Definitief verslag MOW 04 07 2024
Tekst van het document
Afdoening motie 070.24 inzake ‘de weg is van de voetganger; verhoog zebrapaden’ Nummer. VN2024-008865 De VOORZITTER deelt mee dat agendapunt 11 is geagendeerd door lid Wijnants (VVD). Op verzoek van lid Moeskops (D66) is een raadsadres over het onderwerp toegevoegd. Lid BURGERS zegt dat VVD voorstander is van het veiliger maken van voetgangersoversteekplaatsen waarbij het van belang is om rekening te houden met de
19
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
toegankelijkheid van de stad voor nood- en hulpdiensten. Hoe zal dit gebeuren bij opgehoogde zebrapaden? Lid MOESKOPS wijst erop dat nood- en hulpdiensten een expliciete uitzonderingsgrond zijn voor verhoogde zebrapadden. het zit.
Lid BURGERS is hiervan op de hoogte, maar hij hoort graag van de wethouder hoe
Lid MOESKOPS zegt dat het een maand geleden is besloten in de raad. Waarom informeert de VVD er nu naar? Lid BURGERS stelt dat het onderwerp is geagendeerd. Lid MOESKOPS is blij met de afdoening van de motie, maar de voetgangersbeweging betwijfelt of het lukt om veel zebrapaden te verhogen. Daarom wordt de wethouder gevraagd naar een reactie. Wanneer zal het eerste zebrapad worden verhoogd? Wethouder VAN DER HORST zegt dat alle stakeholders worden betrokken, dus ook de nood- en hulpdiensten. Vanuit verschillende perspectieven wordt gekeken naar de mogelijkheden. Voor de doorstroming van het verkeer heeft een verhoogd zebrapad geen invloed, maar is wel de snelheid van belang. De richtlijn is naar verwachting in het derde kwartaal 2024 klaar en in de loop van 2025 zullen meerdere zebrapaden in de stad worden verhoogd. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 12. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de afdoening van de toezegging over de plannen met betrekking tot Mobility as a Commons (MaaC) uit de commissievergadering van 6 juli 2023 Nummer. VN2024-008867 Agendapunt 12 wordt na agendapunt 9 (in het middagdeel) behandeld. (GL).
De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd door lid IJmker
Lid IJMKER is blij dat er werk wordt gemaakt van deelmobiliteit. Er worden 150 vergunningen beschikbaar gesteld, maar wat wordt verder gedaan aan begeleiding en ondersteuning van bewoners die een auto met elkaar willen delen? Werkt de wethouder in dit programma samen met de MeentCoop om initiatieven te kunnen ondersteunen? Het betreft een onderzoeksproject van een paar jaar en hoe worden de lessen hieruit meegenomen in het verdere beleid? Lid HENDRIKS maakt zelf gebruik van een deelauto met zijn buren. Hij kan zich voorstellen dat er veel tools en adviezen zijn over hoe een auto kan worden gedeeld. Is er budget beschikbaar voor ondersteuning? Soms willen mensen meerdere auto’s delen. Is dat binnen deze regeling mogelijk? Hoe verlopen de aanmeldingen tot nu toe? Wethouder VAN DER HORST zegt dat de ervaringen en kennis van het project in Den Haag worden gedeeld. Er is belangstelling en eventueel is het mogelijk om het plafond na twee jaar te verhogen. In totaal komen er dan 300 vergunningen. De verwachting is dat na de proef uitspraken gedaan kunnen worden over de verschillende businessmodellen. De resultaten en inzichten van het project zullen worden gedeeld met de raad.
