Jaarrekening 2025 Ombudsman Metropool Amsterdam (1-6-2026)
Tekst van het document
Jacob Bontiusplaats 9 1018 LL Amsterdam 020 625 9999 (ma. t/m vr. 9u. t/m 12u.) info@ombudsmanmetropool.nl www.ombudsmanmetropool.nl
Jaarrekening 2025 1 juni 2026, Amsterdam
1
Inhoud 1. Aanbiedingsbrief en inleiding ................................................................................................... 3 2. Vaststellingsprocedure ............................................................................................................. 4 3. Resultaten 2025 ......................................................................................................................... 4 3.1 Maatschappelijk effect .............................................................................................................. 4 3.2 Wat hebben we ervoor gedaan? ............................................................................................... 4 3.3 Wat heeft het gekost? ............................................................................................................... 5 4 Paragrafen .................................................................................................................................. 5 4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................................................... 5 4.2 Financiering .............................................................................................................................. 6 4.3 Bedrijfsvoering..........................................................................................................................
6 4.4 Wet open overheid (Woo) ......................................................................................................... 7 5 Jaarrekening ............................................................................................................................... 9 5.1 Programmarekening ................................................................................................................. 9 5.2 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................. 9 5.3. Toelichting op de programmarekening .................................................................................. 10 5.4 Overzicht van de baten en lasten naar taakvelden ................................................................... 11 5.5 Balans ...................................................................................................................................... 13 5.6 Toelichting op de balans per 31 december 2025 ....................................................................... 13
2
1. Aanbiedingsbrief en inleiding De gemeenten Amsterdam, Almere, Amstelveen, Zaanstad, Landsmeer, Waterland, Diemen en Ouder-Amstel hebben samen een gemeentelijke ombudsman. Samenwerking loopt sinds 2015 plaats op basis van een gemeenschappelijke regeling. De gemeenschappelijke regeling is het afgelopen jaar gewijzigd omdat de indexatiemethodiek niet meer voldeed. De wijziging heeft voor de aangesloten gemeenten geen significante financiële gevolgen en is vooral formeel van aard. Op basis van de Gemeenschappelijke Regeling Ombudsman Metropool Amsterdam (GROMA) legt de ombudsman haar jaarrekening en begroting ter kennisname en voor positief advies voor aan de gemeenteraad van Amsterdam. Vaststelling van de begroting vindt plaats zodra de gemeenteraad van Amsterdam een positief advies heeft gegeven. De ombudsman en plaatsvervangend ombudsman gaan jaarlijks in gesprek met alle gemeenteraden van de aangesloten gemeenten om het jaarverslag te bespreken. In het jaarverslag verantwoordt de ombudsman de inhoudelijke activiteiten van het afgelopen jaar, zoals onderzoeken en klachtbehandeling. In de voor u liggende jaarrekening gaan we eerst kort in op het maatschappelijk effect en de behaalde resultaten. Daarna komen de gebruikelijke (verplichte) paragrafen aan bod en de financiële verantwoording over 2025.
Uit de jaarrekening blijkt dat 2025 wordt afgesloten met een positief financieel resultaat van € 111.337. In de financiële verantwoording wordt dit resultaat nader toegelicht. Het voorstel is om een deel van het positief resultaat ad € 95,000 toe te voegen aan een bestemmingsreserve voor de verhuizing die in 2026 zal plaatsvinden. Tot slot wil ik mijn dank uitspraken aan de vele mensen die het afgelopen jaar constructief met ons hebben samengewerkt. Met vriendelijke groet,
Munish Ramlal Ombudsman Metropool Amsterdam 1 juni 2026
3
2. Vaststellingsprocedure De ombudsman stelt conform artikel 15 van de Gemeenschappelijke Regeling Ombudsman Metropool Amsterdam zijn jaarrekening vast na controle door de Auditdienst ACAM. Bij het opstellen van de jaarrekening zijn de richtlijnen van het Besluit begroting en Verantwoording provincie en gemeenten (BBV) in acht genomen. Na vaststelling wordt de jaarrekening binnen twee weken, doch voor 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, verzonden aan de Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en op de website van de Ombudsman gepubliceerd. De jaarrekening 2025 wordt ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad van Amsterdam.
