CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag WB 24-03-2021

Raadscommissie Wonen en Bouwen 24 maart 2021, gemeente Amsterdam15.042 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De vraag is hoe dat verder gestimuleerd kan worden. Misschien is een extra investering goed om de zorgketen te ontlasten. De gemaakte verdeling is pijnlijk, maar onvermijdelijk. Zij vraagt hoe groot de kans is dat de provincie een indeplaatsstelling toepast. Zijn dit beleid en deze verdeling afgestemd met de provincie? Uiteindelijk is niet de inzet bepalend, maar de uitkomst. De resultaten van het afgelopen jaar, die volgende keer besproken worden, zien er niet goed uit. Welke garantie is er dat de afgesproken verdeling ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd? Wethouder IVENS antwoordt de heer Van den Heuvel dat hij vrij recent een overleg heeft gehad met staatssecretaris Blokhuis over daklozen. Daarbij is gezegd dat het vreemd is dat voor de ene groep wel, en de andere geen taakstelling bestaat. Het probleem moet toch integraal bekeken worden. De lobby van Amsterdam is erop gericht om de huisvesting van alle kwetsbare groepen in samenhang te bekijken. De landelijke spreiding moet vanuit die samenhang nagestreefd worden en het Rijk zou daarbij de regie moeten nemen. Het leek erop dat de staatssecretaris daar wel oren naar had, maar het is zeker nog niet opgelost. Ook wethouder Groot Wassink brengt dit onderwerp bij tal van overleggen ter sprake. Of dit ook onderwerp van gesprek is bij de formatie weet hij niet.

Inderdaad betekent een groter budget ook dat meer woningen mogelijk worden. In de vorige periode is gezegd dat er 2700 extra woningen nodig waren voor de doelstelling om kwetsbare te huisvesten. Daarvoor is toen extra geld uitgetrokken, waarmee ook voor

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

het zorgdomein een bezuiniging ingeboekt kon worden. Mensen konden namelijk uitstromen uit de opvang, waarvoor dan minder geld nodig was. Daarom is integraliteit nodig. Als er extra geld nodig is, moet elders weer bezuinigd worden. De heer VAN DEN HEUVEL vraagt of er budget wordt vrijgemaakt bij de voorjaarsnota voor het meer creëren van tijdelijke woningen. Wethouder IVENS antwoordt dat hij daarover nog moet overleggen met het college. De voorjaarsnota ligt er nog niet en uiteindelijk beslist de gemeenteraad. Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen dat hij een programma huisvesting kwetsbare groepen heeft opgezet, waarbij het niet alleen om woningen gaat, maar ook om de begeleiding en zorg. Hij trekt daarbij samen op met de wethouders Kukenheim en Groot Wassink. Mevrouw VAN PIJPEN bedoelde met haar vraag de warme overdracht voor gezinnen in de gezinsopvang. Je zou met het oog op de overdracht kunnen kijken of mensen ook op andere plekken, binnen of buiten de regio, een woning kunnen vinden. Het gaat haar om de manier waarop je investeert in de warme overdracht. Wethouder IVENS antwoordt dat wethouder Kukenheim met dat onderwerp bezig is. Helaas zijn er nauwelijks gemeenten die woningen over hebben. Deze mensen worden dan ook niet echt met gejuich ontvangen, ook vanwege het vergrote risico dat de betrokkenen zich uiteindelijk toch op de gemeente zullen beroepen.

Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen verder dat dit nog niet tot in detail is afgestemd met de provincie. De gemeente gaat er nog zelf over. Een indeplaatstelling van de provincie dreigt voorlopig nog niet. Hij heeft net een brief van de provincie ontvangen, die hij ook aan de commissie zal sturen, waarin de provincie aangeeft dat de gemeente op de interventieladder twee treden teruggaat, omdat vorig jaar de taakstelling voor statushouders zo goed als gehaald is. Dat komt neer op een compliment. Mevrouw VAN PIJPEN begrijpt dat andere gemeenten niet direct enthousiast reageren. Zij vraagt of ook de vergrote inzet op een warme overdracht wordt meegenomen. Wethouder IVENS antwoordt dat wethouder Kukenheim dat misschien in gaat brengen. Hijzelf is nog niet heel enthousiast over de verplaatsing naar andere gemeenten. Hij heeft nog niet veel positieve verhalen gehoord over de resultaten, terwijl er veel ambtelijke capaciteit voor nodig is. De gesprekken met de huurderskoepels en de corporaties verlopen pittig. Er zijn dit jaar drie bestuurlijke gesprekken geweest over dit punt. Het lijkt erop dat men van de extra woningen die dit jaar verhuurd worden, nog eens 30% aan deze groep toegewezen worden. Dat leidt tot 150 extra woningen voor deze specifieke groep. Daarnaast wil hij de rolstoelwoningen niet meer meetellen bij deze toewijzing. Die gaan naar de reguliere toewijzingen.

