CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag FED 2022 01 20

Raadscommissie voor Financiën, Economische Zaken, Deelnemingen, Lucht- en Zeehaven, Duurzaamheid 10 februari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie FED d.d. 20 januari 202213.501 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

FED

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Financiën, Economische Zaken, Duurzaamheid, Deelnemingen, Lucht- en Zeehaven en Circulaire Economie

Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

CONCEPTVERSLAG

Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Economische Zaken en Duurzaamheid Donderdag 20 januari van 13.30 tot 18.55 uur in de raadszaal Donderdag 10 februari 2022 Voorzitter: mevrouw Kiliç Portefeuillehouders: wethouder de heer Everhardt, wethouder Van Doorninck Commissiegriffier: mevrouw Diemont Verslaglegging: mevrouw Van de Belt (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: de heer Boomsma (CDA), de heer Boutkan (PvdA), de heer Flentge (SP), de heer Groen (GroenLinks), mevrouw Heinhuis ( PvdA), de heer Kreuger (JA21), mevrouw Kuiper-de Haan (ChristenUnie), de heer Van Lammeren (PvdD), mevrouw Martens (VVD), mevrouw Nadif (GroenLinks), de heer Nijssen (VVD), mevrouw Roosma (GroenLinks), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Torn (VVD), de heer Türkkol (D66), duoraadslid Verkerke (BIJ1), de heer Vink (D66) Afwezige commissieleden: mevrouw A.L. Bakker (PvdD), de heer N.T.

Bakker (SP), de heer Biemond (PvdA), mevrouw Bloemberg-Issa (PvdD), de heer Van Dantzig (D66), de heer Ernsting (GroenLinks), de heer De Graaf (BIJ1), de heer Van den Heuvel (ChristenUnie), de heer Khan (DENK), de heer Koyuncu (DENK), mevrouw Marttin (VVD), mevrouw Nanninga (JA21), de heer Olsen (ChristenUnie), mevrouw Poot (VVD), de heer Van Schijndel (Forum voor Democratie), de heer Taimounti (NIDA), de heer Veldhuyzen (BIJ1), de heer Wijmenga (CDA) en de heer Yilmaz (DENK) Overige aanwezigen: de heer De Groot (hoogleraar Regionaal Economische Dynamiek, VU)

1, Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER heet iedereen raadscommissievergadering FED van dit jaar.

van

harte

welkom

op

deze

eerste

b. Mededelingen De VOORZITTER stelt voor tot 18.00 uur door te vergaderen gezien de volle agenda. Aldus besloten. De heer Boutkan zal om 15.00 uur de vergadering echter verlaten. Mevrouw Heinhuis neemt zijn punt over Schiphol over. Ook duoraadslid Verkerke kan niet tot 18.00 uur aanwezig blijven.

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Rond 15.45 uur schuift professor De Groot aan om een toelichting te geven op de economische verkenningen MRA. Wethouder EVERHARDT deelt mee dat de zeesluis IJmuiden klaar is voor gebruik. Zijne Majesteit de Koning zal de sluis 26 januari officieel openen. Er kan helaas geen publiek bij aanwezig zijn in verband met de coronamaatregelen. Wel komt er een uitnodiging voor het bijwonen van de livestream via de dagmail. c. Vaststellen agenda Punt 3 wordt gehamerd. De punten 5, 6 en 7 worden gevoegd behandeld. De punten 9 en 10 eveneens. De agenda wordt vastgesteld.

2021

d. Conceptverslag van de openbare commissievergadering FED van 16 december

Het verslag van de openbare commissievergadering FED d.d. 16 december 2021 wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille De heer BOOMSMA ziet dat veel onderwerpen in het rood staan. Hij ziet graag dat de lijst zo veel mogelijk wordt opgeschoond, aangezien dit de voorlaatste raadscommissievergadering is. Hij vraagt met name aandacht voor twee moties: Bouwen op water en Economische programma voor de maakindustrie en ambachten. Wethouder EVERHARDT zal heel kritisch naar de lijst kijken. Hij komt terug op de motie over de maakindustrie. De heer GROEN memoreert de toezegging van de wethouder dat hij in gesprek zou gaan met de soja-industrie in de haven en haar bestaansrecht in de 21ste eeuw. Dat debat zou hij graag nog deze periode afronden. Wethouder EVERHARDT zorgt ervoor dat die toezegging gestand wordt gedaan. f. Tkn-lijst Voor 10 februari worden de tkn-stukken 3 en 4 geagendeerd op verzoek van de heer Boutkan. Hetzelfde geldt voor tkn-stuk 6 op verzoek van de heer Van Lammeren en voor tkn-stuk 5 op verzoek van de heer Boomsma. De heer BOOMSMA bedankt voor de second opinion inzake het onderzoek naar de mogelijkheden om de scheepswerf te steunen in de verhuizing. Die second opinion is echter kabinet. Dat is volgens hem onnodig. De raad heeft het college immers verzocht zich maximaal in te spannen om naar mogelijkheden te zoeken.

Die discussie kan dus openbaar worden gevoerd als de gegevens die de onderhandeling betreffen, uit het stuk worden gehaald. Dan kan bespreking nog de volgende vergadering plaatsvinden. Wethouder EVERHARDT bekijkt dat. g.

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er ligt een nieuw advies SDC Nieuw-West inzake agendapunt 11, motie nr. 2145.19. De commissie heeft hiervan kennisgenomen. 2, Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte b. Inspreekmoment Publiek c. Actualiteiten d. Rondvraag Mevrouw MARTENS wijst op het voorzichtige goede nieuws dat herinvoering van reclamebelasting tijdens de lockdown geen goed idee zou zijn. Twee maanden is echter wel kort. De herstelperiode voor de ondernemers moet nog beginnen. Ze is benieuwd of de gemeente ondernemers op lokaal niveau hiermee voldoende tegemoetkomt. Ze hoopt dat de wethouder kan toezeggen dat herinvoering alsnog wordt uitgesteld op het moment dat de horeca langer gesloten moet blijven dan die twee maanden. Wethouder EVERHARDT stelt dat invoering van de reclamebelasting een raadsbesluit is. Gezien de moeilijke periode voor ondernemers komt het college met dit voorstel voor twee maanden. De ontwikkelingen rond de lockdown worden nauwgezet gevolgd. Ook met het rijk is nauw contact over de passende steunmaatregelen. Op dit moment is dit een goede stap voorwaarts. De raad heeft een steunpakket vastgesteld. Dat pakte eerder goed uit. Het college doet wat het kan. Het gaat nu om twee maanden. Op alsdanvragen kan hij niet ingaan, maar wel blijft de wethouder alles goed volgen.

De heer FLENTGE spreekt de hoop uit dat de wethouder bereid is naar de wensen en zorgen van de ondernemers te kijken als de lockdownsituatie onverhoopt toch langer gaat duren. Dat maakt afschaffing van de reclamebelasting dan wellicht mogelijk. Wethouder EVERHARDT staat in nauw contact met de sector. Vooruitlopen op de stappen kan hij niet, maar hij begrijpt de vraag wel. Hij blijft de situatie nauwgezet volgen. De heer BOOMSMA stelt dat dit toch een beslissing van de gemeenteraad is. Het is dus niet aan het college maar aan de raad om een ander besluit te nemen. Iedereen weet nu al dat die sector enorm getroffen is – ook als alles straks wel weer open mag. Hij zou dit willen bespreken in de gemeenteraad en niet willen afwachten wat er landelijk gebeurt. Wethouder EVERHARDT geeft uitvoering aan het steunpakket dat de raad bekend is. Dit besluit ligt nu voor. Het is de raad die heeft besloten deze reclamebelasting in te voeren. De heer VINK las de berichtgeving van Liander over thuisbatterijen. Die riep op minder zonnepanelen op daken te leggen, zeker in oude stadswijken. Het net piept en

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

kraakt, maar het kan toch niet zo zijn dat Liander oproept met het stoppen van stimuleren van de aanschaf van zonnepanelen. Hij hoort graag wat dit voor Amsterdam betekent en voor de ambities van het college. Wellicht kan de wethouder toelichten hoe dit samenhangt met de problemen op het net en kan ze aangeven hoe die thuisbatterijen toch versneld kunnen worden geïnstalleerd – of andere manieren om dit probleem op te lossen. Wethouder VAN DOORNINCK is ook enorm geschrokken van dit bericht. Gelukkig is er snel daarna een correctie geplaatst. Liander stelt dat zij de ontwikkeling van zonnepanelen zeker niet wil hinderen. In Amsterdam geldt de door Liander geschetste problematiek niet. Hier wordt de congestie veroorzaakt door de grote vraag en niet door het geringe aanbod. Wel zijn er problemen in dunbevolkte gebieden waar grote zonnevelden liggen. Van het rijk heeft Liander meer instrumenten nodig om vraag en aanbod te sturen. Een batterij is een van de oplossingen om die vraag- en aanbodsturing te verbeteren. Ook wordt gekeken of er in bepaalde woonwijken een bepaalde grit kan worden georganiseerd tussen bewoners. Amsterdam blijft volop inzetten op het Programma Zon. Dat is een groot succes. Al eerder kondigde het rijk een afbouw van de salderingsregeling aan; daarvoor moet dus een alternatief komen.

