CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit2021-099F 7. BP Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Bijlagen Toelichting

RAAD 22 april 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan Bedrijvenstrook, Zeeburgereiland. Nr. VN2021-00447531.739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

Inhoudsopgave Bijlagen toelichting

5

Bijlage 1

Milieueffectrapportage Zeeburgereiland

7

Bijlage 2

Bijlagenbundel MER Zeeburgereiland

213

Bijlage 3

Studie bezonning

1015

Bijlage 4

Behoefteonderzoek bouwmarkt en tuincentrum

1029

Bijlage 5

Ontwikkelingperspectef perifere detailhandel

1073

Bijlage 6

Advies Regionale cie Ontwikkelingsperspectief

1113

Bijlage 7

Advies RCW

1119

Bijlage 8

Advies Stadsregio Amsterdam

1123

Bijlage 9

Advies provincie bouwmarkt en tuincentrum

1127

Bijlage 10

Marktruimteonderzoek detailhandel provincie Noord-Holland

1135

Bijlage 11

Ladderoets horeca

1213

Bijlage 12

Raamsaneringsplan 2006

1229

Bijlage 13

Verkennend bodem- en asbestonderzoek

1273

Bijlage 14

Onderzoek bodem en verharding

1447

Bijlage 15

Onderzoek Pfos

1581

Bijlage 16

Onderzoek bodemkwaliteit moestuin

1721

Bijlage 17

Luchtkwaliteit en stikstof

1741

Bijlage 18

Verkeeranalyse Goudappel Coffeng

1783

Bijlage 19

Geohydrologisch onderzoek

1791

Bijlage 20

Ecologische Quickscan 8 juni 2018

1819

Bijlage 21

Eco onderzoek broedvogels

1851

Bijlage 22

Eco onderzoek planten en nationale soorten

1855

Bijlage 23

Natuuronderzoek Ecoresult 2020

1859

Bijlage 24

Nota van vooroverleg

1903

Bijlage 25

Nota van beantwoording zienswijzen

1943 2

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

Bijlage 26

Toelichting in pdf

1975

3

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

4

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

Bijlagen toelichting

5

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

6

Zeeburgereiland Bedrijvenstrook Amsterdam (Centrale stad), Gemeente Amsterdam vastgesteld

Bijlage 1 Milieueffectrapportage Zeeburgereiland

7

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018

projectnummer 0411764.00 definitief revisie 8.0 16 juli 2018

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018

projectnummer 0411764.00 definitief revisie 8.0 16 juli 2018

Auteurs drs. T. Artz drs. H.W. Lindeboom J.J. Verhoeven MSc

Opdrachtgever Gemeente Amsterdam - Grond en Ontwikkeling Postbus 1104 1000 BC Amsterdam

datum vrijgave 13/07/2018

beschrijving revisie 8.0 definitief

goedkeuring drs. H.W. Lindeboom

vrijgave drs. T. Artz

Inhoudsopgave

Blz.

Leeswijzer

1

Samenvatting

2

1

Inleiding

13

1.1 1.2 1.3

Aanleiding Ligging plangebied Een nieuw MER voor het Zeeburgereiland

13 14 14

2

Doelen, ambities en beleidskader

19

2.1 2.2 2.3 2.4

Doelen Ambities Beleidskaders Toets ladder voor duurzame verstedelijking

19 19 20 22

3

Referentiesituatie, alternatieven en beschrijving per deelgebied

24

3.1 3.2 3.3

Referentiesituatie Te onderzoeken alternatieven Een nadere blik op de beoogde ontwikkeling per deelgebied

24 27 32

4

Onderzoeksmethodiek

35

4.1 4.2 4.3 4.4

Inleiding Beoordelingskader Wettelijke en optimaliserende maatregelen Aanpassingen aan het MER na zienswijzen en toetsingsadvies Commissie m.e.r.

35 35 35 37

5

Verkeer en vervoer

38

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5

Beoordelingskader Huidige situatie en referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

38 38 45 53 53

6

Geluid

56

6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

56 59 61 66 67

7

Luchtkwaliteit

69

7.1 7.2 7.3 7.4 7.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

69 70 73 75 75

8

Externe veiligheid en nautische veiligheid

76

8.1 8.2 8.3 8.4 8.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

76 77 83 86 86

9

Gezonde leefomgeving

89

9.1 9.2 9.3 9.4 9.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

89 92 93 100 100

10

Leefomgevingskwaliteit

102

10.1 10.2 10.3 10.4 10.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

102 104 106 113 114

11

Bodem en water

117

11.1 11.2 11.3 11.4 11.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

117 118 122 134 134

12

Natuur

136

12.1 12.2 12.3 12.4 12.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

136 137 139 142 143

13

Archeologie, cultuurhistorie en landschap

144

13.1 13.2 13.3 13.4 13.5

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Beoordeling Maatregelen

144 144 151 156 156

14

Duurzaamheid

157

14.1 14.2 14.3 14.4 14.5 14.6

Beoordelingskader Referentiesituatie Effecten Toetsing aan duurzaamheidsambities van de stad Beoordeling Maatregelen

157 158 160 163 163 163

15

Hinder en overlast in de realisatieperiode

165

15.1 15.2 15.3 15.4 15.5

Beoordelingskader Beleidsmaatregelen ter beperking van hinder en overlast Effecten in de realisatieperiode Beoordeling Maatregelen

165 165 167 170 170

16

Conclusie

171

16.1 16.2 16.3 16.4

Samenvattende effecttabel Mogelijkheden om de belangrijkste aandachtspunten aan te pakken Wettelijke en optimaliserende maatregelen Mogelijkheden van borging

171 173 180 183

17

Nadere beschouwing fietsverbinding en tramterminal

185

17.1 17.2 17.3

Inleiding Fietsverbinding Realisatie definitieve tramstalling

185 185 193

18

Leemten in kennis en evaluatie

196

18.1 18.2

Leemten in kennis Aanzet tot evaluatie en monitoring

196 196

Losse bijlagen (zie www.amsterdam.nl/sluisbuurt) Gemeente Amsterdam, 2017. Stedenbouwkundig plan Sluisbuurt. Gemeente Amsterdam, 2017. Afwegingsnotitie inrichtingsvarianten Sluisbuurt. Gemeente Amsterdam, 2017. Variantenstudie fietsverbinding Sluisbuurt.

In de bijlagenbundel (de volgorde van de onderzoeken sluit aan op de opzet van het MER) Gemeente Amsterdam, 2017. Nota van antwoord Notitie Reikwijdte en Detailniveau Zeeburgereiland. BRO, 2018. Toets Ladder voor duurzame verstedelijking niet-woonprogramma Bedrijvenstrook, Sluisbuurt en Baaibuurten. BRO, 2017. Gemeente Amsterdam, Beleidsmatige en ladderonderbouwing woningen Zeeburgereiland. Gemeente Amsterdam, 2018. Verkeersonderzoek MER Zeeburgereiland. Gemeente Amsterdam, 2018. Verkeersregeltechnisch onderzoek Zeeburgereiland. Antea Group, 2018. Aspecten geluid, lucht en gezondheid MER Zeeburgereiland. Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, 2018. Externe veiligheidsrisico’s van gevaarlijke stoffen MER Zeeburgereiland. Peutz, 2016. Sluisbuurt Amsterdam; Windklimaatonderzoek met behulp van CFD. Gemeente Amsterdam, 2017. Input bodemkwaliteiten grondbalans ten behoeve van MER 2017 Zeeburgereiland. Gemeente Amsterdam, 2017. Geohydrologisch onderzoek MER Zeeburgereiland. Gemeente Amsterdam, 2017. Achtergrondrapport oppervlaktewatersysteem en hemelwatermanagement MER Zeeburgereiland. Bureau Waardenburg, 2018. Natuurtoets bestemmingsplannen Zeeburgereiland (Sluisbuurt, Bedrijventerrein en Baaibuurten), Amsterdam. Gemeente Amsterdam, 2016. Archeologisch bureauonderzoek voor de bestemmingsplangebieden Sluisbuurt, Bedrijventerrein, De Kom en Baaibuurten (BO 15-101).

