Conceptverslag WIO 17.11.2021.docx
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Raadscommissieverslag, 17 november 2021
CONCEPT VERSLAG Vergadering
Openbare digitale vergadering van de Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs (WIO) Woensdag 17 november 2021, van 9.00 tot 11.40 uur Woensdag 8 december 2021
Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Voorzitter: mevrouw Bakker Portefeuillehouders: wethouder mevrouw Moorman, wethouder Groot Wassink Commissiegriffier: mevrouw Diemont Verslaglegging: de heer Timmermans (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: mevrouw Bloemberg-Issa (PvdD), de heer Blom (GL),de heer Boomsma (CDA), mevrouw De Fockert (GL), mevrouw IJmker (GL), de heer Kreuger (JA21), mevrouw El Ksaihi (D66), mevrouw Van der List (GL), mevrouw Marttin (VVD), de heer Miedema (PvdA), mevrouw Rooderkerk (D66), de heer Schreuders (SP), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Veldhuyzen (BIJ1), mevrouw Wijmenga (CDA), de heer Wijnants (VVD), de heer Yilmaz (DENK) Afwezig: Nida, FvD, CU Overige aanwezigen: mevrouw Mahmoud en mevrouw Molenaar (insprekers)
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur. Zij gaat na welke leden daadwerkelijk digitaal aanwezig zijn en stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen De VOORZITTER leest de richtlijnen voor digitaal vergaderen voor. Wethouder MOORMAN deelt, vooruitlopend op de bespreking van de Najaarsnota (punt 3 op de agenda) mee dat er bij de curatieve schuldhulpverlening zich een lichte daling voordoet tegelijkertijd met een stijging aan de preventieve kant. Dat heeft invloed op de cijfers van de Najaarsnota en de buurtteams. Vaststellen agenda De agenda wordt conform het voorstel vastgesteld. c. Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie WIO d.d. 27 oktober 2021 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. d. Termijnagenda per portefeuille Er zijn geen opmerkingen of vragen. TKN-lijst
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
Het schriftelijk ingediende verzoek van de heer Yilmaz ter agendering van TKN3 wordt gehonoreerd. Het verzoek van mevrouw Rooderkerk ter agendering van TKN2 is te laat en zonder het vereiste format binnengekomen en wordt aangehouden tot de volgende vergadering, als dan wel aan de vereisten is voldaan. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.10 uur. Vanaf dit moment gaan de spreektijden in. b. Inspreekmoment Publiek Mevrouw MAHMOUD en mevrouw Molenaar zijn lid van de Nationale Denktank, een initiatief dat jaarlijks twintig van jonge academici bij elkaar brengt om zich te buigen over actuele maatschappelijke thema’s. Zij hebben dit jaar oplossingen gezocht voor de kansenongelijkheid in het onderwijs. Zij hebben geconstateerd dat 10.000 kinderen geen bijles kunnen krijgen vanwege hun thuissituatie en dat dit vooral de kinderen zijn met achterstanden die juist het meest gebaat zouden zijn bij bijles. Rijkere ouders trekken jaarlijks bij elkaar 200 miljoen euro uit voor schaduwonderwijs. Zo groeit de ongelijkheid in kansen. Zij stellen voor bijlesfaciliteiten te koppelen aan de Stadspas zodat ook kinderen van arme ouders bijles kunnen krijgen.
Zo zouden 6500 kinderen per week met twee tot drie uur bijles geholpen kunnen worden in samenwerking met non-profit organisaties. Het plan is uitvoerbaar zoals in Groningen en Utrecht al is gebleken. Zij bieden aan met de gemeente en non-profit organisaties om tafel te gaan zitten om dit plan in Amsterdam vorm te geven. De heer BOOMSMA bedankt de insprekers voor deze interessante suggestie. Hij vraagt of er niet ook een oplossing moet komen voor kinderen van ouders die geen bijles kunnen betalen, maar geen Stadspas hebben. Mevrouw MAHMOUD zegt dit een goed punt te vinden. Samen met stichting Studiezalen en stichting Leergeld is uitgezocht hoeveel mensen die bijles voor hun kinderen zouden willen hebben, maar die niet kunnen betalen een Stadspas heeft. Dat bleek 65% te zijn. Het idee is om huisbezoeken in te lassen om de thuissituatie ter plekke te beoordelen en dan naar oplossingen te zoeken. Mevrouw EL KSAIHI complimenteert de insprekers met hun voorstel en gedegen onderzoek. Zij wil bij punt 8 dit interessante idee aan de wethouder voorhouden voor een reactie en om te vragen of iets dergelijks al is overwogen in Amsterdam. De VOORZITTER bedankt de insprekers en verwijst ze naar agendapunt 8. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten ingebracht.
c.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
Rondvraag De heer BOOMSMA heeft op websites van scholen gelezen dat er fouten staan in de keuzegids omdat de voorrangsregeling daar niet vermeld staat. Dit kan volgens hem leiden tot verwarring bij ouders en daarom vraagt hij dit recht te zetten middels een brief aan ouders. Wethouder MOORMAN zegt daar niet van op de hoogte te zijn en navraag te zullen doen. Mevrouw MARTTIN vraagt naar aanleiding van het recente bericht dat op de scholen Crescendo in Zuidoost en Iedersland in Nieuw-West het volgens de inspectie er slecht voorstaat met de sociale veiligheid en kwaliteit, hoe de gemeente kan zorgen dat die zaken weer op peil komen, hoe de zorg voor slachtoffers geregeld is, bijvoorbeeld bij de GGD, en of de ouders op de hoogte gesteld zijn Wethouder MOORMAN merkt op dat de scholen in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn. De inspectie doet risicogericht onderzoek. Bij Crescendo heeft de gemeente een signaal naar de inspectie doen uitgaan. De inspectie ziet er vervolgens op toe dat er een herstelplan komt waar de school aan moet werken. Bij beide scholen is dat in gang gezet en worden verbeteringen doorgevoerd. De gemeente houdt dat in de gaten, maar de school zelf blijft de verantwoordelijke op baisi van aanwijzingen van de inspectie.
Daarbij merkt ze op dat in Amsterdam gewerkt wordt met een schoolveiligheidsplan dat samen met de burgemeester en de wethouder Zorg wordt opgesteld om aan te geven dat de gemeente zich om de veiligheid op scholen bekommert. Het informeren van de ouders gebeurt in dit soort gevallen door de inspectie. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. Kennisnemen van de Najaarsnota 2021, vaststellen van de begrotingsmutaties en de taakveldenraming behorende bij de Najaarsnota 2021 en vaststellen van enkele afzonderlijke besluiten verband houdend met de Najaarsnota 2021. (ZD2021-014567) De heer MIEDEMA ziet deze nota in de context van een jaar vol ups en downs rond coronamaatregelen. Momenteel is er weer veel onzekerheid over steunmaatregelen. Tegen die achtergrond verdient het volgens hem veel complimenten dat de dienstverlening van de gemeente op peil is gebleven. Hij vindt het alleen ironisch dat het Actieplan Veerkracht vanwege de coronacrisis vertraging heeft opgelopen omdat dit plan nou juist bedoeld was om iets te doen aan de gevolgen van die crisis. Hij vraagt of er dit jaar nog een tussenrapportage te verwachten valt. Verder vraagt hij of de gemeente wel het maximale heeft gedaan om alle Amsterdammers te benaderen die voor TONK in aanmerking zouden kunnen komen, aangezien daar geld op de plank is blijven liggen.
Hij vraagt of het wettelijk is toegestaan die vijf miljoen over te hevelen naar de bijzondere bijstand zoals de wethouder nu wil doen. Het is hem opgevallen dat het in Rotterdam nog steeds mogelijk is TONK aan te vragen. Hij vraagt hoed dat dan kan. Wethouder GROOT WASSINK erkent dat het inderdaad een pittig jaar is geweest vanwege de gevolgen van de pandemie. Op 8 december komt er volgens planning een tussenrapportage naar de raad. Het is niet zozeer het programma zelf dat vertraging heeft opgelopen, maar de vraag om ondersteuning die pas later op gang kwam. Dat gaf een vertraging in aanvragen en daarom moest het plan worden bijgesteld. Hij is best tevreden over het verloop van dit programma dat in coproductie met wethouder Moorman is gegaan. Wethouder MOORMAN merkt op dat haar collega ook op nationaal niveau via de VNG gewerkt heeft aan de\e coproductie. In eerste instantie is geprobeerd samen te werken binnen de G4, maar dat liep stuk omdat Amsterdam wilde aansturen op maatwerk om te voorkomen dat er mensen te veel kregen uitgekeerd als er gewerkt zou worden met forfaitaire bedragen zoals de andere drie wilden. Met die keu\ze voor een eigen weg is Amsterdam toch dicht in de buurt gebleven van het budget dat door het Rijk was toegekend. Er is nu gekozen voor een zachte landing via de WBB volgens een landelijke
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
richtlijn per 1 oktober. Op die manier kan Amsterdam alle middelen blijven besteden, ook in de uitloop in 2022. De VOORZITTER constateert dat de voordracht nu voldoende besproken is en kan worden doorgeleid naar de raad van 1 en 2 december voor een korte behandeling. Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering 4. Beleidskader Amsterdamse aanpak gezinsmigranten vanaf 2022 (ZD2021-012427) De heer MIEDEMA is blij met dit degelijk kader, maar vraagt of er voldoende en in de specifieke vaardigheden geschoolde capaciteit is om de cruciale intake uit te voeren. Mevrouw DE FOCKERT heeft als notoir kritisch volger van die beleidsveld nu vooral complimenten. De gezinsmigranten zijn tot nu toe overwegend aan hun lot overgelaten, maar dit kader gaat gelukkig verder dan de wettelijke taken. Amsterdam is hiermee de eerste gemeente met een proactief beleid op dit gebied en dat stemt haat positief. Mevrouw EL KSAIHI deelt die complimenten voor deze aanpak die de beperkte middelen optimaal inzet. Er komen bij deze groep veel echtscheidingen voor – bij Marokkaanse gezinsmigranten volgens haar zelfs bij een op de drie - en dan is economische zelfstandigheid cruciaal. Daarom is voor haar de vraag belangrijk hoe de gemeente kan zorgen voor preventieve bijscholing naar meer economische zelfstandigheid. Vanuit de emancipatiegedachte wil zij de preventieve aanpak een goede plek geven.
De heer WIJNANTS spreekt als vervanger van mevrouw Martens ook complimenten uit. Hij merkt op dat inburgeringselementen als oriëntatie op de stad niet worden meegenomen in deze aanpak. Hij vraagt hoe de wethouder daartegenaan kijkt, bijvoorbeeld als deelnemers daar op vrijwillige basis aan willen meedoen. Mevrouw WIJMENGA deelt de complimenten en zegt dat de meeste van haar vragen als gesteld zijn. Zij vraagt of en hoe er begeleiding op maat geboden wordt voor bijvoorbeeld hoogopgeleide gezinsmigranten. De heer VELDHUYZEN is benieuwd hoe het geregeld is met de kosten en of mensen die zelf moeten gaan betalen, nu en na 2022. Hij vraagt hoe dat geregeld is voor deze mensen. Wethouder MOORMAN bedankt voor alle complimenten. Zij betreurt het dat ondanks al haar gelobby gezinsmigranten niet zijn meegenomen in de nieuwe wet inburgering waar nu al zo lang op gewacht wordt. Het kabinet blijft hangen in het oude systeem van eigen verantwoordelijkheid, terwijl die beginfase juist zo belangrijk is als aanloop naar een goede plek in de samenleving. Daarom heeft zij gekozen voor deze proactieve aanpak met de beperkte middelen en verantwoordelijkheden die het Rijk beschikbaar stelt aan gemeenten. Zij roept de fracties van partijen die in Den Haag aan de formatietafel zitten, op hun visie aan partijgenoten over te brengen.
