CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit 2021-324D BP Amstelkwartier derde fase West Regels

RAAD 22 december 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het bestemmingsplan Amstelkwartier derde fase West VN2021-03031213.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BEHOORT BIJ BESLUIT VAN DE GEMEENTERAAD VAN AMSTERDAM 2 6/ VAN 22 _9(5C, 2c.Ll ,NR. DE RAADSGRIFFIER,

Gemeente X Amsterdam

x

Bestemmingsplan Amstelkwartier Derde Fase West

Vastgesteld

Gemeente Amsterdam Ruimte en Duurzaamheid bestemmingsplan Amstelkwartier derde fase West

Colofon

Opdrachtgever Opdrachtnemer

Ruimte en Duurzaamheid

IMRO_idn

NL.IMRO.0363.M1909BPGST-VG01

Datum print

18 Oktober 2021

Planstatus

vastgesteld

blz. 3

Inhoudsopgave Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2 Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Hoofdstuk 3 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Hoofdstuk 4

5 Inleidende regels

6

Begrippen Wijze van meten

6 15

Bestemmingsregels

16

Gemengd - 1 Gemengd - 2 Gemengd - 3 Gemengd - 4 Verkeer Water Leiding - Gas Waarde - Archeologie Waterstaat - Waterkering

16 22 26 30 35 37 38 40 42

Algemene regels

43

Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels

43 44 46 48

Overgangs- en slotregels

49

Artikel 16 Overgangsrecht Artikel 17 Slotregel

49 50

Gemeente Amsterdam

blz. 4

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 5

Regels

Gemeente Amsterdam

blz. 6

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels Begrippen

Plan

Het bestemmingsplan Amstelkwartier derde fase West met identificatienummer NL.IMRO.0363.M1909BPGST-VG01 van de gemeente Amsterdam. 1.2

Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels; 1.3

Aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4

Aanduidingsgrens

De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5

Aanduidingsvlak

Een op de verbeelding aangegeven vlak met eenzelfde aanduiding. 1.6

Achtergevel

De van de weg afgekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één van de weg afgekeerde gevel, de gevel die kennelijk als zodanig moet worden aangemerkt. 1.7

Automatenhal

Iedere besloten ruimte waar meer dan twee speelautomaten of andere mechanische toestellen in de zin van artikel 30 van de Wet op de Kansspelen zijn opgesteld ten behoeve van het publiek; 1.8

Bebouwing

Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.9

Bed & Breakfast

Het gedeeltelijk gebruik van een zelfstandige woonruimte voor kort verblijf bij de hoofdbewoner van die woonruimte, al dan niet met ontbijt; 1.10

Bedrijf

Inrichting voor de bedrijfsmatige uitoefening van industrie, ambacht, groothandel, internetverkoop, opslag en/of transport;

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 7

1.11

Bedrijfsvaartuig

Een vaartuig, daaronder begrepen een object te water, niet zijnde een zee- of binnenvaartschip, hoofdzakelijk gebruikt als of bestemd voor de uitoefening van enig bedrijf of beroep; 1.12

Begane grond

De bouwlaag van een gebouw die aan de voorzijde van het gebouw ter hoogte van het maaiveld ligt, tenzij in de regels anders bepaald. 1.13

Beperkt kwetsbaar object

Objecten zoals bepaald in artikel 1 lid 1 sub b Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.14

Bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak. 1.15

Bestemmingsvlak

Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.16

Bestaand

a. voor bebouwing: bebouwing zoals aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, dan wel mag worden gebouwd met inachtneming van het bepaalde in of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (of de Woningwet); b. voor gebruik: gebruik zoals aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan met de daarbij behorende gebruiksregels; 1.17

Binnenvaartschip

Een schip, hoofdzakelijk gebruikt en bestemd voor interlokaal dan wel internationaal bedrijfsmatig vervoer van goederen te water waarop de Wet vervoer binnenvaart van toepassing is; 1.18

Bouwen

Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.19

Bouwgrens

De grens van een bouwvlak. 1.20

Bouwlaag

Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd.

Gemeente Amsterdam

blz. 8

1.21

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.22

Bouwperceelgrens

De grens van een bouwperceel. 1.23

Bouwvlak

Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.24

Bouwwerk

Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.25

Broedplaats

Gebouw of deel van een gebouw met ruimten voor ateliers, creatieve, culturele of ambachtelijke bedrijfjes, open werkplekken en meetingsrooms, al dan niet commercieel. 1.26

Bruto vloeroppervlak

De totale oppervlakte van de bouwlagen en vides met inbegrip van de bouwconstructies, magazijnen, dienstruimten, bergingen etc, met uitzondering van gemeenschappelijke fietsenstallingen, uitstekende delen van balkons, autoparkeergarages en onoverdekte dakterrassen. 1.27

Consumentverzorgende dienstverlening

Persoonlijke verzorging van consumenten, waaronder kapperszaken, schoonheidsinstituten en naar de aard daarmee gelijk te stellen. 1.28

Culturele voorzieningen

Musea, (muziek)theaters, expositieruimten en naar de aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen. 1.29

Dakterrassen

Een buitenruimte op een plat dak met bijbehorende afrastering en vloerconstructie ten dienste van de bewoners van de erop aansluitende woning(en). 1.30

Detailhandel

De bedrijfsmatige verkoop van goederen, zowel nieuw als tweedehands, aan consumenten, dus aan niet-bedrijfsmatige gebruikers. Hieronder valt het aanbieden en de levering van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 9

1.31

Dienstverlening

Het verrichten van activiteiten welke bestaan uit het verlenen van diensten aan derden met of zonder rechtstreeks contact met het publiek. Onder te verdelen in: a. consumentverzorgende dienstverlening; b. zakelijke dienstverlening; c. maatschappelijke dienstverlening. 1.32

Eerste bouwlaag

De eerste volledige bouwlaag op of boven peil, tenzij in de regels anders is bepaald; 1.33

Gebouw

Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.34

Geheel verdiepte parkeervoorziening

Gebouwde parkeervoorziening in een bouwlaag onder peil, tenzij in de regels anders is bepaald; 1.35

Geldwisselkantoor

Een voor publiek toegankelijke ruimte waarin de hoofdactiviteit wordt gevormd door het gelegenheid bieden tot het wisselen van geld. 1.36

