CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag FKD 23-11-2023.docx

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 14 december 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie FKD d.d. 23 november 20239.481 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit

FKD

Raadscommissieverslag, 23 november 2023

CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum

Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 23 november 2023 van 9.00 – 12.00 uur in Willem Kraanzaal, stadhuis

Verslag vast te stellen op:

Donderdag 14 december 2023 Voorzitter: R.P. Hofland Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, A. Scholtes, T. Meliani, R. van Dantzig (later) Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: N. Bakkali Verslaglegging: J. Poot (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: F.A. Namane (PvdA), Z.D. Ernsting (GL), M. Lust (D66), E. Schmit (D66), H.C. Burgers (VVD), M.M. Meerburg (PvdD), M.M. Perdok (Lijst Ahmadi/Veldhuyzen), I. Garmy (Volt), E. Bobeldijk (SP), C. van Berkel (JA21), E. Mangal (DENK), L.J.J. Lochtenberg (CDA), J.A.H. Olivieira (Lijst Kabamba) Afwezig: R.B. Havelaar (CDA), J. Badal (CDA), S.N. Hijlkema (VVD) Overige aanwezigen: J. van Pijpen (GL)

1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet de aanwezigen en toehoorders welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen De VOORZITTER deelt mee dat de leden Havelaar (CDA), Badal (CDA) en Hijlkema (VVD) afwezig zijn . Vanuit het Presidium deelt de voorzitter mee dat er een extern meldpunt Discriminatie en Racisme is, alsmede een routekaart Racisme. Deze zijn te vinden op Intranet. Bij meldingen door slachtoffers kunnen de raadsleden hiernaar verwijzen. Het Presidium ziet geen rol voor de raad om hier een proces voor in te richten. Vragen hierover kunnen buiten de vergadering om worden gesteld aan de heer Burger, die lid is van het Presidium. Wethouder MELIANI deelt naar aanleiding van een motie van de leden Khan en Garmy mee dat er op korte termijn gesprekken komen gericht op empathie en verbinding tussen Amsterdammers die betrokkenheid voelen bij de oorlog tussen Israël en Hamas. De wethouder concludeert dat naar aanleiding van de verkiezingsuitslag van 22 november veel Amsterdammers zich onveilig voelen en zij benadrukt de verantwoordelijkheid van de raad en het college om de verbinding tussen verschillende groepen te faciliteren. Zij geeft de noodzaak aan om de gesprekken sneller en vaker te organiseren.

Zij vindt het zorgwekkend dat er zoveel signalen komen van discriminatie van zowel joodse als islamitische Amsterdammers. Er worden door verschillende leden van het college

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

intensieve gesprekken gevoerd met de vertegenwoordigers van joodse en islamitische organisaties. Zij heeft gemerkt dat er in de stad een grote behoefte bestaat om met elkaar in gesprek te blijven. Op 30 november vindt er een bijeenkomst plaats in Amsterdam-Oost waarbij mensen met elkaar in gesprek gaan over de effecten van de oorlog en de wethouder vermoedt dat hier ook gesproken zal worden over de gevolgen van de verkiezingsuitslag. Deze bijeenkomst is de eerste van een reeks bijeenkomsten in verschillende stadsdelen met een vergelijkbare insteek. De wethouder roept vervolgens op om de oplaaiende moslimdiscriminatie en antisemitisme te veroordelen en aan te pakken. Zij roept tevens op om bij discriminatie een melding te doen bij het MDRA. Tenslotte kondigt zij een raadsbrief aan waarin wordt beschreven wat er verder nog wordt georganiseerd in de stad. Lid GARMY vraagt of de gesprekken toegankelijk zijn voor raadsleden. Wethouder MELIANI geeft aan dat wellicht voor kleinere bijeenkomsten eerst moet worden gevraagd of dat mogelijk is. De grotere bijeenkomsten zijn toegankelijk voor iedereen. Zij zal hierover informatie geven in de raadsbrief. Wethouder VAN BUREN refereert aan een toezegging om terug te komen op de ombuiging van de subsidies uit het coalitieakkoord. In de begroting 2024 is hierop ingegaan en de ombuiging is teruggedraaid. Hiermee is deze toezegging afgedaan.

Ook refereert de wethouder aan een toezegging inzake het informeren van de commissie over de manier waarop doelstellingen van subsidies beter in beeld kunnen worden gebracht. In het nieuwe beleidskader voor subsidies dat de raad voor de zomer heeft vastgesteld is opgenomen dat één keer per vijf jaar de doeltreffendheid en de effecten van de subsidieregelingen in de praktijk worden geëvalueerd. Dit is structureel ingebed in het werkproces. En daarnaast is opgenomen dat elke beleidsdirectie die een nieuwe subsidieregeling of een aanpassing wil een verplicht creatieproces, het ‘subsidie lab’, doorloopt, waarbij ook aandacht is voor het doel dat met het subsidie-instrument bereikt moet worden. Hiermee is deze toezegging afgedaan. Een andere toezegging waar de wethouder naar verwijst is om terug te komen op de vraag op welke manier zorgvuldiger kan worden omgegaan met toekenning van incidentele subsidies om een situatie te voorkomen zoals bij het onderzoek voor het boek ‘Het verraad van Anne Frank’. In de brief van 11 juli 2023 is wethouder Scholtes ingegaan op dit onderwerp en daarmee is deze toezegging afgedaan. Over een toezegging die de wethouder deed aan lid Bobeldijk, inzake de relatie tussen het heffen van precario op terrassen en de handhaving van terrasvergunningen, geeft de wethouder aan dat deze er niet is.

Als een terras is uitgesteld doet het belastbare feit zich voor en dient er precario worden betaald, ook als er geen vergunning voor dat terras is verleend. Omgekeerd maakt het wel of niet uit voor de handhaving voor het betalen van precario voor een terras. Tenslotte deelt de wethouder mee dat zij vorige week in gesprek is gegaan met de Colombiaanse delegatie en Oxfam Novib over de bloedkolen. De informatie die de wethouder hierbij heeft gekregen zal zij betrekken bij de besprekingen met partners in de Haven. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER stelt voor op verzoek van lid IJmker om agendapunt 3, Kennisnemen van het onderzoeksrapport en het bestuurlijk rapport van het onderzoek ‘Algoritmen, hoe Amsterdam algoritmen beter kan toepassen’ van de rekenkamer en de aanbevelingen overnemen, door te schuiven naar de vergadering van 14 december 2023. De commissie gaat hiermee akkoord. Voorts stelt de voorzitter voor de agendapunten 4, Kennisnemen en bespreken van de raadsinformatiebrief over de onderzoeken naar discriminatie en racisme binnen de gemeente Amsterdam en de vervolgstappen op basis van de onderzoeken en het anonieme bericht bij

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

directie Werk, Participatie en Inkomen (WPI), en agendapunt 5, Kennisnemen van de Barometer Culturele Diversiteit 2022, gevoegd te behandelen. Op verzoek van lid Asruf stelt de voorzitter voor om agendapunt 8, Bespreken van de beantwoording van schriftelijke vragen van het lid Asruf over werkdruk personeel GVB, door te schuiven naar de vergadering van 14 december 2023, aangezien een werkbezoek aan het GVB plaatsvindt op 24 november. De commissie gaat hiermee akkoord. Aldus wordt de agenda vastgesteld. In aansluiting hierop stelt de voorzitter op verzoek van lid IJmker voor om op 14 december een apart dagdeel te reserveren van 15.00 uur tot 17.00 uur ten behoeve van de portefeuille ICT en Digitale Stad, waar een aantal grote onderwerpen op de agenda staan. De commissie gaat hiermee akkoord. d. Conceptverslag van de raadscommissie FKD d.d. 2 november 2023 Met de verwerking van de technische wijziging op verzoek van lid Lust wordt het verslag vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille Er zijn geen opmerkingen. f. TKN-lijst Op verzoek van lid Lochtenberg wordt TKN-stuk 1, Kennisnemen van het Jaarverslag Deelnemingen 2022, geagendeerd voor de vergadering van 14 december 2023.

