Gemeenteraad Voordracht.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
Portefeuille
Ruimtelijke Ordening
Agendapunt
0
Datum besluit
College van B&W, 14 september 2021 Onderwerp
Vaststellen bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland en aanvaarden bijbehorende MER en passende beoordelingen De gemeenteraad van Amsterdam besluit
1. Kennis te nemen en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming van a. het positieve advies van de dagelijkse besturen van stadsdeel Oost en Noord; b. de twee ingebrachte zienswijzen op ontwerp bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland’; 2. De zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1b te beantwoorden overeenkomstig gesteld is in de bijgevoegde ‘Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland’ welke onderdeel uitmaakt van dit besluit; 3. Kennis te nemen van het positieve toetsingsadvies van de commissie m.e.r. voor het milieueffectrapport (MER) en het advies te betrekken bij verdere besluitvorming; 4. Kennis te nemen van het feit dat er tegen het MER geen zienswijzen zijn ingebracht; 5. Kennis te nemen van de aanwijzing van Strandeiland als één van de Koers 2025 gebieden als duurzaam innovatief experiment onder de Crisis- en herstelwet (17e tranche) en de toepassing van de daaruit volgende mogelijkheden uit het besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (artikel 7c), met als belangrijkste punten dat het bestemmingsplan geldt voor een periode van maximaal 20 jaar na inwerkingtreding van dit plan en integratie van milieuthema’s. 6. Kennis te nemen van het feit dat de IJtram conform het Stedenbouwkundig Plan Strandeiland doorgetrokken wordt op Strandeiland. 7.
het MER Strandeiland en de passende beoordelingen stikstof en waterrecreatie ten behoeve van de ontwikkeling van Strandeiland en de daarin getrokken conclusies te aanvaarden; 8. Het maximumaantal te realiseren woningen voor Buiteneiland vast te stellen op 500 woningen; 9. De hogere waarden als gevolg van het wegverkeerslawaai voor woningen, geluidgevoelige gebouwen en terreinen zoals opgenomen in artikel 39 en de bijlage van de planregels voor de percelen ASD41 AU 4133, ASD41 AU 3427, ASD41 AU 3426, ASD41 AU 4027, ASD41 AU 3735, ASD41 AU 3725, ASD41 AU 3765, ASD41 AU 4022, ASD41 AU3736, ASD41 AU 4025 vast te stellen; 10. Het bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland, bestaande uit de verbeelding, regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.M1901BPSTD-VG01 in elektronische en analoge vorm gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerp zoals ter inzage heeft gelegen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 10 juli 2019; 11. Geen exploitatieplan vast te stellen; 12. Dat afdeling 2 hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing is. Wettelijke grondslag
Wet ruimtelijke ordening (Wro), artikel 3.6, jo artikel 3.9a, eerste lid.
Gegenereerd: v1.4
1
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vast. Wet milieubeheer, hoofdstuk 7, in het bijzonder artikel 7.17 Het bevoegd gezag moet beslissen of een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. Deze beslissing vindt plaats op basis van een (aanmeld)notitie vormvrije m.e.r. beoordeling. Wet natuurbescherming (Wnb), artikel 2.7 en 2.8 Een bestuursorgaan stelt een plan dat significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000gebied, uitsluitend vast indien een passende beoordeling is uitgevoerd en uit de passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het plan de natuurlijke kenmerken van het gebied niet zal aantasten. Gemeentewet, artikel 169Het college van burgemeester en wethouders en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan de Gemeenteraad verantwoording schuldig over het door het college gevoerde bestuur (lid 1). Zij geven de raad alle inlichtingen die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft (lid 2). Crisis- en herstelwet, artikel 1.1 eerste lid jo bijlage 1, categorie 3.1 en artikel 2.4 jo Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet, artikel 7c. Dit betreffen de procedurele versnellingen en de aanwijzing als duurzaam innovatief experiment (afwijkingsmogelijkheden van een bestemmingsplan verbrede reikwijdte). Bestuurlijke achtergrond
