Conceptverslag WB 24-11-2021
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging.
WB
Raadscommissieverslag 24-11-2021
CONCEPT VERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie voor Wonen en Bouwen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging Woensdag 24 november 2021 van 09.55 uur tot 11.50 uur, digitaal Woensdag 15 december 2021
Voorzitter: mevrouw La Rose Portefeuillehouder: wethouder de heer Wedemeijer Commissiegriffier: mevrouw Van Klooster Verslaglegging: de heer Kuiper (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: mevrouw Bakker (PvdD), de heer Flentge (SP), de heer Havelaar (CDA), de heer Van den Heuvel (ChristenUnie), mevrouw Kiliç (DENK), de heer Mangal (DENK), mevrouw Van Pijpen (GroenLinks), mevrouw Van Renssen (GroenLinks), mevrouw Rooderkerk (D66), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Wijnants (VVD) Afwezige commissieleden (met bericht): de heer Leenders (PvdA), de heer Mbarki (PvdA) Overige aanwezigen: mevrouw Sullot
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 09.55 uur en heet iedereen hartelijk welkom. Zij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen De VOORZITTER legt de regels voor digitaal vergaderen uit. Wethouder WEDEMEIJER doet de volgende mededelingen. De PvdD heeft gevraagd op voorhand al toe te zeggen dat het college met een groennorm komt, ook voor het bestaande gebied. Die toezegging kan hij op moment niet geven. Wel zal het serieus meegenomen worden in de overwegingen voor het plan van aanpak bij het opvolgen van de aanbevelingen. Hij had aan de PvdD toegezegd met informatie te komen over de voortgangsrapportages met betrekking tot klimaatadaptatie. Er wordt een keer per jaar gerapporteerd. De eerste rapportage mag de tweede helft van 2022 verwacht worden. Het CDA had een vraag gesteld over het ziekteverzuim bij Afval. Dat is momenteel 13,2%. Het betreft allerlei soorten ziekteverzuim, waarop ingegaan zal worden in het plan van aanpak. Hij zal daarover later nog
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
mededelingen doen. Het werkbezoek aan Afval dat gevraagd was door de heer Havelaar is gepland voor januari 2022. Het zal in de dagmail worden gepubliceerd. Mevrouw Van Pijpen stelde een vraag over het tijdelijk stopzetten en evalueren van het dynamisch afvalinzamelen. De evaluatie wordt aan het eind van het eerste kwartaal van 2022 afgerond. Daarna zal hij informatie geven over het al dan niet doorzetten van dynamisch inzamelen. Mevrouw Rooderkerk vroeg of er een centraal meldpunt is voor klachten huurders over particuliere huurwoningen. Het lijkt hem het beste als mensen zich in eerste instantie bij !WOON melden. Veel klachten moeten uiteindelijk namelijk civielrechtelijk worden opgelost. Er is al een meldpunt voor onderhoudsgebreken, waarbij eventuele ernstige klachten worden doorgezet naar Bouw- en woningtoezicht van het betrokken stadsdeel. Wethouder Groot Wassink had een toezegging gedaan om het snoeien bij het Mystic Garden Festival in Sloterpark uit te zoeken. Er blijkt geen verband te bestaan tussen het Mystic Garden Festival en het snoeien, dat behoorde tot de reguliere periodieke werkzaamheden. Er was voor het snoeien geen vergunning vereist.
Mevrouw ROODERKERK vraagt te bevestigen dat de informatie over een groennorm nog voor de verkiezingen aan de raad gestuurd wordt, conform de aanbeveling van de Rekenkamer. Wethouder WEDEMEIJER zegt toe om nog voor de verkiezingen met een uitspraak over de groennorm te zullen komen. Ernstige meldingen van bouwgebreken worden bij VTH van het stadsdeel gemeld. Mevrouw BAKKER is blij te horen dat er nu jaarlijks een voortgangsrapportage over klimaatadaptatie komt. Zij vraagt nog in te gaan op de wijze van rapporteren. Zij wil graag zien of de stad klimaatadaptiever wordt, of dat de situatie nog verder verslechtert. Zij vraagt dat per gebied te laten zien. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat het bestuur dagelijks bezig is met klimaatadaptatie, bijvoorbeeld via de hemelwaterverordening. Hij zal rekening houden met de wens van mevrouw Bakker. De heer HAVELAAR herinnert aan zijn technische vraag met welk percentage ziekteverzuim er bij de dienst Afval en Reiniging begroot is. Het antwoord daarop was 6%. Daarop heeft hij bij de vorige vergadering erop gewezen dat het feitelijk ziekteverzuim veel hoger was. Dat is dus 13,2%. Dat betekent dat er een enorm gat zit tussen wat begroot is en wat gerealiseerd. Zij vraagt is hoe men daarmee omgaat.
Is dit de eerste forse tegenvaller voor de dienst Afval en Reiniging? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat er vanuit de algemene reserve 8,9 miljoen euro erbij gedaan is, waarvan 3,9 miljoen euro taakstellend. Er komt dus 5 miljoen euro echt bij. Ziekteverzuim is een van redenen waarom er geld uit de algemene middelen bij gedaan moet worden. De tegenvallers zijn dus begroot. Er wordt alles aan gedaan om de begroting niet nog een keer te overschrijden. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER maakt melding van het verzoek van de heer Leenders om agendapunt 4 door te schuiven. Zij constateert dat diverse commissieleden het niet prettig vinden dat dit verzoek van de heer Leenders nu pas, en zonder motivatie, op hun afkomt. Mevrouw VAN RENSSEN gaat akkoord met het doorschuiven. Zij heeft begrepen dat de PvdA-fractie graag bij behandeling aanwezig wil zijn. Zij hoopt dat de commissie
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
ermee akkoord gaat, met de kanttekening dat een dergelijk verzoek eigenlijk eerder gedaan moet worden. De VOORZITTER concludeert dat agendapunt 4 kan worden doorgeschoven. Met inachtneming van het voornoemde wordt de agenda conform vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie WB d.d. 27 oktober en 3 november 2021 De verslagen worden conform vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille Mevrouw BAKKER merkt op dat er een toezegging bij Wonen en Bouwen is verdwenen. Het college zou bij de corporaties de planning ophalen voor het isoleren van woningen en het plaatsen van zonnepanelen. AT5 schenkt vandaag aandacht aan de slecht geïsoleerde corporatiewoningen en hoe dit samenhangt met energiearmoede. Het college mag dit niet uit het oog verliezen. Zij wil kunnen controleren of er überhaupt gestuurd wordt en of er een planning bestaat. Amsterdamse bewoners willen weten wanneer hun blok aan de beurt komt. Zij vraagt de toezegging opnieuw op de termijnagenda te plaatsen. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat de toezegging weer op de agenda zal komen. Het was een technisch probleem. Hij zal proberen zo spoedig mogelijk te antwoorden, want de kwestie is inderdaad urgent. Mevrouw ROODERKERK vestigt de aandacht op de toezegging van wethouder Groot Wassink om in gesprek met woningcorporaties te gaan over onder andere woninggrootte.
Wanneer wordt de toezegging afgedaan? Wethouder WEDEMEIJER zegt toe dat hij hierop volgende vergadering terug zal komen. f. TKN-lijst De VOORZITTER meldt dat de heer Havelaar vraagt om TKN-1 te agenderen voor de vergadering van 15 december. Mevrouw Van Pijpen vraagt TKN-2 op de agenda te plaatsen. De VOORZITTER concludeert dat de commissie daarmee akkoord gaat. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies De VOORZITTER merkt op dat er geen stukken zijn binnengekomen. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke gedeelte van de vergadering.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
b. Inspreekmoment publiek Mevrouw SULLOT spreekt namens 44 bewoners die recent (november 22) een inspraakreactie opgesteld door de werkgroep inspraak Waterlandplein hebben ondertekend. Zij vraagt de commissie de Verkenning van kansen voor de Waterlandpleinbuurt in samenhang met de bouwprojecten Kubus Katrijp en IJdoorn te beoordelen. Die twee resterende bouwprojecten uit de stedelijke vernieuwing liggen in Werengouw Midden, grenzend aan het Waterlandplein. Het gaat in totaal om nieuwbouw van 368 woningen in de verhouding 73% sociaal en 27% markt. Voor deze nieuwbouw hoeven er geen woningen gesloopt te worden. De laatste sloop in Werengouw Midden was in 2009. Die is vervolgens ruimschoots op het Waterlandplein gecompenseerd. Door nu 282 sociale woningen toe te voegen gaat het aandeel sociale huur in de buurt met 11% omhoog. De projecten Kubus Katrijp en IJdoorn zijn niet in lijn met de 3070-norm uit de stedelijke vernieuwing, en ook niet in lijn met de norm 40-40-20 van de Woonagenda. Begin 2018 hebben 67 buurtbewoners gevraagd om de norm 30-70 te respecteren, of anders middeldure huur te realiseren. Deze inbreng van bewoners komt nergens terug in de verkenning. In november 2021 hebben 44 bewoners nogmaals om woningen voor middeninkomens gevraagd.
Woonwensen die worden genoemd in de verkenning zijn gebaseerd op een onderzoek van de dienst Wonen naar doorstroommogelijkheden in de wijk. Die mogelijkheden komen in de verkenning terug als woonwensen, die dus niet berusten op een onderzoek onder de bewoners. Na het onderzoek is de dienst Wonen nog gevraagd of het nodig was te heronderhandelen met de corporaties om aan het bestuurlijk vastgestelde uitgangspunt van 30-70 vast te houden. Het antwoord was dat heronderhandelen niet nodig was. De Waterlandpleinbuurt zou inmiddels voldoende gemengd zijn. Dat is echter een verkeerde voorstelling van zaken. De toekomst van Werengouw Midden zal in hoge mate bepaald worden door de projecten Kubus Katrijp en IJdoorn. Maar liefst 11% sociale huur toevoegen aan een ontwikkelbuurt waar het aandeel sociale huur al erg hoog is, draagt niet bij aan een vitale, gemengde buurt. Het zou bovendien de sociale opgave nog complexer maken. Mogelijkheden en keuzes van corporaties hebben tezamen met de wens van de gemeente tot verdichting als resultaat dat het percentage sociale huur in Werengouw Midden wordt opgestuwd tot 70%. Zij verzoekt een pas op de plaats te maken, zowel met de verkenning als met de bouwprojecten Kubus Katrijp en IJdoorn. Eerst moet de stedelijke vernieuwing tot nu toe geëvalueerd worden.
Daarna moet worden vastgesteld worden welk bouwscenario de kans op een bedrijvig, groen, gemengd, veilig en aantrekkelijk centrum van de Waterlandpleinbuurt vergroot. Het moet een buurt zijn die kinderen kansen geeft. De stedelijke vernieuwing moet in de Waterlandpleinbuurt tot een waardig einde gebracht worden. Samen met de bewoners moet worden gebouwd aan een leefbare stad. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. d. Rondvraag Mevrouw BAKKER merkt op dat de gemeenteraad in 2019 ruim 8 miljoen euro heeft vrijgemaakt om de Japanse duizendknoop te bestrijden. Dat was een budget voor drie jaar. Zij vraagt naar de stand van zaken. Hoe staat het ervoor met deze plant in Amsterdam? Zijn er nog probleemgebieden? Welke methodes werken echt? Hoeveel geld denkt men voor de komende tijd nodig te hebben? Er zou volgens de NOS een proef zijn gedaan met de inzet van Japanse bladvlooien langs het fietspad in Amsterdam-Zuid. Zij maakt zich zorgen over nadelen van de aanwezigheid van deze bladvlo voor de aanwezige flora en fauna. Zij vraagt de raad
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
over dit onderwerp goed te informeren. Wethouder WEDEMEIJER wist niet dat er in Zuid een proef wordt genomen met de inzet van deze bladvlooien. Hij zegt toe dat er in het eerste kwartaal van 2022 een brief naar de commissie wordt gestuurd met informatie over de bestrijding van de Japanse duizendknoop. Mevrouw BAKKER vraagt daarbij een raming op te nemen van het budget dat in de komende tijd nodig is. Wethouder WEDEMEIJER zegt dat toe. De heer WIJNANTS kreeg signalen dat sinds de invoering van statiegeld op kleine plastic flesjes er regelmatig afvalbakken in vooral centrumgebieden worden opengemaakt om er flesjes uit te halen. Daarvoor zou een speciale sleutel nodig zijn, die echter gewoon bij de bouwmarkt te koop is. Deze flesjesstroperij heeft nogal negatieve effecten op de openbare ruimte, want het afval waait uit de open afvalbakken alle kanten op. Hij vraagt of dit een bekend probleem is en wat men eraan doet. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat het probleem inderdaad bekend is. Het probleem zal naar verwachting wel minder worden als mensen meer gaan wennen aan het statiegeld op die flesjes. Er is dan minder te halen uit de afvalbakken. Het is niet mogelijk om stadsbreed nieuwe sloten aan te brengen, vanwege de kosten en de complexiteit. Hij kan dus niet toezeggen dat de sloten snel worden vervangen. Wel zal het probleem dus naar verwachting vanzelf minder worden.
Er blijken overigens steeds minder flesjes op straat te liggen door het statiegeld. De heer WIJNANTS vraagt of het mogelijk is om vinger aan de pols te houden, bijvoorbeeld door het als aparte categorie in de MORA-meldingen te classificeren, zodat zichtbaar wordt dat het probleem afneemt. Wethouder WEDEMEIJER zegt toe dat daarover over een halfjaar in deze commissie een mondelinge mededeling gedaan zal worden. Mevrouw ROODERKERK herinnert aan de aangenomen motie van haar fractie voor een doneerring die je op een afvalbak kan plaatsen om kleine flesjes in te zetten, zodat die door mensen kunnen worden ingeleverd. Zij vraag hoe het staat met de uitvoering van die motie. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat binnenkort een dossier over die motie wordt aangebracht bij het college. Hij zal dus binnenkort berichten. Mevrouw VAN RENSSEN merkt op dat bewoners van het project Changes in Nieuw-West en Zuidoost de afgelopen zomer een rechtszaak hebben gewonnen omdat er geen communitykosten in rekening mochten worden gebracht. Het mochten alleen servicekosten zijn. Volgens !WOON hebben deze mensen inmiddels een verhoging van de servicekosten van 100 euro gekregen. Daarbij zijn de servicekosten van een kamer die 550 euro zou moeten kosten, nu opgelopen tot 150 of 160 euro. Zij vraagt wat daartegen gedaan kan worden bij toekomstige projecten.
Bij Changes van Nieuw-West is destijds ook een subsidie verleend, en toch heft men dan van die hoge servicekosten. Van de week is er een overeenkomst getekend voor andere jongerenwoningen in Nieuw-West, aan de Karspeldreef met een ontwikkelaar die Xior heet. Daarbij zijn wél afspraken gemaakt over de hoogte van de servicekosten. Wat kan gedaan worden bij Changes om de servicekosten onder controle te houden, en wat bij toekomstige projecten, zoals aan de Karspeldreef? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat er bij Changes geen afspraken zijn gemaakt. Of servicekosten al dan niet redelijk zijn, is aan de huurcommissie en uiteindelijk
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
de rechter. !WOON is er intensief mee bezig. De gemeente kan dus richting Changes niet heel veel uitrichten. Op aandringen van stadsdeelbestuurder de heer De Jager zijn er met Xior afspraken gemaakt over de servicekosten. Deze zijn echter niet juridisch afdwingbaar. Het gaat om een intentieovereenkomst. De indruk bestaat dat Xior zich eraan wil houden, maar het kan niet afgedwongen worden. Mevrouw VAN RENSSEN vraagt wat gedaan kan worden om de woningen in kwestie zo betaalbaar mogelijk te houden, zeker als de overheid subsidies verstrekt of kortingen. Bij Changes in Nieuw-West heeft men 200.000 euro subsidie verleend als stimulering van jongerenwoningen. Kunnen er afspraken gemaakt worden, bijvoorbeeld in de voorwaarden die horen bij de subsidies? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat er, voor zover hij weet, geen subsidie zit in de overeenkomsten met Xior. De heer VAN DEN HEUVEL las vanochtend dat er in Amsterdam nog steeds 40.000 sociale huurwoningen slecht geïsoleerd zijn en dat ruim een kwart van die woningen aan het eind van dit jaar nog steeds onder energielabel B zit. Eerder was hem toegezegd dat bij de rapportage van de prestatieafspraken meer inzicht zou worden gegeven in de labelstappen. Hij vraagt toe te zeggen dat het aandeel van de labelstappen wordt uitgesplitst per corporatie.
Bij de rapportage ontwikkelbuurten is per buurt zeer uitgebreid inzicht gegeven wat de percentages van de verschillende energielabels waren. Dat is nu bekend tot en met 2019. Hij vraagt of het mogelijk is om in Q1 van 2022 de tabel met de energielabels per buurt te krijgen tot en met 2021. Op die manier krijgt de raad goed inzicht in de stand van zaken. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat dit soort gegevens bij de corporaties liggen. Hij zal er bij de volgende vergadering op terugkomen, maar hij kan het gevraagde nu niet toezeggen. Er moeten nog enorme stappen genomen worden en er zijn afspraken gemaakt over de labelstappen die genomen moeten worden. De heer VAN DEN HEUVEL vraagt bij het rapporteren over de labelstappen alleen uit te splitsen naar corporaties, en bij de rapportage over ontwikkelbuurten het per buurt te doen. Het hoeft dan niet zozeer per corporatie. Op die manier is het eenvoudiger toe te zeggen voor de wethouder. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat dit waarschijnlijk in Q1 gaat lukken. Mevrouw VAN SOEST heeft van wethouder Van Doorninck gehoord dat zij 10 miljoen euro heeft gehaald uit het duurzaamheidsfonds om zo snel mogelijk de slecht geïsoleerde woningen te gaan isoleren. Zij vraagt de wethouder Wonen om met wethouder Van Doorninck te bespreken wanneer dit zou kunnen gebeuren.
Zij hoopt dat er grote spoed betracht wordt, want niemand kan de rekening nog betalen. Wethouder WEDEMEIJER zegt dit toe. Het is inderdaad zeer urgent. Er zitten heel veel mensen in heel slechte woningen, tot en met label G. In eerste instantie zullen de corporatie stappen moeten zetten. Hij komt er zo spoedig mogelijk op terug. Mevrouw KILIÇ merkt op dat de wethouder op de hoogte is van de problemen tussen de bewonerscommissie van de Johan Greivestraat, de Piet Mondriaanstraat en De Key, in verband met de sloopnieuwbouwplannen van die corporatie. De wethouder was ook zelf aanwezig bij de recente demonstratie van de bewonerscommissie. Hij heeft toen samen met de stadsdeelvoorzitter toegezegd te gaan bemiddelen. Er is inmiddels een mediator aangesteld die de informatie tussen beide partijen uitwisselt. In een van de laatste gesprekken is gevraagd wat de wensen en eisen van de bewonerscommissie zijn. Die bleek onder andere een terugkeergarantie te willen voor de bewoners. De Key heeft afgelopen vrijdag via de mediator laten weten dat als de
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
bewonerscommissie zo doorgaat, De Key de blokken gaat verkopen. Als dat gebeurt, zijn de bewoners weer terug bij af. Ze moeten dan wachten op nieuwe plannen, met alle onzekerheid van dien. Het lijkt dus op een verkapte dreiging van De Key. De Key lijkt haar zin door te willen doordrukken en bij geen gehoor op een impasse af te willen stevenen. Dit lijkt haar niet de bedoeling van een mediationtraject. Is de wethouder op de hoogte van de stand van zaken bij de verkoopplannen? Wat is de stand van zaken rond het mediationtraject? Hoe vaak wordt de wethouder geïnformeerd over de stand van zaken? Wat kan de wethouder nog betekenen in deze kwestie? Is het mogelijk om bij verkoop voorwaarden te stellen, zoals misschien het voortzetten van de plannen? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat hij niet op de hoogte was van de mededeling. Dat is ook niet zonder reden. Bij een mediationtraject tekenen mensen voor geheimhouding tijdens de onderhandelingen onder leiding van de mediator. Het is niet verstandig om nu als wethouder in het proces in te grijpen. Mensen zeggen vaak iets in emotie. Het lijkt hem verstandig om nu de mediation haar werk te laten doen. Hij heeft nog geen mededelingen gekregen over het definitief knappen van de mediation. Ook voor het draagvlak hoopt hij dat de partijen er zelf uitkomen.
