Raadsbesluit 2022-245A BP Amstelstation–Amsteloever - NvB
Tekst van het document
26
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Reactie gemeente Binnen de bestemming Groen wil de gemeente geen nieuwe trappen en andere constructies toestaan die direct zijn verbonden met een naast- of ondergelegen gebouwconstructie, om daarmee de kwaliteit van de openbare ruimte te borgen. Om de hoogteverschillen te overbruggen, want daar zijn deze trappen en hellingbanen eventueel voor nodig, wil de gemeente dit opgelost zien in het ontwerp van de openbare ruimte. De hoogteverschillen zijn met aangepaste maaiveldhoogtes goed te overbruggen, daarmee worden paden met een wisselend hoogteniveau niet uitgesloten. Voor wat betreft de ontsluiting van de fietsparkeergarage dient onderscheid te worden gemaakt in bestaande voorzieningen en nieuwe voorzieningen. Binnen de bestemming Groen is opgenomen dat bestaande toegangen naar ondergrondse parkeergarages, de bestaande ontsluiting voor de bezoekers en de hellingbaan/ontsluiting van de garage zijn toegestaan. Nieuwe ontsluitingen zijn niet toegestaan. Conclusie: De zienswijze ten aanzien van artikel 9.1 leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Gebouwde voorzieningen Artikel 9.2 In dit artikel is bepaald: ‘Op en onder de in 9.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming.’ Dit artikel verhoudt zich niet tot een aantal voorzieningen die in de bestemming Groen worden gerealiseerd, maar die juist ten dienste staan van de bestemming Gemengd 2, zoals de trappen en hellingbanen en de ontsluiting van de fietsparkeergarage. Ons voorstel is om artikel 9.2.1 als volgt aan te passen: ‘Op en onder de in 9.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming, met uitzondering van trappen, hellingbanen, ontsluitingen en toegangen van (fiets)parkeergarages.’ Ten overvloede, de bestemming waarnaar in dit artikel wordt verwezen betreft de bestemming Groen, niet de bestemming Gemengd-2. Daar zit het probleem. Reactie gemeente Zie ook de reactie van de gemeente onder 4.3.4. Binnen de bestemming Groen zijn bouwwerken toegestaan ‘ten dienste van de bestemming’. Binnen de bestemming zijn fietsen/of voetpaden en ondergrondse (fiets-)parkeervoorzieningen toegestaan. Bestaande ontsluitingen zijn toegestaan, nieuwe ontsluitingen niet. Een nieuwe ontsluiting ten dienste van de bestemming gemengd-2 in de bestemming groen, is niet toegestaan in het bestemmingsplan. Conclusie De zienswijze ten aanzien van artikel 9.2 leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
27
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Artikel 16.1 Artikel 16.1 De huidige redactie van Sub j maakt de realisatie van een drop off onmogelijk. Graag dit artikellid als volgt wijzigen: ‘Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van verkeer -3’: uitsluitend een verdiepte, onoverdekte parkeervoorziening en/of een drop off.’ Ten overvloede, het gaat hier niet om een onoverdekte drop off, maar het betreft een deel van het gebouw want het gaat om het maken van een entree met binnenruimte op het niveau -1. Deze entree komt verder het gebouw uit dan de bestemming Gemengd-2 en reikt tot op/onder de bestemming Verkeer-2 met de aanduiding Verkeer-3. Verder: trappen en hellingbanen zijn binnen de bestemming Verkeer-2 noodzakelijk voor NS voor de overbrugging van maaiveld en -1 en niet mogelijk binnen de planregels. We gaan ervanuit dat deze wel noodzakelijk zijn voor de sociale veiligheid en bereikbaarheid. Reactie gemeente De genoemde drop off betreft een overdekte toegang, al dan niet als onderdeel van een toekomstige parkeergarage. Om deze overdekking nu mogelijk te maken, al dan niet vooruitlopend op een geheel of gedeeltelijke overdekking van de nu nog open parkeerbak dient het bestemmingsplan te worden aangepast. De aanpassing wordt als volgt opgenomen: 1.
Overdekking binnen de bestemming verkeer -2 wordt mogelijk door het in regel 16.3 en 16.5 toestaan van entreeportalen en technische ruimtes, mits zij onder de (gedeeltelijke) afdekking van de parkeergarage vallen. Door de aanpassing van de regels is het mogelijk gemaakt dat de parkeerbak gedeeltelijk gefaseerd overdekt wordt. 2. Binnen de bestemming Verkeer-2 staan punt i “ondergrondse parkeervoorzieningen” en punt j “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 3': uitsluitend een verdiepte, onoverdekte parkeervoorziening” als “daarbij behorende als:”. Het betreft hier echter een hoofdfunctie binnen de bestemming Verkeer -2, waardoor aanpassing nodig is. 3. In artikel 16.1 onder e is opgenomen “ondergrondse parkeervoorzieningen”, en onder f “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 3': uitsluitend een verdiepte, onoverdekte parkeervoorziening”.
Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp Leeuwenburg leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: - Overdekking binnen de bestemming verkeer -2 wordt mogelijk door het in regel 16.3 en 16.5 toestaan van entreeportalen en technische ruimtes, mits zij onder de (gedeeltelijke) afdekking van de parkeergarage vallen. Door de aanpassing van de regels is het mogelijk gemaakt dat de parkeerbak gedeeltelijk gefaseerd overdekt wordt. - Binnen de bestemming Verkeer-2 staan punt i “ondergrondse parkeervoorzieningen” en punt j “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van 28
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
-
verkeer - 3': uitsluitend een verdiepte, onoverdekte parkeervoorziening” als “daarbij behorende als:”. Het betreft hier echter een hoofdfunctie binnen de bestemming Verkeer -2, waardoor aanpassing nodig is. Artikel i en j van artikel 16.1 wordt gewijzigd in artikel 16.1.e en 16.1.f
Artikel 16.2.1 Artikel 16.2.1 In dit artikel is bepaald: ‘Op en onder de in 16.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming.’ Dit artikel verhoudt zich niet tot de drop off die in de bestemming Verkeer zal worden gerealiseerd ten dienste van Gemengd-2. Ons voorstel is om artikel 9.2.1 als volgt aan te passen: ‘Op en onder de in 16.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming, met uitzondering van de drop off’. Reactie gemeente Op basis van deze zienswijze wordt de bestemming aangepast om de overdekking binnen Verkeer – 2 mogelijk te maken, zie hiervoor bovenstaande reactie bij paragraaf 4.3.6. Conclusie Zie de conclusie en reactie van de gemeente bij paragraaf 4.3.6. Bebouwingspercentages Artikel 25.5.1 onder d: Dit artikellid is innerlijk tegenstrijdig met artikel 7.4 lid 1 onder e. Graag als volgt wijzigen: ‘Bij het berekenen van de bebouwingspercentages, of van het in deze regels maximaal te bebouwen oppervlak, wordt de oppervlakte van ondergrondse gebouwen mede in aanmerking genomen voor zover deze buiten de buitenwerkse gevelvlakken van een bovengronds gebouw gelegen zijn, met inachtneming van het bepaalde in artikel 7.4.1 sub e.’ Reactie gemeente Artikel 25.5 is reeds van toepassing op basis van het paraplubestemmingsplan ‘ondergronds bouwen’.
In het genoemde artikel gaat het specifiek over bebouwingspercentages of maximaal te bebouwen oppervlak. Deze zijn niet opgenomen in artikel 7 aangezien in artikel 7.4 lid 1 onder e ingegaan wordt op BVO’s waardoor er geen sprake is van strijdigheid. Tegelijkertijd kan de huidige redactie leiden tot onduidelijkheid, hetgeen onnodig is. Artikel 25.5. wordt in stand gelaten waarbij met een beperkte tekstuele toevoeging in artikel 25.5.1 helder wordt dat dit geen betrekking heeft op BVO. Conclusie Hoewel er geen sprake is van strijdigheid kan de huidige redactie wel leiden tot onduidelijkheid. De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp ondergronds bouwen in relatie tot BVO leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk:
29
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
In artikel 25.5.1 lid d zinssnede toevoegen: niet zijnde het (bruto) vloeroppervlak, Plankaart Gebleken is dat de plankaart op ruimtelijkeplannen.nl niet overeenkomt met de analoge versie van 16 december 2021 waarvan wij hebben begrepen dat deze door het college is vastgesteld. Vriendelijk verzoeken wij u deze plankaart te actualiseren. Reactie gemeente Na afstemming tussen indiener en gemeente blijkt dat de verbeelding juist is en daarom geen aanpassingen behoeft. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van de verbeelding leidt niet tot aanpassing.