Gemeente Amsterdam, 2016. Archeologisch bureauonderzoek Bestemmingsplangebied Borneo, Sporenburg en Rietlanden (BO 16-067). Gemeente Amsterdam, 2016. Cultuurhistorische verkenning Zeeburgereiland. Gemeente Amsterdam, 2018. Visualisaties MER Zeeburgereiland.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018 revisie 8.0

Leeswijzer Het MER is als volgt opgebouwd: ▪ Hoofdstuk 1 bevat een korte toelichting op de voorgenomen ontwikkeling van Zeeburgereiland en een toelichting op het doel van de MER en de m.e.r.-procedure; ▪ In hoofdstuk 2 zijn doelen en ambities en het ruimtelijk beleidskader nader weergegeven; ▪ Hoofdstuk 3 behandelt het voornemen en de alternatieven die onderzocht worden in het MER; ▪ De onderzoeksmethodiek (te onderzoeken milieuthema’s en wijze van onderzoek) is opgenomen in hoofdstuk 4; ▪ In hoofdstuk 5 t/m 15 zijn de effecten van de alternatieven per milieuthema in beeld gebracht; ▪ Hoofdstuk 16 bevat de conclusie van de milieueffectenstudie; ▪ In hoofdstuk 17 is een gevoeligheidsanalyse ten aanzien van twee mogelijke ontwikkelingen aan de rand van Zeeburgereiland opgenomen; ▪ In hoofdstuk 18 zijn de leemten in kennis weergegeven en is een voorzet van het monitoringsprogramma opgenomen. Aanvullende informatie in het MER na zienswijzen en toetsingsadvies van de Commissie m.e.r. In hoofdstuk vier is een extra paragraaf opgenomen waarin staat welke informatie is gewijzigd en toegevoegd naar aanleiding van de zienswijzen op het ontwerp-bestemmingsplan Sluisbuurt en het MER, alsmede het toetsingsadvies van de Commissie m.e.r.

Blad 1 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Samenvatting Aanleiding Op Zeeburgereiland bouwt de gemeente een nieuwe stadswijk, met verschillende woonbuurten, voorzieningen en werkruimte. In 2008 is hiervoor een milieueffectrapport (MER) 1 opgesteld. Dit MER heeft als basis gediend voor het bestemmingsplan voor het eerste deelgebied dat in ontwikkeling is genomen: de Sportheldenbuurt. Uit dit MER kwamen geen specifieke knelpunten en de diverse aandachtspunten, bijvoorbeeld ten aanzien van geluid, zijn meegenomen in de plannen van de Sportheldenbuurt. Dit MER gold ook als basis voor de nieuwe waterkering, waarvan inmiddels het eerste deel is aangelegd. De waterkering is noodzakelijk om het gebied binnendijks te brengen. De realisatie van het tweede deel van de kering wordt naar verwachting in 2018 gestart en in 2021 afgerond. Na de ontwikkeling van de Sportheldenbuurt vormt de Sluisbuurt het volgende plan. Hiervoor is een stedenbouwkundig plan vastgesteld op 27 september 2017 en wordt een bestemmingsplan voorbereid. Op enige termijn zijn ook ontwikkelingen voorzien op de Bedrijvenstrook en in de Baaibuurten Oost en West. Voor de Oostpunt worden momenteel geen ontwikkelingen voorzien.

Sluisbuurt

Baaibuurt West Oostpunt

figuur s.1 Deelgebieden Zeeburgereiland

Sinds 2008 zijn de plannen voor Zeeburgereiland aangepast. Zo zijn meer woningen voorzien dan toen. Vanwege dit grotere aantal woningen, maar ook vanwege zorgvuldigheid en het actualiseren van onderzoeken is het voorliggende MER opgesteld. De gewijzigde plannen hebben mogelijk meer of andere effecten tot gevolg dan uit het MER van 2008 naar voren kwam. Daarom is een nieuwe m.e.r.-procedure voor de verdere ontwikkeling van Zeeburgereiland gestart.\ Een belangrijk aandachtspunt bij een m.e.r. voor een grote opgave, zoals op Zeeburgereiland, waarvoor veel onderzoek is verricht, betreft de navolgbaarheid. Naar aanleiding van zienswijzen 1

MER staat voor het milieueffectrapport en m.e.r. voor de procedure van milieueffectrapportage

Blad 2 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

en het toetsingsadvies van de Commissie m.e.r. is het MER aangevuld met meer milieu-informatie (die eerst in bijlagen stond) om zo een beter en completer beeld van de effecten weer te geven.

Ligging plangebied Het Zeeburgereiland ligt aan de oostzijde van Amsterdam, in het IJ, tussen het centrum van de stad en het IJmeer en IJburg, zie figuur s.2. Het eiland heeft een oppervlak van circa 120 hectare en is met een viertal bruggen en tunnels verbonden met het vasteland (de Zeeburgertunnel, Piet Heintunnel, Schellingwoudebrug en Amsterdamse brug) voor een verbinding met het centrum van Amsterdam). Direct ten noorden van het eiland bevindt zich een sluizencomplex.

Sluizencomplex

Piet Heintunnel

Schellingwouderbrug Zeeburgertunnel

IJburg Amsterdamse brug

figuur 0s.2 Ligging van het plangebied en nabije omgeving

Doel van het MER Een milieueffectrapport (MER) geeft inzicht in de (mogelijke) milieueffecten van een voorgenomen activiteit (voornemen). Doel van het MER Zeeburgereiland 2018 is het verzamelen van relevante milieu-informatie. Door deze milieueffecten in een vroeg stadium in beeld te brengen is het mogelijk om verschillende alternatieven (in dit geval twee) af te wegen en keuzes te maken. Hierdoor krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. Navolgbaarheid van het MER en de gemaakte keuzes is belangrijk, aangezien het MER ook burgers informeert over het voornemen. Het MER: ▪ geeft inzicht in de (mogelijke) milieueffecten van Zeeburgereiland in het plangebied zelf en op de omgeving; ▪ levert de benodigde milieuinformatie om keuzes voor bestemmingsplannen te onderbouwen; ▪ en bevat aanbevelingen om nadelige milieugevolgen te beperken of te voorkomen. Het MER Zeeburgereiland 2018 levert input voor de diverse ruimtelijke besluiten die voor de verdere ontwikkeling van Zeeburgereiland genomen gaan worden. Sommige maatregelen die in dit MER benoemd staan, landen in deze ruimtelijke plannen, terwijl andere maatregelen in een stedenbouwkundig plan of in de aanbesteding meegenomen (kunnen) worden. Zo is tegelijk met het opstellen van dit MER ook het Stedenbouwkundig plan Sluisbuurt opgesteld en vastgesteld.

Veel van de maatregelen die in dit MER benoemd staan, zijn hier reeds in overgenomen. Juist

Blad 3 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

omdat dit Stedenbouwkundig plan tegelijk opliep met dit MER kunnen over de Sluisbuurt gedetailleerdere uitspraken gedaan worden dan over de andere deelgebieden. Om die reden varieert de informatie in het MER van detailniveau.

De m.e.r.-procedure en mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze De m.e.r.-procedure, zoals deze voor Zeeburgereiland wordt gevolgd, staat in figuur s.3.

figuur s.3 Gevolgde m.e.r.-procedure voor Zeeburgereiland

Opstellen notitie Reikwijdte en Detailniveau, ter inzage legging en advies Commissie m.e.r. Voor de start van de m.e.r-procedure is een notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld. Deze heeft vanaf 1 juli 2016 zes weken ter inzage gelegen. Op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau is een aantal reacties en adviezen ingediend. In de Nota van beantwoording voor de NRD Zeeburgereiland 2017 is aangegeven hoe met de binnengekomen reacties en adviezen op de NRD in het MER rekening wordt gehouden. Deze is vervolgens door het College van B&W vastgesteld. De Nota van Beantwoording is als losse bijlage bij het MER gevoegd. Ook is door de gemeente de onafhankelijke Commissie m.e.r. om advies gevraagd. De Commissie heeft op 13 september 2016 een advies op de reikwijdte en het detailniveau van het MER uitgebracht (zie de bijlagenbundel).

Voor dit MER zijn de volgende onderdelen van belang: ▪ De commissie geeft aan te onderbouwen waarom voor de twee alternatieven is gekozen, maar vraagt niet om ook andere alternatieven (bijvoorbeeld met betrekking tot de locatie) in beschouwing te nemen; ▪ De duurzaamheidsambities voor het voornemen, vertaald in zo concreet mogelijke toetsbare criteria voor de vergelijking van alternatieven en varianten; ▪ Het lokale woon- en leefmilieu in relatie tot de stedelijke verdichting en de effecten van het voornemen hierop; ▪ De fasering van de ontwikkelingen en de wijze waarop rekening zal worden gehouden met tijdelijke milieueffecten; ▪ De effecten van het voornemen, specifiek de hoogbouw, op het landschap en de ruimtelijke kwaliteit. Maak hiervoor gebruik van visualisaties. Het concept MER is als bijlage toegevoegd bij het voorontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt. Door de diverse vooroverlegpartners zijn hierop vooroverlegreacties ingediend, die zijn voorzien van een antwoord in een Nota van Beantwoording. Deze is als bijlage bij het ontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt gevoegd.

