Monitor Fiets 2023
Tekst van het document
Monitor Fiets 2023 Meerjarenplan Fiets 2017-2023
Monitor Fiets 2023 Meerjarenplan Fiets 2017-2023
Comfortabel doorfietsen Percentage Plusnet Fiets waarvan minimale breedte 2,5 meter is
34%
Beoordeling kwaliteit fietsnetwerk
6,9
Gemakkelijk fietsparkeren Parkeerdruk hotspots
P
Nulmeting
6,7
Nulmeting
2017
7,5
42%
43%
Bezettingsgraad hotspots Bezettingsgraad OV-locaties
-
2018
145%
140%
2020
2021
A
6,7
2019
7,2
7,1
7,0
-
2020
2021
2022
145%
129%
2023
141%
103%
125%
97%
78%
85%
78%
83%
83%
6,7
6,7
6,8
2020
2021
2022
36%
37% 38% 35%
Nulmeting
6,0
-
2017
2018
2019
35%
35%
Fietstevredenheidscijfer
7,0
88%
B
2023
Aantal gerealiseerde fietsnetwerkschakels
13
15
Aantal KIM’s (Kleine Infrastructurele Maatregelen)
10
14 in voorbereiding: 6
Aantal gerealiseerde fietsparkeerplekken inpandig
17.328
84% 85%
totaal: 49.655
75% 7,2
7,0
-
2023
Aantal gerealiseerde fietsparkeerplekken op maaiveld
32.327
Doel
1
Aantal pilots
53 (t/m 2023)
30% 7,0
6,9
7,3
2017
2018
7,3
7,1
7,5
-
2019
2020
2021
2022
2023
Nulmeting
1
64% 60%
55%
57%
58%
58%
1 62%
20
in voorbereiding
Doel
84%
5,7
Streefcijfer
50%
-
%
Doel
84%
34%
Aandeel fietsverplaatsingen in Centrum, Oost, Zuid en West (t.o.v. auto en OV)
2023
99%
Aandeel fietsverplaatsingen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost
Contextindicatoren
2022
92%
1
%
2019
7,3
Parkeerdruk OV-locaties
Het nieuwe fietsen
2018
geen metingen
100%
Beoordeling kwaliteit fietsparkeren
2017
Aantal fietsen in Amsterdam Gemiddeld aantal fietsverplaatsingen per dag
904.203 (2017) 630.000 (2021-2022)
30.00040.000
Inleiding Voor u ligt de zesde, en tevens laatste, editie van de Monitor Fiets. In de monitor delen we de voortgang van de doelen en de belangrijkste maatregelen van het Programma Fiets. Het Meerjarenplan Fiets 2017-2022 is in november 2017 vastgesteld door de Amsterdamse gemeenteraad en het Programma Fiets is in 2018 begonnen met de uitvoering van de maatregelen uit dit meerjarenplan. In 2022 is besloten het huidige programma met een jaar te verlengen.
i
1
1 2
2
3 4 €
3
Comfortabel doorfietsen
Gemakkelijk fietsparkeren
Het nieuwe fietsen
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Het Meerjarenplan Fiets is opgebouwd uit drie pijlers: ‘Comfortabel doorfietsen’ gericht op fietsinfrastructuur, ‘Gemakkelijk fietsparkeren’ gericht op fietsparkeervoorzieningen en ‘Het nieuwe fietsen’ dat zich richt op gedragsbeïnvloeding, innovatieve pilots en kennisdeling. De maatregelen uit het Meerjarenplan Fiets zijn ingedeeld onder elk van deze pijlers. In deze monitor komen de hoofddoelstellingen van elke pijler aan bod. Naast deze doelindicatoren monitoren we ook een aantal belangrijke outputindicatoren zoals de hoeveelheid gerealiseerde fietsparkeerplekken en het aantal heringerichte kruispunten ten behoeve van een betere doorstroming van fietsers. Tevens zijn in de monitor twee contextindicatoren opgenomen namelijk: het gemiddeld aantal fietsritten per dag en het aandeel fietsverplaatsingen ten opzichte van auto en openbaar vervoer. Met motie 143_24 van het lid Havelaar c.s. wordt het college verzocht in de Monitor Fiets het onderscheid op te nemen tussen elektrische fietsen en nietelektrische fietsen, voor zover gebruikte databronnen hier onderscheid in maken. De meeste databronnen van de Monitor Fiets maken dit onderscheid niet. Alleen voor de aspecten die zijn overgenomen uit de Monitor Fietstevredenheid 2023 INLEIDING
kan veelal onderscheid gemaakt worden. In de bijlage hebben we de informatie uit de Monitor Fiets 2023 aangevuld met informatie uit tellingen op drie locaties en snelheidsmetingen en met ongevalcijfers. Met motie 144_24 van het lid Havelaar (CDA) c.s. wordt het college gevraagd in de monitor fiets zoveel mogelijk reeds beschikbare cijfers op te nemen van welke doelgroepen bekend is dat ze minder op de fiets stappen vanwege verkeersveiligheid. Er is geen specifiek onderzoek gedaan naar vermijdingsgedrag door fietsers in Amsterdam. Wel zijn er verschillende bestaande onderzoeken die raakvlakken met dit onderwerp hebben. Een beknopte samenvatting van deze vier onderzoeken en de relevante passages zijn terug te lezen in bijlage 2 van deze monitor. Belangrijk punt is dat er verschillende gradaties van vermijdingsgedrag zijn: er zijn mensen die vanwege de verkeersveiligheid helemaal niet meer fietsen, maar er zijn ook mensen die minder vaak fietsen of bijvoorbeeld een gevaarlijk kruispunt vermijden door een andere route te kiezen of drukte vermijden door een ander tijdstip te kiezen.
2
Highlights 2023 Fietsinfrastructuur
i 1 2 3 4
■ Ontwerp gereed tweerichtingenfietspad noordzijde Van Diemenstraat en verkenning aansluiting Westerkeersluisbrug ■ Ontwerp gereed Amsteldijk 128-484 ■ Advisering tweede fietsring ■ Verbeteren oversteekbaarheid Stadhouderskade: Nicolaas Berchemstraat ■ Verbetering kruispunt Amsteldijk – Vrijheidslaan – Berlagebrug ■ Voorlopig ontwerp TT Vasumweg gereed ■ Voorlopig ontwerp Ringdijk gereed ■ Voorlopig ontwerp Ooster Ringdijk gereed ■ Voorlopig ontwerp Seineweg – Brettenpad gereed ■ Herinrichting Rijksstraatweg Duivendrecht gereed (asfaltering, verbreding) ■ Ontwerp Panamalaan gereed (asfaltering, verbreding) ■ Ontwerp busbaan met fietsstroken Pablo Nerudalaan ■ Voorlopig ontwerp Veelaan gereed ■ Voorlopig ontwerp Zeeburgerdijk – Lohuizenlaan gereed
Fietsparkeren OV Station Amsterdam Centraal ■ Opening van fietsenstalling IJboulevard (circa 4.000 plekken) ■ Opening van fietsenstalling Stationsplein (circa 6.300 plekken en 700 OV-fietsen) ■ Het verwijderen van al het maaiveld parkeren rond het Centraal station, inclusief het sluiten en leeghalen van de fietsflat ■ Start realisatie van dynamisch verwijssysteem rondom station Amsterdam Centraal Noorderpark Bij metrohalte Noorderpark vond een derde bewonersbijeenkomst plaats over het fietsparkeren en aanpassingen in de omgeving. Onder het genot van een ijsje werden ruim 100 bewoners op de hoogte gebracht van de plannen.
Weesp ■ Instellen van aanwijsgebied bij station Weesp, waardoor nu dezelfde fietsparkeerregels gelden als bij andere Amsterdamse stations ■ Verbetering parkeervakken aan de zuidzijde van het station Fietstag In oktober zijn er gratis fietstags weggegeven in de stallingen Beursplein, Leidseplein en Reguliers om de bekendheid van de fietstag te vergroten. Met de fietstag (een sticker met een tag) krijgen fietsers toegang tot de stallingen zonder een abonnementspas, OV-chipkaart of bankpas erbij te moeten pakken. Met dezelfde fietstag op de fiets kunnen fietsers ook in- en uitchecken bij de stallingen van NS (zoals bij Centraal Station, Zuid en Amstel).
Zuid Tijdens de bouw van Zuidasdok wordt een tekort aan fietsparkeerplekken bij station Zuid verwacht tot de drie nieuwe stallingen in het gebied zijn opgeleverd. Samen met Zuidasdok en directie Zuidas heeft Programma Fiets procesafspraken gemaakt over het tijdelijk fietsparkeren tijdens de bouw. Een verdere uitwerking van de afspraken vindt plaats in 2024. Verbeterde oversteekbaarheid Stadhouderskade (ter hoogte van Nicolaas Berchemstraat)
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
INLEIDING
3
Fietsparkeren knelpuntlocaties
i 1 2 3 4 €
Het nieuwe fietsen
■ Efficiënte samenwerking met grootonderhoudsprojecten. Advisering en samenwerking ontwerpen. Veelal geslaagd om maximale aantallen fietsparkeervoorzieningen toe te voegen, om daarmee te voorzien in de vraag op de locaties. ■ We hebben parkeervakken opgeheven in de stadsdelen ten behoeve van fietsparkeren. Daarmee is er ruimte teruggegeven aan de voetganger, in plaats van ruimte in te nemen van de voetganger op de stoepen. ■ Samenwerking opgestart met Programma Bruggen en Kademuren. Op plekken waar de kades zwak zijn, maar niet direct vervangen hoeven te worden, kan door een functiewijziging naar fietsparkeren de levensduur van de kade worden gerekt en het onderhoud uitgesteld worden. ■ Goedkopere manier van realisatie fietsparkeren in autoparkeervakken getest. ■ Stadsdeel West: Realisatie extra fietsparkeervoorzieningen. ■ Stadsdeel Zuidoost: Significante uitbreiding van fietsparkeervoorzieningen in winkelgebieden en rond scholen. Dit onder andere ter stimulering om winkelgebieden, scholen en andere openbare en/ of maatschappelijke voorzieningen per fiets te bereiken.
■ Stadsdeel Noord: In dit stadsdeel is het bijplaatsen van fietsparkeervoorzieningen vooral gericht geweest op het stimuleren van fietsgebruik en beter bereikbaar maken van maatschappelijke voorzieningen. ■ Stadsdeel Nieuw-West: Stimulering van fietsgebruik door extra voorzieningen te plaatsen. In Nieuw-West betrof het hierbij voornamelijk bijplaatsen van voorzieningen in winkelgebieden, bij scholen en diverse sportclubs.
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
INLEIDING
Fietsparkeervoorzieningen Kinkerstraat
■ HiBike game op twee scholen Een klassenchallenge op twee basisscholen om kinderen te stimuleren om lopend of fietsend naar school te gaan en de meest actieve klas kreeg een prijs. ■ Kinderroutes in twee stadsdelen Om voor ouders en kinderen het fietsen en wandelen nog leuker te maken zijn in Nieuw-West en Zuidoost kinderroutes gemaakt. Op de routes waren verschillende plekken met opdrachten waarmee een puzzel kon worden opgelost. De route was ook onderdeel van HiBike. ■ Overdacht Amsterdam Bike City naar gemeente en Vervoerregio Amsterdam Amsterdam Bike City is het kennisplatform voor het delen van fietskennis. Na twee jaar draaien is de focus aangescherpt en is de gemeente verantwoordelijk voor de activiteiten. We zetten in op een meer actieve kennisoverdracht met andere gemeenten en versterken de samenwerking met de Vervoerregio Amsterdam ■ Innovatielab 2023 en sociale veiligheid Het tweede innovatielab van Amsterdam Bike City vroeg om ideeën om de sociale veiligheid te verbeteren. Na een publieke stemming koos de vakjury de Tunnelvisionairs als winnaar. Tunnelvisionairs wil de zintuiglijke ervaring inzetten om de sociale
4
i 1 2 3 4 €
veiligheid te vergroten. Het idee wordt in Amsterdam-Noord getest. ■ Subsidies in stadsdelen Ruimte geven aan ideeën van bewoners, daarvoor was een subsidie beschikbaar in Noord, Zuidoost en Nieuw-West. Bewoners en maatschappelijke organisaties vroegen subsidie aan om extra fietslessen te organiseren en om bijvoorbeeld leenfietsjes op pleinen mogelijk te maken. ■ Presentatie Velocity Duitsland Velocity is de grootste mondiale bijeenkomst over fietsen en wordt georganiseerd door de European Cycling Federation. Amsterdam deelde samen met de Dutch Cycling Embassy kennis en presenteerde haar ervaringen met Amsterdam Bike City. ■ Heel de school fietst De sociale norm van niet-fietsen doorbreken is het doel van het plaatsen van circa 50 fietsen op twee middelbare scholen in AmsterdamNoord. De fietsen worden geleend om bijvoorbeeld naar de lichamelijke opvoeding te gaan of gebruikt voor de dagelijkse fietsrit van en naar huis. ■ Stalen ros Nieuw in Amsterdam, dus dan moet je leren fietsen. Door nieuwkomers meteen fietsles te geven op basis- en middelbare scholen en asielzoekerscentra is de fiets meteen het meest logische vervoermiddel.
■ Loopfietsjes op opvang Jong geleerd, oud gedaan. Daarom startten we op de kinderopvang met loopfietsjes. De ouders worden niet vergeten, want die moeten hun kinderen uiteindelijk leren. ■ Actief kennis delen via werkbezoeken Ook dit jaar zijn verschillende groepen meegenomen in het verhaal hoe in Amsterdam de fiets belangrijk is geworden. Groepen kwamen uit bijvoorbeeld Denemarken, Nigeria, Turkije, Duitsland en Ierland. Ook afgevaardigden uit het Letse Riga kwamen langs en nodigden ons uit om hun stad en de stad Liepaja te bezoeken om kennis te delen over de fietscultuur en infrastructuur. Middels presentaties en werkbezoeken was het een succesvolle uitwisseling. ■ Samen fietsen Basisschoolleerlingen kregen extra fietslessen op school. Deze lessen werden feestelijk afgesloten met een diploma-uitreiking. Ouders werden ook betrokken omdat zij uiteindelijk hun kinderen moeten stimuleren om te blijven fietsen. ■ Bike Life en groene hub In Zuidoost is gewerkt aan de fietscultuur in de groene hub en met Bike Life. Bike Life organiseerde activiteiten voor jongeren om hen te enthousiasmeren. In de groene hub was het mogelijk om je fiets te laten repareren.
■ KNVB GO Samen met de KNVB (koninklijke Nederlandse voetbalbond) is een tweede pilot georganiseerd om te stimuleren dat teams fietsend naar sport komen. Met verschillende acties zijn teams gemotiveerd waarna het meest actieve team een prijs won. ■ Extra middelen naar Stichting Leergeld voor fietsdonatie Na een amendement is extra geld richting Stichting Leergeld gegaan. Hierdoor hebben nog meer kinderen uit gezinnen met onvoldoende financiële middelen toegang tot een fiets gekregen. In 2023 zijn van dit extra geld bijna 220 fietsen via Stichting Leergeld gedoneerd.
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
INLEIDING
5
Fietsdokter (foto: Maud de Vries)
1
Comfortabel doorfietsen
Doelindicatoren
Comfortabel doorfietsen betekent dat fietsers hun bestemming bereiken via royale, directe, snelle, egale en herkenbare routes.