Mevrouw VAN RENSSEN is het ermee eens dat je niet moet interveniëren in een mediationproces. Zij vraagt of het bestemmingsplan nog gewijzigd moet worden en dat het de gemeente ervoor zou kunnen kiezen om geen medewerking te verlenen aan de wijziging van het bestemmingsplan bij verkoop. Verder begrijpt ze niet waarom er niet zonder meer wordt voldaan aan de terugkeerregeling van 70%. Daar zou de gemeente toch voor moeten staan? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat hij niet weet of het bestemmingsplan nog moet worden aangepast. Hij kan daarop nog terugkomen. Het aanbod van De Key is dat iedereen die dat wil, terug kan keren. De vraag is dus waarschijnlijk wat je precies garandeert met een terugkeergarantie. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. Kennisnemen van de Najaarsnota 2021, vaststellen van de begrotingsmutaties en de taakveldenraming behorende bij de Najaarsnota 2021 en vaststellen van enkele afzonderlijke besluiten verband houdend met de Najaarsnota 2021 (ZD2021-014567) De heer HAVELAAR merkt op dat het aantal mensen met een urgentieverklaring dat binnen drie maanden een woning vindt, blijft steken op 59%. Maar eerder dit jaar zijn de definities bijgesteld om ervoor te zorgen dat de meest urgente mensen toch tijdelijk een woning kunnen vinden. Hoe staat het daarmee? Verder wil hij weten of men nu wel voldoet aan de gemeentelijke plicht voor het huisvesten van statushouders.
Er is een schokkende daling op de beeldkwaliteit voor verharding. De target is 85% en de realisatie 59%. Vorig jaar kwam men in het jaarverslag uit op een realisatie van 79%. Wat is er gebeurd? Mevrouw VAN RENSSEN constateert dat er, mede door corona, sprake is van een onderbesteding, onder andere vanwege de coronacrisis. Zij vraagt of men dat voor de komende jaren niet voorziet, omdat men nu gewend is aan de nieuwe werkwijze en de inzet dus volledig kan zijn. Verder ziet zij dat de Wabo-leges en andere leges fors meer opbrengsten hebben gegenereerd. Zij vraagt zich af of dit geld volgend jaar eventueel ingezet kan worden, als de opbrengsten zo blijven voor het actieplan Wonen. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt de heer Havelaar dat het niet bepaald goed
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
gaat met de urgenties. Er zijn veel meer mensen die urgentie behoeven dan dat er woningen zijn. Er is indertijd een verscherping doorgevoerd. Hij zal een nieuwe verscherping moeten aankondigen, omdat er dus teveel mensen zijn met urgentie. Hetzelfde geldt voor de statushouders. Er is een inhaalslag gemaakt. De taakstelling is er en daaraan moet voldaan worden. Het enige wat mogelijk is, is het verdelen van de bestaande armoede. De heer HAVELAAR vraagt of de wethouder bedoelt te zeggen dat niet voldaan wordt aan de norm voor het aantal statushouders dat Amsterdam moet huisvesten. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat de gemeente daarmee inderdaad grote moeilijkheden gaat krijgen. De heer HAVELAAR vraagt wanneer de aangekondigde herdefiniëring verwacht mag worden. Kan de wethouder daarbij aangeven wat voor draconische maatregelen er nodig zijn om wel aan de doelstellingen te voldoen? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat die herdefiniëring zeer spoedig komt. Het betreft een aanpassing van de nadere regels van het college die in eigen beheer aangepast kunnen worden. De raad is daarvoor niet nodig. Het zal dan overigens nog steeds heel ingewikkeld zijn, ook vanwege corona en de extra sociaal-medische urgenties die zijn afgegeven. Wat betreft de beeldkwaliteit merkt hij op dat er een nieuwe manier van meten is gekomen.
Hij zegt toe er in de jaarrekening op terug te zullen komen, want het verschil is inderdaad opmerkelijk. Het college heeft voorlopig niet het idee dat er radicaal iets is veranderd aan de beeldkwaliteit. De heer HAVELAAR leest in de najaarsnota dat het eind augustus op 59% zat. Opvallend is het dat de vooruitzichten voor de rest van het jaar ook 59% was. Er is dus geen ambitie geformuleerd voor de periode augustus tot einde van het jaar. Hij is benieuwd of het echt zo is. Hoe kan het dat je in augustus iets vaststelt en voor de rest van het jaar geen ambitie meegeeft? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat de ambitie er wel degelijk is. Hij is het eens dat het verschil opmerkelijk is en dat het verklaard moet worden. Hij antwoordt mevrouw Van Renssen dat hij niet kan zeggen of onderbesteding in de toekomst minder plaats zal vinden, nu men gewend is aan de nieuwe werkwijze. Er zijn tegenvallers en meevallers die in eerste instantie worden opgelost in de eigen programma’s. Hij kan niet toezeggen dat de opbrengsten van de Wabo-leges gebruikt kunnen worden bij de woonkwaliteit, want dat gaat over de programmagrenzen heen. In principe valt een meevaller terug naar de algemene middelen. Het antwoord is dus dat het gevraagde niet kan. Het gaat overigens over de portefeuille van wethouder Van Doorninck. De VOORZITTER concludeert dat het punt voldoende is behandeld.
Zij schorst de vergadering van 10.47-10.53 uur.
