CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag KDD 23-06-2021

Raadscommissie Kunst Diversiteit en Democratisering 1 september 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie KDD d.d. 23 juni 202114.752 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Is de wethouder het met GroenLinks eens? De heer VELDHUYZEN mist het woord mensenrechten in het stuk. Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat een doel of concreet bedrag voor de sociale firma’s lastig is, aangezien er een beperkt aantal sociale firma’s en producten is. Aanbesteden is maatwerk en de sociale impact wordt telkens overwogen. In 2020 is de gemeentelijke inkoop bij sociale firma’s met 45% gestegen, ondanks de coronacrisis. Het gaat om 1 miljoen euro. Spreker is het eens met GroenLinks: innovatie is geen doel. De vraag naar mensenrechten is een ingewikkelde kwestie vanwege de complexe productieketens voor kleding, ICT, natuursteen of voedsel. Men volgt daarbij de internationale regels. De heer VELDHUYZEN vraagt extra oog te hebben voor mensenrechten bij de inkoop. Wethouder GROOT WASSINK is daartoe bereid. De VOORZITTER stelt vast dat het punt naar de raad van 15 september 2021 kan. Zij schorst de vergadering om 17.20 uur. De VOORZITTER heropent de vergadering om 19.30 uur. Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel) 12. De gemeenteraad te adviseren om in te stemmen met de raadsvoordracht tot vaststelling van de inrichting van het bestuurlijk stelsel vanaf 2022 Commissie De heer HUISMAN heeft al eerder geconstateerd dat houding, gedrag en cultuur de belangrijkste factoren zijn om het vertrouwen van de burger in de overheid weer terug te winnen.

Een perfect stelsel zal nooit bestaan, maar participatie en echt luisteren naar de burgers helpen wel. Afgelopen tijd gaat het vaak over macht en tegenmacht. Een veelgehoorde klacht is dat Amsterdammers zich niet gehoord voelden en een verandering van bestuurlijk systeem alleen zal daar niet veel aan kunnen bijdragen. Hoe kan de noodzakelijke cultuurverandering plaatsvinden, zo vraagt spreker aan de wethouder. De

18

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

hoofdlijnen geven nog te weinig reflectie en concrete acties aan. De CU heeft moeite met de kaders en scenario’s, controlerende taken, begroting en bevoegdheden. Spreker doet de oproep aan de wethouder om het simpel te houden. De wijzigingen moeten goed uitlegbaar zijn aan de Amsterdammers. Wie is waar verantwoordelijk voor? Er zijn nog vragen over de varianten binnen de scenario’s. Er moet een bestuursmodel komen waarin de democratie voor de burger het sterkste is. Wordt dat in model B het beste gewaarborgd? De CU zal over een paar weken een keuze maken, waarbij belangrijk is dat de samenstelling van het dagelijks bestuur overeenkomt met de plaatselijke verhoudingen die niet per sé overeen moeten komen met die van de centrale stad. De heer VROEGE vraagt hoe men wil organiseren dat het DB de kleur van het stadsdeel moet hebben. Worden zij door het college benoemd, of door de stadsdeelcommissieleden? Kent de CU de nadelen van een stelsel zoals scenario C voorstaat? De heer HUISMAN vindt het stemmen door de stadsdeelcommissie daarbij essentieel. Of de CU voor scenario C zal stemmen, zal in de raad blijken. Hij heeft het betreffende rapport gelezen maar blijft bij zijn mening. Er is nog onvoldoende inzicht in financiële paragraaf en de extra kosten van het voorkeursscenario, ook van de extra ondersteuning van ambtenaren.

Spreker is kritisch over de extra vergoedingen voor de commissieleden. Wordt die verhoging ook doorgetrokken naar de fractievertegenwoordigers van de centrale stad? Hoe zit het met het bewonersloket en de inkleding van de bewonerspanels? Regelmatige zelfreflectie van de bestuurders, lokale politici en van de raad zelf is het begin van de noodzakelijke veranderingen om te komen tot een gezonde democratie in de stad. De heer VROEGE kan zich bij veel punten aansluiten. Het nieuwe stelsel moet een zo groot mogelijk draagvlak krijgen. De laatste maanden stemmen hem hoopvol. Er zijn nu vier varianten. De eerste variant bevalt niet, en variant C gold tussen 2014 en 2018, dus blijven de varianten B en D over. Die laatste twee lijken op elkaar, maar het echte verschil gaat zitten in de houding: hoe gaat men met elkaar om, om het systeem goed te laten werken? Mevrouw GROOTEN vraagt of het DB een afspiegeling moet zijn van de verkiezingsuitslag in het stadsdeel. Moeten alleen DB’ers van de coalitiepartijen worden benoemd? Moet de raad er vooraf op aansturen dat het DB diverser zal worden, aan de hand van de uitkomst van de lokale verkiezing? De heer VROEGE vindt dat het dualisme eist dat er sprake moet zijn van een afspiegeling van de kiezer. Waar gaan de stadsdelen straks over? Welke taken en bevoegdheden krijgen zij? Dat moet voor de raad en de kiezer vooraf duidelijk zijn.