Doelstellingen MJP Fiets 2017-2023
Indicatoren
Nulmeting
2019
2020
2021
2022
2023
Doelstelling (2025)
Comfortabel doorfietsen
Percentage fietspad waarvan minimale breedte 2,5 meter is (plusnet fiets, binnen ring A10 en ten zuiden van het IJ)
34% (2016)
43%
-
-
-
-
50%
Tevredenheid fietsers over de kwaliteit van het fietsnetwerk
Beoordeling kwaliteit fietsnetwerk
6,7 (2017)
6,7
7,3
7,1
-
7,2
7
i
Outputindicatoren
1 Indicatoren
2 A
3 4
Nulmeting
2017 t/m 2023
Doel
Gerealiseerde fietsnetwerkschakels
-
13 (+15 in voorbereiding)
20
Aantal KIM’s (Kleine Infrastructurele Maatregelen)
-
14 (+6 in voorbereiding)
10
B
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
COMFORTABEL DOORFIETSEN
6
Percentage fietspad waarvan minimale breedte 2,5 meter is In het Meerjarenplan Fiets is als doel opgenomen dat 50% van het Plusnet Fiets binnen de Ring A10 ten zuiden van het IJ minimaal 2,5 meter breed is. Het Plusnet Fiets, zoals opgenomen in het Beleidskader Verkeersnetten, heeft een lengte van 124 km. Bij de nulmeting in 2016 is als uitgangspunt gehanteerd dat 34% voldoet aan de minimale breedte van 2,5 meter.
i 1 2 3 4 €
Bij verschillende herinrichtingen is door het Programma Fiets een verbreding van de betreffende fietspaden geïnitieerd en gefinancierd. Verderop in deze monitor is aangegeven welke fietsnetwerkschakels zijn gerealiseerd (zie pagina 9) en staat een overzicht van de gerealiseerde Kleine Infrastructurele Maatregelen (KIM’s) opgenomen (zie pagina 10).
Uit de analyse over 2017 en 2018 kwam naar voren dat er bijna 10 km (9,92 km) van het Plusnet Fiets binnen de ring is verbeterd, waarmee het percentage tot 42% is toegenomen. In 2019 is 1.472 meter van het Plusnet verbeterd en op dat moment voldeed 43%. Informatie over de breedte van het Plusnet Fiets wordt echter niet volledig en structureel bijgehouden. Vanaf 2020 is gewerkt aan een geografisch informatiesysteem waarop van alle fietsinfrastructuur niet alleen de breedte, maar ook onder andere materiaal, kleur en kwaliteit van het wegdek te vinden moet zijn. Met bijdragen van het Programma Fiets zijn stappen gezet om deze informatie op orde te krijgen. Maar daarmee kan nog geen betrouwbaar percentage worden gepresenteerd over de verbreding van het Plusnet Fiets.
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Werkzaamheden Weteringschans
Marnixstraat
COMFORTABEL DOORFIETSEN
7
Beoordeling kwaliteit fietsnetwerk De beoordeling kwaliteit fietsnetwerk toont de tevredenheid van fietsers over de kwaliteit van het fietsnetwerk. Het onderzoek naar fietstevredenheid vindt in principe eens per twee jaar plaats. De enquête bestaat voor een groot deel uit vragen en stellingen die beantwoord kunnen worden met een cijfer van 1 (geheel mee oneens/geheel niet van toepassing) tot 10 (geheel mee eens/geheel van toepassing).
i 1 2
Het onderzoek naar fietstevredenheid is in de tweede helft van 2023 uitgevoerd, voor het eerst inclusief Weesp (Monitor Fietstevredenheid 2023). Het streefcijfer voor 2025 is een 7. In 2019 was de beoordeling voor de kwaliteit van het fietsnetwerk een 6,7. De mate van tevredenheid over de fietspaden/fietsroutes in Amsterdam in 2023 betreft een 7,2. Dit is vergelijkbaar met de 7,1 uit 2021. Fietsers met een elektrische fiets waren in 2023 iets meer tevreden dan die met een niet-elektrische fiets: 7,3 en 7,1.
4
In de tabel zijn ook 5 andere stellingen overgenomen uit de Monitor Fietstevredenheid 2023 die door zowel fietsers met nietelektrische fietsen als fietsers met elektrische fietsen zijn beantwoord. Deze cijfers wijken maximaal 0,2 af van de gemiddelde beoordeling van alle fietsers.
€
Op bladzijde 12 en in de bijlage treft u meer resultaten uit de Monitor Fietstevredenheid 2023.
3
Cijfers over het fietsnetwerk in Amsterdam
Vragen en stellingen
2019
2021
2023 Gemiddeld
Hoe tevreden bent u over de fietspaden/ fietsroutes in Amsterdam?
6,7
7,3
7,1
7,2
7,1
73
Deze fietsroute maakt op mij een verzorgde indruk
6,6
7,0
6,8
-
-
-
Ik vind deze fietsroute aantrekkelijk
6,5
6,8
6,7
-
-
-
Ik kan tijdens deze rit goed doorfietsen (weinig oponthoud door verkeerslichten, kruisingen, etc.)
6,3
7,0
6,8
6,8
6,8
6,9
Ik ervaar het wegdek op deze fietsrit als vlak en in goede staat
6,5
6,9
6,8
7,0
7,0
7,0
Ik kan tijdens deze fietsrit makkelijk mijn weg vinden
7,5
8,1
8,1
-
-
-
Tijdens mijn rit kan ik makkelijk fietsers inhalen als ik dat wil
6,3
7,0
6,8
6,8
6,7
7,0
Ik ervaar op deze fietsrit weinig hinder van andere weggebruikers
5,8
6,6
6,3
6,2
6,1
6,4
Ik ervaar op deze fietsrit weinig hinder van obstakels (drempels, paaltjes, etc.)
6,2
6,9
6,5
6,7
6,7
6,7
Ik vind het plezierig om deze route te fietsen
6,7
7,0
7,0
-
-
-
Respondenten met een niet-elektrische fiets
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
2020
COMFORTABEL DOORFIETSEN
8
Respondenten met een elektrische fiets
A
B
Aantal gerealiseerde fietsnetwerkschakels Bij de voorbereiding van het Meerjarenplan Fiets is een inventarisatie gemaakt van ‘ontbrekende schakels’ in het stedelijke fietsnetwerk. Onder verantwoordelijkheid van het Programma Fiets worden tot twintig daarvan uitgewerkt tot nieuwe verbindingen. Het gaat om relatief kleine ingrepen, waarvoor maximaal € 500.000 per te realiseren schakel beschikbaar is. De lijst van prioritaire verbindingen wordt jaarlijks geactualiseerd. Grotere nieuwe verbindingen worden indien mogelijk meegenomen in gebiedsontwikkelingen en anders als apart project uitgevoerd.
i 1
Als voorbeeld: Met de in 2023 gerealiseerde oversteekplaats over de rij- en trambaan op de Parnassusweg kunnen fietsers en voetgangers die vanaf Amsterdam Zuid naar de VU willen, het drukke kruispunt van de Buitenveldertselaan met de De Boelelaan vermijden.
2 3 4
Gerealiseerde fietsnetwerkschakels in 2018-2023 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13.
Fietspad langs zuidzijde IJdoornlaan ter hoogte van Banneplein Oversteek Spaarndammerdijk ter hoogte van Art Hotel Erasmusgracht ter hoogte van Zuidelijk Veld Verlagen kruising Buikslotermeerplein Fietsroute over RAI-terrein Oversteek Schipluidenlaan Verbeteren positie fiets bij Overtoomse Sluis Fietsroute rotonde Buiksluiterdijk Oversteek Ruysdaelstraat – van Baerlestraat Verbeteren route Amstel – Ringvaart Watergraafsmeer Oversteek Spaarndammerdijk ter hoogte van Art Hotel Fietsroute Elzenhagensingel – botonde Oversteek Parnassusweg: directe fietsroute Amsterdam Zuid – VU
Te realiseren fietsnetwerkschakels in voorbereiding in 2023 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15.
Route Gaasperplasbad (zuidkant Gaasperplas) en Gein – Driemond ten zuiden van het pompstation waterleiding Jan Evertsenstraat – Rembrandtpark Dijksgracht Oost Tweerichtingenfietspad Panamalaan (oostzijde) Verbinding Noorderpark – Elzenhagensingel Fietsroute over busbaan Pablo Nerudalaan – Dalsteindreef Oost-West verbinding CAN-gebied Ontwerp oversteek Brettenpad – Seineweg Verlagen kruising Buikslotermeerplein Fietsverbinding Noordzijde Erasmusgracht (on hold) Doorsteek Aakstraat – Bongerd (Kadoelerbreek) (on hold) Christoffel Plantijnpad – Nieuwe Meer (on hold) Johan Huizingalaan – Nieuwe Meer (on hold) Hellingbaan Wiegbrug (on hold) Geerdinkhofpad naar Weespertrekvaart (on hold)
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
COMFORTABEL DOORFIETSEN
9
Aantal KIM’s Kleine Infrastructurele Maatregelen (KIM’s) zijn (innovatieve) ingrepen die een verbetering betekenen in veiligheid, doorstroming en/of comfort. Voorbeelden hierbij zijn een aanpassing aan de verkeerslichten, het creëren van meer opstelruimte of het toepassen van andere belijning.
Hierdoor sluiten de KIM’s aan bij het daadwerkelijke gebruik van de fietser. Een complexiteit hierbij is de planning van de uitvoering van de KIM’s, omdat die afhankelijk is van andere ingrepen aan het betreffende kruispunt/wegvak.
Gerealiseerde KIM’s in 2018-2022 1. Nassauplein 2. Admiraal de Ruijterweg – Haarlemmerweg 3. Alexanderplein 4. Overtoomsesluis 5. Tweede Hugo de Grootstraat – Nassaukade 6. Rozengracht – Marnixstraat (zuidzijde) 7. Flevoweg – Zeeburgerdijk – Insulindeweg 8. Carolina MacGillavrylaan – Molukkenstraat 9. Wibautstraat – Prins Bernardplein 10. Jan van Galenstraat – Admiraal de Ruijterweg 11. C. van Eesterenlaan – Fred Petterbaan 12. Ferdinand Bolstraat – Stadhouderskade – Weteringschanscircuit 13. Amsteldijk – Ceintuurbaan
In 2023 is één KIM’s gerealiseerd. Daarnaast zijn de voorbereidingen gestart voor de uitvoering van zes KIM’s die in of na 2024 moet plaatsvinden.
Gerealiseerde KIM in 2023
i
1. Berlagebrug – Vrijheidslaan
1 KIM’s in voorbereiding
2
(uitvoering vanaf 2023) 1. 2. 3. 4. 5.
3 4
6.
€
KIM Berlagebrug – Vrijheidslaan
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
COMFORTABEL DOORFIETSEN
10
De Clercqstraat – Nassaukade Van Hallstraat – Haarlemmerweg Rozengracht – Marnixstraat (kruispunt 126) Alexanderplein (tweede fase) Amstelveenseweg – Koninginneweg – Zeilstraat (on hold) Waterlooplein – Mr. Visserplein (on hold)
2
Gemakkelijk fietsparkeren
Doelindicatoren
Gemakkelijk fietsparkeren betekent dat de Amsterdamse fietser snel een vrije parkeerplek vindt nabij zijn bestemming, en dat er voldoende ruimte is en blijft voor voetgangers. Bij de aanpak van het fietsparkeren besteden we ook aandacht aan geparkeerde brom- en snorfietsen.
Doelstellingen MJP Fiets 2017-2023
In 2023 is een nieuwe fietsparkeertelling uitgevoerd. Op basis hiervan zijn de parkeerdruk, bezettingsgraad en het percentage fietsen buiten de rekken bij hotspots en OV-locaties vastgesteld.
P
Indicatoren
Nulmeting
2019
2020
2021
2022
2023
Doelstelling 2025
Toegankelijke Parkeerdruk openbare ruimte hotspots
145% (2016)
129%
-
145%
-
141%
125%
Voldoende beschikbare fietsparkeervoorzieningen
Bezettingsgraad hotspots
84% (2016)
78%
-
88%
-
84%
85%
Tevredenheid fietsers over de kwaliteit van de fietsparkeervoorzieningen
Beoordeling kwaliteit fietsparkeren
6,0 (2017)
6,7
6,7
6,8
-
7,2
7,0
Indicatoren
Nulmeting
2019
2020
2021
2022
2023
Streefgetal
Parkeerdruk OV-locaties
100% (2016)
99%
-
103%
-
97%
125%
Bezettingsgraad OV-locaties
85% (2016)
83%
-
84%
-
75%
85%
Percentage fietsen buiten de voorziening hotspots
43% (2018)
40%
-
39%
-
40%
32%
Percentage fietsen buiten de voorziening OV-locaties
16% (2016)
17%
-
19%
-
22%
-
Aantal gerealiseerde fietsparkeervoorzieningen
-
24.722 (20172019)
32.931 (20172020)
40.810 (20172021)
46.960 (20172022)
49.655 (20172023)
30.000 tot 40.000
Outputindicatoren
i 1 2 3
P P
4 € MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
GEMAKKELIJK FIETSPARKEREN
11
P
Beoordeling kwaliteit fietsparkeren De beoordeling voor fietsparkeren geeft de tevredenheid van fietsers weer over de kwaliteit van de fietsparkeervoorzieningen. Het onderzoek naar fietstevredenheid vindt in principe eens per twee jaar plaats. De enquête bestaat voor een groot deel uit vragen en stellingen die beantwoord kunnen worden met een cijfer van 1 (geheel mee oneens/geheel niet van toepassing) tot 10 (geheel mee eens/geheel van toepassing).
i 1 2 3
Het onderzoek naar fietstevredenheid is in de tweede helft van 2023 uitgevoerd, voor het eerst inclusief Weesp (Monitor Fietstevredenheid 2023). Op de stelling ‘Ik kan hier, op mijn bestemming, mijn fiets makkelijk parkeren’ kwam het gemiddelde cijfer uit op een 7,2. Fietsers met een niet-elektrische fiets gaven een 7,1 en fietsers met een elektrische fiets een 7,2. Op de vraag hoe tevreden men is over het fietsparkeren in Amsterdam werd gereageerd met een 6,3. Fietsers met nietelektrische fiets gaven een 6,3 en fietsers met een elektrische fiets een 6,5.
4
Beoordeling tevredenheid met fietsparkeervoorzieningen
Vragen en stellingen
2019
2021
2023 Gemiddeld
Ik kan hier (op mijn bestemming) mijn fiets makkelijk parkeren
6,7
6,7
6,8
7,2
7,1
7,2
Ik weet waar ik hier (op mijn bestemming) mijn fiets kan parkeren
7,1
7,4
7,6
-
-
-
Ik weet hoe lang ik hier mijn fiets mag parkeren
6,5
6,3
6,7
-
-
-
Hoe tevreden bent u over het fietsparkeren in Amsterdam?
5,6
6,0
6,0
6,3
6,3
6,5
Respondenten met een niet-elektrische fiets
Respondenten met een elektrische fiets
Het oordeel over het fietsparkeren bij het station Amsterdam Centraal is na de opening van de ondergrondse stallingen begin 2023 verbeterd tot 7,8 in een stalling; twee jaar terug was dat een 5,1 voor het parkeren op maaiveld. Het fietsparkeren bij metrostation Noord wordt in 2023 van alle locaties het beste gewaardeerd, met een 8,4 gemiddeld. Op bladzijde 8 en in de bijlage treft u meer resultaten uit de Monitor Fietstevredenheid 2023.
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
2020
GEMAKKELIJK FIETSPARKEREN
12
Aantal gerealiseerde fietsparkeerplekken
i 1 2 3 4 €
Gerealiseerde fietsparkeerplekken op maaiveld (2023)
Het aantal fietsparkeerplekken dat is gerealiseerd binnen het programma, is uitgesplitst naar fietsparkeerplekken in gebouwen en fietsparkeerplekken in de openbare ruimte (maaiveld). Dit is tevens informatie om de scores van de drie andere indicatoren bij de pijler ‘Gemakkelijk fietsparkeren’ in hun context te zien.
