Raadsadres voedselpark Amsterdam bijl3 conclusie.pdf
Tekst van het document
Gemeente erkent dat Lutkemeerpolder niet ideaal is voor stadslogistiek Op 7 maart 2024 vond er een gezamenlijke bijeenkomst plaats met de Gemeente Amsterdam en burgerinitiatief Voedselpark Amsterdam . Een bijzondere dag waarbij beide partijen hun plannen, onderzoeksresultaten en zorgen deelden. Tien experts op diverse gebieden presenteerden inzichten, waarna er ruimte was voor vragen en aanvullingen. Dankzij deze nieuwe informatie ziet Voedselpark Amsterdam kansen om de hele polder in te zetten voor lokale voedselproductie, ten gunste van de omliggende wijken en om de betrokkenheid van bewoners daarbij te vergroten. Belangrijkste bevindingen ● ● ● ● ●
● ● ● ● ●
●
De gemeente Amsterdam ontwikkelt een bedrijventerrein voor voornamelijk stadslogistiek, terwijl ze nog geen visie heeft op stadslogistiek. De gemeente erkent dat de Lutkemeerpolder niet ideaal is voor stadslogistiek. Het verkeersonderzoek van de gemeente is beperkt en verouderd. De gemeente heeft fysieke ruimte gereserveerd voor een afrit van de A5 naar de Lutkemeerpolder, maar zegt geen noodzaak te zien voor een dergelijke afrit. De mogelijke kosten zijn nergens meegenomen in berekeningen. Het concept van duurzame stadslogistiek waar de gemeente van uitgaat, is wensdenken. Het resultaat is dat de komende jaren de grote hoeveelheid te verwachten verkeer (minimaal 600 vrachtwagens, 400 bestelbusjes en 4000 personenauto’s per dag) zal leiden tot problemen rond luchtkwaliteit (fijnstof, CO2), veiligheid, trillingen, geluidshinder, en andere uitstoot. De gemeente heeft zeer weinig regie op welke bedrijven zich in de polder zullen vestigen. De polder ligt bijna 5 meter onder NAP. Het ministerie roept op 'water en bodem sturend' te zijn bij de inrichting van ons land; de gemeente legt die oproep naast zich neer. Waterschap Amstel Gooi en Vechtstreek heeft in een zienswijze bebouwing van de polder afgeraden. De door de gemeente voortdurend genoemde kosten voor functie-omzetting zijn gemaakt ‘op de achterkant van een sigarendoosje’ (aldus de gemeente).
De ‘onherroepelijkheid’ van een bestemmingsplan is relatief: er kan te allen tijde een nieuw omgevingsplan worden opgesteld, wat de mogelijkheid tot een nieuw bestemmingsplan biedt. De gemeente Amsterdam vreest financiële claims bij functieomzetting; Voedselpark Amsterdam stelt dat vergunningen een inspanningsovereenkomst inhouden richting bedrijven, maar dat meer opportune plannen niet automatisch als contractbreuk gelden.
Concluderend Op basis van deze unieke vorm van burgerparticipatie roept Voedselpark Amsterdam de gemeenteraad op om de huidige ontwikkelingen in de polder te stoppen.