Geluidluwe zijde

De zijde van een gebouw waar het geluid de voorkeursgrenswaarde niet overschrijdt, al dan niet doordat een serre of loggia of andere geluidwerende voorziening aan de gevel is/wordt gerealiseerd met waardoor deze voorkeurswaarde op de scheidingsconstructie van de achtergelegen verblijfsruimte wordt bereikt. 1.37

Gezamenlijke fietsenstalling

Stallingsruimte voor tweewielers en/of driewielers zoals fietsen en scooters ten behoeve van meerdere woningen en voorzieningen. 1.38

Groen dak

Een dak met een dakbedekking waarop een plantaardige laag is aangebracht, dat wil zeggen een laag die hoofdzakelijk bestaat uit levende planten zoals onder andere grassen, struiken en bomen. 1.39

Half verdiept(e) parkeren / parkeergarage / parkeervoorziening / parkeergebouw

Een gebouwde parkeervoorziening, waarvan een deel van de desbetreffende bouwlaag boven peil ligt, maar niet meer dan de helft, tenzij in de regels anders is bepaald. 1.40

Hogere waarde

Een maximale waarde voor de geluidbelasting, die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde en die in een concreet geval kan worden vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder.

Gemeente Amsterdam

blz. 10

1.41

Horeca 1

Fastfoodbedrijven, zijnde horecabedrijven die tot hoofddoel hebben het in hoofdzaak voor consumptie ter plaatse verstrekken van vooral op gemaksvoeding gerichte, eenvoudige en snel bereide etenswaren, met als nevenactiviteit het voor consumptie ter plaatse verstrekken van zwak- en niet-alcoholische dranken. Onder fastfoodbedrijven worden in elk geval begrepen automatieken, snackbars en fastfoodrestaurants; 1.42

Horeca 2

Horecabedrijven, al dan niet met een besloten karakter, die tot hoofddoel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van dranken, waarbij het gelegenheid bieden tot dansen op en tot het beluisteren van overwegend mechanische muziek een wezenlijk onderdeel vormt. Horeca 2 bedrijven zijn in elk geval discotheken en sociëteiten 1.43

Horeca 3

Horecabedrijven, die tot doel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van dranken en (kleine) etenswaren en/of maaltijden, waarbij het accent ligt op het verstrekken van dranken. Onder horeca 3 bedrijven worden in elk geval begrepen: cafés en eetcafés 1.44

Horeca 4

Horecabedrijven die tot hoofddoel hebben het voor consumptie ter plaatse verstrekken van in hoofdzaak ter plaatse bereide maaltijden en van in hoofdzaak ter plaatse bereide etenswaren, met als nevenactiviteit het verstrekken van alcoholische, zwak- en niet-alcoholische dranken. Onder horeca 4 worden in elk geval begrepen restaurants, lunchrooms, koffiehuizen en ijssalons; 1.45

Horeca 5

Horecabedrijven die tot hoofddoel hebben het bieden van logies, waaronder begrepen hotel, motel, jeugdherberg en naar de aard daarmee te vergelijken bedrijven). 1.46

Horizontale bouwdiepte

Afstand tussen voor- en achtergevel. 1.47

Huishouden

Een alleenstaande dan wel twee personen met of zonder kinderen, die een gemeenschappelijke huishouding voeren of wensen te voeren. 1.48

huis verbonden beroep of bedrijf

a. aan huis verbonden beroep: de uitoefening van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang en door ten minste de hoofdbewoner in een woning en daarbij behorende bijgebouwen kan worden uitgeoefend, waaronder niet wordt begrepen de uitoefening van detailhandel of consumentverzorgende bedrijfsactiviteiten; b. aan huis verbonden bedrijf: het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 11

overwegend door middel van handwerk, dat door zijn beperkte omvang en door ten minste de hoofdbewoner in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. Hiermee wordt wel een bed & breakfast, maar geen detailhandel of horeca bedoeld; 1.49

Internetverkoop

Handel via internet waarbij geen sprake is van het ter plekke bezichtigen, ophalen en/of betalen van de gekochte waar door de kopende partij. 1.50

Jachthaven

Een watergebonden bedrijf waar vaartuigen ligplaats innemen; 1.51

Kantoor

Het bedrijfsmatig verlenen van diensten met een administratief karakter, waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen; 1.52

kelder

ondergronds (deel van een) gebouw, ongeacht de benaming hiervoor in het moederplan, zoals bijv. bijzondere bouwlaag, souterrain, parkeerkelder, e.d., uitgezonderd funderingsconstructies, voor zover de onderkant van de vloer van de betreffende bouwlaag dieper is gelegen dan 0,5 meter onder het peil. 1.53

Kinderopvang

Een voorziening voor opvang van kinderen van 0 tot 12 jaar in bedrijfsmatig georganiseerd verband, waaronder in elk geval begrepen kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvang. 1.54

Kwetsbaar object

Object als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel m, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen; 1.55

Ligplaats

Een plaats in het water bestemd of aangewezen om met een vaartuig af te meren; 1.56

Maatschappelijke dienstverlening

Het verlenen van publieksgerichte diensten op het gebied van overheids-, educatieve voorzieningen, kinderopvang, welzijnsvoorzieningen, (para-)medische, sociaal medische, levensbeschouwelijke, sociaal-culturele voorzieningen, waaronder niet wordt verstaan fitness en sportscholen, tenzij in de regels anders is bepaald. 1.57

Minder zelfredzame personen

Personen die niet over het fysieke en/of verstandelijke vermogen beschikken om zichzelf in veiligheid te brengen in geval van een calamiteit. De volgende personen/groepen worden in ieder geval als minder zelfredzaam gedefinieerd: kinderen onder 12 jaar; zieken; bejaarden; Gemeente Amsterdam

blz. 12

gehandicapten. 1.58

Nutsvoorziening

Een voorziening ten behoeve van de waterhuishouding, de distributie van gas, water en elektriciteit, de telecommunicatie, en openbaar vervoer, alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen transformatorhuisjes, gemalen, telefooncellen en zendmasten; 1.59

Onzelfstandige woonruimte

Woonruimte, niet-zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft of welke niet door een huishouden zelfstandig kan worden bewoond, zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij als wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt: keuken en sanitaire voorzieningen. 1.60

