Conceptverslag WIO 27.10.2021
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
CONCEPT VERSLAG Openbare vergadering van de Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs (WIO) Woensdag 27 oktober 2021, van 13.30 tot 16.20 uur Woensdag 17 november 2021 Voorzitter: mevrouw Van Pijpen Portefeuillehouders: wethouder mevrouw Moorman, wethouder Groot Wassink Commissiegriffier: de heer Willems Verslaglegging: de heer Timmermans (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: de heer Blom (GL), mevrouw De Fockert (GL), mevrouw IJmker (GL), de heer Khan (DENK), mevrouw Kuiper-de Haan (CU), mevrouw Van der List (GL), mevrouw Martens (VVD), mevrouw Marttin (VVD), de heer Miedema (PvdA), mevrouw Rooderkerk (D66),, de heer Yilmaz (DENK) Afwezig: Nida, FvD, BIJ1, JA21, SP, PvdD Overige aanwezigen: drie insprekers
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 13.30 uur. b. Mededelingen De VOORZITTER licht de behandelprocedure van de begroting toe. Moties die uiterlijk 27 oktober worden ingediend, krijgen een schriftelijk preadvies van het college uiterlijk vrijdag 5 november. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER constateert dat er geen behoefte is aan bespreking van agendapunten 3 en 5 zodat die als hamerstuk naar de raad wordt doorgeleid. Op verzoek van de aanvrager, de heer Veldhuyzen, wordt punt 6 verdaagd naar de volgende vergadering. Voor het overige wordt de agenda conform het voorstel vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie WIO d.d. 22 september 2021 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda per portefeuille Mevrouw IJMKER vraagt wanneer ze antwoord kan verwachten op haar samen met de PvdA in april ingediende schriftelijke vragen over het Inlichtingenbureau. Uit andere gemeenten
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
waar vergelijkbare vragen zijn gesteld, komen \zorgelijke geluiden en daarom wil zij dat punt ook hier aan de orde stellen. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat de antwoorden gereed zijn en binnenkort naar de raad komen. f. TKN-lijst De schriftelijk ingediende verzoeken van de leden De Fockert (TKN10) en Van der List (TKN7) ter agendering van de betreffende stukken worden gehonoreerd. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 13.40 uur. Vanaf dit moment gaan de spreektijden in. b. Inspreekmoment Publiek Er hebben zich drie insprekers gemeld. De heer WELSCHEN doet zijn beklag over de gemeentelijke belastingdienst en andere diensten die bij berekeningen en uitgifte van voorzieningen volgens hem uitgaan van achterhaalde noties over de samenstelling van gezinnen en huishoudens. De duizenden onderhoudsplichtigen zoals spreker worden aangeslagen als zouden zij alleenstaanden zijn, terwijl ze in feite vanwege de onderhoudsplicht een gezin vormen. Op basis van die achterhaalde notie kreeg hij te horen dat hij vorig jaar te veel verdiend had om in aanmerking te komen voor kwijtscheldingen en voorzieningen voor senioren zoals de stadspas of de collectieve verzekering.
En dat terwijl hij moet leven van een gedeeltelijke AOW-uitkering en een klein aanvullend inkomen uit werk in de thuiszorg. Voorts zegt de ene dien st dat men zich te houden heeft aan landelijke regels, terwijl andere hem melden dat het gaat om lokale bepalingen. Mevrouw MARTENS begrijpt dat de inspreker zijn verhaal kwijt wil met een langdossier. Zij is benieuwd welke vraag hij heeft aan de raad en waar hij precies tegenaan loopt bij de gemeente. De heer WELSCHEN zegt dat verschillende diensten verschillende in de informatie die ze hem geven. Men weet kennelijk niet eenduidig om te gaan met onderhoudsplichtigen en eenoudergezinnen. Men hanteert nog concepten uit de jaren vijftig terwijl de gezinssamenstellingen behoorlijk veranderd zijn sinds die tijd. De belastingdienst heeft hem mondeling al schoorvoetend toegegeven dat hij feitelijk geen alleenstaande is. Er moet duidelijkheid komen in de beoordeling van situaties. De VOORZITTER bedankt de inspreker voor zijn inbreng en zegt ervan uit te gaan dat een ambtenaar contact met hem zal opnemen. Mevrouw BOLLEN (Red Amsterdam Noord) spreekt in vanwege het TKN- stuk 8 over
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
het proactief inzetten van energiecoaches ter bestrijding van energiearmoede. Volgens TNO ontstaat energiearmoede vanwege de combinatie van een laag inkomen en een slechte woning. Duizenden Amsterdammers gaan domweg uit geldgebrek al heel zuinig om met energie. Zij durven de verwarming niet hoog te zetten, douchen spaarzaam, trekken dekens over zich heen op de zitbank enzovoorts. En zij krijgen nu gigantische stijgingen van hun energienota voor hun kiezen. Dan vindt zij het beledigend en vernederend om een energiecoach op deze mensen af te sturen alsof de hoge kosten aan hun omgang met energie liggen. Eerder al kreeg zij een zandlopertje om haar douchetijd te meten. De energiearmoede ligt echter niet aan het gedrag van de bewoners, maar aan hun lage inkomen en slecht geïsoleerde woningen. Zij roept de commissie WIO op te kijken naar inkomenscompensatie en de commissie Wonen om aan te dringen op huurverlaging. Een structurele aanpak van de werkelijke oorzaken lijkt haar meer voor der hand te liggen dan coaches op pad sturen. De heer BOSWINKEL (Milieudefensie) spreekt in over hetzelfde punt. Hij heeft zijn pleidooi aangepast vanwege de vorige spreekster. Milieudefensie is wel een voorstander van de inzet van coaches uit klimaatoverwegingen. Maar hij sluit zich aan bij haar pleidooi om armen daarin goed bij te staan, ook in de kosten.
