Initiatiefvoorstel Veldhuyzen extra inzet bestrijding haatmisdrijven.pdf
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Gemeenteblad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van ……….. Jaar
2020
Afdeling
1
Nummer
<gemblnr>
Publicatiedatum Agendapunt
<agpnr>
Datum initiatiefvoorstel
<datum indiening>
Onderwerp
Instemmen met het initiatiefvoorstel ‘Extra inzet bestrijding haatmisdrijven’ van het lid Veldhuyzen (BIJ1) en kennisnemen van de bestuurlijke reactie Met dit initiatiefvoorstel stel ik u voor het volgende besluit te nemen: Tekst van openbare
De gemeenteraad van Amsterdam
besluiten wordt gepubliceerd
Gezien het initiatiefvoorstel van het lid Veldhuyzen van 10 december 2020 getiteld ‘Extra inzet bestrijding haatmisdrijven' Mede gezien de bestuurlijke reactie op het initiatiefvoorstel en de behandeling in de raadscommissie voor Algemene Zaken besluit:
I. in te stemmen met genoemd initiatiefvoorstel; II. het college van burgemeester en wethouders te verzoeken de aanbevelingen in dit initiatiefvoorstel op te volgen en een afdeling binnen de Amsterdamse politie te creëren die gespecialiseerd is in discriminatie, haatzaaien en haatmisdrijven III. kennis te nemen van de bestuurlijke reactie op het initiatiefvoorstel. Wettelijke grondslag
Gemeentewet art. 147a, lid 1 Initiatiefvoorstel
Inleiding Het aantal door de politie geregistreerde discriminatie incidenten in Amsterdam in stijgt sinds 2017 gestaag. In 2018 is ten opzichte van 2017 met 45 procent gestegen.1 Van 2014 tot 2017 is in Amsterdam het aantal geregistreerde incidenten gedaald, maar elk jaar heeft Amsterdam landelijk het hoogste percentage geregistreerde discriminatie incidenten per 1000 inwoners. In 2018 was dit promillage in Amsterdam 0.41, terwijl het landelijke gemiddelde 0.19 was.2 In 2019 lag dit nog hoger: namelijk op 0.66.3 Ook zijn het aantal discriminatie incidenten per 1000 inwoners in 2019 en 1
https://discriminatie.nl/files/2019-04/landelijke-rapportage-discriminatiecijfers-2018-2-16.4.2019.pdf
2
https://discriminatie.nl/files/2019-04/landelijke-rapportage-discriminatiecijfers-2018-2-16.4.2019.pdf
3
https://discriminatie.nl/files/2020-04/Discriminatiecijfers%20in%202019.pdf
1
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
2018 ten opzichte van 2017 in Amsterdam gestegen, terwijl het landelijke gemiddelde blijft dalen.4 Het aantal geregistreerde discriminatie incidenten is in 2019 in Amsterdam vergeleken met de rest van het land en het voorgaande jaar al exponentieel hoog, maar het aantal geregistreerde incidenten vormt vaak slechts een klein percentage van het werkelijke aantal delicten. Het tweede EU-MIDIS-onderzoek (2017) geeft in Nederland een hoge mate van onderrapportage aan.5 Ook het VN Comité inzake de Uitbanning van Rassendiscriminatie (CERD) maakt zich zorgen over het kleine aantal meldingen, aangiftes en afgedane feiten op het gebied van discriminatie in Nederland, gepaard met een steeds lagere aangiftebereidheid.6 CERD heeft bij haar aanbevelingen aan het Rijk speciale nadruk gelegd op dat de politie en het OM gewezen dienen te worden op het belang van het vervolgen van discriminatie.7 Gezien het feit dat discriminatie en haatmisdrijven in Amsterdam in 2019 zijn toegenomen en vergeleken met de rest van het land al buitenproportioneel vaak voorkomen heeft Amsterdam een passende en effectieve aanpak nodig. Achtergrond In 2012 heeft er binnen de politie een reorganisatie plaatsgevonden die als doel het uniformeren van het functioneren en de organisatie van alle eenheden had. Vóór de reorganisatie was Amsterdam een van de meest gevorderde eenheden op het gebied van discriminatie.