20
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
Binnen het Europese project is ook een participatiepartner aangesloten, stichting Townmaking die een subsidie van € 400.000 heeft ontvangen om bewoners te begeleiden, waaronder ook juridische ondersteuning. Bewoners kunnen zich ook aanmelden op de projectwebsite van de gemeente voor informatieavonden over het project die elke zes weken worden gegeven. Er is afstemming om ook in Nieuw-West zaken van de grond te krijgen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Zij schorst de vergadering om 16.50 uur. 13. Kennis te nemen van de raadsinformatiebrief over het Plan versterken OV 2024 en de afdoening motie 614. Nummer. VN2024-008869 Agendapunt 13 wordt na agendapunt 11 behandeld. De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd door leden Bilgin (FvD) en Moeskops (D66). Lid BILGIN zegt dat de achteruitgang van het ov in de buitenwijken voor hem de hoofdreden was om de politiek in te gaan. De situatie in de Eendracht is hier het symbool van: sinds 2015 rijdt hier geen bus. Sinds kort is er een concrete ambitie om de bus terug te laten keren en hier wordt geld voor vrijgemaakt. In de brief waarover vandaag wordt gesproken, staat iets over een keervoorziening in de Eendracht. Na contact met een ambtenaren blijkt dit te betekenen dat de bus niet zoals vroeger de hele lus zal rijden, maar dat deze alleen heen en weer rijdt over de Den Uylstraat.
Naar aanleiding hiervan heeft lid Bilgin een aantal vragen. Hoe is de herinrichting van de Bok de Corverweg en de Gerda Brautigamstraat tot stand gekomen? Hebben de bewoners aan de weg de kans gehad om erop te reageren en hebben zij ermee ingestemd dat de bus als consequentie uit de straat zou verdwijnen? Wat is er nodig om deze straat weer toegankelijk te maken voor een bus? Als de keerlus wordt ingevoerd, wat wordt dan de maximum frequentie van de bus die de Eendracht inrijdt en wat zijn de gevolgen voor het ov in Nieuw-West? Het lijkt verstandig om de bus weer de hele lus te laten rijden waardoor de lasten en lusten eerlijk worden verdeeld. Lid MOESKOPS heeft begrepen dat de afdoening van haar motie Go ticketingsysteem voor cultuur en ov wordt gedaan via Gappie, de app van het GVB. Navraag in haar omgeving leerde dat niemand deze app op zijn telefoon heeft. Hierdoor maakt zij zich wat zorgen over de promotie van de mogelijkheid om de cultuur- en ov-tickets samen aan te bieden. Hoe is de cultuursector erbij betrokken? Lid ASRUF wordt altijd blij van een investering in ov. De focus van de PvdA is altijd gericht op betaalbaarheid, fijnmazigheid en toegankelijkheid van het ov. Hij roept ouders op om vooral een aanvraag te doen voor het gratis reizen met ov voor hun kind tussen 4-11 jaar dat ingaat op 20 juli a.s.
PvdA steunt de motie van D66 en sluit zich aan bij de vragen van voorgaande spreker. Bij metrostations blijken veel fietsen heel lang staan. Is het mogelijk om een veegronde te doen om fietsen die er lang staan en niet worden gebruikt te verwijderen, wellicht in samenspraak met de stadsdelen? Lid IJMKER sluit zich aan bij voorgaande spreker. Zij is blij met de maatregelen en het extra geld voor toegankelijkheid. College Wethouder VAN DER HORST bevestigt met betrekking tot de buslijn in de Eendracht dat twee straten zijn ingericht middels erftoegangswegen en dat de woonstraten
21
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
met klinkers, drempels en een profiel te smal zijn voor een bus. Deze inrichting is een bewuste keuze geweest van het DB van stadsdeel Nieuw-West, omdat het een bekende black spot was. Een busroute valt moeilijk te combineren met een verkeersveilige inrichting die nodig is voor bewoners. Het DB was zich er bewust van dat er geen terugkeer van de bus zou zijn en heeft de keus gemaakt voor de veilige inrichting. Lid BILGIN vraagt of het ten tijde van de herinrichting bij de bewoners bekend was dat de consequentie was dat de bus niet meer zou kunnen rijden en was de huidige inrichting echt de enige mogelijkheid voor een verkeersveilige inrichting? Wethouder VAN DER HORST verwijst voor dit soort specifieke vragen naar het stadsdeel. Zij weet dat er iets nodig was voor de verkeersveiligheid en zij begrijpt de keuze van het DB goed. Vervolgens is gezocht naar het wel laten rijden van de bus binnen de haltenorm van 400 m. waarmee voor een deel de overlast is beperkt en de verkeersveiligheid wordt vergroot. Lid BILGIN wijst erop dat de 400 m. hemelsbreed is berekend terwijl de interesse vanuit het stadsdeel de feitelijke loopafstand was. Het gaat om een technische discussie die niet duidelijk is voor bewoners die gewoon de bus in hun straat willen.
