CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag DC 22 09 2022

Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie 22 september 2022, gemeente Amsterdam18.044 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Vergadering

Openbare vergadering van de Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie Vergaderdatum Donderdag 22 september 2022 van 09.00 uur tot 12.33 uur in de Willem Kraanzaal Verslag vastgesteld op: Woensdag 12 oktober 2022 Voorzitter: het lid Runderkamp Portefeuillehouder: wethouder Pels Commissiegriffier: M. Diemont, N. Bakkali Verslaglegging: M. Kuiper (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: De leden Alberts (SP), Bilgin (FvD), Burgers (VVD), Havelaar (CDA), Heinhuis (PvdA), Hendriks (Volt), Hofland (D66), Koyuncu (DENK), Kreuger (JA21), Krom (PvdD), Lust (D66), Nadif (GroenLinks), Nijssen (VVD), Noordzij (PvdA), Van Pijpen (GroenLinks), Van Renssen (GroenLinks) Afwezige commissieleden: het lid Garmy (Volt) Overige aanwezigen:

ALGEMEEN DEEL 1. a. Opening De VOORZITTER opent de vergadering om 09.05 uur en heet iedereen welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. Het lid Garmy van Volt heeft zich afgemeld en wordt vervangen door het lid Hendriks. b. Mededelingen Er zijn geen mededelingen. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER merkt op dat zich drie insprekers aangemeld hebben. Verder is er een actualiteit aangemeld door het lid Krom inzake misstanden op kinderboerderijen Amsterdam. Hij stelt vast dat de commissie geen bezwaar maakt tegen behandeling van dit onderwerp. De agenda wordt zonder wijzigingen vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie DC d.d. 1 september 2022. Het verslag wordt conform vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Er worden geen opmerkingen gemaakt. f. TKN-lijst De VOORZITTER maakt melding van het verzoek van het lid Krom om TKN-1 te agenderen. Het betreft ‘Kennisnemen van de afdoening van toezegging TA2021-001421 Toetsen op elektriciteitsinfrastructuur’. De motivatie voor dit verzoek heeft afgelopen dinsdag in de dagmail gestaan. Omdat bij de volgende commissievergadering alleen de begroting wordt behandeld, wordt het stuk geagendeerd voor de vergadering van 27 oktober a.s. Hij constateert dat de commissie hiertegen geen bezwaar maakt. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stukken binnengekomen van stadsdeelcommissies. INHOUDELIJK DEEL 2. a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk gedeelte van de vergadering. Hij leest de spreektijden van de fracties voor. b. Inspreekmoment publiek J. HOOGLAND spreekt op persoonlijke titel. Zij merkt op dat haar enige doel is om Liander wat menselijker te maken. Dat is lastig, want het is iets groots. Zij kwam Liander tegen bij het onderstation Nieuwe Meer 2. Als je alle stukken doorneemt, kom je erachter dat Nieuwe Meer 1 al vanaf het begin -dat is sinds de McDonald’s weg is- elektra levert aan twee onderstations bij het luchthaventerrein. Als je daarover vragen stelt, krijg je nauwelijks tot helemaal geen antwoord. ‘Ja, die hebben ook energie nodig’. Maar dat vroeg zij niet.

Daarbij komt dat het overzicht van alle onderstations mist. De hele stad wordt namelijk straks vol gezet met onderstations om de energietransitie te maken. Dus weg van het gas, naar de elektriciteit. Daarbij heb je alle bewoners hard nodig. Op het moment dat je die overruled, zoals Liander doet, ben je die bewoners kwijt. In Nieuw-West is ruim tevoren gevraagd om het in te passen in de omgeving. Nu maakt men op de plek waar ooit een McDonald’s stond een gigantisch betondorp. Een nieuw gigantisch groot onderstation. En dat zegt men: er past geen groen meer bij. Dat kan zijzelf ook bedenken! Als je van de ene grens naar de andere alles volgooit met beton kan er geen boom meer bij. Die houding, dus het overrulen van bewoners, legt zij met plezier hier neer in de gemeenteraad. De gemeenteraadsleden zijn verantwoordelijk. Het werkt minstens voor dertien jaar, dus tot 2035. Met elkaar moet men ervoor zorgen dat de stad leuk blijft. Niet zo van: dat gaat niet, hoor! Nee, dat kan ook niet! Wil de raad deze verantwoordelijkheid oppakken? Het lid VAN RENSSEN vraagt of het grootste bezwaar van de inspreker is dat niet duidelijk is hoeveel onderstations er in Amsterdam zullen komen, en op welke plekken, terwijl nu al dit onderstation wordt gerealiseerd.

En begrijpt zij ook goed dat volgens de inspreker de elektriciteit mogelijk niet voor Amsterdamse doelen bestemd zal worden? Dat die ook gebruikt zal worden door de luchthaven of Haarlemmermeer? J. HOOGLAND antwoordt bevestigend. Als je googelt op ‘onderstation’ kom je op de firma Dekker, die ze maakt. En die zegt eerlijk dat er heel veel elektriciteit tekort is in Haarlemmermeer. Als je dezelfde vraag hier stelt, wordt dat ontkend. Je krijgt dus steeds

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

tegenstrijdige antwoorden. Er zou een circuit zijn van energie, terwijl er aan de andere kant gezegd wordt dat het alleen voor je eigen omgeving is. De informatie klopt dus niet. Zij vraagt de raad om Liander uit te nodigen om tekst en uitleg te vragen. Het lid BILGIN herkent een deel van de zorgen van inspreker. Aan de randen van Nieuw-West verschijnen steeds vaker van die ‘lelijke dozen’, zoals men dat noemt. Dit onderstation wordt extra groot, omdat er inderdaad elektriciteit wordt geleverd aan delen buiten Amsterdam. Kan de inspreker extra toelichten welke overlast precies verwacht mag worden van het onderstation? J. HOOGLAND antwoordt dat de overlast betrekking heeft op geluid en de enorme grootte. Het is op de route naar de Oeverlanden. Liander heeft nagelaten om het rapport over natuurwaarden te lezen, wat bij dezelfde afdeling Ruimte en Duurzaam ligt. Dat fietst dus volkomen langs elkaar heen. Het lid BILGIN merkt op dat dit onderdeel al aan de orde is geweest in de stadsdeelcommissie. De dagelijks bestuurder vertelde dat er inspanningen zouden worden geleverd voor de inpassing. Misschien met groen en dergelijke. De inspreker zegt dat dit niet kan; er is geen ruimte voor. Kan zij misschien extra toelichten waarom het echt niet inpasbaar is? J. HOOGLAND antwoordt dat zij geen plaatje kan laten zien.

Maar het loopt echt van de ene naar de andere grens, en het is bovendien heel hoog. Er is geen millimeter ruimte over. Zij zou willen dat de raad de plaatjes te zien krijgt. De raad zou Liander moeten uitnodigen om een presentatie te komen houden. Het lid ALBERTS vraagt via mevrouw Hoogland aan de wethouder of het mogelijk is om de raad meer informatie te geven dan tot op heden gebeurd is. De VOORZITTER merkt op dat deze vraag in de rondvraag gesteld kan worden. A. RUTGER VAN DER LOEFF spreekt op persoonlijke titel. Zij maakt deel uit van burgerorganisaties in en rond de stad, voorstanders van een snelle en effectieve energietransitie. Niet eens is zij het met de voorwaardes die de gemeente wil stellen voor windturbines in het groen, in natuurgebieden en dichtbij woningen. Vrijwel de gehele raad stemde in februari voor de motie-Vink. Daarin werd gevraagd om een afwegingskader waarin gezondheid en natuur een extra groot gewicht hebben. Het afwegingskader moet voorgelegd worden aan de raad. Die beoordeelt met het afwegingskader de effecten uit de PlanMER. Het afwegingskader wordt echter steeds verder uitgesteld. Zij vindt dat dit afwegingskader, en de gewichten aan gezondheid en natuur, juist spoedig moeten worden vastgesteld. Anders kan de raad niet tijdig en zorgvuldig beslissen hoe zwaar natuur en gezondheid wegen.

