CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit 2024-206D Toelichting BP Zuidas-Zuidasdok 2023

RAAD 13 november 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan Zuidas-Zuidasdok 2023 (VN2024-012742)25.401 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

luchtkwaliteitseisen - alleen betrekking op de A10 als onderdeel van het NSL-project 1001.

Bodem De bodem in het projectgebied Zuidasdok is voornamelijk niet tot licht verontreinigd. De ingrepen die volgen uit het project maken dat plaatselijk de bodemkwaliteit verbetert. De verschillende varianten binnen het project Zuidasdok zijn hierin niet onderscheidend.

Water Voor het thema water geldt dat de realisatie van het Zuidasdok leidt tot negatieve effecten ten aanzien van grondwater, hemelwater/afwatering en oppervlaktewater. Deze effecten worden vooral veroorzaakt door realisatie van de ondergrondse A10, en in mindere mate de realisatie van de openbaarvervoerterminal. Effecten worden door het treffen van maatregelen gemitigeerd.

Natuur Door het treffen van mitigerende maatregelen zijn de effecten in het kader van de Flora- en faunawet (deze is inmiddels opgevolgd door de Wet natuurbescherming) verwaarloosbaar.

Effecten tijdens realisatie Verkeer- en vervoernetwerken Het hoofdwegennet en het stedelijk wegennet zullen tijdens de bouw beschikbaar blijven. Gedurende de uitvoering kunnen alle aanwezige langzaamverkeer-, snelverkeer-, openbaarvervoer--, vaar- en taxi-verbindingen en bijbehorende voorzieningen als keerlussen/openbaarvervoer-haltes/stations binnen de projectgrenzen in stand worden gehouden en kunnen het verkeersaanbod verwerken. Er zal slechts sprake zijn van enige hinder voor de verschillende verkeersnetwerken, bijvoorbeeld door kortstondige afsluitingen of omleidingen. Wel zal sprake zijn van tijdelijke of langer durende verleggingen van de betreffende infrastructuur. Bovendien geldt tijdens de bouwfase een snelheidsbeperking voor de A10 van 100 km/h naar 90 km/h. Tijdens spitsperioden levert de snelheidsreductie nauwelijks een negatief effect op ten opzichte van de autonome situatie vanwege de nu al beperkte doorstroming tijdens spitstijden. Er kan sprake zijn van verkeershinder door het bouwverkeer, met name door de afvoer van grond die vrijkomt door de ondertunneling van de A10.

Directe overlast, hinder en andere milieueffecten als gevolg van de bouw Ook voor de verschillende milieuthema's is onderzocht welke effecten zich kunnen voordoen door de bouw van het Zuidasdok. Het beeld is wisselend: een aantal thema's laat geen effecten zien (verkeersveiligheid, externe veiligheid, luchtkwaliteit, archeologie, waterkering), maar er is ook een aantal thema's waar negatieve effecten te verwachten zijn en mitigerende maatregelen wenselijk zijn. Aspecten waar grote negatieve effecten kunnen optreden zijn sociale veiligheid, duurzaamheid en klimaat en water. Voor sociale veiligheid geldt dat gedurende de bouwfase de zichtbaarheid en attractiviteit van het gebied zonder maatregelen sterk zullen afnemen. Dit geldt in mindere mate ook voor de toegankelijkheid en eenduidigheid van het plangebied tijdens de realisatie.

53

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

De negatieve effecten voor het aspect duurzaamheid en klimaat worden veroorzaakt door het gegeven dat de bouw van het Zuidasdok ten opzichte van de referentiesituatie gepaard gaat met een (soms forse) toename van energie- en grondstoffengebruik, en een toename van zowel het grondstoffengebruik en de productie van afvalstoffen. De realisatievarianten zijn overwegend niet onderscheidend. Om de effecten tijdens de realisatie zoveel mogelijk te beperken zal een aantal maatregelen als eis worden opgenomen in de vraagspecificatie voor de aanbesteding van de realisatie. De inschrijvende partijen dienen aan die eisen te voldoen. Daarnaast is in de realisatiefase sprake van een reeks van (omgevings-) vergunningen en andersoortige wettelijke toestemmingen die zullen worden aangevraagd.

5.3

Omgevingseffectrapport (OER) Schinkelkwartier

Voor Schinkelkwartier is een milieueffectrapport (MER) opgesteld en is een m.e.r.-procedure doorlopen. In de geest van de aanstaande Omgevingswet is het MER opgesteld als Omgevingseffectrapport (OER), waarin alle aspecten van de fysieke leefomgeving zijn betrokken. Het concept OER is gelijktijdig met de concept projectnota Schinkelkwartier opgesteld, zodat het mogelijk was om de uitkomsten van het OER te verwerken in de projectnota. De voorkeursalternatieven zoals opgenomen in het OER zijn verwerkt in de projectnota. Onderdeel van het voorkeursalternatief geluidschermende maatregelen is om langs de A10 ter hoogte van Schinkelhaven geluidschermen te realiseren. De m.e.r.-procedure voor Schinkelkwartier is gekoppeld aan het eerste ruimtelijk besluit waarmee uitvoering wordt gegeven aan het stedelijk ontwikkelingsproject Schinkelkwartier, te weten het bestemmingsplan Overschiestraat 182 en 188. Het OER wordt via monitoring actueel gehouden, zodat het ook de basis vormt voor toekomstige ruimtelijke besluiten in Schinkelkwartier.

54

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Hoofdstuk 6 Milieu- en omgevingsaspecten In het kader van het Tracébesluit Zuidasdok, inclusief de wijzigingsbesluiten uit 2016, 2017 en 2023, is de aanvaardbaarheid van de ingrepen reeds aangetoond. Het onderhavige bestemmingsplan is niet meer dan een doorvertaling van het Tracébesluit, waarbij aanvullend de extra geluidschermen die noodzakelijk zijn om de grote woningbouwopgave in de Zuidas tot bepaalde bouwhoogte zonder dove gevels uit te kunnen voeren.

6.1

Verkeer

De effecten op verkeer zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

6.2

Geluid

De effecten van de geluidschermen zoals opgenomen in het Tracébesluit, zijn reeds in het kader van het Tracébesluit getoetst en zorgen voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Het aspect geluid staat de voorgenomen ontwikkeling niet in de weg. Extra geluidschermen Ter hoogte van tennispark Joy, het Beatrixpark, het Amstelpark en de toekomstige woningbouw op Ravel zijn aanvullende schermmaatregelen onderzocht ter verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Het zijn aanvullende maatregelen op de doelmatige en bovenwettelijke maatregelen die reeds zijn bepaald voor het Tracébesluit. De geluidseffecten zijn daarom berekend ter plaatse van de referentiepunten waar de geluidproductieplafonds van de A10 bepaald zijn. Deze punten liggen op circa 50 m afstand van de A10. Bij de berekeningen is een beoordelingshoogte van 1.5 meter boven maaiveld aangehouden. Ter plaatse van de referentiepunten bij tennispark Joy wordt door het toevoegen van 2 aanvullende geluidschermen van 140 en 80 meter lang en 3 meter hoog een reductie van 3 tot 5 dB behaald.