Conclusie Leeuwenburg De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp Leeuwenburg leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: - 1.33 wijzigen door de definitie te beperken tot: “een buitenruimte op een plat dak met bijbehorende afrastering en vloerconstructies” - In de gebruiksregels toe te voegen dat gebruik van het dakterras voor wonen en kantoor is toegestaan. In artikel 6.4.2 is opgenomen “Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruik van dakterrassen bij functies anders dan wonen of kantoren”. Artikel 6.4.2. behandelt de bestemming gemengd-1, dit is ook bij de artikelen van de andere ontwikkellocaties opgenomen (respectievelijk artikel 7.4.2, 8.4.2 en 20.4.2). - De legenda van bijlage 3 wordt aangepast naar ‘hoofdentree programma kantoor’ en daarmee ook artikel 7.4.1 onder f: de hoofdentrees(s) ten behoeve van de functie kantoor. - Overdekking binnen de bestemming verkeer -2 wordt mogelijk door het in regel 16.3 en 16.5 toestaan van entreeportalen en technische ruimtes, mits zij onder de (gedeeltelijke) afdekking van de parkeergarage vallen. Door de aanpassing van de regels is het mogelijk gemaakt dat de parkeerbak gedeeltelijk gefaseerd overdekt wordt.
- Binnen de bestemming Verkeer-2 staan punt i “ondergrondse parkeervoorzieningen” en punt j “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - 3': uitsluitend een verdiepte, onoverdekte parkeervoorziening” als “daarbij behorende als:”. Het betreft hier echter een hoofdfunctie binnen de bestemming Verkeer -2, waardoor aanpassing nodig is. - Artikel i en j van artikel 16.1 wordt gewijzigd in artikel 16.1.e en 16.1.f. - In artikel 25.5.1 lid d zinssnede toevoegen: “, niet zijnde het (bruto) vloeroppervlak,”.
30
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Tooropgebouw Samenvatting zienswijzen nr 6 Voor een deel van de plannen heeft indiener alle begrip: er zal gebouwd moeten worden, en veel ook. Hoogbouw is onvermijdelijk, zelfs in Amsterdam. Nu heeft men dat al eerder ingezien en op deze plek aan de Amstel, waar de (voormalige) rivier de stad binnenkomt en ook zijn naam gegeven heeft, een toch stedenbouwkundig harmonieus geheel weten te bouwen: vanaf het water oplopende plint, met een stuk daarvandaan de apotheose in de vorm van de bestaande torens. Met de nieuwe plannen gaat dit echter mis, met name op de plaats van de voormalige Delta Lloyd. Indiener van de zienswijze is van mening dat deze plannen een beschamende knieval zijn aan de brutaalste projectontwikkelaars: Twee enorme torens zo vlak aan het water verpesten het geheel in meerdere opzichten: a. de harmonie wordt zwaar geweld aan gedaan, alsof het hier Rotterdam is aan een honderden meters brede rivier. b. de wind speelt op deze plek nu al een enorme rol: tussen de nieuwe toren Haut en Delta Lloyd, ontstaat door venturi-werking bij een beetje harde wind nu al een onprettige en soms gevaarlijke situatie. Afzien van hoge torens i.p.v. het huidige DL gebouw zal in ieder geval een beter plan opleveren, waar de stad zich in de toekomst niet voor zal hoeven schamen.
Reactie gemeente In het Stedenbouwkundig Plan, dat op 26 april 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad, zijn de hoogtes, afmetingen en posities van de torens in Amsteloever vastgelegd. Bij het situeren van de torens is naar veel aspecten gekeken (zie hiervoor de Hoogbouweffectrapportage, bijlage 10). Het bestemmingsplan legt het Stedenbouwkundig plan juridisch-planologisch vast. Zoals in het Stedenbouwkundig Plan en de bijbehorende nota van beantwoording is verwoord, vormen de torens een evenwichtige compositie die zich als een samenhangend geheel manifesteert. De torens staan in een soort schaakbordpatroon zodat ze langs elkaar kijken. De Tooroplocatie krijgt twee nieuwe torens. De toren van 100 meter (101,5 NAP) langs de Spaklerweg past in de oplopende lijn tussen Amstelkwartier en het hoogbouwcluster rond het Amstelplein. De andere toren van 125 meter (126,5 NAP) staat weloverwogen uit het gelid aan de majestueuze bocht in de Amstel. De impact op bezonning, windklimaat en akoestiek is zo klein mogelijk gehouden. In het Windhinderrapport zoals opgenomen in bijlage 15 wordt geconcludeerd dat het windklimaat in het plangebied als gevolg van een toename van hoogbouw en de kap van begroeiing op een aantal plaatsen ongunstiger worden dan in de huidige situatie, maar voldoet aan de normering zodat er geen sprake is van overschrijding van het gevaarcriterium.
Het windklimaat voldoet, maar ondanks dat is gekeken naar een aanpassing van de bouwenvelop van het Tooropgebouw om het windklimaat te verbeteren. Zie voor de aanpassing de Nota Ambtelijke wijzigingen en de daarbij behorende bijlage 1.
31
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Zienswijze SIX advocaten namens Nationale Nederlanden Levensverzekering Maatschappij & CBRE Investment Management B.V. Inleiding De zienswijze van Six advocaten namens Nationale Nederlanden Levensverzekering Maatschappij en CBRE Investment Management B.V. (hierna door indiener Six Advocaten genaamd “belanghebbenden”) behandelt bijna alleen het Tooropgebouw. Daarom is de volledige zienswijze van Nationale Nederlanden ondergebracht in het hoofdstuk ‘Toorop’ en wordt de zienswijze hier integraal beantwoord. Maatregelen in geval van behoud van de Kantoorvilla Op de verbeelding bij het ontwerpbestemmingsplan is ter plaatse van de enkelbestemming "Gemengd-3" een strook opgenomen met de aanduiding "overige Zone-l", waarvoor in artikel 8.4.3 van de planregels een voorwaardelijke verplichting is opgenomen. Deze komt er kort samengevat op neer dat de (delen van) gebouwen ter plaatse van de aanduiding "overige zone 1" pas in gebruik genomen mogen worden als de Kantoorvilla (die ligt in "overige zone -2") feitelijk is gesloopt en gesloopt blijft en de gronden die zijn aangeduid met "overige zone2" binnen 2 jaar zijn ingericht conform de bestemmingsregels. De strook met de aanduiding "overige zone-l “ligt voor een groot deel binnen de kadastrale eigendomsgrens van NN. Volledigheidshalve is artikel 8.4.3 geciteerd.
Het is opmerkelijk dat deze voorwaardelijke verplichting is opgenomen omdat: a. Breevast niet de eigenaar is van de Kantoorvilla en dit ook niet zal worden. Het ligt daarom ook niet in de invloedssfeer van Breevast om de Kantoorvilla te slopen en het 'overige Zone-l" gebied te bebouwen. NN is niet voornemens de Kantoorvilla te verkopen en dit gebouw zal dus in de toekomst gehandhaafd blijven; b. Nu het niet binnen de invloedsfeer van Breevast ligt om de Kantoorvilla te slopen is het zeer onlogisch dat Breevast in het ontwerp bestemmingsplan het recht tot het variabele ontwikkelvolume van 6.000 m 2 reeds verkrijgt en Breevast dit volume ook mag realiseren, maar slechts gehouden is dit niet in gebruik te nemen zolang de Kantoorvilla niet gesloopt is. Dit zou bij de definitieve vaststelling naar het oordeel van Belanghebbenden gecorrigeerd dienen te worden; c. Daarnaast valt een groot gedeelte van het 'overige zone-l" gebied binnen de kadastrale eigendomsgrens van NN (eigenaar van de kantoorvilla). Op onderstaande 3 afbeeldingen is de kadastrale eigendomskaart afgezet tegen het huidige bestemmingsplan en het ontwerp bestemmingsplan, waarbij te zien is dat de rode markering binnen de eigendomsgrens van NN valt en waar vervolgens op de 3e afbeelding van het ontwerp bestemmingsplan staat weergegeven dat Breevast daar in het "overige zone-l" gebied kan bouwen.
