Raadsadres fouten bij bepaling grondwaarde voor ontwikkeling Top-Up
Tekst van het document
VN
_
Le Lemniskade Projecten BV Kenmerk BRF_LP_AMS_20201 229 Betreft Circulair Buiksloterham / Top-Up
Gemeenteraad Amsterdam Stadhuis Postbus 202 1000 AE Amsterdam
1: reactie raadsadres kenmerk 2020-13451 met cornmentaar TF 2: bespreekpunten advocaten nav reactie raadsadres 3: reactie gemeenteadvocaat Naut Dutilh: 2019-12-13 overzicht 4: indicaties E3863-2 TopUp.xlsx.pdf 5: 48_mailwisseling_20180131.pdf 6: overzicht ABCD formules Amsterdam, 10 november 2021 Geachte leden van de Amsterdamse gemeenteraad, Op 24 juni 2021 ontvingen wij van de Wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling en Duurzaamheid het schrijven met kenmerk 2020-13451 (bijlage 1) als reactie op ons raadsadres met referentienummer BRF_LP_AMS_2021010. In dit schrijven concludeert de Wethouder dat er fouten zijn gemaakt bij de wijze waarop door de afdeling Grond & Ontwikkeling de grondwaarde bepaald is voor de ontwikkeling Top-Up, een transformatieproject in Amsterdam Noord. Ook is toegezegd dat de gemeente advocaat contact op zal nemen met onze advocaat. lk schrijf u nu omdat het contact (bijlage 2) in de afgelopen maanden de partijen niet dichter bij elkaar brengt. Vijf maanden na de reactie van de wethouder (die wij pas 8 maanden na het raadsadres ontvingen), vraagt de gemeente advocaat zelfs opnieuw aan ons of wij "bereid zijn om in overleg te treden over het herstel van de fouten" (bijlage 3), terwijl wij in de veronderstelling waren dat het regelmatige contact tussen advocaten in de afgelopen vijf maanden daar juist voor bedoeld was.
Wij vragen al enkele jaren in schriftelijke correspondentie aan zowel de gemeenteraad, het college van B&W en betrokken ambtenaren om hierover in overleg te treden. Wij voelen ons nu al jarenlang aan het lijntje gehouden in een dossier waarin de gemeente telkens opnieuw gebruik maakt van een ongelijkwaardige procespositie en de handelswijze van de gemeente welhaast bedoeld lijkt om ons zo "murw" te krijgen en financieel uit te hollen dat we uiteindelijk het bijltje erbij neer leggen. In het kort draait dit dossier om de controleerbaarheid van de erfpachtaanbieding en de correctie van daarin gemaakte fouten.
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
Tel +31 10)203090350
NL051NG80007081318
Vie!) www.lemniskade.nl
BTkiv NL8223691751301 K ✓K 64737780
LE noosKanie Controleerbaarheid erfpachtaanbieding Wij waren er al jaren van overtuigd dat de erfpachtaanbieding van ons project Top-Up niet correct tot stand is gekomen en hebben de afgelopen jaren via WOB verzoeken inderdaad fouten aangetroffen in de grondwaardeberekening. Deze fouten worden nu ook door de Wethouder erkend. Ondanks de WOB verzoeken houdt de gemeente echter nog een groot deel van de grondwaardeberekening geheim, de stichtingskosten uit de genormeerde residuele berekening Marktwaardestichtingskosten=grondwaarde zijn nog steeds niet bekend gemaakt, ook al schrijft de Wethouder in haar reactie op ons raadsadres dat ook de stichtingskosten zijn verstrekt. Dat is nadrukkelijk niet het geval! "Zo is tijdens het proces tussen aanvraag en aanbieding de volgende informatie aan u verstrekt: de berekeningssystematiek en de daadwerkelijke berekeningen op welke wijze de canonverhoging tot stand is gekomen (aan de hand van de ABCD- formule); het toepasselijke canonpercentage; de gebruikte erfpachtgrondwaarden; toepassing van de depreciatiefactor; het gemeentelijk grondprijsbeleid, alsmede een algemene en dossier specifieke toelichting van de grondwaardebepaling, incl. gehanteerde stichtingskosten en een verdiepende toelichting op o.a.
