CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeenteraad Voordracht

RAAD 8 oktober 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Een Stem voor Groen: Plan voor Structuur, Groenraad en Garanties van het lid Van Pijpen en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel (VN2025-013490)4.786 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 08 oktober 2025 Van Datum Portefeuille Agendapunt

De leden Openbare Ruimte en Groen (33) A9 Onderwerp

Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Een Stem voor Groen: Plan voor Structuur, Groenraad en Garanties van het lid Van Pijpen en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel De gemeenteraad van Amsterdam besluit

gezien het initiatiefvoorstel Een Stem voor Groen: Plan voor Structuur, Groenraad en Garanties van het lid Van Pijpen van 28 januari 2025 en gewijzigd op 26 september 2025; mede gezien de behandeling van het initiatiefvoorstel in de raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water van 4 september 2025;

1. in te stemmen met genoemd initiatiefvoorstel 2. het college van burgemeester en wethouders te verzoeken: 1a: De voorbereidingen te treffen die nodig zijn om een Groenraad in het leven te roepen. Waarbij de Groenraad de gemeente en andere partijen gevraagd en ongevraagd advies kan geven over: a. Het groenbeleid in de stad; b. Specifieke projecten en specifieke stukken groen, mits het advies niet in de bevoegdheden van de TAC treedt; c. De leden van de Groenraad door de gemeenteraad worden aangesteld, op voordracht van het college, waarbij leden worden geselecteerd op basis van verschillende expertises zoals kennis en ervaring op het gebied van landschaps(architectuur), natuur en ecologie, bomen, groen en gezondheid, vergroening van wijken, natuurhistorische kennis; 1b: Naast het instellen van een onafhankelijke Groenraad met formele adviesbevoegdheid (minimaal) één maal per jaar een bijeenkomst te organiseren met alle Amsterdamse groenorganisaties, College en Raad met als doel het uitwisselen van ervaringen en ideeën; 2a: Een normenkader te ontwikkelen voor groen in de bestaande stad en hiervoor de “Handreiking Groen in en om de stad, systematiek en richtlijnen voor de borging van Groen in en om de stad” zoals gepubliceerd door de Rijksoverheid te benutten; 2b: Hierbij als basis de Groenvisie, de Agenda Klimaatadaptatie en het Uitvoeringsplan Groen te hanteren, en de

Groenmonitor als meetinstrument te benutten; 2c: Te onderzoeken hoe transparanter gecommuniceerd kan worden over de realisatie van groen in gebiedsontwikkeling en bij verdichting in de bestaande stad. 2d: Al het groenbeleid dat we nu al hebben te bundelen in een “Amsterdams Groen Totaalstructuurplan” of met een andere passende naam, op zodanige wijze dat nieuw beleid zodra dat gereed is daarin kan worden opgenomen of het huidige vervangt (zoals bijvoorbeeld een toekomstige eventuele nieuwe Hoofdgroenstructuur); 3a: Onderzoek op welke wijze verankerd kan worden dat gepland groen ook daadwerkelijk wordt aangelegd bij verdichting en gebiedsontwikkeling. Zodanig dat burgers zowel aan het begin als bij afronding van werkzaamheden verzekerd zijn dat het groen er daadwerkelijk

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

komt. Te denken valt aan bijvoorbeeld: geoormerkte financiën in de Investeringsnota die gedurende een bouwproject niet zonder democratische instemming kunnen worden ingeruild ten behoeve van andere opgaves door financiële tegenvallers; communicatieupdates en controle achteraf. 3b: Onderzoek of en hoe een termijn kan worden opgenomen waarbinnen het groen moet zijn aangelegd van bijvoorbeeld maximaal 6 jaar na start bouw of van 1 jaar na oplevering van het gebouwde. En waar mogelijk juist voorafgaand aan de bouw zodat bomen en groen een voorsprong hebben om te groeien. Zodat omwonenden niet alleen zeker weten dat het groen er komt maar ook wanneer; 3. kennis te nemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel. Wettelijke grondslag