Eerdere besluitvorming • Koers 2025 – Ruimte voor de stad In Koers 2025 is IJburg 2, waar Strandeiland onderdeel van is, aangewezen als een van de ontwikkellocaties van Amsterdam. • Stedenbouwkundig plan Strandeiland Op 7 november 2019 is het Stedenbouwkundig plan Strandeiland (SP) door de gemeenteraad vastgesteld. Dit vormt het ruimtelijk kader voor Strandeiland. Voorliggend ontwerpbestemmingsplan is de juridische vertaling van het SP en faciliteert de ontwikkeling juridisch planologisch. • Vaststelling Notitie Reikwijdte en Detailniveau Strandeiland Op 26 november 2019 is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) Strandeiland vastgesteld door het college van Burgemeester en Wethouders. • Vrijgave voorontwerpbestemmingsplan voor wettelijk vooroverleg Op 6 juli 2020 heeft wethouder van Doorninck het bestemmingsplan vrijgegeven voor de start van het wettelijk vooroverleg (conform artikel 3.1.1. Bro). Gelijktijdig is aan de commissie m.e.r. en de stadsdelen Oost en Noord gevraagd advies uit te brengen. • Warmteplan Strandeiland Het warmteplan is op 10 februari 2021 door de gemeenteraad vastgesteld. • Ontwerpbestemmingsplan Op 1 december 2020 is het ontwerpbestemmingsplan IJburg 2e fase - Strandeiland, het Milieu Effect Rapport (MER) en de Passende Beoordelingen Strandeiland door het college van Burgemeester en Wethouders vrijgegeven voor terinzagelegging. Onderbouwing besluit
Gegenereerd: v1.4
2
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
Ad 1 Kennis te nemen en te betrekken bij de voorliggende besluitvorming van a. het positieve advies van de dagelijkse besturen van stadsdeel Oost en Noord; Stadsdeel Oost en Noord hebben gezamenlijk positief advies uitgebracht op 15 september 2020, waarbij stadsdeel Noord enkel heeft verzocht om de toevoeging dat zij het goed vinden dat de communicatie/participatie met Durgerdam goed verloopt. Stadsdeel Oost heeft meer inhoudelijk gereageerd op het bestemmingsplan. Samenvattend vraagt stadsdeel Oost om sport, groen/natuur, waterrecreatie en tijdelijke initiatieven nader in te vullen. De volledige reactie en beantwoording daarvan is terug te lezen in de ‘Nota vooroverleg’ (zie bijlage 24 bij de toelichting). b. de twee ingebrachte zienswijzen op ontwerp bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland’; Gedurende de ter visielegging zijn twee zienswijzen ingediend. De eerste zienswijze verzocht om meer informatie over de woningtoewijzing en huurprijs; de andere had onder meer vraagtekens bij de woningbouw omvang en de sportnorm.
Ad 2 De zienswijzen als bedoeld onder beslispunt 1b te beantwoorden overeenkomstig gesteld is in de bijgevoegde ‘Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland’ welke onderdeel uitmaakt van dit besluit; In de nota van beantwoording (zie bijlage) is een samenvatting per onderdeel geschreven van de ontvangen zienswijzen en worden deze voorzien van een antwoord. De zienswijzen hebben niet geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Naast de zienswijzen zijn enkele ambtelijke reacties ingediend. Deze zijn ook samengevat en voorzien van een beantwoording in de nota van beantwoording. De ambtelijke reacties hebben tot enkele ondergeschikte wijzigingen geleid. Er zijn geen zienswijzen tegen het MER ingediend. Ad 3 Kennis te nemen van het positieve toetsingsadvies van de commissie m.e.r. voor het milieueffectrapport (MER) en het advies te betrekken bij verdere besluitvorming; Op basis van het bepaalde in de Wet milieubeheer dient de commissie m.e.r.om advies te worden gevraagd inzake de uitgevoerde MER/ passende beoordelingen. In 2019 heeft de commissie m.e.r. advies uitgebracht op de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Bij het opstellen van het MER/ passende beoordelingen is uitdrukkelijk aandacht geweest voor de adviezen, opmerkingen en aanvullingen van de commissie m.e.r.
die in het kader van het advies op de NRD naar voren zijn gebracht. Ten tijde van het vooroverleg is de commissie gevraagd advies te geven over dit MER/ bestemmingsplan. Op 24 september 2020 heeft de commissie voor de m.e.r. positief advies (zie bijlage) uitgebracht over het MER Strandeiland. Dit advies is door de commissie voor de m.e.r. gepubliceerd. Dit advies tevens is samengevat en beantwoord in de ‘Nota vooroverleg'. Ad 4 Kennis te nemen van het feit dat er tegen het MER geen zienswijzen zijn ingebracht; In de nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland is aangegeven dat er geen zienswijzen tegen het MER zijn ingediend. Ad 5 Kennis te nemen van de aanwijzing van Strandeiland als een van de Koers 2025 gebieden als duurzaam innovatief experiment onder de Crisis- en herstelwet (17e tranche) en de toepassing van de daaruit volgende mogelijkheden uit het besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (artikel 7c), met als belangrijkste punten dat het bestemmingsplan geldt voor een periode van maximaal 20 jaar na inwerkingtreding van dit plan en integratie van milieuthema’s; Relevant voor de ruimtelijke ontwikkeling van Strandeiland is artikel 7c van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (Uitvoeringsbesluit).
