CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Initiatiefvoorstel

RAAD 22 januari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Stop reclame die bijdraagt aan de klimaatcrisis van de leden Van Pijpen en Bakker en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel (VN2025-010987)8.482 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

17 alinea's met “griffie”: 1 12 17 23 28 33 39 44 50 63 76 82 87 93 104 115 130

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 21 januari 2026

Van Datum Portefeuille Agendapunt

De leden 22 april 2024 Openbare Ruimte en Groen (33) 4 Onderwerp

Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Stop reclame die bijdraagt aan de klimaatcrisis van de leden Van Pijpen en Bakker en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel De gemeenteraad van Amsterdam besluit

gezien:

• het initiatiefvoorstel Stop reclame die bijdraagt aan de klimaatcrisis van de leden Van Pijpen en Bakker van 22 april 2024 en gewijzigd op 9 januari 2026; • de bestuurlijke reactie van het college van 6 maart 2025 op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel;

mede gezien de behandeling van het initiatiefvoorstel in de raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water van 26 juni 2025;

1. fossiele reclame en vleesreclame in de openbare ruimte van Amsterdam te verbieden door: a. de bijgevoegde wijzigingsverordening APV Reclameverbod fossiele reclame vast te

stellen; b. zo snel mogelijk tot ambtelijke afstemming te komen tot een passende hoogte van een bestuurlijke boete en deze zo snel mogelijk op te nemen in de verordening bestuurlijke boete; c. het college opdracht te geven tot het vaststellen van beleidsregels over het voorgestelde verbod met oog op de invulling van het criterium 'directe nabijheid van het pand'; d. het college opdracht te geven de exploitanten van reclamedragers in Amsterdam te wijzen op de wijziging in de plaatselijke verordening en het gemeentelijk reclamebeleid, teneinde fossiele reclames en vleesreclames die onder het verbod vallen te weren. Zo hebben de exploitanten ruim de tijd om zich op de aanpassing van de regelgeving voor te bereiden; 2. bij het Rijk erop aan te dringen om tot een landelijk verbod op fossiele reclames en vleesreclames te komen. Het landelijke verbod zou niet alleen in de buitenruimte, maar ook in de (social) media, culturele en educatieve instellingen en sport dienen te gelden; 3. het college te verzoeken om in het eerste kwartaal van 2026 de voortgang van de genoemde acties aan de raad mee te delen; 4. het college te verzoeken om in het aangekondigde gewijzigde beleidskader buitenreclame op te nemen dat reclame voor of door bedrijven in de kolen-, olie- of gassector en luchtvaartsector wordt geweerd. Wettelijke grondslag

artikel 147a, eerste lid van de Gemeentewet

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD Initiatiefvoorstel

Introductie Wereldwijd bevinden we ons in een klimaatcrisis. De Aarde is zodanig onnatuurlijk aan het opwarmen dat dit catastrofale gevolgen heeft voor onze samenleving en de natuur: hittegolven, droogte, bosbranden, tekort aan drinkwater, mislukte oogsten, stormen en overstromingen. In veel landen gaat het om leven of dood. Ook in Amsterdam krijgen we in steeds grotere mate te maken met de gevolgen van klimaatverandering. Het is geen kwestie meer van óf maar van wannéér de volgende extreem hete en droge zomer voor de deur staat met ongezond hete pleinen, verpieterde parken en verergerde luchtvervuiling op straat. De noodzaak om in actie te komen voor een leefbare toekomst is groot. Het voltallige College van B&W omschrijft deze urgentie, alle opgaven en de uitdagingen in het visiedocument 'Onze Stad van Morgen -duurzame toekomst gemeente Amsterdam'. Hierin wordt de toewijding vastgelegd om 'alles op alles te zetten' om klimaatverandering tegen te gaan. De stad ondergaat drie transities: naar duurzame energie, naar een circulaire economie en naar een groene, gezonde stad. Een belangrijk onderdeel van de aanpak is het verminderen van de CO2-uitstoot waar de gemeente invloed op heeft. Het streven is om 60% minder uit te stoten in 2030 ten opzichte van 1990 en om in 2050 helemaal geen uitstoot meer te veroorzaken.

Daarvoor zijn er bijvoorbeeld plannen om in de stad uiteindelijk helemaal geen verkeer toe te staan dat rijdt op verbrandingsmotoren met fossiele brandstoffen. Behalve schadelijk voor het klimaat, zijn de emissies die vrijkomen ook schadelijk voor de gezondheid; aanpak van luchtvervuiling leidt tot verbetering van de gezondheid van Amsterdammers waardoor ze langer én in betere gezondheid kunnen leven. Het nemen van klimaatmaatregelen door de overheid is geen vrijblijvende keuze. Overheden zijn daartoe verplicht op basis van het internationale recht en het belang van de bescherming van mensenrechten. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft geoordeeld dat adequaat klimaatbeleid noodzakelijk is om in lijn te handelen met het EVRM.[1] De gemeente heeft dus een positieve verplichting om klimaatmaatregelen te nemen.[2] Het Internationaal Gerechtshof heeft bevestigd dat overheden zich dienen in te spannen om te doen wat binnen hun mogelijkheden ligt gericht op het beperken van de gemiddelde mondiale temperatuurstijging tot maximaal 1,5oC. Aangezien die drempel op het punt staat te worden overschreven, zijn overheden gehouden om op korte termijn een pakket van effectieve maatregelen te ontwikkelen en implementeren. Het is evident dat een breed palet aan beleidsinstrumenten nodig is.

Wat betreft het voorgestelde verbod op fossiele reclames in de openbare ruimte blijkt uit een eerder wetenschappelijk advies dat een dergelijk verbod een noodzakelijke beleidsmaatregel is, omdat de overheid anders dweilt met de kraan open.[3] Aangezien decentrale overheden bevoegd zijn ten aanzien van de openbare ruimte, ligt het in de rede dat een palet aan maatregelen van een gemeente ook een verbod omvat op fossiele reclames in de openbare ruimte. Een dergelijk verbod is verbonden aan diverse doelstellingen van algemeen belang die de gemeente nastreeft. Ten behoeve van het klimaat, het milieu en de volksgezondheid is het van belang dat er minder fossiele consumptie en consumptie van vlees plaatsvindt en dus dat die consumptie niet verder wordt aangejaagd door reclames.

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD Er is een direct verband tussen reclames en meer consumptie van fossiele brandstoffen, evenals tussen de verbranding van fossiele brandstoffen en de bijdrage aan gevaarlijke klimaatverandering. Volgens het IPCC[4] hangt maar liefst 40-70% van de reductiedoelstelling voor het klimaat tot 2050 af van de verandering in consumptiepatronen.[5] Volgens de fracties van GroenLinks en de Partij voor de Dieren strookt de noodzaak van die gedragsverandering niet met het toestaan van reclames die aansporen tot een grotere consumptie van fossiele producten. Reclames die zorgen voor meer fossiele consumptie en daarmee de verbranding van fossiele brandstoffen leiden ook tot negatieve effecten voor het milieu (bijvoorbeeld door de uitstoot en depositie van stikstof) en de volksgezondheid (direct door luchtvervuiling en indirect door klimaatverandering). Ten eerste leidt luchtvervuiling tot een groter risico op diverse vormen van longziekten, zoals astma, COPD en longkanker. Verder leidt luchtvervuiling ook tot een groter risico op hart- en vaatziekten, dementie en vroeggeboorten. Bij kinderen schaadt ongezonde lucht de ontwikkeling van de longen en hersenen. Ieder jaar zijn veel vroegtijdige overlijdensgevallen te wijten aan luchtvervuiling. Ten tweede heeft klimaatverandering negatieve effecten op de volksgezondheid.

