CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeente Amsterdam - Staat van de stad XIII

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 5 november 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de reactie op motie 275.24 van 26 juni 2024 van raadslid Schmit (D66) over Brede welvaart (VN2025-014595)53.236 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

77

4 | Duurzaamheid

lichaam, zoals in onze lever, nieren en hersenen. Uit onderzoek blijkt dat zo’n 7 gram aan plastic (ter grootte van een theelepel) in de hersenen terug te vinden is (Nihart et al., 2025).

Afb. 4.21 Som van 20 soorten PFAS gemeten door Waternet op vestiging Leiduin en Weesperkarspel, 2022-2024 35 30

Micro- en nanoplastics worden gelinkt aan ontstekingen en hart- en vaatziektes (Nihart et al., 2025). Nanoplastics kunnen cellen binnendringen met mogelijke hormoonverstoringen. Bij bodem­ dieren zijn al schadelijke effecten aangetoond: aardwormen in vervuilde grond groeien minder (Cohen et al., 2021). Er is geen veiligheidsnorm, maar wel nationale en Europese afspraken om microplastics te verminderen. Ook in Amsterdam is er vervuiling door microen nanoplastics. In 2021 hebben onderzoekers bodemmonsters genomen in parken in Amsterdam. Gemiddeld vonden zij 4.800 deeltjes microplastics per kilogram aarde. 40 procent van de deeltjes was LDPE, wat voornamelijk afkomstig is van plastic verpakkingen (Cohen et al., 2021). Volgens TNO zijn autobanden, waarvan deeltjes vrijkomen tijdens het rijden, de grootste bron van plasticdeeltjes (Urbanus et al., 2022). Deze vervuiling is groter dan van uitlaatgassen, maar is niet gereguleerd (Piras et al., 2024). TNO stelt betere autobanden en een afvangsysteem op elke auto voor als mitigatiestrategie. Minder en rustiger rijden leiden ook tot minder uitstoot. Na autobanden zijn verpakkingen en foliegebruik in de landbouw de grootste bronnen van plasticdeeltjes (Urbanus et al., 2022). Er bestaan zorgen dat microplastics in het drinkwater terecht zouden kunnen komen.

Uit onderzoek van drinkwaterbedrijven blijkt dat er nauwelijks microplastics in ons drinkwater voorkomen. In Nederland wordt drinkwater gewonnen uit grondwater. Deze bronnen worden beschermd door zand- en kleilagen die plastics tegenhouden. Bovendien zijn microplastics goed uit het water te filteren (Kools et al., 2025). Over nanoplastics is minder bekend. Wel loopt er een groot Europees onderzoek om het probleem in kaart te brengen.

Zoetwatergebruik De grens voor zoetwatergebruik is de hoeveelheid water die uit rivieren, meren en grondwater wordt onttrokken. Wereldwijd wordt de grens van 4000 km3 per jaar nog niet overschreden, met een jaarlijks gebruik van 2600 km3. Regionaal zijn er echter grote verschillen, zoals in Zuid-Spanje, Italië, India en China, waar het watergebruik het ecosysteem bedreigt. In 2022 was er in Europa de ergste droogte ooit, en in Nederland is volgens het RIVM snelle actie nodig om een drinkwatertekort in 2030 te voorkomen.

1.150

1.120

25 20 15

33 26

10

26

19

18

18

5 0

2022 Som 20 PFAS Leiduin (gemiddeld)

2023

2024

Som 20 PFAS Weesperkarspel (gemiddeld) bron: Waternet

Amsterdammer gebruikt meer water dan landelijk gezien: 152 liter per dag De Amsterdammer verbruikte in 2024 gemiddeld 152 liter water per dag. Dat is ruim 10 liter meer dan in 2021. Het is ook meer dan het landelijk gemiddelde, dat in 2021 op 134 liter per persoon per dag lag. Dat komt onder andere omdat er in Amsterdam meer mensen zijn die alleen wonen. Hoe minder mensen in een huis wonen, hoe hoger het watergebruik per persoon. Het meeste water wordt verbruikt door gebruik van de douche (gemiddeld 60,1 L/dag), WC (29,4 L/dag), en wasmachine (17,2 L/ dag) (CBS, 2022). In heel Amsterdam wordt jaarlijks bijna 70 miljard liter water gebruikt, dat zijn ruim 76 olympische zwembaden per dag. Ongeveer een kwart van het waterverbruik is bestemd voor het bedrijfsleven, en ongeveer driekwart voor particulieren (Waternet, 2025). De vraag naar drinkwater neemt toe omdat de bevolking en de economie groeien. Waternet verwacht dat de drinkwatervraag in 2040 met 15 procent is toegenomen ten opzichte van 2022. Tegelijkertijd staat in heel Nederland het aanbod juist onder druk door verontreiniging en klimaatverandering. Daarom waarschuwde het RIVM in april 2023 dat er dringend actie nodig is om drinkwatertekorten in de toekomst te voorkomen. Waternet is in dat kader samen met andere waterbedrijven op zoek naar nieuwe waterbronnen (Waternet, 2023).

Ook onderzoekt Waternet de mogelijkheden om drinkwater te besparen (Waternet, 2025). Door klimaatverandering en extremere buien is het belangrijk dat (regen)water goed weg kan stromen uit de openbare ruimte. Tegelijkertijd is het belangrijk om het regenwater te borgen voor gebruik tijdens perioden van droogte. De gemeente Amsterdam werkt samen met Waternet om het regenwater goed te verwerken en ondersteunt waterberging door vergroening van tuinen en de openbare ruimte. Meeste waterverbruik indirect, door productie van voedsel en spullen Water wordt niet alleen gebruikt door inwoners, maar ook voor de productie van voedsel en

78

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

bepaalde spullen. Zo is voor het maken van een spijkerbroek bijna 5.000 liter water nodig, en voor 100 gram Nederlands rundvlees is 650 liter nodig. Zo’n 98 procent van het watergebruik van Amsterdam is indirect, verwerkt in producten die men aanschaft. Voor de Amsterdammer zou dit betekenen dat naast 152 liter direct watergebruik er elke dag nog eens zo’n 6.900 liter water nodig is. Of dat problematisch is hangt sterk af van waar het voedsel en de spullen zijn geproduceerd.

Natuur in Amsterdam neemt af vooral door bouwwerken Landelijk zijn natuurgebieden tussen 1990 en 2022 vergroot en verbonden (CLO, 2024). De gebiedsgrootte van deze kerngebieden is toegenomen van circa 448.000 ha naar circa 558.000 hectare. Daarentegen is de oppervlakte aan bos in de periode tussen 1970 en 2021 met 3400 hectare afgenomen. Het areaal in 2021 bedraagt 363.800 hectare, dus een afname van bijna 1 procent (CLO, 2023).

Landgebruik & Leven op aarde

In een stedelijke context zijn natuurgebieden en natuurlijk groen onderdeel van het landgebruik. In afbeelding 4.22 is weergegeven dat Amsterdam is omgeven door natuurgebieden en groene verbindingen. Het landoppervlak van de openbare ruimte in Amsterdam bestaat voor 61 procent uit groen. Op 1 januari 2024 gaat dit om 8.221 hectare. De meeste groene gebieden liggen aan de randen van de stad. Het groen bestaat voor het grootste deel uit agrarisch groen (35 procent), zoals de weilanden in landelijk Noord. Een ander groot deel is natuurlijk groen (26 procent), zoals het Diemerbos. Voor 19 procent bestaat het publieke groen uit buurtgroen, zoals perkjes en bermgroen. De overige 19 procent is recreatief groen en bestaat uit bijvoorbeeld stadsparken en plantsoenen. In de periode tussen 2019 en 2024 is het natuurlijk groen met 34 hectare afgenomen. Dit is een daling van 2 procent. Dit komt vooral door infrastructurele projecten en woningbouw. De Amsterdamse openbare ruimte wordt voor 17,5 procent bedekt door boomkronen. Een richtlijn is dat 30 procent van het stedelijke grondgebied bedekt zou moeten zijn met boomkronen. Wanneer we uitgaan van de openbare ruimte dan voldoen 129 van de 518 Amsterdamse buurten aan deze richtlijn. Dit zijn met name buurten aan de randen van de stad. Ook in de parkbuurten is de dekking relatief hoog.

