Raadsbesluit 2025-066C BP Datacenters Bijlagen toelichting
Tekst van het document
X Gemeente X Amsterdam x
Bestemmingsplan Datacenters
Vastgesteld
BEHOORT BIJ BESLUIT VAN DE GEMEENTERAAD VAN AMSTERDAM VAN 1 2 it)ii-d NA. c.,6-6 DE RAADSGRIFFIER,
Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid bestemmingsplan Datacenters
Colofon
Opdrachtgever Opdrachtnemer
Ruimte en Duurzaamheid
IMRO_idn
NL.IMRO.0363.GA2302PBGST-VG01
Datum print
19 Mei 2025
Planstatus
vastgesteld
blz. 3
Inhoudsopgave Bijlagen toelichting
5
Bijlage 1
Themastudie Elektriciteit Amsterdam 3.0
7
Bijlage 2
Impactstudie datacenters
29
Bijlage 3
Nota van beantwoording zienswijzen
45
Gemeente Amsterdam
blz. 4
bestemmingsplan_Datacenters (vastgesteld)
blz. 5
Bijlagen toelichting
Gemeente Amsterdam
blz. 6
bestemmingsplan_Datacenters (vastgesteld)
blz. 7
Bijlage 1
Themastudie Elektriciteit Amsterdam 3.0
Gemeente Amsterdam
Themastudie Elektriciteit Thematische studie elektriciteit - 2020 Amsterdam 3.0
Thematische studie elektriciteit - 2020
Gemeente Amsterdam & Liander werken intensief samen aan een toekomstbestendig elektriciteitsnetwerk
Team Themastudie Elektriciteit Amsterdam Juli 2024
Management samenvatting De belasting van het net groeit met een factor 3-4,5 tot 2050 De achtergrond en opbouw van de Themastudie Elektriciteit 3.0 In 2019 is de Themastudie Elektriciteit Amsterdam (TSA 1.0) opgeleverd. In 2021 is hiervan een update gepubliceerd (de “TSA 2.0”). Op basis van scenario's is een inschatting gemaakt van het effect van de groei van de stad, de energietransitie en datacenters op het elektriciteitsnetwerk tot 2050. De themastudie wordt 2 jaarlijks geüpdatet om nieuwe ontwikkelingen scherp in beeld te houden. Voor de TSA 3.0 is Weesp toegevoegd en zijn er verdiepende analyses gedaan voor het havengebied, beleid rondom datacenters, elektrisch koken, warmtepompen en airco’s.
Het vervolg De studie geeft een beeld van waar en wanneer welke maatregelen nodig zijn om een toekomstbestendige elektriciteitsvoorziening te realiseren. Op dit moment is in grote delen van Amsterdam netcongestie. De resultaten van de TSA 3.0 worden gebruikt om een goede inschatting te maken van de benodigde netuitbreidingen in Amsterdam. Op basis van de resultaten van deze update is besloten om het bijbehorende ontwikkelkader onderstations te herijken.
Eén scenario is het "Amsterdam Ambitie" scenario, waarbij de impact van de beleidsdoelstellingen is Gemeente Amsterdam en Liander werken intensief samen in het Programma bepaald. Daarnaast is er een "Laag", "Midden" & "Hoog" scenario gemaakt. Vanwege de hoge impact van Elektriciteit Voorziening Amsterdam en de Taskforce Congestie Amsterdam. Naar datacenters is hier een specifiek datacenter-scenario voor gemaakt. Dit scenario is gebaseerd op aanleiding van de TSA 2.0 zijn veel uitbreidingen van het net in gang gezet. De “Amsterdam Ambitie" waarbij de groei van datacenters wordt beperkt door het aangescherpte beleid. komende jaren wordt er fors geïnvesteerd om ervoor te zorgen dat er voldoende In Amsterdam bepaalt de vraag naar elektrisch vermogen over het algemeen de benodigde capaciteit is. Een toekomstbestendig elektriciteitsnetwerk is een randvoorwaarde voor netcapaciteit, niet het aanbod (bijv. duurzame opwek van elektriciteit met zon en wind). de groei van de stad en de energietransitie. Op 18 oktober 2023 heeft Tennet nieuwe knelpunten aangekondigd voor de levering van elektriciteit op het hoogspanningsnet. Nieuwe aanvragen voor grootverbruik komen daarom op een wachtlijst te staan, totdat de capaciteit is uitgebreid. Tennet heeft ook aangegeven een congestiemanagementonderzoek uit te voeren, waaruit moet blijken hoe en welke marktpartijen d.m.v.
flexibiliteit kunnen bijdragen aan het oplossen of beperken van netcongestie.
Voor het Havengebied bij het thema Industrie is een significante toename van vermogen geprognosticeerd: 260MW in het Hoog scenario (+190MW). Dit komt door een diepere analyse voor dit gebied. Er worden gesprekken gestart wat dit betekent voor de geplande netuitbreidingen. Voor datacenters is de groei in het Hoog scenario 1155MW (+155MW). Er is echter nieuw beleid in 2 Amsterdam die de groei verder beteugelt. Dit is doorgerekend in het Amsterdam Ambitie- en Datacenter scenario. De groei is dan gemaximaliseerd op 370MW. Voor het stadsdeel Zuidoost leidt dit tot een potentieel significante vermindering.
"AMSTERDAM AMBITIE" SCENARIO
HOOG
4000000
Belasting [MW]
De belangrijkste resultaten Op basis van de scenario's is in 2050 de belasting een factor 3 tot 4.5 keer zo hoog, Dit komt overeen met de resultaten van de TSA 2.0. Het Hoog scenario komt nu op 4250MW (+270MW). Dit wordt verklaard door o.a. toevoeging van Weesp en een geschatte doorgroei van datacenters na 2030.
VOORSPELDE BELASTING AMSTERDAM (max piek) 4500000
HUIDIGE BELASTING
19% 29%
3500000
MIDDEN DATACENTER
MOBILITEIT
25% 18%
3000000
AMSTERDAM AMBITIE
NIEUWBOUW
16% 14%
2500000
LAAG
DATACENTERS
12%
WARMTETRANSITIE
11%
BUITEN AMSTERDAM
6%
INDUSTRIE
5%
PLANNEN BEKEND LIANDER
4%
2000000 1500000 1000000 500000 0 Som van 2023
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
DUURZAME OPWEK
12% 9% 8% 8%
Inhoudsopgave 1.
2.
3.
Inleiding & achtergrond 1. Aanleiding & doel studie 2. Wat wel en niet meegenomen Resultaten doorrekening: 1. Overall resultaten 2. Impact in MW per thema 3. Vergelijking TSA 3.0 met 2.0 4. Resultaten per thema Vervolg 1. Vervolgstappen op basis van de TSA 3.0 VOORSPELDE BELASTING AMSTERDAM (max piek) 4500000
"AMSTERDAM AMBITIE" SCENARIO
HOOG
Belasting [MW]
4000000
HUIDIGE BELASTING
3500000
MOBILITEIT
25% 18%
3000000
AMSTERDAM AMBITIE
NIEUWBOUW
16% 14%
2500000
LAAG
DATACENTERS
12%
WARMTETRANSITIE
11%
BUITEN AMSTERDAM
6%
INDUSTRIE
5%
PLANNEN BEKEND LIANDER
4%
2000000 1500000 1000000 500000 0
3
19% 29%
MIDDEN DATACENTER
Som van 2023
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
DUURZAME OPWEK
12% 9% 8% 8%
1. Inleiding & Achtergrond 1.1 Aanleiding & doel van de studie 1.2 Wat wel en niet meegenomen
4
1.1 Aanleiding en doel van deze studie We voeren de TSA uit om een steeds beter beeld te krijgen van de elektriciteitsopgave die voor ons ligt De druk op het elektriciteitsnet neemt toe, op steeds meer plekken ontstaat congestie op het net. Daarom is er een dringende behoefte aan inzicht in de verwachte groei van de vermogensvraag met als doel aan de energie vraag te kunnen voldoen, nu en in de toekomst. Deze nieuwste herijking van de TSA helpt hierbij omdat het een verbeterd beeld geeft van de elektriciteitsopgave die voor ons ligt. Op basis hiervan wordt bepaald wat nodig is om aan de vermogensvraag te voldoen en wordt zo nodig het elektriciteitsnet uitgebreid. Amsterdam kent een aantal grote opgaven die afhankelijk zijn van een goed functionerende en toekomstbestendige elektriciteitsvoorziening. Ook vinden veel andere ontwikkelingen plaats (denk bijvoorbeeld aan huishoudens en bedrijven die verduurzamen) die effect hebben op het elektriciteitsnet. De ontwikkelingen en opgaven volgen elkaar de laatste jaren in rap tempo op. Met behulp van beleid geeft de gemeente richting aan deze ontwikkelingen en opgaven. In de afgelopen tijd zijn veel nieuwe beleidsproducten van de gemeente Amsterdam ontwikkeld. Denk aan de Routekaart Klimaatneutraal, Transitievisie Warmte, Actieplan Schone Lucht en Vestigingsbeleid Datacenters.