Uit onderzoek van het RIVM blijkt dat de effecten van klimaatverandering op de gezondheid nu al optreden.[6] De aanwezigheid van deze schadelijke effecten op mensen in Amsterdam is een reden voor additionele beleidsmaatregelen. Ook los van fossiele consumptie richt de gemeente zich op het bevorderen van duurzamere consumptiepatronen. Binnen de aanpak is ook één van de prioriteiten te komen tot duurzamere consumptie en productie van voedsel, met een aanpak die uiteen is gezet in de 'Uitvoeringsagenda Voedselstrategie 2023-2026 - Hoe voeden we de stad klimaatneutraal en circulair?'. Hierin wordt benadrukt dat de huidige mate van dierlijke consumptie onhoudbaar is. We hebben een overschakeling nodig van dierlijke naar plantaardige eiwitten, want dit 'verlaagt de milieudruk van voedselproductie: het vermindert de enorme hoeveelheid water die nodig is, verlaagt de broeikasgasemissies, vermindert landgebruik en uitputting van de oceanen'.[7] Onderdeel van de voedselstrategie is de verschuiving naar de consumptie van meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten.

Zoals onder meer blijkt uit het rapport van de Gezondheidsraad wordt een belangrijk deel van de milieu- en klimaatimpact van het Nederlandse voedingspatroon veroorzaakt door dierlijke voedingsmiddelen.[8] Naar schatting kan de verschuiving naar een voedingspatroon met 60% plantaardige en 40% dierlijke eiwitten leiden tot een afname van ongeveer 25% in impact ten opzichte van het huidige voedingspatroon, zowel wat betreft de uitstoot van broeikasgassen als voor het landgebruik.[9] Uit onderzoek van de gemeente Amsterdam blijkt dat er een substantiële impact is van de consumptie van dierlijke eiwitten.[10] De verschuiving naar plantaardige eiwitten gaat nu nog te langzaam. Momenteel is slechts 42% van de geconsumeerde eiwitten in Nederland plantaardig.[11] Een verschuiving naar een hogere consumptie van plantaardige eiwitten zou daarom bijdragen aan de gezondheid,[12] en de negatieve druk verminderen op het milieu en het klimaat.9 Bovendien draagt een meer plantaardig eetpatroon bij aan het welzijn van dieren. Ook deze omstandigheden pleiten voor het beperken van reclames die dergelijke consumptie aanjagen. Vlees is verantwoordelijk voor ongeveer 40 procent van broeikasgassen die vrijkomen bij de productie van het voedsel van de gemiddelde Nederlander.[13] Het verbouwen en vervoeren van voer, dieren en vlees veroorzaakt veel uitstoot.

Het gaat daarbij met name om krachtige broeikasgassen zoals uit het 3

Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD verteringsproces (methaan) en uit mest (methaan en lachgas). Daarbij worden voor de teelt van voer en het houden van dieren grote stukken natuurgebied omgezet in bouwland, waarbij broeikasgassen vrijkomen.[14] De productie van vlees verbruikt veel drinkwater en heeft veel ruimte en energie nodig voor het verbouwen en vervoeren van veevoer.[15] Veeteelt neemt het merendeel in van de oppervlakte van alle landbouwgrond, terwijl het de minderheid oplevert van de geconsumeerde calorieën en eiwitten.[16] Daarbij draagt vleesproductie bij aan de mestproblematiek. Stoffen uit mest zoals fosfaat, nitraat en ammoniak, kunnen terechtkomen in het grond- en oppervlaktewater. Dat zorgt voor verzuring en vermesting van de natuur, en daarmee voor een afname van de biodiversiteit op land en in het water. Ook moet het vervuilde oppervlakte- en grondwater extra gezuiverd worden. De consumptie van vlees kan direct en indirect invloed hebben op de volksgezondheid. De indirecte effecten op de volksgezondheid komen vooral voort uit de uitstoot van broeikasgassen als gevolg van vleesproductie, en luchtvervuiling. De ammoniak die vrijkomt bij veeteelt kan reageren tot fijnstof. Het inademen van die fijnstof is ongezond voor mensen. Daarbij bevatten veel vleesproducten sporen van antibiotica, wat een negatief effect kan hebben op de gezondheid van de mens.

Wat betreft de meer directe effecten eten Nederlanders gemiddeld gezien meer vlees dan het Voedingscentrum adviseert.[17] Ook heeft een substantieel gedeelte van de vleesreclames en consumptie betrekking op vet vlees, bewerkt vlees en vleeswaren. Die vleesproducten staan niet in de Schijf van Vijf, met name vanwege een te grote hoeveelheid verzadigd vet, zout en/of suiker. Er bestaat een relatie tussen het eten van rood vlees en vooral van bewerkt vlees en het risico op bepaalde soorten kanker (waaronder darmkanker), diabetes type 2 en beroerte. Vlees bestaat voor een substantieel gedeelte uit verzadigd vet, wat het risico verhoogt op hart- en vaatzieken. De definitie van 'vleesreclame' omvat ook de consumptie van andere dieren, zoals vis. Wat betreft klimaat creëert de visserijsector een aanzienlijke hoeveelheid broeikasgassen.[18] Vissersboten maken vrijwel altijd gebruik van fossiele brandstoffen. De uitstoot wordt vergroot bij het gebruik van sleepnetten en vanwege de steeds langere afstanden die vissersboten moeten afleggen om bij nog bruikbare visgronden te komen. Ook kwekerijen hebben een aanzienlijke koolstofvoetafdruk. Los van de productie van visvoer vraagt ook het zuiveren van water en het onderhoud van bepaalde kweeksystemen veel energie.

Verder levert transport en opslag een grote uitstoot op, mede omdat verse vis, schaaldieren en inktvis moeten worden gekoeld en vaak worden getransporteerd per vliegtuig of andere transportmiddelen die gebruikmaken van fossiele brandstoffen. Wat betreft milieu & biodiversiteit constateert de Gemeente dat visserij vaak plaatsvindt op een industriële schaal. Er is sprake van overbevissing van vele soorten, en in sommige gevallen zelfs een risico op uitsterven.[19] Bijvangst is een groot probleem, waardoor er meer zeedieren sterven dan worden geconsumeerd. Het voorgaande heeft negatieve effecten op de gehele voedselketen die afhankelijk is van vis, waaronder zeevogels en zeezoogdieren. Verder tast visserij de natuur aan. Zo kan het gebruik van sleepnetten de zeebodem ernstig verstoren. Daarnaast is een substantieel gedeelte van het afval in de oceanen en op stranden afkomstig van de visserij. Dat afval kan zelf ook nadelige effecten hebben, bijvoorbeeld als zeeleven afval opeet of erin verstrikt raakt. Voor kweekvis geldt dat het voer vaak bestaat uit zeeleven dat elders is opgevist. Ook kweekvis legt dus druk op de biodiversiteit. Ongeveer een kwart van alle gevangen wilde vis wordt gevoerd aan

4 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD kweekvis. Voor het aanleggen van kwekerijen, bijv. voor vis en garnalen, worden dikwijls kwetsbare ecosystemen aangetast die van groot belang zijn voor de biodiversiteit, zoals mangrovebossen. Het behoud van dergelijke ecosystemen is ook van belang voor klimaatadaptatie bij een stijgende zeespiegel. Bij open kweeksystemen, die in verbinding staan met de zee of een rivier, is mestproductie een probleem. Dat kan zorgen voor overbemesting of vervuiling van het water. Verder wordt er in kwekerijen veelvuldig gebruik gemaakt van antibiotica en andere medicijnen. Naar schatting zal het gebruik van antimicrobiële middelen in de viskweek tot 2030 wereldwijd met 33 procent toenemen ten opzichte van 2017.13 Dat kan leiden tot resistenties tegen bepaalde middelen. Ook kunnen die middelen zorgen voor vervuiling van de omgeving, waaronder drinkwaterbronnen. De noodzaak om fors in te zetten op deze terreinen wordt breed gedeeld, en heeft betrekking op alle beleidsterreinen en verantwoordelijkheden van de Gemeente Amsterdam. Er is een gemeentelijk belang bij het beperken van fossiele consumptie die bijdraagt aan klimaatverandering en schade aan de volksgezondheid. Dat betekent dat er ook een gemeentelijk belang is bij het beperken van (reclame-)uitingen in de openbare ruimte die oproepen tot meer consumptie van deze producten.