Er was voor elk bureau een bevlogen discriminatiespecialist van hoge rang, nu zijn er slechts één of twee specialisten met een lagere rang voor elke eenheid. Voorheen konden politieagenten zelf gevallen van discriminatie aanvinken, nu is er één specialist per eenheid die na een digitale scan bepaalt bij welke processen-verbaal er sprake is van discriminatie. Elk bureau had een ambassadeur die informatie doorspeelde naar het bureau over nieuwe wetgeving en ontwikkelingen met betrekking tot discriminatie, nu moeten projectleiders inzake discriminatie hun tijd verdelen over meerdere portefeuilles. Ook zijn de contactpersonen die voorheen op elk bureau aanwezig waren verdwenen. Kortom, er is ingeleverd op expertise, capaciteit en betrokkenheid op het gebied van discriminatie bij de politie. Momenteel is het vervolgen van discriminatie het ultimum remedium, effectief vervolgen is moeilijk en er is weinig straf haalbaarheid. In Amsterdam is het aantal discriminatie-feiten dat bij het OM instroomt sinds 2014 nooit hoger dan 30 procent van het totaal aantal bij de politie gerapporteerde incidenten geweest. Ook daalt elk jaar het aantal ingestroomde feiten.
In Amsterdam bedroeg in 2018 het aantal ingestroomde feiten bij het OM 2.6% van het totaal aantal bij bij de politie gerapporteerde incidenten (11/425).8 Vorig jaar is een motie van D66, GroenLinks en PvdA aangenomen om bij het Rijk en de driehoek aan te dringen op een beleid dat het aantal vervolgingen van
4
https://discriminatie.nl/files/2019-04/landelijke-rapportage-discriminatiecijfers-2018-2-16.4.2019.pdf
5
https://rm.coe.int/fifth-report-on-the-netherlands-dutch-translation-/168094c8f5
6
CERD/C/NLD/CO/19-21 (CERD, 2015) International Convention on the Elimination of All Forms of Racial Discrimination, Concluding observations on the combined nineteenth to twenty-first periodic reports of the Netherlands 7
CERD/C/NLD/CO/19-21 (CERD, 2015) International Convention on the Elimination of All Forms of Racial Discrimination, Concluding observations on the combined nineteenth to twenty-first periodic reports of the Netherlands (paragraph 46) 8 https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2019/04/02/rapport-cijfers-in-beeld2018/rapport-cijfers-in-beeld-2018.pdf
2
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
discriminatie, haatzaaien en strafbare haatmisdrijven zou moeten verhogen. Aan de hand van alarmerende cijfers, ontwikkelingen en rapporten over toenemende discriminatie en haatmisdrijven in Nederland, pleiten de partijen voor de vergroting van de pakkans en de bestraffing van deze daders om zo de veiligheid van alle Amsterdammers te garanderen. De motie bevat evenwel geen concreet beleidsvoorstel. Waar dit voorstel concreet toe oproept Dit initiatiefvoorstel pleit naar aanleiding van bovengenoemde motie en het recente ECRI Rapport over Nederland9 om een afdeling bij de politie onder te brengen dat onder andere gebaseerd is op het model van de ‘hate crime’ afdeling in Stockholm, Zweden.10 De afdeling zou gespecialiseerd zijn in discriminatie, haatzaaien en haatmisdrijven, mede met het oog op intersectionele discriminatie. Deze afdeling zou voorts werkmethodes en trainingen ontwikkelen en verzorgen, gericht op het zo effectief en efficiënt mogelijk identificeren, rapporteren en onderzoeken van discriminatie, haatzaaien en haatmisdrijven, waarmee ook het vervolgingsproces zou worden vergemakkelijken. Ook zou de afdeling fungeren als een laagdrempelig intern contactpunt voor de politie.