Gezinsmigranten en de samenleving zijn immers gebaat bij een goede landing van deze mensen in de maatschappij en verbetering van hun arbeidsparticipatie. Ondanks alle beperkingen vindt zij het voorliggende plan een goede stap in die richting. De intake wordt gedaan door de professionals, de gespecialiseerde taalconsulenten voor volwasseneneducatie, bij de loketten die daarvoor goede instructies en trainingen krijgen. De trajecten moeten uiteindelijk leiden naar meer economische zelfstandigheid en dat zal men zo goed mogelijk monitoren. Zij zal gaan kijken naar de mogelijkheden als mensen zelf daarnaast andere inburgeringstrajecten willen volgen uit het aanbod voor reguliere inburgeraars. Zij weet niet of daar ruimte voor is binnen de aanbestedingstrajecten die zijn uitgezet. Zij vindt het zeker wel een interessante suggestie. Opleidingen zijn nu nog de verantwoordelijkheid van gezinsmigranten zelf en zij nodigt de CDA-fractie van harte uit hun partijgenoten in Den Haag ervan op de hoogte te stellen dat men dat anders
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
geregeld wil zien. Aan de heer Veldhuyzen laat ze weten dat de deelnemers zelf verantwoordelijk zijn voor de kosten en dat er bij deze aanpak niet gekeken wordt naar het inkomen van de deelnemers. De VOORZITTER constateert dat de voordracht voldoende besproken is en kan worden doorgeleid naar de raad. Onderwijs 5. Kennisnemen van het Onderwijshuisvestingsprogramma 2022 PO, VO en (V)SO en het beschikbaar stellen van de hiervoor benodigde middelen (ZD2021-014419) De heer BOOMSMA merkt op dat het om allemaal belangrijke zaken gaat waar veel geld mee gemoeid is, maar dat het moeilijk te achterhalen valt welke politieke keuzes gemaakt zijn bij het beoordelen van aanvragen. Hij kan niet zien of aanvragen zijn afgewezen omdat het maximum van het budget is bereikt of omdat ze niet voldoen aan de verordening. Hij kan niet zien of er sprake is van prioritering. Er staan nog oude claims uit en hij is benieuwd of daar sprake is van conflicten. Verder is hij benieuwd hoe het staat met het ventilatieprogramma waarin Amsterdam vooroploopt. Hij vraagt hoe dat zich verhoudt met het ventilatie-advies vanwege corona en hoeveel scholen nog niet aan dat advies voldoen. Mevrouw ROODERKERK vindt dit samen met de scholen opgestelde plan er goed uitzien. Zij is benieuwd of het plan ook ruimte voor innovatie en flexibiliteit biedt.
Bijvoorbeeld om scholen de mogelijkheid te geven grotere ruimte te creëren als dat beter past bij hun onderwijsmethode. Zij ziet dat nergens vermeld en vraagt of daar niet juist meer ruimte voor zou moeten komen. Zij is verder benieuwd of in dit plan al rekening wordt gehouden met maatregelen als groene daken en isolatie met het oog op klimaatadaptatie. Mevrouw DE FOCKERT vraagt of D66 van mening is dat scholen met een onderwijsconcept dat uitgaat van grotere klassen, daarom dus meer ruimte zouden moeten kunnen krijgen dan nu de afspraak is. Mevrouw ROODERKERK zegt dat niet te beogen. Zij wil dat scholen die in grotere groepen werken de mogelijkheid moeten krijgen grotere lokalen te maken binnen het gebouw waar ze volgens de normen recht op hebben. De heer KREUGER merkt op dat de minister 360 miljoen euro beschikbaar heeft gesteld voor de verbetering van de ventilatie op scholen, maar dat scholen daar geen beroep op kunnen doen als werkzaamheden daarvoor samenvallen met andere werkzaamheden in de betreffende school. Verder ervaren scholen de eis van 70% eigen bijdrage als een hoge drempel. Hij vraagt of de wethouder die signalen ook heeft gekregen en of ze er bij het Rijk heeft aangedrongen op veranderingen in dat beleid. Hij vraagt of de gemeente daar verder iets aan kan doen.
Wethouder MOORMAN merkt op dat Amsterdam al langer werkt aan de ventilatie op scholen vanwege het leerklimaat. De gemeente financiert per school 80% van de kosten. De eigen bijdrage is noodzakelijk vanwege het beheer. Met dat programma zijn inmiddels 85% van de Amsterdamse basisscholen voorzien van goede ventilatie. Daarmee loopt Amsterdam voorop in het land. Er wordt hard gewerkt om te zorgen dat eind 2022 alle scholen die dat willen voorzien zijn. Sommige scholen staan op de nominatie voor verhuizing, nieuwbouw of verdwijning en daar is deze investering niet aan de orde. De 360 miljoen van het Rijk is niet voldoende voor alle scholen in Nederland en de uitvoering vergt de nodige tijd. In april heeft zij overigens een update van het programma aan de raad gestuurd. Bij het begin van deze bestuursperiode is een budget van 20 miljoen euro vrijgemaakt en door de raad goedgekeurd voor flexibele klimaat gerelateerde aanpassingen van schoolgebouwen. Maar voor schoolgebouwen gelden strakke normbedragen. Het geld en de normen van het Rijk zijn niet toereikend. Maar als een school een bouwbudget krijgt toegekend, is de school zelf vrij in het bepalen van de inrichting.
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
Mevrouw ROODERKERK vraagt of de gemeente niet een extra inspanning moet plegen om scholen die nu nog niet aan het ventilatieplan meedoen ervan te overtuigen dat hun leerlingen daardoor vanwege corona extra risico’s lopen, zeker in de komende winter. Verder mist zij in het plan een overzicht van toekenningen en afwijzingen van scholen die vanwege hun onderwijsconcept een plan voor aanpassingen in hun gebouw hebben ingediend. Wethouder MOORMAN antwoordt dat alle scholen die niet meedoen aan het ventilatieprogramma proactief benaderd worden. Elke school kan altijd verbouwingsplannen indienen, maar die komen alleen in aanmerking voor honorering als het gaat om een noodzakelijke verbouwing of nieuwbouw. Bij het beperkte budget zou het niet verantwoord zijn ook nog verbouwingen vanwege een verander onderwijsconcept te financieren. Mevrouw ROODERKERK wil dan apart vermeld zien welke aanvragen om die reden zijn afgewezen. Zij vraagt of het meedoen aan het ventilatieprogramma niet verplicht gesteld kan worden en of de gemeente niet toch geld kan bijleggen als scholen niet meedoen vanwege die 20% eigen bijdrage. Wethouder MOORMAN zegt dat het helaas niet afdwingbaar is mee te doen. Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het onderhoud en beheer. Daarom is het van belang daar goede afspraken over te maken en is cofinanciering een voorwaarde.