de marktwaarde van de koopwoningen met daarbij een overzicht van enkele gebruikte referenties en de toepasselijke fiscaliteit." Op 6 december 2021 zal bij de rechtbank in Amsterdam de beroepszaak dienen en moet de rechter een uitspraak doen of het achterhouden van de gevraagde informatie, de stichtingskosten zoals gebruikt in de residuele berekening, legitiem is. Toch schrijft de Wethouder in de reactie op bovengenoemd raadsadres dat alle benodigde informatie om de erfpachtaanbieding en het gemeentelijk handelen to controleren door de gemeente verstrekt is. De gemeente verwisselt hierbij stelselmatig de terminologie. Wanneer wij vragen om de informatie hoe de grondwaarde-verhoging is berekend antwoordt de gemeente telkens dat uit de verstrekte stukken blijkt hoe de canon-verhoging tot stand is gekomen. De canonverhoging en de bijbehorende berekeningssystematiek zijn inderdaad openbaar en controleerbaar maar deze worden gebaseerd op een grondwaardeberekening die geheim gehouden wordt en dus juist niet controleerbaar is. Daarmee is de erfpachtaanbieding en de bijbehorende canonberekening als geheel oncontroleerbaar en klopt de reactie van de Wethouder dat de benodigde gegevens inclusief stichtingskosten ter beschikking gesteld zijn niet.
De gemeente advocaat schrijft op 5 november 2021 (bijlage 3) aanvullend het volgende: "De door de gemeente verstrekte informatie is toereikend voor de beoordeling en toetsing van het gedane aanbod. Over bepaalde niet verstrekte informatie is een door Lemniskade geentameerde Wob procedure aanhanging. In die procedure heeft de gemeente toegelicht dat en waarom zij de bewuste informatie niet verstrekt."
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
I +31 (0)203090350
NL05ING80007081318
www.lemniskade.n1
NL822369175601
V. I
64737780
Le Geheimhouding op basis van geheime gronden Een saillant detail is dat de gemeente in het WOB besluit van 8-8-2019 en de daarop volgende beroepsprocedure de gevraagde informatie geheim houdt op basis van geheime argumenten. De gemeentelijke commissie bezwaar en beroep heeft op basis van argumenten die onder geheimhouding aan dezelfde commissie zijn voorgelegd ingestemd met het achterhouden van de gevraagde informatie. Bij geheimhouding is de gemeente echter gehouden aan de procedures zoals die zijn beschreven in de handreiking geheimhouding, zoals die in 2012 is opgesteld door de Rekenkamer Amsterdam. Op pagina 22 van deze handreiking wordt een voorbeeld gegeven van de weigeringsgrond waarop de gemeente zich beroept, WOB artikel 10 lid 2, de financiele belangen van de gemeente; hierbij worden grondprijzen en stichtingskosten met name genoemd. Daar kan de gemeente zich op beroepen maar volgens de handreiking geheimhouding, artikel 2.3 zou de gemeente dan wel een geheimhoudingsbesluit hebben moeten nemen over het betreffende onderwerp. In de beantwoording van ons WOB verzoek d.d.
