CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit 2024-085B BP Toelichting en regels Seineweg-Hornweg Westpoort

RAAD 29 mei 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan ‘Aardgasleiding Seineweg – Hornweg Westpoort’ (VN2024-003065)22.589 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

31

Uitsnede Legger Amstel, Gooi en Vecht ter plaatse van het nieuwe tracé.

Conclusie Met inachtneming van het voorgaande vormt het aspect water geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan.

4.9

Archeologie en cultuurhistorie Algemeen Door ondertekening van het verdrag van Valletta (1992) heeft Nederland zich verplicht om bij ruimtelijke planvorming nadrukkelijk rekening te houden met het niet-zichtbare deel van het cultuurhistorisch erfgoed, te weten de archeologische waarden. In de Erfgoedwet 2016, uitgewerkt in het Besluit Erfgoedwet archeologie, is geregeld hoe met in de grond aanwezige dan wel te verwachten archeologische waarden moet worden omgegaan. Het streven is om deze belangen tijdig bij het project te betrekken. Bij ingrepen waarbij de ondergrond wordt geroerd, dient te worden aangetoond dat de eventueel aanwezige archeologische waarden niet worden aangetast. Toetsing In de vigerende bestemmingsplannen zijn gebieden aangewezen met een hoge archeologische verwachtingswaarde. Voor deze gebieden gelden aanvullende regels met betrekking tot archeologie in relatie tot ruimtelijke ontwikkelingen. Voor het plangebied is de verwachting dat er geen archeologische overblijfselen meer in de bodem aanwezig zijn. Dit is het gevolg van de hoge mate van verstoring door de grootschalige infrastructurele werken bij de aanleg van de industrie- en bedrijventerreinen in de

32

tweede helft van de 20ste eeuw. De open ontgravingen tot 2 m diepte blijven beperkt tot (sub)recente ophogingen die verband houden met de aanleg van de IJpolder en latere ophogingen en grondverzet. De gestuurde boring bereikt de diepte waarop prehistorische overblijfselen aanwezig kunnen zijn. Deze hebben echter een wijde verspreiding. Met de leidingdiameter van 114 mm leidt de ingreep naar verwachting niet tot onevenredige aantasting van archeologische waarden. Daarom geldt voor deze gebieden een vrijstelling van archeologisch onderzoek. Bovendien is het plangebied volgens de Cultuur Historische Waardenkaart van de provincie Noord-Holland vrij van zones met een archeologische waardering. Dit tezamen maakt dat geen archeologisch onderzoek nodig is. Voor het gehele plangebied geldt desalniettemin de wettelijke meldingsplicht, hetgeen inhoudt dat ook in geval geen archeologisch vooronderzoek vereist is en er toch archeologische overblijfselen ouder dan 50 jaar bij bouwwerkzaamheden aangetroffen worden, deze bij BMA aangemeld dienen te worden. In gezamenlijk overleg met de opdrachtgever kunnen dan maatregelen worden genomen tot documentatie en berging van de vondsten. De toelichtingen van de geldende bestemmingsplannen laten zien dat er geen waardevolle structuren, geen waardevolle bebouwing of monumenten in of rondom het plangebied aanwezig zijn.

Volledigheidshalve kan worden gemeld dat de bestaande ruimtelijke en functionele structuren gehandhaafd blijven binnen het plangebied. Conclusie De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan.

4.10

Explosieven Naar aanleiding van de voorgenomen ontwikkeling is een pragmatische opsporingsanalyse5 opgesteld voor het onderzoeksgebied Amsterdam aansluiting Argent Energy Hornweg 61. Op basis van de beoordeelde feiten is geconcludeerd dat er geen indicaties zijn voor de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied. Derhalve is het onderzoeksgebied niet verdacht op de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. Er wordt geadviseerd om de werkzaamheden onder reguliere condities uit te voeren. De kans op het aantreffen van ontplofbare oorlogsresten is net zo groot als de gemiddelde kans op het aantreffen van ontplofbare oorlogsresten op als ‘onverdacht’ aangemerkte locaties in de rest van Nederland. Grondroerende werkzaamheden kunnen in het onderzoeksgebied op reguliere wijze worden uitgevoerd.

5

AVG Explosieven opsporing NL (2022) “Pragmatische Opsporingsanalyse ontplofbare oorlogsresten Amsterdam Aansluiting Argent Energy Hornweg 61”. Rapportnummer: 146000004-POA-01, 23-06-2022. 33

5

Wijze van bestemmen

5.1

Algemeen

5.1.1

Wat is een bestemmingsplan? Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. Het wordt de grondgebruiker (eigenaar, huurder etc.) toegestaan om de functie die het bestemmingsplan geeft, uit te oefenen. Dit houdt in dat: − de grondgebruiker niet kan worden verplicht om een in het bestemmingsplan aangewezen bestemming ook daadwerkelijk te realiseren, en − de grondgebruiker geen andere functie mag uitoefenen in strijd met de gegeven bestemming (de overgangsbepalingen zijn hierbij mede van belang). Een bestemmingsplan regelt: − het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); en een bestemmingsplan kan daarbij regels geven voor: − het bebouwen van de gronden; − het verrichten van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden.

5.1.2

Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de bijbehorende regels worden gegeven. Die toegekende gebruiksmogelijkheden kunnen op twee manieren nader worden ingevuld: 1 Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één ‘enkel’ bestemming (dat is dé bestemming) en soms geldt er een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regels van de dubbelbestemming wordt omschreven wat er voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen. 2 Via een aanduiding. Een aanduiding is een teken op de verbeelding. Dat teken kan bestaan uit een lijn, een figuur, of een lettercode etc. Via een aanduiding wordt in de regels ‘iets’ geregeld. Dat ‘iets’ kan betrekking hebben op extra mogelijkheden of extra beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing en/of het aanleggen van werken. Aanduidingen kunnen voorkomen in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels en kunnen ook een eigen regel hebben.

5.1.3

Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over 4 hoofdstukken: 1 Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing

34

van de regels te waarborgen. Ook is bepaald de wijze waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2). 2 Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en, eventueel, ook bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden opgenomen. Als er dubbelbestemmingen zijn worden die ook in dit hoofdstuk opgenomen. Die komen, ook in alfabetische volgorde, achter de bestemmingsregels. Ieder artikel kent een vaste opzet. Eerst wordt het toegestane gebruik geformuleerd in de bestemmingsomschrijving. Vervolgens zijn bouwregels opgenomen. Aansluitend volgen afwijkingsregels met betrekking tot bouw- en/of gebruiksregels. Ten slotte zijn eventueel bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden en/of wijzigingsbevoegdheden opgenomen. Belangrijk om te vermelden is dat naast de bestemmingsregels ook in andere artikelen relevante informatie staat die mede gelezen en geïnterpreteerd moet worden. Alleen zo ontstaat een volledig beeld van hetgeen is geregeld. 3 Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan.

Het zijn achtereenvolgens een antidubbeltelregel en overige regels. 4 Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk is het overgangsrecht en een slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.

5.2

Dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen moeten in onderlinge samenhang worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels over het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.

5.2.1

Bijzonderheden in dit bestemmingsplan In dit bestemmingsplan is het nieuwe tracé door middel van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas 2' vastgelegd. De huidige dubbelbestemming ‘Leiding - Gas’ wordt gedeeltelijk verwijderd uit de bestemmingsplannen “Sloterdijk III” en “Westhaven”. Tevens wordt de aanduiding ‘veiligheidszone - leiding’ verwijderd uit de plannen “Westhaven” en “eerste wijziging Westhaven”. Daarnaast zijn alle bestemmingen en artikelen opgenomen in de geldende (bestemmings)plannen onverkort van toepassing verklaard. Het bestemmingsplan voorziet uitsluitend in een aanvulling op de verbeelding en het toevoegen van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas 2'.

