Meerjarenbeleidsplan 2026_2029 Amsterdams 4 en 5 mei Comité.pdf
Tekst van het document
G E T
E D EN
Meerjarenbeleidsplan Amsterdams 4 en 5 mei comité 2026-2029
V N O
C S ER
I L L HI
D I E GH
Stille Tocht, 4 mei 2025
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
4
TWEE DAGEN Ieder jaar zijn er twee dagen waarmee we een kom kunnen vormen rond het tere geschenk dat al tachtig jaar aan ons doorgegeven wordt. De eerste dag is voor het verleden, voor de huizen waarin werd geschuild, voor hen die verdwenen. Een dag om de stilte te laten spreken terwijl we trekken over de pleinen waar mensen werden geweerd. De tweede dag is voor de toekomst. Voor schrijven en dansen, om te vieren dat niemand ons ergens toe dwingt. Om maaltijden te delen, onbekenden te ontmoeten, samen te eten en zo samen te leven. Twee dagen om te beseffen dat wat er in deze stad gebeurde nooit meer gebeuren mag. Om kinderen te leren dat sommige schaduwen niet zullen verdwijnen en je er daarom over moet blijven spreken. Dat vrijheid een kleinood is dat je moet koesteren en alleen maar in leven blijft door ruimte te maken. Alleen maar kan bestaan zolang we allemaal vrij zijn, we allemaal veilig zijn. Ellen Deckwitz, 5 mei 2025 Stadsdichter van Amsterdam
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
6
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
7
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
INHOUDSOPGAVE
VOORWOORD
9
1/ OPDRACHT 11 2/ TERUGBLIK: DE AFGELOPEN 18 JAAR 13 3/ VISIE 17 4/ BELEIDSPLAN 2026 - 2029 25 5/ PROGRAMMA 4 EN 5 MEI 28 6/ ORGANISATIE 41 7/ COMMUNICATIE 43 8/ FINANCIËN 47 BIJLAGEN
48
A/ BEGROTING 2026-2029 B/ OVERZICHT PROGRAMMA- PARTNERS
49 50
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
9
VOORWOORD Het Amsterdams 4 en 5 mei comité is een adviescommissie die werkt in opdracht van de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam. Hieronder vindt u een vierjarenplan voor de periode 2026-2029. Een volgend vierjarenplan (20302033) kan in oktober 2029 aan gemeenteraad en college worden aangeboden. In het nu voorliggende plan blikken we terug en kijken we vooruit. We presenteren een visie op 4 en 5 mei in Amsterdam, en vertalen die naar stedelijke ambities en een programma-aanpak. Wat is de betekenis van 4 en 5 mei in de stad? Voor Amsterdammers is dat in toenemende mate verschillend. Dat is onder andere het gevolg van het beleid van ‘grootschalige kleinschaligheid’ van de programmering: juist doordat uiteenlopende mensen en organisaties zich inzetten voor een programma op 4 en 5 mei, krijgen al die verhalen en geschiedenis waarde, en wordt een groot spectrum aan doelgroepen bereikt en betrokken. Het heeft ervoor gezorgd dat een grote groep Amsterdammers betrokken is als vrijwilliger en als bezoeker. Voor de een is de betekenis van 4 en 5 mei het bezoeken van een kleine herdenking in de eigen buurt of het meelopen met de Stille Tocht. Een ander bezoekt een theatervoorstelling of schuift aan bij een Vrijheidsmaaltijd.
Tegelijkertijd zijn er ook Amsterdammers die zich (nog) geen onderdeel voelen van 4 en 5 mei; omdat ze onbekend zijn met de activiteiten, of omdat ze zich daarin niet herkennen. Zorgen dat zoveel mogelijk Amsterdammers betrokkenheid ervaren bij deze dagen is de kern van onze opdracht. Mercatorplein, 2024
Voor het comité is van waarde dat Amsterdammers op eigen wijze in die twee dagen stil kunnen staan bij de verschrikkingen die de stad verwond hebben. Dat zij zich net iets meer bewust kunnen zijn van de geschiedenis van de stad en hun stadgenoten en de betekenis van vrijheid. Daar ieder jaar weer een programma voor maken, niet meer en niet minder daarin ligt onze opdracht. Geen bubbel of gesloten wereld, maar reikend naar alle uithoeken van de stad. Er is de afgelopen jaren hard gewerkt aan een stevig programma met sterke netwerken. De viering van 80 jaar bevrijding in 2025 was een markeringsmoment: de voortschrijdende tijd, de jaren die ons scheiden van de Tweede Wereldoorlog, en een wereld op drift dwingen ons tot nadenken over de betekenis en invulling van herdenken en vieren voor de gedeelde toekomst van Amsterdammers. Daarbij blijven wij vasthouden aan de kenmerkende manier waarop Amsterdam dit doet: met een meerstemmig programma verspreid over de stadsdelen, het stimuleren en borgen van alle grassroot initiatieven, het adresseren van grote thema’s met kleine verhalen, en het zoeken naar monumentale rituelen via intieme ontmoetingen. In dit meerjarenplan nemen we u graag mee in het 4 en 5 mei programma zoals wij dat de komende vier jaar voor ons zien.
Met vriendelijke groet, Het Amsterdams 4 en 5 mei comité Andrée van Es (voorzitter), Zafer Yurdakul (vicevoorzitter), Felix Guttmann (penningmeester), Marian Duff en Heleen Terwijn.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
11
1/ OPDRACHT Het Amsterdams 4 en 5 mei comité adviseert het college van burgemeester en wethouders over de organisatie van het 4 en 5 mei programma van de stad. Het comité heeft een lange geschiedenis. Al in 1946 werd een comité gevormd uit oudverzetsstrijders onder het motto “Dat nooit meer….”. 80 jaar en vele oorlogen later dringt zich de vraag op welk moreel kompas in onze tijd van betekenis moet zijn bij het herdenken en vieren. Voor het uitvoeren van de adviezen van het comité is de uitvoerende Stichting Amsterdams 4 en 5 mei comité in het leven geroepen. UITGANGSPUNTEN OPDRACHT •
Vrijheidsmaaltijd Mozes en Aaronkerk, 5 mei 2023
De statutaire doelstelling van het Amsterdams 4 en 5 mei comité is: “het hooghouden van de vrijheidslievende en tolerante tradities van Amsterdam, en het bevorderen van waakzaamheid en strijdbaarheid tegen verschijnselen en praktijken die herinneringen oproepen aan het tijdperk van de opkomst van het fascisme en nazisme en de weerslag daarvan op de periode daarna”. Die opdracht is onverminderd actueel. In een tijd van toenemende zorgen over antisemitisme, moslimhaat en andere vormen van discriminatie,
spelen de tradities van herdenken en het onderzoeken van onze collectieve geschiedenis een belangrijke rol bij het bewaken en onderhouden van onze democratische rechtsstaat. •
Ten grondslag aan het motto van de oprichters van het comité – ‘dit nooit meer’ – ligt het vertrouwen in een functionerende Nederlandse rechtstaat en de internationale humanitaire rechtsorde. Deze koesteren, beschermen en verdedigen is een belangrijk uitgangspunt van het comité.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
•
De kernboodschap van het comité luidt: wees je bewust van het buitengewone Tweede Wereldoorlog verleden van onze stad, in het belang van onze gedeelde toekomst. Herinner en realiseer je de gevolgen van oorlog, bezetting, onderdrukking en vervolging. Vier de vrijheid die we sinds 1945 delen, wees solidair met diegenen die nog niet vrij zijn, en blijf je oefenen in de kunst van het samenleven.
•
De doelgroep van het comité zijn alle Amsterdammers. Daartoe maken we een grootschalig kleinschalig programma, met aansprekende programmeer vormen, die een breed scala aan doelgroepen aanspreekt.
•
De opdracht van het comité is met name ook een communicatieopdracht: het aandacht vragen voor de programmering en het ondersteunen van stemmen in de stad.
