Gemeenteraad Voordracht
Tekst van het document
RAAD
VN2025-013442 griffie andreas 2
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van Van Datum
Het lid Hofland en voormalig lid Norbruis
Portefeuille
Openbare Ruimte en Groen (33)
Agendapunt
A10 Onderwerp
Instemmen met het gewijzigde initiatiefvoorstel Stoer spelen, het recht om vrij te spelen van het lid Hofland en voormalig lid Norbruis en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel De gemeenteraad van Amsterdam besluit
gezien het initiatiefvoorstel Stoer spelen, het recht om vrij te spelen van de leden Hofland en voormalig lid Norbruis van 28 januari 2025 en gewijzigd op 25 september 2025; mede gezien de behandeling van het initiatiefvoorstel in de raadscommissie Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water van 4 september 2025;
1. In te stemmen met genoemd initiatiefvoorstel 2. het college van burgemeester en wethouders te verzoeken: 1. Een uitvoeringsagenda buitenspelen te schrijven; 2. Bij herinrichtingen te kijken hoe en waar we kinderen uitnodigen om in de openbare ruimte te spelen;
3. Samen met kinderen een speelplek te ontwerpen 4. Het beheer van sommige buitenspeelplekken bij bewonerscollectieven of -
stichtingen te beleggen; 5. In samenwerking met dagelijks bestuur, recreatieschappen, stedelijke ontwikkelaars, en volkstuincomplexen te kijken waar en hoe stoere speelplekken toe te voegen, en waar kan budget vrij te maken; 6. Ouders, scholen, buitenschoolse opvangen, kinderopvangen en welzijnsorganisaties in te lichten over de voordelen van stoer spelen voor kinderen; 7. In overleg met initiatiefnemers van buitenspeelplekken speelelementen te plaatsen die niet al voorkomen uit een catalogus; 8. Bij toekomstige aanbestedingen van speeltoestellen en valondergronden stoer spelen als criteriumpunt op te nemen; 9. Buitenspeelplekken en -toestellen met aanvaardbaar risico te accepteren; 10. Bij ongelukken in gesprek te treden met buitenspeelorganisaties; 11. In kaart te brengen waar er geen of weinig stoere speelplekken staan, en in die buurten te kijken wat er voor nodig is stoere speelplekken toe te voegen. 3. kennis te nemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel Wettelijke grondslag
artikel 147a, lid 1 van de Gemeentewet Initiatiefvoorstel
Inleiding
RAAD
VN2025-013442 griffie andreas 2
Onze kinderen hebben vaker overgewicht,[1] diabetes,[2] en lijden vaker aan slechtziendheid. [3] Volgens de onderwijsinspectie is de bewegingsvaardigheid onder kinderen gedaald;[4] sommige kinderen kunnen zelfs geen bal vangen.[5] 40% van de kinderen tussen vier en twaalf jaar voldoet niet aan de bewegingsrichtlijn van de Gezondheidsraad. Kortom, de gezondheid van onze kinderen is ondermaats en verslechtert. Deze resultaten zijn niet los te zien van het gebrek aan buitenspelen. Uit analyses van het Mulier Instituut blijkt dat buitenspeeltijd afneemt in de leeftijdsgroep van 8 tot 11 jaar oud.[6] Een kwart van deze kinderen speelt niet of amper buiten. In de leeftijdscategorie 4-7 jaar is dat 13 procent. Uit onderzoek van organisatie Jantje Beton blijkt zelfs dat 416.000 kinderen in hun vrije tijd nooit of bijna nooit buitenspelen zonder toezicht van een volwassene, sinds 2022 het aantal kinderen dat elke dag buitenspeelt in hun vrije tijd zonder volwassene is gehalveerd (van 25% naar 13%) en het aantal uur dat kinderen gemiddeld per week buitenspelen op school, BSO en in de vrije tijd met 2,5 uur is afgenomen sinds 2022.[7] Terwijl wetenschappers buitenspelen als een van de oplossingen zien voor hedendaagse kinderproblemen zoals overgewicht en bijziendheid.
