CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Evaluatieonderzoek Burgerberaad schone stad Amsterdam

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 26 maart 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Bespreken van de raadsinformatiebrief over de evaluatie van het burgerberaad schone stad en de afdoening van de motie 595 van het lid Garmy (VN2025-003980)19.976 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

EVALUATIEONDERZOEK

Burgerberaad schone stad Amsterdam 2024 17 januari 2025

Gertjan de Groot, Rosa Koetsenruijter, Bob Knoester en Eelco van Wijk Lectoraat Coördinatie Grootstedelijke Vraagstukken | Hogeschool van Amsterdam Juliet van Viersen & Christine Bleijenberg Lectoraat Public Governance | De Haagse Hogeschool Danique Bredenoort & Reint Jan Renes Lectoraat Psychologie voor een Duurzame stad | Hogeschool van Amsterdam

2

INHOUD SAMENVATTING _______________________________________________ 3 1. Aanleiding en onderzoeksvragen _________________________________ 5 2. Hoe is het evaluatieonderzoek uitgevoerd? _________________________ 8 3. Hoe is het burgerberaad schone stad uitgevoerd?___________________ 10 4. In hoeverre waren deelnemers aan het burgerberaad schone stad representatief voor de gemeente Amsterdam? ___________________________________ 15 5. In hoeverre voelden de deelnemers zich gehoord tijdens de deliberatiebijeenkomsten? _______________________________________ 18 6. In hoeverre hebben de gebruikte werkvormen tijdens het burgerberaad recht gedaan aan de diversiteit van de deelnemers? _______________________ 22 7. In hoeverre heeft deelnemen aan het burgerberaad bijgedragen aan het vergroten van zeggenschap en eigenaarschap van de deelnemers? ______________ 28 8. In hoeverre ervoeren de deelnemers hun deelname als een verrijkende ervaring? ____________________________________________________________ 30 9. Wat in het proces heeft bijgedragen aan de zo breed mogelijk gedragen adviezen van het burgerberaad schone stad? ________________________________ 31 10. In hoeverre heeft de gekozen rolverdeling bijgedragen aan de beoogde werking van het burgerberaad? __________________________________________ 35 11. Wat zijn de werkzame elementen in het proces van het burgerberaad? _ 38 12.

Wat zijn de belangrijkste inzichten over de verbinding tussen mini- en maxipubliek bij het burgerberaad schone stad? ___________________________ 42 13. Lessen van burgerberaad schone stad? _________________________ 49 Literatuurlijst __________________________________________________ 52 Bijlagen ______________________________________________________ 54

3 SAMENVATTING In opdracht van de gemeente Amsterdam is het burgerberaad schone stad, dat van 4 maart tot 15 juli 2024 plaatsvond, geëvalueerd. In zes bijeenkomsten hebben de deelnemers gewerkt aan adviezen om antwoord te geven op de vraag: “hoe maken en houden we Amsterdam beter schoon?” We bespreken de belangrijkste bevindingen in deze samenvatting, met daarbij aandacht voor de samenstelling van het burgerberaad, de ervaringen van de deelnemers, en een reflectie op het proces. Bij de startbijeenkomst was een representatieve groep van 125 Amsterdammers aanwezig, bij de slotbijeenkomst waren er nog 99 deelnemers. Voor 80% van de deelnemers was het de eerste keer dat zij meepraatten op uitnodiging van de gemeente. De deelnemers stonden vooraf positief ten opzichte van het burgerberaad en hadden vertrouwen in de organisatie van het burgerberaad. Ook verwachtten zij dat hun stem gehoord zou worden binnen het burgerberaad, dat hun adviezen meegenomen zouden worden in de aanpak van de gemeente voor een schone stad, en dat de gemeente iets zou doen met de uitkomsten van het burgerberaad. De ervaringen van deelnemers zijn achteraf net zo positief als vooraf. Deelnemers gaven gemiddeld een acht als rapportcijfer voor het burgerberaad. Deelnemers waren positief over het contact met de organisatie en voelden zich op een beleefde manier behandeld.

Ook waren de deelnemers positief over de informatie die zij ontvingen als input voor het formuleren van de adviezen. Door zich inhoudelijk te verdiepen en aan de zes bijeenkomsten van het burgerberaad schone stad deel te nemen is de betrokkenheid van deelnemers aan het burgerberaad bij het vraagstuk iets toegenomen. Wat betreft hun visie op het proces, vonden de deelnemers het burgerberaad in zijn totaliteit, dus alle onderdelen, goed georganiseerd en verzorgd. Ze hebben ervaren dat hun inzet zeer werd gewaardeerd. Deelnemers gaven daarnaast aan het contact met andere bewoners als positief te hebben ervaren en dat de kans zeer groot was dat, wanneer ze hiervoor door de gemeente zouden worden uitgenodigd, ze opnieuw deel zouden nemen aan een burgerberaad. De gebruikte werkvormen tijdens het burgerberaad hebben deels recht gedaan aan de diversiteit van de deelnemers. Vooral in het plenaire deel van het burgerberaad hadden talige werkvormen de overhand, waardoor niet alle deelnemers even goed uit de verf kwamen. Wat betreft de omgang met meertaligheid, waarderen de deelnemers met een anderstalige achtergrond de moeite die de gemeente erin heeft gestoken (bijvoorbeeld met tolken) hen te faciliteren erg. Een 100 procent inclusief burgerberaad organiseren lijkt onmogelijk, maar de gemeente heeft zich dus wel ingezet om een zo inclusief mogelijk proces te realiseren.

In het proces van het burgerberaad zien we vijf factoren die hebben bijgedragen aan de totstandkoming van breed gedragen adviezen. De belangrijkste daarvan is dat elk advies twee derde van de uitgebrachte stemmen moest krijgen om te worden aangenomen. Daarnaast hebben het eigenaarschap van de deelnemers, de heldere boodschappen van experts, de intensieve uitwisseling over en brede toetsing van de adviezen en het beperken van het aantal adviezen, daarin een positieve rol gespeeld.

4 Wat betreft de rolverdeling hebben de gemeenteraad, het college en de wethouder(s) hun rol bij het burgerberaad schone stad overeenkomstig het beleidskader burgerberaden ingevuld. Het beleidskader voorzag wel in de rol van de onafhankelijk procesbegeleider, echter niet in andere rollen die wel een substantiële bijgedragen hebben geleverd aan de beoogde werking van het burgerberaad schone stad. Voorafgaand, tijdens en na afloop van het burgerberaad gaat het om de zogenaamde “impact brokers”. Dat zijn interne medewerkers die verbindingen leggen tussen verschillende directies en afdelingen en de medewerkers daarvan voorbereiden op de komst van de adviezen van het burgerberaad. Na afloop van het burgerberaad gaat het om de aan te stellen “liaison” en de monitor- en klankboordgroep (MKG), uit het burgerberaad schone stad. Het is wenselijk om deze rollen op te nemen in een nieuw beleidskader. In het beleidskader burgerberaden (juni 2023) staan 14 uitgangspunten voor een goed burgerberaad, zes daarvan gaan over de inzet van burgerberaden, zes hebben betrekking op de opzet en het proces van burgerberaden en twee op het vervolg. Bij het burgerberaad schone stad waren drie van die zes uitgangpunten over de opzet het proces zo ingevuld dat zij ook daadwerkelijk bijdroegen aan een goed proces.

De drie anderen (4 - het burgerberaad is van de deelnemers, 9 – zorg voor gelijkwaardig overleg en 13 – neem de tijd) zijn niet (volledig) gerealiseerd tijdens het burgerberaad schone stad. De gemeente Amsterdam heeft er bij het burgerberaad schone stad bewust voor gekozen om, anders dan het informeren van de geïnteresseerde Amsterdammers over het verloop van het burgerberaad schone stad, het maxi-publiek niet actief te betrekken.

