GETEKEND Antwoordbrief motie 1354 Boutkan evaluatie menukaart.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 7 juli 2021 Openbare ruimte Marieke van Doorninck Verkeer & Openbare Ruimte, bestuurlijk.zaken.vor@amsterdam.nl Uitvoering motie 1354 van raadslid Boutkan (PvdA) getiteld ‘Lessen uit de Menukaart, anders omgaan met schaarse openbare ruimte’
Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 17 december 2020 heeft uw raad bij de behandeling van het agendapunt ‘Vaststellen van de Begroting 2021’ motie 1354 van raadslid Boutkan van de PvdA aangenomen getiteld ‘Lessen uit de Menukaart, anders omgaan met schaarse openbare ruimte’, via schriftelijke stemming. In de motie wordt het college gevraagd om: 1. De methodiek en ervaringen van de Menukaart te evalueren en met een voorstel te komen welke lessen getrokken en toegepast kunnen worden; 2. De raad hierover te informeren vóór de zomer van 2021. In lijn met deze motie heeft het college een interne evaluatie uitgevoerd, met als doel om lessen te trekken uit de ervaringen uit de coronatijd in het algemeen en uit het proces rondom de Menukaart in het bijzonder. Daaruit volgen lessen die we gebruiken bij toekomstige keuzes over de kaderstelling, de interne samenwerking en de (her)inrichting van schaarse openbare ruimte.
1 De uitgevoerde maatregelen Op 26 oktober heeft het college de verzamelbrief informatie met betrekking tot de herstelfase corona1 gedeeld met de gemeenteraad, met als bijlage 2.1 Rapportage tijdelijke maatregelen openbare ruimte 1,5 meter (menukaart)2. In dit rapport staat een inhoudelijk overzicht van alle maatregelen die getroffen zijn om de openbare ruimte aan te passen aan de anderhalvemetersamenleving. Het ging onder meer om de invoer van looprichtingen in winkelstraten, het tijdelijk verplaatsen van fietsers naar de rijbaan, het tijdelijk faciliteren van voetgangers op de rijbaan, het verplaatsen van objecten, het tijdelijk anders inrichten van parkeerplaatsen, de invoer van vakantiestraten, het tijdelijk autovrij maken van straten en het treffen van tijdelijke maatregelen bij basisscholen en op en rond de veren. Naast de fysieke ingrepen uit de Menukaart zijn ook veel andere maatregelen getroffen in deze periode om de anderhalvemetersamenleving in goede banen te leiden. In drukke gebieden was 1 https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/9343786/1/Verzamelbrief%2026-
10%20college%20informatie%20mbt%20herstelfase%20corona 2https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/9343795/1#search=%22Rapportage%20Tijdelijke%20maatregelen%22
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 2 van 8
sprake van crowdmanagement, bijvoorbeeld in de parken en in het Wallengebied. Daarnaast is er via Open Stad in de zomer van 2020 ook ruimte geboden aan initiatieven van bewoners en ondernemers. Zie voor meer informatie de raadsinformatiebrief van 27 mei 20203.
2 Het ruimtegebruik in coronatijd Het is niet goed mogelijk om alle fysieke ingrepen uit de Menukaart op hun effect te beoordelen. Dat heeft een aantal redenen. Ten eerste heeft het college zich gericht op het zo snel mogelijk treffen van maatregelen om de volksgezondheid, verkeersveiligheid en toegankelijkheid van de stad te waarborgen. Het is daarbij niet de bedoeling geweest om verkeersexperimenten uit te voeren die bruikbaar zouden zijn om andere beleidsdoelen na te streven, zoals die bijvoorbeeld in de Agenda Amsterdam Autoluw zijn verwoord. Daarom ontbreken nulmetingen en kwantitatieve monitoring van de verkeerseffecten. Daarnaast waren de omstandigheden waaronder de menukaartmaatregelen ingevoerd werden uniek. Door de lockdown was er tijdelijk veel minder verkeer en de oplopende besmettingen en sterfgevallen maakten dat de belangenafwegingen anders waren dan in ‘normale tijden’. Dat leidt tot een andere toedeling van openbare ruimte. Ook wordt onder normale omstandigheden meestal gewerkt aan definitieve inrichtingsvormen, waarbij andere belangen en afwegingen spelen dan bij deze tijdelijke aanpassingen. Dit alles maakt dat we het effect van de menukaartmaatregelen niet op maatregelniveau kunnen evalueren.
