Meerjarenbegroting 2024-2027 en actualisatie 2023 GR GGD Amsterdam-Amstelland.pdf
Tekst van het document
Concept meerjarenbegroting 2024-2026 en actualisatie 2023 GR GGD Amsterdam-Amstelland
1
Inhoud 1. Veilig Thuis, Centrum Seksueel Geweld Amsterdam-Amstelland en het Steunpunt Seksueel Geweld Amsterdam-Amstelland ............................................................................................................ 3 1.1 Gemeenschappelijke Regeling GGD Amsterdam-Amstelland en dienstverleningsovereenkomst .......................................................................................................... 3 1.2 Dienstverleningsovereenkomst GGD Amsterdam-Amstelland................................................... 4 2.
Begroting 2024 en actualisatie 2023 GR Amsterdam-Amstelland ................................................ 8 2.1 Veilig Thuis .................................................................................................................................... 9 2.2
Aanpassingen begroting Veilig Thuis 2023 en meerjarenbegroting ................................... 12
2.3
Centrum Seksueel Geweld.................................................................................................... 15
2.4 Toelichting op de lasten van het CSG......................................................................................... 17 2.5
Het Steunpunt Seksueel Geweld .......................................................................................... 18
2.5.1
Toelichting op de lasten van het SSG ................................................................................... 18
2.6
Regioaanpak en kosten Secretaris ....................................................................................... 19
2.7
Toelichting op baten GR GGD Amsterdam-Amstelland ...................................................... 19
2.8 Algemene reserve ....................................................................................................................... 23 3.Verplichte paragrafen ........................................................................................................................ 24 4
Meerjarenbegroting ...................................................................................................................... 26
5. Meerjarenbalans................................................................................................................................ 29
2
1. Veilig Thuis, Centrum Seksueel Geweld AmsterdamAmstelland en het Steunpunt Seksueel Geweld AmsterdamAmstelland 1.1 Gemeenschappelijke Regeling GGD Amsterdam-Amstelland en dienstverleningsovereenkomst Per 1 januari 2017 is de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor Veilig Thuis Amsterdam-Amstelland en het Centrum Seksueel Geweld Amsterdam-Amstelland vastgelegd in een openbaar lichaam, gemeenschappelijke regeling, genaamd Gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD) AmsterdamAmstelland. Dit lichaam bestaat uit zes leden, te weten de gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam, Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn. Het rechtsgebied van het lichaam omvat het grondgebied van de leden. Na inwerkingtreding van de gemeenschappelijke regeling is het Openbaar lichaam GGD Amsterdam-Amstelland een dienstverleningsovereenkomst aangegaan met de GGD Amsterdam. In deze overeenkomst wordt de uitvoering van de taken aangaande het Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling (Veilig Thuis) alsmede het Centrum Seksueel Geweld opgedragen aan de GGD Amsterdam.
Wettelijke taken Veilig Thuis Amsterdam-Amstelland Art 4.1.1 van de Wet op de maatschappelijke opvang (Wmo) 2015 legt het college van Burgemeester & Wethouders de plicht op om een Advies en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (AMHK), met andere woorden een Veilig Thuis organisatie in te richten. Als dat voor een doeltreffende taakuitvoering nodig is werken de colleges van B&W van een aantal gemeenten hierin samen. Veilig Thuis heeft de volgende wettelijke taken (art. 4.1.1 lid 2 en lid 3 Wmo): • het geven van advies en zo nodig het bieden van ondersteuning aan ieder die in verband met een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling om dit advies vraagt; • het fungeren als meldpunt voor gevallen of vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling;
• • •
•
• •
het naar aanleiding van een melding onderzoeken of daadwerkelijk sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling; het beoordelen van de vraag of - en zo ja tot welke stappen de melding aanleiding geeft; het in kennis stellen van een instantie die passende professionele hulp kan verlenen, van de melding, indien het belang van de betrokkene of de ernst van de situatie daartoe aanleiding geeft; het in kennis stellen van de politie of de raad voor de kinderbescherming van een melding van (een vermoeden van) huiselijk geweld of kindermishandeling indien het belang van de betrokkene of de ernst van het feit daar aanleiding toe geeft; indien het AMHK een verzoek tot onderzoek doet bij de raad voor de kinderbescherming, het in kennis stellen van het college van B&W; het op de hoogte stellen van de melder van de stappen die naar aanleiding van zijn melding zijn ondernomen.
3
Een AMHK/Veilig Thuis dient minimaal deze in de wet genoemde taken uit te voeren. Daarnaast kan een college van B&W Veilig Thuis de opdracht geven om andere niet wettelijke taken in de sfeer van huiselijk geweld en kindermishandeling uit te voeren.
Niet-wettelijke taken Veilig Thuis Amsterdam-Amstelland Naast de wettelijke taken voert Veilig Thuis Amsterdam-Amstelland ook nog een aantal niet-wettelijke, of bijzondere, taken uit, te weten: • het fungeren als meldpunt en spoeddienst (24/7) bij crisissen waar jeugdigen bij betrokken zijn; • uitvoering geven aan het bemiddelen bij aanvragen voor crisisbedden voor jeugd; • het beoordelen en toekennen van noodbedden bij huiselijk geweld; • uitvoering geven aan taken ten behoeve van de beoordeling Tijdelijk Huisverbod (THV); • uitvoering geven aan algemene voorlichtings- en preventietaken over huiselijk geweld en kindermishandeling; • expertise inbrengen ten aanzien van ouderenmishandeling; • uitvoering geven aan cliëntparticipatie en cliënttevredenheidsmetingen ten aanzien van de eigen dienstverlening. • Uitvoering geven aan werkzaamheden te verrichten bij en deelname aan ZSM.
1.2 Dienstverleningsovereenkomst GGD Amsterdam-Amstelland Veilig Thuis Openbaar lichaam GGD Amsterdam-Amstelland draagt aan de GGD Amsterdam op de uitvoering van de volgende taken en werkzaamheden voor de vormgeving Veilig Thuis: a. Bij crisis, waar jeugdigen, volwassenen en ouderen bij betrokken zijn, fungeren als advies- en meldpunt (24/7); b. bij een crisismelding deze (zo nodig ter plaatse) beoordelen en onderzoeken welke passende vervolghulp nodig is; c. het bemiddelen bij aanvragen voor crisisbedden voor jeugd; d. het beoordelen en toekennen van noodbedden bij huiselijk geweld; e. uitvoering geven aan taken ten behoeve van de beoordeling van Tijdelijk Huisverboden; f. uitvoering geven aan algemene voorlichtings- en preventietaken over huiselijk geweld en kindermishandeling; g. periodiek afstemmingsoverleg voeren met ketenpartners, politie en justitiepartners ten behoeve van een efficiënte en effectieve aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling; h. het vormgeven van een eigen identiteit van het Veilig Thuis, als onafhankelijk en deskundig Veilig Thuis meldpunt en expertisecentrum op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling; i. het onmiddellijk informeren van de bij een casus betrokken gemeente(n) in het geval sprake is van een calamiteit, waarbij kinderen en of volwassenen slachtoffer of dader zijn en Veilig Thuis actief betrokken is of is geweest.
De GGD Amsterdam handelt daarbij overeenkomstig de calamiteitenprotocollen van de desbetreffende gemeente.
4
Centrum Seksueel Geweld Openbaar lichaam GGD Amsterdam-Amstelland draagt aan de GGD Amsterdam op de uitvoering van alle taken en werkzaamheden ten behoeve van inwoners en professionals die te maken krijgen met seksueel geweld, waaronder in ieder geval: a. b. c. d.
e.
het in stand houden en door ontwikkelen van een multidisciplinair centrum voor slachtoffers van seksueel geweld; het 24/7 inzetbaar zijn voor hulp aan slachtoffers van acuut seksueel geweld (waarbij onder 'acuut' wordt verstaan: de periode tot en met zeven dagen na het seksueel geweldsincident); het coördineren van integrale hulp op forensisch, juridisch, medisch en psychische gebied voor slachtoffers in de acute fase; het bieden van advies, informatie, psycho-educatie en verwijzing van slachtoffers die zich melden in de niet- acute fase (waarbij onder 'niet-acuut' wordt verstaan: na verloop van acht dagen of langer na het seksueel geweldsincident); het bieden van overbruggende zorg aan jongeren tot 24 jaar die zich in de niet-acute fase melden en nog niet terecht kunnen bij traumabehandeling.
