CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeente Amsterdam financiele paragraaf DA

RAAD 19 februari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de meerjarenstrategie Digitale Autonomie VN2026-0022936.389 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Financiële paragraaf - Meerjarenstrategie Digitale Autonomie Gemeente Amsterdam

Deloitte, Amsterdam, 18 december 2025, v1.0

1. Managementsamenvatting De keuze voor Europese alternatieven dwingt organisaties tot een herberekening van hun kostenmodel, waarbij de focus verschuift van directe licentiekosten naar operationele integratiekosten. Aan de infrastructuurkant (Azure vs. bijvoorbeeld ScaleWay/STACKIT/OVH) levert de Europese route vaak een kleine kostenbesparing op. De basisdiensten zoals rekenkracht en opslag zijn bij Europese aanbieders doorgaans vergelijkbaar en vrij van de onvoorspelbare 'egress fees' (kosten voor dataverkeer) die bij Azure de factuur onverwacht kunnen opdrijven. Hier staat tegenover dat geavanceerde netwerk, beveiliging, AI- en PaaS-diensten, die bij Microsoft standaard zijn, bij Europese alternatieven handmatig gebouwd en onderhouden moeten worden. Voor de werkplekdiensten (M365 vs. bijvoorbeeld Nextcloud/Wire) is de rekensom complexer door het wegvallen van de 'bundel-efficiëntie'. Een Microsoft E5-licentie is prijzig, maar integreert telefonie, beveiliging, mail en office in één vast maandbedrag. Het vervangen hiervan door losse Europese componenten ("Best-of-Breed") lijkt per licentie vaak goedkoper, maar brengt aanzienlijke verborgen kosten met zich mee (zoals integratie overhead, versnipperd leveranciersbeheer en additionele gebruikerstraining).

Onderaan de streep ruilt een organisatie bij een Europese strategie de hoge, stijgende abonnementskosten van de Amerikaanse 'vendor lock-in' in voor lagere licentiekosten, maar met een structurele stijging in beheeruren en integratie-investeringen. De financiële winst zit hier niet direct in 'goedkoper zijn', maar in prijsvoorspelbaarheid en onafhankelijkheid van toekomstige Amerikaanse prijsverhogingen. Deze financiële paragraaf geeft een financieel perspectief op de versterking van de digitale autonomie van de Gemeente Amsterdam op de middellange tot lange termijn (2027 – 2035). De huidige ITuitgaven bedragen ongeveer EUR 240 miljoen (2024). In deze fase is voor ongeveer EUR 41 miljoen een digitale afhankelijkheid van leveranciers buiten de European Economic Region (EER) vastgesteld. In een volgende fase, is beter zicht op het huidige IT-landschap, de lopende IT-contracten en de strategische keuzes voor digitale autonomie nodig een meer betrouwbare financiële analyse te kunnen uitvoeren met een grotere scope. Voor een financiële inschatting van de kosten die gepaard gaan met versterking van de digitale autonomie, zijn de grootste kostenposten in kaart gebracht en zijn deze afgezet tegen een Deloitte marktperspectief op digitaal autonome alternatieven binnen de EER.

Voor de kostenposten in scope beschouwen wij de EER alternatieven nog niet voldoende volwassen voor een organisatie met de omvang van de Gemeente Amsterdam. Versnelde investeringsprogramma’s in soevereine IToplossingen zijn noodzakelijk om de voordelen van versterkte digitale autonomie op te laten wegen tegen het verhoogde kosten- en risicoprofiel en beperkingen in functionaliteit. Wij adviseren om bij strategische keuzes over digitaal autonome alternatieven boven marktconforme oplossingen, een gedetailleerde businesscase uit te werken om de kwalitatieve uitvoering van processen, continuïteit van dienstverlening en informatiebeveiliging te borgen. In deze paragraaf is, desalniettemin, een op aannames gebaseerde inschatting gemaakt van de kosten om digitale autonomie te verhogen. Hierbij zijn de werkplek, het Azure Cloud-platform en de grootste IT-platformen en kernsystemen in de scope opgenomen. Met het uitgangspunt dat de inkoopkalender leidend is, om zeer hoge kosten voor contractopenbreking te voorkomen, en met de kostenposten in scope opgenomen, stijgen de OPEX ICT-uitgaven met circa EUR 5M per jaar (in 2035) en zal er een additionele CAPEX investering van circa EUR 24M nodig zijn.

Totale kostenraming 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2026

2027

2028

2029

2030

CAPEX 1-scenario Kostencategorie

Totaal

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten per jaar

2031

2032

OPEX 1-scenario

2033

2034

2035

0-scenario

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€41M

€43M

€45M

€45M

€48M

€48M

€58M

€59M

€63M

€63M

€41M

€44M

€50M

€53M

€53M

€54M

€63M

€66M

€67M

€68M

-

€7M

€4M

€8.8M

€1.8M

€1.8M

€0.6M

-

-

-

€0

€8M

€9M

€16.8M

€6.8M

€7.8M

€5.6M

€7M

€4M

€5M

Disclaimer Door de beperkte informatie die in deze fase aangeleverd kon worden door de Gemeente Amsterdam, is deze financiële paragraaf over digitale autonomie in scope nog zeer beperkt en gebaseerd op grove aannames en daarmee uitsluitend bedoeld ter informatie. Om een beter beeld te kunnen schetsen van de financiële impact in de transitie naar versterkte digitale autonomie op de middellange- en lange termijn, adviseren wij de Gemeente Amsterdam om aanvullend inzicht in de huidige IT-kostendrijvers te creëren en strategische keuzes te maken voor de invulling van digitale autonomie om de businesscase verder op te bouwen.