147a, eerste lid, van de Gemeentewet; Initiatiefvoorstel

Het initiatiefvoorstel is aangepast nav de bestuurlijke reactie op de volgende punten: -het dictum van het oorspronkelijke 2c is geschrapt en het dictum van oorspronkelijk 2d en 2e is aangepast. - van punt drie is het dictum van 3a en 3b aangepast, alsmede de tekst van hoofdstuk 3. Een Stem voor Groen: Plan voor Structuur, Groenraad en Garanties Inleiding In de stad leeft een sterk gevoel van urgentie voor het beschermen en uitbreiden van het groen. Dat hebben we onder andere gezien aan de hoge opkomst en de uitslag bij het Referendum Hoofdgroenstructuur. Omdat het klimaatprobleem verergert, de biodiversiteit afneemt en de positieve impact van groen op gezondheid en leefbaarheid steeds duidelijker wordt, zal deze urgentie alleen maar groeien. De gemeente is ambitieus op het gebied van groen, maar in het krachtenveld van allerlei andere conflicterende opgaven en belangen lukt het niet altijd om ambities waar te maken. We zien dat het bestaande groen soms onder druk komt te staan en verdwijnt of dat de benodigde verdere vergroening niet snel genoeg gaat. Het is daarom van belang het groen beter in positie te brengen. Het groen praat immers niet terug. In dit initiatiefvoorstel doen we meerdere voorstellen om meer en betere sturingsinstrumenten te ontwikkelen. Daarnaast stellen we voor om een Groenraad op te richten, zodat het groen een stem krijgt.

In 2025 zullen gelote Amsterdammers in het Burgerberaad “de groene stad” gaan nadenken over het groen in de stad. Het burgerberaad zal zich richten “op de uitdaging om te vergroenen in een groeiende en verdichtende stad”. Het zal daarbij dus onder andere gaan over het vormgeven, afwegen en normeren van de benodigde vergroening in samenhang met andere opgaven als woningbouw en voldoende voorzieningen. De voorstellen die we hier doen gaan niet over die afwegingen en normering zelf, maar over hoe we die in een goede structuur binnen de gemeentelijke processen kunnen borgen. De uitvoering van dit Initiatiefvoorstel vormt als het ware de benodigde gemeentelijke infrastructuur waarop de resultaten en uitkomsten van het Burgerberaad en de gemeenteraad kunnen landen. Een gedeelte van die infrastructuur hebben we al in Amsterdam, dit voorstel gaat over de nog benodigde aanvullingen.

2 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

Het voorstel bestaat uit drie onderdelen. Allen gaan over het sterker in positie brengen van groen en versterken elkaar. Het eerste voorstel gaat over het geven van een structurele stem aan groen; het tweede over meer sturingsinstrumenten, voor zowel groen in de bestaande stad als bij nieuwbouw en verdichting; het derde over de status van groen:

1. De stem van het groen: Een Groenraad 2. Sturingsinstrumenten: Een groen totaal structuurplan voor Amsterdam 3. Status voor het groen: Garanties voor de aanleg van groen I De stem van het groen: een GROENRAAD We zien diverse groepen in de stad die geweldig werk doen voor het Amsterdamse groen, maar de groepen zijn versnipperd wat betreft doelstellingen en focuspunten. Omdat zij niet met één stem spreken, worden ze soms minder goed gehoord. Voor groengroepen die een subsidierelatie met de gemeente hebben is het bovendien lastig of onwenselijk om via zienswijzes te participeren bij beleidsvoornemens of -besluiten. Wat wel vaak gebeurt, is dat raadsleden of stadsdeelcommissieleden door de groengroepen worden benaderd om een punt naar voren te brengen. De groene ambities of wensen worden daarmee al gauw in het politieke getrokken, terwijl dat eigenlijk alleen in uitzonderlijke gevallen zo zou moeten zijn. Voor raadsleden en stadsdeelcommissieleden is het daarbij haast ondoenlijk om telkens voor geïsoleerde problemen op de bres te moeten springen om het groen daarmee een gehoorde stem te geven. De manier waarop dit nu verloopt is dus vaak onsuccesvol omdat zo’n “handrem” - actie via de politiek vaak pas te laat in het besluitvormingsproces naar boven komt. En leidt tot handelen op enkelvoudige vraagstukken en er onvoldoende zicht ontstaat op de integrale af- en overwegingen.