Wethouder VAN DER HORST stelt dat er altijd discussies zijn van mensen die een halte dichterbij willen hebben versus mensen die blij zijn dat er geen bus door hun straat rijdt. Dit zijn lokale afwegingen die op dit moment niet meer heel makkelijk zijn aan te passen. Lid KOYUNCU vraagt zich af of het niet mogelijk was geweest om de bus te laten rijden en een veilige weg te creëren. De keerlus kost geld dat ook in deze straat gestoken kan worden. Wethouder VAN DER HORST vindt de voordelen van een volledige lus vrij gering tegenover de kosten en de verkeersveiligheid. Lid KOYUNCU informeert naar het gewicht van de overwegingen. Wethouder VAN DER HORST stelt dat de inrichting voor het ov een andere inrichting is dan een verkeersveilige inrichting. Er is gekozen voor wel ov in de buurt te hebben dat past binnen de haltenorm en een verkeersveilige inrichting. Lid BILGIN heeft vaker het argument van overlast gehoord van de bestuurders, maar vanuit de wijk heeft hij dit nooit gehoord. Hij kent vooral de klachten van bewoners dat de bus is verdwenen. Wethouder VAN DER HORST zegt dat bewoners enerzijds zorgen hebben over de verkeersveiligheid, maar een halte dichtbij kan ook tot overlast leiden. Met de in acht genomen normen wordt iedereen zo goed mogelijk bediend. De overige afwegingen zijn zo specifiek dat deze beter in het stadsdeel besproken kunnen worden.
Lid BILGIN zegt dat het nieuw voor hem is dat ov overlast oplevert en hij zal dit uitzoeken. Wethouder VAN DER HORST meent dat het zeker niet iets nieuws is dat een halte voor de deur tot overlast leidt. Wat betreft de handhaving van fietsenwrakken heeft de gemeente te kampen met een tekort aan capaciteit. Wel zijn er meer financiële middelen beschikbaar om de wrakken te gaan verwijderen. De GVB-planner Gappie is nog niet zeer bekend. Uit onderzoek blijkt wel dat vier op de tien reizigers in het stadsgebied de app inmiddels gebruikt voor reisinformatie. In 2023 had de app in totaal 11,3 miljoen euro bezoekers, een groei van 39% ten opzichte van
22
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
het jaar ervoor. In samenwerking met het GVB en medewerkers van de Stadspas wordt bekeken op welke wijze het korting geven voor culturele instellingen mogelijk is en hoe hierover meer en beter kan worden gecommuniceerd. De betrokkenheid van de culturele instellingen is hierbij belangrijk. De wethouder komt hierop terug voordat het in de commissie FKD wordt besproken. Lid BILGIN is benieuwd naar het standpunt van de gemeente over dat 16 ritten per uur teveel overlast zou opleveren. Hoe moeten deze ritten worden geteld? Wethouder VAN DER HORST stelt dat niet iedere bus per se helemaal het gebied in hoeft. Bus 21 kan soms al eerder keren en kan soms doorrijden. Het GVB komt uiteindelijk met een vervoerplan over met welke lijnen wordt gereden. Hieraan heeft de gemeente wel minimum eisen gesteld. Lid BILGIN begrijpt hieruit dat het volstrekt willekeurig is of de bus daadwerkelijk het gebied in rijdt of er voorbij rijdt. Wethouder VAN DER HORST heeft hiermee gereageerd op de opmerking van de heer Bilgin dat bus 21 iedere 7 minuten rijdt, maar deze kan bijvoorbeeld ook iedere 14 minuten wel helemaal doorrijden naar de Eendracht en de bus die er tussen zit, zou al eerder kunnen keren. Zij adviseert om te wachten op het GVB-plan. Lid BILGIN concludeert dat de voertuigen van een bepaalde buslijn niet allemaal de Eendracht ingaan en dat sommige lijnen de Eendracht overslaan.