•
12
Voor het uitvoeren van haar opdracht heeft het comité verschillende rollen: - Aanjagen, stimuleren en agenderen van (de noodzaak van) een toekomstbestendige herdenkingscultuur, die de waarde van ieder mensenleven uitdraagt (middels onderzoek, opinie, programmering). - Aanjagen en stimuleren van een betekenisvolle invulling van 5 mei. - Faciliteren, ondersteunen en verbinden van partners in de stad die zich inzetten voor herdenken en vieren middels rituelen, ontmoeting, gesprek. - Communiceren van activiteiten op 4 en 5 mei. - Coproduceren van activiteiten die bijdragen aan de beleidsdoelen.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
2/ TERUGBLIK: DE AFGELOPEN 18 JAAR In de 80 jaar die we nu verder zijn, heeft het comité vele gedaantes gehad. Ten behoeve van onderliggend beleidsplan en de keuzes en accenten die daarin worden gemaakt, geven we graag een korte terugblik op de laatste decennia. Vanaf het begin van dit millennium onderscheiden we vier periodes.
2007 - 2010 In de bestuursperiode onder voorzitterschap van Joke Koningh is in samenspraak met het College van B&W ingezet op een revitalisatie van 4 en 5 mei in Amsterdam. Er is besloten tot een programma- en organisatieverandering. In deze periode bestond het programma op 4 mei uit tientallen herdenkingen, een aantal herdenkingsconcerten, en op 5 mei uit een onderwijsprogramma en een Bevrijdingsfestival. Daarvan werd geconcludeerd dat 4 mei stond als een huis, maar verdieping kon gebruiken, 5 mei ter discussie stond en juist verbreding nodig had, en er een brug geslagen zou moeten worden tussen de twee dagen. Van een groot bestuur met een grotendeels vrijwillige organisatie transformeerde het comité naar een klein en betrokken bestuur ondersteund door een professioneel bureau. Stille Tocht, 4 mei 2023
13
2011-2015 Tijdens de bestuursperiode onder het voorzitterschap van Sijbolt Noorda heeft het programma een flinke impuls gekregen. Er werd bewust gekozen voor een ‘grootschalig kleinschalig’ programma: juist doordat allerlei mensen en organisaties zich inzetten voor een programma op 4 en 5 mei, kregen die verhalen en geschiedenis waarde, en werd een groot spectrum aan doelgroepen bereikt en betrokken. De toenmalige directeuren Joost Janmaat en Thijs Middeldorp hebben hier een bepalende rol in gespeeld. Met Theater na de Dam, dat theatervoorstellingen brengt over WOII aansluitend aan de Dodenherdenking) werd een brug tussen 4 en 5 mei geslagen. Voor de verdieping van 4 mei werd het programma Open Joodse Huizen/ Huizen van Verzet opgezet: kleine, intieme, sprekende herdenkingen op plekken waar de geschiedenis zich heeft afgespeeld. Voor de verbreding van de 5 mei programmering werd de Vrijheidsmaaltijd geïntroduceerd: een gezamenlijke maaltijd om de vrijheid te vieren en te bespreken. Theater na de Dam begon met één enkele theatrale voordracht in het kleine theater Perdu, en groeide uit tot een nationaal en alom gewaardeerd programma, dat in haar voorstellingen, en de media-aandacht
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
die daar steevast voor kwam, een sterk stempel wist te drukken op het gesprek over 4 en 5 mei. Ook de Open Huizen kregen navolging in tal van andere steden. De Vrijheidsmaaltijden zijn in 2019 omarmd door het Nationaal Comité als nieuwe traditie voor een betekenisvolle 5 mei viering.
2016 - 2023 In 2016 begon Job Cohen bij het Amsterdamse 4 en 5 mei comité aan zijn eerste termijn als bestuursvoorzitter. Het grootschalig kleinschalig programma werd verder verbreed en verdiept. Er kwamen jongerenprogramma’s op 4 mei, het artistiek programma werd opgetuigd. Inmiddels bestond het Amsterdams 4 en 5 mei programma uit honderden programmaonderdelen, met evenzovele organisaties en programmamakers die dat allemaal mogelijk maakten. Deze periode is met name ingezet op het consolideren van het sterk gegroeide 4 en 5 mei netwerk. Ook werden de middelen verruimd om de groei van het programma te kunnen betalen. Tenslotte werd actief gezocht naar verhalen en stemmen die nog onvoldoende gehoord werden, en organisaties die nog niet vertegenwoordigd waren in het programma. Het begin van de tweede bestuursperiode onder voorzitterschap van Job Cohen in 2020 kenmerkte zich door de effecten van de corona-maatregelen en de vernieuwing van de 5 mei programmering waarbij spreiding van programmering centraal stond; het Amsterdams Bevrijdingsfestival is een dag vol programmering in alle stadsdelen en Weesp met dagvullende, grootschalige programmering op 7 gratis toegankelijke podia (o.a. Museumplein, Plein ‘40-’45, Westerpark, Homomonument, Anton de Komplein), naast per stadsdeel verschillende culturele podia en pleinen en meer dan 130 Vrijheidsmaaltijden.
14
2023 - HEDEN Sinds het aantreden van bestuursvoorzitter Andrée van Es in 2023, heeft het comité de pijlen nog meer gericht op het belang van inclusief herdenken en meerstemmigheid. Dat uitte zich in aandacht voor gedeelde Amsterdamse geschiedenis, waarin ook het historisch venster opengezet werd met aandacht voor de dualiteit van Nederland als bezet land én als koloniale bezetter. Onderbelichte geschiedenissen werden naar het hoofdpodium gebracht (bv. joods verzet, Roma & Sinti vervolging, de ‘wereld’ in de Tweede Wereldoorlog, AmsterdamAziatische verhalen etc) en het gesprek over de toekomst van herdenken en vieren werd actief gevoerd. Deze periode kenmerkte zich ook door grote emotie in de stad, na 7 oktober 2023, wat de betekenis van herdenken in het heden op scherp stelde. Het grootschalige kleinschalige programma in Amsterdam bood in de praktijk ruimte aan meerstemmigheid in herdenkingsrituelen: sommige organisatoren betrokken de actualiteit hierin, anderen niet. Voor het Amsterdams 4 en 5 mei comité stond hierbij voorop dat de essentie van onze opdracht - het herdenken van de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en vervolging van Joden, Roma en Sinti - onverbiddelijk samengaat met waakzaamheid voor hedendaags geweld en racisme, ontmenselijking en onderdrukking en het verzet daartegen.
Daarbij achtte het comité het van belang om ruimte te bieden aan het soms pijnlijke en schurende gesprek in de stad, aan al die verschillende stemmen en standplaatsen van Amsterdammers, om de data van 4 en 5 mei voor zoveel mogelijk van hen betekenisvol te laten zijn.
Herdenking Sinti&Roma, 4 mei 2023
Vrije Westen, 5 mei 2023
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
16
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
17
3/ VISIE 3.1 HERDENKEN EN VIEREN: DE ALGEMENE TREND Welke rol speelt het herdenken van de Tweede Wereldoorlog in onze samenleving? En hoe ziet die samenleving eruit? Stichting Kennisen Innovatiecentrum WOII vat de algemene ontwikkelingen ten aanzien van het herdenken van de Tweede Wereldoorlog als volgt samen: 1. 2.
3. 4.
5.
Herdenking jongerencomité de Pijp, 4 mei 2025
De uitval van de klassieke ‘eigenaren’ van het oorlogserfgoed, ofwel de generatie die de Tweede Wereldoorlog bewust meemaakte. De veranderende bevolkingssamenstelling waarbij een steeds groter deel van de samenleving geen directe biografische betrokkenheid bij het (Nederlandse) Tweede Wereldoorlogs-erfgoed heeft. Afnemende feitelijke en contextuele kennis over (het ontstaan van) de Tweede Wereldoorlog en het gemis aan relevantie bij jonge generaties. De multidimensionale kant van het narratief van WOII: er is noodzaak het verhaal te vertellen vanuit diverse standplaatsen, ingebed in een breder historisch kader. De snelheid van de ontwikkelingen van digitalisering en technologieën en het internationale karakter waarbij de scheidslijnen tussen fysiek en digitaal steeds meer vervagen
In zijn oratie Het Verleden als ritueel muntte emeritus hoogleraar Geschiedenis Frank van Vree bij zijn benoeming tot Cleveringa-hoogleraar aan de Universiteit van Leiden in november 2023 nog een andere relevante ontwikkeling: 6. De centrale positie die de Holocaust vanaf de jaren negentig heeft ingenomen als ‘funderend verleden’ in de politiek-morele orde. Dat werkt enerzijds verbindend, maar brengt ook risico’s mee. Als het verleden slechts wordt gebruikt om een collectieve nationale identiteit te bevestigen, nodigt het niet langer uit tot kritische reflectie. Als de staat zich opstelt als morele eigenaar van die herinnering, kan kritiek vanuit de samenleving op het regeringsbeleid zich zo óók gaat richten op onderliggende Holocaustverhalen, die hier nu juist geheel los van zouden moeten staan. Er liggen grote vragen, verwachtingen en thema’s op het bordje van 4 en 5 mei: hoe kan herdenken in een superdiverse stad met meer dan 170 nationaliteiten vorm en betekenis krijgen, in het belang van onze gedeelde toekomst? Hoe kunnen we gezamenlijk invulling geven aan vrijheid op 5 mei, wanneer velen deze ontberen? Hoe kunnen we ons beschermen tegen een terugkeer van het fascisme, tegen andere vormen van dictatuur?