Een centrale, eenduidige stem voor het groen zou helpen. Voor kunst en sport hebben we dit beter geregeld: daar adviseren onafhankelijke organen, de Sportraad en de Kunstraad het gemeentebestuur met hun expertise. Beide zijn in 1953 opgericht en hebben als taken de gemeenteraad en het college gevraagd en ongevraagd te adviseren over respectievelijk ‘ de hoofdlijnen van het sportbeleid in Amsterdam’ en ‘het te voeren beleid op het gebied van kunst en cultuur.’ Een dergelijk adviesorgaan met een adviserende stem waarbij adviezen over het brede spectrum van het groenbeleid kunnen worden gegeven mist nu nog in Amsterdam. Wij stellen daarom voor om ook voor het groen een adviesraad op te richten: een Groenraad Taken en bevoegdheden Zo’n Groenraad kan gevraagd en ongevraagd adviseren over allerlei vraagstukken over het groen in de stad, van algemene beleidsadviezen tot aanbevelingen voor nieuwe groene locaties of over kwaliteit en beheer van het groen . Belangrijk bij dat laatste is dat de bevoegdheden van de Groenraad niet met die van de TAC overlappen. De TAC is onderdeel van de planologische procedure rondom de hoofdgroenstructuur en is daarmee een adviesorgaan van een heel andere aard. Niet al het groen valt immers onder de hoofdgroenstructuur, en de adviezen van de Groenraad zijn geen onderdeel van de planologische procedure.

Ook kan de groenraad contact onderhouden met allerlei groengroepen, van actiegroepen, groen in de buurtgroepen tot de parkverenigingen, volkstuinparken etc. Samenstelling De leden van de groenraad kunnen worden aangesteld door de gemeenteraad op voordracht van het college, waarbij de selectie op basis van expertise plaatsvindt. Te denken valt aan bijvoorbeeld een 3 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

landschapsarchitect, een expert op het gebied van groen en gezondheid, een boomexpert, een ecoloog of een oud-voorzitter van een natuurorganisatie. Belangrijk is dat alle facetten van groen, zowel ecologisch, technisch als sociaal, hierin zijn vertegenwoordigd. Groen Platform Amsterdam Uiteraard blijft het, ook met de installatie van een Groenraad, van belang om de stem van de betrokken groenorganisaties te horen. Er bestaat reeds een Groen Platform Amsterdam waarin deze organisaties betrokken zijn en waar, op initiatief van de gemeente, overleg mee plaatsvindt. Dit groenplatform heeft geen formele adviesstatus maar is wel een belangrijke schakel voor het draagvlak van groenbeleid. Om uitwisseling tussen gemeentebestuur te verbeteren stellen we voor dat minimaal éénmaal per jaar een algemene bijeenkomst met alle groenorganisaties én gemeentebestuur (College en Gemeenteraad) wordt georgansieerd ten behoeve van uitwisseling van ervaringen en ideeën. Beslispunten Groenraad:

1. De voorbereidingen te treffen die nodig zijn om een Groenraad in het leven te roepen. Waarbij de Groenraad de gemeente en andere partijen gevraagd en ongevraagd advies kan geven over: 1. Het groenbeleid in de stad 2. Specifieke projecten en specifieke stukken groen, mits het advies niet in de bevoegdheden van de TAC treedt. 3. De leden van de Groenraad door de gemeenteraad worden aangesteld, op voordracht van het college, waarbij leden worden geselecteerd op basis van verschillende expertises zoals kennis en ervaring op het gebied van landschaps(architectuur), natuur en ecologie, bomen, groen en gezondheid, vergroening van wijken, natuurhistorische kennis 2. Naast het instellen van een onafhankelijke Groenraad met formele adviesbevoegdheid (minimaal) één maal per jaar een bijeenkomst te organiseren met alle Amsterdamse groenorganisaties, College en Raad met als doel het uitwisselen van ervaringen en ideeën. II Sturingsinstrumenten: Een Amsterdams Groen Totaalstructuurplan Probleemstelling De geluiden en wensen die kenbaar zijn gemaakt tijdens het Referendum over de Hoofdgroenstructuur hebben laten zien dat er behalve zorgen ook veel waardering en liefde is voor groen en dat er daarom behoefte is aan meer duidelijkheid over de waarde van groen in onze stad. Deze behoefte is breder dan alleen de zorgen over de Hoofdgroenstructuur.

Die is immers ooit opgesteld[1] om te zorgen dat het groen dat we nu hebben in ieder geval behouden blijft. De Hoofgroenstructuur gaat dus over het bestaande groen, en dan vooral de grotere, belangrijke groengebieden. Behalve de gehoorde zorgen of die bescherming wel echt voldoende is, gingen veel zorgen in de campagne juist over “sjoemelgroen” en het al dan niet “meetellen” van stukken groen. Daar gaat de Hoofdgroenstructuur niet over. Deze zorgen gingen over iets anders, namelijk over de hoeveelheid en kwaliteit van groen bij nieuwbouw, transformatie en verdichting. Die zorgen begrijpen wij en daar probeert dit voorstel oplossingen voor te vinden. Voor nieuwbouw hebben wij in Amsterdam een groennorm. Het is geen harde norm maar een referentienorm, een streefwaarde die op dit moment samen met de sportnorm wordt herzien.Voor verdichtingsopgaves en de bestaande stad bestaat er vooralsnog geen norm en werken we op basis van wat er aan groen is. Hieraan voegen we toe wat vanuit beleid zoals de Groenvisie en de Agenda Klimaatadaptatie gewenst is, beperkt door de beschikbare middelen. We concluderen dat het met

4 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

het huidige groenbeleid voor de Amsterdammer nog onvoldoende zichtbaar is wat de doelstellingen zijn, waar we op koersen, en dat de algemene beleidsdoelen als ‘rigoreuze vergroening’ en ‘klimaatadaptief maken’ vragen om een concretere invulling. Daarnaast concluderen we dat er juist op het punt van de bestaande stad en bij verdichting te weinig sturingsinstrumenten zijn. Dit beperkt de gemeente zowel bij het maken van plannen, als bij het controleren van plannen om duidelijk in beeld te hebben wat er nu wel/of niet precies per project is gerealiseerd. Zo kunnen we hier dus niet voldoende op sturen, hier niet voldoende op communiceren naar bewoners en bereiken we niet wat er echt nodig is voor een klimaatadaptieve en groene stad. Dit is al helemaal relevant omdat er sinds de nieuwe Europese Herstelverordening van deze zomer nu ook wettelijke eisen zijn aan vergroening in de stad. In 2030 mag er kort gezegd geen nettoverlies zijn van het stedelijke groen, is er een inspanningsverplichtig om het groen en de biodiversitetit in de stad te verbeteren en zijn er eisen aan de boomkroonbedekking[2]. Dit voorstel ziet erop toe om betere en preciezere sturingsinstrumenten daartoe te ontwikkelen. Bestaand beleid: wat knelt er? Voor nieuwbouw werken we met een referentienorm voor groen. Voor de bestaande stad hebben we geen norm maar werken we met compensatie van verloren gegaan groen.

Dit betekent dat, wanneer er nieuwbouw plaatsvindt in een bestaande wijk, er in principe niet gebouwd wordt in het groen. In gevallen waar dit toch (gedeeltelijk) gebeurt, moet het groen dan gecompenseerd worden door de bestaande wijk groener in te richten. Dat kan bijvoorbeeld door verharding te verwijderen, groen te vervangen of meer dak- en gevelgroen aanleggen. Ook wordt vaak gecompenseerd door een kwaliteitsverbetering aan te brengen in het bestaande groen. De gelden die vrijkomen door het bouwen van woningen worden op die wijze ingezet om het bestaande groen te verbeteren. Zo worden er bijvoorbeeld diverse struiken, kruiden en bomen geplant op een veldje waar eerst alleen gras was. Op die manier verbeteren de biodiversiteit en de leefbaarheid. Soms wordt de toegankelijkheid van het groen ook verbeterd en worden voorzieningen geplaatst waardoor mensen zich daadwerkelijk in het groen gaan begeven. Het op die manier compenseren van verloren gegaan groen, in gebieden waar we woningen toevoegen in bestaande wijken, is voor de huidige bewoners echter niet altijd bevredigend. Het is namelijk onduidelijk hoe zij in deze rekensom van het benodigde groen worden meegenomen.