Opslag

Het bedrijfsmatig opslaan en verpakken en verhandelen van goederen voor zover voortvloeiende uit het opslaan en verpakken van goederen, niet zijnde detailhandel. 1.61

Overkapping

Een bouwwerk op het erf van een gebouw, dat strekt tot vergroting van het woongenot van het gebouw en dat maximaal drie wanden heeft waarvan maximaal twee tot de constructie behoren. 1.62

Overstek

Bouwdeel dat vooruitsteekt ten opzichte van het eronder gelegen deel. 1.63

Plint

De begane grond van een gebouw. 1.64

Passagiersvaartuig

Bedrijfsvaartuig, hoofdzakelijk gebruikt als of bestemd tot vervoer van personen; 1.65

Peil

a. voor gebouwen, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg of een tuin grenst: de hoogte van die weg of tuin ter plaatse van de hoofdtoegang van het gebouw; b. als in het water wordt gebouwd: het plaatselijk aan te houden waterpeil; c. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld; tenzij in de regels anders is bepaald; 1.66

Pleziervaartuig

Een vaartuig, hoofdzakelijk gebruikt en bestemd voor niet-bedrijfsmatige varende recreatie (sport- en vrijetijdsdoeleinden);

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 13

1.67

Praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis

Dienstverlening, waaronder creatieve zakelijke dienstverlening, voornamelijk bestaande uit hoofdarbeid, waarbij in overwegende mate de woonfunctie behouden blijft. 1.68

Prostitutie

Het aanbieden of verrichten van seksuele diensten tegen een materiële vergoeding. 1.69

Prostitutiebedrijf

Een bedrijf waar prostitutie wordt bedreven. 1.70

Seksinrichting

Een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin handelingen of vertoningen plaatsvinden van erotische en/of pornografische aard. Hieronder wordt in ieder geval verstaan: a. een prostitutiebedrijf: een bedrijfsmatige activiteit gericht op het verrichten van seksuele handelingen met anderen tegen een materiële vergoeding; b. erotisch getinte vermaaksfunctie: Een vermaaksfunctie, welke is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van erotische / pornografische aard, waaronder begrepen een erotische massagesalon, een erotische videotheek, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, wel of niet in combinatie met elkaar; 1.71

Short stay

Het structureel aanbieden van een zelfstandige woning voor tijdelijke bewoning aan één huishouden voor een aaneensluitende periode van tenminste een week en maximaal zes maanden; 1.72

Smartshop

Een winkel waarin de hoofdactiviteit wordt gevormd door detailhandel in psychotrope stoffen; 1.73

Steiger

Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, te water die vast met de wal is verbonden en/of door middel van palen met de grond is verbonden, dat wellicht door de gekozen constructie verticaal met het water/ getij beweegt, maar de eigenschap mist om in horizontale richting te verplaatsen, niet zijnde waterstaatkundige werken; 1.74

Telefooninrichting / belhuis / belwinkel

Een voor publiek toegankelijk ruimte waarin de hoofdactiviteit wordt gevormd door het gelegenheid bieden tot het voeren van telefoongesprekken, waaronder mede begrepen het verzenden en ontvangen van faxen. 1.75

Vaartuig

Een constructie die als vervoermiddel te water gebruikt wordt of gebruikt kan worden;

Gemeente Amsterdam

blz. 14

1.76

Voorgevel

de naar de weg gekeerde gevel van een hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie dan wel gelet op uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt; 1.77

Voorkeursgrenswaarde

Ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van de gevel zoals bedoeld in de Wet geluidhinder; 1.78

Waterkering

Natuurlijke of kunstmatige begrenzing of afscheiding die het water in zijn loop tegenhoudt en achterliggende gebied beschermt tegen inundatie. 1.79

Waterstaatsdoeleinden

Voorzieningen ten behoeve van waterbeheersing en waterhuishouding in de ruimste zin; 1.80

Woonruimte

Besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden, alsmede standplaatsen. 1.81

Zakelijke dienstverlening

Het verlenen van diensten die bestaan uit het verlenen van economische of commerciële diensten aan derden, waarvan de uitoefening geschiedt in een rechtstreeks contact met publiek, zoals banken, reisbureaus. 1.82

Zeeschip

Een schip dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor de vaart ter zee en dat blijkens zijn constructie voor de vaart ter zee is bestemd en is voorzien van een geldig document – afgegeven door het bevoegde gezag van het land waar het schip is ingeschreven – waaruit blijkt dat het geschikt is voor de vaart ter zee.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 15

Artikel 2 2.1

Wijze van meten

De dakhelling

Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2

De goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3

De inhoud van een bouwwerk

Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4

De bouwhoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5

De oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.6

De hoogte van de begane grond

Tussen bovenkant vloer en bovenkant vloer van bovenliggende bouwlaag. 2.7

De hoogte van een windturbine

vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine. 2.8

Horizontale diepte

De diepte van een gebouw, gemeten loodrecht vanaf de voorgevel. 2.9

Verticale bouwdiepte

Vanaf peil tot aan het laagste punt van het bouwwerk, met uitzondering van fundering of ondergeschikte onderdelen van het bouwwerk.

Gemeente Amsterdam

blz. 16

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels Gemengd - 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, ten behoeve van bewoning, al dan niet in combinatie met praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis; b. bedrijf; c. broedplaats; d. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening; e. detailhandel; f. horeca; g. kantoor; h. maatschappelijke dienstverlening; i. autoparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; j. fiets- en scooterparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; k. nutsvoorzieningen; l. paden. met bijbehorende: m. individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen; n. tuinen, met dien verstande dat gronden van tuinen die op grotere afstand liggen dan 17,5 meter van de voorgevel en zonder aanduiding 'specifieke bouwaanduiding -3' niet dienen te worden beschouwd als erf in de zin van artikel 1 van bijlage II behorende bij het Besluit omgevingsrecht, zoals dat artikel luidt op het moment van de datum van inwerkingtreding van dit plan. 3.2