5

1. AANLEIDING EN ONDERZOEKSVRAGEN Het Amsterdamse college van burgemeester en wethouders heeft in het coalitieakkoord 2022-2026 aangegeven te willen experimenteren met burgerberaden. Binnen het hoofdstuk ‘de stad maken we samen’ is het voornemen beschreven om tenminste drie burgerberaden te organiseren waarvan een burgerberaad over afval (Amsterdams coalitieakkoord, 2022). Op 29 november 2023 werd de startnotitie voor het burgerberaad schone stad vastgesteld door de gemeenteraad. Na een periode van voorbereiding is op 4 maart 2024 het burgerberaad schone stad van start gegaan. Op 15 juli 2024 vond de slotbijeenkomst plaats en is het burgerberaad afgerond. Op 9 september 2024 kwamen leden van het burgerberaad, betrokken experts, ambtenaren en politici bij elkaar in het stadhuis waarbij de 15 adviezen van het burgerberaad werden aangeboden aan de wethouder van o.a. Afval & Reiniging en de voorzitter van de raadscommissie Duurzaamheid & Circulaire Economie. De adviezen werden op 24 oktober 2024 in de raadscommissie besproken en op 14 november 2024 in de gemeenteraad. De vraag aan deelnemers is als volgt verwoord in het raadsbesluit: “hoe maken en houden we Amsterdam beter schoon?” (Raadsbesluit 2023 208-A). De gemeente Amsterdam is met het burgerberaad schone stad een van de praktijkpartners van het meerjarig, door NWO gesubsidieerd, onderzoek ‘Duurzame burgerberaden.

Dit onderzoek is gestart op 1 februari 2024 en loopt tot 31 januari 2026.1 Dit onderzoek richt zich op vier specifieke deelaspecten van een burgerberaad (zie Afbeelding 1 hieronder). Te weten: inclusie (loting en representatie), diepgaande deliberatie (rol van experts), doorwerking van adviezen in beleid en verbinding met de maatschappij.

Afbeelding 1: de vier deelaspecten van het NWO onderzoek ‘Duurzame burgerberaden’

Naast deelname als praktijkpartner aan dit onderzoek, heeft de gemeente Amsterdam aan de Haagse Hogeschool en de Hogeschool van Amsterdam gevraagd om een aanvullend evaluatief onderzoek te doen, om antwoord te krijgen op een aantal extra onderzoeksvragen en een integraal beeld te krijgen van het burgerberaad in Amsterdam. De extra evaluatieve onderzoeksvragen (op de volgende pagina) hebben een * sterretje.

1 Als onderdeel van dit onderzoek verschijnt een aparte onderzoeksrapportage over de ervaringen van deelnemers. Beide rapporten zijn gebaseerd op dezelfde dataverzameling en de inhoud van beide rapportages overlapt voor een belangrijk deel.

6 Lessen trekken uit het burgerberaad schone stad Bij de besprekingen over het burgerberaad schone stad hebben gemeenteraadsleden een aantal keren hun zorgen geuit over in hoeverre de deelnemers die aan het burgerberaad schone stad in Amsterdam gaan deelnemen, wel een representatieve afspiegeling vormen van de Amsterdamse bevolking. Op basis van de resultaten van dit (evaluatie)onderzoek kan de gemeente leren van de ervaringen die zijn opgedaan met de opzet en uitvoering van het burgerberaad schone stad. De inzichten dragen zo bij aan de doorontwikkeling van burgerberaden als instrument om de lokale democratie te versterken door bewoners te betrekken bij politieke besluitvorming.

Wanneer is het burgerberaad schone stad geslaagd? Voor de aanvullende evaluatie van het burgerberaad schone stad zijn vooraf de onderzoeksvragen vastgesteld waarop het burgerberaad schone stad geëvalueerd is. Daarbij is onderscheid gemaakt in drie categorieën evaluatiecriteria, te weten: • evaluatiecriteria die betrekking hebben op de deelnemers aan het burgerberaad schone stad; • evaluatiecriteria die betrekking hebben op het proces van het burgerberaad schone stad; • evaluatiecriteria die betrekking hebben op de uiteindelijke adviezen van het burgerberaad. Hieronder staan de evaluatiecriteria, in de vorm van onderzoeksvragen, voor de eerste twee evaluatiecategorieën beschreven, die we in deze evaluatierapportage beantwoorden. De evaluatieve onderzoeksvragen die betrekking hebben op de uiteindelijke adviezen van het burgerberaad schone stad, zullen in een vervolg evaluatierapportage voor de zomer 2025 beantwoord worden.

Evaluatieve onderzoeksvragen De evaluatieve onderzoeksvragen die betrekking hebben op de deelnemers aan het burgerberaad schone stad zijn: 1. In hoeverre waren de deelnemers aan het burgerberaad schone stad representatief voor de gemeente Amsterdam? 2. In hoeverre voelden de deelnemers aan het burgerberaad schone stad zich gehoord tijdens de deliberatiebijeenkomsten?* 3. In hoeverre hebben de gebruikte werkvormen tijdens het burgerberaad schone stad recht gedaan aan de diversiteit van de deelnemers?* 4. In hoeverre heeft het burgerberaad schone stad bijgedragen aan het vergroten van de zeggenschap en eigenaarschap van deelnemers?* 5. In hoeverre ervaren de deelnemers aan het burgerberaad schone stad hun deelname als een verrijkende ervaring?*

7 De evaluatieve onderzoeksvragen die betrekking hebben op het proces van het burgerberaad schone stad zijn: 1. Wat in het proces heeft bijgedragen aan de zo breed mogelijk gedragen adviezen van het burgerberaad schone stad?* 2. In hoeverre heeft de gekozen rolverdeling – zoals beschreven in het beleidskader burgerberaden (juni 2023) – bijgedragen aan de beoogde werking van het burgerberaad schone stad? Het gaat hierbij om de rol van de wethouder(s); gemeenteraadsleden; inhoudelijke betrokken ambtenaren; leden van het voorbereidend projectteam en managers van de inhoudelijk betrokken ambtenaren bij het burgerberaad schone stad.* 3. Wat zijn de werkzame elementen in het proces van het burgerberaad schone stad, zoals beschreven in het beleidskader burgerberaden (juni 2023)?* 4. Wat zijn de belangrijkste inzichten over de verbinding tussen mini- en maxi-publiek bij het burgerberaad schone stad?

8

2. HOE IS HET EVALUATIEONDERZOEK UITGEVOERD? Om antwoord te geven op de onderzoeksvragen zijn op verschillende manieren data verzameld. Door het combineren van verschillende methodes van dataverzameling is geprobeerd om een zo betrouwbaar mogelijk beeld te krijgen van de opzet van het burgerberaad en de ervaringen van de deelnemers. Hieronder volgt een toelichting van de dataverzameling.

Deskresearch Door middel van deskresearch is inzicht verkregen in de opzet en het verloop van het burgerberaad. Het gaat dan bijvoorbeeld om de uitnodigingen, de loting, het programma, de keuze voor bepaalde werkvormen, de briefing van tolken en gespreksbegeleiders, de presentaties, de verslagen van de bijeenkomsten en de communicatie met deelnemers. Er is ook deskresearch gedaan naar het thema verbinding tussen mini-maxipubliek.

Vragenlijsten Vooraf Voorafgaand aan de start van het burgerberaad is een korte vragenlijst (met gesloten en open vragen) onder deelnemers afgenomen om inzicht te krijgen in de verwachtingen van het burgerberaad. Naast deze inhoudelijke vragen, werden er ook enkele vragen gesteld over achtergrondkenmerken. De vragenlijst kon zowel online worden ingevuld (via een link in een e-mail die voorafgaand aan het burgerberaad werd verstuurd) als op papier, waarbij deelnemers bij de inloop van de eerste bijeenkomst werden gevraagd om de vragenlijst ter plekke in te vullen. In totaal heeft 55%2 van de deelnemers de vragenlijst ingevuld. Na afloop Na afloop van het burgerberaad hebben deelnemers nogmaals een vragenlijst ingevuld om de ervaringen van deelnemers met het burgerberaad in kaart te brengen. Vanwege de relatief lage respons op de vragenlijst voorafgaand aan het burgerberaad, zijn nogmaals demografische gegevens uitgevraagd. De vragenlijst werd gedurende de slotbijeenkomst uitgedeeld aan deelnemers met het verzoek om deze ter plekke in te vullen. Bijna alle deelnemers (99%) hebben de vragenlijst toen ingevuld.

Observatieonderzoek Alle bijeenkomsten zijn door minstens twee onderzoekers bijgewoond en geobserveerd. De observaties zijn uitgevoerd in de context van het bredere RAAK-Publiek onderzoek. De observaties zijn gebruikt om de uitkomsten uit de vragenlijst beter te kunnen duiden.