Deze producten leveren een verbeterd beeld op van de opgave die voor ons ligt. Taskforce Congestie Amsterdam Gemeente Amsterdam, Liander, TenneT en Port of Amsterdam werken sinds begin 2022 samen in de Taskforce Congestie Amsterdam (TFCA) om de gevolgen van het volgelopen elektriciteitsnet samen aan te pakken. De Taskforce zoekt manieren om de schaarse ruimte op het net te verdelen, slimme oplossingen te bedenken om de congestieproblematiek te verzachten en werkt aan uitbreiding en vernieuwing van het elektriciteitsnet. 5
Tweejaarlijkse update TSA door gemeente Amsterdam en Liander samen Om grip te krijgen op deze verschillende ontwikkelingen die invloed hebben op de toekomstige elektriciteitsvraag hebben Liander en gemeente Amsterdam in 2019 een eerste brede studie gepresenteerd – de 1e Themastudie Amsterdam. Hierin was te zien dat de totale vermogensvraag naar elektriciteit tot 2050 2,5 tot 5 maal zo groot zal worden als in 2019. Dit inzicht heeft ertoe geleid dat de partijen intensiever met elkaar zijn gaan samenwerken op strategisch niveau. We kijken ver vooruit en passen onze beslissingen in het heden hierop aan. De wereld is continue aan verandering onderhevig. De gemeente en Liander zijn voortdurend bezig met verbeteren en verscherpen van inzichten over de verwachte elektriciteitsvraag in de toekomst. Daarom is er voor gekozen om 2-jaarlijks op basis van nieuwe inzichten een nieuwe versie van de themastudie te ontwikkelen en ligt nu TSA 3.0 voor u. Beleids- en investeringskeuzes op basis van de TSA We hebben de TSA opgebouwd op basis van verschillende doorsnedes. Om te beginnen op zeven thema’s, te weten: mobiliteit, nieuwbouw, datacenters, warmtetransitie, duurzame opwek, industrie en klantontwikkelingen. Maar ook bijvoorbeeld doorsnedes op windrichting niveau, clusters en dergelijke. Dit hebben we enerzijds gedaan om het mogelijk te maken de informatie te ontsluiten.
Anderzijds om het mogelijk te maken om beleidskeuzes en investeringskeuzes te maken. Op basis van de TSA 2.0 is een ontwikkelkader opgesteld, waarin gemeente en Liander gezamenlijk keuzes hebben gemaakt over de prioritering van het bouwen en verzwaren van onderstations. Deze derde themastudie toont aan dat de belastinggroei op sommige plekken niet meer in lijn is met het huidige ontwikkelkader. Daarom is besloten om de opgave in het ontwikkelkader van een update te voorzien.
1.1 Aanleiding en doel van deze studie Samen ontwikkelingen in kaart brengen om grip te krijgen op opgave Aanleiding: er zijn drie belangrijke drivers om samen te werken aan deze studie. Driver 1 & 2 zijn onveranderd ten opzichte van de eerste thematische studie.
Driver 1: De stad maakt een groeispurt door • • • •
7.500 woningen per jaar bouwen Tot 240.000 woningen erbij tot 2050 128.000 inwoners meer tot 2039 Beperkte groei datacenters
• • • • •
55% CO2 reductie in 2030 Aardasvrij in 2040 Uitstootvrij in 2030 250 MW zon in 2030 Verduurzaming industrie
Driver 3: Grip op de opgave • •
6
Impact van nieuw beleidNieuwe (Datacentervestigingsbeleid, invoering Derde driver: inzichten uit TSA 1.0 Zero Emissiezone, Regionale Energiestrategie (RES), uitwerking Nieuwe beleidsambities ontwikkelstrategie, Transitievisie Warmte bestaande bouw) Inzichten uit zoeklocatieproces op basis van TSA 1.0 & TSA 2.0
Spoor 1: Uitbreiden Infrastructuur
Doel: Tijdig uitbreiden van infrastructuur op basis van gezamenlijke afwegingen • • •
Naar verwachting extra locaties benodigd t.o.v. TSA 2.0 in Westpoort voor nieuwe onderstations Wellicht minder vermogen nodig in Zuidoost. Updaten Ontwikkelkader (Onderstations – Hoogspanning- Transportnet) o.b.v. nieuwe inzichten uit TSA 3.0.
Spoor 2: Innovatie & Flexibiliteit Doel: Innoveren om een maatschappelijk verantwoord elektriciteitssysteem te realiseren •
Innoveren om de ruimtelijke impact van het elektriciteitssysteem te verbeteren
Spoor 3: Strategisch & Integraal plannen Doel: Zorgen dat ontwikkelingen niet tegen de grenzen van het elektriciteitssysteem aanlopen
Strategie •
•
Visie Elektriciteitsvoorziening Amsterdam – Gebaseerd op de resultaten van de TSA 3.0 worden de netuitbreidingen en ruimtelijke vertaling daarvan in beeld gebracht in Ontwikkelkader + Ontwikkelperspectief Strategisch plan – Combinatie van investeringsagenda, innovatieagenda & samenwerkingsagenda
Programma EVA
Driver 2: De energietransitie is in volle gang
Doelstelling: op basis van de inzichten uit de TSA werken we toe naar een geüpdatete analyse van de elektriciteitsopgave, zodat we goed invulling kunnen geven aan de uitvoering van het Programma EVA
1.2 Hoe zijn we tot de inzichten gekomen? Methodiek en wat hebben we wel en niet meegenomen Methodiek: input, doorrekening en resultaten Zowel de Gemeente Amsterdam als Liander heeft input aangeleverd voor de TSA: de gemeente heeft haar inzichten en plannen gedeeld aangaande woningbouw, mobiliteit, datacenters, ontwikkeling van industrie en dergelijke. De input van Liander bestaat met name uit metingen van het huidige verbruik en meetmodellen die een indicatie geven van de toekomstige belasting. Deze twee informatiestromen samen geven een compleet beeld van de verwachte ontwikkelingen en de bijbehorende capaciteitsvraag. Op basis van deze informatiestromen hebben we de verwachte elektriciteitsvraag tussen nu en 2050 doorgerekend: welke belasting verwachten we in (de aanloop naar) 2050 op basis van deze verwachte input? De resultaten, net als de input, zijn onderverdeeld in zeven thema’s die uit ruim 30 segmenten bestaan. Voor de TSA zijn doorrekeningen gedaan over de vermogensvraag voor het gehele gebied en alle thema’s. De resultaten zijn weer te geven op verschillende niveaus, zoals de hele regio Amsterdam, per stadsdeel en zelfs per thema of per segment.
7 thema's
1
Mobiliteit
2
Nieuwbouw
3
Datacenters
Ruim 30 segmenten en klantontwikkelingsprognoses Trucks
Personenvervoer Bestelbus
Woningen
Bouwmaterieel Pleziervaart
Jachthavens
Riviercruise (walstroom)
Zeecruise (walstroom)
Niet-wonen
Datacenters
7
4
Warmtetransitie
5
Duurzame opwek
6
Industrie
7
Bekende klantontwikkelingen
Bestaande stad
Airco's
PV op KV daken
PV op GV daken
Verduurzaming industrie
Niet-wonen
Horeca van aardgas
Zonneweides
Windopwek
Zon op nieuwe bedrijven en woningen
Mobiliteit
Elektrolyse
Overig
Nieuwe industrie
Nieuwe industrie
Scheepvaart (walstroom)
Metro
Tram
Bus
Trein
Veerpont
2. Resultaten 1. 2. 3. 4.
8
Overall resultaten Impact in MW per thema Vergelijking TSA 3.0 met 2.0 Resultaten per thema
Overall resultaten van de scenario’s
In 2050 is de vermogensvraag 3 tot 4.5 keer zoveel als in 2020 De belangrijkste inzichten van de vermogensgroei in tijd op station niveau: •
De stad Amsterdam had in 2019 een piekbelasting van 877MVA
•
In 2023 – startpunt van deze TSA – had Amsterdam een piekbelasting van 1180 MVA
•
Tot 2050 is de verwachte groei van de belasting (afgeronde getallen):
Voorspelde belasting in Amsterdam (maximale piek) 4500000 HOOG SCENARIO
4000000 3500000
MIDDEN SCENARIO DATACENTER SCENARIO
3000000
AMSTERDAM AMBITIE SCENARIO
Scenario
TSA 2.0
TSA3.0
Factor t.o.v. 2019
Factor t.o.v. 2023
Laag
2800MW
2850MW
3
2,4
Midden
3300MW
3600MW
Hoog
3980MW
4250MW
Amsterdam Ambitie
3500MW
3000MW
2,5
2500000
Datacenter
Toegevoegd in TSA 3.0
3500MW
2,9
2000000
3,0 4,5
LAAG SCENARIO
3,6
•
In Amsterdam bepaalt de vraag (bijv. van nieuwbouw, datacenters, mobiliteit) en niet het aanbod (bijv. duurzame opwek) de benodigde netcapaciteit.