3. Resultaten 2025 Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 5 Resultaat bestemming en Reserves.
3.1 Maatschappelijk effect De Ombudsman Metropool Amsterdam is een onafhankelijk instituut dat, gevraagd en ongevraagd, het handelen van de lokale overheid ten aanzien van de burger toetst (en toezicht houdt) aan (de hand van) een stelsel van behoorlijkheidsnormen. Naast toetsing van overheidshandelen achteraf, treedt de ombudsman ook preventief op. Als op basis van klachten en signalen duidelijk wordt dat een dienstverleningsprobleem kan ontstaan, dan vervult de ombudsman een alarmerende rol en trekt hij ‘aan de bel’ bij de betreffende dienst of gemeente voordat eventuele klachten ontstaan. De ombudsman levert op deze wijze een bijdrage aan de kwaliteit van de dienstverlening en (meer algemeen) aan het handelen van de gemeentelijke overheid. Daarnaast worden door interventies van de ombudsman concrete problemen tussen burger en overheid snel en effectief opgelost. Bij interventies bevordert en bewaakt de ombudsman verbeteringen die nadien door de gemeente zelf worden ingevoerd.
3.2 Wat hebben we ervoor gedaan? De Ombudsman Metropool Amsterdam heeft in 2025 2942 klachten, meldingen en signalen ontvangen. Er is sprake van een stijging. In 2024 was het aantal 2802. De aantallen zijn inclusief de klachten die voor de Kinderombudsman van Amsterdam zijn bestemd en inclusief telefoontjes. Al deze klachten worden stuk voor stuk bekeken om te bezien of en zo ja welke rol er is weggelegd voor de ombudsman. De ombudsman kan ook onderzoeken uit eigener beweging uitvoeren of op verzoek van het college of de gemeenteraad. Daarnaast heeft de ombudsman in 2025 klachten ontvankelijk verklaard waarbij het doen van onderzoek naar uitvoeringsbeslissingen en/of de wijze van uitvoering niet meer aan de orde kan zijn. De relatie tussen burger en gemeentelijke overheid is dusdanig gevorderd/geëscaleerd dat onderzoek en terugkijken naar het verleden een gepasseerd station is of geen passend antwoord meer kan zijn. Samen een weg zoeken naar een werkbare relatie in de toekomst is in dit soort situaties de enige werkbare optie. Het gaat dan om procesbegeleiding door de ombudsman naar bijvoorbeeld een contract, naar actuele onderzoeksresultaten of naar een andere optie die voor beide partijen wél acceptabel is.
4
3.3 Wat heeft het gekost? De totale kosten van het bureau bedragen in 2025 € 3.103.515. Daartegenover staan de totale inkomsten van in totaal € 3.157.119. Dit resulteert in een positief jaarresultaat van € 53.604 (exclusief het effect van bestemmingsreserves). Bij de begroting 2025 (na wijziging) is uitgegaan van een totaal saldo van baten en lasten van € –57.732. De baten zijn hoger uitgevallen dan begroot, en de lasten lager dan begroot. Voor verdere details wordt verwezen naar de financiële verantwoording in hoofdstuk 5.
4 Paragrafen Het Besluit begroting en verslaggeving provincies en gemeenten (BBV) is ook van toepassing op de Ombudsman Metropool Amsterdam. Het BBV schrijft voor dat er een aantal paragrafen moeten worden opgenomen in de beleidsbegroting waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. Wij beperken ons tot paragrafen over het weerstandsvermogen en de bedrijfsvoering.