Bouwregels

Op en onder de in 3.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming met in achtneming van de volgende regels. 3.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' is aangegeven, met dien verstande dat de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' wordt gemeten ten opzichte van de gemiddelde hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'; c. voor gebouwen geldt een minimale plinthoogte van 3,5 meter voor woonruimte en een minimale plinthoogte van 4,0 meter voor overige functies; d. voor gebouwen geldt een horizontale gebouwdiepte van maximaal 17,5 meter; e. in afwijking van het bepaalde onder d geldt dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 3': 1. de maximale horizontale gebouwdiepte van 17,5 meter in ieder geval geldt voor de tweede bouwlaag en hoger en dat, 2. de maximale horizontale gebouwdiepte van 17,5 meter niet geldt voor de eerste bouwlaag en lager indien het dak van dat gebouwdeel voor ten minste 60% is ingericht en in stand wordt gelaten als groen dak; bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 17

f.

woonruimte waarvoor een hogere waarde is vastgesteld mag uitsluitend worden gerealiseerd indien er een geluidluwe zijde is; g. als eenmaal een gebouw op een bouwperceel is gerealiseerd, mag in afwijking van het bepaalde in lid 3.2.1 onder a, b, d en e de goot- en bouwhoogte van een gebouw op dat bouwperceel niet worden vergroot en mag het oppervlakte van het gebouw op dat perceel niet worden vergroot. 3.2.2

Bouwwerken geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. de hoogte van erfafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; b. de hoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m. 3.3

Afwijken van de bouwregels

3.3.1

Geluidluwe zijde

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning bij gefaseerde realisatie van een gesloten bouwblok afwijken van het bepaalde in lid 3.2.1 onder f voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidluwe zijde in de fase dat het bouwblok nog niet gesloten is, onder de voorwaarde dat: a. de maximale termijn voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidsluwe zijde 18 maanden is; b. de aanvrager van een omgevingsvergunning een akoestisch rapport overlegt over het aanwezig zijn van een geluidluwe zijde in de fase na voltooiing van het gehele bouwblok; c. objectief vaststaat dat de afschermende bebouwing opgericht wordt. 3.3.2

Horizontale gebouwdiepte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2.1 onder d voor een grotere horizontale gebouwdiepte. De omgevingsvergunning wordt voor: a. bouwlagen die geen gebouwde parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien de afstand tussen twee tegenover elkaar liggende achtergevels niet minder is dan 19 meter. b. bouwlagen die parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien het dak van dat gebouwdeel voor ten minste 60% is ingericht en in stand wordt gelaten als groen dak. 3.4

Specifieke gebruiksregels

3.4.1

Woonruimte

a. Voor het benutten van woonruimte als bedoeld in lid 3.1 onder a geldt dat: 1. het benutten van een woonruimte in de vorm van onzelfstandige woonruimte niet is toegestaan; 2. het benutten van een woonruimte ten behoeve van bed & breakfast niet is toegestaan; 3. het benutten van woonruimte dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan; 4. bewoning in de eerste bouwlaag en de hoger gelegen bouwlagen is toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'wonen' de eerste bouwlaag niet mag worden gebruikt voor bewoning, maar wel voor maximaal 30% voor nevenruimten ten dienste van de bewoning op de hoger gelegen bouwlagen, zoals toegangruimten en bergruimten. b. Praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis: 1. Per woonruimte mag maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte worden gebruikt met een maximum van 50 m2; 2. De activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner.

Gemeente Amsterdam

blz. 18

3.4.2

Bedrijf

Voor bedrijf als bedoeld in lid 3.1 onder b geldt dat: a. bedrijf uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf'; b. uitsluitend bedrijven zijn toegestaan die zijn opgenomen in de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging, met dien verstande dat: 1. in geval van een bedrijf aanpandig aan woonruimte, uitsluitend activiteiten zijn toegestaan die in de bij deze regels behorende bijlage Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging, vallen onder categorie A; 2. in geval van een bedrijf die bouwkundig afgescheiden is van woonruimte, activiteiten zijn toegestaan die in de bij deze regels behorende bijlage Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging, vallen onder categorie A en B; c. bedrijf uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag; d. in afwijking van c geldt voor gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' dat bedrijf uitsluitend is toegestaan in de eerste en tweede bouwlaag waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.3

Broedplaats

Voor broedplaats als bedoeld in lid 3.1 onder c geldt dat: a. broedplaats uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf'; b. broedplaats uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag. c. in afwijking van b geldt voor gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' dat broedplaats uitsluitend is toegestaan in de eerste en tweede bouwlaag waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.4

Consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening

Voor consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening als bedoeld in lid 3.1 onder d geldt dat: a. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'dienstverlening'; b. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag; c. in afwijking van b geldt voor gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' dat consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening uitsluitend is toegestaan in de eerste en tweede bouwlaag waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.5

Detailhandel

Voor detailhandel als bedoeld in lid 3.1 onder e geldt dat: a. detailhandel uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel'; b. detailhandel uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 1' uitsluitend laden en lossen is toegestaan; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 2' geen supermarkt is toegestaan, met uitzondering van een toegang tot supermarkt. 3.4.6

Horeca

Voor horeca als bedoeld in lid 3.1 onder f geldt dat: a. horeca uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca';

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 19

b. uitsluitend horeca 1, horeca 3 en horeca 4 is toegestaan; c. horeca uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag en in de tweede bouwlaag; d. in afwijking van c geldt voor gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' dat horeca uitsluitend is toegestaan in de eerste en tweede bouwlaag waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.7

Kantoor

Voor kantoor als bedoeld in lid 3.1 onder g geldt dat: a. kantoor uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'kantoor'; b. kantoor uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag; c. in afwijking van b geldt voor gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' dat kantoor uitsluitend is toegestaan in de eerste en tweede bouwlaag waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.8

Maatschappelijke dienstverlening

Voor maatschappelijke dienstverlening als bedoeld in lid 3.1 onder h geldt dat: a. maatschappelijke dienstverlening dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan. b. buitenspeelvoorzieningen ten behoeve van scholen en kinderdagverblijven niet is toegestaan. 3.4.9