Amsterdam kijkt goed naar de stimuleringsmaatregelen waarmee het rijk gaat komen en ook hoe de SDE++subsidie wordt ingevuld. Die is nu vooral aantrekkelijk voor grootverbruik, voor zonnevelden, maar Amsterdam kent veel middelgrote daken. Daar zet Amsterdam haar lobby voor in. Dat kan ook helpen die congestie op te lossen. De heer VINK is blij dat de wethouder aangeeft dat Amsterdam volop blijft inzetten op zonne-energie. Hij vreest dat het in die oude stadswijken op termijn wel een probleem wordt. Wethouder VAN DOORNINCK benadrukt dat er vooralsnog geen aanbodprobleem is. In de taskforce met Liander en TenneT wordt alles goed gemonitord. Juist door die nauwe samenwerking kunnen problemen snel worden opgepakt. Mevrouw VAN SOEST stelt dat veel bedrijven in Amsterdam-Noord moeten wijken voor woningbouw. Dat zorgt voor veel paniek temeer daar de bedrijven nog geen plek hebben om naartoe te verhuizen. Ze hoort graag hoe de wethouder dit denkt te gaan oplossen. Dit punt moet zo snel mogelijk worden geagendeerd. De VOORZITTER geeft aan dat agenderen altijd mogelijk is. Wethouder EVERHARDT weet dat dit probleem door de hele stad heen speelt. Hij onderhoudt nauw contact met het bedrijfsleven. Het ziet uit naar de discussie straks over specifiek de bedrijvigheid in Noord. Er komt een toelichting afhankelijk van hoe het agendapunt precies wordt geagendeerd.

De heer BOOMSMA wijst op de huurkorting voor huurders die door de coronamaatregelen geen gebruik konden maken van de gemeentelijke panden. Dat zou ook moeten worden verlengd want deze huurders kunnen nog steeds geen gebruik maken van de panden. Hij voert graag een discussie in bredere zin over de manieren waarop de gemeente de crisis aanpakt en hoe dat zich verhoudt tot budgettaire kwesties. Hopelijk kan de wethouder met een aanzet komen die de raad dan kan bespreken. Wethouder EVERHARDT komt met een overzicht van de steunpakketten die vorig jaar zijn ingesteld. Dat overzicht komt nog voor de volgende raadscommissie naar de raad. Mevrouw HEINHUIS heeft kennisgenomen van de startnota van het kabinet-Rutte IV. Ze is benieuwd naar de gevolgen voor het Gemeentefonds. Er wordt namelijk 1,6 miljard euro onttrokken voor een landelijke woningbouwimpuls.

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Wethouder EVERHARDT wijst erop dat die uitname een voornemen is. Dat zou kunnen betekenen dat een deel van die gelden teruggeïnvesteerd wordt in de diverse woningbouwopgaves. Er speelt ook het een en ander rond jeugdzorg en dat is structureel. Er zijn heel veel facetten. Een analyse vergt tijd. Rond het moment van het jaarverslag komt hij met een nadere duiding van de gevolgen van de startnota voor Amsterdam. De heer KREUGER is benieuwd hoeveel ton snoeihout er daadwerkelijk kon worden verbrand in de biomassacentrale van het AEB, hoeveel kg ammoniak daarbij vrijkomt en of dat binnen de milieuwetgeving valt. Wethouder VAN DOORNINCK licht toe dat zij informatie van een deelneming moet navragen. Economische Zaken 3 Vaststellen van 20 bedrijveninvesteringszones (biz)-verordeningen en intrekken van 69 biz-verordeningen (ZD2021-016188) De commissie heeft geen behoefte aan bespreking. 4 Instemmen met het initiatiefvoorstel Amsterdamse Loods van de leden Nadif en N.T. Bakker en kennisnemen van de bestuurlijke reactie (ZD2021-017554) Mevrouw NADIF wil vanwege het negatieve advies op het initiatiefvoorstel het een en ander toelichten over de stadsloods. De afgelopen paar jaar zijn er veel vraagstukken geweest rond commercieel en maatschappelijk vastgoed. Zorgverleners hebben veel moeite een plek in de stad te vinden.

Bizzen geven aan dat ze bepaalde zaken signaleren in hun winkelstraat inzake ondermijning en sociale cohesie. Belangrijk is het tegengaan van leegstand. In de beantwoording gaat het college uit van gemiddelden. In bepaalde wijken of straten is de leegstand echter veel hoger dan in het centrum of in Zuid. Dit initiatiefvoorstel vraagt om meer hyperlokaal beleid als het gaat om de invulling van vastgoed en om ondernemers daarin mee te nemen. In de jaarverslagen van de stadsloods, de kantorenloods en al die andere loodsen staat informatie die heel erg behulpzaam is op andere beleidsterreinen – armoede, ondermijning, veiligheid etc. Het is zonde om dat niet mee te nemen in beleid. Die informatie moet beter worden ingezet in de verschillende portefeuilles. Er ligt nu een negatief advies maar mevrouw Nadif is op zoek naar ruimte voor deze punten en naar waar ruimte is om samenwerking met de bizzen beter te kunnen aangaan. In Amsterdam-Noord zijn er geen bizzen waardoor het moeilijker is om de problemen inzichtelijk te krijgen. Dat geeft ze graag mee aan het college. De heer TŰRKKOL ziet dat de bedrijvenadviseurs van transformatie juist aangeven dat er sprake is van krapte aan bedrijfsruimte. Er staan wel winkels leeg, maar dat heeft te maken met corona en met de transformatie. Hij hoort graag waar die cijfers over al die leegstand in Amsterdam vandaan komen.

Alle loodsen in één portefeuille samenbrengen lost volgens hem het probleem niet op. Mevrouw NADIF geeft aan dat de leegstand heel sterk verschilt op bepaalde plekken in Amsterdam. Daarom wil ze niet uitgaan van gemiddelden. Het gaat haar om dat hyperlokale beleid. Dan kunnen die loodsen zaken beter op elkaar afstemmen door te kijken wat er op hyperlokaal niveau gebeurt. De heer FLENTGE is het volledig eens met het betoog van mevrouw Nadif. Hij kan het niet beter verwoorden.

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Wethouder VAN DOORNINCK ziet dat het belangrijkste probleem krapte is. Voor veel maatschappelijke functies is het bijna onmogelijk een juiste locatie te vinden. Leegstand is sterk lokaal. Het gaat erom die twee bij elkaar te brengen. Bij de loodsen komt ongelofelijk veel informatie binnen. Loodsen dienen de functie te vervullen van de spin in het web, zodat zij beter kunnen handelen. Het college meent echter dat het initiatiefvoorstel niet de problemen gaat oplossen. De wethouder stelt voor de stadsloods bij de raadscommissie uit te nodigen of daarvoor een werkbezoek te organiseren. Misschien kunnen daar wat voorzitters van bizzen bij zijn. Dan kan met elkaar worden bekeken waar het vastloopt en hoe die fijnmazige oplossingen dan in beeld kunnen komen. Mevrouw NADIF houdt het initiatiefvoorstel aan. Ze gaat graag in op het voorstel om de genoemde bijeenkomst te houden. Het is wel van belang Amsterdam-Noord daarbij te betrekken, juist omdat daar geen bizzen zijn. De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is behandeld.

