Informatiebrief Raad-SDC - Voortgang Vervolgaanpak bouwdynamiek juni 2025.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief / Informatiebrief stadsdeelcommissie
Aan:
Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam / De leden van de stadsdeelcommissies Zuid en West 5 juni 2025 Openbare Ruimte; Ruimtelijke Ordening; Vergunningen, Toezicht en Handhaving Steven van Weyenberg / Bart L. Vink; Rocco Piers; Thomas Hermans Stadsdeel Zuid, bestuursondersteuning.sdz@amsterdam.nl
Onderwerp
Voortgang Vervolgaanpak Bouwdynamiek
Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s):
Geachte leden van de gemeenteraad, Geachte leden van de stadsdeelcommissies Zuid en West, Met de Vervolgaanpak Bouwdynamiek zetten het college en het dagelijks bestuur van Zuid en West zich in om overlast die Amsterdammers ervaren door bouwactiviteiten te verminderen. Bouwactiviteiten horen bij de stad en deze zijn vaak nodig om panden bijvoorbeeld beter te isoleren of om noodzakelijk funderingsherstel uit te voeren. Tegelijkertijd zorgen bouwactiviteiten, en met name de concentratie daarvan in specifieke gebieden, voor overlast. Bijvoorbeeld door geluid, minder beschikbare parkeervakken, ontoegankelijke stoepen of door zorgen over mogelijke effecten op bestaande woningen of andere panden. In de vorige collegeperiode heeft het bestuur verschillende maatregelen genomen en resultaten geboekt om ongewenste bouwactiviteiten te voorkomen en overlast te verminderen. Afgelopen jaar hebben we de activiteiten en resultaten onder de loep genomen en gekeken waar aanvullende maatregelen mogelijk zijn. In de informatiebrief van 1 oktober 2024 hebben we u uitgebreid geïnformeerd over de maatregelen die we hiertoe onderzoeken, nemen en uitproberen. 1 Deze betreffen met name maatregelen rondom het gebruik van de openbare ruimte. Daarnaast zetten we in op betere informatievoorziening rondom de rollen en plichten van verschillende partijen bij bouwactiviteiten.
Bij het uitwerken van de aanpak hebben we met verschillende partijen gesproken, waaronder aannemers en de vereniging Bouwend Nederland. Zoals toegezegd in de afgelopen informatiebrief, informeren we u hierbij over de voortgang en de tussentijdse resultaten van de Vervolgaanpak Bouwdynamiek. Het gebruik van de openbare ruimte voor bouwactiviteiten Puinbakken, tijdelijke toiletten (“dixies”), bouwketen, hekwerken en busjes: al deze objecten kunnen nodig zijn om bouwwerkzaamheden effectief, efficiënt en veilig uit te voeren. In grote 1
Informatiebrief inzake Vervolgaanpak bouwdynamiek en afdoening motie 372 van de raadsleden Van Renssen (GroenLinks), Alberts (SP), Boomsma (CDA) Minderhoud (PdvA) en Wehkamp (D66) inzake maatregelen schade andere percelen, dd. 1 oktober 2024. Zie: https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/14645092/1
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 2 van 7
delen van onze stad gaat dat goed: er wordt zo nu en dan ergens in de buurt verbouwd, er is voldoende ruimte in de openbare ruimte, en bewoners ervaren in het algemeen weinig overlast. Als er echter veel bouwactiviteiten tegelijk en in een klein gebied plaatsvinden dan kunnen deze de openbare ruimte erg gaan domineren en de toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van een straat sterk negatief beïnvloeden. Met name in de vooroorlogse wijken, met relatief krappe straatprofielen en minder parkeerruimte, ontstaat er dan bovenmatige overlast. Dat zien we bijvoorbeeld in delen van Oud-West, het Museumkwartier en de Oude Pijp. Om de overlast in deze drukke gebieden tegen te gaan, hebben we in de Vervolgaanpak Bouwdynamiek een vijftal mogelijke maatregelen geformuleerd: 1. 2. 3. 4. 5.
