CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Overzicht adviezen Amsterdam Museum

Raadscommissie Kunst Diversiteit en Democratisering 1 september 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: De verbouwing van het Amsterdam Museum Nr. VN2021-0232064.233 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Weesperplein 8/ Vm. Stadstimmertuin 4-6 Postbus 1409 1000 BK Amsterdam www.crk.amsterdam.nl

Overzicht adviezen Amsterdam Museum t.b.v de Raadscommissie KDD van 1-92021

Datum

25 augustus 2021

Behandeld door

Paul Rosenberg (06 12462541)

1. Advies van de Subcommissie Integrale Ruimtelijke Kwaliteit 15-7-2020 Achtergrond Het huidige museum, dat in de jaren '70 is ontstaan door de ingrijpende verbouwing van het oude Burgerweeshuis, voldoet niet meer aan eisen van toegankelijkheid, meervoudige bruikbaarheid, expositiecapaciteit, museumklimaat en duurzaamheid. Ook de herkenbaarheid en transparantie van buiten naar binnen worden als onvoldoende ervaren voor de betekenis en de functie van het ensemble. Het gebouwencomplex is, met zijn veelbewogen geschiedenis en unieke locatie in het hart van de Amsterdamse binnenstad, toch bij uitstek geschikt als stadsmuseum. De wens van de gemeente Amsterdam en het Amsterdam Museum is dan ook om het museum op de huidige locatie te handhaven. Om dit mogelijk te maken is, na een architectenselectie, door Neutelings Riedijk Architecten een ontwerp gemaakt voor de inpassing van de noodzakelijk geachte nieuwe programmaonderdelen. De ingrepen omvatten het toevoegen van grotere tentoonstellingszalen, een integraal toegankelijk parcours, een groot multifunctioneel entreegebied en een dakterras als museale buitenruimte.

Vraagstelling Is de voorgestelde transformatie, met het daarin opgenomen programma en de voorgestelde aanpassingen van de gebouwen, aanvaardbaar, gezien de plek in het middeleeuwse stadshart en de hieraan verbonden cultuurhistorische waarden van de stedenbouwkundige structuur en de monumentale waarden van het gebouwencomplex, én gezien de waarde van het stadsmuseum voor Amsterdam? Meer specifiek wordt advies gevraagd over de aanvaardbaarheid van: - de zalen in het middengebied; - het dakterras als onderdeel van het museale circuit; - de liftopbouw t.b.v. de toegankelijkheid dakterras; - de vernieuwing van het volume hoek Sint Luciënsteeg/NZ Voorburgwal; - de vernieuwing van het volume van het huidige restaurant.

De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit adviseert de gemeente Amsterdam over de integrale kwaliteit van de fysieke leefomgeving: stedenbouw, openbare ruimte, cultuurhistorie, welstand en monumenten.

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 2 van 10

Conclusie De commissie onderschrijft het hoofduitgangspunt van het plan om het museum op de huidige plaats te handhaven en heeft respect voor de inventieve manier waarop een volwaardige museale routing en integrale toegankelijkheid zijn ingepast. Als kernkwaliteit van het huidige complex ziet de commissie de reeks van openbaar toegankelijke pleinen, omlijst door historische gevels van grote historische waarde. Deze kernkwaliteit blijft op hoofdlijnen behouden. Burgerweeshuis en Begijnhof vormen zo ook in de toekomst een uniek stedebouwkundig ensemble en rustpunt in een gedeelte van de stad dat onder druk staat door massatoerisme en functionele monocultuur. Daarnaast wijst de commissie op de vele gevoeligheden die dit project typeren. Los van de grote architectonische precisie waarmee de verbouwing gestalte moet krijgen, heeft de Gemeente Amsterdam als eigenaar, opdrachtgever en vergunningverlener een drieledige verantwoordelijkheid naar de Amsterdamse samenleving. De transformatie van het Amsterdam Museum moet in alle opzichten onberispelijk verlopen. De verbouwing vraagt om die reden een even valide als solide architectonische onderbouwing.