Reclame werkt, dus reguleren is nodig Er is veel onderzoek gedaan naar de effecten van reclame en de wijze waarop dit het consumptiegedrag van burgers aanjaagt. Dat het effect heeft blijkt natuurlijk alleen al uit de gigantische bedragen die erin om gaan. In Nederland werd in 2024 bijna €7 miljard besteed aan reclames.[20] Het segment reclames in de openbare ruimte, (ook wel: buitenreclame of Out-Of-Home) groeit. JCDecaux, één van de grote buitenreclame exploitanten ter wereld én ook actief in Amsterdam, had in 2022 een mondiale winst van bijna €3,5 miljard (!). Het feit dat alle exploitanten betalen aan gemeenten voor het recht om reclame te laten zien is ook veelzeggend. Er bestaat een sterk verband tussen reclame en consumptiegedrag met sterk ongewenste effec ten. Reclames zijn naar hun aard gericht op het vergroten van vraag voor producten van de adverteerder.[21] De consumptie van fossiele producten gaat gepaard met de uitstoot van schadelijke stoffen zoals broeikasgassen, stikstof en luchtvervuiling zoals fijnstof. Die uitstoot draagt bij aan klimaatverandering en een slechtere luchtkwaliteit, en heeft daarmee negatieve effecten op het welzijn en de gezondheid – waaronder die van inwoners en bezoekers van Amsterdam. Reclame in de openbare ruimte is uitermate effectief voor het beïnvloeden van consumptiepatronen. Dat gebeurt grotendeels ook onbewust.

Onderzoek van de reclamebranche bevestigt dat. Proefpersonen liepen een route door de stad waar, zonder dat zij dit wisten, onderweg chocoladereclame was neergezet. Daarna gingen ze naar de supermarkt en kochten zij allen precies die chocolade waar de reclame over ging.[22] In het Verenigd Koninkrijk is onderzoek gedaan naar de bijdrage van reclame aan de CO2 uitstoot.[23] Gemeten werd hoeveel meer emissie werd gerealiseerd door de gestegen verkoop van producten als gevolg van reclame. En de uitkomsten waren – in onze optiek – schokkend. Reclame voegt 28% toe aan de jaarlijkse CO2 footprint van elk individueel persoon in het Verenigd Koninkrijk. Er is geen reden om aan te nemen dat in Nederland veel anders is. Integendeel: uit diverse rapporten van Nederlandse onderzoeksinstellingen (zie ook hieronder) blijkt dat ook in Nederland het effect van reclame op consumptie aanzienlijk is. Daarbij constateert de gemeente dat reclame een normaliserend effect heeft op (de consumptie van) het betreffende product.[24] Dat werkt ondermijnend op het overheidsbeleid gericht op de beperking van de consumptie daarvan. Fossiele reclame leidt tot normalisering van fossiele 5

Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD producten, en dat leidt tot minder draagvlak voor klimaatmaatregelen. Hoe meer fossiele reclames mensen zien, hoe lastiger het dus zal zijn om de consumptie van deze producten in te perken. Dat betekent ook dat het lastiger wordt voor de gemeente om haar klimaatdoelstellingen te behalen gericht op een lagere uit- stoot van broeikasgassen. Reclame heeft dus veel effect. Op het gedrag van mensen én op de uitstoot van CO2 met alle ernstige gevolgen van dien voor het klimaat en gezondheid. Gelet op het effect van reclame staat het toestaan van reclame voor fossiele producten in de openbare ruimte haaks op de doelstellingen van de gemeente. Er is dus alle reden voor een verbod op dergelijke reclames. Ook diverse organisaties, adviesorganen en wetenschappelijke publicaties wijzen op het belang en de effectiviteit van een verbod op reclame. De initiatiefnemer verwijst naar adviezen aan de overheid van onder meer TNO,[25] de Wetenschappelijke Klimaatraad,[26] het Planbureau voor de Leefomgeving,[27] de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid,[28] de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur,[29] CE Delft[30] en D&B.[31] Een commissie van 12 (gedrags-)wetenschappers noemt een verbod op fossiele reclame zelfs een essentiële maatregel,[32] waarbij zij opmerken dat er (uiteraard) ook andere maatregelen nodig zijn.

Deze adviezen zijn mede relevant voor de lokale overheid, omdat reclames in de openbare ruimte van de gemeente oproepen tot meer consumptie. Het is dus bij uitstek een onderwerp waar een gemeente als Amsterdam beleid op dient te ontwikkelen. Dat blijkt ook uit de publicatie 'How cities can restrict carbon-intensive advertising' van C40, het internationale samenwerkingsverband van grote steden waar ook Amsterdam deel van uitmaakt.[33] Ook andere organisaties bevestigen het belang van een verbod op fossiele reclame. Zo is de Glo- bal Climate and Health Alliance, een wereldwijd netwerk van meer dan 200 gezondheidsorganisa ties, waaronder de WHO, helder over het belang van een reclameverbod. De organisatie roept op tot 'proven public health measures to be applied to fossil fuels as for other health harming com- modities such as tobacco', waarbij een van de aanbevolen maatregelen is: 'Ban fossil fuel adver- tising'.[34] Reclame in Amsterdam - de duurzame koploper?! Amsterdam is in vele opzichten wereldwijd een duurzame en progressieve koploper. Al in december 2020 werd op initiatief van GroenLinks aangenomen genaamd 'Amsterdam vrij van fossiele reclame' , met steun van de PvdA, de Partij voor de Dieren, DENK en de SP.

De motie stipt aan dat er nog volop reclame wordt gemaakt voor producten en diensten die het gebruik van fossiele brandstoffen aanjagen, terwijl dit niet past bij het duurzaamheidsbeleid van Amsterdam. Expliciet noemt de motie de voorbeelden van vliegvakanties en bedrijven die primair werken in de kolen- en oliesector. De raad riep met deze motie op om te onderzoeken hoe reclame en marketingevenementen voor fossiele producten kunnen worden teruggedrongen in de openbare ruimte. Het gevolg van deze motie was dat er vanaf mei 2021 in de Amsterdamse metrostations geen reclame meer te zien is voor producten waar fossiele brandstof voor nodig is. Dus geen reclame meer voor benzineauto's of vliegtickets. Amsterdam was de eerste stad ter wereld die deze stap nam. Hierna volgen verschillende steden van Zwolle tot Stockholm en van Amersfoort tot Yarra in Australië met vergelijkbare beperkingen en verboden op fossiele reclame in de openbare ruimte.[35] De gemeentes Den Haag en Bloemendaal hebben inmiddels een verbod op fossiele reclame opgenomen in de plaatselijke verordening. Ook de gemeente Zwolle heeft op 16 juni 2025 besloten een verbod op fossiele reclame in de APV te gaan opnemen.[36] In Nederland namen vele steden het voortouw met een uitbreiding van het verbod.