Dat geeft ook wat meer ruimte. Ook als bij stedelijke vernieuwingsurgenten minder zijn dan aanvankelijk gepland, zal die ruimte benut worden voor kwetsbaren. Het lijkt erop dat men op 200-300 extra woningen mag rekenen voor dit jaar. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt iets te zeggen over de uitvoering. Komt die in de gesprekken aan de orde? Wethouder IVENS antwoordt dat de uitvoering in die gesprekken niet gedetailleerd ter sprake zal komen. Er is inmiddels wel een kopgroep geformeerd van corporaties, huurders en gemeente om het onderwerp van ‘voldoende woningen’ wat meer in de breedte te beschouwen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is. Zij schorst de vergadering voor enige ogenblikken.

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

8. Onderzoeksrapport van de verkenning samenvoegen jongeren- en studentehuisvesting (ZD2019-009964) De heer LEENDERS leest in de laatste zin van het rapport dat het college de aanbevelingen van RIGO onderschrijft om te werken aan een gezamenlijke aanpak van jongerenhuisvesting met heldere doelen. Hij vraagt hoe de wethouder deze aanbeveling gaat concretiseren. Wethouder IVENS antwoordt dat uitgebreid onderzoek tot deze conclusie heeft geleid. Iedereen lijkt positief te zijn over het convenant waarbij studentenhuisvesters betrokken zijn, maar ook studentenorganisaties. RIGO zegt dat ditzelfde ook bij jongerenhuisvesting mogelijk is. Hij zal deze aanbeveling zeker meegeven voor het vervolgen van het plan Jongeren- en studentenhuisvesting. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. 10. Kennisnemen van de Rapportage Woningbouwplan 2018-2025 (stand van zaken per 1 januari 2021) (ZD2021-0002564) De heer LEENDERS vindt het goed dat de ambities hoog zijn. Er moet meer middeldure huur gebouwd worden, zeker ook gezien de tegenvallende aantallen in 2020. De planvoorraad is prima met 4000 woningen, maar het gaat om het slagingspercentage. Hij vraagt hoe dat eruit ziet voor deze 4000 woningen en verzoekt alles op alles te zetten om dat slagingspercentage zo hoog mogelijk te laten zijn.

Terecht voert de wethouder de onzekere economische ontwikkelingen aan, maar in de rapportage staat niet hoe die onzekerheid weggenomen kan worden. Hij vraagt hoe dat zou kunnen. Eerder deze vergadering is al gesproken over de noodzaak van een gezamenlijke aanpak jongerenhuisvesting. Het advies van RIGO is belangrijk, want de planvoorraad voor de studentenwoningen is in deze rapportage onduidelijk. Hoe ziet die planvoorraad eruit, ook na 2022? Het halen van de doelstellingen voor jongerenhuisvesting is volgens de wethouder lastig, maar er komt geen oplossing. Hij roept de wethouder op om met een serieus plan te komen. De heer HAVELAAR merkt op dat zijn fractie positief staat tegenover het instellen van het doorbraakteam. Hij vraagt naar de eerste resultaten. Verder spreekt hij zijn zorg uit over de plancapaciteit en de haalbaarheid ervan. Door de coronacrisis kwam er vertraging in het project, trapten ontwikkelaars op de rem en worden beleggers selectiever. De wethouder zegt dat hij een inhaalslag wil maken. Hoe wil hij dat doen, in deze markt? Als je kijkt naar de bouwcijfers valt het op dat het in het sociale segment wél lukt om bomen te bouwen. In alle segmenten van de Amsterdamse woningmarkt is er sprake van overspanning. Voor de ene groep leidt dat tot lange wachtlijsten, en voor de andere tot heel hoge vierkantemeterprijzen.