De afdeling zou samen met de verschillende netwerken binnen de politie een netwerk onderhouden met Amsterdamse minderheidsgroeperingen en slachtoffers om zo vertrouwen te kweken, de aangifteen meldingsbereidheid te verhogen en waar nodig slachtoffers door te verwijzen naar hulpverlenende instanties. Deze afdeling zou een aanvulling zijn op het werk dat antidiscriminatie organisaties, het Landelijke Expertise Centrum (LECD) en de netwerken binnen de politie zoals het Caribisch Netwerk en Roze in Blauw, verrichten. De afdeling heeft overeenkomsten met het LECD en de verscheidene netwerken binnen de politie, maar de afdeling onderscheidt zich op een aantal essentiële punten. Ten eerste, de afdeling richt zich op alle slachtoffers van discriminatie, in plaats van op specifieke subgroepen zoals de bestaande, hierboven genoemde netwerken binnen de politie. Ten tweede zijn de genoemde netwerken binnen de politie gericht op het bevorderen van diversiteit en het geven van advies over diversiteitsvraagstukken. Dit zou niet binnen het takenpakket van de afdeling vallen. De nieuw op te richten afdeling lijkt het meest op het LECD. Het LECD is een intern adviesbureau voor het Openbaar Ministerie, met meer generale landelijke expertise.
Het LECD houdt zich voornamelijk bezig met expertise verstrekken aan het OM om een zo goed mogelijke behandeling van discriminatiezaken door het OM te bewerkstelligen. Het LECD stelt daarnaast rapporten over landelijke cijfers en ontwikkelingen samen, draagt bij aan de ontwikkeling van het landelijke OM beleid betreffende discriminatie bestrijding, is een adviespunt voor portefeuillehouders discriminatie en overlegt met ADV’s en de politie. Anders dan de LECD die landelijk opereert, zou de nieuw op te richten afdeling een interne afdeling binnen de Amsterdamse politie vormen, met specifieke kennis en expertise over discriminatie, haatzaaien en haatmisdaden in Amsterdam en regiogemeenten, die zich zou bezighouden met het bevorderen van opsporing en identificatie, rapportage en onderzoek. Ook zou de afdeling een laagdrempelig contactpunt zijn voor politieagenten om vragen te stellen en slachtoffers door te 9
https://rm.coe.int/fifth-report-on-the-netherlands-dutch-translation-/168094c8f5
10
https://drive.google.com/file/d/10B5I4MxT5cMHbNRHsZAntcsf7L9TSc0M/view?usp=sharing (blz.86)
3
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
verwijzen, en om werkmethoden en trainingen te kunnen volgen. Hoe past dit voorstel binnen het bestaande beleid van de gemeente? In het Antidiscriminatiebeleid 2015-201911 wordt expliciet de goede registratie en vervolging van discriminatie-incidenten als doel van het beleid genoemd. Bovendien zou de afdeling trainingen ontwikkelen en verzorgen betreffende het herkennen en bestrijden van discriminatie en omgaan met meldingen en aangiftes van slachtoffers in lijn met een subdoel van het antidiscriminatiebeleid, namelijk “Politiemensen krijgen trainingen in het herkennen en bestrijden van discriminatie en in het omgaan met meldingen en aangiften van slachtoffers." In het Stedelijk Handhavingsprogramma 2017-2018 is ‘treiteraanpak’ als handhavingsprioriteit opgenomen. Deze streeft ernaar om “intimidatie in de woonomgeving, herhaaldelijk terugkerend wangedrag van personen of groepen tegen specifieke personen of huishoudens” tegen te gaan. Hieraan is toegevoegd: “Het stelselmatig treiteren, ofwel het intimideren, kan een discriminerend karakter hebben.” De afdeling zou als onderdeel van deze treiteraanpak beschouwd kunnen worden. Een andere optie is om in het Stedelijk Handhavingsprogramma een nieuwe handhavingsprioriteit te creëren met als doelstelling het aanpakken van discriminatie en haatmisdrijven.