Aldus zou ten onrechte een realisatierecht aan een derde worden gegeven op een kavel die niet tot het eigendom van deze derde behoort. Belanghebbenden verwachten dat de kadastrale grenzen worden gerespecteerd en dat het 'overige zone-l" gebied niet door Breevast bebouwd mag en kan worden. Het bestemmingsplan dient hierop aangepast te worden. Het lijkt logischer het variabele ontwikkelvolume van 6.000 m2 bvo toe te kennen aan overige zone-2". Reactie gemeente 32
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Het bestemmingsplan legt het huidige gebruik en de bouwmogelijkheden, zoals ook vastgelegd in het bestemmingsplan “De Omval” vast. Hiermee is de genoemde bankvilla positief bestemd. Het vertrekpunt is dat de kantoorvilla positief is bestemd en als zodanig behouden kan blijven. In het Stedenbouwkundig Plan, zoals vastgesteld door de Raad, is de ambitie neergelegd het bouwvolume van de kantoorvilla toe te voegen aan het Tooropgebouw. De bouwenvelop van het Tooropgebouw omvat respectievelijk 100.000 m2 bvo dan wel 106.000 m2 bvo. In geval van verwerving en sloop van de bankvilla zal het grootste deel van het vrijgekomen perceel worden vergroend, waarmee ruimtelijk gezien een bijdrage wordt geleverd aan een parkachtige omgeving met groen. Door indiener wordt aangegeven dat er geen voornemen is om de Kantoorvilla te verkopen en dat daarmee het gebouw in de toekomst gehandhaafd blijft. Om die reden is in het bestemmingsplan de Kantoorvilla positief bestemd. Het toevoegen van het bouwvolume aan de Tooropontwikkeling vindt in dat geval niet plaats en wordt binnen de aangehaalde zone 1 geen bouwmogelijkheden toegestaan. In die situatie is er geen aantasting van de bouw- en gebruiksmogelijkheden ten aanzien van de Kantoorvilla. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van de Kantoorvilla leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Ontbreken van intekenen, omschrijven en bestemmen van het ondergrondse datacenter Zoals reeds aangegeven in de introductie van deze zienswijze, maar ook tijdens een eerdere digitale meeting met de gemeente Amsterdam ter sprake is gekomen, is NN ook eigenaar van het ondergrondse datacenter op level -1 en -3, dat gelegen is naast de parkeergarage, ongeveer ter hoogte van de rode markering op de hierna opgenomen afbeelding. Het ondergrondse datacenter maakt deel uit van het appartementsrecht kadastraal bekend gemeente Amsterdam, sectie AG, complexaanduiding 1527-A, indexnummer 203.
33
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Figuur 4: afbeelding uit zienswijze Nationale Nederlanden
In het ontwerp bestemmingsplan is ter hoogte van het ondergrondse datacenter (zie rode markering op bovenstaande afbeelding) alleen bovengronds de enkelbestemming 'Tuin' toegekend, met ook een functieaanduiding 'parkeergarage'. Belanghebbenden wensen dat ook het ondergrondse datacenter ingetekend en bestemd wordt in het bestemmingsplan. Dit betekent dat hiervan ook een omschrijving in de regels en de toelichting opgenomen dient te worden. Reactie gemeente In het bestemmingsplan worden bestaande ondergrondse gebouwen positief bestemd. Daarbij dient ook het huidige gebruik positief te zijn bestemd. Ten aanzien van het door indiener aangegeven gebruik als “datacentrum” dient dit aangevuld te worden binnen de regels van het bestemmingsplan en vraagt dit om een aanpassing. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het gebruik als datacentrum leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: - Bij artikel 14.1 onder d is toegevoegd “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - datacenter-archiefruimte': een ondergronds(e) datacenter en/of archiefruimte;”
34
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Privaatrechtelijke belemmeringen 1. Datacenter In het overleg met de gemeente dat heeft plaatsgevonden nadat de zienswijze was ingediend, hebben Belanghebbenden ook verzocht om in het bestemmingsplan rekening te houden met de erfdienstbaarheid met betrekking tot het ondergrondse datacenter (niveau -1 en -3) en de ondergrondse ruimten in ieder geval op de verbeelding op te nemen, dan wel daar in de toelichting bij het bestemmingsplan naar te verwijzen. Dat is echter niet gebeurd. 2. Ombouwen archief tot parkeergarage en/of opslagruimte Die erfdienstbaarheid geeft Belanghebbenden als eigenaar van het appartementsrecht recht op de bevoegdheid tot het gebruik van de ondergrondse ruimten en tevens de bevoegdheid om dat archief te verbouwen tot parkeergarage en/of opslagruimte zie bijlage 2). 3. Kettingbeding glazen gang & gasleiding Tot slot is er nog een kettingbeding van toepassing dat betrekking heeft op het bouwen en gebruiken van een glazen gang naar de computer- en archiefruimte en een mogelijke erfdienstbaarheid tot het hebben van een gasleiding voor een verbinding met de gemeentelijke aardgasleiding waarbij de Kantoorvilla en het Mondriaancomplex het heersend erf zijn. 4. Privaatrechtelijke belemmeringen Bovendien zijn er erfdienstbaarheden gevestigd op het archief en het Mondriaancomplex.
Op grond van de ene erfdienstbaarheid zijn Belanghebbenden als eigenaar van het heersend erf gerechtigd om de gronden van het dienend erf te gebruiken om te komen van het heersend erf en te gaan naar de openbare weg (Spaklerweg) en vice versa. De andere erfdienstbaarheid verschaft Belanghebbenden als eigenaar van het heersend erf het recht om een vluchtweg te hebben op het dienend erf. Weliswaar zijn dit privaatrechtelijke zaken maar deze zullen voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan wel relevant zijn. Indien er immers sprake is van een privaatrechtelijke belemmering, kan dat in de weg staan aan de uitvoering van de planologische mogelijkheden en aldus de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan raken. Reactie gemeente 1. Het bestemmingsplan gaat uit van de gebruiks- en bouwmogelijkheden zoals deze reeds zijn vastgelegd in het bestemmingsplan “De Omval”. Zoals reeds is aangegeven worden in het huidige bestemmingsplan de bestaande ondergrondse gebouwen positief bestemd. Ten aanzien van het door indiener aangehaalde “datacentrum” concluderen we dat het huidige gebruik niet voldoende in het bestemmingsplan naar voren komt en daarom expliciet opgenomen dient te worden om toekomstige onduidelijkheid op dit punt te voorkomen. Dit vraagt een aanpassing van het bestemmingsplan, zie ook de reactie gemeente onder 5.2.2.
35
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
2. Het ombouwen van een archiefruimte tot parkeren is toegestaan ondergronds, conform verbeelding moet dit via bestaande ontsluiting van parkeergarage aan de Spaklerweg. De functie parkeren past binnen het aanduidingsvlak ‘parkeergarage’ zoals opgenomen in de verbeelding. Daarvoor dient onder 14.1. onder c. te worden toegevoegd dat binnen de bestemming Tuin ondergrondse parkeervoorzieningen zijn toegestaan en in de toelichting is een wijziging opgenomen om dit te beschrijven, onder 5.2.2.2 bestaande situatie onder het kopje Tuin: “Een bestaand ondergronds datacenter, behorende bij de bankvilla en vooralsnog als zodanig bestemd, kan bij ontwikkeling van de locatie worden omgevormd tot ondergrondse parkeergarage”” 3. Een ondergrondse toegang tussen kantoorvilla en archiefruimte is toegestaan. Voor zover bedoeld wordt dat dit een bovengrondse gang zou zijn, zijnde een afgesloten ruimte, zijnde een gebouw staan we dit niet toe. Om de kwaliteit van de openbare ruimte te waarborgen zijn bouwwerken niet toegestaan in de bestemming ‘tuin’ en ‘groen’, zoals te lezen in regel 9.2.1 “met uitzondering van ondergrondse gebouwen en met uitzondering van bestaande toegangen naar ondergrondse parkeergarages, zijn gebouwen niet toegestaan.”. 4. De aangehaalde privaatrechtelijke afspraken gelden tussen private partijen waarbij het bestemmingsplan daarin niet sturend optreedt.
