Raadsbesluit 2023-248A Strategie Innovatiedistricten
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam
t p e
c n o
C
Strategie Innovatiedistricten Amsterdam Voor meer impact van kennis December 2023
Colofon De Strategie Innovatiedistricten is opgesteld in opdracht van het gemeentebestuur van Amsterdam en is op 20 december, 2023 door de gemeenteraad van Amsterdam vastgesteld. Contact Gemeente Amsterdam, Economische Zaken en Cultuur, Postbus 2758 1000 CT Amsterdam Deze strategie is in het bijzonder mede tot stand gekomen door bijdragen van: Universiteit van Amsterdam Vrije Universiteit Amsterdam Universitaire Medische Centra Hogeschool van Amsterdam Dank aan de Julie Wagner en haar team van het Global Institute on Innovation District voor de wetenschappelijke basis van de strategie en het reviewen ervan. Dit is een product van het cluster Ruimte en Economie van de gemeente Amsterdam. Projectleiding Ruth Engels
2
(Economische Zaken en Cultuur), Tanja Potezica (Ruimte en Duurzaamheid), Arjan Verhoef (Ruimte en Duurzaamheid), Lucas Mol (Economische Zaken en Cultuur), Arjen van Nieuwenhuizen (Economische Zaken en Cultuur), Martijn van Vliet (Economische Zaken en Cultuur), Rick Vermeulen (Ruimte en Duurzaamheid), Martijn Overmulder (Grond en Ontwikkeling). De stuurgroep bestaat uit Jan-Willem Flohil (Directeur Economische Zaken en Cultuur) en Josja van der Veer (Directeur Ruimte en Duurzaamheid).
Voorwoord Voor u ligt de Strategie Innovatiedistricten, waarmee we de komende jaren een extra impuls willen geven aan innovatie in de stad om zo bij te dragen aan het oplossen van maatschappelijke opgaven, zoals de energietransitie en het woningtekort. De afgelopen dertig jaar is Amsterdam enorm gegroeid en zijn er veel nieuwe Amsterdammers en banen bijgekomen. Amsterdam barst van het talent en leidt ook veel talent op. Van middelbaar beroeps- tot wetenschappelijk onderwijs, de stad heeft het allemaal! Hoe meer mensen met verschillende achtergronden samenkomen, hoe groter de kans om van elkaar te leren en tot nieuwe ideeën te komen. En dat is juist nu hard nodig. De grote en urgente opgaven in onze samenleving kunnen we niet oplossen door ‘meer van hetzelfde’, maar vragen om creatieve en innovatieve oplossingen. In de Strategie Innovatiedistricten Amsterdam leest u hoe we ervoor willen zorgen dat we dit in de toekomst nog beter kunnen doen. De Strategie Innovatiedistricten Amsterdam is een uitwerking van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 en stimuleert de ontwikkeling van de kenniskwartieren en campussen in de stad tot innovatiedistricten. Dit zijn gebieden waar vooruitstrevende bedrijven, onderzoeksen kennisinstellingen, broedplaatsen, startups en andere bedrijvigheid bij elkaar zijn gevestigd.
Innovatiedistricten dragen bij aan brede welvaart en bieden kansen voor allerlei verschillende mensen om zich te ontplooien. De sterke concentratie van kennis maakt deze gebieden extra aantrekkelijk voor andere bedrijven en instellingen. Over een aantal jaar zijn de innovatiedistricten levendige woonwerkbuurten voor iedereen, sterk verbonden met omliggende buurten en de rest van de stad en
de regio, met verschillende onderwijsinstellingen en een diversiteit aan mensen en banen. We stimuleren hierbij ontmoeting en interactie tussen werknemers, bewoners en bezoekers: een belangrijke prikkel voor innovatie. Om te komen tot deze strategie is de afgelopen tijd nauw samengewerkt met partners uit de stad. In het bijzonder met de Universiteit van Amsterdam, de Vrije Universiteit, het Amsterdam UMC en de Hogeschool van Amsterdam. Hun visie op kennisontwikkeling en innovatie is een belangrijk startpunt voor de strategie. Om de komende jaren te realiseren wat we voor ogen hebben blijft samenwerking met veel verschillende partijen in de stad cruciaal. Zo willen we ook meer optrekken met verschillende Amsterdamse mbo-instellingen om óók hun innovatiekracht nog beter te in te zetten voor de stad. We vragen daarom ook aan iedereen om de innovatiedistricten mee te helpen ontwikkelen. Zodat we met gezamenlijke kennis meer impact kunnen maken voor onze stad.
Wethouder Mbarki, Economische Zaken Amsterdam
3
4
Inhoudsopgave Inleiding 7 1.
Meer impact van kennis
2.
Stedelijke economie 11
9
Ambitie van de stad 9 Innovatiedistricten voor impact 9
De kenniseconomie 11 ‘New ideas need old cities’ 11 Eerlijke economie 11 Innovatiedistricten 12
Ontwikkelstrategie innovatiedistricten 3.
14
Amsterdam Kennisstad 17
Opkomst kenniseconomie in Amsterdam 17 Diversiteit kenniseconomie 18 Techstad Amsterdam 18 Impact kennisinstellingen 19
Innovatief ecosysteem 21 4.
5.
Innovatiedistricten in Amsterdam
23
6.
District analyse 27
Amsterdam Science Park 29 Kenniskwartier/Innovation District Zuidas 35 Amsterdam Life Sciences District 41 Marineterrein 47 Amstelcampus en Knowledge Mile 53 Roeterseilandcampus 59 Universiteitskwartier 65 Schinkelkwaritier 71
Actieplan 77 Pijler 1: Versterken ruimtelijke assets 78 Pijler 2: Versterken economische assets 79 Pijler 3: Versterken netwerk assets 81 Amsterdam Science Park 83 Kenniskwartier/Innovation District Zuidas 85 Amsterdam Life Sciences District 86 Marineterrein 88 Amstelcampus en Knowledge Mile 89 Roeterseilandcampus 90 Universiteitskwartier 91 Schinkelkwaritier 93
Bronnenlijst 95
Omgevingsvisie Amsterdam 2050 23 Acht districten 23 Verhouding districten 25
5
6
Inleiding Amsterdam is een solidaire stad. Open, gastvrij en innovatief, een stad die mensen de ruimte geeft zich te ontwikkelen. Dit maakt de stad voor veel mensen een aantrekkelijke plek om te wonen en te werken. De afgelopen decennia heeft Amsterdam zich ontwikkeld tot een echte kennisstad. Er studeren ruim 125.000 studenten aan de universiteiten en hogescholen en ook nog eens 39.000 studenten in het middelbaar beroepsonderwijs. Het onderwijs, onderzoek en de toepassing daarvan spelen een belangrijke rol in het succes van Amsterdam als kennisstad. Bedrijven worden aangetrokken door de vele en diverse mensen in de stad. Omgekeerd trekken deze bedrijven weer nieuwe mensen aan. Zo vormt de stad vandaag de dag het centrum van de kenniseconomie. De ontwikkeling van Amsterdam tot kennisstad heeft historische wortels. De stad is door de eeuwen heen een centrum van handel, wetenschap, kunst en cultuur gebleven. Een plek waar veel verschillende mensen uit de wereld naar toe trokken omdat de stad mogelijkheden tot innovatie bood. Maar de aantrekkingskracht van de stad is geen gegeven. Daar moet voortdurend aan gewerkt worden. Universiteiten en hogescholen richten zich steeds meer op de maatschappelijke impact van onderzoek en onderwijs. Daarom zoeken ze steeds nadrukkelijker de verbinding met de stad.
Bovendien zijn er steeds meer bedrijven die impact willen maken en zich richten op de opgaven van de toekomst. Ook veel talent vanuit het middelbaar beroepsonderwijs komt bij deze bedrijven terecht. De kennisinstellingen en ook veel bedrijven clusteren in de kenniskwartieren in de stad. Om de krachten
van deze innovatieve ecosystemen te versterken en daarmee de impact te vergroten worden deze gebieden verder ontwikkeld tot innovatiedistricten. Zo worden ze meer onderdeel van de stad, aantrekkelijk voor talent en vormen ze de ideale voedingsbodem voor innovatie. Innovatiedistricten dragen bij aan het innovatievermogen van Amsterdam. Nieuwe ideeën zijn hard nodig om maatschappelijke uitdagingen aan te gaan. Uitdagingen zoals klimaatverandering, de energietransitie en groeiende ongelijkheid vragen om nieuwe producten en manieren van werken. Innovatie is geen doel op zich, maar wel een noodzakelijk middel om de ambities te kunnen behalen. Daarom is de impact van innovatiedistricten op de stad en regio van groot belang. Zo werkt Amsterdam aan een innovatieve en veerkrachtige economie met kansen voor iedereen.
Leeswijzer
Het eerste hoofdstuk gaat over de opgave waar de stad voor staat en hoe dat zich verhoudt tot deze strategie. In het tweede hoofdstuk is de opkomst van de kenniseconomie uiteengezet en waarom steden daar een belangrijke rol in spelen. Het derde hoofdstuk richt zich op de kenniseconomie in Amsterdam. Vervolgens staat in het vierde hoofdstuk de ambitie voor de innovatiedistricten beschreven. In het vijfde hoofdstuk volgt per district een analyse. Het laatste hoofdstuk is het actieplan.
In deze strategie staat de koers om de doorontwikkeling van kenniskwartieren en campussen tot innovatiedistricten te stimuleren. Deze strategie is een uitwerking van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. In die visie worden een aantal kenniskwartieren en campussen benoemd met de opgave om deze gebieden verder te ontwikkelen. In de Uitvoeringsagenda van de omgevingsvisie is deze strategie aangekondigd. Deze strategie is in samenwerking met partijen in de stad tot stand gekomen.
7
8
1. Meer impact van kennis Amsterdam is een aantrekkelijke stad om in te wonen en te werken. De stad blijft dan ook groeien en plek bieden aan meer mensen. Deze groei is een kans. Veel verschillende mensen met verschillende kennis komen samen op één plek. Het delen van deze kennis en gezamenlijk komen tot nieuwe ideeën kan bijdragen aan opgaven waar de stad voor staat.
Ambitie van de stad
Amsterdam trekt veel bedrijven aan en is een essentieel onderdeel van de Nederlandse economie. De economische groei van de afgelopen decennia zet zich naar verwachting voort. Maar van die economische groei profiteert niet iedereen in gelijke mate en bovendien draagt deze groei niet automatisch bij aan een duurzame toekomst. Amsterdam heeft hogere ambities voor de toekomst van de stad. De ambitie om ervoor te zorgen dat iedereen van het economische succes kan profiteren en dat kennis wordt ingezet voor een duurzame toekomst. Amsterdam wil een solidaire stad zijn met kansen voor iedereen. Er zijn veel uitdagingen op het gebied van gezondheidszorg, de toegankelijkheid van onderwijs en kansengelijkheid. Daarnaast wil Amsterdam bouwen aan een duurzame toekomst door onder andere in te zetten op de energietransitie, de circulaire economie en een leefbare stad. Door verantwoord te groeien neemt Amsterdam verantwoordelijkheid. Enerzijds door het centrum te blijven voor de ontwikkeling van cultuur, wetenschap en economie en anderzijds te sturen op maatschappelijke impact.
Deze groei van de stad wordt gericht ingezet voor ontwikkelingen die bijdragen aan het halen van die maatschappelijke doelen. Dat vraagt om een andere kijk op en integrale aanpak van de ontwikkelingen in de stad.
Wat is impact?
Innovatiedistricten voor impact
succesvolle gebieden die een bijdrage leveren aan ambitieuze doelstellingen van Amsterdam. Bedrijven en kennisinstellingen zijn ook steeds meer bezig met het maken van impact. Dit is het moment om samen aan het gezamenlijke doel van impact te werken.
Amsterdam trekt veel bedrijven aan. De laatste decennia is vooral het aantal bedrijven in de kenniseconomie gegroeid. De kenniseconomie krijgt zichtbaar vorm in de kenniskwartieren en campussen in de stad. Deze plekken bieden volop kansen om door verantwoorde groei meer impact te realiseren. Door nog meer in te zetten op talentontwikkeling in diverse opleidingsniveaus en de verbinding te leggen met bewoners, ondernemers, bedrijven en kennisinstellingen in de stad. Dit zijn dan ook de plekken waar oplossingen worden bedacht voor grote maatschappelijke vraagstukken. Daarmee zijn het de economische clusters maar vooral ook plekken die zorgen voor maatschappelijke impact. Impact op vandaag, maar vooral ook op de toekomst. Door de kenniskwartieren en campussen te ontwikkelen tot innovatiedistricten wordt er meer impact gehaald uit de kennis in de stad. Zonder strategie op de ontwikkeling van innovatiedistricten ontbreekt er een integrale aanpak en blijven de kansen die innovatiedistricten bieden op sociaal, maatschappelijk en economische vlak onbenut1. Voor de ontwikkeling van innovatiedistricten is samenwerking met lokale partijen een randvoorwaarde. Alleen samen met partijen uit de stad kan deze strategie zorgen voor
In deze strategie wordt onder impact verstaan de veranderingen die er in het kader van deze strategie als positief gevolg optreden voor de maatschappij als geheel. Dit zijn veranderingen op maatschappelijk, sociaal of economische vlak.
De term impact wordt tegenwoordig veel door kennisinstellingen en bedrijven gebruikt om aan te geven wat hun positieve effect is op de maatschappij. Impact van de innovatiedistricten zal op verschillende niveaus plaatsvinden, er wordt onderscheid gemaakt tussen het micro- en macroniveau. • Micro: dit is de impact op de directe omgeving, de inclusieve toegankelijkheid van onderwijs, werk en voorzieningen voor buurtbewoners. Het inzetten van de kennis om maatschappelijke uitdagingen in de buurt op te lossen. Het innovatiever maken van lokale bedrijven. • Macro: dit is de impact op de stad, regio en ver daarbuiten. Oplossingen voor problemen op het gebied van duurzaamheid, gezondheidszorg en andere stedelijke vraagstukken.
9
10
2. Stedelijke economie De opkomst van de kenniseconomie begint in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Daarin hebben steden een bijzondere functie. In steden clusteren kennisintensieve bedrijven vanwege de aanwezigheid van kennisinstellingen en hoog opgeleide bevolking. Deze clustering trekt vervolgens weer nieuwe en vaak jonge mensen aan. Dit talent wordt bovendien aangetrokken door de nabijheid van voorzieningen en de diversiteit van mensen in de stad. Dat alles met één belangrijk doel: de mogelijkheid om kennis uit te wisselen en nieuwe ideeën te ontwikkelen.
Vandaar dat er juist bij kennisontwikkeling sprake is van agglomeratie-effecten: mensen, bedrijven en kennisinstellingen concentreren zich in stedelijke gebieden. Het is om die reden dat steden een belangrijke rol vervullen als economische motor van regio’s en landen. Met name universiteitssteden, want kennisinstellingen zoals universiteiten en hogescholen zijn belangrijke producenten van kennis. De kennisinstellingen voorzien in een belangrijke behoefte van de kenniseconomie, namelijk talent- en kennisontwikkeling.
De kenniseconomie
Terwijl de schaalvergroting van de kennisinstellingen in de vorige eeuw leidde tot veel buitenstedelijke campusontwikkelingen zijn stedelijke omgevingen inmiddels ook belangrijker geworden voor kennisinstellingen. De aanwezigheid van aantrekkelijke publieke ruimten en voorzieningen in steden nodigt bovendien uit tot fysieke contacten. Door deze ontwikkelingen wordt de roep om het openen van afgesloten en afgelegen campussen en andere innovatie-plekken, en het toegankelijk maken van deze gebieden voor anderen, steeds luider.2
De opkomst van de kenniseconomie zorgt voor hernieuwde groei van westerse steden. Kennis delen is vermenigvuldigen, dus het delen van kennis met anderen gaat zonder verlies van de eigen kennis. Dat maakt kennis schaalbaar en dat is één van de bijzondere eigenschappen van kennis. Voor het delen van kennis is nabijheid van groot belang. Hoe kleiner de afstand, hoe gemakkelijker de kennis wordt gedeeld. Met name voor de overdracht van tacit knowledge: impliciete kennis die je alleen van iemand anders kan leren door intensief contact. Het belang van nabijheid is versterkt door de toegenomen digitale connectiviteit. Hierdoor ontstaan er meer contacten die weer leiden tot meer face to face ontmoetingen. Dat lijkt tegenstrijdig, maar is het niet. In de praktijk blijkt dat iedere verbreding van de mogelijkheden tot communicatie zorgt voor meer fysieke ontmoetingen. Een stedelijke setting is daarvoor het meest geschikt, want wanneer men bij elkaar in de buurt woont en werkt is de kans op contact groter.