Dit lijkt hem een heel vage situatie voor de reiziger. Wethouder VAN DER HORST heeft geprobeerd om de berekening die lid Bilgin heeft gemaakt te nuanceren. Er zijn veel verschillende opties en zij stelt voor om het GVBplan af te wachten. Er wordt vanuit Amsterdam en de Vervoerregio alleen een minimum aantal lijnen geëist dat er moet rijden. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 14. Kennisname van de raadsinformatiebrief over de evaluatie uitvoering motie Fietscultuur onder Amsterdamse gezinnen Nummer. VN2024-008868 De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd door leden Moeskops (D66) en De Vos (PvdD). Lid MOESKOPS constateert dat van de negen pilots om meer Amsterdammers op de fiets te krijgen er zes heel succesvol waren en drie niet. Zijn er conclusies te trekken wat betreft het type interventie? Lid DE VOS ziet een onderscheid tussen een traditionele trapfiets en een elektrische fiets. Hij vindt dat de gemeente wat meer in zou mogen gaan op de voordelen van een traditionele fiets boven een elektrische fiets. De grondstoffen voor de elektrische fiets stoten wel degelijk elders heel veel vieze lucht uit.
Is de wethouder bereid om in de communicatie omtrent het onderwerp fiets aandacht aan het verschil te besteden en het voordeel van een traditionele fiets te benadrukken? Lid WIJMENGA sluit zich aan bij de PvdD over het te maken onderscheid tussen een fiets en een elektrische fiets. Het is bijzonder dat zoveel jonge kinderen op een LEV fietsen. Omdat zo weinig wordt bewogen, blijkt uit statistieken dat het fitste kind nu het minst fitte kind in de jaren ’80 zou zijn. Er zou in ieder geval bewustwording gecreëerd moeten worden wanneer iemand een elektrische fiets aanschaft die zoveel sneller gaat dan een gewone fiets. Het zou jammer zijn als een groep minder gaat fietsen uit angst of dat een fiets alleen wordt geassocieerd met werk.
23
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
Lid VAN MUNSTER leest dat 53% van de burgers in Amsterdam fietst tegenover 89% landelijk en dan is er ook nog een grote kans dat er op fatbikes wordt gefietst. Onder kinderen is een bewegingscrisis gaande. Inmiddels denkt lid Van Munster dat er wellicht iets moet worden gedaan met het voorstel van de PvdD over de OEK (op eigen kracht) campagne. De wethouder heeft 3250 fietsen weggegeven. Zou het mogelijk zijn om dit op structurele basis te doen? Lid ASRUF denkt ook dat het heel goed zou zijn als de fietsen uit het fietsdepot beschikbaar worden gesteld. De vraag hierbij is of er ook voor gezorgd kan worden dat ze terechtkomen bij mensen met een laag inkomen en in de stadsdelen waar de fietscultuur een stap in de goede richting kan gebruiken. Wethouder VAN DER HORST zegt dat dingen die bij kinderen niet werken, veelal te maken heeft met ouderbetrokkenheid. Om dit te stimuleren, wordt nu heel erg ingezet om samen leren (en te leren fietsen met een fietstas). Lid MOESKOPS vraagt hoe de uitkomsten van de pilots kunnen helpen om te zoeken naar interventies. Zit de crux voornamelijk bij de ouders? Wethouder VAN DER HORST bevestigt dat de crux deels bij de ouders ligt. Het leren fietsen en een beschikbare fiets die goed werkt, gaan ook goed samen. Lid MOESKOPS heeft begrepen dat er nog een uitvoeringsplan komt.
Zij zou hier graag als commissie naar kijken, omdat zij benieuwd is hoe het verder wordt ontwikkeld. Wethouder VAN DER HORST zegt toe om dit plan te agenderen. De 3250 fietsen die beschikbaar worden gesteld, gaan voor een groot deel naar projecten van de afdeling participatie en inkomen, maar bijvoorbeeld ook naar Zuidoost Werkt waar fietsen beschikbaar worden gesteld voor nieuw werkende mensen. Ook worden via stichting Leergeld fietsen beschikbaar gesteld in minimagezinnen. Het voornemen is om vaker fietsen beschikbaar te stellen, omdat de behoefte er op dit moment is. Vanuit het programma Verkeersveiligheid wordt ook bekeken of extra fietsen beschikbaar gesteld kunnen worden. De komende tijd zal naar verwachting een verschuiving plaatsvinden naar opvattingen over fietsen en zal de elektrische fiets op een andere manier worden beschouwd. Het was in eerste instantie een middel om grotere afstanden af te leggen en om de auto te verruilen voor de fiets, maar inmiddels wordt een elektrische fiets bijna standaard. De wethouder ziet hierover graag voorstellen van de raad tegemoet om de maatschappelijke discussie richting te geven. Daarnaast wil zij bekijken wat er in de communicatie kan worden gedaan.