35

Leiding - Gas 2 Dit bestemmingsplan voorziet in het opnemen van een dubbelbestemming 'Leiding Gas 2' ter plaatse van de nieuwe gasleiding. Hiervoor is gekozen om de bestaande gasleiding die worden gekruist door de gasleidingen in het voorliggend plan, van elkaar te onderscheiden. Functie De voor 'Leiding - Gas 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van ondergrondse hoge druk gastransportleidingen (inclusief voorzieningen) met de daarbij behorende belemmeringenstroken van 5 m. In de regels van deze dubbelbestemming is een voorrangsbepaling opgenomen. In deze bepaling is opgenomen dat de regels van deze dubbelbestemming staat boven de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt. Bouwregels en afwijkingsmogelijkheid In deze dubbelbestemming is in de bouwregels bepaald dat uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de leiding(en) mogen worden gebouwd. Overige gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn niet toegestaan uit oogpunt van externe veiligheid en energieleveringszekerheid. Van deze bepaling kan, met een afwijkingsbevoegdheid, worden afgeweken, mits aangetoond wordt dat de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad en vooraf schriftelijk advies is ingewonnen bij de betrokken leidingexploitant.

Specifieke gebruiksregels In verband met veiligheid en beheerbaarheid moeten de leidingen ten alle tijden bereikbaar zijn. In de specifieke gebruiksregels is dan ook opgenomen dat het volgende gebruik strijdig is met de bestemming: “het opslaan van goederen, met uitzondering het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding”. Omgevingsvergunningstelsel In het omgevingsvergunningstelsel worden beperkingen gesteld aan de werkzaamheden die mogen worden uitgevoerd ter plaatse van de dubbelbestemming. Dit is van belang om de veiligheid te kunnen waarborgen. Onder meer is een omgevingsvergunning nodig voor het afgraven van gronden en het aanbrengen van diepwortelende beplanting en bomen.

36

6

Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6 eerste lid, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. Het (ver)leggen van leidingen is geen aangewezen bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1. Bro. Dit betekent dat plankosten niet kunnen worden verhaald middels een exploitatieplan. De gemeentelijke kosten zijn beperkt tot de ambtelijke kosten, welke worden verhaald middels een overeenkomst die wordt gesloten tussen gemeente en Gasunie. Ook wordt een planschade overeenkomst gesloten.

37

7 7.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening voert het college van burgemeester en wethouders, dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan, overleg met andere bestuursorganen van bijvoorbeeld buurgemeenten, het waterschap en de provincie. Tevens wordt advies opgevraagd bij stadsdeel Nieuw-West. Het overleg tussen de bestuurlijke instanties dient in een redelijke verhouding te staan tot de aard en omvang van het bestemmingsplan. Het overleg dient dan ook beperkt te blijven tot die overheidsinstanties waarmee overleg werkelijk noodzakelijk is om te voorkomen dat de taak of verantwoordelijkheid van het andere overheidsorgaan ontoelaatbaar wordt beperkt, of dat het door dat orgaan te behartigen belang aantoonbaar wordt benadeeld. Gelet op de geringe aard en omvang van het plan wordt afgezien van wettelijk vooroverleg. Gasunie heeft in het voortraject overlegd met stakeholders zoals Havenbedrijf Amsterdam, stadsdeel Nieuw-West, Rijkswaterstaat en leidingbeheerders over het tracé en dat overleg volstaat. Er zijn verder geen rijks-, provinciale- of waterschapsbelangen in het geding.

7.2

Zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. Eenieder kon in deze periode zienswijzen indienen bij de gemeenteraad. Gedurende deze periode zijn geen zienswijzen ingediend. Wel zijn er ambtelijke wijzigingen aangebracht aan het ontwerpbestemmingsplan. Deze wijzigingen zijn beschreven en toegelicht in de Nota van wijzigingen (bijlage 6 bij deze toelichting).

38

Bijlagen bij toelichting

Bijlage 1: Verkennend asbest- en bodemonderzoek

N.V. NEDERLANDSE GASUNIE

VERKENNEND ASBEST- EN BODEMONDERZOEK AANSLUITING VAN ARGENT ENERGY (A-553-06) AAN DE HORNWEG 61 TE AMSTERDAM

22 SEPTEMBER 2022

WSP NEDERLAND B.V. ORIONWEG 28 8938 AH LEEUWARDEN wsp.com

PROJECTNUMMER SOL021019MK DOCUMENTNUMMER SOL021019MK -Definitief- Verkennend onderzoek aansluiting A-553-06 te Amsterdam, versie 1.0

COLOFON OPDRACHTGEVER N.V. Nederlandse Gasunie Concourslaan 17 9727 KC Groningen CONTACTPERSOON OPDRACHTGEVER De heer P. Ykema PROJECTNUMMER GASUNIE I.013983.01 CONTACTPERSOON WSP NEDERLAND B.V. Mevrouw ing. A.J.M. Heddes Tel: 06-22915110 Email: anita.heddes@wsp.com

AUTORISATIE PROJECTNUMMER

DOCUMENTNUMMER

VERSIE

STATUS

SOL021019MK

SOL021019MK -Definitief- Verkennend onderzoek aansluiting A-553-06 te Amsterdam

1.0

Definitief

OPGESTELD DOOR

FUNCTIE

DATUM

De heer N.F.Y. Kalt, BSc

Adviseur

22 september 2022

GEVERIFIEERD EN

FUNCTIE

DATUM

Senior adviseur

22 september 2022

PARAAF

PARAAF

GOEDGEKEURD DOOR

Mevrouw ing. A.J.M. Heddes

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 2/19

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

4

1.1

Aanleiding, doel en opzet van het onderzoek

4

1.2

Kwaliteit

4

2

VOORONDERZOEK

6

2.1

Beschrijving van de locatie

6

2.2

Bevindingen vooronderzoek

6

2.3

Hypothese en onderzoeksstrategie

9

3

VELDWERK EN CHEMISCHE ANALYSES

10

3.1

Uitgevoerde veldwerkzaamheden

10

3.2

Zintuiglijke waarnemingen

11

3.3

Asbestonderzoek

11

3.4

Grondwaterbemonstering

12

3.5

Chemische analyses

13

4

BESPREKING ANALYSERESULTATEN

14

4.1

Toetsing analyseresultaten

14

4.2

Interpretatie

16

4.3

Toetsing hypothese

17

5

CONCLUSIES

18

OVERZICHT BIJLAGE(N) Bijlage 1

— Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage 2

— Situatietekening Bijlage 3

— Profielbeschrijvingen Bijlage 4

— Analysecertificaten grond, grondwater en asbest in grond

Bijlage 5

— Getoetste analyseresultaten en toetsingswaarden

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 3/19

1

INLEIDING

In opdracht van N.V. Nederlandse Gasunie heeft WSP Nederland B.V. een verkennend asbest- en bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de geplande aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam. De ligging van de locatie en de situatietekening zijn opgenomen in bijlagen 1 en 2.