Een van adviezen vanuit de reflectiefase is het RES-advies Randvoorwaarden natuur van 4 april. Dit advies geeft input voor het afwegingskader natuur. Het werd samengesteld samen met de natuurorganisaties. Er valt in Amsterdam heel veel te beschermen. De stad heeft prachtige groene scheggen en NNN-gebieden Natura 2000 rondom. Dat is uniek voor een wereldstad. Maar RES-Amsterdam zei recent dat men die randvoorwaarde natuur van het RES-advies natuur niet kon aanvaarden, omdat dan de ambitie niet gehaald zou worden. Is dat niet raar? Moet het gewicht dat aan natuur wordt toegekend, aangepast worden aan de ambitie? Of moet de ambitie zich aanpassen nadat de gewichten zijn vastgesteld? En wie gaat daarover? De raad toch? De raad heeft eerst zoekgebieden vastgesteld zonder te letten op natuurwaarden. Die natuurwaarden zouden later komen. Maar nu zegt de hoofdgroenstructuur dat men in natuurgebieden de bouw van windturbines bij uitzondering wél toestaat als het een vastgesteld zoekgebied betreft. Dus eerst laat men de natuurwaarde bekijken, en als het een zoekgebied is staat men het in natuurgebieden wel toe. Dat staat in de hoofdgroenstructuur nog niet aangenomen. De burgerorganisaties willen heel graag met de fracties in gesprek komen.

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Het lid KOYUNCU vraagt wat de inspreker kan vertellen over de nota Hoofdgroenstructuur. A. RUTGER VAN DER LOEFF verwijst naar pagina 37 voor wat zij net zei. Als het een vastgesteld zoekgebied betreft kan in een natuurgebied wel windturbines geplaatst worden. Dat is een van die dingen waardoor je gaat dingen dat men aan de ene kant dit, en aan de andere kant dat zegt. Het lid KOYUNCU hoort de inspreker over het beschermen van natuur en gezondheid. De wet schrijft voor dat natuur en gezondheid beschermd moeten worden. Hoe ervaart de inspreker die bescherming? A. RUTGER VAN DER LOEFF antwoordt dat er inderdaad een wettelijke bescherming is. Maar de expertgroep Natuur heeft gezegd dat dit niet voldoende is. De Raad van State heeft dat ook gezegd. Het is juist aan Amsterdam om zelf te bepalen wat de beschermingsregels zijn. De gemeente moet niet alleen handelen naar de tekst van de wet, maar juist ook naar de geest ervan. Het lid BILGIN herkent de zorgen van de inspreker. Ook hij ziet steeds meer zoekgebieden in de hoofdgroenstructuur, zoals de Gaasperplas en een deel van de Bretten. Wat gaat voor: de hoofdgroenstructuur of een zoekgebied? Moet een zoekgebied direct geschrapt worden als het in de hoofdgroenstructuur ligt? A. RUTGER VAN DER LOEFF antwoordt dat die vraag voor de raad is. Zij adviseert alleen. Het lid KROM is het eens dat er heel veel te beschermen valt.

Graag neemt zij de uitnodiging uit om met de inspreker in gesprek te gaan. En wat ziet zij de inspreker persoonlijk als een oplossing voor het vraagstuk? A. RUTGER VAN DER LOEFF antwoordt dat er ruimte moet zijn voor een goede dialoog. Zij is heel blij dat er een gesprek komt met de wethouder. Er moet verder goed rekening gehouden worden met het draagvlak. Met draagvlak, zo zei ook minister Jetten, kan je de transitie maken. Het lid HAVELAAR vraagt naar aanleiding van de uitnodiging aan de commissie hoe de inspreker het zich in de praktijk voorstelt. Kan zij nog verder toelichten wat zij bedoelt met het verder met elkaar in gesprek gaan? En wat zou zo’n gesprek op moeten leveren? A. RUTGER VAN DER LOEFF stelt zich voor dat zij bijvoorbeeld met twee mensen in de fractie komt om inhoudelijk het gesprek aan te gaan. Zij kan niet alles kwijt in de drie minuten inspraak. Zij wil dat gesprek graag in verschillende commissies houden. Het lid ALBERTS begrijpt uit de woorden van de inspreker dat die zich zorgen maakt over hoeveel natuur beschermd gaat worden. In een van de stukken staat ‘zoveel mogelijk’. Dat is dus niet 100%. Houdt dat verband met de angst van de inspreker dat er toch dingen gaan gebeuren die niet goed zijn voor de natuur? A. RUTGER VAN DER LOEFF antwoordt bevestigend.

Niet voor niets ligt er een RES-advies randvoorwaarden, met op pagina 4 duidelijke randvoorwaarden natuur. Die moeten gewogen worden. Je kunt dan niet zeggen: ja, maar dan halen we de ambitie niet! Dat is het omdraaien van zaken. Er moet door de raad een gewicht worden toegekend aan de gezondheid. Het lid HENDRIKS merkt dat een aantal partijen de behoefte hebben om te voldoen aan de vraag van de inspreker. Zou het misschien, om de insprekers niet te veel

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

te belasten, makkelijker zijn om dat gezamenlijk op te pakken, zodat de insprekers maar één keer langs hoeven te komen? De fracties die daaraan behoefte hebben zouden dan kunnen aansluiten. A. RUTGER VAN DER LOEFF antwoordt dat zij niet met veel mensen komt, maar met twee. En dat zijn niet altijd dezelfde mensen. De VOORZITTER stelt voor dit verder vorm te geven buiten de vergadering om. S. KOMIJN spreekt namens Windalarm, een van de burgerorganisaties die verbonden is aan de SARA. De SARA geeft advies onder welke voorwaarden Amsterdam windturbines kan plaatsen. Uitgangspunt daarbij is kennis van de ambities van de gemeente. Maar binnen de SARA is er geen ruimte om nut en noodzaak van die ambitie te bespreken. Dat is jammer, want veel burgerorganisaties in Amsterdam en de buurgemeenten zien dusdanige bezwaren, dat er geen draagvlak is om de klimaatdoelstellingen van de stad met wind te realiseren. Daarom wil hij buiten de SARA een oproep doen aan de wethouder om uit te leggen waarom dit beleid nodig is. De basis van het Amsterdamse windenergiebeleid ligt in 2012. Toen was wind op zee onzeker en bovendien veel duurder dan op land. Nu is de situatie totaal gekeerd.

De Urgenda-doelen zijn definitief gehaald, de RES-doelen zijn gehaald, minister Jetten kondigde vorige week een verdriedubbeling van de wind op zee aan, het landelijk regeerakkoord en de partijprogramma’s vullen de klimaatambities in met wind op zee en zon op dak, en het rapport van de rijkswerkgroep Extra opgave refereerde in maart van dit jaar aan de heldere afspraak in het Klimaatakkoord dat voor eventuele verhoging van de ambitie allereerst gekeken wordt naar de mogelijkheden voor wind op zee en kleinschalig zon. De discussie over nut en noodzaak heeft de wethouder en haar ambtsvoorganger nog steeds niet willen voeren. Niet tijdens de behandeling van de regionale energiestrategie, niet tijdens de bespreking van de Omgevingsverordening, niet tijdens de reflectiefase. En ook nu in de SARA is het antwoord helaas weer ‘nee’. De discussie bleef er steeds bij steken dat Amsterdam haar verantwoordelijkheid wilde nemen. Onze minister van Klimaat en Energie, de heer Jetten, heeft afgelopen zondag in de Abel Herzberglezing benoemd dat er geen sprake kan zijn van goed overheidsbeleid als de mensen om wie het gaat, niet worden betrokken. Daarom gaat hij ervan uit dat er nu wel kans is op een inhoudelijk gesprek met de wethouder.