De daling in buitenspelen onder jongeren wordt mede veroorzaakt door digitalisering, verstedelijking en de prestatiemaatschappij. Schermen weten de aandacht van kinderen te goed te grijpen. kinderen tussen 7 en 12 jaar zitten gemiddeld drie uur per dag achter een scherm. Een andere reden voor de stagnatie in buitenspeler zijn de typische ‘saaie’ speeltuinen die de gemiddelde woonwijk kent. De speeltuin met een wip, een schommel en een zandbak. Stadsgeograaf Kirsten Visser, verbonden aan de Universiteit Utrecht, zegt dat saaie speelplekken er voor zorgen dat kinderen minder gaan buitenspelen; “het zijn rubberentegelparadijzen.”[8] Dit soort speelplekken dagen kinderen niet uit en zijn geen aantrekkelijk alternatief voor het scherm. Terwijl buitenspeelplekken dat wel kunnen (en moeten) zijn. Stoer spelen Kinderen moeten meer buitenspelen. Het is aan ons de taak om buitenspelen leuk en aantrekkelijk alternatief voor het scherm te maken. D66 wil stoer spelen promoten. Wat is stoer spelen? Stoer spelen zijn spannende, uitdagende en avontuurlijke manieren van spelen waarbij onzekerheid in uitkomst en een fysiek verwondinkje een mogelijk onderdeel van het spelen zijn. De Canadian Paediatric Society maakt onderscheid in verschillende elementen die stoer spelen omvatten:[9]
• Spelen op hoogte (klimmen, springen, balanceren) • Spelen op snelheid (rennen, fietsen, glijden) • Spelen met gereedschap (bouwen met hamers, touwen of messen) • Spelen in de buurt van elementen (spelen in de buurt van water of vuur) • Fysiek contact (worstelen, stoeien, zwaardvechten met stokken) • Spelen op onbekend terrein (spelen in het bos, in een verlaten huis) • Plaatsvervangend spelen (het kijken naar andere kinderen die spelen met risico) Stoer spelen is dus hoog klimmen, flink botsen, hard hollen, vallen en opstaan. Bij stoer spelen kunnen kinderen inderdaad een bult of een wondje oplopen. Maar dat hoort er bij. Sterker nog, kinderen ontwikkelen zich wanneer ze tijdens het spelen moeten omgaan met risico’s. Door stoer te spelen, meer dan anders, leren kinderen risico’s beter inschatten en krijgen ze zelfvertrouwen. Ze leren van hun fouten, hoe ze zelfstandig oplossingen bedenken, en leren op die manier of het risico’s wel of niet moet nemen. Wetenschappelijke studies tonen ook aan dat stoer spelen het zelfrespect, de conflictgevoeligheid, het inschatten van gevaarlijke situaties en de concentratie van kinderen verbeteren.[10] Ook worden kinderen door stoer spelen motorisch vaardiger, worden ze socialer, leren ze angsten overwinnen en ontwikkelen kinderen doorzettingsvermogen.[11] Stoer spelen in Amsterdam 2 Gegenereerd: v1.1
RAAD
VN2025-013442 griffie andreas 2
Stoer spelen is dus goed voor de fysieke, mentale en sociale gezondheid van kinderen. Amsterdam kent stoere plekken zoals de Natureluur, Jeugdland of het Woeste Westen. Hier kunnen kinderen van verschillende leeftijden hun creativiteit kwijt en uitdagingen aangaan en zijn niet alle risico’s weggemoffeld. Kinderen kunnen hier dammen bouwen, vlotten maken, verdwaald raken, rennen, vliegen en klimmen. Helaas zijn de mogelijkheden tot stoer buitenspelen in Amsterdam beperkt. Amsterdam kent weinig stoere speelplekken door de houding van de overheid. De gemeente is bijvoorbeeld heel bang voor aansprakelijkheid bij ongelukken op speelplekken die op grond van de gemeente staan. Want o jee als een kind zou vallen en o jee als de gemeente verantwoordelijk wordt gehouden. Daarnaast zorgen de veiligheidseisen van de nationale en lokale overheid ervoor dat álle potentiële risico’s op verwonding bij het spelen zijn geelimineerd bij buitenspeelplekken (tot aan de rubberen deurrand van een gebouw aan toe). In plaats van de focus alleen op serieuze en fatale ongelukken te leggen. Zo groeit de huidige samenleving overbeschermd op, met alle gevolgen van dien.