1.1

AANLEIDING, DOEL EN OPZET VAN HET ONDERZOEK

De aanleiding voor dit onderzoek wordt gevormd door de geplande werkzaamheden ter plaatse van de onderzoekslocatie. Tijdens de geplande werkzaamheden wordt een HDD van circa 743 meter gerealiseerd en wordt een nieuw koppelschema (S-619) en een nieuw in- en uitlaatschema bij het nieuw te bouwen GOS aangelegd. Voor de aansluiting van de HDD op de bestaande leiding wordt de gasleiding in open ontgraving aangelegd. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is vast te stellen of er ter hoogte van het nieuwe tracé sprake is van een verontreiniging van grond en/of grondwater. De opzet van het verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op Amsterdamse Richtlijn voor Verkennend Onderzoek (ARVO) d.d. 26 mei 2020. De ARVO is een Amsterdamse invulling van de landelijke norm voor bodemonderzoeken, de Nederlandse norm "Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek" (NEN 5740+A1:2016). Het doel van het verkennend asbestonderzoek is om na te gaan of de verdenking op asbest in de grond terecht is. De opzet van het verkennend asbestonderzoek is gebaseerd op de Nederlandse norm “Inspectie en monsterneming asbest in bodem en partijen grond.” (NEN 5707+C2:2017).

1.2

KWALITEIT

WSP Nederland B.V. is door Kiwa Nederland B.V. gecertificeerd voor de ISO 9001, ISO 14001 en VCA** en in het kader van de Regeling Kwalibo voor de BRL SIKB 1000, 2000 en 6000. Verder is WSP Nederland B.V. gecertificeerd voor het asbestcertificatieschema en de CO2-prestatieladder trede 5. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door Sialtech B.V. conform de onderstaande protocollen: − Protocol 2001 “Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen”. − Protocol 2002 “Het nemen van grondwatermonsters”. − Protocol 2018 “Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem”. Sialtech B.V. is hiervoor gecertificeerd volgens de BRL SIKB 2000 “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” en door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat erkend. De veldmedewerkers die zijn ingezet beschikken over de in de BRL gestelde ervaringseisen en staan geregistreerd als erkend persoon bij Rijkswaterstaat Leefomgeving voor tenminste de voor dit project relevante protocollen. De analyses zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V.. Dit laboratorium is geaccrediteerd conform de NEN-EN-ISO 17025:2005 en de AS3000 “Laboratoriumanalyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek”. De analyses zijn, waar mogelijk, verricht conform de AS3000.

De onderzoekslocatie is geen eigendom van WSP Nederland B.V., daaraan gelieerde ondernemingen of overige bij de uitvoering van het onderzoek betrokken partijen. Derhalve voldoet het onderzoek aan de onafhankelijkheidseisen uit de Regeling bodemkwaliteit en het procescertificaat BRL 2000.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 4/19

Disclaimer Bodemonderzoek betreft per definitie een steekproef. Het hanteren van de actuele normen en protocollen draagt in grote mate bij aan het verkrijgen van een correct beeld van de actuele milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek maakt het echter onmogelijk om garanties te geven ten aanzien van de resultaten van het onderzoek. WSP Nederland B.V. accepteert geen aansprakelijkheid voor eventuele beslissingen die opdrachtgever of derden op basis van dit onderzoek nemen.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 5/19

2 VOORONDERZOEK In het kader van het onderzoek is een vooronderzoek uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725:2017. In het kader hiervan zijn de volgende bronnen geraadpleegd: − N.V. Nederlandse Gasunie. − Gemeente Amsterdam. − Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. − Provincie Noord-Holland. − Historisch kaartmateriaal (www.topotijdreis.nl). − Terreininspectie. In dit hoofdstuk worden de resultaten van het vooronderzoek besproken. Dit resulteert in een hypothese over de mogelijke verontreinigingssituatie op de onderzoekslocatie. De resultaten van het vooronderzoek zijn in onderstaande paragrafen opgenomen.

2.1

BESCHRIJVING VAN DE LOCATIE

In onderstaand overzicht zijn de algemene gegevens van de locatie opgenomen: Tabel 1: Algemene gegevens verkennend asbest- en bodemonderzoek Algemene informatie Adres onderzoekslocatie

Basisweg / Hornweg te Amsterdam

Coördinaten (volgens Rijksdriehoeksmeting) X: Aanwezige verhardingen

116.000

Y:

489.600

Grotendeels onverhard, de (fiets)paden zijn voorzien van een asfaltverharding

Bodemkwaliteitskaart Functiekaart

Industrie

Ontgravingskaart

Achtergrondwaarde

2.2 BEVINDINGEN VOORONDERZOEK N.V. Nederlandse Gasunie Door N.V. Nederlandse Gasunie is een bodeminformatiesysteem (Geoportaal) opgezet waarin zij alle beschikbare bodeminformatie omtrent Gasunielocaties hebben ondergebracht. Uit raadpleging van het Geoportaal volgt dat ter hoogte van de geplande aansluiting op de bestaande gasleiding en het geplande afsluiterschema S-619 een verkennend bodemonderzoek is verricht (Outline Consultancy B.V. kenmerk B13K0104A, d.d. 19 juni 2013). Tijdens het voorgaande bodemonderzoek zijn in de grond geen verhoogde waarden en in het grondwater maximaal licht verhoogde waarden gemeten. Gemeente Amsterdam / Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied / Provincie Noord-Holland Uit raadpleging van de digitaal beschikbare bodeminformatie volgt dat ter hoogte van het geplande tracé van de nieuwe gasleiding, de in- en uittredepunten en de aansluitingen ter hoogte van Argent Energy en op de bestaande gasleiding meerdere bodemonderzoeken bekend zijn.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 6/19

Uittredepunt en aansluiting Argent Energy (Hornweg 61, Amsterdam) De volgende bodemonderzoeken zijn bekend die relevant zijn voor het onderhavige onderzoek: — Nulsituatie bodemonderzoek locatie aan de Hornweg tegenover nr. 64 te Amsterdam, Antea Group, projectnummer 0467834.100-295, d.d. 8 juli 2021. — BUS evaluatieverslag, Antea Group, projectnummer 10700691, 4 november 2011. In 2021 is door Antea Group een verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) verricht ter hoogte van de onderzoekslocatie. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de toplaag van de grond (0,0 - 0,1 m -mv) bijmengingen met puin, asfalt en asbestverdacht materiaal waargenomen. In de ondergrond zijn plaatselijk zwakke olie-waterreacties en/of oliegeuren (1 ppm) waargenomen. Uit de analyseresultaten komt naar voren dat in de boven- en ondergrond licht verhoogde gehalten kwik, PCB, PFOS, PFOA en/of minerale olie aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties arseen, barium en minerale olie gemeten. Uit de verrichte analyses van de toplaag op asbest blijkt dat de interventiewaarde wordt overschreden vanwege het aangetroffen plaatmateriaal (grove fractie), in de fijne fractie zijn geen tot zeer licht verhoogde concentraties asbest aangetoond. Naar aanleiding van het aantreffen van de sterk verhoogde concentratie asbest in de toplaag van de grond is in 2021 een sanering verricht.