2 De relatief lage respons heeft te maken gehad met de combinatie van online- en papieren vragenlijsten. Deelnemers kregen de

keuze om de vragenlijst online of offline in te vullen. Voorafgaand aan de startbijeenkomst is alle deelnemers gevraagd of zij de online vragenlijst hadden ingevuld, wanneer zij dit nog niet hadden gedaan kon de vragenlijst ter plekke worden ingevuld op papier. Het is gebleken dat niet alle deelnemers (die de online vragenlijst nog niet hadden ingevuld) dit hebben gedaan. Na evaluatie met de gemeente is ervoor gekozen om de vragenlijst achteraf alleen op papier af te nemen.

9 Interviews In de maanden juni en juli van 2024 zijn door onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam een vijftal interviews afgenomen met organisatoren van het burgerberaad om meer inzicht te krijgen in 1) de houding van de gemeente Amsterdam tegenover het thema verbinding mini-maxipubliek en 2) in de activiteiten die de gemeente Amsterdam heeft ondernomen met betrekking tot de verbinding met het maxipubliek bij de organisatie van het burgerberaad schone stad. Er zijn ook twee (semigestructureerde) online interviews gehouden met de projectleider van de gemeente en de uitvoerder van het burgerberaad. Om inzicht te krijgen in het verloop van het burgerberaad met betrekking tot inclusie zijn alle bijeenkomsten bijgewoond en geobserveerd, hierbij is specifiek gelet op werkvormen en deliberatie met behulp van een observatieschema. Daarnaast is een (semigestructureerd) online groepsinterview uitgevoerd met tolken, om inzicht te krijgen in hun perspectieven op het gebied van meertaligheid en inclusie. De ervaringen van deelnemers met betrekking tot inclusie zijn ook in kaart gebracht. In online (semigestructureerde) interviews met vijf deelnemers zijn naast vragen over algemene ervaringen met het burgerberaad, specifieke vragen gesteld over ervaringen met betrekking tot inclusie.

Hierbij is bijvoorbeeld gevraagd in hoeverre zij zich gehoord voelden tijdens het burgerberaad en of zij het gevoel hadden dat zij gelijkwaardig konden deelnemen.

Beperkingen onderzoek Vanwege de lagere respons op de vragenlijst voorafgaand aan het burgerberaad kunnen de resultaten van de vragenlijsten vooraf en achteraf niet goed worden vergeleken, en kunnen met betrekking tot dit aspect alleen voorzichtige conclusies worden getrokken.

10

3. HOE IS HET BURGERBERAAD SCHONE STAD UITGEVOERD? Dit hoofdstuk bevat een beschrijving van de uitvoering van het burgerberaad schone stad. Op basis van deze beschrijving beantwoorden we de evaluatieve vragen.

Loting Deelnemers aan het burgerberaad in Amsterdam zijn geselecteerd op basis van loting uit de Basisregistratie Personen. Deze registratie bevat de persoonsgegevens van iedereen die in de gemeente staat ingeschreven. De loting had als doel om tot een goede afspiegeling te komen van deelnemers wat betreft de vier achtergrondkenmerken te weten leeftijd, geslacht, stadsdeel, en type woning (bijvoorbeeld sociale of vrije sector huur of koop) In de tweede rond van de loting is ook op opleidingsniveau geselecteerd. Aan 10.000 willekeurige inwoners is een brief gestuurd met de uitnodiging om zich aan te melden. Om de kans te vergroten dat ook bewoners met een onderneming die te maken hebben met bedrijfsafval een uitnodiging ontvangen, waren ook 2.500 ondernemingen aangeschreven. Voor de ondernemers werd een gestratificeerde steekproef getrokken op basis van selectiecriteria die beschikbaar waren in het Landelijk Informatiesysteem Arbeidsplaatsen (LISA). Het ging om een selectie van sectoren die naar inschatting vaker te maken hadden met bedrijfsafval. In de uitnodiging voor bewoners was een persoonlijk wachtwoord opgenomen dat toegang gaf tot een online aanmeldformulier. In het aanmeldformulier werden de genodigden gevraagd enkele achtergrondkenmerken in te vullen. Deze gegevens werden gebruikt om een zo representatief mogelijke groep samen te stellen.

Van de 623 aanmeldingen zijn uiteindelijk 150 bewoners ingeloot.

Samenstelling deelnemersgroep In totaal hebben 10.000 bewoners een uitnodiging voor het burgerberaad ontvangen. Daarvan hebben 623 bewoners zich aangemeld om deel te nemen aan het burgerberaad. Uit deze aanmeldingen zijn 150 bewoners geselecteerd en uitgenodigd. Bij de startbijeenkomst waren 125 deelnemers aanwezig en bij de slotbijeenkomst 99.

Aankondiging van het burgerberaad Bewoners zijn uitgenodigd voor het burgerberaad door middel van een uitnodigingsbrief. Voor het overige is gecommuniceerd over het burgerberaad via sociale media, een speciale nieuwsbrief waarop belangstellenden zich konden abonneren en de website. Ook zijn er persberichten geweest om het burgerberaad aan te kondigen.

Betrokken partijen Een extern bureau is gevraagd de opzet en uitvoering van het burgerberaad voor haar rekening te nemen; dat betreft het procesontwerp, de procesbegeleiding en de verslaglegging. Er is een onafhankelijke voorzitter van het externe bureau gevraagd om het proces te begeleiden. In de opzet van het burgerberaad was ruimte gereserveerd om 21 experts van binnen en buiten de gemeente uit te nodigen om kennis te delen en vragen te beantwoorden. Ook zijn er excursies geweest naar verschillende organisaties

11 die werken met afval recycling of schouwen van afval, waarbij experts van de organisaties de deelnemers te woord stonden. Het doel hiervan was het creëren van een ‘gelijk kennisniveau’. Voor de begeleiding van de tafelgesprekken zijn onafhankelijke gespreksleiders gevraagd via het externe bureau en de gemeente Amsterdam. Er is een breed palet aan werkvormen ingezet. Een tekenleraar is gevraagd om deelnemers in de eerste bijeenkomst te leren hoe je het vraagstuk in beeld kunt brengen.

Mandaat en randvoorwaarden In de startnotitie van het burgerberaad staat het volgende beschreven over het mandaat van het burgerberaad: “Een burgerberaad is een vorm van participatieve democratie die de vertegenwoordigende democratie kan verrijken. Dit betekent dat de uitkomsten in de vorm van aanbevelingen van het burgerberaad worden teruggelegd bij de gemeenteraad. Het uitgangspunt is hierbij dat als de aanbevelingen binnen de financiële en beleidskaders passen, de gemeenteraad deze aanbevelingen overneemt en alleen met zwaarwegende redenen de aanbevelingen niet overneemt en dit beargumenteert. De aanbevelingen van het burgerberaad hebben het karakter van een zwaarwegend advies (vergelijkbaar met de Rekenkameradviezen). De gemeenteraad geeft vervolgens het college de opdracht om de aanbevelingen om te zetten in beleid en uitvoering.” (Raadsbesluit 2023 208-A, Startnotitie burgerberaad). Voor het burgerberaad is gekozen een toetsingscommissie in te richten. Deze commissie had de taak om tussen bijeenkomst 4 en 5 de conceptadviezen te toetsen op de drie uitgangspunten uit de startnotitie: juridische en financiële haalbaarheid en praktische uitvoerbaarheid. Op alle drie de onderdelen zijn twee deskundigen geworven: een deskundige van de gemeente Amsterdam en een externe deskundige.

Onderwerp en vraagstelling Iedereen wil een schoon Amsterdam. De gemeente doet haar best om dat voor elkaar te krijgen. Ook veel Amsterdammers helpen actief mee met het schoonhouden van hun wijk, het scheiden en/of voorkomen van afval. De inzet is indrukwekkend. En toch ervaren veel Amsterdammers veel plekken als vies. Dat kan beter. De volgende vraag is daarom voorgelegd aan de deelnemers van het burgerberaad:

“Hoe maken en houden we Amsterdam beter schoon?” De opdracht luidt: Kom met een analyse en met haalbare aanbevelingen voor de stad. (Startnotitie burgerberaad, 2023).

Gespreksbegeleiding Er is een onafhankelijke voorzitter gevraagd om alle plenaire onderdelen van de bijeenkomsten te begeleiden. De gespreksbegeleiders bij de tafelgesprekken waren een mix van ambtenaren en onafhankelijke, professionele gespreksbegeleiders gevraagd via het externe bureau.