Componenten die lijken op aanpassingen en verbouwingen die de gemeente andere initiatiefnemers in de historische binnenstad ontzegt (op basis van vigerende welstandseisen en bestemmingsplannen), zijn alleen verdedigbaar als hun onontkoombaarheid is aangetoond. De Integrale Commissie heeft op basis van de inhoudelijke discussie over de uitgangspunten en de uitwerking van het plan voorgesteld om op korte termijn een tweede gesprek te organiseren waarin opdrachtgever en architectenbureau dieper in kunnen gaan op aandachtspunten en dilemma’s die in de eerste ronde op tafel zijn gekomen. Amsterdam Museum, projectmanagers en architecten hebben aangegeven daarmee akkoord te gaan. Voorliggend advies is dus wat ons betreft de gespreksleidraad voor die tweede bijeenkomst.

Aandachtspunten en dilemma’s De commissie heeft waardering voor de wijze waarop de architecten de historische ontwikkeling van het complex hebben ontrafeld en weergegeven. Dat biedt inzicht in het feit dat de bebouwing vaak onderwerp is geweest van transformatie. De huidige compositie kent verschillende handschriften en vertoont sporen van grote en kleine correcties en aanpassingen. Juist dat samengestelde, doorleefde karakter ondersteunt de functie als museum van de hele stad en bevestigt het besluit dat museum hier te handhaven. De commissie constateert echter ook dat het historische inzicht onvoldoende ‘operationeel’ is gemaakt voor het ontwerpproces. We missen de architectonische interpretatie en weging van de kennis over de geschiedenis in een waardestelling en de vertaling daarvan naar een wervend concept dat tegelijk behulpzaam én disciplinerend genoeg is om (1) de architectonische verankering van de nieuwbouw in de oudbouw helder richting te geven en (2) in stilistische, volumetrische en materiële zin de nieuwbouw als één herkenbaar 21ste-eeuws hoofdstuk in de biografie van het complex bij elkaar te houden. Het voorliggende plan (waarin we zowel schetsmatige als definitieve bestanddelen aantreffen) grijpt opnieuw flink in op de structuur van het gebouw, waarbij de toevoegingen uit de jaren '70

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 3 van 10

worden opgeofferd om grote museumzalen toe te voegen. De commissie betreurt het dat daarmee de periode van Bart van Kasteel en Jaap Schipper - met het unieke schilderijenstraatje geheel verloren gaat maar kan de redenering wel volgen: door die principiële keuze gaat in materiële zin weinig historische waarde verloren terwijl de programmatische noden van het museum worden opgelost. Na die constatering volgt een dringend advies: de commissie beschouwt het inpassen van een stadshal en schutterszaal op deze plek in het complex als een zeer weerbarstige uitdaging die chirurgisch moet worden voorbereid. We missen in dit verband een klassieke bouwhistorische opname waarin precies wordt aangegeven welke onderdelen historische waarde vertegenwoordigen en welke niet. De waardering op hoofdlijnen en de plattegrond met kleuren rood, geel en groen van Monumenten en Archeologie voldoet op dit punt nog niet. Op voorhand merkt de commissie op dat de centrale ingreep zoals die nu wordt gepresenteerd niet getuigt van veel affiniteit met de bestaande bebouwing. De commissie maakt zich zorgen over het grote contrast tussen de maat, schaal en sfeer van de bestaande gebouwen en de nu toegevoegde zalen en wijst op het risico van een eindresultaat waarin de nieuwbouw dominant wordt over de monumentale kwaliteit van het ensemble.

Dit hangt samen met het feit dat in de presentatie aan de commissie op geen enkele manier is gerefereerd aan de restauratieopgave die de verbouwing tussen nu en 2025 ook zal omvatten. We adviseren dringend om het projectteam te versterken met een ervaren restauratiearchitect en deze een volwaardige positie te geven in de verdere uitwerking van de plannen. Het begrip voor de noodzakelijkheid van de voorgestelde ingrepen strekt zich niet uit over de voorgestelde daktuin die onevenredig hard ingrijpt in het historische daklandschap van de stad. Ook het argument dat dit de gewenste vergroening van dit deel van de binnenstad kan ondersteunen vinden we niet overtuigend. De commissie adviseert deze voorziening te beperken tot een enkel uitzichtpunt of een reversibele toevoeging tussen de kappen. De zwaarte van de ingezette middelen staat op dit onderdeel niet in verhouding tot de opbrengst voor het museum. De programmatische wens van een 'buitenzaal' kan worden verlegd naar de prachtige binnenhoven die daar voldoende ruimte voor bieden. De commissie is bezorgd over de uitwerking van de nieuw toegevoegde delen. Een conceptueel sterk uitgangspunt van het plan is het respecteren van de buitenzijde en een zorgvuldig in de bestaande volumes ingepast nieuw programma.