‘New ideas need old cities’3
Innovatie en steden zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een bekende uitdrukking van de Amerikaanse stadsonderzoeker Jane Jacobs is “new ideas need old buildings”4. Het is een metafoor voor de stad als ideale voedingsbodem voor nieuwe ideeën. De veelheid en veelsoortigheid van mensen in de stad zorgen voor vele en veelsoortige contacten. In steden kunnen nieuwe ideeën gemakkelijk getoetst worden, wat leidt tot de geboorte van nieuwe ‘producten’.
Wat is de kenniseconomie?
Met kenniseconomie wordt bedoeld dat een steeds groter deel van de economische groei en toegevoegde waarde voortkomt uit toepassen van specialistische kennis. Het is een economie waarin voornamelijk hoogwaardige producten of diensten worden ontwikkeld. De ontwikkeling van kennis en nieuwe ideeën is onmisbaar voor innovatie. Innovatie is het ontwikkelen van nieuwe producten, diensten en processen. Innovatie stimuleert economische ontwikkeling, zowel op lokaal als internationaal niveau5. Het is per sector verschillend hoe lokaal het ecosysteem is. Verschillende sectoren opereren in verschillende netwerken, van lokaal tot internationaal niveau - maar ongeacht de schaal waarop bedrijven en instellingen ideeën uitwisselen halen ze inspiratie uit de directe omgeving. Kortom, nabijheid en de kwaliteit van de directe omgeving zijn essentieel voor kennisuitwisseling en leiden tot innovatie. Steden bieden die nabijheid en kwaliteit. Het lokale ecosysteem is groter en meer divers in steden. Bovendien ontwikkelen nieuwe sectoren zich voornamelijk in steden en brengen bedrijven in grote steden vaker nieuwe producten of diensten op de markt.7
Eerlijke economie
Dankzij de opkomst van de kenniseconomie zijn westerse steden weer economische succesvol geworden. Steden zijn de motoren van de economie, maar daarnaast ook de plekken waar ongelijkheid toeneemt. Door de kenniseconomie te stimuleren profiteren alle
11
lagen van de bevolking. Innovatieve steden hebben een positieve invloed op praktisch geschoolde werknemers. De kenniseconomie heeft deze medewerkers hard nodig met name in de techniek en de zorg. Daarnaast zorgt elke baan in de kenniseconomie voor banen in de ondersteunende diensten. De impact van innovatieve banen is daarmee een stuk hoger dan traditionele banen in de productie8. Steden moeten plekken blijven waar iedereen kan wonen en werken. Die diversiteit aan mensen draagt bij aan een innovatieve economie. Door in te zetten op het ontwikkelen van kenniskwartieren tot innovatiedistricten worden deze gebieden onderdeel van de stad. Open naar buiten en toegankelijk voor iedereen. De kennis die daar wordt ontwikkeld moet impact maken in de samenleving.
12
In dit kader is het ook belangrijk om de connectie tussen innovatiedistricten en MBO instellingen te leggen – iets wat tot nu toe eigenlijk nog niet is gedaan in Amsterdam. Allereerst heeft Amsterdam een steeds groter tekort aan praktisch geschoolde werknemers, terwijl de kenniseconomie het praktisch geschoolde talent van MBO instellingen hard nodig heeft. Door de connectie tussen MBO instellingen en de innovatiedistricten te leggen krijgen de studenten kansen op bijvoorbeeld stage- en werkplekken en dragen ze bij aan maatschappelijke vraagstukken waar in de districten aan gewerkt wordt. MBO instellingen kunnen ook een waardevolle rol spelen bij de valorisatie van geproduceerde kennis door naar praktische applicaties te kijken en de vertaling naar het bedrijfsleven te maken. Tot slot draagt het maken van de connectie tussen MBO
instellingen en innovatiedistricten veel bij aan de inclusiviteit en diversiteit binnen deze gebieden. Dit is belangrijk om een eerlijke economie te stimuleren, maar tegelijkertijd zijn inclusiviteit en diversiteit een belangrijke stimulans voor het komen tot nieuwe ideeën die goed aansluiten bij maatschappelijke vraagstukken. Innovatiedistricten moeten daarom open en toegankelijk zijn voor iedereen.
Internationaal voorbeeld
22@Barcelona is een bekend innovatiedistrict. Een voormalig industriegebied is ontwikkeld tot een innovatiedistrict gericht op tech, met kennisinstellingen, toonaangevende bedrijven, aantrekkelijke voorzieningen en bewoners. Door sterke sturing door de stad Barcelona op de ontwikkeling van het gebied is het inmiddels een succesvol innovatiedistrict.
Innovatiedistricten
De afgelopen jaren is er een nieuw type werkmilieu ontstaan: het innovatiedistrict. Deze vormen een nieuw ruimtelijke accent dat tegemoetkomt aan de behoeften van mensen, kennisinstellingen en bedrijven in stedelijke vestigingsmilieus. Het concept ‘innovatiedistrict’ bouwt voort op het inzicht dat bedrijven en kennisinstellingen in dezelfde of aanpalende sectoren er voordeel bij hebben om in elkaars nabijheid gevestigd te zijn . Dit gebeurt vaak organisch, waardoor ruimtelijke clustering op lokaal en regionaal niveau kan plaats vinden, maar het kan ook actief worden gestimuleerd.
Internationaal voorbeeld
De toevoeging van het woord ‘innovatie’ erkent dat kennisontwikkeling en toepassing steeds belangrijkere productiefactoren worden in de economie. Deze innovatiedistricten versterken het onderscheidend vermogen van de stad en regio door historisch gegroeide krachten in kennisontwikkeling, samenwerking en economie verder te versterken. In plaats van geïsoleerde en naar binnen gerichte campussen, richten innovatiedistricten zich op het bouwen van een bloeiend ecosysteem waarin bedrijven, kennisinstellingen, overheid en bewoners samenwerken. Hierdoor zijn ze verbonden met de stad als geheel, waarbij interactie een centrale rol speelt en de uitwisseling van nieuwe ideeën wordt gestimuleerd.
Kendall Square in Boston is een Innovatiedistrict dat zich richt op de life sciences en tech. Het staat bekend vanwege het Massachusetts Institute of Technology en het gebied is erg aantrekkelijk voor talent. Het hoge aantal startups en innovaties maakt het gebied zeer succesvol. 13
Ontwikkelstrategie innovatiedistricten Innovatiedistricten dragen bij aan duurzame, innovatieve en inclusieve economische groei. Een innovatiedistrict bestaat uit de unieke combinatie van economische assets, ruimtelijke assets en netwerk assets. Het samenbrengen van deze assets maakt dat innovatiedistricten kennis optimaal kunnen inzetten voor maatschappelijke impact. Dat onderscheidt innovatiedistricten van monofunctionele werk- of woongebieden en zelfs de gemengde werkgebieden in de stad.
Economie, ruimtelijke en netwerk assets
De drie assets van een innovatiedistrict zijn12: • Economische assets De mix en massa van bedrijven, organisaties, kennis- en onderzoeksinstellingen en innovatie facilitators is bepalend voor de nabijheidsvoordelen. De economische assets bepalen in grote mate het onderscheidend vermogen van het innovatiedistrict. Daarbij is een gezamenlijke specialisatie belangrijk, omdat dit kansen biedt om inhoudelijk samen te werken en tot nieuwe ideeën te komen. De mate waarin bedrijven en instellingen open innovatie stimuleren is daarbij van belang. • Ruimtelijke assets Om het innovatievermogen te versterken moeten de ruimtelijke assets interactie bevorderen en de kans op toevallige ontmoeting maximaliseren. De kwaliteit van de publieke en private gebouwen, de openbare ruimte en voorzieningen is daarom essentieel. De ruimtelijke assets zijn bepalend voor de aantrekkelijkheid van het innovatiedistrict voor talent. 14
•
Netwerk assets Bedrijven en instellingen profiteren optimaal van elkaars nabijheid als ze netwerken vormen en ideeën uitwisselen. Daarbij gaat het om een diversiteit aan netwerken, zowel informele vriendschappen als formele zakenrelaties. Door te interacteren binnen en tussen netwerken delen mensen hun kennis. Een vorm van governance is belangrijk om deze netwerken te stimuleren en kan ook bijdragen aan versterking van economische en ruimtelijke assets.