In de Crisis en herstelwet is de mogelijkheid opgenomen om ten behoeve van een duurzaam innovatief experiment te werken met een zogenaamd ”bestemmingsplan verbrede reikwijdte”. Dit type bestemmingsplan biedt de mogelijkheid om meer zaken te regelen dan in een traditioneel bestemmingsplan en loopt daarmee deels vooruit op het 'omgevingsplan' dat met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (Ow) in de plaats zal komen van het bestemmingsplan. Dit onder de voorwaarde dat een dergelijk bestemmingsplan ten dienste
Gegenereerd: v1.4
3
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
staat van het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, en het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke functies. Strandeiland is met de inwerkingtreding van het Besluit tot wijziging en aanvulling van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (zeventiende tranche) op 15 februari 2019 aangewezen als gebied waar gewerkt mag worden met een bestemmingsplan verbrede reikwijdte. Gezien de looptijd van de ontwikkeling en innovatieve wijze van ontwikkelen is ervoor gekozen om het bestemmingsplan vorm te geven als een bestemmingsplan verbrede reikwijdte. Daarbij wordt - in ieder geval deels - gebruik gemaakt van de volgende mogelijkheden die het bestemmingsplan verbrede reikwijdte biedt: • Looptijd van 20 jaar; • Koppeling met beleidsregels; • Opnemen van eisen van welstand; • Integratie geluid en ruimte; • Integratie milieuruimte; • Het opnemen van een binnenplanse omgevingsvergunning; • Integratie van het MER in de toelichting (zie hierna). Aangezien de exacte invulling (op blokniveau) nog niet bekend is, wordt verder gewerkt met brede bestemmingen zodat zoveel mogelijk initiatieven gefaciliteerd worden. De hoofdinfrastructuur en hoofdgroenstructuur van Strandeiland worden middels ‘klassieke’ bestemmingen in het plan opgenomen.
Het bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland geldt, na inwerkingtreding van dit plan, voor een periode van maximaal 20 jaar, maar zal na de inwerkingtreding van de Omgevingswet (naar verwachting op 01-07-2022) van rechtswege onderdeel gaan uitmaken van het (tijdelijk deel) van het omgevingsplan voor Amsterdam. Ad 6 Kennis te nemen van het feit dat de IJtram conform het Stedenbouwkundig Plan Strandeiland doorgetrokken wordt op Strandeiland. Conform het Stedenbouwkundig plan wordt de IJtram op Strandeiland doorgetrokken. In eerste instantie zal de IJtram langs de Pampuslaan en Parkoever naar een tijdelijke keerlus in de Muidenbuurt worden aangelegd. Daarna zal de IJtram langs de Parkoever doorgetrokken worden tot en met de Pampusbuurt waar de definitieve keerlus zal worden gerealiseerd. Op de verbeelding is de IJtram te zien door middel van de aanduiding ‘railverkeer’. Ad 7 Het MER Strandeiland en de passende beoordelingen stikstof en waterrecreatie ten behoeve van de ontwikkeling van Strandeiland en de daarin getrokken conclusies te aanvaarden; MER Het MER is geïntegreerd in de toelichting van het bestemmingsplan, waarmee het MER dus geen separaat rapport zal zijn. De onderbouwing van dit beslispunt is daarom toegevoegd aan ad 9.
De passende beoordelingen stikstof en waterrecreatie zijn verwerkt in de toelichting van het bestemmingsplan en opgenomen als bijlage bij de toelichting. Deze onderzoeken dienen, net als alle andere onderzoeken als onderbouwing van het gehele bestemmingsplan. Passende beoordelingen: stikstof en waterrecreatie Op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) is het verplicht om bij plannen, indien op voorhand significante effecten op Natura 2000 gebieden niet zijn uit te sluiten, een zogenaamde ‘passende beoordeling’ uit te voeren. Ten behoeve van het bestemmingsplan Strandeiland zijn twee passende beoordelingen uitgevoerd één ten behoeve van stikstofdepositie en andere ten behoeve van waterrecreatie. Vanwege deze aspecten is bovendien een vergunning op basis van de Wet natuurbescherming aangevraagd bij de Omgevingsdienst Noord- Holland Noord (ODNHN), die
Gegenereerd: v1.4
4
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
namens de provincie Noord-Holland de uitvoering van de Wet natuurbescherming voor haar rekening neemt. Stikstof Ten aanzien van stikstof dienen twee fasen onderscheiden te worden, te weten de aanlegfase (bouw- en woonrijp maken) en de gebruiksfase. Voor de aanlegfase hoeft geen depositieonderzoek meer uitgevoerd te worden vanwege de inwerkingtreding van de Wet stikstofreductie en natuurverbetering op 1 juli 2021. Ratio achter deze vrijstelling is dat de depositie in de bouw- en aanlegfase wordt beschouwd als tijdelijk en er daarom geen permanente effecten optreden. Ten aanzien van de gebruiksfase is de stikstofdepositie onderzocht. Uit het onderzoek naar de gevolgen van stikstof is naar voren gekomen dat in de gebruiksfase van Strandeiland sprake is van kleine hoeveelheden stikstofdepositie op vier gevoelige gebieden in de provincies Noord-Holland en Utrecht (tot maximaal 0,03 mol/ha/jaar). Daarom is een Wet natuurbeschermingsvergunning (Wnb) aangevraagd bij de Provincie Noord- Holland. Op 29 augustus 2021 is Strandeiland opgenomen in het zogenaamde stikstofregistratiesysteem (SSRS). Dit is een landelijk systeem, dat ruimte biedt voor ontwikkelingen met een geringe stikstofdepositie.