Daarbij past naar de mening van de commissie het best een enigszins ondergeschikte taal, die zich op een natuurlijke manier zou moeten verhouden tot het bestaande complex en de bestaande context. Dat wil niet zeggen dat wordt aangestuurd op een historiserende ontwerptrant, maar 'modern' kan in de 21ste eeuw vele vormen aannemen.

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 4 van 10

2. Advies van de Subcommissie Integrale Ruimtelijke Kwaliteit 2-9-2020 Achtergrond Het huidige museum, dat in de jaren '70 is ontstaan door de ingrijpende verbouwing van het voormalige Burgerweeshuis, voldoet niet meer aan eisen van toegankelijkheid, meervoudige bruikbaarheid, expositiecapaciteit, museumklimaat en duurzame bedrijfsvoering. Ook de herkenbaarheid en transparantie van buiten naar binnen worden als onvoldoende ervaren voor de betekenis en de functie van het ensemble. Het gebouwencomplex is, met zijn veelbewogen geschiedenis en unieke locatie in het hart van de Amsterdamse binnenstad, toch bij uitstek geschikt als stadsmuseum. De wens van de gemeente Amsterdam en het Amsterdam Museum is dan ook om het museum op de huidige locatie te handhaven. Om dit mogelijk te maken is, na een architectenselectie, door Neutelings Riedijk Architecten een ontwerp gemaakt voor de inpassing van de noodzakelijk geachte nieuwe programmaonderdelen. De ingrepen omvatten het toevoegen van grotere tentoonstellingszalen, een integraal toegankelijk parcours, een groot multifunctioneel entreegebied en een dakterras als museale buitenruimte. Het plan is eerder behandeld op 15 juli jl.

Toen is geconstateerd dat het ontwerp qua hoofdopzet en routing knap in elkaar zat en voor de bruikbaarheid van het museum een evidente verbetering zou betekenen, maar ook dat de cultuurhistorische onderbouwing en bouwhistorische informatie nog te kort schoot om de ingrepen in de structuur te legitimeren.

Vraagstelling Is de voorgestelde transformatie, met het daarin opgenomen programma en de voorgestelde aanpassingen van de gebouwen, aanvaardbaar, gezien de plek in het middeleeuwse stadshart en de hieraan verbonden cultuurhistorische waarden van de stedebouwkundige structuur en de monumentale waarden van het gebouwencomplex, én gezien de waarde van het stadsmuseum voor Amsterdam? (vraagstelling van 15 juli) Conclusie De commissie is onverminderd positief over de hoofduitgangspunten van het plan, die voorzien in een bruikbaar en voor iedereen toegankelijk museum dat weer vijftig jaar meekan. De grote manco's van het huidige complex - de onduidelijke routing en het ontbreken van grote, vrij indeelbare museumzalen - worden in dit plan op inventieve wijze opgelost. Ten opzichte van de vorige behandeling is het plan niet veranderd, zodat de toen gesignaleerde dilemma's en aandachtspunten nog bestaan. De architect heeft op verzoek van de commissie expliciet gemaakt welke morfologische, functionele en constructieve conclusies er zijn getrokken uit de historische analyse van het complex en de wijze waarop die conclusies doorwerken naar de voorgestelde bouwkundige interventies.

Het ruimtelijke concept van de vierledige typologie van ‘huizen’ en ’huisjes’ waaruit het ensemble is opgebouwd en op basis waarvan het ensemble wordt gemoderniseerd, lijkt voldoende architectonisch en restauratief houvast te bieden voor de vervolgstappen. De commissie adviseert de opdrachtgever

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 5 van 10

deze typologie uit te werken tot een bouwkundig kwaliteitskader waarin de architectonische confrontatie tussen oud en nieuw scherp is uitgewerkt. Aanzetten daarvoor zijn in de presentatie getoond maar dit is nog niet compleet. Als dat kwaliteitskader is opgesteld kan het fungeren als toetsingsinstrument voor de behandeling in subcommissie 1 van de CRK. De bouwhistorische analyse van het complex op verschillende schaalniveaus voedt de idee dat het Amsterdam Museum een porseleinkast is, waarin de aanpassingen met grote precisie moeten worden voorbereid en uitgevoerd. Bij de commissie is meer vertrouwen ontstaan dat de nieuwbouwelementen in balans gebracht kunnen worden met de monumentwaarde van de bestaande gebouwen. Maar dit ontwerpproces is nog niet uitgekristalliseerd. De commissie heeft om die reden grote moeite met de presentatie als 'Definitief Ontwerp'. De overgangen tussen oud en nieuw zijn nog helemaal niet uitgewerkt, terwijl de analyse op detailniveau aanleiding kan en móet geven tot aanpassing en verfijning van het plan (de bouwhistorisch 'hoog' gewaarde onderdelen van het complex zijn immers leidend). De toevoeging van een restauratiearchitect aan het team is een aanwinst.