•
Vanuit het bestaande netwerk kan maximaal 1.750 MW worden geleverd. De nog beschikbare capaciteit (=1.750-877) bedraagt 873 MW en is een theoretische benadering. Een energievraag in oost kan niet worden opgevangen door beschikbare capaciteit uit een station in west. Op individuele stations is er momenteel al netcongestie. Ook het aantal vrije 'stopcontacten' (velden) per onderstation een driver is om een station uit te breiden.
1500000 1000000 500000 0 Som van Som van Som van Som van Som van Som van Som van 2023 2025 2030 2035 2040 2045 2050 Grafiek: voorspelde belasting in Amsterdam TSA 3.0
9
De impact in MW per thema
De grootste groei komt door datacenters, nieuwbouw en mobiliteit
Belangrijkste conclusies Hoog scenario • In het Hoog scenario hebben datacenters de grootste impact op de verwachte vermogensgroei. Mobiliteit, warmtetransitie en nieuwbouw hebben daarna de meeste impact. • Nieuwbouw: woningbouw (580 MW) heeft een groter aandeel dan niet wonen (299 MW). • Mobiliteit: mobiliteit wegen (EV auto's & EV bestelbusjes) heeft de grootste impact (456 MW), daarna OV (107 MW) en water (83 MW). • Warmtetransitie: de verduurzaming van bestaande bouw heeft de meeste impact (508 MW), daarna utiliteit (69 MW).
In het Amsterdam Ambitie scenario komt de grootste vermogensgroei door mobiliteit. Een groot verschil met het Hoog scenario is de mindere impact van datacenters. Dit is als gevolg van het Vestigingsbeleid Datacenters. Mobiliteit (544 MW) en nieuwbouw (430MW) hebben daarna de meeste impact.
In het "Hoog" scenario komt de totale impact van datacenters uit op 1155 MW. De impact van het warmtetransitie scenario komt significant hoger uit dan in TSA 2.0. Dit komt door vernieuwde kentallen en een overall hogere inschatting van de snelheid van de warmtetransitie.
Duizenden
TOTALE VERMOGENSIMPACT PER THEMA IN MW (IN 2050) 4500
AMSTERDAM AMBITIE : 3015 MW
4000 3500
Warmtetransitie
3000 2500 2000
0 -500
2023
2025
2030
2035
2040
2045
2050
872.076
MOBILITEIT
646.523
Mobiliteit
430.325
NIEUWBOUW
443.292
Klantontwikkeling
368.658
DATACENTERS
1.155.653
331.538
WARMTETRANSITIE
577.172
Datacenters
193.807
BUITEN AMSTERDAM
193.807
Buiten Amsterdam
163.688
INDUSTRIE
261.594
110.629
PLANNEN BEKEND LIANDER
111.675
-2.092
DUURZAME OPWEK
-11.830
Baseload
500
HUIDIGE BELASTING
543.779
Duurzame opwek
1000
872.287
Nieuwbouw
Industrie
1500
10
HOOG SCENARIO: 4250 MW
1000
500
0
0
500
1000
1500
Vergelijking resultaten TSA 3.0 met TSA 2.0 Verwachte vermogensgroei in Westpoort hoger. Datacenter scenario zou leiden tot significant mindere groei. Belangrijkste conclusies TSA 3.0 vs. TSA 2.0 • • • • •
De verwachte vermogensgroei in het Hoog scenario voor de gehele stad is hoger dan we voorzagen in de TSA 2.0 (4250MW in TSA 3.0 (groei van 270MW)). Dit wordt verklaard door o.a. toevoeging van Weesp en een geschatte doorgroei van datacenters na 2030. In alle scenario’s zien we een latere ingroei; de verwachte groei vindt later plaats dan in de TSA 2.0, maar ziet wel een steilere curve. De groei door verduurzaming binnen de thema’s mobiliteit en warmtetransitie blijft uit. En klanten kunnen minder snel op het net worden aangesloten door de krapte op het net. In Westpoort is de verwachte vermogensgroei vanuit TSA 3.0 significant hoger (1794 MW t.o.v. 1606 MW) In Zuidoost is de verwachte vermogensgroei vanuit TSA 3.0 significant lager (680 MW t.o.v. 722 MW) In de rest van de stad is de verwachte vermogensgroei vanuit TSA 3.0 in lijn met die vanuit TSA 2.0. Wel moeten we ook hier blijven monitoren hoe de werkelijkheid zich ontwikkelt in relatie tot de prognoses
Verklaring belangrijkste verschillen TSA 3.0 vs. TSA 2.0 • • • •
In Westpoort hebben vooral nieuwe inzichten vanuit de haven geleid tot een hogere verwachte vermogensgroei. We hebben beter inzicht in de verwachte ontwikkelingen in het havengebied. In Zuidoost zien we juist een mindere vermogensgroei dankzij minder verwachte vraag vanuit datacenters. Dit is dankzij het datacenterbeleid dat de gemeente Amsterdam heeft aangenomen. In de TSA 3.0 is ook de verwachte vermogensgroei van Weesp toegevoegd. Ook is de verwachte vermogensgroei in de warmtetransitie in de TSA 3.0 voor 2030 lager dan voor 2050. Dit komt doordat in TSA 3.0 gerekend is met hogere kentallen voor warmtepompen en het warmtemodel van Liander is gebruikt.
Afhankelijkheden tussen netcongestie TenneT en Liander
De afgelopen jaren heeft het regionale elektriciteitsnet van Liander op meerdere plekken de maximale capaciteit bereikt. Daardoor is een wachtlijst ontstaan voor klanten die (extra) capaciteit willen. Sinds oktober 2023 heeft ook het hoogspanningsnet van TenneT de grenzen van zijn capaciteit bereikt voor de levering van elektriciteit aan grootverbruikers. Daardoor kan het voorkomen dat een uitbreiding van de stations van Liander netcongestie voor bepaalde klanten niet oplost, omdat er nog wel netcongestie is op het hoogspanningsnet van TenneT.