Ten eerste verzoekt hij de wethouder concreet te onderbouwen waarom het noodzakelijk zou zijn om windturbines binnen de gemeentegrenzen van Amsterdam te plaatsen. Er wordt schaarste ruimte afgenomen van andere, zeer belangrijke, functies in de stad en bij buurgemeenten. De mate waarin wordt duidelijk vanuit de PlanMER en aanvullende onderzoeken. De noodzaak waarom de burger de natuur en het landschap al die nadelen te moeten laten welgevallen, dient wel onderbouwd te worden met goede argumenten. En vooral, omdat er concrete alternatieven zijn die minder impact hebben op de omgeving. Ten tweede vraagt Windalarm met de burgerorganisaties de fracties in de raad een uitnodiging om het gesprek hierover aan te gaan. Het lid BILGIN heeft gelezen dat het kabinet in 2050, 70 GW aan vermogen wil realiseren door windparken op zee. Hij vraagt of dat opweegt tegen een paar windturbines in Amsterdam. Heeft het nog wel zin om in Amsterdam windturbines te plaatsen? S. KOMIJN antwoordt dat het raar is om een dergelijk vraagstuk te beperken tot de geografische grenzen van Amsterdam. Amsterdam is uitermate ongeschikt om wind op te wekken. Het waait weinig. Er is veel overlast voor de burger, de natuur en het werelderfgoed. Er zijn veel betere plaatsen, waarvan de zee een heel goed voorbeeld is.

Het lid NIJSSEN merkt op de wethouder afspraken heeft gemaakt met de SARAgroep over de vraag hoe hiermee in de komende tijden verder wordt gegaan. Een van die afspraken was dat de plaatsing van een windmolen in een bepaald zoekgebied die tot onaanvaardbare schade leidt, betekent dat die locatie afvalt. Aan de andere kant is de

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

teneur voelbaar dat die winmolens er hoe dan ook gaan komen. Hoe is het gesprek met de SARA gegaan? Herkent de inspreker die teneur? Is dat ook besproken? S. KOMIJN antwoordt bevestigend. Hij herkent dit. Het dossier heeft wat dat betreft natuurlijk een zeer slechte track record. Er is inspraak geweest van burgers. Er is de reflectiefase geweest, die afgedaan werd met een tamelijk waardeloos rapport. Nu wordt in de SARA een nieuwe poging gedaan. De contouren waarbinnen geadviseerd mag worden zijn heel duidelijk. De SARA mag advies geven onder welke randvoorwaarden dat mag gebeuren. Het staat het college vrij om het rapport aan te nemen en daarna naast zich neer te leggen. Er zal uiteindelijk een andere afweging komen, juist omdat de discussie over nut en noodzaak expliciet buiten het mandaat van de SARA is gelegd. Dat stemt hem tot zorgen. De VOORZITTER schorst de vergadering voor enige ogenblikken. c. Actualiteiten Actualiteit ingediend door het lid Krom inzake misstanden op kinderboerderijen Amsterdam Het lid KROM merkt op dat haar fractie zich al een tijd ernstige zorgen maakt over de situatie op Amsterdamse kinderboerderijen. Zij denkt dat er structureel te weinig toezicht is op deze organisatiestijl, terwijl er heel veel subsidie heengaat. Haar fractie diende daarom in juni schriftelijke vragen in. Zij was erg teleurgesteld over de antwoorden.

Het college ging niet in op concrete voorbeelden van misstanden en het leek ook niet van plan om stappen te ondernemen om het dierenwelzijn te verbeteren. Gelukkig blijkt het college achter de schermen toch druk bezig te zijn geweest. Na intensief contact met de gemeente hebben meerdere kinderboerderijen begin deze maand ineens een nieuw beleidsplan online staan, waarin sommige van de kritiekpunten worden geadresseerd. Ook blijk er een geactualiseerd convenant te zijn ondertekend door de Amsterdamse kinderboerderijen. Haar fractie heeft dat niet terug kunnen vinden, maar hoopt dat de wethouder ditmaal wel de aanbevelingen van de Dierenbescherming uit 2015 erin heeft laten opnemen. Dat zijn een totale fokstop met betrekking tot alle diersoorten, het bijhouden van logboeken en administratie voor alle dieren, en een afspraak om geen dieren te verkopen aan particuliere handelaren en slagers. Dis alles is voor haar fractie essentieel. Zij vraagt de wethouder of de aanbevelingen van de Dierenbescherming uit 2015 inderdaad opgevolgd worden. Komt er een fokstop, komen er logboeken en kunnen de dieren vanaf nu rekenen op een onbezorgde oude dag op iedere Amsterdamse kinderboerderij? Haar fractie signaleert drie problemen die opgelost kunnen worden als de wethouder alle aanbevelingen uit het rapport van de Dierenbescherming van 2015 opvolgt.

Ten eerste zijn er misstanden op het gebied van dierenwelzijn. Afspraken uit het convenant van 2017 worden geschonden. Er worden nog steeds groepsdieren zonder gezelschap van soortgenoten gehouden op verschillende kinderboerderijen. Soms vertonen die overduidelijk stresssignalen. Er is verder een kinderboerderij waar met overdag paradeert met een uil, zodat die nog een beetje onder de mensen komt. Ten tweede zijn er onduidelijkheden op het gebied van de subsidieverstrekking en -verantwoording. Zij heeft de jaarverslagen van de kinderboerderijen bij de wethouder opgevraagd en hoorde dat die er niet zijn. In de beantwoording van de schriftelijke vragen staat echter dat een inhoudelijke en financiële rapportage, naast vaak -afhankelijk van het subsidiebedrag- een accountantsverklaring nodig zijn. Sommige van die boerderijen krijgen meer dan een ton subsidie. Ten derde zijn er nog andere afspraken met de gemeente geschonden. Zo zou er actief gecommuniceerd worden over het fokbeleid op de websites van de kinderboerderijen, wat echter in de praktijk in veel gevallen ontbreekt. Er ligt ook nog een amendement van haar fractie uit 2018, waarmee opgenomen werd dat dieren op

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

kinderboerderijen een onbezorgde oude dag zouden krijgen. Ze zouden niet in het slachthuis belanden. Maar die onbezorgde oude dag wordt niet door alle kinderboerderijken gegarandeerd. De dieren worden zelfs soms aan veehandelaren verkocht. Haar fractie verwacht van de wethouder, die het goed voor heeft met dierenwelzijn, dat die de zorgplicht van de gemeente ten aanzien van deze dieren hoog opneemt. Zij moet ervoor zorgen dat het vanaf nu betere geregeld gaat worden en de aanbevelingen vanaf nu wel doorvoeren. Het lid LUST merkt op dat Amsterdam zeventien van deze kinder- en stadsboerderijen, die gezamenlijk zorg dragen voor maar liefst 1700 dieren. Veertien van die boerderijen worden gesubsidieerd door de gemeente. De financiële verantwoording voor de wijze waarop deze gemeenschapsgelden worden uitgegeven, blijft meermaals achter. Er ontbreken dan duidelijke financiële jaarverslagen, ondanks heldere afspraken daarover in de subsidieovereenkomst. Dit gesprek aan transparantie creëert een wat schimmig beeld ten aanzien van het beheer en bestuur van Amsterdamse kinderboerderijen. Dat kan niet de bedoeling zijn.

Ook de afwezigheid van een helder fokbeleid bij vele Amsterdamse kinderboerderijen draagt bij aan die indruk, ook al zijn ook daarover afspraken gemaakt in de kinderboerderijenovereenkomst van 2017, ondertekend door dertien van de veertien voornoemde kinder- en stadsboerderijen. Het zou normaal moeten zijn dat dieren op kinder- en stadsboerderijen gecastreerd worden. Er zou niet met de gefokt of gehandeld moeten worden. Verder zouden sociale dieren ook sociaal gehouden moeten worden, met soortgenoten en voldoende leefruimte. Ook dat is een afspraak uit het convenant waarvan de naleving niet gecontroleerd wordt. Klokkenluiders getuigen dat dit wel nodig is. Dit wordt ook bevestigd door onderzoek van het Comité Dierennoodhulp. Slechts zes van de in totaal vijfhonderd Nederlandse kinderboerderijen hebben tot nu toe het kenmerk ‘Diervriendelijke kinderboerderij’ gekregen van het Comité Dierennoodhulp. Zelfs al zijn die zes allemaal Amsterdams, dan nog blijven er in de stad potentieel elf kinderboerderijen in gebreke bij het creëren van een optimale leefomgeving voor de dieren. Haar fractie vraagt de wethouder om dit kennelijke probleem de aandacht te geven die het verdient. Er moet in ieder geval voor gezorgd worden dat de Amsterdamse kinder- en stadsboerderijen hun subsidiegelden netjes verantwoorden.

