CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit2021-134D Uitvoering moties

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met de verbetering van het bestuurlijk stelsel 2022 conform de Hoofdlijnennotitie VN2021-0158302.095 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verwerking moties in hoofdlijnen

Hieronder wordt kort ingegaan op wijze waarop de aangenomen moties verwerkt zijn in de hoofdlijnen. Voor zover de verantwoordelijkheid bij het college ligt. Voor nadere toelichting wordt ook verwezen naar de definitieve hoofdlijnen voor het bestuurlijk stelsel vanaf 2022. Motie 138 van de leden Vroege c.s. inzake aanpassingen bestuurlijk stelsel in tijden van verkiezingen (lijstenstelsel): Deze motie is verwerkt. Het college wil uitgaan van een lijstenstelsel (zie paragraaf 4.5); Motie 139 van de leden Vroege, Grooten, Biemond, Yilmaz en Veldhuyzen inzake verruimen actief kiesrecht non-EU. Deze motie is verwerkt. Het college wil uitgaan van twee jaar onafgebroken in Nederland wonen Motie 140 van de leden Biemond c.s. inzake bevoegdheden in kaart brengen; Het college heeft in de brief aan de raad (dagmail 21 mei jl) deze motie als volgt beantwoord: De motie verzoekt het college van burgemeester en wethouders: 1. voor de raad alle taken en bevoegdheden die de stadsdelen hadden in het bestuurlijk stelsel tussen 2014 en 2018 en in het huidige systeem in kaart te brengen; 2. daarbij alle bijgevoegde democratiseringsinstrumenten met betrekking tot participatie en representatie mee te nemen om zodoende te kunnen beoordelen wat in het opvolgende stelsel een verbeterde verdeling zou zijn; 3.

tevens inzichtelijk te maken welke taken, bevoegdheden en instrumenten kunnen worden overgedragen of gemandateerd aan stadsdelen met daarbij een uitsplitsing tussen de rol van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur; 4. de raad hierover uiterlijk mei 2021 over te informeren. Ten aanzien van het eerste dictum: Bij zowel de verordening voor het stelsel van 2014-2018 (Verordening op het de bestuurscommissies 2013) als voor het huidige stelsel (Verordening op het lokaal bestuur) zitten de volledige overzichten van taken en bevoegdheden van de bestuurscommissies als bijlagen bijgevoegd. Deze bijlagen zijn te vinden onder: 2014-2018 http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/historie/amsterdam/306543/306543_1 3.html 2018-2022 https://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Amsterdam/482317/CVDR4 82317_16.html Met de aanpassing van het stelsel in 2018 zijn de taken en bevoegdheden in grote lijnen gelijk gebleven. De volgende zaken zijn gewijzigd: - verschuiving van delegatie naar mandaat; mandaat sluit beter aan bij ‘verlengd lokaal bestuur’. - de raadsbevoegdheden zijn in 2018-2022 niet overgedragen.

Dit betreft de volgende bevoegdheden: het aanwijzen van beschermde stadsgezichten, het onttrekken van wegen aan het openbaar verkeer en het geven van de bestemming ‘openbare weg’, het voorbereiden van milieueffectbeoordelingen en –rapportages i.v.m. bestemmingsplannen, het uitvoering geven aan de Inspraakverordening en de Verordening op het burgerinitiatief en het aanwijzen van trouwlocaties. Kleine onderdelen zijn gewijzigd in verband met bijvoorbeeld wijzigingen in Rijksregelgeving. Samengevat zijn de taken:

1. Gebiedsontwikkeling voor projecten tot een bepaalde omvang (tot 5 miljoen en tussen 5 en indicatief 25 miljoen) en complexiteit. Projecten krijgen zo één eigenaar. De bevoegdheden voor gebiedsontwikkeling omvatten: a. lokale bestemmingsplannen voorbereiden en (bij voorkeur) vaststellen binnen stedelijke beleidskaders. b. gebiedsontwikkeling en -uitvoering tot een bepaalde omvang (tot 5 miljoen en tussen 5 en indicatief 25 miljoen)en complexiteit. c. gronduitgiftes en erfpachtbeheer binnen stedelijke beleidskaders. d. de hiermee samenhangende vergunningverlening en handhaving. 2. Openbare ruimte, groen en parken: invulling en beheer binnen stedelijke beleidskaders (‘Puccini’). 3. Afval: inzameling binnen stedelijke kaders 4. Welstand en monumenten: invulling en uitvoering van stedelijke beleidskaders. 5. Wonen: uitvoering van onderdelen van het stedelijk woonbeleid. 6. Economie: invulling en uitvoering van stedelijk economisch beleid 7. Klimaat en energie: uitvoering van stedelijk beleid 8. Wegen: onderhoud en herprofilering van het secundair/onderliggend wegennet. 9. Parkeren: uitvoering van het stedelijk parkeerbeleid. 10. Gebouwenbeheer: uitvoering binnen stedelijke beleidskaders vastgoedbeleid. 11. Waterbeheer: uitvoering binnen stedelijke kaders. Nautisch beheer: bevoegdheid vergunningverlening en handhaving. 12.

Welzijn (inclusief jongerenwerk): het ontwikkelen en uitvoeren van welzijnsactiviteiten gericht op het bevorderen van sociale samenhang en maatschappelijke participatie. 13. Schuldhulpverlening: uitvoering binnen stedelijke kaders. 14. Maatschappelijke ondersteuning: het ontwikkelen, vaststellen en uitvoeren van pluspakketten voor algemene Wmo-voorzieningen in aanvulling op het stedelijk basispakket. 15. Jeugdgezondheidszorg: het ontwikkelen, vaststellen en uitvoeren van pluspakketten in aanvulling op het stedelijke basispakket. 16. Vrijwilligerswerk en mantelzorg: het versterken van vrijwillige inzet en mantelzorg binnen stedelijke kaders. 17. Diversiteit en discriminatie: invulling en uitvoering van stedelijk beleid 18. Kunst in de openbare ruimte, buurtgebonden cultuurinitiatieven en cultuureducatie binnen stedelijke kaders. 19. Sport: invulling en uitvoering van stedelijke beleidskaders 20. Inspraak, initiatief en burgerparticipatie. 21. Subsidieverlening binnen de kaders van de stedelijke subsidieverordening en in relatie tot gedelegeerde bevoegdheden. 22. Vergunningverlening, toezicht en handhaving in relatie tot de gedelegeerde bevoegdheden.

Ten aanzien van dictum 2: In de Voorgenomen hoofdlijnen is beschreven welke instrumenten de afgelopen jaren door het college en de stadsdeelbesturen zijn ontwikkeld en toegepast om de interactie tussen bestuur en Amsterdammers beter vorm te geven en participatie beter te organiseren. In het hoofdlijnenbesluit bestuurlijk stelsel van 2014 -2018 is onder andere opgenomen onder de lokale bevoegdheden en taken “het stimuleren en faciliteren van burger- en buurtinitiatieven en het vergroten van de betrokkenheid van burgers bij het bestuur van de stad (burgerparticipatie)”. Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief Datum 21 mei 2021 Pagina 4 van 5

In de stadsdelen zijn in de vorige college periode diverse activiteiten en digitale tools opgestart om invulling te geven aan dit stimuleren en faciliteren van burger – en buurtinitiatieven. Dit betreft het samen met bewoners participatief begroten (Oost en West begroot). En voor de adviescommissies zijn digitale tools opgezet waarbij bewoners aan de adviescommissies hun goede ideeën, zorgen etc. ook digitaal konden uiten (Stem van West, Stem van Centrum). In de huidige college periode zijn deze initiatieven uit de vorige periode verder ontwikkeld en geharmoniseerd en beschikbaar gekomen voor alle stadsdelen. Daarnaast is hier en daar al lokaal geëxperimenteerd met vormen van loting. Tot slot is in de stadsdelen de online participatie verder uitgewerkt door de tooling van Open Stad. In de voortgangsrapportage democratisering – die u op 16 april via de dagmail ontvangen heeft – wordt een overzicht gegeven van deze democratisering werkwijze en instrumenten. De afgelopen jaren is door het gebiedsgericht werken van de stadsdelen met de inzet van de gebiedsteams, de doorontwikkeling van de gebiedsagenda’s en de ontwikkeling van deze digitale tools, ook vorm gegeven aan burgerparticipatie De gebiedsteams moeten met hun permanente interactie met de bewoners/ondernemers in het stadsdeel bewoners waar nodig verbinden, en betrekken en signaleren.