Stadsdeel/stadsgebied
Het aantal gerealiseerde fietsparkeerplekken wordt vanaf de start van het huidige Programma Fiets (1 januari 2018) bijgehouden.
Totaal
Tijdens de programmaperiode werd de realisatie van 30.000 tot 40.000 extra fietsparkeerplekken voorzien. Er zijn in totaal 49.655 extra fietsparkeerplekken gerealiseerd, zowel in stallingen als in de openbare ruimte, onder andere bij stations.
Centrum Oost West Zuid Noord Nieuw-West Zuidoost Weesp
100 384 748 374 325 534 230 0
Extra fietsparkeren en groen in de Kribbestraat
2.695
In 2023 zijn bijna 2.700 nieuwe fietsparkeerplaatsen op maaiveld gerealiseerd. Hiertoe zijn ook 54 autoparkeerplaatsen opgeheven.
Bij station Amsterdam Centraal zijn begin 2023 de fietsenstalling IJboulevard (met circa 4.000 fietsparkeerplekken) en de fietsenstalling Stationsplein (met circa 6.300 fietsparkeerplekken) geopend. Gelijktijdig zijn de fietsenrekken op het maaiveld verwijderd en is de Fietsflat met circa 2.500 fietsparkeerplekken gesloten. In 2022 waren al 5.800 fietsparkeerplaatsen (maaiveld, fietspont en fietspontons) rond station Amsterdam Centraal opgeheven. Gemakkelijk fietsparkeren (nabij de Pontsteiger) MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
GEMAKKELIJK FIETSPARKEREN
13
3
Het nieuwe fietsen
Outputindicator
Als wereldfietsstad heeft Amsterdam een reputatie hoog te houden. Wij hebben internationaal naam gemaakt als stad die voor fietsers rode en groene lopers uitlegt. Als we deze goede naam willen houden, moeten we zorgen dat fietsers zich op hun gemak blijven voelen. Doelstelling is een fietstevredenheidscijfer van 7,5 onder fietsers in 2025.
Indicator
2020
2021
2022
2023
4
11
11
8
Aantal pilots uitgevoerd
Doelindicatoren
i 1
Doelstellingen MJP Fiets 2017-2023
Indicatoren
Nulmeting (2015)
2019
2020
2021
2022
2023
Doelstelling (2025)
Kiezen voor de fiets
Aandeel fietsverplaatsingen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost
34% *
35% (2018)
35%
36%
37%
38%
35%
Het nieuwe fietsen
Fietstevredenheidscijfer
7,0
6,9
7,3
7,1
-
7,3
7,5
%
2 7,5
7,3
3 4 €
7,4 * De nulmeting (2015) is in de Monitor Fiets 2019 bijgesteld van 27% naar 34%
Respondenten met een niet-elektrische fiets
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Respondenten met een elektrische fiets
HET NIEUWE FIETSEN
14
Kiezen voor de fiets: Aandeel fietsverplaatsingen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost In de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost is het aandeel fiets in de modal split niet zo hoog als in de rest van de stad. Het gemiddelde aandeel fiets-verplaatsingen in de stadsdelen buiten de ring bedroeg in 2021-2022 38%. In vergelijking met de metingen daarvoor is dit (gemiddelde) percentage nagenoeg gelijk gebleven. In stadsdeel Noord steeg het aandeel fiets het sterkst.
i 1 2 3
De cijfers voor de Monitor Fiets 2023 zijn gebaseerd op het landelijk onderzoek Onderweg in Nederland (ODiN) van zowel 2021 als 2022 (samengevoegd). Vanwege de lage respons in de stadsdelen is een stapeling van twee jaar nodig voor betrouwbare cijfers. De cijfers voor 2023 zijn nog niet beschikbaar. ODiN wordt ook gebruikt voor het opstellen van de Amsterdamse Thermometer van de Bereikbaarheid.
Modal split in 2017 Nieuw-West
32%
43%
32%
33%
Gemiddelde *
25%
30%
42%
fiets OV auto
42%
18%
25%
28%
* Ter vergelijking, in de overige gebieden was de gemiddelde modal split in 2017: 57% fiets, 22% OV en 20% auto (zie pagina 19).
Modal split in 2020-2021 Nieuw-West
36%
41%
Noord
Zuidoost
Gemiddelde *
27%
35%
47%
47%
37%
41%
fiets OV auto
26%
18%
23%
22%
* Ter vergelijking, in de overige gebieden was de gemiddelde modal split in 2020-2021: 64% fiets, 12% OV en 24% auto (zie p. 19).
Modal split in 2021-2022 Nieuw-West
41%
18%
€
Zuidoost
50%
41%
4
Noord
Noord
39%
Zuidoost
44%
42%
26%
32%
17%
Gemiddelde *
38%
41%
fiets OV auto
21%
* Ter vergelijking, in de overige gebieden was de gemiddelde modal split in 2021-2022: 62% fiets, 15% OV en 23% auto (zie p. 19).
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
HET NIEUWE FIETSEN
15
Aantal pilots Pilots worden gebruikt om innovatieve ingrepen en maatregelen uit te proberen rondom inrichting en gedrag, maar ook om nieuwe deelnemers op de fiets te krijgen. Hoewel pilots heel kwalitatief van aard zijn, is er voor gekozen het aantal uitgevoerde pilots op te nemen in de monitor. Pilots worden uitgevoerd onder alle pijlers van het Meerjarenplan Fiets en zijn daarom belangrijk voor de doelen van het programma. De kennis die wordt opgedaan door deze pilots wordt doorontwikkeld, samengebracht en gedeeld in de pijler ‘Het nieuwe fietsen’.
i
In 2023 zijn 8 pilots uitgevoerd. Dit brengt het aantal uitgevoerde pilots in de programmaperiode op 53.
Pilots Het nieuwe fietsen in 2023 ■ HiBike game Uitvoering HiBike game op twee basisscholen: een spel op scholen om actief naar school gaan te stimuleren ■ Kinderfietsroutes Kinderroutes in twee stadsdelen (NieuwWest en Zuidoost) om samen fietsen te stimuleren ■ Heel de school fietst Veranderen sociale norm op scholen ■ Stalen ros Nieuwkomers leren fietsen ■ Loopfietsjes op opvang Stimuleren fietsen van jongs af aan ■ Samen fietsen Ouders en kinderen samen leren fietsen ■ Bike Life en groene hub Vormgeven fietscultuur ■ KNVB GO, part 2 Stimuleren om te fietsen naar voetbal Fietsstimulering op scholen
1 2 3 4 € MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Kinderfietsroutes in Nieuw-West
Kinderfietsroutes in Zuidoost
HET NIEUWE FIETSEN
16
4
Overige criteria Om tijdens de looptijd van het huidige Programma Fiets ook de ontwikkeling van een aantal belangrijke contextfactoren mee te nemen worden ook de volgende criteria gemonitord. De cijfers voor 2023 zijn gebaseerd op onderzoeksresultaten uit 2021 en 2022. De getoonde cijfers en grafieken zijn dus beïnvloed door de beperkende maatregelen en lockdowns gedurende de coronacrisis.