55

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Aantal dB referentiepunten met TB-maatregelen

Aantal dB referentiepunten TB-maatregelen + extra geluidschermen

Ter plaatse van de referentiepunten bij het Beatrixpark wordt met het toepassen van een aanvullend geluidscherm van 180 m lang en 3 meter hoog tot circa 8 dB reductie behaald.

56

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Aantal dB referentiepunten met TB-maatregelen

Aantal dB referentiepunten TB-maatregelen + extra geluidschermen

Ter plaatse van de referentiepunten bij het Amstelpark wordt met het toepassen van een aanvullend geluidscherm van 650 m lang en 3 m hoog tot circa 7 dB reductie behaald.

Aantal dB referentiepunten met TB-maatregelen

Aantal dB referentiepunten TB-maatregelen + extra geluidschermen

Ter plaatse van sportpark Buitenveldert is een verhoging van 4 naar 6 meter van het 290 meter lange geluidscherm voorzien zodat toekomstige bebouwing in het gebied Ravel grrotendeels zonder dove gevels kan worden uitgevoerd.

57

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Integraal overzicht dove gevels en stille zijden (alle (spoor)wegen beschouwd) met een verhoging van het tussenscherm van 4 naar 6 meter (bron: geactualiseerd verkennend geluidonderzoek Zuidas in Amsterdam, referentie 20150901-01, DPA Cauberg-Huygen, 2 juli 2015).

Inpassinggeluidschermen Schinkelhaven De gemeente Amsterdam werkt inmiddels ook aan de herontwikkeling van het gebied Schinkelkwartier. Dit gebied gaat de komende 25 jaar veranderen van een werkgebied tot een inclusieve, levendige en groene stadswijk, met 11.000 woningen. Uit het door Cauberg Huygen uitgevoerde geluidsonderzoek (2020) ten behoeve van het MER Schinkelkwartier blijkt dat het Schinkelkwartier door geluid wordt belast, onder meer door rijkswegen A4-A10. Op basis van het aanvullende geluidsonderzoek (2023, zie Bijlage 6) is een variant met voorkeursmaatregelen ("voorkeursvariant") bepaald om het geluid van de snelwegen, spoorwegen en de metro te weren. Gewenst is om de maatregelen van de voorkeursvariant, die deelgebied Schinkelhaven gaan beschermen tegen snelweggeluid, ook mogelijk te maken in dit bestemmingsplan (gemeente Amsterdam). Uit het onderzoek blijkt dat gebied Schinkelhaven meer tegen het snelweggeluid wordt beschermd dan alleen door de eerstelijnsbebouwing door de toevoeging van de geluidschermen. Op begane grondniveau is het snelweggeluid overwegend 53 dB of lager en in een aanmerkelijk gebied zelfs 48 dB of lager. Daarboven kan de toepassing van dove gevels nog aan de orde zijn, voor zover het geluidsgevoelige objecten zijn.

6.3

Luchtkwaliteit

De effecten op luchtkwaliteit zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

6.4

Externe veiligheid

De effecten op externe veiligheid zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

6.5

Bodem

De effecten op bodem zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

58

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

6.6

Water

De effecten op water zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

6.7

Natuur

Voor het aspect natuur hebben diverse onderzoeken plaatsgevonden. Vijf onderzoeken zijn uitgevoerd in het kader van de lopende ontwikkelingen in het kader van het Tracébesluit Zuidasdok te weten: 1. Quickscan natuur Zuidasdok, 6 november 2020 (Bijlage 7); 2. Rapportage vervolgonderzoek roofvogels en vleermuizen, Zuidas- Zuidasdokgebied 2020, 6 november 2020 (Bijlage 8); 3. Onderzoek naar gebiedsfuncties voor vleermuizen, ontwikkeling A10 Zuidasdok, 22 december 2021 (Bijlage 9); 4. Rapport vervolgonderzoek roofvogels Zuidas- Zuidasdokgebied 2021, 23 november 2021 (Bijlage 10); 5. Natuuronderzoek Zuidasdok - ringslang, 29 november 2021 (zie Bijlage 11). In deze onderzoeken is (ook) een koppeling gelegd met de voorgestelde landschappelijke inpassing die het grootste deel van de verloren gegane ecologische functies weer moet gaan herstellen. Daarnaast hebben er ten behoeve van de te plaatsen extra schermen twee quickscans plaatsgevonden, namelijk: 6. Quickscan geluidsschermen Zuidasdok, 22 juni 2021 (Bijlage 12); 7. Natuuronderzoek geluidschermen Zuidasdok - marterachtigen, 12 januari 2022 (Bijlage 13). De conclusies van deze onderzoeken worden hierna behandeld. Waar gesproken wordt van 'gebied' wordt bedoeld onderzoeksgebied, plangebied of projectgebied.

6.7.1

Quickscan natuur Zuidasdok (6 november 2020)

Doel van het onderzoek Ten behoeve van het tracébesluit Zuidasdok (2016) en de aanvraag ontheffing soortenbescherming van ZuidasDok, zoals in 2016 aangevraagd, zijn er destijds diverse onderzoeken uitgevoerd. Behalve een Quickscan (Arcadis, 2013) waren er destijds diverse onderzoeken naar verschillende soortgroepen gedaan. De meeste onderzoeken zijn inmiddels al meer dan vijf jaar oud. De diverse onderzoeksresultaten voor het Zuidasdok-project zijn samengevat in het 'Deelrapport natuur en ecologie Zuidasdok' ten behoeve van de MER-rapportage. De verleende ontheffing soortenbescherming had een looptijd tot december 2021. Deze ontheffing zag niet toe op de deelgebieden OVT en centrumgebied, mede omdat daaar destijds geen beschermde soorten werden aangetroffen. Uit oogpunt van risicobeheersing en ten behoeve van de aanvraag van een nieuwe ontheffing is besloten tot het uitvoeren van een Quikscan. Dit om een actueel beeld te krijgen van de huidige natuurwaarden in het projectgebied en een beeld te krijgen van eventueel benodigd vervolgonderzoek. 59

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Per soortgroep is op basis van beschikbare onderzoeken, kennis van de omgeving en veldbezoek beoordeeld of er al dan niet nader onderzoek uitgevoerd moet worden.

Flora In de winter van 2018/2019 is al veel vegetatie, voornamelijk houtige gewassen, van de taluds verwijderd. Een deel van de taluds, waarvan de bomen gekapt zijn, is na twee seizoenen al weer begroeid. In het projectgebied komt geen beschermde flora voor, deze soorten worden ook niet verwacht binnen de plangrenzen.