4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Sinds 2014 voorziet de GROMA in de mogelijkheid een positief resultaat toe te voegen aan de algemene reserve om een buffer op te bouwen van 10% van de totale bijdragen van alle deelnemer. Indien er sprake is van een overschrijding van de begroting dient deze reserve als eerste aangesproken te worden. In 2025 is de algemene reserve niet aangesproken, wel zijn (conform begroting) de bestemmingsreserves deels aangesproken. Het financieel risicomanagement beleid van de Ombudsman richt zich onder andere op het kunnen opvangen, voorkomen en beperken van tegenvallers in het jaarrekening resultaat door risico’s op korte termijn. Een zgn. breder risicoprofiel wordt opgesteld, waarbij rekening gehouden wordt met niet-financiële (interne en externe) risico’s, bijvoorbeeld op het gebied van ICT, integriteit, informatie en archiefbeheer, veiligheid etc. Vanzelfsprekend wordt ook gekeken naar de te nemen beheersmaatregelen. De financiële risico’s voor de Ombudsman zijn vooralsnog beperkt. De belangrijkste kostenpost is het personeel dat in dienst is bij de gemeente Amsterdam en beschikbaar wordt gesteld aan de Ombudsman. Langdurige ziekte van personeel is een risico voor een kleine organisatie als de Ombudsman.
Om dat risico af te dekken is de afspraak gemaakt dat de kosten voor personeel dat langdurig ziek is, onder voorwaarden niet meer volledig (maximaal voor de duur van 6 maanden) ten laste komen van het budget van de Ombudsman. De daardoor beschikbaar komende middelen kan de Ombudsman dan inzetten voor vervangende personele capaciteit. Wat betreft de inkomsten bestaat er enig risico wat betreft de bijdragen van de overige deelnemende gemeenten. Die inkomsten maken echter een relatief klein gedeelte uit van de totale inkomsten. Bij uittreding van een van de overige deelnemende gemeenten is in de Gemeenschappelijke Regeling bepaald dat dit ruim van tevoren meegedeeld moet worden en dat de financiële gevolgen van de uittreding voor rekening van de uittredende gemeente zijn.
5
Hieronder is de voorgeschreven tabel inzake financiële kengetallen – voor zover relevant voor de Ombudsman – opgenomen. Tabel 2.1 Verloop van de kengetallen (solvabiliteit en netto schuldquote) jaarrekening 2024
Begroting 2025(na 1e
Jaarrekening 2025
wijziging)
Solvabiliteitsratio
47%
47%
58%
Netto schuldquote
-11%
-9%
-13%
Incidentele / structurele exploitatieruimte
0%
0%
0%
De solvabiliteitsratio geeft aan in welke mate de bezittingen (vaste en vlottende activa) zijn gefinancierd met eigen vermogen (algemene reserve en bestemmingsreserve). De solvabiliteitsratio ligt op 58%. Dit ligt boven de gewenste norm van 40% en duidt daarmee op een goede positie. Een netto schuldquote is een kengetal waarbij een relatie wordt gelegd tussen de netto schulden en de jaarlijkse totale baten. Voor dit verhoudingsgetal geldt: hoe lager hoe beter. Een negatieve netto schuldquote weerspiegelt dat aan het eind van ieder jaar de verwachte vorderingen hoger zijn dan de verwachte schulden.
4.2 Financiering De Ombudsman financiert de lopende exploitatie met de ontvangen bijdragen van de deelnemende gemeenten en de opgebouwde reserves. De Ombudsman heeft geen langlopende leningen aangetrokken voor de financiering van de vaste materiële activa. De Ombudsman heeft een eigen bankrekening. Als gevolg van de Regeling schatkist-bankieren decentrale overheden wordt deze bankrekening dagelijks door Treasury van de gemeente Amsterdam aangezuiverd of afgeroomd waardoor het banksaldo dagelijks op nul euro uitkomt. Door het afromen of aanzuiveren ontstaat een rekening-courantverhouding met de gemeente Amsterdam. Deze wordt verantwoord onder de overlopende activa.