Financiën 5 Boardletter gemeenteaccountant (ZD2021-016327) en 6 Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de voortgang van de opvolging aanbevelingen uit de verslagen van de Rekeningencommissie en de Accountantsverslagen met betrekking tot de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording (ZD2021-016082) en 7 Kennisnemen van de raadsinformatiebrieven over de voortgang van de opvolging van de aanbevelingen uit de verslagen van de Rekeningencommissie en de accountantsverslagen met betrekking tot Financiën (ZD2021-014807) Mevrouw HEINHUIS bedankt de ACAM voor het maken van de Boardletter. Deze rapportage stelt de raad in staat alvast na te denken over de aandachtspunten bij het Jaarverslag 2021. De Boardletter is gebaseerd op de managementletter van 2021. Ze vraagt de wethouder die managementletter met de raadscommissie te delen. Agendering van deze stukken is van belang voor een overzichtelijke informatievoorziening aan gemeenteraadsleden, zodat de raad de aanbevelingen van de Rekeningencommissie en de ACAM goed kan volgen. Het is de vraag of het nu gekozen systeem dat mogelijk maakt. De raad ontvangt immers eerst de najaarsnota. Voor de opvolging van de aanbevelingen wordt daarin verwezen naar de voortgangsbrieven. De aanbevelingen zelf komen niet aan bod bij de bespreking van de najaarsnota.

De voortgangsbrieven zijn technisch en financieel van aard en gaan naar de vakcommissies. Pas na de voortgangsbrieven komt de Boardletter van de ACAM – bij de raadscommissie FED. Nergens ontstaat op deze wijze een integraal overzicht van de opvolging van de aanbevelingen. Daarom stelt ze voor naast de voortgangsbrieven voor de vakcommissies een overkoepelende voortgangsbrief te maken met een overzicht van de aanbevelingen. Gaat het over de opvolging van de motie-Biemond en Hammelburg waarin het college werd verzocht in het jaarverslag een integrale risicoanalyse op te nemen, dan leest ze in een brief van de wethouder dat hij een aparte notitie maakt van het jaarverslag. Die risicoanalyse wordt kennelijk niet opgenomen in het jaarverslag zoals in de motie verzocht. Ze hoort graag of die notitie wel een bijlage wordt bij het jaarverslag. Het gaat er immers om dat de raad de samenhang ziet met de jaarcijfers.

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Mevrouw ROOSMA bedankt de accountant voor de heldere Boardletter. Ze hoort nog graag over het budgetplafond en het overprogrammeren op welke wijze het college met aanvullende afspraken de raad gaat faciliteren om daarover het gesprek te voeren. Voorts vindt ze het opmerkelijk dat de accountant kritisch was op het afstoten van assets om meer investeringsruimte te realiseren. Het is immers nog maar de vraag of dat investeringsruimte oplevert. De wethouder heeft een onderzoek aangekondigd naar mogelijke financiële risico’s die daaraan kunnen kleven. Ze is benieuwd wanneer de raad daarover verder wordt geïnformeerd. De heer BOOMSMA is blij met de verhelderende Boardletter. Hij onderschrijft de vraag over de budgetplafonds en het afstoten van assets. De begroting is niet in lijn met de BBV. Hij ziet graag dat dat wordt hersteld – specifiek voor de twee aspecten die de accountant beschrijft. Samenwerking verbeteren bij complexe aanbestedingen is een eeuwig terugkerend verhaal. Hij hoort graag hoe het daarmee nu staat. Tot slot ondersteunt de heer Boomsma het pleidooi van de PvdA over die overkoepelende voortgangsbrief inzake de opvolging van de aanbevelingen. De heer TORN bedankt de accountant voor het opstellen van deze Boardletter. Hij onderschrijft de al gestelde vragen en zeker het pleidooi van mevrouw Heinhuis.

Het is goed als er een overkoepelend document komt om in de raadscommissie FED te bespreken. Wethouder EVERHARDT constateert dat dit de eerste keer is dat die Boardletter er ligt. Heel vernieuwend. Het is goed daarover de discussie verder te voeren. De managementletter is gedeeld op managementniveau en de ACAM heeft de Boardletter gemaakt om de raad te faciliteren. Er is geen enkel beletsel om ook de managementletter met de raad te delen. Dan het nieuwe systeem om de aanbevelingen goed te kunnen volgen. Zaken kennen uiteraard een financieel-technische kant, want de aanbevelingen spelen op die specifieke portefeuilles. Het is belangrijk dat apart te volgen, dus niet in één overzicht, middels die brieven. Niet elke brief wordt jammer genoeg in de vakcommissie uitgebreid besproken, terwijl dat juist het moment is om het bespreekbaar te maken. Er is geen beletsel om dat met de raad te delen, hetzij in een aparte brief of als bijlage bij een van de stukken uit de p&c-cyclus. Daar komt de wethouder nog op terug. Het systeem moet wel even de kans krijgen zich verder te ontwikkelen. Hij bekijkt op welke manier de informatie met de raad kan worden gedeeld. Het moet er niet toe leiden dat zaken alleen in de raadscommissie FED worden besproken. Die voortgangsbrieven moeten immers veel breder in de raad landen. De motie-Biemond en Hammelburg, nr.

702, vraagt de mogelijkheid te onderzoeken. Besproken is hoe dat het best vorm kan worden gegeven. Bij de najaarsnota is dat met de commissie gewisseld. Dat wordt die aparte notitie. Dat zal een bijlage zijn bij het jaarverslag. De inhoud van die bespreking zal maatgevend zijn voor de vraag of bij een volgend jaarverslag een nadere aanvulling of aanpassing nodig is. Zo is het afgesproken. GroenLinks informeerde naar de budgetplafonds. Dat betreft een raadsbesluit op voorspraak van het college. Er zijn afspraken gemaakt om dat nog beter inzichtelijk te maken en hoe de dekking daarvan is. In de p&c-cyclus komt die verantwoording terug. In de Boardletter staat beschreven hoe met de overprogrammering wordt omgegaan, hoe dat het budgetrecht raakt en hoe de raad in positie wordt gebracht. Dat wordt in de p&ccyclus nader met de raad gedeeld. Mevrouw ROOSMA vindt het prima om daarop terug te komen bij de p&c-cyclus, maar ze hoopt wel dat die informatie dan helder wordt aangeboden waarbij de wethouder specifiek ingaat op het punt van het budgetrecht. Wethouder EVERHARDT heeft het zo met de raad afgesproken. Het is een nieuw

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

systeem waarmee het college en de raad ervaring op moeten doen. Hij zal de raad goed in positie brengen. In de Boardletter staat een kritische kanttekening over het fenomeen balansverkorting. Het college onderzoekt dat. Inzet is dat voorafgaand aan de nieuwe raadsperiode dat inzicht voor de onderhandelende partijen op tafel ligt. De wethouder ziet echt de meerwaarde van dit nieuwe instrument. In de Rekeningencommissie kan het verder worden besproken. Een overkoepelend document zou de wethouder wel bureaucratisch zo licht mogelijk willen invullen. Het zal geen dubbeling worden van de voortgangsbrieven. De afspraken rond de voortgangsbrieven om zaken per aanbeveling goed te kunnen volgen, die staan. Hij benadrukt het belang van bespreking in de vakcommissies. Daar wordt het op de inhoud goed gevolgd. De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is besproken. Deelnemingen 8 Kennisnemen van bijgaande raadsinformatiebrief inzake de benoeming van een nieuwe commissaris bij RAI (ZD2021-015892) De heer BOUTKAN vindt de beloningen bij de deelnemingen van groot belang. De nieuwe commissaris bij de RAI houdt zich niet aan de WNT-normen. De overige commissarissen bij de RAI houden zich hier ook niet aan, maar bij wisseling van commissarissen zou toch een matiging mogelijk zijn. Belonen boven de WNT-norm is geen wetmatigheid; dat is een keuze.