De meeste scholen hebben nu een installatie en zij gaat ervanuit dat eind 2022 alle scholen voorzien zij, tenzij ze een hele goede reden hebben. In de bijlage bij het plan is een overzicht van alle aanvragen opgenomen. DE heer BOOMSMA vraagt of de 15% zonder installatie de komende winter dus maar de ramen moeten openzetten en de kachel hoog moeten stoken. Hij vraagt of die scholen dan wel voorzoen zijn van CO2-meters hebben en of de gemeente daar anders niet voor moet zorgen. Wethouder MOORMAN zegt dat er verschillende problemen kunnen optreden die aanleg van een installatie belemmeren. Dat kan bijvoorbeeld ook om welstandsregels zijn die plaatsing aan de buitenkant verbieden. Oplossingen zijn dus niet altijd direct voorhanden. Maar er is haar alles aan gelegen om te blijven aansturen op aanleg. Zij vraagt de raad te vertrouwen dat de gemeente zich maximaal inzet. Zij verwacht van het CDA begrip voor de eigen verantwoordelijkheid van scholen, ook als het gaat om CO2-meters. Zij is niet van plan handhavingsteams op deze scholen af te sturen. Zij begrijpt dat de commissie net als zij graag wil dat alle scholen meedoen en daarom blijft zij de scholen ook proactief benaderen. Maar de gemeente Amsterdam faciliteert scholen nu al veel meer dan andere gemeenten.
In sommige scholen, zeker als die gehuisvest zijn in historische gebouwen, zal het voorkomen dat de ramen open staan en de kachel stevig wordt opgestookt zodat men stookt voor de buitenlucht. Dat onderstreept voor haar de noodzaak van het programma. Op sommige plekken is het een lastige materie. Zij is voorstander van een pragmatische aanpak bij de behandeling van aanvragen voor dit plan. Er wordt gewerkt met bekostigingsplafonds. Het kan voorkomen dat plannen lang op de plank blijven liggen omdat de uitvoering stokt, zoals bijvoorbeeld bij het Berlagelyceum. De keuzes worden gemaakt in afstemming met de schoolbesturen. Omdat de stad de begroting stabiel en de schuldquote op peil wil houden zijn lastige keuzes onontkoombaar. De heer BOOMSMA zegt begrip te hebben voor het pragmatisme, maar is even zo goed benieuwd welke politieke keuze gemaakt wordt voor de hoogte van de plafonds. Wat de ventilatie betreft merkt hij op dat het programma is opgesteld vanwege het fijnstof in de stad en geen rekening houdt met de nieuwe noodzaak vanwege corona. Daarom vindt hij het niet gek om als gemeente te inventariseren hoe het zit met CO2-meters in scholen vanwege de huidige crisis. Mevrouw ROODERKERK merkt op dat het voorkomt dat een andere school in het gebouw trekt als een school verhuist naar een ander gebouw.
Zij vraagt die beweging in kaart te brengen en zou het redelijk vinden als de gemeente dan in het belang van de leerlingen extra geld bijlegt om alsnog een goede ventilatie aan te brengen als dat voor de huidige school niet rendabel is. Wethouder MOORMAN zegt dat aanvragen voor het plan beoordeeld worden op realiteitsgehalte en de vastgestelde normen. Daaruit komt een totaalbedrag voort dat nodig zou zijn om
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
alle goedgekeurde aanvragen te honoreren. Vervolgens wordt gekeken naar de haalbaarheid en de bouwtermijnen en worden opnieuw afwegingen gemaakt waarbij ook gekeken wordt naar de behoefte op het gebied van sport en maatschappelijke voorzieningen in de groeiende stad. Dat is een complex geheel, waarin de gemeente zo goed mogelijk stuurt in samenspraak met de schoolbesturen. Met dit budget voldoet de gemeente aan de wettelijke taken. Zij verklaart zich bereid BBO en OSVO te attenderen op CO2-meters en belooft daar nog deze middag een mail over te laten uitgaan. Als een school een leeg gebouw zonder installatie achterlaat en er komt een andere school in, is aanleg van een installatie standaardpraktijk. Als de situatie daar aanleiding voor geeft wordt maatwerk rond de 20% eigen bijdrage geboden. De VOORZITTER constateert dat de voordracht nu voldoende besproken is en kan worden doorgeleid naar de raad van 1 en 2 december voor een korte behandeling. Armoede en Schuldhulpverlening 6. Advies aan de raad over instemmen met de raadsvoordracht ‘Instemmen met het eenmalig verhogen en het vaststellen van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag Participatiewet’. Nr. VN2021-029665 De heer MIEDEMA vindt de verordening en de verhoging verstandig.
