Raadsadres onjuiste informatie over de Lutkemeerpolder door wethouder RO
Tekst van het document
6 december 2021 Geachte raadsleden RO De mooie Lutke haalt zelfs Het Financieel Dagblad, inclusief de pathologische leugens van wethouder van Doorninck: er is immers genoeg bedrijventerrein in de buurt van Amsterdam dat zit te springen om bebouwd te worden en dus gedeeld kan worden – daarvoor hoef je de mooie en vruchtbare Lutkemeer niet te verwoesten. Waarom moet de Lutkemeer dan, koste wat kost, toch opgeofferd worden aan de hype van verdozing, annex nieuwe wegen en dito toename van verkeer en vervoer in stad en ommeland. Immers op steenworp afstand worden kavels bebouwd en zijn vele kavels bouwrijp gemaakt en beschikbaar, o.a. de SADC terreinen (zie bijv. Logistic Park, Trade Park, Polanenpark). Overigens, ook op gronden in het Westelijk Havengebied en in de Haarlemmermeer is de explosieve ontwikkeling van ‘verdozing’ van het landschap zichtbaar. Dit groeiende aanbod zou een reden van grote zorg voor de provincie moeten zijn -zie ook eerdergenoemd advies van het College van Rijksadviseurs en het (te) ruime aanbod van logistiek vastgoed. Citaat uit brief aan Provinciale Staten Nood Holland, 20 juli 2020
Ochtendgroet xxxxxxx
DE WERELD IN 2022
Grondhongerig Nederland strijdt om de schaarse ruimte Bas Knoop 06:00
Burgers zien het landschap waarin zij wonen en recreëren steeds verder verstenen, vergrijzen en verrommelen, maar kunnen weinig doen tegen bedrijventerreinen, distributiecentra en windmolenparken die staan te dringen om de schaarse Nederlandse grond economisch te 'verzilveren'. Tijd voor een nieuw ministerie van VROM?
Een actievoerder in de Lutkemeerpolder aan de rand van Amsterdam, waar 40 hectare natuurgebied moet wijken voor een bedrijventerrein. Supermarktconcern Ahold zag onlangs af van de bouw van een distributiecentrum in het gebied. Foto: Sabine Joosten/ANP
In het kort
Weids uitzicht in een Hollands landschap dreigt te verdwijnen.
De afgelopen decennia is vooral ingezet op het maximaal economisch benutten van de ruimte in steden en landbouwgebieden.
Burgers hebben weinig inspraak, zodat er geen oog meer is voor de leefomgeving.
Deskundigen pleiten voor hernieuwde bemoeienis met ruimtelijke ordening door het Rijk, met een minister van Ruimtelijke Ordening.
Alies Fernhout krijgt vaak van mensen te horen dat de luchten boven de Lutkemeerpolder zo mooi zijn. En het uitzicht zo weids. 'Dan zeg ik: “Dat is niet alleen hier, hoor, die luchten zijn overal zo mooi. Alleen hier zie je ze nog”', zegt Fernhout. Maar voor hoe lang nog? Fernhout woont aan de rand van de Lutkemeer, een ingepolderd meertje dat grenst aan de vroegere Haarlemmermeer. De polder zit ingeklemd tussen Amsterdam-Osdorp en luchthaven Schiphol. Een deel van de gronden is sinds halverwege de jaren negentig in gebruik door biologisch akkerbouwbedrijf en zorgboerderij De Boterbloem. Een bijzonder gebied, meent Fernhout, die een hoveniersbedrijf runt. 'Dit is hartstikke vruchtbare grond. Hier zie je nog het historische boerenlandschap met zijn bolle akkers. Of beter gezegd: zag.'
Grond verzilveren Het karakter van de Lutkemeer gaat veranderen. Een deel is de afgelopen jaren al ontwikkeld tot bedrijventerrein; datzelfde gaat nu gebeuren met de ruim veertig hectare groen waar ook De Boterbloem is gevestigd. Voor stadslandbouw en de zorgboerderij blijft drie hectare over. Het recente besluit van supermarktconcern Ahold af te zien van de bouw van een distributiecentrum in de polder verandert niets aan de plannen, stelt de gemeente Amsterdam. Onbegrijpelijk, vindt Fernhout. Al jarenlang strijdt zij als lid van het Platform Behoud Lutkemeer samen met tientallen andere Amsterdammers tegen de ontwikkeling van het bedrijventerrein, waarvan de oorspronkelijke plannen al zo'n twintig jaar oud zijn. Fernhout had gehoopt dat de Amsterdamse politiek nog tot inkeer zou komen, omdat 'de tijden zijn veranderd'. 'Maar dit college kiest ervoor om de tien minuten economie te faciliteren en groen op te offeren voor grijs. Tsja, grond is schaars. Dat betekent dat er altijd mensen zullen zijn die dit soort plekken willen verzilveren omdat zij weten dat er geld mee te verdienen is.' Er is niet genoeg Nederland Op het stadhuis erkent wethouder Marieke van Doorninck dat 'dit misschien niet de ideale oplossing is'.
