CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag raadscommissie Algemene Zaken 08-05-2025.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 5 juni 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie AZ d.d. 8 mei 202519.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Raadscommissieverslag, 8 mei 2025 CONCEPTVERSLAG

Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare vergadering van de raadscommissie Algemene Zaken Donderdag 8 mei 2025 van 13:30 uur tot 17:00 uur in de Willem Kraanzaal Donderdag 5 juni 2025

Voorzitters: commissieleden Moeskops en Alberts Portefeuillehouder: burgemeester Halsema Commissiegriffier: Van Klooster Commissieondersteuner: Dutilh Verslaglegging: Post (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Abdi (PvdA), Alberts (SP), Bakker (Partij voor de Dieren), Bentoumya (GroenLinks), Van Berkel (JA21), Broersen (Volt), Garmy (Volt), Von Gerhardt (VVD), Havelaar (CDA), Heinhuis (PvdA), Hofland (D66), Kabamba (Lijst Kabamba), Khan (DENK), Krom (Partij voor de Dieren), Moeskops (D66), Nadif (GroenLinks), Namane (PvdA), Van Schijndel (Forum voor Democratie), Veenhoff (GroenLinks) en Wijnants (VVD) Afwezig commissielid: Veldhuyzen (De Vonk) Overige aanwezigen: het lid Burgers (voorzitter presidium), De Lange (voorzitter van de initiatief- en referendumcommissie)

Voorzitter: het lid Moeskops 1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER heet iedereen van harte welkom op deze openbare raadscommissievergadering Algemene Zaken. Er zijn voldoende fracties aanwezig. b. Mededelingen De VOORZITTER wijst de commissieleden op wijzigingen in het Reglement van Orde. Op grond van artikel 22 kunnen actualiteiten voor commissievergaderingen vanaf vier werkdagen tot uiterlijk 48 uur voorafgaand aan de vergadering worden ingediend. Daarnaast verzoekt zij de leden om moties en amendementen bij het Horecabeleid uiterlijk dinsdag 13 mei ter toetsing naar de griffie te sturen.

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Het lid HAVELAAR meldt dat hij de vergadering vroegtijdig zal verlaten. c. Vaststellen agenda Raadsaangelegenheden 4. Vaststellen financiële bijdragen fractieondersteuning over 2024 VN2025-005759 Dit agendapunt wordt niet inhoudelijk besproken en kan gehamerd worden in de gemeenteraad. Openbare Orde en Veiligheid 8. Initiatiefvoorstel van het lid Veldhuyzen getiteld Etnisch profileren: Stop, politie! VN2025-004728 Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de commissievergadering van 5 juni. 12. Drugsgebruik bij de politie VN2025-004710 Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de commissievergadering van 5 juni. 17. Bespreken preventie en zorg bij vrouwelijke genitale verminking in Amsterdam VN2025-006311 Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de commissievergadering van 5 juni. De agenda wordt vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie AZ d.d. 27 maart 2025 Het verslag van 27 maart 2025 wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda’s en bestuurlijke langetermijnagenda’s (BLTA), per portefeuille Het lid KHAN is benieuwd naar het rapport over de Maccabi-rellen en vraagt wanneer het onderzoek is afgerond. Burgemeester HALSEMA verwacht dat het onafhankelijk onderzoek de komende weken wordt afgerond en het rapport voor het zomerreces met de raad gedeeld zal worden.

Het lid KHAN vraagt of de commissieleden op de hoogte gehouden kunnen worden van het rechercheonderzoek naar de ME en de vrouw die bij de demonstratie op 13 november is geslagen.

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Burgemeester HALSEMA weet niet wanneer het onderzoek is afgerond en is niet op de hoogte van wat gebruikelijk is bij openbaarmaking van rijksrechercheonderzoeken. Ze zal beide vragen van het lid Khan schriftelijk beantwoorden. f. TKN-lijst Op verzoek van het lid Moeskops wordt TKN2, voortgang programma tegen seksuele intimidatie en seksueel geweld 2024 geagendeerd voor de commissievergadering. Op verzoek van het lid Hofland wordt TKN3, voortgangsbrief Team Openbare Orde Inlichtingen (TOOI) geagendeerd voor de commissievergadering. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stukken vanuit de stadsdeelcommissies ontvangen. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk gedeelte van de commissievergadering. b. Inspreekmoment Publiek De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Van der Linde die op persoonlijke titel inspreekt over organisatiecultuur gemeente. Inspreker VAN DER LINDE Hij meent dat de burgemeester niet eerlijk wordt geïnformeerd door haar ambtenaren. Zoals verzocht door de burgemeester heeft hij voorbeelden aangeleverd van huisbezoeken door agenten maar daar is nog geen enkele reactie op gekomen. Hij wijst op een structureel gebrek aan transparantie bij de gemeente met als voorbeeld zijn eigen dossier en zijn strijd voor volledige inzage.

Hoewel hem meerdere keren is beloofd dat hij alles had ontvangen ontdekte hij via gelekte documenten dat er informatie wordt achtergehouden. Hij beschuldigt ambtenaren ervan ver te gaan om misstanden te verdoezelen door strafbaar materiaal te vernietigen en stelt dat dit wijst op een verrotte organisatiecultuur waarin geen consequenties staan op fout gedrag. De burgemeester heeft zijn zaak eerder bestempeld als toetssteen voor behoorlijk bestuur, maar volgens hem wil de gemeente niet leren van fouten en worden anderen in soortgelijke situaties nog steeds slecht behandeld. Hij roept de raad op serieus na te denken over een raadsonderzoek naar het functioneren van de gemeente en te luisteren naar signalen van Amsterdammers. Het lid KABAMBA vraagt wat de inspreker kan vertellen over andere Amsterdammers die hier tegenaan lopen en hoe een raadsonderzoek daarnaar ingevuld moet worden. Inspreker VAN DER LINDE wijst op een andere persoon die bij de commissie bekend is en bij wie na vijftien jaar eindelijk een kantelpunt in zijn zaak is bereikt. Hierover loopt een onderzoek bij de ombudsman waaruit blijkt dat de gemeente weigert kritisch naar eigen besluiten te kijken en alles juridiseert. Hij noemt nog een persoon die in de iPGA-R zat en nog aan het begin staat van zijn strijd om inzage in zijn dossier. Ook hier

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

ziet de inspreker dezelfde patronen van gebrek aan transparantie en gebrekkige informatievoorziening. De gemeente weigert te veranderen en een raadsonderzoek is noodzakelijk vanwege de structurele problemen binnen de iPGA-R waarin in de loop der jaren zo’n achthonderd mensen zaten. Dat de gemeente in zijn zaak geen precedentwerking wil laten ontstaan, noemt hij niet integer. De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Nemeth die namens Stichting Katrijn inspreekt bij agendapunt 10, ondermijning toeristische detailhandel in de binnenstad. Inspreker NEMETH legt uit dat Stichting Katrijn is aangesloten bij het platform Het Is Genoeg dat zich samen met buurtorganisaties verzet tegen massatoerisme. Ondermijning is een groot probleem in Amsterdam. Dat blijkt zowel uit het onderzoeksrapport Parallelle economie als uit het straatbeeld. Het is jammer dat in het rapport en in de reactie van de gemeente nauwelijks aandacht is voor drugscriminaliteit, want dat is een van de belangrijkste oorzaken van ondermijning. Het woord drugs wordt niet genoemd in de brief van de burgemeester en de wethouder. Zolang Amsterdam bekendstaat als een drugs-Mekka, zal ondermijning blijven bestaan.