Vergoeding Deelnemers ontvingen een vrijwilligersvergoeding van € 75 per bijgewoonde bijeenkomst voor hun deelname aan het burgerberaad. Bij jongeren was dit bedrag € 50.

12 Communicatie Communicatie met deelnemers Het contact met deelnemers buiten de bijeenkomsten om verliep via een speciaal ingericht afgeschermd online platform en per mail, Whatsapp, telefonisch en via het externe bureau. Deelnemers ontvingen het programma, verslagen, presentaties en achtergronddocumenten. Communicatie met geïnteresseerden De gemeente Amsterdam verzorgde de externe communicatie. Er is op verschillende manieren gecommuniceerd over het burgerberaad. Zo waren er nieuwsberichten via de gemeentelijke kanalen (website, nieuwsbrief en gemeentekrant) en lokale media. Daarnaast is een speciale webpagina op de website van de gemeente Amsterdam ontworpen, met nieuws en informatie, en een digitale nieuwsbrief met nieuws, verhalen en videoverslagen van de bijeenkomsten (5x verschenen van maart t/m juli 2024). Tot slot zijn documenten (zoals presentaties en verslagen) openbaar gemaakt via het platform Open Amsterdam.

Opzet en verloop van de bijeenkomsten Om de ervaringen van deelnemers met het burgerberaad beter te kunnen begrijpen worden de zes bijeenkomsten hieronder kort toegelicht.

Bijeenkomst 1: kennismaken met elkaar en het onderwerp De eerste bijeenkomst had als doel om kennis te maken met elkaar, het vraagstuk van het burgerberaad en met het principe van een burgerberaad en het proces dat deelnemers de komende maanden met elkaar gaan doorlopen. Deelnemers werden bij de start van het programma meegenomen in het vraagstuk. De voorzitter van het Nederlandse Vereniging van Reinigingsdiensten gaf een minicollege over gemeentelijk afvalbeleid. Vervolgens lichtte het afdelingshoofd bij de directie Afval en Grondstoffen van gemeente het Amsterdamse afvalbeleid toe en ging in op cijfers over afval. Na deze introductie kregen deelnemers ruimte om vragen te stellen aan beide sprekers. Na de inhoudelijk introductie gingen deelnemers aan de slag met een tekenles; een tekenleraar liet aan de hand van een aantal oefeningen zien hoe je verschillende aspecten van het vraagstuk uit kunt beelden. Per groepje brachten zij in beeld wanneer Amsterdam voor hen schoon genoeg is. Na de tekenles sprak de wethouder de deelnemers toe. De avond werd afgesloten met een stemming over onderwerpen waarover de deelnemers meer wilden leren. Op basis van die uitslag nodigde de organisatie experts uit voor de volgende bijeenkomst (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

Bijeenkomst 2: meer leren over het onderwerp De tweede bijeenkomst stond in het teken van verdieping. De dagvoorzitter opende de bijeenkomst met een korte herhaling van het vraagstuk en uitleg over het proces. Vervolgens werd de kennis van deelnemers getest met een afvalquiz met vragen over afval, de schone stad en Amsterdam. Het burgerberaad nam een aantal besluiten over het stemproces, de omgang met elkaar en omgang met de buitenwereld. Het tweede deel van de bijeenkomst stond in het teken van het verzamelen van informatie. Elke deelnemer volgde een kennisroute met drie haltes: de expertsessies. Deze sessies varieerden van een presentatie door een expert waarna deelnemers vragen konden stellen, een gesprek, een ‘plandeling’ (wandelen + plastic rapen) tot een demonstratie

13 met verschillende voertuigen, zoals een kraakpers en een veegwagen. De groep experts bestond uit wetenschappers, externe afvaldeskundigen en medewerkers van de gemeente zelf. Elke sessie werd afgesloten met een brainstorm over mogelijke ideeën voor adviezen voor een schone stad. (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

Bijeenkomst 3: excursies en beginnen aan adviezen Tijdens de derde bijeenkomst gingen deelnemers op excursie. Er waren vier opties: het AEB, Vosse Groen Recycling, recyclepunt Henk Sneevlietweg en een CROW-meting in Overtoomse Veld en de Schinkelbuurt. Bij terugkomst konden deelnemers op een informatiemarkt in gesprek met vrijwilligers van verschillende buurtinitiatieven uit de stad. Het programma werd afgesloten in kleine groepjes, waarin deelnemers op verschillende thema’s aan de slag gingen met een eerste aanzet van adviezen. Dit deden zij aan de hand van een format met een aantal vragen. De uitkomsten van de brainstorm uit de tweede bijeenkomst dienden als input (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

Bijeenkomst 4: delibereren en conceptadviezen Tijdens de vierde bijeenkomst gingen de deelnemers aan de slag met conceptadviezen. Deelnemers verdeelden zich in kleine groepjes over verschillende thema’s. Onder begeleiding van een gespreksbegeleider spraken zij over de uitkomsten van de vorige bijeenkomsten en stelden aan de hand van een format conceptadviezen op. Om de deelnemers op weg te helpen werd er een ‘infobar’ ingericht, waar deelnemers aan experts van binnen en buiten de gemeente specifieke vragen konden stellen over zaken waar ze tijdens het opstellen van de conceptadviezen tegenaan liepen. Na de vierde bijeenkomst ging de toetsingscommissie aan de slag met feedback op de conceptadviezen. Daarnaast kwam het verzoek van deelnemers om via een online vragenlijst tussentijdse feedback te geven op elkaars adviezen. Ongeveer de helft van alle deelnemers greep deze mogelijkheid aan. (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

Bijeenkomst 5: aanscherpen conceptadviezen De vijfde bijeenkomst was gericht op het aanscherpen van de conceptadviezen aan de hand van feedback. De bijeenkomst startte met een toelichting op de feedback door de voorzitter van de toetsingscommissie. Vervolgens gingen de deelnemers weer in kleine groepjes, onder begeleiding van een gespreksbegeleider, aan de slag met het aanscherpen van de conceptadviezen op basis van de feedback van de toetsingscommissie en de feedback die deelnemers op elkaars adviezen hadden gegeven. Tijdens deze bijeenkomst was er weer een ‘infobar’ ingericht waar deelnemers terecht konden met vragen. De 35 conceptadviezen werden voorgelezen door de voorzitter. Over de conceptadviezen werd peilend gestemd met rode en groene stembriefjes. Bijna alle conceptadviezen kregen de steun van deelnemers. Deelnemers konden de adviezen nog laatste feedback meegeven op feedbackbriefjes. Deelnemers werd gevraagd deel te nemen aan een redactiegroep waarvoor een groot aantal (25) zich aanmeldde. Tussen de vijfde en de zesde bijeenkomst ging een redactiegroep aan de slag met het samenvoegen van adviezen die op elkaar leken en met een taalkundige check (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

14 Bijeenkomst 6: adviezen definitief maken en stemmen De zesde en laatste bijeenkomst begon met een korte terugblik op wat er het afgelopen half jaar allemaal gedaan was tijdens alle bijeenkomsten en een toelichting van de redactiegroep op hun werk. Het aantal adviezen was teruggebracht van 35 naar 23. Er was nog een laatste mogelijkheid om de adviezen te verbeteren. Dit werd gedaan in drie ‘roddelrondes’ waarbij deelnemers elkaars adviezen konden voorzien van de laatste feedback. De definitieve adviezen werden ingeleverd en ingevoerd in Mentimeter; de tool waarmee gestemd werd. Het tweede deel van de bijeenkomst stond in het teken van de stemming. Alle adviezen werden voorgelezen en er werd gestemd via Mentimeter. Als een advies 2/3 ‘voor’ stemmen kreeg, werd het advies aangenomen (67% of meer). Het burgerberaad nam uiteindelijk 15 van de 23 adviezen aan. Na het stemmen was er een feestelijke afsluiting. De wethouder sprak het burgerberaad toe en ook vier raadsleden spraken hun dank uit aan het burgerberaad. Het burgerberaad proostte met elkaar als feestelijke afsluiting (Eindrapport burgerberaad schone stad, 9 september 2024).