Lid DE VOS stelt voor om te inventariseren binnen het team Fiets wat de contactmomenten zijn tussen de gemeente en inwoners van Amsterdam en op welk moment er gelegenheid is om dit onder de aandacht te brengen. Wellicht zijn dit verkeerslessen. Wethouder VAN DER HORST kan hier zeker naar kijken. Mensen worden nu met name geïnformeerd over de verkeersveiligheid. Om meer in te zetten op de gewone fiets hoort zij graag voorstellen van de raad. Lid DE VOS kan het onderwerp naar de raad brengen om hier met een motie invulling aan te geven. Het zou hem gaan om bewustwording van de verschillen, de vooren nadelen van een traditionele fiets ten opzichte van een elektrische fiets. Wethouder VAN DER HORST zal de contactmomenten gebruiken en stelt voor dat de raad vervolgens richting geeft. Omdat het om een nieuwe discussie gaat, wil zij graag
24
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
van de raad kleuring krijgen. Vanuit het Rijk kan ook worden ingezet op een genuanceerdere keuze voor het wel of niet aanschaffen van een elektrische fiets. Er kan bijvoorbeeld een kenteken op elektrische fietsen komen wat de handhaving ten goede komt, ervoor zorgt dat fietsen minder worden gestolen en ze beter verzekerbaar maakt. Lid DE VOS informeert naar de volgorderlijkheid van zaken. Wethouder VAN DER HORST zal met een brief over de contactmomenten komen waarna vervolgens het debat kan worden gevoerd. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 15. Raadsinformatiebrief Afdoening motie 146 van de leden Koyuncu, Veldhuyzen, Kabamba, Van Schijndel en Garmy inzake behoud van menselijke maat bij Parkeerbeleid Nr. VN2024-007828 De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp op de TKN-lijst stond en is geagendeerd op verzoek van lid Koyuncu (DENK). Lid KOYUNCU dankt de wethouder voor de uitvoering van de motie die vraagt om behoud van de menselijke maat bij parkeerbeleid. Het is van belang om niet puur vanaf het scherm te beoordelen of iemand recht heeft op een parkeervergunning, maar dat de ambtenaar de burger ook kan vertellen dat er recht is op bezwaar en dat het in zeer uitzonderlijke gevallen ook mogelijk is om de hardheidsclausule toe te passen.
De wethouder wordt verzocht om ook deze mogelijkheid bekend te maken buiten het team dat de bezwaren normaliter behandelt. Wat zijn de criteria voor het toepassen van de hardheidsclausule, zijn deze consistent en transparant? Waar kunnen deze criteria worden teruggelezen? Wat zijn de specifieke evaluatiecriteria bij het meten van de bekendheid en de effectiviteit van de clausule? Wethouder VAN DER HORST erkent dat de rest van de organisatie ook bekend moet zijn met de hardheidsclausule. Alle medewerkers die mogelijk te maken krijgen met de aanvraag van een parkeervergunning worden nader ingelicht over het bestaan van de hardheidsclausule. Dit geldt dus ook voor stadsloketmedewerkers die dit bij de dagstart meekrijgen. Er zal voor gezorgd moeten worden dat dit periodiek wordt herhaald. Of er een beroep kan worden gedaan op de hardheidsclausule wordt altijd door het vaste team bepaald. De twee belangrijkste argumenten hiervoor zijn of een situatie medisch of sociaal schrijnend is en of in het geval is voorzien bij het opstellen van de regelgeving. Lid KOYUNCU stelt dat de criteria eventueel ook schriftelijk kunnen worden gemeld als ze te ingewikkeld zijn. Wethouder VAN DER HORST zegt dat het hier niet om gaat. Het gaat om individuele, schrijnende gevallen en die kunnen niet allemaal worden voorzien.