De inspreker pleit daarom voor maatregelen die ook internationaal effect hebben, zoals het toepassen van het i-criterium in combinatie met de aanpak van straatdealers en een streng drugsbeleid bij festivals en evenementen. De huidige maatregelen van de gemeente zijn onvoldoende expliciet gericht tegen drugstoerisme. Er moet worden toegewerkt naar een gezonde balans tussen toerisme en de woonfunctie met gevarieerde winkelstraten waar bewoners en toeristen samen van de stad kunnen genieten. De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Damstra die namens de Straatalliantie inspreekt bij agendapunt 14, bespreken van de beantwoording schriftelijke vragen van de leden Krom cum suis inzake daklozen worden nog steeds beboet voor slapen op straat. Inspreker DAMSTRA merkt op dat er weliswaar nog weinig specifieke boetes voor het slapen op straat worden uitgedeeld maar dat dakloze mensen in toenemende mate boetes krijgen voor gedrag dat onvermijdelijk is wanneer men op straat leeft, zoals schuilen tegen de regen, het tonen van een kopie van een ID of urineren in de bosjes bij gebrek aan voorzieningen. Dit gedrag is geen bewuste keuze maar het gevolg van de noodsituatie waarin dakloze mensen verkeren. Het handhaven van veiligheid is belangrijk maar de ervaren overlast is vaak subjectief en afhankelijk van de interpretatie van handhavers en melders.

Het beboeten van daklozen draagt niet bij aan hulp, het verergert hun situatie door het veroorzaken van schulden, juridische problemen, verlies van verblijfsrecht en zelfs gedwongen vertrek uit het land. Dakloosheid is geen bewuste keuze en vaak is er geen directe hulp beschikbaar, er zijn lange wachttijden en strikte toelatingscriteria. Deze mensen zijn slachtoffer van een falend hulpsysteem. De inspreker doet een dringende oproep om te stoppen met het beboeten van dakloze mensen voor gedrag waar zij niets aan kunnen doen en om hen niet langer te criminaliseren. Het lid KROM vraagt welke boetes dakloze personen krijgen en wat het effect daarvan is op hun toekomst. Inspreker DAMSTRA antwoordt dat er veel boetes worden uitgedeeld voor het zich ophouden rondom een gebouw zonder specifiek doel. Boetes voor urineren komen terecht bij het CJIB, en mensen worden opgeroepen om hiervoor voor te komen. Als je niet verschijnt, kun je voorwaardelijk gestraft worden en lopen de schulden verder op.

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Er zijn mensen die voortdurend onder de radar blijven omdat ze weten dat er een enorme stapel boetes op hen ligt te wachten. Dit belemmert hen om stappen te zetten om uit hun problemen te komen. In het huidige landschap waarin je ontzettend lang moet wachten op hulp en waarin je aantoonbare kwetsbaarheden moet hebben om voor hulp in aanmerking te komen is het opleggen van boetes geen aanzet tot hulp. De VOORZITTER geeft het woord aan inspreker Bonet die namens Loveland inspreekt bij agendapunt 16, bespreken beantwoording schriftelijke vragen van het lid Moeskops (D66) inzake de Koningsdagfeesten. Inspreker BONET Hij geeft aan dat Loveland en 4PM de enige serieuze festivalorganisaties zijn die op Koningsdag in Amsterdam nog actief zijn. Zij maken zich grote zorgen over het huidige beleid. Hij wijst op de overvolle straten, ongecontroleerde feesten en rellen in de binnenstad. De festivals aan de rand van de stad waren juist bedoeld om de druk op het centrum te verlichten en dat heeft jarenlang goed gewerkt. Het huidige beleid maakt het praktisch onmogelijk om nog veilige evenementen te organiseren vanwege beperkingen in tijd, strengere eisen en hoge kosten. Hierdoor verdwijnen georganiseerde alternatieven en nemen onveilige situaties toe.

Hij vraagt waarop het huidige beleid is gebaseerd en wil weten of het aangekondigde onderzoek naar de afgelopen Koningsdag is uitgevoerd en wat de uitkomsten daarvan zijn. Tot slot pleit hij ervoor om ruimte te geven aan goed georganiseerde festivals die bijdragen aan spreiding en veiligheid tijdens Koningsdag. De VOORZITTER dankt de insprekers voor hun inspraak. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. d. Rondvraag De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants voor een rondvraag. Het lid WIJNANTS vraagt waarom het zeven maanden heeft geduurd voordat de beelden zijn gedeeld van een incident waarbij een man op straat met een bloempot werd aangevallen. Volgens hem gaat het om een ernstig misdrijf met grote impact. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat individuele strafzaken niet in de commissie worden besproken en dat opsporings- en vervolgingsonderzoeken onder de verantwoordelijkheid van de politie en het Openbaar Ministerie vallen. Ze vindt het vreemd dat zij hierover wordt bevraagd terwijl het buiten haar bevoegdheid ligt. In algemene zin legt ze uit dat de beslissing om informatie openbaar te maken altijd in overleg tussen de politie en het OM wordt genomen, afhankelijk van de voortgang van het onderzoek en pas wanneer andere opsporingsmiddelen zijn uitgeput. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Khan voor een rondvraag.

Het lid KHAN stelt dat demonstreren tegen genocide tegenwoordig aanzienlijke risico’s met zich meebrengt omdat demonstranten soms ernstig gewond raken, zoals bij eerdere studentenprotesten en incidenten rondom de Maccabi-rellen. Er zijn voorbeelden van mensen die hoofdletsel opliepen of zelfs in een rolstoel terechtkwamen door politieoptreden. Hij wijst op herhaald bovenmatig geweld door de Mobiele Eenheid bij de Maagdenhuisbezetting.

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Hij vraagt waarom er niets wordt geleerd van onderzoeken naar eerdere incidenten en wil weten of de burgemeester dit patroon van disproportioneel geweld herkent en wat zij gaat doen om te voorkomen dat pro-Palestina-demonstranten door deze opstapeling van buitensporig politiegeweld worden afgeschrikt. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het politieoptreden niets te maken heeft met de inhoud van demonstraties en dat ook de besluiten van de driehoek uitsluitend zijn gebaseerd op inschattingen van risico’s voor de openbare orde. De politie en de driehoek begeleiden jaarlijks een groot aantal demonstraties waarvan het merendeel het afgelopen jaar over Gaza en de situatie in Palestina en Israël ging. Deze demonstraties zijn in 90 procent van de gevallen vreedzaam en veilig verlopen. Ze verzoekt het lid Khan terughoudend te zijn met het doen van suggesties dat er selectief wordt opgetreden tegen pro-Palestina-demonstraties omdat daarmee het vertrouwen in de politie en de driehoek wordt ondermijnd. Wanneer politieoptreden niet rechtmatig blijkt of geweldsinstructies worden overschreden zal er altijd onderzoek plaatsvinden. Naar de ontruiming van het Roeterseiland is uitgebreid onderzoek verricht door onafhankelijke wetenschappers. Het incident op de Nieuwe Dijk wordt momenteel onderzocht door de rijksrecherche.

Wat betreft het Maagdenhuis meldt ze dat er drie klachten over politieoptreden zijn binnengekomen waarvan er twee zijn doorgestuurd naar de afdeling Integriteit en één in behandeling is genomen. Bij die bezetting zijn vernielingen gepleegd, kantoren opengebroken, camera’s onklaar gemaakt, nooddeuren gebarricadeerd en raakte een agent lichtgewond door een bijtende substantie. Na aangifte en vordering door de UvA is het pand ontruimd door de politie zonder inzet van geweld. De politie heeft zowel bij de ontruiming van het Maagdenhuis als later bij het Binnengasthuisterrein aanhoudingen verricht. Daar wordt onderzoek naar gedaan en het OM is daarbij ook een strafrechtelijk onderzoek gestart. De gemeenteraad heeft drie sets schriftelijke vragen over deze gebeurtenissen ingediend en in de beantwoording daarvan zal opnieuw worden ingegaan op de toepassing van de geweldsinstructie voor het gebruik van de lange wapenstok. Het lid KHAN geeft aan dat zijn kritiek niet gericht was op de politie maar op de landelijke politiek die demonstranten in toenemende mate criminaliseert. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar er zijn meerdere incidenten geweest waarbij demonstranten ernstig hoofdletsel opliepen en nu zijn er weer recente beelden van bovenhandse stokslagen door de politie.

Dat is in strijd met de geweldsinstructies, zeker wanneer demonstranten zich niet gewelddadig gedragen of geen confrontatie zoeken. Dit buitensporige politiegeweld leidt tot een chilling effect waarbij mensen worden ontmoedigd om deel te nemen aan demonstraties. Daarmee komt het demonstratierecht onder druk te staan. Hij vraagt de burgemeester om een reflectie op dit chilling effect. Burgemeester HALSEMA stelt dat de beperkingen aan het demonstratierecht die worden voorgesteld en de uitspraken daarover door bepaalde Kamerleden buiten elke orde vallen. Wanneer demonstranten geweld gebruiken moet daartegen worden opgetreden maar als demonstraties vreedzaam verlopen maken mensen gebruik van hun democratisch recht en verdient dat altijd respect. Beperkingen kunnen worden opgelegd door het lokaal gezag maar dat is iets anders dan het criminaliseren van demonstranten. Er is geen sprake van herhaaldelijk buitensporig politiegeweld bij de Amsterdamse politie. De ontruiming van het Maagdenhuis verliep over het algemeen vreedzaam. Pas toen demonstranten opnieuw het Binnengasthuisterrein binnendrongen werd er gebruikgemaakt van de wapenstok en dat wordt momenteel onderzocht. Als er meerdere gevallen zijn van ernstig hoofdletsel wil zij dat graag weten. Er is navraag gedaan naar een eerdere inspreker maar dat hebben ze niet helder gekregen.

Het incident op de Nieuwend Dijk wordt vanwege de ernst, op dit moment onafhankelijk onderzocht door de rijksrecherche. De controle op politieoptreden in Amsterdam verloopt naar behoren. Dat sluit niet uit dat er incidenten zijn die moeten worden onderzocht maar

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

dat is iets anders dan spreken over structureel buitensporig politiegeweld. Het recordaantal demonstraties van het afgelopen jaar is voor bijna honderd procent vreedzaam verlopen en ook de politie mag niet gecriminaliseerd worden. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar voor een rondvraag. Het lid HAVELAAR geeft aan zich zorgen te maken over de hoge beveiligingskosten van Joodse scholen in Amsterdam. Bij één school is het bedrag inmiddels opgelopen tot ruim drie ton per jaar terwijl de gemeentelijke bijdrage slechts 40.000 euro bedraagt. Na 7 oktober 2023 heeft de gemeente tijdelijk 150.000 euro extra beschikbaar gesteld maar bij de evaluatie op 5 februari, kort nadat drie leerlingen met de dood zouden zijn bedreigd, werd meegedeeld dat die bijdrage niet werd verlengd omdat er geen veiligheidsissues meer zouden zijn. Het CDA vraagt zich af hoe die conclusie te rijmen valt met de bedreigingen. Hij vraagt de burgemeester of zij de beveiliging van Joodse scholen ziet als een publieke verantwoordelijkheid, of er voldoende middelen beschikbaar zijn en wat zij concreet doet om de veiligheid van deze scholen te waarborgen. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het incident waarnaar wordt verwezen op 4 februari 2025 plaatsvond toen laat op de avond een bedreigende e-mail bij het bestuur van het Cheider werd gemeld.

De gemeente, politie en het OM hebben dit meteen opgepakt en nog diezelfde nacht kwam een verdachte in beeld die vanuit het buitenland handelde. In overleg met de school zijn de veiligheidsmaatregelen de volgende dag direct verhoogd. Joodse scholen in Amsterdam worden structureel beveiligd door de marechaussee, met aanvullende inzet van de politie indien nodig. Het Cheider ontvangt als enige school jaarlijks een gemeentelijke bijdrage van 43.000 euro voor beveiliging. Daarnaast kreeg de school in oktober 2023 een eenmalige extra bijdrage van 150.000 euro op basis van ervaren onveiligheidsgevoelens, niet op basis van een verhoogde dreiging. Deze afspraak is duidelijk als eenmalig gecommuniceerd. Een herhaald verzoek van het Cheider eind 2024 om deze extra bijdrage te verlengen is afgewezen omdat het bestaande beveiligingsconcept nog steeds passend is bij de nationale dreigingsinschatting. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Berkel voor een rondvraag. Het lid VAN BERKEL verwijst naar een bericht in De Telegraaf waarin wordt gemeld dat het college heeft besloten een kritisch rapport over het groene beleid niet met de raad te delen. Een onwelgevallig rapport over geweld tegen homo’s verdween al eerder in de la. Hij vraagt of er nog meer rapporten zijn die niet gedeeld worden.

Burgemeester HALSEMA begrijpt niet dat het lid Van Berkel de vraag aan haar stelt en niet aan de betrokken wethouder. Het gaat om een rapport dat niet direct op bestuurlijk verzoek is gemaakt maar zelfstandig door ambtenaren is geproduceerd. De wethouder zal er in een uitgebreidere brief stil bij staan. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kabamba voor een rondvraag. Het lid KABAMBA vraagt of de burgemeester kan reflecteren op de bijdrage van inspreker Van der Linde. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij uitgebreid in overleg is met de inspreker waarbij deze veel persoonlijke aandacht van haar krijgt. De zaak wordt daarbij buitengewoon nauwkeurig gereconstrueerd. Ze dient geen publiek belang door de aantijgingen die nu worden gedaan hier in de commissie te bespreken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Berkel voor een rondvraag.

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Het lid VAN BERKEL verwijst naar een jonge politieagente die vertelde over haar eerste ME-dienst bij de anti-Israël-demonstraties op de UvA. Tijdens deze dienst werd zij met ammoniak in het gezicht gegooid door een activist die zijn gezicht bedekte waardoor de dader niet achterhaald kon worden. Hij vraagt de burgemeester, gezien haar eerdere uitspraken dat een verbod op gezichtsbedekking niet effectief zou zijn, of zij van mening is dat zo’n verbod in deze situatie wel zin zou hebben gehad. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat de discussie over een algemeen verbod op gezichtsbedekking een ander onderwerp is. Ze kan beperkingen stellen aan het dragen van gezichtsbedekking en dat gebeurt regelmatig in de Wom-brieven aan organisatoren van demonstraties. In de specifieke situatie van de genoemde demonstratie zijn er beperkingen geweest op het dragen van gezichtsbedekking. Het blijft echter altijd een operationele afweging of er tegen elke vorm van gezichtsbedekking wordt opgetreden of dat de politie analyseert dat andere zaken prioriteit hebben. Ze is tegen een algemeen verbod op gezichtsbedekking omdat dit niet alleen gevolgen zou hebben voor strafbare feiten maar ook voor demonstranten die protesteren tegen autoritaire regimes en daardoor vervolgd en in gevaar gebracht kunnen worden.

Het lid VAN BERKEL vraagt of de dader in dit geval mogelijk wél gepakt had kunnen worden als er een verbod op gezichtsbedekking was geweest en dit ook was gehandhaafd. Daarnaast vraagt hij of het niet mogelijk is om een verbod op gezichtsbedekking in te voeren met uitzonderingen voor demonstranten die protesteren tegen repressieve regimes aangezien de burgemeester de bevoegdheid heeft om dergelijke uitzonderingen te maken. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat zij in dat geval een inhoudelijk oordeel zou moeten vellen over demonstraties en dat is strijdig met het demonstratierecht. Een verbod op gezichtsbedekking had in de genoemde situatie geen verschil gemaakt aangezien er al beperkingen waren ingesteld en er dus al had kunnen worden opgetreden. De politie bevond zich in een situatie waarin de ME bezig was een grote menigte tegen te houden die zich toegang wilde verschaffen tot het Binnengasthuisterrein. De prioriteit lag toen bij het beheersen van de situatie en niet bij het arresteren van mensen vanwege gezichtsbedekking. De VOORZITTER schorst de vergadering voor vijf minuten. Raadsaangelegenheden 3. Vaststellen van de Referendumverordening Amsterdam en wijziging van het Reglement voor de Initiatief- en referendumcommissie van de gemeente Amsterdam VN2025-005758 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar.

Het lid HAVELAAR stelt dat een referendum op stadsdeelniveau weinig zinvol is en geeft als voorbeeld een referendum in stadsdeel Zuid over het Erotisch Centrum. Als de uitkomst van zo'n referendum overeenkomt met het unanieme standpunt van de stadsdeelcommissie dan zal dat weinig effect hebben aangezien alsnog besloten zal worden om het Erotisch Centrum toch te realiseren. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Wijnants. Het lid WIJNANTS kijkt uit naar de verwachte toestroom van referenda die voortkomt uit de nieuwe verordening waarbij iedereen referenda kan aanvragen over zijn

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

of haar eigen politieke stokpaardjes. Hij vraagt hoe de gemeente ervoor gaat zorgen dat Amsterdammers op de hoogte zijn van deze nieuwe mogelijkheden. Daarnaast is hij benieuwd of er op dit moment nog lopende referendaverzoeken zijn waarvan de raad op de hoogte zou moeten zijn. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Veenhoff. Het lid VEENHOFF is blij dat de aanbevelingen zijn overgenomen en dat de vraagstelling breder is geworden. Het woord ‘in beginsel’ wordt vaak opgevat als een versterking van wat is voorgeschreven maar dat is in dit geval niet de bedoeling. De referendumkrant is de officiële informatievoorziening van de gemeente en het is cruciaal dat de inhoud van de krant correct is en goed aansluit bij de vraagstelling. Ze is er niet gerust op dat dit voldoende is geborgd. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Broersen. Het lid BROERSEN is positief over de voorgestelde wijzigingen en vindt dat er veel goede punten zijn meegenomen waarbij duidelijk is geleerd van het afgelopen referendum. Ze sluit zich aan bij een eerder gestelde vraag over de communicatie naar buiten en vraagt zich af hoe ervoor wordt gezorgd dat de mensen in de stad goed op de hoogte zijn. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Heinhuis.

Het lid HEINHUIS vindt de vraag of de raad een veto moet hebben op een referendum lastig omdat het juist goed is als de raad via een referendum gecorrigeerd kan worden. Ze vraagt of er een maximumaantal referenda per jaar is en wil weten of er wordt gekeken naar de kosteneffectiviteit en de inzet van referenda en of wordt beoordeeld of een referendum het beoogde doel heeft bereikt. De VOORZITTER geeft het woord aan de voorzitter van het presidium, het lid Burgers. Het lid BURGERS geeft aan dat stadsdeelreferenda nu eenmaal zijn opgenomen in de conceptverordening. Als het lid Havelaar daar een voorstel voor heeft ziet hij het amendement graag tegemoet. In antwoord op het lid Wijnants geeft hij aan dat er twee volksinitiatieven zijn in een pril stadium. Eén gaat over betaald parkeren in Zuidoost en de andere over eerlijke kansen in sociale huur. Voor de communicatie zal de website van de gemeente worden aangepast en er wordt een infographic verspreid. Daarnaast zal er gewerkt worden aan de interne communicatie binnen de gemeente. De effectiviteit van de referenda kan pas na drie referenda worden gemeten en dan kunnen ook de kosten beter in kaart worden gebracht. De VOORZITTER geeft het woord aan de voorzitter van de initiatief- en referendumcommissie.

Voorzitter van de initiatief- en referendumcommissie DE LANGE geeft aan dat de frequentie van referenda in Amsterdam de afgelopen dertig jaar geen aanleiding geeft om nu maatregelen te nemen voor een maximumaantal referenda. Er is geen sprake van een veto zolang een referendumverzoek voldoet aan de eisen van de verordening. Er zijn uitzonderingen die in de verordening zijn vastgelegd. Deze uitzonderingen zijn zo helder mogelijk geformuleerd maar het kan altijd voorkomen dat er discussie ontstaat. In de praktijk is er echter geen aanleiding voor zorgen over de referenda in Amsterdam.

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

De commissie heeft geen inhoudelijke bemoeienis met de standpunten van initiatiefnemers of de wethouder in de referendumkrant. Beide partijen kunnen hun standpunten volledig zelf bepalen zonder redactionele inmenging van de commissie. Het lid VEENHOFF begrijpt de terughoudendheid en de wens om onafhankelijk te blijven maar wijst erop dat er een probleem kan ontstaan als de argumenten niet in lijn zijn met de vraag waarover men daadwerkelijk stemt. Ze sluit niet uit dat dit probleem zich opnieuw kan voordoen, ondanks de reparaties die nu voorliggen. Ze vraagt hoe ervoor gezorgd kan worden dat de inhoud van de argumenten goed aansluit bij de vraagstelling en of er een onafhankelijke check is die dat kan borgen. Voorzitter van de initiatief- en referendumcommissie DE LANGE begrijpt de zorgen over argumenten die aansluiten bij de vraagstelling. Het uitgangspunt van de toezichthoudende functie is echter niet om inhoudelijk met de teksten in de referendumkrant aan de slag te gaan. Dit wordt gezien als iets dat het politieke debat zou moeten zijn, gebaseerd op de uitingen op de twee vrije pagina's in de referendumkrant. Er is ruimte voor verdere reflectie over hoe dit proces slimmer en effectiever kan worden ingericht in de toekomst waarbij de referendumcommissie openstaat voor ideeën.