Ze moeten gecontroleerd worden op een duidelijk omschreven en nageleefd fokbeleid. Het lid VAN RENSSEN deelt de zorgen van de Partij voor de Dieren, met name wat betreft die over het fokken en handelen met de dieren. Haar fractie vraagt het college dat nader te onderzoeken. Het lid HAVELAAR geeft het voorbeeld van een kinderboerderij in het Rembrandtpark, waar hij vogels zag op de rug van een varken die in zijn rug pikten. Hij heeft daarover gemeld bij de wethouder en de Partij voor de Dieren. Er is gelukkig snel contact opgenomen met die kinderboerderij. Men was bekend met het probleem. Het varken in kwestie had verwondingen en men was op zoek naar een goede oplossing. Binnenhouden van het varken was natuurlijk ook niet ideaal. Hieruit blijkt wel dat er bij kinderenboerderijen vrijwilligers werken met passie voor dieren. Het moet allemaal natuurlijk netjes op orde zijn. Maar hij zag het filmpje dat bij de aanvraag van deze actualiteit -waarbij het over een groot, acuut probleem moet gaan- geleverd werd. Hij had daarbij moeite met de toon, waarbij het leek alsof het allemaal op grote school misgaat. Dat kon hij niet opmaken uit het filmpje, en evenmin uit de bijdrage van de Partij voor de Dieren. Hij onderstreept nog eens dat er op de Amsterdamse kinderboerderijen heel veel toegewijde dierenverzorgers rondlopen. Die doen het werk met veel liefde voor de dieren.

Het lid KROM wilde niet zeggen dat er op iedere kinderboerderijen sprake is van misstanden. Wel dat er vaak structureel dingen misgaan. Het grote probleem is dat de gemeente er geen regie op heeft, terwijl er flink wat subsidie gegeven wordt. Het klopt dus niet als de heer Havelaar zegt dat er niets aan de hand is.

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Het lid HAVELAAR is het eens dat het goed geregeld moet zijn en dat subsidiegelden goed besteed moeten worden. Maar in het filmpje bij de aanvraag voor de actualiteit brengen twee kinderen één situatie naar voren. Is dat genoeg om er een actualiteit van te maken? De vragen aan de wethouder over de verantwoording van de subsidiegelden vindt hij terecht, maar er zou meer waardering naar voren moeten komen voor wat wél goed gaat op de kinderboerderijen. Het lid KROM herhaalt dat haar zorgen niet alle kinderboerderijen gelden. Er zijn ook berichten van kinderboerderijen waar oversterfte plaatsvindt, dieren medische zorg onthouden wordt, of sociale dieren alleen zitten. Zij vindt het genoeg reden om er een actualiteit van te maken, ook al gaat het op andere kinderboerderijen wel goed. Wethouder PELS deelt met mevrouw Krom haar belangstelling voor het dierenwelzijn in de stad. Toch kan zij zich ook vinden in het betoog van de heer Havelaar, die het heeft over de vrijwilligers op kinderboerderijen die enorm hun best doen. Over dierenwelzijn kun je elke dag leren. Sommige dingen die twintig jaar geleden normaal waren met dieren, kunnen nu niet meer. Zij ziet die wens om te leren terug bij de kinderboerderijen. Afgelopen vrijdag is het convenant vernieuwd. Dat is met elkaar besproken, hoe je steeds stappen kan blijven zetten.

Kinderboerderijen maken zich terecht enorm veel zorgen over de vogelgriep. De maatregelen tegen die ziekte maken dat zij hun pluimvee binnen moeten laten, zij het in passende huisvesting. Ze voldoen daarmee aan de wettelijke normen, maar liever zouden ze de dieren over het terrein laten scharrelen. Met het sluiten van het convenant is dat leren erin gekomen. Zij vindt het daarmee ingewikkeld om een algemeen bericht over misstanden in Nederland toe te spitsen naar de Amsterdamse situatie. Er gaat af en toe zeker iets mis met dieren op een kinderboerderij. Het zou helpen als Amsterdammers bij haar melding maken van gevallen op een specifieke kinderboerderij waar iets mis lijkt te gaan. Er zal dan naar het geval worden gekeken. Men dient zich te bedenken dat de gemeente hierbij geen rol van handhaver heeft. Wel kan de gemeente het gesprek aangaan en kijken hoe het gaat met het beheer. Het lid KROM erkent dat de gemeente op dit terrein geen handhavende rol heeft. Toch zijn er kinderboerderijen waar de problemen vrij groot zijn. Daarvan heeft haar partij ook beeldmateriaal. In die gevallen komen er regelmatig handhavende instanties over de vloer, maar toch blijft alles dan op dezelfde voet doorgaan. Zij ziet ook dat er veel verbeterd is; het is zeker niet zo dat iedereen het slecht voor heeft met de dieren.

Maar toch valt het lerend vermogen wat tegen, als er na het rapport van 2015 nog steeds dingen zijn blijven liggen. Wethouder PELS vermoedt dat het lid Krom refereert aan het fokbeleid. Zij wil daar graag nog apart bij stilstaan. Tien van de kinderboerderijen, dus de meerderheid, fokt überhaupt niet met dieren. Verder heeft een aantal kinderboerderijen, zoals de Bijlmerweide, zich echt toegelegd op het fokken van rassen die met uitsterven bedreigd worden. Daarbij gaat het om hulp om speciale Nederlandse rassen in stand te houden. Het is goed als misstanden gemeld worden. Toen dit eerder gebeurde, is de gemeente er achteraan gegaan en zijn er afspraken gemaakt met de handhavende instanties. Er gebeurt dus zeker iets met signalen over misstanden. Enkele zaken moeten uit de wereld geholpen worden. De uil waarover het lid Krom sprak is er niet meer en slacht komt niet voor. Misschien kwamen dit soort dingen vroeger wel voor. Het lid LUST twijfelt niet aan de goede intenties van de medewerkers op kinderboerderijen, maar dat is niet gelijk te stellen aan dierenwelzijn. Op het door de Partij voor de Dieren ingebrachte filmpje worden misstanden getoond. Wat denkt de wethouder over dat filmpje? En wat kan gedaan worden als de gemeente na een melding niet kan handhaven?

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Wethouder PELS antwoordt zij het filmpje niet heeft gezien. Zij zal er nog naar kijken. Op het moment dat een melding van een misstand binnenkomt, wordt er navraag gedaan bij de handhavende instanties, bij de kinderboerderij zelf en bij het stadsdeel. De eerder genoemde melding ging over dierenartszorg. Daarbij speelde een verschil van inzicht tussen vrijwilligers, de beheerders en de dierenarts. Die laatste handelde conform de verwachtingen met betrekking tot dierenwelzijn, maar de vrijwilliger vond dat er langer, ook met andere vormen van alternatieve zorg, geprobeerd moest worden om het dier in kwestie in leven te houden. De beheer en de dierenarts besloten toen dat het dier te veel leed om verder af te wachten. Dit toont aan dat het belangrijk is een dergelijk verhaal goed uit te zoeken voor het een misstand te noemen. Een ander voorbeeld daarvan werd zojuist aangedragen door de heer Havelaar. Steeds moet onderzocht worden of er gehandeld wordt conform de Wet dieren, of volgens een bredere interpretatie van dierenwelzijn, en hoe dat moet worden beoordeeld. Het kan zijn dat er sprake is van een structureel probleem, zoals een tekort aan vrijwilligers of deskundigheid. De vraag is dus steeds: is het structureel, of eenmalig, of een beeld dat is ontstaan? Dat laatste kan soms ook het geval zijn.