Tijdens de sanering is de sterk met asbest verontreinigde grond tot een diepte van 0,1 m -mv afgegraven en afgevoerd naar een erkende verwerker. Tevens is de licht olieverontreiniging in de boven- en ondergrond ontgraven en afgevoerd. Intredepunt en aansluiting op bestaande gasleiding (Seineweg 2, Amsterdam) De volgende bodemonderzoeken zijn bekend die relevant zijn voor het onderhavige onderzoek: — ARVO bodemonderzoek de Schil Oost Sloterdijk III te Amsterdam, MWH B.V., projectnummer M15A0601. d.d. 24 december 2015. — Verkennend bodem- en verhardingsonderzoek Entree Kavel Schil Oost Aviodome te Amsterdam, BK Ingenieurs B.V., projectnummer 180738, d.d. 26 april 2018. — ARVO bodemonderzoek Basisweg - De Schil Oost TU te Amsterdam, Stantec B.V., projectnummer M19A0274, d.d. 17 september 2019. In 2015 is door MWH een verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) uitgevoerd op het terrein waar de werkzaamheden nabij het intredepunt zijn voorzien. De aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek werd gevormd door de voorgenomen uitgifte van het terrein en is tegenwoordig de Amsterdome gevestigd. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de bodem zeer zwakke tot zwakke bijmengingen met baksteen of slib waargenomen in de boven- en ondergrond.

Uit de analyseresultaten komt naar voren dat in het grondwater een matig verhoogde concentratie arseen voorkomt die vermoedelijk een natuurlijke oorsprong kent. Verder zijn in de grond en het grondwater maximaal licht verhoogde waarden aan zware metalen, PAK, PCB en/of minerale olie aangetoond. Zowel visueel als analytisch is geen asbest aangetoond in de grond. Op basis van het verrichte onderzoek was er geen aanleiding tot aanvullend onderzoek. In 2018 zijn de toegangswegen tot het terrein (rijbaan en fietspad) door BK Ingenieurs onderzocht vanwege de voorgenomen werkzaamheden. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden zijn in onder de wegen funderingslagen aangetroffen bestaande uit menggranulaat met baksteen, beton en grind. Onder de funderingslagen zijn zintuiglijk schone zandlagen waargenomen. Uit de analyseresultaten van de zandlagen onder de funderingslagen zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan zware metalen en/of PCB aangetoond. In de funderingslagen is analytisch geen asbest aangetoond. Op basis van de onderzoeksresultaten waren er geen belemmeringen voor de voorgenomen werkzaamheden.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 7/19

Op het nabij gelegen perceel (naast de Amsterdome) is in 2019 een verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) verricht door Stantec in verband met de voorgenomen uitgifte van het perceel aan de Technische Unie (TU). In de bovengrond zijn voornamelijk bijmengingen met baksteen en beton waargenomen, verder zijn geen asbestverdachte of bodemvreemde materialen aangetroffen. Uit de verrichte analyse blijkt dat in de boven- en ondergrond licht verhoogde gehalten aan zware metalen en PCB voorkomen. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties arseen, barium, chroom en/of tetrachlooretheen gemeten. In de onderzochte mengmonsters van de boven- en ondergrond zijn geen verhoogde concentraties asbest gemeten. Op basis van het verrichte onderzoek was er geen aanleiding tot aanvullend onderzoek. Historisch kaartmateriaal Uit beschouwing van het historisch kaartmateriaal afkomstig van www.topotijdreis.nl zijn geen bijzonderheden aangetroffen die kunnen duiden op de aanwezigheid van een bodemverontreiniging. De locatie is sinds de jaren ’70 van de vorige eeuw ontwikkeld tot een industriegebied. Ter hoogte van de geplande werkzaamheden zijn geen eerdere bedrijfsactiviteiten of bebouwingen te onderscheiden. Terreininspectie Tijdens de terreininspectie ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn geen waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging.

Poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) In vrijwel heel Nederland zijn (zeer) licht verhoogde gehalten aan PFAS verbindingen in de grond aanwezig als gevolg van atmosferische depositie. De stoffengroep PFAS is in de afgelopen jaren door veel gemeenten toegevoegd aan de bodemkwaliteitskaarten waarmee grondverzet mogelijk is binnen de gemeente zonder aanvullend onderzoek, mits er geen verdachte (punt)bronnen aanwezig zijn. Uit het verrichte vooronderzoek komt naar voren dat de onderhavige locatie onverdacht is op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS. Op basis van het bodembeleid van de gemeente Amsterdam (Beleidsregels PFAS gemeente Amsterdam 2020) is enkel bodemonderzoek naar PFAS benodigd indien er een reëel vermoeden is om verhoogde gehalten aan PFAS te verwachten. Uit het vooronderzoek komt naar voren dat de onderhavige onderzoekslocaties niet eerder in gebruik zijn geweest (agrarische gronden tot 1970 en daarna braakliggend) en er worden geen verhoogde gehalten aan PFAS in de (boven)grond verwacht, anders dan de landelijke depositie. Verder zijn er tevens geen verdachte (punt)bronnen te onderscheiden uit de beschouwde bodeminformatie. Op basis van het voorgaande is er derhalve geen reëel vermoeden voor verhoogde gehalten aan PFAS en conform de Beleidsregel is er geen aanvullend onderzoek benodigd naar PFAS.

Asbest Tijdens de uitvoering van het vooronderzoek is er nagegaan of er sprake is van een asbestverdachte locatie. Hierbij is gelet op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op en/of in de grond (zoals puinbijmengingen of verdacht plaatmateriaal) en de historie van de locatie met betrekking tot de toepassing van asbesthoudende materialen (o.a. slootdempingen, ophooglagen, beschoeiingen en/of afscheidingen). Uit het vooronderzoek volgt dat ter hoogte van het uittredepunt voorheen een sterke verontreiniging met asbest aanwezig was in de toplaag, deze is in 2021 volledig verwijderd. Verder komt naar voren dat tijdens de voorgenomen werkzaamheden op een drietal locaties asfaltwegen/fietspaden worden gekruist waar de geplande gasleiding middels open ontgraving zal worden aangelegd. Onder de te kruisen asfaltwegen/fietspaden zijn mogelijk puinhoudende funderingslagen aanwezig welke als asbestverdacht dienen te worden beschouwd. Om de verdenking op asbest te kunnen toetsen is het onderzoek uitgebreid met een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 en/of NEN 5897.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 8/19

2.3 HYPOTHESE EN ONDERZOEKSSTRATEGIE Bodem Uit het uitgevoerde vooronderzoek en raadpleging van de ARVO 2021 (bijlage 1) volgt dat de geplande werkzaamheden zijn voorzien in een ‘’naoorlogse wijk (onverdachte locatie)’’. Op basis van aangeleverde plannen van Gasunie volgt dat de volgende punten (met bijbehorende oppervlakten) kunnen worden onderscheiden waar graafwerkzaamheden zijn voorzien: — Uittredepunt met in- en uitlaatschema GOS (circa 100 - 200 m2). — Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties (circa 400 - 1.000 m2). Uit het vooronderzoek zijn geen duidelijke aanwijzingen gevonden voor de mogelijke aanwezigheid van een bodemverontreiniging met parameters buiten de standaardpakketten voor grond en grondwater. Asbest Onder de te kruisen asfaltwegen/fietspaden zijn mogelijk puinhoudende funderingslagen aanwezig welke als asbestverdacht dienen te worden beschouwd. Voor de uitvoering van het verkennend asbestonderzoek is de onderzoekstrategie ‘’afgedekte funderingslagen, kleinschalige locaties’’ gehanteerd.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 9/19

3 VELDWERK EN CHEMISCHE ANALYSES 3.1

UITGEVOERDE VELDWERKZAAMHEDEN

De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 13 t/m 15 juli 2022 door de heren J. Boonstra en R.H. den Boer. Tijdens het veldwerk zijn de onderstaande werkzaamheden uitgevoerd. Tabel 2: Verrichte veldwerkzaamheden DEELLOCATIE

