CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van Beantwoording.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 1 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het definitieve verkeersbesluit Zone zwaar verkeer en de beleidsregels voor ontheffingen (ZD2021-006384)16.877 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

6.2 Wijzigingen in het ontheffingenregime Er werden ook voorstellen gedaan ten aanzien van de invulling van het ontheffingenregime, zoals ontheffingen per adres/locatie of project in plaats van op kenteken, omdat verwacht wordt dat hiermee de flexibiliteit van de inzet en de optimale beladingsgraad van voertuigen geborgd kan worden en de administratieve lasten voor ondernemers zo laag mogelijk. Ook de duur van de ontheffing verlengen of meerdere kentekens op één ontheffing werden als mogelijke suggesties aangedragen.

22

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Reactie van het college Het ontheffingenregime is ingericht op kentekenregistratie. De kenmerken van een voertuig zoals gewicht en lengte bepalen welke ontheffing mogelijk is. De keuze om het ontheffingenregime op deze wijze in te richten is onlosmakelijk verbonden met het doel, namelijk het beschermen van de bruggen en kademuren in de 7,5t-zone tegen overbelasting en verdere verslechtering van de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan. Met de inwerkingtreding van de aangescherpte regels gaat ook een pilot camerahandhaving van start. Daarbij wordt gebruik gemaakt van ANPR-camera’s. Deze camera’s registreren kentekens. De gemeente is overigens wel bezig met het vergunningen- en ontheffingenproces anders, meer vanuit de klantvraag/activiteit in te richten. Dit zou dan ook gevolgen kunnen hebben voor de wijze van het aanvragen van ontheffingen.

6.3 Uitzonderingen op het ontheffingenregime en convenanten Indieners stellen voor om voor (grote) bouwlocaties waarvan de aanvoerroutes niet over kwetsbare bruggen en kademuren gaan een algemene ontheffing af te geven met meldingsplicht. Een soortgelijke oplossing voert de cultuurbranche aan die werkt met vaak buitenlandse producties en voertuigen. Een aantal brancheorganisaties pleit voor het behouden van een routeontheffing op vrachtroutes voor grote projecten met een maximaal gewicht van 37 ton, wat 30% lager is dan de huidige eis van 45 ton. Dit zou per project kunnen worden getoetst. Een aantal indieners stellen voor dat de gemeente met bepaalde vervoerders een convenant sluit over de beperking van het totaalgewicht tot 30 ton en de bijbehorende gedragsregels in de plaats van de afgifte van een ontheffing per voertuig. Indieners die gebruik maken van zero-emissievoertuigen, zoals LEVV’s, kennen specifieke zorgen vanwege het regelmatig moeten bijladen van deze voertuigen. Zij verzoeken het college om voor deze groep voertuigen uitzondering te maken op bijvoorbeeld de gestelde venstertijden en het rijden in autoluwe gebieden. Daarnaast verzoeken ze de gemeente om experimenten met de ontwikkelingen in het zero-emissie transport te faciliteren (vb voertuigenpool, laadpleinen, tracking devices).

Reactie van het college Vanuit de positie van de indieners zijn alle suggesties zeer begrijpelijk. Ze voelen zich beperkt door de strengere regels voor de 7,5t-zone. Het college is er echter van overtuigd dat het met dit beleid het maximale heeft gedaan om het bedrijfsleven, binnen de mogelijkheden die er zijn, tegemoet te komen. Noodzaak, impact en uitvoerbaarheid hebben vanaf het begin centraal gestaan in de zoektocht naar de best mogelijke manier om de bruggen en kademuren in de 7,5t-zone tegen overbelasting te beschermen en verdere verslechtering van de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan. De gemeente is overigens wel bezig met het vergunningen- en ontheffingenproces anders, meer vanuit de klantvraag/activiteit in te richten. Daarnaast werkt de gemeente zoals eerder gezegd aan een integrale aanpak voor de logistieke sector waarin ook vanuit andere belangen en ambities naar de impact van (zwaar) verkeer op de stad en haar gebruikers wordt gekeken. In de komende maanden worden hierover met het bedrijfsleven gesprekken georganiseerd om een gezamenlijke aanpak van de veranderingen vorm

23

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

te geven. Onderwerpen zoals hierboven door indieners worden aangekaart worden gebruikt om nader invulling te geven aan die integrale aanpak.

7 Inhoud specifieker mbt beleidsregels:

7.1 Ingewikkeldheid regels In de beleidsregels worden nieuwe termen geïntroduceerd die voor verwarring zorgen bij de indieners. Indieners vrezen dat de nieuwe regels en eisen ook lastig zijn uit te leggen aan een chauffeur of een handhaver. Zoals de intentieverklaring massa, waarvoor men bij de aanvraag moet kunnen aantonen dat het voertuig nooit een werkelijk gewicht heeft zwaarder dan 30 ton. Wat houdt zo’n intentieverklaring precies in en wanneer is het feit dat een voertuig nooit zwaarder dan 30 ton in de zone zal rijden voldoende aangetoond? Of de breed opgezette wegen, waar het mogelijk is om met meer lengte overheen te rijden. De beleidsregels gaan ook, anders dan de voorgaande beleidsregels uit van het begrip werkelijke gewicht. Indieners wensen meer uitleg wat met deze begrippen precies bedoeld wordt. Hetzelfde geldt voor het lengtebegrip. Gaat het dan om de lengte van het voertuig volgens de RDW of gaat het om lengte inclusief lading.

Reactie van het college Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid stonden centraal bij het ontwikkelen van de aangescherpte regels voor zwaar verkeer. Daarbij is uitgebreid onderzocht wat binnen de mogelijkheden die vanuit de bescherming van de bruggen en kademuren worden ingegeven, kan om de impact van het gewichtsbeperkende beleid op de logistieke sector zo klein mogelijk te laten zijn. Heel wezenlijk daarbij was de grote wens om transparant en objectiveerbaar ontheffingenbeleid te hebben waardoor het voorspelbaarder zou worden en er minder risico zou bestaan op olifantenpaadjes en afhankelijkheid van interpretatie. Dat in combinatie met de wens om waar mogelijk het bedrijfsleven tegemoet te komen leidde tot een toename van voorwaarden waarmee meer kon worden toegestaan. Een voorbeeld hiervan is de introductie van de intentieverklaring massa (in de definitieve beleidsregels: de gewichtsverklaring): Voertuigen, die volgens de (technische) kenmerken van het voertuig een maximaal toegestane massa zwaarder dan 30,00 ton hebben, maar in werkelijkheid nooit met een werkelijk gewicht boven 30,00 ton in de 7,5t-zone rijden, kunnen in aanmerking komen voor een zoneontheffing (t.w. de jaarontheffing zone zwaar verkeer met verklaring). In de verklaring verklaart de aanvrager dat het voertuig niet in de 7,5t-zone zal worden ingezet met een werkelijk gewicht zwaarder dan 30,00 ton.