Hanteren van een maximum aan het aantal te reserveren parkeerplaatsen en/of objecten per straat of per buurt; Hanteren van een maximum aan het aantal te reserveren parkeerplaatsen en/of te plaatsen objecten per bouwproject; Verkennen of, en welke, uiterlijke/esthetische kwaliteitseisen we kunnen stellen aan bouwplaatsen; Het (tijdelijk) aanwijzen van specifieke locaties voor het clusteren van objecten; We kijken hoe we schade aan de openbare ruimte beter kunnen voorkomen en verhalen.
In het onderstaande informeren we u over de voortgang en bevindingen per maatregel. Aanvullend daarop gaan we in op de stand van zaken rondom het toezicht op bouwactiviteiten in de openbare ruimte. Maximum stellen aan het aantal parkeerplaatsen en/of objecten Aangezien overlast door bouwactiviteiten vooral een probleem is in bepaalde drukke gebieden met een krappe openbare ruimte, hebben we onderzocht of het mogelijk is om een maximum te stellen aan het aantal te reserveren parkeerplaatsen en/of objecten per straat of per buurt. Daarbij hebben we zowel naar de juridische aspecten als naar de praktische uitvoerbaarheid gekeken. In de informatiebrief van oktober 2024 hebben we hier al onze voorlopige conclusies over gedeeld. Uit ons onderzoek blijkt dat het technisch-juridisch gezien weliswaar mogelijk is om een maximum aan het aantal te verlenen objectvergunningen in te stellen, maar dat er verschillende belangrijke (juridische) bezwaren aan kleven. Zo moet goed onderbouwd worden waarom vanaf een x-aantal objecten sprake is van bijvoorbeeld te veel hinder of te veel afbreuk aan het uiterlijk aanzien van de openbare ruimte.2 Omdat dit altijd afhankelijk is van de specifieke situatie en de aanvraag is dit a priori moeilijk of niet te bepalen.
Daarnaast is het instellen van een maximum ook lastig uitvoerbaar (bijvoorbeeld: wat doen we als een bouwproject uitloopt en een ander al in de wacht
2
In de APV (art. 4.4) zijn de gronden opgenomen op basis waarvan een objectvergunning geweigerd kan worden. Het college kan de vergunning weigeren als het beoogde gebruik: a) dat een belemmering kan opleveren voor het gebruik van de weg of een belemmering kan opleveren voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg; b. gevaar, hinder of verontreiniging voor de omgeving kan veroorzaken of c) afbreuk doet aan het uiterlijk aanzien van de openbare ruimte.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 3 van 7
staat?) en vraagt dat veel van de gemeente om dit in goede banen te leiden. We concluderen daarom dat deze maatregel niet voldoende effectief en uitvoerbaar is. In plaats daarvan werken we aan het instellen van een maximum aan het aantal te reserveren parkeerplaatsen en/of te plaatsen objecten per bouwproject. Dit zien we als een goed alternatief dat zowel juridisch als praktisch wel uitvoerbaar is. Zoals in de eerdere informatiebrief toegelicht, maken we hierbij gebruik van de ervaringen binnen de Pilot Parkeerdrukregeling die in 2021-2022 in stadsdeel West is uitgevoerd. Daar werd een maximum van 2 parkeervakken ingesteld, alles daarboven moest goed gemotiveerd worden. Dit maakt dat de werkwijze goed uitvoerbaar is en dat verschillende partijen zich hierin kunnen vinden. Voor opdrachtgevers (onder meer bewoners) en aannemers betekent het immers dat er niks onmogelijk wordt gemaakt; enkel dat het innemen van de openbare ruimte minder vanzelfsprekend is en dat de aanvrager de noodzaak daartoe explicieter moet aantonen. De uitvoering van de Pilot Parkeerdrukregeling in stadsdeel West was destijds gebaseerd op werkafspraken tussen het stadsdeel en de verschillende betrokken organisatieonderdelen (zoals het Stadsloket). Om deze maatregel structureel in te kunnen voeren, en deze de juiste juridische basis te geven, is het nodig om beleidsregels te maken.
We werken momenteel aan het uitwerken van een modelbesluit met zulke beleidsregels voor de stadsdelen Zuid en West. Dit modelbesluit kan vervolgens ook door andere stadsdeelbesturen worden gebruikt om gebiedsgericht in te stellen. De dagelijks besturen van Zuid en West zullen in september starten met de invoering van deze maatregel. Pilot Clusterlocaties In maart jl. zijn we van start gegaan met de Pilot Clusterlocaties. Met deze pilot onderzoeken we of het werkt om (bepaalde) objecten op specifieke locaties te clusteren, en zo andere delen van de straat of omgeving vrij te houden. Dit kan mogelijk de overlast in het gebied in zijn geheel verminderen. Wel zou clustering ook voor verplaatsing of nieuwe vormen van overlast kunnen zorgen. Met deze pilot onderzoeken we de effecten op de ervaren overlast, en kijken we ook naar de praktische uitvoering. De Pilot Clusterlocaties loopt in en rondom de P.C. Hooftstraat in het Museumkwartier. Deze winkelstraat is hier met name voor geschikt omdat er continue veel objecten op straat staan en de leefbaarheid, toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van de straat daardoor sterk onder druk staat. Concreet houdt de pilot in dat schaftketen en mobiele toiletten niet meer in de P.C. Hooftstraat zelf geplaatst mogen worden, maar alleen op twee daarvoor aangewezen locaties in de directe nabijheid.
De pilot loopt in ieder geval tot en met december 2025 en kan worden verlengd, afhankelijk van de resultaten. In de monitoring en evaluatie nemen we de ervaringen van ondernemers en bewoners mee. De resultaten van de pilot zullen begin 2026 gedeeld worden. Als de pilot effectief blijkt, kunnen we ook kijken naar mogelijke invoering op andere (drukke) plekken in de stad.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 4 van 7
Schade aan de openbare ruimte: Pilot met (nul)meting Er vinden in Amsterdam continue vele (bouw)activiteiten plaats in en rondom de openbare ruimte. Als gevolg van de werkzaamheden ontstaat er regelmatig schade, bijvoorbeeld aan de bestrating, straatmeubilair of aan het groen. Exemplarisch is het stukrijden van de door de gemeente aangelegde groenstroken bij bouwwerkzaamheden in de Bellamybuurt. Hoewel de vergunninghouder verantwoordelijk is voor het herstel, wordt de openbare ruimte lang niet altijd goed opgeleverd. Als de openbare ruimte schade heeft opgelopen, worden de herstelkosten zelden door de gemeente verhaald. Dat heeft zowel praktische als juridische redenen. Dit is een onwenselijke situatie. De gemeente maakt kosten die niet meer aan ander onderhoud of andere zaken besteed kunnen worden. Maar ook meer principieel is het problematisch wanneer partijen op deze manier omgaan met de openbare ruimte. Daarom hebben we met de verschillende betrokken organisatieonderdelen goed gekeken hoe het proces nu in elkaar zit, vanaf het moment van de vergunningsaanvraag tot aan het constateren van eventuele schade en de daarop volgende stappen. Uit deze analyse blijkt dat er op dit moment geen duidelijk proces is rondom het voorkomen, constateren en/of verhalen van schade.
Zo worden vergunninghouders nu niet of nauwelijks geïnformeerd over wat zij moeten doen als er schade ontstaat en waar zij dit kunnen melden. Ook is er binnen de gemeente geen duidelijke taakverdeling in het geval er schade wordt gemeld. Verder zijn geen data beschikbaar over aantallen schadegevallen en de daaraan gerelateerde kosten voor het herstel; dit wordt niet als zodanig geregistreerd of bijgehouden. Om daar snel stappen in te zetten, starten we met de Pilot (nul)meting bouwschade. Dat houdt in dat er specifieke medewerkers worden aangesteld die zich richten op het voorkomen en verhalen van (bouw)schades, door het uitvoeren van nul-metingen en metingen bij de oplevering. Ook onderhouden zij direct contact met de vergunninghouder zodat deze ook een aanspreekpunt heeft als er schade is. In het verleden waren er bij (sommige) stadsdelen al schouwers actief, met ongeveer hetzelfde takenpakket. Met de reorganisatie van 2018 is deze rol grotendeels verdwenen. We verwachten dat van het (opnieuw) aanstellen van schouwers een preventieve werking uitgaat, waardoor de openbare ruimte minder zal worden beschadigd, en als toch schade optreedt deze vaker wordt verhaald. De pilot richt zich op de stadsdelen Zuid en West. Daarbij wordt een steekproef gemaakt van verschillende typen projecten: van klein tot groot, zowel in het ‘grijs’ als in het groen.