Het vasthouden aan deze afspraken dan wel het aanpassen van afspraken betreft een overleg tussen private partijen. Het bestemmingsplan legt enerzijds de huidige situatie vast conform het bestemmingsplan “De Omval” en staat anderzijds voor een aantal locaties een ontwikkeling toe. Deze ontwikkelingen dienen nog nader te worden uitgewerkt door de private partijen waarbij nader overleg over de genoemde privaatrechtelijke afspraken al dan niet noodzakelijk zijn. Dit staat de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg. Conclusie De zienswijze ten aanzien van het onderwerp ‘privaatrechtelijke belemmeringen’ leidt tot de volgende aanpassing van het bestemmingsplan: -
-
Onder 14.1. onder c. wordt toegevoegd dat binnen de bestemming Tuin ondergrondse parkeervoorzieningen zijn toegestaan (in plaats van onder met de daarbij behorende). Zie toelichting 5.2.2.2 bestaande situatie onder het kopje Tuin: “Een bestaand ondergronds datacentre, behorende bij de bankvilla en vooralsnog als zodanig bestemd, kan bij ontwikkeling van de locatie worden omgevormd tot ondergrondse parkeergarage”. Ten onrechte ontbreken ontwikkelingsmogelijkheden voor de kantoorvilla
In het stedenbouwkundig plan was de Kantoorvilla op de verbeelding van de nieuwe situatie verdwenen. In de eerdere inspraakreactie d.d. 6 oktober 2021 hebben Belanghebbenden
36
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
daartegen geprotesteerd en in het voorliggende ontwerpbestemmingsplan is de Kantoorvilla positief bestemd met enkelbestemming 'Kantoor' (zie kaartuitsnede hierna). Er zijn echter geen uitbreidings-/(her-)ontwikkelingsmogelijkheden toegekend aan de locaties van NN, en ook geen mogelijkheden tot verruiming van de bestemming, ook niet in de toekomst, behalve eventueel als onderdeel van de herontwikkeling van het Toorop-gebouw (voormalige Delta Lloyd gebouw) (zie ook de toelichting 2.2.4.5). In de inspraakreactie d.d. 6 oktober 2021 hebben Belanghebbenden al geprotesteerd tegen het ontbreken van de locaties van NN in de ontwikkelingsmogelijkheden. De mogelijkheden om de Kantoorvilla te herontwikkelen wordt op die manier immers afhankelijk gemaakt van de verkoop van de Kantoorvilla aan Breevast. In de formulering van de toelichting wordt er bij het toekennen van het aantal m 2 bvo voor de nieuwe ontwikkeling min of meer van uit gegaan dat de Kantoorvilla wordt verworven door Breevast. Mocht deze verkoop niet plaatsvinden dan wordt er 6.000 m 2 bvo van het ontwikkelvolume in mindering gebracht. Breevast heeft veelvuldig contact gehad met de gemeente en die heeft mogelijk laten doorschemeren dat Breevast de Kantoorvilla zou willen verwerven. NN heeft echter geen enkele afspraak of verplichting om de Kantoorvilla te verkopen aan Breevast.
NN is vrij om de Kantoorvilla aan elke partij te verkopen. Het variabele ontwikkelvolume van 6.000 m 2 bvo binnen 'overige zone-l" valt, zoals onder punt 1 van deze zienswijze is toegelicht, grotendeels binnen de eigendomsgrens van NN en daarom lijkt het Belanghebbenden logischer om dit ontwikkelvolume aan “overige zone-2" toe te wijzen. Overigens neemt de gemeente bij de presentatie van de beoogde Amsteloever (blz. 49 van de nota beantwoording zienswijzen) een voorschot op het verdwijnen van de Kantoorvilla. Uit de daar weergegeven afbeelding en de begeleidende tekst blijkt dat het op termijn schrappen van de Kantoorvilla een van de ingrepen vormt ten behoeve van de vergroening van de Amstelboulevard. Als de Kantoorvilla niet wordt verworven, maakt deze ook geen onderdeel meer uit van de zoekruimte. Op deze manier wordt het onmogelijk gemaakt voor Belanghebbenden om zelf haar locatie te herontwikkelen en hebben daar dan ook bezwaar op. Belanghebbenden kunnen niet gedwongen worden om de Kantoorvilla te verkopen en in dat geval blijft de Kantoorvilla dus staan. In dit geval zou het redelijk zijn om Belanghebbenden enige vorm van ontwikkelruimte toe te kennen.
Dat geldt te meer omdat, als de Kantoorvilla blijft staan, de door de gemeente gewenste verdere vergroening van de oevers van de Amstel en de ambitie om het groen verder naar de bebouwing te trekken, op deze locatie toch niet tot stand kan komen. Belanghebbenden zien niet in waarom hen in dat geval niet enige ruimte kan worden geboden voor herontwikkeling. Conclusie A. Belanghebbenden wensen dat de kadastrale eigendomsgrenzen worden gerespecteerd en dat Breevast hierdoor niet kan ontwikkelen in het “overige zone-l" gebied. De Kantoorvilla wordt niet verkocht. Ook lijkt het Belanghebbenden daarmee logischer dit variabele volume van 6.000 m2 bvo toegekend te krijgen voor eigen ontwikkeling; B. Binnen het ontwerpbestemmingsplan is ten noorden van de nieuwe ontwikkeling van Breevast een enkelbestemming ”Tuin" opgenomen met nog de functieaanduiding parkeergarage. Belanghebbenden verzoeken om het ondergrondse datacenter hierin
37
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
specifiek op te nemen met een bestemming en ook een tekstuele toelichting en de regels hierbij; C. Er zijn bepaalde erfdienstbaarheden (privaatrechtelijk) waar rekening mee gehouden dient te worden. Zo heeft NN de bevoegdheid binnen de erfdienstbaarheden om het ondergrondse datacenter te transformeren tot opslag- en/of parkeerruimte; D. Belanghebbenden zijn van mening dat hen in het ontwerpbestemmingsplan ten onrechte geen enkele mogelijkheid wordt geboden de Kantoorvilla te herontwikkelen, ook niet in de toekomst. Ook wordt er ten oprechte aangenomen dat er een verkoop van de kantoorvilla aan Breevast gaat plaatsvinden. Belanghebbenden verzoeken u hen enige mogelijkheid te bieden de Kantoorvilla in de toekomst te herontwikkelen en volume toe te voegen, waarin ook een ruimere bestemming mogelijk is. Reactie gemeente A. Indien er geen sprake is van verkoop van de Bankvilla wordt er geen bouwontwikkeling toegestaan in “overige zone-I” en worden daarmee de kadastrale eigendomsgrenzen gerespecteerd. Overigens is dit tussen private partijen; hierop ziet het bestemmingsplan niet toe. Indien de Bankvilla niet wordt verkocht worden de genoemde 6.000 m2 bvo niet toegevoegd aan de Tooropontwikkeling, hetgeen als ruimtelijke voorwaarde is gesteld. B. Zie paragraaf 5.2.2 en 5.2.3. C.