11
Grafiek vergelijking TSA 3.0 met TSA 2.0
Vergelijking resultaten TSA 3.0 met TSA 2.0 Verwachte vermogensgroei in Westpoort hoger. Datacenter scenario zou leiden tot significant mindere groei Westpoort
Rest van de Stad
2000 1800
800
2000 TSA3 - Hoog
1600
TSA2 - Hoog
1400
TSA3 - Midden TSA 2 - AA TSA3 - Datacenter
1200
TSA2 - Midden
1000 800
1800 1600 1400 1200
700
TSA2 - Hoog TSA3 - Hoog
600
TSA2 - Midden TSA 2 - AA TSA3 - Midden
500
TSA2 - Laag 400
TSA 3 AA
TSA3 - Laag
800
300
TSA3 - Laag
600 400
200
200 Som Som Som Som Som Som Som Som van van van van van van van van 2023 2024 2025 2030 2035 2040 2045 2050
TSA3 -… TSA3 - Midden TSA2 - Hoog TSA 3 -AA TSA 2 AA TSA3 - Laag TSA2 - Midden TSA2 - Laag
1000
400
0
TSA3 - Hoog
TSA2 - Laag
TSA 3 AA
600
12
Zuidoost
TSA 3 - DC
200 100 0
0 Som Som Som Som Som Som Som Som van van van van van van van van 2023 2024 2025 2030 2035 2040 2045 2050
Som Som Som Som Som Som Som Som van van van van van van van van 2023 2024 2025 2030 2035 2040 2045 2050
Resultaten per thema Thema mobiliteit
Thema nieuwbouw
700.000,00
Thema datacenters
500.000,00
1.400.000,00
450.000,00
600.000,00 500.000,00
Amsterdam Ambitie
400.000,00
Datacenter
350.000,00
400.000,00
1.200.000,00
1.000.000,00 Amsterdam Ambitie Amsterdam Ambitie Datacenter
300.000,00
Hoog 300.000,00 Laag 200.000,00
250.000,00
Hoog
Midden
Hoog 600.000,00
Laag
Laag
200.000,00
Midden
150.000,00
100.000,00
Datacenter
800.000,00
100.000,00
Midden 400.000,00
200.000,00
50.000,00 0,00
0,00 Som van Som van Som van Som van Som van Som van Som van 2023 2025 2030 2035 2040 2045 2050
• • • • •
13
Bevat clusters Weg, Water en OV Hoog scenario eindigt hoger dan AA scenario De stijging in het Hoog scenario is sneller, maar begint later dan in het AA scenario Waarden lopen tot 2030 snel op door snelle verwachte groei in de studies uitgevoerd door Elaad In AA scenario werkt de invoering van de 0-emissie zone mee
Som van 2023
0,00 Som van 2023 Som van 2025 Som van 2030 Som van 2035 Som van 2040 Som van 2045 Som van 2050
• • • •
Bevat clusters Wonen en Utiliteit Voornaamste e-impact van nieuwbouw komt van ruimteverwarming Warmtenetten of lokale bronnen spelen hier een rol waar mogelijk Verschillen tussen de scenario’s komen o.a. door verschillen in verwachting van aantallen
• • • •
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
Bevat één cluster: datacenters Groot verschil zichtbaar in impact tussen Hoog, Midden en de andere scenario’s. In het Hoog en Midden scenario gebruiken we de profielen van Liander Het datacenter scenario volgt het AA scenario, waarin we de impact van datacenters op laag inschatten, gezien het restrictieve datacenter beleid van de gemeente
Resultaten per thema Thema warmtetransitie
Thema duurzame opwek
700.000,00
Thema industrie 350.000,00
0,00 Som van 2023
600.000,00
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
-5.000,00
500.000,00
Amsterdam Ambitie Datacenter
Amsterdam Ambitie Datacenter
Datac enter 250.000,00
-10.000,00
400.000,00
Amste rdam Ambiti e
300.000,00
Hoog 200.000,00
-15.000,00
Hoog Laag
Hoog 300.000,00
Laag
150.000,00
-20.000,00
Laag
Midden 200.000,00
-25.000,00
100.000,00
-30.000,00
50.000,00
0,00
-35.000,00
0,00
Midde n
100.000,00
Midden
Som van 2023
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
Som van 2023 Som van 2025 Som van 2030 Som van 2035 Som van 2040 Som van 2045 Som van 2050
• • • •
• 14
Bevat clusters wonen en utiliteit Dit thema behelst de warmtetransitie in de bestaande stad. De scenario’s van Liander liggen significant hoger dan het Amsterdam Ambitie scenario. De L,M,H scenario’s gaan vaker uit van een warmteoplossing met een hogere impact dan het huidige beleid, de TVW, voorschrijft. Minder warmtenetten leidt vaker tot de keuze voor een warmtepomp en warmtepompen hebben een grotere impact op het elektriciteitsnet.
• •
•
Bevat clusters wind- en zonne-energie In dit thema zie je duidelijk dat het benodigde vermogen van het net vooral wordt bepaald door de vraag. Het elektriciteitsnet moet worden uitgebreid vanwege een hogere vraag naar elektriciteit. De hoeveelheid elektriciteit die duurzaam wordt opgewekt en terug geleverd wordt aan het net is relatief erg klein en leidt (nog) niet tot problemen op het net.
• •
•
Bevat clusters bestaande industrie (verduurzamen) en nieuwe industrie (e-fuels/biobased & overig) Nieuwe studie van CE Delft leidt tot fors meer impact in het havengebied (Westpoort) dan in TSA 2.0 voorzien Voor het AA scenario is voor nieuwe industrie het Laag scenario gevolgd; voor bestaande industrie het Hoog scenario
Resultaten per thema Thema klantontwikkeling 180.000,00
160.000,00
140.000,00
120.000,00
Amsterdam Ambitie Datacenter
100.000,00
Hoog 80.000,00
Laag Midden
60.000,00
40.000,00
20.000,00
0,00 Som van 2023 Som van 2025 Som van 2030 Som van 2035 Som van 2040 Som van 2045 Som van 2050
• • •
Hierin zitten bij Liander bekende klantontwikkelingen Dat kan gaan om niet-wonen, nieuwe industrie, mobiliteit, elektrolyse etc. Dit wordt sterk beïnvloed door grote individuele klanten en wordt geanonimiseerd meegenomen.
3. Vervolg 3.1 Vervolgstappen op basis van de TSA 3.0
16
Vervolgstappen op basis van de TSA 3.0
Het Programma Elektriciteit Voorziening is leidend voor de opgave De uitkomsten van de TSA 3.0 maken duidelijk dat de opgave onverminderd groot is. Op basis van de inzichten uit de vorige themastudies hebben we al belangrijke stappen ondernomen. Deze stappen zullen een vervolg moeten krijgen. Eerder hebben we op basis van de TSA 2.0 vier vervolgstappen gedefinieerd: 1.
Visie Elektriciteitsvoorziening Amsterdam met een uitvoeringsagenda voor het realiseren van nieuwe stations en verbindingen 2. Een strategie voor middenspanning zodat op lokaal niveau de impact van de groei van het MS netwerk inzichtelijk wordt 3. Onderzoek en pilots naar het toepassen van flexibiliteit om een zo efficiënt mogelijk energiesysteem te creëren 4. Betere samenwerking tussen de organisaties, betrekken van stakeholders en intensieve samenwerking op human capital Deze vier stappen, zoals toen gedefinieerd, zijn afgerond. Vervolgstappen 2 & 3 zijn verder belegd in andere processen en zullen niet direct meer in de TSA studie worden behandeld. Stap 1 & 4 zijn geborgd in processen die samen zijn vormgegeven in de Taskforce congestie Amsterdam (zie hieronder). Betere samenwerking De Taskforce Congestie Amsterdam werkt onverminderd samen aan het voorkomen en oplossen van netcongestie. In de afgelopen jaren is de samenwerking sterker geworden en is het onderling vertrouwen sterk gegroeid. Dat betekent niet dat dit al afgerond is. Ten eerste is een goede samenwerking en vertrouwen nooit een afgerond proces, maar heeft dit blijvende aandacht nodig. Ten tweede zijn de opgaven constant aan verandering onderhevig en moeten 17 we blijvend met elkaar in gesprek en samen optrekken.
Wat gebeurt er al? Het realiseren van nieuwe onderstations kent een lange doorlooptijd (5-7 jaar). Daarom starten we zo vroeg mogelijk met de voorbereidingen van netuitbreiding. De voorbereidingen omvatten o.a. het vinden van een locatie in, het nemen van een locatiebesluit, het zo goed mogelijk inpassen van het station in de omgeving, het aanvragen van vergunningen en de bouw van het station. Naast het bouwen van nieuwe stations en het uitbreiden van bestaande stations werken we als Taskforce samen om meer transformatorhuisjes te realiseren en meer én zwaardere kabelverbindingen aan te leggen. Op de volgende slide is in beeld gebracht waar deze verzwaringen en uitbreidingen ongeveer plaatsvinden. Tot nu toe hebben we in Amsterdam: •
3 stations in aanbouw
•
8 locatiebesluiten genomen en inpassingsfase voor stations gestart
•
11 beoogde locaties, gaan richting locatiebesluit
Visie Elektriciteitsvoorziening Amsterdam en uitvoeringsagenda Er is een duidelijke visie en uitvoeringsagenda geformuleerd. De uitkomsten van de TSA 3.0 geven input om de uitvoeringsagenda te actualiseren. De totale verwachte vermogensvraag in de TSA 3.0 ligt hoger dan uit de TSA 2.0 kwam. Daarbij is de verwachting over sommige segmenten (bijvoorbeeld mobiliteit) dat de groei op een ander moment zal komen. Het datacenterbeleid van de gemeente Amsterdam heeft een invloed op de verwachte vermogensvraag over dit segment. En wat betreft industrie is er ook een andere verwachte vermogensvraag. De verschillende partners moeten de uitvoeringsagenda, het ontwikkelkader, op basis hiervan dus herzien.
Op deze kaart is te zien hoeveel nieuwe onderstations erbij komen, welke vervangen of uitgebreid moeten worden en welke kabels extra worden aangelegd. De locaties van deze stations zijn nog niet definitief.
Er wordt hard gewerkt aan netuitbreiding
Gemeente Amsterdam, Liander & TenneT werken intensief aan de uitbreiding van stations en kabeltracés. De afgelopen jaren is aan de volgende uitbreidingen van het netwerk gewerkt (locaties bij benadering):
Amsterdam werkt met Liander, Tennet en het Havenbedrijf aan de benodigde netuitbreidingen Het elektriciteitsnet van Amsterdam moet de komende decennia aanzienlijk worden verzwaard. Dat vraagt ingrijpende aanpassingen: op 23 locaties worden 29 nieuwe onderstations aangelegd, met bijbehorende kabelverbindingen. Twee TenneT-stations worden vervangen door stations met andere technische eigenschappen. En ook 12 bestaande onderstations worden ingrijpend verzwaard. Hoe, waar en wanneer de aanpassingen kunnen plaatsvinden, staat beschreven in het Ontwikkelkader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam 2035. Aan de hand van de resultaten van de TSA3.0 is besloten om het ontwikkelkader van een update te voorzien. Congestie De huidige schaarste op het net toont het belang van tijdige en structurele uitbreiding van het elektriciteitsnet. Bestaande congestie lost niet vanzelf op. Dat vereist uitbreiding en vernieuwing van vele onderdelen van het elektriciteitsnet. Een robuust elektriciteitsnet met voldoende capaciteit is absoluut noodzakelijk voor verdere groei en verduurzaming van de stad.