En het gaat om meer dan rekensommen alleen: Groen is een belangrijk onderdeel van de leefomgeving en als daar iets in verandert zonder dat voor huidige bewoners zichtbaar is hoe het groen wordt beschermd, brengt dat begrijpelijkerwijs frustratie en boosheid met zich mee. De stand van zaken; de visie, het inzicht en het overzicht zijn op orde. Er is algemene consensus, politiek en maatschappelijk, dat vergroening en klimaatadaptatie noodzakelijk is. Amsterdam is daarin een belangrijke actieve – bestuurlijke – koploper. Dat blijkt onder meer uit het beleid zoals de Groenvisie, de Agenda Klimaatadaptatie, het SHP Bovenwijks Groen en vrijgemaakte middelen in opeenvolgende begrotingen. Het blijkt uit de vele activiteiten die gemeente én bewoners ondernemen om de stad te vergroenen. In het onlangs verschenen Uitvoeringsplan Groen en de daarbij geleverde interactieve kaart wordt op mooie wijze duidelijk hoeveel er al gebeurt, vanuit welke middelen dat wordt gefinancierd en wat er voor de komende jaren op stapel staat. Samen met de Groenmonitor komt er zo steeds meer inzicht en overzicht over hoeveel groen er al is en waar groen bij komt. Met al deze beleidsstukken en de monitor wordt het groen gepositioneerd als essentieel fundament van onze stad. Een stad die niet uit stenen en asfalt bestaat, maar uit groen, mensen, dieren en stenen.

We hebben nu inzicht en overzicht in hoeveel groen we hebben en hoeveel groen we (op de korte termijn) maken. De gemaakte stappen zijn essentieel en leggen de basis voor het vervolg. Een vervolg waar de stad, getuige ook de hierboven genoemde onvrede bij de initiatiefnemers en Amsterdammers in het Referendum over de Hoofdgroenstructuur, naar verlangt.

5 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

In de bespreking van de Groenmonitor is aangegeven dat stadsdelen nog komen met nadere gebiedsanalyses. Hoe die eruit gaan zien en op welke uitgangspunten dit wordt gebaseerd, anders dan de algemene noties vanuit de Groenvisie en de Agenda Klimaatadaptatie, is op dit moment nog niet duidelijk. Welke doelen en normen worden in deze gebiedsanalyses als doelstelling gebruikt en hoe worden deze normen bepaald? Om tot rigoreuze vergroening te komen, zullen we moeten bepalen ‘hoeveel groen we willen en nodig hebben’. Het burgerberaad zal daar naar verwachting een bijdrage aan leveren, maar om die normering te implementeren is het nodig dat de huidige norm-infrastructuur ook de bestaande stad en verdichting gaat omvatten. Groene doelen concreet maken Wij stellen voor om duidelijke(re) kaders en doelstellingen voor groen in de bestaande stad te borgen, naast de groennormen voor nieuwbouw en de beschermende maatregelen van/in de Hoofdgroenstructuur. Deze kaders maken geen nieuw groenbeleid, maar maken de uitvoering van het beleid zichtbaarder, transparanter, controleerbaarder en doelgerichter. Zo zorgen we ervoor dat het niet meer over ‘sjoemelgroen’ gaat, maar dat alle soorten groen een rol krijgen in de rigoreuze vergroening en het klimaatadadaptief maken van de stad.

Met het formuleren van deze doelen maken we inzichtelijk wat er nog nodig is qua groen én qua middelen om de rigoureuze vergroening te realiseren. Dit zorgt er ook voor dat het voor de Gemeenteraad duidelijk is welke keuzes we hierin kunnen maken. Deze kaders kunnen in eerste aanleg vooral gebruikt worden bij verdichting in/bij bestaande wijken. Vervolgens kunnen ze ook een rol spelen bij het vergroenen van de bestaande stad, waar de noodzaak tot vergroening en klimaatadaptieve maatregelen immers ook groot is. Handreiking van de Rijksoverheid Het is niet nodig om deze kaders opnieuw uit te vinden. De rijksoverheid heeft heel recent een zeer uitgebreide Handreiking Groen in en om de stad, systematiek en richtlijnen voor de borging van Groen in en om de stad[3] gepubliceerd, die tot doel heeft “een integrale ruimtelijke benadering van de toepassing voor Groen in en om de stad op verschillende schaalniveaus en met oog voor de diverse kwaliteiten en functies van groen” te bieden. Het gaat hier om een set van harde kwantitatieve en kwalitatieve eisen, waarbij rekening wordt gehouden met schaalniveaus, nieuwbouw en bestaande bouw, openbaar en privaat terrein en ruimte voor lokaal maatwerk” (pagina 7).

