CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag WB 19-05-2021

Raadscommissie Wonen en Bouwen 9 juni 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie WB d.d. 19 mei 202115.583 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

betreft de grootste winst te behalen, want daar het gaat het in de toekomst van een keer per maand naar een keer per week. Hij komt kort na de zomer met een stand van zaken bij het inzamelen van grofvuil. Hij antwoordt de heer Mangal dat het pasje heel gemakkelijk verkrijgbaar is. Je gaat bij het stadsdeelloket langs en het is geregeld. Als de bakken met pasjes eerder verwijderd moeten worden, zal dat extra kosten met zich meebrengen die doorvertaald worden in de afvalstoffenheffing. Dat vindt hij moeilijk te verantwoorden, want het pasjessysteem werkt op zich goed. De heer MANGAL vraagt wat iemand moet doen met een zak als je het pasje vergeten bent. Misschien hoeven niet alle pasjesbakken direct vervangen te worden, maar kan men een extra ronde inlassen voor het ophalen van bijgeplaatst vuilnis. Wethouder IVENS antwoordt dat hij niet weet of er in Noord meer bijplaatsingen zijn dan elders in de stad. Waar meer bijplaatsingen zijn, worden extra rondes gereden. Na afschaffing van het pasjessysteem in Noord zou het kunnen zijn dat er minder rondes nodig zijn. Hijzelf heeft een pasje in zijn portemonnee en een pasje thuis. Je haalt dus je pasje op en gaat opnieuw naar de container. Mevrouw ROODERKERK merkt op dat Amsterdammers al fors betalen voor de afvalstoffenheffing. Daarvoor mogen zij dan ook een schone stad verwachten.

Zij vraagt wat de wethouder gaat doen om het aantal meldingen over afval te verlagen. Wethouder IVENS is het eens dat mensen voor het betalen van een afvalstoffenheffing mogen verwachten dat er efficiënt gewerkt wordt. Daarom probeert men met het afvaloffensief samen met de Amsterdammers iets te doen. De uitdaging is de stad schoner te krijgen zonder de rekening verder op te laten lopen. En dat is mogelijk. De preventieve kant is onderdeel van het afvaloffensief. Hij wil de meldingen goed blijven afhandelen, maar minder meldingen bereiken door een schone straat. De heer LEENDERS vraagt wanneer men in Noord begint met het wekelijks ophalen van grofvuil. Wethouder IVENS antwoordt dat dit in de brief komt te staan die hij na de zomer aan de commissie stuurt. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Zij schorst de vergadering enkele minuten. Ontwikkelbuurten 5. Raadsrapportage Ontwikkelbuurten 2020 (ZD2021-004509) De heer LEENDERS ziet in deze rapportage vooral wat er goed is gegaan. Je ziet maar weinig terug over projecten die niet zijn uitgevoerd, of die niet tot het gewenste resultaat hebben geleid. De vraag is hoe de uitkomsten zich verhouden tot de plannen en doelen die voor dit jaar waren gesteld. Deze buurten hebben investeringen nodig. Evenmin vind je in deze rapportage veel terug over armoedebestrijding en onderwijs.

Hoe komt dat? Zijn fractie is vooral benieuwd naar concrete verbeterstappen. In Molenwijk hebben mensen bijvoorbeeld aangegeven meer mogelijkheden te willen voor buiten sporten. Hoe gaat het daarmee? 41% van de woningen in de Molenwijk heeft nog steeds label D. Wat zijn de concrete plannen voor verduurzaming? In de uitwerking van de isolatiemonitor zou voorrang worden gegeven aan de ontwikkelbuurten, maar daarover is niets te vinden. Mevrouw VAN PIJPEN werd blij van alles wat er volgens de rapportage al blijkt te gebeuren in ontwikkelbuurten, maar zij mist wel wat duiding. Hoe kijkt het college tegen

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

deze ontwikkeling aan? Zij sluit zich wat dat betreft aan bij dingen die de heer Leenders daarover zei. Zij is in het algemeen positief over deze rapportage, maar zou wat meer zicht willen krijgen op de punten van kritiek die naar voren zijn gebracht, ook door insprekers. Minder positief is zij over de verduurzaming. De cijfers geven wat dat betreft geen aanleiding tot blijdschap. Hoe kan de voortgang op dat punt versneld worden? Ten slotte vraagt zij of er iets mogelijk is om via de samenwerking met de corporaties de zaken nog te versnellen. De heer VAN DEN HEUVEL vestigt de aandacht op de financiën. Het gaat er uiteindelijk om hoe het geld over de verschillende doelen verdeeld wordt. Er staat dat veel financiën richting werk verschoven worden. Dat is een keuze. Maar wat zegt dat over alle andere prioriteiten? Er staat dat per buurt de opgave en de belangrijkste prioriteiten in beeld zijn gebracht. Dat zou maken dat de beschikbare middelen in 2021 doelgericht kunnen worden uitgegeven.