Hij vraagt hoe men in Amsterdam waar uitgegaan wordt van vertrouwen in plaats van wantrouwen, gecontroleerd wordt of iemand inderdaad geen uitzicht heeft op inkomensverbetering, een voorwaarde uit de wet. Zijn tweede vraag is of er nog dit jaar gecommuniceerd wordt over de verhoging. Hij is verder benieuwd of het bedrag van 85 euro de afgelopen jaren geïndexeerd is en of het gebruikelijk is om dat al dan niet te doen. Mevrouw EL KSAIHI brengt in herinnering dat in de vorige raadsperiode bij de toen aan de orde zijnde verhoging het toenmalige raadslid Moorman de raad erop attendeerde dat de raad ook aandacht moet hebben voor kleine bedragen die voor mensen veel kunnen betekenen. Zij is het eens met de verhoging, maar vraagt wanneer de raad hier weer over te horen krijgt en dan kan beoordelen of verhogingen wel verstandig zijn in afweging met andere opties. Wethouder MOORMAN bedankt voor het ophalen van die anekdote en vindt het nog steeds relevant te letten op de kleintjes die voor de kleine beurs bijzonder relevant zijn. Zij wijst daarbij op de stijgende energieprijzen en de gevolgen van corona. Amsterdam zit met dit bedrag relatief laag in vergelijking met de rest van het land, maar daar staat tegenover dat hier veel andere vormen van inkomensondersteuning zijn. Het college zal nu ruimte voor deze verhoging en met de verordening komt er meer ruimte voor snelle aanpassingen.
Daar zal altijd melding van gemaakt worden bij de commissie, maar die snelheid is zeer wenselijk. Mensen die langer dan drie jaar in de bijstand zitten, krijgen het bedrag automatisch. Bij anderen wordt aan de hand van het ingevuld aanvraagformulier beoordeeld of men voldoet aan de voorwaarden. Het bedrag is niet geïndexeerd. Het is afhankelijk van de budgettaire ruimte en de afspraken die de volgende coalitie gaat maken. De VOORZITTER stelt vast dat de voordracht als hamerstuk naar de raad wordt doorgeleid. 7. Kennis te nemen van Raadsbrief Corona-offensief armoede en schuldhulpverlening 20212022 en de reactie op motie 406 van de leden De Fockert, Veldhuyzen, De Graaff, Schreuders en Yilmaz d.d. 8 juli 2021.(ZD2021-013412) Mevrouw VAN DER LIST bedankt voor de heldere uiteenzetting. Zij vindt het zorgelijk dat door corona weer meer huishoudens in armoede zijn geraakt nadat de voorgaande jaren juist een daling te zien gaf. Gelukkig kwamen in 2020 en 2021 aanvullende middelen van het Rijk boven op de eigen middelen die Amsterdam al beschikbaar had gemaakt voor armoedebestrijding. Het is helder voor welke keuzes de komende coalitie komt te staan. Zij bedankt ook voor de reactie op de moties waarin vooral duidelijk wordt dat de effecten van corona nog niet goed in beeld zijn te krijgen. Bij de bespreking van de schuldenmonitor als die uitkomt, is er wellicht meer zicht op.
Er gebeurt volgens de brief veel voor
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
jongeren, maar zij is benieuwd of jongeren de weg naar de schuldhulp bij buurtteams inmiddels al goed weten te vinden. Verder is zij benieuwd of de daling van de curatieve schudhulpverlening samenhangt met de komst van de buurtteams. Mevrouw EL KSAIHI vraagt waar de grote zorgen spelen over dingen die over een tijd niet meer mogelijk zullen zijn als het incidentele budget er niet meer is. Zij wil dan een gedegen afweging kunnen maken en wil weten of de wethouder nu al informatie kan geven over de grootste knelpunten. De heer SCHREUDERS is blij met de extra investeringen in armoedebestrijding en de inzet voor schuldhulpverlening. Maar hij mist aandacht voor de investering in voedselhulp waar hij al vaker de aandacht voor gevraagd heeft. Dat is een kwestie die in heel Amsterdam speelt. Vorig jaar waren 23.000 Amsterdammers op voedselhulp aangewezen en dat zouden er nu nog maar 11.000 zijn. Hij vraagt zich af hoe dat verschil te verklaren valt en of de rest die hulp niet meer nodig heeft of dat de daling ermee te maken heeft dat het geld op is. Hij is benieuwd hoe de wethouder kijkt naar de groep die nu kennelijk geen voedselhulp meer nodig heeft en of die verder geholpen wordt om hun situatie stabiel te houden.
Hij vindt het een stap vooruit dat de Stadspas en armoederegelingen nu voor alle afnemers van formele voedselbanken toegankelijk worden, maar zou graag zien dat de Stadspas en andere gemeentelijke voorzieningen ook de aandacht krijgen bij gebruikers van informele voedselbanken. Wethouder MOORMAN bedankt de commissieleden voor het zorgvuldig kennisnemen van deze brief.. De brief gaat over de huidige situatie, maar ook over de keuzes die aan de orde komen als het structurele budget weer voor een deel incidenteel wordt. Zij bedankt mevrouw Van der List voor haar voortdurende aandacht voor de buurtteams. Jongeren weten de weg naar de buurtteams te vinden en de daling van de curatieve hulp lijkt inderdaad voor een deel samen te hangen met de komst van de buurteams. De schuldhulpverlening voor jongeren gaat per 1 januari over naar die teams, maar bij is het beeld van de daling vergelijkbaar. De impact van de buurteams zal gevolgd worden, ook wat betreft de schuldhulpverlening. Het lijkt een verstandige keus om dat een specialisme te laten blijven binnen die teams. Daardoor is dat element geborgd en dat schept vertrouwen. Zij begrijpt dat mevrouw El Ksaihi gezien haar positie op de lijst graag wil weten voor welke keuzes een volgende coalitie komt te staan, maar zij is niet van plan nu al op de stoel van haar opvolger te gaan zitten.
ER zullen keuzes gemaakt moeten worden want een deel van het nu nog structurele budget wordt incidenteel en het budget wordt hoe dan ook minder en dat is zorgelijk, zeker gezien alle effecten van corona die veel mensen raken en nog gaan raken. Elke keuze zal pijnlijk en lastig zijn, maar dat is aan de volgende coalitie. Zij hoopt dat de volgende coalitie ervoor kan zorgen dat er extra middelen bijkomen. De aandacht van de SP voor (informele) voedselinitiatieven vindt zij terecht en ze spreekt haar waardering uit voor de tentoonstelling die de partij daarover gemaakt heeft. Er loopt een onderzoek van Regioplan om uit te vinden welke mensen daarvan afhankelijk zijn. De intake voor de informele initiatieven loopt niet via de formele kanalen van de gemeente. In de armoederegelingen is het volgens haar niet te doen om te kijken naar het besteedbaar inkomen. Daarom is zij blij dat er voor mensen die weliswaar boven de 120% zitten, maar met hoge lasten te maken hebben zodat ze toch op de voedselbank zijn aangewezen, nu toch de mogelijkheid is om via die weg in aanmerking te komen voor een Stadspas en andere regelingen. Die regeling is echter niet makkelijk over te brengen naar de informele initiatieven omdat daar geen toetsing van besteedbaar inkomen plaatsvindt. Veel klanten zijn daar ongedocumenteerden.