4.3 Bedrijfsvoering Personeelszaken De medewerkers van het bureau van de Ombudsman zijn ambtenaren in dienst van de gemeente Amsterdam. Zij hebben echter een uitzonderingspositie en hoeven uitsluitend verantwoording af te leggen aan de ombudsman. In januari 2020 is de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) van kracht geworden en is eveneens van toepassing op de medewerkers van het bureau. Daarnaast geldt de cao-gemeenten en personeelsregeling gemeente Amsterdam. De Ombudsman overlegt regelmatig met de personeelsadviseur van Personeel en Organisatieadvies van de gemeente Amsterdam om te toetsen of het personeelsbeleid binnen de kaders blijft van de cao / personeelsregeling en tegelijkertijd de onafhankelijkheid van het instituut Ombudsman waarborgt. In de rechtspositieregeling en het bevoegdhedenbesluit van de Ombudsman zijn onder andere afspraken gemaakt ten aanzien van personele kwesties. De Ombudsman hecht veel waarde aan de 6
(persoonlijke) ontwikkeling van zijn medewerkers, zowel individueel als collectief. Voor medewerkers wordt daarom budget gereserveerd voor (individuele of groeps-) opleidingen en cursussen. Daarnaast hebben zij toegang tot de opleidingen en cursussen die aangeboden worden via de Amsterdamse School. Tweemaal per jaar voert de plv. Ombudsman, samen met de manager Bedrijfsvoering, voortgangs- en beoordelingsgesprekken met medewerkers. Tijdens de gesprekken worden onder andere de ontwikkelmogelijkheden besproken. Twee medewerkers van de Ombudsman zijn in het bezit van een BHV-certificaat. Jaarlijks volgen deze medewerkers hiervoor een training en verstrekt het bureau hen een zgn. BHV-toelage (conform de personeelsregeling gemeente Amsterdam). Integriteit Gezien het bovenstaande is de gedragscode voor ambtenaren van de gemeente Amsterdam ook van toepassing op medewerkers van de Ombudsman. Medewerkers van de Ombudsman leggen de ambtseed af en dienen voorafgaand aan het besluit tot aanstelling een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) te overleggen. Financiële zaken De Ombudsman maakt gebruik van de diensten van directie Financiële Dienstverlening van de gemeente Amsterdam. Het financieel beheer is bij deze directie belegd en er is ondersteuning in de vorm van een financieel adviseur die de Ombudsman helpt bij het opstellen van onder meer de jaarrekening en de begroting.
De jaarrekening van de Ombudsman wordt conform de gemeenschappelijke regeling gecontroleerd door de auditdienst van de gemeente Amsterdam (ACAM). Automatisering, informatisering en privacy De Ombudsman maakt gebruik van de ICT-infrastructuur van de gemeente Amsterdam (Amsterdamse Digitale Werkplek) en de daarmee samenhangende beveiligingsvoorzieningen en hosting. Hier worden ook jaarlijks lasten voor doorbelast vanuit de gemeente Amsterdam.
4.4 Wet open overheid (Woo) Openbaarheid is een recht van de burger. De Wet open overheid (Woo) regelt dat iedereen een verzoek om openbaarmaking mag indienen. Deze Woo-verzoeken moeten binnen een wettelijk termijn van 4-6 weken worden afgehandeld of er moet een termijnafspraak met de verzoeker worden gemaakt. Passieve openbaarmaking In 2025 zijn bij de ombudsman zes Woo-verzoeken en drie zienswijzen ingediend. De meeste van deze verzoeken zijn, in samenwerking met een extern bureau, binnen de wettelijke termijn afgehandeld. Voor één Woo-verzoek en één zienswijze loopt momenteel een bezwaar- of beroepsprocedure bij de rechtbank, vanwege een verschil van inzicht tussen de verzoeker, belanghebbenden en de ombudsman over welke stukken openbaar gemaakt moeten worden. De kosten gemaakt voor het behandelen van Woo-verzoeken vallen onder de materiële uitgaven en zijn het afgelopen jaar, in verband met juridische ondersteuning, gestegen ten opzichte van het jaar daarvoor.
7
Actieve openbaarmaking Het beleid bij de Ombudsman is dat rapporten en rapportbrieven, jaarverslagen, jaarrekeningen per definitie (waar nodig, geanonimiseerd) op de website van de Ombudsman worden gepubliceerd: ombudsmanmetropool.nl/publicaties. Informatiehuishouding op orde We hebben enkele verbeteringen toegepast. Met de komst van een nieuwe website zijn per medio 2025 alle relevante afsluitvoorstellen/afgeronde klachten (zaakverslagen) gepubliceerd op onze website. Ook besluiten genomen in het kader van de Woo zijn gepubliceerd. Er is aan de nieuwe website ook een pagina toegevoegd met uitleg over de Woo en het indienen van een Woo-verzoek. Verder voorziet de nieuwe website in een verbeterde zoekmachine, waarmee de vindbaarheid van informatie in de organisatie is verbeterd.