Haarlem was de eerste stad die ook een verbod op vleesreclames instelde en vulde Groningen het verbod aan met vlees- en alcoholreclames[37]; Bloemendaal vulde

6 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD het verbod aan met vlees- en zuivelreclames[38]; de Utrechtse gemeenteraad sprak uit om ook geen reclame meer te willen voor vlees- gok- en alcoholreclames.[39] In de tussentijd was er vanuit Amsterdam, vanuit het College en de Raad, veel steun voor het verruimen van de impact van een reclameverbod op fossiele producten. Door lopende contracten zijn er nog geen volgende stappen genomen en is Amsterdam dus helaas achtergebleven. Het is vooralsnog gebleven bij een convenant met de aanbieder van reclames in metrostations om een (zeer) beperkt aantal reclames waar fossiele brandstof een rol speelt te beperken. De wens van College en van de gemeenteraad om een klimaatvriendelijk reclamebeleid te voeren is vooralsnog dus onvoldoende zichtbaar in de stad. Nog steeds hangt de openbare ruimte van de stad er vol mee. Behalve reclame voor producten van de fossiele industrie wordt iedereen die zich door Amsterdam verplaatst via reclame verleid om vleesproducten te nuttigen. Reclame voor hamburgers en chickenwings vliegen je om de oren. De motie van Amsterdam heeft wereldwijd enorme impact gehad. Het heeft de weg bereid voor vele andere gemeenten in de wereld om aan de slag te gaan met een duurzaam reclamebeleid. Inmiddels is Amsterdam, ongewenst, in de achterhoede terechtgekomen. Het is daarom tijd voor de volgende stappen.

De indieners zien twee belangrijke stappen: het aanscherpen van de definitie van niet-duurzame reclame én het opnemen van de beperkingen in de APV. De fracties van GroenLinks en de Partij voor de Dieren vinden dat het tijd is om via het gemeentelijke reclamebeleid alles op alles te zetten om binnen haar invloedssfeer maatregelen te nemen gericht op het tegengaan van klimaatverandering. Dit voorstel is er daarom op gericht om in de gehele openbare ruimte fossiele- en vleesreclame onmogelijk te maken via een wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Amsterdam neemt hiermee een volgende belangrijke stap voor een rechtvaardig en duurzaam beleid. Waarom in de APV: de juridische context Zoals hierboven aangegeven is er een brede consensus over de bijdrage die een reclameverbod kan opleveren. Verscheidene gezaghebbende adviesorganen én een groep wetenschappers die over dit onderwerp advies uitbrachten aan de overheid stellen dat reclame voor producten die schadelijk zijn voor het klimaat moeten worden verboden.[40] De rapporten van de Wetenschappelijke Klimaatraad en de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur verwijzen expliciet naar het weren van reclames in de lokale openbare ruimte, wat primair de bevoegdheid is van de gemeente. Mede gelet op het gemeentelijke belang dat hierbij betrokken is, is er reden om op lokaal niveau regels te stellen.

Er zijn verschillende manieren om reclame-uitingen te verbieden in de openbare ruimte. Dat kan via een plaatselijke verordening (de publiekrechtelijke weg) of via contracten met exploitanten (de privaatrechtelijke weg). In dit initiatiefvoorstel kiezen GroenLinks en de Partij voor de Dieren bewust voor opname in de APV als instrument; de publiekrechtelijke weg. Het initiatiefvoorstel kiest voor de publiekrechtelijke route vanwege de volgende redenen. Ten eerste zijn de geschetste problemen die gepaard gaan met fossiele consumptie zodanig urgent dat de initiatiefnemer onvoldoende reden ziet om te wachten tot de huidige contracten van de gemeente zijn afgelopen en pas daarna nieuwe, aangepaste contracten aan te gaan. Het instrument van een plaatselijke verordening heeft dus sneller effect. Ten tweede heeft een reclameverbod in de plaatselijke verordening een breder bereik, omdat het in beginsel alle reclame-uitingen in de openbare ruimte betreft die vallen onder het verbod en niet enkel de reclame-uitingen die worden getoond op basis van een contract met de gemeente. Bovendien schept APV schept de duidelijkheid en creëert een 'level playing field' voor alle betrokkenen; exploitanten van reclame-uitingen en de reclamemakende bedrijven.

7 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD Een reclameverbod via de APV is rechtmatig. De gemeenteraad is bevoegd om verordeningen te maken of aan te passen die de raad nodig acht in het belang van de gemeente (artikel 149 Ge meentewet). Uit het voorgaande blijkt dat een verbod op fossiele reclame in de openbare ruimte het publieke belang van de gemeente dient. De gemeente heeft dan ook de bevoegdheid om reclameuitingen in de openbare ruimte te verbieden. Initiatiefnemers sluiten wat betreft de werkingssfeer aan bij de reeds bestaande regulering voor reclames in de APV (hoofdstuk 4 paragraaf 4 APV). Het betreffende belang voor de gemeente hangt samen met doelstellingen op het gebied van het milieu, het klimaat en de lokale volksgezondheid. Gelet op dit openbare en lokale belang voldoet het reclameverbod dus aan de 'ondergrens' voor het stellen van regels. Ook voldoet het reclameverbod aan de 'bovengrens' voor het stellen van regels. Er is namelijk geen regelgeving op Europees, nationaal of provinciaal niveau die deze kwestie al uitputtend regelt. Er is dus geen sprake van hogere regelgeving die in de weg staat van het reclameverbod. Het is overigens niet nieuw om regels te stellen voor reclame in de APV. De openbare ruimte is per definitie publiek en in de APV worden allerhande zaken vastgelegd over de inrichting en verboden in de openbare ruimte.

Reclame in de openbare ruimte, en wat daarin wel of niet mag, is dan ook al een onderdeel van de APV. Diverse juridische analyses bevestigen dat het mogelijk is om (fossiele) reclames te weren, en dat een dergelijke regeling gerechtvaardigd kan worden onder het EU-recht en het EVRM. Dat blijkt onder meer uit het memorandum in opdracht van Circulaw,[41] artikelen in juridische tijdschriften.[42][43] en diverse andere publicaties.[44] Onlangs heeft de rechtbank Den Haag de genoemde juridische analyses bevestigd.[45] De rechtbank oordeelde dat het juridisch mogelijk is voor de gemeente om fossiele reclames te weren. Die uitspraak kwam voort uit een kort geding aangespannen tegen de APV van de gemeente Den Haag met een verbod op fossiele reclames. De rechtbank heeft getoetst aan (i) de bevoegdheid van de gemeente, (ii) vrijheid van meningsuiting zoals beschermd door de Grondwet, het EVRM en het Handvest van de grondrechten van de EU, (iii) de richtlijn oneerlijke handelspraktijken, (iv) het vrij verkeer van goederen en diensten, (v) de vrijheid van ondernemerschap en (vi) de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (waaronder het lex certa-beginsel, het evenredigheidsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel en het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel). De rechtbank heeft alle argumenten van eisers afgewezen, en de APV in stand gelaten.

