CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Evaluatieonderzoek Burgerberaad schone stad Amsterdam.pdf

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 7 mei 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Bespreken van de raadsinformatiebrief over de evaluatie van het burgerberaad schone stad en de afdoening van de motie 595 van het lid Garmy (VN2025-004780)19.976 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

28

7. IN HOEVERRE HEEFT DEELNEMEN AAN HET BURGERBERAAD BIJGEDRAGEN AAN HET VERGROTEN VAN ZEGGENSCHAP EN EIGENAARSCHAP VAN DE DEELNEMERS? Een onderscheidend kenmerk van burgerberaden, in vergelijking met andere participatievormen, is dat het eigenaarschap bij de deelnemers ligt. Deelnemers staan centraal in het ontwerp en de uitvoering en bepalen niet alleen de inhoud van de adviezen maar geven ook richting aan het proces waarin deze tot stand komen. Om eigenaarschap te onderzoeken maken we gebruik van de theorie van Psychological Ownership. Deze theorie gaat in op het hebben van het gevoel van eigenaarschap over iets, zonder dat je dit formeel echt hoeft te hebben (Pierce & Dirks, 2001). We weten dat wanneer mensen zich inhoudelijk verdiepen in een onderwerp, invloed hebben op de uitkomsten van het proces en van hen een behoorlijke investering (in tijd of geld) wordt gevraagd, dit bijdraagt aan het gevoel van eigenaarschap. Dit noemen we ‘Psychological Ownership’, wat leidt tot meer betrokkenheid bij het onderwerp in kwestie. Binnen dit onderzoek kijken we naar een verandering in kennis en houding als effect van deelname aan het burgerberaad. Het gaat hierbij om de vraag of de betrokkenheid van deelnemers bij het vraagstuk en de stad toeneemt. Dit onderzoeken we aan de hand van de ervaringen van deelnemers.

De factoren die bijdragen aan een gevoel van eigenaarschap zijn goed te herkennen in de opzet van het burgerberaad. Deelnemers investeren een forse hoeveelheid tijd (6 bijeenkomsten) om mee te doen. In het programma was tijd uitgetrokken voor inhoudelijke verdieping in het onderwerp (bijvoorbeeld door presentaties van experts en excursies) en er was toegang tot informatie. Er was ruimte om invloed uit te oefenen op de uitkomsten van het burgerberaad en dat is ook als zodanig ervaren door deelnemers. Het eigenaarschap van het burgerberaad lag volgens de deelnemers meer bij de deelnemers dan bij de gemeente (zie Figuur 8). Het gevoel van eigenaarschap van het burgerberaad heeft geleid tot een iets hogere betrokkenheid bij het vraagstuk (zie Figuur 9). Deelnemers gaven aan dat de invloed die zij kregen, invloed had op binding met het onderwerp en de stad: “Burgers wordt een stem gegeven en dit creëert gevoel voor het

onderwerp en respect voor de stad. Het creëert binding.”

29 Eigenaarschap deelnemers Het burgerberaad is van de gemeente, niet van de deelnemers.

2,7

Het burgerberaad is van de deelnemers.

4,1

1

2

3

4

5

Mee oneens- Beetje mee oneens - Neutraal - Beetje mee eens - Mee eens

Figuur 8: Gevoel van eigenaarschap bij deelnemers na afloop van het burgerberaad, N = 96.

Betrokkenheid vraagstuk 4,2

Ik zet me in om de stad schoon te houden.

4,6

Ik voel me verantwoordelijk voor een schone stad.

4,4 4,6

Ik voel me betrokken bij het vraagstuk rondom een schone stad.

4,5 4,6 1

2

3

4

5

Mee oneens- Beetje mee oneens - Neutraal - Beetje mee eens - Mee eens

Vooraf

Achteraf

Figuur 9. Betrokkenheid van deelnemers bij het vraagstuk vooraf (groen) en achteraf (blauw), (vooraf N = 69, achteraf N = 98).

Conclusie Een kenmerkend aspect van burgerberaden ten opzichte van andere participatievormen is dat het eigenaarschap bij de deelnemers ligt: deelnemers staan centraal en geven sturing aan de inhoud van de adviezen en het proces waarin deze tot stand komen. De factoren die bijdragen aan een gevoel van eigenaarschap zijn goed te herkennen in de opzet van het burgerberaad in Amsterdam. Het eigenaarschap van het burgerberaad lag in de beleving van deelnemers meer bij hen dan bij de gemeente. Deelname aan het burgerberaad heeft geleid tot een hogere betrokkenheid bij het onderwerp van het burgerberaad. Het verschil is slechts minimaal, de betrokkenheid voorafgaand aan het burgerberaad was al hoog. De zeggenschap die de deelnemers kregen, heeft een positief effect gehad op hun eigen rol en bijdrage voor een schone stad.

30

8. IN HOEVERRE ERVOEREN DE DEELNEMERS HUN DEELNAME ALS EEN VERRIJKENDE ERVARING? Een vaak genoemd motief om te participeren is het uitoefenen van invloed. Achteraf weegt ‘procesgeluk’ doorgaans zwaarder in de beoordeling van deelnemers. Deelname aan een burgerberaad vraagt van burgers een forse investering van hun vrije tijd. De meest genoemde redenen om mee te doen vooraf, zijn ‘iets willen doen voor je stad’ en ‘invloed uitoefenen op beleid’. De vraag is of deelnemers, ongeacht de adviezen die zijn geformuleerd, hun deelname aan het burgerberaad als verrijkend hebben ervaren. Deze vraag is beantwoord aan de hand van het totaalbeeld dat naar voren komt uit de evaluatie onder deelnemers na afloop van het burgerberaad. Het evaluatieonderzoek onder deelnemers laat zien dat zij in algemene zin heel positief terugkijken op hun deelname aan het burgerberaad schone stad. Deelnemers gaven een 8 als rapportcijfer voor hun gehele ervaring. Deelnemers vonden het burgerberaad in zijn totaliteit, dus alle onderdelen, goed georganiseerd en verzorgd. Hoewel hun vertrouwen in de opvolging van de adviezen door de gemeente niet is toegenomen, zijn deelnemers na afloop (nog) positiever over het burgerberaad als participatievorm dan vooraf. Deelnemers hebben ervaren dat hun inzet zeer werd gewaardeerd. Deelnemers gaven ook aan het contact met andere bewoners als positief te hebben ervaren.

Deelnemers gaven aan dat de kans zeer groot is dat, wanneer ze hiervoor door de gemeente zouden worden uitgenodigd, ze opnieuw deel zouden nemen aan een burgerberaad. Kortom, de resultaten van dit onderzoek wijzen erop dat deelnemers hun deelname het burgerberaad als een verrijkende ervaring hebben gezien.

31

9. WAT IN HET PROCES HEEFT BIJGEDRAGEN AAN DE ZO BREED MOGELIJK GEDRAGEN ADVIEZEN VAN HET BURGERBERAAD SCHONE STAD? De kracht van een burgerberaad kan zijn dat de deelnemers in verschillende bijeenkomsten niet alleen kennis verwerven, maar ook door intensieve deliberatie met elkaar tot breed gedragen adviezen komen. Gaande het deliberatieproces kunnen de opvattingen van de deelnemers over het voorliggende vraagstuk veranderen of verdiepen. Mogelijk krijgen zij ook meer begrip voor de opvattingen van anderen, om idealiter, met elkaar te komen tot adviezen waarvoor een zo breed mogelijk draagvlak is. Het meerdaagse karakter, met voldoende tijd tussen de bijeenkomsten, is een wezenlijk kenmerk van een burgerberaad dat zou moeten bijdragen aan breed gedragen adviezen. Dat het voor het burgerberaad schone stad ook zo gewerkt heeft blijkt uit de antwoorden die de deelnemers na afloop van het burgerberaad gaven op de enquêtevraag ‘Bent u anders gaan denken over het onderwerp?’ 64 van de 98 deelnemers geven aan dat zij anders zijn gaan denken over het onderwerp, vier deelnemers zijn enigszins anders gaan denken. De overige 30 deelnemers zijn niet anders gaan denken over het onderwerp van het burgerberaad. Hieronder evalueren we welke factoren in het proces van het burgerberaad schone stad hebben bijgedragen aan zo breed mogelijk gedragen adviezen.