8
5 Jaarrekening 5.1 Programmarekening Het programma van de Ombudsman Metropool Amsterdam bestaat uit het voeren van de ombudsfunctie, conform hoofdstuk 9 (titel 9.2) van de Algemene wet bestuursrecht en conform de Gemeenschappelijke regeling Ombudsman Metropool Amsterdam. Deze functie wordt in 2025 uitgevoerd voor een achttal aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten zijnde: Amsterdam, Amstelveen, Zaanstad, Almere, Diemen, Waterland, Landsmeer en Ouder-Amstel. De functie wordt tevens uitgevoerd voor de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland en de Vervoerregio Amsterdam. De programmarekening bestaat uit een overzicht van alle baten en lasten naar kosten- en opbrengstensoort. Tevens laat dit overzicht het financiële resultaat zien vóór en na de bestemmingsreserves. Tabel 5.1 Overzicht van baten en lasten Jaarrekening 2024
Begroting 2025 na wijziging
Begroting 2025
Realisatie 2025
Verschil realisatie tov begroting 2025 na wijziging
Baten Bijdrage Gemeente Amsterdam Bijdrage andere gemeenten
2.847.978
2.956.201
2.959.049
2.959.049
0
179.229
177.298
177.468
185.070
7.602
Overige baten
67.000
0
13.000
13.000
0
Totale baten
3.094.207
3.133.499
3.149.518
3.157.119
7.602
Personeel
2.477.722
2.591.640
2.618.301
2.536.809
-81.492
Inhuur
64.670
18.142
0
0
0
Overige personeelskosten
46.256
65.336
80.023
60.815
-19.208
Lasten
Huisvesting
174.044
171.185
187.358
171.928
-15.430
ICT
115.781
146.657
180.155
180.185
30
Materieel overige
148.976
127.750
128.625
140.990
12.365
Kapitaallasten Totale lasten
12.789 3.040.239
12.789 3.133.499
12.789 3.207.250
12.789 3.103.515
0 -103.735
53.969
0
-57.732
53.604
-111.336
-111.336
Saldo van Baten en Lasten correctie na resultaat
53.969
0
-57.732
53.604
Mutatie reserves
Resultaat na correctie
3.763
0
57.732
57.732
0
Resultaat
57.732
0
0
111.336
-111.336
Het BBV schrijft voor dat ook gemeenschappelijke regelingen inzicht moeten geven in de voorgeschreven taakvelden en gerealiseerde kosten overhead. In paragraaf 5.4 is daarom een overzicht opgenomen van baten en lasten naar taakvelden en een overzicht van gerealiseerde kosten overhead.
5.2 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening 2025 is opgesteld in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Algemeen 9
-
Waardering van passiva en activa alsmede de bepaling van het resultaat vinden plaats op historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij anders is vermeld. Baten en lasten zijn toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Vaste activa Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, als deze naar verwachting duurzaam is. Vorderingen De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Aan de hand van een individuele beoordeling is voor de verwachte oninbaarheid een voorziening in mindering gebracht op de vorderingen.
5.3. Toelichting op de programmarekening Hieronder volgt een postgewijze toelichting op het overzicht van baten en lasten per kosten/opbrengstensoort. Bij posten waarbij sprake is van verschil van minder dan €10.000 (tussen de geactualiseerde begroting en de realisatie) wordt een toelichting achterwege gelaten. Baten Alle categorieën binnen de baten wijken minder dan €10.000 af van de begroting. De bijdragen van de gemeenten worden jaarlijks geïndexeerd. Lasten Personeelskosten In 2025 is sprake van een onderbesteding van € 81.492 op de personeelslasten. Dit wordt met name verklaard doordat een verwachte transititievergoeding van circa € 50.000 uiteindelijk niet in 2025 werd bekostigd. Hierdoor is achteraf een meevaller ontstaan. Overige personeelskosten Er is sprake van een onderbesteding van € 19.208. In eerdere jaren bestond onzekerheid over mogelijke aanvullende gemeentelijke bijdragen ter dekking van loonstijgingen, waardoor terughoudend is omgegaan met uitgaven binnen deze categorie, zoals trainingen. Om deze achterstand in te lopen is in de gewijzigde begroting extra budget opgenomen. Door tijdsgebrek is het echter niet gelukt om alle geplande trainingen in 2025 uit te voeren, waardoor een deel is doorgeschoven naar 2026. Huisvesting Er is sprake van een onderbesteding van € 15.430.