Deze handreiking is zeer uitgebreid voor (hoog)stedelijke situaties zoals in Amsterdam en bevat vele goede aanwijzingen over hoe op wijk- en buurtniveau verschillende groennormen gehanteerd kunnen worden, met aandacht voor zowel de noodzakelijkheid, borging en de haalbaarheid van de normen. Kosten Tevens is uitgerekend wat dit voor kosten met zich meebrengt en wordt er voorgesorteerd op het feit dat er op termijn extra geld van het rijk zal komen indien een stad voldoet aan een dergelijk “Kwalitatief groot groenstructuurplan”, zoals dat in de handreiking wordt genoemd. Of dat extra rijksgeld er inderdaad komt als wij zo’n groot groen structuurplan hebben, is op dit moment onduidelijk, maar het is in ieder geval bemoedigend dat dit in de handreiking wordt genoemd. Het in kaart brengen van de kosten die noodzakelijk zijn voor rigoureuze vergroening is sowieso van belang. In de Agenda Klimaatadaptatie is besloten om een en ander in kaart te brengen zodat bij de vorming van een nieuw College in 2026 duidelijk is welke keuzes gemaakt moeten / kunnen worden. Door de integrale kosten voor vergroening in kaart te brengen, zoals in deze Handreiking wordt gedaan, wordt dat versterkt en kunnen er tegen die tijd goede keuzes gemaakt 6 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

worden. En groen kost niet alleen geld, het levert ook veel waarde op; in gezondheid, leefbaarheid en waarde van onroerend goed. Een belangrijk bijeffect van deze handreiking is dat we niet alleen de openbare ruimte maar ook de private buitenruimte mee laten wegen. Met behulp van de kaders zoals uitgewerkt in deze handleiding, kunnen op stadsdeel-, wijk- en stadsniveau heldere groennormen en -doelen worden geformuleerd. Tezamen met de groennorm bij nieuwbouw en de beschermingsmaatregelen voor de Hoofdgroenstructuur kan zo gekomen worden tot een integraal normenkader voor groen. Dat wordt dan gemeten en bijgehouden met behulp van de Groenmonitor. Amsterdams Groen Totaalstructuurplan Hiermee wordt een, zoals de Handleiding het noemt een, robuust totaal “Groenstructuurplan” gerealiseerd voor Amsterdam waarmee bestaand groen wordt beschermd, verdwijnend groen wordt gecompenseerd en nieuw groen wordt toegevoegd. In dit groen totaalplan vormt het ene been de Hoofdgroenstructuur die het bestaande groen beschermt en versterkt. Het andere been ziet toe op voldoende groen bij nieuwbouw, verdichting en in de bestaande stad. De normen die hierin worden opgenomen zullen niet altijd in één keer, één jaar, of in sommige buurten misschien niet eens in één Collegeperiode kunnen worden bereikt, maar geven richting en ruimte voor keuzes, samen met Amsterdammers.

Ze maken transparant waar, waarom en hoe met groen wordt omgegaan. Dit normenkader is niet bedoeld als ‘digitaal dashboard’ dat als een computer bepaalt waar welk groen moet komen. Bij de uitvoering kan eventueel op een andere wijze invulling worden gegeven aan de rigoureuze vergroening dan in het normenkader aangegeven, zeker als dit in samenspraak met bewoners en/of groenorganisaties gebeurt. Maar ook in zo’n geval creëert het normenkader wel een duidelijke doelstelling zodat dat gesprek, met bewoners, met de gemeenteraad of met de stadsdeelcommissie op een transparante wijze gevoerd kan worden. Verbeterde controle en sturing op het behalen van de referentienorm Groen Vanuit de Directie Ruimte & Duurzaamheid werken meerdere teams in meer of mindere mate aan het bewaken van de ruimtelijke kwaliteit, waaronder voldoende groen. Vanuit Grond en Ontwikkeling wordt per plangebied bij ontwikkelingen nu met een paragraaf inzichtelijk gemaakt in welke mate wordt voldaan aan de referentienorm. Volgens de beoordeling van Bloemberg-Issa en Belkasmi van de rapportage Duisenberg[4] is het onduidelijk “welk team controle uitoefent over het behalen van de normen op overkoepelende wijze, en ook niet wie instaat voor handhaving van afspraken met betrekking tot groen op privaat terrein”.