Per innovatiedistrict verschilt in welke mate deze drie assets zijn ontwikkeld. Er zijn gebieden die een sterke economische en netwerk assets hebben, maar waar de ruimtelijke assets nog versterkt kunnen worden. In andere gebieden zijn de ruimtelijke assets optimaal, maar kunnen de economische of netwerk assets nog verder worden ontwikkeld. Alleen als alle drie de assets volwaardig zijn ontwikkeld ontstaat er een succesvol innovatiedistrict13.
Ecnomische Assets
Innovatief Ecosysteem Ruimtelijke Assets
Netwerk Assets
Ontwikkelprincipes
De economische, ruimtelijke en netwerk assets kunnen ontwikkeld worden. Er zijn zeven ontwikkelprincipes die bijdragen aan de ontwikkeling van deze assets. Deze ontwikkelprincipes vormen het raamwerk om een innovatiedistrict verder te ontwikkelen. Dit raamwerk is ontworpen door The Global Institute on Innovation Districts (GIID) en wordt gebruikt in onderzoek wereldwijd.
1. Onderscheidende specialisatie Een duidelijke specialisatie zorgt voor een competitief voordeel en bepaalt in sterke mate het onderscheidend vermogen van een innovatiedistrict. Ook maakt de specialisatie de verschillen en ook juist samenhang met andere innovatiedistricten inzichtelijk.
7. Governance Een sterke governance structuur is het laatste onderdeel van het GIID raamwerk om innovatiedistricten te ontwikkelen. Governance kan de netwerken stimuleren en uitbreiden en kan zich richten op de sterke en zwakke verbindingen in een netwerk. Bovendien kan de governance bouwen aan een gezamenlijke branding en de groei van het gebied sturen door bedrijven/instellingen aan te trekken die een meerwaarde zijn voor het ecosysteem. Daarbij kan ook een exit-strategie horen. Zo kan een sterke governance structuur ook bijdragen aan verbetering van economische en ruimtelijke assets. De governance wordt bij voorkeur gevormd door de belangrijkste partijen in een innovatiedistrict en gezamenlijk gefinancierd.
6. Financiën Om de potentie van een innovatiedistrict optimaal te benutten moeten de economische, ruimtelijke en netwerk assets ontwikkeld worden. Hiervoor zijn een mate van organisatie en financiële middelen nodig. Vaak een combinatie van zowel publiek als privaat kapitaal en een manier om met die financiële middelen structureel en incidenteel de juiste investeringen te doen. Van investeringen in het versterken van de netwerkorganisatie tot betaalbare huisvesting voor startende bedrijven en van alles daar tussenin.
2. Kritieke massa Om effectief te zijn heeft een innovatiedistrict naast een specialisatie ook een zekere kritieke massa aan instellingen, bedrijven en talent nodig. De aanwezigheid van anchors is hierbij ook belangrijk. Hoe meer kritieke massa hoe beter, hoe meer onderlinge samenhang en hoe meer variatie in soorten partijen in het ecosysteem hoe effectiever.
3. Ruimtelijke kwaliteit De ruimtelijke kwaliteit en locatie van het gebied heeft invloed op de aantrekkingskracht die het heeft op anderen. Ruimtelijke kwaliteit omvat een hoge mate van functiemenging tussen werken, wonen, leren en ontspannen. Daarnaast zijn een goede bereikbaarheid, ontmoetingsplekken, (sport)voorzieningen en een uitnodigende openbare ruimte van belang. Hierdoor worden innovatiedistricten open en bruisende plekken.
5. Inclusie Inclusie is op twee manieren belangrijk voor innovatiedistricten: aan de ene kant om brede welvaart en een eerlijke economie te stimuleren. Inclusieve en toegankelijke innovatiedistricten kunnen hier goed aan bijdragen. Tegelijkertijd zijn inclusiviteit en diversiteit belangrijke stimulans voor het komen tot nieuwe ideeën die goed aansluiten bij maatschappelijke vraagstukken. Innovatiedistricten moeten daarom open en toegankelijk zijn voor iedereen. Voorzieningen in de districten kunnen hier een rol in spelen door aantrekkelijk en toegankelijk te zijn voor mensen in omringende buurten.
4. Sociale netwerken Sociale netwerken zijn een erg belangrijk onderdeel van innovatiedistricten. Netwerken kunnen worden onderverdeeld in sterke en zwakke verbindingen. Sterke verbindingen ontstaan tussen mensen of bedrijven die al samenwerken, elkaar vertrouwen en op basis daarvan bereid zijn om informatie te delen en samen te werken. Zwakke verbindingen zijn nieuwe relaties tussen mensen en bedrijven die zorgen voor nieuwe connecties en informatie. Beide soorten verbindingen zijn belangrijk in een innovatief ecosysteem en moeten actief gestimuleerd worden. 15
16
3. Amsterdam Kennisstad De afgelopen tien jaar is Amsterdam veel sneller gegroeid dan verwacht. Samen met het aantal inwoners groeide ook de werkgelegenheid explosief. Toonaangevende bedrijven worden aangetrokken door het ecosysteem en de mensen in de stad, die deels komen van een van de universiteiten, hogescholen of het middelbaar beroepsonderwijs. Omgekeerd zorgen de bedrijven en kennisinstellingen voor een voortdurende instroom van nieuw talent. Het effect is dat Amsterdam een plek is waar innovatie ontstaat of snel landt en vervolgens wereldwijd opgeschaald wordt. Daarmee heeft Amsterdam wereldwijd impact.
Opkomst kenniseconomie in Amsterdam
Amsterdam is de afgelopen veertig jaar erg veranderd. Van een leeglopende en verloederde stad naar een aantrekkelijk stad om te wonen en te werken. In de jaren zestig en zeventig verlieten inwoners massaal Amsterdam. Vanaf 1973 trof de wereldwijde crisis de stad en liep de werkloosheid snel op tot ruim tien procent begin jaren tachtig. De leegstaande gebouwen werden ingenomen door krakers, studenten en kunstenaars. De stad zag er compleet anders uit. Achteraf blijkt dat die krakers, studenten en kunstenaars de voorhoede waren van een herstellende en daarna bloeiende stad. De stad werd als woon- en werkplek herontdekt door een nieuwe groep mensen. Eind jaren tachtig brak een periode van economische groei aan, gevoed door een sterke groei van de dienstensector. De stad werd vernieuwd en naast dat er weer mensen kwamen wonen, trokken er ook weer bedrijven naar de stad. In die periode bloeide de economie op en de trek naar de stad nam toe.
Amsterdam is nu een van de meest aantrekkelijke steden van Europa. Sinds 1990 groeide het inwonertal tot ruim 900.000, een groei van 25% in dertig jaar. Maar de groei van het inwonersaantal hield in die periode de groei van de economie niet bij. Sinds 1990 verdubbelde het aantal banen in de stad namelijk van circa 300.000 tot 600.000, zie figuur 1. De afgelopen tien jaar was Amsterdam verantwoordelijk voor 27% van de Nederlandse banengroei. Deze extra banen komen voor een groot deel door de groei van de kenniseconomie en daaraan ondersteunende diensten. Amsterdam vervult met zulke groeicijfers binnen Nederland de functie van economische motor. De baten van de Amsterdamse banengroei kwamen door de toenemende forensenstroom ook in de regio en ver daarbuiten terecht. Zo beperkt de kennisstad zich niet tot een aantal innovatiedistricten maar is kennis en innovatie verweven door de hele stad en regio. Ook buiten de in de omgevingsvisie benoemde gebieden
wordt waardevolle kennis gegenereerd. De groei van de kenniseconomie draagt bij aan de druk op de Amsterdamse woningmarkt en voorzieningen en wordt daar tegelijkertijd door geraakt. Vooral voor studenten, jonge onderzoekers en starters op de arbeidsmarkt is het lastig om een passende woning te vinden. Daarnaast trekken gezinnen de stad uit door het beperkte aanbod aan woningen. Hierdoor kiezen ook kenniswerkers steeds vaker voor een woning in de regio of zelfs ver daarbuiten. Dit draagt bij aan de toenemende forensenstromen tussen Amsterdam en daarbuiten. Met name de bereikbaarheid van de grote innovatiedistricten met het openbaar vervoer is hierin bepalend. Voor de ontwikkeling van kennisstad Amsterdam zijn aanpak van de wooncrisis en investeringen in de bereikbaarheid van de stad minstens even cruciaal als de versterking van de innovatieve interne ecosystemen.