15

4. IN HOEVERRE WAREN DEELNEMERS AAN HET BURGERBERAAD SCHONE STAD REPRESENTATIEF VOOR DE GEMEENTE AMSTERDAM? Demografische kenmerken deelnemers De demografische gegevens van deelnemers zijn gebaseerd op de gegevens van de afdeling Onderzoek en Statistiek van de gemeente. De deelnemersgroep van het burgerberaad vormde een afspiegeling van de bevolking van de stad wat betreft de kenmerken waarop is geloot (leeftijd, geslacht, stadsdeel, opleiding en type woning). In Figuur 1 staan de deelnemers van het burgerberaad per leeftijdscategorie weergegeven (n = 100). De spreiding wat betreft leeftijd kwam grotendeels overeen met die uit de gemeente Amsterdam. De minimumleeftijd om deel te nemen aan het burgerberaad was 16 jaar, de leeftijdsgroep 0-15 wordt dus niet meegenomen in dit beeld.

Leeftijd 45

41

42

Aantal mensen in %

40 35 30

27

27

25 20

17

17

15

14

15 10 5 0 16-25

26-45 Deelnemers

46-65 Bewoners Amsterdam

Figuur 1. Deelnemersgroep per leeftijdscategorie in %, N = 100.

66+

16 Bewoners met diverse opleidingsniveaus hebben meegedaan aan het burgerberaad (zie Figuur 2). Ook hier is sprake van een goede afspiegeling.

Opleiding 60

49

Aantal mensen in %

50

48

40 29

30 22

30

22

20 10 0 max. vmbo

havo, vwo, mbo 2+

Deelnemers

hbo, wo

Bewoners gemeente Amsterdam

Figuur 2. Opleidingsniveau deelnemers burgerberaad en bewoners gemeente in %, N = 100. Bewoners uit verschillende stadsdelen hebben deelgenomen aan het burgerberaad in Amsterdam (zie Figuur 3). Er is sprake van een goede afspiegeling van de verschillende stadsdelen.

Verdeling over stadsdelen 18

16 16

Aantal mensen in %

16

17 17

17

16

16 16

14 12 10

11 11

10 10

10 10

8 6 3 3

4 2

0

Deelnemers

Inwoners van Amsterdam

Figuur 3. Verdeling over stadsdelen deelnemers burgerberaad en bewoners gemeente in percentage, N = 100.

17 Woning 50

46

45

40

Aantal mensen in %

40

35

30

29

30 23

25

24

20 15 10 5 0 Sociale huur (huur tot €753,-) Deelnemers

Vrije sector huur

Koop

Bewoners gemeente Amsterdam

Figuur 4. Type woning van deelnemers burgerberaad en bewoners gemeente in percentage, N = 100.

Conclusie Om een afspiegeling van de bewoners van Amsterdam te betrekken bij het burgerberaad, is een vorm van gestratificeerde loting toegepast. Zo werd beoogd een representatieve deelnemersgroep samen te stellen wat betreft leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, stadsdeel en type woning. Deelnemers aan het burgerberaad schone stad vormden wat betreft de kenmerken waarop is geloot een goede afspiegeling van de inwoners van Amsterdam. Waar het doorgaans moeilijker is om lager opgeleide deelnemers bereid te vinden om deel te nemen, is de gemeente bij het burgerberaad schone stad hier goed in geslaagd. Tot slot bestond het burgerberaad grotendeels (80%) uit bewoners die niet eerder deelnamen aan een door de gemeente georganiseerde vorm van participatie. Door loting toe te passen is het ook gelukt om nieuwe en andere groepen burgers te betrekken bij een maatschappelijk vraagstuk.

18

5. IN HOEVERRE VOELDEN DE DEELNEMERS ZICH GEHOORD TIJDENS DE DELIBERATIEBIJEENKOMSTEN? Als burgers spreken over hun verwachtingen van een participatieproces, geven ze vaak aan serieus genomen te willen worden door de gemeente. Deze behoefte om zich gehoord te voelen, is onderzocht met behulp van de theorie van ervaren procedurele rechtvaardigheid (Bleijenberg, 2021; Lind &Tyler, 1998, Webler et al, 2001; Van den Bos, 2023). Deelnemers voelen zich gehoord wanneer een burgerberaad in hun perceptie een rechtvaardig verloop heeft gekend. Wanneer deelnemers de opzet en uitvoering van een burgerberaad als rechtvaardig ervaren, draagt dit bij aan hun tevredenheid met het beraad en de acceptatie van de uitkomsten. Ook kan een als rechtvaardig ervaren burgerberaad bijdragen aan het vertrouwen in de initiator van het burgerberaad, zelfs als er sprake is van een voor hen ongewenste uitkomst. Er zijn drie elementen die een belangrijke rol spelen in ervaren procedurele rechtvaardigheid: respect, voice en explanation. • Respect: het gaat hierbij om de ervaring van deelnemers dat er beleefd en respectvol met hen is omgegaan. • Voice: hierbij gaat het om de ervaring van deelnemers dat er voldoende ruimte was voor hun inbreng en dat deze ook serieus genomen is.

Dit betreft zowel ruimte voor verschillende inhoudelijke opvattingen en vragen als de mogelijkheden om invloed uit te oefenen op het verloop van het proces. • Explanation: hierbij gaat het om de ervaring van deelnemers dat het proces en wat er met de adviezen van het beraad gebeurt helder is; begrijpelijke informatie over de aanpak van het proces, bijvoorbeeld over hoe inhoudelijke keuzes tot stand komen en transparante informatie over het politieke besluitvormingsproces na afronding van het beraad. Aan de hand van deze elementen is in dit onderzoek gekeken naar de ervaringen van deelnemers. Vinden deelnemers dat het burgerberaad in Amsterdam rechtvaardig is verlopen? En wat betekent dit voor hun steun voor de adviezen en hun vertrouwen in het beleid van de gemeente?

Ervaringen van deelnemers De ervaringen van deelnemers zijn over het algemeen positief (zie Figuur 5). Deelnemers gaven gemiddeld een 8 als rapportcijfer voor het burgerberaad. Deelnemers waren positief over het contact met de organisatie en voelden zich op een beleefde manier behandeld. Ook waren deelnemers positief over de informatie die zij ontvingen als input voor het formuleren van de adviezen. De stellingen die het minst hoog werden gewaardeerd gingen over het vertrouwen in de follow-up op de uitkomsten van het burgerberaad en het vertrouwen in de aanpak van de gemeente ten aanzien van een schone stad. Daarnaast werd ook de stelling ‘de uitkomsten van het burgerberaad komen overeen met mijn opvattingen’ iets minder hoog gewaardeerd door deelnemers.

19 Ervaringen deelnemers 1 Ik voelde me welkom bij het burgerberaad.

4,8

Ik ben op een beleefde manier behandeld door de gemeente.

4,9

Het contact met de mensen van de organisatie verliep prettig.

4,9

Ik kon mijn mening geven.

4,6

Er is met aandacht naar mijn mening geluisterd.

4,5

Feedback op het programma werd serieus genomen.

4,6

De gespreksleiders luisterden met aandacht naar iedereen in het groepje.

4,6

De voorzitter was onpartijdig.

4,7

Ik heb het gevoel dat mijn deelname aan het burgerberaad belangrijk werd gevonden.

4,4

De gespreksleiders van de groepjes waren onpartijdig.

4,5

De aanwezige experts waren onpartijdig.

4,1

Het burgerberaad is eerlijk verlopen.

4,4

Ik heb invloed gehad op de uitkomsten van het burgerberaad.

4,2

Ik voel me behandeld als iemand die ertoe doet.

4,6

De uitkomsten van het burgerberaad komen overeen met mijn opvattingen.

3,9

Ik ben tevreden met de adviezen die het burgerberaad heeft gegeven.

4,2

Als het onderwerp me interesseert, zou ik de volgnede keer weer willen deelnemen aan een burgerberaad. Als de adviezen van het burgerberaad worden uitgevoerd dan accepteer ik die, ook als ze niet overeenkomen met mijn opvattingen. Ik heb informatie gekregen die bruikbaar was bij het bedenken van adviezen.

4,7 4,6 4,4

De informatie die ik kreeg was begrijpelijk.

4,6

Ik heb voldoende informatie gekregen over het programma.

4,7

Ik heb voldoende informatie gekregen over wat er gebeurt met de adviezen van het burgerberaad. Ik vertrouw erop dat de uitkomsten van het burgerberaad door de gemeente zullen worden overgenomen. Ik heb meer vertrouwen gekregen in de manier waarop de gemeente de stad probeert schoon te houden.