Het Regionaal Veiligheidsplan (RVP) Amsterdam-Amstelland 2019-202212heeft met betrekking tot het bestrijden van discriminatie een aantal streefdoelen geformuleerd. Het hoofddoel is het behoud van een tolerante regio waar geen ruimte is voor racisme, uitsluiting en discriminatie, waar slachtoffers zich gehoord en serieus genomen voelen en waar daders worden aangepakt. Het RVP beoogt dit te doen met een proactief strafrechtelijk optreden, door de verbondenheid en de meldings- en aangiftebereidheid te verbeteren, door instrumenten te ontwikkelen om het politieoptreden te monitoren en door interventies zichtbaar en herkenbaar te maken voor zowel slachtoffers als daders. Daarnaast zet de gemeente zich in om de aangiftebereidheid te vergroten. Maatschappelijke relevantie Haatmisdrijven zijn een aanslag op onze fundamentele rechten, ze ondermijnen het recht op menselijke waardigheid en individualiteit en ze schaden het recht op gelijke behandeling en bescherming.
Het VN mensenrechtenkader vereist dat lidstaten gelijke behandeling en bescherming garanderen.13 Daarbovenop wordt in de Aanwijzing Discriminatie van het Openbaar Ministerie benadrukt dat discriminatie en haatmisdrijven de bescherming van de openbare orde, bescherming van onbelemmerd maatschappelijk functioneren van groepen en bescherming van individuele personen belemmeren.14 De Aanwijzing Discriminatie van het OM geeft aan dat het mogelijk aanwezig zijn van een discriminatie-aspect een zwaarwegende indicatie voor opsporing en vervolging is.15 Ook benadrukt CERD dat het de plicht is van het OM om te verzekeren dat een racistische drijfveer volledig onderzocht wordt. Daarnaast is het een overtreding van artikel 2 en artikel 6 van het Internationaal 11
http://drive.google.com/file/d/1otd4pNlIWEKquNkStNcL7qioTTWzOSc4/view?usp=sharing
12
http://drive.google.com/file/d/1bPqlh5HGmlGrQodCX9xAvcBj02hzi5TK/view?usp=sharing.
13
Prosecuting Hate Crimes a Practical Guide, OSCE Office for Democratic Institutions and Human Rights (ODIHR) (2014) 14
https://www.om.nl/@104690/aanwijzing-3/
15
https://www.om.nl/@104690/aanwijzing-3/
4
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie (1972, CERD) als er op het eerste gezicht bewijs is van een racistische drijfveer in verband met een ernstig misdrijf en dit niet volledig wordt onderzocht.16 Haatmisdrijven geven het slachtoffer en diens gemeenschap het gevoel geen onderdeel van onze samenleving te zijn. CERD benadrukt het belang van vervolging van rassendiscriminatie en wijst er op dat alle uitingen van racisme de sociale cohesie en de samenleving als geheel ondermijnen. Haatmisdrijven zijn schadelijker dan een geweldsdelict zonder discriminatoire aanleiding omdat haatmisdrijven niet alleen het slachtoffer maar ook alle andere personen met eenzelfde identiteit het gevoel geven geen onderdeel van de samenleving te zijn. Het aanpakken van haatmisdaden doet recht aan wat het slachtoffer is overkomen en ook aan alle anderen die geen melding hebben gedaan. Als deze incidenten niet correct geïdentificeerd worden, kunnen het slachtoffer en hun gemeenschap niet de hulp en genoegdoening krijgen die ze nodig hebben. Dit tast het vertrouwen in het rechtssysteem aan.
Daarbovenop is het essentieel dat haatmisdaden snel geïdentificeerd worden omdat slachtoffers van haatmisdaden een grotere kans op herhaaldelijk slachtofferschap hebben.17 Een goede inrichting van de politie en vertrouwen in een adequate behandeling van discriminatie zaken kan het vertrouwen in de politie en in de overheid in het algemeen vergroten. Ons eerste en essentiële instrument om haatmisdrijven aan te pakken is de politie. Politieagenten zijn vaak als eerste bij een incident. Wanneer zij niet in staat zijn om correct discriminatie of haatmisdrijven te herkennen kan een incident niet adequaat onderzocht, gerapporteerd of vervolgd worden. Bewijsmateriaal kan onherstelbaar verloren raken, waardoor er onvoldoende bewijsmateriaal kan zijn om een incident als een haatmisdaad of discriminatie-incident te vervolgen. Bovendien, er is een strafverhoging voor strafbare feiten met een discriminatoir karakter; als deze strafbare feiten niet correct vervolgd kunnen worden wordt het recht niet volledig toegepast. Slachtoffers zijn vaak de primaire getuigen van een misdaad.