Contextindicatoren Indicatoren
Nulmeting (2017)
Monitor 2018
Monitor 2019
Monitor 2020
Monitor 2021
Monitor 2022
Monitor 2023
Aantal fietsen in Amsterdam
904.203
*
*
*
*
*
*
Gemiddeld aantal fietsverplaatsingen per dag
605.014
795.978
706.573
-
625.000
559.000
630.000
Aandeel fietsverplaatsingen in Centrum, Zuid, Oost en West
57%
58%
58%
58%
60%
64%
62%
i 1 2 3 4 €
%
* Het aantal fietsen kon in het verleden gehaald worden uit de voorganger van het onderzoek Onderweg in Nederland (ODiN), het Onderzoek Verplaatsingen in Nederland (OViN). In het ODiN wordt niet meer gevraagd naar het fietsbezit. De verwachting is dat hiervoor ook in de toekomst geen bronnen beschikbaar komen. MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
OVERIGE CRITERIA
17
Gemiddeld aantal fietsverplaatsingen per dag Het aantal fietsverplaatsingen in Amsterdam op een gemiddelde werkdag is een eenvoudig én krachtig kencijfer. Het aantal fietsverplaatsingen per dag gepresenteerd in de Monitor Fiets 2023 (meetjaren 2021-2022) is gestegen ten opzichte van voorgaand jaar van 559.000 naar 630.000, waarschijnlijk door de minder intensieve beperkende maatregelen en lockdowns in verband met corona.
i 1
Aantal fietsverplaatsingen per dag (meetjaren 2021 en 2022):
630.000
Aantal verplaatsingen per uur van de dag door Amsterdammers (> 11 jaar) op een gemiddelde werkdag
200.000 200 180.000 160.000 160 140.000 120.000 120 100.000 80.000
80
60.000 40.000
40
20.000
2
0
0
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
3 2020-2021:
fiets
OV
auto
totaal
4
2021-2022:
fiets
OV
auto
totaal
€
Bron: Onderweg in Nederland (ODiN) 2020-2021 en 2021-2022
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
OVERIGE CRITERIA
18
23
%
Aandeel fietsverplaatsingen in Centrum, Oost, Zuid en West Het aandeel fietsverplaatsingen in Centrum, Oost, Zuid en West is een nuttig kencijfer om de ontwikkeling binnen de overige stadsdelen te monitoren, alsmede als vergelijkingsmateriaal ten opzichte van de ontwikkelingen in de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost. Het gemiddelde aandeel fiets- verplaatsingen in Centrum, Oost, Zuid en West is in 20212022 62%.
i 1
De cijfers voor ODiN 2023 zijn nog niet beschikbaar. Daarom presenteren wij de samengevoegde cijfers over de jaren 20212022. Het is belangrijk hierbij op te merken dat de data is beïnvloed door de getroffen maatregelen rond corona.
Oost
16%
Zuid
24%
60%
West
50% 20%
Gemiddelde *
13%
25%
25%
54%
20%
20%
24% 63%
22%
57%
* Ter vergelijking, in Nieuw-West, Noord en Zuidoost is de gemiddelde modal split: 30% fiets, 28% OV en 42% auto (zie pagina 15).
Modal split in 2020-2021 Centrum
Oost
17%
Zuid
West
12% 71%
11%
62%
Gemiddelde *
21%
28%
27%
61%
12%
24%
15%
64%
12%
64%
* Ter vergelijking, in Nieuw-West, Noord en Zuidoost is de gemiddelde modal split: 37% fiets, 22% OV en 41% auto (zie pagina 15).
Centrum
Oost
16%
auto
€
Zuid
West
14% 70%
15%
55%
13%
Gemiddelde *
18%
25%
29%
fiets OV
4
Centrum
Modal split in 2021-2022
2 3
Modal split in 2017
62%
23%
17% 65%
15%
62%
* Ter vergelijking, in Nieuw-West, Noord en Zuidoost is de gemiddelde modal split: 38% fiets, 21% OV en 41% auto (zie pagina 15).
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
OVERIGE CRITERIA
19
€
Financiën Begroting 2023 Het college is eind 2022 akkoord gegaan met de verlenging van de uitvoeringsperiode van het Meerjarenplan Fiets in 2023. Ter onderbouwing van het besluit een jaar langer door te gaan met de uitvoering van het Meerjarenplan Fiets, is voor 2023 een werkplan inclusief begroting opgesteld. Deze begroting zag er op hoofdlijnen als volgt uit:
i 1
Raming kosten 2023
€ 10,6 miljoen
Dekking 2023
€ 10,6 miljoen
Comfortabel doorfietsen
€ 4,4 miljoen
(Voormalig) SMF * / Algemene middelen, inclusief doorschuif 2022
€ 6,7 miljoen
Gemakkelijk fietsparkeren
€ 4,2 miljoen
Bijdrage derden
€ 3,9 miljoen
Het nieuwe fietsen
€ 1,2 miljoen
Programmamanagement
€ 0,8 miljoen
* SMF: Dekking Stedelijk Mobiliteitsfonds
2 3 4 €
Comfortabel doorfietsen
Gemakkelijk fietsparkeren
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
FINANCIËN
Het nieuwe fietsen 20
€
Financiën Begroting gehele programmaperiode De oorspronkelijke raming uit 2017 voor de programmaperiode tot en met 2022 bedroeg € 44,35 miljoen. De realisatie tot en met 2022 bedroeg € 39,6 miljoen en die voor 2023 € 7,28 miljoen. Hiermee bedroeg de realisatie tot en met 2023 in totaal € 46,86 miljoen en is er dus circa € 2,5 miljoen meer besteed dan in 2017 verwacht. De belangrijkste redenen hiervoor zijn verlenging van de uitvoeringsperiode en sterk gestegen uitvoeringskosten in de laatste jaren.
We zien ook dat de verwachte dekking door derden (met name Vervoerregio Amsterdam) achterblijft, vanwege een lagere bijdrage dan in 2017 verwacht. Ook wordt een deel van de te ontvangen bijdrage pas in 2024 uitgekeerd. Deze bijdragen zijn meegenomen in de verwachte dekking voor uit te voeren fietsmaatregelen in 2024, als onderdeel van het Uitvoeringsplan Verkeersveiligheid, 30 km/u, Voetganger en Fiets 2024.
Verwachte kosten
i
3 4
Dekking derden
Originele raming (2017) programmaperiode 2018 - 2022:
€ 44,35 miljoen
€ 30,07 miljoen
€ 14,28 miljoen
Totaal gerealiseerd 2018-2023:
€ 46,86 miljoen
€ 38,88 miljoen
€ 7,97 miljoen
1 2
Dekking Stedelijk Mobiliteitsfonds (SMF)
gerealiseerd 2018 t/m 2021:
€ 29,68 miljoen
€ 25,87 miljoen
€ 3,80 miljoen
gerealiseerd 2022:
€ 9,90 miljoen
€ 7,19 miljoen
€ 2,71 miljoen
gerealiseerd 2023:
€ 7,28 miljoen
€ 5,82 miljoen
€ 1,46 miljoen
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
FINANCIËN
21
Bijlage 1: Onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen Op de bladzijden 8 en 12 van deze Monitor Fiets 2023 is voor zover mogelijk in de informatie onderscheid gemaakt tussen nietelektrische fietsen en elektrische fietsen. Hiermee geeft het college uitvoering aan de motie van het lid Havelaar c.s. inzake opnemen onderscheid e-bikes in Monitor Fiets. Met deze motie werd het college verzocht in de Monitor Fiets het onderscheid op te nemen tussen de OEK (op eigen kracht/niet elektrische fiets) en de LEV (licht elektrisch voertuig/elektrische fiets), voor zover gebruikte databronnen hier onderscheid in maken. Deze motie is op 24 april 2024 aangenomen bij de bespreking van de Monitor Fiets 2022 in de gemeenteraad.
i 1 2 3 4 €
Monitor Fietstevredenheid 2023: meestal geen groot verschil tussen oordeel fietsers met een niet-elektrische fiets en fietsers met een elektrische fiets De databronnen die gebruikt worden voor de Monitor Fiets maken over het algemeen geen onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen. Dit onderscheid is alleen beschikbaar voor zover de informatie afkomstig is uit de Monitor Fietstevredenheid 2023. De Monitor Fietstevredenheid wordt in principe eens per twee jaar uitgevoerd. De enquête bestaat voor een groot deel uit vragen en stellingen die beantwoord kunnen worden met een cijfer van 1 (geheel mee oneens/geheel niet van toepassing) tot 10 (geheel mee eens/geheel van toepassing).