Aantal x1000 600 500 400 300 200 100
1990
1995
2000
2005
2010
2015
2020
0 Figuur 1: Groei aantal banen Amsterdam afgelopen 30 jaar14
Banen Amsterdam 1990-2020 Bron: OIS
17
200 1990
100
1995
2000
2005
2010
2015
2020
0
Banen Amsterdam 1990-2020 Bron: OIS
Diversiteit kenniseconomie
Techstad Amsterdam
t
Re
cr ui tm
en
od
Fo
Tr av
ili ty
M ob
En e
aS Fi nt ec h M ar ke tin D g ig ita lM ed ia H ea lth ca re
Sa
el
De kennisintensieve economie is bovendien De laatste jaren is de binnenstad van Amsterdam verspreid over de hele stad. In de haven dé plek geworden voor tech bedrijven. Het zit een cluster van bedrijven in de circulaire aantal tech bedrijven is de laatste tien jaar economie. Bovendien zit in de haven Prodock, sterk gegroeid. Dit is geen toeval. Het eerste de innovatiehub van de haven waar ondernemers commerciële trans-Atlantische mailtje is in hun producten snel kunnen ontwikkelen en 1988 verstuurd vanaf Amsterdam Science Park. 85 uitrollen. De Zuidas is uitgegroeid tot de locatie Daarmee staat Amsterdam aan de basis van de 64 62in de financiële en zakelijke voor bedrijven uitrol van internet in Europa. diensten sector. Daarnaast zijn over de stad verspreid verschillende de kenniskwartieren Dé tech sector bestaat niet. Technologie wordt 200 waar ook bedrijvigheid zich vestigt. Een aantal onderdeel van bijna alle bedrijven en daarmee 1990 1995 2000 2005 2010 2015 2020 100 De 600 eerste kennisintensieve sectoren in Amsterdam van die gebieden richten zich op de life science onderdeel van alle sectoren. Tech bedrijven 0 500 waren de financiële sector en de sector media en health sector. Door het Amsterdam UMC brengen producten op de markt op basis van 400 Banen Amsterdam 1990-2020 Aantal en communicatie.
Deze bloeiden op in de maakt deze sector al lange tijd onderdeel uit van technologische innovaties. In figuur 3 staat 300 x1000 groeiperiode vanaf halverwege de jaren tachtig.13 de Amsterdamse economie. Er wordt in deze een overzicht van de sectoren waarin de tech 200 600 1990 1995 2000 2005 2010 100 Daarnaast groeide de ICT-sector en2015 de 2020 sector dan ook de meeste wetenschappelijke bedrijven actief zijn. De grootste zijn software as Aantal bedrijven perook markt 284 500 0 ondersteunende zakelijke diensten sector sterk. onderzoeken gepubliceerd. Deze sector heeft a service (SaaS), oftewel software voor diensten, 224 400 Zie figuur 2; de werkgelegenheid is de afgelopen een boost gekregen door de komst van de financiële tech, marketing en digitale media. Tech 180 171 Banen Amsterdam 1990-2020 300 Bron: OIS decennia in bijna alle sectoren in Amsterdam European Medicines Agency naar de Zuidas en bedrijven werken in Amsterdam zowel onderling 117 200 91 92 85 17, 18 64 bedrijven 62 gegroeid. In Amsterdam zijn met name de het aantal in deze sector groeit . 1990 1995 als2000 met kennisinstellingen veel 2005 2010 2015 2020 samen.
Het is 100 sectoren, zorg, overige en specialistische zakelijke belangrijk op te merken dat innovatie in de tech 0 diensten en informatie en communicatie harder sector naast veel positieve impact enkele lastige 284 Werkgelegenheid (fte) 1996-2019 Banen Amsterdam 1990-2020 zaken met zich meebrengt, zoals een zware 224 gegroeid dan in de metropool regio. Bron: OIS Gemiddelde jaarlijkse groei in % 180 belasting van het energienetwerk. Hier moet 171 Aantal bedrijven per markt 117 6 rekening mee gehouden worden. 91 92 rg y
Kenmerkend voor de Amsterdamse economie is de 284 diversiteit aan sectoren en activiteiten. Terwijl andere steden 224 vaak één sterke specialisatie in een sector hebben, zoals Eindhoven in de high 180 171 tech, kenmerkt Amsterdam zich door een diverse economie die sterk is in meerdere sectoren. Dat Aantal117 x1000 en door 92 maakt de economie veerkrachtig de tijd 91 600 heen vestigen hier steeds nieuwe sectoren. De huidige focus van Amsterdamse500 kenniseconomie 400 Aantal kan over tien jaar dan ook weer anders zijn. 300 x1000
en t
cr
Re
Informatie en communicatie 62
-2
Aandel sector in MRA (in %)
Aandel sector in MRA (in %)
Figuur 2: Werkgelegenheidsgroei Amsterdam sinds 1996 Informatie en communicatie 16
5
3
Overige zakelijke diensten Zorg
Specialistische zakelijke diensten Horeca
Aantal bedrijven per markt
Figuur 3: Tech bedrijven per sector in Amsterdam 2019
en
t
62
tm
od
64
Fo
ve l Tr a
y lit ob i
ca re
a ed i
ea lth
H
g in et
ch te
Aandel regio in MRA: 45,8 Aandel regio in MRA: 45,8
6
4
90
Overheid
Industrie
85
Re cr ui
Bouw
90
ita lM
20
Financiële diensten
91
92
M
en t
ui tm
cr
10
Onderwijs
Onroerend goed 60 70 80 Energie, water en afval Overheid 30 40 50 60 70 80 Groothandel
ig
-1
50
ar k
0
Detailhandel
Vervoer en opslag
aS
40
M
Industrie
1
Gemiddelde jaarlijkse groei in %
18
171 117
Fi n
30 Bouw
Werkgelegenheid (fte) 1996-2019
180
Sa
20
224
D
-2
10
284
Re
2
-1
Fo od
el
Tr av
ty
M ob ili
er gy
En
Fi
nt
aS
Sa
ec h M ar ke tin D g ig ita lM ed ia H ea lth ca re
Specialistische zakelijke diensten Zorg Overige zakelijke diensten Werkgelegenheid (fte) 1996-2019 Horeca 3 Gemiddelde regionale groei, Gemiddelde jaarlijkse groei in % Cultuur, sport en recreatie 6 2 1996-2019 (2,0%) Overige diensten Informatie en communicatie 5 Onderwijs Financiële diensten Detailhandel Onroerend goed Specialistische zakelijke diensten 4 1 Overige zakelijke diensten Zorg Horeca Aantal bedrijven per markt 3 Gemiddelde regionale groei, Groothandel Cultuur, sport en recreatie Vervoer en opslag Energie, Overige dienstenwater en afval 1996-2019 (2,0%) 0 4
er gy
64
En
85
5
ui tm
Fo
od
ve l
y
ili t
Tr a
M
ob
re
ca
En er gy
ia
H ea
ed
lM
ta
D
ig i
lth
g
tin
h
ec
ke
ar
M
Fi nt
Sa
aS
Bron: OIS
. Amsterdam staat in de top drie van meest waardevolle tech ecosysteem van Europa. De afgelopen tien jaar groeide het aantal bedrijven sterk in Amsterdam. In 2019 waren er circa 4.700 tech bedrijven in de stad met gezamenlijk 69.000 werknemers19. Daar komen jaarlijks gemiddeld vijfhonderd bedrijven en 11% werknemers bij. Daarmee groeit het aantal tech bedrijven in de stad nog steeds sterk. De meeste nieuwe bedrijven zijn startups, met gemiddeld 29 werknemers.