Blad 4 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Ter inzage legging MER bij het bestemmingsplan Sluisbuurt Het MER is een hulpmiddel bij de besluitvorming. De resultaten van het MER vormen input voor de ontwerpbestemmingsplannen, dan wel -uitwerkingsplannen, -wijzigingsplannen of andere ruimtelijke besluiten (zoals een omgevingsvergunning). Het ontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt wordt tezamen met het MER, ter inzage gelegd. Eenieder krijgt hierbij de mogelijkheid om gedurende de termijn van 6 weken van de ter inzage legging van het ruimtelijk besluit, zienswijzen naar voren te brengen op het ontwerpbestemmingsplan Sluisbuurt en het MER Zeeburgereiland 2018. Zienswijzen op het MER kunnen zich uitsluitend richten op de volledigheid van milieuinformatie. In deze fase brengt de Commissie m.e.r. ook haar toetsingsadvies op het MER uit. Vervolg bestemmingsplanprocedure De ingebrachte zienswijzen en adviezen op het MER worden voorzien van een inhoudelijke beantwoording in de Nota van beantwoording MER Zeeburgereiland 2018. Indien nodig wordt het bestemmingsplan van het betreffende deelgebied aangepast en/of het MER op bepaalde punten aangepast of aangevuld. Het bestemmingsplan Sluisbuurt wordt tezamen met het MER en de Nota van beantwoording door het College van B&W van gemeente Amsterdam aangeboden ter vaststelling door de gemeenteraad van Amsterdam.

Na vaststelling van het ruimtelijk besluit door de raad bestaat de mogelijkheid om beroep tegen het ruimtelijk besluit (en het MER dat een bijlage bij het bestemmingsplan vormt) aan te tekenen bij de Raad van State. Evaluatie/monitoring Na vaststelling van het bestemmingsplan is het Bevoegd Gezag verplicht de daadwerkelijke milieugevolgen van de uitvoering van de voorgenomen activiteit te onderzoeken. Dit houdt in dat nagegaan dient te worden of de effectvoorspellingen juist zijn geweest.

Doelen Amsterdam heeft de ambitie om tenminste 5.000 woningen per jaar te bouwen. De Amsterdamse Structuurvisie geeft aan waar de kansen liggen en Koers 2025 - Ruimte voor de stad, is een uitwerking daarvan voor de eerstkomende tien jaar, met concrete ontwikkellocaties. Het is de bedoeling om sommige locaties versneld te ontwikkelen, waaronder Zeeburgereiland. De strategische ligging van Zeeburgereiland (dichtbij de binnenstad, binnen de ring en aan het IJ) en de intrinsieke kwaliteiten van de locatie (eiland, water, vergezichten) zijn uniek. Vanwege de bijzondere locatie en de woningbouwopgave doet zich voor het plangebied een kans voor om een nieuwe stap te zetten in de ontwikkeling van Amsterdam, als ruimtelijke schakel tussen delen van de stad, met een nieuw type stedelijkheid en nieuwe vormen van mobiliteit. Voor de Sluisbuurt wordt een hoogstedelijk woonmilieu in een hoge dichtheid nagestreefd. Om dit te realiseren is veel ruimte gereserveerd voor hoogbouw in Sluisbuurt, alsook woonruimte in de Baaibuurten. Daarnaast wenst de gemeente op Zeeburgereiland ruimte te reserveren voor de stadsverzorgende bedrijvigheid binnen de ring A10.

Functiemenging van wonen en werken is in nieuwe stedelijke gebieden nodig, niet alleen om aan te sluiten bij de behoeften van de kenniseconomie, maar ook voor het behoud van sociaal-economische diversiteit, als stad met economische kansen voor iedereen. Onder meer de Bedrijvenstrook op het Zeeburgereiland moet ruimte bieden voor stadsverzorgende bedrijvigheid.

Ambities De ambitie is om Zeeburgereiland te ontwikkelen tot een multifunctioneel (hoog)stedelijk woonen werkgebied waar gemeentelijke ambities ten aanzien van mobiliteit, duurzaamheid en gezondheid worden waargemaakt.

Blad 5 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Verdichten met een hoogstedelijk gemengd programma binnen de Ring A10 Door de aanhoudende druk op de woningmarkt is de huidige ambitie voor het aantal te realiseren woningen in Zeeburgereiland minimaal circa 4.600 en maximaal 7.240 woningen (exclusief Sportheldenbuurt). Vooral vanuit stedenbouwkundig en functioneel oogpunt is een hogere dichtheid gewenst, zodat de druk op de groene ruimte in en om de stad kan worden verlicht en voldoende draagvlak voor voorzieningen kan worden verkregen. Voor wat betreft het niet-woningbouwprogramma is de ambitie om minimaal 140.100 m² en maximaal 205.300 m² bvo te realiseren (exclusief Sportheldenbuurt) middels een gefaseerde ontwikkeling. In tabel s.1 zijn de ambities, vertaald in ruimtelijk programma’s per deelgebied, weergegeven. tabel s.1 Ruimtelijk programma Zeeburgereiland Deelgebieden Sluisbuurt Baaibuurten Oost Baaibuurten West Bedrijvenstrook Totaal

Aantal woningen 3.496 – 5.640 500 – 700 600 – 900 4.596 – 7.240

Niet-woningbouwprogramma (aantal m2 bvo) 63.000 – 100.000 9.000 – 12.600 10.800 – 16.200 57.303 – 76.467 140.103 – 205.267

Een goed en multimodale bereikbaar Zeeburgereiland Om de stad in snelle groei tevens gezond, leefbaar en duurzaam te ontwikkelen, is het terugdringen van automobiliteit gewenst. Dit betekent investeren in het fietsnetwerk en openbaar vervoer, en maximaal gebruik maken van de schaarse ruimte op gewilde locaties. Door de gemeente Amsterdam wordt hier reeds in beleid en met concrete maatregelen op ingezet. Een duurzame ontwikkeling van Zeeburgereiland en bijdrage aan de stad Gekozen wordt voor een integrale, duurzame ontwikkeling van Zeeburgereiland. De gemeente wil aan alle pijlers van het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid, te weten klimaatbestendige stad, duurzame energie, circulaire econome, bewegende stad, schone lucht en een duurzame openbare ruimte, invulling geven op Zeeburgereiland. Een gezond en levendig Zeeburgereiland De gemeente ambieert om van Zeeburgereiland een aantrekkelijke stadswijk met een gezonde en prettige woon- en leefomgeving te creëren. Naast het terugdringen van automobiliteit binnen de toekomstige wijk en het bevorderen van het fietsgebruik, wil de gemeente Zeeburgereiland in het kader van het programma ‘Bewegende Stad’ veel ruimte reserveren voor bewegen en sporten ter bevordering van de gezondheid en leefomgevingskwaliteit van de bewoners en gebruikers van het gebied.

Te onderzoeken alternatieven In een m.e.r. is het verplicht alle ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven’ te onderzoeken. In dit MER wordt gewerkt met twee alternatieven voor het ruimtelijk programma. Op dit moment is het exacte ruimtelijk programma voor het Zeeburgereiland nog niet in detail bekend. Om inzicht te krijgen in milieueffecten en de haalbaarheid van bepaalde ontwikkelingen wordt daarom met een bandbreedte-benadering gewerkt.