Parkeren

Voor auto-, fiets- en scooterparkeren van de in lid 3.1 onder a tot en met h genoemde functies geldt dat: a. het bepaalde in artikel 13.1 in acht moet worden genomen; b. autoparkeren op en onder de in lid 3.1 bedoelde gronden is toegestaan in gebouwde autoparkeervoorzieningen die geheel verdiept of halfverdiept zijn; c. autoparkeervoorzieningen die halfverdiept worden gerealiseerd moeten een minimale afstand van 5,0 meter terugliggen ten opzichte van de grens van het bouwvlak; d. fiets- en scooterparkeren op en onder de in lid 3.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in inpandige fietsenstallingen en bergingen in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept, met dien verstande dat dit in gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' ook in de tweede bouwlaag is toegestaan waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.10 Bergingen Voor individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen als bedoel in lid 3.1 onder m geldt dat: a. individuele bergingen zijn toegestaan in alle bouwlagen; b.

gemeenschappelijke bergingen zijn toegestaan in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept, met dien verstande dat dit in gebouwen met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' ook in de tweede bouwlaag is toegestaan waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2'. 3.4.11 Omvang Voor het bruto vloeroppervlak van de in lid 3.1 onder a tot en met h genoemde functies geldt dat het bepaalde in artikel 14.1.1 in acht moet worden genomen.

Gemeente Amsterdam

blz. 20

3.4.12 Voorwaardelijke verplichting - geluidsonderzoek Bij aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding - 7' moet middels geluidsonderzoek worden aangetoond dat: a. ter plaatse van geluidsgevoelige bestemmingen voldaan wordt aan de wettelijk maximaal toelaatbare binnenwaarden; b. de geluidsluwe zijde van woningen waarvoor een hogere waarde is vastgesteld niet hoger worden belast dan de wettelijke voorkeursgrenswaarde van 33 dB. 3.4.13 Dove gevels Voor woonruimten en andere geluidgevoelige gebouwen geldt dat het bepaalde in artikel 13.4 in acht moet worden genomen. 3.5

Afwijken van de gebruiksregels

3.5.1

Onzelfstandige woonruimte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4.1 onder a sub 1 ten einde een woonruimte om te zetten naar een of meer onzelfstandige woonruimten. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. 3.5.2

Bed & breakfast

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4.1 onder a sub 2 ten einde een woonruimte te gebruiken voor bed & breakfast. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. De geldigheidsduur wordt gelijkgesteld aan die van de vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening. 3.5.3

Bedrijf

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de bepaling 3.4.2 voor het gebruik van gronden en bebouwing ten behoeve van: a. een bedrijf dat in de Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging onder categorie B valt maar in vergelijking met bedrijven die wel vallen onder categorie A een gelijke of mindere milieuhinder veroorzaakt; b. een bedrijf dat niet in de Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging voorkomt en in vergelijking met bedrijven die wel vallen onder de categorie A en B een gelijke of mindere milieuhinder veroorzaakt. 3.5.4

Gebruik bouwlaag

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4 ten einde gebruik dat uitsluitend op een bepaalde bouwlaag is toegestaan ook op een andere bouwlaag toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 21

3.5.5

Gebruik locatie

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4 ten einde gebruik dat uitsluitend ter plaatse van een specifiek aangeduide locatie is toegestaan ook op een andere niet specifiek aangeduide locatie toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 3.5.6

Parkeren

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.4.9 en parkeervoorzieningen ook in de eerste bouwlaag toestaan onder voorwaarde dat: a. de parkeervoorzieningen op de eerste bouwlaag ten opzichte van de grens van het bouwvlak ten minste 5,0 meter terug liggen; b. in afwijking van het bepaalde onder a.zijn parkeervoorzieningen op de eerste bouwlaag toegestaan tot op de grens van het bouwvlak ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1', waarbij als peil wordt aangemerkt de hoogte van de weg ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 2 '; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan.

Gemeente Amsterdam

blz. 22

Artikel 4 4.1

Gemengd - 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, ten behoeve van bewoning, al dan niet in combinatie met praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis; b. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening; c. detailhandel; d. horeca; e. maatschappelijke dienstverlening; f. sportvoorzieningen; g. autoparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; h. fiets- en scooterparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; i. nutsvoorzieningen; j. trafostation voor bestaande stallingsjachthaven voor elektrisch aangedreven vaartuigen; k. paden; met bijbehorende: l. individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen; m. tuinen. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. voor gebouwen gelden de volgende bouwhoogten: 1. de bouwhoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' is aangegeven; c. voor gebouwen geldt een minimale plinthoogte van 3,5 meter voor woonruimte en een minimale plinthoogte van 4,0 meter voor overige functies; d. voor gebouwen geldt een horizontale gebouwdiepte van maximaal 17,5 meter; e. in afwijking van het bepaalde onder d geldt dat: 1. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 4' de maximale horizontale gebouwdiepte van 17,5 meter alleen geldt voor de vijfde bouwlaag en hoger; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 5' de maximale horizontale gebouwdiepte van 17,5 meter in ieder geval geldt voor de tweede bouwlaag en hoger en dat dit niet geldt voor de eerste bouwlaag en lager indien het dak van dat gebouwdeel voor ten minste 60% is ingericht en in stand wordt gelaten als groen dak; f. woonruimte waarvoor een hogere waarde is vastgesteld mag uitsluitend worden gerealiseerd indien er een geluidluwe zijde is; g.

als eenmaal een gebouw op een bouwperceel is gerealiseerd, mag in afwijking van het bepaalde in lid 4.2.1 onder a, b, d en e de goot- en bouwhoogte van een gebouw op dat bouwperceel niet worden vergroot en mag het oppervlakte van het gebouw op dat perceel niet worden vergroot. 4.2.2

Bouwwerken geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. de hoogte van erfafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 23

b. de hoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m. 4.3

Afwijken van de bouwregels

4.3.1

Horizontale gebouwdiepte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2.1 onder d voor een grotere horizontale gebouwdiepte. De omgevingsvergunning wordt voor: a. bouwlagen die geen gebouwde parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien de afstand tussen twee tegenover elkaar liggende achtergevels niet minder is dan 19 meter; b. bouwlagen die parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien het dak van dat gebouwdeel voor ten minste 60% is ingericht en in stand wordt gelaten als groen dak. 4.3.2