BOORNUMMER(S)/

BOORDIEPTE

FILTERDIEPTE

ASBESTGAT(EN)

(M -MV)

(M -MV)

01 en 03

3,0

−

02

2,4

1,4 - 2,4

04 *

6,0

5,0 - 6,0

11

3,5

−

12 *

6,0

5,0 - 6,0

16

3,5

2,5 - 3,5

13 t/m 15, 17 en 18

3,0

−

19 *

6,0

5,0 - 6,0

Asbestonderzoek fietspad

AB01 en AB02

0,5

−

Asbestonderzoek fietspad Amsterdome

AB11 en AB12

0,5

−

Asbestonderzoek inrit Amsterdome

AB21 en AB22

0,5

−

Uittredepunt met in- en uitlaatschema GOS (Naoorlogs; 100 - 200 m2)

Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties (Naoorlogs; 400 - 1.000 m2)

*

Ten behoeve van het waterbezwaar zijn diepere boringen verricht.

** Voor het asbestonderzoek onder de wegen zijn asbestinspectiegaten naast de verhardingslagen gegraven van tenminste van 0,3 x 0,3 meter waarbij het materiaal onder de verharding is bemonsterd.

De onderzoekspunten zijn ingemeten ten opzichte van vaste punten en met behulp van 06-GPS (x, y en z- coördinaten). De routekaart van Gasunie en de situatietekening met boorpunten zijn opgenomen in bijlage 2.1 en 2.2. In bijlage 3 zijn de gedetailleerde boorbeschrijvingen weergegeven met de bodemopbouw, de diepten waarop grondmonsters zijn genomen, de diepten waarop eventuele peilfilters geplaatst zijn en de GPS-coördinaten.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 10/19

3.2 ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN Tijdens de veldwerkzaamheden zijn de volgende waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging: Tabel 3: Zintuiglijke waarnemingen BORING / GAT

EINDDIEPTE

TRAJECT

BORING (M -MV)

(M-MV)

ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN

Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties 14

3,0

0,5 - 0,8

sporen baksteen

18

3,0

0,5 - 0,8

sporen baksteen

AB01 en AB02

0,5

0,0 - 0,5

matig beton- en Repachoudend en zwak baksteen- en/of asfalthoudend

AB11 en AB12

0,5

0,0 - 0,5

zwak baksteen- en asfalthoudend

AB21 en AB22

0,5

0,0 - 0,5

sterk puin/slakkenhoudend en zwak Repachoudend

Bij de overige boringen zijn zintuiglijk geen afwijkingen waargenomen die kunnen duiden op het voorkomen van een bodemverontreiniging.

3.3 ASBESTONDERZOEK Tijdens uitvoering van het veldwerk is het bodemvochtpercentage voorafgaand aan en tijdens de werkzaamheden bepaald op meer dan 10 %. Het maaiveld was minder dan 50 % vrij inspecteerbaar door de aanwezige begroeiing en/of verhardingen. Bij het graven van de inspectiegaten als ook in het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen asbestverdachte materialen waargenomen. Hieronder zijn enkele foto’s van de verrichte werkzaamheden opgenomen.

Foto 1: Asbestinspectiegat AB01

Foto 2: Asbestinspectiegat AB02

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 11/19

Foto 3: Asbestinspectiegat AB11

Foto 4: Asbestinspectiegat AB12

Foto 5: Asbestinspectiegat AB21

Foto 6: Asbestinspectiegat AB22

3.4 GRONDWATERBEMONSTERING Het grondwater is bemonsterd op 22 juli 2022 door de heer R. Timmerman. Tijdens de bemonstering zijn aan het grondwater geen afwijkingen waargenomen. De grondwaterstand, de zuurgraad (pH), de elektrische geleidbaarheid (EGV) en de troebelheid van het grondwater zijn tijdens de monstername in het veld bepaald. De resultaten zijn weergegeven in onderstaande tabel en geven geen aanleiding de analysestrategie te wijzigen.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 12/19

Tabel 4: Peilbuisgegevens PEILBUIS

FILTERDIEPTE

GRONDWATER-

GRONDWATER-

BELUCHT

(M -MV)

STAND (M -MV)

STAND (M NAP)

(JA/NEE)

02

1,4 - 2,4

1,31

-0,36

nee

04

5,0 - 6,0

1,60

-0,62

12

5,0 - 6,0

1,11

16

2,5 - 3,5

19

5,0 - 6,0

PH

EGV

TROEBELHEID

(µS/CM)

(NTU)

7,0

2.550

413

nee

6,7

8.099

457

-0,47

nee

6,8

8.908

392

1,40

-0,76

nee

7,1

4.920

384

1,95

-0,68

nee

6,7

8.484

569

De gemeten waarden voor EGV en pH zijn normaal voor grondwater in deze omgeving. De NTU is een maat voor de troebelheid (turbiditeit) van een vloeistof. Een direct verband tussen de hoeveelheid deeltjes en de gemeten NTU is niet te leggen aangezien de reflectie, vorm en kleur van de deeltjes sterk kunnen verschillen.

3.5 CHEMISCHE ANALYSES De geanalyseerde monsters van grond, grondwater en asbest in grond, inclusief weergave van de parameters waarop de monsters zijn geanalyseerd, zijn opgenomen in de tabellen met analyseresultaten (paragraaf 4.1). De analysecertificaten van grond, grondwater en asbest in grond, inclusief de samenstelling van de analysepakketten, zijn opgenomen in bijlage 4.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 13/19

4 BESPREKING ANALYSERESULTATEN 4.1

TOETSING ANALYSERESULTATEN

WET BODEMBESCHERMING

De analyseresultaten zijn getoetst aan de door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vastgestelde achtergrond- en interventiewaarden voor grond en de streef- en interventiewaarden voor grondwater. De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgelegd in de Regeling bodemkwaliteit. De interventiewaarden voor grond en de streef- en interventiewaarden voor grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013. De betekenis van deze waarden is als volgt: — Achtergrondwaarde grond/streefwaarde grondwater: bij een waarde lager dan de achtergrondwaarde voor grond en de streefwaarde voor grondwater wordt gesproken over niet verontreinigde bodem (bodemindex < 0). Wanneer een gemeten waarde de achtergrondwaarde of de streefwaarde overschrijdt, wordt gesproken over een licht verhoogde waarde of een lichte verontreiniging (bodemindex > 0). — Interventiewaarde: wanneer een gemeten waarde hoger is dan de interventiewaarde wordt gesproken over een sterke verontreiniging of sterk verhoogde waarde (bodemindex > 1,0). De achtergrond- en interventiewaarden gelden voor een zogenaamde standaardbodem: bodem met een lutumgehalte van 25% en een organisch stofgehalte van 10%. Conform de Regeling bodemkwaliteit zijn de analyseresultaten op basis van het gemeten lutum- en organische stofgehalte omgerekend naar deze standaardbodem en vervolgens getoetst.