Maar wat is ‘doelgericht’? Weten buurten daarmee waar ze aan toe zijn? Betekent dit dat alle beschreven prioriteiten per buurt in 2021 doelgericht aangepakt worden? Wanneer weer je dat zo’n plan per wijk daadwerkelijk is uitgevoerd? En hoe verhoudt zich dat tot de beschikbare financiële middelen? De heer VELDHUYZEN vindt het positief dat er aandacht wordt besteed aan ontwikkelbuurten, maar het gaat wel om de manier waarop dat gebeurt. Er wordt nu massaal geïnvesteerd in de ontwikkelbuurten. Ze worden ‘opgewaardeerd’, of, nog beledigender, ‘leefbaar gemaakt’. Dat suggereert dat er ontwikkelingshulp nodig is. Vanaf de overkant van het IJ wordt de beschaving gebracht. Plannen om buurten die zijn achtergesteld door de overheid weer de aandacht te geven die ze verdienen, zouden niet mogen leiden tot het wegjagen van de oorspronkelijke bewoners. En dat is nu juist wat er op dit moment gebeurt. Zijn fractie stemt sinds zijn aantreden als fractievoorzitter consequent tegen ieder bestemmingsplan waarin minder dan 50% sociale huur staat opgenomen. Op diezelfde manier pleit hij in het kader van ontwikkelbuurten voor het behoud van het aantal sociale huurwoningen, in het bijzonder grote gezinswoningen, zodat mensen met weinig geld niet hun wijk worden uitgejaagd. Zijn fractie komt waarschijnlijk met een motie over dit onderwerp. Hij verzoekt het punt daarom op de raadsagenda te plaatsen.

Een van zijn eerste moties had betrekking op het structureel financieren van de zelforganisaties van bewoners in ontwikkelbuurten, waarbij de betreffende middelen ook aan organisatiekosten zouden moeten kunnen worden besteed. De bewoners zelf zouden voorop moeten staan bij het vormgeven van hun leefomgeving of het bestrijden van problemen in de buurt. Tot nu toe laten concrete plannen van het college op zich wachten, terwijl zijn motie inmiddels al een halfjaar geleden is weggestemd. Mogelijk dient zijn fractie opnieuw een motie in bij bespreking van het onderwerp in de raad. Financiering alleen is niet voldoende. Er moet ruimte worden gemaakt voor daadwerkelijke zeggenschap van de bewoners. Wethouder IVENS merkt op dat hij aan de gang is gegaan met de ontwikkelbuurten in een tijd dat buurtgericht bezig zijn steeds minder in zwang kwam. De rijksprogramma’s waren gestopt. Hij antwoordt de heer Leenders dat hij met enige trots presenteert wat er gedaan is. Het gaat hier inderdaad om wat gedaan is, niet om wat niet gedaan is. Het zijn nog steeds ontwikkelbuurten, en dat is beschamend voor een rijke stad als Amsterdam. Toen hij aantrad als wethouder liep de focusaanpak van de gemeente af. Daarmee werd meer gerapporteerd dan dat er feitelijk dingen gedaan werden. Hij wil niet terug naar die tijd. De mensen zelf weten het beste wat er nodig is in hun buurt.

Hij wil vragen wat nodig is, en die maatregelen proberen te nemen. Deels gebeurt dat met incidenteel geld, maar het grootste deel van ontwikkelbuurten zit in de structurele aanpak van de gemeente, met de verkenning van kansen. Daarmee loopt deze aanpak van de ontwikkelbuurten ook nog door na deze collegeperiode. Er gebeurt wel degelijk veel wat betreft armoedebestrijding en onderwijs. Om te zorgen dat de sociale component beter in de ontwikkelbuurtaanpak zit, werkt hij op dit punt sinds twee jaar samen met wethouder

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

Kukenheim. Het is jammer dat dit nog onvoldoende zichtbaar is in de rapportage. Hij zal daar meer op letten bij de volgende rapportage. Aan stadsdelen is gevraagd om per buurt aan te geven wat voor belangrijks gedaan is. Hij zal volgende keer aan de stadsdelen ook vragen wat de volgende stap moet zijn. Hij vindt dat een goede suggestie van de heer Leenders. Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen dat nooit genoeg aandacht besteed kan worden aan verduurzaming. Er worden echter wel degelijk goede verbeteringen tot stand gebracht wat betreft woonkwaliteit en verduurzaming, bijvoorbeeld in de Molenwijk, Reigersbos of de Dobbebuurt. Daar is hij trots op. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt hoe je ervoor zorgt dat de doelstellingen ook werkelijk bereikt worden. Afgaande op deze rapportage heeft zij daar niet echt een goed gevoel bij. Wethouder IVENS antwoordt dat de kansen verkend zijn. Daarna worden die kansen opgepakt en verder uitgewerkt. Hij heeft drie wijken genoemd waar men inmiddels in de realisatiefase zit. Hij is er trots op dat een van belangrijke pijlers voor ontwikkelbuurten de verduurzaming is. Er wordt dus niet alleen naar de korte termijn gekeken. Mevrouw VAN PIJPEN is blij dat die doelstelling bestaat. Maar is de wethouder het maar haar eens dat de stappen klein zijn? Zijn er mogelijkheden om het te versnellen? Wethouder IVENS is het niet eens dat de stappen klein zijn.

In sommige buurten worden substantiële stappen gemaakt. In andere buurten zijn substantiële afspraken gemaakt. Ook hij wil graag de corporaties aansporen om mee te doen. Hij blijft ze aanspreken om het tempo erin te houden. De gemaakte afspraken moeten nagekomen worden. Toch zit er vaak enige tijd tussen het moment dat een afspraak gemaakt wordt, en de uitvoering. Mevrouw VAN SOEST valt mevrouw Van Pijpen bij. Zij vraagt waar men concreet aan de slag wil gaan. Wat wordt precies uitgevoerd? Is er een plan van aanpak voor de buurten? Wethouder IVENS antwoordt dat er een structureel budget is voor de aanpak van ontwikkelbuurten. Er ligt niet één plan, maar misschien wel 30 plannen van aanpak voor deze 32 buurten. Dat is in het kader van de verkenning van kansen. Ook als er straks een andere wethouder zit, blijft dit doorlopen. Hij is het wel met mevrouw Van Pijpen eens dat het zaak is er druk op te houden om tempo te maken bij het realiseren van de afspraken. Het viel ook hem op dat het incidentele geld niet helemaal belegd was. Bij de vorige begroting is gezegd dat het college dat geld ook echt wil inzetten, zodat mensen echt aan het werk gaan. In de stadsdelen is dat budget nu verdeeld over projecten die door de stadsdelen worden aangedragen. Er zal dit jaar dus heel veel geld uitgegeven worden aan initiatieven. Hij antwoordt de heer Veldhuyzen dat hij er graag samen uitkomt.

Lukt dat niet, dan kunnen altijd nog moties ingediend worden. Het behoud van de sociale huur is een van de belangrijkste componenten voor de ontwikkelbuurten, en met name bij sloopnieuwbouw. In het verleden kwam er bij sloopnieuwbouw altijd minder sociale huur terug. Om gentrificatie tegen te gaan in ontwikkelbuurten wil hij bij sloopnieuwbouw minstens evenveel sociale huurwoningen terug bouwen als dat er gesloopt worden. Dat is een uitgangspunt waaraan hij gehouden kan worden. De heer VELDHUYZEN heeft geen twijfels over de intenties van de wethouder. Maar toch zie je in bestemmingsplannen voor de verschillende wijken minder sociale huurwoningen terugkomen. Hoe kan dat gerijmd worden met de intenties van de wethouder? Wethouder IVENS antwoordt dat in bestemmingsplannen vaak percentages

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

staan. Het kan wel gebeuren dat uit de participatie naar voren komt dat de bewoners wat minder sociale huurwoningen willen, maar het aantal sociale huurwoningen gaat in de regel niet omlaag. Alleen het percentage kan veranderen. De heer HAVELAAR schetst de situatie waarbij in de bestaande bouw meer dan 40% sociale huur aanwezig is. De wethouder wil in zo’n situatie bij sloopnieuwbouw geen 40-40-20, maar meer sociale huur. Ten koste waarvan gaat dat dan? Wethouder IVENS antwoordt dat dit ten koste van de andere 40 of de 20% kan gaan. Het kan ook door nog verder te verdichten. Hij praat over aantallen, niet over percentages. Hij neemt de stem van de buurtbewoners overigens zeer serieus bij de beslissing over het aantal sociale huurwoningen. Tot nu toe heeft men in alle wijken het aantal sociale huurwoningen weten te behouden, terwijl er vaak ook nog veel middenhuur bijgebouwd wordt. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. Het wordt op voorstel van de heer Veldhuyzen geagendeerd voor de raadsvergadering van 16 juni. Bouwen en Wonen 6.

Kennisnemen van de voortgangsrapportage Programma Woningkwaliteit: Voortgangsrapportage 2020 en vooruitblik 2021 (ZD2021-004400) De heer VAN DEN HEUVEL leest dat met het vaststellen van de begroting een aantal structurele prioriteiten incidenteel is gemaakt, waarmee de financiële dekking van het Programma Woningkwaliteit vanaf 2023 niet langer gegarandeerd is. Dat is het meest pijnlijke punt uit deze rapportage. Dit programma is vooral een beschrijving van een wettelijke taak van de gemeente, namelijk het toezien en handhaven op de kwaliteit van woningen. Daarnaast zet de gemeente zich natuurlijk in op de verbetering van woningkwaliteit, maar dan zijn het de corporaties die het uiteindelijk moeten doen. Hij vraagt waarom men ervoor gekozen heeft de financiering incidenteel te maken. Ook anderhalf jaar geleden is gesproken over de woningkwaliteit. Men kwam toen uit op een soort kwaliteitskaart met inzicht waar de woningkwaliteit in de stad slecht was, maar het bleek heel ingewikkeld om dat vorm te geven. Raadsbreed werd er toen wel een motie van zijn fractie aangenomen waarin stond dat er een soort meetlat gevormd zou worden in het kwaliteitsoverleg. Er werd geconstateerd dat de wettelijke meetlat, of een opsomming van wettelijke eisen, niet echt voldeed.