Het lijkt soms of niet goed is gehandeld, terwijl dat na onderzoek erg mee blijkt te vallen. Het lid KROM vraagt of dit betekent dat de gemeente vanaf nu toch een controlerende rol krijgt voor de kinderboerderijen. Wethouder PELS antwoordt dat de gemeente steeds het gesprek aangaat. Daar zit ook lerend vermogen in. Het zet kinderboerderijen en vrijwilligers aan het denken over hun werkwijze. Belangrijk is daarbij ook dat de veiligheid voor het gesprek er ook is. De gemeente moet niet binnenkomen met de houding dat de kinderboerderij alles verkeerd gedaan heeft, en met uitleg moet komen. Het kan anders via een open vraagstelling, zoals dat er vragen gesteld zijn over een casus. Wat is er precies gebeurd, kunnen we ergens bij helpen? De gemeente is niet de handhaver en de vrijwilligers, met hun goede intenties, moeten geholpen worden om zaken te verbeteren. Het lid KROM vraagt of de wethouder bereid is om de aanbevelingen zoals in het rapport van de Dierenbescherming op te nemen in een nieuw convenant. Wethouder PELS antwoordt dat de kinderboerderijen het meeste uit het rapport van de Dierenbescherming overgenomen hebben. En wat betreft het fokbeleid: de meeste kinderboerderijen fokken überhaupt niet. Die hebben die keuze al gemaakt. Ander kinderboerderijen doen het wel, maar daarvoor is dan een specifieke reden die onderbouwd wordt.

Zo wordt soms gefokt ter vervanging van de eigen dieren, of voor educatieve doeleinden. Als aspecten uit het rapport van de Dierenbescherming dus niet overgenomen zijn, berust dat meestal op een eigen afweging die past binnen de wet en niet leidt tot wantoestanden. Uiteraard vraagt de gemeente verantwoording af te leggen over de besteding van de verstrekte subsidiegelden. Dat gebeurt op de punten waarvoor de kinderboerderij subsidie krijgt. Dat is wat ingewikkeld. De gemeente heeft eigenlijk geen instrument om dierenwelzijn op de een of andere manier te reguleren in de subsidies, zeker als het wettelijk kader van de Wet dieren niet overtreden wordt. Er wordt dus nog gezocht naar een manier om dierenwelzijn toch een plek te geven in de subsidierelatie. De huidige verantwoording van kinderboerderijen naar aanleiding van de subsidie gaat momenteel niet over punten die dierenwelzijn raken. Het zou voor de ambtenaren erg veel werk zijn om alle jaarverslagen op te vragen. Als er een concrete vraag is, wil zij die graag uitgebreid beantwoorden. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Verzocht is het te agenderen voor de raad van 5 oktober, maar dan is er alleen ruimte om moties aan te kondigen. Er wordt dan geen debat gevoerd over dit onderwerp. d. Rondvraag

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Het lid HENDRIKS merkt op dat er momenteel sprake is van zowel een energieals een klimaatcrisis. Alle zeilen moeten bijgezet worden om te verduurzamen. Het is dan ook onbegrijpelijk dat in Amsterdam zoveel panden onnodig verlicht zijn. Het college zet in samenwerking met ondernemers in op energiebesparing, maar dat wordt in de dagmail, in antwoord op schriftelijke vragen van de heer Nijssen, weinig concreet gemaakt. Hij hoopt dat het college zich in wil zetten om ondernemers ertoe aan te zetten de lichten in hun panden na sluitingstijd te doven. Maar dat is nog niet genoeg. Uit gesprekken met organisatoren van bewustwordingscampagnes blijkt dat pandeigenaren maar al te graag meedoen ten tijde van een dergelijke campagne, maar daarna toch weer terugvallen in oude gewoontes, met onnodige verlichting. Dat is zichtbaar in de Kalverstraat of aan de Zuidas. De Volt-fractie wil inzetten op de simpele regel: zaak gesloten, licht uit. Dit moet zo snel mogelijk gerealiseerd worden. Hij vraagt welke mogelijkheden de gemeente ziet om het doven van lichten na sluitingstijd af te dwingen bij uitbaters of pandeigenaren. En als dat niet voldoende lukt, kan de gemeente dan in gesprek met het Rijk proberen deze bevoegdheid alsnog te realiseren? Te denken valt aan het model van Frankrijk.

Wethouder PELS antwoordt dat via 15% Gas Terug met ondernemers in de stad gesproken wordt om het licht uit te zetten. Ook zij zou willen dat dit niet iets incidenteels is, maar structureel wordt. Zij wil hier graag schriftelijk op terugkomen, want er moet uitgezocht worden wat de gemeente op dit vlak juridisch kan. In de tussentijd zal de gemeente de ondernemers proberen te overtuigen om na sluitingstijd het licht uit te doen. Het lid KOYUNCU vraagt de wethouder om daarbij ook openbare gebouwen te betrekken. Ook bij scholen en gymzalen staan vaak lichten onnodig aan. Misschien kan dat opgelost worden door de installatie van bewegingssensoren. Kan de wethouder dat onderzoeken en betrekken in de brief? Het lid NADIF had een rondvraag over energiebesparende mogelijkheden voor ondernemers, omdat die in de problemen zitten met hun energierekening. Zij vraagt dat aspect ook terug te laten komen in de beantwoording van de wethouder. Wethouder PELS antwoordt de heer Koyuncu dat al gekeken wordt naar openbare gebouwen. Ook het eigen vastgoed komt daarbij in beeld. Een uitdaging daarbij is dat licht, zoals met betrekking tot de monumenten, ook gebruikt wordt om de veiligheid op straat te verhogen. Daarvoor is een speciaal lichtplan. Dit zal meegenomen worden bij de beoordeling van nodige of onnodige verlichting. Er zal in ieder geval naar scholen gekeken worden.

Zij antwoordt het lid Nadif dat bekeken wordt wat er op korte termijn gedaan kan worden voor ondernemers, om ze te helpen versneld energie te gaan besparen. Er is sprake van grote nood onder ondernemers. Het lid HENDRIKS herinnert aan de expertsessie Energiecrisis van 13 september jl., waarin onder andere naar voren kwam dat het voor bewoners lastig is om hun huizen te verduurzamen, omdat ze aanlopen tegen te ingewikkelde subsidieprocedures. Amsterdammers die willen bijdragen lopen vast in complexe gemeentelijke regels en procedures. Zijn fractie vindt het belangrijk om snel meters te maken in de verduurzaming. Als de gemeente bewoners wil helpen met subsidie, moet er ook voor worden gezorgd dat ze daarvan gebruik kunnen maken. Hij vraagt of de wethouder dat ook zo op de radar heeft staan. Het lid KREUGER heeft een punt van orde. Dit onderwerp staat gewoon op de agenda. Verder mag in de rondvraag in principe maar één vraag per persoon gesteld worden.

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

De VOORZITTER antwoordt dat het lid Kreuger gelijk heeft. Het punt komt inderdaad later op de agenda al aan de orde. Deze rondvraag wordt dus geschrapt. Overigens is het wél mogelijk om per lid meerdere rondvragen te stellen. Het lid NADIF merkt op dat de gemeente Haarlem geen vleesreclames meer toestaat in de openbare ruimte. Amsterdam deed hetzelfde met betrekking tot fossiele reclames. Wat zijn de mogelijkheden voor een verbod op vleesreclames in de openbare ruimte van Amsterdam? Ook het lid Krom van de Partij voor de Dieren is geïnteresseerd in deze informatie. Zij vraagt het college in samenspraak met de gemeente Haarlem de commissie hierover te informeren. Wethouder PELS zegt dat toe. Eerst zullen de juridische mogelijkheden voor een dergelijk verbod verkend moeten worden. Zij zal hierop schriftelijke terugkomen. Het lid KROM is blij met deze toezegging. Zij vraagt op welke termijn de brief verwacht mag worden. Wethouder PELS antwoordt dat juridische onderzoeken altijd tijd kunnen nemen. Zij zal dit onderwerp prioriteit geven. Zij zegt toe er voor het eind van dit jaar op terug te zullen komen, waarbij zij ook gebruik zal maken van de ervaringen in Haarlem. Het lid NADIF herinnert aan de vragen en moties over het verduurzamen van monumentale panden en cultureel erfgoed die zij samen met het lid Van Renssen in de vorige periode heeft ingediend.