Het reclameverbod is gerechtvaardigd omdat het passend, noodzakelijk en evenredig is. Het reclameverbod is gericht op het beschermen van publieke belangen gerelateerd aan klimaat, milieu en de volksgezondheid. Wij zien het reclameverbod als een belangrijke maatregel voor het beperken van de consumptie van fossiele producten, mede in het licht van het normaliserende en beleidsondermijnende karakter van fossiele reclames. Er zijn dus gegronde redenen voor de maatregel. Initiatiefnemers hebben hierboven reeds verwezen naar diverse adviesrapporten die concluderen dat een verbod op fossiele reclames een geschikte en passende maatregel is. Voor de volledigheid zetten initiatiefnemers hieronder nog relevante passages neer. Het advies van de sociale wetenschappers concludeert dat een verbod op fossiele reclame een essentiële maatregel is. Relevante passages zijn onder meer:

• 'De wetenschappers zien een verbod op fossiele reclame als een essentiële maatregel om een duurzame transitie te bewerkstelligen en versnellen, maar tekenen ook aan dat zo'n reclameverbod alleen niet voldoende is' (p. 3).

8 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD • 'Fossiele reclame houdt de transitie naar een duurzamere samenleving tegen. Fossiele reclame

vergroot voorkeuren voor niet-duurzame producten en diensten, en verleidt mensen om meer te consumeren' (p. 3). • 'Een verbod op fossiele reclame stimuleert duurzame transities' (p. 3). • 'Fossiele reclames ondermijnen klimaatbeleid' (p. 3). Het advies van TNO ('Anders consumeren om klimaatdoelen te halen') concludeert onder meer als volgt:

1. 'Wat kunnen beleidsmakers doen? […] Beperken van reclame voor klimaatbelastende producten en diensten, net als bij tabak is gebeurd' (p. 32). 2. 'Een experiment laat bijvoorbeeld zien dat na het zien van reclame voor vliegreizen mensen de verantwoordelijk van verduurzaming meer bij anderen leggen, en dat mensen die al minder bezorgd zijn over het klimaat de gevolgen van vliegen minder gaan onderkennen' (p. 31). Het advies van PBL ('Integrale Circulaire Economie Rapportage') concludeert onder meer als volgt:

• 'Een blijvende actieve inbreng in de verdere uitwerking van deze EU-beleidssporen is dan ook

van groot belang voor het realiseren van een circulair Nederland. Nederland kan op onderdelen vooruitlopen op deze besluiten. Denk daarbij aan [opsomming van diverse beleidsmaatregelen] en het verbieden van reclame op bepaalde producten en diensten met een hoge milieu-impact [onderstreping toegevoegd]' (p. 46).

Het advies van D&B ('de gedragseffecten van maatregelen gericht op het verminderen van de koopprikkel'') concludeert onder meer als volgt:

• 'Experts benadrukken dat een verbod op fossiele reclame een belangrijke stap kan zijn in de

transitie naar een duurzamere samenleving. Zo'n verbod betref diverse sectoren en gedragingen. Fossiele voorbeeldgedragingen variëren van 'vliegreizen' tot 'fast fashion'.' (p. 67). • 'Fossiele reclames stimuleren de verleiding tot consumptie en normaliseren niet-duurzaam gedrag. Zo informeren ze consumenten niet enkel over opties op de markt, maar creëren ze ook nieuwe behoeften of beïnvloeden ze voorkeuren. Bovendien kunnen reclames consumptiegedrag aanzienlijk verhogen. Zo suggereert een geaggregeerde studie bijvoorbeeld dat advertenties 7% van de stijging in consumptie verklaren' (p. 7). • 'Uit het onderzoek blijkt dat advertenties een merkbare invloed hebben op consumptiegedrag, vooral via de verlangens tot aankopen die ze oproepen. De directe invloed van advertenties op koopgedrag is klein, maar hun vermogen om verlangens te versterken speelt een grote rol bij het stimuleren van consumptie.' (p. 7). • 'Vanuit de gedragswetenschap wordt een verbod op reclame beschouwd als een belangrijke stap om de gewenste norm te stellen en blootstelling aan prikkels die overconsumptie stimuleren te verminderen. Hoewel de directe gedragseffecten van een dergelijk verbod moeilijk meetbaar zijn, wijzen onderzoeken naar vergelijkbare maatregelen in andere domeinen op positieve en significante effecten op intenties en gedrag' (p. 10).

Het advies van de RLi ('Weg van de Wegwerpmaatschappij') concludeert onder meer als volgt:

• 'Reclames voor niet-duurzame producten moeten op termijn worden geweerd. Begin daarmee door zowel lokaal als op nationaal niveau reclames te weren uit de publieke ruimte' (p. 41).

Het advies van CE Delft ('True pricing van consumptiegoederen') concludeert onder meer als volgt:

9 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD • 'Om te komen tot een grootschalige transitie is er een samenhangende beleidsmix nodig

(beprijzen, normeren, informeren). We zien dat het combineren van instrumenten de effectiviteit van losstaande instrumenten kan verhogen. Bij het formuleren van nieuw beleid dient er met extra aandacht gelet te worden op de inrichting van de fysieke en sociale omgeving. Deze dimensies worden vaak onvoldoende opgenomen bij het formuleren van nieuw beleid. Hierbij kan gedacht worden aan een verbod op fossiele reclames en productnormen om de fysieke en sociale omgeving te beïnvloeden. [onderstreping toegevoegd]' (p. 47). • 'Zoals blijkt uit de analyse over effectiviteit van gedragsprikkels, is het ook belangrijk om de economische, fysieke en sociale omgeving aan te pakken, met maatregelen die zich richten op de context waarin de consument opereert. Een voorbeeld van zo'n maatregel is het verbieden van fossiele reclame: dit is een andere manier om alleen de gewenste informatie bij de consument te krijgen' (p. 53). Het advies van de WRR ('Goede Zaken') concludeert onder meer als volgt:

• 'Beleid dat beprijzing en normering doelgericht combineert, heeft de grootste kans op resultaat.

Het getuigt bovendien van een realistisch perspectief op het gedrag van burgers en consumenten. Hardnekkige kooppatronen zijn niet alleen via hogere prijzen te doorbreken. Daarvoor zijn ook eisen nodig op het gebied van transparantie, reclame en aanbod in winkels en supermarkten' (p. 13).

Het advies van de WKR ('Met iedereen de transitie in') concludeert onder meer als volgt:

• 'Duurzame keuzes kunnen worden gestimuleerd door duurzame sociale normen te versterken,

prijsbeleid (zoals subsidies voor mensen met beperkte middelen en belastingen voor hoge uitstoters) en normering. Bovendien kan de overheid sterker tegenwicht bieden aan de huidige sociale norm van veel consumeren, bijvoorbeeld door reclames in de openbare ruimte te beperken[onderstreping toegevoegd]' (p. 42).

Uit het voorgaande blijkt als volgt:

1. Overheden hebben ruime mogelijkheden om maatregelen te nemen gericht op milieu,

volksgezondheid en klimaat. Sterker nog: overheden zijn verplicht om adequaat (klimaat)beleid te maken en uit te voeren. 2. Een verbod op fossiele reclame is een geschikte en passende maatregel, zo blijkt onder meer uit de bovenstaande rapporten. Het zorgt ervoor dat de openbare ruimte niet wordt gebruikt voor fossiele reclame die oproept tot meer consumptie. Een verbod op fossiele reclame draagt bij aan relevante publieke belangen die afhangen van het beperken, althans het niet verder stimuleren, van de vraag naar fossiele producten. Ook wegen de initiatiefnemers mee dat een verbod op fossiele reclame bijdraagt aan het draagvlak voor overige maatregelen gericht op het klimaat, het milieu en de volksgezondheid. Voor de toets van geschiktheid en passendheid van de maatregel is het doorslaggevend of de maatregel een bijdrage kan leveren aan het probleem. Dat is het geval, omdat – zo blijkt ook uit de hierboven geciteerde rapporten – de maatregel wordt gezien als een geschikte, passende en zelfs noodzakelijke maatregel als onderdeel van het bredere palet aan klimaatmaatregelen. Het is daarbij niet relevant dat de bijdrage aan klimaatmitigatie relatief beperkt is (het 'drop in the ocean'-argument).