Het lid VEENHOFF stelt voor om een aantal punten te wijzigen en de tweede termijn van de voordracht in de volgende commissie te bespreken. Het lid BURGERS geeft aan dat het presidium en de griffie de punten die het lid Veenhoff noemt momenteel in orde maakt en stelt daarom voor om het agendapunt wel te behandelen in de aankomende gemeenteraad. Het lid VEENHOFF wijst erop dat de punten weliswaar informeel naar een aantal raadsleden zijn gestuurd maar dat ze als openbaar stuk op de agenda staan. Daarom vindt ze het netjes en transparant richting de burgers om deze punten de volgende keer openbaar te behandelen. Het is belangrijk dat er voldoende tijd wordt genomen voor de behandeling van de voordracht. De technische sessie over dit onderwerp is niet doorgegaan en het is nu niet mogelijk om de technische zaken adequaat te bespreken. Het lid BURGERS herhaalt dat het mogelijk is om het allemaal correct aan te leveren voor de komende raad. Het lid HOFLAND heeft niet gehoord dat het presidium een groot bezwaar heeft tegen een tweede termijn in de volgende commissievergadering. De VOORZITTER stelt vast dat de behandeling in de commissie wordt aangehouden en de behandeling in de raad daarmee wordt uitgesteld. Raadsaangelegenheden 5. Vaststellen van de Verordening onderzoeksrecht gemeenteraad Amsterdam VN2025-005492 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Heinhuis.

Het lid HEINHUIS heeft twijfels over het vereiste van een even aantal leden in de raadsenquêtecommissie. Hoewel ze begrijpt dat het de bedoeling is om de commissie zo apolitiek mogelijk te houden wijst ze erop dat politiek nooit volledig te vermijden is, vooral wanneer een enquêtecommissie terugkijkt op een periode waarin andere partijen in het college zaten. Ze denkt dat een even aantal leden niet wenselijk is omdat de commissie effectief moet kunnen besluiten en soms een meerderheid van stemmen nodig heeft,

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

ongeacht of dat politiek is of niet. Ze is daarom blij te zien dat er een uitzondering mogelijk is op deze regel. De VOORZITTER geeft het woord aan de voorzitter van het presidium, het lid Burgers. Het lid BURGERS beaamt dat er gekozen is voor een even aantal leden in de enquêtecommissie om politieke invloeden te vermijden. Tegelijkertijd is het niet altijd noodzakelijk om te stemmen en bovendien kan de raad nog steeds afwijken van deze regel. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken. Het kan als hamerstuk worden geagendeerd voor de raadsvergadering. Openbare Orde en Veiligheid 6. Horecabeleid 2025 VN2025-005783 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Namane. Het lid NAMANE benadrukt het belang van de horeca in Amsterdam als een plek van ontmoeting, verbinding en culturele uitwisseling. Tegelijkertijd erkent ze dat het ook een stad is waar mensen prettig moeten kunnen wonen en dat er een balans gezocht moet worden tussen levendigheid en leefbaarheid. Ze steunt de uitgangspunten van het beleid, maar merkt op dat het veel reacties oproept, vooral door de voorgestelde sluitingstijden voor reguliere horeca en fastfood.

Ze vraagt of het niet logischer zou zijn om de sluitingstijden strenger in te stellen in gebieden waar de levendigheid te veel ten koste gaat van de leefbaarheid, in plaats van overal de sluitingstijden aan te passen en vervolgens uitzonderingen toe te staan. Het lid HAVELAAR vraagt of de PvdA instemt met het generiek aanpakken van de sluitingstijden. Het lid NAMANE vraagt zich af of het niet logischer zou zijn om het beleid om te keren. Het lid HAVELAAR vraagt hoe de PvdA zal reageren wanneer de burgemeester blijft bij de generieke vervroegde sluitingstijden. Het lid NAMANE wil afwachten wat de burgemeester daarover zegt. Het lid HAVELAAR heeft het vermoeden dat de burgemeester zal zeggen dat het voorliggende beleid een generieke vervroeging van de sluitingstijden behelst. Hij vraagt of de PvdA dit beleid zal steunen, aangezien dit de hamvraag is waar al enige tijd op wordt gewacht. Het lid NAMANE gaat ervan uit dat er een goed gesprek zal plaatsvinden over het beleid aangezien alle onderwerpen eerst in de commissie en vervolgens in de raad behandeld worden. Het uitgangspunt van het horecabeleid is dat zaken die nu goed gaan in de toekomst hetzelfde moeten kunnen blijven. Ze vraagt zich af of dit beleid niet betekent dat veel zaken automatisch in een zwaardere horecacategorie vallen waardoor er uiteindelijk meer mag dan nu het geval is.

Het beleid moet zorgen voor meer zekerheid en duidelijkheid voor bewoners en ondernemers over wat wel en niet mag. Ze stelt daarom voor dat ondernemers een schriftelijke bevestiging krijgen van de gemeente als ze binnen de regels opereren.

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Het lid VON GERHARDT merkt op dat met het huidige beleid veel verantwoordelijkheden naar de stadsdelen verschuiven waardoor de onzekerheid langer blijft bestaan. Hij is benieuwd hoe de PvdA hierover denkt. Het lid NAMANE antwoordt dat enige onzekerheid moet worden doorstaan om tot passende regelgeving voor alle ondernemingen in Amsterdam te komen. Duidelijkheid en transparantie over vergunningen en voorschriften zijn belangrijk, en het kan mensen houvast bieden als deze informatie makkelijk te vinden is. Daarnaast hoopt ze dat de gemeente een bemiddelende rol kan spelen wanneer bewoners en ondernemers tegenover elkaar komen te staan. Tot slot roept ze de raad op om verantwoordelijkheid te nemen voor eerlijke communicatie naar de stad aangezien het horecabeleid veel onrust heeft veroorzaakt, deels door de manier waarop er in de raad over wordt gesproken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bentoumya. Het lid BENTOUMYA benadrukt dat horeca essentieel is voor Amsterdam omdat het bijdraagt aan de cultuur en het gevoel van thuis zijn in de stad. Ze stelt dat het horecabeleid een balans moet vinden tussen ondernemerschap en leefbaarheid en tussen vrijzinnigheid en verantwoordelijkheid. Het nachtleven moet ook een plek hebben in het horecabeleid en de Nachtvisie moet daarom terugkomen in het beleid.

Er moet meer ruimte geboden worden aan nieuwe creatieve concepten in de nacht en cultuurplekken die zich niet zo makkelijk in een categorie laten vangen maar wel van onschatbare waarde zijn voor Amsterdam. Daarnaast stelt ze dat het beleid niet alleen moet gaan over hoe zwaar een onderneming drukt op de stad maar ook over wat het toevoegt aan de buurten. Het moet ook gaan over goed contact tussen bewoners en ondernemers. Tot slot benadrukt ze dat dit beleid moet stimuleren dat de Amsterdamse horeca een veilige plek is voor iedereen. Sociale veiligheid moet wat GroenLinks betreft daarom ook een plek krijgen in het horecabeleid. Het lid VON GERHARDT vraagt of het lid Bentoumya concrete voorbeelden heeft van onderdelen van de Nachtvisie die nu niet terugkomen in het horecabeleid. Het lid BENTOUMYA antwoordt dat het horecabeleid weinig aandacht schenkt aan de nacht. Nachtconcepten worden soms in de zwaarste categorieën geplaatst terwijl dat niet altijd passend is. Het is belangrijk dat er ruimte blijft voor meer experimentele concepten. Het lid VON GERHARDT vraagt of er minder strak gekeken moet worden naar de categorieën en of er meer maatwerk moet worden toestaan om ervoor te zorgen dat daar ruimte voor is. Het lid BENTOUMYA is benieuwd naar de mogelijkheden die de burgemeester ziet voor een koppeling tussen het horecabeleid en de Nachtvisie.