Deze keuze is in strijd met het gemeentelijk beloningsbeleid. De maximale beloning van een commissaris mag immers niet hoger zijn dan 10 procent van een bestuurder onder de WNT-norm. Bovendien is de inkomstenpositie van de RAI niet al te best. Corona heeft de congresmarkt immers doen instorten. De PvdA vindt deze beloning een slecht signaal. Ze vraagt al lang om meer transparantie bij beloning en om matiging van topsalarissen binnen de WNT-normen bij de Amsterdamse deelnemingen. De heer Boutkan is benieuwd wat het college van deze opstelling van de RAI vindt. Het college heeft zich onthouden van stemming. De heer Boutkan is benieuwd welke andere instrumenten het college had kunnen inzetten om deze matiging wel voor elkaar te krijgen. Dan rest de vraag wat de gemeente nog kan doen om alsnog die matiging voor elkaar te krijgen. Hij brengt dit onderwerp graag naar de raad en komt wellicht met een motie. De heer FLENTGE onderschrijft het betoog van de heer Boutkan. Dit is het moment om er voor de zoveelste keer bovenop te zitten. De heer VAN LAMMEREN kwam lang geleden al met vragen en toen heeft de SP er een initiatiefvoorstel van gemaakt. Toch moet de raad dit elke keer weer bespreken. De raad moet richting elke deelneming dit signaal afgeven – zeker als die ook subsidie ontvangt – dat het niet de bedoeling is dat geld weg te geven aan bestuurders.

Dit is niet uit te leggen aan de Amsterdammers. Het nieuwe kabinet komt wederom met bezuinigingen op de jeugdzorg. Allerlei gaten moeten worden dichtgestopt. Dit signaal is echt hard nodig. Hij hoort graag welke middelen de gemeente kan inzetten en welke druk de gemeente kan uitoefenen op deze deelneming. Dit is onacceptabel. Wethouder EVERHARDT ziet dat de beloning van het bestuur en de RvC boven de WNT-norm zit, wel conform het eigen beloningsbeleid uit 2018. In dat kader werkt de RAI. De gemeente heeft destijds tegen dit beloningsbeleid gestemd. Bij elke nieuwe benoeming maakt de gemeente expliciet dat ze die beloning te hoog vindt. Tegenstemmen brengt geen verandering. Wel spreekt de gemeente haar ongenoegen uit. Toch is het ook belangrijk de verhouding met de RvC goed te houden.

8

FED

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

De heer BOUTKAN meent dat het voor de hand lag tegen deze benoeming te stemmen. De gemeente heeft immers eerder ook aangegeven dat dit tegen het gemeentelijk beloningsbeleid bij deelnemingen is. Wethouder EVERHARDT licht toe dat de gemeente nooit tegenstemt aangezien ze geen beslissende stem heeft. De gemeente heeft een minderheidsaandeel van 25 procent. Ze wil geen capabele kandidaat afwijzen want dat kan andere belangen schaden en dat stelt de verhoudingen verder op scherp. Dat is ook onwenselijk. Wel is de gemeente heel helder in haar uitspraak over het beloningsbeleid. De heer BOUTKAN denkt dat er nooit wat gaat veranderen als de gemeente zich niet hard opstelt. Het lijkt hem juist goed een heel helder signaal af te geven over die beloning. Wethouder EVERHARDT benadrukt dat de gemeente dat duidelijke signaal wel degelijk heeft afgegeven bij het vaststellen van het beloningsbeleid zelf. Bij de benoeming van een commissaris spelen er ook andere belangen. Een tegenstem zou ook iets aangeven over de competentie en die is hier niet in het geding. De gemeente kan opnieuw het beloningsbeleid agenderen. Voorts heeft de gemeente het instrument om geen subsidie te verstrekken maar dat speelt op dit moment niet bij de RAI. Verder kan de gemeente een keuze maken in haar verbondenheid bij een dergelijke deelneming als die in dit gedrag blijft volharden.

Dat vergt opnieuw de discussie over het beloningsbeleid zelf en of de gemeente dat als minderheidsaandeelhouder kan agenderen. De heer VAN LAMMEREN stelt dat de raad tegen dit beloningsbeleid is. Toch stemt de gemeente niet tegen. De verhouding moet goed blijven, maar dat geldt ook andersom. De wethouder is wel erg voorzichtig om door te pakken – net als bij Schiphol en Carré. De wethouder moet knokken voor een gelijke verdeling van de middelen. Hij had graag gezien dat de gemeente toch had tegengestemd. De gemeente trekt een grens bij de beloningen en dat vergt ook dat ze doorpakt. De Partij voor de Dieren houdt altijd vast aan haar idealen. Wethouder EVERHARDT benadrukt dat hij er echt op staat dat die beloningsstructuur anders zou moeten. Bij de vaststelling van het beleid heeft de gemeente tegengestemd, maar bij de benoeming van een commissaris is het beloningsbeleid één onderdeel. Een benoeming is breder dan dat. De VOORZITTER concludeert dat hiermee dit punt voldoende is besproken. Het punt gaat als bespreekpunt naar de raad van 16 februari en de heer Boutkan komt daarbij met een motie. Een meerderheid van de commissie gaat er na discussie mee akkoord dat de punten 9 en 10 na de toelichting van professor De Groot worden behandeld zodat de raadsleden ongestoord hun betoog kunnen houden. De heer De Groot geeft zijn toelichting om 15.45 uur.

Duurzaamheid en Circulaire Economie 9 Beantwoording van het raadsadres van Windalarm inzake de reflectiefase RESwind (ZD2021-014392) en 10 Kennisnemen van de raadsbrief Energiestrategie (RES) (ZD2021-015101)

inzake

de

Reflectiefase

Regionale

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

De heer NIJSSEN is tegen windmolens dicht op bewoning of in het groen. Bouw van die molens in de haven is wel mogelijk. Landelijk wordt onderzoek gedaan naar een nieuwe afstandsnorm tussen windmolens en woningen. De uitkomst daarvan dient Amsterdam af te wachten. Hij hoopt dat de wethouder die mening deelt met de VVD. De wethouder heeft toegezegd de plan-MER te laten opstellen. Toch is de VVD nog altijd diep bezorgd voor de komst van die huizenhoge turbines. Er is immers meer nodig: keiharde criteria waaraan een ontwikkelaar van windturbines moet voldoen. Dat heeft het college eerder aangekondigd. De heer GROEN hoort graag van de heer Nijssen of het besluit om windmolens op een bepaalde plek te bouwen, moet zijn gebaseerd op gedegen onderzoek naar de gezondheid en de effecten op de natuur. Zonder onderzoek het bouwen van windmolens uitsluiten is dan wel vreemd. De heer NIJSSEN vindt dat onderzoek natuurlijk nodig. De RES-doelstelling is allang behaald. In het landelijk regeerakkoord gaat de voorkeur uit naar wind op zee. De VVD vindt die molens in de haven prima en inzetten op zonne-energie op daken eveneens. De heer GROEN constateert dat de VVD onderzoek kennelijk helemaal niet nodig vindt. Haar besluit staat al vast. De heer NIJSSEN huldigt zijn standpunt al jaren. Hij gaat mee in de plan-MER van het college.

Maar op basis van allerlei literatuur en inspreekavonden maakt hij zich wel ernstige zorgen. De heer KREUGER hoort dat de VVD altijd al tegen windmolens is geweest. De Noorder IJplas is buiten de reflectiefase gebleven. Dat komt omdat de VVD heeft besloten dat daar windturbines mogen komen – naast 7.000 zonnepanelen op de plas. Hij is benieuwd wat de heer Nijssen daar dan van vindt. Overigens heeft de VVD de afstandsnorm van 600 m ook geschrapt. De heer NIJSSEN zou die Noorder IJplas willen meenemen in de plan-MER. Die plan-MER ziet hij als een concessie van de wethouder aan het tegengeluid in Amsterdam. Dat landelijk onderzoek afwachten geldt natuurlijk ook voor die Noorder IJplas. Overigens draagt dat hakketakken op de VVD niets bij aan deze discussie. Mevrouw HEINHUIS blijft zich erover verbazen dat de VVD steeds spreekt over gezondheidsrisico’s. Daar is niemand voor. Er moet goed onderzoek worden gedaan per locatie. Ze hoort graag waarom de heer Nijssen de plan-MER ziet als een concessie van de wethouder en waarom in samenhang bekijken waar de windmolens het best kunnen komen te staan iets zou betekenen voor de ambitie van dit college. De heer NIJSSEN stelt dat met de plan-MER de diverse windmolens tegen elkaar kunnen worden afgewogen. Maar de raad kan niet zelf de maatschappelijke afweging maken zonder afwegingskader. Veel partijen vragen om die plan-MER. Die komt er nu.

Verstandig, maar de VVD vindt dat er meer moet gebeuren. Door zo’n plan-MER komen er stevige eisen aan het afwegingskader voor natuur en gezondheid. Daardoor kan een ontwikkelaar zich bijvoorbeeld niet eerst melden voor het IJmeer en dan een individuele MER op die locatie doen. Dan voldoet hij aan de wet en dan mag het. Door die plan-MER is die route afgesloten. De raad moet dus nog sterker stellen waar windturbines mogen komen en waar niet. Mevrouw HEINHUIS begrijpt nog steeds het verschil niet. Die sterke eisen in het afwegingskader, dat is precies waarom de raad heeft gevraagd en wat er komt. Het is niet gezegd dat die plan-MER leidt tot de conclusie dat windmolens alleen in de haven mogelijk zijn. Als uit de plan-MER en uit individuele MER’s blijkt dat windmolens op een

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

veilige manier op andere locaties kunnen, dan moet dat toch kunnen. De heer GROEN hoort de heer Nijssen harde eisen bepleiten aan de hand waarvan dan een oordeel kan worden geveld. Hij wijst op de expertgroep Gezondheid en de expertgroep Natuur. Die komen in april met een uitgebreid advies voor die afwegingen. Overigens is dat een bovenwettelijke eis. Amsterdam doet dat extra. De heer NIJSSEN ziet in het afwegingskader een aantal wettelijke normen. Daar gaat het helemaal niet over de eisen die de expertgroepen gaan stellen. Hij overweegt een motie want die experts zijn nodig voordat Amsterdam daar bovenwettelijk iets van kan vinden. De wethouder zegde eerder hardere eisen toe, maar nu ligt er een afwegingskader met een opsomming van een soort wensenlijstje. Dat geeft niet de input weer van de diverse mensen die hebben geparticipeerd. De heer Nijssen ziet graag dat de Noorder IJplas ook wordt betrokken in de planMER. Mogelijk worden er ontheffingen aangevraagd voor de hoogtenorm van Schiphol in sommige zoekgebieden. Hij hoort graag hoe realistisch het college die ontheffingen acht en hoe de gemeente dat kan voorkomen. De heer VINK kreeg gisteravond na 11 uur nog stukken toegezonden over een afwegingskader. Hij heeft zich goed voorbereid op deze discussie, maar dit is geen manier van doen.

Er staat geen plan-MER op de agenda, maar daarover wilde de heer Vink wel een motie indienen. Vanochtend om 04.05 stond in Het Parool dat de wethouder een plan-MER wil gaan doen. Ook dat is communicatief niet erg netjes in de richting van de raad. Daarop krijgt hij graag een reactie van de wethouder. De onrust in de stad is groot. Vorige week waren er weer 70 insprekers op de inspraakavond. Ze waren stuk voor stuk ontevreden over de komst van de windmolens of ze hadden klachten over het proces. Dat moet echt anders, beter en vooral samen met de Amsterdammers. Mede daarom moet het proces vandaag zorgvuldig worden doorlopen zodat mensen zich wel betrokken voelen. Die plan-MER is dan ook een goed idee. De heer BOOMSMA hoort graag of die plan-MER en al die onderzoeken er ook toe moeten kunnen leiden dat er geen windturbines worden geplaatst. De heer VINK wil niet vooruitlopen op de uitkomsten van de plan-MER. Daar worden immers verschillende alternatieven tegenover het voorkeursalternatief gezet. Als echt alles slecht scoort, dan is een heroverweging aan de orde. Maar dat zou nu heel prematuur zijn. De heer BOOMSMA vindt dat zeker niet prematuur. Als de onderzoeken immers opleveren dat die windturbines onwenselijk zijn, dan moet de conclusie wel kunnen zijn dat de ambitie wijzigt. Daarvoor zijn dan wel heldere criteria nodig.

De heer VINK wil bekijken hoe de ambitie het best kan worden vormgegeven. Dat kan betekenen dat de ambitie te hoog blijkt en dat een deel buiten Amsterdam zal moeten worden gerealiseerd. Maar die conclusie is op dit moment prematuur. In die plan-MER en in het afwegingskader zullen er scherpe eisen moeten worden gesteld om te bekijken waar het best aan de voorwaarden wordt voldaan. De heer GROEN wijst op de steun van D66 aan een motie bij de concept-RES die het college vroeg 50 megawatt voor molens als ondergrens te beschouwen. Kan er meer, dan moet er ook meer gebeuren. Dus als uit de plan-MER blijkt dat windmolens helemaal niet zo schadelijk zijn als tegenstanders veronderstellen en dat er ruimte is voor meer, zegt D66 dan ook dat er meer windmolens in Amsterdam kunnen komen? op.

De heer VINK beaamt dat. Het kan de ene kant op; het kan ook de andere kant De plan-MER moet wel de juiste aspecten bevatten en een aantal scherpe eisen.

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

Het ontwikkelen van zo’n plan-MER wil niet zeggen dat zaken worden stilgelegd. De Noorder IJplas en het Cornelis Douwesterrein volgen een ander traject. Dat wordt nu niet stilgelegd, maar deze twee locaties dienen wel te worden meegenomen in de plan-MER. Ook daar moeten scherpe eisen worden gesteld als het gaat om gezondheid en natuur. De eisen van die plan-MER ziet hij graag op de agenda van volgende raadscommissievergadering. Dat geeft hem wat meer comfort. De heer GROEN begrijpt dat enthousiasme over die plan-MER. Lastig is misschien dat er nog geen locaties vaststaan. Er zijn alleen zoekgebieden aangewezen. Veel plekken zullen afvallen. Dus waarop wordt die plan-MER dan gebaseerd? De heer VINK ziet wel dat dat lastig is. Wellicht komt in het plan van aanpak een voorstel hoe het college daarmee denkt om te gaan, bijvoorbeeld de zoekgebieden tegenover elkaar zetten. De heer NIJSSEN hoort graag of wat D66 betreft het afwegingskader streng genoeg is.

voorliggende

De heer VINK heeft dat afwegingskader dat hij vannacht ontving, nog niet uitgebreid kunnen bekijken. Dat staat nu ook niet geagendeerd. Twee expertgroepen geven aan dat aanpassingen nodig zijn. Het lijkt niet zo zeer een afwegingskader maar meer een soort inspraakbeeld. Dus hij verzoekt de wethouder om een addendum op de signalen die nu naar de raad zijn gekomen, maar die nog geen afwegingskader vormen. De heer GROEN begrijpt wel dat de heer Nijssen erop aandringt dat afwegingskader concreter te maken, maar juist de expertgroepen waarin ook de tegenstanders zijn vertegenwoordigd, komen pas in april met hun advies. Hun oordeel zou toch echt moeten worden meegewogen. Zorgvuldigheid in de besluitvorming staat voorop. De heer VINK wijst op de afspraak dat dit afwegingskader rond de jaarwisseling zou worden vastgesteld. Daar houdt hij aan vast. Daarin kan best een disclamer komen dat er een aanvulling met nieuwe inzichten kan komen, maar wachten is geen optie. De heer Vink vindt het goed dat die project-MER’ren plaatsvinden. Daarop zou dan wel een soort aanbeveling van de commissie MER moeten komen. Dat geeft wat meer vertrouwen Als laatste de motie-Boomsma over het gemeenschappelijk feitenoverzicht. Hij kijkt uit naar dat feitenoverzicht. D66 heeft verduurzaming hoog op de agenda staan. Windenergie kan daarbij een grote rol spelen.