Veel bewoners blijken nu te willen verduurzamen, maar lopen daarbij tegen de vele regels aan. Zo is het vervangen van enkel- door dubbelglas al een groot probleem. Wat is de stand van zaken? Is het mogelijk te versnellen, zodat energie bespaard kan worden? Wethouder PELS antwoordt dat de wens om de monumenten in goede staat te houden en de waardering die de gemeente daarvoor krijgt, soms schuurt met de wens tot verduurzaming. Zij wil graag samen met wethouder Van Dantzig kijken hoe ook daarbij versimpeld en versneld kan worden. Het moet makkelijker worden voor eigenaren van monumenten om te verduurzamen. Het lid BILGIN merkt naar aanleiding van de inspraak over het onderstation Nieuwe Meer 2 op dat het belangrijk is dat het elektriciteitsnet wordt opgewaardeerd. Maar in Amsterdam verdwijnt ook veel groen, bijvoorbeeld ten gevolge van de verdichting. Het klopt dat vanuit het onderstation energie geleverd wordt aan gebieden buiten Amsterdam. Op een kaartje ziet hij ook flinke lijnen naar Schiphol lopen. Het is niet mogelijk om stroom alleen voor Amsterdam te behouden, maar wel kunnen eisen gesteld worden aan de grootte van onderstations. Hij vraagt de wethouder of er in het beleid rekening gehouden wordt met de grootte van onderstations, zodat die niet te groot worden voor de stroom die Amsterdam zelf nodig heeft.

Het gaat hem erom dat de grond in Amsterdam niet massaal wordt opgekocht door de provincie of buurgemeenten. Wethouder PELS wil niet tot uitgangspunt maken dat stroom alleen voor Amsterdam mag zijn. Men zou in Beverwijk dan nogal schrikken, want daar is de aanlanding van wind op zee vooral gericht op het Noordzeekanaalgebied, dus niet voor Beverwijk zelf. Je moet solidair zijn onderling en dankbaar zijn dat Beverwijk die aanlanding regelt. Daartegenover moet je ook niet per onderstation in Amsterdam gaan kijken waar de stroom uiteindelijk landt. Het elektriciteitsnet is een landelijke voorziening. Zij heeft overigens ook zelf contact gehad met de inspreekster mevrouw Hoogland. Men gaat nog bij haar langs om verder te praten over de Nieuwe Meer en het onderstation daar. In het ontwikkelkader energietransitie staat hoe omgegaan wordt met het plaatsen van onderstations. Daar kan nog wel een slag in gemaakt worden. Zij heeft er al met de taskforce netcongestie over gesproken. Er is weerstand in de stad tegen het plaatsen of vervangen van onderstations, maar tegelijkertijd zal je de komende jaren in de straten van Amsterdam hard aan het

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

werk moeten voor de energietransitie. Dat zal zichtbaar, merkbaar en voelbaar zijn voor de Amsterdammers. Zij heeft al met Liander besproken welke verbeteringen nog aangebracht kunnen worden in het proces van het plaatsen van onderstations. Daarbij ging het ook om het bieden van meer inzicht voor de inwoners, maar ook richting de raad. Samen met wethouder Van der Horst gaat ze kijken naar een inpassingsplan, met de mogelijkheden tot standaardisatie. Je zou dan bijvoorbeeld als buurt een aantal opties kunnen kiezen met betrekking tot een onderstation. Je hebt grote, maar ook echt kleinere huisjes. Mensen kunnen dan meedenken over hoe het er straks uit komt te zien. Het lid ALBERTS begrijpt uit het antwoord van de wethouder dat die de commissie allerlei informatie gaat toesturen. Uit de inspraak bleek dat er onduidelijkheid bestond, over hoe, wat en waar. Zij vraagt de raad daarbij te betrekken. Als bewoners het alleen juridisch aanpakken, dan wordt dat meestal afgedaan als ‘niet zijnde belanghebbende’. Maar het gaat wel om je omgeving! De informatie moet dus helder zijn. Wethouder PELS zegt toe dat zij daarin tegemoet zal komen. Zij zal snel schriftelijk terugkomen op het huidige kader, en de stappen die de gemeente zet met betrekking tot Nieuwe Meer. Het plan dat zij wil ontwikkelen, gaat wel wat langer duren.

Daarvoor moet er gesproken worden met Liander en bekeken worden wat waargemaakt kan worden in de openbare ruimte. Zij zal de gevraagde informatie over de Nieuwe Meer en het huidige kader doen toekomen. Zij zal er zeker voor zorgen dat de bewoners en mevrouw Hoogland goed geïnformeerd worden. De komende jaren zal voor de energietransitie in de stad, zoals de onderstations en huisjes, een manier gevonden moeten worden hoe het snel en samen gedaan kan worden. Zij hoopt dat het niet tot juridische procedures hoeft te komen. Het lid ALBERTS merkt op dat tegen het onderstation Nieuwe Meer 2 bezwaren zijn ingediend. Zij weet zeker dat geen van die bezwaren ontvankelijk zal worden verklaard, terwijl er toch een signaal is dat er weerstand is. Dat moet ondervangen worden, anders krijgen mensen het gevoeld dat ze niet meetellen. Wethouder PELS antwoordt dat het zeker niet haar intentie is om mensen het gevoel te bezorgen dat ze er niet toe doen. Zij gaat graag het gesprek aan. Daarom ook is er contact met mevrouw Hoogland. Het lid BILGIN onderstreept het belang van het elektriciteitsnet. De inspraak blijft natuurlijk belangrijk, en daarmee ook de informatievoorziening. Een van de kritiekpunten daarbij was dat de inspraak tijdens de zomervakantie plaatsvond, namelijk tussen 7 juli en 18 augustus. Sommige bewoners vonden dat geen ideale tijd voor inspraak.

Wordt daarmee in vervolg rekening gehouden? Wethouder PELS antwoordt dat het niet altijd mogelijk is om alles stil te leggen in de zomervakantie. Zij wil wel samen met Liander kijken naar opties om een of twee weken buiten de vakantie te laten vallen. Zij zal dat meenemen in het plan dat zij samen met wethouder Van der Horst gaat maken. De VOORZITTER schorst de vergadering van 10.16-10.26 uur. BESPREEKPUNTEN Afval en Reiniging 3. Evaluatie dynamisch inzamelen (voorheen routeoptimalisatie) (VN2022-028825) De VOORZITTER licht toe dat dit TKN-stuk geagendeerd is door het lid Van Pijpen omdat de evaluatie belangrijke informatie bevat voor de verdere inrichting van de organisatie van Afval en Reiniging. Ook de leden Boomsma en Burgers vroegen dit stuk

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

te agenderen, omdat zij de wethouder graag enige suggesties of opdrachten willen meegeven. Het lid VAN PIJPEN herinnert zich de jaren negentig, toen men zoveel heil verwachtte van technologie en ICT. Invoering in de organisaties zou een kleine technische kwestie zijn. Maar toen ging het gigantisch fout. Alsof invoering van technologie, of datagestuurd werk, niet vooral een sociaal project is. Het is een project van en voor mensen. In dit geval gaat het over de mensen op de werkvloer, de vuilniswagen en in de straten. Het gaat over Amsterdammers die hun vuilniszak wegbrengen, of over actieve Amsterdammers die de container in hun straat geadopteerd hebben of vrijwillig de straat schoon houden. De grootste fout was dus dat technologie als doel werd gezien, en data als technische gegevens over gewicht en volle wagens. Zij vraagt wat er wél goed ging in de eerste fase in Zuidoost, waar men het meer als een sociaal project zag. Heeft het systeem daar ook daadwerkelijk gefunctioneerd? Voor het overige zie je vooral een technologisch project dat op alle fronten fout liep. Zij was dan ook blij met het besluit om het project on hold te zetten. Het was niet houdbaar en de klachten stapelden zich op. Chauffeurs moesten allerlei onlogische routes rijden. Verder heeft het college besloten om de dienst Afval en Grondstoffen fundamenteel onder de loep te nemen en te verbeteren.