19
Het ontwikkelkader Het Ontwikkelingskader Elektriciteitsvoorziening Amsterdam (EVA) 2035 is het richtinggevend ruimtelijk kader voor de noodzakelijke uitbreiding van de hoofd elektriciteitsinfrastructuur in Amsterdam voor de periode 2022 tot 2035. In het kader zijn de uitbreiding van bestaande onderstations, de realisatie van nieuwe onderstations en de benodigde indicatieve kabelverbindingen opgenomen.
20
blz. 28
bestemmingsplan_Datacenters (vastgesteld)
blz. 29
Bijlage 2
Impactstudie datacenters
Gemeente Amsterdam
Reductie netimpact door Gemeentelijk Datacenterbeleid
Disclaimer: Dit is een verdiepende analyse op de uitkomsten van de Themastudie 3.0. Deze analyse is een indicatie van de mogelijke impact van het datacenterbeleid. Het uiteindelijke netontwerp wordt voor Amsterdam o.a. vastgelegd in de update van het Ontwikkelkader (Q3 -2025) en de netvisie.
mei 2024
Inhoudsopgave Samenvatting
3
Analyse
4
Bijlagen
9
2
Samenvatting Datacenters hebben een enorme impact op de elektriciteitsinfrastructuur van Amsterdam. In de TSA 3.0 is een scenario opgenomen waarin onderzocht is wat de reductie in netimpact zou kunnen zijn wanneer er door Gemeente Amsterdam strenger vestigingsbeleid zou komen voor datacenters. In dit document worden deze resultaten verder uitgewerkt aan de hand van een aantal deelvragen. Hoeveel onderstations scheelt het datacenterbeleid? In potentie zou het datacenterbeleid drie onderstations kunnen schelen: één 150/50 kV onderstation, één 150/20 kV station, één 150/10 kV station en een trafo minder op een 150/10 kV station. Hoeveel daarvan liggen in bebouwing irt EMV? De precieze locaties van bovengenoemde stations zijn nog niet bekend. De nieuwe stations bij OS Hemweg zullen waarschijnlijk op industrieterrein gebouwd worden, waar de andere twee stations (in Watergraafsmeer en Zuidoost) mogelijk wel in de gebouwde omgeving terecht kunnen gaan komen. Hoeveel ruimte levert het op? Uitgaande van een voor Amsterdam gemiddeld ruimtebeslag van 7.000 m2 (Liander + TenneT deel) voor een onderstation kan het beleid meer dan 21.000 m2 opleveren.
Hoeveel kosten gaan hiermee gemoeid/bespaard? De kosten voor een onderstation in Amsterdam lopen om dezelfde reden uiteen. De kosten voor het Liander deel lopen uiteen tussen ongeveer 10 en 20 miljoen euro. Daarnaast maken de Gemeente en TenneT ook nog kosten. Wat betekent dit voor congestie op 380/150/50 kV netvlakken? Lastig in te schatten doordat wij als Liander geen inzicht hebben in de netvlakken van TenneT. Wat voor TenneT wel interessant kan zijn is de reductie in impact die op OS Hemweg is te zien (391 MVA). Een 380/150 kV trafo heeft namelijk een capaciteit van 400-500 MVA(?) en op OS Oostzaan zou het dus gevolgen kunnen hebben.
3
Disclaimer: Dit is een verdiepende analyse op de uitkomsten van de Themastudie 3.0. Deze analyse is een indicatie van de mogelijke impact van het datacenterbeleid. Het uiteindelijke netontwerp wordt voor Amsterdam o.a. vastgelegd in de update van het Ontwikkelkader (Q3 -2025) en de netvisie.
Belastinggroei Amsterdam TSA 3.0 In de TSA 3.0 zijn verschillende scenario's doorgerekend met een varierende impact op het elektriciteitsnet van Amsterdam. In de grafiek hiernaast zijn drie van deze scenario's getoond: • • •
Amsterdam Ambitie scenario (impact van huidige beleid van de gemeente) Hoog scenario (bevat aannames die zullen leiden tot een hoge netimpact) Datacenter scenario (komt overeen met het Hoog scenario maar dan met het beoogde Datacenterbeleid van de Gemeente)
Het verschil in netimpact in 2050 tussen het Hoog scenario en het Datacenter scenario (en dus reductie door het Datacenterbeleid is 4249 – 3468 = 781 MW De reductie op Gemeenteniveau is significant. Op de volgende slides zal inzichtelijk gemaakt worden over welke drie onderstations deze reductie verdeeld is. Vervolgens zal dit vergeleken worden met de huidige netvisie om te zien welke gevolgen dit kan hebben voor de opgave voor netuitbreiding in Amsterdam.
4
4.500.000,00
4.000.000,00 3.500.000,00 3.000.000,00 2.500.000,00 Amsterdam Ambitie Datacenter
2.000.000,00
Hoog 1.500.000,00 1.000.000,00 500.000,00 0,00 Som van Som van Som van Som van Som van Som van Som van 2023 2025 2030 2035 2040 2045 2050
Hemweg 150 kV Totaal TSA 3.0 Verschil Het verschil in netimpact op OS Hemweg tussen het Hoog scenario en het Datacenter scenario in 2050 is 1793 – 1402 = 391 MVA Netvisie OS Hemweg wordt in twee fases verzwaard (en vervangen) met twee keer een 150/50 kV station van 420 MVA N-1 (4x140 MVA trafo's). De reductie in netimpact komt overeen met 2/3 trafo's en daarmee mogelijk 1 heel 150/50 kV onderstation.
2.000.000,00 1.800.000,00 1.600.000,00 1.400.000,00 1.200.000,00 1.000.000,00
We gaan er hier vanuit dat de datacenters aansluiten op het 50 kV netvlak van Hemweg. Bij aansluitingen op 10 of 20 kV zal de reductie in ruimtebeslag op andere stations vallen. Locatie De locaties voor de gefaseerde uitbreiding van OS Hemweg zijn nog niet definitief maar zullen in de nabijheid van OS Hemweg komen. Daarmee zullen deze hoogstwaarschijnlijk in het industriegebied landen.
Datacenter
800.000,00
Hoog
600.000,00 400.000,00 200.000,00 0,00 Som van 2023
5
Som van 2025
Som van 2030
Som Som Som Som van van van van 2035 2040 2045 2050
Bijlmer Noord 150 kV Totaal TSA 3.0 Verschil Het verschil in netimpact op OS Bijlmer Noord tussen het Hoog scenario en het Datacenter scenario in 2050 is 536 – 256 = 208 MVA. Netvisie Het net van Amsterdam Zuidoost wordt uitgebreid met meerdere 10 kV stations van 106 MVA N-1 (3x53 MVA) en (mogelijk) een 20 kV station van 160 MVA N-1 (3x80 MVA).
600.000,00
500.000,00
De reductie in netimpact komt overeen met drie 20 kV trafo's en daarmee een heel 150/20 kV station. Datacenters zullen namelijk op het 20 kV station aangesloten worden.
400.000,00
Locatie De locaties van de onderstations in Zuidoost zijn nog niet definitief. Wel is er een redelijke kans dat een of meerdere stations in de gebouwde omgeving terecht komen.
300.000,00
Datacenter Hoog
200.000,00
100.000,00
0,00 Som van 2023
6
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
Watergraafsmeer 150 kV Totaal TSA 3.0
Verschil Het verschil in netimpact op OS Watergraafsmeer tussen het Hoog scenario en het Datacenter scenario in 2050 is 235 – 126 = 109 MVA. Netvisie Bij OS Watergraafsmeer wordt een nieuw 10 kV station gebouwd (OS Watergraafsmeer 2) van 53 MVA N-1 (2x53 MVA). Daarnaast wordt in de omgeving ook nog OS Overamstel gebouwd, een 10 kV station van 106 MVA N-1 (3x53 MVA). Door de reductie van netimpact zou mogelijk de noodzaak voor OS Watergraafsmeer 2 komen te vervallen (twee trafo's en dus het station) en zou een trafo minder nodig zijn op OS Overamstel. Locatie Ook voor OS Watergraafsmeer 2 en OS Overamstel zijn nog geen definitieve locaties bekend. Wel is ook hier een redelijke kans dat één of allebei de stations in de gebouwde omgeving terecht komen gezien de zoekgebieden.