Hij vraag in hoeverre je meer of minder spanning ziet in deze verschillende segmenten. Is het mogelijk een spanningsindicator te gebruiken zoals men ook op de arbeidsmarkt gebruikt? De heer VAN DEN HEUVEL wil, in tegenstelling tot de heer Havelaar, graag een debat voeren over de slechte woningbouwcijfers. Hij vraagt zich af wat nog mogelijk is met de doelstellingen die er nog staan. Eerder is gezegd dat de hoge doelstellingen gehaald kunnen worden, mits de economische omstandigheden goed blijven. In deze rapportage staat uiteraard veel over de slechte economische omstandigheden. De coronacrisis zal effect hebben op de woningbouwcapaciteit. Hij vraagt wat dat doet met de doelstellingen. Als die doelstellingen niet omlaag gaan, hoe kan de raad dan nog controleren? Als hij kijkt naar het tabelletje van de planvoorraad in de rapportage maakt hij zich zorgen. Dat heeft te maken met het slagingspercentage. Het afgelopen jaar was dat 61 in

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

de sociale woningbouw, maar slechts 28 in de middeldure huur. Wat zijn de eerste resultaten van het doorbraakteam? Gaat dat aantal van 28 omhoog? Vooralsnog is dit niet de wethouder van 40-40-20, maar die van 45-15-40. Bijna de helft is in de afgelopen jaren gebouwd in het dure segment. Ook in het sociale segment worden de doelstellingen niet gehaald, maar daar is het slagingspercentage wel goed. Alles moet dus ingezet worden op het middensegment. Hoe denkt de wethouder dat in het komend jaar voor elkaar te krijgen? Mevrouw VAN PIJPEN sluit zich aan bij de eerder gestelde vragen. Positief is dat het hier gaat over het verlichten van de schaarste, maar genoeg is het nog niet. Het is belangrijk dat de ambitie onverminderd hoog blijft. Mevrouw VAN SOEST leest in de rapportage dat een teken van de intentieverklaring zelfstandig geclusterd wonen voor ouderen is begonnen met een inventarisatie van de geschikte kavels. Kan de wethouder aangeven waar die eventueel zijn? Er staat dat er diverse projecten in voorbereiding zijn. Woonzorg heeft twee grote projecten in ontwikkeling: De Drie Hoven, en Stadsveteraan Amstelkwartier samen met AM. Is te zeggen om hoeveel woningen het daarbij gaat? En in welke sector vallen ze? Wethouder IVENS antwoordt mevrouw Van Pijpen dat het inderdaad om een verlichting van de schaarste gaat: elke nieuwe woning is welkom in de stad.

Hij is het eens met de heer Van den Heuvel dat de 40-40-20 nog lang niet bereikt is. Ook de 2500 sociale corporatiewoningen en 1670 middeldure huurwoningen zijn nog niet gerealiseerd. Er worden nog steeds niet de juiste woningen gebouwd en daarom moet er bijgestuurd worden. Daarom is de 40-40-20 zo belangrijk. Als de planvoorraad er is, moet ook de slaagkans zo goed mogelijk worden. Vooral voor het middensegment moet die snel omhoog. Het blijkt dat 50% of maximaal 60% haalbaar is. Er is een bouwpiek, maar er moet doorgebouwd worden om die blijvend te verlengen. Hij kan niet in zijn eentje de economische onzekerheid oplossen. Die hangt deels ook samen met het nieuws over de pandemie. Wel is het zaak om constant het gesprek met de bouwende partijen gaande te houden. Het doorbraakteam heeft nu zes casussen besproken, opvallend genoeg alleen gevallen die ingebracht zijn door de corporaties. De marktpartijen hebben nog geen casussen ingebracht. Misschien heeft het bestaan van het doorbraakteam een preventieve werking. De marktpartijen waarderen het enorm dat de gemeente een hand reikt. De heer HAVELAAR hoort de wethouder spreken over een bouwpiek, terwijl er in 2020 minder woningen in aanbouw zijn genomen dan in 2019. En in 2019 minder dan in 2018. Wat is de definitie van een bouwpiek? Wethouder IVENS antwoordt dat je niet alles met 2018 mag vergelijken.