De achterliggende vraag hierbij is: wat kun je in het proces doen om te komen tot breed gedragen adviezen? In het proces van het burgerberaad schone stad hebben naar ons idee vijf factoren bijgedragen aan breed gedragen adviezen: 1. Een advies van het burgerberaad heeft twee derde van de uitgebrachte stemmen 2. Eigenaarschap benadrukken/bevestigen 3. Een heldere boodschap van experts 4. Intensieve uitwisseling over en brede toetsing van adviezen 5. Minder adviezen zorgen voor breder gedragen adviezen

Een advies van het burgerberaad heeft twee derde van de uitgebrachte stemmen In de tweede bijeenkomst (23 maart 2024), waar deelnemers verschillende spelregels met elkaar hebben afgesproken, heeft 85 procent van de deelnemers ingestemd om adviezen aan te nemen die twee derde (=67%) van de uitgebrachte stemmen krijgen: ‘bij 2/3 (67%) van de uitgebrachte stemmen vóór nemen we het voorstel aan.’ Deze afspraak heeft bijgedragen aan zo breed mogelijk gedragen adviezen omdat de deelnemers hierdoor vanaf de tweede bijeenkomst wisten dat om een advies waar zij aan werkten aangenomen te krijgen, zij daar een twee derde meerderheid voor moesten verwerven.

32 Dat het formeel stemmen er echt toe doet blijkt uit het verschil tussen het peilend stemmen over de (concept)adviezen aan het einde van de vijfde bijeenkomst en het definitief stemmen in de zesde en laatste bijeenkomst. Bij zowel het peilend stemmen als het definitief stemmen zijn alle adviezen voorgelezen. Bij het peilend stemmen tijdens de vijfde bijeenkomst haalde 9 van de 35 adviezen geen twee derde meerderheid. Bij de definitieve stemming tijdens de zesde en laatste bijeenkomst haalden 15 van de 23 adviezen (tussen de vijfde en zesde bijeenkomst zijn verschillende adviezen samengevoegd tot de uiteindelijk 23 voorgelegde adviezen) een twee derde meerderheid en werden 8 adviezen verworpen. Dus bij het peilend stemmen haalde een kwart van de adviezen geen twee derde meerderheid, terwijl dat bij de definitieve stemming was opgelopen tot ruim een derde van de adviezen. Dit leidt tot de volgende vraag: Wat in het proces heeft eraan bijgedragen dat sommige adviezen twee derde van de uitgebrachte stemmen hebben gekregen? Hieronder zullen wij op deze vraag ingaan.

Eigenaarschap benadrukken/bevestigen In hoofdstuk 5 hebben we de vraag beantwoord “In hoeverre hebben deelnemers aan het burgerberaad schone stad vertrouwen in de opvolging van de adviezen door de gemeente Amsterdam?” Het evaluatieonderzoek laat zien dat deelnemers in algemene zin heel positief terugkijken op hun deelname aan het burgerberaad schone stad. Bovendien laat het onderzoek zien dat ze hebben ervaren dat hun inzet zeer werd gewaardeerd. Tijdens de bijeenkomsten van het burgerberaad schone stad heeft de dagvoorzitter meerdere keren benadrukt dat het burgerberaad en de adviezen van de deelnemers zijn. En er is meermaals gezegd dat de gemeenteraad de, door het burgerberaad uitgewerkte adviezen die twee derde van de uitgebrachte stemmen halen, serieus zal bespreken. Daarmee is niet alleen het eigenaarschap onderstreept maar telkens ook de invloed van de deelnemers van het burgerberaad op het gemeentelijk beleid benadrukt. Maar het is niet alleen maar een proces van eigenaarschap benadrukken en invloed geven, maar ook van eigenaarschap nemen en invloed verwerven. Een aantal deelnemers van het burgerberaad schone stad wilden ook echt invloed krijgen op het gemeentelijk afvalbeleid.

Een heldere boodschap van experts Een voor alle deelnemers van het burgerberaad te begrijpen (heldere) boodschap van een expert, die aansluit op de belevingswereld van de deelnemers, draagt bij aan een breed gedragen advies. Zo vertelden de mannen van stadreiniging, staand voor hun vuilniswagen tijdens de tweede bijeenkomst (23 maart 2024), aan de deelnemers dat de afschaffing van ‘het treintje’ de reden was voor de grote hoeveelheid (zwerf)afval op straat. Hun boodschap was duidelijk: voer het treintje weer in, want daarmee voorkom je veel zwerfafval. Dat die boodschap overtuigend en voor iedereen te volgen is, blijkt uit het feit dat die letterlijk terugkomt in het met 85 procent van de uitgebrachte stemmen aangenomen advies 1.1: ‘Stadsreiniging intensiveren: herintroductie van het ‘treintje’. De keerzijde hiervan is dat experts die hun boodschap in een makkelijk te verteren boodschap weten te verwoorden, een grotere kans hebben meer invloed te hebben op en bijdragen te leveren aan een advies, dan experts die een ingewikkelde, heel genuanceerde boodschap hebben, die deelnemers veel minder goed kunnen begrijpen/verteren/onthouden. Zo gaf de Utrechtse hoogleraar energiebronnen en Nobelprijswinnaar tijdens de tweede bijeenkomst een prachtige presentatie met als titel ‘Meer dan recycling. Circulair!’. Maar uit zijn genuanceerde toelichting was het voor de

33 deelnemers niet zo gemakkelijk een eenduidige heldere boodschap uit af te leiden. Zijn boodschap komt dan ook niet herkenbaar terug in een van de 15 (door het burgerberaad schone stad) aangenomen adviezen. Dit wijst op het belang om bij het briefen van de experts te benadrukken dat zij een duidelijk voor de deelnemers aan het burgerberaad te begrijpen boodschap moeten overbrengen. Hierbij is het wel van belang de experts mee te geven dat deze boodschap niet te talig moet zijn en dat zij deelnemers niet te veel mogen sturen.

Intensieve uitwisseling over en brede toetsing van de adviezen Zowel de intensieve uitwisseling tussen deelnemers – wanneer zij werken aan de (concept)adviezen – als de brede toetsing van de (concept)adviezen, draagt bij aan breed gedragen adviezen. In de laatste vier bijeenkomsten werkten deelnemers van het burgerberaad in kleine groepen aan het formuleren van (concept)adviezen. Bij het formuleren van de (concept)adviezen gingen deelnemers met elkaar in gesprek over wat zij bij een specifiek advies belangrijk vonden. Deze gesprekken zorgden voor verwoording van de adviezen waar meerdere deelnemers zich in konden vinden. In bijeenkomsten vier en vijf waren er ook verkenners aanwezig. Zij gingen op zoek naar dubbelingen, tegenstrijdigheden en rode draden in de (concept)adviezen voor een uiteindelijke herformulering en verwoording van de adviezen waar een meerderheid van de deelnemers zich in kon vinden. Daarnaast droeg brede toetsing van de (concept)adviezen in de vorm van peilend stemmen en feedback geven op de formulering van de adviezen, bij aan breed gedragen adviezen. Naast peilend stemmen waren er ook werkvormen die bredere toetsing van (concept)adviezen faciliteerden. Zo was de roddelronde tijdens de laatste bijeenkomst (15 juli 2024) bedoeld om de voorliggende (concept)adviezen verder aan te scherpen.

Een van de deelnemers vertelde dat deze roddelronde goed werkte om het door haar geschreven advies te toetsen bij een telkens wisselende groep deelnemers.

Minder adviezen zorgen voor breder gedragen adviezen Aan het begin van de vijfde bijeenkomst waren er 35 adviezen. De deelnemers constateerden dat er veel overlap was tussen de verschillende adviezen. Een groep deelnemers nam het op zich om de adviezen die inhoudelijk overlapten, samen te voegen. Dit zorgde ervoor dat er aan het einde van de zesde bijeenkomst nog maar 23 adviezen ter stemming voorlagen. Het samenvoegen van de inhoudelijk overlappende adviezen zorgde ervoor dat de deelnemers zich meer in de adviezen herkenden waardoor zij ook breder gedragen werden. Keerzijde hiervan is wel dat deze adviezen voor de gemeente lastiger te beoordelen c.q. op te volgen zijn, door hun meerledige karakter.

Tot slot een kritische noot In het beleidskader burgerberaden (juni 2023) staat dat ‘Een burgerberaad laat zien, hoe je vanuit diverse perspectieven, met voldoende informatie en in dialoog tot breed gedragen besluiten kan komen. Inwoners hebben vaak andere ervaringen en kennis dan de politiek. Door het organiseren van een burgerberaad wordt deze kennis en ervaring in de vorm van aanbevelingen zichtbaar voor de politiek.’ (p. 7) Bovenstaand is beschreven welke vijf factoren in het proces van het burgerberaad schone stad hebben bijgedragen om te komen tot deze breed gedragen adviezen. Als het streven naar breed gedragen adviezen te veel de overhand krijgt, is het wel goed om stil te staan bij het ongewenste effect van dit streven op het vernieuwende karakter van het democratische instrument “burgerberaden”. Want het streven naar breed gedragen adviezen, op basis van twee-derde van de uitgebrachte stemmen, zonder

34 diepgaande deliberatie, stimuleert eenzelfde dynamiek als waarop de representatieve democratie is gebaseerd. Namelijk het streven naar compromissen. Dat streven kan het vernieuwende karakter van een burgerberaad ondergraven. Waardoor de politiek geen nieuw perspectief krijgt op de schone stad. Nieuwe perspectieven zijn immers niet altijd breed gedragen.

35

10. IN HOEVERRE HEEFT DE GEKOZEN ROLVERDELING BIJGEDRAGEN AAN DE BEOOGDE WERKING VAN HET BURGERBERAAD? In het beleidskader burgerberaden (juni 2023) is de rolverdeling voorafgaand, tijdens en na afloop van het burgerberaad schone stad beschreven (p.13-17). Nu na het burgerberaad kan gesteld worden dat de gemeenteraad, het college en de wethouder(s) hun rol bij het burgerberaad schone stad overeenkomstig het beleidskader burgerberaden hebben ingevuld. De gemeenteraad heeft op 29 november 2023 de startnotitie burgerberaad schone stad (oktober 2023) met daarin de opdracht en de vraagstelling voor het burgerberaad schone stad besproken en vastgesteld (Raadsbesluitnr. 2023-208). De stuurgroep heeft overeenkomstig het beleidskader burgerberaden, de startnotitie burgerberaad schone stad (oktober 2023) opgesteld. Tijdens het burgerberaad schone stad hebben raads- en collegeleden, conform het beleidskader burgerberaden, afstand gehouden van het burgerberaad. Wel was er een klankbordgroep van raadsleden die is geconsulteerd over de vraagstelling en verder op de hoogte is gehouden gedurende het proces. Met uitzondering van de wethouder Democratisering en de wethouder Afval en Reiniging, waren geen raads- of collegeleden aanwezig bij de zes bijeenkomsten van het burgerberaad schone stad.

De wethouder Democratisering was tijdens de eerste bijeenkomst op 4 maart 2024 aanwezig, en de wethouder Afval en Reiniging was aanwezig aan het einde van de laatste bijeenkomst op 15 juli 2024. Ook enkele andere raadsleden uit de klankbordgroep waren bij deze laatste bijeenkomst aanwezig. Raads- en collegeleden hebben zich na het raadsbesluit van 29 november 2023 ook niet gemengd in de vormgeving of organisatie van het burgerberaad. Het eindrapport burgerberaad schone stad, met de 15 adviezen is op 9 september 2024 aan de gemeenteraad aangeboden. Op basis van (aangenomen) adviezen door het burgerberaad schone stad is door de stuurgroep een preadvies geschreven. Bij elk door het burgerberaad aangenomen advies is aangegeven of het advies (direct) uitgevoerd zal worden of eerst onderzocht moet worden. De adviezen van het burgerberaad en het preadvies zijn op 24 oktober 2024 in de raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie besproken. Op basis daarvan is het preadvies aangepast en de gemeenteraad heeft op 14 november 2024 de adviezen van het burgerberaad aangenomen. Kortom, de gemeenteraad, het college en de wethouders hebben voorafgaand aan, tijdens en na afloop van het burgerberaad schone stad hun rol overeenkomstig het beleidskader burgerberaden (juni 2023) ingevuld.

De rollen van de andere bij het burgerberaad schone stad betrokken partijen zijn niet of summier beschreven in het beleidskader burgerberaden (juni 2023). Omdat die andere partijen een substantiële bijgedragen hebben geleverd aan de beoogde werking van het burgerberaad schone stad bespreken we hieronder hun rol.

36 Voorafgaand aan (de feitelijke uitvoering van) het burgerberaad schone stad is veel voorbereidend werk verricht door de toenmalige projectleider burgerberaad die deel uitmaakte van het gemeentelijke project burgerberaad schone stad (toen het nog burgerberaad afval genoemd werd). Dit intern voorbereidingswerk, management en medewerkers van directies voorbereiden op de (mogelijke) komst van adviezen van het burgerberaad, is belangrijk voor de acceptatie van de adviezen van het burgerberaad schone stad (Escobar, 2024). Ook het hoofd stedelijk team participatie heeft op een meer strategisch niveau een rol gespeeld bij het rijp maken van de geesten voor de komst van het burgerberaad schone stad en de daaruit voortkomende adviezen. Escobar (2024) benadrukt het belang van de rol en acties van deze ‘impact brokers’. Ook tijdens het burgerberaad schone stad vervulde de (nieuwe) projectleider burgerberaad schone stad deze rol van ‘impact broker’, door regelmatig te overleggen met de verschillende klankbordgroepen en met de hieronder besproken toetsingscommissie.

Tijdens het burgerberaad schone stad deed het externe bureau de onafhankelijke procesbegeleiding, in de vorm van de dagvoorzitter, de verslaglegging en gespreksbegeleiding. Een groep ambtenaren van de gemeente Amsterdam vervulde samen met de gespreksbegeleiders van het bureau eveneens de rol van onafhankelijke gespreksbegeleiders tijdens het burgerberaad. Daarnaast vervulden ambtenaren van de gemeente Amsterdam de rol van expert tijdens de eerste drie bijeenkomsten van het burgerberaad schone stad. Anders dan in het beleidskader burgerberaden beschreven staat, is er door de gemeente een toetsingscommissie ingesteld die als taak had om de conceptadviezen, die het burgerberaad in de vierde bijeenkomst gemaakt heeft, te toetsen op praktische uitvoerbaarheid, juridische en financiële haalbaarheid en gevolgen. De toetsingscommissie was samengesteld uit interne (uit de gemeente Amsterdam afkomstige) en externe experts op juridisch en financieel gebied en gebied van uitvoering. De projectleider verwachtte dat de drie subcommissies op basis van hun expertise en professionaliteit, praktische en coachende adviezen voor de deelnemers van het burgerberaad zouden formuleren, op basis waarvan de deelnemers van het burgerberaad in de vijfde bijeenkomst praktisch, juridisch en financieel haalbare adviezen konden formuleren.

Alleen de juridische haalbaarheid van de adviezen werden praktisch en coachend geformuleerd, zodat de deelnemers van het burgerberaad hun adviezen daarop konden aanpassen. Omdat de feedback te vaag of te formalistisch werd bevonden, bood de feedback op de andere twee haalbaarheidsaspecten de deelnemers onvoldoende houvast om te kunnen verwerken in hun uiteindelijke formulering van de adviezen. Deze ervaring met de rol van de toetsingscommissie bij het burgerberaad schone stad wijst erop dat de positionering, rolinvulling en verwachting van zo’n toetsingscommissie verdere explicitering behoeft om bij te dragen aan de beoogde werking van het burgerberaad. In het beleidskader staat ook nog een regiegroep genoemd. Deze groep, bestaande uit deelnemers van het burgerberaad aangevuld door twee of drie buitenstaanders met verstand van burgerberaden, dient ertoe toezicht te houden op het eerlijke en onafhankelijke verloop van het beraad. Deze rol is bij het burgerberaad schone stad niet ingevuld. In het uiteindelijke ontwerp van het burgerberaad schone stad is ervoor gekozen om geen regiegroep met deelnemers in te richten, zodat de gelijkwaardigheid tussen de deelnemers behouden bleef (en niet bepaalde deelnemers meer macht kregen dan anderen). De rol van deze regiegroep is uiteindelijk deels ingevuld door de onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam, deels door de onafhankelijke

37 adviseur in het projectteam en deels door de vertrouwenspersoon. De onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam gaven een onafhankelijke blik op en -analyse van het procesverloop. De deelnemers konden met hun directe wensen bij elke bijeenkomst terecht bij de onafhankelijke procesbegeleider of de vertrouwenspersoon. De gemeenteraad heeft op 14 november 2024 besloten dat de gemeente de voorgestelde adviezen zal uitvoeren of nader zal onderzoeken voorafgaand aan uitvoering. In deze uitvoeringsfase zijn twee rollen van groot belang. Ten eerste de rol van de liaison: degene die de rol van de huidige projectleider burgerberaad schone stad gaat overnemen. Deze moet er samen met de ambtelijk opdrachtgever voor zorgen dat de verschillende afdelingen van de gemeente de aangenomen adviezen ook daadwerkelijk gaan uitvoeren, of onderzoeken. Ten tweede, de monitor- en klankbordgroep (MKG), bestaande uit 25 deelnemers uit het burgerberaad schone stad, die regelmatig met de liaison van de gemeente de voortgang van de uitvoering en onderzoek van de adviezen zal monitoren.

38

11. WAT ZIJN DE WERKZAME ELEMENTEN IN HET PROCES VAN HET BURGERBERAAD? Een burgerberaad bestaat uit een verzameling van kleine en grote keuzes. Elk van deze keuzes en de uitwerking hiervan heeft invloed op werking van het burgerberaad en draagt bij aan verschillende mogelijke doelen van het burgerberaad. Voor het beantwoorden van deze vraag beperken wij ons tot de 14 uitgangspunten die de gemeente Amsterdam heeft opgesteld in haar beleidskader burgerberaden (juni 2023). 1. Bepaal vooraf of het de juiste participatievorm is 2. Zet een burgerberaad in voor het creëren van politieke daadkracht voor ideeën en oplossingen vanuit de samenleving 3. Kies een maatschappelijk urgent vraagstuk 4. Het burgerberaad is van de deelnemers 5. Geef een duidelijke opdracht 6. Adviezen van het burgerberaad worden overgenomen door college en raad, als ze financieel, juridisch en praktisch uitvoerbaar zijn 7. Werk met een gewogen loting 8. Neem drempels voor deelname weg 9. Zorg voor gelijkwaardig overleg 10. Zorg voor goede informatie en wees transparant 11. Vertrouw inwoners 12. Betrek ook de rest van de samenleving 13. Neem de tijd 14. Doe het vaker We bespreken deze 14 uitgangspunten hieronder in een drietal clusters (inzet; opzet & proces en verspreiding) om te beoordelen hoe deze zijn uitgewerkt bij het burgerberaad schone stad.

Vervolgens bespreken we hun werking ten opzichte van de geformuleerde doelen van het burgerberaad.

Uitgangspunten over de inzet van een burgerberaad De uitgangspunten 1, 2, 3, 5, 6 en 11 gaan over de inzet van een burgerberaad: het doel, de gekozen opdracht en vraag aan het burgerberaad en het mandaat en vertrouwen dat zij daarvoor krijgt. In het geval van het burgerberaad schone stad zijn deze keuzes grotendeels toegelicht in de startnotitie burgerberaad schone stad (oktober 2023). Amsterdammers geven de schoonbeleving steevast een laag cijfer. Dat maakt van het afvalvraagstuk een urgent probleem (3). De interesse vanuit de stad werd bevestigd door het aantal aanmeldingen voor het burgerberaad. De gemeentelijke politiek heeft het vraagstuk meermaals besproken zonder toereikende oplossingen te vinden, en de behoefte aan oplossingen uit de maatschappij is daardoor begrijpelijk (2). De raad en het college hebben haar vertrouwen in het burgerberaad toegezegd (11) en haar bereidheid om adviezen over te nemen (6) mits deze haalbaar zijn op basis van kaders (6) die door de dagvoorzitter zijn gedeeld met het burgerberaad. De keuze voor een burgerberaad (1) is daarom te begrijpen. Bij de keuze voor het burgerberaad schone stad zijn de uitgangspunten voor de inzet van een burgerberaad grotendeels toegepast.

39 Bij de keuze voor dit urgente maatschappelijk vraagstuk (3) zijn ook kanttekeningen te plaatsen. Het afvalvraagstuk en de afvalaanpak in Amsterdam zijn complex. Is het realistisch om van een groep deelnemers adviezen te verwachten die iets toevoegen ten opzichte van de huidige aanpak, in de beschikbare tijd? En was de opdracht (5) duidelijk? De wethouder Democratisering spoorde de deelnemers bij de eerste bijeenkomst op 4 maart 2024 aan om te komen met concrete oplossingen zonder dat de deelnemers wisten wat het beschikbare budget voor het uitvoeren van die concrete oplossingen was. Intern heeft de gemeente Amsterdam de afspraak gemaakt dat de directies die de adviezen van het burgerberaad schone stad uitvoeren het budget daarvoor uit hun eigen begroting halen of anders met een voorstel komen. Het achterliggend idee hierbij is dat de adviezen worden opgepakt door de directie die daar het beste bij past en om de adviezen te zien als onderdeel van je (uitvoering) beleid en dus onderdeel van je begroting. Daarnaast is een miljoen euro beschikbaar gemaakt (voor komende twee jaar) om (kleine) adviezen waar zo snel nog geen budget voor is toch te kunnen starten.

Uitgangspunten over de opzet en het proces van het burgerberaad De uitgangspunten 4, 7, 8, 9, 10 en 13 gaan over de opzet en het proces van het burgerberaad: de selectie van deelnemers en de manier waarop zij komen tot adviezen. In hoofdstuk 4 is uiteengezet in hoeverre loting (7) en het wegnemen van drempels (8) hebben geleid tot een diverse groep deelnemers, wat een belangrijke meerwaarde is van burgerberaden ten opzichte van andere participatie-instrumenten. Om gelijkwaardig overleg te bevorderen (9) vervulde een bureau de rol van onafhankelijk dagvoorzitter. Ook werden verschillende werkvormen gekozen om inclusie te vergroten. In Hoofdstuk 6 beschreven we dat dit niet leidde tot volledige gelijkwaardigheid: minder talige deelnemers bleken in het nadeel. Er is veel aandacht besteed aan het informeren van deelnemers over de inhoud en het proces van het burgerberaad (10). Inhoudelijk, door middel van presentaties van experts en excursies naar relevante initiatieven en projecten en procesmatig door het toelichten en herhalen (in elke bijeenkomst) van de aanpak door de dagvoorzitter. Informatie over beide was tevens online beschikbaar op een digitaal platform voor deelnemers. Het mede-eigenaarschap van deelnemers (4) betekent ook een bepaalde mate van autonomie ten opzichte van politieke voorkeuren of gevestigde belangen. De adviezen komen van ‘de normale Amsterdammer’.

Mede-eigenaarschap van deelnemers komt volgens het beleidskader onder andere tot uiting in de keuze van experts. De werkvorm waarmee de deelnemers thema’s en experts konden voorstellen was te complex om bij te dragen aan mede-eigenaarschap van de deelnemers. Daarbij kwam dat experts om praktische redenen al grotendeel vooraf waren uitgenodigd. Ten slotte het uitgangsput 13: neem de tijd. Het beleidskader gaat uit van 40 uur, 5 volle dagen van 8 uur, verspreid over vier tot zes maanden. In de literatuur wordt 40 uur nodig geacht voor dialoog tussen deelnemers. Het burgerberaad schone stad had drie avondbijeenkomsten van 3 uur en drie zaterdagen van (in principe) 5 uur; een totaal van 24 uur (exclusief inloop en eventueel voorbereiding buiten de bijeenkomsten). Daarvan was 10,5 uur voor het voeren van een dialoog in groepen. Gezien de complexiteit van het onderwerp is het de vraag of de deelnemers genoeg tijd hebben gehad om aan de opdracht te kunnen voldoen. Meer tijd voor niet-talige werkvormen was de deliberatie zeker ten goede gekomen. Maar meer tijd met alleen talige werkvormen was voor veel deelnemers te veel van het goede geweest. Als de tijd beperkt is, bijvoorbeeld door

40 beschikbare tijd van deelnemers, is het raadzaam om een vraagstelling of aanpak te kiezen die hier beter bij past.

Uitgangspunten over verdere verspreiding De uitgangspunten 12 en 14 gaan over verdere verspreiding van het instrument burgerberaden. Escobar (2024) benadrukt het belang van het actief betrekken van een maxi-publiek; een grotere groep inwoners die actief meedenkt over de (concept)adviezen, daar ook invloed op uit kan oefenen en daaraan bij kan dragen. Dat gaat dus veel verder dan het alleen informeren van Amsterdammers over het proces tijdens het burgerberaad en de uitkomsten na afloop van het burgerberaad schone stad. Wagenaar en Hendriks (2023) bepleiten de combinatie van een burgerberaad met een referendum. Het college is voornemens om vaker een burgerberaad te organiseren. Daar kunnen de lessen die zijn opgedaan bij het burgerberaad schone stad, zeker aan bijdragen.

Conclusie Pas na uitvoering van de adviezen van het burgerberaad kunnen we alle uitgangspunten compleet evalueren. Op dit moment kunnen we constateren dat de uitgangspunten voor de inzet van het burgerberaad schone stad verdere aanscherping behoeven. Bij een volgend burgerberaad is het raadzaam om doel, mandaat, budget, vraagstelling en instrument beter in verhouding te brengen: kies bewust voor een haalbaar doel en pas daarop de vraag, het mandaat en budget voor uitvoering van de adviezen aan. Of, kies het instrument op basis van een gedegen analyse van het vraagstuk, in plaats van andersom. Drie van de zes uitgangspunten over de opzet en het proces zijn tijdens het burgerberaad schone stad niet (volledig) gerealiseerd. De meeste experts werden niet door de deelnemers van het burgerberaad gekozen (4 - het burgerberaad is van de deelnemers 4). De minder talige deelnemers van het burgerberaad schone stad waren in het nadeel ten opzichte van de talige deelnemers (9 - zorg voor gelijkwaardig overleg). Het burgerberaad schone stad duurde maar 24 uur in plaats van de voorgestelde 40 uur in het beleidskader (13 - neem de tijd). Eén van de twee uitgangpunten over de verdere verspreiding is tijdens het burgerberaad schone stad niet gerealiseerd.

Er is bewust gekozen om alleen de geïnteresseerde Amsterdammers te informeren over het burgerberaad schone stad en niet te werken met een maxi-publiek (12 – betrek de rest van de samenleving).

Werkzame elementen voor het gekozen doel In hoeverre de 14 losse uitgangspunten uit het beleidskader burgerberaden (juni 2023) ook werkzame elementen zijn voor een burgerberaad hangt af van het gekozen doel van een burgerberaad. Doelen staan soms op gespannen voet met elkaar, zoals medeeigenaarschap van deelnemers dat beleidsdoorwerking kan stimuleren maar sociale doorwerking kan belemmeren. Zullen bewoners(groepen) die betrokken zijn bij het afvalvraagstuk in de stad maar geen invloed hadden op de keuzes van het burgerberaad de adviezen willen uitvoeren? Een burgerberaad organiseren om ideeën en oplossing uit de samenleving te krijgen waar nog geen politieke daadkracht voor is (2), betekent ruimte geven aan vernieuwing. In het burgerberaad schone stad zijn deelnemers uitgebreid geïnformeerd over de status quo: van de inleidende presentatie door het afdelingshoofd van Afval en Grondstoffen tot presentaties van andere experts en excursies. Gezien de behoefte aan vernieuwende ideeën is het raadzaam om meer informatie aan te bieden van ‘buiten’

41 deze status quo: successen in andere steden, inspirerende praktijken, innovatieve toepassingen, etc. Als vernieuwing het doel van het burgerberaad is zijn werkvormen gericht op inspiratie en ideeëngeneratie passender dan streven naar consensus en twee-derde meerderheden halen met stemmen. Bij de inzet van een burgerberaad is het raadzaam om het doel, het vraagstuk, de participatievorm en het gekozen mandaat en budget beter in balans te brengen: de vraag naar concrete (en vernieuwende) oplossingen is ambitieus, gezien het brede vraagstuk en de beperkte tijd.

42

12. WAT ZIJN DE BELANGRIJKSTE INZICHTEN OVER DE VERBINDING TUSSEN MINI- EN MAXI-PUBLIEK BIJ HET BURGERBERAAD SCHONE STAD? De gemeente Amsterdam heeft bij de organisatie van het burgerberaad schone stad ervoor gekozen om geen actieve verbinding te leggen met het maxi-publiek. In dit hoofdstuk wordt deze keuze en de consequenties hiervan verder toegelicht.

Wat is de verbinding tussen mini- en maxi-publiek en waarom is het belangrijk? Mini-publiek: Dit is de groep mensen die geselecteerd is om deel te nemen aan het burgerberaad. Deze groep is vaak representatief voor de diversiteit van de samenleving en wordt zorgvuldig samengesteld om verschillende perspectieven en achtergronden samen te brengen. Maxi-publiek: Dit zijn alle andere burgers die niet direct deelnemen aan het beraad, maar die wel te maken hebben met de uitkomsten en beslissingen die uit het beraad voortkomen. Voor een succesvol burgerberaad is de verbinding tussen het mini- en maxi-publiek essentieel. Deze verbinding zorgt ervoor dat de besluitvorming in het beraad niet losstaat van de bredere maatschappelijke context, maar dat de inzichten en adviezen van het mini-publiek worden geaccepteerd en begrepen door het maxi-publiek (Van der Does & Jacquet, 2020; Pow, 2023; Itten & Mouter, 2022; VNG & BZK, 2024). Een burgerberaad ontleent mede haar legitimiteit aan de verbinding met de rest van de samenleving (Lafont, 2015). Een verbinding tussen deze twee groepen betekent dat het maxi-publiek actief geïnformeerd wordt over wat er gebeurt binnen het burgerberaad, waarom bepaalde discussies worden gevoerd, en hoe beslissingen tot stand komen.

Ook kan het maxipubliek een belangrijke rol spelen in het succes van het burgerberaad door invloed uit te oefenen op de deliberaties binnen het mini-publiek. De interactie tussen het minipubliek en het maxi-publiek kan de deliberaties verrijken, het perspectief van het minipubliek verbreden en de legitimiteit van het hele proces vergroten.

Wat levert een goede verbinding op? Uit de literatuur komen grofweg vijf opbrengsten naar voren van een goede verbinding tussen mini- en maxi-publiek: 1. Meer maatschappelijke acceptatie van de uitkomsten: Als het maxi-publiek tijdens het hele proces op de hoogte is van het proces en betrokken is op de inhoud, zal er minder weerstand zijn tegen de uitkomsten van het beraad. Het mini-publiek kan soms tot adviezen komen die politiek of maatschappelijk gevoelig liggen. Als het maxi-publiek het proces begrijpt en zich gehoord voelt, zal de uiteindelijke aanbeveling makkelijker geaccepteerd worden. Voorbeeld: bij het Ierse burgerberaad over abortus werd door de communicatie en betrokkenheid van het

43

2.

3.

4.

5.

maxi-publiek het draagvlak voor de uiteindelijke wetswijziging vergroot (Boulianne, 2018; Ingham & Levin, 2018; Pow, van Dijk & Marien, 2020). Versterking van de democratie: Een sterkere verbinding waarbij het maxi-publiek input kan leveren zorgt ervoor dat de democratische waarde van het beraad toeneemt. Het maxi-publiek voelt zich meer betrokken bij het besluitvormingsproces, wat leidt tot een sterkere band tussen burger en overheid. Feedback uit de samenleving (van maxi naar mini) kan daarnaast zowel direct als indirect de kwaliteit van de deliberaties verbeteren en daarmee de uitkomsten verrijken. Het maxipubliek kan waardevolle informatie, ervaringen en perspectieven aanleveren die anders over het hoofd worden gezien en hiermee worden de deelnemers gedwongen verder te kijken dan hun eigen ideeën. Dit kan het vertrouwen in het instrument burgerberaad, de politiek en in participatieve democratische processen vergroten (Boulianne, 2018). Grotere legitimiteit van de uitkomsten: Als het maxi-publiek door middel van adequate informatievoorziening goed op de hoogte is van de werkwijze en de argumenten die in het mini-publiek besproken worden, zal men de uiteindelijke beslissingen als meer legitiem beschouwen. Transparantie in het proces draagt bij aan het gevoel dat de uitkomsten rechtvaardig en goed doordacht zijn.

Als het maxipubliek daarnaast input kan leveren en voelt dat hun mening wordt meegenomen, geeft dit extra legitimiteit aan het proces. Door het maxi-publiek inzicht te geven in het proces voelen deelnemers in het mini-publiek zich meer verbonden met de stad en voelen daarmee ook meer verantwoordelijkheid om hun adviezen te baseren op brede maatschappelijke belangen, en niet alleen op hun eigen ervaring of voorkeuren (Pow, van Dijk & Marien, 2020; Escobar & Elstub, 2017a). Grotere kans op implementatie van adviezen: Wanneer de bredere samenleving op de hoogte is van de uitkomsten en deze ondersteunt, is de kans groter dat politieke besluitvormers de adviezen van het beraad daadwerkelijk overnemen. Het draagvlak in de samenleving fungeert als een aanmoediging voor politici om de aanbevelingen te implementeren (Escobar & Elstub, 2017b). Verhogen van kennis en begrip van complexe kwesties: Het maxi-publiek kan tijdens het proces meer leren over complexe onderwerpen waar het beraad over gaat (Mar & Gastil, 2023). Door deze bredere educatie kan het maatschappelijke debat over deze thema’s ook verdiepen en worden mensen meegenomen in het vraagstuk, wat de acceptatie van de uitkomsten vergroot. Daarnaast kan - door het op gang brengen van het maatschappelijke debat - de samenleving meedenken met het burgerberaad, wat de democratische waarde ervan kan versterken (zie punt 2).

Kortom, een goede verbinding tussen het mini- en maxi-publiek zorgt voor bredere acceptatie, versterkt de democratische betrokkenheid en draagt bij aan een duurzamer en effectiever besluitvormingsproces. Dit komt zowel de beleidsmakers als de samenleving ten goede. Echter, in de praktijk blijkt het betrekken van het maxi-publiek bij burgerberaden toch ook dilemma’s op te roepen. Het belang van een transparant en open proces staat soms op gespannen voet met het creëren van een vertrouwelijke en veilige setting; een setting waarin de deelnemers van het burgerberaad zich vrij voelen om te delibereren (VNG & BZK, 2024). Daarnaast kan het zijn dat door een open, ongefilterde connectie met het maxi-publiek de adviezen van een burgerberaad ondermijndt worden door lobbyisten (Geib, 2021). Tot slot bestaan er vaak praktische bezwaren; de organisatie van een burgerberaad kost veel capaciteit, en veel gemeenten hebben nog niet eerder een burgerberaad georganiseerd.

44 Voorbeelden van verbinding tussen mini- en maxi-publiek Burgerberaad over klimaatbeleid in Duitsland (2021): Tijdens dit beraad werd het maxipubliek actief betrokken door middel van online fora en burgerbijeenkomsten waar mensen suggesties en zorgen konden uiten. Dit zorgde er o.a. voor dat het mini-publiek belangrijke zorgen oppikte die anders misschien niet voldoende aandacht hadden gekregen. Zo werd er meer nadruk gelegd op de sociale ongelijkheid die kan voortkomen uit klimaatmaatregelen, zoals de impact van hogere energieprijzen op lage inkomens. Klimaatberaad in Frankrijk (2020): Het burgerberaad over klimaatbeleid in Frankrijk betrok het maxi-publiek door middel van mediacampagnes en debatten in lokale gemeenschappen. Hierdoor werd de samenleving als geheel bewust van de problematiek en voelde men zich meer betrokken bij de voorgestelde maatregelen, zoals de invoering van een CO2-belasting. Iers burgerberaad over het homohuwelijk (2015): In dit beraad werd de bredere samenleving actief geïnformeerd over de discussies en resultaten. Hierdoor groeide de maatschappelijke steun voor de uiteindelijke grondwetswijziging om het homohuwelijk te legaliseren, wat leidde tot een succesvol landelijk referendum.

Burgerberaad Klimaat Rotterdam (2024): Tijdens het Rotterdamse burgerberaad in 2024 werd het maxi-publiek onder andere betrokken door zomergesprekken en een online peiling. Hiermee gingen de deelnemers van het burgerberaad in gesprek met het maxi-publiek en werd input opgehaald vanuit het maxipubliek om de adviezen te versterken en te verbreden.

Verbinding mini-maxipubliek burgerberaad schone stad Amsterdam Waarom dit burgerberaad? Om de keuzes in de verbinding tussen het mini- en het maxi-publiek in perspectief te plaatsen en te relateren aan de doelen van het burgerberaad schone stad, werd in de interviews naar de ambities van het burgerberaad gevraagd. In de interviews werden door organisatoren van het burgerberaad schone stad meerdere redenen gegeven voor het ontstaan van het burgerberaad schone stad. Ten eerste past het bij de wens van de gemeente Amsterdam om de stad te democratiseren en inwoners meer zeggenschap en invloed te geven. Amsterdam hoopt hiermee bij te kunnen dragen aan het versterken van het vertrouwen tussen burger en overheid. Ten tweede is het burgerberaad schone stad een middel om input op te halen uit de stad om de afvalproblemen in Amsterdam te verminderen. Tot slot behoort dit burgerberaad tot een van de drie burgerberaden die georganiseerd worden volgens het coalitieakkoord. Houding ten opzichte van verbinding mini-maxi publiek Uit de gesprekken komt naar voren dat er binnen de organisatie van het burgerberaad schone stad verschillende zienswijzen bestaan over de verbinding tussen het mini- en het maxipubliek.

Zo geven betrokkenen aan de verbinding tussen het mini- en het maxipubliek belangrijk te vinden en door te communiceren over het burgerberaad transparantie te willen bieden over het proces van het burgerberaad. Ook geven ze aan te verwachten dat een verbinding met het maxi-publiek tot meer gedragen adviezen leidt en dat een sterke verbinding bij kan dragen aan de opvolging. Tegelijkertijd bestaan er twijfels over het betrekken van het maxi-publiek en lijkt de verbinding met het maxipubliek in de praktijk geen hoge prioriteit te hebben – ondanks dat men de waarde ervan wel erkent.

45 De belangrijkste redenen om bij het burgerberaad schone stad het maxi-publiek niet actief te betrekken: • Zorgen over het faciliteren van een ‘’schaduwberaad’’; het gesprek moet volgens betrokkenen met name plaatsvinden in het burgerberaad (mini-publiek) en niet in de hele stad (maxi-publiek). • De wens de deelnemers aan het burgerberaad af te schermen van invloeden van buitenaf en o.a. te voorkomen dat deelnemers overvoerd worden met informatie en invloed van buiten het burgerberaad. • De zorg dat de ‘usual suspects’ het burgerberaad zouden gaan overnemen. • Het idee dat er ook een handelingsperspectief geboden moet worden aan het maxipubliek wanneer zij betrokken worden bij het burgerberaad en dat deze onvoldoende duidelijk was. • Het praktische bezwaar dat het burgerberaad schone stad om veel organisatie vraagt omdat het de eerste keer is en dat er onvoldoende tijd, middelen en capaciteit aanwezig waren om het maxipubliek effectief te betrekken.