Het is een topprioriteit, maar het moet wel zorgvuldig gebeuren. Mevrouw VAN SOEST brengt de motie-Timman en Heinhuis uit januari in herinnering waarin werd verzocht om een afwegingskader voor alle belangen rond de windturbines. In april gaf het college aan dat er zou worden toegewerkt naar een reflectiefase met criteria voor gezondheid, natuur, ruimtelijke voorkeuren en maximale inbreng van belanghebbenden. Dan wordt in de brief van november die toezegging helemaal uitgekleed. Criteria zijn vervangen; belangen worden niet langer afgewogen; nationale wet- en regelgeving worden leidend. Dat is bizar. Zo’n ruim aangenomen motie dient te worden uitgevoerd en niet te worden uitgekleed. Op 11 januari werden de insprekers gewezen op de noodzaak van een plan-MER. Dat is prima. Daarmee komt de unaniem aangenomen feitenmotie van de heer Boomsma in zicht. Ze hoort graag wanneer de wethouder deze motie gaat uitvoeren. Initiatiefnemers laten inmiddels al uitzoeken of er ontheffing kan worden verleend voor windturbines hoger dan 150 m. De Partij van de Ouderen komt met een motie dat ze absoluut geen windturbines wil die hoger zijn dan 150 m. Turbines boven de Schipholnorm kunnen in de Noordzee worden geplaatst. Mevrouw Van Soest hoopt dat ook de wethouder dergelijke turbines wil uitsluiten. Tot slot merkt ze op dat het opstellen van het afwegingskader niet meer dan een

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

wassen neus was. Het heet nu ook anders: Signalen uit de stad. De commissie heeft dit kader niet eens ontvangen. Ze ontvangt graag een echt afwegingskader met heldere besliscriteria. De klankbordgroepen zijn zo goed als genegeerd. Die kon alleen vragen stellen, maar geen standpunten innemen. Ook de expertgroepen kunnen niet zien hoe hun bevindingen zijn opgenomen in Signalen uit de stad. De wethouder zou eens moeten reflecteren op deze ‘participatie’. De heer GROEN ontving gisteravond laat de uitkomst van de reflectiefase, de publieke waarde-evaluatie en de evaluatie van het participatieproces tot nu toe. Die staan voor de februarivergadering geagendeerd. Dus er is wel tijd om dat te bestuderen. Hij vindt de bespreking vandaag dan ook voorbarig. Het proces in Amsterdam vindt hij een voorbeeld van een zeer uitgebreid besluitvormingsproces met heel veel extra stappen en extra onderzoeken boven wat wettelijk vereist of gebruikelijk is: een MER voor elke windmolen met een gezondheidseffectrapportage erbij. Er komt ook nog een plan-MER. Twee expertgroepen komen met advies over natuurwaarden en gezondheid. De raad heeft tal van moties aangenomen over onder andere geluidsoverlast en mitigerende maatregelen voor de natuur. Dat soort onderzoeken hebben pas zin als er locaties zijn. Dat is de volgorde. Die zoekgebieden hadden beter onderzoeksgebieden kunnen heten.

De heer FLENTGE denkt dat GroenLinks daarmee het stedelijk afwegingskader weggeeft. De heer GROEN wil dan ook juist van de wethouder weten wat zij verwacht aan nieuwe inzichten van de aangekondigde plan-MER boven de onderzoeken die al plaatsvinden en de individuele MER’ren. Wellicht kunnen verschillende gebieden dan worden vergeleken. Dat afwegingskader is wel degelijk nuttig: een lijst van onderwerpen aan de hand waarvan het politieke debat kan worden gevoerd over de plek van een molen. Onderzoek is duur en daarom moet je eerst kijken voor welke plek je dat onderzoek doet. Zo gaat het nu. De heer FLENTGE ziet geen afwegingskader maar een groslijst met enkele onderwerpen, signalen uit de stad. Per locatie wordt dan gekeken wat de meetresultaten zijn. Daarmee is sturing niet meer mogelijk. In een afwegingskader horen criteria te staan. De heer GROEN zou dat een reden vinden om die plan-MER te doen. Dan zegt de raad bijvoorbeeld dat een locatie de voorkeur heeft boven een andere. Dan volgt een MER. De twee belangrijkste afwegingen heeft de raad al benoemd: natuur en gezondheid. Daarover komt een uitgebreid advies. De heer NIJSSEN vreest dat ontwikkelaars zich het eerst melden voor plekken waar de molens het hoogst kunnen worden. Als er dan geen criteria zijn, staan de ontwikkelaars straks in de rij voor torenhoge molens – en dan niet in de haven.

De heer GROEN ziet die noodzaak voor een sturingsinstrument wel. Hij zou ook het liefst eerst inzetten op de haven als locatie. Er zijn wel andere waarborgen namelijk de hoge eisen aan natuurwaarde en gezondheid. Een inspreker wees erop dat in sommige gevallen windmolens meer impact hebben op vogelpopulaties dan in de standaardmodellen wordt verondersteld. Dat onderzoek zou hij graag voorleggen aan de expertgroep Natuurwaarde. Als laatste ziet hij graag dat de expertgroep Gezondheid ook een reactie meeneemt op het artikel van de heer Jan de Laat. Mevrouw HEINHUIS weet dat er nog een groot aantal documenten naar de raad komt om later te bespreken. Ze beperkt zich nu tot het stellen van vragen met name naar aanleiding van de inspraakavond vorige week. De PvdA is blij dat die reflectiefase is ingesteld. Die moet juist een waarborg bieden voor de zorgen die eerder werden geuit. Daarnaast zou het een middel moeten

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

zijn om zo veel mogelijk representatieve Amsterdammer te betrekken om input te geven. Ze hoort graag van de wethouder of dit is gelukt. Op de inspraakavond kwam veel kritiek naar voren over de haast in het proces. Ze hoort graag of er inderdaad sprake is van hoge tijdsdruk en zo ja, waarom. Sommige leden van de klankbordwerkgroep gaven aan daarover niet positief te zijn. Daarover hoort ze graag meer van de wethouder. De heer FLENTGE wijst erop dat de opbrengst van de reflectiefase in eerste instantie toch een afwegingskader met criteria zou zijn. Dat ligt er nu niet. In de brief van de wethouder staat dat het afwegingskader geen gewogen lijst van criteria is. Hij is benieuwd wat de PvdA van het idee vindt om een afwegingskader te hebben waarin verschillende criteria zijn opgenomen. Mevrouw HEINHUIS stelt dat het gisteravond laat toegestuurde afwegingskader nu niet op de agenda staat. Speculeren over een brief die ze nog niet heeft gelezen, lijkt haar onverstandig. Daarom gaat ze nu in op de reflectiefase. Wel is het belangrijk dat bepaalde risico’s worden uitgesloten zoals onaanvaardbare gezondheidsrisico’s. De PvdA is voorstander van criteria. Sterker nog, de PvdA heeft daarvoor zelfs een motie ingediend. Per locatie komt dat elke keer naar de raad en dan zal die elke keer opnieuw die afweging moeten maken op basis van het onderzoek over die locatie.

Over die plan-MER denkt de wethouder positief. Wellicht kan ze dat nader toelichten. Wat biedt deze plan-MER bovenop wat er al is? Mevrouw KUIPER beperkt zich eveneens tot de reflectiekader. De stukken van vannacht heeft ze nog niet kunnen lezen. Veel betrokken inwoners hebben de ChristenUnie benaderd over de reflectiefase. Ook vanuit de klankbordgroepen komt stevige kritiek. Er lijkt niet naar hun inbreng te worden geluisterd. Men voelt zich onderdeel van een vooropgezet toneelstuk, een schijnvertoning. Daarop krijgt ze graag een reactie van de wethouder. Amsterdammers willen echt inbrengt aandragen. Helder is dat er iets moet gebeuren om naar een ander soort energievoorziening te gaan maar voor echte inbreng lijkt er geen ontvankelijkheid te zijn. In Noord-Holland zijn verschillende locaties afgevallen vanwege de natuurwaarde, maar de inspraak van de Amsterdammers op dit punt lijkt niet te worden gehoord. Geen enkele deelnemer van de reflectiefase voelt zich serieus genomen. Geen enkele inspreker zonder financiële of politieke belangen in windenergie heeft zich uitgesproken voor die windturbines in Amsterdam. In de klankbordgroepen waren plaatsen ingeruimd voor jonge RES-leden die niet in de desbetreffende zoekgebieden woonden en jongeren uit die buurten werden afgehouden van deelname. Klankbordgroepen hebben een enorme tijdsdruk ervaren.