Het beeld dat uit het rapport naar voren komt, met de lange lijst van aanpassingen die nodig zijn om van dit project nog een succes te maken, stemt niet helemaal gerust. Het aantal applicaties en aanpassingen lijkt erg groot en vooral complex. Daarbij komt dan nog de sociale kant. Is het mogelijk om niet alleen het vertrouwen van de chauffeurs te herstellen, maar vooral ook te zorgen dat hun kennis wordt meegenomen als waardevolle data en input voor de ontwikkeling en uitvoering van een systeem. Het is prima dat er op basis van dit rapport scenario’s worden ontwikkeld. Is er ook een scenario mogelijk dat met dit systeem gestopt wordt met de leverancier en het bijbehorende contract? Kijkt men dus echt vanuit de eigen wensen en doelstellingen naar het vervolg, en niet alleen vanuit de ontstane situatie? Het is ook de vraag of de doelen die bij de start nagestreefd werden en die niet zijn behaald, alsnog behaald kunnen worden. Zij vraagt of bij de ontwikkeling van de vervolgscenario’s uitgegaan wordt van dezelfde doelstellingen. Of worden die aangepast? Er moet ook antwoord komen op de vraag of er door die 3 miljoen ook daadwerkelijk bezuinigd kan worden. Voor haar fractie zijn de verduurzaming van de vuilnisophaal, de vermindering van de uitstoot en chauffeurs die zich ondersteund weten zeer belangrijke doelstellingen die overeind moeten blijven.

Haar fractie kijkt graag met een open blik naar toekomstige mogelijkheden. Zij hoopt en verwacht dat de wethouder dat ook zal doen. De stad moet schoner worden. Er moet een duurzame vuilnisophaal komen. De vuilnisophalers moeten betrokken en tevreden zijn. Meer datagestuurd werken, ondersteund door technologie, is daarbij logisch en verstandig. Daarbij moet men zich beseffen dat data afkomstig zijn van, en voor mensen zijn. Daarbij gaat het over informatie en kennis van reinigers, ambtenaren op straat en in de wijken en actieve Amsterdammers. Het lid HAVELAAR las in de brief dat de wethouder dit najaar met nieuwe plannen komt voor afval en reiniging. Zijn fractie wacht dat met belangstelling af. Hij leest verder dat de nieuwe directeur orde op zaken wil stellen. Hij vraagt hoe dat loopt. En wat betreft het verscherpte toezicht: wat heeft het college tot nu toe in dat kader gedaan? Wat doe je als je iemand onder toezicht stelt? Hij begrijpt nog steeds niet dat Hiemstra en De Vries stellen dat de strategische doelstellingen niet helder waren. Hij zei daarover iets in zijn schriftelijke vragen, en kreeg toen van het college een opsomming van doelen die de raad had vastgesteld. Hij vraagt hoe het mogelijk is dat de directie die niet kende. Wat is misgegaan? Het ziekteverzuim en de antwoorden op schriftelijke vragen daarover zijn onbevredigend.

Hij heeft gekeken naar de benchmark en constateerde dat het Amsterdamse percentage voor ziekteverzuim enorm veel hoger is dan bij vergelijkbare organisaties. Hoe ziet de wethouder dat, niet alleen in relatie tot kosten, maar ook tot de cultuur in de organisatie? En met welk percentage is er begroot? Het is al jaren bekend dat het hoger is dan 6%.

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

De opmerkingen over de fysieke en psychosociale veiligheid in het rapport van Hiemstra en De Vries kwamen op hem veel steviger over dan de antwoorden op de schriftelijke vragen. Het antwoord ging met name over de pilot, maar is er niet meer aan de hand als een externe consultant zulke grote woorden gebruikt over psychosociale veiligheid? Vertrouwt de wethouder er in voldoende mate op dat de organisatiecultuur gezond is? In verbeteraanpak van de kwartaal 4-rapportage zou hij expliciet willen lezen hoe de duurzaamheidsdoelen gehaald worden. Is de dienst in bijvoorbeeld 2025 klaar voor emissievrije afvalinzameling? En zijn de tachtig wagens waarmee gereden wordt HVO100-geschikt? Verder vraagt hij om in de Q4-rapportage een aparte paragraaf op te nemen over data. Wat gaat er mis? Hoe wordt dat verbeterd? Wat gaat het kosten en wat is de planning? Het lid BURGERS las in de antwoorden op de schriftelijke vragen dat de wethouder rekening houdt met een maximale afschrijving van 2,3 miljoen euro. Als dat blijkt te kloppen, is het een zeer fors bedrag. Voor dat geld had men ook meer reinigers kunnen inschakelen, zoals zijn fractie wil. Ook had zijn fractie graag gezien dat er meer afvalbakken waren geplaatst en meer handhavers op hotspots. Er is nu geld uitgegeven zonder dat de stad er schoner op geworden is.

Zijn fractie is voorstander van de doelen van het dynamisch inzamelen: de kostenefficiency van 3 miljoen euro per jaar, minder gereden kilometers, ondersteuning van chauffeurs bij veilig, energiezuinig en ergonomisch comfortabel rijden, naast vermindering van de CO 2-uitstoot. Zijn fractie was altijd kritisch op het dynamisch inzamelen. De praktijk bleek weerbarstig, wat extra geld kostte. De directie Afval en Grondstoffen staat onder verhoogd toezicht, met de focus onder meer op het werken binnen het vastgestelde budget. Werkt de directie inderdaad binnen het vastgestelde budget sinds het toezicht is verhoogd? In de beantwoording van de schriftelijke vragen geeft de wethouder een context van de problemen. De directie Afval en Grondstoffen is pas in 2019 ontstaan en nam beleid over van een andere directie. Vlak daarna nam het ook taken en afvalpunten over van het AB. Daarna volgde de crisis rondom de AB en de coronacrisis. De stad is steeds drukker bebouwd en er zijn logistieke eisen ten aanzien van kades en bruggen, illegaal aangeboden afval vanuit bedrijven en andere opgaves. Op sommige plekken wordt grof afval 24/7 op straat gezet, buiten de vaste dagen en zonder melding.

Denkt de wethouder dat er voldoende financiële middelen zijn om al deze problemen aan te pakken? Zo nee, waaraan ontbreekt het dan? Het ziekteverzuim bij de directie Afval en Grondstoffen is in 2022 zeer hoog, ongeveer 13-14% per maand. De directie Afval en Grondstoffen staat onder verhoogd toezicht met onder meer een focus op het verlagen van het arbeidsverzuim. Vindt de wethouder dat het de goede kant op gaat met het arbeidsverzuim? Het lid VAN PIJPEN vraagt of de VVD tegen datagestuurd en dynamisch inzamelen is. Het lid BURGERS ontkent dat. Het is altijd goed te kijken naar kostenefficiencyvoordelen. Het is bijvoorbeeld goed als een vrachtwagen niet leeg hoeft terug te rijden. Toch had het uitgegeven geld ook op een andere manier besteed kunnen worden. Zijn fractie betreurt dit. Het lid VAN PIJPEN vraagt of het lid Burgers het met haar eens is dat als je doelen stelt en middelen inzet, zoals nu om dynamischafvalinzamelen te onderzoeken, dat geld kost. Dat kan niet zonder kosten te maken. Het lid BURGERS is het daarmee eens, maar toch betreurt hij het dat er 3 miljoen euro over de balk is gesmeten zonder dat de stad er schoner van is geworden. Het lid VAN PIJPEN bestrijdt het idee dat er 3 miljoen euro over de balk zou zijn gesmeten. Die 3 miljoen euro zijn voorgenomen bezuinigingen die vooralsnog niet

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

gehaald zijn. Dat is iets heel anders dan dat doelstellingen niet gehaald zijn. Verder vraagt zij hoe de VVD-fractie de toekomst van datagestuurd- of dynamisch inzamelen voor zich ziet. Het lid BURGERS antwoordt dat hij met belangstelling het vervolg op deze pilot afwacht. Die staat voor het najaar gepland. Het lid LUST leest in de evaluatie welke factoren ertoe hebben geleid dat het project dynamisch inzamelen on hold is gezet. Toch vraag je je bij het lezen af hoe dit heeft kunnen gebeuren. Een en ander heeft geleid tot de onder toezichtstelling van de directie Afval en Grondstoffen. Kan de wethouder zeggen wanneer zij aanbevelingen verwacht naar aanleiding van deze ondertoezichtstelling? Verder vraagt zij of er al zich is op het vlot trekken van het project. Na bijna elf maanden on hold lijkt het behoorlijk uit de tijd te lopen. Hoe staat het er bijvoorbeeld voor ten aanzien van het uitwerken van de verschillende scenario’s op het gebied van de organisatorische en technische haalbaarheid van het project? Het lid NOORDZIJ vestigt de aandacht op de chauffeurs die soms onmogelijke routes moeten rijden. De doelen waren vaak onduidelijk. Maar het ging bij het dynamisch inzamelen eigenlijk al mis bij de basis. De datakwaliteit van het primaire proces van Afval en Grondstoffen was onvoldoende.