4,5 3,9

3,9 1

2

3

4

Mee oneens - Beetje mee oneens - Neutraal - Beetje mee eens - Mee eens

Figuur 5. Ervaringen van deelnemers aan de hand van procedurele rechtvaardigheid, N = 95.

5

20 Ervaringen deelnemers 2 Ik sta positief tegenover het burgerberaad in Amsterdam.

4,7

Ik verwacht dat de adviezen van het burgerberaad meegenomen worden in de aanpak van de gemeente voor een schone stad.

4,3

Ik verwacht dat mijn bijdrage aan het burgerberaad ertoe heeft gedaan

4,3

Ik ben positief over de wijze waarop de gemeente het burgerberaad heeft georganiseerd.

4,5

Ik heb vertrouwen dat de gemeente wat gaat doen met de uitkomsten van het burgerberaad.

4

1

2

3

4

Mee oneens- Beetje mee oneens - Neutraal - Beetje mee eens - Mee eens

Figuur 6. Ervaringen en vertrouwen in opvolging adviezen, N = 96.

Ervaren deelnemers het proces als rechtvaardig? Deelnemers hebben het proces over het algemeen als rechtvaardig ervaren (zie Figuur 5). Deelnemers zijn positief over de drie dimensies van ervaren rechtvaardigheid, waarbij de dimensie ‘respect’ en ‘voice’ bijna even positief worden beoordeeld. Deelnemers waren tevens positief over inclusie: zij voelden zich behandeld als iemand die ertoe doet en hadden ook het gevoel dat hun deelname aan het burgerberaad belangrijk werd gevonden (zie Figuur 5): “Ik had het gevoel dat er veel moeite werd gedaan om iedereen zich welkom en belangrijk te laten voelen.” Ook deelnemers die gebruik maakten van de tolken gaven aan dat zij zich welkom voelden: “I felt included and that was kind of an experience that

we don't usually get in our own countries, they will prefer someone who speaks their tongue or something like that.” Deelnemers gaven aan dat ze bij een volgend burgerberaad opnieuw zouden deelnemen, mits het onderwerp hen interesseert.

Respect De deelnemers waren zeer positief over de organisatie van het burgerberaad: “Ik vond de organisatie en de constructieve, informatieve sessies en discussies erg goed”. Ook gaven deelnemers aan dat zij zich welkom en gehoord voelden: “De bijeenkomsten waren

duidelijk en sterk georganiseerd, iedereen had de mogelijkheid om hun steentje bij te dragen.”

Voice Deelnemers gaven aan zich gehoord te voelen gedurende het burgerberaad. Er werd naar hun mening geluisterd en feedback op het programma werd serieus genomen: “De bijeenkomsten waren leuk en gezellig. Er werd goed naar ons geluisterd.” Ook waren de deelnemers positief over de rol van de voorzitter en de gespreksbegeleiders: “De

gespreksbegeleiding was zeer goed en professioneel”.

5

21 Er waren enkele kritische geluiden over de breedte van het onderwerp: “Het onderwerp was te breed, afvalindustrie bijvoorbeeld lijkt mij meer voor specialisten. De breedte van

het onderwerp leverde heel veel diversiteit en veel adviezen op, wellicht te veel.” Daarnaast vonden sommige deelnemers dat er te weinig tijd gereserveerd was voor het brainstormen over de adviezen: “Ik vond de formats te strak en er was soms te weinig tijd

om te brainstormen over de adviezen.”

Explanation Deelnemers waren positief over de informatie die zij ontvingen: “Wat ik goed vond was de kennisgeving, goede workshops en de excursies”. Er waren echter ook enkele kritische geluiden ten aanzien van de timing van de informatievoorziening: “Meer informatie aan

het begin van het proces beschikbaar stellen over wat de gemeente precies doet op dit thema, en wat geprobeerd is, wat goed ging en wat niet.”

Hoe verder? Houding ten opzichte van de vervolgstappen Deelnemers gaven aan vertrouwen te hebben dat de gemeente iets gaat doen met de uitkomsten van het burgerberaad, (zie figuur 6). Zij denken dat er iets met (een deel van de) de adviezen gebeurt, maar in aangepaste vorm: “Ik verwacht niet dat alles

uitgevoerd wordt. Dat zeker niet, want er zullen vast problemen zijn met bepaalde adviezen of dingen die niet realistisch zijn, of dingen die heel lang gaan duren, of wat juridisch dan gedoe is. Maar ik denk dat het in ieder geval wel goed is om samen te komen om een heleboel opties te geven, zodat je op tenminste een beginpunt kan hebben voor de mensen die weten wat ze ermee moeten doen, of dat je in ieder geval misschien voor iets van inspiratie kan zorgen en dat mensen dan iets kunnen pakken en dan misschien kunnen zeggen van: hé, dit is niet helemaal goed, maar we kunnen er wel op bouwen.”

Conclusie Deelnemers hebben zich over het algemeen gehoord gevoeld gedurende het burgerberaad. Deelnemers waren positief over de drie dimensies van ervaren rechtvaardigheid, waarbij de dimensies ‘respect’ en ‘voice’ bijna even positief werden beoordeeld. Deelnemers waren tevens positief over inclusie: zij voelden zich behandeld als iemand die ertoe doet en hadden ook het gevoel dat hun deelname aan het burgerberaad belangrijk werd gevonden.

22

6. IN HOEVERRE HEBBEN DE GEBRUIKTE WERKVORMEN TIJDENS HET BURGERBERAAD RECHT GEDAAN AAN DE DIVERSITEIT VAN DE DEELNEMERS? Diversiteit gaat over de manier waarop mensen van elkaar verschillen (Hudson Jordan, 2011; Kramer, 2019), bijvoorbeeld wat betreft gender, leeftijd, cultuur, opleidingsniveau of inkomen. Een divers burgerberaad is niet per definitie een inclusief burgerberaad. Hoe zorg je ervoor dat een divers samengesteld burgerberaad ook een inclusief burgerberaad is, waaraan iedereen gelijkwaardig kan deelnemen? In de startnotitie van het burgerberaad heeft de gemeente beschreven een zo inclusief mogelijk burgerberaad te organiseren en daarmee zoveel mogelijk drempels voor deelname weg te nemen (Startnotitie Burgerberaad Schone Stad, 2023). Gelijkwaardige deelname voor alle deelnemers van het burgerberaad is de sleutel tot inclusiviteit: “Ensuring that all citizens have equal opportunities to participate is key to achieving inclusiveness” (OECD, 2020). Het is daarbij belangrijk dat ieders stem wordt gehoord en gewaardeerd (Movisie, 2024). Binnen deze deelvraag is specifiek gekeken naar de gebruikte werkvormen, de rol van de gespreksbegeleider en de manier waarop om is gegaan met meertaligheid. Andere aspecten die horen bij inclusie (bijvoorbeeld gericht op het meedoen van mensen met een handicap) komen niet aan bod binnen deze deelvraag.

Rol gespreksbegeleider en niet talige-werkvormen Een van de belemmeringen om tot een inclusief burgerberaad te komen is dat sommige deelnemers (taal)vaardiger zijn dan andere in het deelnemen aan een groepsgesprek over een complex onderwerp. Onderzoek laat zien dat vooral in groepsgesprekken sommige deelnemers veel meer aan het woord zijn dan andere. Een variatie aan, niettalige werkvormen,3 kan bijdragen aan gelijkwaardigheid in groepsgesprekken. De rol van de gespreksbegeleider is belangrijk om een gelijkwaardig speelveld te creëren waarin ruimte wordt geboden aan de inbreng van alle deelnemers.

Meertaligheid In de superdiverse context van Nederlandse grote steden (zoals Amsterdam) is een burgerberaad dat een afspiegeling is van de lokale bevolking per definitie meertalig. Meertaligheid vormt een extra uitdaging voor het organiseren van een inclusief burgerberaad en voor het garanderen dat ieders inbreng wordt gehoord. Om adviezen te kunnen formuleren voor de gemeente, is een common ground nodig tussen deelnemers. Wanneer er sprake is van linguïstische diversiteit, moet dit overbrugd worden om dat te kunnen bereiken. Daarvoor zijn verschillende middelen denkbaar, zoals de inzet van tolken, vertalingen en het overschakelen op een gemeenschappelijke taal (d.w.z. Engels). De inzet van deze middelen heeft invloed op de mate waarop mensen actief kunnen participeren en zich gehoord voelen (inclusie). 3

Niet-talige werkvormen: methoden waarbij communicatie of interactie plaatsvindt zonder het gebruik van gesproken of geschreven taal. Deze werkvormen maken gebruik van andere middelen (bijvoorbeeld visueel) om informatie over te brengen, gedachten en gevoelens te uiten en samen te werken.