Alternatief A en B Programma Zeeburgereiland In dit MER wordt de bandbreedte in het programma in twee alternatieven onderzocht: Alternatief A en B. Van beide alternatieven heeft alternatief B het grootste programma. De voorgenomen ontwikkeling die in dit plan wordt onderzocht betreft de gebieden: Sluisbuurt, de bedrijvenstrook

Blad 6 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

en Baaibuurten Oost en West. Voor de Sluisbuurt is een stedenbouwkundig plan vastgesteld waarin wordt uitgegaan van het maximaal programma (alternatief B). De overige gebieden zijn nog niet verder uitgewerkt, waardoor de bandbreedte van beide alternatieven wenselijk is om te onderzoeken. Echter, ook voor de Sluisbuurt is het relevant om zowel de ‘minimale’ (A) als het ‘maximale’ alternatief (B) te onderzoeken. Zo wordt de milieu-impact van beide alternatieven beschouwd en kan dit leiden tot nadere aanbevelingen of wijzigingen die in het bestemmingsplan voor de Sluisbuurt een plaats kunnen krijgen. In tabel s.2 en figuur s.4 is het programma van beide alternatieven weergegeven. tabel s.2 Ruimtelijk programma Alternatief A en B Programma

Wonen Maatschappelijke voorzieningen Hoger onderwijs Commerciële voorzieningen Bedrijfsfuncties maximaal milieucategorie 3.2 Wonen Wijkondersteunende voorzieningen Wonen Wijkondersteunende voorzieningen Totaal

Alternatief A Woningen Niet-wonen (m2 bvo) Sluisbuurt 3.496 19.000 25.000 19.000 Bedrijvenstrook 57.303 Baaibuurt Oost 500 9.000 Baaibuurt West 600 10.800 4.596 140.103

Alternatief B Woningen Niet-wonen (m2 bvo) 5.640 -

35.000 30.000 35.000

-

76.467

700 -

12.600

900 7.240

16.200 205.267

5.640

figuur s.4 Spreiding programma Zeeburgereiland inclusief minimum (alternatief A) en maximum (alternatief B). De woningen in de Sportheldenbuurt maken deel uit van de referentiesituatie, voor Sluisbuurt wordt een bestemmingsplan voorbereid (bron: Stedenbouwkundig plan Sluisbuurt, 2017)

Blad 7 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Hoogbouw Sluisbuurt In beide alternatieven is het uitgangspunt dat (een deel van) de woningbouwopgave wordt gerealiseerd in de vorm van hoogbouw. In de Structuurvisie Amsterdam 2040 (2011) is de kop van de Sluisbuurt aangewezen als plek voor hoogbouw. Verschillende varianten zijn in het stedenbouwkundig plan Sluisbuurt op diverse aspecten gescoord (o.a. aantal woningen, kwantiteit openbare ruimte, bezonning en schaduw, impact op UNESCO, etc.), hieruit is een voorkeursmodel geselecteerd. In de bijlagenbundel van het Stedenbouwkundig plan is deze aangeduid als model 4. In het stedenbouwkundig plan Sluisbuurt wordt voorgesteld om bijna een derde van de woningen te realiseren in bebouwing van 30 meter en hoger. De bebouwing kenmerkt zich door een stedelijke basis (maximaal 20 meter hoog) aan levendige straten met daar bovenop hoogbouw als integraal onderdeel van het woonmilieu Deze hoogbouw wordt vooral in de vorm van slanke torens gerealiseerd. In het plan staan twaalf torens tussen 40 tot maximaal 80 meter en vijf torens tussen 80 tot maximaal 125 meter. In het MER worden twee varianten nader beschouwd die zijn opgenomen in het Stedenbouwkundig Plan. Gekozen is voor deze twee hoogbouwvarianten om voldoende bandbreedte te onderzoeken van realistische varianten en de milieuinformatie van beide varianten in het ruimtelijk besluit te kunnen meewegen.

Voor alternatief B is uitgegaan van het voorkeursmodel in het stedenbouwkundig plan. Voor alternatief A (dat uitgaat van minder woningen dan in het stedenbouwkundig plan voor de Sluisbuurt) is het aantal torens lager dan voor alternatief B. In de volgende figuren is het verschil in hoogbouwaccenten tussen beide alternatieven middels impressies weergegeven.

figuur s.5 Impressie stedenbouwkundig alternatief A Sluisbuurt

figuur s.6 Impressie stedenbouwkundig alternatief B Sluisbuurt

Blad 8 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Geen andere redelijkerwijs te beschouwen alternatieven Er zijn, naast deze twee alternatieven, geen andere alternatieven die in het MER aan de orde komen. Alternatieven met lagere woningaantallen dan in Alternatief A voorzien worden in het MER niet beschouwd. Hiermee zou het Zeeburgereiland te weinig bijdragen aan de Amsterdamse woningbehoefte. Alternatieven met hogere woningaantallen dan in Alternatief B voorzien worden niet realistisch geacht. In de NRD zijn deze twee alternatieven reeds benoemd en er zijn geen reacties of adviezen ontvangen waarin is gevraagd om ook naar andere alternatieven te kijken. Ook gezien het feit dat het stedenbouwkundig plan door de gemeente raad is vastgesteld, inclusief de keuze voor een bepaalde vorm van hoogbouw, worden hier geen alternatieven voor onderzocht. Er wordt wel specifiek ingegaan op de verschillen in hoogbouwaccenten bij de twee alternatieven, met name in de Sluisbuurt, ten aanzien van de relevante milieueffecten.

Fietsverbinding en tramterminal Aanvullend op de ontwikkeling van multifunctioneel (hoog)stedelijk woon- en werkgebied in Zeeburgereiland spelen twee mogelijke ontwikkelingen in het plan- en studiegebied: ▪ De (mogelijke) realisatie van een nieuwe fietsverbinding vanaf Zeeburgereiland naar het Centrum en Oost ▪ De (mogelijke) realisatie van een definitieve tramterminal in de oksel van de toerit A10/S114. Het is nog niet duidelijk of en hoe deze twee ontwikkelingen gerealiseerd worden. Daarom worden ze in dit MER beschouwd met behulp van een gevoeligheidsanalyse in hoofdstuk 17. Fietsverbinding Een wens voor Zeeburgereiland is een snelle fietsverbinding van Sluisbuurt naar het centrum, maar hierbij zijn diverse varianten mogelijk. Het gaat dan om de keuze voor een brug, tunnel of pont en ook tussen welke locaties de verbinding komt te liggen. Hiervoor is een separaat traject door de gemeente opgestart, waarbij ook de bewoners van het Oostelijk Havengebied meedachten en advies gaven. De onderzochte varianten zijn ook onderzocht op de relevante milieuthema’s. De eindrapportage (juli 2017) is tezamen met het stedenbouwkundig plan voor de Sluisbuurt vastgesteld op 27 september 2017.

In de gemeenteraad is bij de vaststelling van het stedenbouwkundig plan besloten om een fietsbrug van de Sluisbuurt naar Sporenburg en de opwaardering van de Amsterdamsebrug als varianten in het vervolgtraject mee te nemen en de andere varianten af te laten vallen. Daarnaast is in een motie aangegeven dat ook de variant waarbij een verbinding vanaf de Sluisbuurt naar Borneo via de punt van het Cruquiuseiland meegenomen zou moeten worden. Dit project wordt nader uitgewerkt in 2018/2019. Tramterminal De huidige tijdelijke tramstalling op Zeeburgereiland wordt op korte termijn (2019) vergroot, zodat deze voldoende stallingscapaciteit biedt voor de groei van de tramvloot van de IJtram met gekoppelde trams. Deze stalling biedt geen extra capaciteit wanneer de HOV Amsterdamsebrug een tramverbinding wordt. Ook is de ruimtelijke inpassing in de stedenbouwkundige schetsen van de Baaibuurten niet optimaal. Om gesteld te staan voor deze ontwikkelingen wordt er gezocht naar een definitieve stalling, die voldoende capaciteit biedt en definitief inpasbaar is in de stedenbouwkundige ontwikkelingen. Er zijn drie oplossingen in onderzoek die alleen of in combinatie de benodigde capaciteit bieden.

De eerste van de oplossingen die wordt onderzocht is de realisatie van een tramstalling in het westelijk oor van de toerit A10/S114 in combinatie met stalling en eventuele laadstations voor elektrische touringcars en/of stadsbussen. De tweede oplossing is een efficiëntere tramterminal op min of meer de huidige locatie. De andere oplossing is buiten Zeeburgereiland gelegen.