Ze wil weten hoe aandacht voor sociale veiligheid in het beleid is geborgd en vraagt of de burgemeester mogelijkheden ziet om dansen in cafés en restaurants mogelijk te maken waar stadsdelen dat passend vinden. Ze begrijpt dat er overlast wordt ervaren door getrapte sluitingstijden, maar vraagt zich af hoe het beleid rekening houdt met de situatie op plekken waar getrapte sluitingstijden juist voordelig kunnen zijn. Daarnaast wijst ze op het belang van buurtbinding en merkt ze op dat de druk op de schaarse ruimte in sommige buurten toeneemt. Toeristische ToGo-zaken, die wel eten klaarmaken maar niet onder het horecabeleid vallen zijn oneerlijke concurrentie die monocultuur in de hand werken en de creatieve, lokale horeca verdrukken. Ze pleit voor een beleid dat niet alleen kijkt naar de zwaartecategorieën van horecagelegenheden maar ook naar het type horeca en de bijdrage die het levert aan de buurt. Ze vraagt of winkels

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

die onder detailhandel vallen maar zich gedragen als horeca ook onder het horecabeleid kunnen vallen. Het beleid kan ook worden ingezet om horeca te stimuleren die daadwerkelijk iets toevoegt aan de buurt. Want waar Amsterdammers in Zuidoost staan te springen om nieuwe horeca maken ze in Zuid zich zorgen om meer schotten bij de terrassen. Ze is benieuwd welk probleem de ophoging van de schotten oplost, want er zijn hierover veel zorgen bij buurtbewoners. Tot slot benadrukt ze het belang van een goede relatie tussen bewoners en horeca. De meeste bewoners bezoeken zelf ook horeca maar er zijn wel degelijk bewoners die overlast ervaren. Daarom is het essentieel dat ondernemers proactief en laagdrempelig contact zoeken met hun buurt. Ze vraagt hoe omwonenden worden meegenomen in de vergunningsprocedure, welke verplichtingen dit voor ondernemers met zich meebrengt en welke rol de gemeente speelt in het onderhouden van een goede relatie tussen bewoners en horeca. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS ziet dat de kritiek op het horecabeleid zich op de burgemeester richt, terwijl de structurele bedreigingen voor de horeca vooral voortkomen uit commerciële druk van pandeigenaren die de huren opdrijven en brouwerijen die hoge omzetverplichtingen opleggen.

Ze onderstreept dat de burgemeester er is voor de hele stad en het algemene belang moet dienen, wat inhoudt dat ook de belangen van omwonenden, voetgangers, mensen met slaapproblemen en de afvalproblematiek meewegen in het beleid. De regels die nu worden opgesteld zijn niet alleen bedoeld voor de horeca maar gelden voor heel Amsterdam en moeten in balans zijn met de leefbaarheid van de stad. Het lid VAN SCHIJNDEL meent dat er een plan ligt dat heel sterk afwijkt van wat historisch gegroeid is in de stad. Het lid ALBERTS antwoordt dat historische groei kan veranderen. De nieuwe regels kunnen voor meer duidelijkheid zorgen, hoewel ze misschien hier en daar nog bijgesteld moeten worden. Wat de SP betreft hadden de regels voor de terrassen best strenger gekund om meer rekening te houden met voetgangers en de openbare ruimte die geclaimd wordt. In ieder geval moeten de terrasschotten in Zuid terug naar anderhalve meter. Het is mogelijk dat de nieuwe regels op dit moment omzeild worden omdat het drie jaar kan duren voordat de wijziging wordt opgenomen in het omgevingsplan terwijl ondertussen wel vergunningen worden verleend. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bakker.

Het lid BAKKER heeft zich in haar voorbereiding verdiept in allerlei horecaactiepunten van het gemeentelijk voedselbeleid, zoals de mogelijkheden van branchering ter voorkoming van monocultuur, steakhouses en ook houtstook. Al deze zaken komen terug in het gemeentelijk beleid maar in het nieuwe horecabeleid verandert er niet veel. Ze sluit zich aan bij de bijdrage van het lid Alberts en wil daaraan toevoegen dat haar fractie heel blij is om te lezen dat de losstaande terrasverwarmers worden beperkt. Het is jammer dat het niet mogelijk is om ook gevelkachels te verbieden. Het lid VON GERHARDT vraagt of de Partij voor de Dieren dit horecabeleid volledig steunt of dat zij nog eventuele amendementen en moties zullen steunen. Het lid BAKKER antwoordt dat zij moties en amendementen altijd goed beoordeelt.

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Het lid VON GERHARDT vraagt hoe de Partij voor de Dieren de amendementen beoordeelt over openingstijden, de terrassen en het dansen in de kroeg. Het lid BAKKER is daarin terughoudend maar zal er serieus naar kijken. Het lid VAN SCHIJNDEL vraagt of de Partij voor de Dieren onderscheid kan maken tussen meer en minder energiezuinige systemen voor terrasverwarmers. Het lid BAKKER antwoordt dat de Partij voor de Dieren daar geen onderscheid in maakt. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Berkel. Het lid VAN BERKEL benadrukt dat Amsterdam veel variatie kent in de horeca tussen de verschillende stadsdelen, zoals Centrum, Noord en Weesp. De ingediende zienswijzen van veel ondernemers tonen aan dat nieuw horecabeleid op dit moment niet noodzakelijk is. Het college kiest er bewust voor om zonder directe noodzaak een heleboel onrust te zaaien onder een grote groep ondernemers die het de afgelopen jaren al moeilijk genoeg hebben gehad. Het lid BENTOUMYA merkt op dat het lid Van Berkel alleen verwijst naar zienswijzen van ondernemers en niets zegt over bewoners. Ze vraagt of het lid Van Berkel aanwezig was bij de inspraakavond. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat er iemand namens JA21 aanwezig was en die heeft vooral verhalen gehoord van ondernemers.

In de tweede plaats is JA21 er ook voor de bewoners maar die balans was eigenlijk al goed voordat er ineens allerlei nieuwe regeltjes werden opgelegd. Het lid HOFLAND merkt op dat er ook ondernemers zijn die hebben aangegeven dat zij behoefte hebben aan nieuw beleid met meer duidelijkheid. Hij vraagt of het lid Van Berkel die signalen ook heeft opgevangen. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat er onder horecaondernemers veel onrust is over de mogelijke gevolgen van het nieuwe horecabeleid voor hun verdienmodel. De coronajaren hebben er bij veel ondernemers flink ingehakt en bij menig horecagelegenheid zijn de reserves uitgeput. Daarbovenop hebben horecaondernemers te maken met hoge inflatie en stijgende personeelskosten. De verruimde terrassen buiten het centrum dragen bij aan de levendigheid van buurten en het intrekken daarvan zonder alternatieven kan voor sommige ondernemingen het verschil betekenen tussen overleven en omvallen. De terrassen hebben een belangrijke sociale functie en JA21 wil dat ze behouden blijven. De huidige wetgeving lijkt soms te veel nadruk te leggen op het tegengaan van overlast maar dit mag wat JA21 betreft niet ten koste gaan van de ondernemers. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kabamba.

Het lid KABAMBA vindt dat er ruimte moet blijven voor verschillende vormen van horeca, inclusief dansen tussen de tafels en vooral in Zuidoost, Nieuw-West en Noord. Ze pleit ervoor om het dansverbod te schrappen en eerst de economische impact voor ondernemers te onderzoeken. Vanuit verschillende soorten horeca klinkt het signaal dat dit allemaal een beetje te ver gaat, ook vanuit mensen die van niets iets hebben gemaakt. Ze benadrukt dat maatwerk nodig is bij het wel of niet uitbreiden van terrassen tijdens tropisch weer zodat mensen kunnen genieten van de zon. Ze pleit voor het beschermen van de nachtcultuur en van de lokale horeca met een sociale functie en voor een veilige en diverse werkomgeving zodat Amsterdammers en bezoekers kunnen blijven genieten.

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Schijndel. Het lid VAN SCHIJNDEL zag bij de inspraakavond grote onrust onder horecaondernemers over allerlei nieuwe regels die worden ingevoerd met een bewerkelijk ontheffingensysteem. Dat is een uiting van ondraaglijke regelzucht vanuit de gemeente waar de burgemeester primair verantwoordelijk voor is. Een dansverbod in cafés is meer iets voor Staphorst. Het lid HOFLAND merkt op dat er in Staphorst heel goed gedanst kan worden. Hij heeft een aantal voorstellen om het horecabeleid leuker te maken en dan helpt het niet wanneer er steeds gezegd wordt dat het gaat om bemoeizuchtige regelzucht. Het gaat om nieuw beleid en hij vraagt of het lid Van Schijndel achter de voorstellen staat of dat hij kiest voor beeldvorming. Het lid VAN SCHIJNDEL antwoordt dat die vraag gesteld wordt door de partij van de beeldvorming. Dit nieuwe beleid is een belangrijke doorbreking van wat historisch gegroeid is en het inperken van de openingstijden is een radicale stap die hij ongewenst vindt. Het is inderdaad een belangrijk punt dat de Nachtvisie niet is verwerkt in deze voorstellen. Het aspect sociale veiligheid komt in de Nachtvisie wel naar voren en dat is iets waar de burgemeester mee aan de slag zou moeten in plaats van een generieke inperking van de openingstijden.

Naar aanleiding van de bijdrage van het lid Alberts vraagt hij waarom de regels worden opgenomen in de Omgevingsvisie in plaats van in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Khan. Het lid KHAN herinnert eraan dat bij de eerste behandeling van het horecabeleid de FEBO vaak werd genoemd. Omdat het leek alsof de stad in elkaar stort als de snackbar een uur eerder sluit wil hij als voormalig FEBO-werknemer zijn inzicht delen. Het kan weliswaar gezellig zijn met dronken mensen, maar diezelfde mensen kunnen ook een grimmige sfeer veroorzaken. Als de snackbar tot laat open moet blijven omdat men een vette hap nodig heeft om bij zinnen te komen, dan heeft hij daarvoor een radicaal voorstel. Men zou kunnen overwegen om eerder te stoppen met uitgaan of minder alcohol te drinken. Er wordt gedaan alsof het een natuurwet is om tot laat uit te gaan. Dat mag natuurlijk, maar met veel vrijheid komt ook veel verantwoordelijkheid. Het lid VON GERHARDT wijst op de mensen die een nachtdienst hebben gedraaid en daarna nog iets lekkers willen halen. Het lid KHAN antwoordt dat hij ook als beveiliger heeft gewerkt en veel nachtdiensten heeft gedraaid. Als je weet dat je nachtdiensten draait dan houd je daar gewoon rekening mee.

Het lid VON GERHARDT vindt dat het gaat om de vraag wat voor stad je wilt zijn, een stad waar je na twee uur niets meer kunt eten of een stad die voor iedereen faciliteert dat op elk moment in je behoefte kan worden voorzien. Hij hoort dat het lid Khan wil dat iedereen zo vroeg mogelijk naar bed gaat en 's avonds niet meer eet. Het lid KHAN antwoordt dat hij in zijn functie als volksvertegenwoordiger ook gaat over de vraag wat voor stad ze willen zijn. Het argument dat de horeca niet eerder zou mogen sluiten omdat mensen alcohol willen drinken is geen hoge prioriteit voor de overheid. Het verbeteren van de nachtrust voor bewoners daarentegen is wel een hoge prioriteit voor de gemeente. Hij vindt het opmerkelijk dat de zorgen van bewoners opeens

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

ondergeschikt zijn. Er wordt vaak gesproken over het inperken van braltoerisme, maar wanneer het om eigen burgers gaat, zijn maatregelen opeens betuttelend en vrijheidsbeperkend. Hij denkt niet dat het voor klanten een grote ramp zou zijn als de horeca een uur eerder sluit. Voor de ondernemers is dat anders. Uit gesprekken met oud-collega’s van de FEBO die nu een eigen franchise hebben blijkt dat bijna niemand op de hoogte is van het nieuwe horecabeleid. Dit wijst op een blinde vlek van de gemeente in het benaderen van ondernemers, en dat is wel een probleem. Ondernemers die de weg wel weten te vinden, gaan naar het stadsdeel om een vergunning aan te vragen. Hij maakt zich juist zorgen over de kleinere ondernemers die de weg niet weten te vinden, niet mondig genoeg zijn of niet de financiële middelen hebben om een vergunning aan te vragen. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA bedankt de leden van de raad voor de grondige voorbereiding en de sessie die ze hebben gehouden met ondernemers, bewoners en anderen. Ze heeft met plezier naar het debat geluisterd en had niet verwacht dat dit onderwerp zoveel hartstocht zou oproepen in de raad, al was het maar de verknochtheid van het lid Hofland met de kroket en de alcoholreclame van het lid Von Gerhardt.

Ze vond het debat buitengewoon leerzaam en heeft nooit geweten dat een snackbar eigenlijk een Blijf-van-mijn-Lijf-huis is. Met het lid Khan deelt ze dat ook zij in een snackbar heeft gewerkt en 's nachts bij McDonald's. Het lid VON GERHARDT vindt zijn bijdrage geen alcoholreclame. Wat hem betreft mag er ook gewoon alcoholvrij gedronken worden op het terras. Burgemeester HALSEMA is blij dat de Amsterdamse bevolking die keuzevrijheid wordt geboden. Er zijn al veel amendementen en moties ingediend en waar mogelijk zal ze deze kort bespreken om meer duidelijkheid te geven. Het is overbodig om te benadrukken dat het horecabeleid veel reacties heeft opgeroepen, zowel in de raad als in de stad waar het veel emoties losmaakt. De horeca hoort bij Amsterdam als stad van ontmoeting, cultuur en vrijheid. Veel Amsterdammers zijn jong, alleenstaand en klein behuisd en de horeca vervult daarom een dragende functie, net als andere publieke ruimtes. Ze legt uit dat het nieuwe beleid is ingevoerd omdat de Omgevingswet vraagt om een omgevingsplan. Dat gaf niet alleen de noodzaak maar bood ook een kans om oud en versnipperd beleid te vervangen. Daarnaast maakt de groeiende drukte in de stad het noodzakelijk om de balans tussen levendigheid en leefbaarheid opnieuw te beoordelen.

Het lid VAN SCHIJNDEL vindt het zorgelijk dat eenvormig horecabeleid het historische gegroeide versnipperde beleid vervangt en vraagt waarom dat nodig is. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat ze het lid Van Schijndel eerder met veel pathos heeft horen spreken over het wegwerpen van tradities. De discussie gaat over een wijziging van één uur voor snackbars en restaurants in het weekend, terwijl de rest vrijwel ongewijzigd blijft en op stedelijk niveau wordt geregeld. De wijziging van de schotten van anderhalf naar 1,8 meter was een verzoek van de horeca zelf. Ze vraagt de ruimte om iets over de cijfers te zeggen, omdat ze daarmee wil afrekenen met de flauwekul die her en der wordt verspreid. Het idee dat er sprake zou zijn van vertrutting of beperking van de horeca is volstrekt bezijden de feiten. Het lid VAN SCHIJNDEL vindt het generiek terugzetten van de openingstijden een hele grote verandering voor de mensen die van het uitgaansleven willen genieten en dat kan de burgemeester niet zomaar even wegzetten. Dat moet veel beter worden onderbouwd, want anders krijg je veel bezwaren en komt het omgevingsplan er nooit.

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Burgemeester HALSEMA. antwoordt dat regels over ruimtelijke aanvaardbaarheid, zoals regels voor terrassen en openingstijden, thuishoren in het omgevingsplan. Daardoor ontstaat een duidelijker onderscheid. In de APV blijven alleen nog regels staan over veiligheid en exploitatie. Er is geen sprake van een generieke vervoeging. Dat geldt alleen voor de reguliere horeca en snackbars kunnen ontheffingen aanvragen. Het is vooral een wijziging in de systematiek en er zullen geen grote veranderingen plaatsvinden. De bedoeling is juist om maatwerk mogelijk te maken door in stille woonwijken geen generiek lange openingstijden toe te staan maar dat wel mogelijk te maken in uitgaansgebieden. Voor iedereen die doet alsof er een soort avondklok gaat gelden in Amsterdam heeft ze een aantal cijfers. Het aantal horecavestigingen per duizend inwoners is gestegen van vijf in 2008 naar negen in 2023. Dat betekent een exponentiële toename omdat het aantal inwoners ook fors is gegroeid. Het aantal culturele plekken, horecagelegenheden en nachtclubs per 10.000 inwoners is vergelijkbaar met Berlijn en hoger dan in Tokio en New York. In 2024 zijn er elf nieuwe clubs geopend in Amsterdam en het aantal ontheffingen om de hele nacht open te blijven wordt aanzienlijk verruimd. Het lid VON GERHARDT merkt op dat het niet gaat over het aantal horecazaken in de stad.

Zijn punt is dat hij zich zorgen maakt over hoe er wordt omgegaan met de invulling van de horeca. Hij wil dat de levendige horeca behouden blijft en dat is met het huidige beleid discutabel. Burgemeester HALSEMA neemt aan dat het lid Von Gerhardt de specifieke beperking van één uur voor snackbars en restaurants in het weekend bedoelt, waar ook nog eens een groot aantal ontheffingen mogelijk zijn. In alle andere gevallen verandert er namelijk niet zoveel. Het lid VON GERHARDT vindt dat er te veel wordt uitgegaan van het slechte van de ondernemer en betutteling. Bij ondernemers die de regels overtreden moet de sluitingstijd worden aangepakt maar de VVD heeft grote problemen met de generieke maatregel. Burgemeester HALSEMA gaat ook uit van het goede in ondernemers. Er is langdurig en zeer uitgebreid gesproken met onder andere Koninklijke Horeca Nederland en er is rekening gehouden met allerlei belangen. Daarnaast gaat ze ook uit van het goede van bewoners en vindt ze het belangrijk dat bewoners in hun wensen en zorg gehoord worden. Het lid VAN SCHIJNDEL merkt op dat de bevolkingssamenstelling van Amsterdam anders is dan die van Manhattan of Berlijn. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat de vergelijking op zijn plaats is omdat Berlijn en New York uitgaanssteden zijn met een jonge bevolking.

Het lid HOFLAND vraagt of bij het horecabeleid is overwogen om net als in Berlijn drinken in een nachtwinkel toe te staan. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat dat niet is overwogen. De vergelijking is dat Amsterdam evenveel uitgaansplekken heeft als Berlijn. Tegelijkertijd is het grondgebied van Amsterdam veel kleiner en is de mate waarin mensen dicht bij elkaar wonen en de overlast veel groter. Als D66 pleit voor een vierentwintiguurseconomie, dan reikt dat verder dan alleen het horecabeleid en dan zou zij ervoor willen pleiten dat ook de boekhandels 24 uur per dag open zijn. Het lid HOFLAND schaart zich achter dat standpunt.

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Concept-raadscommissieverslag, 8 mei 2025

Burgemeester HALSEMA legt uit dat ze niet met een volledig nieuwe visie op het horecabeleid komt maar wel wil zorgen voor een betere regeling op stedelijke basis omdat het nachtleven zich steeds meer over de stad verspreidt. Vanaf het begin is geprobeerd alle belangen zorgvuldig tegen elkaar af te wegen, wat ook betekent dat er aandacht moet zijn voor de overlast die nachthoreca voor inwoners kan veroorzaken. Er is zeven jaar aan het beleid gewerkt en Koninklijke Horeca is een belangrijke gesprekspartner. Ze is ervan overtuigd dat voor 90 procent van de ongeveer 4.100 horecazaken de overgang naar de nieuwe systematiek probleemloos zal verlopen. Waar problemen kunnen ontstaan zal een individuele afweging worden gemaakt over wat mogelijk is qua activiteiten. De invoering zal zorgvuldig gebeuren met een overgangstermijn van twee of drie jaar. De stadsdelen zullen het uitvoeringsbeleid opstellen waarbij participatie verplicht is. De omzetting naar de nieuwe ruimtelijke categorieën wordt per locatie bekeken en dat is het moment waarop individuele zaken beoordeeld kunnen worden en het uiteindelijke besluit door de raad wordt genomen. Dit proces zal tussen 2026 en 2032 plaatsvinden. Het lid VON GERHARDT vraagt of er per gebiedsprofiel een kader komt waarbinnen de stadsdelen uitzonderingen kunnen maken.

Hij wil weten hoe ervoor gezorgd wordt dat er geen willekeur plaatsvindt omdat in het ene stadsdeel iets niet kan wat in een ander stadsdeel wel is toegestaan. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat de risico's voor willekeur op dit moment groter zijn. Het doel is om de risico's voor willekeur te verminderen. Bij het verlenen van ontheffingen voor snackbars wordt gekeken naar de aard van het gebied en het amendement dat het lid Havelaar voorbereidt geeft daaraan een betere invulling dan het voorstel voor omkering. De nieuwe systematiek zal verschillende openingstijden per horecacategorie introduceren. Door verschillende eindtijden in te voeren kunnen bezoekers meer gespreid vertrekken. Met de nieuwe categorieën kan lichte horeca worden toegestaan in woonbuurten zonder risico op overlast in de nacht. In een woonwijk wil je misschien wel een lunchroom toestaan maar niet het risico lopen dat die verandert in een kroeg die tot drie uur open is. Differentiatie tussen reguliere en middelzware horeca draagt bij aan het voorkomen van excessen, bijvoorbeeld restaurants die zich meer als café gaan gedragen of cafés die zich als clubs gaan gedragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15587552/1