Helsloot - Methodologische Analyse Rellen Amsterdam 7-8 November 2024
Tekst van het document
Voldoende navolgbaar en onderbouwd? Een review van twee rapporten over de rellen in Amsterdam op 7 en 8 november 2024
Ira Helsloot Astrid Scholtens
24 september 2025
1
Deze review is uitgevoerd in opdracht van de Stichting Ondersteuning Amsterdamse gemeenteraadsfractie FVD.
Auteurs prof. dr. Ira Helsloot dr. Astrid Scholtens
September 2025
De stichting Crisislab heeft als doelstelling de ontwikkeling en verspreiding van kennis op het domein van crisisbeheersing en veiligheidszorg. Voor Crisislab is een kernactiviteit het verrichten van empirisch gefundeerd onderzoek op het veiligheidsdomein, omdat momenteel feiten vaak ontbreken bij beleidsvorming en discussies op het terrein van het besturen van veiligheid. Op basis van dit onderzoek adviseren we overheden en bedrijven om tot redelijk en proportioneel veiligheidsbeleid te komen.
24 september 2025
2
Inhoudsopgave
Managementsamenvatting
04
1. 1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding, opdracht en analysekader Aanleiding Opdracht Analysekader Waar kijkt deze review niet naar?
05 05 05 06 06
2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
Over de Inspectierapportage Definiëring van gehanteerde begrippen Het analysekader van de Inspectie Het feiterelaas van de Inspectie De analyse van de Inspectie Conclusie en aanbevelingen van de Inspectie Ons samenvattend oordeel
07 07 07 07 08 09 10
3. 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
Over de COT-rapportage Definiëring van gehanteerde begrippen Het analysekader van het COT Het feiterelaas van het COT De analyse van het COT Conclusie en aanbevelingen van het COT Ons samenvattend oordeel
11 11 11 11 11 15 16
24 september 2025
3
Managementsamenvatting
In opdracht van de Stichting Ondersteuning Amsterdamse gemeenteraadsfractie FVD heeft Crisislab een review uitgevoerd op een tweetal rapporten over de voorbereiding op en de besluitvorming door politie en gemeente Amsterdam tijdens de ‘ongeregeldheden’ in onze hoofdstad op 7 en 8 november 2024. Het gaat enerzijds om een rapport van het COT dat in opdracht van de gemeente Amsterdam is uitgevoerd en gaat over het gemeentelijk handelen en anderzijds om een rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid dat zich richt op het handelen van de politie en de nationaal coördinator terrorisme en veiligheid (NCTV). De onderzoeksopdracht was om de rapporten te reviewen als ware het wetenschappelijke artikelen dus of de rapporten methodologisch volgens de stand van de wetenschap zijn opgebouwd.
Dat wil zeggen: • zijn de gehanteerde begrippen gedefinieerd? • wordt er een welomschreven analysekader gehanteerd? • worden de feiten die geanalyseerd worden ook beschreven en zijn die feiten van bronnen voorzien? • is de analyse van de feiten met behulp van het analysekader navolgbaar? • volgen de conclusies uit de analyse? • is het navolgbaar dat de aanbevelingen een oplossing zijn voor de in de analyse aangetroffen problemen? In deze review concluderen we samengevat het volgende: • Het rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid beschrijft de gehanteerde begrippen, de beoordelingsaspecten (maar operationaliseert deze verder niet allemaal) en de in de beschouwing betrokken feiten. De korte analyse heeft vooral een concluderend karakter zodat de navolgbaarheid beperkter is dan noodzakelijk volgens ons analysekader. De conclusies en aanbevelingen die aan de hand van een bulletopsommingen worden gepresenteerd, bevatten nieuwe niet-gedefinieerde begrippen met een positieve connotatie waarvan de relatie met de hoofdtekst niet goed navolgbaar is. • Over het COT-rapport moet het oordeel eigenlijk op alle analysepunten negatief zijn; er is in dat rapport geen sprake van een navolgbare redenering die tot de conclusies en aanbevelingen in dat rapport leidt.
24 september 2025
4
1 Aanleiding, opdracht en analysekader
1.1
Aanleiding
Op 7 en 8 november 2024 vonden er grootschalige rellen1 plaats in Amsterdam rondom de voetbalwedstrijd tussen Ajax en Maccabi Tel Aviv. Deze rellen kregen nationale en internationale aandacht vanwege vooral het antisemitische karakter van een deel van de rellen. De voorbereiding op en de reactie van de autoriteiten zoals gemeente en politie tijdens de wedstrijd kwamen daarmee onder het vergrootglas van politiek en media te liggen zodat deze onderwerp van een aantal externe onderzoeken werd. 1.2
Onderzoeksopdracht
In opdracht van de Stichting Ondersteuning Amsterdamse gemeenteraadsfractie FVD heeft Crisislab een review uitgevoerd van een tweetal externe rapporten over de voorbereiding op en de besluitvorming door politie en gemeente tijdens de (wat beide rapporten eufemistisch noemen) ‘ongeregeldheden’ in Amsterdam op 7 en 8 november 2024. Het betreft het rapport van het COT dat in opdracht van de gemeente Amsterdam is uitgevoerd en gaat over het gemeentelijk handelen2 en het rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid dat gaat over het handelen van de politie en de nationaal coördinator terrorismebestrijding en veiligheid (NCTV).3 De onderzoeksopdracht was om de rapporten te reviewen als ware het wetenschappelijke publicaties. Daarmee bedoelen we of de rapporten methodologisch volgens ‘de stand van de wetenschap’ zijn opgebouwd. 1.3
Analysekader
Bij de beoordeling van de methodologische correctheid4 van de publicaties kijken we naar de volgende aspecten: • zijn de gehanteerde begrippen gedefinieerd? • wordt er een welomschreven analysekader gehanteerd?
1 Als we bijvoorbeeld de definitie uit het Inspectierapport volgen dat in deze rapportage beoordeeld wordt.
2 COT (2025), Onder druk. Evaluatie van de gebeurtenissen in Amsterdam rond de wedstrijd Ajax – Maccabi Tel
Aviv op 7 november 2024, mei 2025. 3 Inspectie Justitie en Veiligheid (2025), Tussen voorzien en onvoorzien - politie in een complexe Werkelijkheid. De aanpak van de ongeregeldheden in Amsterdam op 7 en 8 november 2024: voorbereiding en optreden in beeld, juni 2025. 4 In de Nederlandse bestuurswetenschap is sinds 1961 ten minste de publicatie ‘Methodologie’ van A.D. de Groot onomstreden.
24 september 2025
5
• • • •
worden de feiten die geanalyseerd worden helder beschreven en zijn die feiten van bronnen voorzien? is de analyse van de feiten met behulp van het analysekader navolgbaar? volgen de conclusies uit de analyse? is het navolgbaar dat de aanbevelingen een oplossing zijn voor de in de analyse aangetroffen problemen?
Zoals bij elke review is er in de beoordeling sprake van een zekere subjectiviteit omdat immers het oordeel van de reviewer wordt gevraagd. In onze analyse zullen we daarom telkens de passages waar een oordeel over wordt gegeven aanhalen en onze argumentatie geven zodat de lezer zelf ons oordeel kan verifieren. 1.4
Waar kijkt deze review niet naar?
Zoals gezegd kijken we in deze review alleen naar de methodologische correctheid van de twee rapporten volgens de gangbare wetenschappelijke visie daarop. Deze review bevat daarmee nadrukkelijk geen analyse of oordeel over de beheersing van de rellen die op 7 en 8 november 2024 plaatsvonden. In het bijzonder geeft deze review ook geen antwoord op de inhoudelijk vraagpunten die de fractie van het Forum voor Democratie in de Amsterdamse raad na lezing van de rapporten heeft geformuleerd.5
5 Zie de voordracht voor de Commissie AZ van 11 september 2025 (VN2025-012198).
24 september 2025
6
2 Over de Inspectierapportage In dit hoofdstuk wordt het rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid op de aspecten van ons analysekader beoordeeld in separate paragrafen per aspect.
2.1
Definiëring van gehanteerde begrippen
In paragraaf 1.6 van de Inspectierapportage worden de relevante kernbegrippen hit-andrun, flits-aanval, demonstrant en relschopper beschreven. De rapportage gaat verder uit van kennis van de lezer over alle andere gehanteerde begrippen zoals de driehoek (dat losjes wordt omschreven), de samenstelling van de ME, etc. 2.2
Het analysekader van de Inspectie
In paragraaf 5 van hoofdstuk 1 van de rapportage worden de hoofdlijnen van een analysekader en de aspecten die daar deel van uitmaken geschetst onder de titel ‘normenkader’. Te lezen is dat de inspectie kijkt naar vier toezichtsaspecten, te weten governance, samenwerking, informatievoorziening en toerusting. Deze worden alle nader toegelicht in termen van deelaspecten die zelf ook weer eigen uitgangspunten kennen. Ter illustratie: ‘Governance: het proces dat ervoor zorgt dat organisatiedoelen worden behaald. Dit omvat sturing, beheersing, intern toezicht en verantwoording. Belangrijke uitgangspunten hierbij zijn doelmatigheid, doeltreffendheid, rechtmatigheid en samenhang’ (pagina 14). Hoe de mate van doelbereiking van deze ‘uitgangspunten’ wordt gemeten/beoordeeld, wordt (hier en later in de Inspectierapportage) verder niet beschreven hetgeen de navolgbaarheid van het te geven oordeel onmogelijk maakt. 2.3
Het feitenrelaas van de Inspectie
Het chronologische overzicht van de gebeurtenissen dat in de rapportage is opgenomen (pagina’s 18 tot 46), is voorzien van bronverwijzingen. Impliciet blijft de keuze van de Inspectie om zich primair te baseren op de gedocumenteerde verslagen van overleggen. In de wederhoortabel waarin de reactie van
24 september 2025
7
de politie staat beschreven, stelt de politie twaalfmaal dat de feitelijke gang van zaken anders is geweest dan in de verslagen is opgenomen. De Inspectie neemt dit niet over met een beroep op de inhoud van de verslagen. Daarmee is klaarblijkelijk de keuze gemaakt om meer te vertrouwen op notulen dan op respondenten. Een verantwoording over de voor- en nadelen van deze aanpak was op zijn plaats geweest. 2.4
De analyse van de Inspectie
Het analysehoofdstuk bestaat uit twee pagina’s en heeft (daarmee) het karakter van een concluderend hoofdstuk. Hieronder maken we onderscheid naar de ‘analyse’ van (de voorbereiding op) het politieoptreden en de rol van de NCTV. Over (de voorbereiding op) het politieoptreden De eerste zinnen van de vier paragrafen die de analyse vormen, bevatten telkens een positieve conclusie over (de voorbereiding op) het politieoptreden met daarin begrippen die niet zijn gedefinieerd (en hieronder cursief worden weergegeven): • ‘De besluitvorming is zorgvuldig’ • ‘Samenwerking speelt een cruciale rol’ • ‘De informatiepositie van de politie is op orde’ en • ‘De politie is in staat in te spelen op de voorziene risico’s’. De zinnen erna geven telkens een relativerende duiding die wat ons betreft vraagtekens zet bij de conclusie en overigens ook weer niet-gedefinieerde begrippen kent (vetgedrukt in onderstaande illustratie). Als illustratie de (gehele) analyse over ‘samenwerking’ (tweede bullit): ‘Samenwerking speelt een cruciale rol in de aanpak van de gebeurtenissen. Binnen de SGBO en de driehoek is er sprake van gestructureerde afstemming en besluitvorming, onder meer over de demonstratieverplaatsing en de aanwijzing van risicogebieden. De politie benut multidisciplinaire expertises en werkt effectief samen met andere instanties.
De samenwerking toont wendbaarheid door het snel schakelen in dynamische situaties. Toch blijft afstemming tussen inlichtingen en uitvoering kwetsbaar, vooral bij onverwachte gedragsveranderingen van relschoppers. Bijvoorbeeld bij het duiden van de flits-aanvallen.’ (pagina 47) De rode draad in de vier paragrafen is dus dat de Inspectie vooral concludeert, in plaats van teruggrijpend op de feiten analyseert. Verder lijkt het erop dat de Inspectie op basis van de vier toezichtsaspecten (zie paragraaf 2.2) concludeert/analyseert dat de politie zich heeft voorbereid op een wijze die passend is bij de professionele standaard die uitgaat van ‘gewone’ (supporters)rellen. Om die conclusie/analyse te kunnen trekken zou ook informatie gegeven moeten worden over de voorbereiding op ‘gewone’ (supporters)rellen en die zou dan vergeleken moeten worden met de voorbereiding op 7/8 november. De
24 september 2025
8
Inspectie concludeert/analyseert verder dat die voorbereiding niet passend was bij het voor de politie nieuwe verschijnsel van flits-aanvallen.6 Door de oogharen heen kijkend kunnen deze conclusies/analyses overigens wel gevolgd worden op grond van het feitenrelaas maar een uitleg hiervan zou dus volgens het door ons gehanteerde analysekader noodzakelijk zijn. Over het optreden van de NCTV De Inspectie lijkt te willen concluderen/analyseren dat de NCTV conform haar formele taak heeft gehandeld door vooral advies te geven op basis van informatie die door met name de politie aan de NCTV is verstrekt. Wederom door de oogharen heen kijkend kan deze conclusie/analyse wel gevolgd worden op grond van het feitenrelaas maar een uitleg hiervan zou dus volgens ons analysekader noodzakelijk zijn. Voor de concluderende zin ‘de casus laat het belang van transparantie over de analyse van dreigingsbeelden [door de NCTV] richting partners verbetering behoeft’ hebben we in het feitenrelaas en de conclusie/analyse geen onderbouwende feiten gevonden. We merken verder op dat de door de Inspectie benoemde beoordelingsaspecten (zie paragraaf 2.2) niet systematisch terugkomen in het ‘analysehoofdstuk’ zodat het oordeel van de Inspectie dat zij vormt aan de hand van haar eigen analysekader onbekend blijft. 2.5
Conclusie en aanbevelingen van de Inspectie
We maken hier weer onderscheid naar de conclusies en aanbevelingen over het optreden van de politie enerzijds en die van de NCTV anderzijds. Conclusies en aanbevelingen over het politieoptreden De als bullets geformuleerde conclusies over het politieoptreden bevatten een aantal nieuwe, ongedefinieerde begrippen die vooral positiviteit uitstralen. Het gaat meer precies om de volgende drie conclusies (pagina 10 of 49): ‘De politie heeft professioneel en met grote inzet gehandeld in een veel eisende situatie’. Wat hier de standaard voor ‘professioneel’ is, is ongedefinieerd. De kwalificatie ‘met grote inzet’ (als hiermee wordt bedoeld ‘heeft hard gewerkt’) heeft geen basis in het feitenrelaas. Voor alle duidelijkheid: we hebben geen enkele reden om aan het harde werken van de politie te twijfelen maar in dit rapport kan deze conclusie niet uit de feiten of ‘analyse’ worden getrokken.
6 Politiechef Holla had deze conclusie zelf overigens ook al getrokken blijkens een interview in de Telegraaf
(Politie gaat ’flits-aanvallen’ bestrijden: ’We zijn die nacht na Ajax–Maccabi Tel Aviv echt overvallen’, De Telegraaf, 11 januari 2025).
24 september 2025
9
‘De politie heeft flexibiliteit getoond door snel te reageren op het verloop van de gebeurtenissen’. Wat de standaard voor flexibel en wanneer een reactie snel is, is ongedefinieerd. ‘Tegelijkertijd maken de gebeurtenissen duidelijk dat het niet realistisch is te verwachten dat de politie onder alle omstandigheden volledig grip kan houden op snel escalerende en onvoorspelbare ontwikkelingen.’ Ook zonder onderzoek zal het duidelijk zijn dat de politie niet onder alle omstandigheden volledig grip kan houden op snel escalerende en onvoorspelbare ontwikkelingen. De onderzoeksvraag van de Inspectie was echter hoe de politie in dit specifieke geval heeft gehandeld en in hoeverre dit heeft bijdragen aan het beheersen en beperken van de ordeverstoringen. De onderzoeksvraag wordt daarmee niet beantwoord. We merken op dat in bijlage 4 is te lezen dat volgens de Inspectie in de wetenschappelijke literatuur al eerder de conclusie is getrokken dat het fenomeen flits-aanvallen noodzaakt tot een herziening van de voorbereiding van de politie.7 Dit feit komt verder niet terug in de analyse en conclusies maar lijkt een belangrijke basis voor de enige aanbeveling die de Inspectie geeft, namelijk dat de politie moet ‘blijven investeren in verfijning van informatieverzameling, duiding daarvan en ontwikkeling van flexibele interventiestrategieën’ (pagina 11 of 50).
Conclusies en aanbevelingen over het optreden van de NCTV De twee conclusies over het optreden van de NCTV (pagina 10 of 49) volgen direct uit het gestelde in de ‘analyse’ met de daarbij eerder gemaakte kanttekening dat niet alles in deze ‘analyse’ een basis heeft in de feiten. De enige aanbeveling over het optreden van de NCTV `zorgen voor heldere en proactieve communicatie’ (pagina 11 of 50) is een directe ‘spiegeling’ van de in de conclusie gesignaleerde noodzaak dat ‘heldere communicatie noodzakelijk is […] om misverstanden te voorkomen’ en geeft daarmee evident een navolgbare oplossing voor de in de conclusie gesignaleerde noodzaak. (Wat de betekenis van deze zoals door Hans de Bruijn genoemde ‘gemakkelijke’ aanbeveling is8, is overigens onduidelijk omdat verder geen handvatten worden gegeven hoe hier uitvoering aan te geven.) 2.6
Ons samenvattend oordeel
Het rapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid beschrijft de gehanteerde kernbegrippen, de beoordelingsaspecten (maar operationaliseert die niet allemaal eenduidig) en de in de beschouwing betrokken feiten. 7 De Inspectie verwijst hierbij naar een onderzoek van Landman uit 2023 in opdracht van Politie en
Wetenschap dat echter daar (en elders) niet te vinden is en naar een online dossier van het CCV over online aangejaagde ordeverstoringen waarvan de eerste bijdrages in 2021 zijn geplaats (de Inspectie dateert dit als 2024). 8 H. de Bruijn (2007), Een gemakkelijke waarheid – waarom we niet leren van onderzoekscommissies.
24 september 2025
10
De (korte) analyse heeft een concluderend karakter zodat de navolgbaarheid beperkter is dan volgens ons analysekader noodzakelijk is, ook omdat niet alle gehanteerde termen zijn gedefinieerd. De bullet-opsomming die de conclusies en aanbevelingen vormen, bevatten nieuwe niet gedefinieerde begrippen met een positieve connotatie waarvan de relatie met de hoofdtekst niet eenduidig is.
24 september 2025
11
3 Over de COT-rapportage In dit hoofdstuk wordt het rapport van het COT op de aspecten van ons analysekader beoordeeld in separate paragrafen per aspect.
3.1
Definiëring van gehanteerde begrippen
Enkele technische begrippen worden op pagina 2 van de rapportage toegelicht. Het merendeel van de kernbegrippen voor de rapportage wordt geïntroduceerd als voetnoten of als lopende tekst in het concluderende hoofdstuk 2. Zo wordt bijvoorbeeld het kernbegrip ‘flitsaanval’ in voetnoot 2 geïntroduceerd. Niet alle kernbegrippen worden geïntroduceerd. Van bijvoorbeeld de twee kernbegrippen die nodig zijn voor het begrijpen van het voor het COT belangrijke onderscheid tussen ‘risicogestuurd-’ versus ‘informatiegestuurd werken’ wordt alleen ‘informatiegestuurd werken’ in de lopende tekst geïntroduceerd. In de tekst lijkt ‘informatiegestuurd’ een nieuw synoniem voor reactief werken en risicogestuurd voor proactief werken, maar de definitie maakt dat niet duidelijk: ‘Hierbij werkten partijen overwegend informatiegestuurd. Dit betekent dat nieuwe informatie steeds beoordeeld werd om af te wegen of het nodig was om (aanvullende) maatregelen te treffen’ (pagina 9). 3.2
Het analysekader van het COT
Een analysekader ontbreekt in de rapportage. 3.3
Het feitenrelaas van het COT
Het feitenrelaas ‘Tijdlijn op hoofdlijnen’ is als bijlage A opgenomen (pagina’s 32-33). Het betreft een opsomming van voornamelijk tijdstippen waarop overleggen plaatsvonden en momenten dat op X berichten werden geplaatst. Een verwijzing van de bronnen en inhoud van de overleggen ontbreekt. 3.4
De analyse van het COT
De drie hoofdstukken ‘Voorbereiding en risicoinschatting’ (3), ‘Van de aanloop naar de wedstrijd tot het kantelmoment na de wedstrijd’ (4) en ‘Gevoel van onveiligheid, mediadynamiek en persconferentie’ (5) zijn de analyserende hoofdstukken in de rapportage. Vanwege de afwezigheid van een separaat feitenrelaas (zoals bijvoorbeeld het inspectierapport wel kent) zouden de feiten waarop de analyse gebaseerd is in deze hoofdstukken moeten zijn opgenomen. Veel analyserende (en meestal meteen
24 september 2025
12
concluderende) passages bevatten inderdaad ook informatie die niet eerder in de rapportage voorkomen. Waar deze gegevens vandaan komen (bronvermelding) is echter onduidelijk waarmee ze ook niet traceerbaar zijn. De analyse zelf is wegens gebrek aan inzicht in (de bronnen van) de gebruikte feiten en een gebrek aan een analysekader in het algemeen niet navolgbaar. Als voorbeeld enkele passages die gaan over de voor politiek en media centrale vraag of de autoriteiten adequaat gehandeld hebben: ‘Een moment van escalatie die avond is het incident waarbij een Maccabi-supporter op het Rokin een Palestijnse vlag van een gevel trekt. Het incident wordt gefilmd en breed gedeeld. Ook worden taxi’s aangevallen en verschijnen hiervan beelden online. Dit leidt tot het online mobiliseren van taxichauffeurs. Zij verzamelen richting Holland Casino waar op dat moment een groep Maccabi-supporters aanwezig is. Dit werd tijdig gesignaleerd door politie en hierop zijn maatregelen op getroffen.’ (pagina 21) Deze passage bevat geen bronnen en geen tijdstippen zodat redelijkerwijs niet kan worden geanalyseerd dat de politie ‘tijdig’ (wat is dat precies?) maatregelen heeft genomen. Verder is dan niet geanalyseerd of de verder niet-beschreven maatregelen volgens bijvoorbeeld de professionele standaard passend waren bij de (perceptie van de) beschreven situatie.
‘Gedurende de dag van de wedstrijd blijft het informatiebeeld van de politie zich conform verwachting ontwikkelen. Online chatgroepen worden gemonitord en informatie die daarin verschijnt wordt geverifieerd. Op enig moment wordt meermaals gesproken over incidenten bij Strandvliet. Hierop wordt herhaaldelijk door de politie ingezet, bij aankomst is het telkens rustig. Hierdoor groeit het vermoeden dat hier bewust meldingen worden gedaan ter afleiding. Online worden veel verschillende plannen gedeeld die zich niet zichtbaar manifesteren, dit maakt het lastig verifiëren welke informatie wel of niet klopt. Ook mogelijke hit and runacties worden gedeeld, deze manifesteren zich ook gedurende de dag op momenten. Omdat deze acties paste bij het beeld was de verwachting op dit punt in control te blijven. Dit beeld is steeds tussentijds afgestemd met de driehoek.’ (pagina 22) Onduidelijk in deze passages is wat precies de verwachting van de politie was en wat de ontwikkeling van het informatiebeeld was.
Wat zijn ‘veel verschillende plannen die zich niet zichtbaar manifesteren’ en waardoor is het daardoor lastig verifiëren (de zinnen ervoor lijken een voorbeeld dat dit juist consequent door de politie gebeurd is)? De mogelijke hit and run-acties vallen blijkbaar onder online gedeelde informatie die wel klopt, maar wat betekent dan ‘Omdat deze acties paste bij het beeld was de verwachting op dit punt in control te blijven’?
24 september 2025
13
‘Rond 23:00 uur is de wedstrijd afgelopen en komt de gelijktijdige uitstroom van thuis- en uitsupporters op gang. De uitstroom verloopt volgens verwachting; er zijn wel incidenten, maar deze passen steeds bij de risico-inschatting die vooraf is opgesteld. De situatie blijft daarmee ook direct na de wedstrijd voor de politie beheersbaar die nog steeds op veel risicolocaties in de stad robuust en zichtbaar aanwezig is. Dit maakt snel ingrijpen op incidenten mogelijk.’ (pagina 24) Als lezer kennen we de risico-inschatting niet en zij kan dus ook niet begrijpen dat de ‘incidenten passen bij de risico-inschatting’. De vervolgconclusie dat de ‘situatie beheersbaar is’, klaarblijkelijk vanwege een ‘robuuste en zichtbare aanwezigheid’, is daarmee ook niet navolgbaar. Wat precies betekent een ‘robuuste aanwezigheid’? Verschillende passages zijn ook tekstueel moeilijk te begrijpen en de analyse daarmee slecht navolgbaar: ‘In de voorbereiding is als uitgangspunt afgesproken dat op het moment dat tijdens de fanwalk politieke uitingen gedaan zouden worden, deze onder de Wom valt en zou worden ingegrepen. De inhoud van de leuzen was echter in het moment niet bekend, waardoor de politie niet ingreep. Als deze wel bekend was geweest en als zodanig gehoord en erkend, had dit volgens verschillende betrokkenen mogelijk tot een ander optreden geleid.
Achteraf valt niet vast te stellen of optreden had bijgedragen aan een ander verloop van de avond.’ (pagina 22) In dit geval lijkt de analyse ‘als [de inhoud van de leuzen] wel bekend was geweest en als zodanig gehoord en erkend, had dit volgens verschillende betrokkenen mogelijk tot een ander optreden geleid ’ niet bijdragen aan een goed begrip van het handelen van de autoriteiten. 3.5
Conclusies en aanbevelingen van het COT
Hoofdstuk 2, dat ongeveer de helft van de rapportage in beslag neemt, bevat de conclusies en aanbevelingen (pagina’s 6-15). Het hoofdstuk is deels zo lang omdat het noodzakelijkerwijs diverse definities bevat die nodig zijn voor een goed begrip (de analysehoofdstukken volgens immers later). Voor cruciale conclusies lijkt de onderbouwing te ontbreken. Conclusie 8 luidt bijvoorbeeld: ‘De escalatie verraste in het moment en was kort en hevig. De driehoek is in het moment verrast door het excessieve geweld. Hoewel men voorbereid was op ongeregeldheden, was het moment, de intensiteit en specifieke werkwijze niet voorzien. De vraag die dat oproept is of dit voorzien had kunnen worden en of dat eventueel tot andere maatregelen had geleid. Onze inschatting is dat deze exacte samenloop van omstandigheden niet te voorspellen was.’ (pagina 10)
24 september 2025
14
Deze conclusie geeft eerst feiten, stelt dan wat voor politiek en media een cruciale onderzoeksvraag is en beantwoordt die vervolgens met ‘onze inschatting is dat deze exacte samenloop van omstandigheden niet te voorspellen was’. Over deze inschatting wordt in de latere analyserende hoofdstukken echter niet gesproken zodat onduidelijk is waarop die inschatting dan gebaseerd is. Merk op dat de vraag of op dat moment andere maatregelen genomen hadden kunnen worden door het COT niet wordt gesteld noch wordt beantwoord. 3.6
Ons samenvattend oordeel
Het rapport van het COT voldoet op geen van onze analysepunten voor een wetenschappelijke publicatie aan de norm.
24 september 2025
15