'Maar in een stad met structureel ruimtegebrek ontkom je er niet aan om ruimte te delen.' De GroenLinks-politica wijst erop dat de Lutkemeerpolder niet de enige plek in Amsterdam is waar partijen met tegengestelde belangen een claim leggen op een stuk grond. 'Bovendien willen wij een compacte, duurzame stad zijn, die de komende jaren flink blijft groeien. Tot 2050 komen er nog 150.000 woningen bij. In een grote stad kun je nu eenmaal niet zonder bedrijven en distributiecentra. Door die bedrijven in de stad te vestigen, kan het landschap rondom de stad groen blijven.'
De plannen voor bebouwing van de Lutkemeerpolder zijn al twintig jaar oud. In 2019 werd al grond bouwrijp gemaakt. Foto: Sabine Joosten/ANP
De jarenlange strijd om de Lutkemeerpolder staat niet op zichzelf. Of het nu gaat om de bouw van distributiecentra, de plaatsing van windmolens, de uitbreiding van stallen of de aanleg van woonwijken: op veel meer plekken in het land ruziën burgers, ondernemers, boeren en overheden met elkaar over de inrichting van Nederland. Conflicten die symbool staan voor de strijd om de schaarse ruimte die er in Nederland woedt en die steeds intenser wordt. Rijkswaterstaat inventariseerde vorig jaar de belangrijkste claims op de bodem en concludeerde dat er niet genoeg Nederland is om al die claims 'één op één' op land uit te voeren. Het ruimtetekort becijferde Rijkswaterstaat op 'drie keer bruikbaar Nederland'. Online honger Claims die in omvang de komende jaren alleen maar gaan groeien. Ga maar na: een nieuw kabinet wil één miljoen huizen bouwen, de landbouw moet verduurzamen, Nederland moet zich aanpassen aan klimaatverandering, en om de klimaatdoelen te halen, is een grootschalige uitrol van wind- en zonneparken voorzien. Grote maatschappelijke vraagstukken die zonder voldoende ruimte niet opgelost kunnen worden. En dan is het ruimtebeslag van het snel stijgende aantal distributiecentra en datacenters in ons land, die onze online honger moeten stillen, nog niet eens meegerekend. Waar kan er nog gebouwd worden? Nederland is qua oppervlakte niet groter geworden.
Bovendien raakt de bodem door het nu al intensieve gebruik van de ruimte op steeds meer plekken uitgeput, schreef het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) dit voorjaar in een rapport. Dat is slecht voor de waterkwaliteit en biodiversiteit. Ondertussen zien veel burgers dat het landschap waarin zij wonen en recreëren steeds verder versteent, vergrijst en verrommelt. Weg uitzicht. Weer minder groen. Het is de voedingsbodem voor de talloze protesten die er zijn tegen bijvoorbeeld de plaatsing van windturbines of bouw van distributiecentra. Nederland is niet af Een nieuw kabinet, zo zeggen deskundigen, moet zich daarom weer actiever gaan bemoeien met ruimtelijke ordening, waaruit het zich in de afgelopen twee decennia voor een belangrijk deel heeft teruggetrokken. Politiek Den Haag moet weer een visie durven neerleggen over de inrichting van het land. Daarvoor is het onvermijdelijk dat een nieuwe minister van Ruimtelijke Ordening Nederland opnieuw op de tekentafel legt. Na de uitrol van de Vinex-wijken halverwege de jaren negentig hevelde de landelijke overheid steeds meer taken op het gebied van ruimtelijke ordening over naar provincies en gemeenten. Deze terugtrekking werd voltooid toen het eerste kabinetRutte in oktober 2010 het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) na 45 jaar opdoekte.
Een ontwikkeling die naadloos aansloot bij het politieke discours in die jaren. De overheid moest kleiner worden, de burger zelfredzamer en lagere overheden moesten meer verantwoordelijkheden krijgen. Zo zijn ook grote delen van de jeugd- en
ouderenzorg de afgelopen jaren overgeheveld naar gemeenten. 'Bij de aanleg van de Vinex-wijken was de gedachte bij het Rijk dat Nederland zo goed als af was', zegt David Hamers, specialist ruimtelijke ordening bij het PBL. 'Nog even flink wat woningen bijbouwen, misschien her en der nog een bedrijventerrein, en dan is het klaar. Een bizarre gedachte als je daar nu op terugkijkt. Nederland is allesbehalve af.'