Het stikstofregistratiesysteem werkt als een depositiebank: eerst is stikstofruimte gecreëerd door maatregelen die de depositie verminderen, zoals bijvoorbeeld de verlaging van de maximumsnelheid op snelwegen naar 100 km/uur. Een deel van deze stikstofruimte (maximaal 70%) mag vervolgens worden besteed aan economische ontwikkelingen. De overige 30% komt ten goede van de natuur. Doordat Strandeiland is opgenomen in het SSRS, is zeker gesteld dat er depositieruimte beschikbaar is die door Strandeiland gebruikt kan worden. Uit de passende beoordeling voor stikstofdepositie blijkt voorts dat negatieve effecten van stikstofdepositie door het gebruik van Strandeiland op voorhand zijn uit te sluiten; voor zover er dus sprake is van depositie, is deze ecologisch zonder meer aanvaardbaar. Als zodanig vormt stikstofdepositie geen beletsel voor vergunningverlening op grond van de Wnb. De ontwerp Wnb vergunning is inmiddels bekend gemaakt. Waterrecreatie Voor wat betreft het onderwerp waterrecreatie is ook een passende beoordeling opgesteld. Hieruit wordt geconcludeerd dat de waterrecreatie én het aanleggen van een vaargeul tussen de huidige mosselbanken (vak 0 en vak 1) geen significant negatieve effecten heeft op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura2000 gebied IJmeer/ Markermeer.
Ook voor waterrecreatie is er geen beletsel voor het verlenen van de Wnb vergunning; deze is inmiddels als ontwerp bekend gemaakt. Ad 8 Het maximumaantal te realiseren woningen voor Buiteneiland vast te stellen op 500 woningen; In het bestemmingsplan IJburg 2de fase (2009) is voor Buiteneiland rekening gehouden met de komst van maximaal 1.500 woningen. De inzichten over de inrichting van Buiteneiland en Strandeiland zijn inmiddels veranderd (Stedenbouwkundig plan Strandeiland, 2019). Er wordt in het bestemmingsplan Strandeiland nu rekening gehouden met meer woningen op Strandeiland waardoor minder, tot maximaal 500 woningen, op Buiteneiland mogen worden gerealiseerd. Dit uitgangspunt is gehanteerd bij het uitvoeren van de onderzoeken ten behoeve van het bestemmingsplan en het MER Strandeiland. Hieruit is gebleken dat er geen onaanvaardbare hinder ontstaat bij het toestaan van 500 woningen op Buiteneiland. Daarnaast is de projectnota Buiteneiland, met daarin opgenomen een maximum van 500 woningen, op 24 augustus jl vastgesteld door het college. Ad 9 De hogere waarden als gevolg van het wegverkeerslawaai voor woningen, geluidgevoelige gebouwen en terreinen zoals opgenomen in artikel 39 en de bijlage van de planregels voor de percelen
Gegenereerd: v1.4
5
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
ASD41 AU 4133, ASD41 AU 3427, ASD41 AU 3426, ASD41 AU 4027, ASD41 AU 3735, ASD41 AU 3725, ASD41 AU 3765, ASD41 AU 4022, ASD41 AU3736, ASD41 AU 4025 vast te stellen; Op grond van het bepaalde in de Chw kunnen – in geval van een bestemmingsplan ‘verbrede reikwijdte’ de hogere waarden worden opgenomen in het bestemmingsplan en direct gekoppeld aan de planregels. Daarmee krijgt de gemeenteraad de bevoegdheid deze hogere waarden vast te stellen. De Wet geluidhinder geeft aan welke geluidbelasting bij voorkeur niet mag worden overschreden, welke geluidbelasting maximaal aanvaardbaar is en wanneer hogere akoestische waarden dan de voorkeurswaarden kunnen worden vastgesteld. Met het bestemmingsplan Strandeiland wordt de ontwikkeling van woningen en geluidgevoelige gebouwen mogelijk gemaakt. Deze functies liggen binnen de zones van de Pampuslaan, Strandeilandlaan en Buiteneilandlaan. De berekende geluidbelasting vanwege het wegverkeer als gevolg van autoverkeer en de tramlijn op de gevels is hoger dan de voorkeursgrenswaarde volgens de Wet geluidhinder. De gevraagde hogere waarden zijn maximaal 58 dB en passen binnen de wettelijk maximale ontheffingswaarden uit de Wet geluidhinder. Aanvullende geluidreducerende maatregelen aan de bron, in het overdrachtsgebied of het toepassen van gebouwgebonden akoestische maatregelen zijn niet realistisch of realiseerbaar.