TOEGEVOEGD AGENDAPUNT Bouwen en Wonen 5. Verschuiven van de grens van middeldure koopwoningen (VN2021-032221) De heer WIJNANTS herinnert aan de verwarring vorige keer over wat men in Amsterdam verstaat onder ‘middeldure koopwoningen’. In de brief over de opkoopbescherming werd specifiek gezegd dat woningen tot 512.000 als ‘middelduur’
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
werden aangemerkt. Eerder was dat minder dan 314.000 euro. Hij vraagt de wethouder opheldering te geven. Hij vraagt uit te leggen wat het college verstaat onder een ‘middeldure koopwoning’. Mevrouw ROODERKERK leest in de schriftelijk vragen van de VVD dat die partij muziek ziet in het verplaatsen van de grens voor middeldure koop van 314.000 naar 512.000 euro. Naar haar idee zijn mensen die een half miljoen voor een huis kunnen betalen doorgaans eerder advocaten van Shell zijn, dan zorgmedewerkers, leraren of politieagenten. Zij vraagt wat voor jaarinkomen mensen nodig hebben om dit soort huizen te kunnen kopen. De heer WIJNANTS antwoordt dat de gemiddelde prijs van een huis in Amsterdam inmiddels vijf ton bedraagt. Daarmee is een huis van vijf ton een heel normaal huis geworden in Amsterdam. Er zijn uiteraard veel mensen die dat niet kunnen betalen. Aan dat probleem wordt gewerkt. Hem gaat het in zijn vragen om differentiatie van de categorieën. Als je vasthoudt aan de harde grens van 314.000 euro, houdt je mensen eigenlijk voor de gek. Die woningen zijn met de huidige grondprijzen bijna niet te bouwen. Je moet dus realistisch blijven in de prognose. Mevrouw ROODERKERK deelt de zorg over afnemende grootte van huizen. Daarover moet een gesprek gevoerd worden met de corporaties. Er moeten bij corporaties mogelijkheden blijven voor grotere huizen.
Als de VVD niet wil dat beleggers en corporaties eraan worden houden dat zij woningen bouwen tot 325.000 euro, blijven er inderdaad alleen woningen over van een half miljoen. Leraren kunnen dat echt niet betalen. De heer WIJNANTS is het eens dat de categorieën scherp gehouden moeten worden. Niet iedereen kan een huis betalen van vijf ton. De gemeente Amsterdam ziet mensen met een relatief normaal inkomen als extreem rijk. Daardoor voelen mensen zich soms gedwongen om de stad te verlaten. Ze voelen zich niet helemaal welkom. Heeft de gemeente wel door wat de precieze problemen zijn waarmee hij te maken heeft? Mevrouw ROODERKERK reageert dat je zult moeten zorgen voor betaalbare huizen. Als je het aan de markt overlaat, worden het gewoon heel dure huizen. Een half miljoen betekent dat je meer dan een ton per jaar moet verdienen. Dat zijn dus geen leraren of politieagenten. Is de heer Wijnants het met haar eens dat men ook moet gaan voor betaalbare middeldure koopwoningen tot 325.000 euro? De heer WIJNANTS antwoordt dat mensen met een huis van een half miljoen niet extreem rijk hoeven te zijn. De heer VAN DEN HEUVEL merkt op dat mensen die een half miljoen kunnen betalen voor een woning wel degelijk extreem rijk zijn. Dat laat zien dat de opkoopbescherming heel belangrijk is. Daarover hoort hij de VVD niet.
Denkt de VVD niet dat het achteraf beter was geweest vóór de opkoopbescherming te stemmen? De heer WIJNANTS antwoordt dat in het verkiezingsprogramma van de Amsterdamse VVD duidelijk staat dat ze voorstander is van de opkoopbescherming. In het verleden is dat inderdaad anders geweest. Ook zijn partij ontwikkelt zich. Ook tot 512.000 euro lijkt hem dat een buitengewoon verstandige maatregel. Voor minder dan dat heeft het eigenlijk geen zin. Door de grens op te trekken tot 512.000 euro erkent het college dat die prijs heel normaal is geworden. Het rare is dat voor nieuwbouwproductie een veel lagere grens wordt gehanteerd. Hij vraagt de wethouder meer uitleg te geven over die discrepantie. Mevrouw VAN RENSSEN hoort de VVD stellen dat je eigenlijk een heel normaal inkomen verdient als je een woning kan kopen van 500.000 euro. Dat zegt voornamelijk iets over de woningmarkt in Amsterdam, waar mensen kennelijk aan gewend zijn. Het lijkt
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
haar niet verstandig om nieuwe categorieën te creëren, in de trant van ‘extreem duur’, ‘een beetje duur’ en ‘iets minder duur’, naast de middenhuur. Er zou echter iets gedaan moeten worden aan de betaalbaarheid van de woningmarkt. Vindt de heer Wijnants het normaal dat geld van mensen die misschien 60.000 of 70.000 euro per jaar verdienen, verdwijnt in de zakken van beleggers of mensen die al een huis kunnen verkopen, en dus kunnen verhuizen. Wat is het voorstel van de VVD om die extreme prijsverhogingen uit de Amsterdamse woningmarkt te halen? De heer WIJNANTS merkt op dat vijf ton de normale prijs voor een huis in Amsterdam is geworden, en dus is dat de realiteit van Amsterdam. Het is een illusie te denken dat die prijzen enorm zullen gaan dalen. Kijk je naar de demografie van Amsterdam, of de samenstelling van de woningmarkt, dan is het duidelijk dat die prijzen niet gaan dalen. Zijn fractie stelt voor om een opkoopbescherming in te voeren. Er moet een zelfwoonplicht komen, een anti-speculatiebeding. Er moeten ook de juiste woningen gebouwd worden. Op dat punt verschilt zijn partij met die van mevrouw Van Renssen, die vooral woningen wil bouwen voor mensen met echt lage inkomens. Zijn fractie denkt dat het tekort zit bij de middengroepen, bij mensen die een gezin willen stichten of een kind krijgen. Die mensen vluchten nu bijvoorbeeld naar Hilversum.
Dat zijn mensen die een huis zoeken in de prijs van drie tot vijf ton. Mevrouw VAN RENSSEN signaleert dat de heer Wijnants het hoofd in de schoot legt. Hij vindt het eigenlijk best dat Amsterdamse woningen niet meer betaalbaar zijn. Dat is normaal geworden door jarenlang neoliberaal bewind. Het begon met categorieën die nu in de middenhuur terecht zouden kunnen, en het loopt steeds verder op. Straks moet je een miljoen hebben om nog een huis te kunnen kopen in Amsterdam. De overheid moet daartegen optreden. Iedereen heeft recht op een plekje in de stad en moet een gezin kunnen stichten. De heer WIJNANTS brengt onder de aandacht dat wethouder Groot Wassink zelf heeft gezegd dat niet iedereen in Amsterdam kan wonen. Die ontwikkelt dus een meer realistische kijk op de Amsterdamse woningmarkt. En het is altijd al zo geweest dat mensen naar Amsterdam komen om te studeren en een partner te vinden, waarna ze weer weggaan. Dat is normaal. Nu willen mensen heel graag een huis kopen, omdat dat de enige manier voor hen is om aan vermogensopbouw te doen. Het probleem is dat dit onmogelijk is in Amsterdam. Mevrouw ROODERKERK verwijst naar de opstelling van de VVD-fractie in de Tweede Kamer met betrekking tot opkoopbescherming tot 512.000 euro.
Wat wil de VVD? Is ze wel of niet voor de invoering van opkoopbescherming voor deze huizen in Amsterdam? De heer WIJNANTS antwoordt dat zijn fractie voorstander is van opkoopbescherming. Wellicht denkt de heer Koerhuis van de VVD-fractie in de Tweede Kamer daar anders over. Mevrouw ROODERKERK vraagt om dat signaal duidelijk door te geven aan zijn collega’s in Den Haag. Het landelijk beleid heeft vaak grote invloed op de prijzen in Amsterdam. De heer WIJNANTS antwoordt dat iedereen in een liberale partij recht heeft op zijn eigen mening. De heer FLENTGE vestigt de aandacht op de verhouding 40-40-20 voor nieuwbouw in Amsterdam. Wil de heer Wijnants de met die ‘40’ corresponderende categorie middeldure woningen oprekken tot 512.000 euro? De heer WIJNANTS antwoordt dat hij inderdaad aan de wethouder wil vragen wat
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
de effecten daarvan zouden zijn op de woningbouwproductie. Als je accepteert dat het middeldure koopsegment breder opgevat kan worden, past dat dan niet beter bij de huidige prijsontwikkeling op de woningmarkt? Als je het bij 314.000 euro houdt, zal je heel kleine huizen moeten gaan bouwen of fors gaan snijden in de grondprijs of de erfpacht. Er zal íets moeten gebeuren. De heer FLENTGE herinnert aan de woorden van de heer Wijnants, dat steeds meer mensen naar Amsterdam komen. De prijs zou dus steeds verder doorschieten. Hij vraagt of er voor ‘middelduur’ een grens is voor de VVD. Of wil de heer Wijnants steeds de markt blijven volgen? De heer WIJNANTS antwoordt dat het gaat om de realiteit waarmee kopers te maken krijgen, ongeacht het getalletje dat op woningen wordt geplakt. Het probleem in Amsterdam is vaak dat de realiteit achterblijft op de beleidsontwikkeling. De verbreding van de categorie voor opkoopbescherming tot vijf ton is heel verstandig, maar je moet dan wel kijken welke vertaling dat moet krijgen in de nieuwbouwproductie. De heer FLENTGE vindt vijf ton voor een woning bizar veel. De VVD geeft in haar verkiezingsprogramma aan dat ze de helft koopwoningen wil. Ook ziet de heer Wijnants dat mensen de stad uittrekken omdat het bedrag te hoog is. Maar de vraag neemt dus steeds verder toe.
Hoe moet je de koopprijzen dan dempen? Hoe moet dat gebeuren? De heer WIJNANTS antwoordt dat het inderdaad buigen of barsten is. Op dit moment zijn het de kopers die meegeven, die elke keer meer geld moeten inleggen om op te kunnen bieden tegen beleggers of andere kopers. Zijn fractie wil dat de gemeente meer moet gaan buigen. Die drijft nu de prijzen op door hoge grondprijzen en hoge erfpacht. De gemeente kan nog veel meer doen om koophuizen betaalbaar te maken. Natuurlijk moet dan wel voorkomen worden dat mensen na twee jaar hun huis weer verkopen en de winst in eigen zak steken. Mevrouw VAN RENSSEN vindt het vreemd dat de heer Wijnants Amsterdam ziet als een emancipatiemachine waar je even mag wonen, iemand vinden om een gezin te stichten en daarna weggaan. Aan de andere kant pleit hij er ervoor te voorkomen dat kopers naar bijvoorbeeld Hilversum verwezen worden. Het is echter al lang geen Amsterdams meer, maar een landelijk probleem. Amsterdam heeft tien jaar geleden aan het Rijk middelen en mogelijkheden gevraagd om er wat aan te doen, maar het antwoord was dan dat men de Huisvestingsen Woningwet niet ging aanpassen. Amsterdam moest het zelf oplossen. Het is hypocriet van de VVD om tien jaar later, nu het ook de mensen raakt die geen vijf of zes ton kunnen betalen, nu opeens te pleiten voor aanvullende regels.
Zij vraagt welke regels landelijk gesteld moeten worden, dus voor alle steden van het land. De heer WIJNANTS vraagt of het optrekken van de grens naar 512.000 euro ervoor zal zorgen dat meer ontwikkelaars meer middeldure koop gaan bouwen, in plaats van huurwoningen. Is de wethouder het met hem eens is dat 330 koopwoningen onder de 314.000 euro die in drie jaar tijd zijn gebouwd erg weinig is? En dat dat juist de reden is dat starters de stad moeten verlaten? De heer HAVELAAR las in de stukken dat de G5 redelijk samen optrekt op het punt van de opkoopbescherming. Hij vraagt of de raad tegen de tijd dat de definitieve stukken komen, kan zien waar en waarom de gemeente Amsterdam ander beleid voert dan de G5. De inspraak loopt tot 15 december, wat niet heel erg lang is voor een dergelijk complex dossier. Is er voldoende tijd om dat zorgvuldig te bestuderen en te beantwoorden? Dit jaar is de overdrachtsbelasting ook gewijzigd, waarmee beleggers financieel een wat slechtere uitgangspositie hebben gekregen dan eigenaar-bewoners. In het onderliggende OIS-rapport wordt niets gezegd over de verhoogde overdrachtsbelasting
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
voor beleggers, terwijl ze wel meer betalen dan particulieren, wat de businesscase voor een belegger moeilijker zou moeten maken. Het zou goed zijn om te snappen wat het effect is van die verhoging van de overdrachtsbelasting, want ook die beoogde de positie van eigenaar-bewoners te verbeteren ten opzichte van beleggers. Mevrouw VAN RENSSEN vindt de vragen over opkoopbescherming wat uit hun verband gerukt. Zij wil het graag over dat onderwerp hebben, maar dit is niet het goede moment daarvoor. Zij hoopt dat de bijna raadsbreed gesteunde motie van haar fractie nu zo snel mogelijk wordt uitgevoerd. Het doel van de opkoopbescherming is het behoud van schaarse woningen voor mensen die er willen wonen en ze kunnen kopen. Dat is heel wat anders dan het middenhuursegment, waar via met name 40-40-20 middenhuurwoningen worden gestimuleerd. Voor een klein deel kunnen er ook middeldure koopwoningen bijkomen. Dat is een heel ander doel dan men heeft voor de opkoopbescherming. Zij pleit ervoor die dingen niet door elkaar te gooien. De huidige middenhuurgrens werkt heel goed en moet gehandhaafd blijven, want is gekoppeld aan het middeninkomen van mensen. De heer MANGAL merkt op dat opkoopbescherming zeer noodzakelijk is. Het mag nog wel een tandje hoger. De invoering mag eerder plaatsvinden dan juli 2022. Hij verzoekt de wethouder dan ook om dit proces zo snel mogelijk door te voeren.
Enkel woningen met een WOZ van 512.000 euro worden beschermd. Hij vraagt zich af hoeveel van de 60% van de huidige woningvoorraad die met deze WOZ beschermd zou moeten worden, over een of twee jaar nog steeds beschermd worden. Met een stijging van 18% in oktober zit je er zo boven. Waarom koos men voor 512.000 euro, in plaats van bijvoorbeeld twee keer modaal? Uiteindelijk bescherm je alleen de sociale woningen die voor die prijzen kunnen worden verkocht. Hoe zorgt de wethouder ervoor dat de middensalarissen ook daadwerkelijk de middeldure huurwoningen kunnen betalen? Het verbod op verhuur geldt slechts voor vier jaar. Voor een gemiddeld investeringsfonds is dat heel kort, en helemaal als men gaat verkameren. Het verbod op verhuur zou veel langer moeten gelden. De heer VAN DEN HEUVEL is het eens dat de opkoopbescherming heel belangrijk is. Kan de wethouder aangeven waarom de 60% is aangenomen, waardoor het op 512.000 euro uitkomt? Waarom niet 70 of 75% als wenselijk aandeel? Hij vraagt meer uitleg, ook in relatie tot de juridische basis. Het is niet de bedoeling een juridisch stelsel op te tuigen dat daarna onderuitgaat. Wat hem betreft mag het meer dan 60% zijn. De heer FLENTGE is het eens met vorige sprekers dat gemiddeld 500.000 euro voor een huis belachelijk veel is.
Het zijn vaak de middeninkomens die zich in alle bochten wringen om toch zo’n huis te kunnen kopen, dat zijn dus niet extreem rijke mensen. Het is de idiotie van de prijzenmarkt dat mensen zich soms in absurde bochten moeten wringen om nog een huis te kunnen betalen. De nieuwe grens van 512.000 euro komt neer op een verschuiving; duurdere woningen gaan naar het middensegment. Als het aan de VVD ligt wordt de tweede ‘40’ in ’40-40-20’ duurder. Op die manier wordt meer markt toegelaten, waar zijn fractie juist pleit voor regulering waar het kan. De VVD heeft geen antwoord op de vraag waar de grens ligt, behalve dat de gemeente gronduitgifte makkelijker moet maken, erfpacht etc. Maar wat betekent dit alles op iets langere termijn? Wat doe je met de koper nadat de woning is uitgegeven en verkocht? Hoe garandeer je dat de woning dan nog in een ‘redelijk’ segment van vijf of zes ton blijft en niet verder doorstijgt? Er zou een heel grote huurmarkt moeten zijn, zowel in het sociale als in het middeldure segment. De huurprijzen moeten de koopprijzen naar beneden trekken. Daarnaast zou je de financialisering van de woningmarkt moeten tegenhouden, wat alleen kan door de beleggers te weren. Daarvoor is helaas ook de landelijke VVD nodig.
Mevrouw ROODERKERK merkt op dat er volgens het CBS en Kadaster sprake is van een prijsstijging voor koopwoningen van maar liefst 18,3% ten opzichte van vorige
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
maand. De huizencrisis wordt steeds erger. Zij is blij dat er in Amsterdam een opkoopbescherming is aangenomen. De laatste jaren ziet men een trend van huizen die worden opgekocht, en dan verhuurd. Die beleggers bieden enorm hoge bedragen boven de vraagprijs, met als gevolg de sterk stijgende huizenprijzen in Amsterdam. Met de opkoopbescherming kan dat worden voorkomen. De wethouder heeft meerdere keren beloofd dat de opkoopbescherming in het eerste kwartaal van 2022 zou worden ingevoerd. Nu leest zij dat het juli wordt, terwijl Rotterdam dat doet per 1 januari. Dat is pijnlijk. Kan het niet sneller? Iedereen wordt geraakt door de hoge huizenprijzen: starters, politieagenten, leraren of zorgpersoneel. Zij kunnen het niet betalen. Prijzen van 512.000 euro zijn erg hoog. Zij steunt het beleid om middeldure koopwoningen te behouden tot 325.000 euro. De gemeente moet blijven pushen om beleggers, corporaties en ontwikkelaars zover te krijgen dat ze de huizen betaalbaar houden, voor dat bedrag. In een aantal gemeenten maakt men gebruik van een kettingbeding, een antispeculatiebeding, zodat ook voor volgende kopers de opkoopbescherming van kracht blijft. Waarom wordt daar in dit geval niet voor gekozen? Mevrouw VAN SOEST vraagt onafhankelijk te laten onderzoeken hoeveel echt sociale huurwoningen er nog zijn. Zij wantrouwt de cijfers van de woningcorporaties.
Bij haar in de buurt gaat mensen verhuizen, hun woning wordt dan zogenaamd helemaal opgeknapt en daarna boven de huurgrens getrokken. Er komen daardoor hoe langer hoe meer middenhuurwoningen bij. Daardoor verdwijnen sociale huurwoningen, die hard nodig zijn om minder draagkrachtige mensen onderdak te helpen. Het zit haar dwars dat zoveel woningen verkocht worden. Prins Bernhard en de heer Haga hebben veel woningen in Amsterdam in eigendom. Die verkameren en verhuren ze voor veel geld. Zij betalen daarover geen belasting. Kan de wethouder daar iets aan doen? De heer FLENTGE adviseert mevrouw Van Soest om mee te doen met de Tweede Kamerverkiezingen. Haar geluid moet in Den Haag goed gehoord worden. Wethouder WEDEMEIJER merkt op dat de marktwerking de huidige situatie heeft veroorzaakt. De gemiddelde woning is voor de gewone Amsterdammer onbereikbaar geworden. Vijf ton is onbetaalbaar voor de gewone Amsterdammer. Je moet dus realistisch zijn over de middenkoopwoningen. De VVD vraagt meer middenkoopwoningen in Amsterdam, zodat meer mensen kunnen profiteren van eventuele prijsstijgingen. De vraag achter de 40-40-20-discussie is of dat mogelijk kan zijn. Middenkoopwoningen worden marktconform gebouwd, waarbij de beleggers en projectontwikkelaars werken met vierkantemeterprijzen.
Op dit moment worden woningen in het middensegment kleiner qua oppervlak, of ze worden helemaal niet gebouwd, of met subsidie. Hij is er zelf geen voorstander van om de subsidie ook te geven aan middenkoopwoningen. Toch is het beleid om bij projecten van 800 of meer, ook middenkoopwoningen toe te staan. Die worden dan ook gebouwd, zij het niet heel veel. Hij verwacht gezien alle kosten niet dat dit aantal enorm gaat stijgen. Niet alleen de grondprijzen spelen daarbij een rol, maar ook de kosten van het bouwen. In de categorie 314.000-512.000 zijn met 1200 redelijk veel woningen gebouwd. Die zijn in het segment ‘duur’ gebouwd, maar wel met die prijzen. Hij is er niet voor om de 40-40-20 aan te passen. Als je de ‘40’ van het middensegment aanpast naar 512.000, worden alle prijzen richting 512.000 euro gedrukt. Dat is dan namelijk de hoogste verkoopwaarde per vierkante meter. Dit betekent dat gewone middeninkomens het niet meer kunnen betalen, zonder jubeltonnen, erfenissen of lotto. Hij verwacht dat ook de VVD het met hem eens zal zijn dat je op die manier de middengroepen niet goed bedient. Het enige wat zou kunnen gebeuren is dat er wellicht grotere woningen worden gebouwd. Als je middenkoopwoningen ernstig promoot, levert dat een tijdelijk voordeel op voor de Amsterdammer die er in gaat wonen. De stad als geheel zal er echter geen voordeel van hebben.
Na de verkoop is het allemaal duur en zit je met hetzelfde probleem. Je kunt ook niet tot in het oneindige bijbouwen. Er is daarvoor een grens, die steeds zichtbaarder zal worden.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
Mevrouw VAN SOEST vraagt waarom de gemeente geen eigen woningbouwvereniging opricht, zodat je het in eigen hand kan houden. Je kunt dit niet aan de markt overlaten. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat hij het een slecht idee vindt om het middensegment op te krikken naar 512.000 euro. Hij is het met mevrouw Van Soest eens dat het zaak is veel meer in te grijpen in de markt om betaalbare woningen te krijgen, met name in de middeldure categorie. Het is geen goed idee om de opkoopbescherming te verlagen naar 314.000 euro, want op die manier zou nog maar 19% van de woningen beschermd zijn. Die hoeveelheid zal krimpen omdat de prijzen stijgen. Hij antwoordt de heer Wijnants verder dat er twee wettelijke regelcomplexen bestaan. Die hebben hun eigen methodiek en hun eigen definitie. De opdracht vanuit de Huisvestingswet en de Woningwet is dat je een middencategorie voor de opkoopbescherming moet creëren. Amsterdam onderscheidt vijf categorieën waarvan de middelste beschermd wordt. De twee onderste en de middelste zijn dus beschermd, en de twee bovenste niet. Daarmee kom je uit op 60%. Het is belangrijk dat er een goede definitie is die echt aan de term ‘middeldure koop’ kan voldoen. Dat is wat in de wet staat. Hij antwoordt de heer Mangal dat die vier jaar een laag maximum is, maar dat is wettelijk zo bepaald. Dit is een goede regeling.
Hij hoopt dat de VVD met hem het doel in de gaten houdt, namelijk het in de stad houden van de middengroepen. Hij antwoordt onder andere mevrouw Van Soest dat het onmogelijk is om via koop de middengroepen in de stad te houden. Het zal gaan om middeldure huur en eeuwigdurende middenhuur. Het dilemma daarbij is dat het zoveel geld kost. Er zal vanuit het vereveningsfonds een forse bijdrage gedaan moeten worden. Het werkelijke dilemma is of de stad dat wel of niet moet doen. Hijzelf wil het zoeken in eeuwigdurende middenhuur, maar dat is niet zijn portefeuille. Het gaat overigens over de nieuwe voorraad, die klein is vergeleken met de oude. Zonder opkoopbescherming is de grote voorraad niet gedekt. Hij antwoordt mevrouw Rooderkerk dat als ingangsdatum niet ‘juli’ is gezegd, maar ‘zo spoedig mogelijk’. Er zijn wel uitvoeringsproblemen, want deze taak komt bovenop heel veel andere taken. Het kettingbeding is in onderzoek voor nieuwbouw. Ook daarbij is het probleem de handhaafbaarheid. Hij antwoordt de heer Havelaar dat hij verslag zal doen aan de raad van wat de G5-gemeenten elders gaan doen, wanneer de definitieve voorstellen worden ingediend. Hij houdt zich aan de minimale termijnen van de inspraakverordening. Dat lijkt hem voldoende. De overdrachtsbelasting en de effecten daarvan zijn niet meegenomen in de meting. Dat lijkt hem ook niet nuttig.
Hij verwacht daarvan lang niet het effect dat nodig is. Om vertraging te voorkomen wordt daar geen onderzoek naar gedaan. Hij antwoordt mevrouw Van Soest dat binnenkort de WiA-rapportage weer uitkomt. Daarin staat precies hoeveel sociale huurwoningen er zijn. Er bestaat een Autoriteit woningcorporaties waar allerlei gegevens gemeld moeten worden, ook de woningbouwvoorraden. Hij vertrouwt er zelf op dat de opgave waarheidsgetrouw is. Wat betreft het verkameren en splitsen van woningen is het aan het volgende stadsbestuur om eventueel verscherpingen aan te brengen in de algemene regel. In deze bestuurstermijn wordt daarvoor geen actie ondernomen. Tweede termijn De heer MANGAL vraagt nog te antwoorden op zijn verzoek om de 512.000 euro op te trekken naar bijvoorbeeld twee keer modaal. Verder heeft de ChristenUnie geen antwoord gekregen op haar vraag waarom geen hoger percentage meegenomen wordt als bescherming. Met de prijsstijgingen van nu zul je heel snel woningen verliezen die uiteindelijk boven de 512.000 euro uitkomen, die eerder wel onder de bescherming zouden vallen. Blijft die bescherming dan bestaan voor die woningen, ook als ze een hogere WOZ-waarde krijgen? In dat geval is 512.000 euro voldoende, en anders zou het
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 24 november 2021
WB
bedrag nog verder opgetrokken moeten worden. Is de wethouder het met hem eens dat die woningen voor speculanten minder interessant worden om mee te spelen als ook duurdere woningen onder de bescherming vallen? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat hij niet vast zit aan de 512.000 euro, maar het moet wel onderbouwd worden. Het bedrag moet door de raad elk jaar bij een herziening van de huisvestingsverordening aangepast worden, als de markt daartoe aanleiding geeft. Het bedrag is niet nog hoger, omdat een onderbouwing nodig is. Anders gaat het onderuit bij de rechter. Mevrouw ROODERKERK vraagt de wethouder om iets uitgebreider aan te geven wanneer hij verwacht dat de opkoopbescherming ingevoerd wordt. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat het de bedoeling is dat de verordening wordt aangeboden voor de raad in februari. De daadwerkelijke invoeringsdatum zal enige tijd daarna zijn. Hij kan geen datum noemen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. Zij sluit de vergadering om 11.50 uur.
15