29-10-2020 waarin wij verzoeken om het hiertoe benodigde geheimhoudingsbesluit te openbaren is onomwonden gebleken dat er binnen de gemeente "geen (interne) beleidsregel (is) aangetroffen op grond waarvan een verzoek om "de brondocumentatie, variabelen en parameters behorende bij grondwaardeberekeningen" wordt geweigerd en/of geheim dient te blijven." Daarom vinden wij het onbegrijpelijk dat de gemeentelijke commissie bezwaar en beroep in haar besluit van 16-6-2020 stelt dat "het beleid Grondwaardebepaling is openbaar, maar de brondocumentatie die daaraan ten grondslag ligt is niet openbaar." De commissie is blijkbaar tot deze conclusie kunnen komen zonder dat het daartoe benodigde geheimhoudingsbesluit ooit genomen is. Wij kunnen daarom slechts concluderen dat bij de berekening van de grondwaarde (die aan de basis ligt van de canonberekening) de gemeente zichzelf alle ruimte biedt om in het geheim, volledig willekeurig en zonder enige vorm van publieke controle financiele aannames te doen die enorme financiele consequenties hebben voor de erfpachters, die daarvan de consequenties noodgedwongen dienen te aanvaarden. Erfpachters kunnen immers uitsluitend met de gemeente zaken doen en hebben geen vrije keuze uit meerdere aanbieders.
In ons geval had de enige uitweg, het niet accepteren van de erfpachtaanbieding, het faillissement van de onderneming betekend omdat alle voorbereidingskosten van ruim een miljoen euro reeds gemaakt moesten worden voordat de gemeente een aanbieding wenste te doen.
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 10)203090350
NL051NGB0007081318
www.lemniskade.n1
[3 NL822369175601 KvK 64737780
Le Ambtelijke integriteitsrisico's Ook brengt de huidige wijze waarop grondwaardes bepaald worden volgens ons enorme ambtelijke integriteits-risico's met zich mee. In een systeem waarbij de afdeling Grond & Ontwikkeling ongemotiveerd en oncontroleerbaar de grondwaardes met vele miljoenen kan laten schommelen ligt een fraudegevaar altijd op de loer. Willekeurige momentopnames In het schrijven met kenmerk 2020-13451 als reactie op ons raadsadres met referentienummer BRF_LP_AMS_2021010 licht de Wethouder wederom een aantal principes van het gemeentelijk grondprijsbeleid toe. Een belangrijk principe is daarbij: "Een grondprijs is een momentopname en is gebaseerd op het op dat moment geldende gemeentelijk beleid, de vastgestelde stichtingskosten (of herbouwkosten bij bestaande erfpachtrechten) en marktontwikkelingen in de directe omgeving." In een tabel licht de Wethouder vervolgens voor een aantal projecten toe op welke momentopnames de grondwaardebepalingen gebaseerd zijn van de referentieprojecten waarover wij vragen hebben gesteld. Dit zijn merendeels referentieprojecten met een vergelijkbaar programma, in dezelfde omgeving, waarvan de erfpachtaanbiedingen in min of meer dezelfde tijdspanne zijn uitgebracht.
De Wethouder schrijft over deze projecten het volgende: "Hoewel de projecten in dezelfde tijdspanne zijn ontwikkeld is de periode van afgifte van de grondprijzen zeer afwijkend, alsrnede de locatie en bouwvorm." Dit is nadrukkelijk niet het geval voor locatie en bouwvorm. Het zijn alien appartementencomplexen en voor het merendeel gebouwd in de Buiksloterham in Amsterdam-Noord. De periode van afgifte van grondprijzen zou volgens de Wethouder zeer verschillend zijn terwijl volgens de middels een WOB verzoek verkregen informatie de meeste hier genoemde erfpachtaanbiedingen in de periode 2017-2019 uitgebracht zijn. Het blijkt volgens de toelichting van de Wethouder mogelijk dat erfpachtaanbiedingen die in 2019 zijn uitgebracht gebaseerd zijn op afspraken die tot wel 12 jaar eerder zijn gemaakt, soms zelfs op basis van destijds nog onbekende programma's of volumes. Toch schrijft de Wethouder vervolgens het volgende "Alle aanbiedingen van de gemeente voor de genoemde projecten worden op basis van het geldende beleid opgesteld".