Geluidluwe zijde

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning bij gefaseerde realisatie van een gesloten bouwblok afwijken van het bepaalde in lid 4.2.1 onder f voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidluwe zijde in de fase dat het bouwblok nog niet gesloten is, onder de voorwaarde dat: a. de maximale termijn voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidsluwe zijde 18 maanden is; b. de aanvrager van een omgevingsvergunning een akoestisch rapport overlegt over het aanwezig zijn van een geluidluwe zijde in de fase na voltooiing van het gehele bouwblok; c. objectief vaststaat dat de afschermende bebouwing opgericht wordt. 4.4

Specifieke gebruiksregels

4.4.1

Woonruimte

a. Voor het benutten van woonruimte als bedoeld in lid 4.1 onder a geldt dat: 1. het benutten van een woonruimte in de vorm van onzelfstandige woonruimte niet is toegestaan; 2. het benutten van een woonruimte ten behoeve van bed & breakfast niet is toegestaan; 3. bewoning in de eerste bouwlaag en de hoger gelegen bouwlagen is toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'wonen' de eerste bouwlaag niet mag worden gebruikt voor bewoning, maar wel voor maximaal 30% voor nevenruimten ten dienste van de bewoning op de hoger gelegen bouwlagen, zoals toegangruimten en bergruimten; b. Praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis: 1. Per woonruimte mag maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte worden gebruikt met een maximum van 50 m2; 2. De activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 4.4.2

Consumentverlenende en zakelijke dienstverlening

Voor consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening als bedoeld in lid 4.1 onder b geldt dat: a. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'dienstverlening'; b. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag. 4.4.3

Detailhandel

Voor detailhandel als bedoeld in lid 4.1 onder c geldt dat: a. detailhandel uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel'; b. detailhandel uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag, met dien verstande dat: 1. laden en lossen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 1' is

Gemeente Amsterdam

blz. 24

toegestaan; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 2 geen supermarkt is toegestaan, met uitzondering van een toegang tot supermarkt. 4.4.4

Horeca

Voor horeca als bedoeld in lid 4.1 onder d geldt dat: a. horeca uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca'; b. uitsluitend horeca 1, horeca 3 en horeca 4 is toegestaan; c. horeca uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag) en in de tweede bouwlaag. 4.4.5

Maatschappelijke dienstverlening

Voor maatschappelijke dienstverlening als bedoeld in lid 4.1 onder e geldt dat: a. buitenspeelvoorzieningen ten behoeve van scholen en kinderdagverblijven niet is toegestaan. 4.4.6

Sportvoorzieningen

Voor sportvoorzieningen als bedoeld in lid 4.1 onder f geldt dat sportvoorzieningen uitsluitend zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'sport'. 4.4.7

Parkeren

Voor auto-, fiets- en scooterparkeren van de in lid 4.1 onder a tot en met f genoemde functies geldt dat: a. het bepaalde in artikel 13.1 in acht moet worden genomen; b. autoparkeren op en onder de in lid 4.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in geheel verdiepte autoparkeervoorzieningen; c. fiets- en scooterparkeren op en onder de in lid 4.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in inpandige fietsenstallingen en bergingen in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 4.4.8

Bergingen

Voor individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen als bedoel in lid 4.1 onder l geldt dat: a. individuele bergingen zijn toegestaan in alle bouwlagen; b. gemeenschappelijke bergingen zijn toegestaan in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 4.4.9

Omvang

Voor het bruto vloeroppervlak van de in lid 4.1 onder a tot en met f genoemde functies geldt dat het bepaalde in artikel 14.1.1 in acht moet worden genomen. 4.4.10 Dove gevels Voor woonruimten en andere geluidgevoelige gebouwen geldt dat het bepaalde in artikel 13.4 in acht moet worden genomen.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 25

4.5

Afwijken van de gebruiksregels

4.5.1

Onzelfstandige woonruimte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4.1 onder a sub 1 ten einde een woonruimte om te zetten naar een of meer onzelfstandige woonruimten. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. 4.5.2

Bed & breakfast

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4.1 onder a sub 2 ten einde een woonruimte te gebruiken voor bed & breakfast. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. De geldigheidsduur wordt gelijkgesteld aan die van de vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening. 4.5.3

Gebruik bouwlaag

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4 ten einde gebruik dat uitsluitend op een bepaalde bouwlaag is toegestaan ook op een andere bouwlaag toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 4.5.4

Gebruik locatie

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4 ten einde gebruik dat uitsluitend ter plaatse van een specifiek aangeduide locatie is toegestaan ook op een andere niet specifiek aangeduide locatie toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 4.5.5

Parkeren

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.4.7 en parkeervoorzieningen ook halfverdiept en in de eerste bouwlaag toestaan onder voorwaarde dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan;

Gemeente Amsterdam

blz. 26

Artikel 5 5.1

Gemengd - 3

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - 3' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, ten behoeve van bewoning, al dan niet in combinatie met praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis; b. horeca; c. maatschappelijke dienstverlening; d. sportvoorzieningen; e. autoparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; f. fiets- en scooterparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; g. nutsvoorzieningen; h. trafostation voor bestaande stallingsjachthaven voor elektrisch aangedreven vaartuigen; i. paden. met bijbehorende: j. individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen; k. tuinen, met dien verstande dat gronden van tuinen die op grotere afstand liggen dan 17,5 meter van de voorgevel en zonder aanduiding 'specifieke bouwaanduiding -6' niet dienen te worden beschouwd als erf in de zin van artikel 1 van bijlage II behorende bij het Besluit omgevingsrecht, zoals dat artikel luidt op het moment van de datum van inwerkingtreding van dit plan. 5.2

Bouwregels

5.2.1

Gebouwen

a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. voor gebouwen gelden de volgende bouwhoogten: 1. de bouwhoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' is aangegeven; c. voor gebouwen geldt een minimale plinthoogte van 3,5 meter voor woonruimte en een minimale plinthoogte van 4,0 meter voor overige functies; d. voor gebouwen geldt een horizontale gebouwdiepte van maximaal 17,5 meter; e. in afwijking van het bepaalde onder d geldt dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 6' de maximale horizontale gebouwdiepte van 17,5 meter alleen geldt voor de vijfde bouwlaag en hoger; f. woonruimte waarvoor een hogere waarde is vastgesteld mag uitsluitend worden gerealiseerd indien er een geluidluwe zijde is; g. als eenmaal een gebouw op een bouwperceel is gerealiseerd, mag in afwijking van het bepaalde in lid 5.2.1 onder a, b, d en e de goot- en bouwhoogte van een gebouw op dat bouwperceel niet worden vergroot en mag het oppervlakte van het gebouw op dat perceel niet worden vergroot. 5.2.2