Volgens Zeina Bassa expert risicovol spelen bij VeiligheidNL, kenniscentrum letselpreventie, kan dit er voor zorgen dat kinderen op latere leeftijd verkeerde beslissingen nemen in risicovolle situaties, zoals in het verkeer, of zelfs angststoornissen ontwikkelen.[12] Volgens D66 ontwikkelen kinderen het meest wanneer zij vaak buitenspelen en wanneer zij daarbij risico’s mogen of moeten nemen. Het is taak voor de gemeente om haar houding ten opzichte van buitenspelen te veranderen; minder betuttelend en bang voor eventuele aansprakelijkheid en meer stoere speelplekken voor kinderen om zich te ontwikkelen. Als kind leren omgaan met risico’s is een vereiste voor een leuk kinderleven en om een goed functionerende volwassene te worden. Vandaar stellen de initiatiefnemers van dit voorstel de volgende besluitpunten voor:
1. Een uitvoeringsagenda buitenspelen te schrijven
Buitenspelen is belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Dat is evident. De gemeente doet haar best en bouwt speeltuintjes met een glijbaan of een zandbak. Er zit alleen weinig idee achter waarom we plaatsen wat we plaatsen en wat nou de behoeftes zijn van kinderen, de gebruikers van deze speelplekken. Maak daarom een uitvoeringsagenda . Wat voor buitenspeelplekken creëren we, waar kan en mag dat eigenlijk, wat willen we kinderen bieden en waarom, en hoe en met wie gaan we dat dan doen? Ga in gesprek met buitenspeelexperts, zoals Martin van Rooijen, en buitenspeelinitiatieven in de stad, zoals onder anderen de Natureluur, Jeugdland en Woeste Westen om tot een effectieve uitvoeringsagenda te komen. Leg vervolgens deze visie naast de bestaande fysieke omgeving en kijk hoe, wat en waar we de fysieke omgeving kunnen en willen aanpassen om stoer buitenspelen te bevorderen. Neem hierin ook de verschillende wensen en behoeften van jongetjes, meisjes en kinderen met een handicap van verschillende leeftijden mee. 2. Bij herinrichtingen te kijken hoe en waar we kinderen uitnodigen om in de openbare ruimte te spelen De openbare ruimte kan ook een plek zijn om buitenspelen te faciliteren en aan te moedigen. Kijk bij herinrichtingen waar en hoe kinderen de openbare ruimte kunnen gebruiken om buiten te spelen. Immers Amsterdamse kinderen hebben, over het algemeen, geen tuin.
Dus spelen en ontmoeten doen zij vooral op openbare (speel)plekken. 3. Samen met kinderen een speelplek te ontwerpen Wij stellen voor om een pilot te doen waarbij kinderen helpen een speelplek te ontwerpen en vanaf het vertrek punt worden betrokken. Een speelplek ontworpen vanuit de belevingswereld van kinderen zelf, waar kinderen mede-ontwerpen en waarbij de speeltuin een vertaling is van de fantasie van kinderen. Dit hoeft niks te kosten want we kunnen gereserveerd geld voor een nieuwe speeltuin gebruiken om de speeltuin op deze manier te ontwikkelen. Een goed voorbeeld waar kinderen mee mogen denken over hun speeltuin is bij de speeltuin op de Parmenidesstraat.