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 (0)203090350
NL051NGB0007081318
www.lemniskade.n1
NL8223691751301 64737780
LE In de recente correspondentie tussen advocaten over de casus Top-Up stelt de gemeente dat haar pas medio 2018, het moment dat de omgevingsvergunning onherroepelijk was, duidelijk werd wat het definitieve bouwplan zou inhouden en dat bij het opstellen van de definitieve aanbieding voor ons project Top-Up "het op dat moment toepasselijke beleid (is) gehanteerd, zoals betaamt". Daaruit zou je kunnen afleiden dat de gemeente de momentopname doet wanneer een onherroepelijke omgevingsvergunning is afgegeven en de dan geldende condities in acht neemt. Dit staat echter in schril contrast met de reactie van de Wethouder op ons raadsadres waarin in de tabel te lezen is dat de in 2019 afgegeven definitieve erfpachtbieding van het in de directe nabijheid gelegen, thans nog niet opgeleverde appartementencomplex City Plots kavel B14 (evenals Top-Up vrije sector koopappartementen) gebaseerd was op afspraken uit 2007, een prijspeil uit 2011 en een destijds nog onbekend programma.
Dat zou volgens de Wethouder moeten verklaren waarom in december 2019 de grondwaarde/m2 GO voor City-Plots kavel B14 €232 bedraagt terwijl een jaar eerder, in oktober 2018, de grondwaarde/m2 GO voor het project Top-Up €2832 bedroeg, ruim €2600/m2 GO meer, 14 keer zo veel! Op een appartementencomplex van 3137m2 GO (de omvang van Top-Up) scheelt dit €8.156.200 aan grondwaarde! Met deze uitleg nemen wij uiteraard geen genoegen. Graag zou ik van de gemeenteraad vernemen wat er nu eigenlijk bedoeld in het schrijven van de Wethouder. Wordt een in december 2019 uitgebrachte erfpachtaanbieding gebaseerd op het geldende beleid in december 2019? Of is een in december 2019 uitgebrachte erfpachtaanbieding slechts een formalisering van een willekeurige eerdere momentopname ergens tijdens het ontwikkelingstraject? Nu lijkt de Wethouder met haar antwoord slechts aan te tonen dat het de gemeente Amsterdam volledig vrij staat om een erfpachtaanbieding op een totaal willekeurige momentopname te baseren. "Cherry picking" De onduidelijkheid wat de gemeente bedoeld met "het geldende beleid ten tijde van een aanbieding" draagt bij aan de oncontroleerbaarheid van de door de gemeente opgestelde erfpachtaanbieding. Zo verklaart de Wethouder bij Top-Up voor het ene aspect beleid van toepassing dat nog niet bestond toen de erfpachtaanbieding aangevraagd werd.
Zo is volgens de tabel in het antwoord voor Top-Up blijkbaar aanvullend beleid voor transformatieobjecten dat op 31 oktober 2017 is vastgesteld van toepassing terwijl de aanvraag voor een erfpachtaanbieding op 17 oktober 2020 gedaan is op een moment dat het aanvullend beleid nog niet bestond. Voor een ander aspect motiveert de Wethouder dat beleid dat in 2018 extra geluidwerende
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 10)203090350
NL051NGB0007081318
www.lemniskade.n1
NL822369175601 KvK 64737780
Le voorzieningen ten gevolge van een gemeentelijk afvalpunt verplicht stelde niet meegenomen hoefde te worden in de aanbieding omdat enkele jaren later is gebleken dat de voor die verplichting verantwoordelijke geluidsbron inmiddels niet meer aanwezig is. Toch stelt de wethouder dat de genormeerd residuele methodiek betekent dat de gemeente "niet uitgaat van (eventueel bekende en/of aanwezige) feitelijke opbrengsten- en kostenniveaus op dat moment, maar van 'genormeerde' kosten- en opbrengstenniveaus voor vergelijkbare objecten"en dat "deze methodiek zodoende impliceert dat de door de gemeente gehanteerde uitgangspunten afwijkend kunnen zijn van het uiteindelijk daadwerkelijk gerealiseerde object." en dat "Hiermee wordt voorkomen dat projecten met dezelfde locatie en bestemming op hetzelfde moment een andere grondprijs kennen." Het antwoord van de wethouder en de daarin opgenomen tabel tonen juist aan dat de systematiek van de gemeente het tegenovergestelde mogelijk blijkt te maken; de projecten in de tabel zijn projecten met dezelfde locatie, dezelfde bestemming en hetzelfde moment van erfpachtaanbieding en uitvoering maar kennen desondanks een kolossaal verschil in grondprijs.