Landgebruik De planetaire grens voor landgebruik gaat vooral over ontbossing en de transformatie naar agrarisch landgebruik. Met name naaldbossen en het tropisch regenwoud vervullen een belangrijke rol in het stabiel houden van het mondiale klimaat, en bossen huisvesten een groot aandeel van de biodiversiteit op aarde. De indicator voor deze planetaire grens is het percentage bebost land in de tropische, gematigde, en boreale (subarctische) zones. De grens staat op 75 procent. Zo zou het tropisch regenwoud in de Amazone bij een bepaalde hoeveelheid ontbossing vanzelf in omvang afnemen en worden vervangen door savanne. Op dit moment is er nog zo’n 62 procent aan bos wereldwijd over. Biodiversiteit Biodiversiteit is volgens de Conventie voor Biologische Diversiteit (CBD) 1992: "De variabiliteit in organismen uit de gehele wereld, waaronder terrestrische, mariene en andere aquatische ecosystemen en de ecologische verbanden waar ze deel van uitmaken; de diversiteit betreft de variatie binnen soorten (genen), tussen soorten en tussen ecosystemen". Een hoge biodiversiteit heeft veel voordelen: het zorgt voor waterzuivering en -regulering, onderdrukking van plaagsoorten, en betere bestuiving. Het werkt ook als klimaatbuffer door water op te vangen bij overlast en vast te houden bij droogte. Groen en biodiversiteit verkoelen de stad op warme dagen.

Bovendien verbetert biodiversiteit het sociaal welzijn en de mentale gezondheid van stadsbewoners. Een veel gebruikte meetlat voor biodiversiteit is de Living Planet Index (LPI). Het geeft de gemiddelde trend weer in populatie-omvang (aantallen) van bijna alle soorten broedvogels, reptielen, amfibieën, vlinders en libellen, en van een groot deel van de soorten zoogdieren en zoetwatervissen die van nature in Nederland voorkomen. De LPI wordt getoond van land en zoetwater dieren samen, en uitgesplitst naar dieren die leven in zoetwater en moeras, en naar dieren die leven op het land.

Wereldwijd neemt biodiversiteit af, in Nederland zijn er uitzonderingen De laatste jaren wordt het steeds duidelijker dat het slecht gesteld is met de biodiversiteit. Sinds 1970 is de globale Living Planet Index wereldwijd met circa 73 procent afgenomen. Voor het Euraziatische continent ligt deze afname lager, deze bedraagt 35 procent. (WWF 2024). In Nederland neemt fauna op het land af terwijl fauna in zoetwater licht toeneemt zoals is weergegeven in afbeelding 4.23. 37 procent van de inheemse wilde plantensoorten in Nederland dreigen te verdwijnen In de Nederlandse Rode Lijst is officieel vastgesteld welke planten in Nederland tot bedreigde soort behoren. In de Rode Lijst Vaatplanten 2012 (Sparrius et al, 2014) is aangegeven dat het “voorzichtig de goede kant op gaat met de vaatplanten in Nederland”. Op deze lijst zijn 530 soorten als bedreigd opgenomen. Dit is 37 procent van de in totaal 1432 inheemse wilde plantensoorten die in ons land voorkomen. Planten hebben

4 | Duurzaamheid

79

Afb. 4.22 Overzichtskaart Natuurlijk Groen Amsterdam, 2024

bron: Natura2000 - Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Gemeente Amsterdam

Afb. 4.23 De Nederlandse Living Planet Index (LPI), 1990-2023 200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 1990 1991 1992 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023

geprofiteerd van natuurherstelmaatregelen, natuurontwikkelingsprojecten en beheermaatregelen. Hoewel er de laatste 10 jaar verbeteringen plaatsvinden, heeft de grote achteruitgang al eerder plaatsgevonden. De belangrijkste oorzaken van de achteruitgang in de afgelopen 60 jaar zijn verzuring, vermesting, verdroging en habitatverlies. Stikstof uit landbouw en verkeer heeft nog steeds grote invloed op de Nederlandse vegetaties, waardoor o.a. vergrassing op kan treden en bijzondere soorten worden verdrongen. In het buitengebied heeft zich een gestage achteruitgang van bloemrijke graslanden en wegbermen voltrokken. Hierdoor staan opvallende soorten zoals beemdkroon, kleine ratelaar en korenbloem op de Rode Lijst.

Fauna van land & zoetwater

Ongeveer driekwart van de Nederlandse plantensoorten komt in Amsterdam voor Amsterdam heeft een rijke en gevarieerde flora. Onder deze plantensoorten vallen 60 Rode Lijstsoorten, zoals blauw walstro, zandwolfsmelk en kalkraket (Gemeente Amsterdam,2025b). Uniek is de groeiplaats van het steenhavikskruid, de enige groeiplaats in heel Nederland. Er zijn geen gegevens van de trend van de Amsterdamse flora op basis van langjarige monitoring. Sinds 2020 monitort gemeente Amsterdam een aantal belangrijke plantensoorten vanuit het programma Ecologische monitoring en Inspecties, maar dit is te kort om van een trend te kunnen spreken. Wel is zichtbaar dat waterplanten op weinig plekken goed gaan conform de maatlat van de Europese Kaderrichtlijn Water.

Fauna van zoetwater

Fauna van het land

bron: Compendium voor de Leefomgeving

In Amsterdam toename van bijensoorten Landelijk staat de helft van de bijensoorten op de Rode Lijst. Deze soorten zijn sterk bedreigd of zeldzaam (Gemeente Amsterdam, 2025b). Er zijn 34 soorten van de Rode Lijst verdwenen uit Nederland. Bijen zijn daarmee één van de meest bedreigde soortgroepen van Nederland. De grootste afname in bijendiversiteit heeft plaatsgevonden in de periode 1970-1990. Na 1990 is de afname van de Nederlandse bijendiversiteit tot stilstand gekomen. In Amsterdam zien we het aantal bijensoorten sinds de jaren ’90 toenemen. Vanaf de eeuwwisseling is hier verandering in gekomen toen het ecologisch beheer werd geïntroduceerd. Ook werd het toepassen van chemische bestrijdingsmiddelen in

80

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

de openbare ruimte afgeschaft. In 2000 werden voor het eerst grootschalig bijen in Amsterdam geïnventariseerd. Toen werden er 45 soorten wilde bijen gevonden. In de periode 2019-2022 zijn er 120 bijensoorten geïnventariseerd in 51 gebieden in Amsterdam. De resultaten van de inventarisatie 2019-2022 kunnen echter niet met de eerdere inventarisaties vergeleken worden vanwege een aangepaste onderzoeksmethodiek. Stabilisering in dagvlinders en libellen in Amsterdam Landelijk gaan veel soorten dagvlinders achteruit (Gemeente Amsterdam, 2025b). In Amsterdam zien we dat in de laatste twintig jaar de populatie van bijna geen enkele soort standvlinder in Amsterdam is afgenomen. In deze zelfde periode zien we dat 9 soorten stabiel zijn gebleven en het aantal waarnemingen voor 18 soorten is toegenomen. Tussen 1991 en 2007 nam de verspreiding van libellen in Nederland sterk toe. Sinds 2008 is deze positieve trend gestabiliseerd. Deze positieve trend wordt ook herkend in Amsterdam. In de periode 2019-2025 kwamen 39 soorten libellen voor in Amsterdam. Deze mogelijke toename is met name toe te schrijven aan zuidelijke soorten die noordwaarts optrekken. De verspreiding van libellen is mogelijk ook sterk toegenomen. Verspreiding van broedvogels in Amsterdam met bijna kwart toegenomen De populatie van broedvogels in de Nederlandse steden neemt af (Gemeente Amsterdam 2025).

Stadssoorten die typisch in de stad voorkomen als de huismus, zwarte roodstaart en gierzwaluw nemen af. De groep water- en moerasvogels neemt landelijk wel toe. Dit landelijke beeld zien we niet helemaal terug in Amsterdam. De Vogelatlas Amsterdam (Groen van et al., 2022) laat zien dat de verspreiding van het aantal watervogels in de laatste dertig jaar net als de bosvogels is toegenomen. De vogels van struweel en moeras zijn licht toegenomen. De vogels die voorkomen in bebouwd gebied zijn licht afgenomen, maar grote afname zien we bij weidevogels en pioniersvogels. De weidevogels zijn de laatste dertig jaar met bijna 40 procent afgenomen en de pioniersvogels met 5 procent. In totaal is de verspreiding van broedvogels in Amsterdam met 23 procent toegenomen.

In Amsterdam komen 43 van de 71 Nederlandse zoogdieren voor Het aantal zoogdieren gaat landelijk als groep vooruit (Gemeente Amsterdam,2025b). Bij 12 soorten was een afname te zien, bij 18 soorten een toename en vijf soorten een sterke toename. Sinds 2012 is er sprake van een stabilisatie van deze soorten. Voor Amsterdam zijn geen formele trendgegevens voorhanden. De stadsecologen gaan uit van een vergelijkbaar beeld voor Amsterdam als Nederland. In Amsterdam komen 43 van de 71 Nederlandse zoogdieren voor, waaronder de mens. Dit is exclusief gezelschaps- en landbouwdieren. Onder de Amsterdamse zoogdieren behoren onder andere. 16 soorten muizen, 11 soorten vleermuizen, 5 marterachtigen en 2 haasachtigen. In Amsterdam zijn in de laatste vijf jaar 4 exoten waargenomen, te weten de Amerikaanse rode eekhoorn, de beverrat, de muskusrat en de wasbeerhond.