Hij is een voorstander van proactief handelen en juist daaraan ontbreekt het vaak, vooral in ontwikkelbuurten. De coaches moeten bewoners daar juist wijzen op het bestaan van allerlei regelingen voor energiebesparing waar ze een beroep op kunnen doen. Veel mensen zijn niet pp de hoogte van het bestaan van die regelingen. Het gaat erom isolatie en andere maatregelen beschikbaar te maken voor iedereen en niet om het aanreiken van een zandloper. In het PvdA-verkiezingsprogramma heeft hij zien staan dat het bewustzijn van energiegebruik laag is. Dat lijkt hem een denigrerende opmerking. De inzet van energiecoaches vindt hij een stap in de goede richting. Maar men moet niet het idee hebben dat daarmee de kous af is. De VOORZITTER stelt vast dat er geen vragen zijn en bedankt de insprekers voor hun inbreng. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten ingebracht. d. Rondvraag Mevrouw MARTENS vraagt hoe het in Amsterdam staat met het door Tegenlicht van de VPRO gesignaleerde tekort aan loodgieters en elektriciens dat de energietransitie zou kunnen frustreren. Amsterdam geeft veel geld uit aan de energietransitie en het scheppen van banen in dat kader en daarom is zij benieuwd of de wethouder daar binnenkort cijfers over kan verstrekken. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat er een update gepland staat en die komt dan naar de raad.
Hij herkent het punt en wijst erop dat de gemeente in gesprek is met bedrijfsleven en onderwijsinstellingen om te komen tot arrangementen om mensen te scholen voor de energietransitie en zo te voorkomen dat die in het slop raakt. Dat dient dus een dubbel belang. BESPREEKPUNTEN Onderwijs 3. Herbenoemen twee leden Raad van Toezicht Orion met terugwerkende kracht vanaf 21 juli 2021 (ZD2021-009691) Dit punt is bij de vaststelling van de agenda als hamerstuk doorgeleid naar de raad.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
Financiën 4 Begroting 2022 Gemeente Amsterdam (ZD2021-013537) Methode Duisenberg: onderzoek Taaloffensief bij Begroting 2022 De keuze voor het onderzoek volgens de Duisenbergmethode is voor WIO dit jaar gevallen op het Taaloffensief. De commissieleden Blom en Marttin hebben met assistentie van de onderzoekers van Policy Research Corporation begroting, documenten en allerlei andere informatiebronnen nagepluisd op informatie over wat er allemaal omgaat in het Taaloffensief. Zij hebben hun rapport afgelopen dinsdag uitgebreid aan de commissie gepresenteerd en lichten nu de hoofdlijnen toe. Mevrouw MARTTIN benadrukt dat uit het onderzoek technische conclusies getrokken worden, geen politieke. De uitkomsten kunnen wel de baisi vormen voor politiek debat. De doelstelling van de methode is een betere invulling van de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad. In de Duisenbergmethode wordt gespeurd naar informatie de geformuleerde doelen, activiteiten, de indicatoren en streefwaarden en de middelen die worden ingezet. Er is gekozen voor een onderzoek naar het Taaloffensief vanwege de opgave in Amsterdam waar de laaggeletterdheid met 16%een stuk hoger is dan het landelijk gemiddelde van 12%. Er zijn veel doelgroepen te onderscheiden. Niet-Nederlandstalige migranten boven de dertig jaar vormen met 57% de grootste groep. !6% heeft wel een Nederlandstalige achtergrond (NT1).
Van 27%, grotendeels jongeren, is niet precies bekend welk deel Nederlands als eerste taal heeft. Daar zitten dus ook jongeren bij die in Nederland geboren en naar school; gegaan zijn. In Den Haag en Rotterdam ziet men een vergelijkbaar beeld, maar in het hoogopgeleide Utrecht liggen de cijfers lager. De eerste vraag van de Duisenbergmethode betreft de beschikbaarheid en kwaliteit van de informatie. Voor een antwoord zijn de sleuteldocumenten – van moties tot beleidsnota’s – doorzocht. De conclusie is dat de documenten logisch voortbouwen op de ambities. In de rapportages komt voornamelijk het formele circuit aan bod, de informele taalactiviteiten worden slechts aangestipt. In 2020 werd bij slechts 15% van de formele trajecten gemeten welke verbetering qua taalniveau is gerealiseerd. Voor de rapportage over 2021 is op dat punt beterschap beloofd. De algehele conclusie is dat de informatie voor de raad onvoldoende is om goed te controleren en sturen. De tweede vraag betreft het beeld van het beleidsterrein en de ontwikkelingen die voorzien zijn voor 2022. Het gaat erom mensen de kans te geven meer te kunnen met taal in de samenleving door ze een betere basis in het Nederlands bij te brengen. Voor het formele aanbod is jaarlijks 8,1 miljoen euro beschikbaar en daarmee werden in 2020 4347 cursussen gestart.
Voor het informele deel is er 1,5 miljoen en in 2020 waren zodoende 642 taalcoaches aan de slag. Het Taaloffensief hangt samen met verschillende domeinen die men onder de noemer van het tegengaan van kansenongelijkheid kan scharen. Er zijn diverse ontwikkelingen te zien in het beleid. In de coronacrisis zijn cursussen veelal alleen online gegeven. Daar gaat men mee door voor de groep voor wie dit een meerwaarde heeft opgeleverd. Er komt extra aandacht voort de doelgroep NT1 en veel informeel aanbod wordt overgeheveld naar de Sociale Basis van de stadsdelen. Bij het Taalakkoord zijn inmiddels zestig organisaties aangesloten. Voor 2022 heeft de raad via moties en dergelijke wensen kenbaar gemaakt voor 2022: extra aandacht voor Nederlandstalige laaggeletterden, monitoren van het effect van de overheveling van middelen naar de stadsdelen voor de Sociale Basis en kwalitatief onderzoek naar de effectiviteit van het Taaloffensief. De vraag is of die wensen zijn terug te vinden in de begroting. De heer BLOM vervolgt dat opmerkelijk is dat de betrokkenheid van de raad bij dit onderwerp groot is. De volgende vraag is dan welke doelen en ambities gepland zijn voor 2022. Het streven in de begroting is jaarlijks een vermindering van 13% van het aantal laaggeletterde Amsterdammers.
Als indicator daarvoor hanteert de begroting het percentage uitstroom op het niveau geletterd bij het gemeentelijk aanbod. Dat lijkt geen al te grote ambitie en bovendien
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
zegt de indicator weinig over de feitelijke niveauverbetering en helemaal niets over het effect van het informele aanbod. Vraag 4 gaat over de geplande activiteiten voor 2022. De aanbieders verdienen een compliment voor het overstappen op digitaal onderwijs tijdens corona. Voor een aantal doelgroepen heeft dit goed uitgepakt en wordt het voortgezet. In 2020 werden 162 intakegesprekken met NT1-personenngevoerd, waar de ambitie op 400 stond. Er werd voor dat perceel 217.000 euro gefactureerd, terwijl er een budget was van 700.000. De leeggeletterden met Nederlands als eerste taal zijn dus maar mondjesmaat bereikt. De ambitie en realisatie zijn erg beperkt, als men in acht neemt dat 25-33% van de laaggeleerden in Amsterdam geen migratieachtergrond en de aandacht die de raad voor deze NT1-groep vraagt. Van het Taalakkoord met inmiddels 60 werkgevers valt nog veel te verwachten, maar de ambitie is ook hier niet gehaald. Vraag 5 betreft de kosten van het Taaloffensief. Jaarlijks gaat het om circa elf miljoen euro, waarvan zes miljoen met Rijksmiddelen wordt gefinancierd en de rest uit eigen middelen van Amsterdam. Daarnaast is Amsterdam penvoerder voor de regio, waarvan het budget niet helemaal benut wordt. In de begroting van 2021 en 2022 is het budget voor netwerk en informeel aanbod gehalveerd vanwege de overheveling naar de Sociale Basis in de stadsdelen.
De raad heeft een motie aangenomen over effectmeting van die overheveling en hij neemt aan dat die straks in de politieke discussie aan de orde zal komen. Mevrouw MARTTIN gaat in op vraag 6 van de methode naar de beoordeling van de doeltreffendheid en doelmatigheid van het beleid en de conclusies van het onderzoek. Er wordt veel bereikt, maar het kan efficiënter en ambitieuzer. De doelstelling is goed en de activiteiten in de formele sector zijn duidelijk. De rapportages zijn uitgebreid, maar missen de echt interessante zaken om bijvoorbeeld vergelijkingen mogelijk te maken. Op de informele sector heeft het onderzoek geen grip kunnen krijgen. De indicator is vrij beperkt en registreert eigenlijk alleen de aantallen instromers. De raad krijgt dus onvoldoende beeld van de situatie en de streefwaarden zijn bovendien aan de lage kant. De kostprijs per cursus is niet te bepalen. Door het raadplegen van andere documenten uit de aanbesteding en facturatie haalde het onderzoek wel meer informatie over de kosten in de formele sector op. Maar de kostprijs per afgeronde cursus viel niet te achterhalen.
De relatie tussen doelstelling en resultaat is niet helder, De conclusies lijken op die van eerdere Duisenberg-onderzoeken: de raad kan de kaderstellende en controlerende taak niet voldoende invullen als activiteiten, doelen en middelen niet of lastig aan elkaar te koppelen zijn en indicatoren te weinig inzicht geven. Het is jammer dat dit zo is, temeer daar verbeteringen wel degelijk mogelijk zijn. De heer BLOM gaat in op de conclusies en aanbevelingen aan wethouder en raad. Maar eerst wil hij nog twee opmerkingen kwijt. Ten eerste dat ondanks de aandacht die de raad vraagt voor NT1 slechts 3% van de facturering in de formele sector betrekking heeft op deze groep, waar dit toch eerder rond de 10% zou kunnen zijn. Ten tweede dat slechts bij 15% van de cursisten in de formele sector het niveau bij in- en uitstroom wordt gemeten. Dat is weinig, maar opvallend is dan wel dat bij twee op de drie het gewenste niveau bereikt is. De aanpak heeft dus wel meetbaar effect. De eerste aanbeveling betreft de ambitie. Die mag in de doelstellingen hoger geformuleerd worden en daar zoude de informele netwerken ook meer in moeten worden meegenomen. Er zou ook meer m et benchmarks gewerkt moeten worden om vergelijkingen mogelijk te maken en extra prikkels voor verbetering te krijgen. Bij de werving zou men ook de meerwaarde van mond-tot-mond informatie moeten betrekken.
Het wordt ook aanbevolen het rapport van de Rekenkamer over het formuleren van indicatoren ter harte te nemen en bij politieke discussies te betrekken. Ook zouden de financiële stromen transparanter in beeld moeten komen, zodat men kan zien wat er gebeurt met de Rijksmiddelen, de eigen middelen en die van de regio. Ook zou er een beter beeld dienen te komen van de verdelingen per doelgroep en de samenwerking in en tussen de formele en informele netwerken. Er gebeurt veel in dit veld, maar dat komt niet transparant in beeld. Hij bedankt de twee onderzoekers die de twee rapporteurs hebben bijgestaan. Zij hebben hem duidelijk gemaakt dat er kennelijk externe consultants nodig zijn om de nodige informatie te achterhalen. De methode Duisenberg heeft in zijn ogen veel meerwaarde voor de
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
raad en hij beveelt aan daar ook in de volgende raadsperiode mee door te gaan. Mevrouw MARTTIN onderstreept de aanbeveling om meer aandacht op de doelgroep jongeren te richten die nu onvoldoende taalvaardigheden hebben voor de arbeidsmarkt. Ook vestigt zij de aandacht op de aanbeveling de raad meer mee te nemen in de keuzes voor doelgroepen. De VOORZITTER geeft eerste het woord aan de wethouder voor een reactie en zegt daarna het woord aan de commissie te geven voor een politieke discussie. Wethouder MOORMAN dankt de rapporteurs en de onderzoekers voor hun aanzet tot meer inzichtelijkheid van dit complexe netwerk met zijn vele relaties met andere programma’s en projecten. Zo zit het informeel deel eigenlijk in Programma 8. Zij zegt de aanbevelingen te herkennen uit eerder gesprekken met de commissie. In 2019 zijn zaken niet goed geregistreerd en daardoor is toen maar 15% goed in beeld gebracht. Dat is inmiddels aangepast zodat de raad wel een beter beeld krijgt van aantallen en resultaten. De aanbeveling voor meer ambitie spreekt haat aan, zeker als het om iets wezenlijks als taal gaat. Het is maar een bescheiden beleidsonderdeel, maar taalbeheersing is cruciaal voor de levensloop. Zij vindt het dan ook volkomen terecht dat aandacht voor degenen die laaggeletterd van school komen.
