CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsadres SAM reclamebelasting en vermakelijkhedenretributie voor culturele instelingen

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Raadsadres van Overleg Amsterdam Musea en Stichting Samenwerkende Amsterdamse Musea inzake reclamebelasting en vermakelijkhedenretributie voor culturele instellingen VN2021-017831868 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stichting Samenwerkende Musea Amsterdam (SAM) P.O. Box 75366 1070 AJ Amsterdam The Netherlands amsterdammusea@gmail.com Aan de gemeenteraad Postbus 202 1000AE Amsterdam Amsterdam, 16 juni 2021 Betreft: Reclamebelasting en Vermakelijkhedenretributie (VMR) voor culturele instellingen Geachte leden van de gemeenteraad, Na tweemaal te zijn uitgesteld wegens de coronacrisis werd op 1 januari 2021 de reclamebelasting (opnieuw) ingevoerd, met als doel reclame in de openbare ruimte verminderen en het gebruik van de openbare ruimte voor commerciële doeleinden belasten. Daarnaast is er per 1 januari 2020 de vermakelijkhedenretributie ingevoerd, een extra belasting voor onder meer rondleidingen in de stad, welke per 2022 ook voor alle evenementen en festivals geldt. Twee maatregelen die een direct effect hebben op de culturele sector in Amsterdam. Beide maatregelen zijn in 2019 in korte tijd gepresenteerd en aangenomen, ondanks de bezwaren van het ACI (zoals opgetekend in de brieven op 17 en 24 oktober 2019, zie bijlagen) en het gebrek aan tijd voor de culturele sector om te reageren. De aanname vond bovendien plaats op een moment dat de budgetten en contracten voor 2020 al waren vastgelegd. De museumsector dreigde daardoor al in een benarde situatie terecht te komen.

Daar bovenop kwam de coronacrisis, die voor alle culturele instellingen heeft geleid tot tijdelijke sluitingen en verlies van inkomsten, voor bijna alle instellingen tot bezuinigingen en voor sommige instellingen zelfs tot ontslagrondes of permanente sluiting. Musea en andere culturele instellingen maken veelvuldig gebruik van buitenreclame, bieden kleinschalige rondleidingen en wandelconcerten aan en organiseren festivals en evenementen. Zaken die het culturele leven van Amsterdam verrijken en de stad aantrekkelijk maken voor bewoners, maar ook voor bezoekers en toeristen die de stad in de toekomst aan wil trekken. Door de invoering van reclamebelasting en de vermakelijkhedenretributie zal het – met name voor de middelgrote en kleine musea – lastig worden om deze activiteiten voort te zetten. Een resultaat dat tegenstrijdig is met ambities van de stad zoals verwoord in het Kunstenplan: ‘...cultureel erfgoed is mede bepalend voor onze identiteit, een zichtbaar onderdeel van onze cultuur en toegankelijk voor iedereen. Dat erfgoed verdient bescherming, juist in een groeiende stad.’ Het Advies voor Herontwerp Bezoekerseconomie Amsterdam dat werd gepresenteerd door Amsterdam&partners als een gids voor na de coronacrisis, adviseert nota bene dat er ‘actief [wordt] ingezet op waarde toevoegende doelgroepen zoals de cultuurbezoeker’.

Daarnaast zal de reclamebelasting ook niet bijdragen aan het door het college gestelde doel om minder reclame in het straatbeeld te realiseren, of zoals de directeur belastingen van de gemeente Amsterdam de missie verwoordde: ‘...reclame in de openbare ruimte verminderen en het gebruik van de openbare ruimte voor commerciële doeleinden belasten.’ Deze beslissing zal resulteren in juist méér commerciële uitingen in het straatbeeld. Simpelweg omdat het voor veel culturele partijen, waaronder musea, onbetaalbaar wordt. Met een groei van het aandeel van commerciële reclames in de stad als gevolg. Het lijkt het geenszins aannemelijk dat de kiezers bij minder reclame aan de uitingen van de cultuursector hebben gedacht. Bij de vermakelijkheidsretributie wordt geheven per bezoeker, wat tot gevolg heeft dat de tarieven voor deelname aan de door of met musea georganiseerde stadswandelingen (zoals de Black Heritage Tours), wandelconcerten, kleinschalige festivals en evenementen, stijgen en derhalve minder toegankelijk zijn voor mensen met een kleine beurs. Dit terwijl deze evenementen juist proberen breed en inclusief te zijn. De vermakelijkhedenretributie heeft derhalve een averechts effect.

Er is een patroon zichtbaar in deze belastingen: extra heffingen die bedoeld lijken om de vercommercialisering van de openbare ruimte aan banden te leggen maken geen onderscheid tussen de commercie en de cultuursector, waarvan de uitingen en activiteiten van toegevoegde waarde zijn voor de stad en juiste de gewenste bezoekerseconomie stimuleren. Enerzijds worden projecten, zoals tentoonstellingen, (wandel)concerten, festivals en evenementen gesteund door het AFK, waarbij veelal ook een eis is dat er zelf inkomsten worden gegenereerd, terwijl anderzijds die inkomsten door de reclamebelasting en vermakelijkhedenretributie worden afgeroomd. De reeds in het nauw geraakte culturele sector wordt door deze extra maatregelen onevenredig hard geraakt. De subsidie die naar culturele instellingen gaat, stroomt weer terug naar de gemeente in de vorm van belasting met als enige effect dat er minder budget is om Amsterdammers – al via het straatbeeld – in aanraking te brengen met cultuur. De museale uitingen en activiteiten zijn namelijk niet alleen een belangrijk hulpmiddel bij het genereren van de bezoekersstromen, ze communiceren ook de culturele rijkdom van de metropoolregio Amsterdam. De affiches van culturele instellingen worden in het Kunstenplan zelfs genoemd als een voorbeeld van kunst in de openbare ruimte.

Het belasten van de uitingen en activiteiten van culturele instellingen gaat lijnrecht in tegen zowel het Kunstenplan als de doelstelling van de verordening reclamebelasting. Musea en andere culturele organisaties zouden buiten de doelstelling moeten vallen. De directies van Amsterdamse musea (verenigd in het Overleg Amsterdamse Musea - OAM) roepen het college van burgemeesters en wethouders daarom dringend op om de vrijstelling van non-profit organisaties op te nemen in de verordening reclamebelasting onder Artikel 8 Vrijstellingen, en in de verordening vermakelijkhedenretributie onder Artikel 10 Vrijstellingen. Het doel van de verordening is immers het belasten van commerciële activiteiten. Namens de Directies Amsterdamse musea verblijven wij in afwachting van uw reactie, Hoogachtend, Marije Kool en Barbara van Amelsfort (voorzitters MOAM) Overleg Amsterdam Musea | Stichting Samenwerkende Amsterdamse Musea (SAM)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10341257/1