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
18
3.2 HERDENKEN IN BEWEGING
wie herdenkt. Want wanneer we stilstaan bij het leed van toen, realiseren we ons ook dat ontmenselijking en oorlogsgeweld tot op de dag van vandaag doorgaan. En dat Amsterdammers van ruim 170 nationaliteiten ook andere oorlogen uit verleden en heden met zich meedragen. Zonder de erkenning van die wrange werkelijkheid boet herdenken in aan relevantie.
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
Herdenken is altijd al onderhevig aan maatschappelijke dynamiek. Uit landelijk onderzoek uit 2025 van het Nationaal 4 en 5 mei comité blijkt 80 % van de ondervraagden de Nationale Dodenherdenking belangrijk te vinden. Redenen om te herdenken zijn: stilstaan bij het belang van vrijheid en de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog. Mensen zonder migratieachtergrond (86%) hechten meer belang aan de Nationale Herdenking dan mensen met een Turkse/Marokkaanse achtergrond (33%) of mensen met een andere niet-westerse achtergrond (50%). Ca. 10% van de bevolking staat niet stil bij de Nationale Herdenking; omdat de rituelen, het programma of het verhaal hen niet aanspreken. Of omdat de Tweede Wereldoorlog te lang geleden is of het herdenken ervan betekenisloos voelt als vandaag de dag nog steeds oorlogen plaatsvinden. ONTWIKKELINGEN IN AMSTERDAM Inzoomend op Amsterdam zien we al decennia een traditie van het bevragen van de functie, rol en vorm van herdenken van de Tweede Wereldoorlog. In de 80 jaar dat er herdacht wordt, zijn er doorlopend nieuwe herdenkingspraktijken ontstaan. Soms zwaar bevochten (aandacht voor de Jodenvervolging was tot in de jaren zestig afwezig), soms organisch gegroeid (groei buurtherdenkingen, nieuwe vormen).
De jaarlijks groeiende bezoekersaantallen van vele lokale herdenkingsactiviteiten in Amsterdam laten zien dat de behoefte aan herdenken in de stad onverminderd groot is. Daarbij klinkt sterk de roep om gelijkwaardige meerstemmigheid binnen het herdenkingsveld (vb Dekoloniale NederlandIndonesië Herdenking op 16 augustus). Ruimte voor het delen van de geschiedenis van Amsterdammers vanuit alle gezichtspunten krijgt bijzondere aandacht van het comité. De afgelopen jaren is sprake van een toenemende complexiteit rondom de betekenis van herdenken in het heden. Actuele ontwikkelingen, oorlogen, dreigingen en conflicten in de wereld spelen daarbij een rol. Dat kan gevoelens van tegenstrijdigheid oproepen: het herdenken van de oorlogsgeschiedenis en zijn slachtoffers dat tegelijkertijd als spiegel voor de actualiteit dient voor
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
19
Ongemak en blinde vlekken rondom onze herinneringscultuur moeten niet uit de weg gegaan worden. Het comité wil de zoektocht naar een toekomstbestendige herdenking in de stad ondersteunen en stimuleren, samen met Amsterdammers. De grootschalige kleinschaligheid van de programmering geeft daarbij ruimte aan breed palet aan stemmen en rituelen. Dialoog en het doorgeven van verhalen als herdenkingsritueel nodigen uit tot debat en reflectie: over vrijheid en onvrijheid, rechtstaat, keuzes, geweld en ontmenselijking. Het comité blijft nadrukkelijk weg van herdenken als “gestolde geschiedenis”, maar ziet het als oefenruimte voor democratie, empathie en moreel besef. HERDENKEN EN DE ACTUALITEIT Sinds 7 oktober 2023 zijn de emoties onder Amsterdammers hevig ten aanzien van het onmenselijke leed dat onschuldige Israëliërs en Palestijnen werd en wordt aangedaan. Tegelijkertijd leven onder Amsterdammers ook grote zorgen over de vele conflictgebieden en ontmenselijking elders ter wereld; zoals in Oekraïne, Sudan en Congo. In het licht van de opdracht van het comité - ‘dit nooit weer’ - zijn wereldwijde schendingen van het internationaal humanitair recht en het genocidale geweld in Gaza, zoals vastgesteld door uiteenlopende (inter)nationale experts, gerenommeerde mensenrechteninstituten en de Verenigde Naties, extra pijnlijk.
Juist de vernietiging van de Joodse gemeenschap in Amsterdam en de herdenking van die genocide op 4 mei, brengt de gevoeligheid over de misdaden van Hamas en de Israelische regering zo dichtbij. Het gebruik van de term genocidaal geweld jegens de Palestijnen, gepleegd door de Israelische regering, roert daarmee voor Joodse Amsterdammers in een open wond. Het roept associaties op met de
Vrijheidsmaaltijd Centrale Markthal, 5 mei 2024
“‘Nooit meer’ is geen politieke slogan die soms wel, soms niet, voor sommige mensen wel, voor sommige mensen niet, en voor sommige volkeren wel, en voor sommige volkeren niet geldt. Het is de morele opdracht om boven onszelf uit te stijgen, niet weg te kijken en eensgezind een harde grens te trekken als mensen – waar dan ook – onderdrukt, vervolgd en vermoord worden”, Burgemeester Femke Halsema bij aanvang Stille Tocht, 4 mei 2025.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
geschiedenis, vaak gerelateerd aan familietrauma’s. Ook binnen het comité leeft hierover discussie. De erkenning van dit onmetelijke leed loopt parallel aan de erkenning van de pijnlijke realiteit van voortdurende ontmenselijking. Het comité is schatplichtig aan haar motto en de (inter)nationale rechtsorde die daarvan het fundament is. Daarbij hoort ook het adresseren van hedendaagse uitsluiting, racisme, mensenrechtenschendingen en genocides, die niet in een vacuüm plaatsvinden en onder Amsterdammers onmacht en woede oproepen. De komende jaren zal dit een dominant gegeven zijn bij het herdenken van de Tweede Wereldoorlog. Dat vraagt om onderzoek naar hoe de actualiteit een rol kan spelen in de programmering en wat er nodig is om alle Amsterdammers zich hier onderdeel van te laten voelen. Het comité wil hierin, hoe moeilijk ook, de verbindende rol vervullen die haar opdracht met zich meebrengt.