Het is belangrijk dat agenten netwerken weten te bouwen met minderheidsgroeperingen, goed weten om te gaan met slachtoffers met verschillende achtergronden en mogelijk gebruik maken van gespecialiseerde slachtofferhulp om zo de coöperatie te bemiddelen van slachtoffers die moeite hebben om samen te werken met de politie en op deze manier de meldings- en aangiftebereidheid te verhogen. Dat kan onder meer via de eerder genoemde netwerken. Momenteel zijn trainingen en protocols voor politie over discriminatie niet verplicht. Als er een protocol of training is voor agenten is dat op eigen initiatief van de korpschef. In het Nationaal Actieplan tegen Discriminatie (2016) wordt dit tekort bevestigd: “In den brede geldt voor de kwaliteit van de opsporing dat - ondanks de goede prestaties en de inzet van vele professionals - de vakkennis van opsporingsmedewerkers verder op orde moet worden gebracht en dat deze moet
16
Prosecuting Hate Crimes a Practical Guide, OSCE Office for Democratic Institutions and Human Rights (ODIHR) (2014) 17
Directive 2012/29/EU of the European parliament and of the Council of 25 October 2012 establishing minimum standards on the rights, support and protection of victims of crime, and replacing Council Framework Decision 2001/220/JHA.
5
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
aansluiten bij juridische en maatschappelijke ontwikkelingen”.18 De politieagenten moeten de juiste kennis en vaardigheden hebben om discriminatie en haatmisdrijven effectief aan te kunnen pakken. Nederland voldoet niet aan drie van de criteria die volgens een rapportage van de FRA (2018) ten minste nodig zijn voor effectieve haatmisdrijf rapportage19: 1. Nederland geeft aan haar agenten geen lijst met indicatoren die een vooroordeel kunnen aangeven. 2. In Nederland is er wel een mogelijkheid tot het aangeven van mogelijke vooroordelen in het systeem, het aangeven is echter niet verplicht. Dit maakt de kans op identificatie en rapportage niet onmogelijk, maar wel vele malen kleiner. 3. In Nederland is de training niet verplicht en zijn er weliswaar richtlijnen maar deze zijn niet openbaar. Ook wordt er in Nederland bij de rapportage geen onderscheid gemaakt tussen discriminatie-incidenten en haatmisdrijven, terwijl het verschil in graad van ernst vrij groot is. In de Kamerbrief over discriminatie (2018) wordt het voornemen van de ADV’s, politie en het OM uitgesproken om discriminatie-incidenten tijdig en op effectieve wijze op te pakken en zo betekenisvol mogelijk af te handelen zodat het beste en meeste effect wordt bereikt.
Ook willen zij “ de voortgang van discriminatiezaken monitoren en bewaken, en slachtoffers van discriminatie zo goed mogelijk ondersteunen bij de uitoefening van hun rechten.”20 De Kamerbrief erkent wel dat voor dit soort interventies intensieve samenwerking en overlap van taken nodig is. “Door kennis en deskundigheid te bundelen, kunnen complexe discriminatiezaken effectiever worden aangepakt zonder dat het slachtoffer en de omgeving uit het oog worden verloren”, stellen de drie organisaties. Aanbevelingen voor het voorgestelde nieuwe beleid ● Richt binnen de Amsterdamse politie een afdeling op die is gespecialiseerd in discriminatie, haatzaaien en haatmisdrijven. ● Nodig het LECD, het MDRA, netwerken binnen de politie, vertegenwoordigers van minderheidsgroeperingen, leden van de gemeenteraad en handhaving uit voor een expertmeeting waar zij hun visie kunnen delen over hoe discriminatie, haatzaaien en haatmisdrijven in Amsterdam bestreden kan worden. ● Stel als leidinggevende van de afdeling een hoge politiefunctionaris of een discriminatie officier (OM) aan. ● Zorg dat de afdeling binnen Amsterdamse politiebureaus contactpunten heeft om samenwerking zo laagdrempelig mogelijk te maken.