Mevrouw Kuiper is benieuwd of burgerparticipatie ook kan betekenen dat het college afziet van windturbines dichtbij natuurgebieden, woonwijken en/of volkstuinen. Als laatste punt hoort ze graag of alle participatie ertoe kan leiden dat de gemeente terugkomt op haar voornemen 17 windturbines te plaatsen. De heer BOOMSMA is tegen windturbines minus buiten de haven en dit plan voor 17 windturbines in Amsterdam is slecht voor de mensen, voor de natuur, voor het landschap en voor het vertrouwen in de politiek, de energietransitie en het klimaat. Met dezelfde hoeveelheid geld is er namelijk veel meer CO2-reductie te behalen door goedkope stroom te realiseren op zee waar mensen er geen last van hebben. Een pas op de plaats is aan de orde nu de nieuwe landelijke norm wordt opgesteld. De heer KREUGER hoort dat windturbines op zee goedkoper zijn. Dan hoeven ze toch ook niet in de haven te komen? De heer BOOMSMA vindt het inderdaad nog beter om ook die op zee te zetten. Bij serieuze reflectie hoort ook dat serieus de mogelijkheid wordt meegewogen om af te zien van de bouw van die windturbines of om de ambities naar beneden bij te

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

stellen. Anders voelen mensen zich niet serieus genomen en wordt participatie een wassen neus. Dat gebeurt nu al bij die klankbordgroepen. Vragen werden niet beantwoord omdat het er te veel zouden zijn. Hij hoopt dat die vragen alsnog wel worden beantwoord. Het afwegingskader zou criteria bevatten. Die zijn er nog niet, maar die zijn wel nodig. Voor de volgende commissievergadering dient er echt een kader te liggen zodat de raad een soort weging kan maken. De plan-MER is goed. Het plan van aanpak komt dan in de volgende commissie. Hij is benieuwd of die plan-MER is bedoeld om tussen verschillende locaties te gebruiken of dat eruit kan voortkomen dat Amsterdam haar ambitie moet afschalen. Zijn de landelijke nieuwe geluidsnormen meegenomen en welke invloed heeft dit alles op de planning en het tijdspad? Tot slot denkt de heer Boomsma dat het verstandig is ook een MKBA te maken. De feitenmotie beschouwt hij als nog niet uitgevoerd. Waar blijven de feitenoverzichten? De heer KREUGER constateert dat de bouw van de windturbines de gemoederen al een hele tijd bezig houdt. Er is een reflectiefase opgestart met doel tot een afwegingskader te komen. Onduidelijk is wat die reflectiefase nu precies is. Het afwegingskader is vannacht naar de raad gestuurd maar dat is nog een definitief concept uit december 2021. Onbegrijpelijk dat het nu pas is verstuurd. Dan de inhoud.

Het is gewoon geen afwegingskader. Er staat alleen in dat het binnen de wettelijke normen moet vallen. Criteria ontbreken. Zaken dienen toch SMART geformuleerd te worden zodat ze meetbaar zijn. Dat is hier niet zo. Alles in het document is even vaag. Hij hoort graag waarom. Mensen hebben niet het idee dat ze echt hebben kunnen participeren. Ook de enquête was sterk sturend en die heeft niets met echte dataverzameling te maken. De heer GROEN heeft zojuist gehoord dat sommige partijen vonden dat er onder hoge tijdsdruk moest worden gewerkt. De heer Kreuger geeft aan dat hij nu al resultaat had gewild. Maar zorgvuldigheid is toch belangrijker? De heer KREUGER benadrukt dat mensen niet de input hebben kunnen leveren die ze hadden gewild. Dat heeft helemaal niets met tijdsdruk te maken. JA21 vindt dat windturbines überhaupt niet in Amsterdam thuishoren, niet naast woningen, niet in het groen en ook niet in de haven. De heer VAN LAMMEREN constateert dat het wethouder Van Doorninck wel lukt om een grote groep mensen bijeen te brengen – maar ze zijn wel allemaal tegen dit plan. Over het proces merkt hij op dat niemand op de inspreekavond zich positief uitliet over de klankbordgroepen waarin men had deelgenomen. Men voelde zich niet gehoord. Hij vraagt aandacht voor het minderheidsbelang. Ook hij ziet uit naar de beantwoording van de vragen aangaande de gezondheid.

Het is immers belangrijk mensen te betrekken bij de energietransitie. Die is waanzinnig belangrijk. De Partij voor de Dieren gelooft er niet in om windturbines in natuurgebieden te zetten of te dicht bij bewoning. Dan blijft er in Amsterdam niet veel plek meer over. Wellicht kan dat wel in het westelijk havengebied maar niet nadat er ecologisch onderzoek is gedaan. Een aantal partijen sprak over het tegengaan van het vermorzelen van vogels. Maar die hebben wel tegen de motie van de Partij voor de Dieren gestemd om daarnaar onderzoek te doen. Het afwegingskader zou criteria bevatten maar die zitten er niet in. Kennelijk wordt dit onderwerp over deze bestuursperiode heen getild. De heer Van Lammeren onderschrijft de vraag van JA21 waarom dit document een maand in een lade is blijven liggen. Het lijkt wel of de energietransitie pijn moet doen bij de Amsterdammers. Mensen willen die transitie, maar niet met een windmolen voor hun deur en ook niet in het groen. Windmolens zijn funest voor de ecologische waarde. Zet dus in op zonne-energie. Steek alle energie in het isoleren van huizen en in alternatieve energiebronnen en stop met Amsterdammers tegen de transitie in het harnas te jagen.

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

De heer FLENTGE krijgt de indruk dat de participatie aan het imploderen is. Mensen spreken over een poppenkast. Jammer dat dit nu ontstaat. De afspraak was dat de reflectie in ieder geval een ding zou opleveren: een helder afwegingskader en heldere criteria. Dat ziet hij niet terwijl dat zo belangrijk is. Met de plan-MER is hij wel blij. Dat vindt hij verstandig. Maar zonder afwegingskader liggen er geen heldere normen. Hij zou graag van de wethouder horen dat het er ook toe kan leiden dat er op verschillende plekken geen turbine kan komen. Hij vraagt zich af of initiatiefnemers nu mogen starten. Hij vreest dat ze straks niet willen voldoen aan de heldere voorwaarden omdat ze dan al bezig zijn. Dat leidt tot lange juridische procedures. Of andersom: als de processen al starten, waarom zijn dan nog die expertgroepen ingesteld? Het zou immers logisch zijn hun adviezen mee te nemen, aan de hand daarvan een MER uit te voeren en dan pas de vervolgstappen te zetten, namelijk per locatie een aanvraag doen en een project-MER uitvoeren. De expertgroep Gezondheid reageerde op een eerdere versie van het afwegingskader – wat eigenlijk geen afwegingskader is. Hij roept op het woord afwegingskader pas te gebruiken als er echt criteria liggen. Die expertgroep dacht betrokken te worden bij het bepalen van de normen die de gemeente hanteert. Dat zegt de expertgroep Natuur eveneens.

Hij is benieuwd waarom dat er nu niet ligt. Amsterdammers willen bovenal dat hun zorgen worden opgelost. Dus dat vergt strikte voorwaarden stellen, heldere criteria vooraf, geen concessies op volksgezondheid en voorkomen dat er schade aan de natuur wordt aangebracht. Zolang die heldere criteria er niet zijn, moet de gemeente initiatieven niet toelaten. Wethouder VAN DOORNINCK is blij met alle betrokkenheid en inbreng. De wethouder heeft besloten de raad het collegebesluit van afgelopen dinsdag toe te sturen, omdat het raar zou zijn wanneer het college een besluit heeft genomen om dit afwegingskader aan de raad voor te leggen en om een plan-MER in te stellen. Dan zou er sprake zijn van een vreemde informatieachterstand. De uitgebreide discussie over alle stukken volgt in alle rust over drie weken. De doorlooptijden in de gemeente zijn lang. Na de datum die op het stuk staat, is er nog aan het rapport gewerkt, ook begin dit jaar nog. De datum is per abuis niet aangepast. Het duurt even voordat de wethouder een akkoord geeft en een stuk in het college wordt besproken. Het stuk heet concept omdat de raad het nog niet formeel heeft vastgesteld. En voor de stukken die woensdagavond laat naar de raad kwamen, geldt dat er woensdag nog een aantal opmerkingen in moest worden verwerkt. Het was bedoeld als dienst aan de raad en de wethouder vindt het ongelukkig als dat anders is ervaren.

