Gemeenteraad Voordracht
Tekst van het document
VN2026-002290 rve economie
RAAD Voordracht voor de raadsvergadering van 18 februari 2026
Agendapunt
Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) (41) 35A
Datum besluit
20 januari 2026
Portefeuille
Onderwerp
Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de haalbaarheidsstudie naar verplaatsing van de zeecruise naar de Coenhaven en de voorkeur van het college voor volledige beëindiging. De gemeenteraad van Amsterdam besluit
Bijgevoegde raadsinformatiebrief te bespreken waarin de raad wordt geïnformeerd voor de haalbaarheidsstudie naar verplaatsing van de zeecruise naar de Coenhaven en het college de voorkeur uitspreekt voor volledige beëindiging. De raadsinformatiebrief is reeds gedeeld in de dagmail van 21 januari 2026 en besproken in de commissie FKD van 12 februari 2026. Wettelijke grondslag
Artikel 169 Gemeentewet Het college van burgemeester en wethouders en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan de Gemeenteraad verantwoording schuldig over het door het college gevoerde bestuur (lid 1); zij geven de raad alle inlichtingen die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft (lid 2). Zij geven de raad mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang (lid 3). Bestuurlijke achtergrond
Oeververbindingen over het IJ ('Sprong') Op 23 juni 2020 heeft het college kennisgenomen van het eindrapport van de commissie D'Hooghe 'Genereus verbonden, een concept Inrichtingsplan voor het IJ in Amsterdam als robuust en toekomstvast waterkruispunt'. De verplaatsing van de PTA (zeecruise) naar de Coenhaven is in dit advies opgenomen als een van de basisvoorwaarden (samen met o.a.: vrije doorvaart en 20 extra ligplaatsen), die het voor het Rijk mogelijk maakten om in te stemmen. Op 14 februari 2021 heeft het college de bestuurlijke reactie op het advies D'Hooghe vastgesteld. Daarin is opgenomen dat de adviezen worden verwerkt in de actualisatie van het programma Sprong over het IJ, in het programma Veren en in het mobiliteitsprogramma Zeeburgereiland en IJburg. Op 17 februari 2022 heeft de gemeenteraad het geactualiseerde voorkeursbesluit Sprong over het IJ vastgesteld waarin de locaties en uitgangspunten voor drie vaste oeververbindingen zijn vastgelegd. De verplaatsing van de PTA kent een lange geschiedenis.
Vanaf 2017 zijn de volgende besluiten genomen: • Op 13 juni 2017 heeft het college van BenW ingestemd met de Bestuursopdracht 'Verplaatsen PTA'; • Op 19 december 2017 heeft het college van BenW ingestemd met de aanwijzing van de Coenhaven als voorgenomen voorkeurslocatie voor een mogelijke verplaatsing van de zeecruiseterminal PTA en opdracht verleend voor nader onderzoek naar de voorkeurslocatie. Beoogd werd hierover in december 2018 in het kader van het 'IJkmoment Sprong over het IJ' een go- no go besluit te nemen;
VN2026-002290 rve economie
RAAD • In mei 2018 is het coalitieakkoord 2018-2022 vastgesteld waarin is opgenomen dat verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven niet doorgaat en met de regiopartners wordt gezocht naar een oplossing buiten Amsterdam; • Op 16 februari 2021 heeft het college van BenW – als uitvoering van de afspraken in het regionale beleid, en de eerdere besluitvorming – ingestemd met de aanwijzing van het Westerhoofd in de Coenhaven als voorgenomen voorkeurslocatie voor de verplaatsing van de Passagiers Terminal Amsterdam (PTA) en dat daar toe een ruimtelijk reservering in het Integraal Raamwerk Haven-Stad wordt opgenomen. Hierbij is er vanuit gegaan dat er in Amsterdam één ligplaats voor de zeecruise beschikbaar zal blijven, onder voorbehoud van financiële haalbaarheid. Nader onderzoek naar de haalbaarheid van de verplaatsing PTA wordt uitgevoerd indien de aanleg van een westelijke vaste oeververbinding concreet aan de orde is. • In de geactualiseerde NvU Sprong over t IJ (Raad 16 februari 2022) staat nadrukkelijk opgenomen dat de PTA verplaatst wordt met de volgende tekst: Verplaatsing Passenger Terminal Amsterdam (PTA) naar de Coenhaven : Door aanleg van de Westbrug en een ondiepe voetgangerstunnel wordt de Passengers Terminal Amsterdam (PTA) onbereikbaar voor zeecruise.