De bijstelling voor 2025 was gebaseerd op de verwachte indexatie van huur- en aanverwante kosten, zoals schoonmaak, en op het feit dat eerdere afrekeningen van servicekosten structureel hoger uitvielen dan vooraf gefactureerd. In de realisatie blijkt de indexatie echter lager uit te vallen dan verwacht, wat heeft geleid tot de onderbesteding. Materieel overige Er is sprake van een overbesteding van € 12.365. Deze wordt met name veroorzaakt door onvermijdelijke uitgaven in het kader van de Wet open overheid (Woo), waaronder aanzienlijke 10
advocatuurkosten. Zo bedragen de kosten voor inhuur van specifieke Woo-gerelateerde juridische ondersteuning in 2025 € 41.833. Met deze uitgaven was in de oorspronkelijke begroting geen rekening gehouden. De overige lasten binnen deze categorie zijn in lijn met de begroting.
Resultaat voor en na mutaties in de reserves Tabel 5.2 Resultaat voor en na mutaties in de reserves (In €)
Rekening 2024
Begroting 2025 na wijziging
Saldo van Baten en Lasten
53.969
-57.732
53.604
-111.336
Onttrekkingen aan reserves
3.763
57.732
57.732
-
Toevoegingen aan reserves
-
-
-
-
Resultaat
57.732
111.336
-111.336
0
Rekening 2025
Verschil
In de gewijzigde begroting 2025 is de verwachting beschreven dat het bedrag van € 57.732 zal worden onttrokken aan de ICT-bestemmingsreserve als dekking voor de ICT-kosten van de website. In 2025 heeft uiteindelijk de onttrekking aan de bestemmingsreserve plaatsgevonden voor € 57.732. Deze is gebruikt voor het dekken van de ICT-lasten (conform het doel van de bestemmingsreserve).
5.4 Overzicht van de baten en lasten naar taakvelden Op basis van het BBV moeten gemeenschappelijke regelingen ook inzicht geven in de kosten per taakveld. Tevens moet er een specificatie worden opgenomen van de verwachte incidentele baten en lasten en de beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Overzicht toedeling naar taakvelden Voor de Ombudsman Metropool Amsterdam zijn de taakvelden ombudsfunctie en overhead van toepassing 1. Bij taakvelden waarbij sprake is van verschil van minder dan €5.000 (tussen de geactualiseerde begroting en de realisatie) wordt een toelichting achterwege gelaten.
1
Het Iv3 Informatievoorschrift 2022 vermeldt de ombudsman expliciet als een onderdeel van het taakveld 0.1 - Bestuur. 11
Tabel 5.3 Overzicht van de baten en lasten naar taakvelden Begroting 2025 (na 1e wijziging)
Realisatie
Verschil realisatie tov begroting 2025 na wijziging
Baten 3.149.518
3.157.119
Taakveld Bestuur
2.245.075
2.300.651
55.576
Taakveld Overhead
962.175
802.864
-159.311
3.207.250
3.103.515
-103.735
Saldo van baten en lasten
-57.732
53.604
111.336
Toevoegingen en onttrekkingen reserves
57.732
57.732
-
0
111.336
111.336
Taakveld Bestuur en ondersteuning
7.602
Lasten
Totaal lasten
Resultaat
Toerekening personeelslasten aan taakvelden De Ombudsman Metropool Amsterdam is een platte organisatie, bestaande uit circa 22 medewerkers – exclusief gedetacheerden en de ombudsman, inclusief stagiairs. Van de 22 medewerkers houden 18 medewerkers zich volledig bezig met onderzoekstaken. De loonkosten die met deze medewerkers samenhangen worden dan ook toegerekend aan taakveld 01. Bestuur. De loonkosten van de ombudsman, de manager bedrijfsvoering en het secretariaat wordt volledig toegerekend aan taakveld overhead. De loonkosten van de coördinator serviceteam worden deels toegerekend aan taakveld overhead. Bij inhuur van externe medewerkers worden, afhankelijk van de aard van de werkzaamheden de kosten daarvan toegerekend aan taakveld 01. Bestuur of taakveld 04. Overhead. Toerekening overige kosten aan taakvelden De overige personeelskosten, huisvestingslasten en kapitaallasten worden alle toegerekend aan het taakveld 04. Overhead. Voor overige materiële kosten geldt dat, afhankelijk van de vraag of de kosten direct samenhangen met een onderzoek (denk bijv. aan de huur van specialistisch opnameapparatuur) de kosten worden toegerekend aan taakveld 01. Bestuur of taakveld 04. Overhead. Toelichting verschil realisatie 2025 en begroting. Taakveld overhead Er is € 159.311 minder uitgegeven dan begroot.