3.3 VISIE OP 4 MEI HERDENKEN EN HERINNEREN De woorden herdenken en herinneren worden nog wel eens door elkaar gebruikt. Herinneren is vaak een individueel proces waarin je je iets uit het verleden voor de geest haalt. Herdenken is een collectieve, vaak gezamenlijke handeling die in een samenleving diverse functies heeft. Herdenken is een geritualiseerde, theatrale opvoering van herinnering. Mensen herdenken om meerdere redenen: om respect te tonen aan slachtoffers, om alert te blijven voor hedendaagse uitsluiting en haat, vanuit een behoefte aan actief burgerschap, of te helen en erkennen wat verloren is gegaan. Herdenken biedt, kortom, morele oriëntatie, historische educatie en een gedeelde bron voor collectieve rouw en reflectie. Maar deze functie staat in toenemende mate onder druk, zoals beschreven onder uitgangspunt 6. Herdenken anno 2025 is geen ritueel van bevestiging meer, maar een proces van onderhandeling geworden. Tussen generaties, gemeenschappen en narratieven. Maatschappelijke spanningen en de groeiende verharding van het publieke debat zetten de vanzelfsprekendheid van de herinneringscultuur op scherp. “Hebben we wel goed herdacht als we er niet van hebben geleerd?”,
20
dichtte Benjamin Fro in de film van het comité Tot We Allemaal Vrij zijn, in 2022. PLEKKEN VAN HERINNERING Sommige mensen hebben een directe lijn met de geschiedenis via hun familieverhalen, anderen hebben een verbinding met de geschiedenis via hun huis, straat of buurt. De oudste Amsterdamse joodse buurt, rondom het Waterlooplein en de Nieuwmarkt, is zwaar beschadigd uit de oorlog gekomen. Maar het overgrote deel van de stad is fysiek rechtop blijven staan. De stad zoals die er in 1940-1945 uitzag bestaat grotendeels nog. ‘Places of memory’ spelen een steeds belangrijker rol in de manier waarop Amsterdammers met hun geschiedenis omgaan. Dat zie je in een herwaardering van de monumentale grachtengordelpanden in het licht van de koloniale geschiedenis, maar evenzogoed met betrekking tot de oorlogsgeschiedenis van de stad. Programma’s als Open Joodse Huizen-Huizen van Verzet, Oorlog op de Dam/Museumplein en vele Vrijheidsmaaltijden vertellen een vaak relatief onbekende geschiedenis van die locatie. De stad zal podium voor programmering en verhalen blijven. GELIJKWAARDIGE MEERSTEMMIGHEID De stad Amsterdam is een plek van herinnering, waarbinnen het de kunst is om het grote archief van stemmen en verhalen van haar (vroegere) inwoners eerbiedig naast elkaar te laten bestaan. Het verhaal van ‘de geschiedenis’ bestaat immers niet.
Een gelijkwaardige meerstemmige benadering van de geschiedenis houdt in dat er ook ruimte is voor perspectieven die zich buiten de kaders van dat dominante narratief begeven. Om soms officiële vertellingen te herlezen, of oog te hebben voor de zwarte bladzijden van de nationale geschiedenis. Om je te realiseren dat geschiedenis verbrokkeld is, dat veel geschiedenissen verweven zijn met elkaar en elkaar raken op kruispunten. De aandacht voor de wreedheden van het koloniaal verleden is de afgelopen jaren in Nederland en specifiek in Amsterdam, sterk gegroeid. Van Kick Out Zwarte Piet en Black Lives Matter tot de Herdenking Slavernijverleden of het NIOD-rapport over de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië: het Nederlands daderschap en hoe uitbuiting en racisme over generaties doorwerkt, staat vol in de
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
spotlights. Dit vertaalt zich ook naar 4 en 5 mei: tijdens de Nationale Dodenherdenking 2022 werd voor het eerst de koloniale oorlog die Nederland voerde in Indonesië genoemd, sinds 2021 is er een herdenking op het Anton de Komplein, en in vele programma’s is aandacht voor de Tweede Wereldoorlog geschiedenis van de toenmalige Nederlandse koloniën. De komende jaren wil het comité, samen met partners, streven naar een herdenkingscultuur waarin meer ruimte is voor het Europees kolonialisme en de verstrekkende gevolgen daarvan, zonder afbreuk te doen aan de herinneringscultuur van de vervolging van Joden, Sinti en Roma. INTERGENERATIONELE VERHALEN Nu de ooggetuigen van de geschiedenis nauwelijks nog in leven zijn, zijn het de volgende generaties die betekenis geven aan hun familieverleden. Hoe kijkt een tweede, derde en vierde generatie naar de geschiedenis (van hun (groot) ouders)? Wat zijn hun behoeftes? De afgelopen jaren zijn door het Nationaal Comité 4 en 5 mei deelstudies verricht naar de intergenerationele impact van oorlog op o.a. de Indische gemeenschap. De recente maatschappelijke ophef rondom de opening van de digitale archieven van het Centraal Archief voor Bureau voor Bijzondere Rechtspleging (CABR), waarin dossiers van onderzochte vermeende collaborateurs na te zoeken zijn, tonen aan dat ook bij deze nazaten de oorlog doorleeft.
Het comité wil programmering rondom de thematiek van intergenerationele doorwerking blijven vormgegeven en ondersteunen.
3.3 VISIE OP 5 MEI SAMENHANG TUSSEN DE DAGEN Herdenken en vieren kunnen niet los van elkaar gezien worden. Herdenken heeft per definitie relevantie in de tijd waar het plaatsvindt. De geschiedenis die we delen als stad, vanuit al haar gezichtspunten, is van groot belang voor een gezamenlijke toekomst. Wat voor soort samenleving willen we zijn en wat betekent vrijheid? Dit is de essentiële verbinding tussen 4 en 5 mei. Voor vrijheid geldt hetzelfde als voor herdenken. Vrijheid wordt niet beleefd in isolatie. Vrijheid is iets dat je deelt. We vinden onze eigen vrijheid
21
vaak belangrijker dan de vrijheid van de groep, van de stad, van de natie en de wereld. Dat is niet verwonderlijk, maar het helpt ons niet samen te leven. Onze vrijheid is nu eenmaal verbonden met die van anderen, zoals de Duitse predikant Niemöller in 1946 verwoordde in een gedicht: Toen de nazi’s de communisten arresteerden, heb ik gezwegen; ik was immers geen communist. Toen ze de sociaaldemocraten gevangenzetten, heb ik gezwegen; ik was immers geen sociaaldemocraat. Toen ze de vakbondsleden kwamen halen, heb ik niet geprotesteerd; ik was immers geen vakbondslid. Toen ze de Joden opsloten, heb ik niet geprotesteerd; ik was immers geen Jood. Toen ze mij kwamen halen was er niemand meer, die nog protesteren kon. VRIJHEID Hoe vier je vrijheid, hoe ga je om met vrijheid, hoe sta je stil bij vrijheid? Het woord vrijheid wordt door allerlei partijen voor allerlei doeleinden ingezet. Onderzoek van het Nationaal Comité laat zien dat de vraag ‘Wat is Vrijheid’ ieder jaar weer vooral op een persoonlijke manier wordt ingevuld, meestal als “kunnen gaan en staan waar je wilt,” “kunnen zeggen wat je wilt.” Het collectieve begrip van vrijheid, waar ook Niemoller over dicht, de vrijheid in solidariteit, in verbinding met anderen, is ingewikkelder en verder weg.
Men zou kunnen zeggen dat hier een taak ligt: het benadrukken van collectieve vrijheid en verbondenheid als voorwaarde voor een democratisch bestel. Een belangrijke doelstelling die wij hier zien is het weer sterker verbinden van 5 mei aan 4 mei. De herinnering aan de Tweede Wereldoorlog is een van de duidelijke referenties als we het willen hebben over vrijheid, rechtstaat, democratische waarden en burgerschap. TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID De mechanieken die hebben geleid tot en de Tweede Wereldoorlog, de vervolging van Joden, Roma en Sinti en de impact op Amsterdammers, kunnen als een spiegel dienen voor onze tijd. Juist nu onze democratische rechtstaat bescherming
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
Herdenking Namen en Nummers, 4 mei 2023
22
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
nodig heeft en antisemitisme, moslimhaat en andere vormen van racisme schrikbarend groeien. Het begrip vrijheid kan in dit licht een diepere betekenis krijgen. Willen we elkaar in de stad als Amsterdammers blijven ontmoeten en zien, met al onze uiteenlopende zienswijzen en ervaringen, dan is empathie opbrengen voor elkaar als samenbindende waarde van belang. Op 4 en 5 mei, maar ook gedurende de rest van het jaar, wil het comité dit stimuleren. Waar mogelijk sluiten we aan bij bestaande bewegingen, zoals de Dag van de Empathie op 3 mei. ‘Mijn vrijheid is de jouwe, en de jouwe is van mij’, dichtte Benjamin Fro in de korte film Tegen de Onverschilligheid (2025), een ode aan het omzien naar elkaar in de stad. Zo bezien verlangt vrijheid solidariteit; elkaar in de ogen kunnen kijken en elkaar kunnen beloven elkaars vrijheid te verdedigen. Ook – of juist - als die vrijheid nog niet voor iedereen geldt. De uitspraak ‘Niemand is vrij tot we allemaal vrij zijn’, die oorspronkelijk door Amerikaanse burgerrechtenactiviste Fannie Lou Hamer gemunt werd, kan hierbij tot inspiratie dienen. In deze beleidsperiode wil het comité onderzoeken hoe dit invulling kan krijgen in de stad. IN BEWEGING OP 5 MEI Op 4 mei staan we stil. Als een oefening in waakzaamheid, luisteren we, en vertellen we de verhalen van onrecht, pijn en onmenselijkheid. En het verzet ertegen. Op 5 mei komen we in beweging.