Een zonnepark in Hoogezand. Ook de grootschalige uitrol van wind- en zonneparken draagt bij aan het ruimtetekort. Foto: ANP
Maximaal economisch benutten Hamers wijst erop dat verschillende maatschappelijke problemen die nu spelen begin deze eeuw ook al bekend waren. De negatieve impact van de intensieve veehouderij op milieu en natuur, de aanpassing aan klimaatverandering en de noodzaak over te schakelen op duurzame energiebronnen. 'Om die problemen op te lossen, zal de politiek ingrijpende ruimtelijke keuzes moeten maken', zegt Hamers. 'Dat was toen al duidelijk, en is nu nog steeds zo.' Maar die keuzes schoof de politiek lange tijd voor zich uit. De afgelopen decennia is vooral ingezet op het 'maximaal economisch benutten' van de ruimte in steden en landbouwgebieden, stelt Hamers, die dit voorjaar meeschreef aan het PBL-rapport Grote opgaven in een beperkte ruimte. Schaalvergroting was het toverwoord. Een koers die niet zonder gevolgen bleef. Nederland overschreed sommige milieugrenzen en haalde bepaalde natuurdoelen niet, met als meest pijnlijke voorbeeld de stikstofcrisis. Ingrijpen gaat daarom nu extra pijn doen, verwacht Hamers. 'Als je een gebied gaat aanwijzen waar geen plek meer is voor intensieve veehouderij, is dat een ingrijpende beslissing. Daar wonen en werken mensen. Die kant gaan we vermoedelijk wel op.
Burgers, boeren en ondernemers voelen dat ook, vandaar de polarisatie in het debat.' Verstenen De stikstofcrisis is in zekere zin een gevolg van de onstilbare 'grondhonger' in Nederland, stelt Cor Pierik. Hij is landbouweconoom bij het CBS en 'hobbyboer' in Genemuiden. Hoewel ongeveer tweederde van het landoppervlakte nog altijd in gebruik is als land- of tuinbouwgrond, is de sector sinds 1950 circa 500.000 hectare verloren aan andere bestemmingen, rekent Pierik voor. De reactie daarop van de landbouw was intensivering: met minder grond meer voedsel produceren. Vaak met behulp van technologische innovaties en kunstmest. 'Zo konden boeren hun productie op peil houden en blijven exporteren naar de wereldmarkt. Alleen heeft de stikstofuitspraak van de Raad van State die werkwijze nu bemoeilijkt.' Zelf ervaart Pierik de grondhonger aan den lijve. Hij krijgt met enige regelmaat aanbiedingen om zijn land vol te leggen met zonnepanelen. Ook strijdt Pierik tegen uitbreiding van industrieterrein Zevenhont in Genemuiden, dat vlakbij zijn boerenbedrijf én een Natura 2000-gebied ligt. Hij vreest voor 'desastreuze gevolgen' voor de flora en fauna en aantasting van het weidse uitzicht. 'Nederland is aan het verstenen. Dat is onmiskenbaar.
Steeds meer mensen wonen en werken in een land dat niet groter wordt.' Onland Als landschapsfotograaf Theo Baart door Nederland fietst of rijdt, mist hij 'onland': woeste, onontgonnen grond die vaak nog niet door de mens is aangeroerd. 'Het Nederlandse landschap is een gebruikslandschap. Op moment dat wij er geld mee kunnen verdienen, wordt het gebruikt.' Volgens Baart, die gefascineerd is door ruimtelijke ordening, is de kleinschaligheid in het landschap de afgelopen veertig jaar verdwenen. 'Alles is gericht op efficiency en grootschaligheid. Of het nu gaat om distributie of de landbouw. Grote delen van Nederland zijn gestoffeerd met Engels raaigras. Karakteristieke houtwallen en sloten zijn verdwenen. Ontzettend saai, maar het past bij de just in time-samenleving die wij hebben gecreëerd.' De grondhonger in Nederland stuit niet alleen op fysieke en ecologische grenzen, maar ook op sociale. Want wie heeft er eigenlijk meegepraat over deze veranderingen in het landschap? Uit verschillende onderzoeken bleek de afgelopen jaren dat de participatie van burgers vaak niet goed is georganiseerd. Ja, er zijn de klassieke inspreekavonden waar burgers hun zegje nog mogen doen, maar vaak ben je als burger dan al te laat en zijn de besluiten onomkeerbaar. 'Heel veel beslissingen worden hoog genomen, met veel power', zegt PBL-onderzoeker Hamers. 'Maar juist die betrokkenheid is belangrijk.