Blad 9 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Conclusie en bijdrage aan ambities In tabel s.3 is een integrale effectbeoordeling weergegeven van beide alternatieven van Zeeburgereiland. tabel s.3 Integrale effectbeoordeling alternatieven Zeeburgereiland Thema Verkeer en vervoer Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid en nautische veiligheid Gezonde leefomgeving Leefomgevingskwaliteit

Bodem en water

Aspect Bereikbaarheid weg, OV en fiets Verkeersafwikkeling Verkeersveiligheid Gecumuleerde geluidbelasting Stikstofdioxide (NO₂) Fijn stof (PM₁₀ en PM₂,₅) Transport van gevaarlijke stoffen Stationaire bronnen Nautische veiligheid Milieugezondheidskwaliteit Bewegen Groen Windklimaat Bezonning en schaduw Lichthinder Hittestress Sociale aspecten Bodem

Water

Natuur

Archeologie, cultuurhistorie en landschap

Natura 2000 Natuur Netwerk Nederland Beschermde soorten Archeologie Cultuurhistorie Landschap

Duurzaamheid

Hinder en overlast

Duurzaam ruimtegebruik Duurzame energie-opwekking Duurzaam energiegebruik Verkeer Parkeren Stof Geluid Trillingen Visuele aspecten Afval en zwerfvuil

Beoordelingscriterium Modal split Verkeersafwikkeling op de ontsluitingswegen Aantal ongevallen Geluidbelasting bij bestaande blootgestelden Geluidbelasting bij nieuwe blootgestelden Concentraties NO₂ ter plaatse van blootgestelden Concentraties PM₁₀ en PM₂,₅)ter plaatse van blootgestelden Omvang plaatsgebonden risico en groepsrisico Omvang plaatsgebonden risico en groepsrisico Vlotte en veilige doorvaart op het Amsterdam-Rijnkanaal Gezondheid in relatie tot geluid en luchtkwaliteit Omgeving die stimuleert tot een gezonde leefstijl Kwaliteit van openbare ruimte en groen Mate van windhinder en windgevaar Mate van bezonning en schaduwhinder Mate van lichthinder Mate van temperatuurstijging / -daling Levendigheid versus stille gebieden, sociale veiligheid Bodemopbouw Hoogteligging en grondverzet Bodemkwaliteit Oppervlaktewater Grondwater Waterkwaliteit Waterveiligheid Klimaatverandering Instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden Natuur Netwerk Nederland Ecologische verbindingszone Westoever Gunstige staat van instandhouding van beschermde soorten Archeologisch erfgoed Cultuurhistorische waardevolle elementen Beschermde stads- en dorpsgezichten en monumenten Landschappelijke structuur Ruimtelijk-visuele kwaliteit Meervoudig/ intensief ruimtegebruik, houdbaarheid/flexibiliteit Mogelijkheden + randvoorwaarden duurzame energie-opwekking Mogelijkheden + randvoorwaarden

duurzaam energiegebruik Verkeersafwikkeling Hinder door parkeren Stofhinder Geluidoverlast Trillingen Zicht vanuit en op het plangebied Hinder door zwerfvuil en illegaal dumpen

Alternatief A 0/+ 0/0/0/0 0

Alternatief B 0/+ 0/0/0 0

-0

-0

0 + + 0/0 0 + 0 0 + 0 0 0/+ 0 0 0 0 0/0 0 0 0 + 0/+ + 0/+ 0/+ 0/0/0/0 0/-

0 + + 0/0 0 + 0 0 + 0 0 0/+ 0 0 0 0 0/0 0 0 0 + 0/+ ++ 0/+ 0/+ 0/0/0/0 0/-

Het is de ambitie van Amsterdam om Zeeburgereiland te ontwikkelen tot een multifunctioneel (hoog)stedelijk woon- en werkgebied waar gemeentelijke ambities ten aanzien van mobiliteit, duurzaamheid en gezondheid worden waargemaakt. Ambitie 1 – Verdichten met een hoogstedelijk gemengd programma binnen de Ring A10 De ontwikkeling van Zeeburgereiland voldoet aan de ambitie om een multifunctioneel (hoog)stedelijk woon- en werkgebied te ontwikkelen. De effectbeoordelingen laten zien dat dit

Blad 10 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

goed mogelijk is. Er zijn geen knelpunten gesignaleerd, die deze ontwikkeling onmogelijk maken. Weliswaar zijn er diverse aandachtspunten (verkeer, geluid, hinder en windhinder), maar deze maken de geplande ontwikkeling niet onmogelijk en zijn bovendien goed met maatregelen aan te pakken. Ambitie 2 – Een goed en multimodale bereikbaar Zeeburgereiland De modal split in Zeeburgereiland verschuift ten gunstige van het OV en de fiets. Door het treffen van maatregelen bij diverse kruisingen in het plangebied kan ook de groei van het verkeer verwerkt worden op dit netwerk. Wel zijn voor dit thema aandachtspunten ten aanzien van de algemene bereikbaarheid van de stad via de oostflank (A10) en is nog onzekerheid over de vorm van een (nieuwe) fietsverbinding. Aanbevolen wordt om beide trajecten snel op te pakken in een Mobiliteitsplan. Ambitie 3 – Een duurzame ontwikkeling van Zeeburgereiland en bijdrage aan de stad Zeeburgereiland draagt bij aan alle pijlers van het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid, te weten klimaatbestendige stad, duurzame energie, circulaire econome, bewegende stad, schone lucht en een duurzame openbare ruimte. Door hoogbouw wordt efficiënt omgegaan met de beperkte ruimte in de stad.

De ontwikkeling met hoogstedelijke programma’s bevordert het duurzaam ruimtegebruik op heel Zeeburgereiland aanzienlijk en biedt kansen om naast een collectief warmtesysteem, extra elektriciteit lokaal op te wekken. De hoge bebouwingdichtheid bevordert het duurzaam energiegebruik. Dit betekent dat de ambities van de gemeente op het gebied van duurzaamheid in grote mate behaald worden. Ambitie 4 – Een gezond en levendig Zeeburgereiland Zeeburgereiland moet een aantrekkelijke stadswijk worden met een gezonde en prettige woonen leefomgeving om in te wonen, werken en te recreëren. Dit wordt vormgegeven door een brede inzet op fietsgebruik en het OV in plaats van de auto. In de Sluisbuurt komen veel groen en watervoorzieningen waardoor de hittestress beperkt blijft. Ook zorgt de inrichting van de woongebieden met langzaam verkeersverbindingen, speelplekken en groen voor het bevorderen van bewegen en daarmee voor een gezonde leefomgeving voor bewoners en gebruikers van dit gebied. De ontwikkeling verbetert de landschappelijke samenhang en het contrast tussen stad en land en de ruimtelijk-visuele kwaliteit van het gebied. De geluidbelasting is langs de drukke IJburglaan wel een aandachtspunt, maar blijft beneden de maximaal te ontheffen waarde.

Conclusie gevoeligheidsanalyses fietsverbinding en tramstalling Met een gevoeligheidsanalyse is beschouwd wat de potentiële milieueffecten van de fietsverbinding kunnen zijn. Naast de verplaatsing van vervoersstromen en een effect op de modal shift, spelen milieueffecten die met deze verandering samenhangen, zoals geluid, gezonde leefomgeving en duurzaamheid. Deze veelal positieve effecten zijn voor alle varianten te verwachten. Er wordt geen negatief effect verwacht dat, vergeleken met het schaalniveau van Zeeburgereiland als geheel, een aandachtspunt vormt in het kader van dit MER. Aandachtspunten voor de verdere uitwerking van de fietsverbinding zijn onder andere verkeer en vervoer, externe en nautische veiligheid en hinder en overlast in de realisatieperiode. De uiteindelijke keuze voor een van de varianten wordt in een separaat proces gemaakt. Uit de beschouwing van de effecten van de realisatie van een definitieve tramstalling in het oor van de A10 is gebleken dat de effecten zeer beperkt zijn. Er worden geen effecten op verkeer en vervoer verwacht, omdat geen sprake is van een significante wijziging van de verkeerssituatie. Indien aanpassingen aan de infrastructuur benodigd zijn, is nader onderzoek naar de uitwerking en realisatie van deze aanpassingen benodigd.