We spreken onze hoop uit, vieren het leven en het belang van vrijheid. We vragen ons af wat dat betekent, en oefenen in het samenleven. We genieten van de schoonheid van de vriendschap tussen burgers, in vol besef van de kwetsbaarheid en het geweld van het bestaan. INVULLING 5 MEI Wat vinden Nederlanders belangrijk op 5 mei? Uit het meest recente (2025) jaarlijkse Nationale Vrijheidsonderzoek van het Nationaal Comité blijkt 82 % van de ondervraagden het leren over vrijheid, democratie en mensenrechten verreweg het meest relevant vindt van Bevrijdingsdag. Ook de waardering van lokale activiteiten en van deelname aan een Bevrijdingsfestival is gestegen ten aanzien van het jaar daarvoor. Sinds 1981 worden in alle provincies Bevrijdingsfestivals georganiseerd, waar muziek, feesten en vieren
Bevrijdingsfestival Anton de Komplein, 5 mei 2023
23
centraal staan. De bezoekers van die festivals (grootste groep bezoekers zijn 16 - 44-jarigen) zijn over het algemeen erg tevreden. Er is echter ook een grote groep die zich daar niet toe aangetrokken voelt en juist meer behoefte heeft aan bezinning en verdieping. Zij willen stilstaan bij de vrijheid, erop reflecteren en er betekenis aan geven. Het comité ziet zowel op de grotere Bevrijdingsfestivals als kleinere podia ruimte hiervoor. De Vrijheidsmaaltijden hadden landelijk en lokaal in Amsterdam in 2025 een recordaantal deelnemers. Ook was er een lichte Amsterdamse stijging van 5 mei activiteiten die in de stadsdelen georganiseerd werden: verhalen over historische en actuele gebeurtenissen, via theatervoorstellingen, podcasts, filmvertoningen, culturele programma’s op openbare pleinen en op podia, sportactiviteiten en kleinschalige optredens. Het bevestigt de behoefte aan ontmoeting en bezinning.
“Voor mij blijft Amsterdam verankerd in ons anders zijn. Dappere strijders voor elkaar, omdat we beiden Amsterdammer zijn. Overbruggen we verschillen, als een sprong over het IJ, want mijn vrijheid is de jouwe, en de jouwe is van mij”, Benjamin Fro, uit film Tegen de onverschilligheid (2025)
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
3.4 POSITIE VAN HET AMSTERDAMS COMITÉ IN HERDENKINGSVELD TWEEDE WERELDOORLOG ALS UITGANGSPUNT VAN 4 EN 5 MEI Om 4 en 5 mei in deze tijd voor alle Amsterdammers waarachtig te laten zijn, is meerstemmigheid de kern. Het comité zal als uitgangspunt voor de programmering bij de basis blijven: de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust, de mechanismen die hiertoe leidden en wat deze voor Amsterdam en haar huidige inwoners betekende. We houden daarbij de historische vensters open en stellen de gedeelde geschiedenis van Amsterdammers centraal. TOEKOMST VAN HERDENKEN In Amsterdam en ook op andere plekken in Nederland houden verschillende organisatie/ mensen zich bezig met het vraagstuk inclusief herdenken en wat en hoe de toekomst van herdenken eruitziet. In Amsterdam heeft het 4 en 5 mei comité een start gemaakt om met andere herdenkingsorganisatoren dit vraagstuk te onderzoeken. Dit vraagstuk dat ingewikkeld is, dilemma’s opwerpt, zoals een achterban die bepaalde ideeën heeft en graag vasthoudt aan tradities en rituelen. Juist in een samenleving die zo beweegt, kunnen herdenkingsrituelen tradities worden die voor veel mensen ankerpunten zijn. Tegelijkertijd bevraagt een nieuwe generatie deze
24
rituelen. De behoefte is dan ook groot om kennis met elkaar te delen en samen op te trekken. De gedachte achter deze toenadering is de gezamenlijke verbondenheid van de herdenkingen rondom geschiedenissen van ontmenselijking en uitsluiting. Dat zijn zowel de herdenkingen die aan de Tweede Wereldoorlog gelieerd zijn, als dagen waarop bijvoorbeeld de afschaffing slavernij (1 juli), onafhankelijkheid van Indonesië (17 augustus) of Armeense Genocide (27 april) herdacht worden. Het lijkt soms alsof deze dagen allen losstaande bomen zijn, en er wordt geklaagd dat de ene boom anderen in de schaduw stelt. Maar deze manier van ‘horizontaal’ kijken ontneemt het zicht op de bodem, waar die bomen samen in staan en die onder de grond op tal van manieren met elkaar verbonden zijn. Onder diverse herdenkingsorganisatoren bestaat behoefte aan een informeel netwerk, waarin bijv. ideeën en best-practices uitgewisseld worden om de herdenkingen toekomstbestendig te maken. Het comité zal hier de komende beleidsperiode een aanjagende en verbindende rol blijven innemen. STICHTING BEVRIJDINGSFESTIVALS NEDERLAND Om het belang van een betekenisvolle invulling van 5 mei in heel Nederland te onderstrepen en hier gezamenlijk extra middelen aan te trekken, is de Stichting Nederlandse Bevrijdingsfestivals in het leven geroepen waarvan het comité, samen met dertien landelijke partners, onderdeel van is.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
4/ BELEIDSPLAN 2026 - 2029 4.1 UITGANGSPUNTEN •
•
“Er wordt veel gesproken over de Canadezen en Amerikanen die ons bevrijd hebben, maar er zijn zoveel landen waar óók gestreden is. Neem Suriname, kinderen werden geacht elke week een cent mee te nemen naar school om Nederland te helpen. Of de verhalen van de Ghanese KNIL-militairen waar we vorig jaar een mooi programma over hadden. Dit zijn verhalen die veel mensen niet kennen en ik vind dat deze ook verteld moeten worden.’ Angelique Hoogmoed, 4 en 5 mei comité Zuidoost
25
•
In de 4 mei programmering is de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam het uitgangspunt, waarbij de vervolging van Joden, Roma en Sinti een centrale plek heeft. Op 5 mei staat de programmering op de schouders van de geschiedenis en onderzoekt en viert (de mechanieken achter) (on)vrijheid en de kunst van het samenleven. We zetten ons in voor een herdenking en viering voor alle Amsterdammers en brengen gelijkwaardige meerstemmigheid naar het hoofdpodium. Het Amsterdams comité houdt vast aan de strategie van een ‘grootschalig kleinschalig’ programma, dat vele stemmen en vormen een kans biedt, vele meningen en idealen de ruimte geeft, allerlei doelgroepen in de stad aanspreekt, en ruimte biedt aan experiment en vernieuwing.
•
4.3 AANPAK •
•
4.2 BELEIDSDOELEN •
•
Consolideren van gegroeid programma en netwerk, vasthouden aan de aanpak ‘grootschalig kleinschalig’, spreiding door de stad en verbinding met de vele (sub)culturen die de stad rijk is. Inzetten op verdere ontwikkeling van 4 en 5 mei,
waar ruimte is voor nieuwe vormen, stemmen, rituelen en partners. Aanjagen van ideeën rondom de toekomst van herdenken i.s.m. Amsterdammers en partners uit het herdenkingsveld, waaronder ook het slaan van bruggen met niet WOII gerelateerde herdenkingen.