Het college of de raad benoemen de DB’ers, ook als die geen lid van een partij zijn. Een partijlidmaatschap is niet bepalend voor een goede bestuurder. De heer BIEMOND stelt vast dat D66 vindt dat het dagelijks bestuur een afspiegeling moet zijn van de uitslag van de verkiezingen in het stadsdeel. Pleit D66 voor het indirecte kiezen van de bestuurders in het stadsdeel? Is het model C niet het meest democratisch, namelijk bestuurders gekozen door de stadsdeelcommissieleden? De heer VROEGE antwoordt dat de kiezers op hun vertegenwoordigers stemmen en de gemeenteraad de afspiegeling van de bewoners is. Daaruit voort komt het college. De kiezer kiest ook de stadsdeelcommissieleden als de oren en ogen van het stadsbestuur. Idealiter zijn de bestuurders ook divers, maar men moet niet terug naar de situatie van 2014 waarbij door politieke partijen in de stadsdelen structureel oppositie is gevoerd via de stadsdeelbestuurders. Dat was funest voor het vertrouwen in de politiek. De deelgemeentes zijn helaas afgeschaft. Men moet niet doen of deelgemeentes wel mogelijk zijn. Men moet een model zoeken, wat kan en mag volgens de gemeentewet. De stadsdelen moeten stoppen met gemeenteraad spelen op een ander niveau dan de gemeenteraad zelf. Dat

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

was de opdracht van de wetgever, al was spreker het er niet mee eens. Terugkeren naar de situatie 2014-2018 is onverstandig. Mevrouw VAN SOEST vindt dat men de onderhandelaars in Den Haag moet verzoeken deelgemeentes weer toe te staan. De heer VROEGE heeft dat verzoek al doorgegeven aan zijn partijgenoot in Den Haag. Voor nu moet men het doen met de huidige wet. Het benoemen van de DB’ers kan via de raad plaatsvinden, wellicht met een hoorzitting in het stadsdeel. In het huidige systeem is niet goed geregeld wat er gebeurt als de samenwerking DB en stadsdeelcommissie stukloopt. Vertrouwen moet men kunnen opzeggen. Moet daarvoor niet iets worden geregeld? Territoriale commissies zijn geen goed idee, al zijn themavergaderingen van de raad over een stadsdeel uiteraard wel nuttig. Het idee van gelote panels moet men dichterbij brengen bij de burgerfora, als instrument van het stadsdeel zelf. De heer BIEMOND vraagt of de ooit door D66 ingediende motie over burgerfora hetzelfde idee was. De heer VROEGE bevestigt dat het gaat om zijn initiatiefvoorstel over burgerfora. Het aantal leden per stadsdeelcommissie moet minimaal elf worden, waarbij men de verhoging van de vergoedingen iets kan afvlakken. Het is vreemd dat de raad pas laat is geïnformeerd over de stadsmoties en -amendementen, terwijl ook de vorm raar is als het college zelf moties en amendementen zou gaan piepen.

De heer MANGAL heeft een voorkeur voor een scenario waarbij het mandaat van de kiezer voorrang krijgt. Het gaat hem om een controlerende tegenmacht in het stadsdeel zodat er recht wordt gedaan aan het mandaat van de kiezer. Er moeten geoormerkte budgetten komen, te beheren door het stadsdeel zelf, evenals buurtreferenda. Met stedelijke dwingende kaders schiet men niets op, dus zijn consequenties nodig bij een unanieme tegenstem vanuit de stadsdeelcommissie over een stedelijk dwingend kader. Zo mogelijk moet de raad er dan nog eens naar kijken, met inspraak van het stadsdeel, of anders moet die commissie in gesprek gaan met de wethouder. Zonder de mogelijkheid van weigering van een stedelijk dwingend kader zal de situatie blijven zoals die nu al is. Het zetelaantal per stadsdeel moet corresponderen met het werkelijke aantal inwoners. NieuwWest met 180.000 inwoners moet meer zetels krijgen dan Zuid met 30.000 minder inwoners. De VOORZITTER geeft aan dat de fractie DENK geen spreektijd meer heeft. Mevrouw GROOTEN gaat in op het proces. Zelfs na twee technische sessies blijft het een grote puzzel. Het systeem moet zo simpel mogelijk worden ingericht, herkenbaar en dicht bij de Amsterdammer, transparant ook qua taken en bevoegdheden. Inzicht in de lijst van Choho en de update is nog voor de raadsvergadering nodig.