Gelet op de omvang van het probleem van klimaatverandering en het mondiale karakter daarvan zal vrijwel elke overheidsmaatregel van een landelijke of decentrale overheid een relatief beperkte invloed hebben op het klimaat. Maar de optelsom van dergelijke maatregelen is juist noodzakelijk voor een beperking van de uitstoot van broeikasgassen. Sterker nog, overheden

10 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD zijn juist verplicht om klimaatmaatregelen te nemen ook al zal de individuele bijdrage aan klimaatmitigatie beperkt zijn. Dat blijkt onder meer uit uitspraken van Hoge Raad, het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en het Internationaal Gerechtshof.[46] Uit al die uitspraken blijkt dat het 'drop in the ocean'-argument niet kan worden geaccepteerd. Een en ander blijkt ook uit de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 25 april 2025: 'Duidelijk is immers dat een afname van CO2-uitstoot door vermindering van vliegbewegingen, in combinatie met andere door de Gemeente genomen milieumaatregelen, een bijdrage kan leveren aan verbetering van het leefklimaat, waarvan (ook) de inwoners van Den Haag zullen profiteren. Het enkele feit dat de bijdrage van de Gemeente landelijk en mondiaal bezien gering is doet daaraan niet af. Terecht heeft de Gemeente er op gewezen dat alle beetjes helpen en de Gemeente haar steentje wil bijdragen'.[47] Verder oordeelde de rechtbank Den Haag: '[…] de Gemeente [heeft] naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende onderbouwd dat het Reclameverbod geschikt en noodzakelijk is om bij te dragen aan de met het verbod beoogde doelen.

Daarbij heeft de Gemeente toegelicht dat het verbod een bijdrage kan leveren aan het tegengaan van de negatieve effecten van klimaatverandering ten behoeve van de inwoners en de bezoekers van Den Haag en aan het beschermen van hun gezondheid'.[48] Het reclameverbod is niet enkel geschikt en passend, maar ook evenredig gelet op de verschillende belangen. Aan de ene kant is er een commercieel belang bij bedrijven die fossiele reclame maken om blijvend te kunnen adverteren in de openbare ruimte, om zodoende de vraag aan te wakkeren. Aan de andere kant gaat het om de algemene belangen op het gebied van klimaat, milieu en volksgezondheid die de gemeente dient. Het is bij uitstek aan de gemeenteraad om deze belangen af te wegen. Dat blijkt onder meer uit de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 25 april 2025. De uitspraak maakt duidelijk dat de terughoudendheid van de civiele rechter om een belangenafweging door de gemeenteraad te toetsen niet enkel relevant voor kort geding, maar ook voor een eventuele bodemprocedure: 'Het Reclameverbod is onderdeel van de APV van de Gemeente. De Gemeente heeft een grote mate van (beleids-)vrijheid bij het nemen van maatregelen ten behoeve van haar inwoners.

De democratische besluiten die de Gemeente in dit kader neemt zijn onderwerp van debat binnen de gemeenteraad en het is bij uitstek de taak van de gemeenteraad om alle in het geding zijnde argumenten en belangen tegen elkaar af te wegen. Om deze reden dient de burgerlijke rechter – en te meer de voorzieningenrechter in kort geding – zich zeer terughoudend op te stellen bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het handelen van de Gemeente en is er geen plaats voor een eigen 'volle' toetsing door de burgerlijke rechter. Alleen als evident is dat de Gemeente onjuiste of onrechtmatige keuzes heeft gemaakt en in redelijkheid niet tot haar beleid heeft kunnen komen, is plaats voor rechterlijk ingrijpen'.[49] Het beperken van de mogelijkheden die bedrijven momenteel hebben om de vraag naar fossiele producten en diensten te versterken is bij uitstek een publiek belang. De gemeente is bevoegd, en ook gehouden, om binnen het beschikbare instrumentarium adequate maatregelen te nemen. Het reguleren van de openbare ruimte die momenteel wordt ingezet om de vraag naar fossiele producten en diensten aan te wakkeren is bij uitstek een taak van de gemeente. De gemeente mag de betrokken publieke belangen laten prevaleren boven de (financiële) private belangen van aanbieders die fossiele producten verkopen.

Maatregelen die gericht zijn op het beperken van de consumptie van fossiele producten, kunnen naar hun aard een effect hebben op

11 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD bedrijven die uitsluitend of vooral dergelijke producten (blijven) aanbieden. Het Reclameverbod maakt het daarbij makkelijker voor bedrijven om duurzamere keuzes onder de aandacht te brengen, zoals duurzamere vakanties of groene stroomcontracten. Dat kan een extra impuls geven voor aanbieders om sneller over te stappen naar een duurzamer businessmodel.[50] De rechtbank Den Haag oordeelde als volgt over de afweging van enerzijds publieke belangen en anderzijds de commerciële belangen van de eisers in die zaak: 'Tegenover de algemene gezondheidsbelangen van de burgers staat immers slechts het commerciële belang van de adverteerders. Dat die belangenafweging in het nadeel van de adverteerders is uitgepakt mag dan ook geen verbazing wekken. Daar komt nog bij dat de ANVR en TUI niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij onevenredig door het Reclameverbod worden getroffen, nu zij nog diverse andere mogelijkheden over houden om hun producten en diensten aan de man te brengen. Ook de stelling dat het Reclameverbod de door de reisbranche voorgenomen vergroening in de weg staat maakt het oordeel niet anders.

Het is niet aan de Gemeente zich te onthouden van maatregelen ter bevordering van de gezondheid van haar inwoners om op die manier de toekomstige (financiële) positie van de reisaanbieders te versterken'.[51] Voor de proportionaliteit is verder relevant dat het Reclameverbod enkel gaat over reclames voor de hierboven genoemde fossiele producten. Het bevat geen verbod op de fossiele producten zelf. Verder gaat het Reclameverbod uitsluitend over de reclames in de openbare ruimte, omdat die vallen binnen de invloedssfeer van de gemeente. Het Reclame- verbod heeft geen betrekking op fossiele reclame die bijvoorbeeld wordt verspreid via print, radio, tv of digitaal in de gemeente. Wel wordt in het voorstel het college opgeroepen het Rijk hierop aan te spreken. Het voorstel strekt tot reclame-uitingen in de openbare ruimte. Dit initiatief is niet bedoeld om het voor lokale ondernemers onmogelijk te maken om hun eigen etalage te benutten, of een reclamebord voor de deur te zetten. Dat moet dan wel gaan om een feitelijke verkoop- of bedrijfslocatie. Daarvoor stellen we een uitzonderingsbepaling voor, op grond waarvan fossiele reclames en vleesreclames zijn toegestaan aan of in de directe nabijheid van het pand waar de producten en/of diensten worden aangeboden waar de reclame betrekking op heeft.

Voor wat betreft reclame-uitingen buiten het pand wordt aangesloten bij het geldende beleid ten aanzien van winkeluitstallingen, momenteel vervat in het beleidskader buitenreclame van de gemeente Amsterdam (mei 2020). Zo kan een reisbureau nog steeds een poster met fossiele reclame in de vitrine hangen, of een slagerij een bord met een vleesreclame voor de deur zetten. Daarmee zorgen initiatiefnemers ervoor dat de maatregel niet onnodig beperkend is voor lokale ondernemers. Het voorgaande bevestigt dat het verbieden van bepaalde uitingen in de openbare ruimte gerechtvaardigd kan worden. Het beperken van reclames is overigens niet uniek; dat is immers ook gebeurd bij het verbieden van tabaksreclame. En de bescherming van de gezondheid die daaraan ten grondslag ligt is ook aan de orde bij het verbieden van fossiele en vleesreclames. Als ingangsdatum voor de wijziging in de APV stellen wij voor 1 mei 2026. Verdergaande stappen De strijd tegen fossiele reclames gaat in stappen. En hoewel de fracties van GroenLinks en de Par- tij voor de Dieren zich ervan bewust zijn dat we eigenlijk geen tijd hebben om een langdurig proces van wetswijziging en juridisch getouwtrek te volgen, gezien de versnelling die de klimaatcrisis daarentegen kent, leven we ook in een politieke en rechtstatelijke context.

12 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD In bovenstaand voorstel onderbouwen we waarom en hoe een verbod van fossiele producten en vleesproducten via de publiekrechtelijke weg, de APV, geregeld kan en moet worden. Voor het verbod op reclame van bedrijven die (bijna) volledig hun omzet halen uit fossiele energie lijkt er in de huidige context nog onvoldoende handvatten te bestaan om dat met een voldoende mate van juridische zekerheid in de APV te regelen, hoe graag we dat ook willen. De APV-bepalingen in de Gemeente Den Haag, waar nu jurisprudentie over is, betreft het verbod op reclame voor fossiele producten. Het voorgaande neemt niet weg dat dit wel privaatrechtelijk is te regelen, via opname in het beleidskader Buitenreclame en van daaruit in de afspraken die daarover worden gemaakt met de reclamebedrijven. Derhalve hebben we in beslispunt 5 opgenomen dat de Raad zich hierover uitspreekt en dit meegeeft aan het College om mee te nemen in het vernieuwde beleidskader wat binnenkort aan de gemeenteraad wordt aangeboden. Uitvoering en handhaving In geval van overtreding van het verbod op fossiele reclame en/of vleesreclame kan een boete worden opgelegd op grond van artikel 1, eerste lid, Verordening Bestuurlijke Boete Overlast in de Openbare Ruimte. Een overtreding kan worden toegerekend aan de adverteerder, als primair begunstigde van de advertentie, en aan de commerciële exploitant van de reclameruimte.

De kernvraag is of de reclame ziet op het aanprijzen van de producten en/of diensten die staan benoemd in de definitie van fossiele reclame. Met toevoeging van de zinsnede 'waarmee kennelijk wordt beoogd' is bedoeld een objectivering toe te voegen, op grond waarvan het duidelijk moet zijn dat het gaat om de betrokken diensten en/of producten. Het gaat dus niet om de subjectieve intentie van de adverteerder. Het is aan de adverteerder en de exploitant, individueel en gezamenlijk, om te beoordelen of een reclame valt onder de definitie van fossiele reclame en/of vleesreclame. De afbakening in dit Initiatiefvoorstel biedt voldoende aanknopingspunten voor het maken van die beoordeling. Indien gewenst kan het college ervoor kiezen om nadere uitleg te geven in aanvullend handhavingsbeleid. Initiatiefnemers verwachten een beperkte inzet van handhaving. Uit eerdere ervaringen in Den Haag blijkt dat adverteerders en exploitanten weten welke reclames onder het verbod vallen, waardoor die dus niet worden getoond. Vandaar is de benodigde handhavingscapaciteit beperkt. Dat geldt temeer als het college ervoor kiest om reactief te handhaven, hetgeen het college nader uiteen kan zetten in aanvullend handhavingsbeleid. Conclusie Het is tijd voor een volgende stap waarmee Amsterdam laat zien dat het ons ernst is met de aanpak van de klimaatcrisis.

Een verbod op reclame, met juridische afdwingbaarheid, is daarbij een belangrijke stap nu uit diverse onderzoeken blijkt dat reclame grote impact heeft op het consumptiepatroon van mensen én dat het juridisch mogelijk is om dat in het document wat in onze stad bindende juridische kracht heeft, de APV, op te nemen. Indieners van dit voorstel kijken uit naar het debat en te nemen besluit hiervoor. Voetnoten [1] Europees Hof voor de Rechten van de Mens 9 april 2024, KlimaSeniorinnen t. Zwitserland (appl.

no. 53600/20).

13 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD [2] Zoals ook bevestigd door de analyse '(Klimaat)verplichtingen gemeente Amsterdam: algemeen

kader en bijzondere wetten', beschikbaar op https://openresearch.amsterdam/nl/page/122783/klimaat-verplichtingen-gemeente-amsterdamalgemeen-kader-en. [3] Wetenschappelijk advies 25 oktober 2023: Een verbod op fossiele reclame: essentieel, maar niet

voldoende (beschikbaar op https://open.overheid.nl/documenten/19b34bce-d4eb-4b7a-8fea-3aa9e269bf44/file). [4] The Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), een onderdeel van de Verenigde Naties. [5] 'The evidence is clear: the time for action is now. We can halve emissions by 2030.', IPCC, 4 april

2022, ipcc.ch/2022/04/04/ipcc-ar6- wgiii-pressrelease/. [6] Memo 'RIVM inbreng voor rondetafelgesprek Tweede Kamer (26 maart 2025) over de kosten en

impact van klimaatverandering in Nederland', 17 maart 2025, Tweede Kamer - Commissie Klimaat en Groene Groei, tweedekamer.nl/downloads/document? id=2025D12398. [7]https://www.amsterdam.nl/bestuur-organisatie/volg-beleid/duurzaamheid/voedselstrategie-

amsterdam/ [8] Gezondheidsraad, Gezonde eiwittransitie (13 december 2023). [9] Gezondheidsraad, p. 6. [10] Kamerstuk 31 532, nr. 271. Zie ook het PBL-rapport Dagelijkse kost. Hoe overheden, bedrijven en

consumenten kunnen bijdragen aan een duurzaam voedselsysteem: https://www.pbl.nl/publicaties/dagelijkse-kost-hoe-overheden-bedrijven-en-consumenten kunnenbijdragen-aan-een-duurzaam-voedselsysteem. [11] https://www.wateetnederland.nl/resultaten/richtlijnen/plantaardig-eiwit. [12] Uitgaande van een gelijkblijvende calorie-inname. [13]https://www.voedingscentrum.nl/nl/duurzaam-eten/waarom-het-voor-het-milieu-uitmaakt-wat-

er-op-jouw-bord-ligt.aspx. [14]https://www.voedingscentrum.nl/nl/duurzaam-eten/waarom-is-minder-vlees-eten-beter-voor-

gezondheid-en-milieu.aspx. [15] Zie ook de informatie van Milieu Centraal, o.a.