•
De uitvoerende Stichting Amsterdams 4 en 5 mei comité coördineert, mede-financiert en -organiseert een programma van ruim 300 programma’s op 4 en 5 mei in Amsterdam, waarbij vrijwilligers en partners uit de hele stad betrokken zijn; Sinds 2010 is het 4 en 5 mei programma in Amsterdam gegroeid van zestig naar ruim 300 programma’s in de stad, verdeeld over de verschillende stadsdelen en verschillende programmavormen, zoals Herdenkingen, Concerten, Theater na de Dam, Open Joodse Huizen en Huizen van Verzet, podcast series, tentoonstellingen, lezingen, educatieprogramma’s, Vrijheidsmaaltijden en Bevrijdingsfestivals; Vrijwel elke activiteit draagt of vertelt een verhaal over de stad. De kracht van het programma zit in de eerdergenoemde
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
•
• •
‘grootschalige kleinschaligheid’: op veel plekken is er door de vorm van het programma ruimte voor inhoud en intimiteit, waardoor verhalen goed tot hun recht kunnen komen; De verschillende soorten activiteiten verspreid over alle stadsdelen en Weesp maken een inhoudelijk programma mogelijk, waarbij talloze kleine en grote geschiedenissen aan bod komen. De uiteenlopende activiteiten kennen verschillende doelgroepen, en betrekken Amsterdammers uit alle hoeken van de stad; Gelijkwaardige meerstemmigheid is een leidend principe in de programmering en wordt naar het hoofdpodium gebracht. Gedurende het jaar wil het Amsterdams comité meer zichtbaar zijn om het thema van 4 en 5 mei levend te houden en daarmee “Dat nooit meer” nog meer kracht bij te zetten. Door onze collectie zichtbaar en toegankelijk te maken. Ook de coalitie van herdenken zorgt voor een bundeling van krachten en ideeën waarin het comité in ieder geval rondom de herdenkingsdagen activiteiten kunnen ontwikkelen en/of andere creatieve vormen die bijdragen aan bewustwording en zichtbare gedeelde geschiedenis.
•
26
Naast het fijnmazige programma kiest het comité geregeld voor gezichtsbepalende projecten die vaak ook nationaal opgepakt worden, zoals Vrijheidsmaaltijd onder de bogen van het Rijksmuseum (2018), het Familieportret van 100 Amsterdammers (2019) en Oorlog op het Museumplein (2025).
4.4 BEREIK EN DOELGROEP • •
•
Jaarlijks nemen circa 125.000 mensen deel aan het Amsterdamse programma op 4 en 5 mei. Het comité betrekt zoveel mogelijk Amsterdammers bij de traditie van herdenken en het vieren van vrijheid en stimuleert met tal van programma’s een kritische blik op de manier waarop we die vrijheid georganiseerd hebben. Het programma krijgt vorm in samenwerking met honderden partners en vrijwilligers en talloze vertellers, programmamakers, acteurs, muzikanten, kunstenaars en anderen. Er wordt veel tijd en energie gestopt in het contact met partners en vrijwilligers, wat bijvoorbeeld tot uiting komt in goed bezochte partnerbijeenkomsten (tweemaal per jaar).
Herdenking Homomonument, 4 mei 2024
Vrijheidsparade Van der Pekbuurt, 5 mei 2025
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
28
5/ PROGRAMMA 4 EN 5 MEI 4
I E M
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
31
5.1 HERDENKINGEN
5.2 STILLE TOCHT
In Amsterdam worden op ongeveer zestig plekken herdenkingen georganiseerd. Veruit het grootste aantal wordt al decennia gecoördineerd door wijkof buurtcomités. Het Amsterdams comité heeft een coördinerende taak, en verzorgt de stedelijke communicatie van de herdenkingen. De gemeente Amsterdam ondersteunt met vergunningverlening en verschillende soorten praktische en financiële hulp rondom de herdenkingslocaties.
De Stille Tocht is een Amsterdamse bijdrage aan de Nationale Dodenherdenking. Met de Burgemeester, de leden van het Amsterdams 4 en 5 mei comité en de leerlingen van een jaarlijks wisselende schoolklas voorop, lopen we in stilte van het Stadhuis/Museumplein langs Places of Memory, over het Rokin naar de Dam. Het is ieder jaar weer erg indrukwekkend om met zo’n grote groep mensen met de stille trom en met trage gang door de historische stad te lopen.
Dit netwerk van trouwe vrijwilligers die zich jaar in jaar uit inzetten voor het doorgeven van verhalen aan volgende generaties willen we intensiever betrekken en bedanken. Zij zijn van onschatbare waarde. Er is een grote behoefte aan ontmoetingen en (kennis) delen, dat we mogelijk willen maken. Ook het nadenken over verjonging van de herdenkingscomités is een onderwerp dat hoog op de agenda staat. Wat de afgelopen jaren opvalt is dat de bezoekersaantallen constant zijn of stijgen, er binnen de traditie allerlei vernieuwingen plaatshebben in vorm en inhoud. Denk aan het joodse ritueel van kleding scheuren door Oy Ve, of de last post op trompet en apinti (slaginstrument van de Surinaamse marrons) bij de herdenking in Holendrecht en er nog steeds nieuwe herdenkingen ontstaan. Het gaat daarbij met name om herdenkingen bij nieuwe monumenten (bijvoorbeeld Glas in loodraam in de Hogeschool van Amsterdam, het voormalige TipTop theater). Het comité zet zich in om de geschiedenissen achter de lokale herdenkingen permanent beschikbaar te maken voor geinteresseerd publiek. Doelgroep: buurtbewoners, twintigers/dertigers, ouders met kinderen, ouderen. Huidig bereik: 60 locaties, 25.000 deelnemers. Gewenst bereik: idem. Aandachtspunten: de toekomstbestendigheid van de comité’s vanwege hoge leeftijd van sommige organisatoren.
Voorafgaand aan de Stille Tocht is er muziek van het Koninklijk Zigeunerorkest Roma Miranda, en zijn er toespraken. Bij aankomst op de Dam is voor de deelnemers aan de Stille Tocht het voorste vak bij de herdenking gereserveerd. De scholieren leggen bloemen bij het Nationaal Monument en de burgemeester spreekt eens in de 3 jaar voorafgaand aan de twee minuten stilte. Doelgroep: Amsterdammers (extra aandacht voor wie nieuw in de stad is of nog nooit heeft meegelopen). Huidig bereik: 2.000 deelnemers. Gewenst bereik: 2.500 deelnemers. Aandachtspunten: de Stille Tocht kan nog beter onder de aandacht gebracht worden: eigenlijk zou iedere (nieuwe) Amsterdammer ten minste eenmaal mee moeten lopen in de Stille Tocht. Organisatie: Amsterdams 4 en 5 mei comité i.s.m. vrijwilligers.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
5.3 OPEN JOODSE HUIZEN - HUIZEN VAN VERZET Tijdens het Open Huizen programma wordt de geschiedenis van Joods Amsterdam en de Tweede Wereldoorlog verteld op de plaatsen waar het zich heeft afgespeeld: in huiskamers, cafés en schoollokalen vertellen overlevenden en nazaten hun persoonlijk verhaal. Het Open Joodse Huizen - Huizen van Verzet programma is intiem, waar je voor je voeten de geschiedenis ziet leven, en waar verhalen ter plekke aangevuld worden door oud-bewoners, buren en deskundigen. Het is ook een monumentaal programma, omdat het een soort levende herdenking is van het leven tijdens en voor de bezetting, in een stad die weliswaar fysiek vrijwel ongeschonden de oorlog doorkwam, maar afscheid moest nemen van ruim 61.000 stadsgenoten die in de kampen werden vermoord. Vanwege de grote belangstelling zijn we de afgelopen jaren meer vertellingen gaan programmeren in grotere locaties, zoals musea, theaters en scholen. Ook zijn 3de/4de generatie vertellers aangetrokken met grote en jonge achterban, en werden thematische Specials (oa voor jeugd) georganiseerd. Organisatie: het Open Joodse Huizen - Huizen van Verzet programma in Amsterdam is een coproductie van het Amsterdams 4 en 5 mei comité en het Nationale Holocaust Museum. Doelgroep: studenten, buren, geïnteresseerden in de geschiedenis. Huidig bereik: 2.700 deelnemers.
Gewenst bereik: er is aan maximum bereikt in deelnemers per locatie, er is groei mogelijk naar nieuwe locaties. Aandachtspunten: Hoe om te gaan met verjonging en de groeiende populariteit van de Open Huizen, zonder de essentie van het kleinschalige herdenken te verliezen.
32
5.4 THEATER NA DE DAM Cultuur is gebouwd op het doorgeven van verhalen. Dit immateriële erfgoed is van oudsher hoe we als mens leren waar we vandaan komen, wat ons helpt onszelf en de ander te begrijpen en ons richting geeft over wie we willen zijn. Theater Na de Dam wil dat de verhalen uit de Tweede Wereldoorlog onderdeel blijven van ons gedeelde erfgoed: ‘Het doorgeven van deze belangrijke verhalen en ze in perspectief plaatsen is onze kern. Wij doen dat met de kracht van theater, op podia, in scholen, in media en in gesprek en debat.’ Op de avond van de Nationale Dodenherdenking op 4 mei om 21.00 uur zetten theatermakers en artiesten in heel Nederland zich in om deze dag van extra betekenis te voorzien. Elk jaar spelen gelijktijdig meer dan honderd voorstellingen die ieder op hun eigen manier betrekking hebben op de Tweede Wereldoorlog, waarvan jaarlijks ongeveer 30 voorstellingen in Amsterdam, waaraan vrijwel alle Amsterdamse theaters meedoen.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
Gewenst bereik: idem. Aandachtspunten: Theater na de Dam begon in 2010 met een theatrale lezing in Perdu en is inmiddels uitgegroeid tot een nationale 4 mei traditie. Financieel zijn zij echter nog altijd volledig afhankelijk van (vaak jaarlijkse) projectsubsidies.
“Hebben we wel goed herdacht als we er niet van hebben geleerd?” Benjamin Fro, tekst uit film Tot We Allemaal Vrij zijn (2022)
33
5.5 CULTURELE PROGRAMMERING 4 MEI Op 4 mei vinden er voorafgaand en na afloop van de Nationale Dodenherdenking concerten, rondleidingen, filmvertoningen en overige culturele programma’s plaats. De concerten en filmprogramma’s worden door d everschillende podia georganiseerd, en waar gewenst financieel, communicatief en redactioneel ondersteund door het comité. Doelgroep: cultureel publiek, dertigers/zestigers. Huidig bereik: circa 7.500 bezoekers. Gewenst bereik: bereik verbreden met een herdenkingsconcert specifiek gericht op jongeren. Aandachtspunten: zie gewenst bereik.
Theater Na de Dam benadert elk jaar theatermakers met de vraag of zij speciaal voor 4 mei een nieuwe voorstelling willen maken die een actueel perspectief biedt op de Tweede Wereldoorlog en de wereld van vandaag. Daarnaast zijn jongerenvoorstellingen een wezenlijk onderdeel van Theater Na de Dam. Samen met theatermakers verdiepen jongeren zich in de geschiedenis van hun wijk ten tijde van de Tweede Wereldoorlog en interviewen ouderen uit de buurt over hun herinneringen. Die gesprekken gebruiken zij als basis voor hun voorstelling. Organisatie: Theater na de Dam wordt georganiseerd door stichting Theater na de Dam en financieel ondersteund door het Amsterdams comité. Doelgroep: jongeren, cultureel publiek, dertigers/ zestigers. Huidig bereik: bezoekersaantallen Amsterdam (inclusief jongerenprogramma’s) jaarlijks ongeveer 5.000. Mediabereik is groot, met name voor de spraakmakende voorstellingen en natuurlijk via het NPO1 programma ‘Nacht na de Dam’ dat jaarlijks in samenwerking met de NOS wordt gemaakt. Atlas van het Museumplein, Rijksmuseum, Bianca Stigter, 4 mei 2025
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
35
PROGRAMMADOELSTELLINGEN 5 MEI
5
I E M
Het comité koerst met betrekking op de Bevrijdingsfestivals op spreiding en verdieping. Het Amsterdams Bevrijdingsfestival is als het ware één groot programma, verspreid door de hele stad. Onderdeel van het overkoepelende Bevrijdingsfestival zijn ten minste zeven zogenaamde hoofdlocaties: autonome festivalorganisaties die allen een gratis toegankelijk festival organiseren met ieder een duidelijk eigen signatuur, in alle delen van de stad. Per locatie kunnen zij tussen de 750 en 5.000 bezoekers ontvangen. We zien deze festivals als de ‘backbone’ van het Amsterdams Bevrijdingsfestival, en het stelt ons en de organisatoren in staat om een groot aantal partnerorganisaties te betrekken, voor verschillende doelgroepen te programmeren, en verschillende artiesten en makers een stem te geven op 5 mei. Per stadsdeel richten we ons daarnaast op circa 2 andere gratis toegankelijke dag vullende programma-locaties. Deze vinden vaak in combinatie met een Vrijheidsmaaltijd plaats. In de stad zijn ruim honderddertig Vrijheidsmaaltijden een belangrijk onderdeel van het programma. Ook stimuleren we cultuurhuizen en muziekpodia actief om passend te programmeren op 5 mei.
Ten slotte kiezen we jaarlijks voor een programmalijn of thema, waarvoor kunstenaars, ontwerpers, leerlingen en verhalenvertellers kunnen werken aan nieuwe rituelen, formats en activiteiten vanuit de urgentie dat 5 mei als nationale feestdag extra diepte, plezier en scherpte moet krijgen.
“Daar waar we verschillen, daar toont zich de menselijkheid” Sarah van Sonsbeeck, uit film Tegen de onverschilligheid (2025)
KWALITATIEF • Het realiseren van een stadsbreed festival waarin de nadruk ligt op een breed cultureel aanbod dat toegankelijk is voor alle lagen van de Amsterdamse samenleving: grootschalig kleinschalig; • Verbinding zoeken tot 4 mei; Publiek ervaart meer samenhang tussen beide dagen; • Programmering vertrekt vanuit een inhoudelijke uitnodiging aan de stad; 5 mei is een feest én een gesprek; • Een meerstemmig perspectief brengen op WOII, oorlog en vrijheid; met eigen redactionele inbreng en een duidelijke verbinding met het heden en de belevingswereld van een jongere doelgroep. • Op 5 mei zichtbaar maken in het straatbeeld dat het Bevrijdingsdag is. KWANTITATIEF • Zeven hoofdlocaties verspreid over alle stadsdelen. In ieder stadsdeel ten minste drie grotere culturele/artistieke programma’s (al dan niet in samenwerking met diverse podia en cultuurhuizen); • Muziek- en dansprogrammering, meer dan dertigduizend bezoekers; • Overig cultureel programma, meer dan tienduizend bezoekers; • Honderddertig Vrijheidsmaaltijden, meer dan twintigduizend deelnemers.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
36
BESCHRIJVING ACTIVITEITEN 5 MEI 5.6 BEVRIJDINGSFESTIVAL AMSTERDAM Het Amsterdams Comité koerst ook met betrekking op de Bevrijdingsfestivals op spreiding. De spreiding over de stad stelt ons en de organisatoren in staat om een groot aantal partnerorganisaties te betrekken, voor verschillende doelgroepen te programmeren, en verschillende artiesten en makers een stem te geven op 5 mei. VOORBEELDEN VAN HOOFDLOCATIES • Het Vrije Westen – Westerpark • Bevrijdingsdans Festival – Museumplein • Bevrijdingsfestival Homomonument • Bevrijdingsfestival Anton de Komplein • Plein ’40 – ’45 • Ontsnapte Klanken - Haarlemmerplein / Roode Bioscoop • Pllek in Noord • Kinderbevrijdingsfestival Vondelpark SAMENVATTEND Organisatie: ligt bij verschillende stichtingen, komen periodiek bijeen in Festivalberaad, het Amsterdams comité ondersteunt organisatoren financieel, programmatisch en in communicatie. Doelgroep: alle Amsterdammers. Huidig bereik: 18.000 – 25.000 bezoekers. Gewenst bereik: 18.000 – 25.000. Aandachtspunten: versterking gezamenlijkheid, oppassen val van schaalvergroting en bijbehorende financiele risico’s. STADSBREDE PROGRAMMERING De afgelopen jaren is met of door een steeds groeiend aantal podia, filmhuizen, musea en debathuizen 5 mei programmering gemaakt. De komende jaren zetten we dat graag door met programmapartners uit alle stadsdelen. Zie bijlage B.