Dat was een absoluut recordjaar waarin heel veel werd gebouwd. In 2014 kwam men voor het eerst boven de 5000 woningen. Het streven van het college is om de huidige bouwpiek nog verder te verhogen. Historisch gezien zijn de huidige aantallen heel hoog, maar als je het alleen vergelijkt met 2018 zal ieder jaar tegenvallen. De heer HAVELAAR vraagt zich af hoe het eruitziet als je het vergelijkt met Londen of Berlijn. Verder ligt er een ambitie voor de komende jaren. Het wordt er niet helderder op als je spreekt over een bouwpiek als die ambitie niet gehaald wordt en je minder realiseert dan het vorige jaar. Wethouder IVENS reageert dat hij hard werkt om de afgesproken doelen te realiseren. Hij is niet voornemens om de doelen bij te stellen. Het is zaak de huidige bouwpiek te verlengen tot 2025. Met de woonagenda is een poging gewaagd om aan te geven welke segmenten overspannen zijn. Er kwam uit naar voren dat de grootste spanning zat bij sociale huur. Ook werd duidelijk dat het middensegment in de knel kwam. De 40-40-20 is belangrijk om een inhaalslag te maken.

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

Hij antwoordt mevrouw Van Soest dat er meerdere initiatieven lopen voor de geclusterde ouderenhuisvesting. Hij weet niet precies wat De Drie Hoven voor programma heeft. Stadsveteraan is voor zover hij weet sociaal. Mevrouw VAN SOEST kondigt aan dat zij over dat onderwerp schriftelijke vragen zal stellen. Wethouder IVENS antwoordt de heer Leenders dat er inderdaad nog geen duidelijkheid is over de planvoorraad voor jongeren- en studentenhuisvesting. Eerst wordt geselecteerd op programma, en pas later op de doelgroep. Er is wel een planvoorraad ‘sociaal’, maar er is nog niet vastgesteld welke specifieke groep er in het project komt te zitten. Met de planvoorraad voor jongeren en studenten kan je dus maar relatief kort vooruitkijken. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Ontwikkelbuurten 11. Start aanpak Nieuw-West (ZD2020-01453) Mevrouw KILIÇ merkt op dat participatie wezenlijk is. Voor een optimale kans van slagen is betrokkenheid van de buurt erg belangrijk. Je kunt daarbij jongerenwerkers, stichtingen, verenigingen, besturen van gebedshuizen en ondernemers betrekken. Die kunnen de bewoners laten meedenken. Het is zaak gentrificatie te voorkomen. Het blijkt steeds dat er een discrepantie zit tussen de intentie om gentrificatie te voorkomen en de werkelijkheid.

Een volledige aanpak zoals het masterplan Zuidoost zou ook in dit geval op zijn plaats zijn. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt in verband met de vergelijking met het masterplan Zuidoost hoe en op welk moment de raad geïnformeerd wordt, zodat sturing gegeven kan worden. Wethouder IVENS antwoordt dat, zoals afgesproken in de Woondeal, ook in Nieuw-West gewerkt wordt aan een benadering samen met het Rijk. Hij stuurt deze brief om de commissie te informeren over de start van de aanpak Nieuw-West. Er is voor gekozen om de systematiek van masterplan Zuidoost ook in dit geval te volgen. Er komt dus een masterplan Nieuw-West, waarover de raad in het commissie AZ zal worden geïnformeerd. Er wordt heel hard aan gewerkt via een team met twee wethouders, de burgemeester, een stadsdeelvoorzitter, maar ook veel partijen die actief zijn in NieuwWest en een vertegenwoordiger van de stadsdeelcommissie. Hij is het eens met mevrouw Kiliç dat participatie erg belangrijk is. Ook is het zaak om de beloften na te komen. Gentrificatie moet voorkomen worden door samen aan tafel plaats te nemen met deze mensen en vertegenwoordigers van Nieuw-West. De beste garantie is het project niet alleen over te laten aan ontwikkelaars. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. 12.

Verkenning van kansen Molenwijk, de princiepnota (ZD2021-000382) De heer LEENDERS is blij dat de kansen verkend worden. Maar hij heeft Molenwijkers gesproken die deze verkenning helemaal niet kennen. Ze waren niet op de hoogte van de ontwikkeling van dit stuk. Daarnaast is de participatie ook niet uitgewerkt in deze verkenning van kansen. Dat moet anders kunnen. Het is belangrijk de ideeën en betrokkenheid van mensen in Molenwijk te gebruiken. Verder is geheimzinnigheid over de financiële paragraaf en het advies van het stadsdeel. Dat blijft voor tien jaar geheim. Hij vraagt waarom dat zo is. En welke informatie kan wél gedeeld worden met de