Die woonwijken, windparken en distributiecentra verrijzen wel in de dagelijkse leefomgeving van burgers. Het gaat niet alleen om esthetiek, maar ook het gevoel dat je als burger nog mag meepraten over jouw eigen landschap. Gebeurt dat niet, dan leidt dat tot teleurstelling en frustratie.'
Distributiecentra, vooral als ze gelegen zijn in de buurt van woonwijken, roepen steeds meer verzet op bij burgers. Foto: Berlinda van Dam/ANP
Dansmarathon Fotograaf Baart vindt het daarom hoog tijd dat de overheid 'met meer liefde' over ruimtelijke ordening gaat praten. 'Hoe wij nu over ruimtelijke ordening spreken, doet mij nog het meest denken aan die dansmarathon van John de Mol op televisie: gewoon wachten tot de laatste deelnemer in slaap is gesukkeld.' Het Rijk moet daarom weer een stevige greep krijgen op de inrichting van het land, stelt Baart. Een aparte minister voor Wonen, zoals veel politieke partijen nu opperen, is hem 'te eendimensionaal'. Liever een minister van Leefomgeving of Ruimtelijke Ordening. Die moet alle grote thema's —natuur, landbouw, wonen, klimaat, energie — met elkaar verbinden. Hoe kun je woonwijken niet alleen snel aanleggen, maar ook op een manier dat ze weerbaar zijn tegen extreme weersomstandigheden? En hoe kunnen windparken, zonneweiden en distributiecentra een plek krijgen zonder dat ze het landschap al te veel aantasten? Waar is er nog plek voor intensieve landbouw? 'Het is zeker geen nederlaag als je zo'n minister weer in het leven roept. En dan is er zeker nog hoop voor ons landschap, sprak de dominee.' Cultuurverandering Er is ook een aantal kanttekeningen te plaatsen bij de herintroductie van een minister van VROM.
'Als je het Rijk weer een ruimtelijke puzzel laat leggen, vergt dat op de eerste plaats een echte politiek en bestuurlijke cultuurverandering', meent Hamers van het PBL. 'Wat nu sectoraal verkokerd is, komt dan weer terecht op het bordje van één minister. Dit heeft het Rijk twintig jaar niet gedaan. Durven ze dat nog? Hebben ze de vaardigheden daar nog voor? Veel kennis is verloren gegaan, de afgelopen twee decennia.'
Een andere voorwaarde is dat het Rijk oog heeft voor regionale verschillen. Bij het maken van ruimtelijke keuzes is samenwerking met provincies, gemeenten, burgers en bedrijven dan ook cruciaal, stelt Hamers. 'Het ene gebied is een krimpregio, terwijl in andere regio's de bevolking doorgroeit. In sommige gebieden is veel groen, sommige regio's zitten op zandgronden. Die verschillen doen ertoe. Het gaat erom dat het kabinet samen met regionale bestuurders én burgers maatwerk levert.' Het kabinet moet ervoor waken dat in de samenleving het gevoel ontstaat dat Den Haag van bovenaf ruimtelijke keuzes dicteert. Een overheid die afdwingt in plaats van overtuigt, heeft de laatste jaren veel ellende veroorzaakt en het wantrouwen in de politiek aangewakkerd, met als dieptepunt het kinderopvangtoeslagschandaal. 'Dan is het opnieuw de overheid die zich bij de burger meldt en zegt dat hier een xaantal windmolens komen te staan. Dat gesprek gaat niet heel erg lekker, denk ik', zegt Hamers. In discussies over de landbouw en groene energie gaat het vaak over stikstofdepositie en terawattuur. Maar wil je burgers overtuigen, dan moet je als politicus een verhaal hebben dat verder gaat dan de techniek en de bereidheid tonen naar de burger te luisteren.' De wereld in 2022 Dit artikel is afkomstig uit 'De wereld in 2022', waarin de FD-redactie vooruitblikt op het komende jaar.
Abonnees ontvangen het tijdschrift bij het FD van vrijdag 24 december. Lees het volledige artikel: https://fd.nl/samenleving/1420422/grondhongerignederland-strijdt-om-de-schaarse-ruimtekfl1caW6Qz0m?utm_medium=email&utm_source=nieuwsbrief&utm_campaign=fdochtendnieuwsbrief&utm_content=1352425_46078_20211206&utm_term=A
Xxxxxxx Xxxxxxx