Dat neemt niet weg dat de manier waarop Amsterdammers de stad gebruikt hebben in coronatijd en de wijze waarop maatregelen uit de Menukaart uitgevoerd en ontvangen zijn interessante inzichten heeft opgeleverd, die ook van meerwaarde kunnen zijn in de jaren die voor ons liggen. Deze worden hieronder kort beschreven. Dit nemen we mee bij de doorontwikkeling van ons beleid en in de uitvoering van (herinrichtings)projecten. Het belang van de voetganger en de fietser als basis van ons mobiliteitssysteem Conform de Agenda Amsterdam Autoluw (2020) geven we bij het verdelen van de ruimte prioriteit aan de voetganger en de fietser. Deze modaliteiten zijn immers gezond, schoon, goedkoop en ze nemen weinig ruimte in. In de periode waarin mensen dicht bij huis bleven, meer wandelden en soms het openbaar vervoer meden was dit belang zeer zichtbaar. Afstand houden betekende ook dat voetgangers meer ruimte nodig hadden, waardoor soms objecten zoals fietsenrekken verplaatst moesten worden. Vanuit de angst voor besmetting viel het zeker in de eerste weken ook op hoe druk het kan zijn op smalle fietspaden. En bij het heropenen van de scholen waren maatregelen nodig om meer veilige ruimte te maken voor ouders en kinderen, die bij voorkeur lopend en fietsend naar school komen. We zagen kortom dat een bereikbare stad begint met ruimte voor de fiets en de voetganger.
Door Amsterdam verder autoluw te maken vinden we de komende jaren die ruimte; niet tijdelijk maar definitief.
3 https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/8788477/1#search=%22open%20stad%22
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 3 van 8
Het belang van verblijfskwaliteit in de woonomgeving In de Visie Openbare Ruimte (2017) wordt de openbare ruimte omschreven als de huiskamer van de stad. In coronatijd werd duidelijk hoe belangrijk die verblijfsfunctie is. Onze straten, pleinen en parken waren de plek waar Amsterdammers sportten toen de verenigingen en sportscholen gesloten waren. Waar kinderen buitenspeelden tussen het thuisonderwijs door. Waar buren elkaar op veilige afstand ontmoetten voor een praatje. Ook bleek dat daar voorzieningen voor nodig zijn. Bijvoorbeeld voldoende afvalbakken om de afgehaalde koffiebekers weg te gooien. Bankjes om even op uit te rusten. Watertappunten die uitkomst bieden bij dorst. En meer openbare toiletten, zeker toen toiletvoorzieningen in horeca tijdelijk geen uitkomst boden. De afgelopen jaren is in beleid en uitvoering steeds meer aandacht voor deze verblijfsfunctie, met de Visie Openbare Ruimte als basis. De coronatijd heeft ons nogmaals laten zien dat we hier ook de komende jaren in moeten blijven investeren. Het belang van een gezonde leefomgeving Tijdens de pandemie werden we ons extra bewust van het belang van een gezonde leefstijl en het tegengaan van overgewicht. En we zagen dat de fysieke leefomgeving daarin een grote rol speelt, bijvoorbeeld door mensen uit te dagen en uit te nodigen om te bewegen.
We plukten de vruchten van de stappen die afgelopen jaren op dit vlak gezet zijn, op basis van bijvoorbeeld de Amsterdamse Beweeglogica (2016) en het Inspiratieboek Spelen in de Stad4. En recenter de Amsterdamse Gezondheidslogica (2020) en de keuze om diverse openbare plekken in de stad rookvrij te maken5. Komende jaren zetten we deze lijn door, onder andere op basis van de Agenda Urban Sports 2021-2025 (2021), waarmee we meer sportvoorzieningen realiseren in de openbare ruimte. En met de Groenvisie (2020), als basis om de stad stevig te vergroenen. Zo zorgen we dat de openbare ruimte steeds meer gaat bijdragen aan een gezonde stad. Het belang van echte, integrale keuzes De openbare ruimte in Amsterdam is schaars. Dat is niet nieuw, maar in de coronatijd werd die schaarste nog duidelijker. Amsterdammers gingen naar buiten om te sporten, te ontspannen en elkaar te ontmoeten, omdat dat binnen even niet kon. Tegelijkertijd hadden fietsers en voetgangers behoefte aan meer ruimte, om afstand tot elkaar te houden. En zodra de eerste versoepelingen hun intrede deden werd ook het economisch belang van de openbare ruimte zichtbaar; ondernemers hadden ruimte nodig om de coronamaatregelen na te kunnen leven en zich te herstellen na een periode van sluiting. Hierin hebben we keuzes gemaakt om de schaarse ruimte te verdelen, op basis van de Menukaart, onder onzekere omstandigheden.