Zij wil zelf graag de lat hoog leggen, maar wijst op de perverse prikkel die daarvan uit kan gaan naar aanbieders om zich vooral te richten op personen met wie vlug succes te bereiken valt. ER zijn nu eenmaal ook mensen die langer nodig hebben om het gewenste taalniveau te bereiken. Voor het volgende beleidskader wil zij goed nadenken over een meer outcome-gerichte aanpak, maar daarbij wil zij wel zorgen dat die meest kwetsbare groep niet buitengesloten wordt van ondersteuning. Daar moeten dus goede indicatoren voor ontwikkeld worden. Van de wet moet de gemeente met het taalaanbod de samenleving breed bedienen, maar zij ziet het belang van het onderscheiden van doelgroepen. Dat vraagt dus om preciseringen. Zij is blij met de positieve conclusies over de formele sector. De informele sector valt nu grotendeels onder de verantwoordelijkheid van de stadsdelen. Maar als men die informele netwerken ook beter in beeld wil krijgen, waarschuwt zij wel dat men dan oog moet hebben voor de proportionaliteit. Het vraagt nogal wat aan registratie en bureaucratische last aan een sector die grotendeels door vrijwilligers wordt bemenst. Maurice de Greef werkt aan instrumenten in die richting waar men iets aan zou kunnen hebben in informele netwerken. Daarover zal de gemeente in gesprek gaan met de informele sector, met in het achterhoofd de mogelijke administratieve last.
Mevrouw DE FOCKERT bedankt de rapporteurs en de onderzoekers. Zij sluit zich aan bij de treurige conclusie dat externe consultants kennelijk nodig zijn om informatie te achterhalen. Zij zegt al jaren te vragen hoe alle geld van de gemeente voor dit onderwerp precies besteed wordt. Zij voelt zich gesterkt door dit rapport en hoopt dat iedereen het ter harte neemt. Zij zegt veel vertrouwen te hebben in het college, maar dat ze wel de nodige informatie nodig heeft om haar werk als raadslid goed uit te voeren. Zij wil daarom ook weten wat er gebeurt met de middelen voor het informele circuit, ook al gaat het om een klein deel van het budget in vergelijking met alle middelen voor het formele. Zij vraagt wanneer ze in de vorm van een rapportage antwoord krijgt op haar motie van vorig jaar bij de overheveling van het informele circuit naar de stadsdelen. Daardoor dreigt de raad helemaal het zicht te verliezen op de informele netwerken, terwijl informele taalcontacten via buddy’s en andere netwerken juist zo belangrijk zijn, ook als men formele cursussen volgt. Zij is er persoonlijk geen voorstander van de focus te beperken tot taalvaardigheid. Er zijn ook andere basisvaardigheden nodig om een goede plek in de samenleving te vinden. Zij vindt dat die ook in de doelstellingen moeten worden meegenomen.
Zij is benieuwd hoe gericht beleid gemaakt gaat worden voor de laaggeletterde zogeheten NT1,5 jongeren die laaggeletterd de school verlaten of na hun schooltijd in een taalarme omgeving belanden. Dat lijkt haar een kansrijke groep als het gaat om leerbaarheid. Mevrouw MARTENS sluit zich volledig aan bij dit betoog. DE rode draad in alles is volgens haar de controlerende taak van de raad en daarom moet dus iets gedaan worden met
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
dit rapport. Evenals vorig jaar is zij onder de indruk van de methode Duisenberg als uiterst nuttig instrument van de raad. De heer MIEDEMA sluit zich daarbij aan. Deze zeven-stappen-methode heeft ook dit jaar weer zijn grote nut bewezen. Mevrouw DE FOCKERT roept de PvdA op een volgende keer dan ook rapporteurs te leveren. Wethouder MOORMAN merkt op dat het gaat om een doorlopend verhaal en dat zij verheugd is er zo vaak over te kunnen spreken met de commissie. In de rapportage over 2021 zullen veel omissies van voorgaande rapportages ingevuld worden. In die rapportage zal worden opgenomen hoe de motie van mevrouw De Fockert is opgepakt. De opmerkingen over jongeren vindt zij belangrijk. Het is in haar ogen eigenlijk een grote schande dat sommigen de school laaggeletterd verlaten. Dat is ook een landelijk beeld, gezien de daling van Nederland op PISA-scores. Zij is het ermee eens dat deze groep extra aandacht vraagt en zal zorgen dat haar ambtenaren in de rapportage 2021 een paragraaf over deze groep opnemen. Het lijkt haar ook een goed punt om mee te nemen in het volgende coalitieakkoord. Zij adviseert een volgende keer meer tijd te nemen voor het Duisenberg-onderzoek, ook al omdat het voor de ambtenaren een enorme klus is alle gevraagde informatie te leveren. Mevrouw MARTTIN is blij dat de commissie en de wethouder het rapport zo waarderen.
Zij bedankt de ambtenaren en de griffie voor alle medewerking aan hert onderzoek. De heer BLOM zegt dat hij inderdaad gemerkt heeft dat de periode van drie weken voor het onderzoek eigenlijk te kort zijn. Verlengen van die periode is wenselijk, maar ook problematisch, vanwege de samenhang met de aanbieding van de begroting. De VOORZITTER constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn.
Begroting 2022 De VOORZITTER zegt dat bij de behandeling de gebruikelijke volgorde wordt aangehouden: eerst de grootste oppositiepartij, dan de grootste coalitiepartij en zo verder. Mevrouw MARTENS zegt dat ze de wethouder waardeert voor haar inzet op taalgebied voor de 16% laaggeletterden in Amsterdam, een groep van tegen de 150.000 autochtonen, allochtonen en ook jongeren, zoals zo-even is aangeduid. Zij ziet taalvaardigheid als een basisvaardigheid om goed te kunnen meedraaien. Zij vindt het dan ook onbestaanbaar en onverstandig dat dit college in Samen Sterker uit de Crisis op dit essentiële taalonderwijs wil bezuinigen door van de twintig miljoen structureel drie miljoen incidenteel te maken zodat daar in 2023 nog maar een bedrag van zeven miljoen resteert. Zij roept haar collega’s op deze bezuiniging niet toe te staan en juist te kijken naar extra middelen voor dit maatschappelijke probleem dat in haar ogen wel het laatste is om op te willen bezuinigen. De heer BLOM merkt op dat dit college juist veel investeert in de stad in de bestrijding van ongelijkheid, de energietransitie, onderwijs – ook voor technische beroepen – en meer. Daarnaast zijn er ook andere uitdagingen die inderdaad ook wel eens nopen tot bezuinigingen. Maar hij ziet het algemene beeld vooral in de forse investeringen.