3 Gegenereerd: v1.1
VN2025-013442 griffie andreas 2
RAAD 4. Het beheer van sommige buitenspeelplekken bij bewonerscollectieven, buurtorganisaties of
stichtingen te beleggen; Bewonerscollectieven, buurtorganisaties of stichtingen weten heel goed wat voor speelplek bij de buurt past. Tevens zijn zij eerder geneigd een stoere speelplek te wensen; een plek waar hun kinderen en kinderen uit de buurt stoer kunnen spelen. Door het beheer van speelplekken op grond van de gemeente samen met zulke organisaties uit te voeren en hun input mee te nemen in de uitvoering van de speelplek zullen er stoerdere speelplekken, met minder regeltjes, voorzichtigheid en bemoeizucht, ontstaan. 5. In samenwerking met dagelijks bestuur, recreatieschappen, stedelijke ontwikkelaars, en volkstuincomplexen te kijken waar en hoe stoere speelplekken toe te voegen, en waar kan budget vrij te maken; Er zijn initiatieven die graag een stoere speelplek willen creëren. Een voorbeeld is de natuurspeelplaats die de Vrienden van Park Frankendeal in Park Frankendael wil realiseren. D66 stelt voor dat het college in gesprek gaat met stadsdeelbestuurders, stedelijke ontwikkelaars, volkstuincomplexen en initiatiefnemers van stoere speelplekken om te kijken wat er nodig is om tot realisatie van meer stoere speelplaatsen te komen. Maak op basis van deze gesprekken ook budget vrij waar kan. 6.
Ouders, scholen en buitenschoolse opvangen, kinderopvangen en welzijnsorganisaties in te lichten over de voordelen van stoer spelen voor kinderen; Stoer spelen moet op de kaart staan bij ouders, scholen en buitenschoolse opvangen. Stoer spelen is leuk en het bevordert de sociale, fysieke en mentale ontwikkeling van kinderen. Licht daarom ouders, scholen, buitenschoolse opvangen, kinderopvangen en welzijnsorganisaties in van de voordelen van stoer spelen en vertel hen waar je in Amsterdam kan stoer spelen. 7. In overleg met initiatiefnemers van buitenspeelplekken speelelementen te plaatsen die niet al voorkomen uit een catalogus; Eigenaren van buitenspeelplekken willen soms speelelementen toevoegen die niet officiële AKI-gekeurde speelstoelstellen zijn. Daar moet ruimte voor zijn. Ga in gesprek met initiatiefnemers over hoe, wat en wanneer dat mag. Wees hierbij niet te streng en geef initiatiefnemers de ruimte en creativiteit om hun speelplek zelf in te richten met stoere speelelementen. Een goed voorbeeld hiervan is de Rommelspeeltuin in Utrecht, waar kinderen zonder ouders kunnen spelen met hamers en lucifers, op bergen pellets en in zeecontainers. Hier bepalen kinderen zelf de regels van spelen en wordt hun creativiteit de vrije loop gelaten. 8.
Bij toekomstige aanbestedingen van speeltoestellen en valondergronden stoer spelen als criteriumpunt op te nemen; Uit de inkoopkalender van de gemeente Amsterdam blijkt dat eind 2026 de gemeente een aanbesteding doet voor ‘speeltoestellen en valondergronden’ ter waarde van 14 miljoen euro. Dit is een uitgelezen kans voor de gemeente om uitdagende speelplekken te creëren voor Amsterdamse kinderen. D66 stelt daarom voor om stoer spelen als criteriumpunt te verankeren bij aanbestedingen voor speeltoestellen en valondergronden, of andere manieren te onderzoeken hoe indieners aanbestedingen kunnen winnen als zij stoer spelen promoten. Kijk hierbij ook naar kleinere ondernemers die misschien niet kapitaalkrachtig genoeg zijn om grote aanbestedingen te winnen maar wel stoer spelen hoog in het vaandel dragen door bijvoorbeeld de aanbesteding op te knippen in kleinere bedragen of gebieden. Nieuwe valondergronden kunnen overigens ook bijdragen aan onze doelen omtrent klimaatadaptatie: lekker spelen in het gras en in de modder. 9. Buitenspeelplekken en -toestellen met aanvaardbaar risico te accepteren; De AKI keurt speeltoestellen aan de letter van de wet. De wet staat toe dat speeltoestellen met aanvaardbaar risico goedgekeurd mogen worden. De AKI doet dit regelmatig. Binnen de gemeente Amsterdam is het gebruikelijk dat organisatie Speelplan een plaatsingscheck doet.