Het Openbaar lichaam GGD Amsterdam-Amstelland draagt aan de GGD Amsterdam op de uitvoering van een aantal taken en werkzaamheden voor de vormgeving van het CSG: a. het zorgdragen voor laagdrempelige toegang van het CSG door de specifieke expertise op het gebied van seksueel geweld in stand te houden en verder door te ontwikkelen; b. het vormgeven van een eigen identiteit van het netwerk Centrum Seksueel Geweld, als onafhankelijk en deskundig expertisecentrum; c. het voeren van periodiek afstemmingsoverleg met de kernpartners en de zedenpolitie zodat zowel cliënten als interne en externe (samenwerkings)partners tevreden zijn en blijven over het functioneren en het aanbod van het CSG; d. het houden van aansluiting met het landelijk netwerk van de CSG's op het gebied van kwaliteitseisen van de geboden zorg; e. het houden van aansluiting met het landelijk netwerk van de CSG's voor wat betreft de rapportages ten behoeve van de ministeries J&V, VWS, de VNG en het openbaar jaarverslag dat wordt uitgebracht door het CSG; f. het in samenwerking met het Steunpunt Seksueel Geweld verzorgen van voorlichting over (de gevolgen van) seksueel geweld in het algemeen en het hulpaanbod van het CSG in het bijzonder.
5
Steunpunt Seksueel Geweld Het Steunpunt Seksueel Geweld (SSG) is een specialistisch expertisebureau dat deel uitmaakt van de afdeling Forensische Geneeskunde en Medische Advisering (FGMA) van de GGD Amsterdam. SSG ondersteunt professionals en instellingen die hulp en opvang bieden aan slachtoffers van seksueel geweld1. Vanuit deze onafhankelijke positie kan SSG bruggen bouwen tussen de verschillende organisaties en een coördinerende rol vervullen wanneer dit gewenst is. De taken van het Steunpunt Seksueel Geweld bestaan onder andere uit: ▪
Casemanagement Zedenzaken en Maatschappelijke Onrust
(Vermoedelijke) zedenzaken op scholen of bij instellingen kunnen voor veel onrust zorgen bij alle betrokkenen. SSG heeft hiertoe samen met het Bureau Zedenpolitie het Scenario Zedenzaken en Maatschappelijke Onrust Amsterdam-Amstelland ontwikkeld. Het scenario treedt in werking in opdracht van de sub-driehoek zeden. Als neutrale partij treedt (één van de beleidsadviseurs van) SSG op als casemanager. Doel van het scenario is crisismanagement en escalatiepreventie enerzijds en goede zorg voor alle betrokkenen anderzijds. ▪
Coördinatie Adviesteam Seksueel Misbruik (ASM)
Het Adviesteam Seksueel Misbruik (ASM) adviseert en ondersteunt professionals, zoals medewerkers van de Jeugdbescherming, Veilig Thuis, Jeugd GGZ, die seksueel misbruik vermoeden bij een kind of iemand met een verstandelijke beperking. SSG functioneert als coördinator en voorzitter van de casuïstiektafel. Aan tafel zit een multidisciplinair team van experts afkomstig van Veilig Thuis Amsterdam-Amstelland, Levvel, Jeugdbescherming Regio Amsterdam, Bureau Zedenpolitie, BRight GGZ, Arkin Jeugd en Gezin, de Waag, Philadelphia en de Raad voor de Kinderbescherming. ▪ Adviseren op casus of beleidsniveau Zowel individuele hulpverleners als instellingen of organisaties kunnen gebruik maken van de expertise van het team op het brede onderwerp seksueel geweld. Ook is SSG binnen de regio een onmisbare sparringpartner voor allerlei samenwerkingsverbanden binnen dit thema ▪
Deskundigheidsbevordering
SSG zorgt op verschillende manieren voor deskundigheidsbevordering van professionals die met seksueel geweld te maken (kunnen) krijgen. Zo organiseert SSG trainingen, voorlichtingen en symposia en worden regelmatig themabijeenkomsten georganiseerd met sprekers. Daarnaast worden op basis van behoefte inventarisatie incidentele uitgaven gemaakt zoals “Wat te doen als school in het voortgezet onderwijs bij seksueel misbruik” of “Ik zorg voor anderen maar zorg ik ook voor mijzelf?”. Deze inventarisatie vindt zowel passief als proactief plaats, in doorlopend contact met professionals uit de hele keten.
6
▪
Informatiedeling en kennisuitwisseling
SSG houdt actuele ontwikkelingen op regionaal, nationaal en internationaal gebied bij. Dit vormt uitvoerend beleid en helpt anticiperen op nieuwe trends en ontwikkelingen. SSG staat centraal in de informatievoorziening aan professionals door de sociale kaart seksueel geweld te onderhouden en door het jaarlijks uitbrengen van het overzicht van het groepsaanbod in de regio. Minimaal 2 keer per jaar wordt een nieuwsbrief uitgegeven met onder andere informatie over onderzoek, wetenswaardigheden en een interview over een ontwikkeling. SSG heeft de ambitie een kennisbank op te met (wetenschappelijke) literatuur maar ook overzicht over alles wat in de regio gebeurt op het gebied van seksueel geweld. ▪
Signalering
Als onderdeel van de GGD opereert het SSG zowel op wijk-, stadsdeel-, stedelijk- als regionaal niveau. Middels de verschillende diensten en overleggen vindt er continue feedback plaats tussen SSG en ketenpartners waardoor knelpunten in beleid en uitvoering zich vaak vrijwel direct openbaren. Door jarenlange expertise en het warme netwerk worden deze veelal in gezamenlijkheid met de keten opgepakt. Ook is de netwerkcoördinator van het Centrum Seksueel Geweld Amsterdam-Amstelland (CSG) bij het team SSG aangesloten. Het CSG biedt 24/7 professionele hulp aan iedereen die een ongewenste seksuele ervaring heeft meegemaakt. Er is sprake van een nauwe samenwerking tussen de netwerkcoördinator CSG en het team SSG hetgeen voordelen biedt voor beide onderdelen: nieuwe trends en een veranderende slachtofferbehoefte worden kundig en integraal benaderd. Het CSG valt (al) onder de Gemeenschappelijke Regeling GGD Amsterdam.
7
2. Begroting 2024 en actualisatie 2023 GR AmsterdamAmstelland Begroting GR Amstedam Amstelland
Realisatie
Begroting
Actualisatie
2022
2023
2023
2024
8.944.975 € 1.963.737 € €
10.122.034 € 2.361.316 € 1.090.115 €
10.410.675 € 2.500.408 € 1.157.017 €
10.663.042 2.475.908 1.214.868
Omschrijving
Begroting
Direct personeel Indirect personeel Bovenwettelijke taken
€ €
Totaal Loonkosten
€ 10.908.712 € 13.573.465 € 14.068.101 € 14.353.818
Totaal indirecte personeelskosten
€
517.064 €
503.840 €
529.284 €
548.639
Voorlichting en preventie ICT Uitbestede werkzaamheden Voertuigen Overige kosten
€ € € € €
51.294 198.636 439.397 54.179 65.270
95.000 266.640 165.000 53.000 15.250
101.802 285.731 176.814 56.795 15.859
€ € € € €
106.892 300.018 185.655 59.635 16.314
Totaal Materiele kosten
€
808.775 €
594.890 €
637.001 €
668.513
Totaal Overhead en Interne Doorbelastingen €
3.078.418 €
3.320.601 €
3.822.520 €
3.972.181
€ € € € €
€ € € € €
Totaal kosten CSG
€
856.766 €
682.328 €
1.120.947 €
1.176.994
Totaal kosten SSG
€
-
-
-
€
435.750
Totaal kosten Regioaanpak en Secretaris
€
389.808 €
402.131 €
422.238
Totale kosten
€ 16.559.543
€
376.811 €
€ 19.051.934
€
21.578.133
€ 16.559.543 € 19.528.232 € 20.579.984 €
21.578.133
Indexatie
Totale kosten(incluisef indexatie 2,5%)
€
€
20.579.984
476.298
DUVO Middelen Regio activiteiten
22.326.999 -7.192.278
22.382.684 -7.372.085
Totaal DUVO excl. Regio activiteiten
€
Bijdrage Regiogemeenten(obv aantal inwoners op 1-1-2022) Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn
€ € € € € €
89.516 254.188 2.499.876 87.530 39.411 84.628
Totaal bijdrage Regiogemeenten
€
3.055.149 €
CSG Extra € Interne verrekening met CSG ivm inzet front-office € Baten Blijvend Veilig € Incidentele baten € Incidentele bijdrage migratie Weesp €
100.000 € 139.269 € 69.931 € 39.210 € 45.000 €
22.499.491 -7.707.245
15.134.721 € 15.010.599 €
€ € € € € €
Totaal ontvangsten
€ 18.583.281
SALDO van baten en lasten (excl. mutaties reserves en voorzieningen)
€
2.023.738 €
Baten uit voorz. frictiekn.van OJZ ivm overname personeel JBRA en Blijfgroep
€
41.044 €
SALDO van baten en lasten (Incl. mutaties reserves en voorzieningen)
€
Stand Algemene reserve op 1-1 Saldo Algemene Reserve per 31-12
108.746 308.793 3.036.901 106.333 47.878 102.807
14.792.246 € 14.209.484
€ € € € € €
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089
3.711.459 €
4.666.113 €
5.532.568
- € - € 216.762 € - € - €
- € - € 108.381 € - € - €
108.381 -
€ 18.938.820
€ € € € € €
22.499.491 -8.290.007
€
136.814 388.768 3.816.661 133.910 60.128 129.831
€
19.850.433
-1.013.244 €
-1.727.700
€
41.044 €
41.044
2.064.782 €
-548.368 €
-972.200 €
-1.686.656
€
7.303.182 €
7.145.656 €
9.367.964 €
8.395.764
€
9.367.964 €
6.597.288 €
8.395.764 €
6.709.108
-589.412 €
41.044
19.566.740
In bovenstaande tabel worden de realisatie over het boekjaar 2022, de oorspronkelijke begroting 2023, de actualisatie 2023 en de begroting 2024 weergegeven. In hoofdstuk 4 wordt de volledige begroting weergegeven. Alle onderdelen van de begroting zijn in de paragrafen 2.1 t/m 2.8 toegelicht.