Vleermuizen In het projectgebied zijn de volgende vleermuissoorten waargenomen: gewone en ruige dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis, gewone grootoorvleermuis, meervleermuis, en watervleermuis. Ten behoeve van de aanvraag soortenbescherming bij het Tracébesluit Zuidasdok is voor vleermuizen is destijds een mitigatieplan (Van Meurs; 2016) opgesteld. Dit mitigatieplan is in de ontheffing voor vleermuizen overgenomen. Een van de maatregelen van dit mitigatieplan is een driejaarlijkse monitoring van de onderdoorgangen en kwetsbare foerageergebieden. In 2020 zijn de onderdoorgangen opnieuw onderzocht. Het viaduct over de Duivendrechtse vaart is in 2020 voor het eerst onderzocht. Vleermuizen gebruiken de ruimte onder het viaduct als foerageergebied. Geadviseerd wordt om de ruimte onder het viaduct geschikt te houden voor foeragerende vleermuizen en als dat niet kan een ontheffing aan te vragen. Voor alle onderdoorgangen wordt geadviseerd het onderzoek elke drie jaar te herhalen. Als de werkzaamheden opnieuw van start gaan is eerder onderzoek nodig om de effectiviteit van mitigerende maatregelen te controleren. Verder wordt geadviseerd om de taluds die nog niet gekapt zijn ook te onderzoeken op vliegroute en foerageergebied voor vleermuizen. Het eerdere onderzoek van die locaties is verjaard.

Overige zoogdieren Kleine marters worden soms wel gezien in het onderzoeksgebied, maar tot nog toe zijn er geen aanwijzingen dat ze daar een leefgebied hebben. Voor boommarter en steenmarter is ook geen geschikt leefgebied meer aanwezig. Deze soorten kunnen zich wel verplaatsen langs de taluds van de snelweg. Op meerdere taluds zijn konijnenholen aanwezig. Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet vanuit de zorgplicht rekening worden gehouden met konijnen. Op de taluds zijn weinig geschikte bomen meer aanwezig voor de eekhoorn. De kans dat de nog aanwezige bomen op de taluds gebruikt worden als verblijfplaats van de eekhoorn is klein. De eekhoorn kan zich eventueel nog wel verplaatsen via de bomen.

Vogels In het projectgebied kunnen vogels met jaarrond beschermde nesten voorkomen. Voor roofvogels wordt geadviseerd om op dezelfde wijze als in 2016, 2017, 2018, 2019 en 2020 het onderzoek voort te zetten. Dat betekent monitoring van bomen die potentieel geschikt zijn als broedlocatie voor roofvogels. In het Zuidas- en Zuidasdokgebied zijn in 2020 in totaal 37 grote nesten aangetroffen. Geen van deze nesten werd dit jaar bezet door een roofvogel. In de voorafgaande jaren zijn er wel roofvogels aangetroffen. Het projectgebied is wel potentieel geschikt voor roofvogels. Er valt dus niet uit te sluiten dat roofvogels in de komende jaren in het projectgebied gaan broeden.

Reptielen, amfibieën en vissen 60

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Voor reptielen en vissen is geen geschikt habitat aanwezig in het projectgebied.De rugstreeppad komt voor in Amstelland en is in 2018 waargenomen langs de Joan Muyskenweg. In het door de aannemer van Zuidplus opgestelde ecologisch werkprotocol is ook al opgenomen hoe kan worden voorkomen dat rugstreeppadden in het werkgebied komen en hoe er mee omgegaan moet worden als ze toch opduiken.

Insecten De iepenpage is een beschermde vlindersoort die in 2016 en in 2017 op enkele plaatsen in Amsterdam is waargenomen, ook in de directe omgeving van het projectgebied. Na 2017 is de soort niet meer aangetroffen. In 2020 heeft de vlinderstichting meerdere kansrijke locaties onderzocht en vastgesteld dat de iepenpage niet meer in Amsterdam voorkomt. Het complete onderzoek is opgenomen als Bijlage 7 bij deze toelichting.

6.7.2 Rapportage vervolgonderzoek roofvogels en vleermuizen, ZuidasZuidasdokgebied (6 november 2020) In het Zuidas-gebied zijn veel ontwikkelingen gepland, waaronder de verbreding van de A10, de realisatie van een tunnel ter hoogte van de Zuidas en de aanpak van stationsgebied Zuid (project Zuidasdok). De meeste bomen zijn al van de taluds van de A10 verwijderd. Op enkele plaatsen zijn er nog een aantal bomen en vegetatiestructuren aanwezig. Het is mogelijk dat er roofvogels voorkomen met jaarrond beschermde nesten op de taluds of binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden. Daarnaast is het bij de onderdoorgangen mogelijk dat foerageergebieden en vliegroutes van vleermuizen niet meer functioneren als gevolg van de geplande werkzaamheden. Voor het project Zuidasdok is een ontheffing soortenbescherming verleend voor de gewone vleermuis en ruige dwergvleermuis. In het mitigatieplan is als voorwaarde meegegeven dat vleermuizen 1 keer per 3 jaar te gemonitord moeten worden. Om overtreding van de Wet Natuurbescherming te voorkomen is er voor gekozen jaarlijks onderzoek naar jaarrond beschermde nesten en monitoring van vleermuizen uit te voeren.

Roofvogels In 2016 is de jaarlijkse inventarisatie van mogelijke roofvogelnesten in het Zuidas en Zuidasdokgebied gestart met als doel een dossier op te bouwen van nesten van roofvogels. In 2020 is er dus voor het vijfde opeenvolgende jaar geïnventariseerd. In het Zuidas- en Zuidasdokgebied zijn in 2020 geen bezette nesten van roofvogels aangetroffen. Er is in dit jaar dus ook geen sperwer bij de Europaboulevard en bij de RAI aangetroffen, geen buizerd bij het werkterrein aan de Oude Haagse weg en ook niet bij het Schinkelkwartier. Dit was in de voorafgaande jaren wel het geval. Alleen in het Elzenbosje (Noordkant Amsterdamse Bos) is een actief buizerdpaar waargenomen. In totaal zijn er in 2020 37 - grote - nesten aangetroffen in het plangebied. Het grootste gedeelte van deze nesten was niet geschikt voor roofvogels. Deze nesten zaten te laag in de boom om geschikt te zijn voor een roofvogel, vrijwel altijd betrof dat een nest van een ekster. Enkel de kraaiennesten, het buizerdnest langs de Oude Haagseweg, de nesten bij de Schinkelsluis, het nest bij Riekerhaven en de kunstnesten voor boomvalk in het Gijsbrecht van Aemstelpark waren potentieel geschikt. Er is dus nog steeds geschikt habitat voor roofvogels aanwezig in het plangebied. Er valt dus niet uit te sluiten dat roofvogels in de komende jaren in het plangebied gaan broeden. 61