Op verzoek van lid Garmy wordt TKN-stuk 3, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de voorbereiding op nieuwe Europese wetgeving op het gebied van digitalisering en ICT, geagendeerd voor het middagdeel van de vergadering van 14 december 2023. De motivatie heeft op 22 november jl. in de Dagmail gestaan. Op verzoek van lid Bobeldijk wordt TKN-stuk 2, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de voorgenomen verkoop van het bedrijfsonderdeel Kenter door Alliander, geagendeerd voor de vergadering van 14 december 2023. Als motivatie stelt lid Bobeldijk dat de SP hier enkele vragen over wil stellen. g. Ingekomen stukken Stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.20 uur. Vanaf dat moment zijn de spreektijden van kracht. b.

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Inspreekmoment Publiek Er hebben zich geen insprekers aangemeld. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten. d. Rondvraag Lid GARMY heeft geconstateerd dat er onder andere bij het evenement Pride alleen inspraak zou zijn bij grote wijzigingen. Hij vraagt de wethouder wat er wordt bedoeld met grote wijzigingen. Wat hem betreft is het sowieso beter om het evenement open te stellen voor inspraak. Wethouder MELIANI geeft aan dat op basis een evaluatie van de vorige Pride de komende Pride wordt georganiseerd. De wethouder verwacht niet dat er zich grote wijzigingen zullen voordoen. De voortgang is belangrijk, zodat de aanvragen op tijd kunnen worden gedaan. Momenteel wordt er gekeken naar het conceptbeleid en welke aanpassingen hierop nodig zijn. Het nieuwe beleid wordt op een aantal punten aangepast. Het eventueel gewijzigde beleid zal opengezet worden voor inspraak. BESPREEKPUNTEN ICT en Digitale Stad 3. Kennisnemen van het onderzoeksrapport en het bestuurlijk rapport van het onderzoek ‘Algoritmen, hoe Amsterdam algoritmen beter kan toepassen’ van de rekenkamer en de aanbevelingen overnemen (VN2023-023580) Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering. Personeel en Organisatie 4.

Kennisnemen en bespreken van de raadsinformatiebrief over de onderzoeken naar discriminatie en racisme binnen de gemeente Amsterdam en de vervolgstappen op basis van de onderzoeken en het anonieme bericht bij directie Werk, Participatie en Inkomen (WPI) (VN2023-023032) Gevoegd behandeld met 5. Kennisnemen van de Barometer Culturele Diversiteit 2022 (VN2023-023863) De VOORZITTER leidt de agendapunten in en deelt mee dat deze punten door meerdere leden voor bespreking zijn ingediend. Lid VAN PIJPEN spreekt haar vrees uit dat het gevoel van onveiligheid dat de ambtenaren ervaren en waarover dit agendapunt gaat, na de verkiezingsuitslag van 22 november alleen maar zal toenemen.

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Zij constateert dat de onderzoeksrapporten van KIS en Muzus bevestigen dat discriminatie en racisme voorkomen in de ambtelijke organisatie en dat de onderzoeken inzicht bieden in de processen die daaraan ten grondslag liggen. Zij richt haar betoog op drie punten uit de rapporten. Allereerst noemt zij de kloof tussen leidinggevenden en gedupeerde ambtenaren. Hierbij reageren de leidinggevenden niet adequaat op de signalen van de medewerkers. Vaak ook weten leidinggevenden niet hoe te handelen in voorkomende gevallen, of zij maken zichzelf schuldig aan racistische uitlatingen. Uit het Muzus rapport blijkt dat respondenten ook een positieve impact ervaren van leidinggevenden die wel optreden. Als tweede noemt lid Van Pijpen dat er niet wordt gesanctioneerd, hetgeen zorgt voor frustratie en gevoelens van machteloosheid. Bij welwillende leidinggevenden ontbreekt het handelingsperspectief om een goede oplossing te bieden voor de gedupeerde ambtenaren. Als derde kaart lid Van Pijpen de gebrekkige meldingsprocedures aan. Deze worden als onveilig ervaren en zijn onvoldoende ingericht op meldingen over racisme en discriminatie. Ook is hier onvoldoende deskundigheid. De conclusie die lid Van Pijpen trekt is dat wat er in de bestuursopdracht staat vermeld onder Diversiteit en Inclusie niet voldoende is om de problemen op te lossen.

Zij vraagt de wethouder nu daadkrachtig door te pakken en verzoekt haar GroenLinks te informeren over de aanpak van de drie probleemgebieden die zij net heeft genoemd. Voor haar is het wel duidelijk welke verbeteringen er worden toegepast bij de meldingsprocedure, zoals externe vertrouwenspersonen en een meldpunt. Zij stelt nog een aantal vragen:  Zijn er wel eens sancties toegepast en welke voorbeelden kan de wethouder hiervan noemen?  Hoe wordt de concrete steun voor gedupeerde ambtenaren zichtbaar?  Hoe laat de organisatie zien dat het niet alleen gaat om een cultuurtraject, maar dat er ook een normstellend traject is, waarbij mensen worden beschermd?  Waar blijven de concrete handelingsperspectieven voor leidinggevenden en collega’s die omstander zijn bij een incident?  Gaat ‘kleurenblindheid’ bijdragen aan de objectiviteit bij sollicitatieprocedures?  Wat is er al concreet gedaan als reactie op de anonieme brandbrief? In een emotioneel slotbetoog roept lid Van Pijpen op om zo spoedig mogelijk tot actie over te gaan om te normeren, mensen te beschermen en sanctioneren. Lid GARMY benadrukt het belang van een inclusieve en diverse samenleving en dat iedereen zich welkom en thuis voelt in onze samenleving. Vervolgens constateert lid Garmy dat is gebleken dat de gemeente niet voor iedereen een veilige en prettige werkomgeving is.

Bovendien blijkt uit het Muzusrapport dat medewerkers niet het gevoel hebben dat Bureau Integriteit de meldingen serieus neemt. Ook is het verschil dat de gemeente hanteert tussen signaal en melding opvallend en zorgelijk; wanneer de gemeente de klacht classificeert als signaal in plaats van een officiële melding, blijft actie uit. Zo is het onduidelijk hoeveel misstanden er niet aan het licht zijn gekomen. Lid Garmy vraagt de wethouder hierop te reageren. Lid Garmy beschrijft de betekenis van de werkplek voor de medewerkers en geeft aan dat dit een veilige plek moet zijn. Niet alleen voor de medewerker zelf, maar ook om groei van de organisatie mogelijk te maken. Lid Garmy vraagt de wethouder wat de meerwaarde zou kunnen zijn van de aanvullende onderzoeken die in de raadsbrief worden genoemd. Inzicht verkrijgen moet niet belemmerend werken voor de acties die ondernomen moeten worden. Hij vraagt de wethouder toe te lichten wat er vanaf heden gaat gebeuren. Is er genoeg ruimte voor actie, zijn er voldoende middelen beschikbaar en is de wethouder ervan overtuigd dat wezenlijke verandering nodig is? Tot voldoening van Volt wordt er al een aantal aanbevelingen opgepakt, maar het is nog niet precies duidelijk wat deze inhouden. Lid Garmy vraagt de wethouder hier inzicht in te geven aan de commissie.