● Zorg voor samenwerking met het LECD, netwerken binnen de politie en het MDRA om methodes te ontwikkelen om haatmisdrijven te onderzoeken en rapporteren zodat het vervolgingsproces zo efficiënt mogelijk loopt. ● Rust de afdeling uit met experts om werkmethodes te ontwikkelen, door ‘best practices’ van andere landen en suggesties van organen zoals ECRI, OSCE 18
https://drive.google.com/file/d/19_g6_YOggcN302ntgF31ylN-5bHXjpy1/view?usp=sharing Hate crime recording and data collection practice across the EU (2018) 20 https://drive.google.com/file/d/1r0BV8kAN5T7i_XASldzbBlgkmEgLnWUq/view?usp=sharing 19
6
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
●
●
●
en CERD te implementeren, om zo het rapportage en onderzoeksproces zo efficiënt en effectief mogelijk te maken. ○ Neem hierbij bijvoorbeeld onder andere Spanje en Zweden als voorbeeld ■ De Service for Hate Crimes and Discrimination in Spanje coördineert het vervolgen van haatmisdrijven en discriminatieincidenten, door bijstand te verlenen aan eisers of zelf complexe zaken af te handelen. De dienst heeft ook een protocol ingevoerd met instructies voor de politie over het identificeren en rapporteren van haatmisdrijven en een doorverwijzing naar de hulpverlenende instanties voor slachtoffers.21 ■ In Zweden is er bij het schrijven van een proces-verbaal een herinnering geïntegreerd om over mogelijke vooroordelen te vragen en een electronische ‘pop-up’ die een definitie van haatmisdrijven geeft.22 ■ In Stockholm, Zweden is er: ● training voor politieagenten, inclusief voor de dispatch en de meldkamer op het gebied van haatmisdrijven; ● een lijst met vooroordelen waar agenten op moeten letten als er vermoed wordt dat er een discriminatoir motief is; ● een protocol over het identificeren, onderzoeken en opsporen van haatmisdrijven; ● een speciale afdeling gespecialiseerd in discriminatie en haatmisdrijven met contactpunten binnen alle politiebureaus, deze afdeling ontwikkelt werkmethoden en haatmisdrijven-onderzoeken en coordineert trainingen binnen de afdeling; ● een groep
‘hate-crime officers’ die actief werken met minderheidsgroeperingen en belangengroepen om de aangiftebereidheid te vergroten; ● een contactpersoon bij het OM die samenwerkt met de politie om methodes te ontwikkelen om haatmisdrijven te onderzoeken en te rapporteren zodat vervolgens het vervolgingsproces zo efficiënt mogelijk loopt. Waarborg door dialoogavonden, werkgroepen en expertmeetings regelmatig contact met verschillende belangengroepen en minderheidsgroeperingen om zo informatie en data uit te wisselen, ideeën voor verbetering op te doen, de effectiviteit van verschillende maatregelen te peilen, het vertrouwen in de politie en het gevoel van betrokkenheid te vergroten. Stel een aantal ‘hate-crime officers’ aan die actief werken met minderheidsgroeperingen, scholen en belangengroepen om de aangiftebereidheid te vergroten. Maak ontwikkelde trainingen en werkmethodes openbaar, om zo te zorgen dat slachtoffers weten wat ze kunnen verwachten en het vertrouwen in de
21
https://drive.google.com/file/d/10B5I4MxT5cMHbNRHsZAntcsf7L9TSc0M/view?usp=sharing (blz.78)
22
https://drive.google.com/file/d/1P3HoiVpI9j2XeFmwq_XmivVOs9Op14LF/view?usp=sharing (blz.9)
7
Jaar Afdeling Nummer Datum
2020 1 <gemblnr>
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad
R
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van
●
politie te vergroten. Maak in samenwerking met de netwerken binnen de politie een contactpunt voor slachtoffers, waar slachtoffers de voortgang van discriminatie zaken kunnen monitoren en naar de juiste hulpverlenende instanties verwezen kunnen worden.
Stukken Meegestuurd Ter inzage gelegd
n.v.t. Het lid van de gemeenteraad van Amsterdam
J.A. Veldhuyzen (BIJ1)
8