De gemeente eigent zich een enorme vrijheid toe in het bepalen van de eerder genoemde "momentopname" waarbij onze casus Top-Up zelfs aantoont dat een enkel project voor verschillende aspecten op meerdere momentopnames beoordeeld kan worden en dat hierbij in onze casus door de gemeente steevast wordt gekozen voor momentopnames waarvan de financiele consequenties in het voordeel van de gemeente uitvallen. De gemeente plukt zoveel mogelijk de kersen van de taart. Correctie van gemaakte fouten In de thans in het kader van de WOB wel vrijgegeven documenten hebben wij twee fouten ontdekt die door de Wethouder in de reactie ook zijn erkend: In de grondwaardeberekening is geen rekening gehouden met de geluidwerende voorzieningen die noodzakelijk zijn vanwege de nabijheid van houtzagerij Ydefix (dit zijn andere geluidwerende voorzieningen op een andere locatie in het gebouw als die noodzakelijk waren voor het gemeentelijk afvalpunt). De Wethouder heeft bevestigd dat deze fout rechtgezet zal worden maar dat verloopt ontzettend traag. Vijf maanden na de reactie van de wethouder, na 5 maanden contact met de gemeente advocaat is er nog steeds geen voorstel door de gemeente gedaan.
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 (0)203090350
NL051NGB0007081318
www.lemniskade.n1
NL822369175B01 64737780
Le Daarnaast geeft de Wethouder toe dat er fouten gemaakt zijn bij het bepalen van de marktwaarde-referenties uit de genormeerd residuele methodiek (marktwaardestichtingskosten=grondwaarde.) "bij het bepalen van de marktwaarde in een gebied maken wij onder andere gebruik van het kadaster om transactieprijzen in te zien. Nu begrijpen wij dat het referentieobject Johan van Hasseltkade 282 samen met een ander vastgoedobject is verkocht waardoor het gebruiksoppervlak en dus de vierkante meterprijs niet klopt." Wij willen u er graag op wijzen dat deze fout ontdekt is in de documenten die de gemeente naar aanleiding van ons WOB verzoek heeft vrijgegeven op 19-12-2019 (bijlage 4. Hierbij heeft de gemeente letterlijk aangegeven dat de marktwaarde bepaald is op basis van deze (naar aanleiding van de WOB verstrekte) gegevens. Wanneer alleen al voor referentieobject Johan van Hasseltkade 282 de juiste metrage was aangehouden dan zou de mediaan van de tien gebruikte referentieobjecten en daarmee de grondwaarde volgens de berekening die op 31-01-2018 (bijlage 5) door de gemeente is verstrekt €308,-/m2 GO lager zijn uitgevallen, hetgeen bij Top-Up een verschil in grondwaarde van 3147m2 GBO x €308 =€969.276 betekent.