Het is namelijk niet haalbaar om een brug te maken waarbij het te openen deel groot genoeg is voor de doorvaart van een cruiseschip. En een ondiepe voetgangerstunnel bij het Centraal Station vormt ook een belemmering voor een cruisechip. Om het zeecruise toerisme voor Amsterdam en de regio te behouden, moet de PTA worden verplaatst. Dit is in lijn met het advies van de commissie D'Hooghe. Op 16 februari 2021 heeft het college het besluit genomen om de Coenhaven (in toekomstig Haven-Stad) aan te wijzen als voorlopige voorkeurslocatie. Hiermee zal de zeecruise voor Amsterdam en de regio behouden blijven; • Op 25 juni 2024 heeft het college, als reactie op de motie Amsterdam vaart beter zonder cruise, ingestemd met het handelingsperspectief zeecruise waarin onder meer is opgenomen dat het aantal aanlopen gemaximeerd wordt op 100 per jaar, en dat de gemeente aanvullend financieeleconomisch en juridisch onderzoek doet naar de mogelijkheid en consequenties van de verplaatsing naar de Coenhaven. Bezoekerseconomie In het kader van de Visie Bezoekerseconomie 2035 neemt het collegemaatregelen op het gebied van overlast, toerisme en hotelovernachtingen, zoals beschreven in het Uitvoeringsprogramma Bezoekerseconomie. Onder de noemer 'Reguleren reisbewegingen' zijn ook de volgende maatregelen benoemd: • Onderzoek mogelijkheden verplaatsing PTA; dat is onderhavig onderzoek.
Reductie zeecruise in 2025: deze maatregel is/wordt al uitgevoerd, wat leidt tot een maximum van ca. 200.000 zeecruise-passagiers, die jaarlijks de stad aan doen. (Maatregelen zijn o.a. kade capaciteit van de PTA is teruggebracht naar 1 ligplaats, er mogen max. 100 zeeschepen aanmeren en walstroom wordt verplicht) Onderbouwing besluit
Tijdens de commissiebespreking van 12 februari 2026 is gevraagd om bespreking in de raadsvergadering van 18 februari 2026. Participatie
2 Gegenereerd: vCURRENT
VN2026-002290 rve economie
RAAD Financiële onderbouwing
Geheimhouding
Ja, op de bijlagen 'Beantwoording ambtelijke adviezen zeecruise' en 'Overzicht ambtelijke adviezen zeecruise' ligt geheimhouding op grond van artikel 87 van de Gemeentewet. Dit in verband met de belangen genoemd in artikel 5.1, tweede lid onder i van de Wet open overheid. De geheimhouding is opgelegd voor een periode van 20 jaar. Welke stukken treft u aan
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2026-010516
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
AD2026-010518
1. Raadsinformatiebrief voornemen stoppen met zeecruise in Amsterdam.pdf (pdf)
AD2026-010519
2. Haalbaarheidsstudie Berenschot - verplaatsing zeecruise Amsterdam.pdf (pdf)
AD2026-010520
GEHEIM - 3. Beantwoording ambtelijke adviezen zeecruise.docx (msw12)
AD2026-010521
GEHEIM - 4. Overzicht ambtelijke adviezen zeecruise.docx (msw12)
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Sprong over 't IJ, Lubbert Hakvoort, l.hakvoort@amsterdam.nl
3 Gegenereerd: vCURRENT