De belangrijkste reden hiervoor is dat overheadgerelateerde werkzaamheden in 2025 minder prioriteit kregen dan in reguliere jaren, als gevolg van de toegenomen werkdruk en het bewogen jaar met veel complexe dossiers. Daarnaast is een deel van de opleidingskosten doorgeschoven naar 2026, omdat niet alle trainingen door tijdsgebrek in 2025 konden worden uitgevoerd. Verder vielen de huur- en aanverwante kosten lager uit dan geraamd. De bijstelling voor 2025 was gebaseerd op een hogere verwachte indexatie, terwijl in de realisatie de indexatie lager uitviel. Taakveld primair Er is € 55.576 meer uitgegeven dan begroot. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere kosten als gevolg van omvang van dossiers in 2025. Daarnaast zijn incidenteel extra kosten gemaakt voor specialistische kennis voor Woo-verzoeken welke vallen binnen het primaire proces.
12
5.5 Balans Tabel 5.5 Balans Ombudsman Metropool Amsterdam Activa (in €)
2025
2024
Passiva (in €)
Vaste activa
2025
2024
Vaste passiva
Materiele vaste activa - Investeringen met een economisch nut
12.888 12.888
25.677 25.677
Eigen vermogen - Algemene reserve - Bestemmingsreserve - Nog te bestemmen resultaat
416.244 304.908 0 111.336
362.640 304.908 0 57.732
3.391
387.687
330.999
25.057
750.636
775.384
Vlottende passiva
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen - RC-verhouding met niet-financiële instelling Liquide Middelen Overlopende activa
725.017 157.633 567.383 0 12.731
729.885 65.029 664.856 0 19.822
Balanstotaal
750.636
775.384
Crediteuren Overlopende Passiva
5.6 Toelichting op de balans per 31 december 2025 Tabel 5.6 Materiele vaste activa Materiële vaste activa Meubilair
Initiële investerings bedrag 127.989
Boekwaarde 01/01/2025 25.677
Investering of desinvestering
Afschrijvingen in 2025
-
12.789
Boekwaarde 31/12/2025 12.888
Afschrijving (lineair) 10 jaar (2017-2026)
Activa Vaste activa Voor de investering in het meubilair een bedrag van € 127.989 geactiveerd (per 31-12-2016). De materiele vaste activa per 31 december 2025 is € 12.888 (na tien jaar afschrijving). In overeenstemming met de beleidsnota activeren, waarderen afschrijven (gemeente Amsterdam) wordt deze investering in 10 jaar (lineair) afgeschreven. Voor de eerste keer is in 2017 afgeschreven. Vlottende activa De vlottende activa bestaan uit de posten die hieronder worden toegelicht: Vorderingen op openbare lichamen De totale vorderingen op openbare lichamen zijn per jaareinde € 159.633. Het gaat hierbij onder andere om facturen die uitgestuurd zijn aan gemeente Amsterdam betreffende compensatie loonkosten door uitval vanwege ziekte. Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen. Deze post ad € 567.383 bestaat uit: - de Rekening courant verhouding gemeente Amsterdam voor € 488.138,88 - de nog te ontvangen BCF vergoeding van de gemeente Amsterdam € 79.244,57.
