Conceptverslag MOW 20250320.pdf
Tekst van het document
Vindt deze wethouder dat vlees geen klimaateffect heeft? De afwegingen en onderbouwingen van de bestuurlijke reactie zijn niet stevig en overtuigend. Hierop hebben de indieners een aantal technische vragen gesteld en naar aanleiding hiervan is een rapport ontvangen die niet in de openbaarheid kan worden besproken. Een verzoek is om voorafgaand aan de raadsbehandeling van het voorstel het rapport wel in de openbaarheid te brengen met eventuele weglakking van bedrijfsinformatie. In dit rapport staan vele overwegingen die de mogelijkheden voor de invoering van het voorstel – de strakkere definitie en de toevoeging van voedsel van dierlijke herkomst en opnemen in de APV – juist onderbouwen. Amsterdam heeft een grote rol en effect in de buitenreclamewereld en moet deze rol pakken. Er is een brede consensus over de bijdrage van een reclameverbod. Lid KREUGER meent dat lid Van Pijpen niet afhankelijk is van het college. Ze kan het voorstel gewoon indienen en ervoor zorgen dat er een meerderheid voor is. Lid VAN PIJPEN bevestigt dat de raad erover besluit en daarom doet zij een aantal suggesties om het voorstel eventueel aan te passen. Lid DE VOS is net als GL teleurgesteld over de reactie op het voorstel. Er wordt steeds nagedacht over definities wat fossiele reclame is of wat reclame voor voedselproducten van dierlijke herkomst is, maar vervolgens wordt de branche geraadpleegd.
De branchevereniging voor buitenreclame heeft het college laten weten geen voorstander te zijn. Dit lijkt lid De Vos logisch. Ook staat er dat met City Deals wordt gewerkt aan het opstellen van definities voor voedselproducten van dierlijke herkomst en de mogelijke impact hiervan wordt besproken met de branchevereniging voor buitenreclame. Lid STAARTJES meent dat het een wettelijke plicht is om belanghebbenden te horen wanneer een dergelijk ingrijpend voorstel wordt ingediend. Lid DE VOS is benieuwd welke wet dit bepaalt. Lid STAARTJES zegt dat dit de Algemene wet bestuursrecht is. Is het niet belangrijk dat een ingrijpend voorstel zo zorgvuldig mogelijk ingediend wordt voordat het een verordening wordt? Lid DE VOS zegt dat de indieners open staan voor eventuele aanscherpingen of verbeteringen van definities, maar er moet wel worden gestart. Een aantal steden is Amsterdam voorgegaan en deze moeten worden gevolgd, zodat samen met deze steden voorop wordt gelopen.
19
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid STAARTJES noemt het Trumpiaans dat er zonder belangen af te wegen overheen wordt gewalst. Lid DE VOS stelt dat ook bedrijven vrijheid van meningsuiting hebben, maar als het gaat om belangen die de gezondheid van mensen schaden of het klimaat raken, valt hier aan te tornen. De norm zou omgedraaid moeten worden: in plaats van dat het mag, dat het gewoon niet mag, maar als er echt gegronde redenen zijn om het toch toe te staan, kan dat. Lid NORBRUIS denkt dat bij een concessie heel strakke voorwaarden worden meegegeven. Lid De Vos stelt nu dat het eigenlijk een onderhandeling is. Waarom geen strakke voorwaarden meegeven, zodat het goed geregeld kan worden? Lid DE VOS wijst erop dat het gevolg hiervan is dat in iedere concessieonderhandeling met een partij het weer trekken en duwen wordt. Als het in de APV wordt geregeld, dan is het voor iedereen duidelijk. Lid NORBRUIS stelt dat juist de raad voor concessie meegeeft wat moet worden meegenomen. Lid DE VOS meldt dat de concessies nog lopen, soms wel acht jaar en dit is veel te lang om op te wachten en nu moet een nieuwe standaard worden ingesteld. Waarom blijft de wethouder inzetten op de weg van overleg met de reclamebranche? Aanpassing van de APV door strengere voorwaarden aan buitenreclame zou financiële impact hebben op de gemeentelijke begroting.
Deze impact is er toch ook als het via concessies wordt geregeld? De wethouder stelt dat het voor het weren van fast fashion het beste zou zijn om alle reclame voor kleding te weren en eventuele uitzonderingen te maken voor producenten die bijvoorbeeld bepaalde keurmerken hebben. Dit lijkt een goed voorstel. Hoeveel procent van alle kledingreclame betreft momenteel fast fashionreclame? Lid NOORDZIJ ziet een breed gedeelde wens als het gaat om fossiele reclames. Hij dankt de indieners voor het voorstel. De nog verdere verbreding naar dierlijk voedsel gaat voor de PvdA te ver. Wel kan deze zich vinden in het weren van fossiele reclames. Lid DE VOS vraagt of PvdA het met de PvdD eens is dat de intensieve veehouderij een grote uitstoter is van allerlei broeikassen. Lid NOORDZIJ wil zich op dit moment even houden bij het voorliggende voorstel. PvdA steunt het idee dat de gemeente betaalbaar, gezond en lokaal voedsel wil ondersteunen. Lid DE VOS stelt dat de discussie gaat over reclames die klimaatschade veroorzaken en hij herhaalt zijn vraag. Lid NOORDZIJ wil het debat niet verbreden naar de intensieve veehouderij. Zoals gezegd, gaat de verbreding naar het dierlijke voedsel voor de PvdA te ver. Wel wordt het voorstel voor de fossiele reclames gesteund. Lid DE VOS concludeert dat voor de PvdA het klimaat niet zwaarwegend is, maar dat het ideologische overwegingen zijn.
Lid NOORDZIJ laat deze conclusie bij de PvdD. Lid KREUGER vraagt of PvdA denkt dat minder mensen zullen gaan vliegen, omdat er in Amsterdam geen vliegreclame meer op straat hangt.
20
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid NOORDZIJ memoreert de reclames “Een beter milieu begint bij jezelf”. Politiek schiet vaak in een reflex om in te gaan op het individuele, terwijl juist moet worden gekeken naar het systeem van fossiel en fossiele reclames in dit geval, en dat dit moet worden gereguleerd. Lid KREUGER stelt dat reclame voor een groot gedeelte om het concurreren gaat en hij denkt niet dat minder wordt gevlogen omdat in Amsterdam geen reclame meer in bushokjes hangt. Lid NOORDZIJ denkt dat lid Kreuger het effect van reclame onderschat. Zowel in het voorstel als in de bestuurlijke reactie blijft het verhaal over de kosten vaag. Graag zou lid Noordzij zien wat de effecten zijn van de wijziging in Den Haag. Dit zou het voorstel meer juridische zekerheid bieden. De toelichting van de bestuurlijke reactie was in een aantal gevallen vaag zoals de uitspraak dat het juridisch complex is om uitzonderingen te maken voor lokale ondernemers. Kan de wethouder toelichten wanneer het juridisch complex is en wat er wel mogelijk is om een uitzondering te maken? Lid HENDRIKS vraagt wat het voor de PvdA mag kosten. Lid NOORDZIJ wil op dit moment geen getal noemen. Hij wil kijken naar de wijziging in Den Haag om vervolgens een afweging te kunnen maken over hoe dit in Amsterdam zou kunnen uitpakken. Lid NORBRUIS vraagt of lid Noordzij kan toelichten waarom hij naar Den Haag verwijst.
Lid NOORDZIJ licht toe dat de APV op een aantal punten in Den Haag vergelijkbaar is met die in Amsterdam. In Den Haag gaat het echt om fossiele reclames. Dit wordt op dit moment getoetst en hiermee worden de financiële gevolgen zichtbaar. Hier geldt de voorgestelde verbreding van dierlijk voedsel niet. Lid VELDHUYZEN constateert dat de PvdA en GL twee andere posities hebben. Na de verkiezingen zullen zij een gezamenlijke fractie vormen en de vraag is wat de gezamenlijke positie wordt. Lid NOORDZIJ zegt dat dit aan een volgende fractie is. Lid DE VOS vraagt zich af of lid Noordzij weet wat in zijn eigen landelijke partijprogramma staat over de eiwittentransitie. Lid NOORDZIJ hoort PvdD elke week een vraag stellen over het landelijke programma. Hij heeft hiernaar gekeken. Het deel van de fossiele reclames staat erin, maar ook kindermarketing waarover het in dit voorstel niet gaat. Lid DE VOS denkt dat kindermarketing, hoewel heel belangrijk, echt een verbreding van de discussie is. Hoe rijmt lid Noordzij de eiwittransitie met het niet willen stoppen van reclame voor voedsel van dierlijke herkomst? Lid NOORDZIJ constateert dat lid De Vos nu een heel specifiek punt uit het programma licht. Waar het werkelijk om gaat, is het standpunt over het aan banden leggen van commerciële reclames waarbij wordt begonnen met een verbod op fossiele reclames.
Lid DE VOS concludeert dat het partijprogramma misschien niet consequent is. Hij vraagt niet om het afschaffen van de intensieve veehouderij, maar om geen ruimte meer te bieden in Amsterdam om er reclame voor te maken.
21
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid NOORDZIJ stelt dat PvdA een ander standpunt heeft. Lid BILGIN zegt dat FvD voor keuzevrijheid staat en dit betekent dat iedereen die vlees en vis wil eten en wil vliegen dit mag doen. Dit geldt niet alleen voor welvarende mensen, maar ook voor mensen met een kleinere portemonnee. De VOORZITTER onderbreekt lid Bilgin voor een schorsing omdat er een probleem met de techniek is. Na korte tijd heropent zij de vergadering. Lid BILGIN vervolgt zijn betoog. Voor mensen met een kleinere portemonnee is het belangrijk dat zij advertenties kunnen vergelijken, zodat zij voor de laagste prijs kunnen kopen. Het verbieden van reclames beperkt voor deze mensen indirect de keuzevrijheid en zet bepaalde groepen in Amsterdam onder druk. Het initiatiefvoorstel is erg selectief en belicht veel zaken, zoals elektrische auto’s en zonnepanelen, niet. De indieners willen geen reclame voor vis en zuivel, maar deze zaken zijn heel gezond. Tot slot ontbreekt ook het kostenplaatje. In de provincie heeft een dergelijk voorstel tot de conclusie geleid dat een verbod op bepaalde reclames financiële consequenties heeft en uit de bestuurlijke reactie blijkt dat dit in Amsterdam ook het geval kan zijn. De gemeenteraad heeft de verantwoordelijkheid om het geld zo doeltreffend mogelijk uit te geven. Het is de vraag of een reclameverbod dit ook is.
Het geld zou ook besteed kunnen worden aan het stimuleren van initiatieven. Aangezien de kosten nog niet duidelijk zijn, is het voorstel nog niet gereed voor behandeling in de raad. Lid NORBRUIS zegt dat D66 voor een vrije stad staat en dit betekent liever niet teveel verbieden, maar vooral goede keuzes stimuleren. Zij ziet liever plantaardige advertenties aantrekkelijker worden dan dierlijk voedsel verbieden, door te variëren in tarieven of zendtijd zoals nu gebeurt met ideële reclame. D66 deelt de wens om de negatieve impact op het klimaat te verminderen door fossielvrije reclames en hiervoor is ook breed draagvlak. Het is goed om de andere inhoudelijke voorstellen verder te onderzoeken en hierin met andere gemeenten op te trekken, maar voor D66 gaan deze nu te ver. Qua vorm wordt de bestuurlijke reactie gevolgd. Lid VAN PIJPEN kent D66 als hartstochtelijk pleitbezorger voor allerlei reclameverboden als het gaat om zaken als roken en vapen. Dit heeft gezondheidseffecten net als de klimaatcrisis. Lid NORBRUIS leest in het voorstel inderdaad ook dat het gezondheidsaspect wordt genoemd als belangrijk punt. Zij zou in dat geval het voorstel ook verbreed willen zien naar gezondheid. Lid VAN PIJPEN heeft begrepen dat D66 ook een klimaatpartij is.
Gelooft lid Norbruis dan ook niet dat de klimaatcrisis de grootste bedreiging is voor de gezondheid? Lid NORBRUIS is ook woordvoerder duurzaamheid en zeker is klimaat een heel belangrijk onderwerp voor D66 en de fossielvrije richting wordt zeker ondersteund. Lid VAN PIJPEN zegt dat zij zelf woordvoerder zorg en gezondheid is. Is keuzevrijheid belangrijker dan de effecten van de klimaatcrisis voor de gezondheid? Lid NORBRUIS heeft zojuist gezegd dat D66 de richting van fossielvrij ondersteunt, maar dat dierlijk voedsel een stap te ver is. D66 pleit voor verandering via contractafspraken en landelijke richtlijnen in plaats van de route van de APV. Op dit moment ontbreekt een totaalplaatje; de financiële consequenties. D66 maakt graag een integrale afweging.
22
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid VAN PIJPEN memoreert dat minister Jetten heeft gepleit voor een wettelijke verplichting, maar deze is niet gerealiseerd vanwege de val van het kabinet. Zou lid Norbruis een wettelijke verplichting willen om fossiele reclame te verbieden? Lid NORBRUIS denkt dat het goed is om landelijke richtlijnen te onderzoeken en deze stap te maken. Uit onderzoek blijkt dat een verbod op fossiele reclames helpt, maar niet voldoende is. Juist doeltreffende maatregelen hebben de voorkeur van D66. Lid VAN PIJPEN brengt in herinnering dat veel experts destijds minister Jetten hebben geadviseerd om het wettelijke verbod op fossiele reclame in te stellen omdat dit effect zal hebben. Ondersteunt D66 het standpunt dat het inderdaad nodig is om fossiele reclames te verbieden? Lid NORBRUIS onderschrijft het standpunt om fossiele reclames te verbieden. Daarbij zou het goed zijn om hierover landelijke richtlijnen op te stellen en dit niet via de APV te regelen. Lid VAN PIJPEN zou het ook graag landelijk regelen, maar aangezien dit niet gebeurt, is het een logisch gevolg om het met de wettelijke mogelijkheden van de gemeente in Amsterdam te regelen. Lid NORBRUIS denkt dat op het moment dat het landelijk goed is georganiseerd, het niet in de APV aangepast hoeft te worden.
Daarnaast is de uitvoerbaarheid van een aanpassing in de APV, zoals in de bestuurlijke reactie ook wordt aangegeven, best ingewikkeld. Lid DE VOS hoort een groot deel van de bijdrage van D66 over keuzevrijheid gaan. Vindt lid Norbruis ook dat inwoners van Amsterdam de keuze wordt ontnomen om dierlijk voedsel te kopen met het voorliggende voorstel? Lid NORBRUIS pleit ervoor om de alternatieven te stimuleren in plaats van een verbod. Op dit moment ontbreekt het totaalplaatje met de financiële consequenties. Het vraagt om een integrale afweging. Lid DE VOS stelt dat er wel ruimte moet zijn voor alternatieven. Ruimte maken kan alleen door iets anders niet te doen. Lid NORBRUIS denkt dat het mogelijk is om alternatieven interessanter te maken door andere tarieven en door meer zendtijd. Lid NOORDZIJ begrijpt dat D66 liever een landelijk verbod ziet, maar tegelijkertijd staat het klimaat zo laag op het prioriteitenlijstje van het kabinet dat de verwachting niet is dat dit zal worden gerealiseerd. Waarom wil D66 het dan nu niet via de APV regelen? Lid NORBRUIS noemt de contracten en de concessies waarin het ook goed geregeld kan worden. Lid NOORDZIJ wijst erop dat met een APV-wijziging een gelijk speelveld wordt gecreëerd en hiermee een norm wordt gesteld. Lid STAARTJES verbaast zich over de inbreng van D66.
Enerzijds is er de vrije stad waar iedereen vrij is om reclame te maken, anderzijds is wel nodig om een landelijk verbod in te voeren voor een barbecue op houtskool. Lid NORBRUIS denkt dat het belangrijk is om naar draagvlak te kijken. Zij is benieuwd naar de integrale afweging zodat met draagvlak een keuze kan worden gemaakt. Kan de wethouder bevestigen dat de uitwerking van de verschillende scenario’s gereed is
23
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
voordat het nieuwe buitenreclamebeleid wordt behandeld en voordat een nieuw groot concessietraject wordt gestart? Lid STAARTJES vraagt of D66 draagvlak kan uitleggen. Lid NORBRUIS meent dat de samenleving klaar is voor fossielvrije reclame, maar dat er nog onvoldoende draagvlak is voor diervrij. Lid STAARTJES concludeert dat de vrije stad ophoudt op het moment dat een meerderheid besluit dat er wel een verbod komt op reclame voor dierlijk voedsel. Lid KREUGER ziet dit voorstel als een laatste poging omdat de coalitie in acht jaar niets voor elkaar heeft gekregen. Terwijl iedereen hier serieus over het voorstel praat, werken dit soort discussies uiterst vervreemdend voor mensen elders in de stad. Lid Kreuger noemt het een dieptepunt van wat hij in de raad heeft meegemaakt. Lid STAARTJES vindt het vraagstuk juridisch gezien uiterst boeiend en hij heeft de onderzoeken met veel plezier gelezen. Hij begrijpt dat het college even tijd nodig heeft gehad om zaken uit te zoeken. In aanloop van de verkiezingen van 2022 riepen prominente GL-leden en -politici op om alle reclame in de openbare ruimte te verbieden, omdat dit kapitalistisch en manipulatief is. Het initiatiefvoorstel is een verzwakte vorm hiervan. Het bevestigt het beeld dat de raad voornamelijk bezig is met ideologische hobby’s in plaats van met het oplossen van problemen van Amsterdammers.
Lid VAN PIJPEN vraagt of lid Staartjes het met haar eens is dat het inrichten van de openbare ruimte een kerntaak van de gemeente is. Lid STAARTJES noemt het een gemeentelijke verantwoordelijkheid. Lid VAN PIJPEN vraagt of ook sigaretten- en alcohol of gokreclames weer toegestaan moeten worden. Lid STAARTJES stelt dat deze verantwoordelijkheid van de gemeente met de grootst mogelijke zorgvuldigheid moet worden benaderd. Hij is geschrokken van de nonchalante houding van de initiatiefnemers waarmee de regels zijn geformuleerd waarbij de zorgvuldigheid ontbreekt. Lid VAN PIJPEN is het eens met de VVD dat zorgvuldigheid boven alles moet gaan, dus ook zorgvuldigheid bij het oplossen van problemen zoals de klimaatcrisis met behulp van de kernverantwoordelijkheden die de gemeente heeft in de openbare ruimte. Zij herhaalt haar eerdere vraag over andere reclame-uitingen. Lid STAARTJES wijst erop dat er weliswaar beperkingen zijn, maar alcoholreclames zijn nog steeds mogelijk. Rookreclames zijn op een bepaald moment beperkt door de wetgever na een lang en zorgvuldig proces. Hij vindt niet dat alle reclame altijd toegestaan moeten worden, maar het moet wel met een zekere zorgvuldigheid gebeuren en deze ontbreekt hier. Ook wordt de belangrijke rol ontkend die reclame speelt in de vrije markteconomie en de inkomsten die het de gemeente oplevert waarmee veel mooie dingen worden betaald.
Lid Staartjes betreurt het dat het college de hoofdlijnen van het voorstel omarmt, maar vooral vanwege praktische redenen het voorstel beperkt uit wil voeren. Een voorbeeld kan worden genomen aan de provincie Noord-Holland dat met voortschrijdend inzicht is teruggekomen op een eerder besluit om dit soort reclame te verbieden. Lid DE VOS stelt dat de huidige klimaatminister van VVD-huize is. Op dit moment moet zij zich in het kabinet in allerlei bochten wringen om de Nederlandse doelen te behalen. Zou het haar niet helpen als consumenten in Nederland wat minder producten zouden kopen die een belasting voor het klimaat vormen?
24
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid STAARTJES zou het mooi vinden als consumenten de minister hiermee willen helpen. Lid VELDHUYZEN zegt dat De Vonk het initiatiefvoorstel steunt. Hij is nog wel benieuwd wat de kiezer krijgt als wordt gestemd op de PvdA of GL, omdat beide partijen een andere positie hebben. De Vonk zou zelfs nog een stap verder willen gaan dan het voorstel met verwijzing naar de motie van lid Van Pijpen uit 2020 waarin wordt verzocht om verschillende scenario’s uit te werken, waaronder het scenario om buitenreclame in eigen beheer te nemen. College Wethouder VAN DER HORST heeft al schriftelijk excuses gemaakt voor het feit dat de bestuurlijke reactie op zich heeft laten wachten. Tegelijkertijd is het een ingewikkelde kwestie waarvoor zaken uitgezocht moesten worden. Als het gaat om het bestrijden van de klimaatcrisis loopt Amsterdam graag voorop en wordt geprobeerd om die crisis tegen te gaan. Hiervoor moeten maatregelen worden genomen die gezien de capaciteit heeft meest effectief zijn. In de raad is eerder al een motie aangenomen over fossielvrije reclame en het is proportioneel om hier nu op in te gaan zetten. In de APV regelen is juridisch kwetsbaar, veel werk en heeft nadelen. Voor alleen fossielvrij is de hoop dat dit niet pas bij afloop van de contracten in 2029 kan worden geregeld, maar tijdens een goed gesprek in de lopende contracten.
Lid VELDHUYZEN stelt dat ingeval van een wezenlijke wijziging van een opdracht een aanbestedingsprocedure moet worden opgestart. Is dat in dit geval ook niet van toepassing? Wethouder VAN DER HORST licht toe dat het in dit geval gaat over in overleg tot iets komen en zij heeft zeer goede hoop dat dit zal lukken. Lid DE VOS ziet hier een verband met het dossier van de fatbikes. De wethouder heeft haar tanden hier in gezet ondanks de definitiediscussie in Den Haag. Deze urgentie mist hij in dit dossier; om naast Den Haag te gaan staan. Wethouder VAN DER HORST ziet dit verband niet. De minister wil niets doen terwijl het college kijkt naar hoe het nog eerder in de contracten opgenomen kan worden. Het college vindt het bestrijden van de klimaatcrisis belangrijk, maar wil zaken wel pragmatisch aanvliegen. De ontwikkelingen in Den Haag worden goed gevolgd. Amsterdam loopt in veel voorop, maar soms lopen anderen voorop en is het goed om af te wachten wat daar gebeurt. Tegengaan van reclame die op kinderen is gericht is een landelijke trend die vooral samen moet worden aangegaan. Niet de wethouder, maar het college heeft hierover een besluit genomen. Sommige zaken liggen juridisch ingewikkeld. Reclame van specifieke bedrijven weren betekent een inperking van vrijheid van meningsuiting.
Lid VAN PIJPEN voelt zich aangesproken over de opmerking van de wethouder en licht toe dat zij redeneert vanuit antwoorden op technische vragen waarin is gemeld dat het een politiek-bestuurlijke afweging is. Wethouder VAN DER HORST heeft gereageerd op “de opvatting van deze wethouder”. Het is een uitdaging om te bepalen welke bedrijven wel en welke geen reclame mogen maken voor welke producten. Daarom is gekozen voor het product en niet voor het bedrijf waarbij het belangrijk is dat reclame niet misleidend is en met het voorbehoud dat het merendeel van de activiteiten duurzaam is. Het definiëren van welke kleding fast fashion
25
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
is en welke niet is ingewikkeld gebleken waarmee er geen duidelijke basis voor regulering hiervan is. Op dit moment is de verwachting dat het meeste resultaat kan worden behaald door in gesprekken met contracten fossielvrij in te kunnen voeren. Lid STAARTJES noemt dit vlees nog vis en stelt dat het gerommel in de marge is. Het college zou ook kunnen zeggen dat het technisch onuitvoerbaar is en het gewoon niet doen. Wethouder VAN DER HORST heeft ook gezegd dat er op dit moment geen definitie is voor fast fashion waardoor het lastig is om dit te doen. Lid STAARTJES bedoelt met gerommel in de marge het overleg. Hij adviseert om voorlopig de huidige situatie te behouden. Als blijkt dat meer mogelijk is, kan het gesprek opnieuw worden gevoerd. Wethouder VAN DER HORST vraagt of lid Staartjes het over alles of over fast fashion heeft. Lid STAARTJES heeft het over het overleg met de lopende concessies. Wethouder VAN DER HORST ziet een duidelijke opdracht van de gemeenteraad liggen en zij voert graag opdrachten van de gemeenteraad uit. Op basis van een motie van lid Van Pijpen inzake de toekomst van buitenreclame is toegezegd om met een brief te komen over de mogelijkheden voor toekomstig beleid en toekomstige contracten. Door de behandeling van het initiatiefvoorstel heeft dit enige vertraging opgelopen, maar deze komt naar verwachting voor de zomer.
Lid NOORDZIJ vraagt of in deze brief ook de afweging tussen APV of een concessie wordt meegenomen. Wethouder VAN DER HORST stelt dat het in de lopende contracten wel is toegestaan en hier zal overleg over worden gevoerd. De weg van de APV en de juridische procedures zullen ook niet op korte termijn geregeld kunnen worden. Een nieuw contract start pas in 2029. Waar mogelijk wordt het nu al aangepast. Naar aanleiding van de uitkomst van dit debat zullen de gesprekken over de contracten worden hervat. Lid VELDHUYZEN weet dat JCDecaux bijvoorbeeld meer digitale schermen wil. Kan de wethouder toezeggen dat als het via concessies wordt geregeld er geen tegenprestaties zoals deze worden bedongen? Wethouder VAN DER HORST vindt het lastig om hierop vooruit te lopen, maar zij heeft dit verzoek goed gehoord. Lid BOBELDIJK denkt dat alle discussies niet gevoerd hoeven worden op het moment dat Amsterdam alles in eigen beheer gaat uitvoeren. Wethouder VAN DER HORST heeft eerder op deze vraag geantwoord dat dit zaken niet per se effectiever of goedkoper zou maken. Tweede termijn Lid DE VOS vindt het belangrijk dat duidelijk is dat het om een discussie gaat over de ruimte die multinationals krijgen om consumenten op een geraffineerde manier te laten kiezen voor producten die niet goed zijn voor de planeet en niet goed zijn voor mensen zelf.
Lid VAN PIJPEN stelt naar aanleiding van de opmerking van lid Veldhuyzen over onderhandeling over contracten dat het regelen in de APV dit soort discussies voorkomt.
26
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Economisch gezien is dit heel eerlijk ten opzichte van concurrenten. Op dit moment zijn er slechts kleine effecten op de kosten en het is de vraag of het leidt tot minder inkomsten. Op basis van het debat gaat lid Van Pijpen kijken naar de definities. GL wil graag dat Amsterdam voorop blijft lopen, omdat de stad veel effect heeft. De VOORZITTER concludeert dat de indieners met een aangepast voorstel zullen komen. De vergadering wordt voor een korte pauze geschorst. 7. Puccinimethode: waterdoorlaatbare, waterpasserende en doorgroeibare tegels Nr. VN2025-002151 De VOORZITTER heropent de vergadering en deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd door leden De Vos (PvdD) en Van Munster (GL). Lid De Vos heeft geen spreektijd meer. Lid VAN MUNSTER vraagt of het met betrekking tot waterdoorlaatbare, waterpasserende en doorgroeibare tegens om ja-tenzij-beleid gaat of dat het mogelijk is maar niet wordt toegepast. Wethouder VAN DER HORST zegt dat het mogelijk is, maar niet overal. Op plekken waar veel wordt geparkeerd, heeft het niet zoveel effect. Op plekken waar weinig of niet langdurig wordt geparkeerd, zoals op sportvelden, wordt dit toegepast als er iets nieuws wordt aangelegd. Lid VAN MUNSTER vraagt of dit betekent dat het wordt toegepast tenzij het niet mogelijk of niet nuttig is.
Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat het op veel plekken die heel druk zijn, zoals in het centrum, het geen overweging is. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 8. Afdoening motie 358 Structurele financiële bijdrage van Amstelveen aan het Amsterdamse Bos en stand van zaken Amsterdamse Bos duurzaam op orde Nr. VN2025002157 Agendapunt 8 wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering. 9. Digitale reclame in wachthuisjes van de tram Nr. VN2025-002198 De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd door de leden Veldhuyzen (De Vonk) en Bobeldijk (SP). Lid VELDHUYZEN vraagt zich af waarom JCDecaux een vrijbrief heeft gekregen om op diverse locaties analoge reclame te vervangen door digitale schermen met wisselende beelden, ondanks dat dit indruist tegen het contract waarin duidelijk staat dat reclame statisch en niet roterend mag zijn. In beantwoording van schriftelijke vragen van De Vonk schrijft het college te begrijpen dat gemeentelijk beleid op veel onderdelen negatieve gevolgen had voor de exploitatie van JCDecaux en dat de gemeente een betrouwbare handelspartner wil blijven. Dit houdt in dat de gemeente toegeeft aan de eisen van JCDecaux onder dreiging van een rechtszaak.
De Vonk zou voorstellen om het bedrijf de deur te wijzen en toe te werken naar een gemeentelijk reclamebureau, zodat eindelijk een punt kan worden gezet achter de bijna veertigjarige samenwerking tussen de gemeente en JCDecaux.
27
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Hoe is het mogelijk dat het college een afspraak maakt met JCDecaux zonder de raad hierover in te lichten, dan wel te betrekken, ondanks de betrokkenheid en kritiek vanuit de raad? Uit juridisch advies is gebleken dat de gemeente op basis van het contract digitalisering van abri’s niet hoeft toe te staan. Waarom zijn de wijzigingen van JCDecaux vervolgens alsnog doorgevoerd? Ingeval van een wezenlijke wijziging van een opdracht moet er een nieuwe aanbestedingsprocedure worden opgestart. Hier is onder andere sprake van als diensten worden toegevoegd en de vervanging door digitale schermen met wisselende beelden is volgens lid Veldhuyzen een wezenlijke wijziging. Lid BOBELDIJK is vooral verbaasd over het feit dat er een contract is waarin staat dat er geen wisselende beelden in abri’s mogen zijn en dat dit vervolgens toch wordt gedaan terwijl eigen juristen stellen dat hieraan toegeven niet nodig is. Is het standaardbeleid om in onderhandeling te gaan als er geen juridische grondslag is om iets weg te geven? Bij andere partijen is ten tijde van COVID ook wel eens iets weggegeven, maar hierbij werd gekeken naar de financiële positie van een partij. Een voorbeeld hiervan was een evenementenorganisatie. De financiële positie van JCDecaux is niet echt een overweging om iets weg te geven. De antwoorden op schriftelijke vragen hebben lid Bobeldijk zeer verbaasd.
Lid VAN MUNSTER sluit zich in grote lijnen aan bij de vorige sprekers. Het is schaamteloos hoe een dergelijk bedrijf het mes op de keel van de gemeente zet en hier nog voor wordt beloond ook. Het is begrijpelijk dat de gemeente geen behoefte heeft aan een juridische procedure, maar het is niet duidelijk waarom JCDecaux op deze manier ondersteund moet worden. Lid Van Munster is benieuwd hoe de wethouder kijkt naar deze wijziging met betrekking tot het contract. Ook is hij benieuwd naar een reactie op de motie van lid Van Pijpen over een gemeentelijk reclamebureau. Het contract wordt richting zomer vastgesteld. Vindt de wethouder het prettig als een voorstel wordt geamendeerd of nu al met moties te komen die meegenomen kunnen worden bij het tot stand komen van beleid? Wethouder VAN DER HORST vindt het ingewikkeld om bedrijven met grote omzetten weg te zetten als boevenbedrijven. Lid VELDHUYZEN wijst erop dat het niet zomaar om een bedrijf met een grote omzet gaat, maar om een bedrijf dat namens een advocaat een brief heeft gestuurd aan de gemeente om een lopend contract te wijzigingen dat indruist tegen de jurisprudentie van het Europese Hof. Wethouder VAN DER HORST stelt dat een brief naar de gemeente sturen geen misdrijf is. Ook bewoners schrijven brieven met juridische procedures. De gemeente is gewend om met grote partijen in gesprek te zijn en is hier ook niet bang voor.
Er wordt al veertig jaar met deze partij gewerkt en Amsterdam is over het algemeen tevreden over de dienstverlening. Ook is de gemeente tegen teveel juridische procedures, zeker als de kans erin zit om ergens minnelijk uit te komen. Lid VELDHUYZEN vraagt of de wethouder het onderdeel vindt van een normale samenwerking om een brief van een advocaat richting de gemeente te sturen. Wethouder VAN DER HORST erkent dat dit niet heel gebruikelijk is, maar vervolgens probeert de gemeente in redelijkheid uit zaken te komen ten behoeve van een goede dienstverlening in de stad. Lid BOBELDIJK herkent dat er af en toe brieven van advocaten komen, maar hij vindt het in dezen bijzonder dat eigen juristen aangeven dat er geen enkele reden tot aanpassing is, maar dat het contract blijkbaar toch wordt aangepast.
28
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Wethouder VAN DER HORST zegt dat het vaker gebeurt dat er een juridisch advies komt en dat vervolgens een inschatting wordt gemaakt van de kansen en van hoe lang een procedure gaat duren, wat het gaat kosten en wat er wordt bereikt. Lid BOBELDIJK vraagt wat er anders zou zijn gegaan als geen advies was gevraagd. Het is eigenlijk de vraag waarom überhaupt advies is gevraagd. Wethouder VAN DER HORST denkt dat het altijd goed is om intern advies te vragen, om dit te bespreken en vervolgens een afweging te maken. Zij herkent de wens van bepaalde partijen voor minder reclame en dit is ook goed en in aanloop van nieuw beleid moeten er kritische gesprekken worden gevoerd. Voor haar is het prima om op dat moment met de gemeente te spreken en eventueel amendementen in te dienen, omdat dan het overzicht compleet is. Lid VELDHUYZEN wijst erop dat het in dit geval niet alleen om een door de gemeente ingeschakelde jurist gaat, maar uit het Woo-verzoekt blijkt dat allerlei ambtenaren aangeven dat het niet klopt, evenals het nationaal adviesbureau Buitenreclame. Laat de gemeente zich niet teveel intimideren door JCDecaux? Wethouder VAN DER HORST herhaalt dat het college het anders heeft afgewogen en zij staat hier achter. Lid BOBELDIJK vraagt of de uiteindelijke afweging aan de bestuurlijke tafel heeft plaatsgevonden of dat deze door ambtenaren is gedaan.
Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat het een afweging van de gemeente is en het gaat om een continu proces. Lid VAN MUNSTER blijft bij het standpunt dat JCDecaux misbruik maakt van haar positie. Hij begrijpt dat de gemeente geen juridische procedure wil aangaan, maar dit is iets anders dan hierover een gesprek voeren. In plaats hiervan wordt gedreigd met een rechtszaak. Lid VELDHUYZEN verzoekt de wethouder om de commissie inzage te geven in de brief van de advocaat van JCDecaux en hij begrijpt dat dit in de vertrouwelijkheid moet. Wethouder VAN DER HORST zal nagaan wat de mogelijkheden hiervoor zijn. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 10. Bespreken van de raadsinformatiebrief knelpuntenaanpak klimaatadaptatie en de afdoening van twee moties Nr. VN2025-002150 Agendapunt 10 wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering. Water (inclusief Varen) 11. Raadsinformatiebrief Stand van zaken beleid passagiersvaart Nr. VN2025-002152 12. Kennis te nemen van de raadsinformatiebrief Mogelijke richtingen nieuw passagiersvaartbeleid Nr. VN2025-003015 Agendapunten 11 en 12 worden gevoegd behandeld. De VOORZITTER deelt mee dat het onderwerp is geagendeerd op verzoek van lid Hendriks (Volt).
29
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid HENDRIKS is blij met de complete brief en de technische sessie. Vanuit de branche hoort hij ook voorzichtig optimisme. Naar aanleiding van de uitspraak van de rechter om te pauzeknop in te drukken, is er de kans om nu goed, houdbaar beleid te schrijven. De problemen op bepaalde plekken moeten in kaart worden gebracht en hierop moet gericht beleid worden gemaakt. Is de wethouder het met Volt eens dat maatwerk een uitweg kan bieden in dit complexe dossier? De wethouder wordt opgeroepen om het nieuwe beleid met alle geleerde lessen in het achterhoofd blanco te beginnen. Nadat dit met de raad is besproken, kan met de branche, de stakeholders en bewoners worden gesproken. Ondanks het goede werk zit er nog veel pijn en wantrouwen in de branche. Pas als dit hersteld is, kan het beleid verder worden gebracht. Lid Hendriks is daarom benieuwd naar hoe het aankomende participatieproces eruit komt te zien. Kan dit worden gedeeld? Nieuwe reders spraken vandaag al over een convenant. Wat vindt de wethouder hiervan? Ziet de wethouder ruimte om in het nieuwe beleid heel veel maatwerk toe te passen? In de branche leven terecht zorgen over de verdeling van de op- en afstapplekken. Het zou mooi zijn als alles samenkomt in het nieuwe beleid. In de brief staat één voorstel met betrekking tot handhaving.
Heeft de wethouder hier nog meer ideeën bij? Hoe ziet de wethouder de noodzaak van handhaven bij eventueel nieuw beleid? Het idee van het CDA om een coöperatie op te richten van kleine reders kan veel voordelen opleveren voor zowel de ondernemers als de gemeente. Hoe ziet de gemeente dit? Lid KREUGER is blij met de nieuwe richting, maar JA21 is toch nog niet helemaal gerustgesteld gezien het volumebeleid dat nog boven de markt hangt. Hij denkt dat het hiervoor nodig is om helemaal terug te gaan naar de basis van het probleem. Lid Kreuger ziet ten aanzien van vergunningen geen problemen. De steigers zijn ingewikkelder en eigenlijk moeten er vooral meer steigers worden aangelegd voor nieuwe toetreders. Voor JA21 is het ondenkbaar dat bestaande steigers die er al langere tijd liggen, worden herverdeeld en de vraag hierbij is wanneer de huurovereenkomsten hiervan weer terugkomen. Lid HENDRIKS vraagt of lid Kreuger dit laatste eerlijk vindt tegenover nieuwkomers. Lid KREUGER heeft daarom gesteld dat er nieuwe steigers bij moeten komen. Bij de bestaande steiger zit al iemand en die heeft het recht om hier te blijven. Lid NOORDZIJ ziet in deze brief zoals altijd een zoektocht naar de grenzen en de mogelijkheid van de dienstenrichtlijn. Zelfs als steigers worden toegevoegd, blijft er schaarste bestaan.
Gelden er nog steeds beperkingen van de dienstenrichtlijn inzake de op- en afstapplekken? Lid KREUGER vraagt of de steiger volgens de PvdA onder de dienstenrichtlijn valt. Lid NOORDZIJ antwoordt dat hij deze vraag aan de wethouder stelt. Lid KREUGER wijst erop dat de steiger niet binnen de dienstenrichtlijn valt. Lid NOORDZIJ hoort dit graag van de wethouder. Binnen de dienstenrichtlijn is heel veel onduidelijkheid. Verder is het goed als de oudere plannen, waaronder het InnovatieLab, ook worden betrokken. Zouden maatregelen in de passagiersvaart kunnen botsen met andere ambities, zoals het vervoer van afval over water? Lid KREUGER stelt voor om het volumebeleid af te schaffen. Lid NOORDZIJ vindt het te vroeg om maatregelen uit te sluiten en hij wil na de uitkomst van onderzoeken toetsen aan het uitgangspunt.
30
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
Lid KREUGER zegt dat het over een veilige doorvaart gaat, over overlast, drukte. Hij vraagt zich af welk probleem moet worden opgelost. Lid NOORDZIJ licht toe dat een veilige doorvaart samenhangt met hoe ver de commercialisering hier ruimte voor biedt. Lid KREUGER wijst erop dat de onderzoeken al zijn uitgevoerd. TNO heeft nog voor 2020 onderzoek gedaan waaruit blijkt dat er zelfs op de drukste momenten nog twee keer zoveel boten op de grachten kunnen. Waarom wil de PvdA dit allemaal overdoen? Lid NOORDZIJ heeft lid Kreuger er niet eerder over gehoord dat deze onderzoeken overbodig zouden zijn. Er wordt veel gesproken over wat er nu op het water gebeurt, maar er moet ook naar de toekomst worden gekeken. Lid HENDRIKS vraagt wat de wethouder moet meenemen uit het InnovatieLab. Lid NOORDZIJ hoopt dat de onderzoeken die destijds zijn gedaan, worden betrokken in de uitwerking. Het probleem van all-you-can-drink moet los worden gezien van de passagiervaart. Hij is benieuwd hoe de wethouder dit ziet. Lid MOESKOPS geeft een compliment voor de bijpraatsessie die dermate verhelderend was dat de meeste details nu wel duidelijk zijn. Zij pleit voor aanhoudende aandacht en inzet, omdat de Amsterdamse reders dit verdienen. In de brief wordt niet gesproken over transport en logistiek in het water.