24

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

In het ontheffingenbeleid 7,5t-zone stadsdeel Centrum 2018 kon men voor een voertuig met een maximaal toegestane massa zwaarder dan 45 ton uitsluitend in aanmerking komen voor een 45tonsontheffing. Hiermee geeft het college de branche een groot vertrouwen en verantwoordelijkheid. De ontheffinghouder heeft de verplichting op zich genomen dat het voertuig nooit zwaarder zal zijn dan 30,00 ton, in het geval het in de zone rijdt. Daartegenover staat een streng handhavingsstappenplan in het geval het vertrouwen van het college wordt beschaamd. Handhavers op straat zijn toegerust met speciale weegmatten en kunnen hun handhaving, mede vanwege het feit dat langs de zone camerahandhaving zich richt op het wel/niet hebben van een ontheffing, richten op de naleving van ontheffingsvoorschriften als deze. De lengte-eis uit het ontheffingenbeleid 7,5 tonszone stadsdeel Centrum 2018 is gehandhaafd. De lengte van voertuigen kan niet alleen impact hebben op de belasting van bruggen en kademuren maar nog veel meer op aspecten zoals leefbaarheid, vervoersbewegingen en verkeersveiligheid. Vanuit de doelstelling van de aanscherping van de 7,5t-zone, namelijk de bruggen en kademuren in de zone tegen overbelasting te beschermen en verdere verslechtering van de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan, was geen aanleiding om deze lengte-eis aan te passen.

De lengte-eis wordt op dezelfde wijze toegepast als in de eerdere beleidsregels, dus de lengte van het voertuig volgens de RDW-kentekengegevens. De ontheffingsvrije vrachtroutes komen met de inwerkingtreding van het nieuwe verkeersbesluit te vervallen. De redenen hiervoor zijn reeds eerder in deze nota toegelicht: ook de bruggen op deze routes verkeren in slechte staat en de zware belasting vormt een gevaar voor het ontstaan van schade aan de bruggen en daardoor voor de verkeersveiligheid. Deze routes kenmerken zich over het algemeen als breed opgezette wegen en lenen zich om die reden wel voor voertuigen met meer lengte. De nieuwe beleidsregels bieden dan ook de mogelijkheid om voor voertuigen langer dan 10,00 meter met uitsluitend bestemmingen langs breed opgezette wegen een routeontheffing aan te vragen. Dit kan ook bij een deelbare lading. Voor voertuigen zwaarder dan 30,00 ton moet een routetoets worden uitgevoerd. De draagkracht van de bruggen en kademuren is ook op deze route(s) doorslaggevend. Bij de aanvraag van deze routeontheffing – breed opgezette wegen wordt aangegeven dat het voertuig uitsluitend wordt ingezet voor bestemmingen langs deze routes.

7.2 Reacties mbt gewichtsbeperking 30 ton De indieners, waaronder grote bouwbedrijven, brancheorganisaties, specialistische bedrijven die reinigingswerkzaamheden uitvoeren of andere bedrijven die met bijzondere (veelal zwaardere) voertuigen werken - die bovendien soms ook bij calamiteiten worden ingezet - , hebben gereageerd op de gewichtsbeperking van 30 ton in de concept beleidsregels. Een veel gehoord argument is dat het beter zou zijn om naar de aslast te kijken. Immers een autolaadkraan van 35 ton, met 5 assen heeft een veel betere verdeling per as dan een voertuig lichter dan 30 ton met

25

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

maximaal 3 assen en levert daarmee een lagere piekbelasting op. Voertuigen van 45 ton met meerdere assen hebben een vergelijkbaar drukprofiel als voertuigen tussen de 30 en 45 ton. Daarbij wordt bij het opstellen van hijskranen gebruik gemaakt van stempelschotten van allerlei formaat om zo het drukprofiel zo ver mogelijk terug te brengen. Een indiener geeft daarnaast aan dat de huidige problematiek vrij eenzijdig wordt toegeschreven aan de belasting door zwaar verkeer, terwijl ook oorzaken als lekkende leidingen of de scheepvaart een rol kunnen spelen.

Reactie van het college Constructief specialisten van de gemeente Amsterdam hebben met gebruikmaking van allerlei beschikbare archiefdata en belastingmodellen onderzocht wat de generieke maximaal toelaatbare verkeersbelasting voor bruggen en kademuren in de zone binnen de S100 is. Dit advies is getoetst door externe partijen zoals TU Delft, TNO, gemeente Rotterdam en provincie Noord Holland. Daaruit is een generieke toelaatbare belasting van bruggen en kademuren gesteld tot een maximum van 30 ton. Meer specifiek: Voor de bruggen: limiteren van de generiek toelaatbare belasting van de bruggen binnen de S100 tot een maximaal voertuiggewicht van 30,00 ton. Voor de kademuren: de traditionele gewichtsmuren niet zwaarder belasten dan 5 kN/m2 op een afstand van 0 m -3 m achter de kade. Vanaf 3 meter uit de kade het maximaal voertuiggewicht limiteren tot 30,00 ton. Op basis van bovenstaand technisch advies wordt de maximaal toelaatbare belasting van bruggen en kademuren binnen de S100 gesteld op maximaal 30,00 ton voertuiggewicht. In het technisch advies is een zekere veiligheidsmarge ingebouwd. Van veel bruggen en kademuren is niet precies bekend in welke staat ze verkeren en welke belasting ze nog aankunnen. Daar is eerst ook nog verder onderzoek voor nodig.

In een steekproef is een groot aantal voertuigen met een werkelijk gewicht tot 30,00 ton getoetst op dwarskracht en momentcapaciteit. Uit de steekproef blijkt dat het voertuiggewicht maatgevend is en niet zozeer de aslast. Daarom is de eerder wel voorgestelde maximale aslast van 10 ton losgelaten. Met dit uitgangspunt is het ontheffingenbeleid opgesteld. Het feit dat andere zaken wellicht ook invloed hebben op de staat van de bruggen en kades maakt niet dat deze aanscherping van het beleid niet nodig is.

7.3 Reacties mbt (handhaven) lengte-eis 10 m Indieners stellen dat de maten van voertuigen worden bepaald door Europese regelgeving en door de maat van gestandaardiseerde ladingseenheden. Als voorbeeld wordt vaak de autolaadkraan genoemd, maar ook bijzondere voertuigen, landbouwtrekkers met aanhangwagen, vrachtwagen met laadkraan en containeropbouw en internationale vrachtwagens die veelal de culturele sector bedienen. Deze voertuigen zijn soms net langer dan 10 meter. Een trekker oplegger kan korter dan 10 meter zijn, maar is niet zo efficiënt als een bakwagen. Er worden praktische voorbeelden gegeven en er wordt benadrukt dat de draaicirkels van de voertuigen het belangrijkste zijn om te manoeuvreren in de smalle straten en wegen in de binnenstad. Voertuigen met een gestuurde achteras zijn wendbaarder dan de variant met een starre achteras. Autolaadkranen zijn zeer specialistische voertuigen en zijn uitgerust met bestuurbare assen waardoor de draaicirkels

26

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

overeenkomen met regulier stadsdistributiematerieel, ze wijken nauwelijks af van een 7,5 tons vrachtwagen voor distributie. Tevens worden er alternatieven beschreven als een mobiele telescoopkraan of een lichtere mobiele torenkraan, beide voldoen niet aan de 10 meter-eis. Reactie van het college De lengte-eis uit het ontheffingenbeleid 7,5t-zone stadsdeel centrum 2018 blijft onveranderd. De lengte van voertuigen heeft niet alleen impact op de belasting van bruggen en kademuren maar op nog veel meer aspecten zoals leefbaarheid, vervoersbewegingen en verkeersveiligheid. Vanuit de aanscherping van de 7,5t-zone met als doelstelling de bruggen en kademuren in de zone tegen overbelasting te beschermen, verdere schade aan de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan was geen aanleiding om de lengte-eis aan te passen. Het college realiseert zich dat allerlei technieken, zoals meesturende achterassen ed., mogelijk maken dat langere voertuigen wellicht wendbaarder zijn dan een voertuig van maximaal 10,00 meter. Het is nog onduidelijk wat de consequenties zijn van een eventuele aanpassing van de regelgeving. In de Logistieke Strategie zal gekeken worden of verder kan worden verkend om langere voertuigen toe te staan. Op de categorie bijzondere voertuigen, waar een aantal hier genoemde voertuigen toe behoort, wordt in het volgende hoofdstuk nader ingegaan.