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

Molenwijkers? Ten slotte richten de kansen die in deze notitie geschetst worden zich maar weinig op de sociaaleconomische kansen voor de huidige Molenwijkers. Er ligt een grote bouwopgave, waar ook Molenwijk zijn steentje aan zal bijdragen. Zijn fractie roept de wethouder op om dat met en voor de huidige Molenwijkers te doen. Mevrouw KILIÇ leest in de nota over de betrokkenheid van bewoners door een participatietraject. Dat zou zijn gebeurd door gesprekken etc. Maar actieve bewoners zijn geen communicatie tegengekomen. Hoe kan dat? En dan heeft zij het nog niet over de niet-actieve of moeilijk bereikbare bewoners. Investeringen in ontwikkelbuurten moeten toch specifiek ten goede komen aan kwetsbare bewoners, die niet echt actief zijn? Die mensen zijn moeilijk te bereiken en te betrekken. Representativiteit is een belangrijk aandachtspunt in het planproces. Zij vraagt hoe de bewoners dan wel betrokken zijn. Welke bewoners heeft men betrokken? Hoe staat het met de representativiteit? Hoe is het participatietraject gecommuniceerd? In de principenota wordt de samenstelling van de buurt toegelicht. Er wordt een specifiek onderscheid gemaakt tussen bewoners met niet-westerse en bewoners met een Nederlandse of westerse achtergrond. Voor de leefbaarheidsmeter die op landelijk niveau is gehanteerd wordt het onderscheid van migratieachtergrond ook als indicator gebruikt.

Haar fractie heeft schriftelijk gevraagd of Amsterdam ook gebruikt maakt van die meter. Het antwoord was dat dit niet zo was. Hier lijkt dat toch anders te zijn. Zij vraagt een toelichting van de wethouder. Een van de opgaven voor het plangebied is het verbinden van de ruimtelijke opgave met het sociaaleconomisch vraagstuk. Het doel daarvan is nieuwe ontwikkelingen mogelijk te maken die een kwaliteitsimpuls geven aan voorzieningen en werkgelegenheid. Een van de gefaciliteerde middelen is een gedifferentieerde woningvoorraad te hanteren voor de diverse bevolking en ruimte te geven voor doorstroming. Maar hoe wil de wethouder dat doen zonder gentrificatie? Zoals het er nu staat moeten huidige bewoners hun wijk verlaten om plaats te maken voor nieuwe bewoners die het imago van de buurt moeten opkrikken. Ten slotte vraagt zij in hoeverre de gevolgen van de coronacrisis zijn meegenomen in de planning en de financiën. Wethouder IVENS merkt op dat Molenwijk het verdient om meer toekomstzekerheid te krijgen. Afgaande op de stukken van de stadsdeelcommissie en het dagelijks bestuur is er uitgebreide participatie geweest. De conceptnota is in een aantal rondes besproken met het meedenknetwerk onder begeleiding van !WOON. Bewoners hebben daarnaast ingesproken bij de vergadering van de stadsdeelcommissie. Wel is een grote bijeenkomst niet doorgegaan door corona.

Er is toen besloten om de bewoners van Molenwijk te informeren door een huis-aan-huis verspreide bewonerskrant, ‘Werken aan de Toekomst’. Daarin zijn de plannen uitgelegd en toegelicht. De stadsdeelcommissie vraagt er ook aandacht voor bij het dagelijks bestuur. Dat reageert door te zeggen dat men in het vervolgtraject de Molenwijkers nog beter zal betrekken. Hij vindt dat een goede reactie. Hij schrok wat van de reactie van mevrouw Kiliç. Hijzelf heeft niet gelezen dat huidige bewoners hun wijk moeten verlaten. Mevrouw Kiliç leest kennelijk ergens dat de achtergrond van mensen gekoppeld wordt aan de veiligheid. Als dat ergens staat, moet mevrouw Kiliç hem dat tonen. Het mag in ieder geval nooit gebeuren. Hij leest in de notitie dat samen met de Molenwijkers vormgegeven moet worden aan Molenwijk. Een deel van de mensen daar is niet over alles enthousiast. Hij antwoordt de heer Leenders dat er al veel gebeurt, zoals de aanpak in het sociale gebied. Hij denkt bijvoorbeeld aan de aanpak van het Diereneiland, of de beweegen leefstijlroute door Molenwijk, of een jongerenontmoetingsplek. De financiële paragraaf is geheim omdat er dingen in staan die de onderhandelingspositie van de gemeente kunnen schaden. Hij antwoordt mevrouw Kiliç verder dat de gevolgen van de coronacrisis nog niet meegenomen zijn, omdat die nog niet bekend zijn.