250.000,00
200.000,00
150.000,00
Datacenter Hoog
100.000,00
50.000,00
0,00 Som van 2023
7
Som van 2025
Som van 2030
Som van 2035
Som van 2040
Som van 2045
Som van 2050
Ruimtebeslag, kosten en maakbaarheid Wat levert het nieuwe beleid op? Wanneer het Datacenterbeleid leidt tot een vermindering van het aantal te bouwen onderstations, zorgt dit voor een reductie in het ruimtebeslag, minder maatschappelijke kosten en een ontlasting van het maakbaarheidsprobleem.
Ruimtebeslag Omdat bijna alle onderstations in Amsterdam maatwerk zijn is er in principe geen standaard ruimtebeslag. Uitgaande van een gemiddelde van projecten uit het verleden gecombineerd met de modulaire bouwblokken die er zijn komen we voor 150/50, 150/20, 150/10 kV configuraties op een ruimtebeslag van ruim 3500 m2 (45 m x 80 m) voor het Liander deel. TenneT bouwt veelal GIS-installaties in Amsterdam. De ruimte die TenneT nodig heeft is daarom aanzienlijk beperkt ten opzichte van een AIS-installatie. Voor het TenneT deel gaan we uit van zo’n 3000 tot 3500 m2.
Kosten De kosten voor een onderstation in Amsterdam lopen om dezelfde reden uiteen. De kosten voor het Liander deel lopen uiteen tussen ongeveer 10 en 20 miljoen euro. Daarnaast maken de Gemeente en TenneT ook nog kosten.
8
Bijlagen
Overzicht van Kosten uit Excel van Qirion (deze gaan niet hoger dan 150 KV 160 MVA), met daarin Velden
Trafokabels Bouwrijp maken Gebouwinstallaties PV systemen Trafocellen Gelijkstroominstallatie grondaankoop (zeer gemiddeld 70 EUR/m2) Aanbestedingskosten Onderzoek, leges, projectaanpak
OS 50 kV van 80 MVA
€ 9,4 miljoen
OS 50 kV van 40 MVA
€ 6,1 miljoen
OS 150 kV 160 MVA
€ 11,2 miljoen
OS 150 kV 80 MVA
€ 7,5 miljoen
Kosten bouwblokken netimpactrapportages
Nieuwbouw
Vermogen station (MVA)
HS: OS 150/20 kV 150/10 kV 150/50 kV
TS: OS 50/20 kV of 50/10kV
Oppervlak max
Kosten (max) miljoen
80
40000
€ 11,3
160
40000
€ 17,1
240
40000
€ 22,8
40
2200
€ 5,7
20
2000
€ 4,9
40
2000
€ 7,1
20
1100
€ 2,1
Uitbreiden Type Station HS: OS 150/20 kV 150/10 kV 150/50 kV
Vermogen station (MVA)
Oppervlak max 1760
€ 6,8
160
3520
€ 13,6
TS: OS 50/20 kV of 50/10kV
40
2200
€ 3,4
RS
20
1100
€ 3,1
SS
20
1100
€ 1,4
Kentallen laagspanning uit SAMP - bij WP (all-electric) Prijs per meter LS kabel Prijs per woning voor de kabels (x 14 meter) bij WP
10
Kosten (max) miljoen
80
€ 120 € 1.680
MSR per woning bij WP
0,00159
Prijs per MSR
€ 40.000
11
Datacenters Aanpak en werkwijze Belangrijke uitgangspunten voor het opstellen van de datacenterscenario's (TSA 3) zijn: • Liander stelt de laag/midden/hoog scenario's op, gemeente Amsterdam het 'Amsterdam Ambitie' scenario. • De Liander scenario's zijn een combinatie van (lange termijn) vraagprognoses en concrete klantontwikkelingen. Het Amsterdam Ambitie scenario is gebaseerd op het datacenterbeleid van Amsterdam en de groei die de gemeente verwacht. • Er is voor het eerst een doorkijk gedaan voor groei na 2035. Dit i.t.t. de TSA 2.0 waar geen verdere groei meer werd geprognotiseerd na 2030.
Datacenterscenario's Amsterdam 1200
TSA 3 Hoog
1000
TSA 2 Hoog
800
TSA 2 Midden TSA 3 Midden
De verwachte groei in de Liander scenario's kent een mix van drie segmenten:
3.
Bekende plannen van nieuwe datacenters: dit gaat om de hoeveelheid vermogen die in de 'pijplijn' zitten (bij Liander) voor de ontwikkeling van nieuwe datacenters. Elk plan krijgt hiervoor een scoringskans door Liander. Voor het laag, midden en AA scenario wordt rekening gehouden met deze kans en betreft het totaal 177 MW in 2027, hierna zijn geen bekende plannen meer zichtbaar. Voor het hoog scenario wordt er geen kans correctie uitgevoerd en is de aanname dat alles doorgaat. Het vermogen betreft dan 293 MW in 2027.
Het Amsterdam Ambitie scenario is gebaseerd op het datacenterbeleid van de gemeente Amsterdam. In dit beleid worden alleen nog bekende plannen toegestaan. Een inschatting van de gemeente is dat dit gaat om ruim 350 MW aan initiatieven. Het scenario komt uit op (+/-) maximaal 400 MW groei. Dit scenario is afgestemd met de afdeling Economische Zaken van de gemeente Amsterdam. NB: Indien er concrete aanwijzingen zijn dat er in een stationsgebied sprake is van lagere vraagontwikkeling door datacenters dan aangenomen in de scenario's (door restrictief beleid en/of individuele klantafspraken), dan wordt gezamenlijk bepaald van welke vraagprognose wordt uitgegaan t.b.v. de netontwikkeling. *Piekvermogen datacenters: volgens klantanalyse Liander is het piekvermogen van datacenters op dit moment gemiddeld 48% van het gecontracteerd vermogen.
200
2049
2047
2045
2043
2041
2039
2037
2035
2033
0
2031
De groeipotentie van bestaande datacenters: dit is het verschil tussen de hoogte van huidige contracten (GTV) en de technische capaciteit van de aansluiting. Dit is een inschatting van groei op bestaande aansluitingen. De inschatting is dat bestaande datacenters doorgroeien tot 80% van hun technische capaciteit. De aanname erachter is dat vanwege ruimtegebrek in Amsterdam bestaande aansluitingen sneller worden benut. Dit is gelijk in alle scenario's en bedraagt een stijging van totaal 157 MW in 2030*.
TSA 3 AA TSA 3 Laag
400
2029
Verschuiving van klantvragen naar Tennet: er vindt momenteel een verschuiving plaats van klantvragen van Liander naar Tennet. Deze trend is ook beschreven in de studie van Buck & CE Delft. Hierdoor is het tempo van de verwachte stroomvraag op het Liander net (t.o.v. de TSA 2.0) in sommige scenario's naar beneden bijgesteld – vooral terug te zien vóór 2030.
2027
•
2025
Amsterdam blijft een aantrekkelijke plek voor datacenters: AMS-IX blijft een belangrijk internetknooppunt. In 2022 is de bandbreedte toegenomen van 100 naar 800 Gbps, wat de aantrekkelijkheid doet toenemen.
2023
2.
•
TSA 2 Laag TSA 2 AA
600
2021
Onbekende datacenters: om mogelijke klantvragen te kunnen faciliteren maakt Liander een vraagprognose. In 2022 zijn nieuwe landelijke vraagprognoses opgesteld. Deze zijn afgestemd met de Dutch Datacenter Association (DDA). In de Liander scenario's is deze vraagprognose aangevuld met de groeipotentie van bestaande datacenters (2) en bekende plannen (3) in Amsterdam. Belangrijke ontwikkelingen in het opstellen van deze lange termijn vraagprognoses zijn:
2019
1.