De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit heeft, alhoewel de naam dit wel doet vermoeden, momenteel geen taak betreft het toetsen van plannen aan de norm. In het rapport wordt geadviseerd om de verantwoording binnen de organisatie te beleggen. Dit kan centraal door bijvoorbeeld de CRK of door een “integraal register/overzicht van status'. Dit lijkt een goede oplossing om meer regie te voeren, zowel vooraf als nadat ontwikkelingen hebben plaatsgevonden. Beslispunten Amsterdams Groen Totaalstructuurplan: 1. Ontwikkel een normenkader voor groen in de bestaande stad en benut hiervoor de “Handreiking Groen in en om de stad, systematiek en richtlijnen voor de borging van Groen in en om de stad” zoals gepubliceerd door de Rijksoverheid. 2. Hanteer hierbij als basis de Groenvisie, de Agenda Klimaatadaptatie en het Uitvoeringsplan Groen. En gebruikt de Groenmonitor als meetinstrument. 3. Onderzoek hoe transparanter gecommuniceerd kan worden over de realisatie van groen in gebiedsontwikkeling en bij verdichting in de bestaande stad 7 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

4. Bundel al het beleid in een “Amsterdams Groen Totaalstructuurplan” of een andere passende naam, op zodanige wijze dat nieuw beleid zodra dat gereed is daarin kan worden opgenomen of het huidige vervangt (zoals bijvoorbeeld een toekomstige eventuele nieuwe Hoofdgroenstructuur). III De status voor het groen: een Groen Garantie Dit laatste onderdeel van ons initiatiefvoorstel gaat over vertrouwen en draagvlak. Vertrouwen dat gepland groen bij verdichting en gebiedsontwikkeling ook daadwerkelijk wordt aangelegd en ook wanneer. De werkelijkheid van bouwprojecten en gebiedsontwikkeling laat zien dat de doorlooptijd van projecten erg lang kan zijn, vaak wel tien jaar. Gedurende die looptijd veranderen plannen soms vanwege onvoorziene omstandigheden. De inrichting van het openbaar gebied en het aanleggen en/of compenseren van groen gebeurt vaak pas aan het einde van de gebiedsontwikkeling of bouw. Vaak gaat het daarbij over extra groen maar soms ook over het verbeteren van groen. Zo wordt dan bijvoorbeeld een voorheen saai grasveldje beplant met bomen en inheemse beplanting, waarmee de biodiversiteit enorm wordt verbeterd. Of wordt een stuk groen bereikbaar gemaakt als speelgroen of juist alleen als kijkgroen. Of wordt nieuw groen aangelegd door te ontstenen. Soms zien we tegen die tijd dat groen ondanks de gemaakte afspraken niet meer voldoende wordt aangelegd.

En tijdens en ook voorafgaand aan de lange bouwtijd zien we veel zorgen van omwonenden of het groen er echt wel gaat komen. Dat is niet bevorderlijk voor het draagvlak van bewoners in een verdichtende en verbouwende stad. Planning Meestal is het vanuit praktische overwegingen handig voor bouwende partijen om het groen pas na afronding van bouwwerkzaamheden aan te leggen. In sommige gevallen is het echter wel degelijk mogelijk om het groen eerder aan te leggen of in ieder geval een gedeelte van het groen of de bomen. Zodat het groen alvast kan groeien en wat voorstelt als de eerste bewoners komen. Dieren en insecten er alvast een plek kunnen vinden en omwonenden er tijdens de lange bouwtijd alvast gebruik van kunnen maken en van kunnen genieten. Omdat hier nu geen regels voor zijn en er daardoor weinig impuls is voor bouwers en ontwikkelaars om dit mogelijk te maken, lijkt het verstandig dit beter te verankeren in werkprocessen of regels. Dit wil niet zeggen dat het groen in alle gevallen vooraf zou moeten worden aangelegd, dat is soms eenvoudigweg onmogelijk. Maar wel dat überhaupt wordt nagedacht wat er eventueel wel vooraf kan worden aangelegd, wat wenselijk is en hoe dit in de organisatie kan worden belegd.