7.4 Reacties mbt vervallen categorie bijzondere voertuigen algemeen 40% van de indieners betreurt het vervallen van de categorie van bijzondere voertuigen in de conceptbeleidsregels. De redenen die ze hiervoor aanvoeren zijn dat deze voertuigen ingezet worden voor allerlei zeer specialistische werkzaamheden. Ze stellen dat er voor de uitvoering van deze essentiële werkzaamheden nauwelijks alternatieven zijn. De voertuigen zijn ontworpen voor een specifiek doel waardoor ze ook vaak een veel langere afschrijvingsperiode kennen. Indieners wijzen de gemeente Amsterdam ook op het feit dat voertuigen die voorheen in de categorie bijzondere voertuigen werden omschreven ingezet worden bij onvoorziene, ongewone voorvallen en calamiteiten op diverse van tevoren onbekende locaties/ adressen. Voorbeelden van opdrachtgevers zijn Waternet, rioolbeheer, Brandweer Amsterdam, diverse bouwlocaties in het centrum van Amsterdam en de Noord-Zuidlijn. Indieners noemen de gevolgen van het vervallen van de categorie bijzondere voertuigen vooral in relatie tot de autolaadkraan (de bedrijfsauto met een zware laadkraan van minimaal 35 tonmeter) groot. Bijzondere voertuigen zijn vaak iets langer dan 10 meter, maar kunnen zich goed aan de 30 ton gewichtseis houden.

Een routeontheffing voor deze categorie levert een enorme financiële en administratieve belasting zowel voor de gemeente als voor de vervoerders op. Indieners uit de betonsector benadrukken dat ze door het vervallen van de categorie bijzondere voertuigen gedwongen worden hun lading te verdelen over meerdere voertuigen en zo uiteindelijk meer wegen dan 1 voertuig van 45 ton. Met het oog op andere logistieke doelen van de stad zou de uitzondering voor voertuigen met alternatieve brandstof/ volledig elektrische wagens in stand moeten blijven.

27

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Reactie van het college Het college heeft de argumentatie van de indieners goed beluisterd en heeft, vooral vanuit het oogpunt van uitvoerbaarheid van beleid, besloten de beleidsregels hierop aan te passen. Voertuigen die vallen in de categorie bijzondere voertuigen, zoals nader gedefinieerd in de beleidsregels zone zwaar verkeer, die kunnen voldoen aan de gewichtseis van 30,00 ton (ledig gewicht voertuig + passagiers en lading), kunnen voor een zoneontheffing (t.w. de jaarontheffing zone zwaar verkeer (eventueel met verklaring)) in aanmerking komen. Alleen voor bijzondere voertuigen die een werkelijk gewicht hebben dat zwaarder is dan 30,00 ton kan uitsluitend nog een routeontheffing worden aangevraagd.

8 Reacties mbt ontheffingsmogelijkheden naar type en vereisten

8.1 Snelheid afhandelingsproces Volgens een groot aantal indieners zijn de verschillende ontheffingen ingewikkeld en kost het hen extra administratieve lasten en kosten voor leges. Sommige indieners maken zich zorgen over de snelheid van het afhandelingsproces van de ontheffingsaanvragen van zowel de dag,- als routeontheffingen. Men vraagt zich af of er verschillende procedures zijn voor voertuigen zwaarder dan 30 ton en/of langer dan 10 meter.

Reactie van het college Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van beleid stonden bij de ontwikkeling van de aangescherpte beleidsregels voor het college voorop. Om die reden zijn bepaalde vereisten zoals het aanleveren van 5 bewijsstukken bij een aanvraag om aan te tonen dat vervoerders regelmatig in de stad moeten zijn, uit de beleidsregels geschrapt en vervangen door het voorschrift dat degene die het voertuig bestuurt op eerste vordering bewijs moet kunnen overleggen van de noodzaak van verblijf in de zone. Op welke wijze dit bewijs geleverd wordt, staat hem daarbij vrij. Ook is om die reden de dagontheffing geherintroduceerd, een snel en simpel aan te vragen ontheffing met een snel afhandelingsproces, voor voertuigen die op basis van een simpele toets op kenteken voor de duur van een dag de zone in kunnen, mits zij volgens de RDW-data aan zowel gewichts- als lengte-eis voldoen. Er wordt een nieuw, gemoderniseerd aanvraagformulier ontwikkeld en ook het backoffice-proces wordt verbeterd. Verwacht wordt dat hierdoor het ontheffingenproces rond de zone zwaar verkeer in het algemeen sneller, beter en voorspelbaarder

28

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

gaat zijn. Daarnaast is er vanuit het programma Bruggen en Kademuren ook een project actief dat het gehele vergunningen- en ontheffingenproces met een gewichtscomponent (denk aan: objectvergunningen, Tijdelijke verkeersmaatregelen, nachtwerkvergunningen enz) onder de loep neemt. Dit is echter een project van langer adem. Tegelijkertijd zal de aanvraag van routeontheffingen in de regel altijd langer duren dan die van de zoneontheffingen (de jaarontheffingen zone zwaar verkeer al dan niet met verklaring), aangezien er door verschillende gemeentelijke adviseurs naar moet worden gekeken. Toch zal de informatievoorziening verbeteren waardoor de voorspelbaarheid substantieel zal toenemen en dus van tevoren beter kan worden ingeschat óf een ontheffing zal worden verleend.

8.2 Dagontheffing; max 12 per jaar Veel bedrijven zeggen te maken te hebben met ad-hoc opdrachten, kunnen de hoeveelheid aanvragen niet overzien en vinden het maximum van 12 aanvragen per jaar niet werkbaar, een van de suggesties is tevens week/ maandontheffingen te verlenen. Reactie van het college Het college heeft de argumentatie van de indieners goed beluisterd en heeft besloten de beleidsregels hierop aan te passen en geen limiet op te leggen voor het aantal dagontheffingen per jaar. Hiermee komt het college tegemoet aan de behoefte van flexibiliteit bij bedrijven om bij ad-hoc opdrachten snel een voertuig in te kunnen zetten. En geeft ze bedrijven die slechts een aantal keren per jaar de Amsterdamse binnenstad aan doen de gelegenheid om hiervoor een goedkope en snel verkrijgbare dagontheffing aan te vragen. Met de introductie van de dagontheffing hoopt het college tevens te stimuleren dat een bedrijf eerder voor een lichter vervoermiddel (toegestane max. massa van maximaal 30,00 ton en een maximale lengte van 10,00 meter) kiest. De suggestie om week/maand-zoneontheffingen als mogelijkheid op te nemen neemt het college om reden van uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid niet over.