Zowel de originele als de gecorrigeerde analyseresultaten zijn opgenomen in de toetsingstabellen in bijlage 5. Hierin zijn tevens de toetsingswaarden opgenomen. Naast de achtergrond-, streef- en interventiewaarde hanteren wij een zogenaamde tussenwaarde. Dit is het gemiddelde van de achtergrond- of streefwaarde en de interventiewaarde (bodemindex > 0,5 en < 1,0). Overschrijding van de tussenwaarde wordt een matig verhoogde waarde of matige verontreiniging genoemd. Deze waarde kan, afhankelijk van het doel van het onderzoek, als triggerwaarde worden gehanteerd voor het uitvoeren van een nader onderzoek. ASBEST

De interventiewaarde voor asbest is in de Circulaire bodemsanering vastgesteld op 100 mg/kg gewogen (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). Dit is gelijk aan de hergebruikswaarde volgens de Regeling bodemkwaliteit. Voor de uitvoering van een aanvullend/nader asbestonderzoek wordt een gewogen asbestconcentratie van 50 mg/kg d.s. gehanteerd (triggerwaarde). ERNST EN SPOED

Voor bodemverontreinigingen die zijn ontstaan voor 1 januari 1987 (voor asbest voor 1 juli 1993) geldt het volgende. Er is sprake van een geval van ernstige verontreiniging indien voor ten minste één stof het gemiddelde gemeten gehalte van minimaal 25 m3 bodemvolume in het geval van grondverontreiniging, of 100 m3 bodemvolume in het geval van een grondwaterverontreiniging, hoger is dan de interventiewaarde. Bij een verontreiniging met asbest in grond is het volumecriterium niet van toepassing en is bij overschrijding van de interventiewaarde direct sprake van een geval van ernstige verontreiniging. De spoedeisendheid van de sanering is afhankelijk van de actuele risico's van de ernstige verontreiniging voor de volksgezondheid, het ecosysteem en verspreiding via het grondwater. Indien geen sprake is van actuele risico's, dan hebben saneringsmaatregelen geen spoed.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 14/19

ZORGPLICHT

Voor bodemverontreinigingen die zijn ontstaan na 1 januari 1987 (voor asbest na 1 juli 1993) geldt het zorgplichtartikel (artikel 13 Wet bodembescherming). Hierin is bepaald dat eenieder die op of in de bodem handelingen verricht (als bedoeld in de artikelen 6 tot en met 11 van de Wet bodembescherming) en die weet of had kunnen weten dat door die handelingen de bodem kan worden verontreinigd, verplicht is alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem/haar kunnen worden gevergd om de bodem te saneren en de gevolgen van verontreiniging te beperken of zo veel mogelijk ongedaan te maken. De saneringsnoodzaak bij zorgplichtsaneringen is onafhankelijk van de ernst van de verontreiniging of de spoedeisendheid. Een overzicht van de toetsingsresultaten staat weergegeven in de volgende tabellen. Tabel 5: Analyseresultaten grond (MENG-)MONSTER

DIEPTE

ZINTUIGLIJKE

ANALYSE-

> ACHTERGROND-

> TUSSEN-

> INTERVENTIE-

MET BORINGEN

(M -MV)

WAARNEMINGEN

PAKKET

WAARDE

WAARDE

WAARDE

Uittredepunt met in- en uitlaatschema GOS M01 (boringen 01 t/m 04)

0,0 - 0,5

–

standaardpakket

minerale olie

–

–

M02 (boringen 01 t/m 04)

0,5 - 1,1

–

standaardpakket

–

–

–

M03 (boring 01)

1,0 - 1,5

–

standaardpakket

kwik

–

–

M04 (boringen 01 t/m 04)

2,1 - 3,0

–

standaardpakket

koper, kwik, lood en nikkel

–

–

Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties M11 (boringen 11 t/m 14)

0,0 - 0,5

–

standaardpakket

molybdeen, nikkel en PCB

–

–

M12 (boringen 15, 17 t/m 19)

0,0 - 0,5

–

standaardpakket

–

–

–

M13 (boringen 11 en 13)

0,4 - 1,3

–

standaardpakket

–

–

–

M14 (boringen 12, 14, 16, 18 en 19)

0,5 - 1,0

sporen baksteen

standaardpakket

PAK en PCB

–

–

M15 (boringen 12, 14, 16 en 19)

0,9 - 2,0

–

standaardpakket

–

–

–

M16 (boringen 13, 15, 17 en 19)

1,8 - 2,7

–

standaardpakket

–

–

–

−

: Geen zintuiglijke waarnemingen / geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde

Tabel 6: Analyseresultaten grondwater PEILBUIS

FILTERDIEPTE

ZINTUIGLIJKE

ANALYSE-

(M - MV)

WAARNEMINGEN

PAKKET

> STREEFWAARDE

> TUSSEN-

> INTERVENTIE-

WAARDE

WAARDE

xylenen

–

–

xylenen en naftaleen

–

–

Uittredepunt met in- en uitlaatschema GOS 02

1,4 - 2,4

–

standaardpakket

Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties 16 −

2,5 - 3,5

–

standaardpakket

: Geen zintuiglijke waarnemingen / geen van de onderzochte parameters overschrijdt de betreffende toetsingswaarde

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 15/19

Tabel 7: Gewogen gehalten asbest (grove + fijne fractie) (MENG)MONSTER MET

TRAJECT

ZINTUIGLIJKE

INSPECTIEGAT(EN)

(M -MV)

WAARNEMINGEN

FIJNE FRACTIE

GEWOGEN GEHALTE ASBEST IN MG/KG D.S.

GROVE

GROVE FRACTIE

GECORRIGEERDE FIJNE

FIJNE + GROVE

FRACTIE

(> 20MM)

FRACTIE (<20 MM)

FRACTIE

–

< 2,0

< 2,0

M21 (AB01 en AB02)

–

0,0 - 0,5

matig beton- en Repachoudend en zwak baksteen- en/of asfalthoudend

M22 (AB11 en AB12)

–

0,0 - 0,5

zwak baksteen- en asfalthoudend

–

< 2,0

< 2,0

M23 (AB21 en AB22)

–

0,0 - 0,5

sterk puin/slakkenhouden d en zwak Repachoudend

–

< 2,0

< 2,0

–

: Geen zintuiglijke waarnemingen / niet onderzocht

In de onderstaande tabel zijn de analyseresultaten van de geanalyseerde lozingsparameters opgenomen. Tabel 8: Analyseresultaten lozingsparameters grondwater PEILBUIS

FILTERDIEPTE

IJZER (TOTAAL)

IJZER 2+

(M - MV)

(MG/L)

(MG/L)

CHLORIDE (MG/L)

ONOPGELOSTE

04

5,0 - 6,0

110

100

2.400

350

12

5,0 - 6,0

73

21

2.400

710

19

5,0 - 6,0

89

48

2.800

640

BESTANDDELEN (MG/L)

4.2 INTERPRETATIE Uittredepunt met in- en uitlaatschema GOS Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de boven- en ondergrond geen bodemvreemde materialen waargenomen. Grond Uit de analyseresultaten komt naar voren dat in het mengmonster van de bovengrond (M01) een licht verhoogd gehalte aan minerale olie voorkomt. In de (meng)monsters van de diepere ondergrond (M03 en M04; 1,0 tot 3,0 m -mv) zijn licht verhoogde gehalten aan koper, kwik, lood en/of nikkel aangetroffen. In het mengmonsters van de ondergrond (M02) zijn de onderzochte parameters niet aangetoond in gehalten die de achtergrondwaarde overschrijden. Grondwater In het grondwater afkomstig uit peilbuis 02 is een licht verhoogde concentratie xylenen gemeten. De overige onderzochte parameters zijn niet aangetoond in gehalten die de streefwaarde overschrijden. Intredepunt, open ontgraving, schema S-619 en stopplelocaties Tijdens de veldwerkzaamheden zijn plaatselijk zeer zwakke bijmengingen met baksteen waargenomen in de ondergrond. Verder zijn tijdens de werkzaamheden funderingslagen aangetroffen bestaande uit beton, Repac, asfalt, baksteen, puin en/of slakken.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 16/19