4 | Duurzaamheid

Literatuurlijst

GGD Amsterdam. (2024). Meetresultaten luchtkwaliteit Amsterdam 2023. https://www.ggd.amsterdam.nl/publish/

Amsterdam Rainproof. (2025). In de stad. Home - Weerproof

pages/1051641/2023-ggd-jaarrapport-luchtkwaliteit-amsterdamwt24.pdf

Buijsman, E. (2009). Meten waar de mensen zijn. Tijdschrift Lucht. Zoeken | Compendium voor de Leefomgeving

Informatiepunt Leefomgeving. (2025). Luchtvervuilende stoffen. https://iplo.nl/thema/lucht/vaststellen-luchtkwaliteit/

CBS. (2022). Watergebruik Thuis (WGT) 2021 Waternet. https://

luchtvervuilende-stoffen/#h7f1f0d88-4f36-4cd8-90a5-

www.waternet. nl/siteassets/service/drinkwater/rapportage-

408abc25d1c0

watergebruik-thuis-2021-waternet-v1.2.pdf Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). (2024). Poly- en Cohen, Q. M., Glaese, M., Meng, K., Geissen, V., & Huerta-Lwanga,

perfluoralkylstoffen (PFAS) in Rijn-, Maas- en drinkwater.

E. (2022). Parks and recreational areas as sinks of plastic debris

Meetwaarden, normen en risicogrenzen. https://www.ilent.nl/

in urban sites: The case of light-density microplastics in the

binaries/ilt/documenten/leefomgeving-en-wonen/drinkwater/

city of Amsterdam, The Netherlands. Environments, 9(1), 5.

drinkwater/rapporten/poly-en-perfluoralkylstoffen-pfas-in-rijn-

https://doi.org/10.3390/environments9010005

maas-en-drinkwater/PFAS+in+Rijn+Maas+en+drinkwater_2024. pdf

Compendium voor de Leefomgeving. (2023). Oppervlakte bos in Nederland, 1970-2021. Online: https://www.clo.nl/indicatoren/

Kools, S., Bauerlein, P., Siegers, W., & Cornelissen, E. (2019).

nl162001-oppervlakte-bos-in-nederland-1970-2021

Microplastics in het vizier: Vorderingen in de drinkwatersector. H2O Water Network. https://www.h2owaternetwerk.nl/

Compendium voor de Leefomgeving. (2024). Gebiedsgrootte

vakartikelen/microplastics-in-het-vizier-vorderingen-in-de-

natuurgebieden op het land, 1990-2022. Online:

drinkwatersector

https://www.clo.nl/indicatoren/nl158803-gebiedsgroottenatuurgebieden-op-het-land-1990-2022

Nihart, A. J., Garcia, M. A., El Hayek, E., Liu, R., Olewine, M., Kingston, J. D., Castillo, E. F., Gullapalli, R. R., Howard, T., Bleske,

Compendium voor de leefomgeving. Roet in lucht,

B., Scott, J., Gonzalez-Estrella, J., Gross, J. M., Spilde, M., Adolphi,

jaargemiddelde, 2007-2021 | Compendium voor de

N. L., Gallego, D. F., Jarrell, H. S., Dvorscak, G., Zuluaga-Ruiz, M.

Leefomgeving. Geraadpleegd juni 2025.

E., & Campen, M. J. (2025). Bioaccumulation of microplastics in decedent human brains. Nature Medicine. Advance online

EEA, European Environment Agency. (2021). Wat schaadt de

publication. https://doi.org/10.1038/s41591-024-03453-1

natuur van Europa? https://www.eea.europa.eu/nl/ema-signalen/ eea-signalen-2021/articles/wat-schaadt-de-natuur-van-europa

O&S, Onderzoek en Statistiek. (2023). Monitor Circulaire Economie, 2023. https://onderzoek.amsterdam.nl/publicatie/

Emissieregistratie. (2023). Publicatie van de overzichtstabellen.

milieu-effecten-van-materiaalgebruik-in-amsterdam-2023

Online: Overzichtstabellen lucht | Emissieregistratie O&S. (2024). Wonen in de Metropoolregio 2023. Gemeente Amsterdam. (2024). Ontwikkelperspectief

https://onderzoek.amsterdam.nl/publicatie/wonen-in-de-

distributienet Amsterdam. Ruimtelijk kader voor de uitbreiding

metropoolregio-amsterdam-2023

en verzwaring van het distributienet in de gemeente Amsterdam. https://openresearch.amsterdam/nl/page/105322/

O&S. (2024). Verkeer in cijfers. https://onderzoek.amsterdam.nl/

ontwikkelperspectief-distributienet-amsterdam

artikel/verkeer-in-cijfers-2024

Gemeente Amsterdam. Dashboard Klimaatadaptatie.

O&S. (2025). Monitor Voedselstrategie. https://onderzoek.

https://experience.arcgis.com/experience/

amsterdam.nl/publicatie/monitor-voedsel-2024.

aec3fc23a4134a3da32c7cb2cf3b66da O&S. (2025). Tweede meting van het draagvlak voor de Gemeente Amsterdam (2025a). Klimaatverandering en

energietransitie bij Amsterdamse bedrijven.

bestaanszekerheid. https://openresearch.amsterdam/nl/ page/121856/klimaatverandering-en-bestaanszekerheid---

Piras, G., Pini, F., & Di Girolamo, P. (2024). PM10 emissions

stedelijk-strategie-team

from tires: A disruptive estimate questioning present pollution mitigation strategies. Atmospheric Pollution Research, 15(1),

Gemeente Amsterdam. (2025b). Plan Biodiversiteit Fase1,

101939. https://doi.org/10.1016/j.apr.2023.101939

Vergroten van de biodiversiteit in de ecologische kerngebieden en verbindingszones van Amsterdam in de periode 2025-2030.

Provincie Noord-Holland. (2021). Biodiversiteit in Noord-Holland

https://openresearch.amsterdam/nl/media/inline/2025/4/11/

2012. https://www.noord-holland.nl/onderwerpen/natuur/

plan_biodiversiteit_2025_2030_definitief.pdf?is_http_

biodiversiteit/biodiversiteit_in_noord_holland_2012.pdf

request=true&auth_replay_token=qT4U2hOgtrKg11B2V308 RIVM, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. (2021). Gezondheidsraad. (2018). Gezondheidswinst door schonere

Voedselconsumptiepeiling, 2021. Vlees en vleesvervangers |

lucht. Gezondheidsraad Nr. 2018/01(externe link)

Wat eet Nederland

81

82

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

RIVM. (2023). Waterbeschikbaarheid voor de bereiding van

Urbanus, J. H., Brunner, A., Boersma, A., Henke, S., Kooter, I.,

drinkwater tot 2030 - knelpunten en oplossingsrichtingen, 2023.

Lensen, S., Parker, L., Schwarz, A., Imhof, P., Dortmans, A., &

Waterbeschikbaarheid voor de bereiding van drinkwater tot

Wijngaard, M. (2022). Microplastics zijn overal: reductie met 70%

2030 - knelpunten en oplossingsrichtingen | RIVM

haalbaar. TNO. https://publications.tno.nl/publication/34640141/ cVUarS/TNO-2022-microplastics-nl.pdf

RIVM. (2023). Effect van houtstook op luchtkwaliteit en gezondheid. https://www.rivm.nl/documenten/factsheet-effect-

Voedingscentrum. (z.d.). Watergebruik.

van-houtstook-op-luchtkwaliteit-en-gezondheid

https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/watergebruik.aspx

RIVM. (2024). Grootschalige concentratiekaarten Nederland.

Vos, R. O. (2019). The spatially explicit water footprint of blue

https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2024-0059.pdf

jeans: Spatial methods in action for sustainable consumer products and corporate management of water. Case Studies

RIVM (2025). GGD-richtlijn medische milieukunde: Luchtkwaliteit

in the Environment, 3(1), 1-14.

en gezondheid. https://www.rivm.nl/ggd-richtlijn-medischemilieukunde-luchtkwaliteit-en-gezondheid/toelichting-en-tools-

Watereducatie.nl. (z.d.). Watervoetafdruk.

luchtkwaliteit/toelichting-en-tools-luchtkwaliteit/Bronnen-per-

https://watereducatie.nl/nieuws/watervoetafdruk

component Waternet.(2023). Waterbedrijven zoeken naar oplossing voor SLA, Schone Lucht Akkoord. (2025). Overzicht

drinkwatertekort. Waterbedrijven zoeken naar oplossing voor

luchtkwaliteitswaarden. https://schoneluchtakkoord.nl/sla/

drinkwatertekort | Waternet

overzicht-luchtkwaliteitswaarden/ Waternet. (2025). Persoonlijke communicatie. Sparrius, L.B., B. Odé & R. Beringen. (2014). Basisrapport voor

Gegevens opgevraagd 21-05-2025.

de Rode Lijst Vaatplanten 2012. FLORON Rapport 57. FLORON. https://www.floron.nl/publicaties/floron-rapport-57.pdf

World Health Organization. (2021). World health statistics 2021: monitoring health for the SDGs, sustainable development goals.

Steffen, W., Richardson, K., Rockström, J., Cornell, S. E., Fetzer,

https://www.who.int/publications/i/item/9789240027053

I., Bennett, E. M., Biggs, R., Carpenter, S. R., De Vries, W., De Wit, C. A., Folke, C., Gerten, D., Heinke, J., Mace, G. M., Persson,

WWF. (2024). Living Planet Report 2024 – A system in peril. WWF.

L. M., Ramanathan, V., Reyers, B., & Sörlin, S. (2015). Planetary

https://www.wwf.org/living-planet-report-2024

boundaries: Guiding human development on a changing planet. Science, 347(6223), 1259855. https://doi.org/10.1126/ science.1259855

5

Mobiliteit Amsterdam wordt steeds drukker. Inwoners, bezoekers en toeristen bewegen zich elke dag op allerlei manieren door de stad. Dat doen zij vooral op de fiets, lopend en met de auto. Mobiliteit stelt Amsterdammers in staat banen, voorzieningen en sociale contacten te bereiken. Aan de andere kant zorgt drukte op de weg ook voor onveiligheid in het verkeer. Wat is de stand van zaken rond de mobiliteit in Amsterdam?

Auteur: Merijn Heijnen

84

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

Kernpunten ‘ Amsterdammers verplaatsten

totale aandeel elektrische auto’s (16%) als het aandeel elektrische auto’s onder auto’s in particulier bezit (8%) zijn in Amsterdam hoger dan gemiddeld in Nederland. ‘ In Amsterdam worden maatregelen getroffen om de uitstoot van het verkeer te verminderen en om de leefomgeving te verbeteren. Voorbeelden hiervan zijn de milieuzones, het invoeren van een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur op veel wegen en de proef met de knip in de Weesperstraat.

zich in 2023 weer net zoveel als voor de uitbraak van het coronavirus in 2020, namelijk 2,5 verplaatsingen per dag. ‘ De fiets blijft het populairste vervoermiddel in Amsterdam. Er wordt steeds meer elektrisch gefietst, maar het aandeel is lager dan gemiddeld in Nederland. ‘ Een kwart van de volwassen Amsterdammers heeft een auto. Het aantal elektrische auto’s neemt snel toe in Amsterdam. Zowel het

Als eerste komen in dit hoofdstuk de verplaatsingen van Amsterdammers aan bod, zoals de keuze voor vervoermiddelen en de ontwikkeling van het aantal gemaakte bewegingen. Daarna worden actuele ontwikkelingen besproken met betrekking tot de auto, de fiets en het openbaar vervoer in Amsterdam. Ook wordt de verkeersveiligheid in de stad behandeld. Meer cijfers over de mobiliteit in Amsterdam zijn te vinden in de Amsterdamse Thermometer van de Bereikbaarheid 2024 (VOR, 2025).

Verplaatsingen en vervoerwijzekeuze Aantal dagelijkse verplaatsingen terug op niveau van voor coronavirus Amsterdammers maakten in 2023 gemiddeld 2,5 verplaatsingen per dag. Daarmee is het aantal dagelijkse verplaatsingen terug op het niveau van 2019. Door maatregelen die werden getroffen om

Afb. 5.1 Aantal verplaatsingen van Amsterdammers per weekdag naar vervoermiddel, 2020-2023

‘ Het aantal ritten dat gemaakt wordt met het openbaar vervoer in Amsterdam nam toe, maar is nog niet op het niveau van voor de coronapandemie. De reizigers zijn doorgaans positief over de ritten. ‘ Na jaren van daling nam het aantal verkeersongevallen met letsel weer toe. Ook het aantal doden in het Amsterdamse verkeer is in 2024 hoger dan in eerdere jaren. Een meerderheid van de slachtoffers bestaat uit fietsers.

de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan was in de tussenliggende jaren het gemiddeld aantal verplaatsingen lager. De minste verplaatsingen werden gemaakt in 2020, toen gemiddeld 1,9 per dag. Amsterdammers maken dagelijks gemiddeld iets minder verplaatsingen dan dat er landelijk gemaakt worden (2,7). Twintig jaar geleden maakten Amsterdammers gemiddeld nog 3,1 verplaatsingen per dag, wat sindsdien daalde onder invloed van digitalisering van werk, winkelen en dienstverlening. De fiets is al jarenlang het meest populaire vervoermiddel in Amsterdam. Van alle verplaatsingen door Amsterdammers in 2023 is 35 procent gemaakt met de fiets (zie afb. 5.1). Ook in Amsterdam is de elektrische fiets in opkomst, maar het aandeel fietsritten dat met de elektrische fiets wordt gemaakt is nog beperkt: in 2023 werd 5 procent van alle verplaatsingen in Amsterdam met een elektrische fiets gemaakt, tegen 8 procent in Nederland. Na fietsen is lopen met 29 procent van de verplaatsingen de meest gebruikte vervoerwijze door Amsterdammers, gevolgd door verplaatsingen met de auto (22%), het openbaar vervoer (12%) en andere vervoermiddelen, waaronder brommer, scooter of motor (3%, CBS, 2023).

2.500.000

De auto in Amsterdam 2.000.000

1.500.000

1.000.000

500.000

0 2020 Fiets

2021 Lopen

Personenauto

2022 OV

2023

overig bron: ODiN/CBS, bewerking O&S

Autobezit is laag in Amsterdam, maar er wordt relatief veel elektrisch gereden Een kwart van de volwassen Amsterdammers (25%) heeft een auto. Dat aandeel is al een aantal jaren stabiel. In 2024 waren er ongeveer 220 duizend personenauto’s van particulieren in de stad. Dat betekent dat elk huishouden in Amsterdam gemiddeld 0,4 auto heeft. Dat is het laagste aantal van alle gemeenten in Nederland. Zowel landelijk als in de rest van de Metropoolregio Amsterdam ligt het gemiddelde op één auto per huishouden (CBS, 2023). Binnen Amsterdam is het autobezit per huishouden het hoogst in stadsgebied Weesp en het laagst in stadsdeel Centrum (zie afb. 5.2).

85

5 | Mobiliteit

Wel neemt het aantal elektrische auto’s in Amsterdam al jaren toe. Zo waren er in 2024 ongeveer 36.000 volledig of deels elektrische auto’s geregistreerd in Amsterdam, een derde meer dan een jaar eerder. Van alle in Amsterdam geregistreerde personenauto’s was 16 procent volledig of deels elektrisch in 2024. Over heel Nederland gezien was dat jaar één op de tien personenauto’s volledig of deel elektrisch (Regionale Klimaatmonitor, 2025). In Amsterdam zijn echter veel zakelijke auto’s geregistreerd, zoals leaseauto’s, die veel vaker dan gemiddeld elektrisch zijn. Van alle auto’s van particulieren in Amsterdam was 8 procent deels of volledig elektrisch begin 2025, landelijk was dit 6 procent (CBS, 2025). Om het laden van dit soort auto’s mogelijk te maken waren er volgens de gemeente Amsterdam dat jaar ruim 14.000 publieke of semi-publieke laadpunten in Amsterdam. Dit zijn laadpunten bij parkeerplekken op straat, of bijvoorbeeld in een parkeergarage of bij een tankstation. Drie procent van de Amsterdammers in De Staat van de Stad enquête 2024 gaf aan vaak gebruik te maken van een deelauto, 10 procent deed dit soms en 11 procent zelden. De overige Amsterdammers maken geen gebruik van een deelauto of hebben geen rijbewijs.

Het aandeel Amsterdammers dat weleens gebruik maakt van een deelauto neemt bij elke meting iets toe: in 2024 gaf 24 procent in De Staat van de Stad enquête aan vaak, soms of zelden gebruik te maken van een deelauto, tegen 21 procent in 2022 en 19 procent in 2020. Begin 2025 telde Amsterdam 3.500 deelauto’s. Daarnaast zijn er in Amsterdam 1.200 elektrische deelscooters, 800 deelfietsen (waarvan 200 elektrisch) en 320 deelbakfietsen (website Gemeente Amsterdam, 2025a). Maatregelen: milieuzones, 30 kilometer per uur en knip Weesperstraat In Amsterdam worden meerdere maatregelen getroffen om de uitstoot van het verkeer te verminderen en om de leefomgeving te verbeteren. Zo worden er eisen gesteld aan bedrijfsbusjes en vrachtwagens die in het centrum willen rijden. Zo is de zone binnen de centrumring S100 (die onder meer bestaat uit de Nassaukade, Stadhouderskade en Mauritskade) voor nieuwe busjes en vrachtwagens sinds 1 januari 2025 uitstootvrij. Uitstootvrij betekent dat er geen sprake is van uitstoot van schadelijke stoffen via de uitlaat. Voor bestaande busjes en vrachtwagens zijn er overgangsregelingen en ontheffingen mogelijk. Daarnaast is er vanaf 1 januari 2025 binnen de ring A10 een milieuzone voor de meest vervuilende personenauto’s die op diesel rijden. Dieselpersonenauto’s mogen alleen in deze milieuzone rijden als ze emissieklasse 5 of hoger hebben.

Ook moeten auto’s inmiddels aan hogere milieueisen voldoen wanneer een nieuwe parkeervergunning wordt aangevraagd, of wanneer een lopende parkeervergunning omzet wordt op een andere auto (website Gemeente Amsterdam, 2025b).

Afb. 5.2 Autobezit per huishouden naar stadsdeel, 2023 0,8

Weesp Noord

0,6

Nieuw-West

0,6

Zuidoost

0,4

Oost

0,4

Zuid

0,4

West

0,3

Centrum

0,3

0,4

Amsterdam 0,0

0,1

0,2

0,3

0,4

0,5

0,6

0,7

0,8

0,9

bron: CBS, bewerking O&S

Hiernaast is in december 2023 is de maatregel ‘30 kilometer per uur in de stad’ ingevoerd. Op een groot aantal ontsluitingswegen is de maximumsnelheid verlaagd van 50 naar 30 kilometer per uur. Het gaat om wegen met relatief veel verkeer, maar waar de verblijfsfunctie meer prioriteit krijgt. In totaal zijn ongeveer 4.500 verkeersborden geplaatst en zijn 140 verkeerslichten opnieuw ingesteld. In de loop van 2024 is ook nog meer dan 200 kilometer markering op de weg aangepast. In het eerste jaar na de invoering van de maatregel is het aantal ongevallen op de bewuste wegen met 11 procent gedaald en is de hoeveelheid verkeersgeluid afgenomen met 1,5 decibel. Ruim 60 procent van de automobilisten houdt zich er (bijna) aan de juiste snelheid en het aandeel dat 55 kilometer per uur of harder rijdt op deze wegen is gedaald van 1 procent naar 0,2 procent. De gemiddelde snelheid, inclusief handelingen als optrekken, afremmen en stilstaan voor een verkeerslicht, is op deze wegen gedaald met 5 procent (Gemeente Amsterdam, 2025a). Amsterdammers die lid zijn van het O&S online stadspanel zijn in meerderheid van 59 procent positief over de maatregel om op veel wegen een maximumsnelheid in te voeren van 30 kilometer per uur. Wel zijn de Amsterdammers zonder auto vaker positief dan autobezitters: 74 procent tegen 52 procent.

De mensen die positief zijn over de maatregel noemen de verkeersveiligheid het vaakst als reden. Ook zijn zij vaak positief over het verkeersbeeld dat rustiger is geworden en een aantal noemt de positieve effecten op het milieu en geluidsoverlast als pluspunten. De Amsterdammers die negatief zijn over de maatregel vinden 30 kilometer per uur te langzaam of ergeren zich aan fatbikes en scooters die harder rijden dan auto’s (Gemeente Amsterdam, 2025a). In de zomer van 2023 heeft een proef plaats­ gevonden waarbij voor zes weken de Weesperstraat en drie omringende straten afgesloten waren voor doorgaand autoverkeer. Hiermee werd onderzocht wat de effecten zouden zijn van een ‘knip’ op de

86

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

bereikbaarheid, leefbaarheid en luchtkwaliteit in de Weesperstraat en de omliggende buurten. Tijdens de proef reden er 18 procent minder auto’s in het gebied. Ook in de rest van Amsterdam werd het rustiger: er waren 11.000 auto’s minder dan normaal (min 3%). De doorstroming in de stad verbeterde met 2 procent. Op de omleidingsroutes werd het echter drukker. Zo reed er 40 procent meer verkeer door de Kattenburgerstraat, waardoor de reistijd op deze route toenam. Waar de luchtkwaliteit en leefbaarheid bij de Weesperstraat verbeterde, nam deze in het aangrenzende gebied af (Gemeente Amsterdam, 2024b). Minder parkeerplekken op straat in Amsterdam, meer parkeergarages Eind 2024 waren er in totaal ruim 265.000 parkeerplekken op straat in Amsterdam. Het aantal parkeerplekken op straat per inwoner varieert tussen 0,15 in Centrum en 0,42 in Weesp. Tussen 2019 en 2024 verdwenen ruim 7.000 parkeerplekken op straat, waarvan ongeveer 3.000 in de stadsdelen Centrum en Zuid (Gemeente Amsterdam, 2024a). Met name bij het herinrichten van straten werden er parkeerplekken opgeheven. Voor een deel worden de ruimtes daarna gebruikt voor groen of voor fietsparkeerplekken. Het betekent niet dat per saldo 7.000 parkeerplekken in de betreffende periode verdwenen zijn in Amsterdam, aangezien er de afgelopen jaren meerdere ondergrondse garages zijn geopend.

Een voorbeeld is de garage aan de Ruysdaelkade, met plek voor 600 auto’s. In 2024 is de Singelgrachtgarage opgeleverd, die plek heeft voor 800 auto’s. Een ander alternatief voor het parkeren op straat is het gebruik van P+R (Park & Ride), waarbij de auto tegen een gereduceerd tarief geparkeerd wordt in een garage of op een terrein buiten het Amsterdamse centrumgebied en vervolgens de reis vervolgd wordt met het openbaar vervoer. Begin 2025 waren er 11 P+R-locaties in de gemeente Amsterdam, met in totaal plek voor ongeveer 4.700 voertuigen (website Gemeente Amsterdam, 2025c).

Afb. 5.3 Oordeel over fietsen in Amsterdam, 2019, 2021 en 2023 (rapportcijfers) 10 9 8 7 6

7,3

7,1

7,3

7,4

7,3

7,3

7,3

7,1

7,2 6,0

5

6,0

6,3

4 3 2 1 0

gemaakte fietsrit

Amsterdam als fietsstad

2019

2023

2021

fietspaden/fietsroutes in Amsterdam

fietsparkeren in Amsterdam bron: O&S

Amsterdam als fietsstad Aan het eind van de vorige eeuw werd nog geen kwart van alle verplaatsingen door inwoners van Amsterdam met de fiets gemaakt, inmiddels ligt het aandeel verplaatsingen met de fiets al jarenlang rond een derde (CBS, 2024). In De Staat van de Stad enquête van 2024 gaf iets meer dan de helft van de inwoners van 18 jaar en ouder (54%) aan vaak door de stad te fietsen, 16 procent doet dit soms en 8 procent fietst zelden door de stad. Daarmee geeft 78 procent aan weleens door de stad te fietsen, hetzelfde percentage als in 2022. Amsterdam wil de toenemende stroom fietsers de ruimte geven door straten in te richten als fietsstraat, of door eenrichtingsverkeer in te stellen voor auto’s. Een voorbeeld hiervan is de grootschalige herinrichting van de zogenaamde Binnenring. Dit is de zeven kilometer lange halve ring om het centrum heen, die begint bij het Haarlemmerplein en via de Marnixstraat, Weteringschans en de Sarphatistraat naar de Czaar Peterstraat loopt. Nadat de Sarphatistraat werd ingericht als fietsstraat werd deze direct daarna relatief vaak als verkeersveilige straat genoemd door Amsterdamse fietsers (O&S, 2019). De populariteit van Amsterdam als fietsstad blijkt ook uit de gemeten tevredenheid van fietsers (zie afb. 5.3). Ondervraagde fietsers gaven in 2023 Amsterdam als fietsstad gemiddeld een 7,3 als rapportcijfer, net als twee jaar eerder.

Ook de fietsrit die ze net gemaakt hadden gaven ze in 2023 gemiddeld een 7,3. Over het fietsparkeren in Amsterdam zijn fietsers wat minder positief, ze geven daar gemiddeld een 6,3 voor (O&S, 2024a). Zestien procent van fietsritten betreft een elektrische fiets, bijna helft minder dan landelijk Net als in de rest van Nederland wordt in Amsterdam steeds vaker gebruik gemaakt van de elektrische fiets. Wel is het relatieve gebruik ten opzichte van de reguliere fiets in Amsterdam minder groot: zo werd landelijk 29 procent van alle fietsritten in 2023 gemaakt met een elektrische fiets, terwijl dit in Amsterdam 16 procent was (CBS, 2024). Wel zijn er specifieke zorgen in Amsterdam, bijvoorbeeld rondom de opkomst van de fatbike. Juridisch gezien wijken deze snelle fietsen met dikke banden en elektrische hulpmotor niet af van andere elektrische fietsen. Fatbikes veroorzaken echter vaak overlast op fietspaden (NOS, 2024), zijn gevoelig voor diefstal (NOS, 2023) en kunnen vaak sneller dan de maximaal toegestane snelheid van 25 kilometer per uur (Het Parool, 2024). De gemeente Amsterdam heeft bij de landelijke politiek aangedrongen op maatregelen, maar er is terughoudendheid omdat regels voor fatbikes ook bestuurders van andere elektrische fietsen kunnen treffen.