8.3 Zonale ontheffing 30 ton Indieners geven aan dat hun voertuig voldoet aan de vereisten voor een zonale jaarontheffing (toegestane max. massa onder de 30 ton en niet langer dan 10m). Ze vragen zich af of hun huidige ontheffing automatisch wordt overgezet. Reactie van het college Indien het betreffende voertuig waar ontheffing voor is verleend voldoet aan de vereisten voor de zoneontheffing (in de definitieve beleidsregels: de jaarontheffing zone zwaar verkeer) kan de ontheffing ambtshalve worden omgezet.

29

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Indien het voertuig een toegestane max. massa heeft van zwaarder dan 30,00 ton is het om in aanmerking te komen voor het rijden in de gehele zone nodig dat de ontheffinghouder daarnaast een gewichtsverklaring invult, waarin verklaard wordt dat het voertuig uitsluitend in de zone wordt ingezet met een werkelijk gewicht tot maximaal 30,00 ton. Ambtshalve omzetting van de ontheffing is om die reden niet mogelijk. In het geval een ontheffinghouder zo’n verklaring niet kan of wil invullen, kan een routeontheffing voor een specifieke route uitkomst bieden mits dit past volgens de beleidsregels en de route dit qua draagkracht toestaat. Ook dan is ambtshalve omzetting niet mogelijk, omdat extra informatie nodig is om zo’n ontheffing te kunnen verlenen. De verwachting is dat een klein deel uiteindelijk op zoek moet gaan naar alternatieven. Er is hulp beschikbaar bij het maken van deze keuze.

8.4 Intentieverklaring algemeen De intentieverklaring wordt door indieners voor zowel transportbedrijven als voor de handhaving nodeloos ingewikkeld beschouwd. Als voorbeeld wordt de autolaadkraan veel genoemd om hijswerkzaamheden uit te voeren, deze voertuigen zijn vaak te lang en kennen een toegestane max massa boven de 30 ton. Om alsnog voor een zonale ontheffing in aanmerking te komen moet men conform het nieuwe beleid twee intentieverklaringen invullen. Dit is weer een extra administratieve last. Andere indieners geven aan dat hun mobiele voertuigen vallen binnen de huidige concept beleidsregels en willen graag in aanmerking komen voor een zonale ontheffing. Ze zijn niet zwaarder dan 20 ton ledig, zijn niet langer dan 10m en blijven geladen ook onder de 30 ton. Reactie van het college Het college heeft begrip voor de reactie van de indieners. Net als de indieners staat het college kritisch tegenover het opvragen van onnodige bewijsstukken. Om die reden is in de nieuwe beleidsregels opgenomen dat ter plekke moet worden aangetoond dat men een bestemming in de 7,5 t-zone heeft. De eis vooraf 5 vrachtbrieven aan te leveren vervalt. Het college gaat ervan uit dat niemand voor zijn plezier met een zwaar voertuig in de binnenstad rijdt. De intentieverklaring, in de definitieve beleidsregels vervangen door de gewichtsverklaring, is echter ingevoerd ten faveure van de indieners.

Het nieuwe ontheffingenbeleid legt, anders dan het voorgaande ontheffingenbeleid uit 2018, een grote verantwoordelijkheid bij de vervoerders zelf door hen de mogelijkheid te geven om voor een voertuig dat volgens de kentekengegevens een toegestane max. massa kent zwaarder dan 30,00 ton, toch een zoneontheffing (t.w. de jaarontheffing zone zwaar verkeer met verklaring) aan te vragen. Wel dient de aanvrager te verklaren dat het voertuig nooit met een werkelijk gewicht (dus inclusief passagiers en lading) zwaarder dan 30,00 ton in de zone zal rijden. In het voorgaande beleid werd geen rekening gehouden met het werkelijke gewicht van een voertuig en moest elk voertuig met een maximale toegestane massa zwaarder dan 45 ton een 45t-ontheffing aanvragen, ook al zou het voertuig nooit op die manier worden ingezet. Het college geeft de vervoerders hiermee vertrouwen en veel meer ruimte om toch de zone te mogen betreden, maar zal ook hard optreden als dit vertrouwen wordt beschaamd (zie het stappenplan handhaving in de

30

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

beleidsregels). Het alternatief, een zoneontheffing uitsluitend voor voertuigen met een maximum toegestane massa van 30,00 ton, zou heel veel bedrijven ernstig benadelen. In de definitieve beleidsregels is de intentieverklaring voor lengte geschrapt en is de routeontheffing – breed opgezette wegen hiervoor in de plaats gekomen.

8.5 Intentieverklaring massa: ledig gewicht 20 ton Veel indieners (35% van alle reacties), voornamelijk transportbedrijven reageren op de intentieverklaring massa in relatie tot het vereiste van een ledig gewicht tot 20 ton. Ze geven veelal aan over voertuigen te beschikken met een ledig gewicht hoger dan 20 ton, bijvoorbeeld vanwege de kraancapaciteit, maar nooit met een werkelijk gewicht boven de 30 ton in de zone zullen rijden, omdat ze geen of nauwelijks laadvermogen hebben of containers vervoeren met een lichte lading. Reactie van het college Het college heeft de argumentatie van de indieners goed beluisterd en heeft besloten de beleidsregels aan te passen en de eis van 20 ton ledig gewicht te laten vervallen. Hiermee geeft het college ontheffinghouders nog meer vertrouwen en worden de regels eenvoudiger. Ook de gemeentelijke toets wordt simpeler. In de definitieve beleidsregels is de mogelijkheid opgenomen om voor voertuigen of samenstellen van voertuigen op kenteken een zoneontheffing (t.w. de jaarontheffing met verklaring) te verlenen, wanneer de aanvrager in een gewichtsverklaring verklaart dat het voertuig of samenstel van voertuigen nimmer binnen de zone wordt ingezet met een werkelijk gewicht zwaarder dan 30,00 ton (dus inclusief personen en lading).

8.6 Intentieverklaring massa: lengte >10 m -> ondeelbare lading Veel indieners reageren op het vereiste van een ondeelbare lading indien een voertuig een lengte heeft langer dan 10 meter en men in aanmerking wenst te komen voor een intentieverklaring massa. Daarbij wordt vooral de autolaadkraan veelvuldig genoemd. Volgens de indieners zijn autolaadkranen zeer specialistische voertuigen, die zijn uitgerust met bestuurbare assen waardoor de draaicirkels overeenkomen met regulier stadsdistributiematerieel, ze wijken nauwelijks af van een 7,5 tons vrachtwagen voor distributie. Ook worden de mobiele telescoopkraan of een lichtere mobiele torenkraan genoemd. Beide voldoen niet aan de 10 meter-eis, maar hebben nauwelijks tot geen laadvermogen en kunnen zich houden aan de eis van 30 ton werkelijk gewicht. Reactie van het college Voertuigen die door deze bepaling in de conceptbeleidsregels vooral in de knel kwamen zijn vrijwel allemaal voertuigen die voorheen vielen in de categorie bijzondere voertuigen, specialistische voertuigen met een specifiek gebruiksdoel, waardoor ze niet kunnen of hoeven te voldoen aan de gestelde criteria voor vrachtauto’s. Het college heeft besloten de eerder in de

31

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

conceptbeleidsregels geschrapte categorie bijzondere voertuigen, in de definitieve beleidsregels alsnog op te nemen (zie hoofdstuk 7.4). Dit in combinatie met het vervallen van de eis van 20 ton ledig gewicht maakt het ook voor deze voertuigencategorie mogelijk om een zoneontheffing (t.w.de jaarontheffing met verklaring) aan te vragen, in het geval het voertuig nimmer binnen de zone wordt ingezet met een werkelijk gewicht zwaarder dan 30,00 ton (dus inclusief personen en lading).