8
2.1 Veilig Thuis Waar gaan we voor: duurzame veiligheid en een aantrekkelijke werkpraktijk Als Veilig Thuis Amsterdam Amstelland ligt onze focus op alle gezinnen en huishoudens in de regio waar sprake is van een onveilige thuissituatie. Onze focus is en blijft om te zorgen dat we een bijdrage leveren aan de duurzame veiligheid met deze gezinnen en huishoudens waar sprake is van huiselijk geweld en kindermishandeling. Voor 2023 en verder voegen we daar nadrukkelijk nog een tweede focuspunt aan toe: een aantrekkelijke werkpraktijk voor professionals. Op dit moment ervaren we dat zowel de veiligheid als de werkpraktijk onder druk staat. Dat heeft te maken met het feit dat gezinnen en huishoudens te lang moeten wachten op passende hulp. Daardoor blijven deze gezinnen en huishoudens langer bij ons om het zicht op veiligheid niet te verliezen. Dit heeft helaas tot gevolg dat aan de voorkant van ons werkproces cliënten langer moeten wachten. We ondervinden veel last van de vele slagbomen in het stelsel. Dat maakt het werk voor professionals moeilijker. Professionals hebben meer moeite om afspraken te maken en voortgang te realiseren. Dat drukt op het werkgeluk van onze professionals en draagt bij aan ons hoge ziekteverzuim.
Stand van zaken binnen Veilig Thuis Net als alle andere partners in het stelsel gelden bovenstaande omstandigheden ook voor Veilig Thuis. Feitelijk zien we dat we zo’n 30 Fte effectieve capaciteit missen op een begroting van ruim 150 Fte. Dit zijn deels openstaande vacatures, maar ook ziekteverzuim, bijzondere verloven etc. Het ziekteverzuim ligt boven de 10% met een gemiddelde ziekteduur van 36,8 dagen. Er is mede daardoor sprake van fluctuaties in de bezetting van de teams. In 2022 was er sprake van meer dan € 2 miljoen overschot op de begroting (van in totaal ongeveer 17 miljoen). Het is niet aannemelijk dat deze omstandigheden op zeer korte termijn gaan veranderen.
We doen betekenisvol werk voor de gezinnen in de regio Ondanks de barre omstandigheden is er een groot gevoel van saamhorigheid en de wil om er met elkaar de schouders onder te zetten. We verzetten enorm belangrijk werk voor een 15-jarig meisje dat is wegelopen van huis na een zeer ernstige mishandeling, regelen met een netwerkpartner onderdak voor haar, kijken samen met strafpartners wat er nodig is voor de pleger en gaan in gesprek over wat er nodig is voor structurele veiligheid. Mogen werken bij Veilig Thuis is een prachtige baan die ertoe doet! De deskundigheid en betrokkenheid in de organisatie is groot. Mooi ook om te zien dat een derde van alle medewerkers nooit verzuimt. Daarbij zijn wij in 2022 in staat geweest om 18 nieuwe mensen aan te trekken. We werken daarin samen met de betrokken opdrachtgevers die bereid zijn om te helpen.
9
Als Veilig Thuis zijn we op heel wat vlakken in beweging We zijn als Veilig Thuis intern, in de regio, met het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) en met onze partners in ons netwerk op heel wat punten hard aan het werk om stappen te zetten. Deze zijn op hoofdlijnen te onderscheiden in twee punten: 1. Onze strategie voor de langere termijn ligt in lijn met het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming: de bouw van de regionale veiligheidsteams en het organiseren van de benodigde expertise. 2. Op korte/middellange termijn moeten we Veilig Thuis als organisatie verder verstevigen en ontwikkelen.
Onze strategie in lijn met het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming In 2023 zetten we de verandering in om van de proeftuin Blijvend Veilig naar Regionale Veiligheidsteams (werktitel) in Amsterdam-Amstelland te gaan, conform het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. De vraag die hierbij centraal staat is: hoe kunnen wij als maatschappelijke organisaties en overheid bijdragen aan het oplossen van het volgende probleem: ‘We zijn als samenleving onvoldoende in staat om duurzame veiligheid te creëren met gezinnen en huishoudens waar sprake is van huiselijk geweld en kindermishandeling’? De formatie van de regionale veiligheidsteams komt primair tot stand vanuit de Gecertificeerde Instellingen (GI), de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) en Veilig Thuis. Lokale teams (OKT, Buurtteams, Sociale Teams) en de regionale veiligheidsteams hebben een parallelle ontwikkeling in gebied, richting en tempo in de periode vanaf 1 januari 2023 tot 1 januari 2026. Daarbij is ook aandacht voor de tussenfase voor de gebieden waar we nog niet in een regionaal veiligheidsteam zijn georganiseerd. We gaan zo integraal mogelijk werken, waarbij we op zoek gaan naar creatieve oplossingen voor wettelijke beperkingen, waarbij we grenzen opzoeken en aangeven. We zitten hierbij nog in een conceptfase.
Er gaat een commissie Rechtsstatelijkheid aan het werk, waarvan de uitkomsten mogelijk consequenties hebben voor de verdere besluitvorming rond de regionale veiligheidsteams. Hoe de taakverdeling eruit zal zien en de mate van integraliteit in een regionaal veiligheidsteam er precies uit komt te zien, zal komende jaren meer vorm krijgen. Er is een transformatiedirecteur aangesteld om deze beweging te (bege)leiden.
Veilig Thuis als organisatie verder verstevigen en ontwikkelen Naast alle externe ontwikkelingen is het belangrijk dat we als Veilig Thuis ook de eigen organisatie versterken en ontwikkelen. Een aantal van de punten waar we in ieder geval op inzetten, zijn: • • • • •
•
Implementatie van een spoedteam om voor onze cliënten te zorgen voor een zo snel mogelijke, outreachende crisisinterventie waarin multidisciplinair wordt samengewerkt en waar een snelle en adequate overdracht plaatsvindt naar de partners in het netwerk. We zetten in op de versterking van het Stagnatie Netwerk Beraad om binnen het huidige stelsel te doen wat we kunnen samen met onze netwerkpartners. We zetten de werving voor medewerkers Veilig Thuis blijvend open en willen in gaan zetten op een goede wervingsstrategie. We organiseren nabijheid van het management, versterken het integraal management en geven de samenwerking met andere functies in de organisatie steviger vorm. We zorgen ervoor dat we de ondersteuning van management en professionals verder gaan verbeteren, zodat de focus op de gezinnen en betrokkenen blijft. In lijn met de begroting zetten we in op versterking van een aantal functies en werkzaamheden.