Geen enkel model is optimaal en een lobby in Den Haag blijft dus nodig, omdat nu volgens de gemeentewet niet mogelijk is wat een meerderheid echt wil. Er is een keuze tussen DB’ers die het coalitieakkoord gaan uitvoeren, of men vindt de democratische representatie in het stadsdeel doorslaggevend. GroenLinks vindt de democratische verantwoording en representatie belangrijker dan het uitvoeren van het coalitieakkoord door DB’ers. Dan komt men uit op model C, al zitten daar nadelen aan verbonden in verband met het oppositievoeren door stadsdeelbestuurders. Dat is echter te voorkomen door het DB niet te laten meestemmen met de fractie, of met behulp van een duidelijke taakverdeling of een bestuursakkoord. Cultuur is daarbij doorslaggevend. De heer BIEMOND begrijpt dat GroenLinks kiest voor model C in de variant dat bestuurders geen onderdeel uitmaken van de stadsdeelcommissie, dus model B. Klopt dat?

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

Mevrouw GROOTEN ontkent dat. Model C is te prefereren, maar zonder dat de bestuurders mogen meestemmen over hun eigen voorstellen. DB’ers hoeven ook niet op de verkiezingslijst te staan. Spreekster sluit zich aan bij D66 over het aantal zetels en de vergoeding. Het aantal inwoners moet gelinkt is aan het aantal zetels. De vergoeding moet minder fors omhoog, zodat het aantal vertegenwoordigers kan stijgen. De stadsdeelpanels zijn aan de stadsdeelcommissie zelf, per gebied, doelgroep of op thema. Daarvoor moet het stadsdeel de nodige middelen krijgen. Wat is het mandaat van de stadsdeelcommissie? Dat moet meer zijn dan het adviesrecht. Er moeten voor hen meer instrumenten komen. Wat gebeurt er met de ongevraagde adviezen? De heer FLENTGE kan zich voorstellen dat GroenLinks een eigen voorstel indient over de ongevraagde adviezen van de bewoners zelf. Nu krijgen de bewoners machteloze of krachteloze instrumenten, terwijl de stadsdeelcommissies allesbepalend worden. Mevrouw GROOTEN is het eens dat er meer instrumenten voor de stadsdeelcommissies nodig zijn, bijvoorbeeld door het kunnen indienen van moties. Zij pleit voor adviescommissies op thema, gebied of doelgroep. Ook zijn meer instrumenten voor de bewoners nodig, zoals buurtreferenda of stadsdeelpanels. Mevrouw VAN SOEST onderschrijft het betoog van GroenLinks, maar pleit ook voor het recht van initiatiefvoorstel doen.

Mevrouw GROOTEN kan zich voorstellen dat verder uit te zoeken. Dan gaat het bijvoorbeeld om amendementen, moties, advies en initiatiefvoorstel. De heer VROEGE wijst erop dat het adviesgeven met eigen plannen of ideeën nu al gebeurt. Mevrouw GROOTEN beaamt dat, maar men kan die bevoegdheid laden met meer instrumenten dan alleen adviesgeven. Na de technische sessie is het budget en het geoormerkt geven van geld helderder geworden. Dat is een goed idee. Een territoriale commissie is misschien niet het beste instrument, wel moet men op zoek naar een stelselmatige relatie tussen raad en stadsdeelcommissie. Daarnaast is een goede communicatie met de burgers erg belangrijk, ook over het kiesrecht van 16-jarigen. Over de bewonerseffectrapportage en de ambtelijke ondersteuning vraagt spreekster om een toelichting van de wethouder. Hopelijk komt de raad uiteindelijk tot consensus om het nieuwe stelsel vorm te geven. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK sluit zich aan bij de gestelde vragen. Zij stelt duidelijkheid voorop. Wie gaat waarover en voor welk onderwerp moet men bij welke gemeentelijke organisatie aankloppen? Een helder overzicht van de taken en bevoegdheden moet op schrift worden gesteld. Het budgetbestedingsrecht moet men vormgeven door het toekennen van een percentagegewijze toewijzing voor de fysieke buitenruimte. Het stadsdeel moet advies kunnen geven, gevraagd of ongevraagd.