AANNAMES PER SCENARIO: Laag • Het scenario groeit naar 383 MVA in 2050 waarvan 46% uit de pijplijn komt, 41% uit GTV groei en 13% uit de lange termijn prognose van nog onbekende datacenters. • Het gemiddeld vermogen van datacenters is 80 MVA en groter. Midden • Het scenario groeit naar 766 MVA in 2050 waarvan 23% uit de pijplijn komt, 20% uit GTV groei en 57% uit de lange termijn prognose van nog onbekende datacenters. • Kleine datacenters (<50 - 80MVA) zijn in trek, vraag naar hyperscale (>80 MVA) is hoog. Datacenters worden efficiënter in het verwerken van data. Hoog • Het scenario groeit naar 1206 MVA in 2050 waarvan 24% uit de pijplijn komt, 13% uit GTV groei en 63% uit de lange termijn prognose van nog onbekende datacenters. • Datacenters blijven relatief klein tot 2035 <80MVA • Na 2035 zijn ook de kleinere colocatie datacenters zo groot dat deze vaker op TenneT worden aangesloten. Datacenters worden efficiënter in het verwerken van data. Amsterdam Ambitie • Het scenario groeit naar 670 MVA in 2050 waarvan 27% uit de pijplijn komt, 23% uit GTV groei en 50% uit de lange termijn prognose van nog onbekende datacenters. • Het datacenterbeleid van de gemeente staat een groei toe tot maximaal 670 MVA
Netvisie gebied Zuidoost Wat is de opgave voor de zoekgebieden? OS Watergraafsmeer (150/10kV)
OS Venserweg (150/10kV)
RS Duivendrecht (20/10kV) OS Bijlmer Noord (150/20 & 150/10kV)
Bijlmer Oost 4 Bijlmer Oost 2 Bijlmer Oost 3 Bijlmer Oost 1
OS Bijlmer Zuid (150/10kV)
Bijlmer Oost 1 Dit station vangt een deel van de groei op van het verzorgingsgebied OS Bijlmer Zuid (nr. 20; grijze gebied). Het zoekgebied is dusdanig gekozen dat hiermee ook combinatie met de zoektocht van TenneT kan worden opgezocht om ten westen van Weesp een nieuw TenneTstation te ontwikkelen. Door het bestaande verzorgingsgebied in twee delen op te knippen en daarbinnen een stationslocatie te zoeken krijgt ieder gebied zijn eigen station. Dit levert in zijn algemeenheid een verantwoorde netinpassing op (minder lengte voor afgaande kabels) en zorgt voor spreiding van de ondergrondse verbindingen. Bijlmer Oost 3 Dit station vangt een deel van de groei op van het verzorgingsgebied OS Bijlmer Noord (nr. 19; groene gebied). Dit verlangt een zoekgebied ten zuiden van OS Bijlmer Noord en ten noorden van de grens met het verzorgingsgebied van het bestaande station Bijlmer Zuid. Bijlmer Oost 2 Dit station vangt samen met Bijlmer Oost 3 de volledige groei op van het verzorgingsgebied OS Bijlmer Noord (nr. 19; groene gebied). Dit verlangt een zoekgebied in het groene gebied. Om de mogelijkheid open te houden om (tijdelijk) ook nog groei van het verzorgingsgebied Venserweg op te kunnen vangen is gekozen voor een zoekgebied op het grensvlak van beide gebieden.
Mocht een grondpositie voor Bijlmer Oost 4 tijdig geborgd zijn dan kan ook een zoekgebied ten noorden van het bestaande station Bijlmer Noord uitkomst bieden. Bijlmer Oost 4 Dit station vangt de overige tekorten in de verzorgingsgebieden van Venserweg (nr. 18) en Bijlmer Zuid (nr. 20) op. Het zoekgebied wordt daardoor beperkt rondom de grens van beide verzorgingsgebieden.
blz. 45
Bijlage 3
Nota van beantwoording zienswijzen
Gemeente Amsterdam
Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Datacenters
Colofon Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid
Versie 27 januari 2025
Contact Ruimte en Duurzaamheid, 14 020
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
2
Inhoudsopgave 1 Inleiding
4
2 Zienswijzen 2.1 Global Switch 2.2 DDA 2.3 Equinix 2.4 Switch 3
5 5 11 20 27
Conclusie32
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
3
1. Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan Datacenters met bijbehorende stukken heeft van 28 december 2023 tot 8 februari 2024 ter inzage gelegen. De kennisgeving over de terinzagelegging vond plaats in het Gemeenteblad van 27 december 2023 (Gemeenteblad 2023, 565649. Gedurende de periode van terinzagelegging is eenieder in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen bij de gemeenteraad van Amsterdam. Tijdens deze periode zijn vier zienswijzen naar voren gebracht. In voorliggende Nota van beantwoording zienswijzen zijn de ingebrachte zienswijzen samengevat en van een beantwoording voorzien. Bij de beantwoording is aangegeven in hoeverre de zienswijzen aanleiding hebben gegeven om het bestemmingsplan te wijzigen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter inzage heeft gelegen. Deze wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen zijn opgenomen in een Nota van wijzigingen. Deze Nota van beantwoording zienswijzen maakt integraal onderdeel uit van het te nemen raadsbesluit over het vaststellen van het bestemmingsplan Datacenters. Gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan Datacenters heeft het concept van de beleidsregels ‘Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam 2020 – 2030, eerste herziening’ ter inzage gelegen. De zienswijzen hebben mede betrekking op de concept beleidsregels.
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
4
2. Zienswijzen Er zijn vier zienswijzen ingediend: 1. 2. 3. 4.
Global Switch Amsterdam B.V. en Global Switch Amsterdam Property B.V. (hierna samen: Global Switch), gevestigd aan de Johan Huizingalaan 759, 1066 VH Amsterdam. Dutch Data Center Association (hierna: DDA). Equinix (Netherlands) B.V. (hierna: Equinix). Switch Datacenters Amsterdam 3 B.V. (hierna: Switch), gevestigd aan de Vijzelstraat 72A, 1017 HL Amsterdam.
De zienswijzen gaan allen over zowel het ontwerpbestemmingsplan Datacenters als de conceptbeleidsregels. De zienswijzen worden hierna behandeld. Ze zijn samengevat in verschillende punten. De punten worden afzonderlijk beantwoord.
2.1 Global Switch 2.2.1 Rechtsonzekerheid voor bestaande datacenters Global Switch beschikt over planologische gebruiksrechten voor een datacenter met een oppervlak van 65.900 m2 bvo en een aansluitvermogen tot 72 MVA dat inmiddels (gefaseerd) in realisatie is. Global Switch heeft een significant deel van haar vermogen geïnvesteerd in de ontwikkeling van het datacenter op deze plek. Voorliggend ontwerpbestemmingsplan tast de bestaande gebruiksrechten aan. Dit is niet de inzet van de instructieregel van de provincie, noch van het ontwerpbestemmingsplan, noch van het concept van de herziening van het Vestigingsbeleid. Global Switch neemt aan dat het datacenter van Global Switch moet worden gezien als ‘bestaand datacenter’ in de zin van artikel 2.2 van de planregels. Op grond van jurisprudentie zou een bestaand datacenter ook zo kunnen worden uitgelegd dat het een bij vaststelling van het bestemmingsplan fysiek aanwezig datecenter is. Dit levert een onevenredige aantasting van de rechtspositie van Global Switch en andere bestaande datacenter en is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.
Global Switch verzoekt deze rechtsonzekerheid weg te nemen door Global Switch en andere bestaande datacenters uit te zonderen van het bestemmingsplan of door een andere definitie van het begrip ‘bestaand datacenter’ op te nemen waaruit blijkt dat ook bestaande planologische rechten onder dit begrip vallen. Ook de toelichting moet hierop worden aangepast. Als het voorgaande wordt bewerkstelligd dan raakt het ontwerpbestemmingsplan Global Switch niet. Zou dit anders zijn, dan is het ontwerpbestemmingsplan in strijd met een goede ruimtelijke ordening, het recht en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur waaronder in het bijzonder het vertrouwensbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel. Ook is er een risico op planschade. Beantwoording Global Switch is één van de initiatieven die op basis van vooroverleg en een concrete aanvraag voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en haar masterplan uit 2013 ruimte krijgt om uit te breiden. Hoewel het bestemmingsplan in de eerste instantie een uitbreiding verbiedt, kan de lopende aanvraag op basis van een toestemming voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit alsnog worden toegewezen, mits ook aan de instructieregels van het Bkl wordt voldaan en sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
5
Conclusie Het bestemmingsplan beperkt in de eerste instantie het gebruiksrecht op de locatie van Global Switch maar op basis van de beleidsregels is uitbreiding alsnog mogelijk tot een bruto vloeroppervlak van 65.900 m2.
2.2.2 Miskenning belang digitale infrastructuur en datacenters Datacenters vormen een belangrijk onderdeel van de vitale infrastructuur van de stad en ook in (inter)nationaal belang. Onze digitale infrastructuur is een belangrijk fundament voor onze gedigitaliseerde samenleving en draagt bij aan ons huidige en toekomstige verdienvermogen en de brede welvaart in ons land. Dit is in kaart gebracht in het recente rapport ‘Staat van de Digitale Infrastructuur’ dat in opdracht van het ministerie van Economische Zaken is opgesteld (januari 2024). Global Switch stelt dat het ontwerpbestemmingsplan geen oog heeft voor het belang van datacenters. Er is geen goede onderbouwing gegeven voor de beperking van het aansluitvermogen. Het ontwerpbestemmingsplan en het concept van de herziening van het vestigingsbeleid zijn onzorgvuldig voorbereid met een gebrekkige motivering en berokkenen schade aan de maatschappij en zetten Amsterdam op achterstand. Beantwoording De gemeente Amsterdam ontkent het belang niet van datacenters voor de economie en samenleving. Helemaal uitsluiten van datacenters doet Amsterdam gelet op de planregels en het beleid niet. Amsterdam bood en biedt ruimte aan datacenters totdat het andere doelen van de gemeente gaat belemmeren. Met het oog op conflicterende belangen en de netcongestie is het gerechtvaardigd om een ongebreidelde groei te beperken.