Blad 11 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Mogelijkheden om de belangrijkste aandachtspunten aan te pakken en het milieu- en leefklimaat te optimaliseren Naast de positieve effecten als gevolg van de verdere ontwikkeling van Zeeburgereiland en het in grote mate behalen van de gestelde ambities en beleidsdoelen zijn er ook enkele aandachtspunten. De meest prominente zijn: verkeersafwikkeling, externe veiligheid, geluid, windhinder en hinder gedurende de realisatie. Hiervoor zijn diverse maatregelen benoemd in het MER. Door realisatie van meerdere van deze maatregelen kunnen de nu nog (licht) negatieve scores op deze thema’s omgebogen worden naar een neutrale of zelfs positieve score. Voor elk thema is geanalyseerd of er maatregelen noodzakelijk en/of wenselijk zijn om de kwaliteit van het milieu- en leefklimaat te optimaliseren. Naast de maatregelen voor de aandachtspunten zijn ook voor de andere thema’s waar relevant optimaliserende maatregelen benoemd. Deze maatregelen kunnen op diverse wijzen geborgd worden. Dit kan voor de ontwikkeling van Zeeburgereiland, via de instrumenten worden geregeld: ▪ Stedenbouwkundig plan / beeldkwaliteitsplan ▪ Bestemmingsplan ▪ Bouwenvelop ▪ Tender ▪ Beleidsplannen ▪ Erfpachtcontract

Evaluatie van effecten Het is een wettelijke verplichting om na verloop van tijd te evalueren in hoeverre de effectvoorspellingen in het MER kloppen. Het is onmogelijk om te voorspellen hoe de ontwikkeling van Zeeburgereiland exact gaat verlopen. Niet alleen is dit afhankelijk van de markt die grotendeels aan zet is om met nieuwe initiatieven te komen (zowel voor woningen als bedrijven en voorzieningen), ook zullen zich in de komende jaren veranderingen voordoen die nog nu niet zijn te voorspellen. Het is van belang om in de verschillende fasen van de ontwikkeling te zorgen voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Tijdens het opstellen van het MER is geconstateerd dat gezien de langere doorlooptijd en nog onzekere (exacte) invulling van bijvoorbeeld de Baaibuurten het noodzakelijk is om de effecten goed te monitoren om eventueel nog bij te kunnen sturen. Dit geldt voor alle thema’s van de leefomgeving, maar in het bijzonder voor verkeer. Hier wordt aanbevolen een mobiliteitsplan op te stellen waarin in een bredere context naar optimalisatie van het mobilteitsaanbod en huidige infrastructuur aan de oostflank van Amsterdam gekeken wordt. Hiervoor is het wenselijk de verkeerstromen en groei hierin goed te monitoren.

Blad 12 van 197

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018 revisie 8.0

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Amsterdam groeit hard en heeft een forse woningbouwopgave. Aan deze opgave wordt in diverse stadsdelen hard gewerkt. Een belangrijke basis hiervoor vormt de Amsterdamse structuurvisie. Hoewel over de ontwikkeling van Zeeburgereiland in Amsterdam-Oost reeds in 2005 besloten is, is in de structuurvisie nogmaals de potentie en het grote belang van Zeeburgereiland als woningbouwlocatie benoemd vanwege de uitplaatsing van de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Op Zeeburgereiland bouwt de gemeente een nieuwe stadswijk, met verschillende woonbuurten, voorzieningen en werkruimte. In 2008 is hiervoor een milieueffectrapport (MER)2 opgesteld [Witteveen+Bos, 2008]. Dit MER heeft als basis gediend voor het bestemmingsplan voor het eerste deelgebied dat in ontwikkeling is genomen: de Sportheldenbuurt. Uit dit MER kwamen geen specifieke knelpunten en de diverse aandachtspunten, bijvoorbeeld ten aanzien van geluid, zijn meegenomen in de plannen van de Sportheldenbuurt. Dit MER gold ook als basis voor de nieuwe waterkering, waarvan inmiddels het eerste deel is aangelegd. De waterkering is noodzakelijk om het gebied binnendijks te brengen. De realisatie van het tweede deel van de kering wordt naar verwachting in 2018 gestart en in 2021 afgerond. Na de ontwikkeling van de Sportheldenbuurt vormt de Sluisbuurt het volgende plan.

Hiervoor is een stedenbouwkundig plan vastgesteld op 27 september 2017 en wordt een bestemmingsplan voorbereid (zie paragraaf 1.3.3). Op enige termijn zijn ook ontwikkelingen voorzien op de Bedrijvenstrook en in de Baaibuurten Oost en West. Voor de Oostpunt worden momenteel geen ontwikkelingen voorzien.

Sluisbuurt

Baaibuurt West Oostpunt

figuur 1.1 Deelgebieden Zeeburgereiland

2

MER staat voor het milieueffectrapport en m.e.r. voor de procedure van milieueffectrapportage

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Sinds 2008 zijn de plannen voor Zeeburgereiland aangepast. Zo zijn meer woningen voorzien dan toen. Vanwege dit grotere aantal woningen, maar ook vanwege zorgvuldigheid en het actualiseren van onderzoeken is het voorliggende MER opgesteld. Dit heeft mogelijk meer of andere effecten tot gevolg dan uit het MER van 2008 naar voren kwam. Daarom is een nieuwe m.e.r.-procedure voor de verdere ontwikkeling van Zeeburgereiland gestart. Dit MER gaat over de voorgenomen activiteiten op Zeeburgereiland. Dit omvat de ontwikkeling van: de Sluisbuurt, de Bedrijvenstrook en de Baaibuurten Oost en West. Het gaat om de realisatie van bebouwing, de bijbehorende infrastructuur, parkeervoorzieningen en bijbehorende (stedelijke) voorzieningen.

1.2

Ligging plangebied Het Zeeburgereiland ligt aan de oostzijde van Amsterdam, in het IJ, tussen het centrum van de stad en het IJmeer en IJburg, zie figuur 1.2. Het eiland heeft een oppervlak van circa 120 hectare en is met een viertal bruggen en tunnels verbonden met het vasteland (de Zeeburgertunnel, Piet Heintunnel, Schellingwoudebrug en Amsterdamse brug) voor een verbinding met het centrum van Amsterdam). Direct ten noorden van het eiland bevindt zich een sluizencomplex.

Piet Heintunnel

Sluizencomplex Schellingwouderbrug Zeeburgertunnel

IJburg Amsterdamse brug

figuur 1.2 Ligging van het plangebied en nabije omgeving

1.3

Een nieuw MER voor het Zeeburgereiland

1.3.1

Verschil MER 2008 en MER 2018 In het MER uit 2008 is onderzoek uitgevoerd naar twee alternatieven. De twee alternatieven verschilden qua grootte van het programma. De locatie van de voorgenomen ontwikkelingen op Zeeburgereiland stond en staat reeds vast. Het woningbouwprogramma was toen maximaal 6.000 woningen en 205.300 m2 bedrijfsvloeroppervlak (alternatief 2). Deze woningaantallen en bedrijfsvloeroppervlak waren verdeeld over de zes deelgebieden (zie figuur 1.1). Alternatief 2 is destijds als voorkeursalternatief benoemd.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Zoals reeds in de inleiding is beschreven, wordt inmiddels voorzien in een grotere woningbouwopgave op Zeeburgereiland. Net als in het MER 2008 wordt in dit MER (2018) uitgegaan van twee alternatieven: een minimaal en een maximaal programma, zie hoofdstuk drie. Van belang is om te vermelden dat dit MER niet gaat over de vraag of de ontwikkeling op Zeeburgereiland kan plaatsvinden. Dit besluit is reeds in 2005 genomen en bekrachtigd in de Structuurvisie en de Koers 2025 Ruimte voor de stad. Ook een hoogstedelijk woonmilieu met hoogbouw staat niet ter discussie. In het door de gemeenteraad vastgestelde stedenbouwkundig plan Sluisbuurt (vastgesteld op 27 september 2017) is hoogbouw als belangrijk planelement benoemd voor de ontwikkeling. De onderbouwing van de keuze voor hoogbouw en de invulling van het hoogstedelijk milieu komt verder aan de orde in hoofdstuk 2. De variatie in dit MER wat betreft de Sluisbuurt zit in de grootte van het programma. Er zijn twee alternatieven te onderscheiden. In figuur 1.3 is het verschil in aantallen tussen het MER 2008 en 2018 weergegeven. Inmiddels is de Sportheldenbuurt vrijwel gerealiseerd. Dit zijn circa 2.500 woningen, die wel onderdeel uitmaakten van de alternatieven in het MER 2008, maar niet meer van het MER 2018: deze zijn nu onderdeel van de bestaande situatie.

Daarom is het totaal aantal woningen en bedrijfsvloeroppervlak op Zeeburgereiland groter dan nu bij het programma voor het MER 2018 staat. Waar in 2008 nog werd uitgegaan van de ontwikkeling van 6.000 woningen en 264.000 m 2 bvo., wordt nu gedacht aan een totaalprogramma van circa 9.800 woningen en 235.000 m2 bvo. nietwoonprogramma op Zeeburgereiland (incl. Sportheldenbuurt).