Een saillant detail is dat volgens een ander WOB verzoek is gebleken dat mogelijk bij 7 van de 10 door de gemeente gebruikte referentieobjecten sprake is van een vergelijkbare fout. Zeven van de tien referentieobjecten bleken evenals de Johan van Hasseltkade 282 verkocht met meer onroerend goed waardoor dus ook van deze objecten de metrages mogelijk niet correct zijn. Toch is de wethouder van mening dat deze fout niet gecorrigeerd hoeft te worden: "Dat is vervelend maar leidt niet tot een andere marktwaarde en grondwaarde. Dat komt doordat onze methodiek zich niet richt op enkele referenties maar worden er verschillende bronnen gebruikt. Zo wordt gebruik gemaakt van transactieprijzen, vraagprijzen, nieuwbouw prijshjsten, eerder afgegeven en vergelijkbare grondprijzen en algemene marktontwikkelingen. Elke bron levert informatie op en aan de hand daarvan wordt een marktwaarde geadviseerd die past bij het project en de genormeerde stichtingskosten. Zo worden koopprijzen i.r.t. vraagprijzen geanalyseerd, worden koopprijzen van oudere referenties geindexeerd naar prijspeil van het advies en wordt informatie ingewonnen over de erfpachtsituatie, parkeerplaatsen en woonkwaliteit.
Deze informatie leidt tot een inschatting van een passende marktwaarde." Hierdoor voelen wij ons ernstig aangetast in onze rechtszekerheid en moeten we concluderen dat de gemeente totaal onbetrouwbaar handelt. Wij hebben zwart op wit de berekening waarin de eerder genoemde gegevens door de gemeente ingevuld zijn
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
TI +31 (0)203090350
NLO5INGB0007081318
www.lemniskade.n1
B I ki`i NL822369175601 Kvl< 64737780
Le om de marktwaarde te bepalen zoals deze in de vrijgegeven Wob documenten aantoonbaar gebruikt blijkt. Maar nu we de gemeente daarmee confronteren moeten we maar geloven dat die berekening geen rol heeft gespeeld en komt de Wethouder ineens met aanvullende bronnen op de proppen die klaarblijkelijk in de WOB procedure door de wethouder zijn achter gehouden, ze zijn immers niet bekend gemaakt zonder hiervan de reden te motiveren. Bovendien worden deze aanvullende bronnen wederom niet gespecificeerd door de wethouder. Terug bij af Hiermee zijn we weer terug bij af: De grondwaardeberekening is oncontroleerbaar omdat niet alle informatie verstrekt is en aan de informatie die wel verstrekt is en aantoonbaar foutief verwerkt is mogen we volgens de Wethouder geen waarde hechten. Maar dit is nog niet alles...Misleiding? Doordat we fouten ontdekt hebben in de verkregen informatie zijn we de erfpachtaanbieding van Top-Up nog eens nauwkeuriger gaan bekijken. Op pagina 20/27 is te lezen met welke ABCD formule de canonverhoging is berekend. Deze ABCD formule blijkt echter niet dezelfde formule als de ABCD formule in de AB1994, de algemene en bijzondere bepalingen die bij het sluiten van het erfpachtcontract voor ons project Top-Up van toepassing zijn verklaard op bladzijde 2/27.