De aangehaalde privaatrechtelijke afspraken gelden tussen private partijen en staan de ontwikkelingen niet in de weg. Zie paragraaf 5.2.3. D. De Kantoorvilla is geen ontwikkellocatie. Het bestemmingsplan bestemt de Bankvilla positief, conform het huidige bestemmingsplan De Omval, de bestaande gebruiks- en bouwmogelijkheden worden daarmee gerespecteerd. Herontwikkeling van de Bankvilla binnen de bestaande gebruiks- en bouwmogelijkheden wordt daarmee niet in de weg gestaan. Conclusie: De zienswijze ten aanzien van het onderwerp ‘ontwikkelmogelijkheden kantoorvilla’ leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Conclusie 5.2 zienswijze SIX-advocaten De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: - Bij artikel 14.1 onder d is toegevoegd “ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van kantoor - datacenter-archiefruimte': een ondergronds(e) datacenter en/of archiefruimte;” - Onder 14.1. onder c. wordt toegevoegd dat binnen de bestemming Tuin ondergrondse parkeervoorzieningen zijn toegestaan (in plaats van onder met de daarbij behorende). - Zie toelichting 5.2.2.2 bestaande situatie onder het kopje Tuin: “Een bestaand ondergronds datacentre, behorende bij de bankvilla en vooralsnog als zodanig bestemd, kan bij ontwikkeling van de locatie worden omgevormd tot ondergrondse parkeergarage”
38
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Kantoren Samenvatting zienswijzen nr. 15 Indiener vraagt waarom er zoveel kantoren mogelijk gemaakt worden aangezien er al zoveel kantorenleegstand is. Liever meer wooneenheden voor jongeren en ouderen. Daarbij komen grotere huurwoningen en koopwoningen vrij die door de jonge gezinnen en startende kunnen worden gehuurd gekocht.
Zienswijze nummer 7 De corona pandemie heeft laten zien dat thuiswerken goed mogelijk is. Het virus zal niet verdwijnen en worden kantoren geschikt gemaakt voor het hybride werken. Grote organisatie/bedrijven zijn bezig met het afstoten van kantoorpanden. In de stukken wordt aangeven dat een leegstand van 9% (CBS 5%) laag is er een vraag is naar nieuwe kantoren. Vraag en aanbod zijn veranderd de afgelopen 2 jaar en is de vraag of de hoeveelheid aan kantoor meters nog wel nodig is in het plan. Het kunnen dan woningen worden, hier wordt rekening mee gehouden. Het maakt de business case wel erg risicovol. Een update van de Amsterdamse Kantorenstrategie zou vooraf moeten gaan aan het besluit en niet de intuïtie. Reactie Gemeente Amsterdam Dit gebied is, gezien de ligging nabij het ov-knooppunt Amstelstation, in het beleid steeds aangewezen om meer kantoren mogelijk te maken. In de Structuurvisie 2050 is daarover opgenomen dat de concentraties van werken en publiekstrekkende voorzieningen in Amsterdam vooral een plek krijgen in stationskwartieren bij de belangrijke stations: Sloterdijk, Bijlmer-ArenA, Zuid, Amstel en CS. De kantoren zijn daarmee voor mensen vanuit de rest van de metropoolregio en Nederland uitstekend bereikbaar met openbaar vervoer. Ook bij veranderende behoefte aan kantoren zijn en blijven juist knooppunten geschikt voor kantoren.
Het zijn voornamelijk de locaties buiten de ov-knooppunten die last krijgen van de gewijzigde behoeft. Dit blijkt uit de kantorenmonitor juli 2021 waarin is geconstateerd: “Realiseren kantoorruimte op de juiste locaties - De strategie van Amsterdam om kantoren bij te bouwen op de juiste locaties blijft belangrijk om te voldoen aan de kantoorvraag nu en in de toekomst. Er is nu geen sprake van een mismatch tussen vraag en aanbod, zoals bij de financiële crisis (2008). Nieuwbouw van kantoren op goed bereikbare ovlocaties en onttrekking door transformatie op andere locaties biedt de juiste ruimte op de kantorenmarkt. Het juiste kantoor op de juiste locatie. Deze vernieuwing levert een grote bijdrage aan de verduurzaming en toekomstbestendigheid van kantoren”. De kantorenmonitor is te lezen via: https://openresearch.amsterdam/nl/page/76566/monitor-kantorenamsterdam-juli-2021 Het bestemmingsplan Amstelstation Amsteloever gaat uit van gemengde bestemmingen waarbij naast een toename van m2 kantoor ook juist woningen worden toegestaan. Juist door het toestaan van gemengde bestemmingen ontstaat een gemengd gebied dat vitaler
39
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
is. Tegelijkertijd met de intensivering in het gebied wordt ingezet op meer ruimte voor groen. Ten aanzien van de effecten van Corona op de vraag naar kantoren is in de Kantorenmonitor 2021 ingegaan waarin wordt geconstateerd: “Eindgebruikers zijn als gevolg van de coronacrisis zeer terughoudend geweest in hun zoekvraag. Daarmee is de zoekvraag van deze gebruikers niet verdwenen en inmiddels zijn er ook nieuwe partijen bijgekomen. We zien nu dat bedrijven en vooral techbedrijven hun zoekvraag weer in de markt hebben gebracht. De opleveringen van kantoorruimte die voorhanden zijn, zullen invulling geven aan deze zoekvraag. Nieuwe ontwikkelingen en herontwikkelingen zijn nodig om aan de vraag naar kwalitatieve en toekomstbestendige kantoren te voldoen."
Conclusie Kantoren De ingediende zienswijzen ten aanzien van het onderwerp programma leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
40
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Verkeer en Parkeren Parkeeroverlast Samenvatting zienswijzen nr. 19 Indiener van zienswijze geeft aan dat de toename van voorzieningen zal leiden tot meer auto-en fietsbewegingen en bijbehorende parkeeroverlast. Horeca zal flink overlast veroorzaken voor de buurt omdat dit mensen van buiten de buurt aantrekt en dus meer auto- en fietsbewegingen en parkeeroverlast veroorzaakt. De autostraat in de Van der Kunbuurt die vanaf de Mr. Treublaan doorgetrokken wordt (Van der Kunstraat) is uitsluitend voor bestemmingsverkeer en heeft geen parkeerplekken op straat. Horeca en detailhandel zorgen voor aantrekkingskracht op mensen van buiten de buurt en dat hebben de bewoners niet nodig. Denk aan auto’s en fietsers die voor de snelle boodschap of afhaalrestaurant of pizzazaak even snel de auto of fiets op de stoepen parkeren of dubbel parkeren. Daar gaat de rust die de bewoners zo graag willen. Sloop van de huizen is bereikt, met het idee om meer huizen bouwen. Er komen 3 x zoveel huishoudens terug in de nieuwe Van der Kunbuurt. Die zorgen al voor veel beweging in de buurt en daar wil je niet ook nog mensen van buiten de buurt erbij. Zienswijze nummer 7
Parkeerbeleid heeft invloed op de bereikbaarheid en leefbaarheid in de stad. Het Stedenbouwkundigplan geeft aan dat er 0,1 parkeerplaats per woning komt. Het aantal plaatsen per arbeidsplaats en zakelijke bezoekers lijkt nog onduidelijk. Het parkeren voor bewoners Weesperzijdestrook is op dit moment nog goed te doen, maar een beperkt aanbod ondergronds en geen extra plaatsen op straat zal inhouden dat bezoekers een parkeerplek gaan zoeken in de omliggende straten en wijken. Hogere parkeertarieven en minder parkeerplaatsen leidt jammer genoeg nog maar beperkt tot minder autogebruik Het ontwerpplan biedt hiervoor geen oplossingen binnen het plangebied, hetgeen buiten het gebied voor grotere parkeerdruk en geluidshinder zal zorgen. Het autoluw maken van het plangebied betekend dan een verschuiving van het probleem en in het akoestisch onderzoek is de Weesperzijdestrook niet meegenomen in het ontwerpplan. Een integraal onderzoek en oplossingsrichtingen dienen nog aan het plan te worden toegevoegd. Reactie gemeente Voor de gehele gemeente Amsterdam geldt de Nota Parkeernormen Auto die in 2017 door de gemeente Amsterdam is vastgesteld en de Nota Parkeernormen Fiets en Scooter die in 2018 door de gemeenteraad is vastgesteld. In het bestemmingsplan wordt voor het parkeren van auto en fiets verwezen naar het huidige vastgestelde beleid.