In september en oktober 2023 zijn enquêtes uitgezet onder bijna 1.000 fietsers op twintig locaties in Amsterdam. Voor het eerst is gevraagd aan de respondenten of ze gebruik maken van een niet-elektrische fiets of van een elektrische fiets. Ruim driekwart (78%) fietste met een niet-elektrische fiets, 19% met een elektrische fiets en van 3% is het onduidelijk of onbekend. Andere resultaten uit de Monitor Fietstevredenheid 2023 zijn: • Er is gevraagd naar een cijfer voor Amsterdam als fietsstad. Gemiddelde beoordeling was een 7,3. Mensen met een niet-elektrische fiets gaven een 7,2 en met een elektrische fiets een 7,5. • Op de vraag hoe tevreden men is over de fietspaden/fietsroutes in Amsterdam werd gemiddeld een 7,2 gegeven. Mensen met een niet-elektrische fiets gaven een 7,1 en mensen met een elektrische fiets een 7,3. • Op de stelling ‘Ik kan hier, op mijn bestemming, mijn fiets makkelijk parkeren’ werd gemiddeld een 7,2 gegeven. Mensen met een niet-elektrische fiets een 7,1, met een elektrische fiets een 7,2. • Het algemeen oordeel over de gemaakte fietsrit was gemiddeld een 7,3. Mensen met een niet-elektrische fiets gaven een 7,3 en mensen met een elektrische fiets een 7,4. Zie ook de bladzijden 8 en 12 in deze Monitor Fiets 2023.
Minder veilig gevoel door snelheidsverschillen op het fietspad; mensen met niet-elektrische fiets vaker dan mensen met een elektrische fiets In 2023 zijn ten behoeve van de Monitor Fietstevredenheid een paar specifieke vragen toegevoegd. Zo is gevraagd naar het oordeel over de drukte op de fietsroute tijdens de rit. Er is een samenhang tussen de ervaren drukte en het algemeen oordeel over de fietsrit. Het cijfer voor het algemene oordeel over de fietsrit was een 7,2. Fietsers met een nietelektrische fiets gaven een 7,1 en fietsers met een elektrische fiets gaven een 7,2. Andere resultaten zijn: • Op de stelling ‘Ik voel mij tijdens deze fietsrit veilig’ werd gereageerd met een 7,2 gemiddeld. Fietsers met een nietelektrische fiets gaven een score van 7,1 en fietsers met een elektrische fiets een score van 7,3. • Er is gevraagd of men zich minder veilig voelt op het fietspad door snelheidsverschillen op het fietspad. 66% is het eens met deze stelling. Fietsers die hun rit maakten met een niet-elektrische fiets vaker dan fietsers met een elektrische fiets (respectievelijk 70% en 59%). • En er is gevraagd of men een voorstander is van een maximale snelheid op het fietspad. Vier op de vijf deelnemers aan
22
Bijlage 1: Onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen het onderzoek (80%) zijn voorstander van een maximale snelheid op het fietspad. Ruim een derde (37%) is voorstander van een maximale snelheid van minder dan 25 km/uur en bijna een derde (31%) zou een limiet willen van precies 25 km/uur. Van alle fietsers geeft 14% aan geen voorstander te zijn van een maximumsnelheid op het fietspad. Onder bezitters van een elektrische fiets is dit 19%.
i 1 2
De aantallen zijn niet volledig, omdat in de ambulance niet altijd de betrokken voertuigen worden geregistreerd. Uit de ambulancedata blijkt onder meer:
Ambulancedata 2023 Opgemerkt moet worden dat de ambulancedata geen volledig beeld biedt van alle ongevallen, omdat niet bij ieder ongeval een ambulance wordt opgeroepen.
Aard van de verkeersongevallen • Fietsers met een elektrische fiets hebben relatief vaker een botsing met een obstakel dan met een niet-elektrische fiets (respectievelijk 11% en 6%). • Niet-elektrische fietsen zijn vaker betrokken bij een eenzijdig ongeval dan elektrische fietsen (54% en 48%).
In de ambulancedata 2023 is bekeken wat het verschil is tussen de selectie verkeersslachtoffers met een niet-elektrische fiets en de selectie verkeersslachtoffers met een elektrische fiets.
Aard van de verkeersongevallen
Aantal
%
Aantal
%
Botsing met andere verkeersdeelnemer
666
40%
128
41%
Botsing met obstakel
95
6%
33
11%
Eenzijdig ongeval
885
54%
151
48%
Totaal
1.646
100%
312
100%
Aard van de verkeersongevallen, Amsterdam (2023). Bron: Ambulancedata, dashboard Veiligheid.nl
3 4 Verkeersslachtoffers met een niet-elektrische fiets
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
BIJLAGE
Verkeersslachtoffers met een elektrische fiets
23
Bijlage 1: Onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen Vervoerwijze tegenpartij • De vervoerwijze van de tegenpartij is het vaakst een auto, zowel voor de selectie van de verkeersslachtoffers met een e-bike (53%) als voor de selectie van de verkeersslachtoffers met een nietelektrische fiets (47%). • De elektrische fiets als tegenpartij is bij de selectie van de verkeersslachtoffers met een fiets (2%) en met een e-bike (6%).
Vervoerwijze tegenpartij
Aantal
%
Aantal
%
Niet-elektrische fiets
163
24%
29
23%
Elektrische fiets
14
2%
8
6%
Auto
310
47%
68
53%
Snorfiets/bromfiets/scooter
111
17%
15
12%
Motor
23
3%
1
1%
i
Voetganger/scootmobiel
12
2%
4
3%
1
Bus/tram
20
3%
2
2%
Vrachtwagen
7
1%
-
-
Overig/onbekend
6
1%
1
1%
Totaal
666
100%
128
100%
2 3 4
Vervoerwijze tegenpartij, Amsterdam (2023). Bron: Ambulancedata, dashboard Veiligheid.nl
Verkeersslachtoffers met een niet-elektrische fiets
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
BIJLAGE
Verkeersslachtoffers met een elektrische fiets
24
Bijlage 1: Onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen Leeftijd
i
In de vergelijking tussen de selectie verkeersslachtoffers met een niet-elektrische fiets en met een elektrische fiets zijn in de categorie 12 tot 24 jaar relatief meer verkeersslachtoffers met een elektrische fiets en in de categorie 55 jaar en ouder juist relatief meer verkeersslachtoffers met een gewone fiets. Dit hoeft niet te betekenen dat ouderen vaker een ongeluk krijgen met een niet-elektrische fiets dan met een elektrische fiets. Het zou namelijk ook verklaard kunnen worden doordat ouderen in Amsterdam mogelijk minder op een elektrische fiets fietsen dan jongeren. Hierover zijn echter geen gegevens bekend.
2 3 4 €
%
Aantal
%
0 - 11 jaar
56
3%
7
2%
12 - 17 jaar
100
6%
54
17%
18 - 24 jaar
201
12%
56
18%
25 - 34 jaar
337
20%
73
23%
35 - 54 jaar
385
23%
60
19%
55 - 69 jaar
328
20%
39
13%
70 jaar en ouder
205
12%
20
6%
Onbekend
34
2%
3
1%
1.646
100%
312
100%
Leeftijd verkeersslachtoffers, Amsterdam (2023). Bron: Ambulancedata, dashboard Veiligheid.nl
De meeste verkeersslachtoffers met nietelektrische fietsen lijken te vallen op wegen met een maximumsnelheid van 30 km/uur of lager. Hetzelfde geldt voor de selectie verkeersslachtoffers met elektrische fietsen. Maar het verschil is klein en we weten nog niet hoe nauwkeurig deze variabele is.