Proef snelle fietsers naar de rijbaan Om fietspaden rustiger en veiliger te maken heeft van april 2024 tot en met juli 2024 in de Constantijn Huygensstraat en de Bilderdijkstraat een proef

87

5 | Mobiliteit

plaatsgevonden waarbij fietsers met een snelheid van minimaal 20 kilometer per uur tussen de Kinkerstraat en Overtoom naar de rijbaan mochten. Uit observaties blijkt dat een deel van de deze snelle fietsers inderdaad gebruik maakte van de rijbaan, maar de aantallen bleken in verhouding met de totale fietsstromen niet groot. Door de kleine aantallen fietsers die naar de rijbaan gingen, bleven de effecten op het fietspad beperkt. Wel werd het fietsgemak iets positiever beoordeeld door de geïnterviewde fietsers.

Afb. 5.4 Aantal ritten dagelijks gemaakt bij het GVB (bus, metro, tram en veren), 2019-2023 x 1.000 ritten 350 300 250 200 150

296

248 227

100

Ondanks de beperkte effecten, stonden ondervraagde fietsers wel positief tegenover de pilot en het idee om hier in de toekomst mee door te gaan, ook op andere plekken: 75 procent van de ondervraagde fietsers was het eens met de stellingen dat snelle fietsers op de rijbaan voor meer comfort, rust en veiligheid op het fietspad zorgt. Ondervraagde automobilisten waren hier over het algemeen minder van overtuigd en zowel bij fietsers als bij automobilisten bleven er zorgen over de verkeersveiligheid (Gemeente Amsterdam, 2025c).

154

155

2020

2021

50 0

2019

2022

2023 bron: GVB

Afb. 5.5 Totaaloordeel over de OV-rit per vervoermiddel, 2022-2024 (rapportcijfers) 10 9 8 7

Openbaar Vervoer in Amsterdam

6

Aantal ritten neemt weer toe maar is nog niet op niveau van voor coronapandemie In 2019 werden er bijna 300 miljoen ritten gemaakt door reizigers bij het GVB, wat een record was. Voor het eerst werden toen in totaal door de reizigers meer dan een miljard kilometers afgelegd. Door de maatregelen om de verspreiding van het coronavirus te beperken halveerde in 2020 en 2021 het aantal ritten tot jaarlijks ruim 150 miljoen. Na het vervallen van de maatregelen werd er weer vaker gereisd met het GVB: 227 miljoen ritten in 2022 en 248 miljoen ritten in 2023 (zie afb. 5.4). Wel blijft het aantal reizigers daarmee nog achter ten opzichte van de periode voorafgaand aan de uitbraak van het coronavirus (GVB, 2024). De populariteit van de fiets en de opkomst van de elektrische fiets lijken hierin een rol te spelen, zo blijkt uit landelijk onderzoek dat het gemiddeld gebruik van openbaar vervoer daalt na aanschaf van een elektrische fiets (Kennisinstituut voor Mobiliteit, 2023).

4

Op de Amsterdamse NS-stations is dezelfde trend waarneembaar. Zo waren er in 2019 op een gemiddelde werkdag nog 213.000 treinreizigers die gebruik maakten van station Amsterdam Centraal om in-, uit- of over te stappen (NS, 2025). In 2021 waren dit er 86.000, terwijl er in 2023 per werkdag gemiddeld bijna 179.000 treinreizigers waren. Daarmee is Amsterdam Centraal het drukste treinstation van de stad, gevolgd door Amsterdam Zuid (ruim 63.000 reizigers) en Amsterdam Sloterdijk (56.000 reizigers). Jaarlijks worden reizigers in heel Nederland gevraagd hoe ze de treinstations waarderen. In Amsterdam wordt station Amstel met een 7,5 gemiddeld het best gewaardeerd terwijl Amsterdam Lelylaan met een 6,1 de laagste beoordeling krijgt (Ipsos I&O, 2024).

5 8,0

7,8

7,5

7,8

8,0

7,9

7,8

7,9

7,8

7,6

7,8

7,8

3 2 1 0

bus Amsterdam 2022

tram Amsterdam 2023

metro Amsterdam 2024

landelijk 2024

bron: OV-Klantenbarometer CROW

Ritten in het openbaar vervoer worden positief beoordeeld Reizigers die gebruik maken van het openbaar vervoer in Amsterdam zijn doorgaans tevreden over de rit die ze gemaakt hebben. Wel daalde de gemiddelde beoordeling voor busritten in Amsterdam van een 8,0 in 2022 en een 7,8 in 2023 naar een 7,5 in 2024 (zie afb. 5.5). Metro- en tramritten werden beide in 2024 gemiddeld met een 7,8 beoordeeld. Voor De rapportcijfers voor de ritten in het Amsterdamse openbaar vervoer zijn daarmee gelijk aan of iets lager het gemiddelde in Nederland. De stiptheid van het Amsterdamse openbaar vervoer is een aspect dat gemiddeld positief beoordeeld wordt (gemiddeld een 7,5 een over metro, tram en bus), terwijl voor de prijs van het openbaar vervoer de laagste rapportcijfers worden gegeven (gemiddeld een 5,5) (CROW-Kennisplatform Verkeer en Vervoer, 2025). De meeste Amsterdammers voelen zich veilig of zeer veilig in het openbaar vervoer: 80 procent in 2023, een aandeel dat door de jaren heen stabiel is. Mannen voelen zich iets vaker veilig dan vrouwen (84% tegen 79%). Drie procent van de reizigers voelde zich in 2023 onveilig of zeer onveilig in het Amsterdamse openbaar vervoer, dit was ook in 2022

88

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

het geval. Als redenen voor het onveiligheidsgevoel worden groepen jongeren, zwervers op de perrons en overlast van mensen onder invloed genoemd. Reizigers noemen Amsterdam Centraal het vaakst als locatie waar zij zich onveilig voelen, gevolgd door Amsterdam Bijlmer ArenA, Amsterdam Lelylaan, Station Noord en de Noord-Zuidlijn. Van alle vormen van overlast komt geluidsoverlast door mobiel bellen het vaakst voor (61%). Daarnaast ervaart de helft van de reizigers overlast door afval. De verschillende vormen van overlast worden vooral ervaren in de metro, op metrostations en in de tram (O&S, 2024b). Drie op de tien Amsterdamse kinderen aangemeld voor gratis openbaar vervoer Vanaf de zomer van 2023 konden Amsterdamse kinderen van 4 jaar tot en met 11 jaar met het reisproduct GVB Kids Vrij gedurende vier maanden zonder kosten door de stad reizen. In de zomer van 2024 werd de maatregel verlengd tot begin 2025 en vanaf de zomer van 2025 zal het reisproduct weer beschikbaar zijn, dan voor anderhalf jaar, tot begin 2027. In 2024 werd GVB Kids Vrij in totaal ruim 18.000 keer aangevraagd, een bereik van ongeveer drie op de tien kinderen in Amsterdam. Door bijna 16.000 kinderen werd er uiteindelijk ook daadwerkelijk minimaal één gratis rit gemaakt met het GVB. Zij reisden redelijk verspreid over bus (36%), metro (32%) en tram (32%).

Daarmee is het gebruik van de bus door de kinderen beduidend hoger dan gemiddeld onder alle GVB-reizigers (18%, GVB, 2025). Voor vervoer van Amsterdammers die een beperking hebben waardoor zelfstandig reizen niet mogelijk is bestaat er Aanvullend Openbaar Vervoer (AOV). Het gaat hierbij om sociale of recreatief vervoer. In Amsterdam zijn er ongeveer 50.000 pashouders voor het AOV (RMC, 2025).

De verkeersveiligheid in Amsterdam Bijna de helft van de ondervraagde Amsterdammers (45%) in een Europees onderzoek ervaart een gevoel van onveiligheid in het verkeer. Hiermee

Afb. 5.6 Schatting aantal verkeersongevallen met letsel (boven), en het aantal verkeersdoden (onder), 2018-2024

staat Amsterdam op de vijfde plaats op een lijst van 32 Europese steden waar de inwoners zich het minst veilig voelen in het verkeer. Het aandeel dat zich onveilig voelt neemt al enkele jaren toe. Het meest genoemd wordt dat de verkeersveiligheid verslechtert vanwege nieuwe vervoersmiddelen zoals snelle elektrische fietsen (Cyclomedia, 2024). Wanneer het gaat om de angst om zelf slachtoffer te worden op de weg dan komt Amsterdam pas op plek 17 van 25 Europese steden (Cyclomedia, 2023). Aantal verkeersslachtoffers neemt toe Waar in de eerste twintig jaar van deze eeuw het aantal verkeersslachtoffers in Amsterdam een dalende trend liet zien, is sindsdien sprake van een toename. Het aantal dodelijke verkeersslachtoffers lag jarenlang stabiel tussen de 14 en de 17, maar nam in 2024 toe tot 21 (zie afb. 5.6). De schatting is dat er in 2024 in totaal 1.312 verkeersongevallen waren met letsel, het hoogste aantal in recente jaren (Gemeente Amsterdam, 2025d). Ambulances in Amsterdam registreerden in 2024 ruim 3.300 verkeersdeelnemers die medische hulp nodig hadden. Een meerderheid van deze slachtoffers bestond uit fietsers (60%), een groep die voor een kwart bestond uit bestuurders van een elektrische fiets en voor driekwart procent uit fietsers op een reguliere fiets.

Bestuurders van gemotoriseerde tweewielers (als brommers, scooters en motors) vormden 14 procent van alle slachtoffers, terwijl 11 procent van de slachtoffers uit automobilisten bestond en 6% uit voetgangers. Uit gegevens die in 2022 door de ambulances in Amsterdam verzameld zijn blijkt dat voor alle leeftijden de grootste groep verkeersslachtoffers uit fietsers bestaat. Afgezet tegen het aantal inwoners vallen in de leeftijdsgroep tussen de 18 en 24 jaar relatief de meeste slachtoffers op de fiets, gevolgd door jongeren tussen de 12 en 17 jaar en oudere Amsterdammers van boven de 70 jaar (Veiligheid.nl, 2024). Vooral de hoeveelheid jonge kinderen die op opgevoerde fatbikes met hoge snelheid door de stad fietsen is een punt van zorg. Ongeveer de helft van de slachtoffers die in de eerste helft van 2024 door fatbikes op de spoedeisende hulp belandden, waren tussen de 10 en 14 jaar oud (Rodi.nl, 2024).

1.400 1.200 1.000 800 600

1.242

1.070

860

884

1.181

1.256

1.312

400 200 0

17

15

14

16

15

14

21

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

slachtoffers

doden bron: VIA, afgesloten data politieregistraties

De toename van het aantal verkeersslachtoffers is een belangrijke reden geweest voor de invoer van de maximumsnelheid van 30 kilometer per uur op veel wegen (Gemeente Amsterdam, 2025a). Andere maatregelen om de verkeersveiligheid te verbeteren worden beschreven in het gemeentelijke Uitvoeringsplan Verkeersveiligheid, Voetganger en Fiets. Daarbij gaat het onder andere over de aanpak van locaties waar herhaaldelijk verkeersongevallen hebben plaatsgevonden (‘blackspots’) en het maken van ruimte voor voetgangers en fietsers bij herinrichtingen (Gemeente Amsterdam, 2025b).

5 | Mobiliteit

Literatuurlijst

Ipsos I&O. (2024). Stationsbelevingsmonitor 2024. Opgehaald van https://stations.nl/over-stations/reizigerswaardering/

CBS-dataset: Onderweg in Nederland 2023 (2024), bewerking Onderzoek en Statistiek.

Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. (2023). Waar is de ov-reiziger gebleven? Opgehaald van https://www.kimnet.nl/

CBS. (2025, mei 28). Meer dan 1 miljoen stekkerauto’s in

documenten/2023/10/10/waar-is-de-ov-reiziger-gebleven

Nederland. https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/22/meer-dan1-miljoen-stekkerauto-s-in-nederland

NOS. (2023, augustus 21). ANWB stopt fatbike-verzekering: ‘Kans op diefstal in Amsterdam 90 procent’. https://nos.nl/

CROW-Kennisplatform Verkeer en Vervoer. (2025). OV-

artikel/2487440-anwb-stopt-fatbike-verzekering-kans-op-

Klantenbarometer 2024. Opgehaald van https://www.crow.nl/

diefstal-in-amsterdam-90-procent

kennisproducten/ov-klantenbarometer2024/ NOS. (2024, maart 12). Bekritiseerde fatbike-fabrikanten Cyclomedia. (2023). Urban Road Safety Index 2023. Opgehaald

proberen met plan overlast tegen te gaan. https://nos.nl/

van https://www.cyclomedia.com/en/urban-road-safety-index

artikel/2512445-bekritiseerde-fatbike-fabrikanten-proberenmet-plan-overlast-tegen-te-gaan

Cyclomedia. (2024). Urban Road Safety Index 2024. Opgehaald van https://shop.cyclomedia.com/en/urban-road-safety-index

NS. (2025). Jaarverslagen. https://dashboards.nsjaarverslag.nl/

Gemeente Amsterdam. (2024a). Agenda Amsterdam

Regionale Klimaatmonitor. (2025). https://klimaatmonitor.

Autoluw: meer ruimte, minder parkeervakken. Opgehaald van

databank.nl/dashboard/dashboard/verkeer-en-vervoer

https://openresearch.amsterdam/nl/page/107017/agendaamsterdam-autoluw---visualisatie-ruimteregie

Rodi.nl. (2024, september 9). Amsterdam voert ook acties tegen opgevoerde e-bikes. https://www.rodi.nl/amsterdam-nieuw-west/

Gemeente Amsterdam. (2024b). Pilot knip Weesperstraat,

nieuws/409808/amsterdam-voert-ook-acties-tegen-opgevoerde-

onderzoeksrapport. Opgehaald van https://openresearch.

e-bikes

amsterdam/nl/page/105378/onderzoeksrapport---pilot-knipweesperstraat

O&S. (2019). Monitor ervaren verkeersveiligheid 2019. Opgehaald van https://openresearch.amsterdam/nl/

Gemeente Amsterdam. (2025a). 30 km/u in de stad,

page/112588/monitor-ervaren-verkeersveiligheid-2019

onderzoeksrapport. Opgehaald van https://openresearch. amsterdam/nl/page/124453/onderzoeksrapport-30-km-u-

O&S. (2024a). Monitor Fietstevredenheid 2023. Opgehaald

in-de-stad

van https://onderzoek.amsterdam.nl/publicatie/monitorfietstevredenheid-2023

Gemeente Amsterdam. (2025b). Amsterdam maakt ruimte voor veilig lopen en fietsen, Uitvoeringsplan 2025 Verkeersveiligheid,

O&S. (2024b). Monitor Sociale Veiligheid openbaar vervoer,

Voetganger en Fiets. Opgehaald van https://openresearch.

tussenmeting 2023. Opgehaald via https://openresearch.

amsterdam/nl/page/121808/uitvoeringsplan-2025-

amsterdam/nl/page/115463/monitor-sociale-veiligheid-

verkeersveiligheid-voetganger-en-fiets

openbaar-vervoer-tussenmeting-2023

Gemeente Amsterdam. (2025c). Monitoring pilot 30.20,

Veiligheid.nl. (2024). Verkeersslachtoffers in de gemeente

Fietspilot snelle fietsers naar de rijbaan. Opgehaald van

Amsterdam, Monitor verkeersslachtoffers (MOVE) Ambulancedata

https://openresearch.amsterdam/nl/page/120501/fietspilot-

2022. Opgehaald van https://openresearch.amsterdam/nl/

snelle-fietsen-naar-de-rijbaan

page/104817/monitor-verkeersslachtoffers-move-ambulancedata-2022---en-diverse

Gemeente Amsterdam. (2025d). Verkeersveiligheid, 30 km/u, Voetganger en Fiets, Monitor Uitvoeringsplan 2024. Opgehaald

VOR (Verkeer en Openbare Ruimte), Gemeente Amsterdam.

van https://openresearch.amsterdam/nl/page/124076/monitor-

(2025). Amsterdamse Thermometer van de Bereikbaarheid 2024.

verkeersveiligheid-30km-u-voetganger-en-fiets-2024

https://openresearch.amsterdam/nl/page/122945/amsterdamsethermometer-bereikbaarheid-2024

GVB. (2025). Evaluatie GVB Kids Vrij 2024. Opgehaald van https://openresearch.amsterdam/nl/page/123944/evaluatie-gvb-

Website Gemeente Amsterdam. (2025a).

kids-vrij-2024

https://www.amsterdam.nl/deelvervoer/

GVB Holding NV. (2024). Jaarverslag 2023. Opgehaald van

Website Gemeente Amsterdam. (2025b).

https://over.gvb.nl/organisatie/jaarverslagen/

https://www.amsterdam.nl/verkeer-vervoer/milieuzonesuitstootvrije-zones/

Het Parool. (2024, juli 3). Ruim helft gecontroleerde fatbikes in Amsterdam blijkt opgevoerd. https://www.parool.nl/amsterdam/

Website Gemeente Amsterdam. (2025c).

ruim-helft-gecontroleerde-fatbikes-in-amsterdam-blijkt-

https://www.amsterdam.nl/parkeren/parkeren-reizen/

opgevoerd~baff4c61/

89

90

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

6

Gezondheid en zorg Gezondheid is een essentiële basis voor welzijn en participatie in de samenleving. Tegelijkertijd kan maatschappelijke participatie de gezondheid positief beïnvloeden. In dit hoofdstuk gaan we dieper in op de gezondheid en ontvangen zorg van inwoners van de stad en ongelijkheden daarin. We bespreken onderwerpen zoals de ervaren gezondheid, verschillen in leefstijl en de toegang tot en het gebruik van zowel informele als formele zorg.