Het is wel realistisch om hogere waarden vast te stellen voor de geluidbelastingen ten gevolge van wegverkeerslawaai aomstig van de lokale wegen en de trambaan. Er wordt voldaan aan het Amsterdams geluidbeleid, omdat bij alle woningen een stille zijde geborgd is en omdat de gecumuleerde geluidsbelasting op de woningen niet meer is dan 3 dB hoger dan de hoogste van de maximaal toegestane ontheffingswaarden. Over de hogere waarden (inclusief bijbehorend onderzoek) heeft op 22 oktober 2020 (ambtelijke) afstemming plaatsgevonden in het Technisch Ambtelijk Vooroverleg Geluidhinder Amsterdam (TAVGA). Het TAVGA wordt gevormd door vertegenwoordigers van de directie Ruimte en Duurzaamheid, de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied en de Gemeentelijke Gezondheidsdienst. TAVGA heeft positief geadviseerd. De hogere waarden zijn opgenomen in artikel 39 en bijlage 3 van de planregels. De onderbouwing is opgenomen in de toelichting (Hoofdstuk 8). De Wet geluidhinder eist dat vastgestelde hogere waarden zo spoedig mogelijk worden ingeschreven in de openbare registers; Omdat Strandeiland nog niet is uitgegeven zijn er grote kadastrale percelen. De kadastrale grenzen worden definitief bepaald bij gronduitgifte. Bij uitgifte van gronden in erfpacht kan aan de hand van de verbeelding van het bestemmingsplan daarom worden bepaald of op de betreffende gronden sprake is van vastgestelde hogere waarden.
Ad 10 Het bestemmingsplan IJburg 2e fase – Strandeiland, bestaande uit de verbeelding, regels en vergezeld van een toelichting, met identificatienummer NL.IMRO.0363.M1901BPSTD-VG01 in elektronische en analoge vorm gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerp zoals ter inzage heeft gelegen, waarbij voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke ontleend is aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie, versie 10-07-2019; Aanleiding en doel Het bestemmingsplan voor IJburg 2de fase is vastgesteld op 20 mei 2009 en biedt het juridisch planologisch kader voor de ontwikkeling van onder meer Middeneiland en Strandeiland. In dit bestemmingsplan werd gewerkt met uitwerkingsplichten. Nieuwe inzichten die ontstaan zijn ten tijde van het opstellen van het stedenbouwkundig plan Strandeiland (2019) hebben ervoor gezorgd dat Middeneiland en Strandeiland zijn samengevoegd tot het nieuwe Strandeiland. Deze aanpassing in samenhang met een andere stedenbouwkundige invulling van het eiland hebben ervoor
Gegenereerd: v1.4
6
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
gezorgd dat het juridisch planologisch kader uit 2009 niet meer toereikend is. Het voorliggende bestemmingsplan met de bijbehorend MER/PB voorziet in een actueel juridisch planologisch kader voor het op 7 november 2019 door de gemeenteraad vastgestelde stedenbouwkundig plan Strandeiland (hierna SP) en onderbouwing daarvan door middel van een MER en passende beoordeling. Na aanvaarding van het MER en de vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad kan gestart worden met de uitgifte van de kavels. Het plangebied omvat het gehele Strandeiland en een klein deel van het buitenwater. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar de verbeelding. Systematiek Bestemmingsplan en MER Ten aanzien van het MER en de Passende beoordelingen is gekozen om een vergelijking te maken tussen de situatie waarin het bestemmingsplan uit 2009 geëffectueerd zou worden (referentiesituatie) en het uitvoeren van het vastgestelde SP (planvoornemen). Voor het bestemmingsplan IJburg 2e fase, vastgesteld d.d. 20 mei 2009 is reeds een m.e.r. procedure doorlopen, inclusief passende beoordeling voor Natura 2000. Alle milieugevolgen van dat plan zijn bekend en daarvan is geconcludeerd dat de ontwikkeling van IJburg 2e fase doorgang kan vinden. Daarom is ervoor gekozen om in dit MER uit te gaan van de verschillen tussen het programma zoals dat in 2009 mogelijk is gemaakt en het programma van het SP.
Op grond van artikel 7.10 Wet milieubeheer bestaat de mogelijkheid om de plan MER integraal onderdeel uit te laten maken van het bestemmingsplan. Dit onder de voorwaarde dat de plan MER nog als zodanig herkenbaar is. In geval van Strandeiland loopt het detailniveau van de plan MER vrijwel gelijk op met het detailniveau van het bestemmingsplan. Om deze reden is ervoor gekozen de toelichting van het bestemmingsplan en de plan MER te integreren in één document. In het eerste hoofdstuk van de toelichting bij het bestemmingsplan is een uitgebreide leeswijzer opgenomen. In deze leeswijzer wordt aangegeven op welke wijze dit bestemmingsplan gelezen dient te worden en wordt meer uitleg gegeven over de gekozen systematiek. Vertaling Stedenbouwkundig plan (SP) naar Bestemmingsplan (BP) Het bestemmingsplan is qua programma en keuzes een directe vertaling van het vastgestelde SP d.d. 7 november 2019. De aangenomen motie op het SP inzake het mogelijk maken van een tweede nachthorecavoorziening is opgenomen in het bestemmingsplan. Deze motie is reeds afgedaan met de brief d.d. 10 december 2019 met kenmerk 2019-13607. Wonen Het stedenbouwkundig plan biedt ruimte aan 8.000 woningen met uiteenlopende woningtypen. De verhouding sociaal-middensegment-vrije sector is in het SP vastgesteld op 40-25-35.
