onder voorbehoud van die formele besluitvorming beginnen we alvast met de uitvoering van de investeringsagenda. Vanwege de grote maatschappelijke opgave waar we voor staan is het belangrijk om snel te starten met dit corona-offensief. Als later blijkt dat de extra rijksmiddelen niet worden toegevoegd aan het armoedebudget of als de toename van het beroep op de armoederegelingen en schuldhulpverlening groter is dan nu voorzien, komt de voorliggende investeringsagenda onder druk te staan en moeten we in 2021 fors bijsturen. De mate en het effect van deze bijsturing heeft directe consequenties voor de financiële ruimte in de jaren 2022 en daaropvolgend.

Onze extra inzet voor armoedebestrijding en schuldhulpverlening in 2021 is als volgt opgebouwd: Verwachte bestedingen

Additionele middelen Corona Steunpakket (2021)

€5,6 miljoen

Opvang coronagroei

€3,1 miljoen

Rijksmiddelen (2020-2021)

€5,45 miljoen

Opvang reguliere groei

€3,0 miljoen

Voedselvoorzieningen (2021)

€0,75 miljoen

Nieuwe investeringen (zie onderstaande tabel)

Reserveringen Totaal

€11,8 miljoen

€3,1 miljoen €2,6 miljoen €11,8 miljoen

Meer specifiek doen we de volgende nieuwe investeringen om de gevolgen van de crisis op te vangen: Nieuwe investeringen 2021 Preventie en vroegsignalering Doorzetten offensief vroegsignalering Uitbreiding aanpak vroegsignalering (o.a. banken en particuliere verhuurders) Extra inzet sociaal raadslieden Maatjes- en buddyprojecten Digitalisering dienstverlening Madi’s Sociale leningen (Schuldenrustlening)

€590.000 €220.000 €600.000 €75.000 €37.500 €37.500

Ondernemers en werkenden Aanpak schuldenproblematiek economisch daklozen

€420.000

Gemeente Amsterdam

Datum 16 februari 2021 Pagina 8 van 8

Aanpak schulden op de werkvloer

€40.000

Kinderen en jongeren Extra ondersteuning maatschappelijke initiatieven

€62.000

Internetvergoeding Pc-regeling

€275.000

Maatschappelijke voedselinitiatieven Ondersteuning lokale voedselinitiatieven

€750.000

Totaal

€3.107.000

Vooruitblik We staan de komende jaren voor forse uitdagingen. Het college gaat met de investeringsagenda 2021-2022, die we toegelicht hebben in deze brief, hard aan het werk om de kwetsbaarste Amsterdammers te ondersteunen en de armoede- en schuldenproblematiek zo klein mogelijk te houden. De effecten van de coronacrisis zijn moeilijk te voorspellen en daarom monitoren we onze activiteiten secuur. Dit voorjaar ontvangt u van mij de eerste voortgangsrapportage van de Amsterdamse Agenda armoede en schulden 2019-2022. Naast een terugblik op de bereikte resultaten uit deze agenda informeer ik u in deze voortgangsrapportage op basis van de dan beschikbare informatie ook over uitwerking van de corona-effecten op onze armoedeaanpak en de voortgang op de nieuw ingezette investeringen. Met het oog op de grote uitdagingen waar we voor staan, werken we hiermee verder aan het uitgangspunt dat we alle Amsterdammers perspectief bieden op een betere toekomst.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

Marjolein Moorman Wethouder Armoede

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9935537/1