De dwarsverbinding met de gemeenteraad moet worden verbeterd. Ook minderheidsstandpunten moeten serieus worden genomen. Een budgetneutrale operatie is voor de VVD belangrijk, gezien de enorme opgaven van de gemeente en het wegingsrecht van de gemeenteraad. Men moet de vergoeding voor de stadsdeelcommissieleden niet verhogen. Waarom zou een inwoner van een stadsdeel zich niet vrijwillig mogen inspannen voor zijn of haar buurt? Mevrouw VAN SOEST merkt op dat de stadsdeelcommissieleden veel taken krijgen toebedeeld. Men moet hen niet uitbuiten met een fooi voor hun belangrijke werk. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK vindt dat er keuzes moeten worden gemaakt. Een mantelzorger krijgt ook een kleine vergoeding voor het belangrijke werk. Dat kan ook gelden voor een betrokken buurtbewoner die zich wil inzetten voor het stadsdeel. Een bestuurder

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

moet zich verhouden tot het college en de raad, de stadsdeelcommissie en de inwoners. Daarom moeten de bestuurders voldoende capaciteiten hebben. Mevrouw VAN SOEST vindt het onterecht als de bestuurders wel en stadsdeelcommissieleden geen salariëring zouden krijgen. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK benadrukt slechts dat de DB’ers de nodige capaciteiten moeten hebben en worden benoemd door het college, de stadsdeelcommissie of de gemeenteraad. Daar is de VVD nog niet uit. Het hangt ook samen met de vraag over bevoegdheden en taken, en de kwestie van tegenmacht kunnen bieden. De heer BIEMOND gaat in op het startpunt van het evaluatierapport met de conclusie dat het decentrale bestuur moest worden versterkt. De raad koos voor het stadsdeel-plus-scenario, met volwaardige taken en budget en een controlerende taak ten opzichte van het stadsdeelbestuur. Daarmee kregen die commissies ook besluitvormende invloed, bijvoorbeeld over de gebiedsbudgetten. Momenteel is de uitwerking van de hoofdlijnen onvoldoende. Het adviesrecht blijft, maar er komt een bijzondere motiveringsplicht van het DB bij. Ook kan de stadsdeelcommissie bezwaren uiten tegen een benoeming van een bestuurder. Dat betekent echter onvoldoende verschil met de huidige situatie.

De ondergrens hangt voor de PvdA samen met de noodzakelijke vertrouwensrelatie tussen DB en stadsdeelcommissie, de tegenmacht en helderheid over wie welke taken en bevoegdheden heeft, naast de voorwaarde van de slagkracht van het dagelijks bestuur, ook om ambtelijke diensten aan te sturen. Die ondergrens wordt in het stuk niet gehaald. Spreker sluit zich aan bij de vragen van GroenLinks en D66. Mevrouw NANNINGA wijst erop dat de oude stadsdelen bijna volwaardige gemeentes waren. Dat maakte het stelsel inefficiënt, maar nu zijn de stadsdeelcommissies verworden tot een soort fopspeen. Als democratisch gekozen vertegenwoordigers beleid moeten uitvoeren dat zij niet willen, maakt dat het vertrouwen in de democratie niet sterker maar zwakker. Daarom kiest JA21 voor één gemeenteraad en één stadsbestuur dat voor 100% verantwoordelijk is voor de verantwoording aan de kiezer. Het lokale bestuur is een baantjescircus geworden. Voor afval is het stadsdeel aanspreekbaar, voor woningbouw de centrale stad, de politie zit bij de veiligheidsregio, het openbaar bij de vervoerregio en het lobbyen voor nieuwe hoofdkantoren vindt plaats door de metropoolregio, nog los van de andere bestuurslagen. Duidelijkheid is geboden. Het bestuur moet af te rekenen zijn op de prestaties, onder de voorwaarde van helderheid over bevoegdheden en taken.

Het publiek moet goed geïnformeerd zijn over het beleid en maatregelen. De gemeenteraad is daarvoor de beste plek. De stadsdelen en regioverbanden krijgen in de media nu eenmaal minder aandacht. Burgers moeten zich betrokken voelen bij een bestuurslaag en zich ermee identificeren. Amsterdammers voelen zich Amsterdammers, en niet Nieuw-Westerling of Zuid-Oosterling. Het is een misvatting dat de kiezer zich meer betrokken voelt als de stad wordt opgedeeld in stadsdelen. De identiteit als Amsterdammer verbindt de mensen. Kiest men toch voor stadsdelen, dan moeten die ook volledig worden voorzien van democratische instrumenten, taken en bevoegdheden, inclusief vetorecht en budget. Nu is het pappen en nathouden in een lamme bestuurslaag. Men moet de stad centraal besturen. De heer VROEGE vraagt of deelgemeentes weer moeten terugkomen. Is JA21 bereid zich daarvoor hard te maken in de senaat? Mevrouw NANNINGA is voor het totaal afschaffen van de stadsdelen, tenzij men echt zou kiezen voor een volwaardige en democratische bestuurslaag met voldoende mandaat, bevoegdheden en serieuze salariëring. JA21 heeft een voorkeur voor het afschaffen van stadsdelen. De heer BIEMOND vraagt haar naar een oordeel over scenario C. Mevrouw NANNINGA heeft nog geen voorkeur.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

De heer FLENTGE begrijpt de wens voor versterking van de relatie tussen stad en stadsdeelcommissie. Er komt meer ambtelijke ondersteuning voor de stadsdelen en ook het bewonersloket is een goed idee. Taken, bevoegdheden en mandaat van de bestuurders moeten duidelijker worden omschreven om hen de nodige ruimte en mogelijkheden te bieden. De politieke kaste heeft het ook in deze crisistijd weer goed geregeld voor zichzelf. Het budget voor de raadsondersteuning wordt flink verhoogd, terwijl de lokale journalistiek op een houtje bijt. Juist die tegenmacht zou moeten worden versterkt. Wil men de macht van het college kunnen breken, dan moet men kiezen voor minder wethouders en meer middelen voor de lokale journalistiek. Meer geld voor de komende raadsperiode is een slecht idee. Leden van de stadsdeelcommissie krijgen straks 600 euro in plaats van de huidige 350 euro per vergadering. Daarmee verhoogt men de vergoeding van 700 naar 1200 euro per maand. Andere essentiële beroepen krijgen veel minder salarisverhoging, maar de politiek kaste regelt het goed voor zichzelf. De heer HUISMAN vindt dat het gebruik van de term politieke kaste het wantrouwen in de lokale politiek zal doen toenemen. De heer FLENTGE denkt niet dat woordgebruik afbreuk doet aan de politiek. Dat de politiek het voor zichzelf goed regelt, doet afbreuk aan het vertrouwen van de burger.

Mevrouw NANNINGA vindt de vergoeding te laag. Zij deelt ook de woede over de lage inkomens in de zorg of de kinderopvang. Politici werken echter meer dan twee avonden. De enorme macht van het college en het ambtenarenapparaat vereist een redelijk uurloon voor de stadsdeelcommissieleden om een tegenmacht te representeren. De heer FLENTGE merkt op dat het gaat om slechts twee avonden werk in de week. Het is opmerkelijk dat de raad zelf heeft besloten 50% meer voor de raadfracties uit te trekken, daarbij ook door JA21 gesteund. 600 euro per vergadering is te veel. Dat is ongeveer het dubbele van wat een schoonmaker verdient. De kwaliteit van de controlerende macht heeft niet veel te maken met de geldelijke ondersteuning. Een deel van de middelen voor de ambtenaren kan gaan naar de raadsleden zelf. Men moet een en ander anders gaan organiseren, maar politici regelen het ook nu weer goed voor zichzelf en dat leidt tot grote maatschappelijke onvrede. De heer HUISMAN vindt het onterecht de politici te verwijten dat zij niet weten wat er in de maatschappij speelt. De heer VELDHUYZEN merkt op dat de vergoeding de mensen in staat stelt meer te doen in het belang van de stad dan alleen twee keer vergaderen. De heer FLENTGE wijst erop stadsdeelcommissieleden voor slechts twee avonden werk 70% krijgen van een voltijdbaan van een schoonmaker. Veel Amsterdammers hebben het enorm zwaar.