Grond Uit de analyseresultaten komt naar voren dat in het mengmonster van de bovengrond (M11) licht verhoogde gehalten aan molybdeen, nikkel en PCB voorkomen. In één mengmonster van de zeer zwak baksteenhoudende ondergrond (M14) zijn licht verhoogde gehalten aan PAK en PCB aangetoond. In de overige mengmonster van de boven- en ondergrond (M12, M13, M15 en M16) zijn de onderzochte parameters niet aangetoond in gehalten die de achtergrondwaarde overschrijden. Grondwater In het grondwater (peilbuis 16) zijn licht verhoogde concentraties xylenen en naftaleen gemeten. De overige onderzochte parameters zijn niet aangetoond in gehalten die de streefwaarde overschrijden. Asbest In de onderzochte mengmonsters van de funderingslagen (M21 t/m M23) is geen asbest aangetoond. Aanvullend onderzoek is derhalve niet noodzakelijk. Verklaring verhoogde waarden De onderzoeklocaties zijn gelegen in een gebied met een lange gebruiksgeschiedenis. In dergelijke gebieden worden regelmatig verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK, PCB en/of minerale olie aangetroffen in de boven- en ondergrond. De aangetoonde overschrijdingen van de achtergrondwaarde zijn vermoedelijk een gevolg van jarenlange activiteiten op en rond het terrein waardoor een groot aantal stoffen, waaronder zware metalen, PAK, PCB en/of minerale olie, verhoogd voorkomen.

De hier aangetroffen gehalten moeten vermoedelijk in dit licht worden bezien en zijn dermate gering dat deze vanuit een milieukundig oogpunt geen bezwaar vormen. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de uitvoering van een nader bodemonderzoek niet noodzakelijk geacht. De gemeten overschrijdingen van de streefwaarde in het grondwater voor wat betreft xylenen en naftaleen zijn dermate gering dat deze geen aanleiding geven tot verder onderzoek.

4.3 TOETSING HYPOTHESE Bodem De vooraf opgestelde hypothese ‘onverdachte locatie’ dient formeel voor beide onderzoeklocaties te worden verworpen. In de boven- en ondergrond zijn plaatselijk licht verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK, PCB en/of minerale olie aangetroffen. In het grondwater komen licht verhoogde concentraties xylenen en naftaleen voor. De gemeten overschrijdingen van de achtergrond- en/of streefwaarde zijn echter dermate gering dat zij vanuit milieukundig oogpunt geen bezwaar vormt. Nader onderzoek is daarom niet noodzakelijk. Asbest De vooraf opgestelde hypothese ‘verdachte locatie’ voor wat betreft de aanwezigheid van asbest kan worden verworpen. In de onderzochte funderingslagen is geen asbest boven de detectielimiet aangetoond. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot het uitvoeren van aanvullend onderzoek.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 17/19

5 CONCLUSIES In opdracht van N.V. Nederlandse Gasunie heeft WSP Nederland B.V. een verkennend asbest- en bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de geplande aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam. De aanleiding voor dit onderzoek wordt gevormd door de geplande werkzaamheden. Uit het onderzoek blijkt het volgende: — tijdens de veldwerkzaamheden zijn plaatselijk zeer zwakke bijmengingen met baksteen waargenomen in de ondergrond. Verder zijn tijdens de werkzaamheden funderingslagen aangetroffen bestaande uit beton, Repac, asfalt, baksteen, puin en/of slakken; — uit de analyseresultaten komt naar voren dat plaatselijk in de boven- en/of ondergrond licht verhoogde gehalten aan koper, kwik, lood, nikkel en molybdeen, PAK, PCB en/of minerale olie aangetoond; — in het grondwater zijn licht verhoogde concentraties xylenen en/of naftaleen gemeten; — in de onderzochte mengmonsters van de funderingslagen is geen asbest aangetoond. Op grond van het uitgevoerde onderzoek kan worden geconcludeerd dat er geen sprake is van een bodemverontreiniging van betekenis en de onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek en/of sanerende maatregelen. VOORLOPIGE VEILIGHEIDSKLASSE

Ter bepaling van de veiligheidsklasse zijn de gemeten waarden tevens getoetst aan de CROW400. Uit deze toetsing blijkt dat er bij graafwerkzaamheden ter hoogte van de onderzochte (deel)locaties naast de basishygiëne, geen veiligheidsklasse van toepassing is. Er gelden wettelijke beperkingen bij het verplaatsen en elders toepassen van grond, die kunnen leiden tot extra kosten. Derhalve wordt aanbevolen bij grondverzet zoveel mogelijk grond op de locatie te hergebruiken. Indien bij eventuele graafwerkzaamheden op deze locatie grond vrijkomt, die elders zal worden hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Ten aanzien van het Besluit bodemkwaliteit is de gemeente het bevoegd gezag.

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 18/19

OVERZICHT BIJLAGE(N) Bijlage 1

— Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage 2

— Situatietekening Bijlage 3

— Profielbeschrijvingen Bijlage 4

— Analysecertificaten grond, grondwater en asbest in grond Bijlage 5

— Getoetste analyseresultaten en toetsingswaarden

Verkennend asbest- en bodemonderzoek aansluiting van Argent Energy (A-553-06) aan de Hornweg 61 te Amsterdam SOL021019MK, versie 1.0 (Definitief) N.V. Nederlandse Gasunie

WSP 5 augustus 2022 pagina 19/19

BIJLAGE

1

REGIONALE LIGGING VAN DE ONDERZOEKSLOCATIE

Opdrachtgever:

LEGENDA

N.V. Nederlandse Gasunie Titel:

Ligging onderzoekslocatie

Regionale ligging Kaartblad(en):

25B Adres:

Basisweg te Amsterdam Projectnummer:

SOL021019

Tekenaar:

Documentnaam:

SOL021019.dwg

Gezien door: A.J.M. Heddes

Bijlage:

1

Datum:

3 augustus 2022

Formaat:

A4

Schaal:

1: 25.000

Orionweg 28 8938 AH Leeuwarden +3188 910 2000 www.wsp.com

0

250

N.F.Y. Kalt

500

750

1.000

1.250m

Ondergronden zijn afkomstig van het Kadaster

BIJLAGE

2

SITUATIETEKENING BIJLAGE 2.1: ROUTEKAARTEN GASUNIE BIJLAGE 2.2: SITUATIETEKENING ONDERZOEKSLOCATIE BIJLAGE 2.3: SITUATIETEKENING ONDERZOEKSLOCATIE

01 02 03 04

Uittredepunt HDD eg nw Ho r ABRI

70

g

we sis Ba

68

Opdrachtgever:

LEGENDA

N.V. Nederlandse Gasunie Titel:

Handboring

Situatietekening onderzoekslocatie Locatie:

Handboring met peilbuis

Aansluiting Argent Energy Hornweg 61 Amsterdam Adres:

Handboring met diepe peilbuis

Basisweg te Amsterdam

Gepland tracé gasleiding A-533-06

Projectnummer:

SOL021019

Tekenaar:

Documentnaam:

SOL021019.dwg

Gezien door: A.J.M. Heddes

Bijlage:

2.2

Datum:

4 augustus 2022

Formaat:

A3

Schaal:

1:1.000

Orionweg 28 8938 AH Leeuwarden +3188 910 2000 www.wsp.com

0

10

N.F.Y. Kalt

20

30

40

50m

Ondergronden zijn afkomstig van het Kadaster

60 Basis

weg

Westrandweg

Intredepunt HDD Basisw

eg

AB02

11

AB01 12

75

AB11 13 AB12 14

15

2 16

17

AB22 AB21 18 19

Seinewegspoorbrug Noord

S-619 (gepland)

Opdrachtgever:

LEGENDA

N.V. Nederlandse Gasunie Titel:

Asbestinspectiegat

Situatietekening onderzoekslocatie Locatie:

Handboring

Aansluiting Argent Energy Hornweg 61 Amsterdam Adres:

Handboring met peilbuis

Basisweg te Amsterdam

Handboring met diepe peilbuis

Projectnummer:

SOL021019

Tekenaar:

Documentnaam:

SOL021019.dwg

Gezien door: A.J.M. Heddes

Bijlage:

2.3

Datum:

4 augustus 2022

Formaat:

A3

Schaal:

1:1.000

N.F.Y. Kalt

Gepland tracé gasleiding A-533-06 Bestaande gasleiding Gasleiding (buiten bedrijf)

Orionweg 28 8938 AH Leeuwarden +3188 910 2000 www.wsp.com

0

10

20

30

40

50m

Ondergronden zijn afkomstig van het Kadaster

BIJLAGE

3

PROFIELBESCHRIJVINGEN

Pagina 1 / 10

Boring:

01

Datum:

13-7-2022

X: 115629.31

Y: 489933.11 0

0

Z: 0.205 m NAP braak

Boring:

02

Datum:

13-7-2022

X: 115631.36

Y: 489928.17

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

1

0

0

50

50

50

100

Klei, sterk siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

3

150

150

3

200

Klei, sterk siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

4

200

200

Klei, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

5

150

150

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

4

200

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

2

100

100

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, lichtbruin, Edelmanboor

1

2

Z: 0.948 m NAP braak

5 220

6 240

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, zwak zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

250

6

300

300

Opdrachtgever: N.V. Nederlandse Gasunie Projectcode: Projectnaam:

SOL021019 Aansluiting Argent Energy te Amsterdam (A-553-06)

Schaal

1: 30 getekend volgens NEN 5104

Pagina 2 / 10

Boring:

03

Datum:

13-7-2022

X: 115633.27

Y: 489923.49 0

0

2

04

Datum:

13-7-2022

X: 115635.55

Y: 489919.20 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindhoudend, geen olie-water reactie, licht bruinbeige, Edelmanboor

1

50

Z: 0.978 m NAP braak

Boring:

Z: 0.984 m NAP braak Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindhoudend, geen olie-water reactie, licht bruinbeige, Edelmanboor

1

50 60

2

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

3 100

80

100

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Pulsboor

3

4 150

150

4

5

6 230

250

5

200

200

200

Klei, sterk siltig, zwak humeus, resten planten, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

7

210

6 250

280

8 300

300

Klei, sterk siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donker bruingrijs, Edelmanboor

7

Klei, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

300

300

Klei, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donker bruingrijs, Edelmanboor

8

350

9

400

10

450

11

500

12

550

13

600

600

Opdrachtgever: N.V. Nederlandse Gasunie Projectcode: Projectnaam:

SOL021019 Aansluiting Argent Energy te Amsterdam (A-553-06)

Schaal

1: 30 getekend volgens NEN 5104

Pagina 3 / 10

Boring:

11

Datum:

13-7-2022

X: 116159.27

Y: 489428.17 0

0

Z: 0.817 m NAP berm

Boring:

12

Datum:

13-7-2022

X: 116184.34

Y: 489422.79

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor

1

0

0

2 60

Klei, sterk zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen schelpen, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

3 100

1

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, licht bruinbeige, Edelmanboor

2

100

100

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Pulsboor

3 4 150

150

4

5 200

200 6

230

250

m NAP

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

40

50

Z: 0.64 berm

7 260

200

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig schelphoudend, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, sterk zandig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

5

Klei, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalgrijs, Edelmanboor

8 300

250

250

Klei, sterk siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

6

300

7

9 350

350

350

8

400

400

Klei, sterk siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

9

450

10

500

11

550

12

600

600

Opdrachtgever: N.V. Nederlandse Gasunie Projectcode: Projectnaam:

SOL021019 Aansluiting Argent Energy te Amsterdam (A-553-06)

Schaal

1: 30 getekend volgens NEN 5104

Pagina 4 / 10

Boring:

13

Datum:

14-7-2022

X: 116205.98

Y: 489414.86 0

0

m NAP

Datum:

14-7-2022

X: 116230.56

Y: 489407.51

2 80

1

50

50

Klei, sterk zandig, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

3

0

0

50

50

14

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

1

100

Z: 0.79 berm

Boring:

2 80

100

3 120

4 150

150

150

Zand, matig fijn, matig siltig, resten schelpen, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

5

200

4

5

200

180

6 220

Z: 0.856 m NAP berm Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, resten schelpen, brokken klei, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, sporen roest, resten hout, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, brokken klei, geen olie-water reactie, donker bruingrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor Klei, matig siltig, laagjes zand, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

6

250

250

250

Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

7

Zand, zeer fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

7

8 300

300

300

300

Opdrachtgever: N.V. Nederlandse Gasunie Projectcode: Projectnaam:

SOL021019 Aansluiting Argent Energy te Amsterdam (A-553-06)

Schaal

1: 30 getekend volgens NEN 5104

Pagina 5 / 10

Boring:

15

Datum:

14-7-2022

X: 116258.68

Y: 489396.84 0

0

Z: 0.74 berm

m NAP

Boring:

16

Datum:

14-7-2022

X: 116259.19

Y: 489371.80

Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

1

0

0

Z: 1.218 m NAP gras Zand, zeer fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

1

40

50

2 70

100

150

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

3

4

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraal cremebruin, Edelmanboor

2 90

Zand, matig fijn, zwak siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

100 3

150 4

200

5

200

5

200

Zand, zeer fijn, sterk siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

220

250

Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

6

6

250

270

7 300

300

7

Zand, zeer fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

300

300

Klei, sterk siltig, laagjes zand, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

8

350

350

Opdrachtgever: N.V. Nederlandse Gasunie Projectcode: Projectnaam:

SOL021019 Aansluiting Argent Energy te Amsterdam (A-553-06)

Schaal

1: 30 getekend volgens NEN 5104

Pagina 6 / 10

Boring:

17

Datum:

14-7-2022

X: 116259.43

Y: 489353.09 0

0

Z: 1.379 m NAP berm

Boring:

18

Datum:

14-7-2022

X: 116242.16

Y: 489341.68

Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

1

0

0

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donkerbruin, Edelmanboor

1

50

50 2

2

80 90

100

3 120

Zand, matig fijn, matig siltig, laagjes klei, geen olie-water reactie, neutraal bruingrijs, Edelmanboor

100

3

130

150

200

250

Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

4

5

150

200

6

250

Z: 1.337 m NAP gras

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, geen olie-water reactie, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, laagjes klei, sporen roest, geen olie-water reactie, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

4

5

6 260

Zand, zeer fijn, sterk siltig, geen olie-water reactie, donkergrijs, Edelmanboor

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14226250/1