Een duidelijke visie op de restauratieve aspecten van het project en de manier waarop herstel en het invoegen van nieuwbouw zich tot elkaar verhouden kan in het komende proces van vergunningverlening van grote waarde zijn. Aandachtspunten en dilemma’s Begijnensloot Het invoegen van de stadszaal en de grote tentoonstellingsruimte op de plek van het huidige schilderijenstraatje gaat ten koste van de daar aanwezige historische stedebouwkundige structuur. In het vorige plan van eind jaren '60 was dat structuurherstel een essentieel uitgangspunt voor het ontwerp en een verbetering ten opzichte van de op dat moment bestaande situatie. Het nu weer gedeeltelijk bebouwen van de Gedempte Begijnensloot doet die verbetering voor een deel weer teniet en is niet zonder meer verenigbaar met regels uit het vigerende bestemmingsplan. De ingreep komt rechtstreeks voort uit het programma van eisen dat aan de architect is meegegeven en is het resultaat van een zoektocht van twee jaar om, in overleg met M&A, de grote zalen in te passen op een plek waar bouwhistorisch gezien het minste authentiek materiaal verloren gaat. De commissie ondersteunt dit onderdeel van het plan omdat zij voldoende overtuigd is dit de enige plek is om grote zalen in de bestaande structuur in te voegen en omdat met deze oplossing de sequentie van drie unieke en openbaar toegankelijke binnenplaatsen wordt gespaard.

Zij adviseert het gemeentebestuur om deze afwijking van het bestemmingsplan mogelijk te maken. Stadszaal en Schutterszaal De manier waarop het nieuwe volume letterlijk in de oudbouw wordt uitgesneden stemt nog wel tot zorg. De zalen ogen als een geheel zelfstandige constructie in staal of beton. De vloerniveaus houden geen verband met die van het oude gebouw zodat het contrast maximaal wordt aangezet en de aansluitingen zowel technisch als visueel een uitdaging zullen zijn. De bewijslast dat dit goed komt is nog niet geleverd. De autonomie van het zalenvolume wordt nog versterkt door de daktuin. De commissie ontraadt het om deze voorziening door te voeren. Dit onderdeel van het programma van eisen maakt de indruk van een min of meer losstaand museaal idee dat op geen

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 6 van 10

enkele wijze het architectuurhistorisch narratief van het ensemble ondersteunt of de ‘biografie’ ervan recht doet. De balans tussen historische essenties en programmatisch verlangen slaat hier door naar de verkeerde kant. Een van de kwaliteiten van het plan als geheel is dat de grote ingrepen zich afspelen aan de binnenzijde waarbij de historische schil van de afzonderlijke bouwdelen in tact blijft. De commissie beschouwt het dakenlandschap als de 'vijfde gevel' die een essentiële bijdrage levert aan de waarde van het beschermde gezicht en heeft grote moeite met het vooruitzicht dat een blik over het historische dakenlandschap van Amsterdam een aantasting veroorzaakt van datzelfde dakenlandschap. Sint Luciënsteeg en Jongensgalerij De uitwerking van de volumes op de hoek van de Nieuwezijds Voorburgwal en aan de Sint Luciënsteeg is onnodig resoluut gematerialiseerd en vormgegeven. De commissie adviseert het ontwerp meer dienstbaar te maken aan het historisch gegroeide ensemble. Waarschijnlijk leidt een meer op de omgeving afgestemde architectuur tot een harmonieuzer resultaat. Er lijkt op voorhand bovendien geen aanleiding om bouwhistorisch 'hoog' gewaarde gevels en delen van structuren op deze plek in het complex af te breken en door nieuwbouw te vervangen. De voorgestelde zalen kunnen ook worden ingepast met behoud van de hoog gewaardeerde geveldelen.

