Raadsadres afsluiting Scharrebierbrug en Berlagebrug
Tekst van het document
Amsterdam, 3 oktober 2023 Geachte Gemeenteraad, ik wil u bij dezen de beroerde situatie melden waarin ik mij, ongevraagd en onverdiend, bevind. En die mij soms zelfs tot paniek brengt. In de hoop dat iets dergelijks zich NOOIT meer zal voordoen, dat u, op welke wijze ook, mijn persoonlijke situatie kunt verlichten, en vooral dat het geval u ertoe zal brengen, wat meer rekening met uw op het water wonende burgers te houden. Ik had u deze melding al veel eerder moeten doen, maar kreeg de suggestie pas gisteren -daarvoor was ik mij nauwelijks van het verschijnsel ‘raadsadres’ bewust. Ik probeer het kort te houden, wat mij moeilijk valt. De situatie is deze: Momenteel is een deel van het Amsterdamse water voor grotere (hogere) schepen van de Buitenwereld afgesloten. Doordat er aan twee bruggen (Scharrebierbrug en Berlagebrug) tegelijk gewerkt wordt, wat mij een heel pijnlijk gebrek aan coördinatie lijkt aan te duiden. Vooren achterdeur tegelijk gesloten! Schepen kunnen er niet in, niet door en niet uit. Wat vanzelfsprekend problemen en mogelijk zelfs gevaarlijke situaties op kan leveren. Vroeger werd er, juist voor dergelijke gevallen, nog een nooduitgang (draaibrug en ophaalbrug, tussen Entrepotdok en Nieuwe Vaart) bruikbaar gehouden, maar daar blijkt men al jaren geleden mee gestopt te zijn.
(‘Haal die brandtrap maar weg, we hebben zó lang geen brand gehad.’) Mij treft deze afsluiting heel erg beroerd. Half augustus lag ik op de werf met mijn woonschip, toen ik ontdekte, niet naar mijn ligplaats terug te kunnen, door voornoemde -NIET AANGEKONDIGDEafsluiting. (Kennissen van mij hadden eerder al om dergelijke informatie aan alle woonschepen gevraagd, die daarop beloofd werd, maar dus niet is verstrekt.) Het gevolg was dat ik alle dagen op de werf nodig had, om een oplossing te vinden. Wat veel moeite kostte! Weinig behulpzaamheid ervaren. Totdat ik gelukkig één persoon vond die mij aan een nood-ligplaats kon helpen. (En die, net als ik, geschokt was door het geval.)
Ik lig nu al anderhalve maand op die ligplaats, en dat ontregelt mij leven flink. Het is onvoorstelbaar hoeveel zoiets het alledaagse verandert, bemoeilijkt en belemmert. Bovendien is het hier ’s avonds nogal verlaten, zodat ik mijn schip dan niet alleen achter kan laten. Wat weer met zich meebrengt dat ik geen concerten aan kan nemen deze tijd. (Ik ben onder andere musicus.) En ook daarnaast loop ik geheid andere opdrachten mis. Ik kan mij dat niet permitteren. Al bezit en onderhoud ik mijn schip, ik leef van een inkomen onder het minimum. De ene brug (Scharrebierbrug) had al weer open moeten kunnen, maar het werk heeft vertraging opgelopen, en veel haast zie ik niet gemaakt worden. Ik zie weinig tekenen van urgentie. Waardoor ik nauwelijks mijn nabije toekomst kan organiseren. Dit veroorzaakt onzekerheid, somberte, en soms paniek. Ik voel me aan mijn lot overgelaten. Op de goede heer die voor mij deze ligplaats regelde en twee aangeschreven raadsleden na, heb ik van Niemand van de gemeente enige steun ondervonden. Wie voor het ontstaan van deze situatie direct verantwoordelijk is, is mij onduidelijk, maar dat de gemeente eindverantwoordelijke is, lijkt mij duidelijk. Wat gaat zij eraan doen? Ik heb een paar suggesties: - Zorg ervoor dat zo’n situatie zich nooit meer voordoet. - Maan de betreffende aannemer tot spoed. (Op een autoweg zou dit nooit zo kunnen gaan.
En dan nog zouden er omwegen zijn.) - Herstel voornoemde nooduitgang, het liefst nu meteen. (Ik ben overigens niet de enige die last ondervindt.) - Houd u alstublieft méér rekening met de Amsterdamse woonschepen. - Excuses doen goed in zulke situaties! - En een ruimhartige schadevergoeding lijkt me wel het minste wat mij geboden kan worden. Opgelopen financiële schade plus een redelijke vergoeding per dag ‘ongemak’. Ik ben er beroerd van. Wellicht zou een ander zoiets beter kunnen verdragen, maar ik kan dat niet. En ik hoef dat ook niet te kunnen. Hartelijk dank voor uw aandacht, xxxxxxxxxxxxxxxxxx