10
Geen aanleiding om nu de begroting voor 2023 te veranderen Voor 2023 zien we geen aanleiding om de begroting voor Veilig Thuis aan te passen. Het grootste deel van de begroting is gericht op de verbinding van onze aantallen op direct personeel. Deze aantallen van onze meldingen, adviezen en andere dienstverlening komt overeen met hoe we de begroting hebben opgebouwd. We voorzien hier geen sterke stijging of daling in de komende tijd. We zitten in een ontwikkeling waarin we (steeds meer) zicht op de trends in cijfers krijgen, hier wordt ook landelijk veel op ingezet. We gaan ervan uit dat we deze analyse in kunnen zetten voor een aanscherping van de begroting 2024 en verder. De ontwikkelingen waar we in zitten zullen de komende jaren verder vorm krijgen, waardoor we de organisatieontwikkeling beter kunnen richten en van daaruit inzicht krijgen in wat het vraagt aan aanpassingen in de financiering. We verwachten dat de arbeidsmarkt voor Veilig Thuis niet op korte termijn zal veranderen (dit is ook landelijk onderzocht) en dat we daarmee voor 2023 wederom geld over zullen houden op de begroting.
Begroting versus realisatie 2022
Beheersplan zoveel mogelijk richting afronding Het beheersplan dat in 2020 in gang is gezet, is in de afrondende fase. We zijn hard aan het werk om de laatste stappen te zetten om zo beter in control te zijn v.w.b. de begroting en realisatie door het inzicht te vergroten in een aantal diensten (q) en financiën (p). De volgende stap is om deze inzichten te verbinden aan inzichten uit het personeelsbestand. Dit geldt ook voor de inrichting van Power BI. Op basis van de cijfers en de vergelijking met landelijke normtijden blijkt dat Veilig Thuis AmsterdamAmstelland efficiënt werkt. Waar mogelijk benutten we elke kans om het slimmer in te richten of te organiseren. Recentelijk is de receptie-functie actief geworden en maken we gebruik van de luwte momenten in de spoeddienst. Vanwege schaarste wegen we voortdurend af hoe we het meeste rendement generen. Daarnaast kijken we naar onze inzet op onze wettelijke- en bovenwettelijke taken.
11
2.2 Aanpassingen begroting Veilig Thuis 2023 en meerjarenbegroting Zoals aangegeven wordt de eerder vastgestelde begrotingssystematiek opnieuw gehanteerd. Echter worden een aantal zaken gecorrigeerd/geïndexeerd waardoor de kosten in de begroting van Veilig Thuis en dus ook in de gehele GR begroting stijgen. Indexatie loonkosten De geactualiseerde loonkosten 2023 zijn gebaseerd op het verwachte de prijspeil 2023. Deze kosten zijn in de begroting (vanaf 2023) aangepast conform de loontabellen van 2023. Daarbij wordt rekening gehouden met de CAO stijging in 2023. Door deze aanpassing stijgen de loonkosten met €494.636 tov de eerder vastgestelde begroting 2023. Voor 2024 worden de lonen met 5% geïndexeerd.
Begroting Veilig Thuis
Realisatie
Begroting
Actualisatie
Begroting
2022
2024
Omschrijving
2023
2023
Direct personeel Indirect personeel Bovenwettelijke taken
€ €
8.944.975 € 1.963.737 € €
10.122.034 € 2.361.316 € 1.090.115 €
10.410.675 € 2.500.408 € 1.157.017 €
10.663.042 2.475.908 1.214.868
Totaal Loonkosten
€ 10.908.712 €
13.573.465 €
14.068.101 €
14.353.818
Opleiding, cursussen (individueel) Accreditaties en registraties (SKJ) Onregelmatigheidstoeslag Werkkostenregeling Variabele vergoedingen Overige Personeelskosten
€ € € € € €
63.050 7.882 249.699 70.665 90.153 35.614
112.350 8.000 260.000 67.000 56.490
116.200 8.573 278.616 67.000 58.895
Totaal indirecte personeelskosten
€
517.064 €
€ € € € €
€ € € € €
503.840 €
€ € € € €
118.251 9.001 292.547 67.000 61.840
529.284 €
548.639
12
In de meerjarenbegroting stijgen de kosten ook door de indexatie als volg:
Begroting Veilig Thuis Omschrijving
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
Direct personeel Indirect personeel Bovenwettelijke taken
€ € €
10.373.704 € 2.375.808 € 1.214.868 €
10.387.649 € 2.375.808 € 1.214.868 €
10.387.649 2.375.808 1.214.868
Totaal Loonkosten
€
13.964.381 €
13.978.325 €
13.978.325
Opleiding, cursussen (individueel) Accreditaties en registraties (SKJ) Onregelmatigheidstoeslag Werkkostenregeling Variabele vergoedingen Overige Personeelskosten
€ € € € €
114.746 9.001 292.547 67.000 61.840
114.871 9.001 292.547 67.000 61.840
Totaal indirecte personeelskosten
€
545.134 €
€ € € € €
€ € € € €
114.871 9.001 292.547 67.000 61.840
545.260 €
545.260
Indexatie Materiële lasten De materiële lasten worden in de begroting 2023 geïndexeerd met een percentage van 7,16% en in 2024 met een percentage van 5%. De jaren daarna worden verder niet geïndexeerd en blijven gelijkt aan 2024.
Begroting Veilig Thuis Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
Actualisatie 2023
Voorlichting en preventie ICT Uitbestede werkzaamheden Voertuigen Overige kosten
€ € € € €
51.294 198.636 439.397 54.179 65.270
€ € € € €
€ € € € €
Totaal Materiele kosten
€
808.775 €
95.000 266.640 165.000 53.000 15.250
594.890 €
101.802 285.731 176.814 56.795 15.859
Begroting 2024 € € € € €
106.892 300.018 185.655 59.635 16.314
637.001 €
668.513
Overhead en interne doorbelastingen De overheadkosten per fte(werkzaam bij VT en het CSG) stijgen met circa 15% in 2023. Dit is een stijging van € 432k t.o.v. de eerder vastgestelde begroting. Deze stijging bestaat uit: ▪ ▪
7,16% indexatie van de loonkosten van de centrale PIOFACH functies. 7,98% stijging voor de verbetering van de bedrijfsvoering.
Voor 2024 zijn deze kosten met 5% geïndexeerd. Begroting Veilig Thuis Realisatie Omschrijving 2022 Interne verrekening RVE/BC Zorg Specifiek Ondersteuning (ZSO) Inzet Onderzoeker Interne doorbelasting Doorbelaste KVS binnen RVE/BC (overhead van de GGD)
€ € €
Begroting 2023
302.925 € 44.735 € 32.942
Actualisatie 2023
415.000 € 59.000 € €
Begroting 2024
444.714 € 63.224 € 35.300 €
466.950 66.386 37.065
€
2.697.816 €
2.846.601 €
3.279.282 €
3.401.780
Totaal Overhead en Interne Doorbelastingen €
3.078.418 €
3.320.601 €
3.822.520 €
3.972.181
13
Wat betekenen de omstandigheden voor de begroting 2024 en verder •
•
•
Voor 2024 en verder brengen we de meerjarenbegroting in lijn met de instroom en werkzaamheden van 2022 (realisatie) à er is geen directe aanleiding om te denken dat dit aantal heel erg toe of af zal nemen. We blijven in gesprek met onze regiogemeenten, omdat we weten dat de omstandigheden waarin we het werk doen, en dan vooral de krapte op de arbeidsmarkt, niet heel snel zal veranderen. We gaan een ontwikkeling in naar de regionale veiligheidsteams waar een deel van de taken en het personeel van Veilig Thuis in terecht zal komen. Van daaruit zullen we de begroting bijstellen wanneer de ontwikkelingen vanuit het Toekomstscenario daar aanleiding toe geven.