Hij vraagt of de oververhitting op de bouwmarkt risico’s met zich meedraagt voor de nieuwbouwplannen van scholen en de wens om tot meer gemengde scholen te komen. Is er het risico op juist meer segregatie en hoe kan de wethouder daar dan op sturen? Hij heeft alle vertrouwen in de ambitieuze plannen van dit college, maar is bezorgd dat die doorkruist worden door externe factoren op de bouwmarkt. Een tweede vraag betreft de besteding van de incidentele middelen van het NOP voor de bestrijding van achterstanden als gevolg van de crisis. Volgens de wethouder loopt de
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
planvorming achter. Hij vraagt hoe dit kan aangezien er al zo veel plannen hier gepasseerd zijn en er veel ervaring moet zijn opgedaan met het maken van plannen. Hij vraagt op welke nieuwe plannen de wethouder dan zit te wachten. Mevrouw VAN DER LIST is gezien de onzekere tijden vanwege corona en de komende winter blij met de stevige inzet op hulp bij schuld en armoede en dat daarin nu ook werkende minima en zelfstandigen de nodige aandacht krijgen. Een mooi voorbeeld vindt ze het plan om mensen uit de cultuursector zonder inkomsten te begeleiden naar betaald werk. Zij kijkt uit naar de komende bespreking van de scenario’s voor schuldhulpvragen als gevolg van de coronacrisis. Zij is benieuwd hoe de gewenste uitbreiding van het aantal sociaal raadslieden te rijmen valt met de krapte op de arbeidsmarkt. Zij is verheugd dat de gemeente alles in het werk stelt om slachtoffers van de toeslagenaffaire te ondersteunen, temeer daar de gemeente ze eerder niet echt geholpen heeft. Zij is benieuwd wat de gemeente kan doen om in het vervolg eerder in te grijpen als er signalen komen dat zaken ontsporen. Het punt staat nu in ieder geval op de agenda van de komende raad. De heer KHAN is het eens met die opmerkingen over steun aan deze slachtoffers. Volgens de HVA zijn energiecoaches – waar de motie om vroeg – niet effectief.
Hij vraagt te kijken naar het voorstel om in plaats daarvan te gaan werken met energie conciërges die niet alleen kijken naar maatregelen ter energiebesparing, maar die ook meteen zelf kunnen aanbrengen. Verder is hij benieuwd wanneer er een antwoord komt op de vragen van D66 over de proef in Tilburg om de kostendelersnorm niet te hanteren als men gaat samenwonen tijdens de proefperiode van een relatie. De heer YILMAZ waardeert de investeringen van dit college in het onderwijs en begrijpt dat bezuinigingen soms onvermijdelijk zijn, maar vraagt dringend bezuinigingen op taalonderwijs niet door te voeren. Voorts breekt hij een lans voor onderwijs in de thuistaal bij tweetalige kinderen. Uit onderzoek blijkt dat dit ook andere cognitieve functies versterkt en dus belangrijk is voor de vele tweetalige Amsterdammers. Hij wil daar een motie over indienen. Mevrouw MARTENS vraagt of DENK werkelijk geld wil investeren in taalonderwijs in allerlei thuistalen als Arabisch en Mandarijn, terwijl uit deze begroting blijkt dat de stad niet eens in staat is alle laaggeletterdheid in het Nederlands aan te pakken. De heer YILMAZ zegt ook niet te willen bezuinigen op taalonderwijs ter bestrijding van laaggeletterdheid. Hij vraagt zich af waarom de VVD zo hyper reageert als hij pleit voor lessen in talen, vooral als het gaat om talen als Arabisch.
Het verbaast hem echter niets, zegt hij met een verwijzing naar de opstelling van de landelijke VVD in de afgelopen tien jaar rond de toeslagenaffaire. Mevrouw MARTENS vraagt hem zich in deze setting te onthouden van stigmatiserende opmerkingen over collega’s. De heer BLOM merkt op dat GroenLinks al een initiatiefvoorstel klaar heeft liggen voor investeringen in tweede-taal-onderwijs. Dat kan immers een versterkende werking hebben op de Nederlandse taalverwerving van de betreffende leerlingen. Volgens hem hoeft het bovendien niet altijd extra geld te kosten als men bijvoorbeeld optimaal gebruik maakt van kennisdeling met scholen die al goed zijn in meertalig onderwijs. Ook een advies van de POraad wijst in die richting. De heer YILMAZ zegt het daar helemaal mee eens te zijn. Een betere beheersing van de moedertaal blijkt te helpen bij het leren van Nederlands. Hij vraagt de wethouder scholen te attenderen op goede bewustwording van het pestprotocol bij ouders en leerkrachten. Hem is gebleken dat er veel onbekendheid is met het bestaan van zo’n protocol. Verder wijst hij op het toenemend belang van bijles en kondigt hij een motie aan voor extra bijlessen en high dosage tutoring (HDT). Verder kondigt hij een motie aan over onderadvisering.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
Mevrouw ROODERKERK is benieuwd naar de inhoud van die laatste motie, temeer daar de extra Rijksmiddelen het al mogelijk maken HDT te bekostigen. De heer BLOM vraagt naar de meerwaarde van deze motie nu het college al zo veel investeert in HDT in Zuidoost. De heer YILMAZ zegt dat het er in de motie om gaat in kaart te brengen hoeveel leerlingen voor HDT in aanmerking komen en wat dat zou kosten. Het gaat hem niet om kritiek op het college, maar om samen te werken aan verbeteringen. Tot slot kondigt hij een motie aan om te verbieden dat aan terroristische bewegingen gelieerde organisaties gebruik maken van Amsterdamse schoolfaciliteiten. Hij wil daarmee tegenhouden dat aan FETO gelieerde groepen Amsterdamse schoolgebouwen kunnen blijven benutten. Mevrouw ROODERKERK houdt vast aan het uitgangspunt dat alle Amsterdamse leerlingen goed onderwijs dienen te krijgen. Het lerarentekort, de kansenongelijkheid, het schoolverzuim en vroegtijdige schoolverlaters ziet zij als grote obstakels. Zij heeft drie adviezen. Ten eerste roept zij op goed te luisteren naar de kinderraad en kinderen via burgerschapsonderwijs te leren hoe democratie werkt. Zij kondigt een motie aan om uitvoering te geven aan de wens van de kinderraad zich ook rechtstreeks naar de gemeenteraad te wenden.
Zij vraagt vanwege het lerarentekort te zorgen voor extra parkeervergunningen voor leerkrachten en het wegnemen van overbodige bureaucratische rompslomp bij het aanvragen en verlengen van zulke vergunningen. Zij vraagt om een evaluatie van het vergunningenbeleid en het bureaucratisch proces. De huidige regeling loopt in juni 2022 af en zij vraagt te zorgen voor een soepele verlenging zodat scholen hun leerkrachten kunnen behouden. Mevrouw DE FOCKERT vraagt of D66 er dan voorstander van is iedere leerkracht die per auto naar school wil komen, te voorzien van een vergunning. Mevrouw ROODERKERK zegt dat zij liever heeft dat ze per OV of fiets naar school kunnen komen, maar dat sommigen echt alleen per auto kunnen komen. Voor die leerkrachten wil zij de bureaucratische last verminderen en de verlenging versoepelen. Zij vraagt de wethouder er bij scholen op aan te dringen dat stageplekken voor zijinstromers hard nodig zijn. Volgens Het Parool hebben 79 er nog geen stageplek en wordt het streefgetal van 180 zijinstromers daardoor niet gehaald. Zij vraagt hoe dat kan en of de gemeentelijke begeleidingspool hier uitkomst kan bieden. Verder moeten er voldoende passende woningen beschikbaar komen die beter aansluiten op de wensen van de leerkrachten. Er zijn nu 200 woningen per jaar beschikbaar, maar die matchen niet altijd aan die wensen en voorkeuren.
Daar moet volgens haar beter rekening mee gehouden worden. Mevrouw KUIPER-DE HAAN merkt op dat deze begroting opgesteld is voor de oplopende coronacijfers, energieprijsstijgingen en toenemende kosten van levensonderhoud. Daar moet men echter wel rekening mee houden. Zij voorziet een toename van problematische schulden. Uit de cijfers in deze begroting maakt zij op dat er gerekend wordt met een gemiddelde uitkeringsschuld van 1700 euro. Zij leidt daaruit af dat er een grote kans op meer ellende is. Zij vraagt wat er gaat gebeuren met de mensen die aangewezen zijn op aangepast werk maar niet meer door Pantar bediend kunnen worden. Zij ziet dat er op de begroting structureel minder geld wordt uitgetrokken voor armoedebestrijding en vraagt hoe dit te rijmen valt met de verwachte stijging van de armoede. De stijgende energieprijzen hebben grote gevolgen voor mensen die zijn aangewezen op slecht geïsoleerde woningen. Zij vraagt of de gemeente daar enige compensatie kan bieden. Zij vraagt zich af waar het idee vandaan komst dat mensen slechts voor een korte periode zouden zijn aangewezen op voedselhulp. Zij laakt de formulering die de indruk wekt dat
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
67% van alle Amsterdammers te kampen zou hebben met schulden. Zij is benieuwd of het hier gaat om verkeerde formuleringen of dat er werkelijk iets aan de gang is wat haar tot nu toe ontgaan is. Zij vraagt of scholen worden getraind om alert te zijn op intimidatie en pesten via internet. De kwestie van veiligheid op school houdt niet op bij de schoolpoort. Voorts vraagt zij meer aandacht voor drugspreventie en het tegengaan van drugsgebruik op scholen, vooral op praktijkscholen. Verder vraagt zij wat de gemeente kan doen aan het verschijnsel dat in sommige stadsdelen een op de vier jongeren van 23 jaar niet beschikt over een startkwalificatie. Zij denkt dat het een goede suggestie van de wethouder is voor een volgend college om van jongeren en hun niveaus een speerpunt van beleid te maken. De heer MIEDEMA zegt dat bij de behandeling van de vorige begroting twaalf maanden geleden de economische vooruitzichten dramatisch waren. Die \zien er nu gelukkig een stuk beter uit, maar voor duizenden ondernemers is de situatie nog steeds penibel. Hij vraagt hoe de wethouder ondernemers denkt te gaan ondersteunen nu de landelijke steunpakketten zijn komen te vervallen. Is het programma Veerkracht dan afdoende of is er meer nodig, vraagt hij. Het is een goede ontwikkeling dat het aantal uitkeringen daalt.
Hij vraagt hoe het gaat met het RWC, met de mogelijkheden om te werken naast de bijstand en met het onderzoek naar verschillende vormen van begeleiding. Hij constateert dat discriminatie op de arbeidsmarkt onder corona is toegenomen. Een op de zeven Amsterdamse werknemers zegt discriminatie te ervaren op de werkvloer. Hij vindt het terecht dat de wethouder dit onacceptabel heeft genoemd en dat de campagne Amsterdam Kom Op! is gelanceerd. De PvdA heeft eerder al vragen gesteld na het rapport van het Verweij Jonker Instituut over discriminatie bij stages. In de antwoorden op die vragen werd verwezen naar een pilot in Zuidoost. Hij is benieuwd hoe het daarmee staat. Hij is benieuwd of de aangereikte instrumenten voor werkgevers werkelijk benut worden. Discriminatie op de arbeidsmarkt is een verliespost voor de mensen in kwestie, maar ook voor de stad omdat talent aan de kant blijft staan. Hij vraagt de wethouder dit dan ook expliciet als risico te benoemen. Uitsluiting kan het gevolg zijn van onwetendheid, impliciet en onbewust. Dan is het goed daarover in gesprek te gaan met werkgevers. Maar helaas bestaat er daarnaast ook schaamteloze doelbewuste discriminatie. Dan zijn andere maatregelen nodig en kan men overgaan tot de inzet van mystery-guests en naming-and-shaming. Hij vraagt dat serieus en niet te soft aan te pakken.
In Amsterdam zou volgens hem moeten gelden dat dergelijke bedrijven worden uitgesloten van opdrachten of dat er in ieder geval niet mee wordt samengewerkt. Daarop wil hij graag een reactie van de wethouder horen. Wethouder GROOT WASSINK noemt de pilot in Tilburg interessant, maar niet te maken hebbend met de kostendelersnorm. Onder strikte voorwaarden mogen mensen met een beginnende relatie daar bij wijze van proef een tijd beide woningen en uitkeringen behouden. Hij verwacht dat de antwoorden op de vragen van D66 binnenkort beantwoord worden. Beide aanwezige wethouders zijn betrokken bij de begeleiding van slachtoffers van de toeslagenaffaire, spreker zelf vooral op landelijk niveau. Hij heeft de berekening van de gemiddelde uitkeringsschuld niet paraat, maar wijst erop dat de raad op zijn initiatief eerder heeft vastgesteld dat een schuld die voortkomt uit een fout van de gemeente, niet teruggevorderd zal worden. Verder voert de gemeente een sociaal incassobeleid. Er komt binnen kort een eerste rapportage over het programma Veerkracht voor ondernemers, maar het programma zelf loopt volgend jaar door. Nog niet alle ondernemers hebben zich kunnen herstellen van de coronacrisis. Daarom zijn er voor 2022 bijvoorbeeld extra middelen ingezet voor ondernemers in de cultuursector.
Binnenkort komen er aanvullende maatregelen ter ondersteuning van mensen met een beperking op de arbeidsmarkt. Verder zijn er periodiek rapportages over de sociale werkkoepel. RWC en Veerkracht werken samen en ook de Cultuurdesk is bij het RWC gepositioneerd. Er komt een evaluatie van het RWC in het voorjaar. Maar volgens hem moet de discussie - ook bij de kabinetsformatie - vooral gaan over het omzetten van het RWC en de regionale mobiliteitsteams in een permanente infrastructuur om fricties op de arbeidsmarkt op te vangen. Want los van corona kent de hele arbeidsmarkt veel tekortkomingen. Het gaat erom de overgang van werk naar ander werk te faciliteren en dat is in lijn met de aanbevelingen van
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
de commissie Borstlap. De heer MIEDEMA vraagt of de gemeente afhankelijk is van het Rijk voor de inrichting van deze voorzieningen. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat het om keuzes gaat die hier gemaakt worden, maar dat het vanuit landelijk perspectief goed is als er niet al te veel verschillen tussen regio’s ontstaan. De samenwerking met het UWV krijgt een goede vorm en de kern van de aanpak blijft ontschotting van het budget voor de regionale teams. Rijksfinanciering kan deze ontwikkeling vooruithelpen. Daarom voert hij ook regelmatig gesprekken met de bewindslieden in Den Haag over de huidige mismatch op de arbeidsmarkt. Binnenkort komt er een evaluatie van het Amsterdams beleid voor werken naast een bijstandsuitkering. Hij is het er mee eens dat discriminatie op de arbeidsmarkt een risico vormt dat de mensen in kwestie raakt, maar ook de economie en de samenleving. Het is zowel moreel als economisch dom en onverstandig om talenten uit te sluiten. Daarom is ook dat project in Zuidoost opgezet waarvan hij eind november een evaluatie verwacht. De heer MIEDEMA is blij dat de wethouder het ook een risico noemt, maar vraagt hem dat dan ook expliciet als zodanig op te nemen in de begroting, inclusief de maatregelen om dat risico in te dammen. Dat zou de aanpak beter zichtbaar maken. Hij zegt desnoods daartoe een amendement te willen indienen.
Wethouder GROOT WASSINK merkt op dat maatregelen de wereld niet veranderen en dat men ook niet alles in een begroting moet willen benoemen. Dit college heeft een actief beleid en er zou volgens hem weinig veranderen als dit expliciet als risico zou worden opgevoerd. Discriminatie is bovendien al ongrondwettelijk. Hij hoopt van harte dat een volgend college keihard doorgaat met dit beleid. Discriminatie ziet hij als gangreen dat het hele lichaam van de samenleving kan aantasten. De aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie wordt volgens hem door de hele raad gesteund. Hij heeft geen principieel bezwaar tegen vermelding als risico, maar ziet liever dat men met zijn allen blijft werken aan deze aanpak, ook in volgende coalities. Hij acht een amendement overbodig, maar zal het overnemen als het wordt aangenomen. Hij is tevreden met de samenwerking met bedrijven als het gaat om de bevordering van inclusie. Als een bedrijf aantoonbaar bewust discrimineert, zal hij harde consequenties niet uit de weg gaan. Maar daarvoor is dan eerst wel een veroordeling door een rechtsorgaan nodig. Dan wil hij ook niet verder met zo’n bedrijf in zee gaan. Wethouder MOORMAN zegt dat de impact van corona op de begroting een feit is en hier en daar noopt tot bezuinigen. Het gesprek over taalonderwijs is hier al vakere gevoerd.
Waar het in de begroting nu om gaat is dat er voor 2023 een bezuiniging is ingeboekt naar taalonderwijs waar eerder juist veel geld voor was vrijgemaakt. Dat ziet zij als een signaal aan het volgende college, niet om te stoppen maar juist om daarmee door te gaan. Zij kan de redenering van de heer Blom over de samenhang tussen meer segregatie en de verhitte bouwmarkt niet helemaal volgen. Men kan net zo goed de omgekeerde redenering aanvoeren. Bij nieuwbouw van scholen ligt er een grote uitdaging en dit college wil daar juist veel integraler naar kijken om segregatie tegen te gaan en niet de planningsfouten van IJburg te herhalen, dit ook op uitdrukkelijk verzoek van de raad. Nieuwbouwplannen voor scholen worden beoordeeld in samenhang met de ontwikkeling van de bouwplannen voor een nieuwbouwwijk. De middelen zijn schaars en het college wil komen tot budgetplafonds. Daarom is het des te meer zaak die schaarse middelen optimaal te benutten, want ruimte voor meer scholen is er niet. Door scholen samen in een gebouw te brengen kan men ook aansturen op vermindering van segregatie. Ook bij de krimp en groei in bestaande wijken doen zich kansen voor. Dit college wil juist veel scherper de maatschappelijke doelstellingen als hard criterium handhaven en dat lijkt haar een koerswijziging van betekenis. Over de NPO-plannen heeft zij op 14 oktober een brief naar de raad gestuurd.