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Vleermuizen In 2020 is het gebruik van onderdoorgangen van de A10 opnieuw onderzocht. Hierbij is gebruik gemaakt van het Vleermuisprotocol (Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging, 2017). In 2020 zijn vijf locaties onderzocht: de Duivendrechtsevaart, de oost- en westzijde van de Amstel en de oost- en westzijde van de Schinkel. Op elke locatie is er zowel aan de noord- als aan de zuidkant waargenomen om een compleet beeld van de vliegbewegingen te krijgen. De Duivendrechtsevaart was nog niet eerder onderzocht. Geconstateerd is dat de Duivendrechtsevaart en de Kleine Wetering (aan de westzijde van de Amstel) het meest gebruikt worden door vleermuizen. Er zijn geen aanwijzingen dat de Duivendrechtsevaart als vliegroute gebruikt wordt, wel foerageren er veel vleermuizen onder het viaduct. Tijdens beide onderzoeksmomenten zijn daar onafgebroken vleermuizen waargenomen. Bij de Kleine Wetering (Amstel westzijde) is vastgesteld dat er in een korte tijd meer dan 100 vleermuizen van noord naar zuid vliegen. De vliegroute boven de Kleine Wetering is dus nog steeds essentieel. Zowel bij de Kleine Wetering als bij de Duivendrechtsevaart gaat het vooral om gewone vleermuizen en ruige dwergvleermuizen. Deze locaties moeten tijdens de werkzaamheden worden ontzien, indien dat niet mogelijk is zal er een ontheffing aangevraagd moeten worden.

Aan de oostzijde van de Amstel, de oostzijde van de Schinkel en de westzijde van de Schinkel zijn de activiteiten te gering voor een essentiële vliegroute. Op deze locaties foerageren wel vleermuizen, er zijn echter voldoende alternatieve foerageerlocaties in de directe omgeving beschikbaar. Het complete onderzoek is opgenomen als Bijlage 8 bij deze toelichting.

6.7.3 Onderzoek naar gebiedsfuncties voor vleermuizen, ontwikkeling A10 Zuidasdok, 22 december 2021 Ten behoeve van de geplande verbreding van de A10, op het traject tussen Knooppunt Nieuwe Meer en Knooppunt Amstel is een onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van vleermuizen en hun gebiedsfuncties binnen de planlocatie. In het oriënterend onderzoek is bepaald dat de taluds potentieel kunnen fungeren als essentiële vliegroute en/of foerageergebied voor vleermuizen. De onderdoorgangen zijn op basis van de aanwezigheid van spleten en holten in het beton of de aanwezige bekisting en het ontbreken van (veel) verlichting geschikt bevonden als potentiële verblijfplaatsen voor vleermuizen. Er zijn tijdens het onderzoek bij de onderdoorgangen geen zomer- en/of kraamverblijven aangetroffen. Derhalve kan in dit kader de aanwezigheid van zomer- en/of kraamverblijven in de onderdoorgangen worden uitgesloten. Tijdens het onderzoek naar de onderdoorgangen is op één locatie een paarterritorium van Gewone dwergvleermuis vastgesteld. Het betreft de locatie Onderdoorgang Amstel West nabij de Kleine Wetering. Er zijn geen zwermende vleermuizen aangetroffen tijdens de onderzoeken naar winterverblijfplaatsen. In dit kader kan de aanwezigheid van winterverblijfplaatsen bij de onderzochte onderdoorgangen binnen de planlocatie worden uitgesloten.

Tijdens het onderzoek zijn vier essentiële vliegroutes vastgesteld. Twee van deze routes ( Schinkel Oost en Amstel West) waren reeds bekend uit eerdere onderzoeken. 62

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Binnen het plangebied zijn op verschillende taluds essentiële foerageergebieden vastgesteld. Ook is er een reeds bekend foerageergebied bevestigd. Op de knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer zijn geen essentieel foerageergebied en/of vliegroute waargenomen. Binnen het plangebied zijn ook 14 vleermuiskasten aanwezig. Deze kasten zijn onderzocht op het gebruik als zomer-, kraam,- paar- en/of winterverblijf. De onderzochte vleermuiskasten waren tijdens het onderzoek niet in gebruik. Deze kasten blijven wel potentieel geschikt als zomerverblijf. Het complete onderzoek is opgenomen als Bijlage 9 bij deze toelichting.

6.7.4 Rapport vervolgonderzoek roofvogels Zuidas- Zuidasdokgebied 2021 (23 november 2021)

In de nabije omgeving van het plangebied zijn veel groengebieden aanwezig die onderdeel kunnen zijn van het habitat van roofvogels. Het Beatrixpark, Gijsbrecht van Aemstelpark, Amstelpark, Amsterdamse bos en park De Oeverlanden zijn erg geschikt als leefgebied en jachtgebied. Daarnaast liggen er ten westen en zuiden van knooppunt Amstel veel weilanden. De (begroeide) bermen van de taluds van de A10 en de knooppunten functioneren ook als jachtgebied. Op het talud aan de noordzijde van knooppunt Amstel (ten zuiden van tuinpark Amstelglorie) zijn sperwers aangetroffen. In de aanwezige bomen zijn twee nesten aangetroffen. Rondom deze nesten is tijdens elk veldbezoek activiteit van sperwers waargenomen. Daarnaast is het sperwernest in het Beatrixpark, buiten de projectgrenzen, hoogstwaarschijnlijk opnieuw in gebruik. Daar is enkele keren activiteit van sperwers waargenomen. In het Schinkelkwartier bij Riekerhaven is buiten de projectgrenzen een buizerdnest vastgesteld. In 2019 heeft de buizerd hier ook al gebroed. In 2020 werden er in de nabije omgeving van het nest werkzaamheden uitgevoerd en zijn de buizerds niet waargenomen. Kerkuil en ransuil zijn slechts sporadisch waargenomen. Er zijn tijdens het onderzoek bosuilen waargenomen in het Gijsbrecht van Aemstelpark, het Beatrixpark en bij Tuinpark Ons Buiten (de Oeverlanden).

Deze waarnemingen betroffen vogels die nest indicerend gedrag vertoonden. Daarnaast is één keer een foeragerende bosuil waargenomen aan de oostzijde van de Amstel en één keer een zichtwaarneming van een steenuil bij Tuinpark Ons Buiten. Voor boomvalk, buizerd en sperwer wordt geadviseerd om op dezelfde wijze als in 2016, 2017, 2018, 2019, 2020 en 2021 het onderzoek voort te zetten. Dat betekent monitoring van bomen die potentieel geschikt zijn als broedlocatie. Er is namelijk nog steeds geschikt habitat voor roofvogels aanwezig in het plangebied. Er valt dus niet uit te sluiten dat een roofvogel de komende jaren in het plangebied gaat broeden en mogelijk binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden vallen. Daarnaast wordt ook geadviseerd om het uilenonderzoek te herhalen en mogelijk uit te breiden. Het complete onderzoek is opgenomen als Bijlage 10 bij deze toelichting.