Overzicht van de verbindende activiteiten Voorafgaand, tijdens en na het burgerberaad schone stad ondernam de gemeente Amsterdam de volgende activiteiten om het maxi-publiek bij het burgerberaad te betrekken: • Tot aan de start van het burgerberaad (tot en met 4 maart 2024) o Klankbordgroepen (bestaande uit actieve bewoners, raadsleden, ondernemers, uitvoerende medewerkers, beleidsmedewerkers) om problemen te identificeren, vragen op te halen en tot een startnotitie te komen o Lancering webpagina in december o Uitnodigingsvideo naar de ingelote bewoners o Berichtgeving dat mensen zich aan kunnen melden voor het burgerberaad • Tijdens het burgerberaad (4 maart 2024 – 9 september 2024) o Nieuwsbrief bij iedere bijeenkomst met nieuws, verhalen en videoverslagen van de bijeenkomsten. Berichtgeving was bedoeld om kennis te kunnen nemen van het proces en van de hoogtepunten van het burgerberaad. Leden van het burgerberaad bepaalden wat er gedeeld werd en hoe met persverzoeken werd omgegaan. o Nieuwsberichten via gemeentelijke kanalen (website en gemeentekrant) en lokale media o Platform Open Amsterdam waar presentaties en verslagen openbaar werden gemaakt o Klankbordgroepen zijn op de hoogte gehouden o Excursies naar stakeholders (AEB afvalverwerking, Vosse Groen Recycling, Schouwen in de wijk a.d.h.v. de CROW-methode & Recycle-/afvalpunt Henk Sneevlietweg).

o Markt met buurtinitiatieven tijdens derde bijeenkomst o Met leden van het burgerberaad afgesproken dat in de periode van 6 juli tot en met 15 juli niets naar buiten wordt gebracht. • Na afloop van het burgerberaad (vanaf 9 september 2024) o Delen van adviezen op gemeentelijke website o Verder geen duidelijke strategie om maxipubliek te betrekken

46 Publiciteit in de pers Op de volgende momenten werd in de pers aandacht besteed aan het burgerberaad schone stad: • Artikel in het Parool op 4 maart • Artikel in het Parool op 16 juli over definitieve adviezen • Artikel in Telegraaf over burgerberaad op 10 september 2024 Communicatie-uitingen en bereik In onderstaande tabel zijn de communicatie-uitingen weergegeven van de gemeente Amsterdam (in de periode 30 november tot en met 26 juli 2024) en verschillende indicaties van het bereik van deze uitingen. Communicatie-uiting Website burgerberaad schone stad Nieuwsbrief

Video’s (5) burgerberaad schone stad Gemeentekrant; nieuwsartikel/aankondiging burgerberaad in december 2023 Nieuwsartikelen Amsterdam.nl november 2023 Nieuwsartikelen Amsterdam.nl juli 2024

Totaal bereik 7780 bezoeken 4887 unieke gebruikers 256 abonnees op 19 juli 2024 Open rate van gemiddeld 71,5% Click rate van gemiddeld 27.6% 635 keer bekeken (opgeteld) Oplage van 523.000

2389 keer bekeken 3166 keer bekeken

Belangrijkste inzichten Wat opvalt op basis van de interviews is dat de organisatie van het burgerberaad schone stad in de praktijk heeft geworsteld met de verbinding tussen het mini- en het maxipubliek. Uiteindelijk is in de uitwerking voor een minimale verbinding gekozen. De voornaamste redenen hiervoor waren zorgen over het faciliteren van een schaduwberaad, de wens om deelnemers te beschermen, de zorg dat ‘usual suspects’ aan het woord zouden komen, het gebrek aan handelingsperspectief en praktische bezwaren. De minimale verbinding leidde er onder andere toe dat de communicatie informerend van aard was en vooral gericht leek op geïnteresseerden van het burgerberaad schone stad. Informatie over het proces en de inhoud van het burgerberaad werd openbaar gemaakt en was daarmee vindbaar, maar hier werd niet breed en activerend over gecommuniceerd. De keuze voor deze informerende communicatiestrategie resulteerde in relatief lage bereikcijfers van de communicatieuitingen. Beredeneerd vanuit de vijf opbrengsten van een goede verbinding tussen mini- en maxipubliek en -de achterliggende redenen en ambities van het burgerberaad schone stad, is een sterkere verbinding met het maxipubliek nodig. 1. Meer maatschappelijke acceptatie van de uitkomsten: Het betrekken van het maxipubliek kan acceptatie van de uitkomsten vergroten, en weerstand hiertegen verkleinen.

Het thema schone stad is bij uitstek een onderwerp dat impact heeft op het dagelijks leven van bewoners en daarom om een gedragsverandering vraagt. Daarnaast hebben de adviezen impact op stakeholders in de stad – die de adviezen

47

2.

3.

4.

5.

uiteindelijk uitvoeren. Om de adviezen zacht te laten ’landen’ in de stad is daarom draagvlak cruciaal. Bij het burgerberaad schone stad werden stakeholders actief betrokken. Zo waren er excursies naar organisaties in de stad op het thema afval en schone stad, en bezochten buurtinitiatieven het burgerberaad om input te leveren. Dit draagt bij aan acceptatie van de uitkomsten. Bewoners zijn - zoals eerder gezegd - niet actief betrokken bij het burgerberaad schone stad. Door ook hen actief mee te nemen in het vraagstuk van het burgerberaad, kan het draagvlak bij bewoners vergroot worden. Versterking van de democratie: Een burgerberaad heeft de potentie om de democratie te versterken en bij te dragen aan vertrouwen tussen overheid en burger door feedback uit de samenleving op te halen. Uit de interviews kwam naar voren dat bijdragen aan het vertrouwen tussen burger en overheid en het benutten van kennis en ervaring uit de stad inderdaad een (sub)doelstelling was in de organisatie van het burgerberaad. Bij de organisatie van het burgerberaad schone stad zijn echter geen activiteiten opgezet waarbij het maxi-publiek kon meedenken met het burgerberaad. Door de kennis en ervaring uit de stad optimaal te benutten, had het burgerberaad schone stad meer bij kunnen dragen aan het versterken van de democratie.

Wanneer dit inderdaad een ambitie is van het burgerberaad, dan is het belangrijk om activiteiten op te nemen in het programma om het gesprek met de stad aan te gaan – bijvoorbeeld in de vorm van gesprekken of vragenlijsten (zie voorbeelden van verbinding tussen mini- en maxipubliek). Grotere legitimiteit van de uitkomsten: Door het maxi-publiek transparantie te bieden over het proces vergroot dit het gevoel van rechtvaardigheid en waargenomen legitimiteit bij het maxi-publiek. Betrokkenen van het burgerberaad schone stad gaven aan door te communiceren over het burgerberaad transparantie te willen bieden over het proces. De communicatie-uitingen zijn echter informerend van aard en lijken daarmee vooral op geïnteresseerden gericht. Om een groter publiek inzicht te geven in een burgerberaad en transparantie te bieden in het proces, is een activerende communicatiestrategie wenselijk. Een activerende strategie vergroot de kans op het bereiken van minder gemotiveerde bewoners en versterkt de ervaren transparantie. Een voorbeeld van een activerende communicatiestrategie is de campagne bij de start van het Rotterdamse burgerberaad. Deze campagne riep het maxi-publiek op om mee te denken en suggesties aan te leveren voor de excursies.

Grotere kans op implementatie van adviezen: Een sterke verbinding met het maxipubliek kan werken als aanmoediging voor politici om de adviezen serieus te nemen en op te volgen. In de interviews werd aangegeven dat een goede bedding van het burgerberaad in de stad versterkend kan werken voor de opvolging van de adviezen. Wanneer het maxi-publiek op de hoogte is van de uitkomsten van het burgerberaad, en zich in staat voelt om de gemeente hierover te bevragen, kan dit bijdragen aan het serieus nemen van de adviezen door de politiek. Dit gaat daarmee verder dan draagvlak; het burgerberaad leeft in de stad en bewoners, stakeholders en media kunnen druk uitoefenen op de politiek om de adviezen op te volgen. Verhogen van kennis en begrip van complexe kwesties: Het maxi-publiek meenemen in het leerproces van het burgerberaad kan ervoor zorgen dat het maxipubliek meer leert over complexe onderwerpen. Hierdoor kan het maatschappelijke debat worden verdiept. Hoewel het verhogen van kennis en begrip in de stad geen expliciete wens was bij de organisatie van het burgerberaad, kan het bijdragen aan de acceptatie van de uitkomsten. Wanneer bewoners de complexiteit van kwesties inzien, verhoogt dit mogelijk het draagvlak voor de adviezen. Om dit te bereiken, dien je het maxi-publiek mee te nemen in het leerproces van het burgerberaad – bijvoorbeeld door het delen van geleerde lessen.