De uitwerking van de nieuwbouw achter de Jongensgalerij is nog onvoldoende voor een aanvraag omgevingsvergunning. Er is een nadere onderbouwing nodig dat het nieuwe volume in bouwmassa en doorsnede leidt tot goede een aansluiting, zowel op de galerij als de buurpanden. Dit bouwdeel zal ook zichtbaar zijn vanaf het voorpleintje van het museum aan de Luciënsteeg. Ook de architectonische uitwerking van de zij- en achtergevel verdient om die reden extra aandacht.

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 7 van 10

3. Advies van Subcommissie 1B (Centrum) 3-2-2021 Niet akkoord Aanleiding Het voormalige Burgerweeshuis waarin sinds 1975 het Amsterdam Museum is gehuisvest, wordt verbouwd om ook in de toekomst voor museaal gebruik geschikt te blijven. Daarbij wordt een nieuwe museale route gemaakt en worden tentoonstellingsruimten toegevoegd. De grootste ingrepen vinden plaats waar zich nu de Schuttersgalerij bevindt. Hier komt een nieuwe kelder met daarboven een bouwvolume dat tot net onder de nok van de bestaande gebouwen reikt. Ook is een lift gepland naar een uitkijkpunt. Achter de galerij bij de Jongensplaats, op de plek van de zogenaamde 'koestal', en op de hoek Nieuwezijds Voorburgwal‐Sint Luciensteeg wordt sloopnieuwbouw gepleegd. De nieuwbouwvolumes hebben allemaal dezelfde architectuurtaal. Eerder zijn de uitgangpunten voor de verbouwing besproken in de Integrale Commissie van de CRK (15‐7‐ 2020 en 2‐9‐2020). Ten opzichte van deze eerdere behandelingen zijn de hoofdpunten van het plan ongewijzigd gebleven. Wel is het dakterras op het volume bij de Schuttersgalerij gewijzigd in een daktuin met uitkijkpunt. De centrale vraag is of de verbouwing respectvol wordt ingepast in het waardevolle en historisch gegroeide ensemble en of de nieuwe toevoegingen zich voldoende voegen in de bestaande stedenbouwkundige structuur.

Kader Beleidskader toetsing ingrepen en/of herstel van Monumenten 2016 Monument: Rijksmonument Conclusie De commissie beoordeelt het plan als voortzetting van de advisering in de Integrale Commissie van de CRK die eraan vooraf ging. Belangrijk is dat de museumfunctie op deze locatie in de historische binnenstad behouden kan blijven. Enkele grote ingrepen zijn vanuit dit perspectief verdedigbaar. Daarbij geldt wel de voorwaarde dat de toevoegingen in vorm, uitwerking en materialisering op zijn minst even veel kwaliteit toevoegen als dat er door de ingrepen verloren gaat. Dit vraagt om een precieze inpassing en zorgvuldigheid op de verschillende schaalniveaus. De commissie constateert dat de noodzakelijke, fijngevoelige inpassing bij de Schuttersgalerij, de Jongensgalerij en bij de hoek Nieuwezijds Voorburgwal‐Luciensteeg, zowel in de omvang van de voorgestelde volumes, als in de uitwerking nog niet voldoende aanwezig is. Gezien de omvang en complexiteit van het project wordt het plan op hoofdlijnen besproken, waarbij de discussie zich toespitst op de algehele aanpak, de grote zalen met de lift en het uitkijkpunt (volume Schuttersgalerij), de nieuwbouw achter de Jongensplaats en de nieuwbouw Sint Luciensteeg. De ingrepen op gebouwniveau, verduurzaming, installaties en ingrepen in het interieur versus historische waarden, blijven op dit moment buiten beschouwing.

Onderbouwing Algehele aanpak De commissie onderschrijft de conclusies van het historische onderzoek en ondersteunt het concept voor een nieuwe routing door het gebouwencomplex. Maar hoe moet die nieuwe tijdslaag ingepast worden in een langzaam gegroeide structuur? In deze kleinschalige historische omgeving luistert de balans tussen omgeving en schaal van de ingrepen zeer nauw. De voorgestelde hoofdingrepen zijn nu erg massief. Er is nog onvoldoende balans tussen oud en nieuw en klein en groot. Het toevoegen van volumes is zeker mogelijk, maar de maat en de architectonische