Omdat dit door een vast team wordt afgewogen, gebeurt dit consistent en met elkaar. Wat betreft evaluatiecriteria wordt ernaar gestreefd om deze zo veel mogelijk bekend te maken binnen de organisatie. Lid KOYUNCU dankt de wethouder. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 16. Raadsinformatiebrief over verkeersbesluiten voor de invoering van de uitstootvrije zone voor bedrijfs- en vrachtauto's en de aanscherping van de milieuzone voor dieselpersonen- en bedrijfsauto’s. Nr. VN2024-009632
25
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
De VOORZITTER deelt mee dat de brief vorige week in de dagmail heeft gestaan en VVD en CDA hebben het onderwerp voor bespreking geagendeerd. Lid WIJMENGA was verrast door het bericht de zone te verkleinen, maar de overweging is helder. Wel maakt zij zich zorgen over de onduidelijkheid rond de invoering van de zero-emissiezones, vooral voor die mensen die al maatregelen hadden genomen. De Tweede Kamer lijkt ook af te stevenen op uitstel van invoering van de zeroemissiezonde, maar dit zou eigenlijk alleen mogelijk zijn door een spoedwet en dan zou het nog steeds anderhalf jaar duren. Kan de wethouder aangeven wat dit zou kunnen betekenen voor Amsterdam? Kan de keuze van de Tweede Kamer van invloed zijn op nog meer wijzigingen in Amsterdam? Welke lessen heeft de wethouder getrokken uit het afgelopen proces en hoe vertaalt zij deze naar de toekomst? Voertuigen kunnen vanaf 1 juli 2024 ontheffing aanvragen, maar lid Wijmenga heeft hier nog niets over gelezen in de media. Lid BURGERS begrijpt dat Amsterdam afhankelijk is van Den Haag, omdat om alle borden aan te passen eerst de wet moet worden aangepast. Het bestuur heeft er nu voor gekozen om binnen de bestaande milieuzone een kleinere uitstootvrije zone in te voeren. Dit betekent dat de omvang van de uitstootvrije zone voor bedrijfsbusjes en vrachtwagens van binnen de Ring A10 naar de zone binnen de S100 verschuift.
VVD denkt dat dit een goed besluit is dat tegemoet komt aan de bezwaren van de ondernemers. VVD maakt zich zorgen over de economische impact op kleine ondernemers die afhankelijk zijn van hun voertuigen voor transport en logistiek binnen de grachtengordel. Vervanging van vervoermiddelen is wellicht te duur voor deze groep en kan leiden tot grote financiële gevolgen. VVD vindt het belangrijk dat de infrastructuur geschikt is voor elektrisch vervoer en dat er een overgangsperiode geldt. In 2028 moet iedereen binnen de aangegeven zone uitstootvrij rijden. Is er zicht op de landelijke wetgeving? Hoe kijkt het college naar de economische ontwikkeling als de uitstootvrije zones en strengere milieuzones in Amsterdam worden uitgebreid? Lid IJMKER meent dat een deel van de vertraging wordt veroorzaakt door niet betrouwbaar landelijk beleid. Vindt de VVD dat moet worden gestreefd naar 2028 of zou het wat betreft de VVD helemaal afgeschaft mogen worden? Lid BURGERS zegt dat de VVD het vooral belangrijk vindt dat ondernemers en burgers zich kunnen aanpassen en dat er voldoende tijd is om uitstootvrije voertuigen aan te schaffen. Lid IJMKER begrijpt dit en daarom zijn de plannen al langer geleden aangekondigd en zijn er vrij veel uitzonderings- en overgangsregelingen.
Wat is de lijn van de VVD? Lid BURGERS zegt dat VVD het fijn vindt dat de uitstootvrije zone is uitgesteld, omdat hiermee tegemoet wordt gekomen aan de bezwaren van de ondernemers. Lid IJMKER denkt dat de aanleiding voor de keuze niet is omdat per se aan de ondernemers tegemoet worden gekomen, maar vooral een pragmatische keuze is. In de communicatie moet duidelijk gemaakt worden dat van uitstel geen afstel komt. GL vindt dat het in ieder geval niet later moet worden dan 2028, maar de Tweede Kamer blinkt niet uit in betrouwbaar bestuur. Hoe schat de wethouder dit in? Het schijnt dat Rotterdam eigen borden heeft laten maken. Waarom heeft Amsterdam dit niet gedaan? Kan de wethouder de raad informeren over uitspraken of procedures? Het is jammer dat de milieuzones voor de taxi’s vervallen. Welke andere maatregelen zijn er om nog te sturen? Lid MOESKOPS zegt dat D66 het jammer vindt dat Amsterdam gedwongen is om de zones kleiner te maken en zij denkt dat ook de ondernemers er niet mee zijn geholpen, omdat ze wellicht al investeringen hebben gedaan.