Auteurs: Ranu Sewdas, Sharita van Herwijnen, Ellen Lindeman

92

De Staat van de Stad Amsterdam XIII

Kernpunten ‘ De gezonde levensverwachting bij geboorte ligt in Amsterdam in de periode 2019-2021 op gemiddeld 63,6 jaar, ruim drie jaar korter dan landelijk. Deze levensverwachting hangt sterk samen met sociaaleconomische status (SES). De gezonde levensverwachting is 13 jaar korter in wijken met veel inwoners met een lage SES in vergelijking met wijken met weinig inwoners met een lage SES. ‘ Kanker en hart- en vaatziekten zijn de meest voorkomende doodsoorzaken (respectievelijk 27% en 21%). Het aantal sterfgevallen door hart- en vaatziekten neemt af, de afgelopen twintig jaar met 10 procentpunten. ‘ Zeven op de tien Amsterdammers van 18 jaar en ouder (68%) ervaren een goede gezondheid, maar dit aandeel is nog niet terug op het niveau van voor de coronapandemie. Er blijven grote verschillen bestaan: Amsterdammers met een laag inkomen, maximaal een vmbo- of mbo-1-opleiding, een migratieachtergrond en op hogere leeftijd voelen zich minder gezond dan gemiddeld in Amsterdam. ‘ Dertig procent van de Amsterdammers van 18 jaar en ouder heeft een langdurige ziekte, aandoening of handicap. Van deze groep ervaart 91 procent belemmeringen in het dagelijks leven, zoals bij activiteiten thuis, op school of

‘ Het percentage rokers onder

werk en/of in de vrije tijd.

‘ Twaalf procent van de

Amsterdammers van 18 jaar en ouder heeft een hoog risico op een angststoornis of depressie, in 2022 was dit aandeel 16 procent en in 2020 9 procent. ‘ Jongvolwassenen in Amsterdam beoordelen vaker hun eigen mentale gezondheid als ‘gaat wel’ of ‘slecht’ (56%) dan gemiddeld in Nederland (49%). ‘ Sterke eenzaamheid komt vaker voor in Amsterdam (18%) dan landelijk (13%), met de hoogste percentages onder jongere leeftijdsgroepen, inwoners met een basisschool- of een vmbo-/mbo-1-opleiding. ‘ Vier op de tien Amsterdammers van 18 jaar en ouder hebben overgewicht. Overgewicht komt vaker voor bij mannen, oudere Amsterdammers, en inwoners met een basisschool- of een vmbo-/mbo-1-opleiding. ‘ Bijna zes op de tien Amsterdammers van 18 jaar en ouder (58%) voldoen aan de landelijke beweegrichtlijn. Daarmee scoren Amsterdammers hoger dan landelijk (49%). ‘ Slechts 29 procent van de Amsterdammers van 16 jaar en ouder voldoet aan de groentenorm van minimaal 250 gram groente per dag en 67 procent eet vijf keer of meer per week fruit. Negen procent geeft aan onvoldoende financiële middelen te hebben voor gezond eten.

In dit hoofdstuk bespreken we de (gezonde) levensverwachting van Amsterdammers, hun ervaren gezondheid, het voorkomen van langdurige ziekten, aandoeningen of handicaps en de ervaren psychische gezondheid. Vervolgens gaan we in op leefstijlfactoren en op de formele en informele hulp die Amsterdammers ontvangen of kunnen ontvangen in verband met hun gezondheid, evenals het geven van mantelzorg. Tenzij anders vermeld, zijn de resultaten gebaseerd op De Staat van de Stad enquête 2024 van O&S onder Amsterdammers van 18 jaar en ouder.

Amsterdammers van 18 jaar en ouder is gedaald van 24 procent in 2022 naar 21 procent in 2024, maar blijft hoger dan het landelijke gemiddelde (16%). Jongvolwassenen gebruiken relatief vaak nicotine, alcohol, en (hard)drugs vergeleken met het landelijke gemiddelde. ‘ In 2023 maakte 9 procent van de Amsterdammers van 18 jaar en ouder gebruik van Wmo-voorzieningen, met een hoger gebruik onder Amsterdammers met maximaal een vmbo- of mbo-1-opleiding, een laag inkomen, of hogere leeftijd. Door de vergrijzing en personeelstekorten in de zorgsector wordt een toenemende vraag naar ondersteuning verwacht, wat mogelijk leidt tot (nog) langere wachtlijsten. ‘ Dertien procent van de Amsterdammers van 18 jaar en ouder ontving in het afgelopen jaar hulp vanwege hun gezondheid, waarbij leeftijd, sociaaleconomische status en de ervaren gezondheid belangrijke factoren zijn. Hulp kwam voornamelijk uit het eigen netwerk (63%), terwijl een derde professionele hulp kreeg en 16 procent particuliere hulp. ‘ Eén op de elf Amsterdammers van 18 jaar en ouder verleent mantelzorg, waarbij vooral vrouwen en oudere Amsterdammers dit doen.

Levensverwachting en belangrijkste doodsoorzaken Grote verschillen in gezonde levensverwachting binnen Amsterdam In de periode 2019-2021 was de gemiddelde levensverwachting bij geboorte in Amsterdam 80,9 jaar. Dat is iets lager dan het landelijke gemiddelde van 81,6 jaar (VZinfo, 2023). Amsterdamse vrouwen leven gemiddeld vier jaar langer dan mannen, met een totale levensverwachting van 83,0 jaar tegenover 78,9 jaar voor mannen. Landelijk is dat verschil kleiner, namelijk 3 jaar. De gezonde levensverwachting laat zien hoeveel jaar iemand op een bepaalde leeftijd naar verwachting in goede gezondheid zal leven. Het combineert de sterftekansen met de ervaren gezondheid in één getal. In Amsterdam was de gezonde levensverwachting in 2019-2021 gemiddeld 63,6 jaar.

93

6 | Gezondheid en zorg 

Landelijk was deze hoger, namelijk 66,9 jaar (VZinfo, 2023b). Amsterdammers leven dus gemiddeld drie jaar korter in goede gezondheid dan landelijk gezien. Hoewel Amsterdamse vrouwen langer leven dan Amsterdamse mannen, is hun gezonde levensverwachting vrijwel gelijk: 63,5 jaar voor mannen en 63,7 jaar voor vrouwen. Dat betekent dat de extra jaren die vrouwen gemiddeld leven, vaak niet in goede gezondheid worden doorgebracht. De (gezonde) levensverwachting hangt sterk samen met iemands sociaaleconomische positie. Hoe groot zijn de verschillen in gezonde levensverwachting tussen inwoners met een hoge en lage sociaaleconomische positie in Amsterdam? Om dit te onderzoeken zijn de 105 Amsterdamse wijken verdeeld in vijf clusters op basis van het percentage inwoners met een lage sociaaleconomische score (SES). De uitkomsten laten zien dat de gezonde levensverwachting gemiddeld 13 jaar lager is in wijken met veel inwoners met een lage SES dan in wijken met relatief weinig inwoners met een lage SES (O&S, 2025). Minder sterfte door hart- en vaatziekten Ruim een kwart van de overledenen in Amsterdam is in 2023 gestorven aan nieuwvormingen (27%), waarbij kanker aan de luchtpijp en long het meest voorkomt (CBS StatLine, 2023). Een wat kleiner aandeel (21%) stierf als gevolg van harten vaatziekten.

In de afgelopen 20 jaar is het aandeel dat overleden is door hart- en vaatziekten aanzienlijk verminderd, met 10 procentpunten. Dit hangt samen met betere behandelmethoden en een gezondere levensstijl, zoals de afname in het aantal rokers. Relatief kleine delen van de sterfgevallen zijn het gevolg van ziekten van het ademhalingsstelsel (8%), zoals longontsteking en chronische luchtwegaandoeningen, en van nietnatuurlijke doodsoorzaken (7%), zoals ongevallen en (zelf)doding. Een groot deel valt onder overige ziekten (37%), zoals ziekten van het zenuwstelsel en zintuigen (bijvoorbeeld Parkinson), van spijsverteringsorganen, en infectieziekten. Het beeld van doodsoorzaken in Amsterdam komt vrijwel overeen met dat in geheel Nederland (zie afb. 6.1).

Ervaren gezondheid en fysieke beperkingen Sociaal economische ongelijkheid in ervaren gezondheid blijft Ervaren gezondheid is een belangrijke, subjectieve maat om de algemene gezondheid van de bevolking te meten. In De Staat van de Stad enquête 2024 geven zeven op de tien inwoners van 18 jaar en ouder aan de eigen gezondheid als (zeer) goed te ervaren (68%). Twee op de tien beoordelen hun gezondheid als matig (22%) en zeven procent ervaart de eigen gezondheid zelfs als (zeer) slecht. Ten opzichte van 2022 is dit beeld grotendeels stabiel gebleven. Dit betekent dat het nog niet terug is naar het niveau van voor de coronapandemie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16129973/1