Impact kennisinstellingen
De aantrekkelijkheid van Amsterdam komt mede door de universiteiten, hogescholen en middelbaar beroepsonderwijs in de stad. Zij leveren zowel de kennis als talent voor de groeiende bedrijven in de kenniseconomie. De kerntaken van universiteiten zijn onderwijs, onderzoek en valorisatie20. Valorisatie is in 2005 als kerntaak toegevoegd. Valorisatie is het toepassen van wetenschappelijke kennis zodat deze meerwaarde creëert voor de maatschappij, ook wel impact genoemd. Daarmee wordt de overgang van kennis van universiteiten naar de samenleving en bedrijven vloeiender. Kennisinstellingen in Amsterdam richten zich steeds meer op valorisatie en proberen daarmee de brug te slaan naar bedrijven. Succesvolle voorbeelden hiervan zijn onder andere Innovation Exchange Amsterdam (IXA) en Amsterdam Centre for Entrepreneuship (ACE). Bovendien zijn er verschillende samenwerkingsverbanden om het delen van kennis te stimuleren op specifieke onderwerpen, zoals het programma AI Technology for People21.
Naast valorisatie zijn onderwijs en onderzoek kerntaken van de kennisinstellingen. In Amsterdam studeren dit jaar meer dan 68.000 aan de Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit samen22. Daarnaast studeren er meer dan 48.000 studenten aan de Hogeschool van Amsterdam23. Ook zijn er nog tal van andere kleinere hoger onderwijsinstellingen. Bovendien zijn er 39.000 studenten in het middelbaar beroepsonderwijs. Er werken ruim 57.000 onderzoekers bij de kennisinstellingen of onderzoeksafdelingen van instellingen of bedrijven. Deze onderzoekers hebben gezamenlijk meer dan 120.000 wetenschappelijke artikelen gepubliceerd de afgelopen tien jaar. Dat is een zeer hoge hoeveelheid in verhouding tot het aantal inwoners in Amsterdam24. Daarmee vormen de universiteiten en hogescholen een belangrijke bron van kennis in Amsterdam. Zij zorgen samen met het middelbaar beroepsonderwijs en innovatieve bedrijvigheid voor een brede, diverse en constante stroom van talent dat aan de slag kan in Amsterdam. Naast het belang van de kennisinstellingen vanwege al het talent dat ze opleiden, spelen ze ook een belangrijke rol in de ontwikkeling van innovatiedistricten. Kennisinstellingen nemen namelijk vaak de leidersrol op zich, ze vormen de anchor in gebieden. Vanuit die leidersrol sturen en stimuleren ze de ontwikkeling van het gebied en trekken bedrijvigheid aan.
Zo zijn ze een belangrijke partij in het innovatieve ecosysteem.
Amsterdam AI25 Artificiële Intelligentie (AI) krijgt steeds meer invloed op het dagelijks leven en wordt gebruikt voor verschillende producten, zoals robots in de zorg en zelfrijdende auto’s. AI biedt volop kansen en heeft ook veel invloed op de maatschappij. Sinds eind 2019 is er een samenwerking gestart tussen de kennisinstellingen, de gemeente en de Amsterdam Economic Board onder de naam AI Technology for People, nu Amsterdam AI. De komende tijd zal deze samenwerking verder worden vormgegeven. Besloten is de activiteiten, projecten, instrumenten en netwerken op AI verder te bundelen en de organisatie te professionaliseren en extern te profileren onder de naam AI Hub Amsterdam. Amsterdam AI is het programma van de hub dat zich richt op AI onderzoek, onderwijs, van fundamenteel onderzoek naar concrete toepasbaarheid op die domeinen business, health en het publieke domein. De ambitie is een hub te vormen die internationaal wordt gezien als leidend en agenda bepalend. Ingebed in het ecosysteem van Amsterdam waarbinnen kennisinstellingen, overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties samenwerken en gezamenlijk de agenda bepalen. Een belangrijk doel is het aantrekken en behouden van talent en de stimulering van de kenniseconomie.
De ontwikkelingen moeten ook impact hebben op het MKB, leiden tot meer start ups en tot opleidingen en betrokkenheid van praktisch of niet opgeleide bewoners.
19
20
Innovatief ecosysteem Een innovatiedistrict is succesvol doordat er een innovatief ecosysteem is. Dit innovatieve ecosysteem is een web van verschillende partijen die samenwerken aan open innovatie. In dat web levert iedere partij een unieke bijdrage aan het optimale klimaat voor innovatie. Afhankelijk van de specialisatie en de grootte van het innovatiedistrict zal de verhouding tussen de partijen in het ecosysteem verschillen. Een onderdeel van het ecosysteem zijn innovatie aanjagers. Dat zijn de kennis-, onderzoeksinstellingen en bedrijven die zich focussen op specialistische technologieën of diensten. Elk innovatiedistrict heeft een unieke combinatie van innovatie aanjagers. Daarnaast bestaat een ecosysteem uit innovatie facilitators. Dit zijn publieke en private partijen die het uitwisselen en ontwikkelen van nieuwe ideeën stimuleren en faciliteren. Veelal de partijen die werkplekken aanbieden aan startende bedrijven en netwerkactiviteiten organiseren en het ondernemerschap stimuleren, maar ook de overheid dat beleid maakt en maatschappelijke organisaties. Tot slot zijn ook de voorzieningen die de interactie stimuleren van groot belang.
Kennisinstellingen:
Universiteiten en hogescholen spelen een bijzondere rol in het ecosysteem. Er is een directe link tussen onderzoek van kennisinstellingen en de hoeveelheid innovatie door middel van valorisatie. Ook middelbaar beroepsonderwijs draagt een bijdrage aan het talent dat nodig is in de innovatiedistricten. Het komt veel voor dat innovatiedistricten ontstaan rondom kennisinstellingen, en deze zijn dan ook sterk bepalend voor de specialisatie van een district
Onderzoeksinstellingen:
Publieke en private onderzoeksinstellingen zoals onderzoeksafdelingen van bedrijven dragen bij aan de innovatie. De onderzoeksinstellingen hebben vaak een duidelijke relatie met de kennisinstellingen en zijn vaak ook een anchor in het innovatiedistrict.
Bedrijven:
een mix van bedrijven van verschillende omvang creëert een optimaal ecosysteem, waarbij de grote bedrijven onderzoek kunnen stimuleren en investeren in startende ondernemers. Scaleups spelen een rol om startups te helpen ontwikkelen, door netwerken en ervaringen te delen. Startups komen vaak voort uit de kennisof onderzoeksinstellingen en gebruiken veelal de faciliteiten daarvan.
Definities bedrijven
Startup: beginnende bedrijf, waar enkele mensen werken aan een nieuw en schaalbaar product. Ontstaan vaak uit kennis- of onderzoeksinstellingen. Scale-up: succesvolle startups groeien uit tot scale-up, het product is op de markt gebracht en ze groeien vaak snel. Spinoff: bedrijf dat is ontstaan uit een ander bedrijf of uit een kennis- of onderzoeksinstelling.
Innovatie facilitators:
dit omvat startup incubators, accelerators en coworking plekken die startups betaalbare ruimte en volop faciliteiten bieden. Innovatie facilitators zijn ook knowledge transfer offices, innovatie centers en investeerders die ondernemerschap stimuleren. Deze innovatie facilitators spelen een onmisbare rol in het omzetten van ideeën naar schaalbare producten. Daarin is venture capital essentieel om startende bedrijven te ondersteunen.
Overheid:
De overheid heeft een belangrijke stimulerende rol voor de ontwikkeling van ecosystemen en is bij de totstandkoming van grotere strategische samenwerkingsverbanden vaak rechtstreeks betrokken
Maatschappelijke organisaties:
Maatschappelijke organisaties zorgen er mede voor dat het ecosysteem ook bijdraagt aan het oplossen van maatschappelijke uitdagingen en kunnen bewoners betrekken bij de ontwikkelingen in een gebied.
Voorzieningen:
deze voorzien in de behoeften van de buurtbewoners en mensen die er werken, zoals ontmoetingsplekken en dienstverlening. Het zijn voorzieningen zoals supermarkten, horeca, cultuur, sport en andere dienstverlening.