8.7 Lengte eis. Routeontheffing lengte Indieners stellen dat er door hun voertuigen vaak lucht wordt vervoerd; voertuig plus lading blijven onder de 30 ton, maar zijn net langer dan tien meter. Reactie van het college De lengte-eis uit het ontheffingenbeleid 7,5t-zone stadsdeel centrum 2018 is gehandhaafd. De lengte van voertuigen heeft niet alleen impact op de belasting van bruggen en kademuren maar op nog veel meer aspecten zoals leefbaarheid, vervoersbewegingen en verkeersveiligheid. Vanuit de aanscherping van de 7,5t-zone met als doelstelling de bruggen en kademuren in de zone tegen overbelasting te beschermen en verdere verslechtering van de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan was geen aanleiding om de lengte-eis aan te passen. Het college heeft besloten het beleid met betrekking tot lengte uit het oude ontheffingenbeleid voor voertuigen die langer zijn dan 10,00 meter maar een ondeelbare lading vervoeren of vallen in de categorie bijzondere voertuigen te handhaven. Deze kunnen volgens de definitieve beleidsregels in aanmerking komen voor een zoneontheffing (t.w. de jaarontheffing met verklaring, eventueel ook nog in combinatie met de eerder genoemde gewichtsverklaring, waarin de aanvrager verklaart dat het voertuig nimmer binnen de zone wordt ingezet met een werkelijk gewicht zwaarder dan 30,00 ton (inclusief personen en lading).

Voor voertuigen met deelbare lading geldt dat de lading ook in een paar keer kan worden gereden. Voor breed opgezette wegen geldt deze bepaling niet. Vanwege die brede opzet kunnen die wegen in principe voertuigen of samenstel van voertuigen met meer lengte aan. Uit oogpunt van zoveel mogelijk efficiënte bevoorrading mogen op deze wegen ook voertuigen of samenstel van voertuigen langer dan 10,00 meter met een deelbare lading rijden.

8.8 Gedragsregels De indieners kunnen zich over het algemeen vinden in de gestelde gedragsregels. Ze geven aan de noodzaak van deze regels in te zien en realiseren zich dat dergelijk maatregelen nodig zijn. Wel wordt de kanttekening gemaakt dat deze gedragsregels ook gelden voor gemeentepersoneel. Een

32

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

enkele reactie gaat in op de gedragsregels ‘niet parkeren’ en vraagt of hieronder ook de activiteit ‘laden en lossen’ wordt verstaan. Reactie van het college Het college voelt zich door deze reacties gesteund. De indieners zien dat het college genoodzaakt is om maatregelen te nemen om overbelasting en verdere verslechtering van de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan en dat zij hier als vervoerders ook een verantwoordelijkheid en rol in hebben. Voor wat betreft de opmerking over ‘niet parkeren’: het klopt dat hieronder ook ‘laden en lossen’ valt. Overigens zijn de gedragsregels in de definitieve beleidsregels wat duidelijker omschreven.

9 Bijzondere regelingen

9.1 Calamiteiten Bedrijven die worden ingezet bij calamiteiten en ongevallen vragen zich af hoe ze hun werkzaamheden binnen de aangescherpte beleidsregels voort kunnen zetten. Hun zware voertuigen worden regelmatig ingezet bij incidenten en ongevallen in de binnenstad. Voorbeelden zijn stormschade, ongevallen, bergingswerkzaamheden en reinigingswerkzaamheden. Bergingsvoertuigen die langer dan 10 meter zijn worden vooral in winterse omstandigheden en bij gestrande vrachtwagens ingezet. Zwaar materieel wordt ook ingezet om de veiligheid te waarborgen en doorstroming op gang te brengen, denk aan defecte bussen, trams, metroontsporingen, waardetransportwagens en defect exceptioneel transport. Bij calamiteiten kan ook gedacht worden aan ongewone gevallen waarbij voertuigen worden ingezet door bedrijven die dienstverlener zijn voor services als industriële reiniging, transport en afvalmanagement. Indieners vragen zich af hoe de ontheffingenprocedure zal verlopen voor calamiteiten. Reactie van het college Het huidige ontheffingenbeleid kent geen regeling voor calamiteiten. Het college realiseert zich dat de vraag naar een calamiteitenprocedure met name wordt ingegeven door het verlagen van de gewichtsgrens voor een zoneontheffing naar 30,00 ton. Hierdoor komt een aantal bedrijven dat voertuigen inzet bij incidenten en ongevallen in de binnenstad mogelijk in de problemen.

Voor de inzet van deze voertuigen wordt een handelingsperspectief opgesteld. Deze wordt niet opgenomen in de beleidsregels en geldt als uitzonderingsmaatregel. Vanzelfsprekend moet ook bij calamiteiten en incidenten rekening worden gehouden met de belastbaarheid die de bruggen en kademuren in de binnenstad aankunnen. Het kan niet zo zijn dat om een calamiteit te bestrijden een andere wordt veroorzaakt. De gemeente realiseert zich dat de aangescherpte regels bedrijven die worden ingezet bij calamiteiten en ongevallen, mogelijk voor dilemma’s stelt. Bij de start van het nieuwe beleid zal duidelijkheid worden verschaft over het handelingsperspectief bij calamiteiten.

33

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

9.2 Aantal kentekens voor gelijke voertuigen Indieners willen graag de mogelijkheid behouden om in één ontheffingaanvraag meerdere kentekens van gelijke voertuigen op te geven. Men voert aan dat dit noodzakelijk is om de bedrijfsvoering zo flexibel mogelijk te kunnen inrichten. Zo kan een bedrijf bepaalde werkzaamheden relatief ver vooruit plannen, de benodigde ontheffingen en vergunningen aanvragen en op het moment zelf de flexibiliteit hebben om dat voertuig voor de uit te voeren werkzaamheden in te zetten dat ook daadwerkelijk beschikbaar is. Immers voertuigen kunnen om reden van onderhoud, storing of omdat het voertuig op een andere locatie is ingezet, uiteindelijk niet beschikbaar zijn. Om dan opnieuw ontheffing te moeten aanvragen voor een ander identiek voertuig is omslachtig, kostbaar en onnodig. Een aantal indieners doet de suggestie om het ontheffingensysteem niet te koppelen aan kentekens maar aan projecten. Sommigen geven aan dat ze hun planningsmethodiek voor het centrum van Amsterdam volledig moeten aanpassen en dat hierdoor een lagere beladingsgraad en extra vervoersbewegingen, dus extra kosten ontstaan. Een enkele indiener geeft aan zich beperkt te voelen in zijn bedrijfsvoering door het maximum van 5 kentekens dat het huidige beleid kent.