Paragraaf 3 van deze brief gaat in op dat proces en de gemaakte afwegingen. 4
Inspiratieboek Spelen in de Stad (2019)
https://131f4363709c46b89a6ba5bc764b38b9.objectstore.eu/hior/Documenten/Inspiratieboek%20Spelen%20in%20de%20stad %20(2019).pdf 5 Inrichtingsprincipes Rookvrije Zones (2020)
https://131f4363709c46b89a6ba5bc764b38b9.objectstore.eu/hior/Documenten/Inrichtingsprincipes%20rookvrije%20zones%20( 2020).pdf
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 4 van 8
Uit deze tijd nemen we mee dat we ook de komende jaren stevige keuzes moeten maken op straat- en gebiedsniveau. Een stoep die vol staat met terrassen kan immers niet gebruikt worden door voetgangers. Maar door de verkeersfunctie van straten voor de auto en waar nodig ook voor de fiets te verminderen kunnen economie, verblijf en toegankelijkheid naast elkaar blijven bestaan. En daar waar de fiets tijdelijk naar de rijbaan verplaatst werd zagen we dat voldoende wegbreedte een vereiste is, maar vooral dat de fiets het primaat moet hebben boven de auto om van fietsstraten een succes te maken. Dat pleit voor het doorzetten van onze autoluwe ambities. In grote projecten worden deze belangen integraal gewogen in de Nota van Uitgangspunten (NvU). Daar moeten de politieke keuzes omtrent de ruimtetoedeling gemaakt worden. We zullen deze keuzes ook komende jaren blijven voorleggen aan de gemeenteraad via de NvU’s, op basis van de vastgestelde visies en kaders.
3 Evaluatie van het proces Bij het opstellen en het uitvoeren van de Menukaart is op een andere wijze gewerkt dan we normaal doen. Dit aangepaste werkproces is geëvalueerd naar aanleiding van deze motie. In deze paragraaf staan we stil bij het proces. Dat levert interessante inzichten op over hoe we als gemeente kunnen samenwerken bij het verdelen van de schaarse ruimte. De aangepaste werkwijze rondom de Menukaart bestaat uit een aantal samenhangende aspecten, namelijk: • Een andere manier van kaderstelling dan het traditionele beleidskader; • Een proces gericht op een snelle besluitvorming en uitvoering; • Meer mogelijkheden voor lokale invulling (zowel ambtelijk als bestuurlijk) op stadsdeelniveau; • Inhoudelijke belangenafweging afgemeten aan de inhoudelijke doelstellingen van de Menukaart. De evaluatie van dit proces is intern uitgevoegd. Relevante stukken zijn geraadpleegd en er zijn interviews gehouden met betrokken ambtenaren bij directies en stadsdeelorganisaties. Op grond daarvan zijn onderstaande inzichten geformuleerd.
3.1 De context Ten eerste is het van belang om stil te staan bij de bijzondere context waarin de Menukaart werd opgesteld en de veranderende omstandigheden daarna. In maart en april van 2020 bestond er veel onduidelijkheid over de besmettingsgraad van het virus en liepen de ziekenhuisopnames en de sterfgevallen snel op. In de media verschenen simulaties waarin het virus als een ‘wolk’ rondom een besmette persoon hing. Een besmet persoon zou in het verkeer en de openbare ruimte mogelijk veel anderen kunnen besmetten. Met deze urgentie in het achterhoofd werd in enkele weken tijd de Menukaart gemaakt, die het college op 8 mei 202o vaststelde. In mei versoepelde het landelijk beleid. Zwaar getroffen horecabedrijven wilden hun terrassen openen, waarbij extra ruimte nodig was om de anderhalvemeterregels na te leven. En ondanks dat niet precies bekend is op welke wijze besmettingen plaatsvonden, leek het schrikbeeld van besmettingen bij het passeren in de buitenlucht mee te vallen.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 5 van 8
Juist in deze periode van optimisme en gunstige besmettingscijfers werden veel van de maatregelen uit de Menukaart voorbereid en uitgevoerd. Door de veranderende context veranderde ook de belangenafweging omtrent de maatregelen. Die context maakte dat de keuzes die in de praktijk gemaakt zijn niet altijd één op één binnen de kaders uit de Menukaart passen.