14
2.3 Centrum Seksueel Geweld Door een groeiend aantal hulpvragen en de ontoereikende begroting, is in april 2021 een regionaal kostenefficiëntie onderzoek gestart. Het onderzoek is afgerond en heeft scenario’s opgeleverd voor een organisatorisch en financieel meer toekomstbestendige inrichting van het CSG AA. Op 24 november 2022 heeft het AB/DB van Amsterdam op basis van dit onderzoek opdracht gegeven tot het: 1. verkennen van de samenwerking met andere CSG regio’s, of op landelijk niveau als het gaat om de nachtelijke beschikbaarheid; 2. verkennen van de mogelijkheid tot het instellen van een passende oproepvergoeding in de nachten. Verkennen samenwerking met andere CSG regio’s Voor het verkennen van de samenwerking met andere CSG regio’s is gesproken met CSG Noord-Holland, CSG Flevoland, Gooi- en Vechtstreek en de landelijke CSG. Ook zijn er een verkennende gesprekken met de zedenpolitie en andere afdelingen van de GGD gevoerd waaronder Veilig Thuis (VT) en Maatschappelijke en Geestelijke Gezondheidszorg (MGGZ). Hieronder gaan we per organisatie in op de bevindingen. Concluderend kunnen we stellen dat samenwerking met andere CSG’en of landelijke samenwerking wat betreft de nachtelijke beschikbaarheid door de andere partijen niet als wenselijk wordt ervaren en daarnaast ook logistieke en organisatorische knelpunten kent.
Samenwerking met andere afdelingen binnen de GGD is op dit moment ook niet mogelijk en wenselijk vanwege het ontbreken van specifieke expertise. Verkennen van de mogelijkheid voor aanpassing van de nachtelijke vergoeding van de forensisch verpleegkundigen Ook deze aanbeveling is uitgebreid verkend. Q consult is ingehuurd om de vraag: Wat is de beste manier voor het CSG om de bereikbaarheid- en beschikbaarheidsfunctie in de nacht in te vullen? Kan hier een financiële besparing mee gepaard gaan? te beantwoorden. Organisatorisch, inhoudelijk, financieel, menselijk en capaciteits-technisch zijn er voor- en nadelen te benoemen voor verschillende scenario’s voor de indeling van de bereikbaarheidsfunctie ’s nachts. Primair dient gezegd te worden dat een lagere vergoeding conform de toelage beschikbaarheidsdienst (3.13 PGA) direct leidt tot knelpunten in de personele inzet. Daarnaast stellen de gekwalificeerde casemanagers zich niet beschikbaar bij de lage CAO toelage. Dit is de huidige situatie binnen de gehele GGD, en een algemeen probleem met betrekking tot de secundaire arbeidsvoorwaarden voor zorgpersoneel. Er zou dan een nieuwe poule van casemanagers moeten worden gevormd. Hier zijn meerkosten aan verbonden. De netto besparing valt lager uit. Hier staat het inleveren op de kwaliteit van dienstverlening tegenover.
De toegenomen hulpvraag bij het CSG verkleint de winst van deze aanbeveling. Waar we in 2021 in ongeveer 20% van de nachten inzet hadden van een casemanager, zien we in de eerste helft van 2022 al in 35% van de nachten inzet. Concluderend kunnen we stellen dat de aanpassing van de nachtelijke vergoeding van de forensisch verpleegkundigen niet tot een grote besparing leidt en tegelijk zorgt voor personele knelpunten en verlies van de kwaliteit van dienstverlening.
15
Opdracht Q consult opstellen begrotingsmodel CSG CSG heeft Q-consult ingehuurd voor het beantwoorden van de volgende vraag: Hoe komt het CSG tot een bestendig, inhoudelijk en financieel goed onderbouwde begroting voor nu en de komende jaren? Q Consult heeft hiervoor dezelfde methodiek gebruikt, die is toegepast binnen de Veilig Thuis sector (landelijk en regionaal) ten behoeve van begrotingsvraagstukken. De methodiek is een p*q benadering van het werk wat het CSG AA doet. P = Prijs (Salariskosten) Q=Aantallen activiteiten per type dienst De aantallen (Q) zijn de type diensten die het CSG AA doet, en de bijbehorende aantallen diensten De prijs (P) is de resultante van de urennorm per activiteit, productiviteit, indirecte kosten en salariskosten. Door het begrotingsmodel is gedetailleerd aan begrotingsknoppen draaien mogelijk, aangezien het model in staat is om de aantallen of urennormen aan te passen. Input voor de berekening is gehaald uit een aantal sessies met de betrokken partijen. Uit de berekening blijkt dat om de dienstverlening te kunnen blijven leveren is naast een een formatieuitbreiding een ophoging van de trajecten die uitgevoerd worden door netwerkpartners Qpido en Bright GGZ nodig. Ook blijkt uit het rapport van Q consult dat de inzet van de netwerkcoördinator al per 2023 naar 1 fte zal moeten stijgen.
Het aantal fte dat nodig is om de acute slachtoffers (casemanagers), en de niet-acute slachtoffers (adviesgroep) bij te staan stijgt geleidelijk mee met het verwachtte aantal hulpvragen. Ook de inzet van de communicatiemedewerkers verdubbelt per 2023, maar blijft in de jaren daarna gelijk. De urennorm voor casemanagement CSG wijkt af van het landelijk gemiddelde. Dit is te verklaren door de grotere complexiteit waarmee de casemanagers te maken hebben die werken in de G4, waarbij migratie, huisvesting en psychiatrie vaak complicerende factoren zijn.
16
2.4 Toelichting op de lasten van het CSG De actualisatie van de begroting CSG is gedaan o.b.v. het model van Q-Consult. Daarbij zijn 3 scenario’s uitgewerkt. Voor de actualisatie van 2023 is scenario 2 het uitgangspunt. Dit scenario gaat uit van een gemiddelde groei zonder uitschieters. In dit scenario bedraagt de gemiddelde groei acute hulpvragen 17% en de niet acute 31%.
Op basis van dit scenario stijgt de begroting naar een totaal van € 1,1miljoen in 2023 (€ 0,4miljoen meer tov de eerder vastgestelde begroting) en € 1,2 miljoen in 2024(inclusief een indexatie van 5% tov van de geactualiseerde begroting 2023). In de jaren daarna blijven de kosten gelijk aan 2024.
Begroting CSG Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
Actualisatie 2023
Begroting 2024
€ € € € € €
€ € € € € €
€ € € € € €
235.198 589.157 181.257 166.132 5.250 -
1.120.947 €
1.176.994
Lasten CSG kosten front-office kosten zorgcoördinatie Personeel CSG Materiële kosten Onvoorzien Overheadlasten
€ € € € € €
139.266 467.458 122.569 127.472 -
Totaal kosten CSG
€
856.766 €
53.756 446.323 72.009 98.390 11.850
682.328 €
223.998 561.102 172.625 158.221 5.000 -
Post onvoorzien In het ambtelijke vooroverleg is besproken dat casemanagers op dit moment niet kunnen voorzien in onverwachte kosten voor slachtoffers, zoals kosten voor medicatie die slachtoffers niet kunnen betalen. Dit heeft geleid tot een extra kostenpost van 5000 euro op jaarbasis.
17
2.5 Het Steunpunt Seksueel Geweld In het bestuurlijk overleg van 27 januari 2021 zijn de nieuwe financiële samenwerkingsafspraken vastgesteld, die ingaan per 2022. Conform de uitgangspunten van de nieuwe werkafspraken worden in de begrotingen voor de Gemeenschappelijke regeling Amsterdam- Amstelland (Veilig Thuis, Centrum Seksueel Geweld, Regioaanpak) en de begroting Huiselijk Geweld en Kindermishandeling alle kosten meegenomen die horen bij de uitvoering. Van een aantal activiteiten (de zogenoemde ‘B-categorie’) moest nog bepaald worden of deze als regiobrede activiteiten worden opgenomen op de meerjarenbegroting HGKM. Deze activiteiten, waaronder het Steunpunt Seksueel Geweld (SSG), zijn in 2021 en 2022 bekostigd uit de algemene middelen van Amsterdam. De DUO- (Diemen, Uithoorn en Ouder Amstel) en AA- (Aalsmeer, Amstelveen) gemeenten (verder Amstellandgemeenten) gaven aan dat zij een meerwaarde zien in het aanbod van het Steunpunt (dat zich richt op professionals, niet op slachtoffers), maar dat de professionals in hun gemeenten nog weinig gebruik maken hiervan, omdat zij niet goed op de hoogte zijn van het bestaan. Amsterdam heeft daarom voorgesteld om in 2022 te investeren in het vergroten van de naamsbekendheid en kennis van het aanbod van het Steunpunt Seksueel Geweld in de regiogemeenten.
Inmiddels hebben alle Amstelland gemeenten deelgenomen aan een bijeenkomst over het Steunpunt en is gesproken over de gezamenlijke bekostiging hiervan. De Amstellandgemeenten hebben de intentie uitgesproken om het aanbod af te nemen.