Er is echter wel de afspraak gemaakt dat men klanten die daarvoor in aanmerking komen, kan doorsturen naar de formele voedselbanken. De steun aan die informele initiatieven was een tijdelijke maatregel, maar het ziet ernaar uit dat die nog wel even nodig is. Ze kijkt wat er mogelijk is zonder zaken te institutionaliseren. Er lijken mogelijkheden te zijn via de sociale basisvoorzieningen van de stadsdelen. De initiatieven betekenen veel in hun buurt en vormen laagdrempelige voorzieningen die mensen ook kunnen doorgeleiden. Daarover is zij in gesprek met de stadsdelen wier verantwoordelijkheid het is en die er ook beter zicht op hebben. Zij zegt toe voor jet kerstreces met een raadsbrief te komen over de voortzetting in het nieuwe jaar. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp voor nu voldoende besproken is.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
Onderwijs 8. Kennisnemen van de Tweede voortgangsbrief Kansengelijkheid in het onderwijs en afhandeling van motie 010 d.d. 20 januari 2021 van de leden Blom en Veldhuyzen inzake 'Effectiviteit van het onderwijskansenbeleid' (ZD2021-011819) Mevrouw MARTTIN is blij met dit overzicht van onderzoeken en trajecten die haar enig zicht geven op het effect van alle inzet. Vanwege haar actieve betrokkenheid bij het Duisenbergonderzoek heeft zij veel vragen. Zij wil graag informatie over de kostenefficiency, het bereik en het rendement en wil cijfers zien over de kosten per leerling. Zij vraagt de wethouder bij de evaluatie van bijvoorbeeld de Weekendschool ook te laten vragen naar het effect op ouders en buurtgenoten. Daar kan leerlingen en hun ouders rechtstreeks naar gevraagd worden, is haar idee. Verder wijst zij op een internetblog van OCO waar aan de hand van cijfers van CBS en DUO het rendement van scholen wordt vermeld. Dat kan belangrijk zijn om kinderen met een hoog achterstandsrisico naar scholen met een hoog rendement te laten gaan. Zij is benieuwd of de wethouder die bron en gegevens kent en of die gegevens met de ouders gedeeld kunnen worden zodat zij die kunnen betrekken in hun schoolkeuze. Mevrouw ROODERKERK spreekt complimenten uit voor de voortgang en de inzichtelijkheid.
Met verwijzing naar de insprekers vraagt zij hoe de wethouder denkt over de mogelijkheid om bijles en huiswerkbegeleiding te koppelen aan de Stadspas. De neer VELDHUYZEN vraagt hoe men ervoor kan zorgen dat in de evaluatie gekeken wordt naar de vooruitgang bij de doelgroepleerlingen en niet alleen van hele klassen of scholen. Anders kan men het effect op de kansenongelijkheid immers niet meten. Hij is benieuwd wanneer er meer bekend wordt over het effect van de zomerscholen en High Dosage Tutoring (HDT). Verder is hij benieuwd welke instellingen samenwerken in het kenniscentrum kansenongelijkheid. Hij mist cijfermatige gegevens over de brede brugklas. Hij vraagt hoe de wethouder aankijkt tegen de elementen die vrijwel alle scholen met een brede brugklas noemen als belangrijke aandachtspunten om tot een goed gedifferentieerd onderwijsaanbod te komen met goede coaching van de docenten. De heer BLOM merkt op dat het uitgangspunt is dat de startpositie van kinderen geen verschil mag uitmaken voor het onderwijs dat ze krijgen. Maar het huidige systeem faalt op dat punt en deelt kinderen al veel te vroeg in verschillende groepen. Daardoor is het nog steeds zo dat ouders en afkomst een grote bepalende invloed hebben op de schoolloopbaan en het verdere leven. Daar neemt GroenLinks geen genoegen mee.
Hij verwijst naar een onderzoek van OCO naar de leeropbrengst voor doelgroepleerlingen bij scholen met vergelijkbare populaties. Er blijken veel meer gegevens nodig te zijn. De gemeente zou bijvoorbeeld gesprekken moeten voeren met scholen over het verloop onder directeuren. Hij doet de suggestie daarbij een externe partij als OCO te betrekken. Het gaat hier om een topprioriteit van deze coalitie, maar de gemeente kan alleen iets doen aan de randvoorwaarden. Daarom moet de gemeente alles in het werk stellen om gegevens te krijgen die inzicht geven in de gang van zaken. Hij vraagt waarom HDT alleen wordt ingezet voor rekenonderwijs en niet voor andere vakken. Hij merkt op dat de hoofdonderzoeker van de HDT-evaluatie tevens bestuurslid is van een HDT-instelling. Dat lijkt volgens hem op een slager die zijn eigen vlees keurt. De Onderwijsraad heeft zich volgens hem duidelijk uitgesproken voor een latere selectie van leerlingen. De vraag is hoe op landelijk niveau een verandering van het systeem tot stand gebracht kan worden en welke stappen Amsterdam daarop vooruitlopend al zelf kan zetten. Er wordt nu met enkele scholen aan gewerkt via de brede-brugklas-bonus, maar hij is benieuwd of er met andere scholen ook gesprekken gevoerd worden om ze in die richting mee te krijgen.