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 8 van 10

uitwerking zijn niet overtuigend. Ze zijn te nadrukkelijk aanwezig. Juist uit de historie blijkt dat er sprake is van formele en informele gevels. In de nu toegevoegde tijdslaag is het silhouet, de textuur en het materiaal van de architectuur overal gelijk. De commissie verwacht meer terughoudendheid en een betere balans tussen de oude gebouwen en nieuwe architectuur. De 'vijfde tijdslaag' zal zich veel dienstbaarder op moeten stellen. Dit geldt op verschillende schaalniveaus. Een voorbeeld hiervan is de doorlopende bank met kader om de deuren aan de Nieuwezijds Voorburgwal. De commissie ziet dat vooral als een weinig functionele en onnodig contrastrijk uitgewerkte toevoeging. Volume Schuttersgalerij met lift en uitkijkpunt De nieuwe zalen zijn programmatisch fors en het volume komt te hoog uit ten opzichte van de nokken van de aangrenzende daken. Hierdoor verdwijnt de dakenstructuur van de bestaande gebouwen. Er ontstaat te veel vlakheid waardoor het karakteristieke daklandschap substantieel wordt aangetast. De commissie adviseert de schilderijenzaal te verlagen. Voor het hele volume op deze locatie geldt dat oud en nieuw niet goed op elkaar aansluiten. De ontmoeting is te hard en kan veel fijngevoeliger worden uitgewerkt. De impact van de lift gezien vanuit bijvoorbeeld het Begijnenhof is niet goed te beoordelen doordat 3D beelden ontbreken.

De verwachting is dat van hieruit de lift zichtbaar zal zijn en dat de liftopbouw in omvang en maat te fors is. Geadviseerd wordt een andere lift met minimale uitloop toe te passen en het ontwerp zo terughoudend mogelijk uit te werken. De vraag is of de periode van de architecten Van Kasteel en Schippers wel helemaal moet worden weggepoetst. De verbouwing uit de eerste helft van de jaren ’70 is inmiddels onderdeel van de cultuurhistorie van het gebouw. Nieuwbouw ter plaatse van de Koestal (Jongensgalerij) In volume en architectuur overtuigt deze toevoeging nog niet. Er is te weinig aandacht voor de context. Door de hoogte en afwijkende kapvorm wordt te veel licht weggenomen van de woningen aan de Sint Luciensteeg. De aansluiting van het nieuwe geveldeel op de begane grond van de Jongensgalerij vraagt om een terughoudende aanpak, die recht doet aan de buitengewone historische en ruimtelijke kwaliteit van de galerij en van de Jongensplaats. Nieuwbouw hoek Sint Luciensteeg In het ontwerp is in nok‐ en goothoogte aansluiting gezocht bij de aangrenzende bouwdelen. De vraag is of dit een logische keuze is. In de architectonische uitwerking ontbreekt de verbinding en wordt alleen het contrast aangezet. Daardoor valt het geheel uiteen. Hier is het belangrijk de fijne schaal van de bebouwing over te nemen.

Een nieuwe tijdslaag en architectuur is denkbaar maar de schaalsprong is nu te groot. Deze prominente plek in het stadsbeeld vraagt om meer sensitiviteit. Aandachtspunten Bij een gewijzigd plan verwacht de commissie 3D beelden (ook met visualisaties van een grotere afstand), zodat de voorgestelde combinatie van oude en nieuwe volumes en architectonische uitwerking beter inzichtelijk wordt. Daarnaast verzoekt de commissie aan Monumenten & Archeologie de gevels van de bebouwing hoek Nieuwezijds Voorburgwal en Sint Luciensteeg nader te waarderen. Op dit moment is niet duidelijk welke geveldelen historisch waardevol zijn en bij een transformatie van dit deel van het complex behouden moeten blijven.