Daarbij ging het om de kwaliteit van beschikbare kerngegevens zoals materieel en containers. Hij vraagt welke stappen de wethouder gaat zetten om de basisgegevens op orde te krijgen. En wanneer zullen ze op orde zijn? Niet alle containers zijn opgevoerd in database. Er bestaan twee bronnen voor containers, namelijk het CMS en een los Excelsheet. De data van 21QUBZ zijn dus onbetrouwbaar. Mag hij ervan uitgaan dat het dynamisch inzamelen niet wordt voortgezet voor deze data juist en betrouwbaar bij 21QUBZ aankomen? Ten slotte leest hij dat organisatorisch diepere issues als erkenning, fysieke problemen, psychologische veiligheid en gebrek aan vertrouwen spelen. Dat zou volgens de evaluatie een van de problemen zijn die buiten de leverancier ligt. Maar waar ligt het probleem wel? Wat wordt er nu aan gedaan? Het lid KOYUNCU constateert dat het dynamisch inzamelen mislukt is. Het college schrapt het nog niet om te kijken welke onderdelen van het systeem wel goed in te zetten zijn. Het is jammer van het geld, maar het lijkt hem een verstandige keuze. Graag ziet zijn fractie dat de mogelijkheid voor lokaal maatwerk beschikbaar is en blijft. De medewerkers van de gemeente moeten ruimte krijgen om met suggesties te komen. Dit moet zelfs gestimuleerd worden.

Als een Amsterdammer vrachtwagenchauffeur wil worden bij de dienst, moet hij meestal eerst twee jaar via een uitzendbureau gaan werken. Het is dan helemaal niet zeker dat hij chauffeur blijft, want als er een aanbod voor een vaste baan elders komt kan hij de volgende dag vertrekken bij de gemeente. Wat betekent dat voor de dienst en de sfeer? Is de wethouder voornemens daarin verandering aan te brengen? Wethouder PELS vindt het van groot belang dat de basis op orde wordt gebracht. Daarmee is men druk bezig. Uit het rapport komt naar voren dat het ook een kwestie van cultuur is, iets wat je niet in een paar maande verandert. Er wordt hard gewerkt aan het ziekteverzuim, bijvoorbeeld door te proberen om aan langdurig zieken passend ander werk aan te bieden. De effecten daarvan zijn al zichtbaar: het ging van de 17% in januari dit jaar naar ruim 10% in augustus. Het is echter niet zeker dat de verbetering structureel is. De stappen die gezet worden zijn vormgegeven aan de hand van een verbeterplan. Dat is ook antwoord op de vraag wat het betekent als een dienst onder toezicht komt te staan. Er is een bestuurlijk team opgezet, en ook een ambtelijk team en een stuurgroep. Zij wordt zeer regelmatig op de hoogte gehouden van de stand van zaken bij het verbeterplan.

Er is een verbeterslag te maken bij de financiën, maar ook bij het ziekteverzuim, de cultuur en de tevredenheid van de werknemers. Zij komt graag in het eerste kwartaal van volgend jaar bij de commissie terug met een stand van zaken van het verbeterplan, en hoe het staat met de ondertoezichtstelling en de verbeteringen.

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie

DC

Definitief Raadscommissieverslag, 22 september 2022

Het is wat betreft het dynamisch inzamelen belangrijk om alle scenario’s te verkennen. Ook het scenario dat helemaal gestopt wordt met het dynamisch inzamelen. Er wordt bekeken of het kan werken, of dat in ieder geval onderdelen ervan bruikbaar zijn. Het is mogelijk dat de conclusie is dat er niets aan werkt. Dan zal opnieuw begonnen moeten worden, om te kijken hoe datagedreven kan worden gewerkt. Van het dynamisch inzamelen kan geleerd worden dat de organisatie nog niet klaar was om datagestuurd te werken. Het is zaak voorzichtig te zijn met wat de organisatie aankan als de basis weer op orde is. Zij antwoordt het lid Noordzij dat nu eerst de basis op orde moet komen. Data die niet betrouwbaar zijn gebleken moeten nu niet gebruikt worden. Men is voorlopig inderdaad even terug bij Excel, want er moet bekeken worden welke onderdelen van de software straks weer gebruikt kunnen worden, of misschien kan het helemaal niet. Men is dus enigszins terug bij af. Het lid NOORDZIJ denkt dat de beschikbare kerngegevens over materieel en containers essentiële informatie zijn. Wanneer kan de raad verwachten dat de kwaliteit daarvan op orde is? Wethouder PELS antwoordt dat men daarmee druk bezig is. Zij waarschuwt dat het niet verstandig is om te hard van stapel te lopen. Naar verwachting zijn er een tot twee jaar nodig om alle data op orde te krijgen.

Het lid NOORDZIJ vraagt of er daarbij prioriteit gegeven wordt aan bepaalde data. Of is de verwachting dat de data allemaal over een of twee jaar op orde zijn. Wethouder PELS antwoordt dat het een totaalpakket is, maar daarbij wordt in eerste instantie nadruk gelegd wordt op de containers. Dat is de informatie die het meest nodig is. Het lid VAN PIJPEN vraagt over welke data het hierbij gaat. Is het mogelijk om daar een overzicht van te krijgen? Zoals gezegd zijn ook de sociale data daarbij van groot belang. Wethouder PELS zegt toe dat ze dat mee zal nemen in de terugkoppeling. In het vierde kwartaal van dit jaar zal zij terugkomen op alles wat meegenomen wordt uit deze evaluatie, waarbij zij ook iets zal zeggen over de toekomst met betrekking tot het inzamelen. Daarbij wordt dan ook de vraag over welke data in welke volgorde betrokken. Zij antwoordt mevrouw Van Pijpen dat men in Zuidoost heel experimenteel en kleinschalig is gestart, waarbij het lerend vermogen centraal werd gesteld. Daarom ging het daar lange tijd goed. Een van de medewerkers in Zuidoost vertelde haar over de enorme betrokkenheid onder de chauffeurs daar. Die hebben er dus alles aan gedaan om het goed te laten werken. Ze waren heel blij dat er naar ze geluisterd werd toen ze aangaven dat het niet meer werkte voor ze, of dat het te moeilijk werd, bijvoorbeeld door ingewikkelde routes die ze moesten rijden.

Maar in eerste instantie, nog in de experimentele fase, ging het in Zuidoost dus aardig. Later kwamen er steeds meer meldingen. In Zuid gingen de meldingen pijlsnel omhoog, en toen gingen alle alarmbellen af. Dat was de reden dat het lang duurde voor de meldingen binnenkwamen. Het viel in Zuidoost dus in eerste instantie mee en de verwachtingen waren anders. Het lid LUST keek naar de tijdlijn in het evaluatierapport en zag dat er een zeer korte tijd was voordat de living lab-situatie in Zuidoost een startup werd in het volgende stadsdeel. Vervolgens was er opnieuw weinig tijd voordat er een derde stadsdeel bij betrokken werd. Die drie stadsdelen zijn in een halfjaar gebeurd. Weer een halfjaar later ging het hele project on hold. Wat denkt de wethouder daarvan? Wethouder PELS bevestigt dat het gewoon te snel is gegaan. Te snel dacht men dat het goed ging en dat men door kon naar het volgende stadsdeel. Dat is een les die

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11930612/1