Daarnaast richt de pilot zich ook op enkele grote vernieuwingsprojecten elders in de stad. Momenteel worden de voorbereidingen getroffen; naar verwachting kunnen deze nieuwe schouwers in september starten. Zij zullen de werkwijze uitproberen in de praktijk, en waar nodig aanpassen. Daarnaast registreren ze (bouw)schades, om de (kosten)effectiviteit te meten. In eerste instantie heeft de pilot een looptijd van een jaar. Mocht deze succesvol zijn, kan de inzet mogelijk worden bestendigd en kan de functie worden uitgebreid naar alle stadsdelen.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 5 van 7
Kwalitatieve eisen stellen aan bouwplaatsen We hebben ook gekeken of, en welke, uiterlijke/esthetische kwaliteitseisen we kunnen stellen aan bouwplaatsen. Aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden zien we dat het gebruik van hoogwaardige materialen en een goede afwerking veel effect heeft op het aanzien van de openbare ruimte. Zo is het bijvoorbeeld zo dat wanneer er gewerkt wordt met gesloten schuttingen en bouwmaterialen uit het zicht zijn, een rustiger straatbeeld ontstaat. Tegelijkertijd constateren we dat het ingewikkeld is om dit te vertalen naar objectieve eisen, en dat dit ook ongewenste neveneffecten kan hebben. Naast het feit dat wat mooi is, subjectief is, bieden extra eisen bij de oplevering van de bouwplaats weinig garantie voor de uitstraling op de langere termijn. Zo trekken (gesloten) bouwschuttingen vaak graffiti en wildplak aan, en worden bouwplaatsen met de tijd vaak viezer of verweerder. Daarnaast is het zo dat eisen rondom functionaliteit en (verkeers)veiligheid altijd prioriteit moeten hebben, en deze kunnen nog wel eens schuren met esthetische voorkeuren. Een ander aandachtspunt is dat een bouwschutting volgens stedelijk beleid geen reclame mag bevatten. Tot slot roept het stellen van esthetische eisen vragen op over de handhaafbaarheid.
Zo hebben de toezichthouders bouwoverlast van THOR nu al een hoge werkdruk en prioriteren zij (logischerwijs) situaties waar sprake is van hinder of waar de veiligheid in het geding is. Al met al concluderen we dat het vastleggen van dergelijke regels vooral (te) complex is en waarschijnlijk niet het gewenste effect zal hebben. Daarom willen we vanuit de gemeente geen nadere kwaliteitseisen voor bouwplaatsen gaan uitwerken. Wél zien we hier mogelijkheden voor lokale partijen. De (doorgaans particuliere) opdrachtgever van een bouwproject kan immers kwaliteitseisen meegeven en dit gebeurt in de praktijk ook. Voor bijvoorbeeld een winkelstraat kan het daarom interessant zijn als lokale vastgoedeigenaren en ondernemers gezamenlijk afspraken maken over bijvoorbeeld de materialen en vormgeving van bouwplaatsen. In dit licht werkt de BIZ Museum Quarter aan het opstellen van een bouwprotocol voor de P.C. Hooftstraat. Vanuit de gemeente ondersteunen we daarbij en denken we mee. Mocht dit succesvol blijken, kan dit mogelijk ook een inspiratie zijn voor andere ondernemersverenigingen, BIZ’en of vastgoedpartijen. Toezicht Naast de bovengenoemde maatregelen, blijven we ook inzetten op het verbeteren van het toezicht op bouwwerkzaamheden in de openbare ruimte.
Zoals we u in de eerdere informatiebrief hebben laten weten, hebben de stadsdelen sinds het voorjaar van 2024 gespecialiseerde toezichthouders die zich specifiek richten op bouwgerelateerde hinder in de openbare ruimte. Deze vorm van toezicht blijkt overwegend effectief te zijn. In stadsdeel Zuid richtte dit toezicht zich tot voor kort met name op het Museumkwartier. Recentelijk is dit uitgebreid naar de Oude Pijp. Op basis van data-analyse zien we dat bouwactiviteiten en de bijbehorende overlast in Zuid zich met name concentreert in deze twee wijken. Tegelijkertijd zien we dat het aantal bouwactiviteiten in sommige delen van de stad zo groot is, dat deze extra capaciteit ook niet voldoende is om adequaat te kunnen reageren op alle meldingen en situaties op straat. Ook maakt een enkele toezichthouder de uitvoering kwetsbaar tijdens uitval
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 6 van 7
of verlof. Gezien de bredere tekorten aan toezichthouders en de concurrentie met andere opgaven en prioriteiten (bijvoorbeeld overlast van personen of de aanpak van afval- en milieuovertredingen) is daar niet direct een oplossing voor. Ondertussen werken we wel aan innovatieve oplossingen door met een scanfiets, illegaal geplaatste objecten automatisch te signaleren. In 2024 is hiermee gestart in stadsdeel Centrum en werd specifiek gekeken naar bouwcontainers. Dit wordt medio 2025 uitgebreid naar andere delen van de stad waar veel bouwactiviteiten plaatsvinden. Aanvullend op bouwcontainers, wordt nu ook gekeken naar steigers en mobiele toiletten. Dat gebeurt door gebruik te maken van kunstmatige intelligentie waarmee deze objecten worden herkend, en vergeleken met het actuele bestand van vergunningen en meldingen. Illegaal geplaatste objecten worden op deze manier geïdentificeerd en naar een handhaver gestuurd. We zijn daardoor beter in staat te handhaven op illegale objecten in de openbare ruimte en zo ook handhavingscapaciteit vrij te spelen.
De gemeenteraad is hier recentelijk over geïnformeerd via de raadsinformatiebrief inzake uitbreiding automatische containersignalering van 28 februari jongstleden.3 Communicatie Naast de inzet op de openbare ruimte, zetten we met de Vervolgaanpak Bouwdynamiek ook in op het verbeteren van de informatievoorziening rondom (geplande) bouwactiviteiten. Eerder hebben we al verplicht gesteld dat vergunninghouders een Bouwbord moeten hebben: daarop staan de contactgegevens van de uitvoerder, wat er gebouwd wordt en wat de verwachte einddatum van de werkzaamheden is. Bij vermeende overlast kan (op basis van de informatie en verwijzing naar een (internet)adres op het verplichte Bouwbord) door omwonenden met de aannemer contact worden opgenomen. Dat is een snelle wijze om overlast te beperken. Ook hebben we een pagina ingericht op de gemeentelijke website, waarop communicatie-opties (“tools”) staan die bouwers kunnen gebruiken voor het onderhouden van contact met de buurt. Dit gaan we aanvullen met informatie over de rechten en plichten van verschillende partijen bij bouwactiviteiten. Zo willen we omwonenden bijvoorbeeld wijzen op het belang van nulmetingen. Op deze manier stellen we bewoners in staat bij de uitvoering van werkzaamheden goede onderlinge afspraken te maken en de zaken goed vooraf te regelen met elkaar.
3
Zie ook: https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/15262463/1/
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, informatiebrief
Datum 5 juni 2025 Pagina 7 van 7
We streven er naar dat deze informatie uiterlijk in oktober 2025 op de gemeentelijke website is geplaatst.
We vertrouwen erop u hiermee voor nu voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, Namens het dagelijks bestuur van stadsdeel Zuid en stadsdeel West,
Steven van Weyenberg Wethouder Woningbouw en Stedelijke Ontwikkeling
Bart L. Vink Portefeuillehouder Ruimtelijke Ordening, Bouwen en Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH), stadsdeel Zuid
Rocco Piers Portefeuillehouder Openbare Ruimte en Mobiliteit, stadsdeel Zuid
Thomas Hermans Portefeuillehouder Bouwen en wonen; RO; Vergunningen en handhaving bouw, stadsdeel West
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl