CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

conceptverslag WB 15-12-2021 (gewijzigd)

Raadscommissie Wonen en Bouwen 19 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie WB d.d. 15 december 202113.221 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hangen deze twee niet vaak samen? Hoe moet zij deze aanscherping zien? In de hardheidsclausule moet duidelijk gemaakt worden dat er sprake is van een levensbedreigend probleem. Maar wat verstaat het college onder een ‘levensbedreigend probleem’? De corporaties kunnen een uitzondering maken in schrijnende situaties. Wat verstaat het college daaronder? Kan daarop nog invloed uitgeoefend worden door de

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

gemeente? En wat verstaat het college onder ‘levensontwrichtende omstandigheden’? Hoe schat de wethouder in dat deze regeling uitpakt voor de groepen kwetsbaren die buiten de boot vallen? Zij verzoekt de wethouder om de adviezen van de Straatalliantie over te nemen. De heer FLENTGE wijst erop dat dit de ellende is die komt door jarenlang neoliberaal beleid. Via de gemeenten komen de nare gevolgen daarvan terecht op het bordje van de huurders, die niet meer in staat zijn om een sociale huurwoning te bemachtigen. Het is vast komen te zitten. Dit is de consequentie van het jarenlang sociale huurwoningen verkopen en vermarkten. Alle partijen in deze commissie hebben gelijk in hun kritiek, maar de vraag is wat er dan wél moet gebeuren. Hij hoorde de heer Havelaar bepleiten om meer sociale huurwoningen te verkopen, zodat er later meer bijgebouwd kunnen worden. Maar dat gaat dan wel vier of vijf jaar duren. In de komende periode wordt het probleem op die manier alleen maar erger. Hij vraagt de wethouder of alle geopperde mogelijkheden, zoals het pleidooi van GroenLinks om mensen te laten wonen in of boven winkels, maximaal zijn benut. Zit daar nog ruimte? De aanscherping lijkt een noodmaatregel die alleen wordt voorgesteld als alle andere opties bekeken zijn. De PvdA komt met een uitbreiding van het programma voor de kwetsbare groepen, wat inderdaad heel goed is.

Maar het is precies wat er in de brief staat. Het programma wordt al uitgebreid en de corporaties moeten dus meer leveren. Als nu de raad zich tegen dit plan uitspreekt, wat doen de corporaties dan? Het zou kunnen dat zij hun deel dan ook niet doen. Dan wordt het probleem alleen maar groter. Hij zou graag afzien van deze aanscherpingen. Toch bestaat dan het risico dat in januari een inspreker komt die misschien met haar kind geconfronteerd wordt met huishoudelijk geweld en op heel korte termijn een woning wil hebben. Dat lukt dan niet vanwege de twee jaar wachttijd. Je kunt kritiek hebben op deze aanscherping, maar dan moet er wel een volwaardig alternatief gezocht worden. Er moet voor de lange termijn inderdaad meer gebouwd worden, maar dat is niet een oplossing voor nu. Mevrouw VAN SOEST vraagt of de 1800 woningen die speciaal voor deze groepen gereserveerd zijn, uitgebreid moet worden, gezien het inwoneraantal van de stad. De heer FLENTGE is het daarmee eens. Niet voor niets zijn ook de voorrangsregelingen aangepast. Met de 100 rolstoelwoningen zijn er volgens hem 1900 woningen gereserveerd. Het gaat dus al omhoog. De corporaties zeggen toe nog meer woningen voor deze groep beschikbaar te stellen. Toch zijn er ook andere wachtenden. Mevrouw VAN PIJPEN is het grotendeels eens met de analyse van de heer Flentge.

De verkoop van sociale huurwoningen door de jaren heen heeft geleid tot deze ellende. Maar wat is het alternatief voor deze groep mensen, die een tijdelijke oplossing hebben gevonden en daardoor niet meer in aanmerking komen voor een urgentie? De heer FLENTGE antwoordt dat er geen kant-en-klare oplossing voorhanden is. Het is schraalhans. Mevrouw VAN PIJPEN heeft geen verwijten naar het college, noch naar de heer Flentge. Misschien zou je Den Haag het nodige kunnen verwijten. Zij vraagt wat er gebeurt met de mensen die als gevolg van deze aanscherping niet meer in aanmerking komen voor een urgentie. De heer FLENTGE is het eens dat deze aanscherping van tafel moet, maar je loopt dan wel het risico dat de corporaties ook afzien van hún deel van de deal. De heer VAN DEN HEUVEL merkt op dat de kritiek op het neoliberale beleid het huidige probleem niet op zal lossen. Hijzelf vond het PvdA-voorstel van het uitbreiden van

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

de aantallen een concrete oplossing die besproken zou moeten worden. Is het een optie dat de 1800 nog omhoog gaat? De heer FLENTGE is het daarmee helemaal eens. Hij begreep echter dat die 1800 is uitgebreid met de 100 rolstoelwoningen en dan nog extra vanuit corporaties. Misschien kan het aantal nog wat verder uitgebreid worden, maar er zal ook een grens zijn. Wethouder WEDEMEIJER merkt op dat dit een erg lastig besluit was voor het college. Met deze aanscherping is het probleem niet weg. Hiermee wordt iets weggedefinieerd. Iets wat eerst urgent was, is plotseling niet meer urgent. Hierover is het college in de brief volkomen duidelijk. Hij wil niet suggereren dat de problemen voor de mensen op deze manier opgelost kunnen worden. Hij is het eens met de heer Flentge dat dit het eindpunt is van een ontwikkeling. Gelukkig stopt de afname van het aantal huurwoningen. Er komen weer nieuwe sociale huurwoningen aan. Dit is dus een noodmaatregel die neerkomt op het verdelen van schaarste. Met 6000 toewijzingen gaat ongeveer de helft naar speciale categorieën van stadsvernieuwingsurgenten. Van die 3000 moeten er 1800 aan 3 speciale categorieën uitgedeeld worden: de sociaal-medisch urgenten, de statushouders en de mensen die uitstromen naar wonen met begeleiding. Er wordt met de rolstoelwoningen de facto nog iets meer gedaan, maar het blijft een beperkte toevoeging.

Hij antwoordt de heer Leenders dat het college afspraken kan maken in het kader van de prestatieafspraken, want die lopen nog twee jaar. De 1800 is een basisvoorwaarde en voor de rest moet iedere keer in overleg met de woningbouwverenigingen iets extra gedaan worden. En het is zoals de heer Flentge zegt: als de gemeente haar aanbod niet vermindert, voelen de woningbouwverenigingen zich minder gehouden om extra te gaan doen. Ze doen overigens redelijk wat meer dan afgesproken. Maar gezien de behoefte, is het niet genoeg. Er ontstaat vervolgens een principiële discussie. Wil je het aantal wachtende urgenten wat terugbrengen, dan lopen de wachttijden voor de gewone Amsterdammers nog verder op. De heer FLENTGE vraagt of de wethouder het met hem eens is dat de corporaties in het afgelopen jaar niet heel ruimhartig zijn geweest met het bouwen van nieuwe woningen. Zouden zij daar niet op aan te spreken zijn? Wethouder WEDEMEIJER is het eens dat er beter gebouwd had moeten worden. Voor een volgende termijn zal het opkopen van sociale huurwoningen aan de orde komen. Dat zal een gedeelte van de oplossing worden. De raad moet dat afwegen tegen andere financiële prioriteiten. Hij kan niet instemmen met het verkopen van huurwoningen, want daarmee zou het probleem alleen maar erger worden.