Volt is ook benieuwd naar de reactie van de werknemers op de uitkomst van de onderzoeken en de al genomen maatregelen. Er vinden al gesprekken plaats met medewerkers

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

over racisme en discriminatie. Lid Garmy vraagt de wethouder de commissie erover te informeren hoe deze gesprekken verlopen. Als laatste vraagt lid Garmy of de wethouder kan aangeven welke conclusies uit het KISrapport zij verbindt aan de gemeente Amsterdam en of zij in contact staat met andere gemeenten die ook hebben meegewerkt aan het rapport. Hij stelt voor om te kijken naar en te leren van andere steden en landen bij het bestrijden van deze fenomenen. Lid BOBELDIJK beschrijft waarom de bespreking van de onderzoeksrapporten voor zijn fractie belangrijk is. Zeker in het licht van de verkiezingsuitslag van 22 november behoeft de veilige werksituatie in de gemeente extra aandacht. Hij hoopt dat mensen zich niet gesterkt gaan voelen om te discrimineren door deze uitslag. Hij concludeert uit de rapporten dat discriminatie vele vormen kent, en soms ook onbedoeld plaatsvindt. Lid Bobeldijk pleit voor inzet voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zich veilig voelt. Het doet de SP deugt dat het college hier voor staat en er actie op gaat ondernemen. Lid Bobeldijk constateert dat het college een aantal aanbevelingen uit de rapporten overneemt. Tot slot spreekt lid Bobeldijk zijn vertrouwen uit in het college wanneer het gaat om mensen kansen bieden in de werksfeer en n dit heeft de steun van de SP.

Voor het overige sluit hij zich aan bij de vragen die hier eerder gesteld werden. Lid VAN BERKEL benadrukt dat JA21 alle vormen van discriminatie verwerpt. Vervolgens citeert hij de definitie van ‘institutioneel racisme’ volgens de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme. Hier is sprake van als beleid en geschreven en ongeschreven regels van instituten of organisaties leiden tot ongelijke behandeling op basis van afkomst etniciteit of religie. Lid Van Berkel vraagt de wethouder toe te lichten met voorbeelden welk beleid en welke regels racistisch zijn in Amsterdam. Als oplossing voor het probleem stelt JA21 voor het beleid en de regels zodanig aan te passen dat ze niet langer racistisch of discriminerend zijn. JA21 overweegt een motie van deze strekking. Voor JA21 is institutioneel racisme absoluut niet acceptabel. Lid SCHMIT benadrukt het belang om als raad uit te spreken dat institutioneel racisme nooit zal worden geaccepteerd. Hij constateert uit de onderzoeksrapporten dat de ambtenaren veel problemen ervaren, maar dat de leidinggevenden de signalen niet altijd opvangen, maar ook niet weten hoe te handelen. Hier bestaat een kloof. Vervolgens verwijst lid Schmit naar de bestuursopdracht die aangeeft dat er wordt gestreefd naar 30 procent van de ambtenaren in de hogere laag met een niet-westerse achtergrond. Dat is nu 14 procent.

De aanbevelingen van de rapporten geven aan dat het proces van medewerkers aannemen en laten doorstromen verbeterd moet worden. De vraag die D66 hierbij stelt is hoe de leidinggevenden bewust kunnen worden gemaakt van institutioneel racisme. Lid Schmit refereert eraan dat er 900 leidinggevenden zijn getraind in antidiscriminatie en diversiteit. Hij wil graag weten wat de resultaten zijn, wat ervan is geleerd en wat moet er veranderen in de aanpak. Het verheugt D66 dat het college erkent dat er verbeteringen moeten optreden aan de cultuur en de klachtenprocedure. Hij hoort graag van de wethouder hoe dit wordt vormgegeven. Lid OLIVIEIRA geeft namens zijn fractie aan dat hij niet geschokt is door de onderzoeksresultaten, al vond hij het moeilijk om het KIS-rapport te lezen met alle ervaringen die hierin worden beschreven. Hij verklaart dat Lijst Kabamba te allen tijde Art 1 van de Grondwet zal blijven respecteren, ondanks de verkiezingsuitslag van 22 november. Hij stelt de wethouder een aantal vragen naar aanleiding van het KIS-rapport.  Uit het rapport kwam naar voren dat het juist de leidinggevenden zijn die zorgen voor een onveilig klimaat. Lid Olivieira hoort graag welke maatregelen er worden genomen tegen leidinggevenden die zich hieraan schuldig maken.  Wat gaat er veranderen bij de interne procedures en binnen welke termijn?

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

 

FKD

Met welke frequentie worden er cursussen en trainingen verzorgd voor medewerkers en leidinggevenden? Op welke manier wordt het streefcijfer als te behalen doel gezien? Lid Olivieira meent dat in het woord ‘streefcijfer’ een vrijblijvendheid besloten ligt.

Lid PERDOK benadrukt de macht die de gemeentelijke organisatie kan uitoefenen op de gewone Amsterdammer. En in die organisatie vieren discriminatie en racisme hoogtij, zonder dat hier sprake was van een correctiemechanisme. Zij somt een aantal uitgangspunten en wensen van haar fractie op:  in de brief mist LAV een aantal essentiële zaken en de fractie eist sancties, ongeacht de noodzaak van privacy;  Volgens de LAV is de brief niet genoeg actiegericht, de fractie wil een actieplan, een deadline, monitoring van de voortgang, een reguliere update in de commissie en vertrouwelijke bijpraatmomenten;  Er moet een losstaand extern kwalitatief en kwantitatief onderzoek komen naar wat de effecten zijn geweest van het racisme binnen de WPI en op de bijstandsgerechtigden. De onderzoeksvragen wil LAV in de commissie FKD of in de commissie OZA behandelen;  Wat doet het college om verder leed uit te sluiten?  Wat doet de wethouder om het vertrouwen van de medewerkers te herstellen?  Op welke wijze vindt er overleg plaats met de wethouder WPI en welk plan wordt hier uitgewerkt?  Er moet een los en onafhankelijk onderzoek komen naar het falen van het Bureau Integriteit, alsmede een plan voor de hervorming van dit Bureau, waarbij de taken tijdelijk worden overgenomen door een externe partij. Lid NAMANE geeft met klem namens de PvdA aan dat uitsluiting onacceptabel is.

Voor lid Namane is het belangrijk dat de melders mee kunnen praten over oplossingen en hoe de meldingen worden afgehandeld. De medewerkers moet het duidelijk worden wat er wordt gedaan met een melding en dat melden zin heeft. Het lijkt de PvdA tevens zinvol om een vinger aan de pols te houden op de afdeling na een melding. Wellicht is dat al mogelijk, zo niet dan kan dat misschien worden gefaciliteerd. Ook constateert de PvdA dat diversiteit bij de hoogste functies achterblijft. Zij vraagt de wethouder wat er wordt gedaan om dit binnen een paar jaar bij te trekken. Lid MANGAL geeft aan dat de signalen van discriminatie DENK al jaren bereiken en de onderzoeksrapporten bevestigen dat er sprake is van discriminatie in de gehele gemeente, niet alleen bij WPI. Hij benadrukt met klem dat dit wat DENK betreft moet eindigen. De meldingen die DENK krijgt wijzen op een structurele vorm van discriminatie en uitsluiting. Lid Mangal somt een aantal schrijnende situaties op, waarin leidinggevenden discrimineren en uitsluiten. Hij vraagt of de wethouder bekend is met dergelijke cases en de werkwijze van sommige leidinggevenden. Ook wil hij dat het duidelijk wordt wat hiervan de consequenties zijn en vraagt hij de wethouder of zij ook vindt dat consequenties dergelijke handelwijzen kunnen veranderen.

Voorts vraagt lid Mangal namens zijn fractie wat de wethouder gaat doen om ervoor te zorgen dat  leidinggevenden kunnen worden tegengesproken zonder repercussies;  er een cultuur ontstaat waarin medewerkers dit veilig en vrij kunnen doen;  de raad hierin wordt meegenomen, aangezien DENK wil meekijken naar de verandering van de cultuur binnen de ambtelijke organisatie. Lid Mangal geeft aan dat er tevens sprake is van seksisme, waarvan hij ook enkele voorbeelden noemt. Het verbaast hem dat er vanuit de ambtelijke leiding in een zwijgbrief is gevraagd om niet meer over een van deze cases te praten. Hij vraagt de wethouder of zij bekend is met de casus waarover dit gaat. Hij vraagt tevens welke consequenties er zijn geweest voor de betrokken leidinggevende.