Daarnaast hadden en hebben de gebiedsteams tot taak om met bewoners/ondernemers gezamenlijk de gebiedsagenda’s op te stellen. In de Voorgenomen hoofdlijnen is voor het versterken van de participatieve rol van de stadsdeel (commissie) aangegeven dat het college een geloot stadsdeel panel wil toevoegen als proef. Dit stadsdeelpanel moet de stem en betrokkenheid van bewoners in de stadsdelen versterken. De proef wordt geëvalueerd en afhankelijk van de uitkomsten wordt bezien of benoeming van leden uit de panels in de stadsdelen mogelijk en wenselijk is. Ten aanzien van dictum 3: In geval van één bestuurscommissie: - De raad, college en/of de burgemeester kunnen taken en bevoegdheden overdragen of mandateren aan de bestuurscommissie. Dit geldt voor alle bevoegdheden tenzij de aard van de bevoegdheid zich verzet tegen overdracht. Bijvoorbeeld het geven van een noodbevel door de burgemeester. Ook geldt dat bevoegdheden die de kern vormen van de kaderstellende rol van de raad niet kunnen worden overgedragen. Het uitgangspunt is dat het bestuursorgaan dat de bestuurscommissie in het leven roept, ook het bestuursorgaan is dat de taken en bevoegdheden overdraagt. - Het algemeen bestuur geeft de taken in ondermaat aan het dagelijks bestuur. - De taken en bevoegdheden van de gemeenteraad die aan het algemeen bestuur kunnen worden overgedragen, is reeds vermeld onder dictum 1.

In geval van twee aparte bestuurscommissies: - De raad, college en/of de burgemeester kunnen taken en bevoegdheden overdragen of mandateren aan een bestuurscommissie. Dit geldt voor alle bevoegdheden tenzij de aard van de bevoegdheid zich verzet tegen overdracht, zoals hierboven toegelicht. De bestuurscommissie die door het college wordt ingesteld voert taken bevoegdheden uit namens het college. De andere commissie voert taken en bevoegdheden uit van de raad; die zijn beperkt in aantal zoals eerder opgesomd. - Voor de volledigheid: de overdracht van taken en bevoegdheden geldt alleen voor bestuurscommissies, zoals de huidige DB’s (art. 83 Gemeentewet). Aan adviescommissies (art. 84 Gemeentewet), zoals we deze nu kennen als stadsdeelcommissie, kunnen geen taken en bevoegdheden overgedragen worden De ratio achter de huidige verdeling van taken is dat alle taken en bevoegdheden die raken aan de lokale leefomgeving zijn gemandateerd aan het dagelijks bestuur, met uitzondering van de taken en bevoegdheden die een stadsdeeloverstijgend karakter hebben of die wettelijk niet overgedragen of gemandateerd mogen worden. In grote lijnen geldt voor het sociaal domein dat het dagelijks bestuur zorgt voor de lokale invulling in de uitvoering. Voor het fysiek domein geldt

dat de stadsdelen meer beslissingsruimte hebben. Zo zijn zij bijvoorbeeld bevoegd om besluiten te nemen ten aanzien van projecten tot € 5 miljoen. Motie 141 van de leden Vroege c.s. inzake de kwalitatieve en kwantitatieve ondersteuning van de stadsdeelcommissies: (vanaf 2022): Voor de kwalitatieve en kwantitatieve versterking van de ambtelijke ondersteuning van de stadsdeelcommissies wordt conform het verzoek in de definitieve hoofdlijnen een voorstel door het college gedaan voor extra capaciteit van o,5 fte per SDC. Over een onderzoek naar de mogelijkheid en wenselijkheid van het onderbrengen van de bestuursondersteuning bij de griffie van de gemeenteraad: In de brief van 14 april jl. heeft het Presidium aan de raad aangegeven dat de griffier in contact hierover zal reden met de gemeentesecretaris. Met de griffier wordt dit nader onderzocht. De uitkomsten worden samen met de nadere uitwerking voor een aanscherping taken en bevoegdheden en het bewonersloket in januari 2022 aan de raad voorgelegd. Motie 142 van de leden Biemond inzake verbeteringen huidig bestuurlijk stelsel: Voor een scherpere adviesprocedure wordt voorgesteld om adviezen integraal en onverkort bij het betreffende onderwerp te agenderen voor college en raad. Tevens komt aandacht voor de terugkoppeling over de adviezen.