Verkeersslachtoffers met een niet-elektrische fiets Verkeersslachtoffers met een elektrische fiets
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Aantal
Totaal
Maximumsnelheid wegvak
1
Leeftijd
BIJLAGE
Maximumsnelheid wegvak
Aantal
%
Aantal
%
< 50 km/uur
642
39%
110
35%
50 km/uur
503
31%
101
32%
> 50 km/uur
8
0%
8
3%
Onbekend
493
30%
93
30%
Totaal
1.646
100%
312
100%
Maximumsnelheid wegvak ongeval, Amsterdam (2023). Bron: Ambulancedata, dashboard Veiligheid.nl
25
Bijlage 1: Onderscheid tussen niet-elektrische fietsen en elektrische fietsen Fietstellingen Amsterdam (Het Verkeershuis, november 2023)
i
In juni 2023 zijn op twee dagen op drie locaties fietstellingen uitgevoerd. Hieruit blijkt dat het aantal elektrische fietsen in 2023 20% tot 30% van het totaal aantal fietsen bedraagt: • Locatie Ooster Ringdijk: tweederde tot (ruim) driekwart van de getelde fietsen wordt door spierkracht aangedreven. De gemiddelde snelheid ligt tussen de 18 km/ uur en 21 km/uur. • Locatie Linnaeusstraat: 80% tot 90% van de getelde fietsen wordt met spierkracht voortbewogen. De gemiddelde snelheid ligt op circa 16 km/uur. • Locatie Ceintuurbaan: aandeel fietsen dat door spierkracht wordt aangedreven bedraagt 70% tot 80%.
Snelheidsmetingen Van de fietsen waarvan zeker vastgesteld kon worden dat het om een e-bike ging, fietste de grootste groep 24 km/uur en fietste 41% meer dan 25 km/uur [1]. Uit onderzoek, uitgevoerd in opdracht van Rijkswaterstaat (2022), bleek dat de gemiddelde kruissnelheid van e-bikes in de vier grote gemeenten op 24,2 km/uur lag, circa 3 km/uur hoger dan die van gewone fietsen (21,1 km/uur). 35% van de e-bikes in de vier grote gemeenten reed in deze metingen harder dan 25 km/uur. Uit meetonderzoek van de Fietsersbond (2022) kwamen vergelijkbare gemiddelde snelheden voor e-bikes naar voren (26 km/ uur).
1 2 3 4 [1] Bron: Rapport Tellingen en snelheidsmetingen fietspaden Amsterdam (Dufec, maart 2023)
€ MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
BIJLAGE
26
Bijlage 2: Niet of minder fietsen vanwege verkeersveiligheid De gemeenteraad heeft op 24 april 2024 motie 144.24 inzake opnemen cijfers nietfietsers van het lid Havelaar (CDA) c.s. aangenomen. Daarin wordt het college gevraagd in de monitor fiets zoveel mogelijk reeds beschikbare cijfers op te nemen van welke doelgroepen bekend is dat ze minder op de fiets stappen vanwege verkeersveiligheid.
i 1 2 3 4 €
Er is geen specifiek onderzoek gedaan naar vermijdingsgedrag door fietsers in Amsterdam. Wel zijn er verschillende bestaande onderzoeken die hierover informatie bevatten, zoals de hieronder genoemde onderzoeken. Belangrijk punt is dat er verschillende gradaties van vermijdingsgedrag zijn: er zijn mensen die vanwege de verkeersveiligheid helemaal niet meer fietsen, maar er zijn ook mensen die minder vaak fietsen of bijvoorbeeld een gevaarlijk kruispunt vermijden door een andere route te kiezen of drukte vermijden door een ander tijdstip te kiezen. Uit onderzoek dat databureau Cyclomedia jaarlijks uitvoert, blijkt dat 59 procent van de Amsterdamse fietsers zich in 2023 veilig voelt in het verkeer. Het jaar daarvoor was dat nog 72 procent. Bijna de helft van de fietsers neemt soms een omweg om een gevaarlijk kruispunt te mijden (Het Parool: Amsterdamse fietsers voelen zich onveiliger in het verkeer, e-bike wordt gezien als grootste boosdoener, 6 september 2023).
MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
Bijna de helft van de fietsers neemt soms een omweg om een gevaarlijk kruispunt te mijden (Het Parool: Amsterdamse fietsers voelen zich onveiliger in het verkeer, e-bike wordt gezien als grootste boosdoener, 6 september 2023). Rapportage Mobiliteitspanel (Gemeente Amsterdam, 2016) Relevante resultaten: Last van drukte op fietspaden in Amsterdam tijdens spitsuren: 55 % (helemaal) mee eens. Ik neem tijdens spitsuren weleens een andere route: 42% (helemaal) mee Ik reis weleens op andere tijden om de drukte te vermijden: 31% (helemaal) mee eens
Utrechtse fietser kiest vaker voor spitsmijden (Fietsberaad, 2020) • Ruim een derde van de Utrechtse fietsers laat de fiets wel eens staan, omdat men het te druk vindt. En acht van de tien rijden om die reden wel eens een straatje om. • Voor zeker 80% van de fietsers die het druk vinden op het fietspad is de drukte een reden om weleens het mobiliteitsgedrag aan te passen om de drukte te vermijden. De meesten kiezen ervoor om dan een andere route te kiezen maar drukte wordt ook door een deel vermeden door op een ander tijdstip te fietsen, minder vaak te fietsen of een ander vervoermiddel te gebruiken.
Drukte op fietspaden: hoe pak je dat aan (CROW, 2019) Uit landelijk onderzoek blijkt dat bijna 1 op de 10 fietsers problemen met de drukte heeft. Men kiest dan bijvoorbeeld voor een andere route of een ander tijdstip om die drukte te vermijden. Of men laat de fiets dan maar staan.
BIJLAGE
27
Bijlage 2: Niet of minder fietsen vanwege verkeersveiligheid Monitor Ervaren Verkeersveiligheid (Gemeente Amsterdam, 2019) Kwalitatief onderzoek bij 3 focusgroepen over ervaren verkeers(on)veiligheid in Amsterdam Vermijding auditief beperkten Amsterdam
i 1 2 3 4 €
“In het Centrum is het erg druk en heeft iedereen haast.” Een van de respondenten fietst daar niet, om die reden. Meerdere reizen liever niet in de spits, dat geldt voor alle plekken. Een ander vermijdt vooral situaties waarin zij niet goed kan zien, zoals wanneer het donker is of regent. De combinatie van niet goed kunnen zien en niet kunnen horen is namelijk erg vervelend. Ook anderen vermijden verplaatsingen in het donker. Een van de respondenten vermijdt voetpaden omdat daar veel fietsen staan geparkeerd, midden op de stoep. Vooral met een kinderwagen is dat vervelend. Vermijding visueel beperkten Amsterdam
Vermijding motorisch beperkten Amsterdam De respondenten geven aan een aantal plekken of situaties te vermijden tijdens het verplaatsen omdat het voor hen te onveilig is. De spits wordt door een van de respondenten vermeden omdat het te druk is. Een ander durft vanwege een overstap bij de Zeilstraat niet meer naar station Sloterdijk te reizen. Een van de respondenten durft in haar rolstoel niet bij de shared Space achter Centraal Station te komen. Een ander zegt zich niet te laten tegenhouden, in elk geval niet door zaken die met verkeersveiligheid te maken hebben. Het enige dat hem tegenhoudt is tijdsduur, hij onderneemt minder sociale activiteiten omdat het te lang duurt om ergens (met het ov) te komen. Dat heeft niet zo zeer met zijn beperking te maken, alleen doordat trams misschien sneller wegrijden bij hem dan bij iemand die er nog snel in kan springen. Door te moeten wachten op de volgende tram, wordt de reistijd voor hem langer.)
Het Centraal Station is zo druk en wordt door verschillende respondenten vermeden. Eén respondent vermijdt het hele centrum, als dat kan. Ook de trein in de ochtendspits wordt vermeden. Een shared space, zoals achter het Centraal Station is “niet te doen.” Een respondent gaf aan niet zelfstandig naar haar sportlocatie te kunnen reizen omdat daar een zebrapad vanaf de ov-halte ontbreekt. MONITOR FIETS 2023 (MEERJARENPLAN FIETS 2017-2023)
BIJLAGE
28