1. Inleiding De gemeenteraad zet in op meer digitale autonomie om de afhankelijkheid van grote buitenlandse technologiebedrijven te verminderen en daarmee de privacy, continuïteit en bestuurlijke keuzevrijheid van Amsterdam te beschermen. Bovendien vergroot digitale autonomie de weerbaarheid tegen geopolitieke risico’s en stelt het de stad in staat strategische regie te voeren over bedrijfskritische systemen en data. Hiertoe is gevraagd een Sourcing- en Cloudstrategie op te stellen met een bijbehorende meerjarenstrategie voor digitale autonomie. Deze financiële paragraaf vertaalt de ambities en keuzes uit de Sourcing- en Cloudstrategie 2026–2030 en de meerjarenstrategie naar een hoog-over financieel kader dat richting geeft aan de meerjarige uitvoering. De belangrijkste doelstellingen vanuit de Sourcing- en Cloudstrategie met betrekking tot Digitale Autonomie zijn: •

Vóór 2030 minimaal 30% van cloudopslag en cloudapplicaties onderbrengen bij Nederlandse/Europese (EER) en Overheidscloud-oplossingen;

•

Bedrijfskritische processen en hoog-vertrouwelijke gegevens laten landen in soevereine omgevingen binnen de EER en bij voorkeur bij aanbieders met een EER-hoofdkantoor;

•

Collectivisering stimuleren en inzetten op generieke voorzieningen, met als streefwaarde gezamenlijke inkoop van circa 80% van generieke diensten;

•

Dataclassificatie en vaststelling van bedrijfskritische processen als beslisbasis voor cloud-plaatsing en beveiligingsvereisten;

•

Verplicht stellen van exit-strategieën, gedocumenteerde migratieplannen en testbare migratieprocedures voor bedrijfskritische functies;

•

Vendor lock-in en platform-specifieke afhankelijkheden beperken, met een voorkeur voor open en interoperabele standaarden en een “open tenzij”-benadering;

•

Open source-adoptie stimuleren waar passend en investeren in de benodigde support- en beheercapaciteit;

•

Regie, capaciteit en inkoop-vaardigheden versterken (enterprise-architectuur, portfoliomanagement, IAM, DevOps) om autonomie te kunnen afdwingen.

2. Uitgangspunten 1. Beperking tot middellange termijn perspectief: Deze financiële paragraaf beperkt zich tot kosteninschattingen waarvoor op dit moment ervaringscijfers beschikbaar zijn. Langere termijn onzekere ontwikkelingen, zoals de opzet van een Rijkscloud, zijn in dit stadium buiten scope (zie een volledige lijst van zaken die buiten scope zijn in sectie 3). De financiële implicaties van mitigerende acties op de kortere termijn zijn opgenomen in de meerjarenplanning van de Gemeente Amsterdam;

2. Beperkt beschikbare IT-contractinformatie als vertrekpunt: Informatie over de huidige ITmiddelen en IT-uitgaven is zeer beperkt en/of versnipperd beschikbaar. Als gevolg zijn de bekende IT-contracten, informatie vanuit openbare aanbestedingen en de uitsplitsing van werkplekkosten als scope voor de financiële analyse gehanteerd. Zie bijlage II voor de ontvangen documentatie;

3. Beperkte kostenposten in scope: De analyse is beperkt tot het inschatten van de volgende kostenposten: licentiekosten, hostingkosten, onderhoud – en beheerkosten en programmaen transitiekosten (eenmalig). De kostenraming voor de impact van de transitie naar digitaal autonomere alternatieven op zaken als medewerkersproductiviteit, klant- en medewerkerstevredenheid, het risicoprofiel van de Gemeente Amsterdam (o.a. op continuïteit en beveiliging van kritieke dienstverlening) en wendbaarheid zijn niet meegenomen omdat er onvoldoende informatie beschikbaar is om hier aannames op te kunnen doen; 4. Inkoopkalender is leidend: Er wordt uitgegaan van de vroegst mogelijke afloop van huidige IT-contracten om IT-uitgaven om te buigen naar digitaal autonomere alternatieven.

3. Scope Op basis van de doelstellingen uit de Sourcing- en Cloudstrategie en de bekende IT-uitgaven zijn de vijf grootste kostenposten met risico’s voor digitale autonomie geïdentificeerd, te weten: 1. 2. 3. 4. 5.

Werkplek Azure Cloudplatform Systeem Vernieuwing Werk en Inkomen (SVWI) Amsterdams Financieel Systeem (AFIS) Programma Interactie met de Amsterdammer (PRIMA)

De jaarlijkse uitgaven aan deze kostenposten bedragen EUR 41 miljoen. Dit komt neer op 17% van de totale IT uitgaven van EUR 240 miljoen (dit is inclusief inzet en inhuur van personeel).

4. Marktperspectief Op de IT kostenposten in scope wordt in deze sectie een Deloitte marktperspectief geschetst voor oplossingsrichtingen op de middellange- tot lange termijn met overwegingen en implicaties.

4.1 Werkplek De huidige werkplektechnologie wordt voor circa 25.000 licenties afgenomen bij technologieleverancier Microsoft. De M365 suite is het centrale zenuwstelsel van de moderne digitale werkplek. Hoewel Microsoft wereldwijd domineert met een marktaandeel tot 75%, zien we een duidelijke verschuiving in het landschap. De markt breekt in feite op in twee kampen: de volledig geïntegreerde Amerikaanse ecosystemen die inzetten op maximale efficiëntie en AI, en de opkomende Europese alternatieven die drijven op het principe van digitale soevereiniteit. De Strijd om de Geïntegreerde Werkplek Voor de algemene kantoorsuite blijft de markt een duopolie tussen Microsoft en Google. Microsofts grootste kracht blijft de onmisbare desktop-ervaring met diepe cloud-integratie. Dit maakt M365 de onbetwiste leider voor organisaties die krachtige, offlinegeschikte applicaties vereisen. De enige serieuze uitdager is Google Workspace, dat vooral bij 'cloudnative' startups en het MKB domineert door eenvoud en browser-gebaseerde samenwerking. Binnen dit domein fungeert Microsoft OneDrive vaak als de onvermijdelijke infrastructuurlaag; door het

'zwaartekrachteffect' van Office-bestanden is een overstap technisch complex en blijft de gebruikersloyaliteit aan het Microsoft-ecosysteem hoog. Communicatie en de "Soevereiniteitskloof" Op het gebied van communicatie en samenwerking is Microsoft Teams de defacto standaard voor grote ondernemingen en instanties vanwege de diepe integratie met bestanden en processen. Echter, juridische en geopolitieke ontwikkelingen drijven een wig in de markt. Veel Europese organisaties, specifiek binnen de overheid en vitale infrastructuur, zoeken actief naar alternatieven om de risico’s van de Amerikaanse CLOUD Act te vermijden. Waar Teams en Slack winnen op gebruiksgemak, winnen Europese spelers zoals Wire (voor versleutelde communicatie) en Nextcloud (voor samenwerking) op privacy. Deze Europese tools bieden functionaliteiten zoals 'end-to-end encryptie' en lokale hosting die Microsoft juridisch gezien niet kan garanderen, waardoor ze de voorkeurskeuze worden voor organisaties waar datasoevereiniteit zwaarder weegt dan functionaliteit. Beveiliging: Integratie versus Onafhankelijkheid De meest fundamentele afweging vindt plaats op het vlak van cybersecurity. De Microsoft E5-licentie biedt een 'fort'-benadering: een volledig geïntegreerde veiligheidsstack (Defender, Entra, Purview) die gevoed wordt door wereldwijde dreigingsinformatie en AI.

Voor de meeste bedrijven is dit niveau van proactieve, geautomatiseerde beveiliging superieur en kostenefficiënt. Tegenover deze geïntegreerde kracht staat de Europese benadering van 'ontbundeling'. Om immuniteit te garanderen tegen buitenlandse inzage, bouwen soevereine organisaties hun eigen veiligheidsstack met best-of-breed oplossingen van Europese bodem, zoals ESET voor endpointbeveiliging en Logpoint voor monitoring. Hoewel deze aanpak meer beheerlast met zich meebrengt en de geavanceerde AI-integratie van Microsoft mist, is het de enige route voor partijen die absolute controle over hun data en encryptiesleutels vereisen. De marktpositie van M365 is in 2025 ijzersterk op basis van functionaliteit en integratie. De concurrentie komt niet zozeer van een technologisch beter product, maar van een groeiende strategische behoefte aan onafhankelijkheid. De keuze voor een organisatie is daarmee niet langer enkel operationeel, maar geopolitiek: kiest men voor de wrijvingloze efficiëntie van het Amerikaanse ecosysteem, of voor de juridische veiligheid van een gefragmenteerd Europees alternatief? Voor de financiële analyse is gekozen voor de technologieleverancier Nextcloud die de meest vergelijkbare oplossing kan aanbieden voor de ‘standaard’ gebruiker waarbij de functionele behoefte beperkt is.

Om deze reden wordt in de financiële analyse gerekend met een transitie naar Nextcloud voor 30% van de huidige Amsterdamse gebruikers, waarvan wordt ingeschat dat hierbij de functionele behoefte voldoende gedekt kan worden met de huidige functionaliteiten van Nextcloud. 4.2 Azure Public Cloud platform De cloudmarkt is niet langer een homogene wedloop om opslagruimte en rekenkracht. Er is een scherpe tweedeling ontstaan tussen de Amerikaanse 'hyperscalers', waaronder Microsoft Azure, en een groeiend ecosysteem van Europese cloudproviders die zich profileren als de bewakers van digitale autonomie. Waar Azure zich positioneert als de onmisbare motor voor innovatie en AI, positioneren spelers als OVHcloud, Scaleway en STACKIT zich als het fundament voor juridische veiligheid en voorspelbaarheid.

Rekenkracht en Innovatie: De "Innovation Gap" Functioneel gezien is de kloof tussen Microsoft Azure en de Europese markt aanzienlijk. Azure biedt geen catalogus van diensten, maar een volledig ecosysteem: van basis rekenkracht tot geavanceerde Platform-as-a-Service (PaaS) componenten en wereldleidende AI-integraties via OpenAI. Voor organisaties die snelheid en technologische voorsprong zoeken, biedt Azure een ongeëvenaarde 'time-to-market'. De Europese alternatieven kunnen deze breedte niet evenaren. Zij richten zich daarentegen succesvol op de 'commodity'-laag: pure rekenkracht (IaaS), opslag en containers (Kubernetes). Voor standaard workloads bieden Europese partijen vaak een betere prijs-prestatieverhouding en, cruciaal, een transparanter kostenmodel zonder de onverwachte kosten voor dataverkeer (egress fees) die bij Azure gebruikelijk zijn. Echter significante investeringen zijn noodzakelijk om de individuele services van de Europese cloud providers te integreren in het landschap van applicaties. Soevereiniteit: Juridische Immuniteit versus Technische Oplossingen De kern van de concurrentiestrijd draait om soevereiniteit. Microsoft heeft fors geïnvesteerd in de 'EU Data Boundary' en partnerschappen voor soevereine clouds. Hiermee garandeert Microsoft technisch dat data Europa niet verlaat.

Echter, juristen wijzen erop dat dit een 'functionele soevereiniteit' is; zolang het moederbedrijf Amerikaans is, blijft de US CLOUD Act een risico. Europese providers bieden daarentegen 'jurisdictionele soevereiniteit'. Omdat hun hoofdkwartieren in de EU staan (in het geval van STACKIT in Duitsland) en ze geen Amerikaanse eigendomsstructuur hebben, zijn ze volledig immuun voor extraterritoriale claims uit de VS. Voor overheden, gezondheidszorg en financiële instellingen is dit fundamentele verschil vaak de beslissende factor om kritieke applicaties en/of data onder te brengen. AI en de Toekomst van Data In 2025 is AI de grote aanjager van cloud-consumptie. Hier heeft Azure een dominante positie door de exclusieve toegang tot geavanceerde modellen. Europese clouds proberen dit gat te dichten door zich te profileren als neutrale platforms voor open-source AI (zoals Mistral of Llama) en door zware GPU-rekenkracht aan te bieden zonder vendor lock-in. De Europese strategie is hier niet om de AI-modellen zelf te bezitten, maar om een veilige, ethisch verantwoorde omgeving te bieden waar bedrijven hun eigen AI kunnen trainen zonder dat hun data wordt gebruikt om de modellen van een Amerikaanse techgigant te verbeteren. Conclusie De vergelijking tussen Azure en Europese alternatieven is geen kwestie van "beter of slechter", maar van strategische fit.

Azure is de superieure keuze voor organisaties die transformatie, geavanceerde AI en wereldwijde schaalbaarheid najagen en bereid zijn de juridische complexiteit te managen. De Europese cloud is de logische keuze voor partijen die streven naar kostenbeheersing, transparantie en absolute juridische onafhankelijkheid. We zien de markt dan ook bewegen naar een 'Hybride Multi-Cloud' realiteit: de 'slimme' lagen en innovatie draaien op Azure, terwijl de gevoelige data en statische archieven veilig landen in de Europese cloud. Voor deze financiële analyse is uitgegaan van een transitie naar Europese cloudleverancier STACKIT, als meest volwassen partij in de markt op dit moment. 4.3 Amsterdams Financieel Systeem (AFIS) Het Amsterdams Financieel Systeem (AFIS) wordt als Software-as-a-Service oplossing afgenomen van Duitse technologieleverancier SAP. SAP host deze dienstverlening op basis van infrastructuur van het Amerikaanse AWS. SAP biedt een alternatieve oplossing om het product in een ‘soevereine’ cloud aan te bieden, waarmee SAP garanties biedt dat data en verwerking onder specifieke wettelijke, contractuele en technische soevereiniteitseisen binnen een geografische jurisdictie blijven. Defensie heeft deze oplossing bijvoorbeeld geïmplementeerd. Deze alternatieve oplossing komt met beperkingen voor de opschalings- en innovatiesnelheid en stijging van kosten. Er zijn mogelijkheden

om naar een hybride variant toe te bewegen waarbij bepaalde diensten (zoals de ontwikkel- en testomgevingen) bij een public cloud aanbieder blijft draaien (zoals AWS), maar kern-productiedata binnen de soevereine zone blijven. Hier zal Amsterdam keuzes in moeten maken op basis van de kritieke processen en data. Voor deze berekening gaan wij uit van een volledig soevereine variant. 4.4 Programma Interactie met de Amsterdammer (PRIMA) Voor klantinteractie is het Amerikaanse softwareplatform Salesforce geïmplementeerd. Voor Salesforce zijn op dit moment geen oplossingen voorhanden om het platform digitaal autonomer te maken. Ook al zou Salesforce met een optie komen om de hosting bij een Europese cloudleverancier onder te brengen, blijven de risico’s voor digitale autonomie bestaan. Daarmee zal de Gemeente Amsterdam voor digitale autonomie op dit vlak naar alternatieve oplossingen moeten kijken. De leidende aanbieders zijn allen Amerikaanse technologieleveranciers (zoals Microsoft met Dynamics). De Amerikaanse technologieleverancier ServiceNow ontwikkelt zich ook in de richting van de Salesforce functionaliteit en biedt daarbij opties om on-premise of bij een Europese cloudleverancier (STACKIT) te hosten.

EER oplossingen dekken op dit moment nog niet de functionele scope en kwaliteit van dienstverlening in vergelijking met Salesforce en zien wij ook niet terug in de Nederlandse afnemersmarkt. Wij nemen aan dat de strategische kansen die het digitale autonomie onderwerp bieden, EER aanbieders zullen aanmoedigen om hun functionaliteit op dit vlak uit te breiden en verstevigen. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld het Duitse SAP. De vroegst mogelijke afloopdatum van het Salesforce contract eindigt in 2028, waarmee wij de aanname doen dat er tegen die tijd een alternatief beschikbaar zal zijn vanuit EER aanbieders. Hier zal nog zeker wel ingeboet worden op functionaliteit en kwaliteit van dienstverlening. 4.5 Systeem Vernieuwing Werk en Inkomen (SVWI) Het Systeem Vernieuwing Werk en Inkomen (SVWI) is een oplossing geleverd door PinkRoccade waarbij specifiek voor de Gemeente Amsterdam aanvullende modules zijn ontwikkeld met het lowcode platform Mendix. Mendix, van origine Nederlands maar overgenomen door het Duitse Siemens, draait op de cloudinfrastructuur van Amerikaanse leverancier AWS. Verder is voor de integratie gekozen voor het Amerikaanse Azure platform. Om digitale autonomie voor SVWI te borgen zal voor een andere hosting optie voor de Mendix modules gekozen moeten worden en opnieuw geïntegreerd moeten worden via een EER cloudplatform met integratiefunctionaliteit.

Mendix heeft een bestaand partnership met EER cloudleverancier STACKIT waardoor de alternatieve hosting technisch mogelijk is en hier zou ook de integratie op kunnen worden ingericht. Het ‘rehosten’ van Mendix brengt migratiekosten, integratiekosten, kosten voor data egress, kosten om sommige cloud-native managed functies aan te passen, (tijdelijk) hogere beheerkosten en kosten voor aanpassingen in security (zoals pentesten), compliance en contracten. De licentiekosten van Mendix op AWS ten opzichte van STACKIT zijn vergelijkbaar.

5. Hoog-over kostenraming Voor de kostenposten in scope is een eerste kosteninschatting opgesteld. Zie bijlage I voor de detaillering van de aannames die hiervoor zijn gehanteerd. De vroegst mogelijke data om huidige contracten te discontinueren liggen tussen 2027 en 2031. Bij de gehanteerde oplossingsrichtingen, zullen de CAPEX investeringen in die jaren daarmee significant zijn om de transities te realiseren. In totaal schatten wij de CAPEX investeringen in de kostenposten in scope op EUR 24 miljoen. Een belangrijke kostenpost die hierbij ontbreekt is de inschatting van de ‘egress fees’ (kosten voor het onttrekken van data bij hyperscalers), waarvoor geen data beschikbaar was om hier in deze fase aannames op te kunnen doen. In het algemeen verwachten wij dat de IT- exploitatie uitgaven (OPEX) als gevolg van de transitie naar verhoogde digitale autonomie zullen stijgen ten opzichte van de huidige situatie (+ EUR 5M in 2035) met een sterkere stijging in de eerste jaren gedurende en na de transitie. Hierbij is in het 0-scenario (behoud van de huidige situatie) wel ook rekening gehouden met significante prijsstijgingen als gevolg van vendor lock-in bij de hyperscalers en leidende marktpartijen. Onderstaand figuur geeft de inschattingen voor de OPEX in het 0-scenario en de OPEX en CAPEX in het 1-scenario (transitie naar digitaal autonome alternatieven) per jaar weer.

Daaronder zijn per kostenpost de financiële inschattingen uiteengezet.

Totale kostenraming 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2026

2027

2028

2029

2030

CAPEX 1-scenario Kostencategorie

Totaal

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten per jaar

2031

2032

OPEX 1-scenario

2033

2034

2035

0-scenario

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€41M

€43M

€45M

€45M

€48M

€48M

€58M

€59M

€63M

€63M

€41M

€44M

€50M

€53M

€53M

€54M

€63M

€66M

€67M

€68M

-

€7M

€4M

€8.8M

€1.8M

€1.8M

€0.6M

-

-

-

€0M

€8M

€9M

€16.8M

€6.8M

€7.8M

€5.6M

€7M

€4M

€5M

Kostencategorie

Werkplek

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€19M

€22M

€22M

€22M

€22M

€22M

€30M

€30M

€30M

€30M

-

-

€27M

€26M

€26M

€26M

€34M

€34M

€35M

€35M

-

€7M

-

-

-

-

-

-

-

-

€0M

€7M

€5M

€4M

€4M

€4M

€4M

€4M

€5M

€5M

* In de berekening van de huidige operationele kosten voor de werkplek zijn niet alle kostencomponenten voor de volledige werkplek opgenomen, maar enkel de elementen die voor de vergelijking relevant waren en/of waarvoor voldoende informatie beschikbaar was om de analyse uit te voeren.

Kostencategorie

Azure Cloud Omgeving

Kostencategorie

AFIS

Kostencategorie

PRIMA

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten

Kostenelement Huidige operationele kosten* Alternatieve operationele kosten

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€12M

€12M

€13M

€13M

€15M

€15M

€17M

€18M

€20M

€20M

-

-

-

-

€16M

€17M

€18M

€19M

€21M

€21M

-

-

-

7M

-

-

-

-

-

-

€0M

€0M

€0M

€7M

€1M

€2M

€1M

€1M

€1M

€1M

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€5M

€5M

€5.5M

€5.6M

€5.6M

€6.2M

€6.3M

€6.3M

€7.1M

€7.1M

-

-

-

€6.5M

€6.5M

€6.7M

€6.9M

€7M

€7.2M

€7.4M

-

-

4M

-

-

-

-

-

-

-

€0M

€0M

€4M

€0.9M

€0.9M

€0.5M

€0.6M

€0.7M

€0.1M

€0.3M

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€2.3M

€2.4M

€2.5M

€2.7M

€2.8M

€3M

€3M

€3.2M

€3.4M

€3.6M

-

-

-

€2.7M

€2.8M

€3M

€3M

€3.2M

€3.4M

€3.6M

Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten

Kostencategorie

SVWI

Kostenelement Huidige operationel e kosten* Alternatieve operationel e kosten Kosten verandering (eenmalig) Verschil in kosten

-

-

€1.8M

€1.8M

€1.8M

-

-

-

-

€0M

€0M

€0M

€1.8M

€1.8M

€1.8M

€0M

€0M

€0M

€0M

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

€1.8M

€1.8M

€1.8M

€1.8M

€1.8M

€1.8M €1.8M

€2.7 M €2.7M

€2.7M

-

-

-

-

-

-

€2M

€3M

€2.8M

€2.7M

-

-

-

-

-

€0.6M

-

-

-

€0M

€0M

€0M

€0M

€0M

€0.8M

€0.3M

€0.1M

€0M

€0M

Bijlage I: Aannames 0. Generieke aannames Kostenpost

ID 0.1

Onderwerp Kostprijs interne medewerker Kostprijs externe medewerker

0.2

CAPEX

0.5

Productiviteit interne medewerker Productiviteit externe medewerker Afschrijvingen

Egress

0.6

Egress fees

Inzet / inhuur

0.3

0.4

Aannames De kostprijs voor een interne medewerker is EUR 100.000,- per FTE per jaar. Voor de typische werkzaamheden in scope wordt een gemiddelde kostprijs van EUR 170,- per uur per FTE gehanteerd. 1640 uur per jaar

1800 uur per jaar

Afschrijvingen op CAPEX investeringen in bestaande IT oplossingen zijn buiten scope van deze berekening geplaatst. De kosten om data weg te halen van een platform (‘egress fees’) konden door ontbreken van informatie over de omvang van de data in de systemen in deze fase niet ingeschat worden. In onze ervaring kan deze kostenpost zeer significant zijn.

1. Werkplek aannames Kostenpost

ID 1.1

Onderwerp Alternatieve oplossing

1.2

Licentie typen

1.3

Prijsstelling

Licentiekosten

Aannames We gaan uit van de beschikbaarheid van een soeverein alternatief voor de Microsoft365 werkplek (M365). Dit betreft een SaaS-oplossing bij een EER technologieleverancier. We gaan uit van een ‘like-for-like’ vergelijking, waarbij een optionele wijziging van de afgenomen M365 type licenties niet worden meegenomen. De SaaS licentiekosten van het alternatief en M365 zijn vergelijkbaar. Hierdoor worden geen wijzigingen in licentiekosten voorzien.

1.4

Resterend M365 contract

1.5

Prijsstijging bij Het huidige Microsoft contract zal contractonderhandelingen worden herzien in 2026. We gaan ervan uit dat hier een 25% prijsstijging uit zal komen. Dit betreft een contract voor 5 jaar. We gaan ervan uit dat toekomstige contracten ook een looptijd van vijf jaar zullen kennen, met een soortgelijke prijsstijging. Voor het digitaal autonome alternatief gaan we uit van een jaarlijkse prijsstijging gelijk aan een inflatiecorrectie van 3,8%. Huidige beheerkosten De huidige beheerkosten voor (Sogeti) M365 bedragen EUR 8.200.000,en worden als dienst geleverd door Sogeti. Verwachte stijging Naar verwachting zal er in jaar 1 beheerkosten een 10% hogere en in jaar 2 een 5% hogere beheerlast zijn als gevolg van de migratie van 30% van de werkplekaccounts naar de alternatieve oplossing. Vanaf jaar 3 zal de beheerlast vergelijkbaar zijn met de huidige M365 inspanningen. Hierbij gaan wij ervan uit dat marktpartijen (zoals Sogeti) de dienstverlening voor EER oplossingen. Huidige helpdesk Met een typische ratio van 1 bezetting helpdeskmedewerker per 300 gebruikers, gaan wij uit van een huidige helpdeskbezetting van 80 FTE. Additionele helpdesk Het aantal af te handelen ‘tickets’ ondersteuning door helpdeskmedewerkers als gevolg van de werkplekmigratie zal in jaar 1 naar verwachting met 10% stijging en in jaar 2 met 5%, waarna het zal normaliseren.

Dit resulteert in 8 additionele FTE in jaar 1 en 4 additionele FTE in jaar 2 (t.o.v. de huidige situatie). Product owner en Voor de nieuwe contract- / SLA manager werkplekoplossing gaan we uit

1.6

1.7

Inzet / inhuur

1.8

1.9

1.10

Door schaalverlies zal de 30% reductie van M365 licenties niet leiden tot contractverlaging voor de resterende 70% werkplekgebruikers.

1.11

Transitieduur

1.12

1.15

Projectmanagement en ondersteuning Architectuur Contractuele en juridische inzet Inhuur

1.16

Integraties

1.17

Inzet

1.18

Gebruikerstraining

1.19

Beheerderstraining eerstelijns

1.20

Beheerderstraining tweedelijns

1.21

Verander-management

Projectuitvoering & Besturing

1.13 1.14

Migratie & Implementatie

Opzet Omgeving & Beveiliging

Training & Verandermanagement

van 0,5 FTE voor een product owner en 0,5 FTE voor een contract- / SLA manager Voor de werkplektransitie wordt uitgegaan van 6 maanden planning en voorbereiding, 3 maanden voor een Proof-ofConcept, 3 maanden implementatie & testen en 3 maanden nazorg. Dit brengt de totale doorlooptijd op 15 maanden. 1 FTE projectmanager en 0,5 FTE ondersteuning 1 FTE architect 0,25 FTE jurist Voor migratie en implementatie (inclusief testen) wordt uitgegaan van een extern team van 5 FTE. Huidige integraties van de werkplek zijn onbekend en worden daarmee out of scope verklaard. In totaal 1 FTE gedurende de looptijd om security, compliance, IAM en benodigde audits en certificeringen (zoals DPIA) in te richten. Voor het trainen van de 30% gebruikers (6.900 FTE) op de nieuwe werkplekoplossing wordt 2 uur per FTE gerekend. Voor het trainen van de eerstelijns helpdesk ondersteuning wordt uitgegaan van een training van 1 dag. Er is geen zicht op de aanwezigheid van tweedelijns ondersteuning vanuit de Gemeente Amsterdam. Training van deze medewerkers is daarmee voor nu buiten scope geplaatst. Voor het gehele traject wordt vanwege de gebruikersimpact van een nieuwe werkplek gerekend met 2 FTE voor verandermanagement.

2. Azure Public Cloud platform aannames Kostenpost

ID 2.1

Onderwerp Alternatieve oplossing

Aannames De target-cloud biedt vergelijkbare diensten als momenteel in Azure worden gebruikt.

2.2

Licentiekosten

2.3

Prijsstelling

2.4

Huidige beheerkosten (Solvinity)

2.5

Verwachte stijging beheerkosten

2.6

Product owner en contract- / SLA manager

2.7

Transitieduur

2.8

Projectmanagement en -ondersteuning Architectuur Contractuele en juridische inzet Inhuur

De SaaS licentiekosten van Azure en het alternatief zijn vergelijkbaar. Hierdoor worden beperkte wijzigingen in licentiekosten voorzien. Indien alternatief platform gekozen wordt, verwacht +20% op running kosten ten opzichte van huidige Azure‑kosten. De huidige beheerkosten voor het Azure-platform bedragen EUR 3.532.500,- en worden als dienst geleverd door Solvinity. Naar verwachting zal er in jaar 1 een 10% hogere en in jaar 2 een 5% hogere beheerlast zijn als gevolg van de migratie. Vanaf jaar 3 zal de beheerlast vergelijkbaar zijn met de huidige Azure inspanningen. Hierbij gaan wij ervan uit dat marktpartijen (zoals Solvinity) de dienstverlening voor EER oplossingen. Voor de nieuwe cloud-omgeving gaan we uit van 0,8 FTE voor een product owner en 0,2 FTE voor een contract- / SLA manager. Voor de cloudtransitie wordt, op basis van contractomvang, uitgegaan van 6 maanden planning en voorbereiding, 3 maanden voor een Proof-of-Concept, 18 maanden migratie en 3 maanden nazorg. Dit brengt de totale doorlooptijd op 30 maanden. 1 FTE projectmanager en 1 FTE ondersteuning 1,5 FTE architect 0,3 FTE jurist

Licentiekosten

Inzet / inhuur

Projectuitvoering & Besturing

2.9 2.10 Migratie & Implementatie

2.11

Voor migratie en implementatie (inclusief testen) wordt uitgegaan van een extern team van 7 FTE.

2.12

Testen

2.13

Infrastructuur

2.14

Uitfaseringskosten

2.15

Inzet

2.16

Security status

2.17

Geplande updates

2.18

Operationele monitoring

2.19

Security monitoring

2.20

Identity & access management

2.21

Developerstraining

2.22

Verandermanagement

Opzet Omgeving & Beveiliging

Training & Verandermanagement

Testen is geautomatiseerd (unit/integratie/regressie) en relevante testdata is beschikbaar en bruikbaar voor migratietesten. Applicaties worden momenteel uitgerold via een CI/CD-pipeline inclusief IaC-artefacten. De decommisioning-kosten bedragen 10% van de totale migratiekosten. In totaal 1 FTE gedurende de looptijd om security, compliance, IAM en benodigde audits en certificeringen (zoals DPIA) in te richten. Er zijn geen grote, openstaande security-issues (kritieke kwetsbaarheden) in scope-applicaties. Geen geplande major versie upgrades of grote refactors tijdens transitie. Operationele monitoring is geconsolideerd in een aparte, niet-Azure tool. Security monitoring en SIEM-functionaliteit zijn geconsolideerd bij een externe leverancier. IAM-architectuur en processen blijven hetzelfde; geen migratie van identiteitsbron of rollenmodel. Voor het trainen van de developers (60 teams) op de nieuwe werkplekoplossing wordt 40 uur per team gerekend. Voor het gehele traject wordt vanwege de beheerdersimpact van een nieuwe omgeving gerekend met 2 FTE voor verandermanagement.