De stadsdeelsecretarissen gaan samen met de SDC’s aan de slag met de versterking van de ambtelijke ondersteuning stadsdeelcommissies. Motie 143 van de leden Grooten c.s. inzake uitwerken scenario 4 stadsdeelplus: In de Voorgenomen hoofdlijnen is Scenario 4 stadsdeelplus als richting uitgewerkt in combinatie met het participatieve instrument van stadsdeelpanels. In aanvulling hierop is in de dagmail op 22 april jl. een brief aan de raadscommissie gestuurd waarin voor de benoeming van dagelijks bestuurders mogelijkheden nader zijn uitgewerkt. Ook is een nadere uitwerking van de varianten A,B,C,D aan de raad gestuurd (zie bijlage) In het voorliggende definitieve hoofdlijnenbesluit wordt door het college een voorstel aan de raad gedaan voor de verdere inrichting van het stadsdeelplus model met versterking participatie en versterking van de ambtelijke ondersteuning. Motie 144 van de leden Grooten c.s. inzake uitbreiden actief en passief kiesrecht stadsdeelverkiezingen door verlagen leeftijdsgrens naar 16 jaar: Deze motie is verwerkt in de hoofdlijnen. het college gaat bij de verkiezingen hiervan uit. (zie paragraaf 4.5); Motie 147 van de leden Yilmaz en Veldhuyzen inzake burgerparticpatie te bevorderen middels het Decidim model van Barcelona: Deze motie is verwerkt in de hoofdlijnen. We bouwen op de participatieve online traditie verder met de tool Decidim.

Bij de doorontwikkeling van online participatief begroten wordt bekeken hoe deze tool nog verder ingezet kan worden bij meningsvorming en participatie/besluitvorming (zie paragraaf 5); Motie 164 van het lid Grave-Verkerk inzake raming omvang ambtelijke organisatie: In paragraaf 4.1 wordt per scenario op hoofdlijnen een inschatting gegeven van deze kosten. Voor de inrichting van het stelsel vanaf 2022 is het uitgangspunt dat dit voor de ambtelijke organisatie zoveel mogelijk kostenneutraal (door herschikking) gebeurt. De volgende extra kosten worden voorzien voor:

-

extra capaciteit voor de versterking van de ambtelijke ondersteuning van stadsdeelcommissies (o,5 fte per SDC), ongeveer 386.000 euro (structureel), de taakverzwaring van de stadsdeelcommissie leidt tot hogere vergoedingen (circa 432.000 euro structureel) het inrichten van de Stadsdeelpanels (350.ooo euro structureel, oprichtingskosten en pilots circa 700.000 incidenteel), organisatie van verkiezingen vanaf 16 jaar en Non-EU bewoners (circa 100.000 euro incidenteel) Eventueel voor het inrichten van een bewonersloket (nog niet bekend). Zoals in de voordracht en de hoofdlijnennotitie is aangegeven wordt het bewonersloket nader uitgewerkt en wordt een voorstel in januari 2022 aan de raad voorgelegd. Daarbij worden ook de benodigde kosten met dekking in beeld gebracht.

Voor de incidentele kosten van 700.000 euro en voor 900.000 euro van de structurele kosten ( 1,8 mio), is er dekking in de lopende begroting. Voor de resterende 900.000 euro aan structurele kosten en voor (eventuele) aanvullende kosten voor het bewonersloket, zal binnen de betreffende programma’s naar dekking worden gezocht en wordt bij de begroting 2022 een voorstel gedaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10412230/1