2.5.1 Toelichting op de lasten van het SSG De activiteiten van het SSG worden vanaf 2024 opgenomen op de meerjarenbegroting van de GR Amsterdam-Amstelland. De kosten zijn vanaf 2024 opgenomen met een indexatie van 5% en blijven in de jaren daarna gelijk. De GR begroting stijgt daarmee met € 435.750 vanaf 2024.
Begroting SSG
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Omschrijving
2024
2025
2026
2027
Lasten SSG Personeel SSG Materiele lasten Overhead
€ € €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 65.100 60.375
Totaal kosten SSG
€
435.750 €
435.750 €
435.750 €
435.750
18
2.6 Regioaanpak en kosten Secretaris De kosten voor de regioaanpak en de GR secretaris worden in 2023 en 2024 geïndexeerd en blijven de jaren daarna gelijk aan 2024.
Begroting Regioaanpak Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
Actualisatie 2023
Begroting 2024
Kosten Regioaanpak en Secretaris Kosten ontwikkelen Regioaanpak Kosten Secretaris
€ €
312.998 € 76.811 €
300.000 € 76.811 €
321.480 € 80.651 €
337.554 84.684
Totaal kosten Regioaanpak en Secretaris
€
389.808 €
376.811 €
402.131 €
422.238
2.7 Toelichting op baten GR GGD Amsterdam-Amstelland Begroting GR Amsterdam-Amstelland Omschrijving
Realisatie 2022
DUVO Middelen Regio activiteiten
Begroting 2023
22.326.999 -7.192.278
Actualisatie 2023
22.382.684 -7.372.085
Totaal DUVO excl. Regio activiteiten
€
Bijdrage Regiogemeenten(obv aantal inwoners op 1-1-2022) Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn
€ € € € € €
89.516 254.188 2.499.876 87.530 39.411 84.628
Totaal bijdrage Regiogemeenten
€
3.055.149 €
22.499.491 -7.707.245
15.134.721 € 15.010.599 €
€ € € € € €
108.746 308.793 3.036.901 106.333 47.878 102.807
Begroting 2024
€ € € € € €
3.711.459 €
22.499.491 -8.290.007
14.792.246 € 14.209.484
136.814 388.768 3.816.661 133.910 60.128 129.831
€ € € € € €
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089
4.666.113 €
5.532.568
CSG Extra € 100.000 € - € - € Interne verrekening met CSG ivm inzet front-office € 139.269 € - € - € Baten Blijvend Veilig € 69.931 € 216.762 € 108.381 € 108.381 Incidentele baten € 39.210 € - € - € Incidentele bijdrage migratie Weesp € 45.000 € - € - € € 18.583.281 € 18.938.820 € 19.566.740 € 19.850.433 Totaal ontvangsten
19
DU VO middelen De laatste stand van 2023 van de DUVO was 24,6 miljoen inclusief de POK middelen. De POK middelen zijn meerjarig incidenteel over de periode 2023-2025. Ten tijde van het het AB-DB in 2021 is besloten om de POK-middelen in te zetten voor de ontwikkeling van blijvend veilig. De POK middelen in 2023 bedragen 2,1 miljoen. Deze zijn op de DUVO middelen in mindering gebracht.
Septembercirculaire 2022 jaar 2023 Toekomstscenario's Kind- en gezinsbescherming Actualisatie eenheden
€ € €
24.634.901 -2.135.410 52.127
Totaal
€
22.551.618
De DU VO uitkering wordt niet geïndexeerd. De indexatie van de totale kosten wordt ten laste van de regiogemeenten gebracht. In onderstaande tabel staat de meerjarenbegroting voor de regiobrede activiteiten HGKM opgenomen. Na 2024 blijven de uitgaven gelijk. De begrote uitgaven worden hieronder per onderwerp toegelicht. Begroting 2023 1. Opvang van slachtoffers Huiselijk Geweld regio Amsterdam-Amstelland 2. Uitbreiding van capaciteit voor vrouwenopvang 3. Extra uitbreiding 4 plekken 4. Opvang van slachtoffers bij Huiselijk Geweld regio Gooi en Vechtstreek 3. Extra uitbreiding 4 plekken 4. Bijdrage gemeente Amsterdam Regio Gooi en Vechtstreek
Ten laste van DUVO
6.568.563 803.522
Actualisatie 2023
Begroting 2024
6.867.192 840.053 188.000
213.874
213.874
7.585.959
8.109.119 188.000
Begroting 2025
7.210.552 882.056 197.400
7.210.552 882.056 197.400
8.290.007
8.290.007
213.874
213.874
213.874
401.874
-
-
7.372.085
7.707.245
8.290.007
8.290.007
1. Opvang van slachtoffers bij Huiselijk Geweld regio Amsterdam-Amstelland De opvang van slachtoffers bij Huiselijk Geweld wordt voor de regio ingekocht bij de Blijf Groep. Onderstaande tabel geeft inzicht in het volume en de kosten van alle residentiële opvang die de Blijf Groep biedt. Ambulante trajecten worden -conform de financiële werkafspraken in het AB-DB van 27 januari 2021- per gemeente afzonderlijk ingekocht.
Dienst
Volume Noodbed 2 Crisisopvang 6.570 Begeleid wonen 18.068 Begeleid Wonen Mannen 2.300 Toegang
Begroting 2023 Tarief 110.152 328 166 195
Totaal 220.303 2.154.960 3.000.191 447.925 745.183 6.568.563
Actualisatie 2023 Tarief 115.159 343 174 204
Totaal 230.319 2.252.932 3.136.590 468.289 779.062 6.867.192
20
De totale kosten stijgen bij de actualisatie van de begroting 2023 met 4,5%. Voor de diensten waarbij volumeafspraken zijn gemaakt blijft het afgenomen volume bij de actualisatie gelijk. De stijgingen in de budgetten worden hier enkel veroorzaakt doordat de tarieven zijn aangepast aan de gehanteerde indexatie van 7,16% voor 2023. In de begroting 2023 was de prijsstijging geraamd op 3,2%. De gemeenten hebben vanuit het Rijk structurele aanvullende middelen ontvangen om de loonstijgingen bij Zorg en Welzijn mogelijk te maken.
In de begroting 2024 zijn geen volume wijzigingen opgenomen. Even als in de begroting voor de GR, is nu voorlopig uitgegaan van een prijsstijging van 5%. De werkelijke aanpassing van de tarieven en budgetten zal conform het contract bepaald worden op basis van de CPB loonvoet sector overheid en de raming van de prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc, %) van het CPB, zoals deze in maart van het jaar voorafgaande door het CPB bekend worden gemaakt. Dit zal bij de actualisatie worden aangepast. 2. Uitbreiding capaciteit voor vrouwenopvang Op 24 november 2021 heeft het AB-DB besloten om vanaf 2022 de gereserveerde middelen te bestemmen voor realisatie van de uitbreiding van capaciteit voor vrouwenopvang door de Blijf Groep. De begroting 2023 is bij de actualisatie aangepast met 7,16% op basis van de indexering conform het contract. Voor 2024 is voorlopig 5% gehanteerd als voor de begroting van de GR. De middelen die gedurende het jaar niet benut worden zullen toegevoegd worden aan een bestemmingsfonds bij de Blijf Groep zodat zij op een later moment voor uitbreiding van capaciteit ingezet kunnen worden. 3. Extra uitbreiding 4 plekken Op 22 november 2022 heeft het AB-DB besloten om nog eens 4 extra plekken te realiseren in het tweede Oranjehuis.
De structurele uitbreiding van de gereserveerde middelen op de begroting regio-brede activiteiten HGKM zal vanaf 2024 met 188.000 worden uitgebreid. Voor 2023 komt de extra bijdrage van € 188.000 vanuit de begroting van Amsterdam.