De normen uit dit beleid betreffen zowel bewoners als bezoekers van woningen en voorzieningen. In het plangebied wordt parkeren op maaiveld zoveel mogelijk beperkt, maar juist inpandig voorzien in de verschillende nieuwe gebouwen. Dat geldt voor autoparkeren voor bewoners, werknemers en (zakelijke) bezoekers. In de beoogde ontwikkelingen dient op basis van de Amsterdamse parkeernormen rekening te worden gehouden met alle functies, dus wordt ook voorzien in parkeren voor de genoemde voorzieningen zoals horeca en dienstverlening. Toenemende parkeerdruk in de omgeving wordt hiermee ondervangen.
41
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Binnen de ontwikkeling Van der Kun wordt uitgegaan van een inpandige, ondergrondse parkeervoorziening voor bezoekersparkeren en ten behoeve van terugkeerders met parkeervergunning. De door indiener benoemde autostraat in de Van der Kunbuurt (nieuwe Van der Kunstraat) is geen autostraat, maar een entree naar de parkeergarage. Voorbij de inrit van de parkeergarage is de straat een woonstraat, die enkel met venstertijden toegankelijk is voor laad- en losverkeer. Er is dus geen sprake van een nieuwe Van der Kunstraat als doorgaande route voor autoverkeer. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp parkeeroverlast leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Samenvatting zienswijzen nr. 19 Ondergrondse Fietsenstalling De zoekruimte voor de fietsenstalling moet onder de grond liggen. We willen geen halfverdiepte fietsenstalling langs het talud vanaf de trap bij Doner tot aan de Mr. Treublaan. De buurt verdient het om van de lelijkste fietsenrekken aan de westkant van het station verlost te worden. Jarenlang hebben we er last van gehad doordat de bewoners er tegenaan moeten kijken, doordat passanten geen goede doorgang hebben, je kan zomaar je hoofd stoten aan de rekken, en het onveilige gevoel dat men krijgt als men als voetganger tussen de rekken moet lopen en niet zichtbaar is.
We hopen dat de Gemeente er alles aan doet om de fietsenstalling onder de grond te krijgen, zodat de groenstrook langs het talud, waarop nu een voetbalveld, een kuipschommel en hangplek voor jongeren staat behouden kan blijven voor spelen, zoals voetballen en schommelen. We hopen dat er bij deze ondergrondse fietsenstalling duidelijke ruime ingangen en uitgangen komen, die geen gevaar en overlast opleveren voor de fietsers en de bewoners van de buurt. Om overlast in de buurt te verminderen zou het goed zijn om de ingangen meteen te plaatsen aan de Mr. Treublaan en aan de Weesperzijde. Er wordt een streng fietsparkeer regime ingevoerd om het parkeren van fietsen buiten de fietsparkeergarage tegen te gaan. Er dient dan geen mogelijkheid geschapen te worden om scooters zo te parkeren, zodat dit in het zicht komt van de bewoners die daarop uit moeten kijken. Voor scooter parkeren moet ook een nette afgesloten of afgedekte mogelijkheid bedacht worden. Niet zichtbaar. Er dient een oplossing gevonden te worden, anders dan tot nu toe is opgelost door de rijen scooters die voor de HvA geparkeerd werden toe te staan. Reactie gemeente In het plangebied wordt parkeren op maaiveld zoveel mogelijk beperkt, maar juist inpandig voorzien in de verschillende ontwikkelingen. Dat geldt zowel voor autoparkeren als voor fietsparkeren.
Het bestemmingsplan maakt een overdekte fietsparkeergarage mogelijk bij het Amstelstation. Deze fietsparkeergarage is in eerste instantie bedoeld voor fietsers die
42
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
gebruik maken van trein, metro en bus. De omvang van deze fietsparkeergarage is gebaseerd op een prognose van het ov-gebruik in 2040 en dit betekent een omvang van 5300 parkeerplekken met daarnaast 300 deelfietsen. Fietsers die ook OV gebruiken betreft met name woon/werk/studie verkeer op werkdagen. Buiten deze uren is deze fietsenstalling ook beschikbaar voor bezoekers van voorzieningen in het gebied. Horecabezoek door mensen van buiten de buurt vindt met name buiten kantooruren plaats op tijden dat er plekken beschikbaar zullen zijn voor dubbelgebruik. De exacte invulling van de overdekte fietsenstalling dient nog nader uitgewerkt te worden Dat geldt ook voor situering van de in- en uitgangen en de wijze waarop de fietsenstalling wordt ingericht. Scooters zullen geen plek krijgen in de overdekte fietsparkeergarage. Dit heeft te maken met (brand)veiligheidsvoorschriften. In de inrichtingsplannen voor de openbare ruimte zullen scooterparkeerplekken worden opgenomen. Bewoners worden betrokken bij deze inrichtingsplannen. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp fietsenstalling leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Toename verkeer Samenvatting zienswijzen nr. 1 Dit plan zal het leven van de huidige bewoners aanzienlijk verslechteren door meer lawaai en verkeer, met extra veiligheidsrisico's en beperkte parkeerplaatsen. Er zijn helaas geen adequate maatregelen om deze problemen te bestrijden, en de stad heeft de veranderingen slecht uitgelegd aan de bewoners. Zienswijze Mondriaan - Verkeersgeneratie Het extra autoverkeer dat zal worden gegenereerd door de toename van de woon- en werkfuncties in het gebied is volgens NL Mondriaan in strijd met de goede ruimtelijke ordening (waaronder het goed ondernemersklimaat). Het Ontwerpbestemmingsplan treft in dit kader alleen voorzieningen voor het inpandig parkeren van auto's en fietsen op alle ontwikkellocaties. Hiermee wordt echter geen oplossing geboden voor de toename aan verkeersdrukte binnen het plangebied, waar momenteel reeds sprake is van een grote verkeersdrukte. De toelichting op het Ontwerpbestemmingsplan stelt dat het ontwikkelen van extra woningen en kantoren niet tot een noemenswaardige toename van autoverkeer mag leiden. In dit kader merkt de toelichting slechts op dat er verschillende deelgebieden worden ontsloten en dat de gemeente een investeringsbesluit heeft genomen (zie para. 4.1).
Het is zodoende onduidelijk op welke manier het beperken van een toename van verkeersdrukte is geborgd in de planregels als de in het Ontwerpbestemmingsplan voorziene extra woningen en kantoren worden gerealiseerd. Reactie gemeente De uitbreiding van het woon- en werkprogramma in het plangebied is in eerste instantie gebaseerd op de aanwezigheid van het openbaar vervoerknooppunt Amstelstation, gelegen
43
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
in de directe omgeving. De uitstekende manier waarop dit plangebied met ov is ontsloten beperkt de autobewegingen aanzienlijk. Dit wordt versterkt doordat – conform het gemeentelijk parkeerbeleid - wordt ingezet op een beperkte groei van het aantal parkeervoorzieningen in het plangebied. Hiermee wordt het voor bewoners, gebruikers en bezoekers minder aantrekkelijk gemaakt om met de auto naar het gebied te komen. Ook wordt het fiets- en voetgangersnetwerk verbeterd. Autoverkeer Voor het autoverkeer is in het verkeersonderzoek geconcludeerd dat vooral de autonome ontwikkeling (2020 – 2030) invloed heeft op de knelpunten rondom het plangebied. De bijdrage van de nieuwe ontwikkelingen op de knelpunten is beperkt. Door de planontwikkeling neemt het aantal ritten van autoverkeer van en naar het plangebied wel toe. Hierdoor stijgt het aantal autoritten met ca. 3.460 ritten per etmaal ten opzichte van de referentiesituatie naar 8.280 ritten. Echter, doordat er meer verkeer van en naar het plangebied gaat is er minder doorgaand autoverkeer op de route van de Spaklerweg – Overzichtsweg – Hugo de Vrieslaan. Dit komt doordat deze doorgaande routes minder aantrekkelijk worden waardoor mensen een andere route kiezen. Dit effect is met name zichtbaar in de spits. Fietsverkeer Er gaan dagelijks ruim 16.000 fietsers door het gebied en dat worden er de komende jaren meer.