Dat wil zeggen 3.200 sociale huurwoningen, 2.000 middensegment huur- en koopwoningen en 2.800 vrije sector huur- en koopwoningen. Aangezien de gemeente volledig grondeigenaar is van het eiland is het niet noodzakelijk om een woonruimteverdeling, dan wel verwijzing naar de doelgroepenverordening op te nemen. Dit wordt via het privaatrecht, namelijk erfpachtstelsel geregeld. Bouwhoogtes In artikel 30 zijn de zogenaamde 'Algemene bouwregels' opgenomen. Hier zit onder andere een begrenzing op de maximale bouwhoogte in: Voor zover de maximale bouwhoogte niet wordt benut, geldt de vergunde bouwhoogte als de maximale bouwhoogte (artikel 30.2). Ondergronds bouwen is beperkt mogelijk, dit is geregeld in artikel 30.3. Duurzaamheid Onderstaand schema vormt de kapstok voor de duurzaamheidsambities op Strandeiland. Per hoofdonderwerp zijn in het MER en bestemmingsplan concrete maatregelen opgenomen.
Gegenereerd: v1.4
7
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
Nieuwe sanitatie Bij de vaststelling van het SP heeft uw raad ingestemd met het voorstel om op Strandeiland nieuwe sanitatie in de vorm van vacuümriolering en daaraan gekoppeld voedselrestenvermalers toe te passen. De techniek achter dit vacuümsysteem is nog niet ver genoeg ontwikkeld om deze vorm van duurzaam afvalwatersysteem op de schaal van Strandeiland uit te rollen. De risico’s op storingen, lagere serviceniveaus dan wenselijk en meerkosten zijn groot. Daarnaast zijn er ook extra bouwkundige maatregelen nodig in de woningen om de geluidniveaus op een acceptabel niveau te krijgen, wat leidt tot meerkosten van de woningen. De systeemgrens van de vacuümriolering reikt bovendien tot in de woning terwijl dat in de traditionele waterketen niet het geval is. Hierdoor ontstaan extra vraagstukken over de rolverdeling en verantwoordelijkheden tussen Waternet, gemeente, projectontwikkelaars en woningeigenaren. Het systeem van nieuwe sanitatie dat mogelijk wel toegepast gaat worden op Strandeiland is een systeem dat werkt met een lokale zuivering. Waternet is momenteel aan het onderzoeken op welke technische wijze dit uitgerold kan worden. In het bestemmingsplan is een kavel gereserveerd voor een lokale zuivering.
Voor wat betreft de regels van het bestemmingsplan is bepaald dat de milieu uitstraling van nieuwe sanitatie niet verder mag reiken dan de kavel waar de bestemming Bedrijf 1 (WE kavel) geldt. Daarmee is geborgd dat omliggende (gevoelige) functies geen onevenredige hinder van de zuivering ondervinden. De duurzaamheidsambitie, namelijk een duurzaam afvalwatersysteem, blijft gelijk, alleen het middel wordt opnieuw bekeken. Bij een duurzame lokale zuivering blijft het uitgangspunt dat warmte uit afvalwater (TEA) wordt ingezet voor de warmtevoorziening van Strandeiland en er ervaring kan worden opgedaan met TEA als warmtebron voor delen van de stad waar oppervlaktewater niet voorhanden is. Vanuit het perspectief van beheer is het voordeel van een lokale zuivering dat afvalwater, in vergelijking met de traditionele afvalwaterketen, niet meer over grote afstanden hoeft te worden verpompt wat onderhoud en energie bespaart. Verkeer en mobiliteit Het mobiliteitsplan IJburg –Zeeburgereiland (vastgesteld college mei 2018) heeft aan de basis gestaan van de uitgevoerde onderzoeken. In het mobiliteitsplan is de ontwikkeling van Strandeiland
Gegenereerd: v1.4
8
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
meegenomen conform het programma uit het SP. In dit bestemmingsplan en MER is onderzocht of de plannen nog steeds passen binnen de kaders van het mobiliteitsplan. Onderzoek heeft uitgewezen dat de ontwikkeling van Strandeiland verkeerskundig goed afgewikkeld kan worden op de omgeving en daarmee past binnen de kaders van het mobiliteitsplan. Er is nader onderzoek in de vorm van een kruispuntenanalyse uitgevoerd waar als conclusie uit naar voren gekomen is dat alle kruisingen in en om Strandeiland regelbaar gaan zijn. De verkeersafwikkeling is daarmee gegarandeerd. Daarbovenop zal de tweejaarlijkse monitoring op het mobiliteitsplan uitgevoerd worden. Hiermee kan een vinger aan de pols gehouden worden of het verkeer zich ook daadwerkelijk goed blijft afwikkelen en zo nodig aanvullende maatregelen worden genomen. 30 km/u wegen Op Strandeiland zijn alle erftoegangswegen ingericht voor een maximumsnelheid van 30 km/u. Enkel de Pampuslaan en Strandeilandlaan kennen een snelheidsregime van 50 km/u., omdat dit de gebiedsontsluitingswegen van het eiland zijn. Begin januari 2020 is in de raad bij de behandeling van de agenda autoluw de motie ‘30 de norm, 50 de uitzondering’ aangenomen. Dit beleid wordt ten tijde van het aanbieden van dit bestemmingsplan nog opgesteld. Daarom kan er in het bestemmingsplan nog geen rekening worden gehouden met dit beleid.