23 Deelnemers voelden zich gehoord en gewaardeerd De gemeente Amsterdam heeft zich ingezet om een zo inclusief mogelijk burgerberaad te organiseren door verschillende middelen in te zetten, o.a. verschillende (ook niettalige) werkvormen, getrainde gespreksbegeleiders, tolken en vertalingen. Over algemeen voelden deelnemers zich gehoord en gewaardeerd binnen het burgerberaad, bleek uit het vragenlijst onderzoek. Deelnemers voelden zich behandeld als iemand die ertoe doet en hadden het gevoel dat hun deelname aan het burgerberaad belangrijk werd gevonden. Ook uit de interviews bleek dat deelnemers zich gehoord voelden: “Ik had het gevoel dat er veel moeite werd gedaan om iedereen zich welkom en belangrijk te laten voelen.” (Interview deelnemer, 2024). Hieronder wordt kort ingegaan op de belangrijkste bevindingen met betrekking tot de werkvormen, gespreksbegeleiding en de manier waarop met meertaligheid is omgegaan.

Variatie aan werkvormen om inclusie te bevorderen De gemeente heeft een variatie van verschillende werkvormen ingezet tijdens het burgerberaad. De gemeente heeft ook niet-talige werkvormen ingezet om gelijkwaardige inbreng van deelnemers te bevorderen. Hieronder volgt een toelichting op de verschillende vormen. Tekenopdracht: Bij de startbijeenkomst kregen deelnemers de opdracht om met hun groep aan tafel een tekening te maken met het antwoord op de vraag ‘Wanneer vinden jullie de stad schoon genoeg?’ Wat bij deze werkvorm opviel is dat alle groepen dezelfde fasen doorliepen (hoewel het tempo verschilde). Eerst gingen de deelnemers met elkaar in gesprek over de vraag, vervolgens pakte iemand de stift en begon te tekenen. En al pratend en tekenend verbeeldde de groep hun antwoord op de vraag. Sommige groepen gingen snel tekenen, andere groepen bleven lang praten. Uiteindelijk was er altijd iemand in de groep die de stift pakte en ging tekenen. Vaak was degene die de stift pakte om te gaan tekenen, een andere dan degene die daarvoor veel had gesproken (observatie). Quiz en expertpresentaties: Tijdens de tweede bijeenkomst was er een afvalquiz; een laagdrempelige werkvorm waarin deelnemers hun kennis over het onderwerp konden toepassen en testen. Aan de experts was gevraagd om niet-standaard presentaties te geven, maar om ook met interactieve ‘spellen’ aan de gang te gaan.

Excursies: De vier excursies tijdens de derde bijeenkomst zorgden ervoor dat deelnemers directe ervaring opdeden door op locatie dingen te zien, te horen, te ruiken en daarover tijdens de excursie in gesprek te gaan. Ook de werkvorm om de ervaring en inzichten uit de excursies met elkaar in gemengde groepen te delen, had naast een verbale ook een fysieke component, door het met de bal overgooien naar elkaar. Stemmen met de voeten: Tot slot konden deelnemers in de vierde bijeenkomst letterlijk hun positie t.a.v. een dilemma verbeelden door aan een kant van de ruimte te gaan staan. De voorzitter vroeg vervolgens een aantal deelnemers om een toelichting. Begeleiding in kleine groepjes: Bij het werken aan de adviezen (schrijven en bijstellen) werd er bewust in kleine (3-4 personen) tafelgroepjes gewerkt: “Dit hebben we gedaan

om mensen beter te begeleiden met gespreksbegeleider, mensen die het moeilijk vinden om in een grote groep iets te zeggen, aan het woord te laten, om het behapbaar te maken voor deelnemers en voor onszelf” (Interview procesbegeleider, 2024). De

24 gespreksbegeleiders zaten niet vast bij een groepje maar liepen langs en leverden zo nu en dan en afhankelijk van wat nodig was, een bijdrage.

Verhouding plenair en groepswerk In Figuur 7 (zie volgende pagina) is de verhouding in tijd die is besteed aan plenaire onderdelen en groepswerk weergegeven tijdens het burgerberaad. Er is een aanzienlijk deel van de tijd besteed aan plenaire onderdelen die vooral bestonden uit zenden. Deze onderdelen bestonden bijvoorbeeld uit presentaties, sprekers of het instrueren van deelnemers. Onderzoek laat zien dat de effectiviteit van het overdragen van informatie na 15 minuten sterk afneemt. Hoewel de gemeente zich heeft ingezet om informatie zo begrijpelijk mogelijk te maken, waren onderwerpen en taalgebruik soms toch complex. De combinatie van complexe informatie en gedurende langere tijd zenden, draagt niet bij aan de inclusie van deelnemers. Meer tijd besteden aan praten in groepen kan bijdragen aan meer inclusiviteit tijdens het burgerberaad.

Evaluatie werkvormen door deelnemers De evaluatie van deelnemers ten aanzien van de werkvormen is wisselend. Met name de tekenopdracht is naar voren gebracht tijdens de gesprekken met deelnemers. Deelnemers gaven aan dat het een goede ijsbreker was: “Ik denk dat het goed is dat het in het begin werd gedaan, de tekening leek me wel een goede ijsbreker.” en dat het een goede manier kon zijn om wellicht wat terughoudende deelnemers toch te betrekken in het proces: “Ik vind het makkelijker om te communiceren via plaatjes of symbolen. Ik

merkte dat er mensen waren die het moeilijk vonden om in het Engels te communiceren, dus voor hen is het ook makkelijker.” Deelnemers gaven soms aan dat de bedoeling niet altijd werd begrepen: “Eerlijk gezegd

begreep ik niet waarom dit aan ons werd gevraagd, ook omdat het aan onze tafel een beetje chaotisch was. Er waren allerlei mensen aan het tekenen, en er moest één gigantische, papieren tekening tevoorschijn komen”. Uit de observaties bleek dat de opdracht niet altijd goed werd begrepen door deelnemers, de rol van de gespreksbegeleider is dan van doorslaggevend belang. Sommige deelnemers twijfelden of de werkvorm waarbij werd getekend iets heeft toegevoegd in het betrekken van ‘stillere’ deelnemers: “Maar of het echt veel heeft

toegevoegd, dat weet ik niet. Ik denk dat de mensen die al meer geneigd zijn iets in te brengen, dat het hen extra stimuleerde, terwijl mensen die minder geneigd waren om dat te doen, dat het voor hun niet hielp.”

25 Plenaire werkvormen

Werkvormen voor groepswerk

Dagvoorzitter informeert, instrueert deelnemers Dagvoorzitter sluit bijeenkomst af Dagvoorzitter bespreekt opbrengsten groepswerk Plenaire presentaties deskundige, toetscie Plenaire opdracht voor groepen Optreden wethouder Afvalquiz met behulp van Mentimeter Deelnemers kiezen positie in ruimte bij 3 stellingen Dilemma's bespreken Stemmen door deelnemers Lunch en koffiepauzes, reistijd excursies

203 50 15 65 25 21 15 20 15 167 250

Totaal in minuten Totaal in uren

846 14,1

Gesprek en tekenen in groepen Thema’s bepalen waaraan je wil werken Presentaties en gesprek met experts Excursies Uitwisseling ervaringen - bal overgooien Met ideeënclusters aan het werk en opzet adviezen Werken aan (concept) adviezen Aanpassen adviezen -roddel methode

Figuur 7. Tijdverdeling (minuten en uren) van alle bijeenkomsten van het burgerberaad schone stad per werkvorm tijdens de plenaire onderdelen en groepswerk.