Hoe krijgt dit prioriteit in het vervolgtraject? Lid IJMKER denkt dat het goed is om de koers op de manier in te zetten zoals wordt geschetst in de brief. Ook is zij blij met het onderzoek naar volumebeleid. In alle onderzoeken moet aandacht blijven voor de andere ambities op het water. Wethouder SCHOLTES bevestigt dat er geen haast wordt betracht, maar dat er wel aanhoudende aandacht blijft. Ondanks het ongeduld denkt hij dat opnieuw moet worden begonnen en dat het goed is om te kijken naar welk probleem moet worden opgelost en op welke manier. Voor welke oplossing ook wordt gekozen, deze moet goed worden onderbouwd. Een eerdere toezegging om in november met nieuwe richtingen te komen, was wat naïef. Wel is duidelijk aan welke richtingen moet worden gewerkt. Het all-you-can drink dossier kan los van het passagiersbeleid worden uitgewerkt. Een ander belangrijk element is hoe om te gaan met de op- en afstapplekken van de vier reders van wie de contracten aflopen. Het uitgangspunt is dat de oude rechten zo veel mogelijk gerespecteerd moeten worden. De contracten zijn opgezegd, zodat wel marktconform tarief wordt betaald. Ook moet het gesprek worden gevoerd of echt alle 42 van de 48 exclusieve opstaplocaties nodig zijn.
De voorzieningenrechter heeft aangegeven dat het niet wenselijk is dat er niets gebeurt, maar tegelijkertijd moet er wel oog zijn voor de bedrijfsvoering van de klassieke reders. Hiermee hoeft niet het nieuwe beleid afgewacht te worden en kunnen eerder stappen worden gezet. Lid HENDRIKS vraagt zich af in hoeverre dit de verhoudingen niet op spanning zet terwijl het juist de bedoeling is om er samen uit te komen. Wethouder SCHOLTES denkt dat eerder al duidelijk is gemaakt dat met de vier reders moet worden overlegd welk tarief wordt betaald. Als de onderzoeken zijn afgerond, kan een bod worden gedaan voor hoe zij na 2026 gebruik kunnen maken van de steigers. Ook wil de wethouder het gesprek aangaan over of alle steigers nodig zijn. Tegelijkertijd is het zaak om voor de andere reders meer steigers te creëren. Zoals bekend, is dit in de binnenstad best een uitdaging. Op uitdrukkelijk verzoek van de hospitalityreders wordt ook
31
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
gekeken naar nieuwe openbare afmeerplekken buiten het centrum en in het open havenfront wordt beken hoe meer exclusieve plekken gecreëerd kunnen worden. De suggestie van CDA voor een soort coöperatie van reders is interessant, maar ook spannend omdat het de vraag is of zij het onderling eens kunnen worden en of het wenselijk is om het beheer van de openbare ruimte over te hevelen naar een private partij. De wethouder heeft niet de illusie dat alle reders altijd tevreden zullen zijn. Lid HENDRIKS wijst erop dat reders met een exclusieve steiger ook het beheer van iets in de openbare ruimte hebben. Hij denkt dat een coöperatie vooral een mogelijkheid is om reders die nu tegenover elkaar staan, samen wat optimaler gebruik te laten maken van plekken. Wethouder SCHOLTES begrijpt dit, maar private samenwerking moet wel lukken. In het vonnis van de RvS staat nog steeds overeind dat het over een vlotte en veilige doorvaart en over het verdelen van de schaarse plekken gaat. Hierop zal ook de wethouder zich het meest focussen. Handhaving is altijd een uitdaging. Geprobeerd wordt om regels eenvoudiger en handhaafbaar te maken, omdat de capaciteit schaars blijft. Een convenant is een interessante optie, maar ook hier is de vraag wat de gevolgen zijn als niet alle reders zich hieronder scharen. In april zal een plan van aanpak worden gedeeld met de commissie.
Voor participatie zal extra aandacht zijn voor reders en ook voor andere betrokken partijen. Hiervoor zal een externe partij worden ingeschakeld die vanaf volgende maand al aan de slag gaat om met de reders het gesprek aan te gaan. Op basis hiervan volgt verdere participatie. Transport over water is ook echt een prioriteit van het college. Het is belangrijk om integraal te kijken naar gebruikers op het water. Hiervoor moeten voorzieningen komen waar de concurrentie om ruimte weer zal spelen. Op dit moment gelden venstertijden voor transport over water. Als hier ruimer mee wordt omgegaan, moet worden bekeken wat de gevolgen zijn voor de drukte op het water. Lid MOESKOPS wijst erop dat wethouder Van der Horst werkt aan de logistieke visie. Een oproep is om deze in de gaten te houden, zodat niet daarin of in het nieuwe beleid onomkeerbare besluiten worden genomen die botsen. Wethouder SCHOLTES meent dat wethouder Van der Horst na de zomer met het actieplan Transport over water komt en hier kijkt hij nauwgezet in mee. De dienstenrichtlijn geldt niet voor steigers. Deze is voor bestuursrechtelijke schaarse vergunningen. Voor de steigers geldt het Didam-arrest. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 13. Bespreken van Grachtenmonitor 2024 en raadsinformatiebrief Nr. VN2025-002155 Agendapunt 13 wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering.
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 14. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief met de resultaten deelfietsexperimenten en twee opties voor vervolg Nr. VN2025-002737
van
de
Agendapunt 14 wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering. Openbare Ruimte en Groen
32
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Mobiliteit, Openbare Ruimte en Water Concept-raadscommissieverslag, 20 maart 2025
MOW
15. Initiatiefvoorstel van het lid Van Pijpen getiteld ‘Groencoöperaties: Voor Duurzaam & Democratisch Vergroenen van Amsterdam’ Nr. VN2025-003391 Agendapunt 15 wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering. Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 16. Leveranciers en reparateurs mijden binnenstad door emissievrij Nr. VN2025003559 Agendapunt 17 wordt doorgeschoven naar een volgende vergadering. Sluiting De VOORZITTER dankt de aanwezigen voor hun bijdrage en sluit de openbare vergadering om 18.04 uur. De volgende vergadering vindt plaats op 17 april 2025. .
33