Wethouder MOORMAN is blij te horen dat het werkt alles op een rij te zetten om te kijken wat er tegen het eind van de bestuursperiode bereikt is met dat meeromvattende programma om ongelijkheid van kansen te bestrijden. Dat gaat ook over werk en wonen. Zo’n overzicht is ook nuttig om te kunnen beoordelen wat er nog moet gebeuren. Met haar wetenschappelijke achtergrond is zij extra benieuwd naar de optimale inzet van schaarse middelen en het monitoren van de effecten van het ongelijk investeren voor gelijke kansen, de sturingsfilosofie waar deze coalitie voor gekozen heeft. De vraag is altijd of alles
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
wel goed genoeg gebeurt. Intern wordt er gewerkt met een traject ‘follow the impact’ om het effect van alle interventies in de gaten te houden. Zij is zelf ook nieuwsgierig naar de antwoorden op de vragen van mevrouw Marttin over kostenefficiency en effecten. Maar die vraag is niet gemakkelijk te beantwoorden. Dat blijkt al uit de tip voor de evaluatie van de Weekendacademie die mevrouw Marttin zelf geeft. In de omgeving van de leerlingen van die instelling doen zich effecten voor die niet in meetbare grootheden zijn uit te drukken. Niet alle effecten van interventies zijn direct aan één variabele af te lezen. Aan de andere kant is onderwijs aan kinderen ook geen experiment waarbij men naar believen met variabelen kan variëren. Bij analyses moet men altijd in het achterhoofd houden dat er ook andere, onmeetbare factoren van invloed zijn en dat niet alles valt te kwantificeren. De gemeente monitort veel, maar dat heeft zijn grenzen. Mevrouw MARTTIN zegt te begrijpen dat niet alles meetbaar is, maar dat men kan meten waar dat wel mogelijk is, bijvoorbeeld aantallen deelnemers en kosten per deelnemer. Dat kan bijvoorbeeld uitwijzen dat HDT weliswaar duur is per leerling, maar wellicht een grotere opbrengst per euro heeft dan goedkopere interventies. Andere effecten zijn misschien niet meetbaar, maar het zou goed zijn een beter zicht te hebben op de directe, meetbare effecten.
De VOORZITTER merkt op dat het altijd mogelijk is schriftelijke vragen te stellen om dit soort cijfermatige gegevens op te vragen. Wethouder MOORMAN zegt dat ze dit soort gegevens wel in kaart wil brengen, maar dat men zich moet realiseren dat het dan om output-gegevens gaat en niet om effectmeting. Onderzoeken zoals het OCO doet zijn volgens haar ook niet nieuw. Zij verwijst naar het onderzoek van het Kohnstamm Instituut uit het begin van deze raadsperiode over schooleffectiviteit. Daaruit kwam naar voren dat de schoolleider een belangrijke factor was. Daarop is de ondersteuningsbeurs voor schoolleider in het leven geroepen. Zulke onderzoeken leveren dus belangrijke sturingsinformatie op. Maar effecten zijn vaak pas na een aantal jaren echt merk- en meetbaar. Dat kan wel eens botsen met het democratisch proces dat vraagt om directe effecten. Zij is blij dat er in Amsterdam met de scholen een klimaat van open dialoog over kwaliteit is waarin men het heeft over verschillen tussen scholen en effecten van interventies. Er bestaan rendementsverschillen tussen scholen ondanks de inzet van de gemeente om die te verkleinen en daar zal men over in gesprek moeten blijven, ook in de volgende periode. Naar aanleiding van de insprekers merkt zij op dat zij een middagbijeenkomst van de Nationale Denktank heeft bijgewoond.
Zij vindt de gedachte om een koppeling met de Stadspas te maken interessant, maar wel iets om goed over na te denken. Aan de Stadspas is al veel gekoppeld en de gemeente doet al veel om leerlingen bij te scholen. Het Jeugdeducatiefonds krijgt steun van de gemeente om binnen scholen kinderen bij te spijkeren. Zij ziet bijles als een instrument om achterstanden weg te werken, niet om voorsprongen te scheppen. Zij wil ervoor waken dat het mandaat van het onderwijs binnen de scholen blijft en niet daarbuiten, want dat zou in haar ogen neerkomen op privatisering van het onderwijs. Aanvullend onderwijs moet beschikbaar zijn voor iedereen, zoals bij de Weekendschool. Zij wil wel graag het gesprek aangaan met de Nationale Denktank om te bekijken wat de gemeente verder met die suggestie kan doen. Zij zal de heer Veldhuyzen de documenten over het kenniscentrum laten toesturen. Bij de oprichting is alles hier in de commissie al besproken. Zij deelt de vraag van de heer Blom hoe de gemeente meer grip kan krijgen op het onderwijs als het gaat om kansengelijkheid. Zij is een groot voorstander van de autonomie van scholen zolang het goed gaat, maar vindt het ingewikkeld worden als dat niet het geval is. Zij is blij dat ze daarover met de scholen in gesprek kan blijven, sinds kort ook met het VO. Dat zijn niet altijd makkelijke gesprekken.
Bij BBO en OSVO staat de bestrijding van kansenongelijkheid hoog op de agenda, mede dankzij de aandrang uit de raad. Het is nu vrij algemeen aanvaard dat ongelijk investeren voor gelijke kansen een goede aanpak is. HDT wordt inderdaad alleen bij rekenen toegepast omdat daar snel resultaten geboekt kunnen worden. Daarmee kan men aan het kind laten zien dat het zich kan verbeteren. Dat heeft ook effect op het leren in andere vakken. Het is een goed middel tegen het zogeheten Pygmalion-effect. De rest van de kansenaanpak richt zich vooral op taal. Het klopt dat de onderzoeker een dubbelrol heeft, maar het is een erkende wetenschapper die werkt op basis van wetenschappelijke standaarden. Hij monitort de gang van zaken en het lijkt haar alleszins verstandig zijn kennis te benutten en zo te bekijken of HDT meer schaalbaar te maken is.