3.2 Wijze van kaderstelling In tegenstelling tot veel andere beleidsdocumenten werd in de Menukaart niet voorgeschreven welke maatregelen waar getroffen moesten worden. De Menukaart bood een palet aan mogelijkheden, met bijbehorende risico’s en een aantal randvoorwaarden. Vervolgens kon lokaal binnen een gebied of project- beoordeeld worden welke maatregelen nodig waren om de anderhalvemetersamenleving te faciliteren. Deze opzet maakte dat de Menukaart zeer snel kon worden opgesteld en vastgesteld en dat er relatief veel vrijheid was in de uitvoering.
3.3 Het proces richting uitvoering Op 15 mei 2020 werd het interne document Toetsing en uitvoering van 1,5 metermaatregelen m.b.t. de openbare ruimte en het verkeer (hierna Toetsingskader) vastgesteld. Hierin staat stapsgewijs beschreven hoe besluiten over menukaartmaatregelen werden genomen en hoe de uitvoering georganiseerd werd. De takenlijst van de Verordening op het lokaal bestuur hebben de Dagelijks Besturen (DB’s) van de stadsdelen was daarin grotendeels6 leidend voor de rolverdeling tussen de DB’s en het college. Dit leidde tot twee hoofdprocessen die in het vervolg van deze paragraaf beschouwd worden: Een lokaal proces op stadsdeelniveau met besluitvorming door het DB; Een stedelijk proces waarbij het college het besluit nam. 3.3.1 Het lokale proces De stadsdelen werkten in coronatijd via integrale gebiedstafels. Hier werden medewerkers en soms externe partijen uitgenodigd om maatregelen te bespreken, met alle relevante expertises en adviseurs aan tafel. Dit bleek een efficiënte en effectieve manier van werken, om de volgende redenen: De Menukaart gaf veel mogelijkheden om zelf maatregelen te kiezen die aansloten op de lokale situatie. Dit leidde tot veel creativiteit en energie. Bovendien waren adviseurs vanuit de directies vaker vertegenwoordigd in de stadsdelen. Het zorgde voor onderling vertrouwen en daarmee voor groei van het interne netwerk.
Ook bestuurlijk bestond er binnen het palet van de Menukaart meer bewegingsvrijheid om maatregelen te kiezen voor de aanpak van lokale problemen. Bij terugkerende problemen werd lokaal, na overleg met het DB, steeds gekozen voor gelijksoortige oplossingen. Dit leidde tot steeds snellere besluitvorming. De stadsdelen konden voor advies over het beleid uit de Menukaart snel terecht bij een speciaal hiervoor ingericht adviesteam met expertise op het vlak van verkeer en openbare ruimte. Dit leidde tot snelle en scherpe collegiale advisering, waardoor stadsdelen sneller tot besluitvorming konden komen.
6 In afwijking van de Verordening op het lokaal bestuur gold dat het DB niet besluit over menukaartmaatregelen op het Plusnet
Fiets, Hoofdnet Auto en Hoofdnet OV. Deze keuze werd gemaakt om vanuit het belang om stedelijk regie te houden op de robuustheid van het netwerk en daarmee de bereikbaarheid van de stad te garanderen.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 6 van 8
De betrokken ambtenaren uit de stadsdeelorganisaties gaven aan dat deze bewegingsvrijheid en de intensievere samenwerking met directies als positief werd ervaren, zeker gezien de steeds veranderende context van de coronacrisis. Tegelijkertijd gaven zij aan dat ruimte voor lokaal maatwerk in beleid altijd nodig is, maar dat deze ervaring geen aanleiding geeft om de lokale vrijheid binnen bestaande beleidskaders te vergroten. Inhoudelijke belangenafweging; een illustratie aan de hand van de terrassen Terrasuitbreidingen (maatregel E3) vormden de grootste groep maatregelen die de stadsdeelbesturen namen op basis van de Menukaart en de later vastgestelde regels omtrent tijdelijke terrasuitbreidingen. Deze terrasuitbreidingen zijn illustratief voor het proces dat hier boven beschreven is; afwegingen over het al dan niet toestaan van een terrasuitbreiding werden gemaakt op basis van een integrale belangenafweging in het gebied, indien nodig met advies vanuit de directies, waarbij vaak lokaal maatwerk werd toegepast. In de zomer van 2020 ging het om ruim duizend vergunde terrasuitbreidingen. Een aantal medewerkers van de betrokken directies geeft aan dat de maatvoeringen en voorschriften uit de Menukaart ten aanzien van deze terrasuitbreidingen in de praktijk niet altijd zijn toegepast.