Opvang van slachtoffers bij Huiselijk Geweld regio Gooi en Vechtstreek. Op 24 maart 2022 is de gemeente Amsterdam met Weesp gefuseerd. Weesp is per 1 januari 2022 uit de regio Gooi en Vechtstreek getreden. De regio Gooi en Vechtstreek zette de volledige DU VO middelen die zij voor Weesp ontvingen in voor het Oranje Huis Flevoland – Gooi en Vechtstreek in Almere. Zonder de middelen vanuit de DU VO voor Weesp konden zij het Oranje Huis in Almere niet meer bekostigen. De opvangcapaciteit in Almere is nodig voor het hele gebied waartoe ook de regio Amsterdam-Amstelland behoort. De Blijf Groep hanteert bij de opvang geen regiogrenzen. Als er geen plek is in het Oranje Huis in Amsterdam en wel in Almere, dan gaat iemand uit Diemen naar Almere. Daarom heeft Amsterdam afgesproken ten minste voor twee jaar de verlaging van DU VO middelen ten gevolge van de fusie te compenseren. Dit is voor 2023 een aparte bijdrage van de gemeente Amsterdam binnen de begroting zodat het voor de begroting van de GR Amsterdam-Amstelland budgettair neutraal is. Indien gemeente Amsterdam ook nog in de volgende jaren een bijdrage moet leveren aan Regio Gooi en Vechtstreek zal dit wederom budgetneutraal gebeuren. Het voorstel is om deze kosten per 2024 niet meer mee te nemen in de regiobegroting.
21
Bijdrage gemeenten Conform artikel 29 lid 8 en artikel 30 lid 1 van de GR worden alle niet gedekte kosten gezamenlijk gedragen door deze te verdelen op basis van inwonersaantal per gemeente. In de actualisatie 2023 zijn de bijdragen van de regiogemeenten opnieuw verdeeld op basis van de inwoners aantallen per 1 januari 2022, waarbij de inwoners van Weesp zijn opgeteld bij de inwoners van Amsterdam. Verder worden de bijdragen in 2023 geïndexeerd en vanaf 2024 opgehoogd door de opname van de kosten SSG in de GR begroting en de stijging van de kosten van de uitbreiding Blijfgroep.
Regio
% per Regiogemeente
Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn Totaal
2,9% 8,4% 81,7% 2,9% 1,3% 2,8% 100%
Begroting 2023 € € € € € € €
108.746 308.793 3.036.901 106.333 47.878 102.807 3.711.459
Actualisatie 2023 € € € € € € €
136.814 388.768 3.816.661 133.910 60.128 129.831 4.666.113
Begroting 2024 € € € € € € €
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089 5.532.568
Bijdrage Blijvend Veilig Blijvend Veilig is een andere manier van werken. De extra kosten die gemaakt worden door te experimenteren en de omslag naar een andere manier van werken, worden gedekt vanuit de begroting van Blijvend Veilig. Voor de begroting van de GR is uitgegaan van deze Blijvend Veilig begroting, waarin in 2023 51% van de door Veilig Thuis gemaakte kosten vergoed worden vanuit Blijvend Veilig.
22
2.8 Algemene reserve Het begrote resultaat komt voor 2024 uit op een negatief bedrag van € 1.686.656. De algemene reserve daalt hierdoor naar een bedrag van € 6.709.108.
Begroting GR Amsterdam - Amstelland Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
Actualisatie 2023
Begroting 2024
SALDO van baten en lasten (Incl. mutaties reserves en voorzieningen) €
2.064.782 €
-548.368 €
-972.200 €
-1.686.656
Stand Algemene reserve op 1-1
€
7.303.182 €
7.145.656 €
9.367.964 €
8.395.764
Saldo Algemene Reserve per 31-12
€
9.367.964 €
6.597.288 €
8.395.764 €
6.709.108
23
3.Verplichte paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onder weerstandsvermogen wordt verstaan: ‘het vermogen om incidentele en structurele financiële tegenvallers waarvan tijdstip en omvang onbekend zijn op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op de hoogte van de voorzieningenniveaus van de programma’s’. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen weerstandscapaciteit en risico’s waarvoor geen voorziening en/of verzekering aanwezig is. De GR GGD Amsterdam-Amstelland loopt zelf geen risico’s. Eventuele risico’s worden gedekt door de deelnemende gemeenten.
Financiële kengetallen De gemeenschappelijke regeling moet een basis set van financiële kengetallen opnemen in de begroting en de jaarrekening. Het betreft hier netto schuldquota, solvabiliteitsratio en structurele exploitatieruimte. Naast de door het BBV voorgeschreven kengetallen, is tevens de weerstandsratio toegevoegd. Solvabiliteitsratio Het totaal vermogen van de GR Amsterdam - Amstelland bestaat voor 100% uit eigen vermogen, waarmee het een solvabiliteitsratio heeft van 1.0. Netto schuldquote De netto schuldquote is een raming van het totaal van de volgende financiële vaste activa: • • • •
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist met een rente typische looptijd van één jaar of langer; Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rente typische looptijd van één jaar of langer; Overige uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Deze zijn in het geval van de GR Amsterdam - Amstelland nul.
Financiering Financiering van de GR GGD Amsterdam - Amstelland geschiedt via de zes aangesloten gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn. Dit heeft als gevolg dat er door de GR geen zelfstandige financieringstransacties worden aangegaan.
Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering wordt uitgevoerd door de GGD Amsterdam. De primaire taken van de GGD worden ondersteund door de teams personeel & organisatie, facilitaire zaken & huisvesting, ICT & DIV en financiën (PIJOFACH functies). Elk team van de afdeling beheer stelt jaarlijks een jaarplan en projectenoverzicht op. De geprioriteerde veranderingstrajecten (‘growing concern’) in relatie tot de kerndoelen van de GGD worden geborgd door toepassing van de A3-methode. De budgetten t.b.v. GR GGD Amsterdam - Amstelland worden in de begroting vastgesteld door het bestaande budget te verhogen met de nominale ontwikkeling, indien van toepassing.
24
Binnen de bedrijfsvoering gaat IV een steeds grotere rol spelen, en de GGD gaat daar de komende jaren op inzetten.
Wet normering topinkomens (WNT) De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, kortweg WNT, die op 1 januari 2013 in werking is getreden, stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De bezoldiging van topfunctionarissen dient, ongeacht de hoogte, openbaar gemaakt te worden in de jaarstukken. De voorwaarde is dat zij binnen een periode van 18 maanden meer dan 6 maanden werkzaam zijn geweest voor de (semi-)publieke instelling. De maximale bezoldigingsnorm is € 301.800, inclusief onkostenvergoedingen en overige beloningen. De wet normering topinkomens is van toepassing op de GR Amsterdam-Amstelland. Relevant zijn de volgende topfunctionarissen::
Naam Wethouder Zorg en Jeugd(zorg) mevrouw Rijxman, Gemeente Amsterdam Wethouder Armoede en Onderwijs, mevrouw Moorman Gemeente Amsterdam Wethouder Jeugd(zorg), de heer Kabout, Gemeente Aalsmeer Wethouder Zorg en WMO, de heer van Ballegooijen Gemeente Amstelveen Wethouder Welzijn en Zorg, mevrouw Everhardt, Gemeente Diemen Wethouder Werk en Inkomen, Sociaal domein en Maatschappelijke Ondersteuning, Onderwijs, de heer Robles Gemeente Uithoorn Burgemeester, mevrouw Langenacker Gemeente Ouder-Amstel
Functie
Basisbeloning
Voorzitter
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
Lid
Onbezoldigd
25
4 Meerjarenbegroting Begroting GR Amsterdam-Amstelland Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
10.410.675 € 2.500.408 € 1.157.017 €