De tegenstelling in geldelijke waardering levert alleen maar cynisme op. De lokale politieke partijen houden de macht in de stadsdelen, terwijl de gelote bewoners achter het net vissen. Zij mogen alleen advies geven, twee keer per jaar. Waarom zou men die volgorde niet omdraaien, zodat de buurtbewoners zelf aan de macht komen, gekozen of geloot? De stadsdelen moeten volgens de SP meer macht krijgen en de politiek mag vervolgens adviezen uitbrengen. De heer VROEGE vraagt of politici niet ook bewoners van de stad zijn. De heer FLENTGE bevestigt dat. Hij pleit ervoor de bewoners zelf aan de knoppen te zetten. Waar is D66 bang voor? Politieke partijen zijn te vaak dwingend in de stadsdeelcommissies. Dat moet worden tegengegaan. Mevrouw VAN SOEST vraagt of de SP instemt met het voorstel.

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

De heer FLENTGE is er zeer kritisch over, zeker over de vergoeding, maar hij streeft naar aanpassingen. Mevrouw VAN SOEST vindt de uitbreiding van het kiesrecht naar 16 jaar onwenselijk, al is zij blij dat er een andere wind gaat waaien bij de stadsdelen. Het college moet terug naar twee wethouders ten gunste van meer ambtenaren voor de stadsdelen. Ook is de PvdO voor het oormerken van het geld voor de stadsdeelcommissies. Het aantal zetels moet gaan naar rato van de inwoners per stadsdeel. Spreekster is voor een dualistisch stelsel en het verhogen van de vergoedingen. Wat blijft grootstedelijk en wat wordt gedelegeerd naar de stadsdelen? Als oud-stadsdeelcommissielid maakte zij vaak commissievergaderingen op locatie mee, al dan niet op thema, waar de bewoners werden uitgenodigd om inspraak te leveren. Dat werkte goed. De VOORZITTER schorst de vergadering kort. Zij stelt vervolgens voor elke fractie twee minuten extra spreektijd te geven. Beantwoording Wethouder GROOT WASSINK verlangt terug naar een situatie die er niet meer is, net als veel raadsleden. Maar men moet het doen met de bestaande wettelijke kaders. Daarom moet worden gezocht naar wat op dit moment het juiste is en met voldoende draagvlak mogelijk is, ook gezien het rapport over de onvrede over het bestaande stelsel en de suggestie van geleidelijke verbeteringen.

De voorkeursvariant is misschien niet een optimale oplossing, maar een makkelijke oplossing is er niet. Het voorstel komt tegemoet aan de wens de stadsdelen te versterken zonder alles weer overhoop te gooien. Houding, gedrag en cultuur zijn daarbij cruciaal. De structuur, instrumenten en bevoegdheden of mandaten zijn niet doorslaggevend, zo blijkt uit de ervaringen van de afgelopen vier jaar. Spreker heeft vooral gezocht naar aanpassingen in de cultuur. De heer FLENTGE vraagt of de wethouder zich houdt aan het coalitieakkoord. De leider van GroenLinks wilde ooit breken met het politieke stelsel. Hij stond toen radicale veranderingen voor, ook door bewoners meer macht te geven. Nu blijkt de verandering vooral door de cultuur en houding te moeten komen. Dat is een gemiste kans. Wethouder GROOT WASSINK houdt zich aan het coalitieakkoord, maar is nog steeds voor veranderingen en radicale ideeën om de democratische macht van de inwoners te versterken. Democratisering is echter meer dan de representatieve democratie. Ook is hij voorstander van gelote burgerinvloed, maar zelfs bij een model zonder gekozen partijvertegenwoordigers blijft de cultuur essentieel voor het vormen van de tegenmacht. De vraag is nu hoe men de cultuur kan veranderen. Soms kan de structuur leiden tot gedragsverandering, maar vaak is er meer nodig.

De heer FLENTGE begrijpt dat, maar de omstandigheden in de machtsstructuur moeten wijzigen, wil men de houding en het gedrag kunnen afdwingen. Om het kapitalisme te bestrijden geldt dat principe ook. De omstandigheden maken de mens. Cultuur en houding zullen anders tot uiting komen als men de bewoners daadwerkelijk een machtpositie geeft. Wethouder GROOT WASSINK is het eens dat de onderbouw de bovenbouw bepaalt, maar de kapitalistische productieverhoudingen zijn van een andere orde dan het politieke decentrale stelsel. Cultuurverandering vergt iets van de raad, het college, de bestuurders en de stadsdeelcommissieleden. Het heeft de afgelopen acht jaren aan dat soort afspraken ontbroken. Door de relaties te herdefiniëren heeft men de sleutel in handen om zaken te veranderen. Het college heeft een voorkeur voor scenario B. De benoeming van bestuurders betekent twee mogelijkheden: D en B. Variant D heeft echter als nadeel dat er twee andersoortige mensen in één commissie komen. Variant B creëert twee aparte commissies. Daar staat weer tegenover dat de vertrouwensrelatie van B en D minder is dan in C, maar in variant B is die te construeren naar eigen inzicht van de raad. Het staat elk