Eén van de redenen die betrokkenen hiervoor noemden, was de afname van angst voor besmetting in de openbare ruimte naarmate meer bekend werd over de verspreiding van het virus. Daardoor kwamen de economische belangen van bijvoorbeeld horecaondernemers zwaarder te wegen. Daarnaast bestond er na de lockdown een grote behoefte om elkaar weer te ontmoeten. Het terras in de buitenlucht bood daarvoor een relatief veilige omgeving. Ook de Ombudsman constateerde in de rapportage Eindrapportage bemiddeling tijdelijke terrasuitbreiding (24 augustus 2020) 7 dat het bestuurlijk vastgestelde beleid niet altijd werd nageleefd. De Ombudsman geeft aan dat het opgestelde beleid en de daadwerkelijke toepassing in concrete situaties niet overeen kwamen bij het gebruiken van parkeerplaatsen, het meewegen van de wensen van de buurtbewoners en de breedte van de doorloop op de stoep. De gemeente heeft daarmee verwachtingen gewekt die in de praktijk niet werden nagekomen. In een aantal gevallen leidden de terrasuitbreidingen tot overlast, waarbij de Ombudsman heeft bemiddeld tussen ondernemer en omgeving. Deze participatie en bemiddeling door de Ombudsman is uitgebreid geëvalueerd in het eerdergenoemde rapport van de Ombudsman. De ervaringen waren positief en het college heeft in de brief aan de gemeenteraad van 28 september 20208 aangegeven deze wijze van bemiddeling voort te zetten.
3.3.2 Het stedelijk proces Maatregelen met een grote impact op het stedelijk mobiliteitsnetwerk, of die zeer complex zijn, werden niet lokaal maar stedelijk voorbereid en uitgevoerd. Het college nam hierover de besluiten. In de praktijk is daarbij op stedelijk niveau vooral veel energie gestoken in het voorbereiden van de maatregel fietser naar de rijbaan (maatregel F2). Het vastgestelde Toetsingskader voor de coronatijd beoogde een zeer kort proces om dit soort complexe maatregelen voor te bereiden, af te stemmen en uit te voeren. In de praktijk liep het echter anders. Uit de evaluatie blijkt dat men uiteindelijk grotendeels heeft vastgehouden aan het
7 https://www.ombudsmanmetropool.nl/uploaded_files/article/Eindrapportage_terrasbemiddeling_def.pdf 8 https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/9218228/1#search=%22open%20stad%22
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 7 van 8
reguliere proces voor dit soort maatregelen, met afstemming in meerdere gremia, maar dan in een versneld tempo. Betrokken ambtenaren geven aan dat het continu schipperen was tussen enerzijds voldoende snelheid en anderzijds voldoende zorgvuldigheid. Dit heeft geleid tot een langere voorbereidingstijd dan bij het opstellen van de Menukaart beoogd was en minder tempo in de uitvoering. Inhoudelijke belangenafweging; een illustratie aan de hand van ‘fiets naar de rijbaan’ De maatregel ‘Fiets naar de rijbaan’ uit de Meukaart is op stedelijk niveau ambitieus opgepakt. Er is verkend of het mogelijk was om in combinatie met een 30 km/uur-regime de fietsers naar de rijbaan te verplaatsen op alle locaties waar de snorfiets nu de rijbaan gebruikt. Een programma van deze omvang bleek echter onuitvoerbaar. Vervolgens werd stadsdelen gevraagd om de grootste knelpunten aan te wijzen. De knelpunten zijn beoordeeld door experts op het vlak van verkeersontwerp, verkeersveiligheid, openbare ruimte en fietsbeleid. Ook daarbij was de veranderende context van de coronacrisis een belangrijke factor; het autoverkeer nam weer toe en de angst voor besmettingen in het verkeer nam af.