48 Conclusie Het belang van het betrekken van het maxi-publiek wordt door alle geïnterviewde betrokkenen bij het burgerberaad schone stad erkend. Echter, deze erkenning is in de praktijk zeer summier vertaald in een activerende verbindende communicatiestrategie. Hoewel stakeholders actief betrokken zijn bij het burgerberaad, lijken de communicatieuitingen vooral gericht op geïnteresseerde bewoners en was er geen mogelijkheid voor bewoners om input te leveren op het burgerberaad. Indien bij de gemeente de wens aanwezig is om daadwerkelijk de opbrengsten te behalen zoals ze vanuit de literatuur worden gekoppeld aan een sterke verbinding tussen mini- en maxi-publiek (zie ‘wat levert een goede verbinding op’) is een activerende communicatiestrategie vereist; een strategie die gericht en beredeneerd vanuit deze gewenste opbrengsten het maxipubliek probeert te betrekken. Hiermee wordt het maxi-publiek doelgericht betrokken bij het proces en de uitkomsten van het burgerberaad, wat bijdraagt aan de effectiviteit van het burgerberaad.

49

13. LESSEN VAN BURGERBERAAD SCHONE STAD? We sluiten dit evaluatierapport af met een korte reflectie op de inzichten uit het onderzoek en de evaluatie tot nu toe.

Samenstelling en representatie deelnemersgroep burgerberaad schone stad Om een afspiegeling van de bewoners van Amsterdam te betrekken bij het burgerberaad, is een vorm van gestratificeerde loting toegepast. Zo werd beoogd een representatieve deelnemersgroep samen te stellen wat betreft leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, stadsdeel en type woning. Deelnemers aan het burgerberaad schone stad vormden wat betreft de kenmerken waarop is geloot een goede afspiegeling van de inwoners van Amsterdam. Waar het doorgaans moeilijker is om lager opgeleide deelnemers bereid te vinden om deel te nemen, is de gemeente bij het burgerberaad schone stad hier goed in geslaagd. Tot slot bestond het burgerberaad grotendeels (80%) uit bewoners die niet eerder deelnamen aan een door de gemeente georganiseerde vorm van participatie. Door loting toe te passen is het ook gelukt om nieuwe en andere groepen burgers te betrekken bij een maatschappelijk vraagstuk.

Deelnemers voelden zich gehoord Deelnemers hebben zich gehoord gevoeld gedurende het burgerberaad schone stad. Deelnemers waren positief over de drie dimensies van ervaren rechtvaardigheid, waarbij de dimensies ‘respect’ en ‘voice’ bijna even positief werden beoordeeld. Deelnemers waren tevens positief over inclusie: zij voelden zich behandeld als iemand die ertoe doet en hadden ook het gevoel dat hun deelname aan het burgerberaad belangrijk werd gevonden.

Werkvormen en inclusie Hoewel een 100 procent inclusief burgerberaad organiseren onmogelijk is, laten de resultaten zien dat de gemeente zich heeft ingezet om een zo inclusief mogelijk proces te realiseren. Deze inspanningen hebben voor veel deelnemers geleid tot een gevoel van welkom zijn en waardering, en droegen bij aan een inclusieve ervaring. Het is positief dat de gemeente diverse werkvormen heeft ingezet om inclusie te bevorderen. Dit komt bijvoorbeeld tegemoet aan verschillen in de mate waarin deelnemers talig of visueel zijn ingesteld. Het werken in kleine groepen draagt ook bij aan het betrekken van deelnemers die het lastiger vinden om voor een groep te spreken. Tegelijkertijd is variatie in werkvorm of groepsgrootte alleen niet voldoende; het vraagt om goede begeleiding van gespreksbegeleiders die uitleggen waarom voor bepaalde werkvormen gekozen is en die ook steeds oog houden voor hoe de werkvorm uitpakt voor verschillende deelnemers. Wat betreft de omgang met meertaligheid, wordt de moeite die de gemeente erin heeft gestoken om deelnemers met een andere taalachtergrond te faciliteren, erg gewaardeerd door deze deelnemers.

50 Gevoel van eigenaarschap Een kenmerkend aspect van burgerberaden ten opzichte van andere participatievormen is dat het eigenaarschap bij de deelnemers ligt: deelnemers staan centraal en geven sturing aan de inhoud van de adviezen en het proces waarin deze tot stand komen. De factoren die bijdragen aan een gevoel van eigenaarschap zijn goed te herkennen in de opzet van het burgerberaad. Deelname aan het burgerberaad heeft geleid tot een hogere betrokkenheid bij het onderwerp van het burgerberaad. Echter, het verschil is slechts minimaal, de betrokkenheid voorafgaand aan het burgerberaad was al hoog. De zeggenschap die deelnemers kregen heeft een positief effect gehad op hun eigen rol en bijdrage voor een schone stad.

Verrijkende ervaring Het evaluatieonderzoek onder deelnemers laat zien dat zij in algemene zin heel positief terugkijken op hun deelname aan het burgerberaad schone stad. Deelnemers gaven een 8 als rapportcijfer voor hun ervaring. Deelnemers vonden het burgerberaad in zijn totaliteit, dus alle onderdelen, goed georganiseerd en verzorgd. Deelnemers hebben ervaren dat hun inzet zeer werd gewaardeerd. Deelnemers gaven ook aan het contact met andere bewoners als positief te hebben ervaren. Deelnemers gaven aan dat de kans zeer groot is dat, wanneer ze hiervoor door de gemeente zouden worden uitgenodigd, ze opnieuw deel zouden nemen aan een burgerberaad. Kortom, de resultaten van het evaluatieonderzoek wijzen erop dat deelnemers hun deelname het burgerberaad als een verrijkende ervaring hebben gezien.

Breed gedragen adviezen In het proces van het burgerberaad schone stad hebben vijf factoren bijgedragen aan breed gedragen adviezen. Een bepalende factor was dat een advies van het burgerberaad twee derde van de uitgebrachte stemmen van de deelnemers nodig had. Het benadrukken en voortdurend bevestigen van het eigenaarschap van de deelnemers, was een tweede factor. Een derde was een heldere boodschap van de experts. Een vierde de intensieve uitwisseling over en brede toetsing van adviezen door de deelnemers. En een vijfde factor was het terugbrengen van het aantal adviezen.

Bijdragen rolverdeling aan beoogde werking burgerberaad schone stad De gemeenteraad, het college en de wethouders hebben voorafgaand aan, tijdens en na afloop van het burgerberaad schone stad hun rol overeenkomstig het beleidskader burgerberaden (juni 2023) ingevuld. De rollen van de andere bij het burgerberaad schone stad betrokken partijen, die een substantiële bijdrage hebben geleverd aan de beoogde werking van het burgerberaad schone stad, zijn niet of summier beschreven in het beleidskader burgerberaden (juni 2023). Het is goed om het beleidskader op dat punt aan te vullen met de rollen die intern voorbereidingswerk doen, de geesten rijp maken voor de komst van de adviezen uit het burgerberaad, evenals de rol en acties van deze ‘impact brokers’. De ervaring met de rol van de toetsingscommissie bij het burgerberaad schone stad wijst erop dat de positionering, rolinvulling en verwachting van zo’n toetsingscommissie verdere explicitering behoeft om bij te dragen aan de beoogde werking van het burgerberaad.

51 Werkzame elementen in de opzet en het proces burgerberaad schone stad Zes van de uitgangspunten die in het beleidskader burgerberaden (juni 2023) genoemd staan (namelijk 4, 7, 8, 9, 10, 13) waren werkzame elementen in de opzet en het proces van het burgerberaad schone stad. Drie daarvan zijn tijdens het burgerberaad schone stad niet (volledig) gerealiseerd. De deelnemers van het burgerberaad kozen niet de meeste experts (4). De minder talige deelnemers van het burgerberaad schone stad waren in het nadeel ten opzichte van de talige deelnemers (9). Het burgerberaad schone stad duurde maar 24 uur in plaats van de voorgestelde 40 uur (13). Breng samenhang aan tussen 14 losse uitgangspunten uit het beleidskader burgerberaden (juni 2023) en bepaal voorafgaand aan het burgerberaad het doel van het burgerberaad. Is doel het doel van het burgerberaad om te komen tot adviezen die bestaand beleid (en uitvoering) van de gemeente Amsterdam versterken? Of is het doel van het burgerberaad om te komen met vernieuwende adviezen? Of is het doel van het burgerberaad om te komen tot adviezen waarmee een brede coalitie van betrokkenen bij het vraagstuk aan de slag kan gaan?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15467806/1