In de door de gemeente gebruikte formule is ineens het geldende gemeentelijke grondprijsbeleid in de formule opgenomen terwijI dat in de AB1994 formule niet het geval is en is bij "C" ineens sprake van een waardering van het huidige gebruik en bebouwing in plaats van een waardering op basis van het mogelijke gebruik en bebouwing. De verschillende omschrijvingen van de variabelen in de formule zijn zaken die bij de vaststelling van de in de formule in te vullen waardes grote verschillen kunnen opleveren. De in de erfpachtaanbieding gebruikte formule wijkt bovendien ook nog eens af van de formule zoals die opgenomen is in het door de gemeente in 2017 vastgestelde beleid "bestemmings- en bebouwingswijziging" (bijlage 6). De gemeente stelt dus niet alleen met een grote mate van willekeur de grondwaarde vast, de gemeente gebruikt deze grondwaarde daarna in een naar believen gewijzigde
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 (01203090350
!,; -0)!, NL05INGB0007081318
www.lemniskade.n1
NL822369175B01 64737780
Le Daarom verzoeken wij u nogmaals om antwoord te geven op de vragen die wij in het raadsadres van 10-10-2020 in lets andere vorm gesteld hebben. 1. Kunt u ons op gedetailleerde wijze verklaren waarom de grondwaarde van project Top-Up bijna 400% hoger is dan de mediane grondwaarde van projecten die in dezelfde tijdspanne en omgeving ontwikkeld zijn. Wij stellen deze vraag nogmaals omdat de reactie van de Wethouder zodanig veel tegenstrijdigheden bevat dat wij de "waarom" vraag niet beantwoord achten. 2. Kunt u voorkomen dat projecten met dezelfde locatie en bestemming op hetzelfde moment een andere grondprijs kennen en het college verzoeken de grondwaarde voor project Top-Up te laten corrigeren naar het niveau van vergelijkbare projecten die in dezelfde tijdspanne en omgeving ontwikkeld zijn. 3. Kunt u het college verzoeken in ieder geval de grondwaarde voor project TopUp te laten corrigeren voor de reeds aangetoonde fouten in de grondwaardeberekening, dus niet alleen voor het ontbreken van de toeslag voor geluidwerende voorzieningen in de bepaalde stichtingskosten maar ook voor de foutieve gegevens van marktwaarde-referentieobject Johan van Hasseltkade 282. 4.
Kunt u het college verzoeken om de grondwaardebepalingen voorspelbaar, begrijpelijk en controleerbaar te maken, zoals ook de Amsterdamse rekenkamer reeds in 2012 en wederom in de rekenkamerbrief van 20 november 2019, artikel 2.3.3 aanbeval. Wij willen graag benadrukken dat we hier de grondwaardeberekening bedoelen en niet de canonberekening. Aanvullend vragen wij u het volgende: 5. Kunt u aangeven welk moment bepalend is bij het bepalen van de variabelen in de grondwaardeberekening; als een grondwaardeberekening een momentopname is, in welk besluit of procedure is dan vastgelegd welk moment op een grondwaardeberekening van toepassing verklaard wordt? Met andere woorden: Wordt een in december 2019 uitgebrachte erfpachtaanbieding gebaseerd op het geldende beleid in december 2019? Of is een in december 2019 uitgebrachte erfpachtaanbieding slechts een formalisering van een willekeurige eerdere momentopname ergens tijdens het ontwikkelingstraject? 6. Kunt u het college verzoeken om de volledige grondwaardeberekening van project Top-Up met ons te delen, inclusief de stichtingskosten zodat gecontroleerd kan worden of er ook in de tot op heden geheim gehouden informatie fouten zijn gemaakt door de gemeente? 7. Kunt u het college verzoeken om aantoonbaar gemaakte fouten "snel, transparant en ruimhartig" te behandelen en te compenseren.
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
+31 (01203090350
NL051NGB0007081318
• www.lemniskade.n1
NL822369175601 64737780
Met vriendelijke groet,
Tom Frantzen Lemniskade projecten BV Winnaar Green Good Design Award 2021 Winnaar De Gouden Piramide 2018, de tweejaarlijkse Rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap in de ruimtelijke disciplines Winnaar Nederlandse Duurzaam Bouwen Award 2018 Winnaar Green Good Design Award 2017 Winnaar World Architecture News Residential Award 2017 Nominatie Zuiderkerkprijs 2016 (voor Patch22) Nominatie Zuiderkerkprijs 2020 (voor Top-Up) Nominatie Gouden A.A.P. de Amsterdamse Architectuurprijs 2016 (voor Patch22) Nominatie Gouden A.A.P. de Amsterdamse Architectuurprijs 2021 (voor Top-Up)
Fonteinkruidstraat 98 unit B 1032 LW Amsterdam
1;1,1!,
+31 (01203090350
NLO5INGB0007081318
www.lemniskade.nI
NL822369175B01 64737780