Reactie van het college Het college begrijpt dat indieners altijd op zoek zijn naar mogelijkheden om hun bedrijfsvoering zo flexibel mogelijk in te richten. Voor wat betreft het aantal op te geven kentekens bij een aanvraag routeontheffing merkt het college op dat het ook volgens de nieuwe beleidsregels mogelijk moet zijn om in dat geval in één aanvraag maximaal 5 kentekens van identiek gelijke voertuigen op te geven. De reden hiervoor is dat het gaat om een ontheffing die langere tijd van te voren moet worden aangevraagd, omdat de afhandelingsprocedure bij de gemeente langer duurt (de route moet worden getoetst en goedgekeurd). Het voertuig waarvoor de aanvraag is ingediend kan om reden van onderhoud, storing of iets dergelijks mogelijk op de dag zelf niet beschikbaar zijn. Wanneer een identiek voertuig wel beschikbaar is, kan dit alsnog voor de werkzaamheden worden ingezet. Vanzelfsprekend wel onder de voorwaarde dat slechts één van de opgegeven kentekens daadwerkelijk van de routeontheffing gebruik mag maken. Het college ziet geen noodzaak om het aantal van 5 kentekens voor de routeontheffing verder uit te breiden, maar zal de wens meenemen voor het nog te ontwikkelen vergunningen- en ontheffingenproces, genoemd in hoofdstuk 8.1 bij snelheid afhandelingsproces.

Voor wat betreft het aantal op te geven kentekens bij het aanvragen van een andere ontheffingsvorm merkt het college op dat mogelijk wordt gemaakt dat aanvragers bij de simpele zoneontheffing (voor voertuigen met een toegestane max. massa tot 30,00 ton en een lengte tot 10,00 meter) per aanvraag maximaal 20 kentekens met dezelfde voertuigspecificaties opgeven. Voorwaarde is wel dat de ingangsdatum van de ontheffingen gelijk zijn. Ieder kenteken krijgt een apart besluit en voor elk kenteken wordt apart leges geïnd (immers, elk kenteken moet ook apart worden verwerkt en afgehandeld).

34

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

9.3 Buitenlandse voertuigen en landbouwvoertuigen Indieners vragen zich af hoe er gehandhaafd gaat worden op overtredingen van buitenlandse voertuigen en landbouwvoertuigen. Het ontheffingensysteem is ingericht op kenteken en deze voertuigen zijn niet altijd geregistreerd of herkenbaar bij de RDW. Overigens zijn bestaande zelfrijdende (land) bouwvoertuigen registratie- en kentekenplichtig vanaf 2021 en geldt een generieke goedkeuringsplicht vanaf juli 2021, waarbij massa, aslast en afmetingen wel zullen worden geregistreerd. Echter van bestaande (land)bouwvoertuigen ontbreken voertuiggegevens, waardoor deze dus niet zonder meer kunnen voldoen aan de voorwaarden van het aanvragen van een ontheffing. Reactie van het college De zonale geslotenverklaring op gewicht geldt voor alle voertuigen en samenstellen van voertuigen, tenzij ze zijn uitgezonderd (bijvoorbeeld dmv een vrijstelling zoals nood- en hulpdiensten). Een en ander houdt in dat ook buitenlandse voertuigen en voertuigen zonder kenteken zwaarder dan 7,5 ton een ontheffing nodig hebben. Op de website van de gemeente waarop ontheffing moet worden aangevraagd, is een contactmogelijkheid opgenomen, vooral bedoeld voor deze categorieën. In de handhaving van de zonale geslotenverklaring op gewicht krijgen buitenlandse voertuigen en landbouwvoertuigen speciale aandacht van de opsporingsambtenaren op straat.

10 Handhaving

10.1 Inzet camera’s Indieners twijfelen aan nut en noodzaak van camerahandhaving, vooral omdat een overtreding alleen kan worden vastgesteld aan de hand van het werkelijke, gewogen gewicht, niet het kentekengewicht. Geschat wordt dat minstens 80% van alle voertuigen niet altijd het maximale laadvermogen gebruikt. Andere indieners vragen zich af of alleen gehandhaafd wordt op overtreden van de ontheffingvoorschriften of ook op het wel of niet hebben van een ontheffing. Door verschillende brancheverenigingen wordt gesteld dat kleine ondernemers/ bouwers/ ontwikkelaars een langere overgangsperiode nodig hebben om zich goed te informeren en ze te

35

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

laten wennen aan het herziene beleid. Particulieren, zo stelt men, zullen niet altijd goed op te hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op het gebied van wet,- en regelgeving. Wellicht kan het college een waarschuwingsperiode overwegen. Enkele indieners geven aan dat handhaving via digitale gewichtsmeting (aanwezig in de nieuwere vrachtwagens) effectiever is dan handhaven op kenteken.

Reactie van het college De handhaafbaarheid van de regels heeft bij de beleidsontwikkeling centraal gestaan. Juist ook vanuit de branche werd aangegeven hoe belangrijk het is dat er sprake is van een gelijk speelveld. Om die reden is niet alleen gekeken naar de uitbreiding van de fysieke handhavingscapaciteit, maar zijn ook alternatieve handhavingsmiddelen onderzocht. De gemeente plaatst ANPR-camera’s langs alle ingangen van de zone zwaar verkeer. Deze camera’s registreren uitsluitend kentekens in overtreding en worden ingezet op de handhaving van het al dan niet hebben van een ontheffing. Voertuigen die zonder ontheffing de zone inrijden en waarbij op basis van het ledig gewicht, zoals geregistreerd in het kentekenregister van de RDW, al kan worden geconstateerd dat sprake is van een overtreding van meer dan 50% boven de gewichtsgrens van de geslotenverklaring. Het is in dat geval niet meer relevant om te weten wat het exacte gewicht van het voertuig is. Het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (hierna CVOM) heeft ingestemd met de pilot voor de duur van één jaar, waarbij met camera’s enkel de zwaarste categorie gaat worden aangepakt. Tussentijds wordt de pilot geëvalueerd. Amsterdam is de eerste gemeente in Nederland waar camera’s worden gebruikt voor de handhaving van een gewichtsbeperking.

Doordat de camera’s langs de zone een groot deel van de voertuigen zonder ontheffing kunnen handhaven, kan de gemeentelijke handhavingscapaciteit op straat worden ingezet op de categorie overtreders waarvan het voertuig moet worden gewogen om de hoogte van de boete te kunnen bepalen. Er wordt gestart met een waarschuwingsperiode waarin verkeersgebruikers op hun overtreding worden gewezen per brief; na enkele weken zal er daadwerkelijk gestart worden met het opleggen van sancties. De gemeente volgt de ontwikkelingen rond digitale gewichtsmeting en andere ontwikkelingen die de handhaving op straat kunnen ontlasten op de voet. Er worden bovendien pilots ontwikkeld op het gebied van weegstrips, gebruik van data van boardcomputers, beeldherkenning e.d.