De evaluatie ging over het participatieproces totdat de raad de RES 1.0 vaststelde, dus die gaat niet over de reflectiefase. De reflectiefase is uniek, bedoeld om het gesprek met de Amsterdammers te verdiepen. Dat is een zoektocht geweest: hoe kunnen er zo veel mogelijk mensen worden betrokken; hoe kunnen er zo veel mogelijk gesprekken worden gevoerd en wat voor soort gesprekken moeten er dan worden gevoerd? Er is een bureau ingeschakeld om aan te geven hoe een klankbordgroep wordt ingesteld en hoe je ervoor zorgt dat daarin verschillende mensen komen. Veel deelnemers aan de klankbordgroep hadden echter het idee dat ze het besluit van de gemeenteraad konden heroverwegen. Dat was duidelijk aangegeven. Het ging erom samen te werken aan hoe de rest van het proces eruit moest zien. Veel mensen hebben het gezien als een nieuwe manier om duidelijk te maken dat ze geen windmolens willen. Daardoor verliepen die klankbordgroepen stroef. De discussie is verhit. De wethouder hoort terug uit die klankbordgroepen dat het in het begin heel lastig was om elkaar te vinden. Maar mensen komen dichter tot elkaar en het lukt beter om het gesprek met elkaar aan te gaan. De input uit de stad is heel zinvol en die is de komende jaren ook hard nodig. Het hoort bij een dergelijk proces dat het schuurt, maar de keuze is gemaakt om in gesprek te gaan en blijven.

De lessen uit de evaluatie worden over drie weken besproken en die lessen worden meteen voor de rest van de reflectiefase ingezet. Het blijft zoeken. Mevrouw KUIPER meent dat het een leerproces is: burgers moeten leren reflectie te geven en dit samen vorm te geven. De raad heeft dit zo gewild. Dan is het toch

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

onverklaarbaar dat zoveel burgers ontevreden zijn over hoe dat ging? Ze voelden zich niet gehoord en niet gewaardeerd. Dit is kennelijk echt niet goed ingevuld. Wethouder VAN DOORNINCK loopt dan vooruit op het evaluatierapport. De gemeente had misschien een te duidelijk frame waarmee ze die participatie vorm heeft gegeven. Maar er is ook een groep bewoners die heel sterk in verzet is en dat werkt door in de discussie in de stad. In dit debat is polarisatie geslopen en dat is ook in klankbordgroepen gebeurd. De opdracht is van discussie naar dialoog te gaan maar dat is lastig nu de discussie verhard is. De zorgen van mensen moeten een prominente plek krijgen in het proces. Dat is waarom besloten is het afwegingskader te maken zoals het is. Toen het college aan de slag ging om een gezondheidseffectanalyse te maken, werd duidelijk dat er punten zijn die je pas kunt doen op het moment dat je aan een project werkt. Er ligt nu geen afwegingskader in de klassieke zin van het woord. Dat kan pas op het moment dat de gemeente een project-MER uitvoert. Dat kan niet in z’n algemeenheid met harde criteria. Dat heeft nu geen zin. De heer KREUGER ziet een toneelstuk. De wethouder doet alsof het een leerproces is met participatie maar het is helemaal niet zo ingewikkeld. De wethouder weet echt wel hoe zij op een eerlijke manier informatie kan ophalen, maar ze weigert dat te doen.

De enige die wat moet leren, dat is de wethouder. Bij de Meervaart ging het ook al helemaal verkeerd. Die ervaring had ze kunnen meenemen. Wethouder VAN DOORNINCK beaamt dat het ook een leerproces voor haarzelf is, voor de gemeente, voor iedereen die een moeilijke zoektocht doet. Het gaat om een transitie waarbij het schuurt. Het college probeert hier zo veel mogelijk mensen bij te betrekken. Het heeft het zichzelf niet gemakkelijk gemaakt. De gemeente is een constant lerende organisatie. De heer FLENTGE wijst op de adviezen van de twee expertgroepen. Dat zou een basis kunnen vormen voor een norm. Hij hoort graag of de initiatieven op dit moment dan niet kunnen starten. Er moet dan immers ook nog een afwegingskader komen met die heldere normen. Hij krijgt graag helder op papier hoe de wethouder de route voor zich ziet. Wethouder VAN DOORNINCK beaamt dat. De initiatieven beginnen pas na het einde van de reflectiefase. Die eindigt met de adviezen voor criteria van de expertgroepen, de handreiking participatie en de handreiking governance – documenten die de initiatiefnemers kunnen gebruiken. Aan de hand van die adviezen kan de gemeente normen stellen. Of dat een afwegingskader is, dat kan de wethouder nu nog niet aangeven. Eigenlijk kan dat alleen bij een project-MER. De wethouder benadrukt dat het college nu voorstelt de plan-MER te doen.

Dus die criteria komen als basis voor de plan-MER. De meerwaarde daarvan is dat er verschillende alternatieven met elkaar kunnen worden vergeleken. Uiteraard moet er een goede discussie over de uitkomst van de plan-MER in de gemeenteraad plaatsvinden. De basis is het wettelijke kader. De gemeente doet veel extra onderzoek maar daarvoor is in feite nog geen ‘mal’. Het is lastig, maar dat is wel het gevolg van de vraag van de raad om extra Amsterdamse normen te maken. De heer NIJSSEN wijst op de raadsbrief van 2021 waarin het college aangeeft dat er criteria komen. Nu ligt er een afwegingskader zonder criteria. Experts zouden hebben aangegeven dat er nu geen criteria kunnen worden opgesteld en dat daarom dit lege afwegingskader voorligt. Over die adviezen hoort hij graag meer. Wethouder VAN DOORNINCK kreeg te horen dat een gezondheidseffectanalyse in feite een project-MER was. De gemeente wilde toch een instrument ontwikkelen – daar had de raad immers om gevraagd – waarbij werd gezegd: dat kan zodra je op een specifiek project aan de slag bent. Daarom is het proces nu op deze wijze ingericht. Vanuit die expertgroepen komen die criteria dus wel en die worden omgezet in normen.

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissieverslag, 20 januari 2022

FED

De uiteindelijke afweging vindt plaats op het moment dat je in een specifiek project zit. Mevrouw VAN SOEST stelt voor de windmolens niet in Amsterdam te plaatsen en op te houden met deze vertoning. Het is allemaal niet uitvoerbaar. Het is beter in te zetten op isolatie van woningen. Wethouder VAN DOORNINCK is er helemaal voor om huizen te isoleren, maar Amsterdammers hebben ook stroom nodig. Alle fossiele brandstof zal verdwijnen. Een huis isoleren betekent nog niet dat het thuis ook warm is. De heer VINK heeft gevraagd om een soort plan van aanpak voor de plan-MER; om iets wat op een afwegingskader lijkt; om een addendum op wat er vannacht naar de raad is gestuurd en of de wethouder de commissie MER wil vragen te adviseren bij de project-MER’ren. Daarop krijgt hij nog graag antwoord. Wethouder VAN DOORNINCK was nog niet toegekomen aan de vragen van de heer Vink. Ze kan dat plan van aanpak niet toezeggen, omdat het veel uitzoekwerk vergt hoe de gemeente dat plan-MER-proces gaat inzetten. Dat moet namelijk gekoppeld zijn aan een ruimtelijk besluit en dat is er hier helemaal niet. Er komt wel een notitie reikwijdte en detailniveau en die moet ter inzage liggen. Het tempo dat de heer Vink wil maken, past niet in een MER-proces. Dat wordt uiteraard wel voorgelegd aan de commissie MER. De verschillende project-MER’ren komen via de commissie MER.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11093873/2