3. Amsterdams Financieel Systeem (AFIS) aannames Kostenpost

ID 3.1

Onderwerp Alternatieve Hosting

Licentiekosten

3.2

Prijsstelling

3.3

Inzet / inhuur

3.4

3.5

Projectuitvoering & Besturing 3.6 3.7 3.8 3.9 Migratie & Implementatie

Opzet Omgeving & Beveiliging

3.10

3.11

3.12

Training & Verandermanagement

3.13

Aannames De target-hosting biedt vergelijkbare diensten als momenteel in AWS gebruikt.

Bij het overstappen naar het alternatieve platform zullen de licentiekosten stijgen met 40% ten opzichte van huidige kosten. Huidige De huidige beheerkosten voor AFIS beheerkosten bedragen EUR 4.583.333,- en worden als dienst geleverd door Capgemini. Verwachte stijging Naar verwachting zal er in jaar 1 een beheerkosten 10% hogere en in jaar 2 een 5% hogere beheerlast zijn als gevolg van de migratie. Transitieduur Voor de transitie wordt uitgegaan van 3 maanden planning en voorbereiding, 3 maanden voor een Proof-of-Concept, 3 maanden implementatie & testen en 3 maanden nazorg. Dit brengt de totale doorlooptijd op 12 maanden. Projectmanagement 1 FTE projectmanager en 3 FTE en -ondersteuning ondersteuning Architectuur 2 FTE architect Contractuele en 1 FTE jurist/inkoper juridische inzet Inhuur Voor migratie en implementatie (inclusief testen) wordt uitgegaan van een extern team van 10 FTE. Integraties Huidige integraties van het systeem zijn onbekend en worden daarmee out of scope verklaard. Inzet In totaal 2 FTE gedurende de looptijd om security, compliance, IAM en benodigde audits en certificeringen (zoals DPIA) in te richten. Beheerderstraining Voor het trainen van de developers op de nieuwe hosting wordt, op basis van expertise, 5% van de totale eenmalige kosten genomen.

VeranderVoor het gehele traject wordt management vanwege de gebruikersimpact van een nieuwe systeem gerekend met 2 FTE voor verandermanagement.

4. Programma Interactie Met de Amsterdammer (PRIMA) aannames Kostenpost

ID 4.1

Onderwerp Het alternatief

Licentiekosten

4.2

Prijsstelling

4.3

Inzet / inhuur

4.4

4.5

Projectuitvoering & Besturing 4.6 4.7 4.8 4.9 Migratie & Implementatie

Opzet Omgeving & Beveiliging

Training & Verandermanagement

4.10

4.11

4.12

Aannames Het alternatief biedt vergelijkbare diensten als momenteel in Salesforce gebruikt.

Bij het overstappen naar het alternatief zullen de licentiekosten ongeveer vergelijkbaar zijn met de huidige kosten. Huidige De huidige beheerkosten voor beheerkosten Salesforce bedragen 368K en worden als dienst geleverd. Verwachte stijging Naar verwachting zal er in jaar 1 een beheerkosten 10% hogere en in jaar 2 een 5% hogere beheerlast zijn als gevolg van de migratie. Transitieduur Voor de transitie wordt uitgegaan van 3 maanden planning en voorbereiding, 3 maanden voor een Proof-of-Concept, 3 maanden implementatie & testen en 3 maanden nazorg. Dit brengt de totale doorlooptijd op 12 maanden. Projectmanagement 1 FTE projectmanager en 3 FTE en -ondersteuning ondersteuning Architectuur 1 FTE architect Contractuele en 1 FTE jurist/inkoper juridische inzet Inhuur Voor migratie en implementatie (inclusief testen) wordt uitgegaan van een extern team van 5 FTE. Integraties Huidige integraties van het systeem zijn onbekend en worden daarmee out of scope verklaard. Inzet In totaal 1 FTE gedurende de looptijd om security, compliance, IAM en benodigde audits en certificeringen (zoals DPIA) in te richten. Beheerderstraining Voor het trainen van de developers op de nieuwe hosting wordt 1% van de totale eenmalige kosten genomen.

5. Systeem Vernieuwing Werk & Inkomen (SVWI) aannames Kostenpost

ID 5.1

Onderwerp Alternatieve Hosting

Het alternatief

5.2

Prijsstelling

5.3

Inzet / inhuur

5.4

5.5

Projectuitvoering & Besturing 5.6 5.7 5.8 Migratie & Implementatie

Opzet Omgeving & Beveiliging Training & Verandermanagement

5.9

5.10

5.11

Aannames De target-hosting biedt vergelijkbare diensten als momenteel in AWS gebruikt.

Bij het overstappen naar het alternatief zullen de hosting/licentiekosten ongeveer vergelijkbaar zijn met de huidige kosten. Huidige De huidige beheerkosten bedragen beheerkosten 1,8 miljoen en worden als dienst geleverd. Verwachte stijging Naar verwachting zal er in jaar 1 een beheerkosten 10% hogere en in jaar 2 een 5% hogere beheerlast zijn als gevolg van de migratie. Transitieduur Voor de transitie wordt uitgegaan van 1 weken planning en voorbereiding, 1 week voor een Proof-of-Concept, 1,5 maand implementatie & testen. Dit brengt de totale doorlooptijd op 2 maanden. Projectmanagement 1 FTE projectmanager en 1 FTE en -ondersteuning ondersteuning Architectuur 0,5 FTE architect Inhuur Voor migratie en implementatie (inclusief testen) wordt uitgegaan van een extern team van 5 FTE. Integraties Huidige integraties van het systeem zijn onbekend en worden daarmee out of scope verklaard. Security status Er zijn geen grote, openstaande security-issues (kritieke kwetsbaarheden) in scope-applicaties. Beheerderstraining Voor het trainen van de developers op de nieuwe hosting wordt 5% van de totale eenmalige kosten genomen.