De huidige verkeersconflicten betreffen dan ook met name fietsverkeer en concentreren zich vooral rond de kruising bij de Berlagebrug, de smalle doorgang ('diagonaal') naar het Amstelplein en de rotonde Overzichtweg-Spaklerweg. Om deze knelpunten te verbeteren wordt het fietsnetwerk aangepast. De Weesperzijde wordt ingericht als fietsstraat wat de druk op de kruising bij de Berlagebrug verlicht. Het openbaar vervoer en het langzaam verkeer op de Mr. Treublaan krijgen zo meer groentijd in de verkeersregeling. Ook de rotonde Spaklerweg wordt geoptimaliseerd. De rotonde wordt verschoven waardoor een veiliger toegang tot de parkeergarage bij de Mondriaantoren mogelijk wordt met opstelruimte voor auto’s tussen de rijbaan van de rotonde en het fietspad. De rotonde wordt uitgevoerd met een tweerichtingsfietspad aan de westkant. Hierdoor kruisen auto- en fietsverkeer elkaar niet meer en daardoor wordt de verkeerssituatie veiliger en de doorstroming voor auto's verbeterd. Hiermee verdwijnen verliestijden en verkeerskundige knelpunten niet volledig, maar dit biedt wel capaciteit en perspectief voor de komende jaren. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp ‘toename verkeer’ leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Parkeercapaciteit Zienswijze nummer 24
44
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Uit de bestemmingsplansystematiek blijkt dat parkeren is toegestaan binnen de bestemming `Groen', uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein'. De bestaande circa 1o parkeerplaatsen ter hoogte van het Delta Loydgebouw zijn niet positief bestemd. Maar ook is niet duidelijk op welke wijze het verlies van deze parkeerplaatsen in de directe omgeving van de ligplaatsen zal worden gecompenseerd voor de omwonende woonbooteigenaren. Slechts is gesteld dat deze parkeercapaciteit wordt opgelost ergens in het plangebied. Reactie gemeente Het klopt dat het bestemmingsplan - conform het Stedenbouwkundig Plan - de parkeerplekken langs de Amstel ter hoogte van het Tooropgebouw (Delta Loyd) niet mogelijk maakt. Voor het plangebied zullen de komende jaren inrichtingsplannen gemaakt worden voor de openbare ruimte. In het inrichtingsplan voor de rand langs de Amstel zullen genoemde parkeerplekken verdwijnen ten gunste van een meer groene inrichting. Parkeerplekken voor de woonboten ter hoogte van het Tooropgebouw (Delta Loyd) zullen worden gefaciliteerd in de openbare ruimte in de directe omgeving ten westen en/of noorden van het Tooropgebouw. Voor die locaties zullen ook nieuwe inrichtingsplannen worden gemaakt en bewoners zullen daarbij betrokken worden.
In de eindsituatie zal sprake zijn van een afgewogen parkeerbalans waarbij ook parkeerplaatsen worden gerealiseerd voor houders van een parkeervergunning. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp parkeercapaciteit leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Conclusie Verkeer en Parkeren De ingediende zienswijzen ten aanzien van het onderwerp verkeer en parkeren leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
45
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Geluid Samenvatting zienswijze nr. 19 Voor de bewoners is geluid is een belangrijk onderwerp. Momenteel is er veel overlast van geluid door het station. Nu en straks bij nieuwbouw is geluid dus een belangrijk aandachtspunt. Kijkend naar de waarden in het Ontwerpbesluit rechtvaardigt dat het aanvragen van geluidsschermen langs de spoorbaan. Een geluidsscherm geeft volgens ons dus wel extra bescherming, vooral nu blijkt dat de geluidsbelasting op de gebouwen nog hoger zijn dan in de meting door dGmR van 13/7/2020 Het geluidsscherm kan voor de Van der Kunbuurt vanop de viaduct Mr. Treublaan tot aan het begin van het station. De viaduct is op zo’n hoogte gelegen dat een geluidsscherm bijna net zo hoog uitkomt als de meeste nieuw te bouwen woonblokken. De huizen staan op grond die lager ligt dan de spoorbaan en een eventueel geluidsscherm. Een geluidsscherm zal voor de huidige bewoners van de Van der Kunbuurt een verlossing zijn van de geluidsoverlast door het trein- en metroverkeer. Maar zeker ook straks een verlossing van geluidsoverlast voor alle bewoners in de nieuwbouwwoningen, die gebouwd gaan worden. Het treinverkeer zal alleen maar toenemen en het geluid zal ook frequenter zijn.
Als straks de voorkeurswaarden aangepast worden naar waarden van 68 dB en hoger kan er (makkelijker) gebouwd worden, maar de geluidsoverlast is nog niet weg! Het blijkt dat er via RWS-subsidie beschikbaar is om geluidsoverlast te reduceren door treinverkeer en metroverkeer. Hierbij leggen wij een aanvraag neer bij de gemeente om via de RWS-subsidiemogelijkheden geluidsschermen voor de Van der Kunbuurt aan te vragen. Een goede gezondheid door reduceren van geluid zorgt voor gezondere mensen en dat weegt op tegen landschappelijke belangen. Voor woningen gebouwd voor 1987 geldt een maximale geluidbelasting van 66 dB. Bij 66 dB en hoger kan de Gemeentesubsidie bij het Rijk aanvragen voor sobere en doelmatige maatregelen, zoals dempers aan de rails en geluidsschermen. Dit geeft aan dat wij in de Van der Kunbuurt voor de huidige woningen die rond 1955 gebouwd zijn al in aanmerking komen voor de geluidsschermen. En we hopen dat de gemeente haar best gaat doen voor de bewoners van de Van der Kunbuurt om deze aanvraag te doen.
46
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Geluid Samenvatting zienswijzen nr. 7 Onbekend is wat de hinder op dit moment is. Het laatste akoestisch onderzoek is uit 2000 en is er voor de vaststelling van het bestemmingplan Weesperzijdestrook eveneens een besluit hogere waarden genomen. De voorkeurswaarde zal voor een groot deel van de stad overschreden worden. Een akoestisch onderzoek van toen heb ik niet gevonden. Wel is te zien dat het verkeer ronde de Weesperzijdestrook nog steeds toeneemt. Onduidelijk wat deze toename voor effect heeft gehad op de geluidsniveaus. In het voorliggende ontwerpplan is te lezen dat het plan in 2030 een grotere toename van verkeersbewegingen met zich meebrengt. Dus ook een toename van geluid. Vergelijk ik de geluidsniveaus uit onderzoeken van 2012 en 2021 voor Amstelvista, dan is een lichte stijging van 1 tot 3dB te zien. De waarden in de rapporten komen redelijk overeen met metingen die ik met mijn iPhone registreer op de begane grond. Echter zijn de waarden ook de derde verdieping een stuk hoger, als ook het geval is op de 3D situatie pagina 18 onderzoek 2021 DGMR. Aan de achtergevel meet ik waarden tussen de 45 en 50 dB. Reflectie of weerkaatsing van geluid veroorzaakt grootste hinder in een gebouw, maar nieuwbouw heeft dit effect ook buiten.
Het stadsblok van Amstelvista zal 2 tot 3 keer groter oppervlak krijgen en de weerkaatsing van geluid zou hierdoor de grenswaarde kunnen overschrijden. Het niet nemen van maatregelen volgens de Wet geluidshinder of het Actieplan maakt het voor de omliggende straten van het plangebied extra zuur. Een breder onderzoek naar de geluidshinder, zal moeten uitwijzen of gevels van woningen buiten het plangebied te hoog belast worden. Het slapen met open raam in de zomer is op dit moment al een keuze tussen twee kwaden. De leefbaarheid zit wat geluidhinder betreft al aan de bovengrens. De ontwikkelingen binnen het plangebied kan dus de gezondheid van bewoners buiten het plangebied behoorlijk negatief gaan beïnvloeden. Reactie gemeente: De bescherming van mensen tegen geluid is geregeld met verschillende wetten en regelgeving. Zo is het verkeerslawaai geregeld in de Wet geluidhinder. Deze wet heeft als doel om mensen te beschermen tegen onder andere geluidhinder van wegverkeerslawaai en spoorweglawaai. Deze bescherming geldt voor een aantal specifieke geluidsgevoelige gebouwen bijvoorbeeld woningen en scholen. De bescherming vanuit de wet geldt voor bewoners die in huis verblijven en voor schoolkinderen in een schoolgebouw en niet voor wandelaars of fietsers op straat.