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Tenslotte vraagt lid Mangal waarom er geen meldingen worden gedaan bij Bureau Integriteit. Hij verzoekt de wethouder te onderzoeken wat hier fout gaat in de procedure van melden en het doen van aangifte bij het om. De VOORZITTER schorst de vergadering om 10.00 uur. De VOORZITTER heropent de vergadering om 10.10 uur. Wethouder VAN BUREN stelt voorafgaande aan de beantwoording en naar aanleiding van de verkiezingsuitslag dat het college nooit zal accepteren dat mensen als minderwaardig worden gezien, noch in de stad, noch binnen het ambtenarenapparaat. Het stemt haar hoopvol dat vanuit de raad en het college dit standpunt volmondig wordt gedeeld. De wethouder erkent dat discriminatie en racisme voorkomen bij de gemeente Amsterdam. Daarom is het niet nodig om een beleid te definiëren dat dit moet bewijzen, zoals lid Van Berkel vraagt. De onderzoeken tonen aan dat racisme bestaat, zo ook de verhalen die er tijdens de onderzoeken en in de anonieme brieven naar voren kwamen. De signalen komen als sinds geruime tijd binnen bij de wethouder en de onderzoeksrapporten bevestigen dat deze op waarheid berusten. De ervaringen die zijn gedeeld helpen om onafhankelijk patronen vast te stellen en nu is het zaak om te proberen om de problemen op te lossen, al zal dit veel tijd in beslag nemen.

Dat de medewerkers anoniem melden ziet de wethouder als een signaal De wethouder geeft aan dat diversiteit binnen de organisatie belangrijk is, ook voor de dienstverlening. Hier komen heel langzaam wel enkele verbeteringen, maar dat gaat te traag. Volgens de wethouder bestaat er wel degelijk commitment bij de ambtelijke top. De gemeentesecretaris fungeert als motor en is verantwoordelijk voor het ambtelijke apparaat en de wethouder is politiek verantwoordelijk. Er is geringe vooruitgang als het gaat om beleid, processen en bewustzijn. De bestuursopdracht blijft een werk in ontwikkeling en zal worden herijkt naar aanleiding van de onderhavige rapporten. In het voorjaar van 2024 zal het college in een raadsbrief de herziene bestuursopdracht formuleren. Lid VAN BERKEL is van mening dat institutioneel racisme inhoudt dat het is ingebed in de institutie, zoals ook beschreven in het KIS-rapport. Hij hoort graag van de wethouder hoe racisme is ingebed in de organisatie van de gemeente. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de rapporten uitwijzen dat het racisme is ingebed in de organisatie, zoals bij Werving & Selectie en de doorstroom van ambtenaren met een nietwesterse achtergrond. Het heeft voor haar geen zin om over de definitie te discussiëren. Lid VAN BERKEL acht het van belang om het onderscheid te maken tussen institutioneel racisme en de ervaringen van discriminatie en racisme.

Beide moeten worden afgekeurd, maar bij institutioneel racisme is er sprake van geschreven en ongeschreven regels. Wanneer deze regels komen te vervallen, zal institutioneel racisme niet meer voorkomen. Wethouder VAN BUREN verwijst naar de onderzoeksrapporten waaruit blijkt dat er sprake is van institutioneel racisme, bijvoorbeeld bij Werving & Selectie, de cultuur en de leiderschap binnen de organisatie. Lid VAN BERKEL vraagt de wethouder te beschrijven hoe institutioneel racisme is ingebed bij Werving & Selectie. Wethouder VAN BUREN zal hier op terugkomen in haar verdere beantwoording en zij vervolgt deze. Bij Werving & Selectie is slechts een hele lichte stijging zichtbaar van de representatie en er is nog geen sprake van de beoogde 30 procent. De vraag is ook waarom bij jongeren met een migratie achtergrond de talenten niet worden gezien. Er moet een oplossing worden gevonden

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

voor betere doorstroming. Hiervoor gaat het college met de organisatie resultaatafspraken maken. De wethouder noemt een aantal voorbeelden. Daar hoort ook het bepalen van consequenties bij als een manager het af laat weten bij de afspraken. Lid OLIVIEIRA vraagt wat het inhoudt als de manager het laat afweten. Wethouder VAN BUREN vindt het lastig om dit te omschrijven, omdat het ook gaat om gedrag, een houding en een bewustwording dat het beter is voor de medewerkers en de organisatie. Hier wordt strak op gestuurd en de resultaatafspraken worden opgenomen in de actualisatie en de herijking van de bestuursopdracht. Binnen het college wordt samen met de directeuren hier op grote schaal en regelmatig over gesproken. Het moet voor leidinggevenden duidelijk zijn dat het consequenties heeft als de resultaten niet worden behaald. Lid MANGAL vraagt of het horizontaal verplaatsen naar een andere afdeling en later terugkomen bij de ‘eigen’ afdeling volgens de wethouder een afdoende consequentie is. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat als bewezen wordt dat een leidinggevende zich schuldig maakt aan racisme er ontbinding van het arbeidscontract volgt. Het ‘wegpromoveren’ van leidinggevenden die zich grensoverschrijdend hebben gedragen, wordt niet meer toegepast. Lid MANGAL geeft aan dat hier momenteel nog wel sprake van is.

Wethouder VAN BUREN is niet bekend met dit geval en blijft bij haar eerdere toezegging. Lid VAN PIJPEN verwijst naar het onderzoeksrapport waarin wordt beschreven dat wegpromoveren een sanctie is. Zij eist hierover duidelijkheid van de wethouder. Ook wil zij namens haar fractie weten hoe er wordt gestuurd op een veilig werkklimaat. Wethouder VAN BUREN bevestigt dat ‘wegpromoveren’ niet meer als sanctie geldt als een leidinggevende zich schuldig heeft gemaakt aan racisme. Er worden dan gepaste maatregelen genomen. Verandering van cultuur heeft volgens de wethouder te maken met leiderschapsprofielen en op welke manier er wordt leiding gegeven. Ook moet het mogelijk zijn om op een veilige manier meldingen te doen en worden er gesprekken gevoerd. De wethouder is van mening dat de leidinggevende hierin een verantwoordelijkheid moet nemen; het probleem ligt bij de leidinggevende en niet bij de medewerker die slachtoffer is van racisme of discriminatie. Lid MEERBURG vraagt wat het nemen van maatregelen bij racisme concreet inhoudt. Wethouder VAN BUREN geeft nogmaals aan dat als er bewezen sprake is van racisme er ontbinding van het arbeidscontract volgt. Zij wil echter geen afrekencultuur creëren en zegt daarbij dat iedere situatie anders is. Maar ook de gemeentesecretaris straalt uit dat racisme absoluut niet getolereerd wordt en dat hierop harde maatregelen volgen.