63

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

6.7.5

Natuuronderzoek Zuidasdok - ringslang (29 november 2021)

Door de gemeente Amsterdam is voor het projectgebied Zuidasdok een biotopenkaart opgesteld. Op deze kaart staan 12 gebieden met water en riet die potentieel geschikt habitat bieden voor de ringslang en welke gebieden binnen de invloedsferen van de werkzaamheden vallen. In opdracht van het programma Zuidasdok is een literatuurstudie naar de verspreiding van de ringslang en een habitatscan naar de aanwezigheid van geschikt habitat voor de ringslang voor de 12 locaties bij de Knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer in Amsterdam uitgevoerd. Om vast te stellen of de ringslang in de gebieden aanwezig is en de werkzaamheden negatieve effecten kunnen hebben op de ringslang is in de 12 deelgebieden aanvullend onderzoek naar het gebruik van het projectgebied door de ringslang uitgevoerd. In alle 12 deelgebieden zijn voor het onderzoek herpetoplaten geplaatst en is actief gezocht naar zonnende individuen van de ringslang. Tijdens het onderzoek zijn geen exemplaren of beschermde functies voor de ringslang waargenomen. Het complete onderzoek is opgenomen als Bijlage 11 bij deze toelichting.

6.7.6

Quickscan geluidsschermen Zuidasdok (22 juni 2021)

Het plaatsen en aanpassen van de extra geluidschermen langs de A10 wordt uitgevoerd in combinatie met de werkzaamheden voor het project "Zuidasdok", maar maakt geen onderdeel uit van het Tracébesluit. Derhalve worden de werkzaamheden voor het plaatsen van de extra geluidsschermen separaat van dit project getoetst aan de Wet natuurbescherming. De ingreep wordt gezien als een ruimtelijke ontwikkeling. In de quickscan (zie Bijlage 12) wordt geconcludeerd dat nadelige effecten als gevolg van de geplande ontwikkeling op Natura 2000-gebieden op voorhand niet kunnen worden uitgesloten. Voor het aspect stikstof wordt verwezen naar paragraaf 6.8. De geconstateerde bomen ter plekke van de te realiseren geluidschermen bevinden zich binnen de bebouwde kom van de gemeente Amsterdam. Zodoende is toetsing aan de bepalingen uit de Wet natuurbescherming ten aanzien van houtopstanden niet noodzakelijk. De kap van de bomen valt binnen de werkzaamheden voor het programma "Zuidasdok" en zal al eerder uitgevoerd worden. Verder worden de volgende aanbevelingen gedaan: Er is nader onderzoek naar kleine marterachtigen voor locatie Tennispark Joy en naar verblijfplaatsen van de boommarter, kleine marterachtigen en de steenmarter voor locatie Beatrixpark benodigd, alvorens men met de werkzaamheden kan aanvangen.

Indien er beschermde functies voor marterachtigen worden aangetroffen tijdens aanvullend onderzoek is er een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming nodig voor de uitvoering van de werkzaamheden. Voor het verkrijgen van de ontheffing dienen er mitigerende maatregelen worden getroffen en dient een activiteitenplan te worden ingediend. Het is redelijkerwijs te verwachten dat met het treffen van adequate mitigerende maatregelen een eventuele ontheffing zal worden verleend. Het is aan te bevelen de werkzaamheden buiten het broedseizoen van vogels (globaal 64

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

15 maart – 1 augustus) uit te voeren. Indien de werkzaamheden in het broedseizoen van vogels plaatsvinden kunnen mogelijke nestlocaties van algemene broedvogels worden vernietigd. De vermelde periode is niet leidend, elk broedgeval is beschermd. Ook broedgevallen buiten deze periode mogen niet verstoord worden. Er dient altijd, vóór aanvang werkzaamheden, een aanvullende inspectie op broedvogels door een ecoloog te worden uitgevoerd om overtredingen te voorkomen. Tijdens grondverzet kunnen er mogelijk individuen van de algemene amfibieën en zoogdieren worden gedood. Er dienen maatregelen te worden getroffen om het doden van algemene amfibieën en zoogdieren te voorkomen. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient een melding te worden gedaan bij de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, omdat er gebruik wordt gemaakt van de provinciale vrijstelling.

6.7.7 2022)

Natuuronderzoek geluidschermen Zuidasdok - marterachtigen (12 januari

Uit de quickscan geluidschermen Zuidasdok (zie paragraaf 6.7.6) is gebleken dat op twee locaties, te weten tennispark Joy en Beatrixpark, nader onderzoek naar kleine marterachtigen noodzakelijk is. De groep kleine marterachtigen bestaat uit de bunzing, hermelijn en de wezel. Aanvullend is op verzoek van de gemeente Amsterdam ook de locatie Amstelpark toegevoegd. Dit rapport (zie Bijlage 13) bevat de resultaten van het onderzoek en aanbevelingen ten opzichte van de Wet natuurbescherming. Op de deellocaties Beatrixpark en tennispark Joy zijn geen marterachtigen waargenomen. Op de deellocatie Amstelpark zijn verblijfplaatsen van de bunzing en de wezel te verwachten. De werkzaamheden ten behoeve van het plaatsen van de geluidsschermen worden echter uitgevoerd na realisatie van 'Zuidasdok'. Als gevolg van de realisatie van de ontwikkelingen van Rijkswaterstaat worden op de deellocatie Amstelpark' het leefgebied en de verblijfplaatsen van de bunzing en de wezel ongeschikt gemaakt onder een vrijstelling. Voor de realisatie van Zuidasdok is de onderstaande vrijstelling van toepassing.

Vrijstelling Regeling Natuurbescherming In artikel 3.31 lid d van de 'Regeling Natuurbescherming' is een vrijstelling verleend van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wet natuurbescherming in het kader van onder andere ruimtelijke ontwikkelingen of inrichting van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied, voor zover de in de onderdelen a tot en met d genoemde handelingen onderdeel zijn van een in artikel 1.3, eerste lid, van het Besluit natuurbescherming aangewezen categorie van handelingen. Voor de ontwikkelingen met betrekking tot wegen in beheer van het Rijk zijn middels bijlage 11 van de 'Regeling Natuurbescherming' soorten vrijgesteld van de verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wet natuurbescherming. Dit is geen vrijbrief, de zorgplicht blijft van toepassing voor de vrijgestelde soorten. De geplande werkzaamheden op de deellocaties Beatrixpark en tennispark Joy kunnen worden uitgevoerd zonder negatieve effecten voor marterachtigen. De geplande werkzaamheden op deellocatie Amstelpark kunnen na uitvoering van de ontwikkeling Tracébesluit Zuidasdok worden uitgevoerd zonder negatieve effecten voor marterachtigen. Het gebied wordt voor de plaatsing van de geluidsschermen reeds ontwikkeld onder het programma 'Zuidasdok'.

Voor dit programma geldt een vrijstelling voor de verbodsbepalingen uit artikel 3.10 van de Wet natuurbescherming.

65

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Het is in het algemeen wenselijk om de werkzaamheden buiten het broedseizoen van vogels uit te voeren (globaal maart - augustus), om overtreding van de Wet natuurbescherming te voorkomen. Deze periode is niet leidend. Indien broedgevallen ten tijde van de werkzaamheden aanwezig zijn mogen deze niet worden verstoord of vernietigd.

6.7.8

Conclusie natuuronderzoeken

Sinds de start van het programma Zuidasdok wordt er onderzoek uitgevoerd naar aanwezige (beschermde) flora en fauna binnen het gehele plangebied van Zuidasdok, zowel het Tracébesluit-gebied als het plangebied van het bestemmingsplan. Op basis van het in 2015/2016, en eerder, uitgevoerde onderzoek is in 2016 een soortenontheffing Wet natuurbescherming aangevraagd en verleend. Deze ontheffing is op 31 december 2021 verlopen. In dit kader is het programma Zuidasdok op dit moment bezig met een nieuwe ontheffingsaanvraag voor de periode 2022 t/m 2026. In het kader van deze aanvraag zijn onderzoeken uitgevoerd naar vleermuizen (zie paragraaf 6.7.3), ringslang (zie paragraaf 6.7.5) en broedvogels met jaarrond beschermd nest (zie paragraaf 6.7.4).Ondereel van de aanvraag is een geactualiseerd mitigatie en compensatieplan. Het is van belang dat voor de uitvoering van de werkzaamheden een ecologisch werkprotocol wordt opgesteld door de aannemers. Geconcludeerd kan worden dat er realistische maatregelen denkbaar en uitvoerbaar zijn die het verkrijgen van de ontheffing, en daarmee de uitvoering, niet in de weg staan. Het aspect natuur staat de voorgenomen ontwikkeling niet in de weg.

6.8

Stikstofdepositie

Het Tracébesluit Zuidasdok uit 2016 geldt op grond van de Tracéwet en de Wet natuurbescherming als natuurtoestemming. De wijzigingen die onderdeel zijn van het wTB Zuidasdok 2023 hebben voor de realisatiefase mogelijk een vermeerdering van de hoeveelheid stikstofemissie ten opzichte van het oorspronkelijke Tracébsluit Zuidasdok tot gevolg. Om te beoordelen of deze mogelijke extra emissies kunnen leiden tot extra stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden is een AERIUS-berekening uitgevoerd. We verwijzen hiervoor naar bijlage 4 van het wTB 2023. Voor de gebruiksfase kan op voorhand worden uitgesloten dat de wijzigingen kunnen leiden tot meer stikstofemissies, Uit de berekening voor de aanlegfase door AERIUS Calculator blijkt dat de emissie als gevolg van de ingevoerde bronnen geen stikstofdepositie veroorzaakt op Natura 2000-gebieden. Er kan daardoor gesteld worden dat de wijzigingen van het wTB Zuidasdok ten opzichte van het oorspronkelijke TB niet leiden tot extra stikstofdepositie en daarmee niet kunnen leiden tot negatieve effecten op beschermde natuur. Ook voor de extra geluidschermen die de gemeente Amsterdam met dit bestemmingsplan wil realiseren, zijn aanvullende aerius-berekeningen voor de aanlegfase uitgevoerd (zie Bijlage 14). Gedurende de realisatiefase wordt dieselmaterieel ingezet. Bij het gebruik van dit dieselmaterieel komt NOx en NH3 vrij.

Het dieselmateriaal wordt ingezet op 10 locaties. De schermen worden in 4 verschillende jaren gerealiseerd, zodat bij de berekening wordt 66

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

uitgegaan van 4 rekenjaren, te weten 2026, 2027, 2028 en 2034. Uit de berekening voor de aanlegfase blijkt dat de emissie als gevolg van de ingevoerde bronnen in geen enkel rekenjaar meer dan 0,00 mol/ha/jr bedraagt.

6.9

Archeologie en cultuurhistorie

De effecten op archeologie en cultuurhistorie zijn in het kader van het Tracébesluit getoetst. Daaruit blijkt dat binnen het plangebied Zuidasdok geen verwachting is op intacte archeologische waarden. De extra geluidschermen leiden niet tot een ander effect dan de beschouwing uit het Tracébesluit.

6.10

Duurzaamheid

Het aspect duurzaamheid is in het Tracébesluit meegenomen. Het onderhavige bestemmingsplan bevat geen aanvullende maatregelen op dit onderdeel.

67

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Hoofdstuk 7 Juridische planbeschrijving

7.1

Algemeen

Waar de overige paragrafen van deze bestemmingsplantoelichting de achtergronden van het bestemmingsplan belichten, geeft deze paragraaf een toelichting op de bestemmingsplanregels. Uitgelegd wordt wat de bedoeling en strekking is van de verschillende onderdelen van de regels. Daartoe worden in deze paragraaf de regels per artikel toegelicht. Het (juridisch deel van het) bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding heeft een functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende deel van het bestemmingsplan. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Per hoofdstuk zullen de diverse regels artikelsgewijs worden besproken. De toelichting heeft geen bindende werking; de toelichting maakt juridisch ook geen onderdeel uit van het bestemmingsplan, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het plan en ook bij de uitleg van de bestemming en overige regels. In de toelichting wordt ook een relatie met het relevante beleid gelegd en een gebiedsbeschrijving gegeven.

Op basis van het beleid en de gebiedsbeschrijving zijn vervolgens de uitgangspunten voor het bestemmingsplan geformuleerd.

7.2

Planvorm

Er wordt beoogd met dit bestemmingsplan het Tracébesluit Zuidasdok planologisch in te passen. Het bestemmingsplan is een relatief globaal plan met eindbestemmingen. De essentiële voorwaarden voor een goede ruimtelijke ordening zijn vastgelegd, maar het plan is waar mogelijk flexibel, zonder dat de aan het plan te verbinden rechtszekerheid voor burgers en gemeente in het geding komt. Bij het inpassen van het Tracébesluit zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: a. De grens van het Tracébesluit is overgenomen als grens van het bestemmingsplan, met dien verstande dat de (tijdelijke) werkterreinen die aan de buitenzijde gesitueerd zijn, niet zijn meegenomen; b. Het aantal rijstroken is in het bestemmingsplan conform het Tracébesluit vastgelegd. De ligging van de rijstroken is niet vastgelegd; c. Op de verbeelding (plankaart) van het bestemmingsplan is aangeven waar de rijbanen van de rijksweg zijn toegestaan. Dat is dus het tracé zoals voorzien, inclusief de marge van 4 meter verschuiving. Dit betreft, zowel de doorgaande alsook de rijbanen ter plaatse van de knooppunten; 68

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

d. Overeenkomstig de uitmeet- en flexibliteitsbepaling van het Tracébesluit is opgenomen dat de begrenzing van de hoofdrijbanen in het verticale vlak met 2 meter omhoog en naar beneden zonder nader te nemen besluit kan worden overschreden; e. Voor de kunstwerken geldt dat de begrenzingen uit het Tracébesluit zijn overgenomen. Voor zover dat nodig was, was hiervoor in het Tracébesluit reeds de nodige marge ingebouwd; f. Voor de fietspaden, geluidschermen en calamiteitenopstelplaatsen geldt dat in de regels is bepaald dat hier een schuifmarge van 4 meter ter weerszijden aanwezig is; g. De GPP's (geluidproductieplafonds) gelden op grond van de Wet milieubeheer. Ook de verplichting tot naleving van GPP's vloeit voort uit deze wet. Het is dus niet aan de orde om de GPP's als voorwaarde in het bestemmingsplan op te nemen; h. Ten aanzien van de overige functies (taluds, keerwandenzijn de maatregelvlakken inclusief de flexibiliteitsbepalingen uit het (gewijzigde) Tracébesluit niet overgenomen. Omdat deze in het Tracébesluit uitwisselbaar zijn, is er geen meerwaarde aanwezig om deze over te nemen.

7.3

Artikelgewijze toelichting

Algemeen De plankaart/verbeelding is de kaart waarop door middel van letters, cijfers, lijnen en aanduidingen het toegestane gebruik van de gronden en de mogelijke bouwhoogtes cq volumes staan aangegeven. De kaart heeft, in samenhang met de regels, een bindend karakter. Als ondergrond voor de plankaart is een recente topografische kaart gehanteerd. Daarmee kan exact worden bepaald waar het plan is gelegen en hoe begrenzingen lopen. Om de goede leesbaarheid van de analoge verbeelding van de plankaart te waarborgen is gekozen voor een schaal van 1:1000. De kaarten zijn voorts voorzien van een legenda en een noordpijl. Het plangebied van het bestemmingsplan is aan de hand van een plangrens (bolletjeslijn) op de plankaart weergegeven. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1: inleidende regels; met daarin definities en de wijze van meten en berekenen. Hoofdstuk 2: bestemmingsregels; die het hart van ieder bestemmingsplan vormen. Ze zijn opgebouwd uit een bestemmingsomschrijving, waarin een omschrijving wordt gegeven van de aan de grond toegekende functies. De hoofdfuncties worden als eerste genoemd. Verder kunnen in de bestemmingsomschrijving ook impliciet bij de bestemming behorende functies worden genoemd ("met de daarbij behorende"), bijvoorbeeld erf, paden, toegangswegen etc.

Per bestemming worden bouwregels gegeven, waarin voor alle bouwwerken en de van toepassing zijnde bouwbepalingen worden geregeld. Waar nodig worden specifieke gebruiksregels gegeven. Daarin kunnen aanvullingen of afwijkingen van de algemene gebruiksregels worden gegeven. Hoofdstuk 3: algemene regels; deze hebben betrekking op in beginsel alle voorafgaande regels. Hierbij gaat het onder meer om de anti-dubbeltelbepaling, algemene gebruiksregels, algemene bouwregels en algemene afwijkingsbevoegdheid. Hoofdstuk 4: overgang- en slotregels. De regels in hoofdstuk 1 en de algemene regels in hoofdstuk 3 gelden voor het bestemmingsplan als geheel. Zij werken door in de diverse bestemmingen. 69

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Hieronder volgt per opgenomen artikel een toelichting. Daar waar het betreffende artikel vanwege de erin opgenomen regeling dit vraagt zal uitgebreid worden ingegaan op die regeling. Voor de overige artikelen wordt volstaan met een meer beperkte uitleg. Artikel 1 Begrippen Artikel 1 geeft, in alfabetische volgorde, een omschrijving van een aantal begrippen dat in de regels wordt gebruikt. Hiermee wordt formeel vastgelegd wat wel en niet onder het betreffende begrip moet worden verstaan. Dit artikel is dus primair bedoeld om begrippen duidelijk te begrenzen en niet om de gedachten achter de gebruikte termen uit te leggen. Daarvoor is juist deze toelichting bedoeld. In deze toelichting worden gehanteerde begrippen waar nodig uitgelegd. De gehanteerde omschrijving van de begrippen komt overeen met de wijze waarop deze in andere actuele Amsterdamse (grootstedelijke) bestemmingsplannen wordt omschreven. Artikel 2 Wijze van meten Met dit artikel wordt aangegeven op welke wijze moet worden beoordeeld in hoeverre een initiatief past binnen de minima en maxima die in de overige regels worden aangegeven. Bij de wijze van meten is van belang dat de bouwhoogte standaard is gekoppeld aan het peil en het peil is gerelateerd aan het N.A.P. In de bestemmingsregels wordt waar nodig verwezen naar het maaiveld. Het maaiveld is gerelateerd aan de hoogte van het afgewerkte bouwterrein.

Artikel 3 Groen Binnen de bestemming Groen wordt hoofdzakelijk een groenachtige inrichting gewaarborgd waar beperkt functies zijn toegestaan. Artikel 4 Verkeer De bestemming Verkeer regelt de verkeersmaatregelen zoals deze in het tracébesluit zijn opgenomen. Het gaat onder meer om de snelwegstructuur met de bijbehorende civieltechnische kunstwerken en in- en uitvoerstroken maken hiervan onderdeel uit. De rijbanen en het aantal rijstroken zijn op de verbeelding aangeduid. Tevens is aangegeven waar welke civieltechnische kunstwerken zijn toegelaten. Ook zijn de geluidschermen geregeld waarbij bepaald is welk type geluidschermen waar is toegestaan en tot welke hoogte. Artikel 5 Water Binnen de bestemming Water zijn de binnen het plangebied gelegen watergangen en oppervlaktewateren geregeld. Artikel 6 Leiding - Gas Voor een deel van het plangebied geldt de dubbelbestemming ter bescherming van de daar gelegen aardgasleiding. Deze dubbelbestemming is primair ten opzichte van de overig geldende bestemmingen. Artikel 7 Leiding - Hoogspanning Om de binnen het plangebied gelegen ondergrondse hoogspanningsleidingen te beschermen is een dubbelbestemming opgenomen. Artikel 8 Waterstaat - Waterkering Ter plaatse van de ligging van de waterkeringen is aan de kernzone en de beschermingszone daarvan een dubbelbestemming gegeven. Behalve de bestemming zelf, 70

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

die de waterkering als zodanig bestemd, zijn er geen verdere bouw- en gebruiksregels opgenomen. De bouw- en gebruiksregels zoals die overeenkomstig de andere bestemming gelden zijn van toepassing. Ter plaatse van de waterkering geldt dan ook geen algeheel bouwverbod. Wel dienen bouwinitiatieven aan de keur te worden getoetst. Dit gebeurt in het kader van de watervergunning. Voor zover daar vanuit waterhuishoudkundig oogpunt noodzaak toe bestaat, kunnen vanuit de watervergunning beperkingen aan de bebouwingsconstructies onder maaiveld worden gesteld. Artikel 9 Anti-dubbeltelregel Deze bepaling vormt evenals de overgangsbepaling een van de "standaardregels" die het Bro als verplicht op te nemen bepaling in een bestemmingsplan voorschrijft en komt dus geheel overeen met de tekst uit het Bro. Het moet verhinderen dat bouwpercelen, die slechts voor een bepaald deel mogen worden bebouwd, later alsnog kunnen worden volgebouwd. Nadat een eerste bouwwerk is gerealiseerd, moet deze bepaling voorkomen dat het overgebleven open terrein opnieuw als het totale bouwperceel kan worden beschouwd.

Artikel 10 Algemene bouwregels In deze bepaling is overeenkomstig het tracébesluit geregeld dat het toegestaan is om civieltechnische kunstwerken naar weerszijden te verschuiven met overschrijding van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 1', indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: de oppervlakte van het civieltechnische kunstwerk is niet groter dan de oppervlakte van de desbetreffende aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 1'; het civieltechnische kunstwerk overschrijdt de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer 1' met niet meer dan 10% van de oppervlakte van de desbetreffende aanduiding. In de regels is voorts opgenomen dat van voorstaande schuifmogelijkheid geen gebruik kan worden gemaakt voor zover het betreft de noordelijke begrenzing van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 1' ter hoogte van gebouw 'Zuidcirkel', en wel voor zover het betreft de noordelijke grens gelegen tussen km 21.1 tot km 21.2 Re x. Dit in overeenstemming met het tracébesluit. Artikel 11 Algemene gebruiksregels In dit artikel is in aanvulling op het algemene gebruiksverbod in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) een aantal specifieke activiteiten uitgezonderd.

Artikel 12 Algemene aanduidingsregels In dit artikel is de geluidzone vanwege de Hulp Warmte Centrale (HWC) Johan Huizingalaan, de industriegebieden Amstel 1 & 2 en de industrieterreinen Schinkel en Schiphol geregeld. Artikel 13 Algemene afwijkingsregels Met dit voorschrift kunnen Burgemeester en wethouders omgevingsvergunning verlenen om af te wijken van de bouw- en/of gebruiksregels voor onderdelen van bestemmingsbepalingen, mocht dat in die bepalingen zelf niet geregeld zijn. Artikel 14 Overige regels In de regels wordt een enkele keer verwezen naar andere wettelijke regelingen. Landelijke wettelijke regelgeving kan gedurende de looptijd van het bestemmingsplan veranderen. Om die reden wordt in dit artikel aangegeven dat daar waar wordt verwezen naar landelijke 71

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

wettelijke regelingen, die regelingen zijn bedoeld zoals deze luidden op het moment waarop het ontwerp bestemmingsplan ter visie is gelegd. Verder zijn onder de overige regels de tijdelijke maatregelen en voorzieningen opgenomen zoals deze ook in het Tracébesluit geregeld zijn. Deze maatregelen en voorzieningen zijn uitsluitend toegestaan ten behoeve van de realisatie van het Tracébesluit Zuidasdok. Deze tijdelijke werken mogen niet langer in stand gehouden worden dan zes maanden na de ingebruikname van het tracé. Artikel 15 Overgangsrecht In dit artikel zijn overgangsregels opgenomen, die evenals de anti-dubbeltelregel behoren tot de standaardregels uit het Bro. Artikel 16 Slotregel De slotregel geeft de officiële benaming van dit bestemmingsplan weer alsmede de datum van vaststelling door de gemeenteraad.

72

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid Op grond van artikel 3.1.6 onder 1 van het Besluit ruimtelijke ordening dient in het kader van de planologische planprocedure de economische uitvoerbaarheid van het plan te worden onderzocht. Er is bij dit plan geen sprake van een bouwplan zoals bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Er hoeft dus geen exploitatieplan vastgesteld te worden. In het kader van de planuitvoering is een budget beschikbaar gesteld door het Rijk en de gemeente Amsterdam. Hiermee wordt het plan uitvoerbaar geacht.

73

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Hoofdstuk 9 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

9.1

Artikel 3.1.1. Bro - overleg

In het kader van het bestuurlijk overleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het voorontwerp bestemmingsplan voorgelegd aan het bestuur van het waterschap en aan die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Tevens is het voorontwerp bestemmingsplan voorgelegd aan de besturen van de buurgemeenten. Het voorontwerp bestemmingsplan is op 22 december 2021 aan de volgende instanties en overheden voorgelegd met het verzoek hun reactie te geven: Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, p/a Waternet * Hoogheemraadschap Rijnland Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) Ministerie van Financiën Ministerie van Infrastructuur & Milieu /Rijkswaterstaat Noord-Holland (I&M/Rijkswaterstaat N-H) Ministerie van Infrastructuur & Milieu/Rijkswaterstaat Midden-Nederland Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT/Luchtvaart) Rijksvastgoedbedrijf - Directie Vastgoedbeheer - Afdeling Klant & Vastgoedmanagement Provincie Noord-Holland * Gemeente Diemen * Gemeente Amstelveen Van de instanties en overheden voorzien van een * is een vooroverlegreactie ontvangen. In Bijlage 15 zijn de vooroverlegreacties in de Nota vooroverleg samengevat en van een antwoord voorzien.

De reacties zijn, voor zover ruimtelijk relevant, in het bestemmingsplan verwerkt.

9.2

Maatschappelijk overleg

Tevens zijn de stukken in het kader van het maatschappelijk overleg verzonden aan: Brandweer Regio Amsterdam-Amstelland (Veiligheidsregio) * Vervoerregio Amsterdam GVB Railinfra GVB Exploitatie BV NS regiodirectie Randstad Noord ProRail, regio Randstad Noord * Fietsersbond Amsterdam Groengebied Amstelland Stadsregio Amsterdam Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied 74

Zuidas-Zuidasdok 2023 Amsterdam, Gemeente Amsterdam vastgesteld

Liander * Gasunie * Van de instantievoorzien van een * is een vooroverlegreactie ontvangen. In Bijlage 15 zijn de vooroverlegreacties in de Nota vooroverleg samengevat en van een antwoord voorzien. De reacties zijn, voor zover ruimtelijk relevant, in het bestemmingsplan verwerkt. Daarnaast is het voorontwerp bestemmingsplan besproken met de Programma-organisatie Zuidasdok. De opmerkingen hebben op onderdelen geleid tot (technische en ondergeschikte) wijzigingen in het bestemmingsplan.

9.3

Zienswijzen

Op de voorbereiding van het besluit is de in artikel 3.8 Wro geregelde procedure van toepassing, dat wil zeggen dat het ontwerp bestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage dient te liggen, waarbinnen eenieder zijn zienswijze kenbaar kan maken. Het ontwerp bestemmingsplan 'Zuidas-Zuidasdok 2022' heeft met ingang van 8 december 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen, waarbij een ieder de gelegenheid is geboden om binnen deze termijn zienswijzen met betrekking tot het ontwerp kenbaar te maken. De ingekomen zienswijzen zijn voorzien van een gemeentelijk antwoord en opgenomen in de Nota van beantwoording zienswijzen in Bijlage 16 van deze toelichting.

9.4

Ambtshalve wijzigingen

In Bijlage 17 zijn de ambtelijke wijzigingen in het definitieve bestemmingsplan 'Zuidas-Zuidasdok 2023' ten opzichte van het ontwerp bestemmingsplan Zuidas-Zuidasdok 2022. Tevens zijn voor de volledigheid ook de wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen in Bijlage 17 opgenomen.

75

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14827222/1