13
Liquide middelen De liquide middelen zijn € 0 door de rekening-courant verhouding met de gemeente Amsterdam, zie ook paragraaf 4.2. Vlottende activa – Overlopende activa: Onder de overlopende activa zijn posten opgenomen die betrekking hebben op geleverde diensten in 2025, maar waarvan de facturatie pas in volgende begrotingsjaren plaatsvindt. Dit betreft het saldo van nog te ontvangen bedragen, in verband met naheffingen, van in totaal € 12.730,68.
Passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen van de ombudsman per jaareinde bestaat uit een algemene reserve van € 304.908 met een nog te bestemmen resultaat van € 111.336. Tabel 5.7 Overzicht van verloop van reserves (algemeen en bestemmingsreserve) Saldo 1-1-2025 Algemene reserve
Toevoeging/ onttrekking
Saldo 31-12-2025
304.908
-
-57.732
304.908
57.732 57.732
Bestemmingsreserve: •Website Totaal reserves
Resultaatsbestemming 2025
-57.732
304.908 304.908
Algemene reserve De totale lasten van het bureau van de ombudsman bedroegen in 2025 € 3.103.515. Hiertegenover staan de totale baten in 2025 van €3.157.119. De bestemmingsreserve a € 57.732 is geboekt conform begroting naar website kosten. Dit resulteert in een jaarresultaat positief (na bestemming) van € 111.336. Bestemmingsreserve In 2024 is € 57.732 aan de bestemmingsreserve toegevoegd als bestemming voor de website van de ombudsman in het kader van wet open overheid. Zoals beschreven in de gewijzigde begroting 2025 is het bedrag van € 57.732 onttrokken als dekking voor de website. Hiermee is de bestemmingsreserve volledig benut en komt deze te vervallen. Nog te bestemmen resultaat Het jaar 2025 wordt na onttrekkingen afgesloten met een positief resultaat van € 111.336. Dit is vooral het gevolg van incidentele meevallers. De ombudsman stelt voor om € 95.000 aan een nieuwe bestemmingsreserve toe te voegen voor de verhuizing in 2026 en de daarbij gepaarde externe inhuur voor de inrichting van het kantoor. In het structurele budget bestaat geen ruimte om dit in toekomstige jaren op te vangen. Met het vormen van een bestemmingsreserve blijft een sluitende begroting aanwezig en kan het resultaat over 2026 worden gebruikt om deze investering te financieren.
14
Vlottende passiva - Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar - overige kortlopende schulden (crediteuren) Het crediteurensaldo bedraagt € 3.391. Dit wijst erop dat er vrijwel geen openstaande facturen zijn en dat verplichtingen tijdig worden betaald. Vlottende passiva - Overlopende passiva Onder de overlopende passiva zijn verplichtingen opgenomen waarvoor de lasten betrekking hebben op begrotingsjaar 2025, maar waarvan de betaling in 2026 zal plaatsvinden. Dit betreft een saldo van € 330.999. Vaste schulden De ombudsman heeft geen vaste schulden (waaronder geen lang lopende leningen). Niet uit de balans blijkende verplichtingen Er zijn meerdere langlopende verplichtingen, zo heeft het bureau een licentie op een (nieuw) zaaksysteem, waarvan de totale jaarlijks terugkerende exploitatiekosten op € 33.950 komen (t/m november 2028). Verder neemt het bureau op grond van de gemeenschappelijke regeling (doorlopend) een aantal diensten van de gemeente Amsterdam af. Het gaat hierbij om ondersteuning op het gebied van financiën en HRM ad € 24.613,00 per jaar en ICT (inclusief de doorbelasting van het zaaksysteem) ad € 113.230,00 per jaar. Verder maakt de Ombudsman gebruik van een elektrische auto (Ombulance) met een leasecontract van 5 jaar (vanaf juli 2022) ad €10.272 per jaar.
Daarnaast heeft de ombudsman een SLA en XLA voor de website ad € 11.150 per jaar (t/m 31 december 2025). Het gaat hierbij om hosting, beveiliging en noodzakelijke updates. Tot slot heeft de ombudsman een Algemene Aansprakelijkheidsverzekering (VGA) ad. € 14.580 per jaar.
15
16