Maar ook werd gezegd dat dit bij de voortgangsrapportage woningkwaliteit of bij de samenwerkingsafspraken opnieuw aan de orde zou komen. Er zou een update komen, maar die mist hij in dit programma. Hoe staat het daarmee? Is er inzicht in de basiskwaliteit van woningen en zorgt dat voor meer grip voor de bewoners zelf en de raad? Er zou 10 miljoen euro van de isolatiemonitor worden ingezet voor de wijken waarvoor dat het hardst nodig was. Hij vraagt hoe het staat met de uitvoering, want hij heeft veel suggesties die hij wil doen. De heer LEENDERS sluit zich aan bij de vraag van de heer Van den Heuvel over het incidenteel maken van de middelen. Verder wil zijn fractie weten wat de wethouder gaat doen met de woningen die in matige of slechte staat verkeren. De wethouder heeft het in dat verband over een actief informatietraject richting eigenaar na de herscan. Maar op die manier bevestig je wat al bekend is. Wat gaat de wethouder actief doen aan deze 7500 woningen? Mevrouw VAN PIJPEN is blij dat de gemeente actief optreedt bij het leegstandsbeheer en loden leidingen. De inspreker had het over slechte kwaliteit van woningen bij woningtoewijzing, en hoe zich dat verhoudt over gemaakte afspraken over de woningtoewijzing. Kunnen mensen rechten ontlenen aan een specifieke categorie

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

woningen van slechte kwaliteit? De heer HAVELAAR vraagt of de gemeente even actief monitort bij corporatiewoningen als bij particuliere woningen. Verder zijn er bij de prestatieafspraken met de woningbouwcorporaties vijf afspraken gemaakt over kwaliteit: het overleg, het inzichtelijk maken van de kwaliteit van woningen, het prioriteren van onderhoud, het vernieuwen van afspraken en ten slotte een plan van aanpak voor gemengde VvE’s. Deze rapportage blikt echter alleen terug naar de eerste afspraak, het prestatieoverleg. Hoe staat het met de naleving van de andere afspraken? Tot welke resultaten en kwaliteitsverbetering heeft dat geleid? Verder wil hij weten of er versnellingskansen zijn om met het investeren in woningkwaliteit meer CO2-uitstoot te reduceren. Kan de wethouder daarvan een inventarisatie geven? Wethouder IVENS merkt op dat een aantal van de gestelde vragen terugkomt bij de behandeling van de renovatiemotor, die valt onder wethouder Van Doorninck. Dat geldt ook voor de laatste vraag van de heer Havelaar. Hij antwoordt de heer Havelaar verder dat corporaties en particulieren niet verschillend behandeld worden. De woningkwaliteit van alle woningen moet in orde zijn. Er wordt gerapporteerd over de stand van zaken bij het kwaliteitsoverleg. Over de meetlat wordt gerapporteerd bij de samenwerkingsafspraken.

Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen dat bij toewijzing de kwaliteit van woningen niet onder de wettelijke norm uit mag komen. Wel worden woningen vaak bloksgewijs opgeknapt, en dan is het niet de bedoeling dat de woningen eindeloos lang leeg blijven staan. Als de woning voor korte tijd leegstaat, zal leegstandsbeheer plaatsvinden. Als het langer gaat duren, zal er vaak nog een verhuring plaatsvinden. Dan is het goed dat de corporatie daarop wijst, zodat de huurders weten waar ze qua kwaliteit aan toe zijn. De 7500 woningen die in kaart zijn gebracht gaan het Wabo-traject in, wat betekent dat de handhavers zich ermee bezig gaan houden. Het blijft dus niet alleen bij een constatering. Hij antwoordt de heer Van den Heuvel dat er geen problemen zijn met de wettelijke taken. Hij is begonnen met het Programma Woningkwaliteit, waarbij toen gezocht is naar incidenteel geld. Het doel was ook iets bovenwettelijks tot stand te brengen. Aan het begin van dit college is besloten om het structureel te gaan maken, maar door de financiële nood moest noodgedwongen teruggegaan worden naar incidentele dekking. Je moet er daarom rekening mee houden dat het kan stoppen. Hopelijk komen mogelijkheden in beeld om het programma toch door te zetten. Het is een belangrijk onderwerp, ook na dit jaar.

De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is en wordt geagendeerd voor de raad van 16 juni. 7. Afhandeling motie 1401: Bouw ouderenwoningen naar voren halen (ZD2021002966) Mevrouw VAN SOEST memoreert het initiatiefvoorstel van haar fractie, drie jaar geleden, over kleinschalige verzorgingshuizen in de wijk. De coalitie is met iets anders gekomen, dat nu behandeld wordt. Zij wijst erop dat haar eigen initiatiefvoorstel indertijd raadsbreed is aangenomen, zonder dat zij er daarna nog iets over gehoord heeft. Wanneer nodigt de wethouder haar uit om de eerste paal te komen slaan voor de ouderen? Wethouder IVENS wijst erop dat na het initiatiefvoorstel van mevrouw Van Soest nog een motie is aangenomen. Die moet hij uitvoeren. Dat is de reden dat hij het nu niet heeft over het initiatiefvoorstel van mevrouw Van Soest. Dat werd aangenomen op 10 oktober 2019. Daarna werd op 1 juli 2020 een intentieverklaring zelfstandig geclusterd wonen voor ouderen ondertekend. Dat was gevolg van het initiatiefvoorstel van mevrouw

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

Van Soest. Morgen zal hij in Het Nieuwe Schouw, waar een aantal geclusterde ouderenwoningen zijn, de eerste bewoners verwelkomen. Er wordt dus al gewerkt aan de uitvoering van het initiatiefvoorstel van mevrouw van Soest, en dat gecombineerd met de intentieovereenkomst. Mevrouw VAN SOEST herinnert eraan dat haar fractie heeft gepleit voor kleinschalige verzorgingshuizen in de wijken. Heeft de wethouder daar ook nog initiatieven voor? Graag komt zij de eerste paal slaan. Wethouder IVENS antwoordt dat hij geen initiatief heeft voor een verzorgingshuis. Hij is bezig met geclusterde woningen voor ouderen. Verzorgingshuizen vallen onder de wethouder Zorg. De behoeftes worden samen met zorgloketten in kaart gebracht. Hij ziet dat die met name zitten in het zelfstandig wonen in een geclusterde vorm, met elkaar, en soms ook met een gezamenlijk zorgcontract. De initiatiefnemers achter die geclusterde woningen proberen er vaak ook een zorgcomponent aan toe te voegen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. 8. Bestuurlijke reactie op motie 1507 van het lid De Jong van GroenLinks en motie 1513 van het lid Hammelburg van D66 en terugkoppeling ‘veiligheidscheck studentencomplexen’ (ZD2021-003135) Mevrouw ROODERKERK vindt de onveiligheid van studentencomplexen een urgent probleem waarmee men voortvarend aan de slag moet gaan.

Zij is blij te lezen dat verschillende complexen verbeterd zijn en dat men nog verder kijkt bij de andere complexen. Er wordt verder gekeken bij de andere complexen en de raad wordt daarvan op de hoogte gehouden. Uit onderzoek is gebleken dat de mutatiegraad van deze woningen 30-35% per jaar is. Studenten plegen er snel weer te vertrekken. Zij vraagt of dat te maken kan hebben met de onveiligheid. In de brief schrijft de wethouder dat die onveiligheid ook samenhangt met onveiligheid in de buurt. Hij overweegt dan ook aanpassingen in de omgeving om de veiligheid te vergroten. Dat is belangrijk. Haar fractie blijft dit volgen. Mevrouw VAN RENSSEN las in de brief dat verschillende mogelijke voorzieningen uitgewerkt zijn. Samen met betrokken partijen wordt gekeken naar de haalbaarheid en de prioritering. Zij vraagt wat het precies voor maatschappelijke voorzieningen gaan worden. In het tweede deel van de motie wordt gevraagd om de uitkomsten van het onderzoek mee te nemen in toekomstige plannen voor studentencomplexen. Zo kan men zorgen voor goede maatschappelijke voorzieningen in alles wat nog gebouwd wordt. Dat is nodig om de veiligheid van studentencomplexen te verbeteren. Zij vraagt wat gedaan wordt met de uitkomsten van dit onderzoek voor toekomstige plannen. De motie is nog niet volledig afgedaan, omdat er nog geen informatie gegeven is over het tweede deel van de motie.

Wethouder IVENS antwoordt mevrouw Rooderkerk dat hij niet zo schrikt van de mutatiegraad van 30%. Het gaat namelijk echt over de grote studentencomplexen. Hij hoort vaak dat studenten verder in hun studie graag dichter bij het centrum willen wonen, en liefst in wat kleinere units. Hij heeft geen signalen opgevangen dat de mutatiegraad te maken zou hebben met de onveiligheid. Het lijkt meer te maken te hebben met de locatie. Hij antwoordt mevrouw Van Renssen dat hij inderdaad nog geen voorstellen heeft voor maatschappelijke voorzieningen. Hij erkent dat die een relevant onderdeel zijn. Later zal hij daarover nog rapporteren. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. 9.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

Informatiebrief Erkende studentenwoningen (ZD2021-004708) Bij afwezigheid van de VVD-fractie wordt dit punt gehamerd. 10. Rapportage toeristische verhuur van woningen 2020 (ZD2021-002797) De heer HAVELAAR vraagt of de wethouder, met alle ontwikkelde maatregelen en instrumenten, vertrouwen heeft in het terugdringen van de overlast door toeristische verhuur. De Rekenkamer stelde dat de gemeente te weinig doet wanneer een burger overlast meldt. Heeft dit rapport inmiddels geleid tot een nieuwe werkinstructie voor de handhavers? Gaan die straks echt handhaven als een burger overlast meldt? De heer VELDHUYZEN vraagt uit te leggen hoe misbruik van B&B’s zoals verkapte vakantieverhuur op dit moment gecontroleerd wordt. Wethouder IVENS antwoordt de heer Veldhuyzen dat hij geen voorbeelden kent van dergelijk misbruik. Als er meldingen over komen zal hij er zeker mee aan de gang gaan. Het is inderdaad niet toegestaan in een B&B aan vakantieverhuur te doen. De heer VELDHUYZEN heeft geen concrete voorbeelden van dat soort misbruik, maar het lijkt wel iets wat zou kunnen gebeuren. Daarom vraagt hij zich af of er controle wordt uitgeoefend. Wethouder IVENS antwoordt dat er sinds de vergunningen ingevoerd zijn er nog maar weinig ervaring opgedaan is, vanwege corona. Het is zeker iets om in de gaten te houden. Hij zal de digitale rechercheurs vragen om ernaar te kijken.

Hij antwoordt de heer Havelaar dat hij niets te melden heeft over de handhaving op overlast, wat iets is waarmee de burgemeester zich bezighoudt. De heer HAVELAAR merkt op dat de Rekenkamer een rapport heeft geschreven. Iemand doet melding van overlast door toeristische verhuur. Een handhaver van de gemeente, schrijft de Rekenkamer, gaat eropaf en controleert op brandveiligheid, in plaats van iets te doen aan de overlast. Daarover is toen flink gediscussieerd. En nu zegt de wethouder, drie kwart jaar later, dat hij er nog niets aan gedaan heeft? Wethouder IVENS antwoordt dat hij er nog geen actuele stand van zaken van heeft. Verder antwoordt hij de heer Havelaar dat hij voor dit jaar niet kan voorzien wat er gaat gebeuren met het toerisme. Er is een aantal nieuwe maatregelen, zoals de vergunning voor B&B. De meldplicht is afgeschaft en opnieuw ingevoerd. Er is nu een registratienummer. Er werden verbodswijken ingesteld, die nu niet meer van kracht zijn. Vorig jaar is er door corona qua handhaving weinig gebeurd. Hij is benieuwd hoe dit jaar er verder uit gaat zien, ook gezien uitspraken van rechters. Er zijn slagen gemaakt met het digitaal rechercheren. De handhavers zijn er klaar voor en overtredingen zullen aangepakt worden. Maar gerust is hij er niet op, gezien alle onzekerheid. De heer HAVELAAR verzoekt dit onderwerp te agenderen voor de raadsvergadering van 16 juni.

De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende behandeld is. Het wordt geagendeerd voor de raad van 16 juni. 11. Raadsbrief resultaten handhaving woonfraude en incasso 2020 (ZD2021-002782) De heer LEENDERS vindt het erg belangrijk dat opgelegde boetes ook daadwerkelijk geïnd worden, omdat ze anders geen effect hebben. Het bedrag aan niet-

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

geïnde boetes is inmiddels opgelopen tot 10 miljoen euro. Wat gaat de wethouder daaraan doen in 2021? Vorig jaar verwees de wethouder daarvoor naar de wethouder Financiën, die verantwoordelijk is voor incasso en belastingen. Wat is de stand van zaken? De heer HAVELAAR is bezorgd over de incasseerbaarheid van openstaande boetes. Slechts de helft van de boetes die uitgeschreven zijn in de periode 2018-2020 is betaald. Een deel moest kwijtgescholden worden na uitspraken van de Raad van State. Is de wethouder het met hem eens dat een betrouwbare en rechtvaardige overheid ervoor zorgt dat boetes standhouden voor de rechter en betaald worden door de burger? Wat gaat hij doen om dat te realiseren? Er is inspraak geweest van woonbooteigenaren over de boetes. Hoe passen die in het verhaal? Het is goed dat het digitaal rechercheren uitgebreid wordt. Zijn fractie vindt het cruciaal dat daarbij altijd een mens mee blijft kijken. Er moet voldoende interne kritiek georganiseerd worden om situaties zoals bij de kinderopvangtoeslag te voorkomen. Hoe vult de wethouder dat in? Er blijkt nog altijd sprake te zijn van veel woonfraude.

Maar wat is veel? Zie je in deze rapportage het topje van de ijsberg? Waarom noemt de wethouder het ‘veel’ woonfraude? Wanneer zou hij het ‘gemiddeld’ of ‘relatief weinig’ noemen? Mevrouw ROODERKERK vindt het belangrijk voortvarend aan de slag te gaan met de bestrijding van woonfraude. Ook benadrukt zij met de heer Havelaar het belang van een betrouwbare overheid, met een menselijk gezicht. Zij is benieuwd naar het reactie van de wethouder op de bijdrage van de woonbootbewoners. Zij heeft vaker gehoord over boetes tot wel 20.000 euro voor bewoners, terwijl de gemaakte fout onbedoeld was. De boete moet wel in verhouding blijven tot het vergrijp en de communicatie van de gemeente moet duidelijk zijn. De heer VELDHUYZEN vraagt een toelichting op het digitaal rechercheren. Hoe voorkomt men dat op die manier etnisch wordt geprofileerd? Ook is hij benieuwd hoe het zit met de leegstand. Hoe kan het dat in 2020 bijna 2000 leegstandsonderzoeken zijn gedaan, maar zonder dat er leegstandsbeschikkingen of sancties zijn opgelegd. Hij stelt voor om dit onderwerp in de raad te bespreken. Leegstand vindt hij crimineel. Het is belangrijk daaraan in de raad extra aandacht te besteden. Wethouder IVENS merkt op dat hij de inspraakreactie van de woonbooteigenaren nog moet bestuderen. Hij antwoordt de heer Veldhuyzen dat er gelukkig een leegstandsverbod bestaat in de gemeente.

Maar de Leegstandswet is een gedrocht. Na het constateren van leegstand moet men de betrokkenen de kans geven om de leegstand alsnog te melden. Meestal zal dat dan gebeuren, en mag de leegstand doorgaan. Duurt de leegstand te lang, dan kan opgetreden worden, maar dat moet ook nog leiden tot een verplichtende voordracht van iemand. Dat is totaal onwerkbaar. De gemeente begint vaak met het aanpakken van leegstand en dat leidt er ook vaak toe dat er een eind komt aan de leegstand. De wet maakt het echter heel moeilijk om sancties uit te delen. Hij is binnen de VNG bezig om dit onderwerp op de agenda te zetten. Veel gemeenten beginnen niet eens aan een leegstandsverordening, omdat dit wettelijk instrumentarium zo gebrekkig is. De heer VELDHUYZEN vraagt welke mogelijkheden de wethouder ziet om de leegstand aan te pakken, ondanks die wet. Wethouder IVENS antwoordt dat bekeken wordt of men gebruik kan maken van de Crisis en herstelwet. Verder vindt hij het belangrijker om de leegstand aan te pakken dan boetes uit te schrijven. De 1960 meldingen hebben er meestal wel toe geleid dat er iets gedaan is aan de situatie. In de meeste gevallen maken de eigenaren na ontvangst van de gemeentelijke brief een eind aan de leegstand. Hij roept op leegstand te melden. Hij antwoordt de heer Havelaar dat er altijd een mens meekijkt bij het digitaal

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

rechercheren, dat bedoeld is als instrument om mensen het juiste pad op te sturen. De meeste vormen van woonfraude moeten feitelijk geconstateerd worden. De casus wordt opgebouwd door mensen, en mensen schrijven de boetes uit. Hij antwoordt de heer Veldhuyzen dat men bij het digitaal rechercheren nooit gebruikmaakt van etnische kenmerken. Dat wordt gecontroleerd door de Autoriteit Persoonsgegevens. Hij antwoordt de heer Leenders dat er te veel boetes openstaan. De toename van het aantal openstaande boetes is gedaald van 7 miljoen vorig jaar naar 7 ton nu, wat een verbetering is. Maar het aantal moet inderdaad afnemen. De heer LEENDERS vraagt dit onderwerp verder te bespreken in de raadsvergadering. Hij wil graag weten hoe effectief de administratieve boetes zijn als ze vaak ongeïnd blijven. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is. Het wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 16 juni. 12. Raadsbrief goed verhuurderschap (ZD2021-000899) Mevrouw VAN RENSSEN merkt op dat hierbij ook de woonplicht voor de bestaande bouw wordt besproken. Haar fractie wil die zo spoedig mogelijk invoeren, want de huizenmarkt blijft onder druk staan. In de Tweede Kamer is een amendement aangenomen met dezelfde strekking, maar dan ziet het er meer uit als een opkoopbescherming van bepaalde woningen.

De opkoopbescherming kan alleen voor aangewezen gebieden in de huisvestingsverordening. Zij vraagt hoe het staat met de voorbereidingen voor het aanwijzen van die gebieden. Zij vraagt ook een voorstel aan de raad te sturen over die aan te wijzen gebieden. Wanneer mag dat verwacht worden? Verder vraagt zij hoe men ervoor kan zorgen dat de woonplicht ingevoerd wordt voor woningen die niet onder schaarse, goedkope, en middeldure huurwoningen vallen. In Amsterdam zijn alle woningen schaars. Ook wil zij graag een woonplicht voor bestaande bouw. Welke mogelijkheden ziet het college daartoe? Het is goed nieuws dat er een verhuurvergunning komt, hoewel het daarbij wachten is op Den Haag. Er moeten eisen kunnen worden gesteld aan verhuurders; malafide verhuurders moeten van de woningmarkt kunnen worden geweerd. Wanneer komt dat wetsvoorstel? Wordt Amsterdam daarmee voldoende geholpen? Kan Amsterdam, mogelijk met de G4 en andere steden, het belang van het reguleren van de schaarse woningmarkt via een woonplicht en goed verhuurderschap nog een keer onder de aandacht brengen bij de formatie? De heer LEENDERS sluit zich aan bij de laatste oproep van mevrouw Van Renssen. Het is fantastisch nieuws dat de gemeente in samenwerking met !WOON de loden leidingen gaat opsporen, maar die loden leidingen moeten daarna ook vervangen worden.

Hij stelt voor om die leidingen nadat ze gevonden zijn direct te verwijderen, voor rekening van de eigenaar. Misschien kan het instrument ‘beheerovername’ ook hier gebruikt worden. Ook kan de gemeente kapitaal beschikbaar stellen voor het verwijderen van de loden leidingen. Dit gebeurt al zo in de VS. Mevrouw ROODERKERK merkt op dat sommige verhuurders de huurders hun woning uit pesten door niet op verzoeken in te gaan tot het aanbrengen van verbeteringen, of het inlopen van achterstallig onderhoud. Zij vraagt wat daaraan gedaan kan worden. Krijgt de wethouder of anders !WOON veel meldingen in die trant binnen? De heer VELDHUYZEN is het met mevrouw Van Renssen eens dat een woonplicht fantastisch zou zijn. Men is daar in Den Haag mee bezig via een opkoopbescherming in grote delen van de stad. Is de wethouder daarvan op de hoogte?

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 19 mei 2021

WB

Kan de woonplicht ingevoerd worden in bestaande wijken? Welke mogelijkheden heeft de gemeente op dit moment om strafmaatregelen te verbinden aan discriminatie op de woningmarkt? Wethouder IVENS antwoordt de heer Veldhuyzen dat discriminatie al strafbaar is. Als er concrete meldingen zijn, moeten die aangepakt worden. Hij antwoordt mevrouw Van Renssen dat hij niet weet wanneer het wetsvoorstel verwacht mag worden. Het lijkt niet aannemelijk dat de minister in demissionaire status de verhuurvergunning in de Kamer brengt. Samen met de G5, inclusief Eindhoven, wordt een uitnodiging gedaan aan de woordvoerders Wonen om het specifiek over de overspannen woningmarkt te hebben. De fracties in de Tweede Kamer krijgen een rol bij het maken van beleid voor de komende tijd. Hij antwoordt de heer Leenders dat het niet zomaar mogelijk is de beheerovername toe te passen voor loden leidingen. Het is een heel zwaar middel. Het is zelfs niet mogelijk zomaar de last onder dwangsom op te leggen. Er moet een termijn van zes weken geboden worden voor het herstellen van het gebrek. Mevrouw VAN RENSSEN vraagt of de gemeente al bezig is met de voorbereiding van de aangepaste huisvestingsverordening naar aanleiding van het amendement van 8 februari. Wanneer kan die verwacht worden? Wethouder IVENS antwoordt dat hij daarop terugkomt.

Hij antwoordt de heer Leenders verder dat hij voor alles openstaat wat leidt tot de snelle vervanging van de loden leidingen. Hij weet niet wat juridisch mogelijk is, maar het is natuurlijk mogelijk om middelen ter beschikking te stellen aan de eigenaren om de loden leidingen te vervangen. De raad kan daarover beslissen bij de voorjaarsnota. Hijzelf betwijfelt echter of het allemaal een kwestie van geld is. Sommige verhuurders willen het achterstallige onderhoud gewoon niet aanpakken. Hij vindt dat eigenaren verplicht moeten zijn om dat te doen. De heer LEENDERS zou blij zijn als er geld beschikbaar wordt gesteld voor de vervanging van loden leidingen. In de VS is het verwijderen van loden leidingen na een dergelijke maatregel gigantisch toegenomen. Wethouder IVENS antwoordt mevrouw Van Renssen dat hij samenwerkt met Den Haag. Met de G5 is afgesproken dat samen in kaart wordt gebracht hoe de opkoopbescherming op een goede manier ingevuld kan worden. Het blijkt wel ingewikkeld te zijn. Normaal is er een hele wetshistorie, met vragen uit de Kamer, op basis waarvan je precies weet wat je hebt. In dit geval is het in een andere wet geamendeerd. De precieze reikwijdte is in sommige gevallen behoorlijk onduidelijk. Invoering van de wet is dus ingewikkeld. Binnenkort gaat de nieuwe huisvestingsverordening 2022 de inspraak in, maar daar zit de opkoopbescherming nog niet in.

Hij antwoordt mevrouw Rooderkerk dat formeel weinig gedaan kan worden tegen eigenaren die het achterstallig onderhoud op zijn beloop laten. De verhuurvergunning kan wellicht een extra instrument zijn. De reikwijdte van de verhuurvergunning moet straks wel verder gaan dat het wettelijke deel, zoals discriminatie, achterstallig onderhoud, of een te hoge huurprijs. Inderdaad worden huurders soms uitgerookt door achterstallig onderhoud op te laten lopen, met als doel meer geld te verdienen aan de betreffende woning. Men is daar bij !WOON behoorlijk mee bezig. Als de gemeente iets kan doen, zal dat niet nagelaten worden. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Zij sluit de vergadering om 12.50 uur.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10191000/2