Bij wegverkeerslawaai wordt gekeken naar het aantal personenauto’s, vrachtwagens, bussen en motoren dat op een weg rijdt. Ook het geluid van trams en metro’s die in de stad rijden worden tot het wegverkeerslawaai gerekend. Bromfietsers worden niet meegenomen voor het bepalen van de geluidsbelasting van een weg. Voor een bromfiets of snorfiets zijn er wel regels ten aanzien van de geluidsproductie. 47
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Voor het bepalen van de geluidsbelasting van verkeerslawaai zijn wettelijke voorschriften van toepassing. Deze voorschriften hebben bijvoorbeeld betrekking op reflecties van geluid tegen gebouwen, reflecties tegen harde bodemoppervlaktes, hoogteverschil in het maaiveld, snelheden, wegdektypes etc. Bij het railverkeerslawaai wordt gekeken naar het aantal treinen dat op een baanvak rijdt, waarbij onderscheid wordt gemaakt in de verschillende treincategorieën. De normen van de Wet geluidhinder voor verkeerslawaai zijn van toepassing op nieuwe situaties, zoals bij de bouw van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen of de aanleg van nieuwe wegen en op situaties waarin bestaande wegen fysiek worden gewijzigd. Voor Amstelstation Amsteloever is aan de orde dat het bestemmingsplan de bouw van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen (zoals woningen) mogelijk maakt. Daarom is een akoestisch onderzoek uitgevoerd waarmee de geluidsbelasting op de gevels van deze nieuwe geluidsgevoelige gebouwen is berekend en getoetst aan de normen van Wet geluidhinder. Uit dit akoestisch onderzoek volgt dat de geluidsbelasting bij deze nieuwe gebouwen niet overal voldoet aan de voorkeursgrenswaarden van de Wet geluidhinder. Dit wordt veroorzaakt door het verkeer op de Mr. Treublaan en het spoorverkeer van metro en trein.
Daarom zijn voor de plekken waar niet wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarden maatregelen onderzocht om de geluidsbelasting te reduceren. Hieruit blijkt dat geluidmaatregelen op bezwaren stuiten. In het gebied wordt namelijk hoogbouw toegestaan en schermmaatregelen zijn niet effectief op de hogere bouwlagen. Daarom is gekozen voor het vaststellen van hogere waarden in combinatie met het toepassen van gevelmaatregelen bij de nieuwe woningen. De geluidsbelasting is op een aantal gevels hoger dan maximaal is toegestaan, deze gevels worden daarom doof uitgevoerd. Dit betekent dat de gevels van deze nieuwe woningen zo worden geïsoleerd dat binnen altijd wordt voldaan aan het vereiste geluidniveau. Voor de bestaande woningen in het plangebied wijzigt er weinig aan de geluidsituatie, de bestaande wegen worden niet fysiek gewijzigd en de verkeersintensiteiten wijzigen minimaal als gevolg van de ontwikkelingen in het plangebied. Wel worden door de beoogde hoogbouw, onder andere in de Van der Kunbuurt, de bestaande woningen meer afgeschermd van geluid van het spoor wat dus een positief effect heeft op de geluidsoverlast voor bewoners. Conclusie De ingediende zienswijzen ten aanzien van het onderwerp geluid leiden niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
48
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Spoor Vervoer gevaarlijke stoffen Samenvatting zienswijzen nr. 19 Indiener van zienswijze geeft aan dat ongeveer 3 x per dag vindt er via de treinrails langs de huizen zwaar vervoer plaats. Een groot gebied langs de spoorlijn waaronder de Van der Kunbuurt valt, is aangemerkt als veiligheidszone – vervoer gevaarlijke stoffen. Er komen hier straks nog veel meer mensen te wonen. Wat gaat de gemeente eraan doen om ervoor te zorgen dat er geen vervoer per trein plaats kan vinden van gevaarlijke stoffen. Gevaarlijke stoffen die een ramp kunnen betekenen als er een ongeluk met een trein gebeurt. Het zou geruststellend zijn als de gemeente het vervoer van gevaarlijke stoffen verbiedt langs dichtbebouwde gebieden als de Van der Kunbuurt en via het Amstelstation. Ligt dit in de mogelijkheid van de gemeente om dit voor onze veiligheid te doen? Reactie gemeente Het beperken of helemaal verbieden van vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor ligt niet in de bevoegdheid van de gemeente. Wel kan de gemeente vastleggen in bestemmingsplannen dat direct naast het spoor geen gebouwen voor kwetsbare doelgroepen zijn toestaan. In het voorliggende bestemmingsplan is een gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen' opgenomen waarbinnen zeer kwetsbare objecten niet zijn toegestaan.
Dat betekent dat in deze zone geen ziekenhuis of een andere zorginstellingen mag worden gerealiseerd, geen gebouwen voor onderwijs voor minderjarigen, buitenschoolse opvang, peuterspeelzalen en/of kinderdagverblijven. Op deze manier wordt rekening gehouden met het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp vervoer van gevaarlijke stoffen leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Trillingen Samenvatting zienswijzen nr. 19 Indiener geeft aan dat ongeveer 3x per dag via de treinrails langs de huizen zwaar vervoer langsrijdt. Het treinverkeer zorgt voor flinke trillingen en geluidsoverlast in de huizen in de Van der Kunbuurt. Reactie Gemeente Amsterdam Voor de Van der Kunbuurt geldt dat juist de bestaande woonbebouwing direct aan de spoorzijde wordt gesloopt en nieuw wordt gerealiseerd. In de uitwerking van de plannen wordt aandacht gevraagd voor het aspect trilling.
49
Nota van Beantwoording – Ontwerp bestemmingsplan Amstelstation – Amsteloever
Om de aandacht voor het aspect trilling te borgen en daarmee tegemoet te komen aan deze zienswijze kan in het bestemmingsplan met een gebiedsaanduiding op de verbeelding een aandachtszone worden opgenomen. Hiervoor wordt bij de uitwerking van de bouwplannen onderzoek gedaan naar de mate van trillingen waaruit volgt dat alle doelmatige en kosteneffectieve maatregelen om de trillingssterkte te verminderen worden getroffen. Daarnaast wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen om het bovenstaande te borgen. Conclusie De ingediende zienswijze ten aanzien van het onderwerp trillingen leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, namelijk: -
Opnemen van aandachtszone ‘trillingen’ in artikel 26.7: 1.
2.
3.
-
-
Het bouwen en gebruik van verblijfsruimten in bouwwerken voor de functie wonen is ter plaatse van aanduiding ‘milieuzone – trillingshinder spoor’ uitsluitend toegestaan wanneer uit een deskundigenonderzoek blijkt dat in verblijfsruimten de streefwaarden van de trillingssterkte Vmax en Vper voor 'Wonen nieuwe situatie', zoals bedoeld in SBR-richtlijn deel B, niet worden overschreden. Alleen als uit een deskundigenonderzoek blijkt dat niet doelmatig en/of kosteneffectief kan worden voldaan aan de streefwaarden voor 'Wonen, nieuwe situaties' kan er worden afgeweken van lid 1 onder de volgende voorwaarden: a. uit een deskundigenonderzoek blijkt dat alle doelmatige en/of kosteneffectieve maatregelen om de trillingssterkte te verminderen worden getroffen en; b. uit een deskundigenonderzoek blijkt dat in verblijfsruimten tenminste de streefwaarden voor 'Wonen, bestaande situaties', zoals bedoeld in SBR-richtlijn deel B, niet worden overschreden. Als het niet mogelijk is om te voldoen aan lid 2, dan kan het bevoegd gezag afwijken van lid 2 op basis van een trillingsonderzoek uitgevoerd door deskundigen waaruit blijkt dat sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat.