Raadsbrief Beantwoording vragen nav Locatieonderzoek EC
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 13 juni 2023 Openbare Orde en Veiligheid Femke Halsema OOV secretariaatoov@amsterdam.nl
Onderwerp
Beantwoording vragen n.a.v. publicatie Locatieonderzoek Erotisch Centrum
Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s):
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 14 februari 2023 heeft het college drie voorkeurslocaties bekend gemaakt voor een Erotisch Centrum (EC): De Groene Zoom en Europaboulevard bij de RAI in Zuid en Docklandsplot in NDSMwerf Oost in Noord. Deze voorkeurslocaties volgen uit de keuzes die het college en de raad eerder maakten. Aansluitend aan de bekendmaking van de drie voorkeurslocaties zijn de stadsdeeladviestrajecten gestart. Er hebben in de stadsdelen Noord en in Zuid informatiebijeenkomsten plaatsgevonden en er is over gesproken in de Commissie Algemene Zaken van 30 maart 2023 (zie paragraaf 9: vervolgstappen). Ook heeft er opnieuw een gesprek met sekswerkers plaatsgevonden. Het college is zich zeer bewust van de soms tegengestelde opvattingen, de bezwaren en de emoties die de keuze voor de drie locaties heeft losgemaakt. Dat kwam ook naar voren in de vele honderden vragen en commentaren die het college ontving. Deze concentreren zich op overlast en veiligheid, grote bezoekersaantallen, en het mogelijke effect op het karakter en de toegankelijkheid van de buurt en het gebied.
De vele commentaren leiden ertoe dat het college voorstelt om in de komende periode de omvang en het programma van het EC aan te scherpen middels een beperking van de horecafuncties (en zoveel mogelijk gecombineerd met culturele programmering) met als doel het bezoekersaantal te verminderen (zie hierna in paragraaf 1). Tegelijkertijd vraagt het college begrip voor het vinden van een antwoord op de enorme uitdaging om onze prachtige stad en binnenstad voor élke Amsterdammer te behouden. Uw raad heeft dit ook meermalen als haar wens uitgesproken. Amsterdam wordt geconfronteerd met een extreme groei van het toerisme.1 Het merendeel van de toeristen bezoekt de binnenstad en meer specifiek de Wallen die wordt gedomineerd door louter op toeristen gerichte horeca, sekstheaters, raambordelen, toeristenwinkels en coffeeshops. Het is een onoverzichtelijk en moeilijk handhaafbaar gebied met de vele smalle straatjes, afgewisseld met grotere uitgaansgebieden. Met de Aanpak Binnenstad worden er vele maatregelen genomen om het aanbod en de sfeer op
1 2004: 8 miljoen gastenovernachtingen; 2024: ramingen richting 23 miljoen. Aantal dagbezoeken is fors gestegen.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 2 van 24
de Wallen te veranderen.2 Daarbij behoeft het weinig discussie dat vooral the Red Light District grote aantrekkingskracht uitoefent op mensen die komen kijken, foto’s willen maken en/of feest willen vieren. Vanaf 2019 heeft het college met de raad en tijdens publieke bijeenkomsten met sekswerkers, ondernemers en bewoners gepraat over de toekomst van de raamprostitutie. De keuze voor een breed EC en het onderzoek naar voorkeurslocaties in acht zoekgebieden zijn daarvan het resultaat.3 Het college heeft samen met de raad gekozen voor een EC buiten de binnenstad en het verminderen van ramen op de Wallen. Dit is ook neergelegd in het Coalitieakkoord. Daarbij zijn er drie vaste doelstellingen: verbetering van de mensenrechtelijke positie van sekswerkers, verminderen van de overlast door drukte in de binnenstad, en het tegengaan van ondermijning. Daarbij is ook afgesproken dat het totale aantal veilige vergunde sekswerkplekken in de stad niet vermindert. De belangen van sekswerkers spelen dus een belangrijke rol (zie verder paragraaf 7). De zoektocht naar een locatie voor een EC is een bijzonder lastige opgave in onze verdichte en verder verdichtende stad. Met de woningnood is er grote behoefte aan nieuwbouw en nieuwe maatschappelijke voorzieningen. De bereikbaarheid staat onder druk, inwoners verlangen naar groen en ruimte en willen tegelijkertijd ook kunnen parkeren.
Dit betekent dat elke eventuele locatie voor een EC tot discussies leidt, tot vragen over verdringing en zorgen over leefbaarheid. Daarbij dient ook in ogenschouw te worden genomen dat in een aantal delen van de stad de sociale draagkracht al zeer onder druk staat. Bij de selectie van de drie voorkeurslocaties heeft het college zoveel mogelijk geprobeerd rekening te houden met de ruimtelijke en maatschappelijke druk die de gebieden al kennen en de belasting die inwoners daardoor ervaren. In de onderhavige brief geeft het College zoveel mogelijk toelichting en antwoord op de voornaamste zorgen en vragen per thema: 1. Overlast en veiligheid/impact buurt 2. Sociale draagkracht/kwetsbare functies en groepen 2 O.a. minder/andere horeca, monocultuur toeristenwinkels, sekstheaters, coffeeshops (blowverbod), vervroegde
sluitingstijden, bezoekerscampagnes. Zie website Aanpak Binnenstad voor het totale overzicht van de maatregelen in deze langjarige aanpak: www.amsterdam.nl/stadsdelen/centrum/aanpak-binnenstad/. 3 Alle raadsbrieven vindt u onder meer op de website van het Erotisch Centrum. Bij de raadsbrief van 19 juli 2019 zijn vier scenario’s geschetst, uiteenlopend van minder ramen tot meer ramen, gordijnen dicht en sekswerkplekken buiten de binnenstad. Daarop volgden meerdere bijeenkomsten in de stad en met de raad. De raad gaf steun aan het scenario van vergunde werkplekken buiten de binnenstad. Bij de raadsbrief van 17 februari 2020 is de keuze voorgelegd tussen uitsluitend prostitutiehotel, of een EC met meerdere functies, met input vanuit de markt en sekswerkers. De raad gaf steun aan een EC. Bij de raadsbrief van november 2020 is een eerste marktverkenning gepubliceerd, een globale volumestudie en een shortlist van 8 zoekgebieden voor een locatie. Op verzoek van de raad is daarbij Havenstad toegevoegd als zoekgebied en is verder onderzoek gedaan naar de mogelijkheid van het realiseren van een EC. Bij de raadsbrief van 12 oktober 2021 zijn de contouren van een EC verder geschetst, vanuit een marktverkenning, gesprekken met o.a. ondernemers, exploitanten, pandeigenaren en sekswerkers. De verkenning naar locaties werd doorgezet binnen de acht zoekgebieden: 1. Amstel III; 2.
Arenapoort; 3. Sloterdijk 2 Zuid; 4. Sloterdijk 2 Noord; 5. Zuid/RAI; 6. Eenhoorngebied; 7. Het watergebied van Amsterdam; 8. Nieuwbouw-gebied Haven-Stad. In de raad van 16 februari 2022 sprak de raad steun uit voor de verdere zoektocht naar locaties binnen de 8 shortlistgebieden, met een brede opzet van het EC. Het locatieonderzoek is doorgezet en daarop zijn drie voorkeurslocaties bekendgemaakt bij de brief van 14 februari 2023.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Pagina 3 van 24
ZUID: Bereikbaarheid/parkeren, groen/inpasbaarheid andere planvorming NOORD: Bereikbaarheid, parkeren, groen, sport en cultuur Vestigingsklimaat Vermindering van ramen Wallengebied Belangen sekswerkers Alternatieve scenario’s of locaties Proces/vervolgstappen
1. Overlast en veiligheid/impact buurt De komst van een EC kan effect hebben op een buurt. Veiligheid (voor de buurt, bezoekers en sekswerkers) en een goede leefbaarheid met zo min mogelijk overlast zijn van groot belang. Het college zet daarop in langs vier lijnen: a. Toezicht en handhaving b. Voorkomen van overlast door keuzes in opzet gebouw/functies EC c. Inzet op minder bezoekers door een beperking van de horeca in het EC d. Bereikbaarheid en parkeren a. Toezicht en handhaving In Amsterdam zijn op vele plekken grootstedelijke functies als prostitutie, theater, horeca, musea enz. waar bezoekers op af komen. Of het nu een kroeg, een discotheek of een festival is, de ondernemer moet onaanvaardbare overlast voor de buurt voorkomen. Als er toch overlast is, dan is de gemeente aan zet om handhavend op te treden. Bij een nieuwe functie zoals het EC, waar aanzienlijke aantallen bezoekers op afkomen, hoort uiteraard ook de inzet van adequaat toezicht en handhaving. Het gaat daarbij om toezicht en handhaving op de vergunningsvoorwaarden, wet- en regelgeving waar de ondernemer zich aan moet houden, en daarnaast om toezicht in de openbare ruimte gericht op de veiligheid van omwonenden. Daarbij worden waar nodig boa’s en politie ingezet om te handhaven op overtredingen door bezoekers.
Ook is samenwerking met de ondernemers in het EC van belang, bijvoorbeeld door de inzet van hosts en gastheren/-vrouwen in de omgeving. Het college begrijpt en deelt de behoefte aan een concreter handhavingsplan: dit zal bij de keuze voor een definitieve locatie worden uitgewerkt. b. Voorkomen van overlast door keuzes in opzet gebouw/functies EC In de opzet van het EC wijkt het college bewust af van de elementen die zorgen voor overlast op de Wallen (grootschalige toeristenhoreca, sekstheaters met meerdere shows op een avond voor toeristen, coffeeshops, ‘smartshops’, vele seksshops, toeristenwinkels, raamprostitutie aan de openbare weg, in een onoverzichtelijk, moeilijk handhaafbaar gebied met vele smalle straatjes en vlakbij andere uitgaansgebieden). Bij het EC zijn alle functies inpandig (onzichtbaar voor de buitenwereld) en is er beveiliging en bezoekersregulatie. Alle werkplekken voor sekswerkers zijn aan de binnenzijde, op de bovenverdiepingen, en alleen bereikbaar via een centrale, veilige toegang. Er is een vaste post aanwezig voor zorg en gemeentelijk toezicht (waar nodig in direct contact met de politie). In de omgeving van het EC komen geen coffeeshops of ‘feesthoreca’. c.
Inzet op minder bezoekers door een beperking van de horeca in het EC In het Locatieonderzoek4 is uitgegaan van een breed EC met circa 100 hoogkwalitatieve werkplekken voor sekswerk, met horeca (kwaliteitshoreca voor een divers publiek, geen 4 Bijlage bij raadsbrief 14 februari 2023; zie gemeentelijke website Erotisch Centrum.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 4 van 24
‘zuiptoerisme’), entertainment (zoals een theater met een brede programmering) en cultuur en educatie. De inzet is een hoogwaardig EC waarin seksualiteit, erotiek en diversiteit positief worden belicht. Van belang is sterke verbinding met de cultuursector en de LHBTIQ+ gemeenschap. Daarbij is in het locatieonderzoek uitgegaan van een bepaald aantal m2 gebruiksoppervlakte en programmering, met daarbij behorende bezoekersaantallen5. Er zijn veel zorgen geuit over bezoekersaantallen, overlast en veiligheid, de impact op het karakter van de buurt, en zorgen over de bereikbaarheid en parkeren. In een conceptadvies van stadsdeel Zuid is (onder meer) verwoord dat de omvang van het EC in het huidige Locatieonderzoek te groot is, en dat afschaling wellicht meer ruimte zou kunnen bieden om oplossingen te vinden. In een conceptadvies van stadsdeel Noord is ook de zorg geuit dat de aantallen en het type bezoekers een te groot stempel drukt op de buurt. Het college wil recht doen aan de betrokkenheid en zorgen uit de stadsdelen en zal daarom in de komende periode de omvang en het programma van het EC aanscherpen: de horecafuncties worden beperkt (omvang en type horeca) en zoveel mogelijk gecombineerd met culturele programmering. Dit leidt tot lagere bezoekersaantallen dan eerder geraamd en het leidt tot bezoekers die nog meer gericht zijn op de culturele programmering.
Wel blijft het aantal sekswerkplekken circa 100. Zo wordt de koers verder aangescherpt naar een Erotisch én cultureel Centrum. Dit wordt ook uitdrukkelijk onderwerp van de Marktconsultatie drie voorkeurslocaties Erotisch Centrum (juni 2023). d. Bereikbaarheid en parkeren Bereikbaarheid en parkeren zijn belangrijk. Het college begrijpt de zorgen daarover. In paragrafen 3 en 4 over de stadsdelen Zuid en Noord wordt nader ingegaan op bereikbaarheid en parkeren rond de specifieke voorkeurslocaties. Komende periode wordt nog verder onderzoek gedaan naar bereikbaarheid/parkeren in de buurt van de voorkeurslocaties. Dit wordt betrokken in de definitieve keuze. 2. Sociale draagkracht/kwetsbare functies en groepen Er zijn veel vragen gesteld over het effect van een EC op kwetsbare groepen, waarbij de opvattingen uiteenlopen over wie daartoe behoren. De mogelijke impact van een EC op kwetsbare groepen is betrokken in het Locatieonderzoek, O&S-onderzoek en het politieadvies. U treft hier een nadere toelichting en beantwoording van vragen over de onderzoeksystematiek. Daarnaast treft u een nadere analyse door O&S over scholieren. Wel hecht het college eraan dit te plaatsen in de context van het wonen en leven in onze dichtbevolkte stad.
Jonge en oude Amsterdammers fietsen door de hele stad naar werk, school, sport, familie en vrienden, gaan uit in Amsterdam, en komen dus op vele manieren in aanraking met allerlei soorten mensen en activiteiten. 2.1 Locatieonderzoek: kwetsbare maatschappelijke voorzieningen nabij voorkeurslocaties In het Locatieonderzoek is gekeken naar de aanwezigheid van ‘kwetsbare voorzieningen’: maatschappelijke functies die eerder nadeel kunnen hebben van een EC. Rond alle onderzochte locaties zijn cirkels getrokken in een straal van 500 meter rondom de locatie en in beeld gebracht wat het aanbod is aan maatschappelijke voorzieningen, waaronder religieuze instellingen,
5 Bijlage 1: toelichting op voorlopige raming bezoekersaantallen Locatieonderzoek op basis van brede concept EC.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 5 van 24
scholen, kinderopvang en naschoolse opvang en 24-uurs opvanglocaties (in het Locatieonderzoek zijn ook toekomstige maatschappelijke voorzieningen opgenomen). Vervolgens is gekeken naar de mogelijke invloed van het EC op deze voorzieningen, bijvoorbeeld als er logisch en direct contact ontstaat tussen het EC en die voorzieningen. ‘Kwetsbare voorzieningen’ zijn in het Locatieonderzoek een aandachtspunt als er sprake is van een directe relatie door bijvoorbeeld een gedeelde openbare ruimte of gedeelde gebouwen. Met het aspect van ‘directe relatie en gedeelde openbare ruimte’ is ook rekening gehouden in de opzet van het EC (één gebouw, geen ramen aan de openbare weg, geen coffeeshops in of om EC, centrale ingang met bezoekersregulatie, combinatie met cultuur/educatie). Naar aanleiding van de vragen over kwetsbare functies/groepen nabij de voorkeurslocaties treft u hier per voorkeurslocatie een nadere toelichting hoe kwetsbare functies zijn betrokken in het locatieonderzoek. Zuid Bij de voorkeurslocatie De Groene Zoom liggen twee scholen binnen een straal van 500 meter: het MBO College Zuid en een kookopleiding VMBO Hubertus & Berkhoff. De looproute van de Groene Zoom tot die beide scholen is circa 250 meter6; daartussen ligt twee keer een vierbaansweg, die een grens vormt tussen de openbare ruimte rondom het College Zuid en het voorplein van de RAI.
Het EC ligt daar nog eens achter. Door deze zeer drukke (verkeers-) knooppunten en barrières is er geen directe verbinding in de zin van gedeelde openbare ruimte tussen de locaties rondom de RAI en de Europaboulevard en de aanwezige scholen.7 Er is wel een fiets/looppad onder de weg door, waarvan scholieren die naar/van school fietsen ook gebruik maken en waarbij zij, merendeels overdag, langs het EC komen. De overige scholen liggen allemaal buiten de 500 meter straal van de locatie Groene Zoom (basisschool op ruim 500 meter: 6e Montessori Anne Frank; Luzac College op ruim 500 meter). Voor de locatie Europaboulevard geldt: het MBO College Zuid en het Hubertus & Berkhoff liggen op respectievelijk circa 650 en 600 meter afstand van de locatie, met ertussen de A10. Het stadsdeel heeft daarnaast zorgen geuit over andere bestaande/beoogde maatschappelijke voorzieningen in het gebied Kop Zuidas, zoals de woonzorglocatie De Oevers (Cordaan) (woonzorg voor ouderen met dementie) en de beoogde komst van een maatschappelijke opvang voor ex-daklozen, ex-thuislozen en ex-verslaafden). Deze voorzieningen delen geen directe openbare ruimte met het EC op de twee voorkeurslocaties. De opvanglocatie voor vluchtelingen in het Holiday Inn hotel was op het moment van het verdiepend Locatieonderzoek nog niet als zodanig in gebruik. De opvanglocaties zijn vaak van tijdelijke aard.
De verwachting is dat deze vluchtelingenopvang niet meer in gebruik zal zijn op het moment dat het EC gerealiseerd is. Noord Op 450 meter ligt het ROC TOP (MBO-opleidingen voor Dienstverlening, Economie & Administratie, Handel & Ondernemerschap en Zorg & Welzijn op verschillende niveaus). Op 500 meter ligt basisschool Klein Amsterdam. Dit betreft een tijdelijke locatie. Op 200 meter afstand van de locatie (direct aan de Klaprozenweg) is een vestiging van Pantar. Er staan twee grote alles-in-een-scholen8 gepland op circa 400 respectievelijk 500 meter en een 6 Ter vergelijking: looproute van het Montessori Lyceum Amsterdam naar de Ruysdaelkade is ongeveer 150 meter. 7 Zie de kaart in bijlage 2: locaties scholen ten opzichte van de voorkeurslocaties voor het EC in Zuid.
8 Basisscholen met o.a. voor- en naschoolse opvang en kinderdagverblijven. Het gebruik is overdag (tot 18u).
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 6 van 24
gezondheidscentrum en kinderdagverblijf op circa 400 meter afstand.9 Deze komen allemaal in de wijk. Het is een stedelijke omgeving met veel verschillende gebruikers in de openbare ruimte. De voorzieningen staan niet direct naast het EC, maar met de vergroening van de NDSM-werf Oost komt er in dit gebied een belangrijke publieke ruimte voor ontmoeting, cultuur, groen, sport en spel (voor bewoners en kinderen van aangrenzende gebiedsontwikkeling en bestaande wijken van dit deel van Noord). Deze publieke ruimte grenst direct aan de locatie voor het EC10, wat betekent dat dit bij een eventuele ontwikkeling van het EC op het Docklandsplot specifieke aandacht behoeft. Een aantal vragen betreft de relatie tussen veiligheid bij de pont en het EC; men geeft aan dat al bestaande gevoelens van onveiligheid (bijvoorbeeld onder vrouwen en scholieren) zullen toenemen met de komst van een EC. Het college benadrukt dat alle gebruikers van de pont zich altijd veilig moeten kunnen voelen. Op dit moment is dat niet altijd het geval. Het college zet in op verbetering; op dit moment wordt bijvoorbeeld bij evenementen extra controle ingezet. Datzelfde zou ook gelden bij de eventuele vestiging van het EC en wordt in het toegezegde voorstel over toezicht en handhaving na de zomer uitgewerkt.
2.2 Nadere analyse O&S: scholieren Er zijn veel zorgen geuit over kwetsbaarheid van scholieren nabij de voorkeurslocaties. Zoals voormeld is in het locatieonderzoek onderzocht welke kwetsbare functies (zoals bijvoorbeeld scholen) er zijn in de omgeving van een voorkeurslocatie. In het O&S-onderzoek d.d. november 202211 is gekeken naar effecten voor de buurt en haar bewoners. Naar aanleiding van de vele vragen over scholieren heeft O&S een aanvullende analyse gedaan (bijlage 2) naar scholen en hun leerlingen in de buurt van de voorkeurslocaties in Noord en Zuid. Daaruit blijkt samengevat als volgt: Zuid Stadsdeel Zuid als geheel heeft veel scholen en veel leerlingen. Het aandeel kwetsbare PO-leerlingen in het gehele gebied Buitenveldert/Zuidas (veel groter gebied dan de 500 meter straal rondom de voorkeurslocaties) is in vergelijking met de rest van de stad laag. Dat geldt ook voor de totale leerlingenpopulatie VO in het gehele gebied Buitenveldert/Zuidas. Binnen een straal van 500m van de voorkeurslocaties zijn geen PO-scholen. Bij VMBO Hubertus & Berkhoff (250 meter van locatie Groene Zoom/600 meter van locatie Europaboulevard) ligt het aandeel leerlingen uit een kwetsbare groep op het gemiddelde voor Amsterdam. Bij MBO College Zuid (250 meter van Groene Zoom/650 meter van Europaboulevard) ligt het aandeel leerlingen uit een kwetsbare groep 8% boven het gemiddelde.
Noord Het aandeel kwetsbare PO-leerlingen in een gebied ‘Oud-Noord’ (een veel groter gebied dan de 500 meter straal rondom de voorkeurslocatie) is relatief hoog. Stadsdeel Noord heeft een voor Amsterdam gemiddeld aantal VO-leerlingen per inwoner. 9 Zie kaart in bijlage 2 O&S: Locaties scholen ten opzichte van de voorkeurslocaties voor het EC in Noord. De twee
geplande alles-in-een-scholen zijn op deze kaart al wel weergegeven. NB Deze geplande scholen zijn niet betrokken in de nadere analyse door O&S – nog geen data beschikbaar – maar wel in het Locatieonderzoek. 10 Zie website https://www.amsterdam.nl/projecten/ndsm-werf/. 11 Bijlage 3 bij raadsbrief 14 februari 2023.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 7 van 24
De totale leerlingenpopulatie op geheel gebiedsniveau (dus een veel ruimere straal dan 500 meter rondom de locatie) heeft ongeveer een gemiddeld aandeel kwetsbare leerlingen, vergeleken met de rest van de stad. Binnen 450 meter van de locatie12 ligt een MBO-ROC TOP. Het percentage kwetsbare leerlingen ligt daar 19 procent hoger dan gemiddeld in de stad en dat betekent dat er aanvullende maatregelen vereist zouden zijn. 2.3 Advies politie De Politie Eenheid Amsterdam heeft geadviseerd13 over het mogelijk effect van een EC op de openbare orde en veiligheid. De politie heeft per gebied gekeken naar de mate waarin overlast- en veiligheidsincidenten zich voordoen (ook wel prevalentie genoemd) met daarbij het beeld qua ondermijnende activiteiten/netwerken, jeugdproblematiek en drugshandel. Op basis daarvan adviseert zij per gebied of dit meer of minder kwetsbaar is. Naar aanleiding van vragen hierover: de ‘gemiddelde prevalentie’ is de mate waarin iets zich voordoet vergeleken met de rest van de stad. De politie adviseert dat bij de locaties in gebied Zuid/RAI en NDSM sprake is van een gemiddelde prevalentie van overlast en veiligheidsincidenten. Het betekent dat de openbare orde en veiligheid zich op het gemiddelde niveau van de stad bevinden en daar niet negatief van afwijken.
Zoekgebieden die eerder een ‘hoge tot zeer hoge prevalentie’ kregen – zoals Zuidoost en Sloterdijk/Nieuw-West) – zijn om die reden afgevallen: daar zijn de onveiligheid én daarmee ook de kans dat zich incidenten voordoen, groter. 3. ZUID: Bereikbaarheid/parkeren, groen/inpasbaarheid andere planvorming Vanuit stadsdeel Zuid zijn er veel zorgen geuit over veiligheid en overlast, bereikbaarheid en parkeren, groen en de inpassing met andere planvorming. Bereikbaarheid Het gebied Zuid/RAI is een sterk verdicht gebied met veel verkeersbewegingen. Extra verkeersdruk door een EC is in die zin beperkt ten opzichte van de bestaande verkeersdruk. De piekbelasting van verkeersbewegingen naar en van een EC op de vrijdag- en zaterdagavond ligt naar verwachting wel op andere tijdstippen dan de huidige piekbelasting overdag. Het college werkt momenteel aan een mobiliteitsplan voor het gehele gebied en het autoluw maken van de stad binnen de ring, wat in zijn geheel moet zorgen voor afname van de verkeersdrukte. Ook met de mogelijke veranderingen van het treinverkeer van Station RAI (het mogelijk vervallen van de sprinters)14 blijven de voorkeurslocaties in Zuid goed bereikbaar met het OV (metro) en deels met de fiets. In de omgeving van de voorkeurslocaties zijn in potentie voldoende parkeerplekken, o.a. in de parkeergarage in RAI en langs de Europaboulevard in de openbare ruimte.
Tijdens evenementen is de parkeerdruk hoger en dat kan parkeeroverlast geven. Dit effect kan het EC ook hebben en dan zal de gemeente handhaven zoals nu ook bij evenementen het geval is. In een quickscan over de bereikbaarheid (OV, auto, fiets, voetgangers) van de locatie Europaboulevard en de Groene Zoom wordt nog onderzocht wat de invloed is van de komst van het EC op de reeds voorziene drukte en welke verdere maatregelen hier nodig zijn.
12 Zie hiervoor noot 10. 13 Zie bijlage bij raadsbrief 14 februari 2023. 14 Er komt een nieuwe landelijke dienstregeling waarbij de stations op de zuidtak van de Amsterdamse spoorring
zich gaan toespitsen op interregionaal en nationaal treinverkeer (intercity en sneltrein) en internationaal treinverkeer. Er komen waarschijnlijk geen Sprinters meer (project OV SAAL – trein corridor Schiphol-AmsterdamAlmere in opdracht van Prorail ministerie en regio). Deze verandering is voorzien in 2029. Dit veroorzaakt mogelijk tijdelijk extra druk op het bus-, tram- en metronetwerk.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 8 van 24
Voor de toegankelijkheid van het EC bij Groene Zoom geldt dat er een herinrichting van de openbare ruimte nodig is. Dat vraagt afstemming met, en medewerking van direct naastgelegen bedrijven. Deze herinrichting zal ook moeten worden ingepast in het Masterplan RAI. Voor de toegankelijkheid van het EC op de Europaboulevard is een nieuwe aansluiting in de vorm van een ventweg nodig. Hoe deze nieuwe ontsluiting veilig kan plaatsvinden zal worden uitgewerkt. Groen-/watervoorziening De locaties de Groene Zoom en Europaboulevard behoren niet tot de (huidige en toekomstige) Hoofdgroenstructuur van Amsterdam. Net zoals bij alle andere projecten in de stad worden de benodigde flora- en fauna-onderzoeken uitgevoerd voordat bouwwerkzaamheden kunnen starten.15 Het uitvoeren van deze onderzoeken is voor een volgende fase. De Europaboulevard is een onbebouwde locatie. Het huidige wateroppervlakte op de kavel is onderdeel van het hemelwaterafvoersysteem van de snelweg en de omgeving. Bij verharding en in geval van demping van (een deel van) het water ten behoeve van de realisatie van het EC, is tijdig een oplossing noodzakelijk voor watercompensatie. Relatie met Zuidasdok en Masterplan RAI Uit het Locatieonderzoek blijkt dat in de uiteindelijke situatie Zuidasdok, het EC en het Masterplan RAI ruimtelijk inpasbaar zijn.
Wel zal er afstemming plaats moeten vinden over de uitvoering en fasering van de drie plannen. De locatie Europaboulevard valt binnen het Tracébesluit Zuidasdok en er is bestuurlijke goedkeuring nodig van het Rijk om over deze grond te kunnen beschikken. Programmaorganisatie Zuidasdok onderzoekt op dit moment op verzoek van de gemeente wat de ruimtevraag voor het EC betekent voor de uitvoering van Zuidasdok. De uitkomst hiervan is onderdeel van de besluitvorming over de definitieve locatie na de zomer. 4. NOORD: Bereikbaarheid, parkeren, groen, sport en cultuur Er zijn vele vragen gesteld over het keuzeproces, bereikbaarheid/parkeren en de gevolgen voor groen, sport en cultuur, bij de komst van een EC in Noord. Keuzeproces Het college heeft met steun van de raad besloten om een verdiepend locatieonderzoek te doen in een beperkt aantal gebieden. Na het aantreden van het nieuwe college is besloten om nogmaals naar eerder bekeken gebieden te kijken of meer of andere locaties mogelijk zijn. Dit heeft geresulteerd in een aanvullende inpassingsstudie (najaar 2022/begin 2023) voor drie locaties in stadsdeel Noord (Docklandsplot, Pier en P+R Noord). Het college heeft de kansen en dilemma’s van de locaties op de shortlist afgewogen en Docklandsplot aan de voorkeurslocaties toegevoegd. Impact op NDSM-gebied Het NDSM-gebied en de IJ-oevers vormen een sterk verdicht gebied.
In aanvulling daarop worden in de toekomst op de NDSM-werf 5.500 woningen en ruim 100.000 m2 niet-woonfuncties gerealiseerd.16 Door bewoners, ondernemers, ontwikkelaars, erfpachters en beleggers zijn veel zorgen geuit over het effect van de komst van een EC op de ontwikkeling van de NDSM-werf.
15 Flora en fauna onderzoek (kan lang traject zijn) voorafgaand aan vergunningsfase. Mogelijk (na onderzoek) nog
ontheffing nodig van Wet natuurbescherming (Provincie): aanvraag ontheffing is tijdens de vergunningsfase. 16 Zie website https://www.amsterdam.nl/projecten/ndsm-werf/.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 9 van 24
Bereikbaarheid De bereikbaarheid van de voorkeurslocaties is een vaak terugkerend thema in de vragen vanuit de stadsdelen. Het college begrijpt de zorgen daarover. De bereikbaarheid in de stad staat onder druk; dat geldt voor grote delen van Amsterdam.17 De bestaande en toenemende verdichting van het NDSM-gebied en de IJ-oevers zorgt voor verkeersbewegingen. De NDSM-werf is geen multimodale OV-knoop. Het is bereikbaar per pont18 en bus. Het huidige pontsysteem loopt vanaf 2036 tegen zijn grenzen aan. Vanaf dat moment wordt het dermate druk (met name bij de aanlandlocaties van ponten) dat het de vraag is of de verkeersstromen nog veilig en verantwoord kunnen worden afgewikkeld (met name de aanlandlocaties Waterplein-West (achter CS) en Pontsteiger). Ook de toekomstige drukte op het veer NDSM-CS geldt als één van de ‘bottlenecks’ van het verensysteem. In het mobiliteitsplan Noord is aangegeven welke maatregelen noodzakelijk en gewenst zijn, gelet op verwachte capaciteitsproblemen die nog voor 2030 zullen optreden. Eén van die maatregelen is het project Hoogwaardig Openbaar Vervoerverbinding (HOV) ZaanIJ: het verder verbeteren van de hoogwaardig openbaarvervoerverbinding tussen Zaandam en Amsterdam.19 Voor de besluitvorming van de definitieve locatie wordt in een quickscan nader bekeken wat de komst van het EC betekent voor de bereikbaarheid NDSM.
Hierbij worden de veren, de OVverbindingen over land en de plannen voor HOV ZaanIJ betrokken, en is er oog voor de verkeersveiligheid voor automobilisten, voetgangers en fietsers. Op de NDSM-werf Oost komen jaarlijks circa 1 miljoen bezoekers voor culturele evenementen. Het Docklandsplot speelt daarbij een belangrijke logistieke rol. Op dit moment kan nog niet worden bepaald of dit met de extra bebouwing van een EC mogelijk blijft of andere oplossingen moeten worden gevonden. Een EC gecombineerd met de geplande (gebieds)ontwikkelingen vraagt mogelijk om een uitbreiding van de logistieke/verkeersruimte in/om hetDocklandsplot. Als wordt gekozen voor locatie Docklandsplot zal dit in een volgende fase worden onderzocht. Groen, cultuur en sport, in relatie met parkeren Vanuit stadsdeel Noord is de zorg geuit dat met de komst van het EC op het Docklandsplot de ruimte voor cultuur, groen, sport en parkeren in het geding komt. In 2021 zijn de conclusies van de Haalbaarheidsstudie Groen en Sport NDSM-werf Oost (HBS) door de raad vastgesteld. In de plannen voor de NDSM-werf West (en in de Buiksloterham) worden de groen- en sportnormen nog niet gehaald. In de Haalbaarheidsstudie is daarom voorgesteld om extra groen en sport te realiseren op de werf.
Met de vergroening van de NDSM-werf Oost wordt ruimte gecreëerd voor groen, sport en spel voor de bewoners van de aangrenzende gebiedsontwikkelingen en de bestaande wijken van dit deel van Noord. De NDSM-werf Oost wordt daarmee een nog belangrijkere verbindende, publieke plek voor dit deel van Noord voor ontmoeting, ontspanning, cultuur, sport en recreatie. Een van de conclusies van de Haalbaarheidsstudie is het belang van één centrale parkeerlocatie. In de Haalbaarheidsstudie wordt voorgesteld om ruimte vrij te maken voor groen en sport door bestaande parkeerplaatsen aan de zuidkant van het terrein te verplaatsen naar het Docklandsplot in een gebouwde en eventueel gestapelde voorziening. Ook is overwogen om bovenop het mogelijke parkeergebouw een sportvoorziening te realiseren. In de HBS is nog geen keuze gemaakt of er wel of geen gebouwde parkeervoorziening komt op het Docklandsplot, omdat de 17 Zie ook “Mobiliteitsaanpak Amsterdam 2030”. 18 NDSM is op dit moment bereikbaar met de huidige pontverbindingen NDSM - CS (veer F4) en Pontsteiger-
NDSM (veer F7). Er is een veerpont (F5) die ’s nachts tussen NDSM, Pontsteiger en Centraal Station vaart. 19 Nu nog planvorming-fase. Doorlooptijd realisatie HOV hangt samen met ontwikkelingen capaciteit knelpunt.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 10 van 24
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en Commissie Ruimtelijke Kwaliteit in de HBS hebben geadviseerd het Docklandsplot onbebouwd te laten vanwege de kwaliteit van deze ruimte tussen twee monumentale panden. Een keuze over de parkeeroplossing wordt daarom pas gemaakt in een vervolgfase van de planontwikkeling voor groen en sport op basis van een gezamenlijk, met de omgeving uit te werken plan. Een EC (en een gebouwde parkeervoorziening) op het Docklandsplot is een keuze voor bebouwing en wijkt af van de eerder gekozen – door de raad vastgestelde – strategie. Daarbij is ook de monumentale waarde van de twee naastgelegen panden, de NDSM-loods en het STRAAT-museum van belang. Het college betrekt dit in het vervolgvoorstel na de zomer. Tijdens de informatieavond in Noord heeft het college al benadrukt dat een EC niet ten koste mag gaan van het groen. Cultuur/(woning)bouwplannen Een veel gehoorde zorg is dat het karakter van de NDSM-werf – met kunstenaarsbroedplaatsen en ruimte voor kunst en cultuur – zal veranderen met de komst van een EC. Het college wil met (de ontwikkelaar van) het EC de verbinding leggen met de omgeving, met name met kunst en cultuur, en daarover in gesprek met de culturele ondernemers. Dat geldt ook voor de zorgen van ontwikkelaars van (woning)bouwplannen: ook met hen gaat het college graag verder in gesprek. 5.
Vestigingsklimaat Een aantal reacties ziet op het vestigingsklimaat. Bedrijven hechten bij hun keuze om zich in de stad te vestigen onder meer aan de hoge “quality of life” in Amsterdam. Daarbij zien bedrijven vaak de stad ‘als geheel’ en maakt het in die zin niet zoveel uit waar een bepaalde functie als bijvoorbeeld een EC gevestigd is. Voor (internationale) bedrijven kan de beeldvorming over prostitutie, drugs en drukte negatief meewegen. Uit het beeld over het vestigingsklimaat in Amsterdam blijkt tegelijkertijd dat er geen verband is tussen de nabijheid van prostitutiebedrijven en de aanwezigheid van (of het soort) internationale bedrijven in een bepaald gebied. Er zijn momenteel 658 buitenlandse bedrijven gevestigd in de binnenstad op maximaal circa 1 kilometer afstand van de Wallen (op de Zuidas zijn momenteel 603 buitenlandse bedrijven). Van die 658 bedrijven in de binnenstad zijn er in de afgelopen vijf jaar 244 bedrijven nieuw geland; op de Zuidas zijn de afgelopen vijf jaar 154 nieuwe buitenlandse bedrijven geland. Er hebben zich de afgelopen vijf jaar dus meer nieuwe buitenlandse bedrijven gevestigd in de binnenstad, in de nabijheid van de Wallen, dan op de Zuidas. Dat zijn vooral bedrijven in de techsector, in de creatieve industrie en in de sector voor financiële en zakelijke dienstverlening.
In bredere economische zin zal het verwijderen of sterk reduceren van de prostitutiefunctie in het centrum van de stad en het concentreren van de werkplekken in een apart, goed te reguleren gebouw een verbetering betekenen voor het leef-, woon- en ondernemingsklimaat van het centrale deel van de stad en daarmee een verbetering voor het imago en het economisch klimaat van Amsterdam. Dit neemt niet weg dat al gevestigde (internationale) bedrijven de vestiging van het EC in de omgeving als negatief kunnen zien. Een aantal bedrijven (zoals EMA, congrescentrum RAI en het Nhow-hotel) uit het gebied Zuidas heeft zorgen geuit over veiligheid en overlast, en mogelijke negatieve impact op hun bedrijfsvoering. Daarnaast is er ook zorg bij onder andere gebouweigenaren, investeerders en ontwikkelaars over de impact en de mogelijke komst van een EC op de in Zuid beoogde locaties. Ook vanuit Noord is er (zie hiervoor in paragraaf 5) zorg bij bestaande ondernemers over de impact van een EC op onder meer het bestaande karakter van het NDSM-terrein. Een aantal bedrijven heeft een juridische procedure aangekondigd.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 11 van 24
6. Vermindering ramen Wallen Het realiseren van een EC hangt direct samen met een wezenlijke vermindering van het aantal ramen op de Wallen. In het laatste debat in Commissie AZ op 30 maart 2023 is dat nogmaals benadrukt. Dit is onderdeel van de Aanpak Binnenstad. Zoals bekend zijn er op dit moment nog geen definitieve keuzes mogelijk over aantallen ramen, welke ramen en wanneer de sluiting plaats moet vinden. Gelet op het uitgangspunt: niet minder veilige vergunde sekswerkplekken in de stad, is het belangrijk dat er voldoende en meerjarige steun is vanuit de raad voor een locatie voor het EC met veilige werkplekken. Mochten zich in de tussentijd (tot het moment van realiseren van ECwerkplekken) kansen voordoen vanuit de markt in bijvoorbeeld het opkopen van panden om de binnenstad te transformeren, dan zal het college daar zeker naar kijken. Net zoals het ontwikkelen en realiseren van een EC is het sluiten van ramen een langjarig traject. De raad is hierover al eerder geïnformeerd in een raadsbrief van 11 februari 2020 met een vertrouwelijke juridisch/financiële bijlage20 (daarbij is ingegaan op het zogeheten ‘voorbeeld Groningen’). Er wordt ook verder juridisch/financieel onderzoek gedaan. In de Commissie AZ van 30 maart is gevraagd om ondertussen de opties te onderzoeken van een ‘gordijnen dicht-exploitatie’ van ramen op de Wallen.
Daarover ontvangt u in september een separate brief. 7. Belangen sekswerkers Er zijn vragen en zorgen geuit door en over sekswerkers: wat betekent het EC voor hen; wat betekent het als ramen op de Wallen worden gesloten en hoe zijn sekswerkers betrokken? Het college waardeert zeer de betrokkenheid van sekswerkers en vele anderen bij de belangen van sekswerkers. Een verbetering voor de sekswerkers vormt één van de drie vaste uitgangspunten bij de keuze voor een EC. De belangen van sekswerkers zijn onderdeel van het algemeen belang, waarin het college, samen met de raad, afwegingen moet maken. De inzet voor het EC is het bieden van vergunde veilige werkplekken van hoge kwaliteit, met goede regulering van het gedrag van bezoekers via gereguleerde toegang. Met ontmoetingsruimten voor sekswerkers, ruimtes voor onze zorgpartners en voor toezicht en handhaving. De werkplekken zijn bedoeld voor raamwerkers die interesse hebben in werken op deze hoogkwalitatieve plek én voor sekswerkers die op dit moment nog onvoldoende terecht kunnen in het vergunde circuit.
Met sekswerkers is van meet af aan gesproken over de scenario’s voor raamprostitutie tot en met het concept programma van eisen voor een EC, met een grote verscheidenheid aan sekswerkers (in gender, personen uit de LHBTIQ+ gemeenschap, raam-, club-, escortbranche en onvergunde sector).21 Uit die gesprekken blijkt22 dat een deel van de sekswerkers het idee van een EC interessant vindt, met name degenen die nu niet goed terecht kunnen in het vergunde circuit (waaronder veel mannelijke en transpersoon-sekswerkers). Dat geldt ook voor sekswerkers die nu afwisselen tussen raamwerk Wallen en elders. Daarbij gelden wel belangrijke voorwaarden zoals het waarborgen van de anonimiteit van klanten, redelijke huurprijzen, kwaliteit, voldoende klandizie, (sociale) veiligheid etc. Dit is betrokken in het voorlopig programma van eisen. Veel van de vaste, langjarige raamsekswerkers benadrukken dat zij weliswaar problemen hebben met de overlast en het overtoerisme maar ook beducht zijn voor vermindering van de klandizie en de
20 Deze lag onder geheimhouding ter inzage bij griffie; dat kan desgewenst nogmaals. 21 Gesprekken via de marktconsultatie, met (belangenorganisaties van) sekswerkers, klankbordgroepen,
Adviesgroep sekswerkers, via de ‘verkenner Wallen’, via petities, inspreken/raadsadressen van sekswerkers. 22 Zie ook bijlage 4 bij brief d.d. 12 oktober 2021: de samenvatting van gesprekken met sekswerkers
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 12 van 24
sociale controle/het gevoel van sociale controle. Verplaatsing naar elders zien zij dan ook als een risico. Het college heeft er alle begrip voor dat sekswerkers die al vele jaren vast op de Wallen werken, het idee van werken op een andere plek moeilijk voorstelbaar en niet aantrekkelijk vinden. Dat op termijn een wezenlijk aantal ramen zal moeten sluiten op de Wallen, leidt ook tot onzekerheid. Dit betekent in elk geval dat de gemeente – gelijktijdig met ontmoediging van werken op de Wallen – zal moeten zorgen voor een goede locatie met een goede businesscase voor sekswerkers om hun inkomen veilig te kunnen stellen. Hierbij geldt uiteraard altijd: werken in een EC is en blijft een vrije keuze voor sekswerkers. Met een hoogwaardig EC wil het college keuzemogelijkheden bieden voor een ander soort raamprostitutie dan nu op de Wallen, en veilige werkplekken voor degenen die aan onlinewerving doen. In alle fases, onder meer via de marktconsultatie, blijven we in gesprek met sekswerkers. 8. Alternatieve scenario’s of locaties Door sekswerkers, raadsleden, stadsdeelcommissieleden en bewoners zijn suggesties aangedragen voor alternatieve scenario’s of locaties. Het college waardeert de inzet vanuit de stad en de raad om te komen tot oplossingen.
Kleinschalige, soberdere verspreiding (voorstel CDA) Het scenario van meerdere kleine locaties is aan bod geweest in het keuzeproces voor een EC door het college met de raad. Het college en de raad hebben toen gekozen voor een EC waarin circa 100 hoogwaardige werkplekken met circa drie exploitanten worden gerealiseerd (om te grote afhankelijkheid van één exploitant te voorkomen), met permanente aanwezigheid van zorg en toezicht. Dit in combinatie met een aantal andere functies, om zo de nodige anonimiteit voor klanten van sekswerkers te kunnen geven, en om het EC de beoogde meerwaarde te kunnen meegeven met culturele en educatieve functies (in nauwe verbinding met de culturele sector en de queer community). De keuze voor één groter EC is ook gemaakt vanuit de overweging dat bij meerdere prostitutiebedrijven op meerdere plekken locaties moeten worden gezocht. Op elke plek zou dan een prostitutiefunctie moeten worden ingepast in een sterk verdichte stad (altijd in afwijking van het bestemmingsplan) en dat zal op geen enkele locatie eenvoudig zijn. In geval van meerdere kleinere locaties kan ook niet goed dezelfde zorg, toezicht en handhaving worden gerealiseerd. Weliswaar zal op meerdere kleinere locaties de overlast kleiner zijn.
De beperkt beschikbare capaciteit van zorg, toezicht en handhaving door gemeente en in voorkomend geval politie komt echter verder onder druk te staan omdat deze minder efficiënt kan worden ingezet. De politie geeft in haar advies aan dat het daarom de voorkeur heeft om de prostitutie zo gecentraliseerd mogelijk te houden.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 13 van 24
Love hotels Met ‘love hotels’ (in België en Brazilië kent men varianten hiervan) wordt bedoeld een ‘uur-hotel’ waar iedereen naartoe kan om voor een aantal uur een kamer te boeken voor seks. Dat kan zijn door stelletjes of door sekswerkers. Deze variant kennen we niet binnen ons huidige vergunningenstelsel voor prostitutiebedrijven. In de huidige APV is ‘gelegenheid bieden aan bedrijfsmatige prostitutie’ vergunningplichtig en is een prostitutiehotel verboden. Het prostitutiebeleid is gericht op het bevorderen van de vergunde prostitutie, waarbij op de exploitant een zorgplicht rust via de vergunning, en gemeente en politie goed toezicht kunnen uitoefenen. Bij controles op onvergunde prostitutie, ook in hotels, zijn er regelmatig sterke signalen van uitbuiting. Dat alles neemt niet weg dat een ‘love hotel’ een meerwaarde zou kunnen bieden voor sekswerkers (in het bijzonder vanuit de queer community) voor wie dit een veiliger optie zou kunnen zijn dan hun huidige werkplekken waarbij ze naar de klant toe gaan of klanten in eigen huis, hotels of elders ontvangen. Het college zal daarom onderzoeken of hier in de toekomst mogelijkheden toe zijn. Legaliseren van de momenteel illegale vormen van prostitutie Diverse reacties zien op de mogelijkheid van legalisatie van illegale prostitutie (vergunningplichtige, niet vergunde prostitutie).
Er is een groep sekswerkers die interesse heeft om zelfstandig uit de eigen woning sekswerk te verrichten. Vaak klinkt de roep om ‘legalisatie van thuissekswerk’, terwijl het bij controles zelden blijkt te gaan om ‘zelfstandig thuissekswerk vanuit de eigen woning’. Meestal gaat het om sekswerk vanuit shortstay-appartementen, airbnb en kantoorruimten, waarbij vaak meerdere sekswerkers op die locatie werken. Hier spelen veiligheidsrisico’s. Het college onderzoekt wat de mogelijkheden zijn voor legalisatie voor echt zelfstandig thuissekswerk; de raad ontvangt na de zomer een brief over ‘thuissekswerk’. Er is een grote groep sekswerkers die niet zelfstandig uit een eigen woning kan of wil werken, en ook niet goed terecht kan bij de huidige vergunde prostitutiebedrijven. Een EC is mede bedoeld als een hoogwaardig alternatief voor die sekswerkers (vaak mannelijke en transpersonen) die nu geen veilige werkplek vinden in de vergunde veilige branche. Bestaand vastgoed (bijv. Ibis-hotel, Magna Plaza en PTA) In 2021 heeft het projectteam EC onderzocht wat de kansen zijn van het transformeren van een bestaand hotel naar EC. De conclusie is dat er forse belemmeringen zijn waardoor de kans op succesvolle transformatie naar een EC bijzonder klein is. Dit zijn fysieke, juridische, ruimtelijke, financiële en organisatorische belemmeringen.
Daarnaast ligt de waarde van hotels inclusief het vastgoed in Amsterdam op een zeer hoog niveau. Daardoor leidt aankoop in combinatie met transformatie tot een dusdanige investering dat daardoor de huurprijzen voor werkkamers van sekswerkers én van de op cultuur en educatie gerichte functies te hoog worden. Daarmee valt de marktinteresse voor beleggen en exploiteren weg en tast het de meerwaarde aan die de gemeente wil bieden aan sekswerkers. Er is vanuit de markt ook geen interesse getoond. Het onderzoek ziet alleen kansen bij het transformeren van een hotelschip dat buiten de stad wordt gekocht. Het onderzoek ging specifiek over hotels. De mogelijkheid tot bijvoorbeeld transformatie van een leegstaand kantoor of winkelcentrum zijn niet onderzocht, maar ook hierbij zullen hoogstwaarschijnlijk kwesties als eigenaarschap (de gemeente is geen eigenaar), vastgoedwaarde en andere belemmeringen de transformatie even moeilijk maken.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 14 van 24
EC op een schip/ zoekgebieden zoals Havenstad, watergebied (voorstel JA21) Het concept van een EC op een schip (JA21 heeft dit uitgewerkt en noemde als voorbeeld het schip ‘De Galaxy’) kent voordelen, zoals snelheid en een zekere flexibiliteit. Cruciaal blijft echter de locatie waar het schip ligt. Het watergebied van Amsterdam is ook onderzocht in het locatieonderzoek, waaronder de haven als onderdeel van het watergebied van Amsterdam. De locaties in de haven kwamen niet als geschikte locatie naar voren om meerdere redenen. Er is op de door JA21 voorgestelde plek geen sprake van enige stedelijkheid (een gebied met een zekere dichtheid, een verscheidenheid aan functies, kwalitatieve openbare ruimte en toegang tot verschillende voorzieningen) en deze is op korte en middellange termijn ook niet voorzien. Het ontbreken van stedelijkheid vergroot de kans op onveiligheid voor sekswerkers en bezoekers. Daarnaast is de haven op korte termijn niet optimaal bereikbaar; de locatie mist de nabijheid van een multimodale OV-knoop, nachtnet, een kwalitatieve route naar OV en goede fietsbereikbaarheid. Daarnaast is de Coen- en Vlothaven een zeehaven met zware milieucontouren. Hierin passen in beginsel geen stedelijke functies. Het COA-schip betreft een tijdelijke functie die daar geplaatst is vanwege een zwaarwegend maatschappelijk belang.
Ter volledigheid: het schip ‘De Galaxy’ is geen eigendom van de gemeente. De gemeente heeft wel via de Haven zeggenschap over het water. Wellicht komen er mogelijkheden na 2040 als het gebied transformeert naar Haven Stad, maar tot die tijd niet. Het toevoegen van dergelijke stedelijke functies zal direct invloed hebben op de milieuruimte en daarmee het verdienpotentieel van de bedrijven in de haven. Uit het onderzoek naar potentiële ontwikkellocaties in het watergebied van Amsterdam kwam maar één locatie als kansrijk naar voren, namelijk de NDSM Pier. Deze is in vergelijking met andere locaties echter minder geschikt met name door de reservering voor de aanlanding van de Westbrug, en daarnaast de ligging bij de doorlopende pier (o.a. voor bereikbaarheid van hulpdiensten). Daarom behoort de NDSM-Pier niet tot de drie voorkeurslocaties die het college aan de raad heeft voorgelegd. 9. Proces/ vervolgstappen De publicatie van drie voorkeurslocaties is de uitkomst van –zie hiervoor- een stapsgewijs besluitvormingsproces van het college en de raad. Er zijn veel gesprekken geweest met onder andere de sekswerkers, de bewoners van de binnenstad en de ondernemers. Bij de vormgeving van een voorlopig programma van eisen voor een EC en de zoekcriteria naar gebieden is rekening gehouden met de opbrengst van een marktconsultatie, ook onder sekswerkers.
Met steun van de raad is verdiepend onderzoek gedaan binnen de acht bekendgemaakte zoekgebieden. Aan de hand daarvan heeft het college nu drie voorkeurslocaties voorgelegd aan de raad en de stad.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 15 van 24
Meteen na de bekendmaking van drie voorkeurslocaties heeft het college twee grote informatiebijeenkomsten in de stadsdelen georganiseerd en zijn de stadsdeeladviestrajecten gestart. Het college wil zo open en zo breed mogelijk worden geadviseerd over de voorkeurslocaties en daarover het gesprek aangaan. De ruime termijn voor het stadsdeeladviestraject is daarom verder verlengd tot 18 juli zodat de stadsdelen zelf onderzoek kunnen doen, hun mening kunnen vormen én voldoende tijd hebben om deze brief te betrekken bij hun advisering. Het college kijkt uit naar de definitieve adviezen van de stadsdelen. In juni tot en met oktober verzamelt de gemeente de input voor de definitieve besluitvorming. In de commissie AZ van 30 maart 2023 is toegezegd dat de raad bij separate brief wordt geïnformeerd over een aantal thema’s rond prostitutie, waaronder de ‘thuisprostitutie’ en ‘gordijnen dicht-exploitatie’ op de Wallen. Deze brieven volgen na de zomer. De kalender tot aan de besluitvorming over de definitieve locatie ziet er als volgt uit: -
Juni/juli 2023: o Publicatie Marktconsultatie drie voorkeurslocaties Erotisch Centrum23 o Definitieve adviezen stadsdelen o Gesprekken met stakeholders (loopt door tot in september) Zomerreces
-
September/oktober 2023 o Raadsbrief Gordijnen-dicht-exploitatie o Raadsbrief Toekomst sekswerkers o Afronding marktconsultatie o Afronding ingangstoets Zuidasdok o Afronding quick scan bereikbaarheid EC drie voorkeurslocaties Oktober/november 2023 o Voorbereiding besluitvorming definitieve locatie in december December 2023 o Voorleggen besluit definitieve locatie EC inclusief het voorstel over participatie op de definitieve locatie aan het college Januari/februari 2024 o Raad over definitieve locatie EC en participatievoorstel
-
-
Als er vanuit de raad steun is voor een locatiekeuze, dan worden de vervolgstappen gezet. Dat zijn onder meer: de participatie over een goede inpassing op de gekozen locatie met alle betrokkenen; dat zal zien op alle relevante aspecten voor inpassing. Over de exacte inrichting van deze participatiefase zal het college in die volgende fase eerst weer de raad en de stad informeren. Dan kunnen er weer keuzes worden gemaakt. 23
Dit is een consultatie over de ontwikkelingskansen van het EC, in relatie met de voorkeurslocaties. Dit is dus geen aanbesteding. Daarvan kan pas sprake zijn in een volgende fase, nadat er een definitieve locatie is gekozen. De marktconsultatie wordt gepubliceerd en is bedoeld voor mogelijk geïnteresseerde marktpartijen, sekswerkers, ondernemers en andere partijen die zich eerder hebben gemeld in voorgaande consultatierondes.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 16 van 24
Verder kan na de definitieve locatiekeuze het proces van de planologisch-juridische procedures starten en de uitvraag aan marktpartijen (tender) om te investeren en exploiteren. Het college hoopt met deze brief recht te hebben kunnen doen aan de vragen en zorgen vanuit de stad, en gaat na de zomer graag hierover met de raad in gesprek. Daarnaast staat de komende periode in het teken van gesprekken met de stadsdelen, haar bewoners en ondernemers, de sekswerkers en andere belanghebbenden, zodat zij met hun vragen, zorgen en ideeën rechtstreeks bij het college terecht kunnen. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Femke Halsema Burgemeester
BIJLAGEN BIJLAGE 1: Toelichting voorlopige raming bezoekersaantallen in het Locatieonderzoek BIJLAGE 2: Aanvullende analyse O&S, mei 2023
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 17 van 24
BIJLAGE 1 Toelichting voorlopige raming bezoekersaantallen in het Locatieonderzoek NB Dit betreft een toelichting op het Locatieonderzoek van maart 2023 en de daarin gehanteerde m2 gebruiksoppervlakte, functies en bezoekersaantallen. Bij een versmalling van het EC zullen die uitgangspunten wijzigen en daarmee het aantal en type bezoekers. Een groot deel van de kamers voor sekswerkers is een inpandige raamkamer (80 werkplekken). In het Locatieonderzoek van maart 2023 is als uitgangspunt gehanteerd dat er vier mensen langs het raam lopen zonder klant te worden; de vijfde wordt pas klant. Daarmee is de inzet op weinig kijktoerisme en veel doelgerichte klanten. Dat is heel anders op de Wallen: daar is het aantal langslopers dat geen klant wordt vele malen hoger, dus veel ‘kijktoeristen’. Omdat sekswerkers voldoende moeten kunnen verdienen, wordt ook ingezet op het online –werven (20 werkplekken), en lage kamerhuur. Daarnaast is er de andere doelgroep, de bezoekers aan de andere functies van het brede EC: cultuur, educatie, horeca/entertainment, met inzet op een brede inclusieve beleving van erotiek en seksualiteit.