Lid MEERBURG pleit ervoor dat de inmiddels bewezen casussen gevolg krijgen en dat de raad hierover wordt geïnformeerd. Dit zal voor de raad het idee bevestigen dat er werkelijk tot actie wordt overgegaan. Dit valt buiten het proces dat nu loopt om langzaam maar zeker de cultuur binnen de organisatie te veranderen. Wethouder VAN BUREN is het hiermee eens en beaamt dat er meerdere trajecten naast elkaar lopen, maar die toch met elkaar in verbinding staan. Bij de behandeling van de anonieme brief heeft de wethouder een extern onderzoeksbureau ingeschakeld dat een feitenrelaas over WPI opstelt, er komt een organisatieadvies en het MDRA krijgt een opdracht met betrekking tot het melden. Op dit moment worden de opdrachten geformaliseerd en de wethouder zegt toe de commissie hiervan op de

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

hoogte te houden. De genoemde externe partijen krijgen een vrije en onafhankelijke rol om het bestuur te adviseren. Er wordt ook gekeken op welke manier de interne werkwijze kan worden verbeterd, waarbij de anonimiteit en veiligheid van de medewerkers voorop staan. Het beschermen van de slachtoffers is voortdurend een aandachtspunt. Om te voorkomen dat een melder als ‘dader’ wordt beschouwd is het belangrijk dat de leidinggevende hier op een adequate manier mee om kan gaan. Lid MANGAL lijkt het niet logisch dat wanneer de leidinggevende het probleem is deze zichzelf moet verbeteren. Wethouder VAN BUREN gaat er niet vanuit dat alle leidinggevenden het probleem zijn. De komende tijd heeft het faciliteren en ondersteunen van de leidinggevenden in de nieuwe rol de hoogste prioriteit. Er is inmiddels ook een follow-up systeem waarbij er na een melding nog twee keer wordt nagevraagd hoe het nu gaat met de melder. De wethouder geeft aan dat inclusie en diversiteit de rode draad moet worden bij alle werkzaamheden binnen de hele ambtelijke organisatie. Lid PERDOK vraagt wat de wethouder bedoelt met een melder die als dader wordt beschouwd. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat uit signalen bleek dat soms wanneer een medewerker een melding had gedaan en vervolgens terugkwam op de afdeling collega’s de melder beschouwden als een lastige persoon.

Dit geeft het slachtoffer het gevoel dat hij of zij dader is. Daarom is het een vereiste om melders goed in bescherming te nemen en er wordt gezocht naar hoe dit het beste kan. De leidinggevende heeft hier een belangrijke rol in. Lid MANGAL betoogt dat het meestal de leidinggevende is die de melder onheus bejegent. Dat maakt het moeilijk om dit probleem aan te pakken. Wethouder VAN BUREN erkent dit probleem en geeft aan dat er wordt onderzocht hoe dit kan worden opgelost. Er moet gestuurd worden op cultuurverandering en leiderschap. Lid MANGAL vraagt wie dit onderzoek gaat uitvoeren. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er per situatie wordt bepaald hoe het onderzoek wordt opgepakt. Op basis van de uitkomsten van deze onderzoeken wordt de interne organisatie verbeterd en er is aan externe partijen gevraagd om het college te adviseren. Bovendien wordt er ook gekeken naar andere steden en landen hoe dergelijke problemen daar worden aangepakt. Lid MANGAL heeft vastgesteld dat met de meldingen die zijn gedaan bij Bureau Integriteit en bij de gemeentesecretaris niets is gedaan. Hij vraagt de wethouder om een verklaring hiervoor. Wethouder VAN BUREN erkent dat er in dat opzicht fouten zijn gemaakt en dat is de reden voor de bespreking van de onderzoeksrapporten en te komen tot oplossingen en de juiste aanpak.

Wethouder Van Buren werkt nauw samen met de gemeentesecretaris om de situatie te verbeteren. Maar niet alleen zij, als wethouder P&O, ook de andere collegeleden hebben de opgave om inclusie, WPI en beleid te verbeteren. Lid MANGAL vraagt wederom naar een verklaring voor het negeren van een melding bij de gemeentesecretaris. Wethouder VAN BUREN stelt voor om dit onder vier ogen met lid Mangal te bespreken, aangezien zij niet weet welke casus dit betreft.

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Lid PERDOK ontvangt graag informatie over de gesprekken die wethouder Van Buren heeft gevoerd met wethouder WPI. Zij wil weten of er bij wethouder Groot Wassink ook signalen zijn binnengekomen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat zij gesprekken heeft gevoerd met wethouder Groot Wassink en met de directie van WPI. Wanneer hier meer informatie over beschikbaar is, zal de wethouder dit terugkoppelen naar de raad. Zij adviseert het lid Perdok om haar vraag te stellen aan wethouder Groot Wassink. De wethouder concludeert dat er veel vragen zijn gesteld over de ambtelijke organisatie en zij stelt voor om een technische sessie te organiseren waarbij het mogelijk is om met de ambtenaren in gesprek te gaan. Als antwoord op de vraag van lid Garmy over de aanvullende onderzoeken geeft zij aan dat dit het geval is. Zij wil graag een blik van buitenaf en zij heeft de externe partijen om een organisatieadvies bij WPI gevraagd. De resultaten van de aanvullende onderzoeken worden meegenomen in de organisatiebrede aanpak. Er is tevens een aanvullend kwantitatief onderzoek op de onderzoeken van KIS en Muzus, uitgevoerd door Verweij Jonker, dat specifiek de cijfers in beeld brengt. Dit komt ten goede aan de kwaliteitsverbetering van de aanpak. Lid GARMY vraagt hoe kan worden voorkomen dat dit belemmerend gaat werken voor de acties en de aanbevelingen die worden overgenomen.

Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er geen sprake is van belemmering nu er in volle vaart wordt gewerkt. Er is meer sprake van een aanvulling die ervoor zorgt dat er nog beter kan worden gestuurd. Lid BOBELDIJK vraagt wanneer het rapport van Verweij Jonkers zal verschijnen. Wethouder VAN BUREN zal hier binnenkort op terugkomen. Lid VAN PIJPEN vraagt naar de tijdlijn van het onderzoek bij WPI. Wethouder VAN BUREN zegt toe hier eveneens binnenkort op terug te komen. Vervolgens geeft de wethouder aan welke aanbevelingen uit de rapporten nu al worden uitgevoerd:  Het herzien van alle procedures;  Het verbreden van de sanctiemogelijkheden;  Het doorbreken van de witte norm door campagnes en het delen van verhalen;  Het uitrollen van het inclusieve werving-en-selectiebeleid. Aanbevelingen die op termijn kunnen worden uitgevoerd zijn:  Verbetering van de introductie van nieuwe medewerkers;  Verbetering van de nazorg in samenwerking met het Meldpunt Discriminatie;  Begeleiding van de medewerkers die een niet-anonieme melding doen, eveneens in samenwerking met het Meldpunt Discriminatie. Een aanbeveling die nog nader onderzocht moet worden is de twijfellijn, zoals dat staat vermeld in het onderzoeksrapport. Dit houdt in dat een medewerker soms zich afvraagt of wat zij of hij heeft meegemaakt grensoverschrijdend is.

In de organisatie komt nu naar boven welke onveilige gevoelens medewerkers ervaren aan de hand van gesprekken die er worden gevoerd. Het zijn vaak ongemakkelijke gesprekken, maar zij hebben een belangrijke functie. De rapporten bieden een handvat voor het voeren van deze gesprekken. Lid GARMY vraagt of deelname aan de gesprekken optioneel is en hij wil graag weten in hoeverre er door de medewerkers gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om een gesprek te voeren.

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de opkomst bij een onlangs gehouden bijeenkomst groot was, zowel in fysieke aanwezigheid als online. De hogere functies, directeuren en managers, zijn verplicht de gesprekken te voeren en daarin worden ze gefaciliteerd. De gemeente Amsterdam staat ook in contact met andere gemeenten, ook in het buitenland, al is Amsterdam meestal al verder in de processen. Ook de G4 deelt de aanpak van discriminatie met elkaar. Zo leert de gemeente ook van anderen. In antwoord op de vraag van lid Namane beschrijft de wethouder welke procedure er volgt op een melding. Allereerst vindt er een meldingsgesprek plaats en dan hangt het ervan af of de melder anoniem wil blijven of niet. Dan volgen de vragen: Wat is er aan de hand? Is er een vermoeden van integriteitsschending? Is het vatbaar voor onderzoek en wat is de beste interventie? Afhankelijk van de uitkomst volgt er een interventie vanuit het management of een andere interventie. Lid NAMANE wil namens haar fractie eigenlijk weten of de medewerker in algemene zin inspraak heeft bij de procedure. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er altijd geprobeerd wordt een terugkoppeling te geven aan de melder en navraag te doen naar hoe het is verlopen. Tijdens het gesprek wordt er voortdurend gevraagd of de persoon in kwestie akkoord gaat en hoe hij of zij zich voelt.

Hieraan voegt de wethouder toe dat in het verleden de nazorg niet altijd goed is gegaan. Tegenwoordig is er een systeem die de vervolggesprekken registreert. In de procedure wordt nu tevens opgenomen dat er na één maand en na drie maanden aan de melder wordt gevraagd hoe het gaat. Nazorg kan ook bestaan uit een gesprek met de gehele afdeling, met de managers of met een training of andersoortige sessie. Er zijn verschillende maatregelen die er genomen kunnen worden om te voorkomen dat er een ongemakkelijke situatie op de werkvloer blijft bestaan. Het is nog wel lastig om een situatie waarbij melder en agressor elkaar ontmoeten op de werkvloer te voorkomen, maar een mogelijkheid is om de agressor gedurende het onderzoek te verplaatsen. Het is belangrijk dat er zorgvuldig wordt omgegaan met de meldingen gezien de zeer gevoelige aard van de incidenten en de beleving ervan. Vertrouwenspersonen hebben hierbij een belangrijke rol, maar als de leidinggevende niet de agressor is, heeft deze eveneens een belangrijke positie. Lid VAN BERKEL verwijst naar een anekdote van de wethouder waar zij sprak over een theatershow met boze witte mannen. Lid Van Berkel krijgt hier graag wat meer informatie over en wat deze show zou kunnen bijdragen aan de bestrijding van discriminatie.

Wethouder VAN BUREN legt uit dat het een theatershow is die is bedoeld om het gesprek over discriminatie aan te jagen. Lid VAN BERKEL interpreteert de titel van de theatershow als discriminatie van boze witte mannen. Wethouder VAN BUREN geeft een korte samenvatting van het stuk en wil het hier verder bij laten. Lid PERDOK vraagt of de wethouder bereid is de expertise eveneens te richten op de slachtoffers van seksisme, hoewel dit een andere aanpak vereist. Wethouder VAN BUREN is daar zeker toe bereid, maar beaamt dat dit een andere aanpak vereist. Hiervoor is dan ook extern advies nodig. Overigens geeft de wethouder aan dat zij niet bekend is met de betreffende melding, waar lid Mangal over sprak en die nu door lid Perdok ook wordt aangehaald. Lid MANGAL belooft de wethouder hierover informatie toe te sturen. Vervolgens vraagt hij de wethouder wie er weg moet van de afdeling als de leidinggevende de dader is en de medewerker het slachtoffer.

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Wethouder VAN BUREN geeft aan dat dit per geval moet worden bekeken, maar in principe is het de agressor die moet verkassen, tenzij de melder aangeeft niet meer op de afdeling te willen zijn. Voorts beklemtoont de wethouder dat er flink wordt ingezet op handelingsperspectieven voor leidinggevenden. Dit zal ook worden geformuleerd in de bestuursopdracht. Met de doorstroom gaat het niet goed getuige de cijfers. De procedures moeten nog meer transparant en objectief en daar wordt aan gewerkt. De ‘kleurenblindheid’ kan hier juist averechts werken. Leidinggevenden moeten er ook op getraind worden dat zij talent binnen de organisatie kunnen herkennen. Er moet voorkomen worden dat medewerkers vertrekken bij de gemeente, omdat ze niet kunnen doorstromen. Lid VAN PIJPEN plaatst een opmerking over de term ‘objectief’ en geeft aan dat dit wellicht actie oproept die niet effectief is en hoe het mogelijke effect van ‘kleurenblindheid’ kan worden voorkomen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er wordt gewerkt aan verbeteringen op dit vlak. Zij benadrukt het belang van het streefcijfer van 30 procent, dat inhoudt dat er soms geen ruimte is voor ‘kleurenblindheid’, maar kleur voorrang moet krijgen. Dit proces begint al voor de werving en selectie als er moet worden gekeken naar de talenten binnen de afdeling in het belang van de gehele organisatie.

Lid NAMANE erkent het belang van het herkennen van talent, maar vraagt zich af hoe kan worden voorkomen dat dit afhangt van één persoon of een select groepje mensen. Wethouder VAN BUREN betoogt dat het noodzakelijk is om de managers hierop te trainen en te beoordelen. Er is tevens een aantal programma’s binnen de gemeente die mensen met talenten begeleiden. Hierbij heeft de afdeling P&O een grote rol. Lid NAMANE wil weten of medewerkers zich hier zelf voor kunnen aanmelden. Wethouder VAN BUREN zegt van wel, maar zij realiseert zich dat een medewerker soms over de drempel heen geholpen moet worden om zich aan te melden voor de selectieprocedure. De training van 900 ambtenaren, waar lid Schmit naar verwees, heeft nog niet tot resultaten geleid. De wethouder benadrukt dat alleen training niet voldoende is, maar dat het een langdurig proces is naar bewustwording en goed leiderschap. Bij de bijeenkomst voor het ambtenarenapparaat gaf het managementteam aan hoe belangrijk dit is. De implementatie van de inclusieve werving heeft vertraging opgelopen, maar hier wordt nu een inhaalslag gemaakt. Ook wordt er meer gestuurd op resultaat, maar afspraken hierover moeten nog nader worden uitgewerkt. Lid SCHMIT stelt dat het opvolgen van klachtenprocedures reactief is.

Hij vraagt de wethouder hoe antiracisme en bestrijding van discriminatie op een proactieve manier in de leiderschapsontwikkeling geborgd gaat worden. Lid Schmit legt uit dat hij spreekt over een langdurige leiderschapsontwikkeling die de cultuur binnen de gemeente gaat veranderen. Wethouder VAN BUREN erkent het belang hiervan en geeft aan dat er een dergelijk langdurig traject plaatsvindt onder verantwoordelijkheid van de gemeentesecretaris. Zij is het eens met lid Schmit dat er moet worden voorkomen dat er klachten zijn. Zij realiseert zich dat bij de verandering van de procedures er in eerste instantie meer klachten zullen komen. Uiteindelijk wordt van de leidinggevenden verwacht dat zij direct ingrijpen wanneer een incident zich voordoet. Tweede termijn

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Lid VAN PIJPEN heeft een hoop bedoelingen en plannen gehoord, maar vraagt zich af hoe concreet dit wordt uitgewerkt. Zij vraagt wanneer de herziene versie van de bestuursopdracht zal verschijnen. Voor de ‘twijfellijn’ stelt zij voor een andere naam te kiezen, maar het concept spreekt haar aan. Zij wil ook weten welk handelingsperspectief er wordt uitgewerkt voor de collega’s die omstander zijn bij een incident, zodat de oplossing niet afhankelijk is van één persoon. Lid BOBELDIJK stelt dat indien het gewenst is om de juiste representatie op alle niveaus te bereiken, kleurenblindheid niet van toepassing moet zijn. In de bestuursopdracht ziet lid Bobeldijk graag een suggestie van het college hoe je discriminatie ook kunt inzetten ten behoeve van de verbetering van de representativiteit. Lid VAN BERKEL geeft aan dat hij niet overtuigd is van de stellingname in het KISrapport, dat er institutioneel racisme plaatsvindt in de organisatie van de gemeente Amsterdam. Voor hem is de definitie belangrijk omdat die het verschil aanduidt tussen beleidsmatig racisme en persoonlijk racisme. Waarbij komt dat lid Van Berkel van mening is dat institutioneel racisme beter aan te pakken is. Lid NAMANE stelt bij interruptie de vraag aan lid Van Berkel welke genoemde maatregelen hij zou willen schrappen als er sprake is van institutioneel racisme volgens de definitie die hij noemde.