10.2 Verantwoordelijkheid bij overtredingen Indieners vragen zich af wie verantwoordelijk is voor het tijdig aanvragen van ontheffingen en het houden aan de gedragsregels. Indien de kentekenhouder niet tevens de aanvrager is; wordt de kentekenhouder beboet bij onjuistheden of de aanvrager? Reactie van het college De aanvrager van de ontheffing is in de meeste gevallen ook de kentekenhouder. Dit kan een natuurlijk persoon en een rechtspersoon zijn. Als het kenteken niet op naam van de aanvrager

36

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

staat is meestal sprake van een lease- of huurovereenkomst waaruit blijkt dat het voertuig door de aanvrager mag worden gebruikt. Ook staat in zo’n overeenkomst meestal dat boetes in verband met verkeersovertredingen voor rekening van de huurder of lessee komen. In het geval een chauffeur met een te zwaar voertuig de zone binnenrijdt of in de zone rijdt zonder ontheffing, is hij in overtreding. De hoogte van de boete is gestaffeld naar mate van overschrijding en daaraan gekoppeld een boete. De eerste drie (overschrijding tot en met 10%, tot en met 20% en tot en met 30%) zijn zgn Mulderfeiten. De overige drie (tot en met 40%, tot en met 50%, vanaf 51%) zijn OM-feiten. In dat geval wordt de chauffeur strafrechtelijk vervolgd. Hij krijgt bij een veroordeling een aantekening in het uittreksel justitiële documentatie (strafblad). Met de ANPRcamera’s langs alle ingangen van de zone wordt de zwaarste categorie overtredingen aangepakt en wordt de gemeentelijke handhavingscapaciteit op straat ingezet op de categorie overtreders waarvan het voertuig moet worden gewogen om de hoogte van de boete te kunnen bepalen.

11 Leges

Indieners krijgen graag zo snel mogelijk inzicht in de legeskosten dan dag,- jaarontheffingen en bijvoorbeeld routeontheffingen om te kunnen anticiperen op extra kosten na invoering van het nieuwe beleid. Daarbij vraagt men ook om inzicht in de totstandkoming van de hoogte van deze kosten. Reactie van het college Legeskosten zijn kosten die in rekening worden gebracht voor het in behandeling nemen van de verschillende ontheffingsaanvragen. Het voorstel voor de uiteindelijke leges is bijgevoegd bij de definitieve stukken en zullen vanwege het beter uitvoerbare beleid veelal lager uitvallen dan in het huidige beleid. Alleen de routeontheffing zal een hoger tarief krijgen, omdat hiervoor meerdere gemeentelijke adviseurs nodig zijn. De werkelijke kosten van deze ontheffing zijn vele malen hoger dan de uiteindelijke leges, omdat de gemeente het niet billijk vindt deze hoge kosten door te berekenen. Eind mei besluit de gemeenteraad tot het al dan niet accorderen van het legesvoorstel. De voorgestelde tarieven voor de verschillende ontheffingen voor de legestabel 2021 lopen uiteen van €25 voor een dagontheffing, €120 voor een jaarontheffing en €175 voor een jaarontheffing met verklaring en €260 voor de routeontheffing en de routeontheffing breedopgezette wegen.

11.1 Overige kosten

37

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Indieners spreken hun zorgen uit over de extra administratieve en financiële last die de voorgenomen beleidsregels zullen veroorzaken. Met rekenvoorbeelden wordt aangegeven dat dit in sommige gevallen kan oplopen tot enkele tonnen. Deelbare ladingen moet worden verdeeld over meerdere voertuigen. Betonmortelfabrikanten verwachten, aangezien hun lading deelbaar is, dat de regels naar schatting een verdubbeling van het totaal aantal ritten zal betekenen en dat ze extra leges kosten kwijt zijn, extra kosten die in rekening gebracht gaan worden bij de klanten. Indieners vragen zich af of de boetes wel in verhouding staan tot de leges en stellen dat boetes riskeren mogelijk lonend zou kunnen zijn. Er zijn in de afgelopen jaren ook investeringen gedaan in voertuigen, (voornamelijk milieuvriendelijke en duurzame investeringen zoals elektrische voertuigen), waar men nu zonder ontheffing de 7,5t-zone niet meer mee in mag. Ook investeringen die zijn gedaan in grote 4assigevoertuigen, betonmixers, om actief te kunnen blijven werken in de stad met lopende langdurige contracten worden benoemd. Specialistische voertuigen (zoals de autolaadkraan) kennen een lange levertijd, ca 1,5 jaar. Dat maakt anticiperen op nieuwe beleidsregels vrijwel onmogelijk. Bovendien is de aanschaf van een autolaadkraan een aanzienlijke investering.

Om die reden stelt men een langere voorbereidingstijd op de nieuwe regels voor of compensatie van de kosten. Om de kosten verder binnen de perken te houden stelt men voor om één legestarief in te voeren voor meerdere voertuigen tegelijk. Verder vraagt men zich af of de gemeente zicht heeft op de te verwachten stijging van de bouwkosten als gevolg van de nieuwe beleidsregels, dit ook in relatie tot de bouwopgave, energietransitie en infrastructurele werkzaamheden die de komende jaren op stapel staan in Amsterdam. Voorgesteld wordt hier onderzoek naar te doen. Reactie van het college Onze bruggen en kademuren zijn in slechte staat. Om ze beter te beschermen is de voorgestelde aanscherping van de 7,5t-zone een maatregel die moet worden genomen vanuit de veiligheid van bruggen en kademuren in dat gebied. Het is onoverkomelijk dat een deel van de (professionele) weggebruikers daardoor negatieve effecten zal ervaren. Strenge maatregelen zijn echter noodzakelijk om overbelasting en verdere schade aan de bruggen en kademuren te voorkomen en incidenten tegen te gaan. Gedurende de beleidsontwikkeling hebben uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid maar ook de impact op de branche steeds centraal gestaan. Sinds september 2019 heeft een uitgebreid participatietraject plaatsgevonden, waarbij met alle branches en individuele partijen gesproken is over de mogelijke te treffen maatregelen.

In ontheffingen die zijn uitgegeven vanaf september/oktober 2020 is steevast een bepaling opgenomen dat de gemeente bezig is met het aanscherpen van het beleid voor de 7,5t-zone en dat dit consequenties kan hebben voor de uitgegeven ontheffing. In het algemeen merkt het college op dat ondernemers er rekening mee moeten houden dat beleid kan wijzigen. Investeringen die zijn gedaan na het moment dat te voorzien was dat er mogelijk aangescherpt beleid voor de 7,5t-zone zou worden ingevoerd en de ondernemer dus rekening moest houden met het risico dat een aangescherpt beleid zou worden ingevoerd, komen voor risico van de ondernemer.

38

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Het is de taak van de gemeente om de onevenredige gevolgen van een (rechtmatige) beleidswijziging mee te wegen in de te nemen keuzes. Het college heeft daarbij een zorgvuldige weging gemaakt tussen de belangen van de bestaande ontheffinghouders, de continuïteit bij bestaande en geplande bouw- en infraprojecten in de binnenstad, de mogelijkheden en flexibiliteit van de branche, de belangen van bewoners en bedrijvigheid in de binnenstad en het algemeen belang. Het college heeft daarom ook besloten de voorgenomen beleidsregels op een aantal onderdelen aan te passen (zie hierover in de Samenvatting op pagina 6 en bij de relevante onderdelen) en dit heeft uiteindelijk geresulteerd in de definitieve aangescherpte regels voor zwaar verkeer. Tot voor kort was het zo dat in de hoogte van de leges voor de ontheffingen 7,5t-zone de adviesuren van constructeurs en beheerders niet was meegenomen en dat er maar één tarief is, ongeacht het werk dat ervoor moet worden verricht. Zie ook hoofdstuk 14 leges over de nieuwe legestarieven. Het college verwacht niet dat dit voor een specifieke vervoerder op zal lopen tot enkele tonnen. Het college realiseert zich dat door de gewichtsgrens voor voertuigen van 30,00 ton er bedrijven zijn die te maken krijgen met meer vervoersbewegingen.