26
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
Met de taxi’s was eerder een convenant uitstootvrij afgesloten en een convenant is niet afhankelijk van landelijke regelgeving, maar van lokale afspraken. Lid KOYUNCU sluit zich aan bij de zorgen van de VVD over de kleine ondernemers. Wethouder VAN DER HORST bevestigt dat het een voorstel is dat voortkomt uit pragmatisme. Enerzijds wachten ondernemers op duidelijkheid, anderzijds zijn er niet alle borden die nodig zijn en heeft de Commissie Bevoorrading dit geadviseerd. De wethouder heeft er vertrouwen in om er met Den Haag in redelijkheid uit te komen, omdat uitvoerbaarheid van beleid, betrouwbaarheid en duidelijkheid voor de ondernemers door iedereen wordt gedeeld. Het is echter nog niet duidelijk wanneer het gaat gebeuren. In Rotterdam is er geen milieuzone voor personenauto’s waardoor het conflict met de borden niet speelt. Utrecht en Den Haag hebben minder mogelijkheid om de zone te veranderen. Het zal goed worden gevolgd wat er gebeurt in Den Haag en Utrecht en de raad zal over de voortgang worden geïnformeerd. Als kleine ondernemers in de problemen komen, kunnen ze aanspraak maken op een ontheffing en kan een regeling worden getroffen. Lid BURGERS vraagt hoe de kleine ondernemers op de hoogte worden gesteld van de ontheffing. Wethouder VAN DER HORST stelt dat hier al heel lang over wordt gecommuniceerd, dit gebeurt ook direct aan ondernemers.
Als blijkt dat ondernemers onvoldoende op de hoogte zijn of problemen ondervinden met infrastructuur, dan hoort de wethouder dit graag. Lid KOYUNCU vraagt hoe zwaar de procedure is voor het verkrijgen van een ontheffing. Kan een ondernemer met weinig personeel dit aan? Wethouder VAN DER HORST zegt dat dit de bedoeling is, omdat het juist gericht is op kleine ondernemers. Daarnaast is extra budget beschikbaar voor een adviestraject om kleine ondernemers te helpen. Het is inderdaad jammer dat de zone voor de taxi’s nog niet ingevoerd kan worden. In de binnenstad bestaat een kwart van de rijbewegingen uit taxi’s, dus is het erg belangrijk dat zij verschonen. De taxibranche is zelf wel al flink aan het verschonen en er is een convenant afgesproken waarvan de ondernemers aangeven hier nog steeds achter te staan. Het helemaal uitstootvrij worden zal wel vertraging oplopen. Er wordt gekeken naar schone taxistandplaatsen en er wordt bekeken hoe in gezamenlijkheid uitvoering kan worden gegeven aan het convenant. Lid MOESKOPS begrijpt dat de zone nodig is om het juridisch af te kunnen dwingen, maar dat het convenant in principe nog voortgang geeft. In het kader van intelligente toegang en doelgroepen stelt zij voor om alleen schone taxi’s door te laten. Wethouder VAN DER HORST noemt dit interessante input voor het doelgroepenkader en dit neemt ze mee.
Het ontheffingenloket dat per 1 juli zou starten is open. Er komen per dag 60 tot 70 aanvragen binnen. Voor de aantrekkingskracht van de stad is het goed om een gezonde leefbare stad te maken. Het wordt al zeer lang gecommuniceerd en tegelijkertijd wordt het stapsgewijs ingevoerd. Uiteindelijk leidt dit ook weer tot innovaties en zijn er Amsterdamse bedrijven die zich helemaal hebben gericht op elektrificatie. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken.
27
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Definitief Raadscommissieverslag, 4 juli 2024
MOW
Sluiting De VOORZITTER dankt de aanwezigen voor hun bijdrage en sluit de openbare vergadering om 21.00 uur. De volgende vergadering vindt plaats op 5 september 2024.
28