Raadsbesluit 2023-170A Bekendmakingsbesluit Derde wijzigingsverordening Reclamebelasting 2020
Tekst van het document
x x x
Gemeente Amsterdam Opmerkingen voor publicatie: Te publiceren in: Uiterlijk bekendmaken op: Niet eerder bekendmaken dan op: Consolideren op overheid.nl Gevolgen voor de werking van een andere regeling: Externe informatieve bijlage voor de leesbaarheid: Andere bijzonderheden:
Gemeenteblad Zo snel mogelijk N.v.t. Ja Wijzigt de Verordening Reclamebelasting Amsterdam 2020, laatstelijk gewijzigd op 21 november 2022 (Gemeenteblad 2022, nr. 515406) n.v.t. n.v.t.
Verordening van de raad van de gemeente Amsterdam tot wijziging van de Verordening Reclamebelasting Amsterdam 2020 (Derde wijzigingsverordening Verordening Reclamebelasting Amsterdam zozo) De raad van de gemeente Amsterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 3 oktober 2023, gelet op artikel 216 en 227 van de Gemeentewet, besluit: Artikel I De Verordening reclamebelasting Amsterdam 2020 als volgt te wijzigen: A Artikel 8 Vrijstellingen, lid m komt te luiden: m. openbare aankondigingen op of aan onroerende zaken die gebruikt worden als woning en voor zover de aankondiging een ideeel, of niet commercieel karakter heeft. B Artikel 14 lnwerkingtreding en citeertitel, tweede lid, komt te luiden: 2. De datum van ingang van de heffing is ljanuari 2024.
C Bijlage 1 bij de Verordening reclamebelasting Amsterdam 2020: Tarieventabel komt te luiden: Gebied A
Tarief in € per jaar 2023
2024
Kleiner dan 0,25 m2
€o
€o
Van 0,25 m2 tat 2 m2
€ 153
C 153
Van 2 m2 tot 5 m2
€ 281
C 281
Van 5 m2 tot 1.0 m2
€ 281
C 422
Van lo m2 tot 5o m2
€ 510
C 612
Van 5o m2 tot aoo m2
C 1.275
C 1.530
Van loo m2 tot 25o m2
C 3.825
Van 25o m2 tot 400 m2
C 15.300
c 4.590 18.360
Van 400 m2 tot l000 m2
€ 61.200
c 73.440
Van woo m2 tot 5000 m2
€ 81.600
C 97.920
Van 5000 m2 en groter
€ 102.000
Per parasol, banier, vlag
€ 102
C 122
Reclamemast per vak
€ 5.100
€ 6.120
Gebied B
€ 122.400
Tarief in € per jaar 2023
2024
Kleiner dan 0,25 m2
€0
€o
Van 0,25 m2 tot 2 m2
€ 115
C 115
Van 2 m2 tot 5 m2
€ 210
C 210
Van 5 m2 tot 10 m2
€ 210
315
Van lo m2 tot 5o m2
C 383
C 460
Van 5o m2 tot wo m2
€ 957
C 1.148
Van loo m2 tot 25o m2
€ 2.550
€ 3.060
Van 2501112 tot 400 m2
€ 10.200
C 12.240
Van 400 m2 tot woo m2
€ 40.800
48.960
Van woo m2 tot s000 m2
€ 61.200
c 73.440
Van 5000 m2 en groter
81.600
C 97.920
Per parasol, banier, vlag Reclamemast per vak Gebied C
€ 77
€ 92
€ 5.100
C 6.120
Tarief in € per jaar 2023
2024
Kleiner dan 0,25 m2
€0
€o
Van 0,25 m2 tot 2 m2
86
86
Van 2 m2 tot 5 m2
€158
158
Van 5 m2 tot io m2
€ 158
C 237
Van 10 m2 tot 5o m2
€ 287
Van so m2 tot 100 m2
€ 717
c 431 € 86o
Van wo m2 tot 25o m2
€ 1.913
€ 2.296
Van 25o m2 tot 400 m2
€ 7.65o
C 9.180
Van 400 m2 tot woo m2
€ 10.200
C 12.240
Van woo m2 tot 5000 m2
€ 40.80o
Van 5000 m2 en groter
€ 61.200
€ 57
c 48.96o c 73.440 68
€ 5.100
€ 6.120
Per parasol, banier, vlag Reclamemast per vak Artikel II
Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. Artikel III Deze verordening wordt aangehaald als: Derde wijzigingsverordening Verordening reclamebelasting 2020.
rgadering van 8 en 9 november 2023.
De voorzitter Femke Halsema
raadsgriffier Houtman 2
Toelichting Art 8 vrijstellingen, lid m Op grond van artikel 219 tweede lid gemeentewet heeft de gemeente een ruime bevoegdheid tot het bepalen van de heffingsmaatstaf van een gemeentelijke belasting. Een belasting mag niet afhankelijk worden gesteld van inkomen winst of het vermogen. Wel kan de gemeente door haar gewenste vrijstellingen invoeren zolang deze maar niet in strijd komen met het gelijkheidsbeginsel. De gemeente Amsterdam kiest er voor om ideele of uitingen van niet-commerciele aard aan particuliere woningen, zoals kindertekeningen, protestposters en aankondigingen van een schoolmusical vrij te stellen van de heffing van reclamebelasting. Voor openbare aankondigingen aan niet-woningen (zakelijke objecten) geldt deze vrijstelling niet. De vraag of een uiting van ideele of connmerciele aard is doet voor niet-woningen niet ter zake: het gaat om de vraag of met een uiting de aandacht van het publiek wordt getrokken voor een product, dienst of boodschap. Dat kan zonder meer ook met nietcommerciele of ideele uitingen (waaronder protestposters) aan de orde zijn, bijvoorbeeld bij stichtingen en andere non-profit instellingen. Bij de invoering van de reclamebelasting is er nadrukkelijk voor gekozen om zo weinig mogelijk uitzonderingen op te nemen om robuuste, doelmatige heffing van de reclamebelasting te kunnen borgen.
Individuele beoordeling van de uitingen van ondernemers zou doelmatige uitvoering van de reclamebelasting onmogelijk maken. Omdat woningen en niet-woningen rechtens geen gelijke gevallen zijn, levert het onderscheid dat wordt aangebracht geen strijdigheid met het gelijkheidsbeginsel op.
3