Dat gaat voor een deel om gemeentelijk geld. Het merendeel van de rijksmiddelen gaat immers rechtsreeks naar de scholen zelf. De doorlooptijd van al deze incidentele middelen is echter
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
kort en daardoor bestaat het risico dat er te weinig tijd is om te beoordelen welke plannen het meest effectief zijn. Of dat er niet genoeg tijd is om plannen goed te ontwikkelen. Dat gebeurt overigens in samenwerking met wethouder Kukenheim omdat het geld ook bedoeld is voor de aanpak van psychisch leed dat door corona veroorzaakt is bij scholieren. Het tweede risico is gelegen in het incidentele karakter van deze middelen die dus na twee jaar niet meer beschikbaar zijn, terwijl scholen zich daar intussen wel op kunnen hebben ingesteld. Mevrouw ROODERKERK vraagt hoe de wethouder in de gaten houdt of scholen wel goed omgaan met het geld van het NOP en of zij dat in haar regelmatige gesprekken met scholen aan de orde kan stellen en eventueel standaard handreikingen voor hulp daarbij kan doen. Dit ook om te voorkomen dat geld onbenut op de plank blijft liggen. Wethouder MOORMAN zegt dat het geld rechtsreeks naar scholen gaat zonder enige vorm van regie voor de gemeente. Zij vindt het incidentele karakter niet goed, maar daar kan zij weinig aan doen. Zij adviseert D66 contact op te nemen met partijgenoten in Den Haag waar dit zo besloten is. Zij denkt zelf dat het beter Was geweest als zaken door gemeente en scholen samen hadden moeten worden aangepakt. Maar er zijn in Den Haag andere afwegingen gemaakt rond autonomie van scholen en controle door de lokale overheid.
De toeslagenaffaire legt een grote druk op de buurtteams die hun beste mensen willen inzetten om de slachtoffers te ondersteunen. Er zijn intussen 4788 Amsterdamse gedupeerden bekend en de afhandeling van hun zaken vraagt veel tijd, ook al omdat er verschillende domeinen mee gemoeid zijn. Er is fors geïnvesteerd om goed personeel aan te trekken, maar dat is niet makkelijk in de huidige personeelsmarkt. Er zijn regelmatig gesprekken met de buurtteams en zij zal de raad op de hoogte houden van ontwikkelingen. Zij is het eens met mevrouw Bollen dat men niet bewoners van slecht geïsoleerde woningen de schuld moet geven van te hoog energiegebruik. Zij is ervan overtuigd dat juist deze mensen, noodgedwongen, hun energiegedrag goed in de gaten houden. Volgens de HVA is het effect van de coaches beperkt, iets van honderd euro per jaar. Dat kan oplospen met de huidige prijzen tot 200 per jaar. Het kan dus wel helpen als men tochtstrips krijg en energiezuinige lampen. Het gesprek over het aanbrengen van maatregelen moet gevoerd worden met de corporaties en de stichting Woon. Zij gaat met de wethouder Wonen naar de mogelijkheden kijken. Zij gaat vanmiddag op bezoek bij de kinderburgemeester en vermoedt dat de commissieleden de opstelling van D66 delen over het luisteren naar de kinderraad.
De extra parkeervergunningen voor leerkrachten gaan eigenlijk tegen het eigen parkeerbeleid in, maar de nood was hoog vanwege het lerarentekort. Het aantal is verdubbeld sinds de discussienota van het CDA. Er is een loket ingesteld om de hele procedure rond het aanvragen juist gemakkelijker te maken en er is een ondersteuningsbeurs voor directeuren. Zij vraagt concrete signalen rond knelpunten aan haar door te geven om maatwerk mogelijk te maken. De vergunningen zijn al twee keer verlengd en zij heeft er moeite mee nu al een extra verlenging te regelen voor juni 2002 wanneer haar huidige periode is verstreken. Zij vermoedt wel dat het ook dan nog nodig zal zijn, maar er zitten nu eenmaal verkiezingen tussen. De kwestie van de zijinstromers ligt gevoelig. De afspraak over de 180 stageplekken was met de schoolbesturen gemaakt. Van enkele scholen die het water aan de lippen staat, kan zij zich voorstellen dat ze niet meedoen, maar ze heeft moeite met de andere scholen die hun afspraken niet zijn nagekomen. Dat betekent dat ze nu een stevig gesprek gaat voeren met het BBO. Gezien de prognoses is het aantal van 180 eigenlijk te laag. Zij zal de commissie informeren over de voortgang. De stedelijke begeleidingspool die is ingesteld op voorstel van mevrouw Rooderkerk blijkt een goed idee te zijn. Daar hebben zich al veel mensen voor gemeld.
Zij geeft toe dat de passage over het percentage Amsterdammers met schuldproblemen tekstueel onhandig in elkaar zit. De cijfers ov er voedselhulpbehoevenden lopen helaas weer op, maar zij wil de informele voedselhulp niet institutionaliseren. Dat was bedoeld met de gewraakte zin over kortstondigheid. Het streven is te komen tot een zachte landing voor de informele voedselhulp. Er komt begin 2022 een rapportage. De problemen lijken zich vooral rond ongedocumenteerden voor te doen. Het persprotocol is een wettelijke verplichting voor scholen. Maar het gaat vooral om
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 27 oktober 2021
het schoolklimaat als het gaat om schoolveiligheid. Zij weet niet wat mevrouw Kuiper van haar verwacht. Het zijn vooral de stadsdelen die daar aandacht voor hebben. De meeste scholen hebben volgens haar zaken op orde wat dat betreft, al zullen er uitzonderingen op de regel voorkomen. Schoolveiligheid staat bij de meeste scholen hoog in het vaandel en veel scholen omarmen het concept van de vreedzame school. De heer MIEDEMA vraagt een overzicht van alle toegezegde stukken op een manier die inzichtelijk maakt of ze nog deze raadsperiode aan de orde komen of pas de volgende. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat hij dat nu niet kan overzien en verwijst naar de termijnagenda waar dat op een later moment allemaal geplaatst zal worden. De VOORZITTER sluit de bespreking af met de herhaalde opmerking dat moties uiterlijk morgen dienen te worden ingeleverd als men prijs stelt op een schriftelijk preadvies. . Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen 5. Vaststellen Legesverordening 2022 (ZD2021-011760) Dit punt is bij de vaststelling van de agenda als hamerstuk doorgeleid naar de raad Onderwijs 6 Kennisnemen van de Tweede voortgangsbrief Kansengelijkheid in het onderwijs en afhandeling van motie 010 d.d.
20 januari 2021 van de leden Blom en Veldhuyzen inzake 'Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid' (ZD2021-011819) Dit punt is op verzoek van de aanvrager, lid Veldhuyzen, verdaagd naar de volgende vergadering.
De VOORZITTER sluit de vergadering om 16.20 uur.
13