Groen garantie Toen het vernieuwde Beleidskader Hoofdgroenstructuur werd voorgesteld, was er kritiek op het idee om flexibiliteit in de Hoofdgroenstructuur toe te staan bij gebiedsontwikkeling in ruil voor versterking en uitbreiding van het groen. Dit hield in dat er binnen een gebiedsontwikkeling ruimte zou zijn voor verschuiving van het groen onder voorwaarde dat de hoofdgroenstructuur na de transformatie van het gebied aantoonbaar beter en groter zou zijn geworden. Dit zou dan onder meer kunnen door het optimaliseren van de bestaande Hoofdgroenstructuur en/of het vergroten van de Hoofdgroenstructuur, onder randvoorwaarden en met procesregels. Het nieuwe beleidskader is nu weliswaar van tafel, maar ook voor een toekomstig nieuw beleidskader Hoofdgroenstructuur moet opnieuw worden nagedacht hoe we groengaranties kunnen geven. In principe bouwen we natuurlijk niet in de Hoofdgroenstructuur, daar is het beleidskader juist voor gemaakt. Maar voor bijzondere gevallen zullen er maatwerk oplossingen moeten komen. Voor bijvoorbeeld het maken van een broodnodig toiletgebouwtje in een park, opslag van materialen voor onderhoud groen. Of ook in zeldzame gevallen waarin de gemeenteraad om zwaarwegende redenen democratisch beslist om toch af te wijken en daarbij bijvoorbeeld een bepaalde compensatie van groen vastlegt.

8 Gegenereerd: v1.7

RAAD

VN2025-013490 griffie andreas 2

Dat we opnieuw moeten nadenken ook na uitkomst van het Burgerberaad, hoe groengaranties kunnen worden opgenomen in nieuw hoofdgroenstructuurbeleid, sluit aan op de bovenstaande algemene wens om dit te verankeren voor groen bij verdichtingsplannen en andere gebiedsontwikkeling waarin geen sprake is van de Hoofdgroenstructuur. Amsterdammers moeten de zekerheid hebben dat in al die gevallen het groen daadwerkelijk wordt aangelegd en wanneer. We stellen daarom voor om uit te werken op welke wijze we meer zekerheden en sturing kunnen inbouwen. Beslispunten groen garantie Te onderzoeken:

• Op welke wijze verankerd kan worden dat gepland groen ook daadwerkelijk wordt aangelegd bij

verdichting en gebiedsontwikkeling. Zodanig dat burgers zowel aan het begin als bij afronding van werkzaamheden verzekerd zijn dat het groen er daadwerkelijk komt. Te denken valt aan bijvoorbeeld geoormerkte financiën in de Investeringsnota die gedurende een bouwproject niet zonder democratische instemming kunnen worden ingeruild ten behoeve van andere opgaves door financiële tegenvallers , communicatie-updates en controle achteraf. • Of en hoe een termijn kan worden opgenomen waarbinnen het groen moet zijn aangelegd van bijvoorbeeld maximaal 6 jaar na start bouw of van 1 jaar na oplevering van het gebouwde. En waar mogelijk juist voorafgaand aan de bouw zodat bomen en groen een voorsprong hebben om te groeien. Zodat omwonenden niet alleen zeker weten dat het groen er komt, maar ook wanneer. [1] Ook de nu geldige (oude Hoofdgroenstructuur) is met dit idee opgesteld. [2] Verordening Europese Natuur herstelwet, zie o.a. artikel 8, 14 en 20:

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=OJ:L_202401991 [3] De Handreiking:https://open.overheid.nl/documenten/c41ef7a4-b83d-4fb7-bc8f-

a60dc67a0908/file Bijbehorende Kamerbrief en diverse bijlages:https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2024/05/31/voortgangsbriefgroen-in-en-om-de-stad-gios [4]https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/12870357/1#search=%22Duisenberg%20groenn

orm%22 Welke stukken treft u aan

Meegestuurd

Registratienr.

Naam

AD2025-060635

Gemeenteraad Voordracht (pdf)

AD2025-060638

250610 Bestuurlijke reactie op initiatiefvoorstel van het lid Van Pijpen getiteld Een Stem voor Groen Plan voor Structuur, Groenraad en Garanties.pdf (pdf)

9 Gegenereerd: v1.7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16032928/1