Het concept Programma van Eisen in het Locatieonderzoek geeft, aan de hand van de brede opzet van het EC, indicatieve ramingen van wat de bezoekersaantallen maximaal zouden kunnen zijn als zou worden uitgegaan van een maximaal volle programmering in horeca/entertainmentfuncties, in een optimaal functionerend EC. Dat zou kunnen betekenen een aantal bezoekers vergelijkbaar met bijvoorbeeld de bioscoop op de Arena Boulevard :1,5 miljoen per jaar. Hierbij bezoekt meer dan de helft de sekswerkverdiepingen en iets minder dan de helft alleen de andere functies. De bezoekersaantallen zijn in een vroegtijdige fase geraamd en geven aan wat de combinatie van goed lopende functies in een optimaal gebouw op een optimale locatie voor het aantal bezoekers zou kúnnen betekenen. Veel factoren zijn daarop van invloed, onder meer de locatie (aantrekkelijkheid en toegankelijkheid), het gebouw (grootte en indeling), het concept/programma, de interesse vanuit ondernemers en de markt en het draagvlak in de omgeving (dit is ook onderdeel van de marktconsultatie komende periode).
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 18 van 24
BIJLAGE 2 Aanvullende analyse O&S, mei 2023 De Afdeling Onderzoek en Statistiek (O&S) heeft in maart 2021 het onderzoek Sociaalmaatschappelijke impact van een EC op buurten uitgevoerd voor de gebieden waarin de kansrijke locaties gelegen zijn. Voor het bepalen van de mogelijke sociaal-maatschappelijke impact van een EC heeft O&S de (omgeving van de) locaties op drie aspecten beoordeeld: de mogelijke impact op de buurt, de mogelijke impact op de omgeving en de mogelijke impact op kwetsbare jongeren. Het onderzoek van O&S leidt tot een advies over een totaalrisico op impact: laag, gemiddeld of hoog. O&S adviseert dat het risico op een negatieve sociaal-maatschappelijke impact voor de locaties voor Zuid/RAI lager is (buurt, jongeren/ gemiddeld (bewoners) en voor NDSM hoger (bewoners, jongeren)/ gemiddeld (buurt). Of die impact zich ook daadwerkelijk zal voordoen en in welke mate, hangt ook samen met de keuzes over de specifieke inrichting van een EC. Scholieren Het O&S-onderzoek houdt dus rekening met kwetsbare jongeren die wonen in het gebied in de buurt van een locatie. Daarnaast zijn er jongeren rondom de locatie die niet in de buurt wonen maar naar school gaan in de buurt. Met hen is in het primaire O&S-onderzoek geen rekening gehouden, omdat het O&S-onderzoek kijkt naar de impact op de buurt (met inbegrip van jongeren die daar wonen).
Naar aanleiding van vragen over scholieren, heeft O&S in mei 2023 een nadere analyse gedaan naar de samenstelling van het leerlingenbestand van alle Amsterdamse PO en VO-scholen (alle niveaus), en naar de scholen in enige nabijheid van de zogeheten voorkeurslocaties. Zie daartoe bijgevoegde kaarten en tabel: Kaart A: de verdeling over de stad van jongeren met verhoogd risico op een leerachterstand (bepaald aan de hand van SES-score van de ouders). Kaart B: de locaties van scholen (PO/VO/SBO/MBO) in Zuid ten opzichte van de voorkeurslocaties. Kaart C: de locaties van scholen (PO/VO/SBO/MBO) in Noord ten opzichte van de voorkeurslocaties. Overzichtstabel D: per stadsdeel de samenstelling van de MBO-scholieren per onderwijsniveau. Begrip kwetsbare groep Jongeren met een lage Sociaal Economische Status (SES) worden gedefinieerd als ‘kwetsbaar’. Deze SES-score is gebaseerd op het gestandaardiseerd huishoudinkomen en het opleidingsniveau van de hoogstopgeleide ouder. Dit zijn de belangrijkste voorspellers voor sociale problematiek in brede zin (het is een indicator; het betekent uiteraard niet dat elke jongere met lagere SES-score in de praktijk daadwerkelijk kwetsbaar is). Deze SES-score wordt ook in het onderwijs gebruikt als indicator voor het bepalen van het aandeel leerlingen met een verhoogd risico op een onderwijsachterstand.
*Bij MBO-leerlingen wordt gekeken naar het onderwijsniveau dat ze volgen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat naarmate het opleidingsniveau (MBO niveau 1,2,3 of 4) toeneemt, het aandeel kwetsbare leerlingen afneemt. Als benadering voor kwetsbaarheid wordt gekeken naar het aandeel studenten dat een opleiding MBO niveau 1 en 2 volgt. Dit leidt tot het volgende beeld. Zuid (kaart A, B en tabel D) Voor stadsdeel Zuid als geheel geldt dat het stadsdeel veel scholen en veel leerlingen heeft. In Zuid zijn binnen een straal van 500m van de voorkeurslocaties geen PO-scholen.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Pagina 19 van 24
Het aandeel kwetsbare PO-leerlingen in het gehele gebied Buitenveldert/Zuidas is in vergelijking met de rest van de stad laag. Ook op de VO-scholen in het gehele Buitenveldert/Zuidas (veel groter gebied dan de 500 meter straal rondom de twee voorkeurslocaties) is het aandeel uit de kwetsbare groep relatief laag (18%) vergeleken met de rest van de stad (gemiddeld 32% in Amsterdam). Bij VMBO Hubertus & Berkhoff (250 meter van de Groene Zoom, en op 600 meter van de locatie Europaboulevard) ligt het aandeel leerlingen uit een kwetsbare groep op het gemiddelde voor Amsterdam (aandeel leerlingen met een potentiële leerachterstand, via SES-score van ouders). Bij MBO-college Zuid (op 250 meter van Groene Zoom en op 650 van Europaboulevard) ligt dit 8% boven het gemiddelde (circa 40% volgt niveau 1 en 2; het gemiddelde voor Amsterdam is 32%). Noord (kaart A, C en Tabel D) Het aandeel kwetsbare PO-leerlingen in gebied ‘Oud-Noord’ (veel groter gebied dan de 500 meter straal rondom de voorkeurslocatie) is relatief hoog. Net buiten de 500m grens ligt een tijdelijke PO-locatie, waarvan het aandeel kwetsbare leerlingen niet bekend is. Geheel stadsdeel Noord heeft een voor Amsterdam gemiddeld aantal VO-leerlingen per inwoner. In geheel gebied ‘Oud-Noord’ heeft 32% van de VO-leerlingen een potentiële leerachterstand (gemiddeld 32% in Amsterdam).
Als wordt gekeken op niveau ‘wijk Noordelijke IJ-oevers West’ is het percentage lager (12%). De totale leerlingenpopulatie op geheel gebiedsniveau (dus een veel ruimere straal dan 500 meter rondom locatie) heeft ongeveer een gemiddeld aandeel kwetsbare leerlingen, vergeleken met de rest van de stad. Binnen 450 meter van de locatie ligt een MBO-ROC TOP (MBO-opleidingen voor Dienstverlening, Economie & Administratie, Handel & Ondernemerschap en Zorg & Welzijn op verschillende niveaus). Het percentage kwetsbare leerlingen ligt 19 procent hoger dan gemiddeld in de stad: circa 51% volgt niveau 1 0f 2 (het gemiddelde voor Amsterdam is 32%). De twee geplande alles-in-een-scholen op circa 400 resp. 500 meter: hiervan zijn nog geen gegevens bekend en zijn dus niet betrokken door O&S (wel in het Locatieonderzoek); op de kaart zijn deze al wel weergegeven. Kaarten Noord Ter verduidelijking van de begrippen ‘buurt’, ‘wijk’ en ‘gebied’ in Noord voegen wij toe onder E: kaart met omtrek van ‘Buurt NDSM’, ‘Wijk Noordelijke IJ-oevers West’ en ‘Gebied OudNoord’.