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

college vrij wie dan ook te benoemen als bestuurder, ook iemand die geen lid is van een politieke partij. Spreker zou dat zelfs toejuichen. Elke vorm van decentraal bestuur is verlengd bestuur. Uiteindelijk is de gemeenteraad de baas. Een brede gezamenlijkheid is belangrijk bij deze stelselwijziging. Het voorstel bevat de domeinen waar het stadsdeel over zou kunnen of moeten gaan, zoals de ruimtelijke en sociale zaken, naast de participatie. Het lukt niet om daarvan in twee weken een precieze uitwerking aan te leveren. Wat nu voorligt is een besluit op hoofdlijnen omdat de herdefiniëring nog moet plaatsvinden in overleg met de stadsdeelbestuurders en de raad. Het teruggeven van de ruimtelijke bevoegdheden is al duidelijk, maar wat het betekent de stadsdelen verantwoordelijk te maken voor de participatie is een ingewikkeld kwestie. De essentie van het voorstel is de stadsdelen meer macht te geven binnen de wettelijke en stedelijke kaders. De heer VROEGE vraagt of dan ook duidelijk wordt wie er binnen het stadsdeel over gaat. Ook moet de komst van de Omgevingswet worden meegenomen in de uitwerking. Wethouder GROOT WASSINK zegt dat laatste toe. De eerste vraag betreft de relatie tussen stadsdeelcommissie en bestuurders. Het voorstel is dat er adviezen en voorstellen vanuit de stadsdelen komen, waarbij de raad terecht kritisch zal reageren als het college zich daaraan niet houdt.

Daarom moet men de afspraken- of controlerelatie helder definiëren in de verordening. Spreker is voor een bewonerspanel, maar wacht het voorstel van de heer Vroege daarover af. Het moet vooral een instrument van de bewoners worden, en niet van de stadsdeelcommissie. Het gaat immers om tegenmacht vanuit de buurt. De hoogte van de vergoedingen is een kwestie voor de raad, evenals het aantal stadsdeelcommissieleden, maar liefst moet een en ander budgetneutraal plaatsvinden. Stadsmoties zijn een goed idee, omdat die de raad dwingen de gemaakte keuzes goed uit te leggen. Met loting, participatie en representatie streeft het plan naar het versterken van de lokale democratie. Het begrotingsrecht is onvervreemdbaar aan de raad, omdat die budgetten kan toewijzen per domein en per stadsdeel. De heer MANGAL is het daarmee eens. Wethouder GROOT WASSINK doet dat deugd. Er is sprake van vooruitgang in de discussies over het bestuurlijke stelsel, zeker in vergelijking met een aantal jaren geleden. De invloed van de stadsdelen moet worden vergroot en die beweging is onmiskenbaar ingezet, op basis van de inbreng van de verschillende fracties. Inderdaad is goede communicatie belangrijk. Een bewonerseffectrapportage is interessant, maar liefst voor de hele stad.

Budgetneutraal is en blijft het uitgangspunt, tenzij de raad aanpassingen wenst maar daarvoor moet dan de nodige dekking worden gevonden. Bestuurders met een politieke kleur zijn geen noodzakelijkheid. Dat zou onderdeel moeten zijn van een nieuwe cultuur. Voor de opmerkingen over het adviesrecht verwijst spreker nogmaals naar besluitpunt 1.B en ook op de vertrouwensrelatie is al ingegaan. Wat verstaat de PvdA onder de ondergrens? Mevrouw Nanninga kiest voor een centralistisch stelsel en ook die keuze valt te respecteren. De heer BIEMOND vindt dat de taak- en instrumentariumverdeling tussen centrale stad en stadsdelen communicerende vatten zijn met bestuurlijk stelsel. Ziet de wethouder dat anders? Wethouder GROOT WASSINK denkt er anders over. De taken en bevoegdheden zijn niet wezenlijk veranderd, maar de manier van manifesteren door de stadsdelen wel. Het ligt dus aan welk instrumentarium men aan de stadsdeelbestuurders en -commissies geeft. Dat is deels via de verordening te regelen, en deels wordt dat nu met de zittende bestuurders nog uitgewerkt. Die set afspraken zal nog niet klaar zijn over twee weken. Zelfs met het voorliggende voorstel en met een versterkte organisatie van de stadsdelen, de quick wins en de herijking van het pakket taken en bevoegdheden kan men een grote slag maken. Over de bijdrage van de SP is de wethouder verrast.