Woningen MER 2008 - ALTERNATIEF 1 MER 2008 - ALTERNATIEF 2 MER 2018 - ALTERNATIEF 1 MER 2018 - ALTERNATIEF 2

5.000 6.000

0

2.550 2.550

4.600

2.000

4.000

Totaal:7.150 7.250 6.000

Bestaande woningen

8.000

Totaal:9.800 10.000

12.000

Nieuwe woningen

m2 bedrijfsvloeroppervlak (bvo) MER 2008 - ALTERNATIEF 1 MER 2008 - ALTERNATIEF 2 MER 2018 - ALTERNATIEF 1 MER 2018 - ALTERNATIEF 2

194.500 264.000 140.000

30.000 30.000

0

50.000

100.000

Bestaand bvo

Totaal:170.000 205.000 Totaal:235.000

150.000

200.000

250.000

300.000

Nieuw bvo

figuur 1.3 Vergelijking alternatieven MER 2008 en MER 2018 (bestaande woningen en bvo, zijn gerealiseerde en op korte termijn te realiseren woningen en bvo tot 2020, oftewel autonome ontwikkelingen)

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

1.3.2

M.e.r.-plicht De ontwikkeling van Zeeburgereiland kan getypeerd worden als een stedelijk ontwikkelingsproject (Categorie D11.2 van het Besluit m.e.r.). De activiteit ligt boven de drempelwaarde van 2.000 woningen en 200.000 m2 bvo. Formeel is een m.e.r.-beoordeling verplicht, maar vanwege de mogelijke impact op het milieu, om het milieubelang volwaardig in de besluitvorming mee te laten wegen én het feit dat in 2008 ook een MER is uitgevoerd, is gekozen voor een volledige m.e.r.procedure.

1.3.3

Een gecombineerde plan- en projectMER Er bestaan formeel twee vormen van milieueffectrapportage, namelijk milieueffectrapportage voor plannen en milieueffectrapportage voor projecten of besluiten. Een bestemmingsplan kan zowel plan-m.e.r.-plichtig als project-m.e.r.-plichtig zijn. Dit hangt af van de aard van het bestemmingsplan (met of zonder uitwerkingsverplichtingen) en van de noodzaak om voor het plan een zogenaamde passende beoordeling op grond van de Wet natuurbescherming uit te voeren. Voor het voornemen is een passende beoordeling uitgevoerd als onderdeel van de natuurtoets. Daarom is uitgegaan van een gecombineerde plan- en project-m.e.r. Procedureel gezien is er voor bestemmingsplannen geen verschil tussen een plan-m.e.r. en een project-m.e.r.; voor beide geldt de uitgebreide procedure. Met het be-m.e.r.-en van het bestemmingsplan Sluisbuurt (als eerste ruimtelijk plan) is de m.e.r.-plicht wat betreft het Besluit m.e.r. uitgewerkt.

1.3.4

Doel van het MER Een milieueffectrapport (MER) geeft inzicht in de (mogelijke) milieueffecten van een voorgenomen activiteit (voornemen). Doel van dit MER is het verzamelen van relevante milieu-informatie. Door deze milieueffecten in een vroeg stadium in beeld te brengen is het mogelijk om verschillende alternatieven (in dit geval twee) af te wegen en keuzes te maken. Hierdoor krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. Het MER: ▪ geeft inzicht in de (mogelijke) milieueffecten van Zeeburgereiland in het plangebied zelf en op de omgeving; ▪ levert de benodigde milieuinformatie om keuzes voor bestemmingsplannen te onderbouwen; ▪ en bevat aanbevelingen om nadelige milieugevolgen te beperken of te voorkomen. Dit MER levert input voor de diverse ruimtelijke besluiten die voor de verdere ontwikkeling van Zeeburgereiland genomen gaan worden. Sommige maatregelen die in dit MER benoemd staan, landen in deze ruimtelijke plannen, terwijl andere maatregelen in een stedenbouwkundig plan, een beleidsplan of in de aanbesteding meegenomen (kunnen) worden. Zo is tegelijk met het opstellen van dit MER ook het Stedenbouwkundig plan Sluisbuurt opgesteld en vastgesteld. Veel van de maatregelen die in dit MER benoemd staan, zijn hier reeds in overgenomen.

Juist omdat dit Stedenbouwkundig plan tegelijk opliep met dit MER kunnen over de Sluisbuurt gedetailleerdere uitspraken gedaan worden dan over de andere deelgebieden. Om die reden varieert de informatie in het MER van detailniveau.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

1.3.5

De m.e.r.-procedure en mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze De m.e.r.-procedure, zoals deze voor Zeeburgereiland wordt gevolgd, staat in figuur 1.4.

figuur 1.4 Gevolgde m.e.r.-procedure voor Zeeburgereiland

Opstellen notitie Reikwijdte en Detailniveau, ter inzage legging en advies Commissie m.e.r. Voor de start van de m.e.r-procedure is een notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld3. Deze heeft vanaf 1 juli 2016 zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode heeft een ieder schriftelijk kunnen reageren op deze notitie en zijn/haar mening kunnen geven over wat onderzocht moet worden in het MER en op welke manier. Ook zijn wettelijke adviseurs en betrokken bestuursorganen (zoals Rijkswaterstaat en de provincie Noord-Holland) in de gelegenheid gesteld om advies te geven. Op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau is een aantal reacties en adviezen ingediend. In de Nota van beantwoording voor de NRD Zeeburgereiland 2017 is aangegeven hoe met de binnengekomen reacties en adviezen op de NRD in het MER rekening wordt gehouden. Deze is vervolgens door het College van B&W vastgesteld. De Nota van Beantwoording is als losse bijlage bij het MER gevoegd. Ook is door de gemeente de onafhankelijke Commissie m.e.r. om advies gevraagd. De Commissie heeft op 13 september 2016 een advies op de reikwijdte en het detailniveau van het MER uitgebracht (zie de bijlagenbundel).

Voor dit MER zijn de volgende onderdelen van belang: ▪ De commissie geeft aan te onderbouwen waarom voor de twee alternatieven is gekozen, maar vraagt niet om ook andere alternatieven (bijvoorbeeld met betrekking tot de locatie) in beschouwing te nemen; ▪ De duurzaamheidsambities voor het voornemen, vertaald in zo concreet mogelijke toetsbare criteria voor de vergelijking van alternatieven en varianten; ▪ Het lokale woon- en leefmilieu in relatie tot de stedelijke verdichting en de effecten van het voornemen hierop; ▪ De fasering van de ontwikkelingen en de wijze waarop rekening zal worden gehouden met tijdelijke milieueffecten; ▪ De effecten van het voornemen, specifiek de hoogbouw, op het landschap en de ruimtelijke kwaliteit. Maak hiervoor gebruik van visualisaties. Het concept MER is als bijlage toegevoegd bij het voorontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt. Door de diverse vooroverlegpartners zijn hierop vooroverlegreacties ingediend, die zijn voorzien van een antwoord in een Nota van Beantwoording. Deze is als bijlage bij het ontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt gevoegd. 3

Gemeente Amsterdam 2016, ‘MER Zeeburgereiland 2016, Notitie reikwijdte en detailniveau’

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Ter inzage legging MER bij het bestemmingsplan Sluisbuurt Het MER is een hulpmiddel bij de besluitvorming. De resultaten van het MER vormen input voor de ontwerpbestemmingsplannen, dan wel -uitwerkingsplannen, -wijzigingsplannen of andere ruimtelijke besluiten (zoals een omgevingsvergunning). Het ontwerp bestemmingsplan Sluisbuurt wordt tezamen met het MER, ter inzage gelegd. Eenieder krijgt hierbij de mogelijkheid om gedurende de termijn van 6 weken van de ter inzage legging van het ruimtelijk besluit, zienswijzen naar voren te brengen op het ontwerpbestemmingsplan Sluisbuurt en het MER Zeeburgereiland 2018. Zienswijzen op het MER kunnen zich uitsluitend richten op de volledigheid van milieuinformatie. In deze fase brengt de Commissie m.e.r. ook haar toetsingsadvies op het MER uit. Vervolg bestemmingsplanprocedure De ingebrachte zienswijzen en adviezen op het MER worden voorzien van een inhoudelijke beantwoording in de Nota van beantwoording MER Zeeburgereiland 2018. Indien nodig wordt het bestemmingsplan van het betreffende deelgebied aangepast en/of het MER op bepaalde punten aangepast of aangevuld. Het bestemmingsplan Sluisbuurt wordt tezamen met het MER en de Nota van beantwoording door het College van B&W van gemeente Amsterdam aangeboden ter vaststelling door de gemeenteraad van Amsterdam.