21
22
4. Innovatiedistricten in Amsterdam Amsterdam is een open, gastvrije en innovatieve stad. Deze aantrekkingskracht van de stad kan de basis vormen voor de transitie naar een duurzame en inclusieve samenleving. Maar de aantrekkingskracht van de stad is geen gegeven, daar moet voortdurend aan gewerkt worden. De Omgevingsvisie Amsterdam 2050 werpt een blik op de toekomst. Die visie schetst de uitdagingen en ambities van de stad voor de komende dertig jaar.
Omgevingsvisie Amsterdam 2050
De omgevingsvisie is opgebouwd vanuit het besef dat de groei van Amsterdam vraagt om een schaalsprong en transitie in het denken over stad en regio. De ambitie is om de trend van ongelijk verdeelde groei, ruimtelijke segregatie en toenemende kansenongelijkheid te doorbreken door de druk op het centrum te verminderen. Amsterdam kiest met deze meerkernige ontwikkeling voor meer evenwicht in de stad. Tegen 2050 ontwikkelt Amsterdam zich tot een kernstad met meerdere stedelijke centra. Deze bieden op zichzelf kwaliteiten die in de huidige samenleving en economie gevraagd worden.26 Amsterdam gaat ruimte bieden voor circa 200.000 nieuwe arbeidsplaatsen. Een deel daarvan zal de komende decennia terecht komen in de kenniseconomie. Amsterdam heeft een diverse economie en een breed scala aan vestigingsmilieus. Deze vestigingsmilieus, eerder al uitgewerkt in de visie Ruimte voor de Economie van Morgen, bieden ruimte aan de stedelijke economie.27 In de omgevingsvisie zijn de gebieden benoemd die potentie hebben
om zich te ontwikkelen tot innovatiedistricten. In alle gebieden ligt de focus op het stimuleren van interactie en het ontwikkelen van kennis en ideeën. De uitdaging in kenniskwartieren ligt niet enkel in de ontwikkeling tot innovatiedistrict. Juist hier liggen kansen om tegemoet te komen aan de stedelijke vraag naar woningen, specifiek voor studenten en startende medewerkers. De combinatie van wonen, werken en studeren zorgt er ook voor dat het stedelijk mobiliteitssysteem minder wordt belast. Daarnaast speelt in veel gebieden de noodzaak tot verduurzaming van het vastgoed. Daarmee zijn innovatiedistricten niet alleen de plekken waar nieuwe duurzame technieken voor de toekomst worden bedacht maar ook de plekken om dit te testen en in de praktijk te brengen.
Acht districten
In deze strategie gaat de focus uit naar acht gebieden in de stad, deze gebieden zijn benoemd in de omgevingsvisie. Voor deze gebieden is gekozen omdat ze kansrijk zijn om door te ontwikkelen tot innovatiedistricten. Daarbij is gekeken naar de volgende drie kenmerken: 1. Er is een kennisdrager die aantrekkingskracht heeft op anderen bedrijven/instellingen. 2. De mogelijkheid bestaat om het gebied volgens de principes van een innovatiedistrict verder te ontwikkelen. 3. Er is een ecosysteem dat gezamenlijk wil werken aan het innovatiedistrict.
De districten zijn: • Amsterdam Science Park • Kenniskwartier/Innovation District Zuidas • Amsterdam Life Sciences District • Universiteitskwartier • Amstelcampus en Knowledge Mile • Roeterseilandcampus • Marineterrein • Schinkelkwartier met Plantijn en Nieuwe Meer De eerste drie districten, Amsterdam Science Park, Kenniskwartier Zuidas en het Amsterdam Life Sciences District, zijn de grote kenniskwartieren in de stad. In deze gebieden werken kennisinstellingen en het bedrijfsleven al veel samen. De voorwaarden in deze gebieden zijn er om uit te groeien tot een toonaangevend innovatiedistrict. Naast de kenniskwartieren bieden ook de campussen in het centrum van de stad kansen om zich te ontwikkelen tot innovatiedistricten. De campussen in het centrum zijn de Amstelcampus van de HvA aan de Knowledge Mile, het Universiteitskwartier en de Roeterseilandcampus van de UvA. Daarnaast zijn er een aantal gebieden in de stad met een sterk ecosysteem. Omdat deze gebieden de komende jaren ontwikkeld worden hebben ze potentie om uit te groeien tot innovatiedistrict. Dit zijn het Marineterrein en het Schinkelkwartier met de clusters Plantijn en Nieuwe Meer.
23
24
Naast bovenstaande districten die worden uitgewerkt in de strategie zijn er nog andere interessante gebieden en initiatieven in de stad, die duidelijk maken dat de innovatiekracht overal in de stad aanwezig is. Zo zijn er een aantal private ontwikkelingen zoals WoodenCity en Shell Energy Campus die ook onderzoeken hoe ze hun gebieden kunnen ontwikkelen tot innovatiedistrict. Daarnaast zijn er veel andere plekken in de stad met innovatieve bedrijvigheid zoals in Westpoort en het havengebied en ook in Zuidoost rondom station Bijlmer Arena. Ook de RAI ontwikkelt zich tot innovatieve en duurzame congreslocatie.
Verhouding districten
De verschillende districten zijn complementair aan elkaar en voegen gezamenlijk veel toe aan het vestigingsklimaat van de stad. Ze verschillen onderling en sommigen tonen al duidelijke elementen van een innovatiedistrict. Dat zijn de kenniskwartieren en campussen in de stad. Andere districten zijn vanwege grootschalige gebiedsontwikkeling kansrijk om te ontwikkelen tot innovatiedistrict. Er zijn vier plekken die zich richten op de sector life sciences and health, Dat zijn Amsterdam Science Park, Kenniskwartier Zuidas, het Amsterdam Life Sciences District en Plantijn in het Schinkelkwartier. Deze gebieden zijn complementair aan elkaar, dit zijn de plekken die de meeste artikelen publiceren in Amsterdam, zie figuur 5. De afgelopen tien jaar zijn er meer dan 120.000 wetenschappelijke artikelen gepubliceerd in Amsterdam. Dat is wereldwijd zeer hoog wanneer rekening gehouden wordt met met de bevolkingsomvang van Amsterdam.28 Ze richten zich op verschillende
onderdelen binnen de life sciences and health. Het Kenniskwartier Zuidas en Amsterdam Life Sciences District huisvesten beiden een vestiging van het Amsterdam UMC die de specialismen verdeeld heeft over beide locaties. Daar sluit Plantijn op aan, met Sanquin en het Antoni van Leeuwenhoek. Amsterdam Science Park kent een veel breder bèta wetenschappelijk profiel met AI, nano en quantum als focusgebieden, maar richt zich ook deels op de life sciences and health sector. Op de Amstelcampus van de HvA aan de Knowledge Mile zitten de faculteiten op het vlak van economie, media, rechten en onderwijs. Op de Roeterseilandcampus van de UvA zitten de faculteiten die zich onder andere richten op gedragswetenschappen, economie en rechten. Doordat deze campussen in elkaars nabijheid zijn gevestigd en in een omgeving met een grote diversiteit aan bedrijvigheid en culturele instellingen kunnen zij zich richten op de vele maatschappelijke vraagstukken. Op het Marineterrein zijn kennisinstellingen en bedrijven bezig met het oplossen van concrete stedelijke vraagstukken. Dat gaat van duurzaamheid tot innovatieve en inclusieve vormen van onderwijs. Daarnaast richt Nieuwe Meer in Schinkelkwartier zich op data analytics, met veel tech startups en multinationals. Al deze gebieden samen schetsen de diversiteit van de kenniseconomie in Amsterdam.
Daardoor zijn ze complementair aan elkaar en kunnen elkaar stimuleren. Door deze diverse kennis kan interdisciplinair naar uitdagingen worden gekeken.