De slechte staat van de bruggen en kademuren in de binnenstad noodzaakt het college tot het aanpakken van de overbelasting. Constructief specialisten van de gemeente Amsterdam hebben allerlei beschikbare archiefdata onderzocht en vastgesteld dat de generieke maximaal toelaatbare verkeersbelasting voor bruggen en kademuren in de zone binnen de S100 30 ton is. Mochten er toch onevenredige gevolgen ontstaan voor individuele ontheffinghouders, dan kunnen zij een gemotiveerde aanvraag voor nadeelcompensatie doen.

12 Overgangsrecht

12.1 Opgebouwde rechten Indieners stellen dat met de voorgestelde onmiddellijke inwerkingtreding geen recht wordt gedaan aan de thans bestaande rechten van de ontheffingshouder, ze stellen dat gezien de duur van de ontheffing, 1 jaar, het niet onredelijk zou zijn om gedurende de resterende maanden dit in stand te laten. Reactie van het college In de ontheffingen die zijn uitgegeven vanaf september/oktober 2020 is steeds een bepaling opgenomen waarin wordt aangegeven dat de gemeente bezig is met het aanscherpen van het beleid voor de 7,5t-zone en dat dit consequenties kan hebben voor de uitgegeven ontheffing. Dat het beleid zou wijzigen en strenger zou worden kan ontheffinghouders dan ook niet zijn ontgaan.

39

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

Een ontheffing wordt, en werd ook onder de oude beleidsregels, voor de duur van maximaal één jaar afgegeven. Een heel groot deel van de ontheffingen kent een looptijd tot september/oktober 2021. Ondernemers dienen er rekening mee te houden dat beleid kan wijzigen. Investeringen die zijn gedaan na het moment dat te voorzien was dat er mogelijk aangescherpt beleid voor de 7,5t-zone zou worden ingevoerd en de ondernemer dus rekening moest houden met het risico dat een aangescherpt beleid zou worden ingevoerd, komen voor risico van de ondernemer. Overigens heeft het college wel besloten de ondernemers zoveel mogelijk tegemoet te komen en een soepele overgang naar het nieuwe beleid te bewerkstelligen door het alsnog opnemen van een overgangsrechtelijke bepaling in de nieuwe beleidsregels. Zie verder hieronder bij hoofdstuk 12.2.

12.2 Onmiddellijke inwerkingtreding beleidsregels Indieners vragen zich af wat dit betekent voor lopende bestekken. De nieuwe beleidsregels zal in sommige gevallen leiden tot kostprijsverhogende maatregelen en ze vragen zich af of dit gecompenseerd gaat worden. Is er een mogelijkheid van een verlengde overgangsperiode waarin lopende projecten worden uitgezonderd van de voorgenomen nieuwe beleidsregels? Er is een aantal grote bouwprojecten in de stad die al zijn aanbesteed en nog jaren zullen lopen. Zijn hiervoor alternatieven mogelijk, zoals bijvoorbeeld een algemene ontheffing voor het project met meldingsplicht? Ook de gemeente Amsterdam zelf heeft lopende bestekken voor reiniging boven,- en ondergronds afvalcontainers, afvalverwerking, calamiteiten waternet, voor het installeren, onderhouden en repareren van stadmeubilair. Indieners vragen zich af of bestaande ontheffingen omgezet kunnen worden in zonale jaarontheffingen. Indieners geven aan dat bij totstandkoming van de nieuwe beleidsregels er te weinig rekening is gehouden met de financiële lasten en belangen van de ondernemers.

Reactie van het college Het college heeft de reacties van de indieners zorgvuldig bestudeerd en heeft naar aanleiding ervan besloten alsnog de overgangsrechtelijke bepaling in de definitieve beleidsregels aan te passen. Daarbij geldt dat verleende 7,5t-ontheffingen voor voertuigen met een toegestane maximum massa tot 30,00 ton en een lengte van maximaal 10,00 meter op 1 oktober 2021 voor de resterende looptijd zullen worden omgezet naar zoneontheffingen (t.w. de jaarontheffingen Zone zwaar verkeer) volgens het nieuwe beleid.

40

Gemeente Amsterdam Zone Zwaar Verkeer

De 45t-ontheffingen van voertuigen, die volgens het oude regime zijn verleend en aflopen op een datum na inwerkingtreding van de nieuwe regels, worden eveneens omgezet in ontheffingen krachtens deze beleidsregels voor de resterende looptijd. Immers de route is al op draagkracht getoetst en goedgekeurd. Verleende 7,5t-ontheffingen voor voertuigen met een toegestane maximum massa zwaarder dan 30,00 ton worden op 1 oktober 2021 ingetrokken. Deze ontheffinghouders dienen zelf te bepalen op welke wijze het voertuig moet en kan worden ingezet. Daarbij zijn verschillende mogelijkheden: 1. In het geval het mogelijk is om met het voertuig altijd onder de 30,00 ton te blijven kan de ontheffing alsnog worden omgezet in een jaarontheffing met verklaring voor de resterende looptijd. 2. In het geval het onder 1 gestelde niet mogelijk of gewenst is, kan een routeontheffing voor een specifieke route worden verleend mits dit past volgens de beleidsregels en de route dit qua draagkracht toestaat. De verwachting is dat een klein deel uiteindelijk op zoek moet gaan naar alternatieven. Er is hulp beschikbaar bij het maken van deze keuze. Waar mogelijk zullen dus nog lopende ontheffingen voor de resterende looptijd worden omgezet naar ontheffingen op basis van de nieuwe regels. Daar hoeven de ontheffinghouders dus zelf geen actie voor te ondernemen.

Overigens lopen de meeste 7,5t-ontheffingen per oktober al regulier af. Aanvragen voor een ontheffing die in behandeling zijn op of worden ingediend na het moment van bekendmaking van deze beleidsregels worden – indien aan de voorwaarden wordt voldaan – verleend tot uiterlijk 1 oktober 2021. Met bovenstaand overgangsrecht meent het college enerzijds ontheffinghouders zoveel mogelijk tegemoet te komen en anderzijds zo snel mogelijk verdere belasting van de bruggen en kademuren in de binnenstad te beperken. Het college gaat ervan uit dat bij nieuwe projecten rekening kan worden gehouden met de meerkosten, maar heeft er begrip voor dat bij reeds gegunde opdrachten de inwerkingtreding van het nieuwe beleid vraagt om meer flexibiliteit en mogelijk meer kosten. Daarom is het voorstel om voor die partijen die zich al gecommitteerd hebben in contracten de mogelijkheid te geven zich bij de gemeente te melden zodat de gemeente eenmalig mee kan denken over de mogelijkheden om dat werk waar mogelijk voort te zetten. Dit kan alleen waar geen schade aan de bruggen en kademuren wordt veroorzaakt. Het biedt dus geen garanties dat alle werk op dezelfde manier voortgang kan blijven hebben, maar wel dat daar vanuit de gemeente actief in wordt meegedacht.

Het college realiseert zich dat de invoering van nieuwe beleidsregels voor een aantal bedrijven een kostenverhogend effect kan hebben en dat het flexibiliteit vraagt.

41

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10273363/1