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 9 van 10

4. Advies van Subcommissie 1B (Centrum) 14-7-2021

Niet akkoord Aanleiding Voor de verbouwing van het Amsterdam Museum in het voormalige Burgerweeshuis worden de aanpassingen op vier hoofdpunten aan de commissie voorgelegd. Het zijn volumeaanpassingen bij: - nieuwbouw Sint Luciensteeg/hoek Nieuwezijds Voorburgwal. De bestaande gevels blijven behouden en worden opgenomen in het nieuwe volume; - nieuwbouw Schuttersgalerij. De nokken van beide vleugels blijven meer in beeld en de daktuin wordt smaller; - nieuwbouw liftvolume; - nieuwbouw achter de Jongensgalerij. Overige onderdelen van het plan, zoals de uitwerking van de gevel onder de Jongensgalerij en de gevel aan de zijde van de Nieuwezijds Voorburgwal, de inpassing van installaties, de omgang met monumentale waarden in het interieur en de materialisatie van de toegevoegde bouwdelen vallen buiten deze beoordeling omdat dit nog niet uitgewerkt is. De centrale vraag is of met aanpassingen aan de volumes, de verbouwing respectvol wordt ingepast in het historisch gegroeide, monumentale ensemble en of de nieuwe toevoegingen zich voldoende voegen in de bestaande stedenbouwkundige structuur. Kader Beleidskader toetsing ingrepen en/of herstel van Monumenten 2016 Monument: Rijksmonument Conclusie De commissie constateert dat er te weinig gereageerd is op het advies uit februari en de adviezen van de Integrale Commissie uit 2020.

Zij ziet in de uitwerking van de voorgestelde volumes nog steeds vooral het oorspronkelijke idee, terwijl hiervan verschillende keren is aangegeven dat dit te fors uitpakt in relatie tot de bestaande gebouwdelen. Een goede balans tussen het historische complex en toevoegingen die programmatisch noodzakelijk zijn, is nog niet bereikt. Op alle plekken waar het nieuwe Amsterdam Museum aan de buitenzijde zichtbaar wordt, hebben de volumes een te grote schaal en zijn ze niet fijnzinnig genoeg in de uitwerking. Er is op onderdelen zeker genuanceerd, maar te minimaal om de balans tussen oud en nieuw en groot en klein aanvaardbaar te krijgen. Fundamentelere wijzigingen zijn noodzakelijk. Bij alle vier de hoofdpunten mist de commissie de gevraagde sensitiviteit en passende aansluiting op de historische context. Onderbouwing Sint Luciensteeg

Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Riomte

Datum Kenmerk Pagina 10 van 10

Het is positief dat de gevels behouden worden. Maar het combineren van het eerste ontwerp voor de hoek met deze bestaande gevels leidt niet tot een overtuigend beeld. De historische geveldelen worden in het voorstel als het ware ‘gevelstenen’ in het nieuwe ontwerp. Dit is een grafische oplossing die geen recht doet aan de organisch gegroeide structuur. Door het recht boven elkaar plaatsen van de muren wordt het geheel ook zeer vlak. De gekozen hoogte van de gootlijnen en nokken, aansluitend op bestaande daken en schoorstenen van belendingen, overtuigt niet. De bestaande informele bebouwing op de hoek heeft nergens een gelijke hoogte. De commissie herhaalt hier dat er in hoogte en schaal maar ook qua architectonische uitwerking op een subtiele en sensitieve manier aangesloten moet worden op de context. Schuttersgalerij Herstel van de nokken door het toevoegen van rijen met dakpannen is positief, maar om recht te doen aan het historisch daklandschap van de binnenstad zou het meer moeten zijn dan een schil aan de buitenkant. Het dak moet ook echt omgezet worden. Isoleren aan de buitenzijde helpt om hoogte te winnen, maar het is nu nog te weinig om echt een kap te zijn. Zeker bij het lagere bouwdeel is de maat minimaal.

De commissie vraagt zich af of de combinatie van een zeven meter hoge zaal met de gewenste technische constructie, en het vaststaande vloerniveau binnen de hoogte van de bestaande gebouwen wel mogelijk is. Lift De aangeleverde 3D-beelden maken duidelijk dat de lift naar het uitkijkplatform zeer prominent zichtbaar is vanuit de openbare ruimte maar ook vanaf de Jongensplaats. Het volume steekt er te veel bovenuit en is daarmee een te grote aantasting van het historische daklandschap. Volume Jongensgalerij De aanpassingen aan het volume, door het verplaatsen van de lichtkap in de richting van de Jongensplaats, het verlagen van de gootlijn en het opknippen in twee delen geven meer licht en lucht voor de aangrenzende woningen. Wel wordt het volume in de richting van de Kalverstraat verhoogd, maar onduidelijk is hoe dit zich verhoudt tot de context. De commissie vraagt breder te kijken dan alleen de zalen maar ook aandacht te hebben voor de woonkwaliteit en het daglicht in de tuinen. Zij adviseert de bewoners te betrekken bij deze opgave.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10473109/1