Figuur 4: Gepubliceerde artikelen in de verschillende innovatiedistricten29
Campus Amsterdam
Campus Amsterdam is de netwerkorganisatie voor kennishubs, campussen en innovatiedistricten in Amsterdam en de regio. Ze creëert verbindingen tussen deze innovatiegebieden om het kennis- en innovatieecosysteem van de regio te versterken, met als doel om oplossingen van globale uitdagingen te stimuleren. Dit doen ze door multidisciplinaire samenwerking aan te moedigen. Campus Amsterdam is het netwerk dat dient als schakel tussen de gemeente, de regio en de innovatiegebieden. Daarnaast positioneert het Amsterdam en de regio als kennisstad en is het een informatiepunt over de kenniseconomie. In 2018 is Campus Amsterdam opgericht door de Amsterdam Economic Board, het MRA Bureau, de gemeente en de Hogeschool van Amsterdam. De hogeschool is de penvoerder en werkt dagelijks aan het uitbreiden van en intensiveren van het netwerk.
25
26
5. District analyse De groei van innovatiedistricten is veelal een organisch proces. De stad trekt kennisinstellingen aan, deze trekken talent aan en bedrijvigheid ontstaat hier omheen. Naast de omgevingskwaliteit en economische mix zijn het vooral de netwerken die zorgen voor innovatie. Een innovatiedistrict uit het niets opbouwen is dan ook erg moeilijk, maar de ontwikkeling van een innovatief ecosysteem tot innovatiedistrict kan wel gestimuleerd worden. Gebieden met een zekere mate van economische, ruimtelijke en netwerk assets bieden daarvoor de meeste kansen. Er zijn acht districten met interessante ecosystemen die in dit hoofdstuk worden geanalyseerd, met als doel om te bepalen op welke manier deze gebieden het best doorontwikkeld kunnen worden tot innovatiedistrict. Zo kan vastgesteld worden waar de uitdagingen en de kansen per district liggen. Op basis van de district analyse is de rol van de gemeente per district bepaald. Zo kan er voor alle districten maatwerk worden geleverd. Iedere district analyse bestaat uit verschillende elementen. Allereerst een inleiding in het gebied met daarna een tekstueel overzicht van de momenteel aanwezige economische, ruimtelijke en netwerk assets. Dit geeft een overzicht van hoe de verschillende districten er op dit moment voor staan. Daarnaast is er een visuele weergave van het ecosysteem.
Daarin is de kritieke massa van kennis- onderzoeksinstellingen, bedrijven, innovatie facilitators en voorzieningen aangegeven. Hierin zijn ook het aantal werknemers en studenten per organisatie weergegeven.28, 29
Vervolgens is er een overzichtskaart van het district. Daarvoor zijn de gebieden ruimtelijke afgebakend. Die afbakening vormt de kern van het innovatiedistrict, maar ook de omliggende gebieden kunnen onderdeel zijn of worden van het innovatiedistrict. Omliggende gebieden zijn ook plekken waar functies kunnen landen die het ecosysteem versterken. In de overzichtskaart staan de ruimtelijke assets zoals functiemix, openbare ruimte, bereikbaarheid en ontmoetingsplekken. Ook worden de anchor instellingen hier aangegeven. Ook worden op deze kaart de Floor Space Index, Ground Space Index en Mixed Use Index weergegeven.
Uitleg begrippen30 Floor Space Index (FSI): is de verhouding tussen de totale bruto vloeroppervlakte en het totale terreinoppervlakte van dat gebied. Als een terrein volledig is bebouwd is de FSI één, als een terrein voor de helft is bebouwd maar met twee bouwlagen is de FSI ook één. Hoe hoger de FSI hoe hoger de dichtheid in een gebied. Ground Space Index (GSI): de verhouding tussen de hoeveelheid bebouwde grond en de totale terreinoppervlakte van het gebied. Hieruit kan dus worden afgeleid wat de verhouding is tussen het bebouwde en onbebouwde deel. Bij een GSI van één is het hele gebied bebouwd. Mixed Use Index (MXI): de verhouding tussen het vloeroppervlakte die wordt gebruikt voor wonen en het totale vloeroppervlakte. Bij een MXI van één bestaat het gebied alleen uit woningen.
Hierna volgt een tekstuele uitleg van de impact die het district maakt met concrete voorbeelden van hoe het district op verschillende niveaus impact heeft op de maatschappij. Tot slot staat de strategie beschreven om de doorontwikkeling tot innovatiedistrict te stimuleren. De zeven ontwikkelprincipes uit het GIID raamwerk komen terug in de district analyse. Specialisatie: een gezamenlijke specialisatie die bijdraagt aan het onderscheidende vermogen van het gebied. Kritieke massa: mate van talent, bedrijven en instellingen met een de gezamenlijke focus om succesvol te zijn. Omgevingskwaliteit: aantrekkelijkheid van het gebied en mate waarin het interactie stimuleert. Sociale netwerken: mate van interactie tussen bedrijven, instellingen en talent dat innovatie drijft. Inclusie: mate waarin de kennis, werk en voorzieningen in het gebied toegankelijk zijn voor iedereen. Financiën: mate van publieke en private investeringen in de drie assets. Governance: mate van interactie tussen bedrijven en de organisatiegraad in het gebied 27
https://www.uva.nl/en/about-the-uva/organisation/faculties/faculty-of-science/ contact-and-location/location-and-contact.html
Amsterdam Science Park Specialisatie
Banen
Bèta wetenschappen met focus op A.I., Nano, Quantum en Duurzaamheid
5.500
Studenten
Bedrijven/Instellingen
7.900
175
MIST programma: een groot academisch onderzoek naar het begrijpen en tegengaan van virustransmissie door de lucht waar onderzoekers van in dit district bij betrokken zijn.
Quantum Application Lab: partnerschap van CWI, UvA, SURF en eScience center dat is en platform om de voordelen van quantum computing op de markt te brengen.
Frame Cancer Therapeutics: bedrijf dat de behandeling van kanker wil transformeren door het immuunsysteem te richten op neo-antigenen van Frame. Gespecialiseerd in gepersonaliseerde immunotherapieën tegen kanker.
Het Innovation Center for Artificial Intelligence (ICAI) brengt kennisinstellingen, bedrijven en andere partners samen om talent te ontwikkelen en te innoveren op het gebied van A.I.
Op Amsterdam Science Park (ASP) worden de grenzen van de kennis verlegd met onderzoek naar het absoluut grootste, kleinste en meest complexe van het universum, als ook de life sciences. Amsterdam Science Park heeft een van de grootste concentraties van wetenschappelijk onderwijs en onderzoeksfaciliteiten in Europa. Er zitten onderwijs- en researchfaciliteiten van de Universiteit van Amsterdam (UvA), het Amsterdam University College (AUC), instituten van Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en zo’n 175 bedrijven. Het gebied trekt top talent aan en is een motor van innovatie.
Economische assets
Het Amsterdam Science Park heeft een internationale toppositie in de bètawetenschappen. Daarbinnen heeft het district een specialisatie in artificiële intelligentie, nano-science, quantum en duurzaamheid. De faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica van de UvA is de basis voor de focus op de bètawetenschappen. Daarnaast zijn er kennis- en onderzoeksinstituten van wereldklasse, zoals AMOLF, ARCNL, Nikhef, CWI en ICAI, die specialisten vanuit verschillende kennisinstellingen en bedrijven samenbrengen. Rond deze specialisatie heeft zich een ecosysteem gevormd van kennis, talentontwikkeling, ondernemerschap en een infrastructuur van faciliteiten. Er zijn hier labs van internationale topbedrijven zoals ASML. Google en Microsoft zijn momenteel ook labs
29
op het ASP aan het openen. De synergie tussen partijen vormt de basis voor verdere ontwikkeling van het gebied.
Netwerk assets
In 2015 is de Science & Business organisatie gestart. Dit is een initiatief van de drie stakeholders UvA, NWO en gemeente Amsterdam. De doelen van het initiatief zijn de profilering van het district, het aantrekken van bedrijven en het versterken van het netwerk tussen partijen op het Amsterdam Science Park en daarbuiten. Inmiddels is de Science & Business organisatie de spil in het netwerk en een informatiepunt voor externe partijen. Nieuwe bedrijven en instellingen moeten aansluiten bij de specialisatie van de onderzoeksinstituten in het district en gericht zijn op onderzoek. Startups en scale-ups kunnen terecht in de Matrix Innovation Centers. Er staan nu zeven Matrix gebouwen gericht op diverse onderwerpen die netwerken onderling stimuleren, met alle benodigde faciliteiten voor ondernemers. De huisvesting van startups gericht op AI vindt ook plaats in het Startup Village.