Op basis van de themastudie elektriciteit Amsterdam en de Impactanalyse datacenters kiest Amsterdam ervoor om uitsluitend nog de bestaande initiatieven voor (grote) datacenters te faciliteren, mits daarvoor een aanvraag of vooroverleg is gestart voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en ook sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Conclusie Op basis van de zienswijze zijn studies aan de toelichting gehecht en is de toelichting op het bestemmingsplan aangepast.
2.2.3 Strijd met dienstenrichtlijn Global Switch is van mening dat het ontwerpbestemmingsplan in strijd is met de dienstenrichtlijn. Naar moet worden aangenomen verrichten datacenters diensten in de zin van de Dienstenrichtlijn. Het ontwerpbestemmingsplan stelt hier beperkingen en voorwaarden (vestigingseisen) aan in de artikelen 2.2 en 2.3. Dit betreffen eisen als bedoeld in artikel 15 van de Dienstenrichtlijn. Het ontwerpbestemmingsplan moet daarom voldoen aan de in artikel 15, derde lid, van de Dienstenrichtlijn opgenomen voorwaarden. Dit betekent kort gezegd dat de planregel niet in strijd mag zijn met het discriminatieverbod (artikel 15, derde lid, onder a), en noodzakelijk om een dwingende reden van algemeen belang (onder b) en evenredig (onder c) moet zijn. Daarbij geldt als uitgangspunt dat het aan de raad is om te onderbouwen dat de planregel in overeenstemming is met artikel 15, derde lid, van de Dienstenrichtlijn en dus dat de in artikelen 2.2 en 2.3 van de planregels neergelegde beperkingen en voorwaarden gerechtvaardigd is in het licht van de daaraan te stellen eisen.
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
6
Beantwoording In paragraaf 1.4 van de toelichting op het bestemmingsplan is gemotiveerd dat het bestemmingsplan niet in strijd is met de Dienstenrichtlijn. Hiernaar wordt hier kortheidshalve verwezen. Conclusie De zienswijze heeft geleid tot een aanvulling van de toelichting van het bestemmingsplan.
2.2.4 Gebrekkige planregels en strijd met het rechtszekerheidsbeginsel In artikel 1.4 zijn lopende initiatieven gedefinieerd als ‘initiatieven die onder het vigerende vestigingsbeleid bekend zijn of gestart zijn voor peildatum 1 juli 2023’. Allereerst is onduidelijk waar de gehanteerde peildatum vandaan komt. Deze kan nergens op worden teruggevoerd en is ook niet toegelicht. Het komt Global Switch voor dat als peildatum de datum vaststelling bestemmingsplan zou moeten worden genomen. Ook is geheel onduidelijk wat wordt verstaan onder ‘gestart’. Dit moet objectief bepaalbaar zijn met het oog op de rechtszekerheid. In artikel 2.3 is een aantal voorwaarden genoemd. Onduidelijk is of dit cumulatieve eisen zijn. Dat lijkt niet logisch maar is - gezien het gestelde in de toelichting - niet zeker. Dit vergt verduidelijking. In artikel 1.1 van de planregels is sprake van een verschrijving nu hier wordt gesproken over het paraplubestemmingsplan Darkstores. Beantwoording Global Switch merkt terecht op dat er sprake is van een verschrijving in de begripsbepalingen. Dat is in het bestemmingsplan hersteld. Daarnaast is op basis van de verschillende zienswijzen die zijn ontvangen opnieuw naar de juridische regeling gekeken. Dat heeft ertoe geleid dat de regels zijn aangepast.
De regeling bevat nu een verbod op nieuwvestiging van een datacenter of uitbreiding van een datacenter, als aan de begripsbepalingen in artikel 1.5 en 1.7 is voldaan. Voortzetting van bestaande datacenters wordt niet door de regeling niet belemmerd. Voor bestaande initiatieven waarvoor een aanvraag of vooroverleg is gestart voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan kan op basis van beleidsregels voor datacenters een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit worden verleend, mits daarbij ook sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Conclusie De zienswijze heeft geleid tot een wijziging van de regels en toelichting van het bestemmingsplan.
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
7
2.2.5 Vestigingsvoorwaarden horen niet in planologisch kader Diverse vestigingsvoorwaarden horen niet thuis in een bestemmingsplan c.q. zijn onrechtmatig met het oog op de jurisprudentie over de reikwijdte van het beginsel van een goede ruimtelijke ordening. Ze kunnen alleen worden opgenomen wanneer zij relevant zijn voor een goede ruimtelijke ordening en dus een fysiek element bevatten of anderszins nodig zijn om te voorkomen dat de realisatie of het gebruik van andere functies binnen de gemeente onder druk zouden komen te staan. Dat is niet aan de orde of kan in voldoende mate worden ondervangen door de datacenters zelf (denk aan de realisatie van meer netcapaciteit). De voorwaarden genoemd onder 1E (streefwaarde PUE), 1J (technisch voorsorteren op restwarmte, 1L (overcapaciteit aan derden beschikbaar stellen) en 2B (opslagvoorziening voor drink- of industriewater) zaken zijn die niet over de band van een bestemmingsplan geregeld moeten (of kunnen) worden. Ook het duurzaamheidsbelang kan niet worden gezien als onderdeel van een goede ruimtelijke ordening. Beantwoording Met de inwerkingtreding van de omgevingsverordening NH2020 en per 1 januari 2024 de omgevingsverordening NH2022 introduceert de provincie Noord-Holland instructieregels aan de realisatie of uitbreiding van datacenters.
Op basis daarvan heeft de provincie de Datacenterstrategie Noord-Holland 2022-2024 vastgesteld. Die strategie richt zich onder meer op de duurzame realisatie en uitbreiding van datacenters. Op 9 november 2023 publiceerde de provincie een richtlijn duurzame vestigingsvoorwaarden datacenter, die de provincie in samenspraak met gemeenten, de DDA en enkele datacenters heeft ontwikkeld. Deze richtlijn kan als leidraad worden gehanteerd bij gesprekken tussen gemeenten en datacenters over de duurzame inpassing of uitbreiding van een datacenter. Zoals Global Switch terecht opmerkt en de provincie zelf ook benadrukt, zijn niet alle onderwerpen in die richtlijn “ruimtelijk relevant”, als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening. De gemeente Amsterdam heeft besloten het beleid te versimpelen en een algeheel verbod op te nemen voor vestiging of uitbreiding van datacenters als bedoeld in artikel 1.5 en 1.7 van de regels. Datacenters die volgens het beleid nog in aanmerking komen voor vestiging of uitbreiding, kunnen via een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit alsnog daarvoor toestemming krijgen. De aanvraag moet voldoen aan de instructieregels van de provincie en het Bkl en er moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
In de voorbereiding van een dergelijke aanvraag moeten initiatiefnemers onderbouwen dat aan het voorgenoemde wordt voldaan. Conclusie De zienswijze heeft geleid tot een wijziging van de regels en toelichting van het bestemmingsplan.
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam
8
2.2.6 Aansluitvermogen (MVA) ongeschikt voor regulering in een bestemmingsplan Global Switch wijst er op dat de omvang van het aansluitvermogen van een datacenter (dat zowel in de concept herziening Vestigingsbeleid als in het ontwerpbestemmingsplan als reguleringsinstrument toepassing verkrijgt) primair een aangelegenheid is tussen datacenter en netbeheerder. De gemeente heeft hier geen zeggenschap over en geen inzicht in. Global Switch is van mening dat het daarom ongeschikt is om te dienen als reguleringsintrument in het bestemmingsplan. Het is bovendien (noch voor de gemeente noch voor datacenters) niet (goed) mogelijk inzicht te verkrijgen in het bestaande aansluitvermogens van datacenters. Dit is relevant voor de beoordeling van een afwijkingsvergunning. Daarbij leidt deze constructie ertoe dat sprake is van schaarse rechten. De gemeente is in dat geval ook gehouden een transparante verdeelprocedure van deze schaarse rechten te creëren. Global Switch is van mening dat alleen gewerkt zou moeten worden met ruimtelijk relevant criteria (zoals vierkante meters). Beantwoording Er is een begripsbepaling opgenomen van wat onder datacenter wordt verstaan. Het bestemmingsplan kent een duidelijke objectieve norm die van toepassing is op datacenters die met 2000 m2 bvo en 5 MVA elektrisch aansluitvermogen zich willen vestigen of door uitbreiden dat bereiken.