Rol van gespreksbegeleiders bij inclusie De rol van gespreksbegeleiders is het creëren van een prettige en vertrouwde sfeer waarin deelnemers zich gelijkwaardig kunnen uiten (Brenninkmeijer e.a., 2021). Gespreksbegeleiders waren voor een deel ervaren (externe) gespreksbegeleiders en voor een deel ambtenaren. De gespreksbegeleiders zijn uitgebreid voorbereid op hun rol. Er zijn drie online briefings geweest waarin het programma en de rol van gespreksbegeleider werden toegelicht. Tevens is met hen gecommuniceerd via de mail. Vlak voor elke bijeenkomst was er een laatste check-in/briefingsmoment waarin ze de laatste belangrijke punten nog eens doornamen. Gespreksbegeleiders werden per onderdeel van het programma geïnstrueerd over hun rol. Een belangrijke taak van de gespreksbegeleider was om te zorgen dat iedereen aan het woord kwam: ‘let op de tijd en laat iedereen aan het woord komen’ (rol gespreksbegeleider, presentatie briefing, 2024) en om stillere of afwachtende deelnemers uit te nodigen om mee te praten of mee te tekenen: ‘Elke groep maakt een tekening, de gespreksbegeleider tekent niet mee. Je nodigt mensen die afwachtend zijn, uit om mee te tekenen.’ (Instructie gespreksbegeleiders bijeenkomst 1, 2024). Zo was de rol van de gespreksbegeleider niet alleen het gesprek te structureren en de tijd te bewaken, maar ook om te zorgen dat elke deelnemer zijn stem kon laten horen.

Deelnemers gaven aan dat zij de gespreksbegeleider waardeerden. Zij wisten wat van hen werd verwacht en zorgden ervoor dat iedereen aan het woord kwam: “Ik wist eerlijk gezegd niet wat ik moest doen,

ik zat daar en vroeg me af, oké wat moet ik nu vertellen? De gespreksbegeleider begon de onderwerpen uit te leggen en moedigde ons aan om onze ideeën in te brengen. Dat was erg helpend.”

Omgaan met meertaligheid In het kader van inclusie was het voor de gemeente – ongeacht de kosten – een zekerheid dat er tolken zouden komen voor deelnemers die de Nederlandse taal niet (goed) machtig zijn. En deze zijn ook beschikbaar gesteld in het Engels, Syrisch-Arabisch, Marokkaans-Arabisch en Tigrinya. Daarnaast heeft de gemeente zich ingezet om informatie beschikbaar te stellen in het Engels en de adviezen te vertalen.

40 23 145 60 20 60 235 45

628 10,5

26 Deelnemers die gebruik maakten van een tolk gaven aan dat zij dit erg hebben gewaardeerd en ze vonden het fijn dat zij konden deelnemen aan het burgerberaad ondanks dat ze de Nederlandse taal niet (goed) machtig zijn: “Ik voelde me erg

geïncludeerd, dit was een soort ervaring die we meestal niet hebben in het land waar ik vandaan kom. Ze zullen daar voor deelnemers gaan die de taal spreken. Ze waren hier oprecht geïnteresseerd in mijn inbreng. Dat was erg fijn, om eerlijk te zijn.” In plenaire gedeelten waren de tolken volledig ondersteunend. In de groepsgesprekken werd in veel gevallen zonder tolk gewerkt of was de tolk bij delen van het gesprek ondersteunend. In de groepjes werd veel overgeschakeld op het Engels als ‘gedeelde taal’ (‘lingua franca’) omdat dit vaak efficiënter was dan via de tolk en Nederlandstalige deelnemers ook hun best deden om inclusief te zijn tegenover de deelnemers die ondersteund werden door een tolk. Voorafgaand aan het burgerberaad was aan deelnemers uitgevraagd of zij vaardig waren in Engels, voor het eventueel combineren van deelnemers in groepjes met verschillende linguïstische achtergronden: ‘We weten dat er deelnemers anderstalig zijn, vindt u het vervelend als er af en toe Engels wordt gesproken?’ Slechts 7 deelnemers gaven aan dat zij dit een probleem vonden. In het groepsinterview met tolken werd echter aangegeven dat zij observeerden dat sommige deelnemers niet goed mee konden komen wanneer werd overgeschakeld op Engels.

Deelnemers waren terughoudender in hun inbreng of het bleek dat zij het over andere onderwerpen hadden, waardoor zij geen ‘common ground’ hadden en verwarring ontstond. “Wat ik lastig vond, is wanneer een groep overschakelde naar Engels zonder

dat te overleggen met elkaar, dat je dan merkt dat er één of twee zijn die niet meekomen omdat ze toch net niet goed genoeg Engels kunnen spreken. Deze deelnemers durven dat dan niet aan te geven en dat is gewoon heel jammer om te zien. Het lastige daarin als tolk, vind ik dat het niet mijn taak is om op dat moment het gesprek te onderbreken en te zeggen, ik ben er nog als jullie me nodig hebben, ondanks dat je eigenlijk wel ziet dat er iets fout gaat.” (groepsinterview tolken, 2024). Dit beeld werd ook geschetst in interviews met deelnemers: “Er waren situaties waarin ze gewoon overschakelden naar het Engels in mijn groepje, en dit was moeilijk voor de Nederlandstalige deelnemers.” Dit ging niet alleen over Nederlandstalige deelnemers, maar ook over deelnemers waarvan Engels niet de moedertaal is - die gebruik maakten van tolken. De rol van de gespreksbegeleider is in deze situatie essentieel: “Zorg dat

gespreksbegeleiders het weten, als er in een gesprek anderstaligen met tolken aanwezig zijn, let niet alleen erop of zij meekomen, maar als het gesprek van taal verwisselt let er dan ook op dat Nederlandstalige deelnemers ook meekomen.” (groepsinterview tolken, 2024). Het is ook anders om in een tweede taal te moeten spreken over een complex onderwerp, dan wanneer je over alledaagse onderwerpen spreekt, zoals een kopje koffie bestellen. Dit argument wordt ondersteund door het feit dat het in burgerberaden vaak voorkomt dat deelnemers voor wie het Nederlands een tweede taal is (maar het wel spreken), toch graag ondersteund willen worden door een tolk, om de complexe informatie goed te kunnen volgen en verwerken. Een ander aandachtspunt dat werd benoemd door tolken, is dat deelnemers goed vooraf geïnformeerd moeten worden over de rol van de tolk. In sommige situaties was er de verwachting dat de tolk de deelnemers ook hielp bij het uitvoeren of ondersteunen van de opdrachten in groepjes plaats van enkel simultaan vertalen.

27 Conclusie Hoewel een 100 procent inclusief burgerberaad organiseren onmogelijk is, laten de resultaten zien dat de gemeente zich heeft ingezet om een zo inclusief mogelijk proces te realiseren. Deze inspanningen hebben voor veel deelnemers geleid tot een gevoel van welkom zijn en waardering, en droegen bij aan een inclusieve ervaring. Het is positief dat de gemeente diverse werkvormen heeft ingezet om inclusie te bevorderen. Dit komt bijvoorbeeld tegemoet aan verschillen in de mate waarin deelnemers talig of visueel zijn ingesteld. Het werken in kleine groepen draagt ook bij aan het betrekken van deelnemers die het lastiger vinden om voor een grote groep te spreken. Tegelijkertijd is variatie in werkvorm of groepsgrootte alleen niet voldoende; het vraagt om goede begeleiding van gespreksbegeleiders, die uitleggen waarom voor bepaalde werkvormen gekozen is en die ook steeds oog houden voor hoe de werkvorm uitpakt voor verschillende deelnemers. Dit is essentieel om een gelijk speelveld te creëren. Wat betreft de omgang met meertaligheid, wordt de moeite die de gemeente erin heeft gestoken om deelnemers met een andere taalachtergrond te faciliteren, erg gewaardeerd door deze deelnemers. De rol van de gespreksbegeleider is van belang bij het nagaan of iedereen kan meekomen in een gesprek wanneer wordt overgegaan op een andere taal.

Hoe verder om te gaan met meertaligheid is complex en geen ‘one size fits all’. De keuze voor een specifiek middel heeft gevolgen; taal is meer dan alleen een communicatiemiddel, het is verbonden met cultuur en identiteit, beïnvloedt de manier waarop we denken, welke beslissingen we nemen en nog veel meer. Dit heeft effect op deliberatie en de uitkomsten ervan. Meer onderzoek is nodig om inzicht te krijgen in welke rol meertaligheid speelt in inclusieve participatieprocessen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15274945/1