Dat maakte dat de doelen die in de Menukaart beoogd waren met de maatregel (meer ruimte voor fietsers om elkaar te passeren, meer ruimte voor voetgangers door ook op het fietspad te lopen en daarmee minder besmettingen in het verkeer) in een andere context kwamen te staan. Uiteindelijk is de maatregel in zes straten uitgevoerd. Bij de Rijnstraat is de maatregel kort na de uitvoering teruggedraaid, op grond van klachten en observaties van de verkeerssituatie. Ook bij de J.P. Heijestraat is de maatregel tussentijds stopgezet. Terugkijkend zien we dat het eindresultaat is dat de fietser slechts in een beperkt aantal straten daadwerkelijk naar de rijbaan kon worden verplaatst. En dat dit niet overal een succes was. Daar waar de fietser wel naar de rijbaan ging, bleek dat voetgangers ook weinig gebruik maakten van het vrijgekomen fietspad. Gedragsdeskundigen binnen de gemeente vermoeden dat dit te maken heeft met het feit dat je als voetganger geleerd hebt om niet over dat rode fietspad te lopen. Gedragsdeskundigen geven aan dat mensen hun gedrag vaak alleen bij extremere omstandigheden aanpassen. Toen bleek dat het besmettingsrisico waarschijnlijk minder groot was dan verwacht, was dit mogelijk niet ingrijpend genoeg om voetgangers ander gedrag te laten vertonen.
4 Wat we kunnen leren voor de toekomst Beleidskaders en lokale invulling Complexe vraagstukken over ruimtetoedeling en ruimtelijke inrichting laten zich niet altijd vatten in vastomlijnde kaders. Soms kan de functie van beleid zijn om de belangenafweging te duiden, met een omschrijving van de voor- en nadelen. De Menukaart was daarvan een goed voorbeeld. Op die manier kan vervolgens lokaal de uiteindelijke afweging op de juiste wijze gemaakt worden binnen een gebied of project. Deze ‘afwegingskaders’ zullen we blijven inzetten. Het geeft ruimte voor lokale invulling en keuzes op projectniveau. Een voorbeeld is het Afwegingskader Fietsstraten, Fietspaden & Fietsstroken. Heldere grenzen aan maatwerk Tegelijkertijd laten deze evaluatie en ook het rapport van de Ombudsman over de terrasuitbreidingen zien dat de gemeente zich in de coronatijd niet altijd aan haar eigen beleid heeft gehouden. De veranderende context was daarin een belangrijke factor. Hieruit nemen we als
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 7 juli 2021 Pagina 8 van 8
college mee dat bij het bieden van ruimte voor lokaal maatwerk in beleid ook altijd duidelijk moet zijn hoe deze ruimte begrensd is. Hierdoor kunnen Amsterdammers erop vertrouwen dat de gemeente binnen de eigen kaders opereert. Versterking van de advisering om de juiste keuzes te maken Het verdelingsvraagstuk van schaarse ruimte is complex. Niet altijd is het mogelijk om alle beleidsdoelstellingen in één straat te realiseren: er moeten keuzes gemaakt worden, zoals we dat ook gedaan hebben in de coronatijd. Dat vraagt om een integrale afweging van belangen, op basis waarvan scherpe keuzes gemaakt kunnen worden. Het lokale proces zoals dat gevoerd is bij de uitvoering van de Menukaart werkte daarbij efficiënt en snel door de aanwezigheid van relevante adviseurs aan één tafel en de korte lijnen naar het bestuur van de stadsdelen. Het reguliere proces om de schaarse ruimte te verdelen bij herinrichtingen is op dit moment juist meer gericht op verschillende momenten van toetsing, met diverse gremia die deelbelangen vertegenwoordigen. De ervaringen rondom de Menukaart leren ons dat het proces effectiever verloopt wanneer ingezet wordt op integraliteit. En om scherpe keuzes te kunnen maken is het belangrijk dat die integrale advisering vroeg in het proces plaatsvindt, via de NvU.
Momenteel wordt onderzocht of het reguliere werkproces, met verplichte advisering vanuit de Commissie Puccinimethode, de Centrale Verkeerscommissie en de Werkgroep Verkeerslichten Amsterdam, op dit vlak verbeterd kan worden. Dat wil zeggen: efficiënt, resultaatgericht en integraal. Het college neemt bovenstaande lessen ter harte en beschouwt de motie daarmee als uitgevoerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,
Marieke van Doorninck Waarnemend wethouder openbare ruimte