Bouwwerken geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. de hoogte van erfafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; b. de hoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 27

5.3

Afwijken van de bouwregels

5.3.1

Horizontale gebouwdiepte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.2.1 onder d voor een grotere horizontale gebouwdiepte. De omgevingsvergunning wordt voor: a. bouwlagen die geen gebouwde parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien de afstand tussen twee tegenover elkaar liggende achtergevels niet minder is dan 19 meter; b. bouwlagen die parkeervoorzieningen betreffen slechts verleend indien het dak van dat gebouwdeel voor ten minste 60% is ingericht en in stand wordt gelaten als groen dak. 5.3.2

Geluidluwe zijde

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning bij gefaseerde realisatie van een gesloten bouwblok afwijken van het bepaalde in lid 5.2.1 onder f voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidluwe zijde in de fase dat het bouwblok nog niet gesloten is, onder de voorwaarde dat: a. de maximale termijn voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidsluwe zijde 18 maanden is; b. de aanvrager van een omgevingsvergunning een akoestisch rapport overlegt over het aanwezig zijn van een geluidluwe zijde in de fase na voltooiing van het gehele bouwblok; c. objectief vaststaat dat de afschermende bebouwing opgericht wordt. 5.4

Specifieke gebruiksregels

5.4.1

Woonruimte

a. Voor het benutten van woonruimte als bedoeld in lid 5.1 onder a geldt dat: 1. het benutten van een woonruimte in de vorm van onzelfstandige woonruimte niet is toegestaan; 2. het benutten van een woonruimte ten behoeve van bed & breakfast niet is toegestaan; 3. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 3' het benutten van woonruimte dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan; 4. bewoning is toegestaan in de eerste bouwlaag en de hoger gelegen bouwlagen. b. Praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis: 1. Per woonruimte mag maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte worden gebruikt met een maximum van 50 m2; 2. De activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 5.4.2

Maatschappelijke dienstverlening

Voor maatschappelijke dienstverlening als bedoeld in lid 5.1 onder c geldt dat: a. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van gemengd - 3' maatschappelijke dienstverlening dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan; b. buitenspeelvoorzieningen ten behoeve van scholen en kinderdagverblijven niet is toegestaan. 5.4.3

Horeca

Voor horeca als bedoeld in lid 5.1 onder b geldt dat: a. horeca uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca'; b. uitsluitend horeca 1, horeca 3 en horeca 4 is toegestaan; c. horeca uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag en in de tweede bouwlaag;

Gemeente Amsterdam

blz. 28

5.4.4

Sportvoorzieningen

Voor sportvoorzieningen als bedoeld in lid 5.1 onder d geldt dat sportvoorzieningen uitsluitend zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'sport'. 5.4.5

Parkeren

Voor auto-, fiets- en scooterparkeren van de in lid 5.1 onder a tot en met d genoemde functies geldt dat: a. het bepaalde in artikel 13.1 in acht moet worden genomen; b. autoparkeren op en onder de in lid 5.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in geheel verdiepte autoparkeervoorzieningen; c. fiets- en scooterparkeren op en onder de in lid 5.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in inpandige fietsenstallingen en bergingen in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 5.4.6

Bergingen

Voor individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen als bedoel in lid 5.1 onder i geldt dat: a. individuele bergingen zijn toegestaan in alle bouwlagen; b. gemeenschappelijke bergingen zijn toegestaan in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 5.4.7

Omvang

Voor het bruto vloeroppervlak van de in lid 5.1 onder a tot en met d genoemde functies geldt dat het bepaalde in artikel 14.1.1 in acht moet worden genomen. 5.4.8

Dove gevels

Voor woonruimten en andere geluidgevoelige gebouwen geldt dat het bepaalde in artikel 13.4 in acht moet worden genomen. 5.5

Afwijken van de gebruiksregels

5.5.1

Onzelfstandige woonruimte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4.1 onder a sub 1 ten einde een woonruimte om te zetten naar een of meer onzelfstandige woonruimten. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. 5.5.2

Bed & breakfast

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4.1 onder a sub 2 ten einde een woonruimte te gebruiken voor bed & breakfast. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. De geldigheidsduur wordt gelijkgesteld aan die van de vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of -verordening.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 29

5.5.3

Gebruik bouwlaag

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4 ten einde gebruik dat uitsluitend op een bepaalde bouwlaag is toegestaan ook op een andere bouwlaag toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 5.5.4

Gebruik locatie

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4 ten einde gebruik dat uitsluitend ter plaatse van een specifiek aangeduide locatie is toegestaan ook op een andere niet specifiek aangeduide locatie toe te staan, onder de voorwaarde dat: a. het bepaalde in lid 14.1.1 in acht wordt genomen; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 5.5.5

Parkeren

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.4.5 en parkeervoorzieningen ook halfverdiept en in de eerste bouwlaag toestaan onder voorwaarde dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan;

Gemeente Amsterdam

blz. 30

Artikel 6 6.1

Gemengd - 4

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd - 4' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het benutten van woonruimte, niet zijnde standplaatsen, ten behoeve van bewoning, al dan niet in combinatie met praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis; b. bedrijf; c. broedplaats; d. consumentverzorgende en zakelijke dienstverlening; e. culturele voorzieningen; f. detailhandel; g. horeca; h. kantoor; i. maatschappelijke dienstverlening; j. autoparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; k. fiets- en scooterparkeren met bijbehorende toegangen en in- en uitritten; l. nutsvoorzieningen; m. paden. met bijbehorende: n. individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen; o. tuinen. 6.2

Bouwregels

Op en onder de in 6.1 genoemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten dienste van de bestemming met in achtneming van de volgende regels. 6.2.1

Gebouwen

a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte mag niet meer zijn dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' is aangegeven; c. voor gebouwen geldt een minimale plinthoogte van 3,5 meter voor woonruimte en een minimale plinthoogte van 4,0 meter voor overige functies; d. woonruimte waarvoor een hogere waarde is vastgesteld mag uitsluitend worden gerealiseerd indien er een geluidluwe zijde is; e. als eenmaal een gebouw op een bouwperceel is gerealiseerd, mag in afwijking van het bepaalde in lid 6.2.1 onder a en b de goot- en bouwhoogte van een gebouw op dat bouwperceel niet worden vergroot en mag het oppervlakte van het gebouw op dat perceel niet worden vergroot. 6.2.2

Bouwwerken geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. de hoogte van erfafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; b. de hoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 31

6.3

Afwijken van de bouwregels

6.3.1

Bouwhoogte

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 6.2.1 onder b sub 1 voor het vergroten van de maximum bouwhoogte tot een maximum bouwhoogte van 40 meter, met dien verstande dat: a. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige opzet van het plan. 6.3.2

Geluidluwe zijde

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning bij gefaseerde realisatie van een gesloten bouwblok afwijken van het bepaalde in lid 6.2.1 onder d voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidluwe zijde in de fase dat het bouwblok nog niet gesloten is, onder de voorwaarde dat: a. de maximale termijn voor het tijdelijk toestaan van het ontbreken van een geluidsluwe zijde 18 maanden is; b. de aanvrager van een omgevingsvergunning een akoestisch rapport overlegt over het aanwezig zijn van een geluidluwe zijde in de fase na voltooiing van het gehele bouwblok; c. objectief vaststaat dat de afschermende bebouwing opgericht wordt. . 6.4

Specifieke gebruiksregels

6.4.1

Woonruimte

a. Voor het benutten van woonruimte als bedoeld in lid 6.1 onder a geldt dat: 1. het benutten van een woonruimte in de vorm van onzelfstandige woonruimte niet is toegestaan; 2. het benutten van een woonruimte ten behoeve van bed & breakfast niet is toegestaan; 3. het benutten van woonruimte dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan; 4. bewoning is toegestaan in de tweede bouwlaag en hoger; 5. de eerste bouwlaag niet mag worden gebruikt voor bewoning, maar wel voor maximaal 30% voor nevenruimten ten dienste van de bewoning op de hoger gelegen bouwlagen, zoals toegangruimten en bergruimten; b. Praktijk- of vrije beroepsuitoefening aan huis: 1. Per woonruimte mag maximaal 30% van de bruto vloeroppervlakte worden gebruikt met een maximum van 50 m2; 2. De activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 6.4.2

Bedrijf

Voor bedrijf als bedoeld in lid 6.1 onder b geldt dat: a. uitsluitend bedrijven zijn toegestaan die zijn opgenomen in de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging, met dien verstande dat: 1. in geval van een bedrijf aanpandig aan woonruimte, uitsluitend activiteiten zijn toegestaan die in de bij deze regels behorende bijlage Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging, vallen onder categorie A; 2. in geval van een bedrijf die bouwkundig afgescheiden is van woonruimte, activiteiten zijn toegestaan die in de bij deze regels behorende bijlage Staat van Bedrijfsactiviteiten functiemenging, vallen onder categorie A en B.

Gemeente Amsterdam

blz. 32

6.4.3

Detailhandel

Voor detailhandel als bedoeld in lid 6.1 onder f geldt dat: a. detailhandel uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel'; b. detailhandel uitsluitend is toegestaan in de eerste bouwlaag; a. supermarkt niet is toegestaan. 6.4.4

Horeca

Voor horeca als bedoeld in lid 6.1 onder f geldt dat: a. horeca uitsluitend is toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca'; b. uitsluitend horeca 1, horeca 3 en horeca 4 is toegestaan. 6.4.5

Maatschappelijke dienstverlening

Voor maatschappelijke dienstverlening als bedoeld in lid 6.1 onder g geldt dat: a. maatschappelijke dienstverlening dat specifiek bedoeld is voor minder zelfredzame personen niet is toegestaan. b. buitenspeelvoorzieningen ten behoeve van scholen en kinderdagverblijven niet is toegestaan. 6.4.6

Parkeren

Voor auto-, fiets- en scooterparkeren van de in lid 6.1 onder a tot en met i genoemde functies geldt dat: a. het bepaalde in artikel 13.1 in acht moet worden genomen; b. autoparkeren op en onder de in lid 6.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in geheel verdiepte autoparkeervoorzieningen; c. fiets- en scooterparkeren op en onder de in lid 6.1 bedoelde gronden uitsluitend is toegestaan in inpandige fietsenstallingen en bergingen in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 6.4.7

Bergingen

Voor individuele en gemeenschappelijke inpandige bergingen als bedoel in lid 6.1 onder n geldt dat: a. individuele bergingen zijn toegestaan in alle bouwlagen; b. gemeenschappelijke bergingen zijn toegestaan in de eerste bouwlaag en halfverdiept en geheel verdiept. 6.4.8

Omvang

Voor het bruto vloeroppervlak van de in lid 6.1 onder a tot en met i genoemde functies geldt dat het bepaalde in artikel 14.1.1 in acht moet worden genomen. 6.4.9

Voorwaardelijke verplichting - geluidsonderzoek

Bij aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen ter plaatse van de 'specifieke bouwaanduiding - 7' moet middels geluidsonderzoek worden aangetoond dat: a. ter plaatse van geluidsgevoelige bestemmingen voldaan wordt aan de wettelijk maximaal toelaatbare binnenwaarden; b. de geluidsluwe zijde van woningen waarvoor een hogere waarde is vastgesteld niet hoger worden belast dan de wettelijke voorkeursgrenswaarde van 33 dB.

bestemmingsplan_Amstelk wartier derde fase West (vastgesteld)

blz. 33

6.4.10 Dove gevels Voor woonruimten en andere geluidgevoelige gebouwen geldt dat het bepaalde in artikel 13.4 in acht moet worden genomen. 6.5

Afwijken van de gebruiksregels

6.5.1

Onzelfstandig woonruimte

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4.1 onder a sub 1 ten einde een woonruimte om te zetten naar een of meer onzelfstandige woonruimten. De omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien de daarvoor benodigde vergunning op grond van de Huisvestingswet en/of - verordening is verleend. 6.5.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10976599/1