Dit is een plan waaraan vastgehouden moet worden, met of zonder crisis. In hoofdstuk 10 staan de richtingen van de financiële

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

paragraaf. Misschien had hij, vanwege de vele onzekerheden, de financiële paragraaf niet vertrouwelijk mee moeten sturen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. 13. Verkenning van Kansen Venserpolder (ZD2021-000538) Mevrouw KILIÇ vestigt opnieuw de aandacht op participatie en draagvlak. Ook belangrijk is de transparantie in het proces, zoals dat ook terugkwam in het advies van de stadsdeelcommissie. De stadsdeelcommissie heeft in haar advies vragen gesteld waarop zij de beantwoording niet kon vinden. De stadsdeelcommissie adviseert participatie, maar ook transparantie over het proces. Met wie en wanneer zijn gesprekken gevoerd? Waar zijn de gespreksverslagen te vinden? Een ander advies van de stadsdeelcommissie is de kracht uit de wijk. Er moet geïnvesteerd worden in de wijk; het ondernemerschap moet gestimuleerd worden. De gemeente moet daarbij het voortouw nemen door bij de aanbesteding van projecten eerst te zoeken naar iemand uit de wijk. Een ander punt is de inzet van sleutelfiguren. Wie zijn dat? Hoe zijn ze gevonden en hoe kunnen de bewoners met die sleutelfiguren in contact komen? Bewoners moeten meegenomen worden in het proces, want zij weten het beste wat in hun buurt speelt en nodig is. Het is ook belangrijk dat de minder mondige mensen benaderd worden. Er moet gezorgd worden voor een representatieve deelname en inbreng.

Ten slotte moet duidelijk gemaakt worden hoe het masterplan Zuidoost en dit ontwikkeltraject verband houden en op elkaar afgestemd worden. Ook in dit geval moet gentrificatie voorkomen worden. Bij het sociaaleconomisch upgraden van de buurt kan je makkelijk uit het oog verliezen dat er bewoners zijn die mogelijk sociaaleconomisch niet omhoog kunnen. Ook moet ervoor gewaakt worden dat door sociaaleconomisch upgraden bepaalde bewoners moeten verhuizen omdat ze de huren niet meer kunnen betalen. Investeren in ontwikkelbuurten vergt dus betrokkenheid van de huidige bewoners. Er staat verder dat het college het aantal parkeerplekken wil verminderen, om de kwaliteit van openbare ruimt en groen te verbeteren. Er is nu voldoende parkeerplek, en dat kan naar haar idee goed in combinatie met openbare ruimte en groen. Zij is ten slotte benieuwd hoe het college de energiearmoede van de bewoners gaat voorkomen bij de energietransitie. Mevrouw VAN PIJPEN krijgt uit de stukken de indruk dat er nog veel vragen bestaan over het overleg, en hoe daarop werd gereageerd. Het advies van de stadsdeelcommissie is in dit geval bijna negatief te noemen. Hoe wordt dat verder in het proces meegenomen? Zij wil dat dit op een goede manier gebeurt. Verder vraagt zij naar de verbinding met het masterplan.

Mevrouw BAKKER merkt op dat er specifiek is gekozen voor ontwikkelbuurten in het programma ‘Wijken aardgasvrij maken’, vanwege de sociaaleconomische positie van de bewoners. Het voorkomen van energiearmoede onder de bewoners zou daarbij een belangrijk uitgangspunt zijn. Toch is stadswarmte is nu eenmaal duurder dan aardgas per Joule. Het college wilde niet aan een minimumisolatie-eis waarnaar haar fractie vroeg. Ook namens mevrouw Naoum Néhmé, die zonder spreektijd zit, merkt zij op dat bezorgde bewoners aan de bel trekken dat het aardgasvrijproject boven hun hoofd hangt, terwijl ze niet goed weten wat ze precies te wachten staat. Wat gaat de City Deal-groep concreet doen om energiearmoede in Zuidoost tegen te gaan? Wethouder IVENS heeft de indruk dat er echt dingen gedaan worden in de buurt, en dat mensen daar energie van krijgen. Er wordt in hun buurt geïnvesteerd en ze zijn geen aanhangseltje meer van Amsterdam. In dat opzicht is hij het eens met de kritische toon van mevrouw Kiliç over de participatie. Hij heeft wat dat betreft nog navraag gedaan bij het stadsdeel. Dat is ervan overtuigd dat de participatie goed ter hand is genomen. Hij schrok daarom van het advies van de stadsdeelcommissie. Het dagelijks bestuur zegt dat er van alles opgehaald is onder de bevolking, maar dit is uiteindelijk een integrale