Bijlage II: Ontvangen documentatie Documentnaam Sourcing en cloudstrategie 2026 - 2030 v0.71

ADW werkplek kosten per gebruiker

Herijking Kernprocessen GMT ibabs

Input DA kosten v0.1

Omschrijving Dit conceptdocument bevat de Sourcing‑ en Cloudstrategie 2026–2030 van de gemeente Amsterdam en biedt een toetsingskader voor waar IT‑functies en data worden gehost, met nadruk op digitale autonomie, weerbaarheid en gezamenlijke inkoop. Kernpunten zijn het streven om uiterlijk 2030 minimaal 30% van clouddiensten in Europese/overheidsclouds onder te brengen, het verschuiven van applicatie‑ naar functiegericht inkopen en het verplicht stellen van exit‑strategieën en open standaarden om vendor lock‑in te voorkomen. De uitvoering vereist nadere uitwerking in meerjarige businesscases, versterkte regie (enterprise architectuur en portfoliomanagement) en samenwerking met landelijke en gemeentelijke partners. Dit document omschrijft de variabele kosten voor de Amsterdamse Digitale Werkomgeving per medewerker. De vaste kosten in de exploitatie en investeringen die met de ADW gepaard gaan, zijn hier buiten beschouwing gelaten. Dit document bevat een tabel met de kernprocessen binnen de gemeente Amsterdam, waarin per programma en proces wordt vastgelegd of het bestaand of nieuw is, de koppeling met programmadoelen en relevante governance‑/wetgevingskenmerken. Per proces staan ook organisatiegegevens (proceseigenaar, directie, cluster) en de status van beheersingsactiviteiten en controles.

Dit document bevat een overzicht van contracten met kerngegevens per raam- of leveringscontract: contractnaam, aanbestedingsreferentie, start- en einddatum, verlengingsopties, contractwaarde, leverancier, contractmanager en functie/omvang van de dienstverlening. Het bevat de belangrijkste ICT‑contracten inclusief actuele statusinformatie zoals looptijden, ramingen en aanbestedingsstatus. Het document dient als bron voor planning van aanbestedingen en budgetcycli (verlengen/aanbesteden).

Bijlage III: Kostenposten buiten scope Kostencategorie

Kosten 2025

Toelichting

Softwaremantel

EUR 30M

Software wordt ingekocht via softwarebroker Protinus. De totale scope aan onderliggende softwarecontracten is momenteel niet inzichtelijk. Daardoor worden enkel de licentiekosten van separaat opgenomen IT-contracten, waarvan de licentiekosten wel inzichtelijk zijn, meegenomen en worden overige softwarelicenties in deze fase buiten scope geplaatst. Circa 125 applicaties worden bij KPN on-premise (soeverein) gehost. Uit een analyse van deze applicaties blijkt slechts één applicatie geleverd te worden door een niet-EER technologieleveranciers die is geclassificeerd als kritisch (BIV 233). In een volgende fase zou dit systeem en systemen geclassificeerd als gemiddeld risico afkomstig van niet-EER leveranciers meegenomen kunnen worden in de scope. Generieke security dienstverlening met gebruik van (gedeeltelijk Amerikaanse) security IT-tools is uitbesteed aan Accenture. De implicaties van A) aanvullend benodigde security dienstverlening als onderdeel van de transitie naar digitaal autonomere alternatieven en B) inzet van security tooling van EER technologieleveranciers, is op basis van de huidige beschikbare informatie nog niet te overzien. Hier zal een volgende fase een verdiepende analyse op moeten plaatsvinden, waarbij de verwachting is dat hier, afhankelijk van het digitale autonomie ambitieniveau, een significante kostenpost op kan ontstaan.

Beheercontract van het netwerk bij ProximusNXT waarbij gebruik wordt gemaakt van de datacenters van Equinix (Amerikaanse datacenter dienstverlener) met ingebouwde Amerikaanse netwerktechnologie (CISCO, Nokia). Er zijn op dit moment nog geen digitaal autonome alternatieven hiervoor denkbaar waardoor dit buiten scope is geplaatst. Idem als hierboven.

KPN Hosting & EUR 12M Technisch Beheer

Generieke Security EUR 2,2M Dienstverlening

Netwerkknooppunt EUR 2,9M NKP

Kantoornetwerk ANET Belastingen

Onbekend Onbekend

Enterprise Service Onbekend Management

Systeem gebaseerd op Amerikaanse Oracle technologie. Buiten scope op dit moment gezien strategische besluitvorming. Voor Enterprise Service Management wordt momenteel gebruik gemaakt van Nederlandse technologieleverancier TopDesk. Een aanbesteding met bredere scope aan functionaliteit wordt volgend jaar in de markt gezet. Om een vergelijking met de huidige situatie te kunnen maken wordt deze aanbesteding (en mogelijke leveranciers voor de gevraagde functionaliteit) nu niet meegenomen. Wel stellen we dat een pakket met bredere IT Service Management functionaliteit dan beschikbaar in het huidige

Technisch tekenen CAD

Bedrijfskritische processen

Rijkscloud

TopDesk aan te bevelen is om beter zicht te hebben in de waarde en risico’s in het huidige IT-landschap. Technologie voor technisch ontwerp/tekenen van Amerikaanse leverancier Bentley. In de markt zijn op dit moment enkel AutoCad en Microstation van Bentley de gangbare oplossingen. Verder onderzoek naar alternatieven zou moeten plaatsvinden om te kijken of hier op termijn digitaal autonome mogelijkheden liggen, met inachtneming van de noodzaak om dit digitaal autonoom in te richten. De bedrijfskritische processen voor de Gemeente Amsterdam zijn inzichtelijk, maar de gekoppelde ITsystemen niet. Daarom is het in deze fase niet mogelijk deze mee te nemen in de financiële analyse. De Gemeente Amsterdam voorziet de inrichting van een ‘Rijkscloud’ als landingsplaats voor afname van haar publieke clouddienstverlening. Op dit moment is de oprichting van een dergelijke Rijkscloud, de daaraan gelieerde kosten en de rol voor de Gemeente Amsterdam hierin nog dermate onzeker dat deze niet is opgenomen in deze fase.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16619734/1