De facto keurt Speelplan de speeltoestellen een tweede maal. Zij willen soms verandering zien in de speeltoestellen terwijl deze al zijn goedgekeurd door de AKI. Dit 4 Gegenereerd: v1.1
RAAD
VN2025-013442 griffie andreas 2
vertraagt en kan speeltoestellen minder stoer maken. D66 Amsterdam stelt voor om de tweede keuring achterwege te laten. D66 wil dat door AKI-goed gekeurde speeltoestellen gewoon geplaatst kunnen worden zonder verdere aanpassingen. 10. Bij ongelukken in gesprek te treden met buitenspeelorganisaties; D66 kent verhalen dat bij een ongeluk met een bepaald type speeltoestellen, zoals een trekvlot, de gemeente uit reflectie het speeltoestel verbiedt. Ook als een voorval in een andere gemeente heeft plaatsgevonden. De gemeente is namelijk bang voor aansprakelijkheid. Zo damt de gemeente risicovol spelen beetje bij beetje in, wat ten koste gaat van het speelplezier en de persoonlijke ontwikkeling van onze kinderen. Voordat een speeltoestel verboden wordt, lijkt het D66 belangrijk om eerst in gesprek te gaan met organisaties die buitenspelen promoten of die een buitenspeelplek beheersen naar de overwegingen alvorens actie wordt ondernomen. 11. In kaart te brengen waar er geen of weinig stoere speelplekken staan, en in die buurten te kijken wat er voor nodig is stoere speelplekken toe te voegen; Elk stadsdeel verdient een aantal stoere speelplekken. Helaas kent Amsterdam veel plekken met alleen saaie, risicoloze speelplekken, rubberentegelparadijzen. Deze hebben een functie maar er moet wel genoeg afwisseling zijn.
Kijk daarom waar er geen of weinig stoere speelplekken zijn en bekijk wat er voor nodig is om stoere speelplekken toe te voegen. Dit kan door nieuwe stoere speelplekken te ontwikkelen of door kleine aanpassingen risicoloze speelplekken bijvoorbeeld stoer(der) te maken. Ga daarom in gesprek met buitenspeelorganisaties en bepaal wat nodig is in deze gebieden om stoere speelplekken toe te voegen. [1] https://www.tno.nl/media/1996/20100608-factsheet-resultaten-vijfde-landelijke-groeistudie1.pdf [2] https://www.diabetesfonds.nl/speciaal-voor/voor-de-pers/artsen-luiden-noodklok-steeds-vakerkinderen-en-jongeren-met-diabetes-type-2 [3] https://archive.is/20240529213139/https://www.nature.com/articles/d41586-024-01518-2 [4] https://www.onderwijsinspectie.nl/actueel/nieuws/2018/04/20/bewegingsvaardigheidbasisschoolleerlingen-afgenomen [5] https://www.nrc.nl/nieuws/2024/04/08/balanceren-op-een-omgekeerde-bank-dat-vinden-veelkinderen-moeilijk-a4195462 [6] https://www.kennisbanksportenbewegen.nl/?file=11516&m=1699456175&action=file.download [7] https://jantjebeton.nl/het-probleem [8] https://www.volkskrant.nl/beter-leven/mama-help-waarom-risicovol-buitenspelen-goed-is-voorkinderen-en-hoe-je-ouders-zover-krijgt~be9f0386/ [9] https://cps.ca/en/documents/position/outdoor-risky-play#ref27 [10] https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/1350293X.2015.1102412 [11]
https://www.kinderveiligheid.nl/adviezen/achtergrond/risicovol-spelen-doen [12][12] https://www.nrc.nl/nieuws/2024/08/30/in-deze-speeltuin-is-het-de-bedoeling-dat-kindereneen-beetje-gevaar-lopen-a4863855
5 Gegenereerd: v1.1
RAAD
VN2025-013442 griffie andreas 2
Welke stukken treft u aan
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2025-060400
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
AD2025-060415
Bestuurlijke reactie op IV Stoer Spelen.pdf (pdf)