Daarbij is opgemerkt dat het bestemmingsplan Strandeiland geen beletsel vormt voor de uitvoering van dit beleid, mocht het worden vastgesteld. Bij verdere uitwerking van het eiland wordt uitvoering gegeven aan het nieuwe beleid. Parkeren Voor wat betreft de parkeernormen wordt direct aansluiting gezocht bij de Nota parkeernormen. Ten aanzien van de wijze waarop parkeren gaat plaatsvinden zijn specifieke regels opgesteld. Parkeren mag niet op eigen terrein plaatsvinden bij woningen, maar in gezamenlijke mobiliteitshubs. Iedere woning zal op maximaal 200 meter van de woning een hub hebben. Deze hubs, die voorbereid worden op het toepassen van emissievrij rijden, zullen naast parkeerplaatsen voor auto’s ook ruimte bieden aan mogelijkheden voor parkeren voor deelmobiliteit, fietsparkeren al dan niet in de vorm van deelfietsen, pakket-bezorgpunten, fietsenmakers en zo mogelijk maatschappelijke voorzieningen. Ten aanzien van parkeren bij bedrijven wordt het parkeren op eigen terrein of in de hubs opgelost; daarmee blijft de openbare ruimte zoveel mogelijk vrij van parkeren. Commerciële voorzieningen in de Havenkom dienen in de centrale hub aan de Pampuslaan parkeren te faciliteren. Daarmee kan vooral in de Havenkom het straatbeeld vrij van auto’s blijven en is het bezoekersparkeren van het stedelijk strand geregeld.
Bomen en overige groenvoorzieningen Een aantal grote(re) parken op Strandeiland zijn voorzien van een groenbestemming. Met deze groenstroken wordt de beleidsmatig vastgestelde groennorm al gehaald. Daarbovenop zullen nog een aantal kleinere groenstroken binnen de bestemming Gemengd 1 aangelegd worden. Het is zeker dat er nog extra groen gaat komen, maar de ontwerpen zijn nog niet voldoende uitgewerkt. Daardoor kan de exacte ligging nu niet bepaald worden. Om flexibiliteit in de gebiedsontwikkeling te behouden zijn deze groenvoorzieningen overal mogelijk gemaakt in de gemengde bestemming. Deze flexibiliteit zorgt ervoor dat het eiland zo optimaal mogelijk ingericht wordt. In het Plan Openbare Ruimte (POR) dat door het college is vastgesteld op 1 december 2020, wordt nader ingegaan op de invulling van de groenstroken en parken. Uit het POR blijkt dat de vastgestelde groennorm ruimschoots gehaald wordt; Strandeiland wordt een eiland met veel groen (40m2 per huishouden; norm is 28 m2) en zal daarmee de ecologische structuur van Amsterdam versterken. Vergunningvrij bouwen Ten aanzien van vergunningvrij bouwen geldt dat er geen reden is om vergunningvrij bouwen uit te sluiten. Dit vanwege het ontbreken van bijzondere te beschermen waarden.
Om te voorkomen dat tuinen volledig bebouwd kunnen worden is in de regels bepaald dat maximaal 50% van het erf bebouwd mag worden met bijbehorende bouwwerken. Daarmee wordt aangesloten bij datgene wat
Gegenereerd: v1.4
9
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
vergunningvrij mag. Een bewoner kan de kavel nooit volledig bebouwen door het opnemen van deze regeling. Via kavelregels zullen toekomstige eigenaren verleid worden om tuinen zo groen mogelijk aan te leggen. Tijdelijke voorzieningen Zonneveld: In het bestemmingsplan is de mogelijkheid tot realisatie van tijdelijke zonnevelden mogelijk gemaakt. Keerlus tram: De tijdelijke keerlus voor de tram in de Muidenbuurt is via een voorlopige bestemming op de verbeelding geborgd. Sportvelden: Mede vanwege het grote ruimtelijke belang worden ook de tijdelijke sportvelden aangegeven op de verbeelding. Strand: Op een deel van de Pampusbuurt zal de voorlopige bestemming Recreatie toegevoegd worden. Hiermee wordt de functie van het tijdelijke strand mogelijk gemaakt. Gewijzigde vaststelling Vanwege het veranderen van het systeem voor nieuwe sanitatie en het verbeteren van het bestemmingsplan op ondergeschikte punten wordt dit bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld. Alle wijzigingen zijn beschreven in de nota van wijzigingen (zie bijlage) behorende bij dit vaststellingsbesluit. Ad 11 Geen exploitatieplan vast te stellen; Vanwege het feit dat de gemeente volledig grondeigenaar is en de gronden via erfpacht worden uitgegeven zijn de kosten anderszins verzekerd. Een exploitatieplan is derhalve niet noodzakelijk. Ad 12 Dat afdeling 2 hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing is.