De heer FLENTGE vindt niet dat de gemeente al te gemakkelijk akkoord mag gaan met het verkopen van rolstoelwoningen op de begane grond, of de niet geheel overtuigende prestaties op het gebied van nieuwbouw. Wethouder WEDEMEIJER is het daarmee eens, maar tegelijkertijd wijst hij erop dat het sturingsinstrument dat hij heeft de prestatieafspraken zijn. Hij heeft gemerkt dat de corporaties daaraan sterk hechten. Woningen vorderen, of extra druk zetten op de corporaties op grond van bepalingen is echter buitengewoon lastig. Hij zal er in ieder geval bij elk gesprek met de corporaties op aandringen dat er meer woningen ter beschikking moeten worden gesteld. In 2017 waren er wat betreft sociaal-medisch urgenten 329 toekenningen. In datzelfde jaar kregen 278 mensen een woningen. Dat liep nog ongeveer gelijk op. In 2020 waren er 698 toekenningen en kregen nog maar 542 mensen een woning. De wachtlijst begon daarmee te ontstaan. Van de 698 toekenningen in 2020 zijn er 285 toegekend aan inwonende alleenstaanden. Dat is dus verreweg de grootste groep die met deze aanscherping weggedefinieerd is. Ze krijgen geen urgentie meer. De ervaring leert dat die

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

mensen in dat geval vaak blijven wonen waar ze wonen, wat dus in een nare situatie is. Dat kan in principe dakloosheid veroorzaken, als de betrokkenen de woning toch verlaten. Inwonende gezinnen kunnen overigens nog steeds urgentie krijgen als ze in aanmerking komen voor sociaal-medische urgentie. Mevrouw VAN SOEST vraagt de wethouder om alle cijfers die hij noemde op papier te zetten voor de raad. Wethouder WEDEMEIJER zegt toe dat hij ze zal opsturen als ze niet in het verslag staan. Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen dat een van de analyses was dat mensen blijven wonen waar ze al zaten, dus in een nare situatie. De gemeente bemiddelt overigens actief bij de wél-urgenten. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt of het aanbod van de corporaties aansluit bij de behoefte. Heeft de wethouder een analyse van dat aanbod? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat hij daar niet zomaar antwoord op kan geven. Maar juist om vraag en aanbod aan elkaar te matchen doet de gemeente aan actieve bemiddeling. Dat gebeurt ook omdat urgenten soms aangeboden woningen weigeren, soms om heel goede redenen. Hij antwoordt dat de heer Havelaar dat de rolstoelwoningen eruit gehaald zijn om het aantal de facto te vergroten. Het is niet mogelijk om een oplossing te zoeken in MRAverband, want de urgentie geldt voor de gemeente Amsterdam. Omliggende gemeenten hebben ook hun eigen problematiek.

Voor Weesp geldt een bijzondere regeling. Weespenaren krijgen in hun eigen gemeente het eerste jaar voorrang, wat te maken heeft met de overgang naar een andere woonregio. Hij antwoordt de heer Leenders dat het aantal urgenten vermoedelijk niet zal verminderen. Niet op korte termijn, en ook niet binnen twee jaar. Het blijft dus voor die tijd een lapmiddel om het aantal van 1800 te verhogen. Het is geen structurele oplossing. Wil je die 1800 en de 50/50 veranderen, dan moeten alle woningbouwverenigingen hun medewerking verlenen. Hij kan het in ieder geval niet opleggen. Daarover zou wel bij de nieuwe prestatieafspraken over twee jaar gesproken moeten worden. Hij is het eens met mevrouw Rooderkerk dat het onderliggende probleem het tekort aan woningen is. Hij maakt zich daarom zorgen over partijen die willen knabbelen aan de 40-40-20-norm. Daarmee zou het aantal sociale huurwoningen weer verlaagd worden. Met tijdelijke woningbouw is het college bezig. Binnenkort komt het in dat verband terug op plannen in het Schinkelkwartier. Toch zullen ook daar geen grote aantallen woningen geproduceerd worden. Overigens wordt bij tijdelijke woningbouw vooral bezuinigd op de bouwtijd. Het inplannen en de participatie kosten vaak evenveel tijd als bij gewone bouwprojecten.

Mevrouw ROODERKERK merkt op dat haar fractie wil dat de bouwproductie fors gaat stijgen, waarmee het aantal sociale woningen gelijk kan blijven. Toch wil haar fractie ook meer inzetten voor het middensegment. Zij vraagt wanneer de raad een overzicht krijgt van de zes locaties die nog onderzocht zouden worden voor tijdelijke woningbouw. Wethouder WEDEMEIJER merkt op dat hij graag de bouwproductie op zou willen voeren, maar in de huidige situatie ontbreken daarvoor de benodigde bouwvakkers of planologen. In de omgevingsvisie gaat men uit van een gemiddelde bouwproductie van 5000 per jaar gedurende 30 jaar. De productie is momenteel gigantisch, van meer dan 7000 woningen. Het is zeer de vraag of die productie nog verder opgevoerd kan worden. Wat betreft nog tijdelijker woningbouw merkt hij op dat subsidie nodig is voor alle periodes korter dan vijftien jaar. Vaak wordt de gemeente dan gevraagd om het tekort aan te vullen. Hij zegt toe dat hij ook naar vijfjaarsprojecten zal kijken. Vermoedelijk zal het antwoord dan wel zijn dat meer geld bij moet. Hij antwoordt de heer Van den Heuvel dat hij zijn punt begrijpt. Sociale en medische omstandigheden zijn echter wel twee aparte categorieën. Het is in lijn met de

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

rest van de G4 dat deze twee categorieën niet worden gecombineerd. Het is noodzakelijk ervoor te zorgen dat het aantal urgenten minder wordt. Ook deze aanscherping is een noodmaatregel. Helaas mag op enige termijn geen enkele daling van het aantal urgenten verwacht worden. Als dit wordt teruggedraaid, zal men langere wachttijden blijvend moeten accepteren, met alle schrijnende gevolgen van dien. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt waarop de wethouder zich baseert bij zijn prognose van nog verder stijgende aantallen urgenten. Welke problemen liggen daaraan ten grondslag? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat allerlei omstandigheden een rol spelen, zoals scheidingen of psychiatrie. Hij zegt een brief toe met een toelichting op het stijgende aantal urgenten in de toekomst. Hij antwoordt mevrouw Kiliç dat het bij ‘levensbedreigende problemen’ of ‘schrijnende situaties’ gaat om een invulling van de juridische categorieën. Het zal aan de beoordeling zijn van de ambtenaar die het moet uitvoeren. De heer VAN DEN HEUVEL vraagt toe te zeggen dat de raad over een halfjaar schriftelijk inzicht gegeven wordt in de vraag of deze aanscherping tot een toename van de dakloosheid leidt. Wethouder WEDEMEIJER zegt dat toe.

Tweede termijn Mevrouw VAN PIJPEN heeft geen principiële bezwaren tegen een aanpassing van de urgentieregeling, maar de voorgestelde aanscherpingen, vooral wat betreft de tijdelijke huisvesting, gaan haar een stap te ver. Zij vraagt het onderwerp te agenderen voor de raadsvergadering van volgende week. Er moet snel een raadsuitspraak komen omdat de regeling nu al wordt uitgevoerd. Zij vraagt voor de lange termijn aandacht voor de oorzaken van urgentie. Zij denkt daarbij aan de wooncrisis, maar ook aan de zorgcrisis. Mevrouw VAN SOEST vraagt het onderwerp te agenderen voor de gemeenteraad. Haar fractie komt met een motie. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld en wordt voorgelegd aan het presidium in verband met het voorstel van PvdO en GroenLinks om het te agenderen voor de volgende raadsvergadering. Dierenwelzijn 8. Evaluatie Agenda Dieren nr. VN2021-028608 Mevrouw BAKKER is bijzonder tevreden over de kwaliteit van dit stuk. Er ligt nu een mooie basis van zes hoofdaanbevelingen voor de nieuwe gemeenteraad. Zij vraagt het stuk te agenderen voor de raadsvergadering van januari. In dit stuk staan mooie successen beschreven, zoals het chippen van katten tot aan het verbod op de verkoop van levende krabben en kreeften op markten. Er wordt nog doorgewerkt aan zaken als het verbeteren van de brandveiligheid op kinderboerderijen.

Wildopvang De Toevlucht is een organisatie die gekoesterd moet worden en meer financiële hulp nodig heeft om het goede werk veilig te stellen. Zij vraagt de wethouder of hij op korte termijn iets kan betekenen voor De Toevlucht. Kan het misschien via het calamiteitenbudget dierenwelzijn? De regeling voor minima met dierenartskosten staat onder druk. De regeling beweegt namelijk niet mee met de verhoging van de tarieven. Dat is zorgelijk, want de

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

medewerking van dierenartsen is van essentieel belang voor de regeling. Welke oplossing ziet de wethouder? Zij mist aandacht voor het welzijn van paarden in het gemeentelijk beleid. Er zijn zestien Amsterdamse maneges. De wethouder heeft eerder al bij het Rijk aangedrongen op wetgeving. De Hollandsche Manege is meermalen negatief ter sprake gekomen. Wat kan de gemeente doen om de maneges diervriendelijker te maken? Verder mist zij proefdieren in het beleid. In Amsterdam zijn instellingen met een vergunning tot het doen van dierproeven, onder andere op apen, muizen en varkens. De gemeente heeft allerlei mogelijkheden om proefdiervrije innovatie en minder proefdieren te stimuleren. Daarom moet dit een plek krijgen in het dierenwelzijnsbeleid van de gemeente. De uitvoering van de subsidievoorwaarden voor Artis over dierenwelzijn blijft nog altijd schimmig, zonder dat inzicht wordt geboden in het fokken en de dierplannen, terwijl er wel miljoenen euro’s naartoe gestuurd worden. Vorige week bleek nog uit een uitgelekt plan dat Europese dierentuinen mogelijk gorilla’s gaan doden, omdat ze er te veel hebben gefokt. Dat heeft niets met natuurbehoud te maken. Dit moet stoppen. De wens van haar fractie is dat de aanpak diervriendelijke beheersing van overlastgevende dieren echt diervriendelijk wordt. In het geval zie je een gebrek aan preventie met de huidige afvalproblematiek.

Veel straten zijn ronduit smerig. Tegelijkertijd liggen er rattenklemmen. In het stuk staan mooie passages over het belang van dieren. Dieren zouden net als de mens beschermd moeten worden tegen welzijnsproblemen. Amsterdam wil ook de jacht tegengaan. Maar dit geldt allemaal niet voor vissen. Het uit plezier een vis aan de haak slaan is bij uitstek een vorm van plezierjacht. De vis leidt bij het hengelen aan stress en loopt een verwonding op aan zijn lip of keel. Er kunnen infecties ontstaan. Ook een weerhaak kan veel letsel toebrengen, maar de hengelvereniging weigert daarmee te stoppen, ook als was dat een breed gedeelde wens in de gemeenteraad in 2017. Zij leest nu in het stuk dat de instandhouding van deze vishobby bijdraagt aan de natuurlijke leefomgeving van vrij levende dieren en het verantwoord houden van dieren. Maar de manier om dit te realiseren is het stoppen met het opzettelijk schade toebrengen aan vissen. Er zijn ook indirecte effecten van het vissen. Van de week vond de dierenambulance een dode zwaan met een vishaak door de nek. Het is niet de eerste keer dat dieren doodgaan of gewond raken door rondslingerend vistuig. De hengelvereniging heeft zich niet gehouden aan gemaakte afspraken, waarop de wethouder de vereniging formeel heeft aangesproken. Zij vraagt alle partijen om zich ook het leed van vissen aan te trekken.

Zij zal dit onderwerp dan ook agenderen voor de volgende commissievergadering. Mevrouw VAN PIJPEN is blij met de geboekte resultaten en vindt het een mooi stuk. In de volgende collegeperiode moet er nog meer aandacht komen voor de integrale benadering van dierenwelzijn. Ook moet er aandacht zijn voor de effecten van maatschappelijke ontwikkelingen, zoals actueel de ‘coronahonden’. Hoe wil men daarmee omgaan in de toekomst? Het welzijn van die honden is een punt van aandacht. Het bijtprotocol wordt eigenlijk nooit toegepast. Is de beoordeling ervan dan positief? De gemeente verleent subsidie en een vergunning voor Jumping Amsterdam. Dat evenement zou binnenkort weer plaats gaan vinden. Zij vraagt in verband met de coronamaatregelen of Jumping Amsterdam doorgaat. Waarom subsidieert de gemeente dat evenement? Welke voorwaarden op het terrein van dierenwelzijn worden daarbij gesteld? Hoe worden die gecontroleerd? Wethouder WEDEMEIJER antwoordt mevrouw Bakker dat hij wat betreft De Toevlucht geen toezegging kan doen. Er is geen dekking. Men is wel al bezig met een ondersteunend programma om De Toevlucht meer tot een professionele en zelfstandige organisatie te laten uitgroeien. Daarvoor zijn al investeringen gedaan. Hij deelt de zorg van mevrouw Bakker inzake de ADAM-regeling.

Hij komt zo spoedig mogelijk terug met een voorstel om te kijken of iets aan de tarieven gedaan kan worden. Hij moet daarvoor nog wel dekking zoeken.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging. Concept Raadscommissieverslag, 15 december 2021

WB

Hij vindt het in verband met de wensen van mevrouw Bakker, zoals over Artis en proefdieren, lastig om toezeggingen te doen in het kader van de evaluatie. Hij vindt dat die zaken in de volgende bestuurstermijn aangepakt moeten worden. Hetzelfde geldt de afvalproblematiek die de rattenproblematiek verergert, waarna de ratten weer moeten worden aangepakt. De gemeente verpacht via erfpacht visgronden. Daarvoor bestaan zesjaarlijkse contracten. De eerstvolgende daarvan verstrijkt op 31 juli 2024. Voor de aanpak van hobbyvissen is wel een raadsmeerderheid nodig. Hij antwoordt mevrouw Van Pijpen over het bijtprotocol dat men wel het opleggen van een muilkorfplicht toepast. Of dit ook wordt nageleefd wordt in het kader van de handhavingsprioriteiten op een heterdaad bekeken. Tot op heden waren er nog geen heterdaadjes. Hij vermoedt dat veel inwoners van Amsterdam inzien dat een muilkorf nodig is. Hij weet niet of Jumping Amsterdam doorgaat. Hij komt er nog op terug. De subsidie daarvoor wordt via Sport verleend. Hij zal aan de wethouder Sport vragen hoe dat zit. Vanuit Evenementen wordt wel geprobeerd via de vergunningsvoorwaarden toegezien op een juiste en correcte behandeling van de dieren. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Het wordt geagendeerd voor een middellange behandeling in de raad van januari. 9.

Kennisnemen van het collegebesluit inzake onderzoeksresultaten juridische mogelijkheden tegengaan van jacht (schadebestrijding en populatiebeheer) nr. VN2021026124 Mevrouw BAKKER dankt voor dit stuk. Het uitgangspunt is in te zetten op preventieve manieren om eventuele schade en/of overlast van dieren te voorkomen. Daarover zouden ook afspraken gemaakt worden met de bevoegde organisaties of overheden. Zij hoopt dat alle uiteengezette mogelijkheden vertaald worden in beleid. Mevrouw VAN PIJPEN complimenteert de wethouder met dit zeer informatieve stuk. Inhoudelijk is de lijn herkenbaar en heel goed. Ook haar fractie wil naar natuurlijk beheer zonder jacht. De vraag is wat het gaat kosten en op welke termijn het kan. Neetenzij is alleen verantwoord als het uiteindelijk leidt tot een langetermijnoplossing met ‘nee’, waarbij ‘tenzij’ wordt ingevuld met ‘natuurlijk beheer’. Over de kosten en de onderbouwing zouden in de volgende bestuurstermijn afspraken moeten worden gemaakt. Wethouder WEDEMEIJER antwoordt dat ook hij heel blij is met de kwaliteit van dit stuk. Ook hij heeft warme aandacht voor de preventieve oplossing. De kosten zijn inderdaad een issue. Dat moet in de volgende bestuurstermijn worden uitgezocht.

Tweede termijn Mevrouw BAKKER las in de brief die bij de evaluatie Agenda Dieren was gevoegd dat voor de coalitieonderhandeling ook een dierenwelzijnspakket met opties en kosten wordt geleverd. Kunnen deze opties en kosten daarin een plek krijgen? Wethouder WEDEMEIJER bevestigt dat. De VOORZITTER concludeert dat het stuk voldoende is behandeld. Zij sluit de vergadering om 12.00 uur. d

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11029587/1