Lid VAN BERKEL geeft namens zijn fractie aan dat het logischer is om aan te pakken wat institutioneel is, aangezien dit is ingebed in het beleid. Lid NAMANE vervolgt haar interruptie en vraagt of lid Van Berkel voorstelt om genoemde programma’s om de cultuur te veranderen, zoals besproken, te laten vervallen. Lid VAN BERKEL ontkent dit te hebben voorgesteld en geeft aan dat dit de aanpak is die de wethouder voorstelt om de problemen op te lossen. JA21 vindt dat als er sprake is van institutioneel racisme dat hier bewijs voor moet worden geleverd en vervolgens ervoor gezorgd moet worden dat dit niet langer plaatsvindt. Lid NAMANE vraagt lid Van Berkel naar welk bewijs hij op zoek is, dat nog niet is beschreven in de onderzoeksrapporten. Lid VAN BERKEL verwijst naar de definitie waarin geschreven en ongeschreven regels liggen besloten, die te maken hebben met afspraken die zijn gemaakt op de werkvloer en waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen mensen op basis van hun afkomst, etniciteit en geloof. Dit heeft lid Van Berkel niet kunnen waarnemen. Lid MANGAL heeft nog niet gehoord welke consequenties er zijn voor gedrag dat niet wordt geaccepteerd. Ook wil hij graag weten waarom de gemeentesecretaris niet heeft gereageerd op een melding die hij heeft gekregen en welke consequenties hieraan worden verbonden.

Hetzelfde geldt voor meldingen die bij Bureau Integriteit zijn binnengekomen. Hij neemt het de wethouder kwalijk dat zij niet reageert op de genoemde casus van seksueel grensoverschrijdend gedrag dat heeft plaatsgevonden binnen de gemeentelijke organisatie. Lid BOBELDIJK geeft bij interruptie aan dat het vreemd is om de wethouder te laten reageren op een casus waar zij nog niet bekend mee is. Lid MANGAL licht zijn betoog nader toe door aan te geven dat de daders nog steeds werkzaam zijn bij de gemeente en de slachtoffers niet. Hij vraagt de wethouder hierop te reageren. Ook wil hij weten welke consequenties dit heeft.

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

De VOORZITTER markeert een ingewikkelde situatie in het debat, waarin de wethouder wordt gevraagd te reageren op een casus die zij nog niet kent. Lid OLIVIEIRA geeft aan dat zijn fractie uitkijkt naar de voornoemde technische sessie waarbij er met ambtenaren en wellicht rechtstreeks met het hoofd van de afdeling P&O gesproken kan worden. Wethouder VAN BUREN deelt mee dat er op dit moment wordt bekeken hoe het handelingsperspectief vorm gaat krijgen. De bestuursopdracht wordt herijkt en die zal in het voorjaar van 2024 aan de raad worden gepresenteerd. De wethouder geeft vervolgens aan dat ze bereid is om na te denken over een andere naam voor de twijfellijn. Zij is het eens met lid Bobeldijk dat het wellicht beter is om juist wel verschil in kleur te zien en dat toe te passen in het werving-en-selectiebeleid. Lid BOBELDIJK geeft aan dat dit het gewenste antwoord is. Wethouder VAN BUREN vervolgt haar beantwoording en geeft een uitgebreidere definitie van het fenomeen ‘institutioneel racisme’. Het lijdt geen twijfel, ook niet volgens de onderzoeksrapportages, dat hier sprake van is binnen de gemeentelijke organisatie. Zij is echter van mening dat het geen zin heeft om nu te discussiëren over de definitie. Lid SCHMIT vindt het te lang duren eer de herijkte bestuursopdracht wordt gepresenteerd. Hij vraagt het college of dit sneller kan.

Wethouder VAN BUREN is dit eens met lid Schmit en gaat onderzoeken op welke manier zij eerder met updates naar de raad kan komen. Ondertussen wordt er wel gewerkt aan de plannen en de programma’s. Lid SCHMIT verneemt dan graag van de wethouder welke maatregelen er worden genomen, vooruitlopend op de bestuursopdracht. Wethouder VAN BUREN zegt toe de raad hierover te informeren en stelt voor om hier tijdens de voorgestelde technische sessie dieper op in te gaan. Lid VAN BERKEL refereert aan de definitie van institutioneel racisme die de wethouder zojuist heeft gegeven. Deze wijkt af van de definitie die is gegeven door de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme. Wethouder VAN BUREN is van mening dat het op dit moment niet relevant is om te discussiëren over de definitie. Lid VAN BERKEL uit in een punt van orde zijn ongenoegen over de naar zijn mening onbevredigende beantwoording van de wethouder van zijn vragen. De VOORZITTER legt uit dat een raadslid vragen mag stellen en dat de wethouder regie heeft over haar antwoorden hierop. Wethouder VAN BUREN wilde niet de indruk wekken dat zij onwelwillend is om vragen te beantwoorden, maar herhaalt dat het op dit moment zinloos is om de juistheid van de definitie ter discussie te stellen. Zij wil derhalve niet de aandacht afleiden van het belang van het onderwerp van dit agendapunt.

Lid VAN BERKEL vindt namens zijn fractie dat de definitie wel relevant is, aangezien deze het probleem duidelijk maakt en het zodoende beter kan worden aangepakt.

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Wethouder VAN BUREN vervolgt haar beantwoording. Zij benadrukt als reactie op de vragen van lid Mangal dat zij het heel belangrijk vindt dat ook seksueel overschrijdend gedrag wordt aangepakt. Zij ziet de informatie over de betreffende casus tegemoet. Tenslotte dankt zij lid Olivieira voor het vertrouwen dat hij uitsprak. Ook geeft zij aan dat ze het prettig vond om over dit onderwerp met de commissie van gedachten te wisselen. Lid LOCHTENBERG vraagt of het plan concreet zal worden geformuleerd in de bestuursopdracht en het niet in de vorm van algemene beleidslijnen wordt beschreven. Wethouder VAN BUREN zegt toe dat er een concreet plan zal komen. De VOORZITTER deelt mee dat hiermee het onderwerp voldoende is besproken. De raad zal een e-mail van de griffie ontvangen inzake de technische sessie. Het onderwerp zal voor de raad van 21 en 22 december worden geagendeerd. De VOORZITTER schorst de vergadering om 11.25 uur. De VOORZITTER heropent de vergadering om 11.35 uur. 6. Kennisnemen van de handtekening over maatschappelijke betrokkenheid van ambtenaren, getiteld ‘Ambtenaren en actievoeren, hoe zit dat?’ (VN2023-022790) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het punt is geagendeerd door lid Havelaar. Lid LOCHTENBERG beschrijft de vraagstelling van het CDA en hij geeft aan dat met de brief van de wethouder hierover de vraag voldoende is beantwoord.

Lid BURGERS verwijst naar Art. 6.1 van de Gedragscode voor Ambtenaren. Voor de VVD is de petitie die door honderden Amsterdamse ambtenaren is ondertekend in strijd hiermee. De ondertekenaars proberen volgens de VVD het collegebeleid inzake Israël-Hamas te bepalen en lid Burgers vraagt zich af of er consequenties zijn voor deze ambtenaren die de door de gemeente opgestelde Gedragscode overtreden. Lid VAN PIJPEN bestrijdt dat de ambtenaren het beleid willen bepalen, maar het betreft beïnvloeding wat het recht is van elke burger in Amsterdam. Zij vraagt de VVD of bij deze fractie de mening heerst dat het tekenen van een petitie het bepalen van het beleid betekent. Dat zou eveneens consequenties hebben voor de raad en daar is geen sprake van volgens GroenLinks. Lid BURGERS betoogt dat ambtenaren een zekere neutraliteit, terughoudendheid en dienstbaarheid moeten betrachten. Lid VAN PIJPEN geeft namens haar fractie aan dat in het document de aanduiding ‘gewetensnood’ ontbreekt, terwijl dat bij ambtenaren nogal eens voorkomt als er zaken spelen, vooral als die gaan over universele humanitaire waarden en grondrechten. Zij vraagt of hierbij voor ambtenaren ruimte is. Wethouder VAN BUREN verklaart dat ook ambtenaren vrijheid van meningsuiting hebben en onderhevig kunnen zijn aan gewetensnood.