Begroting 2025
€ €
Totaal Loonkosten
€
Opleiding, cursussen (individueel) Accreditaties en registraties (SKJ) Onregelmatigheidstoeslag Werkkostenregeling Variabele vergoedingen Overige Personeelskosten
€ € € € € €
63.050 7.882 249.699 70.665 90.153 35.614
Totaal indirecte personeelskosten
€
517.064 €
503.840 €
529.284 €
548.639 €
Voorlichting en preventie ICT Uitbestede werkzaamheden Voertuigen Overige kosten
€ € € € €
51.294 198.636 439.397 54.179 65.270
95.000 266.640 165.000 53.000 15.250
101.802 285.731 176.814 56.795 15.859
106.892 300.018 185.655 59.635 16.314
Totaal Materiele kosten
€
808.775 €
594.890 €
637.001 €
668.513 €
€ € €
302.925 € 44.735 € 32.942
415.000 € 59.000 € €
444.714 € 63.224 € 35.300 €
466.950 € 66.386 € 37.065 €
Totaal Overhead en Interne Doorbelastingen
10.122.034 € 2.361.316 € 1.090.115 €
Begroting 2024
Direct personeel Indirect personeel Bovenwettelijke taken
Interne verrekening RVE/BC Zorg Specifiek Ondersteuning (ZSO) Inzet Onderzoeker Interne doorbelasting Doorbelaste KVS binnen RVE/BC (overhead van de GGD)
8.944.975 € 1.963.737 € €
Actualisatie 2023
10.663.042 € 2.475.908 € 1.214.868 €
Begroting 2026
Begroting 2027
10.373.704 € 10.387.649 € 10.387.649 2.375.808 € 2.375.808 € 2.375.808 1.214.868 € 1.214.868 € 1.214.868
10.908.712 € 13.573.465 € 14.068.101 € 14.353.818 € 13.964.381 € 13.978.325 € 13.978.325 € € € € €
€ € € € €
112.350 8.000 260.000 67.000 56.490
€ € € € €
€ € € € €
116.200 8.573 278.616 67.000 58.895
€ € € € €
€ € € € €
118.251 9.001 292.547 67.000 61.840
€ € € € €
€ € € € €
114.746 9.001 292.547 67.000 61.840
€ € € € €
€ € € € €
114.871 9.001 292.547 67.000 61.840
545.134 €
545.260 €
545.260
106.892 300.018 171.635 59.384 15.250
106.892 300.018 171.635 59.384 15.250
€ € € € €
106.892 300.018 171.635 59.384 15.250
653.179 €
653.179 €
653.179
466.950 € 66.386 € 37.065 €
466.950 € 66.386 € 37.065 €
466.950 66.386 37.065
€ € € € €
114.871 9.001 292.547 67.000 61.840
€
2.697.816 €
2.846.601 €
3.279.282 €
3.401.780 €
3.154.343 €
3.158.200 €
3.158.136
€
3.078.418 €
3.320.601 €
3.822.520 €
3.972.181 €
3.724.743 €
3.728.600 €
3.728.537
26
Lasten CSG 139.266 467.458 122.569 127.472
€ € € €
€
-
€
€
856.766 €
kosten front-office kosten zorgcoördinatie Personeel CSG Materiële kosten Onvoorzien Overheadlasten
€ € € €
Totaal kosten CSG
53.756 446.323 72.009 98.390
€ € € € €
223.998 561.102 172.625 158.221 5.000
€ € € € €
235.198 589.157 181.257 166.132 5.250
11.850
682.328 €
€ € € € € €
235.198 589.157 181.257 166.132 5.250 -
€ € € € € €
235.198 589.157 181.257 166.132 5.250 -
€ € € € € €
235.198 589.157 181.257 166.132 5.250 -
1.120.947 €
1.176.994 €
1.176.994 €
1.176.994 €
1.176.994
€ € €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 € 65.100 € 60.375 €
310.275 65.100 60.375
€
435.750 €
435.750 €
435.750 €
435.750
Lasten SSG Personeel SSG Materiele lasten Overhead
Totaal kosten SSG
€
-
Kosten Regioaanpak en Secretaris Kosten ontwikkelen Regioaanpak Kosten Secretaris
€ €
312.998 € 76.811 €
300.000 € 76.811 €
321.480 € 80.651 €
337.554 € 84.684 €
337.554 € 84.684 €
337.554 € 84.684 €
337.554 84.684
Totaal kosten Regioaanpak en Secretaris
€
389.808 €
376.811 €
402.131 €
422.238 €
422.238 €
422.238 €
422.238
Totale kosten
€ 16.559.543
€
-
€ 19.051.934
€
€
-
20.579.984
€
21.578.133
€
20.922.419
€ 20.940.346
€ 20.940.282
27
DUVO Middelen Regio activiteiten
22.499.491 -8.290.007
22.499.491 -8.290.007
22.499.491 -8.290.007
22.499.491 -8.290.007
22.499.491 -7.707.245
22.382.684 -7.372.085
22.326.999 -7.192.278
Totaal DUVO excl. Regio activiteiten
€
Bijdrage Regiogemeenten(obv aantal inwoners op 11-2022) Aalsmeer Amstelveen Amsterdam Diemen Ouder-Amstel Uithoorn
€ € € € € €
89.516 254.188 2.499.876 87.530 39.411 84.628
Totaal bijdrage Regiogemeenten
€
3.055.149 €
CSG Extra Interne verrekening met CSG ivm inzet front-office Baten Blijvend Veilig Incidentele baten Incidentele bijdrage migratie Weesp
Totaal ontvangsten
€ € € € € €
- € - € - € - € - € 100.000 € - € - € - € - € - € 139.269 € 108.381 108.381 € 108.381 € 108.381 € 108.381 € 216.762 € 69.931 € - € - € - € - € - € 39.210 € - € - € - € - € - € 45.000 € 18.583.281 € 18.938.820 € 19.566.740 € 19.850.433 € 19.850.433 € 19.850.433 € 20.899.238
SALDO van baten en lasten (excl. mutaties reserves en voorzieningen)
€
2.023.738 €
-589.412 €
-1.013.244 €
-1.727.700 €
-1.071.985 €
-1.089.913 €
-41.044
Baten uit voorz. frictiekn.van OJZ ivm overname personeel JBRA en Blijfgroep
€
41.044
€
41.044 €
41.044 €
41.044 €
41.044 €
41.044 €
41.044
SALDO van baten en lasten (Incl. mutaties € reserves en voorzieningen)
2.064.782 €
-548.368 €
-972.200 €
-1.686.656 €
-1.030.941 € -1.048.869 €
0
Stand Algemene reserve op 1-1
€
7.303.182 €
7.145.656 €
9.367.964 €
8.395.764 €
6.709.108 €
5.678.167 €
4.629.298
Saldo Algemene Reserve per 31-12
€
9.367.964 €
6.597.288 €
8.395.764 €
6.709.108 €
5.678.167 €
4.629.298 €
4.629.298
15.134.721 € 15.010.599 €
€ € € € € €
108.746 308.793 3.036.901 106.333 47.878 102.807
€ € € € € €
3.711.459 €
14.792.246 € 14.209.484 € 14.209.484 € 14.209.484 € 14.209.484
136.814 388.768 3.816.661 133.910 60.128 129.831
€ € € € € €
4.666.113 €
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089
€ € € € € €
5.532.568 €
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089
€ € € € € €
5.532.568 €
€ € € € € €
193.037 548.717 5.382.308 189.029 84.765 183.518
5.532.568 €
6.581.374
162.244 461.100 4.525.025 158.834 71.277 154.089
28
5. Meerjarenbalans ACTIVA Meerjarenbalans GR GGD Amsterdam - Amstelland ACTIVA
2022
2023
2024
2025
2026
2027
VASTE ACTIVA Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut - Overige investeringen met een economisch nut
0 0 0
Totaal vaste activa
0 0 0
0
0 0 0
0
0 0 0
0
0
0
0 0 0
0 0 0
0
VLOTTENDE ACTIVA
Netto -vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Overige schulden
0
Voorraden - Gereed product en handelsgoederen
0
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Vorderingen op GGD Amsterdam - Overige vorderingen Liquide Middelen - Bank Nederlandse Gemeenten Overlopende activa Totaal vlottende activa
0
0 0
0
0 0
0 2.064.781
0
0
9.367.963
0
0
8.395.763
0
0
6.709.107
0 0 0
0
-1.030.941
8.395.763
0 0
0
-1.686.656
9.367.963
0 0
0
-972.200
7.303.182
0 0
0
0 -1.048.869
5.678.166 6.709.107
0 -
4.629.297 5.678.166
4.629.297 4.629.297
0
0
0
0
0
0
9.367.963
8.395.763
6.709.107
5.678.166
4.629.297
4.629.297
29
PASSIVA Meerjarenbalans GR GGD Amsterdam - Amstelland PASSIVA
2022
2023
2024
2025
2026
2027
VASTE PASSSIVA Eigen vermogen - Algemene reserve - Geactualiseerde resultaat boekjaar
9.367.963 7.303.182 2.064.781
Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's - Egalisatievoorzieningen
8.395.763 9.367.963 -972.200
0 0 0
Totaal vaste passiva
6.709.107 8.395.763 -1.686.656
0 0 0
9.367.963
5.678.166 6.709.107 -1.030.941
0 0 0
8.395.763
4.629.297 5.678.166 -1.048.869
0 0 0
6.709.107
4.629.297 4.629.297 -
0 0 0
5.678.166
0 0 0
4.629.297
4.629.297
VLOTTENDE PASSIVA Netto -vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Overige schulden
Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzodering van jaarlijks terukerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Totaal vlottende passiva
0 0
0 0
0 0
0 0
9.367.963
0 0
0 0
8.395.763
0 0
0 0
6.709.107
0 0
0 0
5.678.166
0 0
0 0
4.629.297
4.629.297
30
31