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
De heer BLOM zegt dat hij zijn vraag niet stelde vanwege twijfels aan integriteit, maar om van de wethouder te horen of die dubbelrol uit te leggen valt. De uitleg van de wethouder heeft hem overtuigd. Wethouder MOORMAN zegt vernomen te hebben dat de kwestie van de te vroege selectie nu ook op de radar van de Tweede Kamer is belend. Vooralsnog moet men het doen met het verleiden van scholen via de brede-brugklas-bonus. Zij is wel voortdurend in gesprek met de schoolbesturen over de noodzaak om ieder kind het onderwijs te geven dat het nodig heeft. Er bestaat een zekere angst dat de brede brugklas dat niet biedt. Daarom wil zij goed zichtbaar maken dat een brede brugklas juist een gedifferentieerd aanbod te bieden heeft. Veel schoolbesturen zijn inmiddels voorstander van uitstel van het selectiemoment. Dat is ook belangrijk in gedachten te houden bij de komst van nieuwe scholen. Eén nieuw categoraal gymnasium lijkt haar niet de grootste prioriteit voor de stad. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp voor het moment voldoende besproken is. Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering 9. Kennisnemen van de reactie op motie 982 d.d. 10 september 2020 van de raadsleden De Fockert (GroenLinks) en El Ksaihi (D66) over ‘Nederlandstalige laaggeletterden in Noord’. (ZD2021-012455) Mevrouw DE FOCKERT deelt ook hier complimenten uit.
Nederlandstalige laaggeletterden weten de politiek niet makkelijk te vinden. Zij hebben weliswaar Nederlands onderwijs doorlopen, maar daar niet voldoende lees- en schrijfvaardigheden aan overgehouden. Als zij al mogelijkheden zochten om zich te bekwamen in lezen en schrijven, waren ze tot nu toe aangewezen op voorzieningen die ingericht waren voor les aan anderstaligen. Nu is er voor Noord een passende aanpak uitgezet die naar zij hoopt vlug opgeschaald kan worden naar andere stadsdelen. In het plan staat ook de plicht voor de overheid om de communicatie naar burgers zo eenvoudig en helder mogelijk te maken, Zij mist bij de doelstellingen echter een uitwerking van hoe de gemeente dit gaat doen. Zij ziet nog te vaak voorbeelden van onbegrijpelijk communicatie. Zij is benieuwd hoe het informeel taalnetwerk bij deze aanpak betrokken wordt. Er is de afgelopen jaren sprake van onderbesteding, ook al is het budget relatief laag. Zij is benieuwd hoe er nu voor gezorgd gaat worden dat het budget wel goed en volledig besteed wordt. Mevrouw EL KSAIHI heeft ook complimenten en deelt de vragen De reactie op de motie heeft lang op zich laten wachten, maar dat is het gezien de uitkomst alleszins waard geweest. Zij is zelf opgegroeid in Tuindorp Oostzaan en daar veel laaggeletterden gezien. Zij is blij met het onderzoek en de cijfers die dat heeft opgeleverd zodat de omvang in beeld is.
De groep is moeilijk te bereiken, maar zij heeft de indruk dat er nu kansen gemist worden omdat het aspect werk niet is meegenomen. Zij heeft het idee dat er via werkgevers met enige ondersteuning verborgen laaggeletterden zijn op te sporen en dan via loopbaanperspectieven zijn bij te spijkeren. Zij refereert aan haar eigen moeder die terwijl ze werkte een mbo3-opleidng heeft gevolgd en afgerond. Zij pleit ervoor ook aan die groep aandacht te geven en dat te waarborgen in de aanpak. Wethouder MOORMAN vindt het mooi dat hier de ervaringen van een eigen moeder worden gedeeld. Het deed haar denken aan een ambassadeur van deze aanpak die mooi wist te vertellen welke ommekeer in zijn leven het meedoen aan een taalcursus heeft betekend, ook voor zijn gezondheid en lichaamsgewicht. Werkgevers kunnen inderdaad van belang zijn voor de NT1-groep, ook al omdat zij laagdrempelig scholing kunnen aanbieden. Men kan maskeren dat het om een taalcursus gaat door die te bestempelen tot een computercursus terwijl het dus eigenlijk om de taal gaat. Er is steeds meer bewustzijn bij werkgevers dat dit ook in hun eigen belang is. GOM en Amsta bieden bijvoorbeeld cursussen op de werkvloer aan. Zij is er een voorstander van om via dat kanaal een aanjaagfunctie te vervullen. Zij erkent dat er voor vereenvoudiging van communicatie geen concrete doelstellingen zijn opgenomen.
Zij vindt het ook moeilijk voor te stellen hoe die eruit zouden moeten zien. Er zijn afspraken
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.
WIO
Concept Raadscommissieverslag, 17 november 2021
gemaakt over de inzet van ervaringsdeskundigen bij de communicatie van de gemeente naar burgers. Zij is wel bereid na te denken over concrete doelstellingen. Mevrouw DE FOCKERT stelt dat het eenvoudig te toetsen moet zijn of een communicatiemiddel begrijpelijk is voor de beoogde doelgroep. Zij is benieuwd of de afspraken alleen van kracht zijn voor communicatie vanuit DWI of dat die geleden voor alle afdelingen van de gemeente. Zij wil graag een keer meegenomen worden in dat proces. Wethouder MOORMAN zegt dat het om een complex geheel gaat. Er is een groter bewust zijn van de noodzaak van heldere communicatie bij de organisatie, maar er is nog een hele weg te gaan. Het vertrouwen in de overheid is momenteel op een dieptepunt beland en dat heeft volgens haar veel te maken met de overheidscommunicatie. Het is dus een belangrijk punt. Het informele taalnetwerk is essentieel voor het draagvlak van deze aanpak. Via het Participatiecentrum, Adam & Eva, Taalakkoord, de ambassadeurs en andere partners in het netwerk wordt daaraan gewerkt. Bij Duisenberg werd een goede analyse gemaakt van alle inzet op taalgebied. Er was inderdaad in de afgelopen jaren sprake van onderbesteding, maar inmiddels ziet het ernaar uit dat er volgend jaar sprake overbesteding gaat optreden.
Dan wordt het de vraag hoe dat te beheersen en als daar keuzes bij komen kijken, wordt de raad daar uiteraard bij betrokken. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp voor nu voldoende besproken is. De VOORZITTER sluit de vergadering om 11.40 uur.
12