https://www.milieucentraal.nl/eten-en-drinken/milieubewust-eten/de-milieu-impact-vanvlees/#:~:text=Milieugevolgen%20vleesproductie,14 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD De%20productie%20van&text=Er%20is%20meer%20energie%2C%20mest,een%20heel%20sterk% 20broeikasgas)%20uit. [16] https://ourworldindata.org/global-land-for-agriculture. [17] Het advies is maximaal 500 gram vlees per week, waarvan maximaal 300 gram rood vlees. Zie

o.a. https://www.milieucentraal.nl/eten-en-drinken/milieubewust-eten/vlees/. [18] https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0308597X1730893X. [19] https://www.milieucentraal.nl/eten-en-drinken/milieubewust-eten/vis/. [20] MAGNA Global Media Landscape June 2025. [21] Het IPCC 2022 rapport verwijst naar reclame als een oorzaak voor een grotere consumptie van

fossiele brandstoffen, zie ipcc.ch/report/ar6/wg3/downloads/report/IPCC_AR6_WGIII_FullReport.pdf. [22] https://www.nabb.nl/experiment-buitenreclame-beinvloedt-keuzes-van-consumenten-

onbewust/ [23] Advertised_Emissions_Report_2021.11.16 [24] Het IPCC 2022 rapport beschrijft onder meer dat reclame het gebruik van luxeproducten zoals

'long distance holidays' normaliseert, zie ipcc.ch/report/ar6/wg3/downloads/report/IPCC_AR6_WGIII_FullReport.pdf. Ook de commissie van 12 (gedrags)wetenschappers wijst op het normaliserende karakter van reclames, zie rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/10/25/een-verbod-op-fossiele-reclame. [25] Paradies, G, & R. van den Brink, 'Anders Consumeren om klimaatdoelen te halen - een

verkenning van manieren om het systeem te veranderen en hoe iedereen daaraan bij kan dragen', februari 2023, TNO, open.overheid.nl/documenten/9b2b13e2-0b47-49bd- 8f1eecd078ae5ea3/file. [26] Advies van de Wetenschappelijke Klimaatraad, 'Met iedereen de transities in - Richtinggevende

keuzes voor een klimaatneutraal en klimaatbestendig Nederland', advies ten behoeve van het Klimaatplan 2025-2035, 15 december 2023, WKR, p. 42, beschikbaar via wkr.nl/documenten/rapporten/2023/12/15/adviesrapport-met-iedereen-de-transities-in. [27] Rapportage van Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), 'Integrale Circulaire Economie

Rapportage 2023', PBL, 2023, pbl.nl/publicaties/integrale-circulaire-economie-rapportage-2023. [28] Rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 'Goede zaken. Naar een

grotere maatschappelijke bijdrage van ondernemingen', WRR, 2023, p. 13, beschikbaar via wrr.nl/publicaties/rapporten/2023/09/14/goede-zaken.

15 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD [29] Advies van de Raad voor leefomgeving en infrastructuur, 'Weg van de Wegwerpmaatschappij',

Rli, november 2023, p. 41, beschikbaar via rli.nl/weg-van-de-wegwerpmaatschappij. [30] Rapport van CE Delft, De Vries, J., P. Bouwman, et al., 'True Pricing van consumptiegoederen,

van verborgen kosten naar zichtbare prijzen', CE Delft, december 2024, tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2025D07784&did=2025D07784. [31] D&B, 'De gedragseffecten van maatregelen gericht op het verminderen van de koopprikkel'

(december 2024), beschikbaar op https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2025D15941&did=2025D15941. [32] Wetenschappelijk advies in reactie op debat in de Tweede Kamer, vergaderjaar 2022-2023,

36200, XIII, nr. 122, Bouman, Bolderdijk, et al., 'Een verbod op fossiele reclame: essentieel, maar niet voldoende', 25 oktober 2023 rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2023/10/25/een-verbod-opfossiele-reclame. [33]https://www.c40knowledgehub.org/s/article/How-cities-can-restrict-carbon-intensive-

advertising?language=en_US. [34] Beagley, J., 'Cradle to grave: The health harms of fossil fuel dependence and the case for a just

phase-out', 2022, Global Climate and Health Alliance, p. 12, beschikbaar via climateandhealthalliance.org/wp-content/uploads/2022/07/Cradle-To-Grave- Fossil-Fuels-Brief.pdf. [35] https://www.worldwithoutfossilads.org/projects/ [36]https://www.duic.nl/politiek/fossiele-reclames-in-utrecht-al-vanaf-2026-verbo-

den/#:~:text=Een%2 reclame%20van%20Shell%20aan,2026%20geweerd%20worden%20in%20Utrecht. [37]https://www.rtvnoord.nl/nieuws/1094197/groningen-wil-af-van-vlees-en-vliegreclames-dat-

heeft-een-negatieve-bijdrage [38]https://www.nhnieuws.nl/nieuws/326774/per-direct-verbod-op-vleesreclame-in-bloemendaal-

gemeente-is-trendsetter [39]https://www.rtvutrecht.nl/nieuws/3653470/geen-reclame-meer-voor-vlees-gokken-en-alcohol-in-

utrecht-maar-nog-wel-voor- vreemdgaan [40] https://verbiedfossielereclame.nl/factsheet-verbod-fossiele-reclame/ [41]https://openresearch.amsterdam/nl/page/105512/hoe-kun-je-reclames-met-een-negatieve-

milieu-impact-reguleren [42]https://verbiedfossielereclame.nl/advocaten-geen-juridische-barrieres-bij-gemeentelijk-verbod-

op-fossiele-

16 Gegenereerd: vCURRENT

VN2025-010987 griffie andreas 2

RAAD reclame/#:~:text=Eerder%20betoogden%20juristen%20van%20consultancykantoor,kans%20make %20bij%20de%20rechter. [43]Prof Ingo Venzke & dr. Laurens Ankersmit 'The Legality of banning fossil ads', European Law

Blog, 2024. https://www.europeanlawblog.eu/pub/alzok9v4/release/2?readingCollection=4ae4dd2c [44] Zie voor een overzicht: https://verbiedfossielereclame.nl/factsheet-verbod-fossiele-

reclame/#juridisch [45] https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:6874 [46] Zie het bovenstaande citaat van de rechtbank Den Haag. Zie ook Hoge Raad 20 december 2019,

Urgenda (ECLI:NL:HR:2019:2006), r.o. 5.7.7.; Europees Hof voor de Rechten van de Mens 9 april 2024, KlimaSeniorinnen t. Zwitserland (appl. no. 53600/20), r.o. 444; Internationaal Gerechtshof 23 juli 2025, Advisory Opinion in respect of climate change, r.o. 429. [47] Uitspraak rechtbank Den Haag 25 april 2025, ANVR en TUI t. Den Haag, r.o. 5.7. [48] Uitspraak rechtbank Den Haag 25 april 2025, ANVR en TUI t. Den Haag, r.o. 5.26. [49] Uitspraak rechtbank Den Haag 25 april 2025, ANVR en TUI t. Den Haag, r.o. 5.3. [50] W. McDowall & A. Underthun, 'Advertising restrictions and sustainability transitions: does

banning advertising of harmful products induce innovation in benign alternatives?', Environmental Innovation and Societal Transitions, Volume 56, 2025, https://doi.org/10.1016/j.eist.2025.101000. [51] Uitspraak rechtbank Den Haag 25 april 2025, ANVR en TUI t. Den Haag, r.o. 5.26. Welke stukken treft u aan

Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2025-046448

250306 Bestuurlijke reactie IV Stop reclame die bijdraagt aan de Klimaatcrisis.pdf (pdf)

AD2025-046449

Gemeenteraad (1) Gemeenteraad Voordracht (pdf)

AD2026-001166

Concept bekendmaking Wijzigingsverordening APV Reclameverbod fossiele reclame.pdf (pdf)

17 Gegenereerd: vCURRENT

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16511381/1