Juist de groei van lokale (bewoners) initiatieven die bijdragen aan de gelijkwaardige meerstemmigheid van activiteiten door de gehele stad, willen we steviger ondersteunen en versterken. Door meedenkkracht, verbinden van mensen en/of organisaties aan elkaar en de mogelijkheid tot een financiële stimuleringsbijdrage.
5.7 VRIJHEIDSMAALTIJDEN Sinds de corona-tijd zijn voor het eerst op honderden locaties buiten Amsterdam Vrijheidsmaaltijden georganiseerd, en heeft ook het Nationaal 4 en 5 mei Comité deze nieuwe traditie omarmd.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
37
“Plein ’40-’45 is het tweede herdenkingsplein van Amsterdam, dat weten veel mensen niet. En ik maak met Childpress nog een magazine waarin we vertellen over de betekenis van 4 en 5 mei.” Imane Valk (13), bij de organisatie Plein 40-45, 5 mei 2022
In Amsterdam blijft de traditie groeien, met jaarlijks inmiddels meer dan 130 Vrijheidsmaaltijden. Op pleinen, in parken, straten, op podia en in buurthuizen organiseren een mix van buurtbewoners, kunstenaars, culturele instellingen en ondernemers samenkomsten voor de buurt. De verscheidenheid aan lokaties en programmering is groot. Het Nationaal 4 en 5 mei Comité kiest jaarlijks een chefkok, die de Vrijheidssoep maakt. Ook verzorgen zij de distributie van de soep en aankleding van de Vrijheidsmaaltijden. Deze praktische ondersteuning vanuit het Nationaal Comité neemt veel werk uithanden, maar brengt ook onduidelijkheid voor organisatoren in Amsterdam mee. Het Amsterdams comité houdt nauw contact met hen en denkt inhoudelijk mee over de Vrijheidsmaaltijden. Met het Nationaal 4 en 5 mei Comité zullen de komende beleidsperiode verdere afspraken gemaakt worden om de traditie van de Vrijheidsmaaltijd te blijven verstevigen. SAMENVATTEND Organisatie: het Amsterdams comité coördineert de Vrijheidsmaaltijden en ondersteunt organisatoren zowel financieel als praktisch bij de organisatie. Doelgroep: alle Amsterdammers . Huidig bereik: 18.000. Gewenst bereik: 20.000, circa 140 maaltijden. Aandachtspunten: aantrekken van nieuwe organisatoren zoals sportclubs en ondernemers(verenigingen). Naast coördinerende ook redactionele steun indien gewenst.
Vrijheidsmaaltijd Westerkerk, 5 mei 2025
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
38
5.8 KUNSTPROGRAMMERING
Dit willen we doen door bijvoorbeeld samenwerking met erfgoedinstellingen en/of eigen (digitaal) archief te ontwikkelen in lijn met de Nationale Strategie Digitaal erfgoed, dat als doel heeft om erfgoed voor iedereen makkelijker toegankelijk te maken en alle “losse” collecties met elkaar te verbinden.
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
Voor het comité geldt kunst als een belangrijke vorm om de thema’s rondom herdenken en vieren te ervaren en onderzoeken. Jaarlijks ondersteunt het comité Amsterdamse kunstenaars rondom aan 5 mei gelieerde thema’s en/of vraagt hen op uitnodiging werk te maken. In het Nachtresidenten programma worden Amsterdamse kunstenaars bijv gevraagd om op een historische lokatie uit de Tweede Wereldoorlog te verblijven en op basis daarvan reflectief werk te maken. Daarin werkt het comité met diverse Amsterdamse musea en podia samen.
5.9 PODCAST PROGRAMMERING Het comité is begonnen met het ontwikkelen van eigen podcastseries om enerzijds het archief van de stad aan te vullen met oral history en zo digitaal erfgoed te behouden voor de toekomst, zoals de reeks Onderbelichte Geschiedenissen. Anderzijds is het een middel om thema’s te agenderen, zoals de serie De Toekomst van Herdenken, waarin Amsterdammers zoals Judith Zilversmid, David Wertheim, Benjamin Caton, Sinan Cankaya, Rachida Azough en Marian Duff hun visies uiteenzetten. Daarnaast co-produceert het comité podcasts, zoals Sarah’s Mysteries Op het Museumplein en De Geschiedenis van herdenken van Het Spoort terug (VPRO)).
5.10 ERFGOED LEVEND HOUDEN Alle persoonlijke en historische verhalen die in verschillende vormen op 4 en 5 mei worden gedeeld met het publiek, willen we toegankelijk en duurzaam maken. Deze verhalen die onze geschiedenis verrijken “verdwijnen” nu ieder jaar na 4 en 5 mei, en zijn daarmee niet meer zichtbaar voor het publiek. Het comité wil onderzoeken hoe we deze waardevolle collectie kunnen bewaren en toevoegen aan het erfgoed, al dan niet in de publieke ruimte, om zo het collectieve geheugen te verrijken en te borgen.
5.11 ONDERWIJS EN JEUGDPROGRAMMERING In 2021 heeft het Amsterdams 4 en 5 mei comité een quickscan laten doen naar het onderwijsaanbod met betrekking tot de Tweede Wereldoorlogsgeschiedenis in Amsterdam. Er lijkt kwantitatief meer dan genoeg onderwijsaanbod WOII voor scholieren in Amsterdam, er is grote variatie in methodiek, en we kunnen voorzichtig stellen dat een zeer groot deel van de Amsterdamse scholen bereikt wordt.
TEGEN DE ONVERSCHILLIGHEID
MEERJARENBELEIDSPLAN AMSTERDAMS 4 EN 5 MEI COMITÉ 2026-2029
Tocht en tijdens de meer dan 60 herdenkingen in de stad, de klassen of scholen die een monument in de buurt adopteren, jongerenvoorstellingen van Theater Na de Dam, het kinderfestival in het Vondelpark op 5 mei, activiteiten in buurthuizen, en enkele Vrijheidsmaaltijden gericht op kinderen. Vanuit het Open Joodse Huizen-Huizen van Verzet’s programma worden jaarlijks meerdere jeugdspecials vormgegeven. Een punt van aandacht hierbij is de schoolvakantie, waarbinnen 4 en 5 mei altijd vallen. De nadruk zal daarom op de kinderen liggen die deze periode in Amsterdam zijn en op het betrekken van scholen bij activiteiten die het comité ook gedurende het jaar wil gaan ontplooien. Het comité houdt zich graag bij haar leest en ziet geen taak in het verder ontwikkelen van onderwijsaanbod. Wel zet het comité zich in om vraag en aanbod op bepaalde plekken beter bij elkaar te brengen.
De ‘grote vier’ aanbieders van educatieve programma’s zijn Joods Cultureel Kwartier, Anne Frank Stichting, Verzetsmuseum en het Nationaal Comité 4 en 5 mei. Daarnaast zijn er in Amsterdam kleinere organisaties actief, vaak vanuit een eigen specialisme (o.a. De Rode Loper, lokale herdenkingscomités in de stad). Bijzonder is het werk van Stichting In mijn Buurt: zij organiseren ‘ontmoetingsonderwijs’, waarbij kinderen (leerlingen van basisonderwijs en middelbaar onderwijs) leren door ontmoeting met mensen uit hun buurt. De kracht van deze methodiek is de live uitwisseling tussen de twee doelgroepen, zo worden de leerlingen uit hun vertrouwde klaslokaal gehaald om in het huis van de oudere te praten over de Tweede Wereldoorlog, het Koloniale verleden of migratie. Deze variatie in methodiek - van het gebruik van het Denkboek in de klas (Nationaal Comité) tot het maken van voorstellingen na school (Theater na de Dam), tot het bijwonen van een rondleiding, tot het ontmoetingsonderwijs - zorgt voor zowel kwantitatief als kwalitatief aanbod. Vanwege het al bestaande educatie aanbod, richt het comité zich op zowel het integreren van dit aanbod in partner programmering op 4 en 5 mei als op het zelf organiseren van een aantal specifiek op baisschoolkinderen gerichte activiteiten. Dat varieert van kinderen die deelnemen aan de Stille Expositie Museumplein, 4 mei 2025