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

gemeentelijke verkenning op fysiek, sociaal en economisch gebied. Daarin worden vooral kansen en uitdagingen benoemd. De stadsdeelcommissie vraagt veel meer over de uitwerking en de vervolgfases. Hij heeft toen het stadsdeel voorgesteld om de energie van de mensen te benutten en de suggesties van de stadsdeelcommissies serieus te betrekken. Als verder in gesprek wordt gegaan over de gewenste aanpak en de inbreng van de buurt daarbij, zal de reactie van de stadsdeelcommissie goed betrokken worden, verzekert het dagelijks bestuur. Wat betreft de dreiging van gentrificatie verwijst hij naar zijn eerdere beantwoording over dat thema. De parkeernormen zijn ook in deze buurt leidend. Hij voorziet nog een pittig gesprek met de buurt daarover. Hij kent de details van het aardgasvrij maken van de wijk niet. Het is zeker niet de bedoeling om het programma voor het aardgasvrij maken mensen door de neus te boren. Het moet op een juiste manier met de mensen ontwikkeld worden. Hij zal bewaken dat ook zijn collega’s in het juiste tempo blijven lopen. Er moet draagvlak zijn, ook in de buurt. Alles wat in Zuidoost gebeurt heeft op dit moment een relatie met het masterplan Zuidoost. Deze verkenning van kansen is vastgesteld en daarmee een cadeautje voor het masterplan Zuidoost. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. Grondzaken 14.

Kennisnemen van het projectgebonden herplantfonds Elzenhagen Zuid en de bestuurlijke reactie op motie 212 ‘projectgebonden herplantfonds Elzenhagen Zuid’ (ZD2020-014338) Mevrouw BAKKER merkt op dat er in Elzenhagen Zuid zo veel gebouwd moet worden dat het huidige aantal bomen onmogelijk op peil gehouden kan worden. Dat is treurig. Er worden in totaal 2000 bomen gekapt en daarvoor komen er maximaal 1000 terug. Men praat dit goed met een regeling voor compensatie met betere groeiplaatsen, struiken en kruidenstrookjes. Men verliest dus sowieso ruim 1000 bomen, ondanks alle klaprozen en fluitenkruid waarmee men gebouwen omringt. Zoals de inspreker de heer Jonker al zei, heeft men in Noord al veel bomen zien verdwijnen. Nu wordt er dan nog een verdwijntruc toegepast met een financiële berekening. De raad mag deze gang van zaken niet goedkeuren. Zo veel mogelijk moet men de een-op-een herplant nastreven, liefst in hetzelfde gebied en anders in de omgeving. Zij wil dit onderwerp graag agenderen voor de gemeenteraad, mogelijk die van de volgende week. Uit de concept-omgevingsvisie blijkt dat het met Elzenhagen Zuid nog niet gedaan is met de bouwplannen.

Wordt het bij die verdichtingslocaties staande praktijk dat er bomen worden ingeruild voor bijvoorbeeld hortensia’s? Hoe kijken de andere fracties hiernaar? De heer LEENDERS begrijpt dat de wethouder Groen volgens de bomenverordening zelf moet besluiten over het herplantgeld. Hij vraagt een reactie. Verder steunt zijn fractie het agenderen van dit punt voor de raad. Zijn fractie wil een voorstel indienen om bewoners zelf de ruimte te geven om bomen te financieren en te planten. Mevrouw VAN PIJPEN is blij dat steeds de balans gezocht worden tussen de behoefte aan meer woningen, en de noodzaak het bomenbestand op peil te houden en groen toe te voegen. Die balans is in dit project onvoldoende. Zij is blij dat er gebouwd wordt en dat er een mooie groene wijk komt, maar zij is niet blij met de wijze waarop het herplantfonds wordt uitgevoerd. De bedoeling ervan is bomen te planten, ook als het projectgebonden is. Heesters, planten en kruidenstroken zijn heel mooi, maar die zijn niet de bedoeling van een herplantfonds. Zij vraagt de wethouder Bomen of het invoegen van ander groen dan bomen de bedoeling is van het bomenbeleid. Verder ziet zij het totaal aantal bomen dat herplant