Die fractie is ook enthousiast over gelote burgers en stadsdeelpanels. De uitbreiding van het kiesrecht tot 16 jaar is goed

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

voor de democratische ervaring. Spreker is blij met die motie van de raad. Het collegevoorstel is suboptimaal en hopelijk leidt dat tot overeenstemming in de raad, op zoek naar verbinding met iedereen die de decentrale overheid een warm hart toedraagt. De felle manier waarop spreker de toenmalige stelselwijziging heeft bestreden, heeft naar zijn mening nu niet bijgedragen aan het slagen van het stelsel. Nu probeert men het stelsel te optimaliseren, met hopelijk een breed draagvlak voor een nieuwe verhouding tussen bestuur en Amsterdammers. Mevrouw VAN SOEST is het niet eens met de wethouder. 16-jarigen zijn immers erg beïnvloedbaar. Dat kunnen alle leerkrachten bevestigen. Wethouder GROOT WASSINK kan ook andere voorbeelden van jongeren geven, die niet beïnvloedbaar zijn. Ook oudere bewoners zijn trouwens vaak beïnvloedbaar. De heer MANGAL vraagt om antwoord op zijn vragen over het stedelijk dwingende kader en de zetelaantallen in overeenstemming met het aantal bewoners van het stadsdeel. Wethouder GROOT WASSINK wijst erop dat voor het zetelaantal bandbreedtes zijn aangegeven maar dat is aan de raad, met inachtneming van de financiële consequenties. In het kader van de knellende stedelijke kaders blijft de gemeenteraad de baas, omdat er altijd sprake zal zijn van verlengd bestuur. Een stadsdeelcommissie moet altijd opereren binnen het stedelijke kader.

Mocht een bestuurder zich buiten dat kader opstellen dan zal de raad ingrijpen, en terecht. De VOORZITTER stelt vast dat het stuk naar de raad kan. Zij stelt voor agendapunt 14 door te schuiven in verband met het gebrek aan vergadertijd. 13. Vaststelling van de verordening op lokaal bestuur voor het stadsgebied Weesp en Driemond en overige regelingen voor de bestuurlijke fusie tussen Weesp en Amsterdam De heer VROEGE is blij dat de fusie nu ook is goedgekeurd door de Eerste Kamer. Is voor het kiesrecht van 16-jarigen in Weesp een amendement nodig? Ook vraagt spreker naar de dispensatieregeling voor de ingezetenencriteria voor bestuurders. Is het mogelijk een knip te realiseren, waarmee de leden van het AB een voordracht kunnen doen om de benoemde DB’er langer dan 1 jaar dispensatie te geven? Die mogelijkheid bestaat immers in Amsterdam wel. De heer BIEMOND geeft aan dat het pakket taken en bevoegdheden lijkt op dat van de stadsdelen. Hoe gaat dat mee in de komende veranderingen van het hele bestuurlijke stelsel? Blijft Weesp een status aparte behouden? Wethouder GROOT WASSINK vindt het een bijzonder moment in een ingewikkeld en mooi proces. Een motie over de 16-jarigen is niet nodig, omdat het automatisch wordt meegenomen in de verordening van Weesp. De dispensatieregeling kan worden verleend, ook telkens met een jaar.

De verordening van Weesp staat los van de veranderingen in het bestuurlijke stelsel. Er is sprake van een status aparte, al kan het college na een aantal jaren besluiten dit experiment te beëindigen en in lijn te trekken met het Amsterdamse stelsel. De heer BIEMOND dankt voor de duidelijkheid. De VOORZITTER stelt vast dat het stuk naar de raad kan. 16. Kennis nemen van de Voortgangsbrief democratisering

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering

KDD

Concept Raadscommissieverslag, 23 juni 2021

Dit punt is doorgeschoven De agendapunten 17 en 18 zijn al besproken (zie boven). Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid 19. Initiatiefvoorstel d.d. 01-07-2020 van leden La Rose (PvdA), Blom (GL), Taimounti (DENK), Simons (BIJ1), Flentge (SP), Ceder (CU) en Bakker (PvdD) getiteld '1 juli vieren we samen' Al besproken (na agendapunt 3, zie boven) De VOORZITTER dankt de aanwezigen voor hun bijdrage en sluit de vergadering om 22.00 uur.

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10449737/2