Strandeiland is aangewezen als duurzaam innovatief experiment onder de Crisis- en herstelwet (beslispunt 5). Als gevolg daarvan is afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Chw van toepassing. Dit dient bij de publicatie van het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan te worden aangegeven en brengt onder meer met zich mee dat bij een eventueel beroep alle beroepsgronden in het beroepschrift dienen te worden opgenomen, en deze na afloop van de beroepstermijn niet meer kunnen worden aangevuld. Verder verloopt de behandeling van het beroep versneld. Overige aandachtspunten • Participatietraject Bij het opstellen van voorgaande planvormingsproducten heeft eerder uitgebreide afstemming plaatsgevonden met de omgeving. Voor Strandeiland is een participatieplan opgesteld, dat is ontwikkeld naar aanleiding van het initiatief DemoS – democratisch Strandeiland – en dat in oktober 2018 is gestart op initiatief van Stichting Natuurlijk IJburg. Samen met het projectteam Strandeiland en CTO is op basis van deze initiatieven het Participatieplan ontwikkeld dat eind 2019 officieel van start ging. Het participatieteam bestaat uit bewoners en ambtenaren aangevuld met een onderzoeker van TU Delft/AMS institute. Het ontwerpbestemmingsplan zelf heeft ter visie gelegen. Daarbij zijn twee zienswijzen en enkele ambtelijke reacties op het plan ingediend.
De zienswijzen en ambtelijke reacties zijn samengevat en beantwoord in de nota zienswijzen behorende bij deze stukken. Er zijn geen significante wijzigingen doorgevoerd naar aanleiding van zienswijzen en ambtelijke reacties. Tevens is er gedurende de ter visielegging een online vragenuur georganiseerd. Omwonenden en belangstellenden konden zich hiervoor aanmelden. Aangezien er slechts één aanmelding was is deze persoon persoonlijk te woord gestaan en is het vragenuur verder komen te vervallen. • Kostenverhaal en planschade
Gegenereerd: v1.4
10
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
Op grond van artikel 6.12 Wro kan de gemeenteraad afzien van het opstellen van een exploitatieplan. De gemeente Amsterdam is volledig eigenaar van de grond waarop het bestemmingsplan betrekking heeft. Het verhaal van de kosten van de grondexploitatie, zoals bedoeld in de Wro, is anderszins verzekerd (namelijk via het erfpachtstelsel). Ook wordt er geen noodzaak gezien voor het bepalen van een tijdvak of fasering en voor het stellen van nadere eisen, regels of een uitwerking van regels. Daarom kan worden besloten af te zien van een exploitatieplan. Er is een planschaderisico analyse uitgevoerd. Uit dit onderzoek komt naar voren dat de kans op planschade als gevolg van de uitvoering van dit bestemmingsplan nihil is. • Windturbines In zowel de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 welke is vastgesteld op 8 juli 2021 als de Regionale Energie Strategie (vastgesteld d.d. 26 mei 2021) worden nabij Strandeiland zoekgebieden van windturbines aangegeven. Deze waren op het moment van ter visielegging van het ontwerpbestemmingsplan nog niet bekend. De zoeklocatie valt buiten de grenzen van dit bestemmingsplan. Om deze redenen zijn de windturbines niet meegenomen in dit bestemmingsplan. De planvorming van windturbines valt buiten de scope van dit bestemmingsplan en doorloopt haar eigen juridische spoor. Financiële onderbouwing Consequenties gedekt?
Ja
Overige toelichting
De ambtelijke inzet voor de ontwikkeling van Strandeiland, waaronder die voor het voorliggende bestemmingsplan, wordt gedekt door de ambtelijk opdrachtgever G&O. Conclusie
De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn reeds geraamd in de begroting (100% dekking). Geheimhouding
N.v.t.
Welke stukken treft u aan
Gegenereerd: v1.4
11
Gemeenteraad
VN2021-023047 Ruimte en Duurzaamheid
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 10 november 2021
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2021-104589
1. NL.IMRO.0363.M1901BPSTD-VG01_26072021.pdf (pdf)
AD2021-104591
2. IJburg 2e fase - Strandeiland_Regels.pdf (pdf)
AD2021-104592
2a. IJburg 2e fase - Strandeiland_bijlagen bij regels.pdf (pdf)
AD2021-104590
3. IJburg 2e fase - Strandeiland_Toelichtingklein.pdf (pdf)
AD2021-104593
3a. Bijlagen bij toelichting_strandeiland_klein.pdf (pdf)
AD2021-104594
4. 2021.07.13_Afsprakenbrief AMS en AGV inz. nieuwe sanitatie Buiksloterham en strandeiland_signed.pdf (pdf)
AD2021-104595
5. nota van wijzigingen BP en MER Strandeiland.docx (msw12)
AD2021-104596
6. 20210722 nota zienswijze BP en MER Strandeiland.docx (msw12)
AD2021-088205
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
R&D, Jerry de Rijke, 06-24268704, J.de.Rijke@amsterdam.nl G&O, Alfons Oude Ophuis, 06-15051046, A.Oude.Ophuis@amsterdam.nl
Gegenereerd: v1.4
12