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

wordt groter dan met dit voorstel in het plangebied of in de nabije omgeving. Welke ruimte is daarvoor beschikbaar? Er wordt nu een projectgebonden herplantfonds ingezet. Is de wethouder het met haar eens dat de uitvoering van de bomenverordening niet helderder is als het algemeen gedaan wordt, in plaats van per project? De VOORZITTER meldt dat de heer Van den Heuvel, die geen spreektijd meer heeft, in de chat aangeeft het eens te zijn met het betoog van mevrouw Bakker. Mevrouw ROODERKERK is het eens dat bouwen en groen hand in hand moeten gaan. Al eerder vroeg zij de wethouder het bomendashboard uit te breiden. Daaraan zou gewerkt worden. Zij vraagt een dashboard dat inzichtelijk is voor de bewoners, waarop je kunt zien hoeveel daadwerkelijk herplant is, bijvoorbeeld in de afgelopen tien jaar. Ook moet je er kunnen zien hoeveel bomen er daadwerkelijk verdwenen zijn of bijgekomen zijn. Mevrouw VAN SOEST merkt op dat mensen in Noord weten hoe het groen in dat stadsdeel verdwenen is in de afgelopen tien jaar. Zij steunt mevrouw Bakker volledig met haar voorstel. Wethouder IVENS is het ook met mevrouw Bakker eens. Hij constateert als wethouder Groen dat er in dit geval netjes gehandeld is, conform de bomenverordening. Die laat het toe dat de gemeentelijke initiatiefnemer de mogelijkheid heeft om een projectgebonden herplantfonds in te stellen. Daarvoor is dan ook gekozen.

Dat projectgebonden herplantfonds biedt ook de mogelijkheid om de aanleg van openbaar groen en natuur in het plangebied op te nemen, direct of op een later moment. Daarvoor kan het herplantfonds dus ingezet worden. Maar dat zijn dus geen bomen, zoals mevrouw Bakker opmerkt. En toch is dat mogelijk volgens de bomenverordening. Op 12 februari 2020 heeft de raad het bestemmingsplan Elzenhagen Zuid vastgesteld, waarbij de uitzondering die gemaakt zou worden met het projectgebonden herplantfonds ter sprake kwam. Er is toen gezegd dat dit nog zou worden voorgelegd aan de raad. Hij zegt toe dat bekeken zal worden of de bomenverordening aangepast moet worden, want ook hij wil dat bomen met bomen gecompenseerd worden, en niet met bijvoorbeeld kruiden. Na het zomerreces komt hij bij de commissie terug met zijn bevindingen. Wethouder Van Doorninck is het met hem eens dat dit plan in dit opzicht nog beter moet kunnen. Misschien kunnen sommige vergroeningen in de buurt uit de grondexploitatie betaald worden, om te zorgen dat een boom met een boom gecompenseerd gaat worden. Hij antwoordt mevrouw Rooderkerk dat hij geen actuele informatie heeft over het bomendashboard. Hij is het eens dat de bomen die verdwijnen en nieuwe bomen goed bijgehouden moeten worden.

Mevrouw BAKKER vraagt wat het onderzoekje van de wethouder naar mogelijkheden tot boom-voor-boomcompensatie voor invloed kan hebben op de verdere planning van dit project. En komt het nog een keer naar de commissie? Wethouder IVENS antwoordt dat wethouder Van Doorninck bereid is om de struiken e.d. uit de grondexploitatie te betalen. Het project kan daarmee gewoon doorgaan. Het project wordt niet minder groen. Bekeken zal worden of de bomen die verdwijnen op een andere plek geplaatst kunnen worden. Als dat niet kan, moet een storting plaatsvinden in het herplantfonds. Mevrouw BAKKER wil vooral dat er meer bomen in het gebied komen. Waaruit die betaald worden, is niet haar primaire zorg. Zij wil weten of er überhaupt nog genoeg plek is voor het plaatsen van bomen. Zij vraagt het onderwerp te agenderen voor de raad. Wethouder IVENS vindt dat laatste een goed idee. Hijzelf zou het prachtig vinden als er meer bomen in het project kunnen, maar dat kan hij niet beoordelen. In de raad kan wethouder Van Doorninck erover meepraten.

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Definitief Raadscommissieverslag, 24 maart 2021

WB

Mevrouw VAN PIJPEN wil het onderwerp ook graag behandelen in de raad. Zij wil dan helder hebben of het behandeld wordt als een projectgebonden herplantfonds. Zij wil graag wat meer tijd, en vraagt het punt dus te agenderen voor de raad van eind april. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is en geagendeerd wordt voor de raadsvergadering na de commissie van 21 april. Zij sluit de vergadering om 12.30 uur.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10027524/2