Er moet wel duidelijk onderscheid worden gemaakt wanneer zij optreden als privé persoon of als medewerker van de gemeente. Het is lastig om dit in een handreiking te beschrijven, aangezien het per situatie kan verschillen. De handreiking biedt wel handvatten om hierover met elkaar te spreken en afspraken te maken, gebaseerd op de Amsterdamse Ambtseed.

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Het staat de ambtenaren vrij om de petitie te ondertekenen. Misschien is er dan sprake van beïnvloeding, maar het beleid wordt door vele omgevingsfactoren beïnvloed vanuit de wereld eromheen. Er is geen sprake van verbieden. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende is besproken. 7. Kennisnemen van de beantwoording van de schriftelijke vragen van het lid Schmit inzake pool van gepensioneerden die aan de slag wil (VN2023-022794) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het punt is geagendeerd door lid Schmit. Lid SCHMIT leidt zijn vragen in en geeft aan dat de pool van gepensioneerden een groot arbeidspotentieel inhoudt dat benut kan worden. Dit zou goed uitkomen, aangezien lid Schmit al eerder met het college heeft gesproken over de arbeidstekorten bij duurzaamheid en in het onderwijs. Hij verwijst vervolgens naar de regelingen vanuit de Rijksoverheid. De wethouder heeft echter aangegeven dat aan werknemers die met pensioen gaan wordt gevraagd om nog een half jaar langer door te werken, maar dat is niet hoe lid Schmit het bedoelt. Hij vraagt de wethouder de mogelijkheden te onderzoeken om gepensioneerden die dat willen één of twee dagen mee te laten werken. Dit vereist ook een aanpassing van de arbeidsorganisatie.

Wethouder VAN BUREN verwijst naar de schriftelijke beantwoording, waarin het huidige beleid wordt beschreven, zoals dat in de CAO voor Amsterdam is afgesproken. Dit beleid wordt per 1 januari 2024 herzien en daarbij wordt ook gekeken om de moeilijke vacatures, waar speciale expertise voor nodig is, te vervullen. Hierbij wordt dan graag gebruikt gemaakt van deze pool als dat mogelijk is. De wethouder zegt toe hier later nog op terug te komen. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken. Deelnemingen (excl. AEB en Schiphol) 8. Bespreken van de beantwoording van schriftelijke vragen van het lid Asruf over werkdruk personeel GVB (VN2023-024166) Wordt doorgeschoven naar de vergadering van 14 december 2023. TOEGEVOEGD BESPREEKPUNT Deelnemingen (incl. AEB) 9. Bespreken van de grote brand bij afvalverwerkingsbedrijf AEB (2023 De VOORZITTER leidt dit agendapunt in en deelt mee dat dit punt is geagendeerd door lid Meerburg. Lid MEERBURG schetst de situatie bij het afvalverwerkingsbedrijf, dat volgens de media wekelijks te maken heeft met brandjes en explosies. Op de technische vragen die de PvdD heeft gesteld is geantwoord, maar dat heeft lid Meerburg niet gerustgesteld. Er werd gesteld dat de branden niet te voorkomen zijn en dat de oorzaak niet achterhaald kan worden.

Lid Meerburg stelt enkele vragen:  Wordt nu echt al het mogelijke gedaan om deze risico’s tot een minimum te beperken?  Is het niet noodzakelijk om maximaal in te zetten op nog strengere controles?

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 23 november 2023

FKD

Vervolgens trekt lid Meerburg een vergelijking met de hiervoor besproken problematiek; signalen worden niet opgepakt, of er wordt niet op gereageerd. Pas als hele ernstige incidenten zich voordoen wordt er gehandeld. Volgens lid Meerburg is er hier geen sprake van een veilige werkplek en is de gemeente, die honderd procent aandeelhouder is, verantwoordelijk voor de veiligheid van het personeel en de luchtkwaliteit van de Amsterdammers. Tenslotte vraagt lid Meerburg naar de stand van zaken met betrekking tot het verkoopproces. Wethouder VAN DANTZIG geeft aan dat brand nou eenmaal een essentieel onderdeel is van het afvalverbrandingsproces. Explosies komen voor als er sprake is van afval dat er niet in thuishoort, zoals lachgascontainers. Er wordt veel gedaan dit onterechte afval vooraf eruit te halen door de gemeente als aanbieder en door het bedrijf waar het nascheiding betreft. De brand waar lid Meerburg specifiek naar verwees vond plaats in de bunker, een locatie waar men niet in kan. Het blijft speculeren wat de oorzaak geweest zou kunnen zijn. Als er een brand uitbreekt, wordt er direct geblust. Het valt niet te voorkomen dat de media als eerste melding maakt van een brand, maar dat is meestal gelijktijdig met de melding aan de wethouder. Dan wordt er ook meteen gekeken naar de gevolgen voor de afvalinzameling.

De veiligheid van de werknemers is een vast bespreekpunt in de aandeelhoudersrelatie met het afvalenergiebedrijf en ook de inspectie kijkt hier zorgvuldig naar. De wethouder betoogt dat het bedrijf momenteel veel beter op orde is dan hiervoor. Maar het blijft een bedrijf waar voorinvestering voor nodig is, waar techniek voor nodig is en waarvoor een hoog risicoprofiel geldt. Veiligheid is altijd een aandachtspunt, er zit een groot controlecentrum bij het bedrijf. Maar het blijft nagenoeg onmogelijk om het risico van dit soort incidenten volledig uit te sluiten. Lid BOBELDIJK vraagt hoe de controle vanuit de gemeente zal plaatsvinden als het bedrijf verkocht wordt naar de markt. Wethouder VAN DANTZIG gaat ervan uit dat het bedrijf zich zal houden aan de wet- en regelgeving van de inspecties. De gemeente en de Omgevingsdiensten houden dit goed in de gaten. Hij vervolgt zijn betoog en geeft aan dat het voorkomen van branden en incidenten ook bedrijfseconomisch heel belangrijk is; als de operatie stilgelegd moet worden, kost dat geld. Lid BOBELDIJK maakt een vergelijking met Tatasteel, waar de Omgevingsdienst niet goed functioneerde. Wethouder VAN DANTZIG vindt het niet relevant om nu de vergelijking met Tatasteel te maken. Lid MEERBURG is bereid AEB het voordeel van de twijfel te geven, maar geeft aan dat er in het verleden gevaarlijke situaties zijn ontstaan door mismanagement.

Hij vraagt de wethouder hoe zeker hij ervan is dat de incidenten te maken hebben met de normale gang van zaken in het bedrijf en niet vanwege het negeren van signalen van het operationeel personeel, zoals dat eerder wel is voorgekomen. Wethouder VAN DANTZIG geeft aan dat er een verbetertraject heeft plaatsgevonden en bij de voorgenomen verkoop bleek dat het bedrijf er vele malen beter voorstond dan eerder het geval was. Het bedrijf behoeft echter wel constant aandacht. Ook moet er na grote incidenten onderzoek plaatsvinden en ingezet worden op verbetering. Lid MEERBURG accepteert dat er verbeteringen zijn gekomen in de bedrijfsvoering, maar hij vraagt de wethouder de enorme toename van incidenten te verklaren. Wethouder VAN DANTZIG geeft hiervoor twee oorzaken: de lachgascontainers die bij het afval terechtkomen en de elektrificering van het huisvuil.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13556061/1