Na vaststelling van het ruimtelijk besluit door de raad bestaat de mogelijkheid om beroep tegen het ruimtelijk besluit (en het MER dat een bijlage bij het bestemmingsplan vormt) aan te tekenen bij de Raad van State. Evaluatie/monitoring Na vaststelling van het bestemmingsplan is het Bevoegd Gezag verplicht de daadwerkelijke milieugevolgen van de uitvoering van de voorgenomen activiteit te onderzoeken. Dit houdt in dat nagegaan dient te worden of de effectvoorspellingen juist zijn geweest.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

2

Doelen, ambities en beleidskader

2.1

Doelen Amsterdam verandert en groeit in hoog tempo met circa 10.000 inwoners per jaar. De ontwikkeling van het Zeeburgereiland komt op gang in de tijd van een grote woningbouwopgave. Zo moeten duizenden nieuwe woningen in komende jaren ervoor zorgen dat de stad woonruimte biedt aan de enorme groei in aantal inwoners. Het gaat om woonruimte voor diverse groepen, studenten en gezinnen, lage en hoge inkomens, inclusief stedelijke voorzieningen. Amsterdam heeft de ambitie om tenminste 5.000 woningen per jaar te bouwen. De Amsterdamse Structuurvisie geeft aan waar de kansen liggen en Koers 2025 - Ruimte voor de stad, is een uitwerking daarvan voor de eerstkomende tien jaar, met concrete ontwikkellocaties. Het is de bedoeling om sommige locaties versneld te ontwikkelen, waaronder Zeeburgereiland. De strategische ligging van het gebied (dichtbij de binnenstad, binnen de ring en aan het IJ) en de intrinsieke kwaliteiten van de locatie (eiland, water, vergezichten) zijn uniek. Vanwege de bijzondere locatie en de woningbouwopgave doet zich voor het plangebied een kans voor om een nieuwe stap te zetten in de ontwikkeling van Amsterdam, als ruimtelijke schakel tussen delen van de stad, met een nieuw type stedelijkheid en nieuwe vormen van mobiliteit. Voor de Sluisbuurt wordt een hoogstedelijk woonmilieu in een hoge dichtheid nagestreefd.

Om dit te realiseren is veel ruimte gereserveerd voor hoogbouw in Sluisbuurt, alsook woonruimte in de Baaibuurten. Daarnaast wenst de gemeente op Zeeburgereiland ruimte te reserveren voor de stadsverzorgende bedrijvigheid binnen de ring A10. Functiemenging van wonen en werken is in nieuwe stedelijke gebieden nodig, niet alleen om aan te sluiten bij de behoeften van de kenniseconomie, maar ook voor het behoud van sociaal-economische diversiteit, als stad met economische kansen voor iedereen. Onder meer de Bedrijvenstrook op het Zeeburgereiland moet ruimte bieden voor stadsverzorgende bedrijvigheid.

2.2

Ambities De ambitie is om Zeeburgereiland te ontwikkelen tot een multifunctioneel (hoog)stedelijk woonen werkgebied waar gemeentelijke ambities ten aanzien van mobiliteit, duurzaamheid en gezondheid worden waargemaakt. Verdichten met een hoogstedelijk gemengd programma binnen de Ring A10Door de aanhoudende druk op de woningmarkt is de huidige ambitie voor het aantal te realiseren woningen in Zeeburgereiland minimaal circa 4.600 en maximaal 7.240 woningen (exclusief Sportheldenbuurt). Vooral vanuit stedenbouwkundig en functioneel oogpunt is een hogere dichtheid gewenst, zodat de druk op de groene ruimte in en om de stad kan worden verlicht en voldoende draagvlak voor voorzieningen kan worden verkregen. Voor wat betreft het niet-woningbouwprogramma is de ambitie om minimaal 140.100 m² en maximaal 205.300 m² bvo te realiseren (exclusief Sportheldenbuurt) middels een gefaseerde ontwikkeling. In tabel 2-1 zijn de ambities, vertaald in ruimtelijk programma’s per deelgebied, weergegeven.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

tabel 2-1 Ruimtelijk programma Zeeburgereiland Deelgebieden Sluisbuurt Baaibuurten Oost Baaibuurten West Bedrijvenstrook Totaal

Aantal woningen 3.496 – 5.640 500 – 700 600 – 900 4.596 – 7.240

Niet-woningbouwprogramma (aantal m2 bvo) 63.000 – 100.000 9.000 – 12.600 10.800 – 16.200 57.303 – 76.467 140.103 – 205.267

Een goed en multimodale bereikbaar Zeeburgereiland Om de stad in snelle groei tevens gezond, leefbaar en duurzaam te ontwikkelen, is het terugdringen van automobiliteit gewenst. Dit betekent investeren in het fietsnetwerk en openbaar vervoer, en maximaal gebruik maken van de schaarse ruimte op gewilde locaties. Door de gemeente Amsterdam wordt hier reeds in beleid en met concrete maatregelen op ingezet. Een duurzame ontwikkeling van Zeeburgereiland en bijdrage aan de stad Gekozen wordt voor een integrale, duurzame ontwikkeling van Zeeburgereiland. De gemeente wil aan alle pijlers van het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid, te weten klimaatbestendige stad, duurzame energie, circulaire econome, bewegende stad, schone lucht en een duurzame openbare ruimte, invulling geven op Zeeburgereiland. Een gezond en levendig Zeeburgereiland De gemeente ambieert om van Zeeburgereiland een aantrekkelijke stadswijk met een gezonde en prettige woon- en leefomgeving te creëren. Naast het terugdringen van automobiliteit binnen de toekomstige wijk en het bevorderen van het fietsgebruik, wil de gemeente Zeeburgereiland in het kader van het programma ‘Bewegende Stad’ veel ruimte reserveren voor bewegen en sporten ter bevordering van de gezondheid en leefomgevingskwaliteit van de bewoners en gebruikers van het gebied.

2.3

Beleidskaders Voor de ontwikkelingen op Zeeburgereiland dient met verschillende nationale, provinciale, regionale en gemeentelijke beleidsdocumenten rekening te worden gehouden. Op de volgende twee bladzijden wordt het overzicht gegeven van de belangrijkste beleidstukken die op het plangebied invloed hebben, de belangrijkste randvoorwaarden en uitgangspunten uit deze beleidsstukken en de doorwerking ervan in het plangebied. In de laatste kolom is voor een aantal aspecten een doorverwijzing opgenomen naar de betreffende hoofdstukken in het MER, waarin de toetsing van het voornemen aan de ambities verder is uitgewerkt. De conclusie is dat de ontwikkeling van Zeeburgereiland de uitvoering van het beleid niet in de weg staat. In de ruimtelijke plannen worden de relevante beleidsuitgangspunten per beleidsdocument nader uitgewerkt.

Milieueffectrapport Zeeburgereiland 2018 projectnummer 0411764.00 16 juli 2018

Beleidskaders

Besluit ruimtelijke ordening Structuurvisie infrastructuur en ruimte (2012) Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (2011)

Luchthavenindelingsbesluit Schiphol

Provinciaal beleid Structuurvisie NoordHolland 2040, kwaliteit door veelzijdigheid (2015)

Provinciale Ruimtelijke Verordening Structuurvisie Noord-Holland (2015)

Belangrijkste randvoorwaarde / Doorwerking in het plangebied uitgangspunt Nationaal beleid Ladder duurzame verstedelijking Het bestemmingsplan past binnen de voorwaarden van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Zie verder paragraaf 2.4 Nationaal belang 1: een excellent en De ontwikkeling van Zeeburgereiland draagt bij aan de internationaal bereikbaar vestigingsklimaat ambitie. in de stedelijke regio's met een concentratie van topsectoren. Het plangebied maakt onderdeel uit van cq. De ontwikkeling van Zeeburgereiland vormt geen grenst aan een aantal besluitvlakken van het belemmering/effecten op het IJsselmeergebied, Barro: IJsselmeergebied, rijksvaarwegen, buisleidingen (zie verder hoofdstuk 8), primaire waterkering hoofdwegen, buisleidingen, primaire (zie verder hoofdstuk 11) en natuurnetwerk (zie verder waterkering, natuurnetwerk en defensie. hoofdstuk 12). Beschermingszone rijksvaarweg Langs de Rijksvaarwegen wordt een zone aangegeven waar het belang van de vaarweg wordt beschermd. Zie verder hoofdstuk 8 (nautische veiligheid). Ruimtelijke reservering voor de mogelijke De ontwikkeling van Zeeburgereiland vormt geen verbreding van de hoofdweg A10 belemmering. Beperkingen voor gebruik Het gehele Zeeburgereiland ligt binnen het invloedsgebied van luchthaven Schiphol vanwege de te realiseren bouwhoogten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10075094/1